CConstaterende datPapendrecht
Koppel je AI →
Document · PDF

C08. 20220415 VRZHZ, Zienswijzeprocedure Ontwerpbegroting 2023 en ter kennisname Jaarstukken 2021.pdf

Gemeenteraad Papendrecht 12 mei 2022, gemeente PapendrechtBij agendapunt: 5: Ingekomen en ter inzage gelegde stukken en mededelingen31.415 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 4

Netto schuldquote Dit cijfer geeft inzicht in het niveau van de schuldenlast ten opzichte van de eigen middelen. Het geeft dus een indicatie van de mate waarin de rentelasten en de afschrijvingen op de exploitatie drukken. Een laag percentage is gunstig. De Provincie adviseert om 130% als maximum norm te hanteren. De toename van de schuldquote wordt veroorzaakt doordat VRZHZ brandweerkazernes in eigendom heeft of overneemt van de gemeenten (overeenkomstig afspraken uit het verleden), en dit moet financieren met langlopende geldleningen. Op zich hoeft dit geen probleem te zijn mits de jaarlijkse kapitaallasten van deze investeringen worden gedekt binnen de reguliere exploitatiebegroting. Netto schuldquote gecorrigeerd Omdat bij leningen onzekerheid kan bestaan of ze allemaal worden terugbetaald, wordt dit kengetal zowel berekend inclusief als exclusief de doorgeleende gelden. Zo wordt duidelijk wat het aandeel van de verstrekte leningen in de exploitatie is en wat dit betekent voor de schuldenlast. Hoe lager deze percentages, hoe beter. Als gevolg van investeringen is de financieringsbehoefte in 2021 toegenomen. Hiervoor zijn langlopende geldleningen afgesloten. Om die reden is de netto schuldquote gestegen. Solvabiliteitsratio Dit kengetal geeft inzicht in de mate waarin VRZHZ in staat is aan haar financiële verplichtingen te voldoen.

Hoe hoger dit percentage, hoe groter de weerbaarheid. Zowel de solvabiliteit als de verhouding tussen het eigen vermogen ten opzichte van het totale vermogen is met 6,2% verslechterd ten opzichte van vorig jaar. Dit komt door de afname van het eigen vermogen (reserves) en de toename van het vreemd vermogen (geldleningen). De langlopende geldleningen bestaan uit aangetrokken leningen met een Jaarstukken 2021 – Veiligheidsregio Zuid-Holland Zuid

24

termijn van 30 jaar voor de financiering van de aanschaf van de kazernes. De hiermee gemoeide kapitaallasten worden volledig gedekt binnen de exploitatie. Structurele exploitatieruimte Dit cijfer helpt mee om te beoordelen hoe groot de structurele exploitatieruimte is om de eigen lasten te dragen, of welke structurele stijging van de baten of structurele daling van de lasten daarvoor nodig is. Wanneer dit cijfer negatief is, betekent het dat het structurele deel van de begroting onvoldoende ruimte biedt om de lasten te blijven dragen. Een positief cijfer betekent dat de structurele baten toereikend zijn om de structurele lasten (waaronder de rente van de langlopende leningen) te dekken. De structurele exploitatieruimte is ten opzichte van 2020 gedaald met 4,7%. De daling wordt veroorzaakt door de minimale structurele ruimte binnen de begroting.

6.2

Onderhoud kapitaalgoederen

6.2.1

Vastgoedbeheer

Het beheer en onderhoud zijn planmatig georganiseerd en gericht op het behoud van het gewenste kwaliteitsniveau waarin de beoogde functie van gebruik ongestoord mogelijk wordt gemaakt. Het onderhoud is uitgewerkt in een 3-jaarlijks te actualiseren Meerjaren Onderhoudsplan (MJOP). Sinds 1 januari 2016 heeft VRZHZ panden in eigendom, voor het onderhoud van deze panden is een voorziening ingesteld. In deze voorziening wordt jaarlijks een bedrag gestort. Gedurende het jaar worden de uitgaven gemonitord en gevolgd. Eventuele aanpassingen worden gerapporteerd in de financiële en bestuurlijke planning & control cyclus. De hoogte van de actuele voorzieningen waaronder MJOP’s liggen zijn gepresenteerd in tabel 8.2.3

6.2.2

Voertuigen, persoonlijke bescherming en uitrusting

Onderhoud en reparatie aan voertuigen, persoonlijke bescherming en uitrusting voert bureau Materieel & Logistiek van VRZHZ zelfstandig, dan wel onder regie extern uit. Hiervoor heeft zij, centraal voor vaar- en voertuigen en decentraal voor ademlucht, een aantal werkplaatsen ingericht. Onderhoud is uitgevoerd conform de bestaande beleid- en beheernotitie.

6.3

Financiering

6.3.1

Renteontwikkeling en -resultaat

De rentevergoeding op de rekening-courant met de schatkist is gelijk aan de daggeldrente. In 2021 was dit 0%. Ultimo boekjaar is het rentepercentage -/- 0.570 1. De gerealiseerde rentebaten met betrekking tot het schatkistbankieren zijn in 2021 nihil. Het renteresultaat 2021 is €225.000. De totale rentelasten op langlopende leningen bedraagt €1.049.455. De rentebaten bestaan uit de toegekende rente aan de kapitaallasten en reserves en de rentevergoeding over de uitstaande geldleningen.

1

https://www.euribor-rates.eu/nl/actuele-euribor-tarieven/2/euribor-rente-3-maanden/

Jaarstukken 2021 – Veiligheidsregio Zuid-Holland Zuid

25

6.3.2

Kasgeldlimiet

Onder kasgeldlimiet wordt verstaan: “een bedrag ter grootte van een percentage van het totaal van de jaarbegroting bij aanvang van het jaar”. Op grond van artikel 2, lid 1 van de uitvoeringsregeling financiering decentrale overheden is de kasgeldlimiet voor de gemeenschappelijke regelingen vastgesteld op 8,2% 2. De kasgeldlimiet is een instrument om het renterisico op de netto vlottende schuld te beperken. Hiermee wordt voorkomen dat fluctuaties in de korte rente (maximaal 1 jaar) een relatief grote impact op de rentelasten hebben. De kasgeldlimiet is bepaald op een bij ministeriële regeling vastgesteld percentage van de jaarbegroting, zoals deze bij aanvang van het jaar is vastgesteld, met een ministeriële regeling vastgesteld minimumbedrag. Saldo ultimo mnd 1 Vlottende korte schuld

2 Vlottende middelen

Netto vlottende schuld (+) danwel netto 3 vlottende middelen (-)

mnd

x €1.000

mnd

x €1.000 mnd x €1.000 mnd x €1.000

1

8.000

4

12.000

7

0

10

2.931

2

6.000

5

17.000

8

0

11

0

3

12.000

6

17.000

9

0

12

0

1

5.308

4

10.202

7

9.825

10

16.178

2

3.656

5

6.131

8

5.459

11

6.702

3

4.159

6

3.979

9

2.289

12

943

1

2.692

4

1.798

7

-9.825

10

-13.247

2

2.344

5

10.869

8

-5.459

11

-6.702

3

7.841

6

13.021

9

-2.289

12

-943

Gemiddelde netto vlottende schuld (+) danwel 4 gemiddelde overschot vlottende middelen (-)

4.292

8.563

-5.858

-6.964

5 Kasgeldlimiet

3.689

3.689

3.689

3.689

6a Ruimte onder kasgeldlimiet (5-4) 6b Overschrijding van de kasgeldlimiet (4-5) 7 Begrotingstotaal

0

0

9.547

10.653

-603

-4.873

0

0 44.992

44.992

44.992

44.992

8 Percentage regeling

8,2%

8,2%

8,2%

8,2%

9 Kasgeldlimiet

3.689

3.689

3.689

3.689

Toelichting Post 1: het gezamenlijke bedrag van: 1. opgenomen gelden met een oorspronkelijke rente typische looptijd van korter dan 1 jaar, 2. de schuld in rekening-courant, 3. de voor een termijn van korter dan 1 jaar ter bewaring in de kas gestorte gelden van derden, 4. overige geldleningen die geen onderdeel uitmaken van de vaste schuld. Post 2: het gezamenlijke bedrag van: 1. de contante gelden in kas, 2. de tegoeden in rekening-courant, 3. de overige uitstaande gelden met een rente typische looptijd van korter dan 1 jaar. Post 7: Begrotingstotaal: De stand van de begroting per 1 januari van het desbetreffende jaar. 2

Bron: Overheid.nl 21-12-2015

Jaarstukken 2021 – Veiligheidsregio Zuid-Holland Zuid

26

6.3.3

Renterisiconorm

Onder renterisiconorm wordt verstaan: “een bedrag ter grootte van een percentage van het totaal van de vaste schuld bij aanvang van het jaar”. Op grond van artikel 2, lid 2 van de uitvoeringsregeling financiering decentrale overheden (Wet Fido) is de renterisiconorm voor de gemeenschappelijke regelingen vastgesteld op 20% met een minimum van €2,5 miljoen 3. Dit houdt in dat in een jaar niet meer dan 20% van het begrotingstotaal aan herfinanciering of renteherziening toegestaan is. Het Rijk heeft het maximumpercentage ingesteld om ervoor te zorgen dat de rentelast over de jaren min of meer stabiel blijft. De renterisiconorm is in 2021 niet overschreden zoals blijkt uit onderstaande tabel. Bedragen x € 1.000 1) Renteherzieningen 2) Aflossingen 3) Renterisico (1+2)

