CConstaterende datPapendrecht
Koppel je AI →
Document · PDF

Bijlage 5 - Bijlagenboek - Veerpromenade-Markt Papendrecht.pdf

Gemeenteraad Papendrecht 2 februari 2023, gemeente PapendrechtBij agendapunt: 12: Vaststelling bestemmingsplan 'Veerpromenade-Markt' - Voorstel22.186 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 3

Boring 5: 0 - 200 cm -Mv.

41

Bijlage 10: Boorbeschrijvingen

42

boring: 220106-1 beschrijver: LJOL, datum: 12-5-2022, X: 106.493, Y: 426.652, precisie locatie: 1 m, coördinaatsysteem: Rijksdriehoeksmeting, kaartblad: 38C, hoogte: -0,90, precisie hoogte: 1 cm, referentievlak: Normaal Amsterdams Peil, methode hoogtebepaling: AHN bestand, boortype: Edelman-7 en guts-3 cm, doel boring: archeologie - verkenning, landgebruik: verhard, vondstzichtbaarheid: geen, provincie: Zuid-Holland, gemeente: Papendrecht, plaatsnaam: Papendrecht, opdrachtgever: Gemeente Papendrecht, uitvoerder: Transect, opmerking: Gestaakt in ingevallen puin

0 cm -Mv / 0,90 m -NAP Algemeen: aard bovengrens: abrupt (<0,3 cm), aard ondergrens: abrupt (<0,3 cm) Lithologie: niet benoemd, niet benoemd Bodemkundig: interpretatie: opgebrachte grond Opmerking: Klinker

10 cm -Mv / 1,00 m -NAP Algemeen: aard bovengrens: abrupt (<0,3 cm), aard ondergrens: geleidelijk (0,3-3 cm) Lithologie: zand, zwak siltig, geel, matig grof, schelpfragment Bodemkundig: interpretatie: opgebrachte grond

50 cm -Mv / 1,40 m -NAP Algemeen: aard bovengrens: geleidelijk (0,3-3 cm), aard ondergrens: abrupt (<0,3 cm) Lithologie: zand, zwak siltig, grijs, matig grof, schelpfragment Bodemkundig: interpretatie: opgebrachte grond

80 cm -Mv / 1,70 m -NAP Algemeen: aard bovengrens: abrupt (<0,3 cm), aard ondergrens: geleidelijk (0,3-3 cm) Lithologie: klei, sterk zandig, matig humeus, bruingrijs, zandbrokken, stevig Archeologie: enkel fragment bouwpuin, interpretatie: ophogingspakket Opmerking: Rood baksteen en mortelresten

140 cm -Mv / 2,30 m -NAP Algemeen: aard bovengrens: geleidelijk (0,3-3 cm), aard ondergrens: erosief (<0,3 cm) Lithologie: klei, matig zandig, grijs, stevig Archeologie: spikkels houtskool, fragmenten bouwpuin (onbepaald), interpretatie: ophogingspakket Opmerking: Brokjes rood en geel baksteen

225 cm -Mv / 3,15 m -NAP Algemeen: aard bovengrens: erosief (<0,3 cm), aard ondergrens: abrupt (<0,3 cm) Lithologie: zand, zwak siltig, matig humeus, donkerbruin, kleibrokken, matig fijn Archeologie: interpretatie: ophogingspakket

230 cm -Mv / 3,20 m -NAP Algemeen: aard bovengrens: abrupt (<0,3 cm) Lithologie: klei, sterk zandig, grijs, veel dunne zandlagen, stevig, schelpengruis, kalkrijk