Begroting Realisatie 2.492 2.684 2.492 2.684

4) Renterisiconorm komend jaar

8.998

9.430

5a) Ruimte onder renterisiconorm (= 5b) Overschrijding renterisiconorm (=

6.506 -

6.746 -

44.992 20,00% 8.998

47.150 20,00% 9.430

Berekening renterisiconorm Begrotingstotaal komend jaar Percentage Regeling (4)

6.3.4

EMU saldo

Het EMU-saldo geldt binnen de Europese Unie als een indicator om de gezondheid van de overheidsfinanciën te kunnen bepalen. Dit cijfer geeft aan of een overheid een overschot of een tekort heeft. Dit cijfer moet opgenomen worden omdat het Rijk een verplichting heeft naar Europa. EMU-SALDO

2019 2020 2021 -1.767 -3.828 -17.127

Financiële vaste activa Kapitaalverstrekkingen en leningen Uitzettingen Mutaties Activa Vlottende activa Uitzettingen (1 januari Liquide middelen tot 31 Overlopende activa december) Vaste schuld Vaste Passiva Passiva Vlottende passiva Vlottende schuld Overlopende passiva

-229 21 654 0 -1.900 -2.366 1.616 1.063

6.3.5

-250 0 -1.769 6 842 -528 5.577 -2.392

-141 0 790 -1 198 23.532 -6.317 758

Schatkistbankieren

Het schatkistbankieren is in de loop van 2013 geïntroduceerd. Alle decentrale overheden dienen het overgrote deel van hun overtollige middelen aan te houden in de schatkist. Dit gebeurt op een rekening-courant bij het Agentschap van het Ministerie van Financiën. Met overtollige middelen worden de liquide middelen bedoeld die (nog) niet nodig zijn voor het uitvoeren van de publieke taak. 3

Bron: Overheid.nl 21-12-2015

Jaarstukken 2021 – Veiligheidsregio Zuid-Holland Zuid

27

Om het dagelijkse kasbeheer te vereenvoudigen is er een drempelbedrag, afhankelijk van het begrotingstotaal, dat buiten de schatkist mag worden gehouden. Het drempelbedrag tot 1 juli 2021 is gelijk aan 0,75% van het begrotingstotaal indien het begrotingstotaal lager is dan €500 miljoen. Indien het begrotingstotaal hoger is dan €500 miljoen is de drempel gelijk aan €3,75 miljoen plus 0,2% van het begrotingstotaal dat de €500 miljoen te boven gaat. De drempel is nooit lager dan €250.000. Met ingang van 1 juli 2021 is het drempelbedrag aangepast: • een verhoging van de ondergrens van € 250.000 naar € 1 miljoen euro; • een verhoging van het percentage begrotingstotaal t/m € 500 miljoen euro van 0,75% naar 2%. De benutting van het drempelbedrag wordt berekend als gemiddelde over alle dagen in het kwartaal. Gemiddeld mag een decentrale overheid dan ook maximaal het drempelbedrag buiten de schatkist hebben gehouden. Het drempelbedrag van de VRZHZ bedraagt tot 30-06-2021 €337.000 (=0.75% x €44.992.000) en per 01-07-2021 €900.000 (=2% x €44.992.000). Kwartaal 1 x

Kwartaal 2

Kwartaal 3

Kwartaal 4

Gemiddelde saldo overtollige middelen (4)

302

311

322

298

5) Drempelbedrag

337

337

900

900

6a) Ruimte onder drempelbedrag (5-4) 6b) Overschrijding van het drempelbedrag (4-

35 0

27 0

578 0

602 0

44.992 0,75%

44.992 0,75%

44.992 2,00%

44.992 2,00%

€1.000

Berekening drempelbedrag (5= 5a x 5b) Begrotingstotaal (5a) Percentage regeling (5b)

6.3.6

x € 1.000

x € 1.000

x € 1.000

Kredietrisico’s

In verband met de beëindiging van de samenwerking met de private partij VRZHZ Participatie BV is door VRZHZ Participatie B.V. een transitievergoeding betaald waarvoor VRZHZ een langlopende lening heeft verstrekt voor een bedrag van €1.200.000. Jaarlijks wordt een bedrag van €120.000 afgelost, waarna de resterende hoofdsom ultimo 2021 €480.000 bedraagt. Als gevolg van de fusie is de vordering van rechtswege overgegaan op Spinel Veiligheidscentrum B.V. Naar verwachting wordt het boekjaar 2021 van Spinel Veiligheidscentrum B.V. positief afgesloten. In 2021 heeft Spinel Veiligheidscentrum B.V. voldaan aan haar betalingsverplichtingen. Door de aflossingen in 2021 is het totale kredietrisico verminderd ten opzichte van vorig jaar. Daarnaast is de liquiditeitspositie van Spinel Veiligheidscentrum B.V. verbeterd. De verbeterde positie treft u ook aan in de geactualiseerde risico-paragraaf. Zie hiervoor de bijlage 4. Jaarstukken 2021 – Veiligheidsregio Zuid-Holland Zuid

28

6.3.7

Rentetoerekening

Het toerekenen van rente aan de taakvelden vindt vanaf 2018 conform de gewijzigde BBV plaats via het taakveld Treasury. Hiertoe worden alle rentelasten en rentebaten in eerste instantie op het taakveld Treasury geboekt. In onderstaand schema is weergegeven hoe de rentetoerekening voor de jaarrekening 2021 heeft plaatsgevonden. Rentetoerekening Externe rentelasten over de korte en lange financiering Externe rentebaten over de korte en lange financiering

x €1.000

1.031 -14

Saldo rentelasten en rentebaten

1.017

Rentelast projectfinanciering aan taakveld doorberekenen

-998

Saldo door te rekenen externe rente aan taakvelden

19

Rente eigen vermogen

6

Totaal geraamde aan taakvelden toe te rekenen rente

25

Werkelijk aan taakvelden toegerekende rente

-250

Gerealiseerd renteresultaat op taakveld Treasury

-225

Het gehanteerde percentage voor de omslagrente bedraagt 1%. Het percentage van de rente over het eigen vermogen mag maximaal het rentepercentage zijn dat door VRZHZ over extern aangetrokken financieringsmiddelen wordt vergoed. Omdat dit percentage hoger is dan het omslagpercentage is ervoor gekozen om te rekenen met het omslagpercentage van 1%. Dit betreft de rentetoerekening aan de reserve dekking kapitaallasten. Door het aanhouden van het omslagpercentage ontstaan geen verschillen in de toevoegingen en onttrekkingen van de rentebedragen op deze reserve.

6.3.8

Financieringspositie

Ultimo 2021 is het saldo van de liquide middelen €307.003 (31-12-2020: €307.763). Door het aanhouden van de overtollige middelen in de schatkist wijkt het saldo niet substantieel af van het saldo ultimo 2020. In het kasstroomoverzicht wordt de mutatie van de liquide middelen onderbouwd.

Jaarstukken 2021 – Veiligheidsregio Zuid-Holland Zuid

29

6.4

Bedrijfsvoering

De paragraaf “Bedrijfsvoering” behoort tot de bij het BBV verplichte paragrafen. VRZHZ hanteert in haar programmabegroting en programmaverantwoording vier beleidsdoelstellingen. Eén hiervan betreft de beleidsdoelstelling “Investeren in bedrijfsvoering – professionaliteit”, welke gewijd is de bedrijfsvoering van de veiligheidsregio. Omwille van de leesbaarheid en om dubbelingen te voorkomen verwijzen wij u voor de inhoudelijke verantwoording over de bedrijfsvoering naar hoofdstuk 4.4.

Jaarstukken 2021 – Veiligheidsregio Zuid-Holland Zuid

30

Ten aanzien van de bedrijfsvoering worden de volgende kentallen gerapporteerd: Kengetal Personeelsleden in dienst Instroom Uitstroom Ziekte

2020

2021

Medewerkers

325

323

Vrijwilligers

699

684

Medewerkers

26

36

Vrijwilligers

31

46

Medewerkers

27

37

Vrijwilligers

47

50

4,10%

4,10%

Medewerkers

Verzuim

€ 23.190.843

€ 25.032.660

Vrijwilligers

€ 3.138.220

€ 3.307.040

Personeel van derden

Kosten

€ 2.829.000

€ 3.016.072

Automatisering

kosten

€ 1.654.700

€ 1.793.303

Personeelskosten

Toelichting: De gestegen loonkosten van de vrijwilligers in tegenstelling tot de daling van het aantal vrijwilligers in 2021 wordt verklaard door een veel lagere oefeninspanning in 2020 als gevolg van Covid-19. In 2021 was dit ook het geval, maar in veel mindere mate.

6.5

Verbonden partijen

In de volgende tabellen is opgenomen in hoeverre de verbonden partijen hebben bijgedragen aan het behalen van de doelstellingen van de VRZHZ (zoals opgenomen in de begroting).

Jaarstukken 2021 – Veiligheidsregio Zuid-Holland Zuid

31

Jaarstukken 2021 – Veiligheidsregio Zuid-Holland Zuid

32

* Ten tijde van opstelling zijn de cijfers nog niet bekend. Om die reden zijn de cijfers van 2019 weergegeven. Verbonden partij

Aard activiteiten en financiering

Instituut Fysieke Veiligheid (IFV) 1.     Het Instituut Fysieke Veiligheid (hierna: IFV) is in het leven geroepen ten behoeve van de verbetering van de kwaliteit en de organisatie van de rampenbestrijding en crisisbeheersing in ons land. Dit doet zij onder meer door kennis op vlak van de rampenbestrijding en crisisbeheersing te ontwikkelen en te delen, beleid te ontwikkelen en onderzoeken te doen op vlak van (fysieke) veiligheid, crisisbeheersing, risicobeheersing en brandweerzorg. Ook verzorgt zij opleidingen, trainingen en oefeningen en fungeert zij als netwerkpartner en regisseur op vlak van (fysieke) veiligheid en de ondersteunende proces. 2.     De activiteiten van het IFV worden gefinancierd uit rijksbijdragen (Brede Doeluitkering, een bijdrage vanuit het Ministerie van Justitie & Veiligheid), een bijdrage vanuit de Politie en bijdragen vanuit de Veiligheidsregio’s.

Openbaar belang dat wordt behartigd

Het IFV draagt bij aan de maatschappelijke doelstelling om Nederland samen veiliger en weerbaarder te maken. 1.   Het IFV is een bij de Wet veiligheidsregio’s opgericht zelfstandig bestuursorgaan.

Bestuurlijke betrokkenheid

Relevante ontwikkelingen/ risico’s

2.    Het bestuur van het IFV verantwoordelijk voor alle taken en werkzaamheden die het IFV uitvoert in het kader van de Wet veiligheidsregio’s. 3.   De voorzitters van de 25 Veiligheidsregio’s vormen samen het bestuur van het IFV. De voorzitter van de Veiligheidsregio Zuid-Holland Zuid neemt namens de Veiligheidsregio zitting in het bestuur van het IFV. 1.    geen 2.    geen

Jaarstukken 2021 – Veiligheidsregio Zuid-Holland Zuid

33

B Jaarrekening 7

Overzicht van baten en lasten

7.1

Gerealiseerde baten en lasten

VRZHZ kent het programma Veiligheid. Binnen het programma worden organisatieeenheden onderkend. Onderstaand is het resultaat opgenomen, voorzien van een toelichting op de incidentele en structurele resultaten voor bedragen hoger dan 50k. Concernniveau 2021

Primaire begroting

Begroting BURAP-I

Begroting BURAP-II

Realisatie

VoorSaldo /nadeel

I

S

44.985 44.304 -681

48.113 45.594 -2.519

47.999 45.815 -2.184

50.528 47.519 -3.008

-2.529 nadeel 1.705 voordeel -824 nadeel

-2.099 1.711 -388

-430 -6 -436

7

7

7

223

-216 nadeel

-216

-

Saldo vóór mutatie Res. Tv. 5HL

688 -

986 -1.540

651 -1.540

666 -2.565

15 voordeel -1.025 nadeel

15 -590

-436

Onttrekking res. Transverg. 5HL Saldo na mutatie Res. Tv 5HL

-

570 -970

658 -882

658 -1.908

Onttrekking res. Transverg. 5HL "0"-lijn Saldo na mutaties reserves

-

970 -

882 -

1.899 -9

Bedragen x € 1.000

Lasten Baten Saldo voor mutaties reserves Toevoeging reserves Onttrekking reserves (excl. res. transverg.

5HL)

a.g.v. afrondingen kunnen er kleine verschillen ontstaan

Analyse van het resultaat 2021 Concernniveau 2021 Bedragen x € 1.000

LASTEN 1.1 - Salarissen en sociale lasten 2.1 - Belastingen 3.2 - Duurzame goederen 3.5.1 - Ingeleend personeel 3.8 - Overige goederen en diensten 5.1 - Rente 7.2 - Mutaties voorzieningen 7.3 - Afschrijvingen 7.4 - Toegerekende reële en bespaarde rente 7.5 - Overige verrekeningen Subtotaal lasten BATEN 3.5.2 - Uitgeleend personeel 3.8 - Overige goederen en diensten 4.3.1 - Bijdragen Rijk 4.3.2 - Bijdragen gemeenten 5.1 - Rente 7.4 - Toegerekende reële en bespaarde rente 7.5 - Overige verrekeningen Subtotaal baten Gerealiseerd saldo baten en lasten 7.1 - Toevoeging reserves 7.1 - Onttrekking reserves 7.1 - Onttrekking res. Transverg. 5HL Saldo na mutaties reserves 7.1 - Onttrekking res. Transverg. 5HL "0"-lijn Saldo na extra onttrekking reserves

Primaire begroting 2021

Begroting BURAP-I

Begroting BURAP-II

Realisatie

Saldo

Voor/nadeel

I

S

26.894 261 685 10.818 1.117 491 4.729

27.969 261 1.581 12.428 1.117 499 4.258

28.331 270 1.412 12.142 1.117 638 4.088

28.340 213 4 3.016 13.169 1.031 707 3.979

-8 58 -4 -1.604 -1.027 86 -68 109

nadeel voordeel nadeel nadeel nadeel voordeel nadeel voordeel

438 58 -4 -1.581 -981 0 -68 109

-446

111 -120 44.985

0 48.113

1 47.999

6 63 50.528

-5 -63 nadeel -2.529 nadeel

286 1.107 5.480 37.432 -

201 1.074 6.242 38.078 -

241 1.099 6.117 38.358 -

474 1.710 6.673 38.649 14

-1 44.304 -681 7 688 -

-1 0 45.594 -2.519 7 986 570 -970

0 0 45.815 -2.184 7 651 658 -882

0 0 47.519 -3.008 223 666 658 -1.908

882 -

1.899

688.000

970 -

nadeel

-23 -46 86

-5 -63 -2.099

-430

voordeel voordeel voordeel voordeel voordeel

233 617 556 291 14

0 -6 0 0 0

1.705 voordeel -824 nadeel -216 nadeel 15 voordeel -1.025 nadeel

0 1.711 -388 -216 15 0 -590

0 0 -6 -436

233 611 556 291 14

-436

-9

Het jaarresultaat na de begrote dekking uit de reserve 5HL bedraagt -/- €1.908.000. In de reserve 5HL zit nog €1.899.000 waarmee het negatieve resultaat van €1.908.000 Jaarstukken 2021 – Veiligheidsregio Zuid-Holland Zuid

34

gedeeltelijk kan worden gedekt. De reserve 5HL is daarmee volledig uitgeput en kan niet meer als dekking worden ingezet om een negatief resultaat in 2022 te kunnen dekken. Het jaarresultaat over het jaar 2021 bedraagt -/- €9.000 na onttrekking reserve 5HL.

7.1.1

Lasten

1.1 Salarissen en sociale lasten nadeel €8.000 Incidenteel: €438.000 (voordeel) Er is sprake van een combinatie van voor- en nadelen. Een nadeel ter hoogte van €132.000 is ontstaan door het opstellen van zgn. vaststellingsovereenkomsten in 2021. Er is sprake van een nadeel van €162.000. Enerzijds heeft dit maken met de nieuwe CAO (€300,- voor iedere medewerker; €94.000 op jaarbasis) anderzijds in verband met de eenmalige uitkering COVID-19 die niet is gedekt door de declaratie COVID-19 bij Ministerie van Volksgezondheid Welzijn en Sport. Het nadeel als gevolg van de internetvergoeding voor het thuiswerken over 2021 bedraagt €96.000. Deze wordt gedekt door begroting reis- en verblijfkosten (samenhang met 3.8). De FLO kosten hebben een nadeel ad €291.000, hier staan baten tegenover (samenhang met baten 4.3.2). Het budgettaire voordeel op de totale loonsom bedraagt €811.000. Dit is met name een gevolg van het ontstaan van vacature ruimte gedurende het boekjaar. Deze meevaller wordt overigens ingezet als dekking voor het inhuren van tijdelijke formatie. (samenhang met 3.5.1). Er is een voordeel van €212.000 als gevolg van lagere vrijwilligersvergoedingen vanwege het niet kunnen oefenen als gevolg van COVID-19. Deze minderkosten worden in mindering gebracht op de declaratie Corona, dus hangt samen met 4.3.1. Bijdragen Rijk. Diverse kleinere voordelen ter hoogte van €96.000.

Structureel: €446.000 (nadeel) Het nadeel van €446.000 is een gevolg van de nieuwe cao-verhoging per 1 december 2021 en de eenmalige uitkering die ten laste komt van 2021. 3.5.1 Ingeleend personeel nadeel €1.604.000 Incidenteel: €1.581.000 (nadeel) De realisatie voor inhuur als gevolg van COVID-19 bedroeg €1.067.000, het nadeel ten opzichte van begroting hiervan was €829.000. Het bedrag van de realisatie voor de COVID-declaratie, waarop wel de minderkosten in mindering moeten worden gebracht, worden volledig vergoed door het Ministerie van Volksgezondheid Welzijn en Sport (samenhang met baten 4.3.1). In 2021 is een aantal vacatures niet ingevuld. Voor de uitvoering van de taken, ondersteunen van projecten en ziektevervanging is personeel ingeleend, in totaal €627.000 nadeel. Zie hiervoor de samenhang met het incidentele voordeel op salarissen en sociale lasten (1.1) en een stuk dekking uit de reserves ad €269.000 (samenhang met 7.1). Daarnaast is er €125.000 extra inhuur geweest wat niet gedekt kon worden uit de reserve transitie organisatie waardoor deze kosten in totaal op de exploitatie drukken.