Einde boring op 250 cm -Mv / 3,40 m -NAP

1

boring: 220106-2 beschrijver: LJOL, datum: 12-5-2022, X: 106.474, Y: 426.667, precisie locatie: 1 m, coördinaatsysteem: Rijksdriehoeksmeting, kaartblad: 38C, hoogte: -1,07, precisie hoogte: 1 cm, referentievlak: Normaal Amsterdams Peil, methode hoogtebepaling: AHN bestand, boortype: Edelman-7 en guts-3 cm, doel boring: archeologie - verkenning, landgebruik: verhard, vondstzichtbaarheid: geen, provincie: Zuid-Holland, gemeente: Papendrecht, plaatsnaam: Papendrecht, opdrachtgever: Gemeente Papendrecht, uitvoerder: Transect

0 cm -Mv / 1,07 m -NAP Algemeen: aard bovengrens: abrupt (<0,3 cm), aard ondergrens: abrupt (<0,3 cm) Lithologie: niet benoemd, niet benoemd Bodemkundig: interpretatie: opgebrachte grond Opmerking: Klinker

10 cm -Mv / 1,17 m -NAP Algemeen: aard bovengrens: abrupt (<0,3 cm), aard ondergrens: geleidelijk (0,3-3 cm) Lithologie: zand, zwak siltig, geel, matig grof, kalkrijk Bodemkundig: interpretatie: opgebrachte grond

50 cm -Mv / 1,57 m -NAP Algemeen: aard bovengrens: geleidelijk (0,3-3 cm), aard ondergrens: abrupt (<0,3 cm) Lithologie: zand, zwak siltig, grijs, matig grof, kalkrijk Bodemkundig: interpretatie: opgebrachte grond

70 cm -Mv / 1,77 m -NAP Algemeen: aard bovengrens: abrupt (<0,3 cm), aard ondergrens: geleidelijk (0,3-3 cm) Lithologie: klei, sterk zandig, matig humeus, donkerbruingrijs, zandbrokken, stevig, kalkloos Bodemkundig: interpretatie: verstoord

100 cm -Mv / 2,07 m -NAP Algemeen: aard bovengrens: geleidelijk (0,3-3 cm), aard ondergrens: geleidelijk (0,3-3 cm) Lithologie: zand, zwak siltig, matig humeus, donkergrijs, kleibrokken, matig grof, kalkloos Bodemkundig: interpretatie: verstoord Opmerking: Met stukjes piepschuim

140 cm -Mv / 2,47 m -NAP Algemeen: aard bovengrens: geleidelijk (0,3-3 cm), aard ondergrens: geleidelijk (0,3-3 cm) Lithologie: klei, sterk zandig, matig humeus, donkergrijs, stevig, kalkloos Archeologie: spikkels houtskool, fragmenten bouwpuin (onbepaald), interpretatie: ophogingspakket Opmerking: Brokjes rood en geel baksteen

190 cm -Mv / 2,97 m -NAP Algemeen: aard bovengrens: geleidelijk (0,3-3 cm), aard ondergrens: geleidelijk (0,3-3 cm) Lithologie: zand, zwak siltig, matig humeus, donkergrijs, matig grof, schelpengruis, kalkarm Archeologie: enkele spikkel houtskool, interpretatie: ophogingspakket

240 cm -Mv / 3,47 m -NAP Algemeen: aard bovengrens: geleidelijk (0,3-3 cm), aard ondergrens: geleidelijk (0,3-3 cm) Lithologie: veen, sterk kleiig, zwart, veen (niet gedifferentieerd), normaal (alleen zand en veen) Archeologie: interpretatie: ophogingspakket

280 cm -Mv / 3,87 m -NAP Algemeen: aard bovengrens: geleidelijk (0,3-3 cm), aard ondergrens: geleidelijk (0,3-3 cm) Lithologie: veen, zwak kleiig, bruingrijs, veen (niet gedifferentieerd), normaal (alleen zand en veen), spoor hout Litho-stratigrafie: Formatie van Nieuwkoop, Hollandveen Laagpakket