Jaarstukken 2021 – Veiligheidsregio Zuid-Holland Zuid

35

3.8 Overige goederen en diensten nadeel €1.027.000 Incidenteel: €981.000 (nadeel) Bij het opstellen van de begroting is ervan uitgegaan dat een besparing kon worden gerealiseerd van €706.000 als onderdeel van het begrotingstekort. Hierdoor ontstaat een nadeel in dit onderdeel. De dekking van het tekort komt uit de reserve 5HL (samenhang met 7.1). Aan hardware kosten is €70.000 meer uitgegeven wat een nadeel geeft binnen bedrijfsvoering. Hier tegenover staat een voordeel €255.000 op licentiekosten, softwareontwikkeling en serverkosten ten opzichte van de begroting. Het nadeel van €161.000 op het project AFAS is het gevolg van de doorlooptijd van de implementatie van het nieuwe financieel pakket. De belangrijkste oorzaken zijn: de COVID-19 pandemie en een hoog ziekteverzuim. Het nadeel van €128.000 kosten voor klein onderhoud is met name veroorzaakt door het oplossen van achterstallig onderhoud bij het vastgoed in eigendom van VRZHZ. In de begroting is rekening gehouden met het perspectief om 80% aan budget mee te nemen gedurende de afgelopen jaren. Dit heeft zichtbare gevolgen voor het nodige klein onderhoud. Er is versneld overgegaan tot de aanschaf van zogenaamde O-bundels. De aanschaf had plaats moeten vinden in 2020, maar de levering (en dus de financiële verantwoording) heeft pas plaatsgevonden in 2021. Dit levert een nadeel op van €331.000.

Aan opleidingen ‘warm’ is meer uitgegeven in verband met een nieuwe manier van werving en selectie waardoor er meer opleidingen van nieuw personeel zijn geweest. Dit levert een nadeel op van €295.000. Een voordeel van de reiskosten ten opzichte van de begroting van €89.000, is veroorzaakt door minder reisbewegingen als gevolg van COVID-19. Dit dekt mede voor het grootste gedeelte de uitbetaling van de thuiswerkvergoeding (hangt samen met 1.1). Diverse kleine nadelen van €95.000. Structureel: €46.000 (nadeel) De accountantskosten zijn aanzienlijk hoger uitgevallen. In 2021 heeft overigens een nieuwe aanbesteding van de accountantsdiensten plaats gevonden. 5.1 Rente voordeel €86.000 Incidenteel: €86.000 (voordeel) Het voordeel van €86.000 van de rentekosten is ontstaan door het oversluiten van de leningenportefeuille. 7.1 Mutaties reserves nadeel €216.000 Incidenteel: €216.000 (nadeel) Er is in 2021 een extra dotatie in de reserve generatiepact gedaan van in totaal €124.000. Daarnaast is de toevoeging aan de reserve egalisatie kapitaallasten gedaan van €99.000 waarvan maar €7.000 begroot was. Jaarstukken 2021 – Veiligheidsregio Zuid-Holland Zuid

36

7.2 Mutaties voorzieningen nadeel €68.000 Incidenteel: €68.000 (nadeel) Er heeft een extra dotatie plaatsgevonden in de voorziening frictiekosten in verband met de herstructurering, dit levert een nadeel op van €68.000. 7.3 Afschrijvingen voordeel €109.000 Incidenteel: €109.000 (voordeel) De werkelijke kapitaallasten (rente en afschrijving) zijn lager door actualisering van het MJIP 2021 en het oversluiten van de leningenportefeuille. 7.5 Overige verrekeningen nadeel €63.000 Incidenteel: €63.000 (nadeel) Dit nadeel betreft de restwaarde van de activa bij verkoop (desinvesteringen).

7.1.2

Baten

3.5.2 Uitgeleend personeel voordeel €233.000 Incidenteel: €233.000 (voordeel) Medewerkers die gedetacheerd zijn waren niet begroot, dit geeft een voordeel van €233.000. 3.8 Overige goederen en diensten voordeel €611.000 Incidenteel: €611.000 (voordeel) Het handelen als ware een fiscale eenheid voor de BTW met Spinel zorgt voor een belastingvoordeel uit voorgaande jaren (tot en met 2020) van €253.000. Een gesaldeerd voordeel van €186.000 in verband met het afwikkelen van balansposten uit voorgaande jaren. Extra opbrengst als gevolg van de verkoop van activa geeft een voordeel van €93.000. Diverse kleinere voordelen ter hoogte van €79.000, waaronder de projectopbrengsten ad €71.000. 4.3.1 Inkomensoverdrachten - Rijk voordeel €556.000 Incidenteel: €556.000 (voordeel) De meerkosten vanwege COVID-19 worden vergoed door het Ministerie van Volksgezondheid Welzijn en Sport (VWS), de declaratie is €522.000 hoger uitgevallen ten opzichte van de begroting die bij BURAP II was bijgesteld. De minderkosten zijn in de realisatie lager gebleken in vergelijking met de prognose in BURAP II op basis waarvan de begroting van de declaratie is aangepast. 4.3.2 Inkomensoverdrachten – Bijdragen gemeenten voordeel €291.000 Incidenteel: €291.000 (voordeel) Dit betreft de afrekening FLO, hier tegenover staan hogere loonkosten onder 1.1.

Jaarstukken 2021 – Veiligheidsregio Zuid-Holland Zuid

37

7.2

Overzicht algemene dekkingsmiddelen

De baten en lasten op de algemene dekkingsmiddelen kunnen als volgt worden weergegeven. Realisatie 2020

Lasten Rentelasten Aankopen niet duurzame goederen en diensten Toevoegingen aan reserves Toevoegingen aan voorzieningen Kapitaallasten Overige verrekeningen van kostenplaatsen Totaal lasten Baten BDUR Overige inkomsten Rijk Gemeentelijke bijdragen Rente Onttrekking reserves Overige goederen en diensten Overige verrekeningen van kostenplaatsen Totaal baten Totaal algemene dekkingsmiddelen

Primaire begroting

1.182.925

Begroting na wijziging

1.117.000

1.117.000

Realisatie 2021 1.030.969

-

-

-

4.310

147.226 498.962 3.965.642 31.502 5.826.257

7.000 491.000 4.840.000 -120.000 6.335.000

7.000 638.043 4.089.000 5.851.043

223.392 706.537 3.985.001 63.347 6.013.556

5.095.063 1.572.795 37.120.479 14.299 2.005.739 1.538.472 47.346.848 -41.520.591

5.020.000 460.000 37.432.000 688.000 1.107.000 44.707.000 -38.372.000

5.211.900 905.500 38.357.871 2.191.319 1.098.500 47.765.090 -41.914.047

5.231.955 1.441.105 38.649.149 13.545 3.223.250 1.709.802 50.268.806 -44.255.250

Toevoegingen en onttrekkingen reserves Voor de toelichting op de mutaties in de reserves wordt verwezen naar paragraaf 8.2.3. Brede doeluitkering rampenbestrijding (BDUR) Voor een specificatie van de ontvangen BDUR in 2021 wordt verwezen naar hoofdstuk 10. Gemeentelijke bijdragen Gemeente Alblasserdam Dordrecht Hendrik-Ido-Ambacht Papendrecht Sliedrecht Zwijndrecht Drechtsteden Gorinchem Hardinxveld-Giessendam Molenlanden Alblasserwaard & Vijfheerenlanden Hoeksche Waard Hoeksche Waard TOTAAL

gemeentelijke bijdrage 1.435.652 11.032.760 1.903.584 2.142.128 1.827.400 3.680.076 22.021.600 2.851.660 1.200.600 3.829.420 7.881.680 6.822.356 6.822.356 36.725.636

Jaarstukken 2021 – Veiligheidsregio Zuid-Holland Zuid

maatwerk

totaal

1.671.058 74.343 63.141 1.808.542 114.971 114.971 1.923.513

1.435.652 12.703.818 1.977.927 2.142.128 1.890.541 3.680.076 23.830.142 2.851.660 1.200.600 3.829.420 7.881.680 6.937.327 6.937.327 38.649.149

38

7.3

Incidentele baten en lasten

In onderstaande tabel zijn de incidentele baten en lasten weergegeven Presentatie van het structureel saldo

Begroting 2021 na wijziging Realisatie 2021 (BURAP-II)

Realisatie 2020

Primaire begroting 2021

Lasten Baten Saldo lasten en baten

47.731 45.878 -1.853

44.985 44.304 -681

47.999 45.815 -2.184

50.528 47.519 -3.009

Dotaties reserves Onttrekkingen reserves Saldo mutaties reserves

147 2.006 1.859

7 688 681

7 2.191 2.184

223 3.223 3.000

Gerealiseerd resultaat

6

0

0

-9

Incidentele lasten Incidentele baten Saldo incidentele baten en lasten

3.844 1.814 2.030

0 610 -610

7 1.309 -1.302

129 3.079 -2.950

Structureel resultaat

2.036

-610

-1.302

-2.959

(x € 1.000)

7.4

Structurele toevoegingen en onttrekkingen aan de reserves

In hoofdstuk 8.2. is een overzicht opgenomen van het verloop van de reserves. De mutaties in de reserves egalisatie kapitaallasten en dekking kapitaallasten worden aangemerkt als een structureel dekkingsmiddel. De reserve egalisatie kapitaallasten geeft inzicht in de methodiek van gemiddelde kapitaallasten en de werkelijke jaarlijkse kapitaallasten. De verschillen hiertussen worden door middel van deze egalisatiereserve gecorrigeerd zodat in de exploitatie de jaarlijkse kapitaallasten overeenkomen met de gemiddelde kapitaallasten. De mutatie in de reserve kapitaallasten is gelijk aan de afschrijvingstermijn van de daarbij behorende investering.

7.5

WNT-verantwoording 2021 VRZHZ

Conform de Wet Normering Topinkomens is in onderstaand overzicht de bezoldiging opgenomen van het eerste leidinggevende niveau dat wordt aangemerkt als topfunctionaris. Het bezoldigingsmaximum van 2021 bedraagt €209.000. Binnen VRZHZ zijn geen functionarissen in dienst die een hogere bezoldiging genieten dan het in de WNT genoemde maximum voor 2021.

Jaarstukken 2021 – Veiligheidsregio Zuid-Holland Zuid

39

Bedragen x € 1 Functiegegevens Aanvang en einde functievervulling in 2021 Omvang dienstverband (als deeltijdfactor in fte) (Fictieve) dienstbetrekking? Bezoldiging Beloning plus belastbare onkostenvergoedingen Beloningen betaalbaar op termijn Subtotaal Individueel toepasselijke bezoldigingsmaximum -/- Onverschuldigd betaald bedrag Totale bezoldiging Reden waarom de overschrijding al dan niet is toegestaan Toelichting op de vordering wegens onverschuldigde betaling Gegevens 2020 Functiegegevens Aanvang en einde functievervulling in 2019 Omvang dienstverband (als deeltijdfactor in fte) (Fictieve) dienstbetrekking? Bezoldiging Beloning plus belastbare onkostenvergoedingen Beloningen betaalbaar op termijn Subtotaal Individueel toepasselijke bezoldigingsmaximum Totale bezoldiging

C.P. Frentz Algemeen directeur 01-01/31-12 1 Ja 129.302 21.872 151.174 209.000 N.v.t. 151.174 N.v.t. N.v.t. C.P. Frentz Algemeen directeur 01-03/31-12 1 Ja 101.392 17.007 118.399 201.000 N.v.t. 118.399

Topfunctionarissen met een bezoldiging van €1.700 of minder.

Naam Functie Dhr J.G.A. Paans Burgemeester gemeente Alblasserdam Dhr A.W. Kolff Burgemeester gemeente Dordrecht Mw. R.W.J. Melissant-Briene Burgemeester gemeente Gorinchem Dhr D. Heijkoop Burgemeester gemeente Hardinxveld-Giessendam Dhr J. Heijkoop Burgemeester gemeente Hendrik-Ido-Ambacht Dhr T.C. Segers Burgemeester gemeente Molenlanden Dhr A.J. Moerkerke Burgemeester gemeente Papendrecht Mw. A. Jetten Waarnemend burgemeester gemeente Papendrecht Dhr D.R. van der Borg Waarnemend burgemeester gemeente Sliedrecht Dhr J.M. de Vries Burgemeester gemeente Sliedrecht Dhr A.P.J. van Hemmen Burgemeester gemeente Hoeksche Waard Dhr W.H.J.M. van der Loo Burgemeester gemeente Zwijndrecht

7.6

Periode

05-10-16 tot 07-06-21 Per 07-06-21 31-03-20 tot 13-04-21 Per 13-04-21

Rechtmatigheid

De bevindingen op het gebied van rechtmatigheid zijn opgenomen in Rechtmatigheid van de jaarrekening van het accountantsverslag.

Jaarstukken 2021 – Veiligheidsregio Zuid-Holland Zuid

40

8

Balans

Activa

31-dec-21

31-dec-20

Vaste activa Immateriële vaste activa Kosten verbonden aan het sluiten van geldleningen en het saldo van agio en disagio

6.215.985

0 6.215.985

Materiële vaste activa Investeringen met een economisch nut

72.045.682

63.305.989 72.045.682

63.305.989

Financiële vaste activa Kapitaalverstrekkingen aan deelnemingen

18.000

18.000

Leningen aan deelnemingen

480.000

600.000

Overige uitzettingen

21.375

21.375

Totaal v aste activ a

519.375

639.375

78.781.042

63.945.364

Vlottende activa Voorraden Gereed product en handelsgoederen

45.189

46.545 45.189

46.545

Subtotaal uitzettingen rentetypische looptijd < 1 jaar Vorderingen op openbare lichamen Uitzettingen in ’s Rijks schatkist Rekening-courantverhoudingen met niet financiële instellingen Overige vorderingen

1.360.634

339.606

635.731

1.746.976

430.000

500.000

133.371

183.294 2.559.736

2.769.876

Liquide middelen

307.003

307.763

Overlopende activa

1.732.097

1.534.154

Totaal v lottende activ a

4.644.025

4.658.338

83.425.067

68.603.702

TOTAAL GENERAAL ACTIVA

Jaarstukken 2021 – Veiligheidsregio Zuid-Holland Zuid

41

Passiva Vaste passiva Eigen vermogen Algemene reserve Bestemmingsreserves Resultaat voor bestemming

31-dec-21

500.000 2.817.377 -8.492

3.308.885

Voorzieningen Vaste schulden Binnenlandse banken en overige financiële instellingen Openbare lichamen

31-dec-20

500.000 5.806.482 5.000

1.719.506

66.803.392 2.536.588

Totaal v aste passiv a

69.339.981

6.311.482 1.868.277

43.211.573 2.596.917

74.368.371

45.808.489 53.988.248

Vlottende passiva Netto vlottende schulden rentetypische looptijd < dan 1 jaar Kasgeldleningen Overige schulden

0

4.000.000

4.728.170

4.728.170

7.045.134

11.045.134

Overlopende passiva

4.328.526

3.570.320

Totaal vlottende passiva

9.056.696

14.615.454

83.425.067

68.603.702

TOTAAL GENERAAL PASSIVA

Jaarstukken 2021 – Veiligheidsregio Zuid-Holland Zuid

42

8.1

Grondslagen voor waardering en resultaatbepaling

De jaarrekening is opgemaakt met inachtneming van de voorschriften die het Besluit Begroting en Verantwoording provincies en gemeenten daarvoor geeft. De waardering van de activa en passiva en de bepaling van het resultaat vindt plaats op basis van historische kosten. Tenzij bij het desbetreffende balanshoofd anders is vermeld, worden de activa en passiva opgenomen tegen nominale waarden. De baten en lasten worden toegerekend aan het jaar waarop zij betrekking hebben. Baten en winsten worden slechts genomen voor zover zij op balansdatum zijn gerealiseerd. Verliezen en risico’s die hun oorsprong vinden voor het einde van het begrotingsjaar, worden in acht genomen indien zij voor het opmaken van de jaarrekening bekend zijn geworden. Personeelslasten worden in principe toegerekend aan het boekjaar waarop ze betrekking hebben. Als gevolg van het formele verbod op het opnemen van voorzieningen c.q. schulden uit hoofde van jaarlijks terugkerende arbeidskosten gerelateerde verplichtingen van vergelijkbaar volume worden sommige personele lasten echter toegerekend aan de periode waarin uitbetaling plaatsvindt; daarbij moet worden gedacht aan componenten zoals ziektekostenpremie ten behoeve van gepensioneerden, overlopende vakantiegelden verlofaanspraken en dergelijke.

Voor arbeidskosten gerelateerde verplichtingen van een jaarlijks vergelijkbaar volume wordt geen voorziening getroffen of op andere wijze een verplichting opgenomen.

8.1.1

Activa

Immateriële vaste activa Dit betreffen eventuele kosten van onderzoek en ontwikkeling, het saldo van (dis)agio en bijdragen aan activa in eigendom van derden. De kosten verbonden aan het sluiten van geldleningen worden geactiveerd en afgeschreven maximaal gelijk aan de looptijd van de lening. De immateriële vaste activa zijn gewaardeerd tegen verkrijgings- of vervaardigingsprijs, verminderd met de op deze basis berekende afschrijvingen. De kosten van onderzoek en ontwikkeling voor een bepaald actief worden lineair afgeschreven in ten hoogste vijf jaar. De bijdragen aan activa in eigendom van derden worden lineair afgeschreven. Materiële vaste activa VRZHZ beschikt uitsluitend over materiële vaste activa met een economisch nut. Deze materiële vaste activa zijn gewaardeerd tegen de verkrijgings- of vervaardigingsprijs. Specifieke investeringsbijdragen van derden worden op de desbetreffende investering in mindering gebracht; in die gevallen wordt op het saldo afgeschreven. De overgenomen kazernes in 2013 zijn gewaardeerd tegen verkrijgingsprijs zijnde de boekwaarde waartegen de kazernes zijn overgedragen van de gemeenten naar VRZHZ.