320 cm -Mv / 4,27 m -NAP Algemeen: aard bovengrens: geleidelijk (0,3-3 cm), aard ondergrens: diffuus (3-10 cm) Lithologie: veen, mineraalarm, donkerbruin, veen (niet gedifferentieerd), normaal (alleen zand en veen), spoor hout Litho-stratigrafie: Formatie van Nieuwkoop, Hollandveen Laagpakket

380 cm -Mv / 4,87 m -NAP Algemeen: aard bovengrens: diffuus (3-10 cm), aard ondergrens: diffuus (3-10 cm) Lithologie: veen, mineraalarm, donkerbruin, veen (niet gedifferentieerd), normaal (alleen zand en veen), weinig hout Litho-stratigrafie: Formatie van Nieuwkoop, Hollandveen Laagpakket

440 cm -Mv / 5,47 m -NAP Algemeen: aard bovengrens: diffuus (3-10 cm) Lithologie: veen, zwak kleiig, bruin, veen (niet gedifferentieerd), normaal (alleen zand en veen), spoor hout Litho-stratigrafie: Formatie van Nieuwkoop, Hollandveen Laagpakket

Einde boring op 500 cm -Mv / 6,07 m -NAP

2

boring: 220106-3 beschrijver: LJOL, datum: 12-5-2022, X: 106.473, Y: 426.645, precisie locatie: 1 m, coördinaatsysteem: Rijksdriehoeksmeting, kaartblad: 38C, hoogte: -0,91, precisie hoogte: 1 cm, referentievlak: Normaal Amsterdams Peil, methode hoogtebepaling: AHN bestand, boortype: Edelman-7 en guts-3 cm, doel boring: archeologie - verkenning, landgebruik: verhard, vondstzichtbaarheid: geen, provincie: Zuid-Holland, gemeente: Papendrecht, plaatsnaam: Papendrecht, opdrachtgever: Gemeente Papendrecht, uitvoerder: Transect, opmerking: Gestaakt in puin

0 cm -Mv / 0,91 m -NAP Algemeen: aard bovengrens: abrupt (<0,3 cm), aard ondergrens: abrupt (<0,3 cm) Lithologie: niet benoemd, niet benoemd Bodemkundig: interpretatie: opgebrachte grond Opmerking: Klinker

10 cm -Mv / 1,01 m -NAP Algemeen: aard bovengrens: abrupt (<0,3 cm), aard ondergrens: geleidelijk (0,3-3 cm) Lithologie: zand, zwak siltig, geel, matig grof, kalkrijk Bodemkundig: interpretatie: opgebrachte grond

60 cm -Mv / 1,51 m -NAP Algemeen: aard bovengrens: geleidelijk (0,3-3 cm), aard ondergrens: abrupt (<0,3 cm) Lithologie: zand, zwak siltig, grijs, matig grof, kalkrijk Bodemkundig: interpretatie: opgebrachte grond

120 cm -Mv / 2,11 m -NAP Algemeen: aard bovengrens: abrupt (<0,3 cm) Lithologie: klei, matig zandig, zwak humeus, grijsbruin, zandbrokken, stevig Archeologie: ondoordringbaar bouwpuin (onbepaald) Opmerking: Brokjes rood en geel baksteen. Gestaakt in puin

Einde boring op 160 cm -Mv / 2,51 m -NAP

boring: 220106-4 beschrijver: LJOL, datum: 12-5-2022, X: 106.455, Y: 426.634, precisie locatie: 1 m, coördinaatsysteem: Rijksdriehoeksmeting, kaartblad: 38C, hoogte: -1,08, precisie hoogte: 1 cm, referentievlak: Normaal Amsterdams Peil, methode hoogtebepaling: AHN bestand, boortype: Edelman-7 en guts-3 cm, doel boring: archeologie - verkenning, landgebruik: verhard, vondstzichtbaarheid: geen, provincie: Zuid-Holland, gemeente: Papendrecht, plaatsnaam: Papendrecht, opdrachtgever: Gemeente Papendrecht, uitvoerder: Transect, opmerking: Gestaakt in puin (mogelijk ingevallen)