Jaarstukken 2021 – Veiligheidsregio Zuid-Holland Zuid

43

Slijtende investeringen worden vanaf het jaar na ingebruikneming lineair afgeschreven in de verwachte gebruiksduur, waarbij rekening wordt gehouden met een eventuele restwaarde. Op grondbezit met economisch nut (buiten de openbare ruimte) wordt niet afgeschreven. In september 2014 heeft het AB besloten dat de kazernes behoren tot materieel vast actief met een maatschappelijke bestemming, wat betekent dat de verkrijgingsprijs minus afschrijving de balanswaardering is en dat er niet afgeschreven wordt bij waardevermindering. Hier is alleen sprake van bij verkoop als blijkt dat de marktwaarde op dat moment kleiner is dan de boekwaarde. Er wordt in het jaar nadat het activum in gebruik is genomen afgeschreven op het actief. De gehanteerde afschrijvingstermijnen zijn opgenomen in de nota Waarderen en afschrijven. Bij het oversluiten van de leningenportefeuille is door het AB op 14-10-2021 ingestemd met het uniformeren van de afschrijvingsmethodiek naar de lineaire methode per 1-1-2022 (schattingswijziging). Financiële vaste activa Participaties in het aandelenkapitaal van NV’s en BV’s (“kapitaalverstrekkingen aan deelnemingen” in de zin van het BBV) zijn gewaardeerd tegen de verkrijgingsprijs van de aandelen. Indien de waarde van de aandelen onverhoopt structureel mocht dalen tot onder de verkrijgingsprijs, zal afwaardering plaatsvinden.

De overige financiële vaste activa is gewaardeerd tegen nominale waarde. Uitzettingen met een rente-typische looptijd korter dan 1 jaar en overlopende activa De vorderingen worden gewaardeerd tegen nominale waarde. Voor verwachte oninbaarheid wordt een voorziening in mindering gebracht. De voorziening wordt bepaald op basis van de geschatte inningskansen.

8.1.2

Passiva

Voorzieningen Voorzieningen worden gewaardeerd op het nominale bedrag van de betrokken verplichting c.q. het voorzienbare verlies. De onderhoudsegalisatievoorzieningen stoelen op een meerjarenraming van het uit te voeren groot onderhoud aan (een deel van) de kapitaalgoederen, waarin rekening is gehouden met de kwaliteitseisen die ter zake geformuleerd zijn.

8.2

Toelichting op de balans per 31 december 2021

8.2.1

Vaste activa

Immateriële vaste activa Deze post betreft de kosten van de agio (boeterente) in verband met de herfinanciering van de leningenportefeuille. De kosten worden geactiveerd en afgeschreven in 30 jaar.

Jaarstukken 2021 – Veiligheidsregio Zuid-Holland Zuid

44

Omschrijving

Boekwaarde 1-1-2021

Immateriële vaste activa

-

Totaal

-

Corr afschrijving

Investeringen Desinvesteringen

-

Afschrijvingen

Boekwaarde 31-12-2021

6.215.985

-

-

6.215.985

6.215.985

-

-

6.215.985

Materiële vaste activa De materiële vaste activa betreffen activa met een economisch nut. Het verloop van de boekwaarden van de materiële vaste activa is als volgt. Omschrijving Gronden en terreinen Bedrijfsgebouwen Machines, appraten en installaties Vervoermiddelen Overige materiële vaste activa Totaal

Boekwaarde 1-1-2021

Corr afschrijving

Investeringen Desinvesteringen

6.077.699 33.531.734

5.066.892

2.323.601

55.118

16.490.235

6.721.287

4.882.720 63.305.989

938.990 -

12.782.287

-685.316 -685.316

Afschrijvingen 712.447

Boekwaarde 31-12-2021 6.077.699 37.886.179

452.703

1.926.016

1.053.008

21.473.198

1.139.120

4.682.590

3.357.278

72.045.682

a.g.v. afrondingen kunnen kleine verschillen ontstaan

Kredieten In bijlage 5 is de staat van de kredieten opgenomen. De kredieten waarvan beargumenteerd wordt voorgesteld om deze mee te nemen naar 2022 zijn:

Jaarstukken 2021 – Veiligheidsregio Zuid-Holland Zuid

45

Over te brengen ABRestant krediet Reden niet afsluiten Artikelnr. Omschrijving besluit krediet 70000001 18-5482 Haakarmvoertuig 2020-700 4.755 4.755 laatste termijn begin 2022 70000003 18-5731 Tankautospuit bepakking 2021-847 2.410 2.410 laatste termijn begin 2022 70000004 18-6362 Haakarmbak Schuimvoorraad 2020-700 150.000 150.000 in afwachting van besluitvorming 70000007 18-6631 Tankautospuit bepakking 2021-847 5.198 5.198 laatste termijn begin 2022 70000008 18-6702 Trekker-matereel voertuig 2021-309 60.000 60.000 rust een verplichting op 70000009 18-6931 Tankautospuit 2021-847 7.804 7.804 laatste termijn begin 2022 70000010 18-6931 Tankautospuit bepakking 2021-847 -1.166 -1.166 laatste termijn begin 2022 70000011 18-6932 Tankautospuit 2021-847 3.890 3.890 laatste termijn begin 2022 70000012 18-6932 Tankautospuit bepakking 2021-847 3.001 3.001 laatste termijn begin 2022 70000013 18-7031 Tankautospuit 2021-847 3.890 3.890 laatste termijn begin 2022 70000014 18-7031 Tankautospuit bepakking 2021-847 17.338 17.338 laatste termijn begin 2022 70000015 18-7032 Tankautospuit 2021-847 3.890 3.890 laatste termijn begin 2022 70000016 18-7032 Tankautospuit bepakking 2021-847 15.755 15.755 laatste termijn begin 2022 70000017 18-7081 Haakarmvoertuig 2020-700 186.604 186.604 besteld, levering 2022 70000018 18-7161 Haakarmbak Schuimvoorraad 2020-700 150.000 150.000 in afwachting van

besluitvorming 70000019 18-7231 Tankautospuit 2021-847 3.890 3.890 laatste termijn begin 2022 70000020 18-7231 Tankautospuit bepakking 2021-847 3.121 3.121 laatste termijn begin 2022 70000021 18-7331 Tankautospuit 2021-847 7.804 7.804 laatste termijn begin 2022 70000022 18-7331 Tankautospuit bepakking 2021-847 3.602 3.602 laatste termijn begin 2022 70000025 18-801 Dienstauto 2020-700 45.078 45.078 in afwachting van besluitvorming 70000027 18-8184 Haakarmvoertuig 2020-700 186.604 186.604 besteld, levering 2022 70000031 18-7431 Tankautospuit 2021-847 3.891 3.891 laatste termijn begin 2022 70000032 18-7431 Tankautospuit bepakking 2021-847 8.395 8.395 laatste termijn begin 2022 70000044 Pager & Paraatheidregistratie pagers 2020-700 551.982 551.982 vertraagd 70000057 Voertuigen en systemen Coldcutter 2021-309 48.492 48.492 laatste termijn verwacht begin 2022 70000059 Voorbereidingskrediet Oranjepark 2021-309 100.000 100.000 vertraagd 70000060 Aanpassing Brandwijk 2021-309 469.860 469.860 vertraagd 70000061 Voorbereiding nieuwbouw Sliedrecht 2021-309 35.400 35.400 vertraagd 70000072 18-5331 TS Bepakking MAN 2021-309 6.530 6.530 laatste termijn begin 2022 70000081 Hosemasters 2021-309 31.907 31.907 wordt in 2022 afgerond 70000085 Apparatuur werkplaats 2021-309 597.400 597.400 in afwachting van huisvestingsvisie 70000086 Lockers 2019 2021-309 30.200 30.200 in afwachting van

huisvestingsvisie 70000088 Vervanging meubilair VR-gebouw 2021-309 151.000 151.000 in afwachting van huisvestingsvisie 70000091 EHBO en zuurstofflessen 2021-309 14.700 14.700 in afwachting van besluitvorming 70000129 Batterijen portofoons (Tetra & DMMR) 2021-847 57.300 57.300 rust een verplichting op 70000133 Voorbereiding nieuwbouw Strijen 2021-847 25.000 25.000 vertraagd Totaal 2.995.525 2.995.525

Jaarstukken 2021 – Veiligheidsregio Zuid-Holland Zuid

46

Financiële vaste activa Het verloop van de financiële vaste activa gedurende het jaar 2021 wordt in onderstaand overzicht weergegeven. Boekwaarde 01-01-2021 Kapitaalverstrekkingen aan: deelnemingen 600010 18.000 Subtotaal 18.000 Waarborgsommen 630080 21.375 Subtotaal 21.375 Leningen aan: deelnemingen 600050 600.000 Subtotaal 600.000 Totaal Financiële vaste activa 639.375 Omschrijving

Investeringen

Desinvesteringen

Aflossingen/ afschrijvingen

Afwaarderingen

Boekwaarde 31-12-2021

-

-

-

-

18.000 18.000

-

-

-

-

21.375 21.375

-

-

120.000 120.000 120.000

-

480.000 480.000 519.375

Kapitaalverstrekkingen aan deelnemingen In de Algemene Vergadering van 15 december 2016 hebben de aandeelhouders van Spinel Veiligheidscentrum B.V. en Zuid-Holland Zuid Participatie B.V. besloten tot fusie. Als gevolg van dit besluit, waarvan het Algemeen Bestuur VRZHZ op 15 december 2016 kennis heeft genomen, zijn de aandelen van Zuid-Holland Zuid Participatie B.V. vervallen en zijn de vermogensbestanddelen met ingang van 1 januari 2016 in Spinel Veiligheidscentrum B.V. verantwoord. Overige uitzettingen (Waarborgsommen) Per 1 april 2019 is een huurovereenkomst afgesloten voor kantoorruimte aan de Toermalijnring 800 te Dordrecht. Hiervoor is een waarborgsom ter hoogte van €21.375 betaald aan Van Houwelingen Vastgoed bv. De huurtermijn is 2 jaar en is verlengd tot en met maart 2022. Leningen aan deelnemingen In het Algemeen Bestuur van 25 november 2015 is besloten een lening te verstrekken aan de Zuid-Holland Zuid Participatie B.V. voor een bedrag van €1.200.000. Door de fusie per 1 januari 2016 is de restant hoofdsom overgegaan naar Spinel Veiligheidscentrum B.V. De resterende looptijd van de lening is 4 jaar. De jaarlijkse aflossing bedraagt €120.000 welke voor het eerst op 31 december 2016 heeft plaatsgevonden. Over de uitstaande hoofdsom wordt een rente ontvangen van 1,05% per jaar.