0 cm -Mv / 1,08 m -NAP Algemeen: aard bovengrens: abrupt (<0,3 cm), aard ondergrens: abrupt (<0,3 cm) Lithologie: niet benoemd, niet benoemd Bodemkundig: interpretatie: niet benoemd Opmerking: Klinker

10 cm -Mv / 1,18 m -NAP Algemeen: aard bovengrens: abrupt (<0,3 cm), aard ondergrens: geleidelijk (0,3-3 cm) Lithologie: zand, zwak siltig, geel, matig grof, kalkrijk Bodemkundig: interpretatie: opgebrachte grond

60 cm -Mv / 1,68 m -NAP Algemeen: aard bovengrens: geleidelijk (0,3-3 cm), aard ondergrens: abrupt (<0,3 cm) Lithologie: zand, zwak siltig, grijs, matig grof, kalkrijk Bodemkundig: interpretatie: opgebrachte grond

100 cm -Mv / 2,08 m -NAP Algemeen: aard bovengrens: abrupt (<0,3 cm), aard ondergrens: abrupt (<0,3 cm) Lithologie: klei, sterk zandig, zwak humeus, grijs, zandbrokken, stevig, kalkloos Bodemkundig: interpretatie: verstoord

150 cm -Mv / 2,58 m -NAP Algemeen: aard bovengrens: abrupt (<0,3 cm), aard ondergrens: geleidelijk (0,3-3 cm) Lithologie: klei, matig zandig, matig humeus, donkerbruingrijs, matig stevig, schelpengruis, kalkloos Archeologie: spikkels houtskool, enkel fragment aardewerk, fragmenten bouwpuin, interpretatie: ophogingspakket Opmerking: Brokjes rood en geel baksteen, rood geglazuurd aardewerk

200 cm -Mv / 3,08 m -NAP Algemeen: aard bovengrens: geleidelijk (0,3-3 cm) Lithologie: klei, sterk zandig, matig humeus, bruingrijs, matig stevig, spoor hout Archeologie: spikkels houtskool, fragmenten bouwpuin (onbepaald), interpretatie: ophogingspakket Opmerking: Brokjes rood en geel baksteen. Gestaakt in puin, mogelijk ingevallen.

Einde boring op 270 cm -Mv / 3,78 m -NAP

3

boring: 220106-5 beschrijver: LJOL, datum: 12-5-2022, X: 106.475, Y: 426.622, precisie locatie: 1 m, coördinaatsysteem: Rijksdriehoeksmeting, kaartblad: 38C, hoogte: -0,59, precisie hoogte: 1 cm, referentievlak: Normaal Amsterdams Peil, methode hoogtebepaling: AHN bestand, boortype: Edelman-7 en guts-3 cm, doel boring: archeologie - verkenning, landgebruik: verhard, vondstzichtbaarheid: geen, provincie: Zuid-Holland, gemeente: Papendrecht, plaatsnaam: Papendrecht, opdrachtgever: Gemeente Papendrecht, uitvoerder: Transect

0 cm -Mv / 0,59 m -NAP Algemeen: aard bovengrens: abrupt (<0,3 cm), aard ondergrens: abrupt (<0,3 cm) Lithologie: niet benoemd, niet benoemd Bodemkundig: interpretatie: opgebrachte grond Opmerking: Klinker

10 cm -Mv / 0,69 m -NAP Algemeen: aard bovengrens: abrupt (<0,3 cm), aard ondergrens: geleidelijk (0,3-3 cm) Lithologie: zand, zwak siltig, geel, matig grof Bodemkundig: interpretatie: opgebrachte grond

50 cm -Mv / 1,09 m -NAP Algemeen: aard bovengrens: geleidelijk (0,3-3 cm), aard ondergrens: abrupt (<0,3 cm) Lithologie: zand, zwak siltig, grijs, matig grof Bodemkundig: interpretatie: opgebrachte grond