Jaarstukken 2021 – Veiligheidsregio Zuid-Holland Zuid

47

8.2.2

Vlottende activa

Voorraden De kledingvoorraden kunnen als volgt worden gespecificeerd. 31-12-2021 45.189 45.189

Gereed product/handelsgoederen Totaal

31-12-2020 46.545 46.545

Uitzettingen korter dan 1 jaar De in de balans opgenomen uitzettingen met een looptijd van één jaar of minder kunnen als volgt gespecificeerd worden. Omschrijving Vorderingen op openbare lichamen Overige vorderingen Uitzettingen in 's Rijks schatkist Rekening courantverhouding Totaal

31-12-2021

Voorziening oninbaar

31 -12- 31-12-2020 2021 na voorziening

1.360.634

-

1.360.634

339.606

133.371 635.731 430.000 2.559.736

-

133.371 635.731 430.000 2.559.736

183.294 1.746.976 500.000 2.769.876

Liquide middelen Binnen de post liquide middelen kan het volgende onderscheid worden gemaakt.

Omschrijving 31-12-2021 31-12-2020 Kassaldi 2.147 2.147 Banksaldi 304.857 305.616 Totaal 307.003 307.763

Overlopende activa Binnen de post overlopende activa kan het volgende onderscheid worden gemaakt. Omschrijving Vooruitbetaalde bedragen Nog te ontvangen bedragen Totalen

31-12-2021 1.330.210 401.887 1.732.097

31-12-2020 911.837 622.317 1.534.154

De vooruitbetaalde bedragen zijn voornamelijk kosten voor facturen met jaar overstijgende contracten. De nog te ontvangen bedragen betreffende einddeclaratie Corona 2021, de eindafrekening voor de bijdrage van de meldkamer en de bijdrage in de kosten voor bijstand blusboot.

Jaarstukken 2021 – Veiligheidsregio Zuid-Holland Zuid

48

8.2.3

Vaste passiva

Eigen vermogen Reserves Het verloop van de reserves is in onderstaand overzicht weergegeven. Omschrijving

1-1-2021

Rente

Toevoeging

Onttrekking 31-12-2021

Algemene reserves Algemene reserve VRZHZ

500.000

Totaal algemene reserves

500.000

500.000 -

-

-

500.000

Bestemmingsreserves Reserve egalisatie kapitaallasten Dekking kapitaallasten Totaal structurele reserves

1.527.845

99.184

575.395

5.754

2.103.240

5.754

99.184

1.627.029 -144.298

436.851

-144.298

2.063.880

Reserve egalisatie kosten opleiden

86.176

Veranderende Omgeving

190.021

-92.142

97.879

86.176

Informatie gestuurd werken

386.522

-20.967

365.555

Transitie Organisatie

321.205

-221.205

100.000

Inhaalslag investeringen

143.671

-44.593

99.078

Transitievergoeding 5HL

2.551.845

5.000

-2.556.845

-

Reserve Generatiepact

23.802

124.208

-143.201

4.809

Totaal incidentele reserves

3.703.242

-

129.208

-3.078.953

753.497

Totaal bestemmingsreserves

5.806.482

5.754

228.392

-3.223.251

2.817.377

Totaal reserves

6.306.482

5.754

228.392

-3.223.251

3.317.377

Resultaat voor bestemming Totaal generaal

5.000 6.311.482

5.754

228.392

-5.000 -3.228.251

3.317.377

Bestemming resultaat 2020 Het resultaat van 2020 ad € 5.000 is cf. vaststelling jaarstukken 2020 (AB 2021/308) toegevoegd aan de reserve Transitievergoeding 5HL. Algemene reserve Deze algemene reserve is bestemd voor de egalisatie van incidentele, niet voorziene tegenvallers. Conform Besluit 2018 664A, houdt VRZHZ een bescheiden buffer aan van 1% van het totaal van de lasten van het volgende begrotingsjaar met een minimum van €500.000. Bestemmingsreserves Reserve egalisatie kapitaallasten De reserve egalisatie kapitaallasten geeft inzicht in de methodiek van gemiddelde kapitaallasten en de werkelijke jaarlijkse kapitaallasten. De verschillen hiertussen worden door middel van deze egalisatiereserve gecorrigeerd zodat in de exploitatie de jaarlijkse kapitaallasten overeenkomen met de gemiddelde kapitaallasten. De mutatie in de reserve kapitaallasten is gelijk aan de afschrijvingstermijn van de daarbij behorende investering. Jaarstukken 2021 – Veiligheidsregio Zuid-Holland Zuid

49

Door het instellen van deze reserve wordt inzicht verkregen in de methodiek van gemiddelde kapitaallasten en de werkelijke jaarlijkse kapitaallasten. De verschillen hiertussen worden door middel van deze egalisatiereserve gecorrigeerd zodat in de exploitatie de jaarlijkse kapitaallasten overeenkomen met de gemiddelde kapitaallasten. Volgens besluit 2018 1226A wordt middels een 5-jarige projectie het verloop van de egalisatiereserve kapitaallasten gemaakt. Hierin worden de gerealiseerde investeringen uit betreffende jaarverantwoording meegenomen, rekening houdend met een constante buffer van € 500.000. De minimale hoogte van deze reserve bedraagt € 500.000. Er heeft een storting plaatsgevonden van € 99.184 Dit betreft het jaarlijkse verschil tussen de gemiddelde kapitaallasten en de werkelijke kapitaallasten. Reserve egalisatiekosten opleiden Begin 2017 is een visiedocument operationele trainingen opgesteld. Vanuit deze visie komen de volgende speerpunten naar voren; het gelijktijdig slim en integraal beoefenen van meerdere hoofdfuncties en het aanbrengen van een betere spreiding van oefenbelasting over de jaren. Concreet houdt dit voor operationeel leidinggevenden in dat afgestapt is van de vierjaarlijkse week operationele trainingen en doorontwikkeld is naar jaarlijkse kortere operationele trainingen. Het saldo zou besteed worden aan een training regionale schuimblussing.

Begin november 2021 is bekend geworden dat de Omgevingsdienst Zeeland de vergunning voor het oefencentrum H2K heeft afgekeurd waardoor daar per direct niet meer met vloeistoffen geoefend mag worden. Er wordt nu onderzocht of de training elders aangeboden kan worden. Dit zal op zijn vroegst in 2022 zijn. Reserve dekking kapitaallasten Investeringen die geheel of gedeeltelijk worden gefinancierd met reserves worden bruto geactiveerd. Het bedrag dat wordt gefinancierd uit een (algemene) reserve of een subsidie, wordt in deze specifieke bestemmingsreserve geboekt. In 2021 is er geen sprake geweest van een dergelijke financiering, de onttrekking betreft de bij de investeringen (uit eerdere jaren) horende kapitaallasten. Reserve Veranderende omgeving Deze reserve is gevormd voor de dekking van capaciteits- en opleidingskosten a.g.v. het ontwikkelen naar een nieuwe rol en taakinvulling i.r.t. de Veranderende Omgeving (o.a. Omgevingswet). In 2021 is een bedrag van €100.000 voor tijdelijke capaciteit uit de reserve onttrokken. Reserve Informatie-gestuurd werken Deze reserve is gevormd voor de dekking van de kosten voor een projectleider, implementatiekosten (koppelingen met bestaande systemen en opleidingen) en het gegeven dat gedurende de duur van de implementatie sprake is van dubbele licenties (oude systemen kunnen pas weg als de nieuwe systemen draaien).

Vanwege COVID-19 zijn de geplande activiteiten niet uitgevoerd. Voor de begeleiding voor zaakgericht werken is €20.967 besteed.

Jaarstukken 2021 – Veiligheidsregio Zuid-Holland Zuid

50

Reserve Transitie Organisatie Deze reserve is cf. besluit 2019/296 (april 2019) gevormd ten behoeve van de kosten voor de begeleiding vanaf het transitiemoment van de herstructurering per 01-09-2018 op structuur, cultuur en leiderschap. Daarnaast wordt intern programmamanagement en lijncapaciteit ingezet waarmee tevens kosten zijn gemoeid. In 2021 is een bedrag van €221.205 ingezet voor de afdeling Bedrijfsvoering om de basis op orde te krijgen; Base-Camp. Door de impact van COVID-19 zijn de cultuurtrajecten niet uitgevoerd, deze worden in 2022 opgepakt. Ook wordt dan projectmatig creëren opgepakt. Reserve Inhaalslag investeringen Deze reserve is cf. besluit 2019/296 (april 2019) gevormd ten behoeve van de kosten voor het bewerkstelligen van het benodigde investeringsniveau gedurende de periode dat de nieuwe organisatie nog niet volledig is ingeregeld na de herstructurering. In 2021 heeft een onttrekking plaatsgevonden van €44.593 ter dekking van de kosten voor eindinspecties tankautospuiten, advies m.b.t. inrichting van de werkplaats wagenpark, aanbesteding bluskleding, ingebruikname nieuwe voertuigen, Europese aanbesteding schuimblusvoertuigen, bestek- en aanbestedingsleidraad en milieu verantwoorde afvoer Schuimvormend middel (fluorhoudend schuim).

Reserve Transitievergoeding Vijfheerenlanden Met het vaststellen van de jaarstukken 2019 op 25-06-2020 heeft het Algemeen Bestuur per besluit 2020/699 en besluit 2020/699/A, ingestemd met de vorming voor een reserve ten behoeve van de structurele opgave van ca. €1,5 mln per jaar als gevolg van het uittreden van de gemeenten Leerdam en Zederik naar de gemeente Vijfheerenlanden. In 2024 dient de structurele opgave gerealiseerd te zijn. Het positieve jaarresultaat van 2020 ter hoogte van € 5.000 is toegevoegd conform vaststellingsbesluit. De onttrekking van € 657.709 betreft de niet gedekte frictielast van 2021. De extra onttrekking van €1.899.135 is vanwege de afgesproken ‘0’-lijn van het jaarresultaat. Reserve Generatiepact Per 1 januari 2019 is de Regeling Generatiepact van kracht. Dit is een regeling op basis waarvan de 62-jarige of oudere medewerker (zonder FLO-rechten) minder kan gaan werken tegen 100% pensioenopbouw. Het doel hiervan is tweeledig; een meer duurzame inzetbaarheid van de oudere medewerker en de bevordering van de instroom van jongere medewerkers. En de vrijkomende financiële ruimte benutten voor het investeren in de ontwikkeling van de zittende medewerkers. Het generatiepact is niet bedoeld om een loonkostenbesparing te realiseren. De besparing als gevolg van deelnames aan het generatiepact resulteerde in een dotatie aan de reserve van € 64.208.

Om voor 2022 voldoende middelen beschikbaar te hebben is éénmalig volgens MT-besluit € 60.000 aan de reserve toegevoegd. De salariskosten voor 1 leerarbeidsplaats bedroegen in 2021 €19.363. Op 01-09-2020 zijn 2 voltijdsofficieren gestart waarvoor in 2021 voor opleidingskosten €40.900 besteed is. Op 01-03-2021 is er een trainee gestart waarvoor in 2021 €82.938 besteed is. Jaarstukken 2021 – Veiligheidsregio Zuid-Holland Zuid

51

Voorzieningen In onderstaand overzicht is het verloop van de voorzieningen in 2021 weergegeven. Omschrijving

1-1-2021 Toevoeging

Vrijval

Aanwending 31-12-2021

Onderhoud SB/Voertuigen

185.306

-

-

-32.743

152.563

Groot onderhoud blusboot

81.354

27.043

-

-27.860

80.537

Onderhoud VR-Gebouw

240.863

48.000

-

-5.030

283.833

Onderhoud gebouwen

827.194

370.000

-

-489.079

708.115

Vervanging meubilair

148.457

40.000

-

-35.678

152.779

3e WW-jaar

39.669

13.714

-

-

53.383

345.434

392.631

-

-507.134

230.931

-

139.124

-

-81.759

57.365

-1.179.283

1.719.506

Frictiekosten nieuwe organisatie Groot onderhoud materieel Totalen

1.868.277

1.030.512

0

Voorziening onderhoud SB/voertuigen In 2021 is een bedrag van €32.743 besteed voor onderhoud van de schuimblusvoertuigen volgens het meerjarig onderhoudsplan. Uit berekeningen is gebleken dat met het saldo van de voorziening per 1 januari 2019 het onderhoud gedurende de resterende levensduur (tot en met 2024) voldoende is. Dat betekent dat er tot 31 december 2024 geen dotaties meer hoeven plaats te vinden. Voorziening groot onderhoud blusboot VRZHZ beschikt over een blusboot. De voorziening heeft als doel de lasten van groot onderhoud aan de blusboot te egaliseren over de levensduur van dit vaartuig. Het groot onderhoud gebeurt conform het onderhoudsplan. Ten grondslag aan deze voorziening ligt een schema van dotaties en onttrekkingen conform een groot onderhoudsplan. In 2021 is €27.860 voor een werfbeurt type A volgens contract besteed. Voorziening onderhoud VR-gebouw Romboutslaan 105 Dordrecht Deze voorziening is gevormd voor het uitvoeren van het onderhoud aan het VR-gebouw, zoals in het meer jaren onderhoudsplan (MJOP) is weergegeven. In 2021 heeft een dotatie van €48.000 plaatsgevonden cf. MJOP. Er heeft een onttrekking plaatsgevonden van €5.030. In 2021 zijn de onderhoudsplannen herijkt, maar dat heeft niet geleid tot een extra dotatie, mede omdat eind 2021 een onderzoek gestart is naar afstoting van het VR-gebouw. Dit wordt naar verwachting in 2022 afgerond.

Voorziening onderhoud gebouwen In 2016 is VRZHZ gestart met het beheer en onderhoud van de brandweerposten in de regio. Voor het merendeel van deze panden wordt een voorziening onderhoud gebouwen opgebouwd. De begrote dotatie aan de voorziening onderhoud gebouwen is op basis van de afspraken die bij de regionalisering huisvesting zijn gemaakt; gemiddeld bedrag tot einde levensduur pand. Voor de jaarlijkse dotatie wordt rekening gehouden met het feit dat onderhoudskosten vaak lager uitvallen doordat alleen noodzakelijk groot onderhoud uitgevoerd wordt. Hierdoor wordt van de berekende bedragen van de onderhoudsplannen 80% toegevoegd aan de voorziening. Jaarstukken 2021 – Veiligheidsregio Zuid-Holland Zuid

52

De dotatie 2021 bedraagt €370.000. In 2021 zijn de onderhoudsplannen herijkt, vooralsnog leidt dat niet tot een extra dotatie. In 2021 is in totaal € 487.930 besteed. Hiervoor is, naast het reguliere onderhoud conform MJOP, achterstallig onderhoud van voorgaande jaren ingehaald. Daarnaast is de revisie van de lift in de kazerne Gorinchem naar voren geschoven i.v.m. veiligheid. Voorziening vervanging meubilair In 2016 is VRZHZ gestart met het beheer en onderhoud van 36 brandweerposten in de regio. In de jaarlijkse dotatie aan de voorziening onderhoud gebouwen was ook een component opgenomen voor de vervanging van het (standaard) meubilair op de posten. Halverwege de levensduur van de panden staat de vervanging opgenomen. Dit is overigens niet gedaan bij de panden die niet in eigendom zijn van de VRZHZ en bij panden met een kortere levensduur dan 20 jaar. In 2019 is de staat van het meubilair op de verschillende posten geïnventariseerd. Aan de hand daarvan is een vervangingsplan opgesteld, rekening houdend met de eisen die door Arbo gesteld wordt aan bijvoorbeeld de werkplekken. In 2020 zou de huisvestingsvisie opgesteld worden met daarin de spelregels voor vervanging van meubilair. Vanwege COVID-19 is dit doorgeschoven naar 2022. Tot die tijd wordt meubilair alleen vervangen als deze kapot of versleten is.

De toevoeging van €40.000 is op basis van de jaarlijkse gemiddelde dotatie conform de onderhoudsplannen. De onttrekking van €35.678 is ten behoeve van de vervanging van meubilair in 2021. Voorziening 3e WW-jaar Deze voorziening is gevormd voor dekking van de toekomstige claims vanwege versobering van de WW; derde jaar WW reparatie. Medewerkers betalen voor deze reparatie -uitkering vanaf 1 januari 2018 een kostendekkende werknemerspremie van 0,1 % van het brutosalaris. De inhoudingen resulteren in een bedrag van €13.714 voor 2021. Dit bedrag is volledig in de voorziening gestort. Voorziening Frictiekosten nieuwe organisatie In 2018 heeft een herstructurering plaatsgevonden binnen VRZHZ. Deze voorziening is gevormd voor dekking van de toekomstige frictielasten a.g.v. de herstructurering VRZHZ. De hoogte van het bedrag is gebaseerd op de ‘monitor extra personeelskosten’. In 2021 is 1 medewerker uitgestroomd als gevolg van het bereiken van de pensioengerechtigde leeftijd. Per 31-12-2021 zijn nog 4 medewerkers boventallig. Om voor de toekomst voldoende middelen beschikbaar te hebben is €68.780 toegevoegd. De werkelijk gemaakte frictiekosten ter hoogte van €183.283 zijn ten laste van de voorziening gebracht. Vaste schulden met een looptijd langer dan 1 jaar De VRZHZ heeft op 31 december 2021 de volgende langlopende schulden:

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://raad.papendrecht.nl/api/v1/meetings/492/documents/8424