85 cm -Mv / 1,44 m -NAP Algemeen: aard bovengrens: abrupt (<0,3 cm), aard ondergrens: geleidelijk (0,3-3 cm) Lithologie: klei, matig zandig, matig humeus, donkergrijs, zandbrokken, matig stevig Archeologie: fragmenten bouwpuin (onbepaald), interpretatie: ophogingspakket Opmerking: Brokjes rood en geel baksteen

150 cm -Mv / 2,09 m -NAP Algemeen: aard bovengrens: geleidelijk (0,3-3 cm), aard ondergrens: geleidelijk (0,3-3 cm) Lithologie: zand, zwak siltig, matig humeus, donkergrijs, kleibrokken, matig grof, schelpfragment Archeologie: enkele spikkel houtskool, fragmenten bouwpuin (onbepaald), interpretatie: ophogingspakket Opmerking: Brokjes rood en geel baksteen, witbakkend aardewerk

210 cm -Mv / 2,69 m -NAP Algemeen: aard bovengrens: geleidelijk (0,3-3 cm), aard ondergrens: geleidelijk (0,3-3 cm) Lithologie: klei, sterk zandig, zwak humeus, bruingrijs, zandbrokken, matig stevig Archeologie: spikkels houtskool, fragmenten bouwpuin (onbepaald) Opmerking: Brokjes geel baksteen

260 cm -Mv / 3,19 m -NAP Algemeen: aard bovengrens: geleidelijk (0,3-3 cm), aard ondergrens: diffuus (3-10 cm) Lithologie: klei, matig zandig, zwak humeus, bruingrijs, matig stevig Archeologie: spikkels houtskool, interpretatie: ophogingspakket

280 cm -Mv / 3,39 m -NAP Algemeen: aard bovengrens: diffuus (3-10 cm), aard ondergrens: geleidelijk (0,3-3 cm) Lithologie: klei, sterk siltig, matig humeus, donkerbruingrijs, matig stevig, weinig plantenresten Opmerking: Iets venige laag

310 cm -Mv / 3,69 m -NAP Algemeen: aard bovengrens: geleidelijk (0,3-3 cm), aard ondergrens: diffuus (3-10 cm) Lithologie: veen, sterk kleiig, donkerbruin, veen (niet gedifferentieerd), compact (alleen zand en veen), spoor hout Litho-stratigrafie: Formatie van Nieuwkoop, Hollandveen Laagpakket

340 cm -Mv / 3,99 m -NAP Algemeen: aard bovengrens: diffuus (3-10 cm), aard ondergrens: abrupt (<0,3 cm) Lithologie: veen, mineraalarm, donkerbruin, veen (niet gedifferentieerd), normaal (alleen zand en veen), spoor hout Litho-stratigrafie: Formatie van Nieuwkoop, Hollandveen Laagpakket

380 cm -Mv / 4,39 m -NAP Algemeen: aard bovengrens: abrupt (<0,3 cm), aard ondergrens: abrupt (<0,3 cm) Lithologie: niet benoemd, niet benoemd, veel hout Bodemkundig: interpretatie: niet benoemd Opmerking: Stuk hout

400 cm -Mv / 4,59 m -NAP Algemeen: aard bovengrens: abrupt (<0,3 cm) Lithologie: veen, mineraalarm, donkerbruin, veen (niet gedifferentieerd), normaal (alleen zand en veen), spoor hout Litho-stratigrafie: Formatie van Nieuwkoop, Hollandveen Laagpakket

Einde boring op 500 cm -Mv / 5,59 m -NAP

4

ARKEL » Vlietskade 1509 4241 WH ARKEL NEER » Steeg 27

Gemeente Papendrecht

6086 EJ NEER

T.a.v. de heer K. De Ruijter NUENEN »

Postbus 11

Collse Heide 48

3350 AA PAPENDRECHT

5674 VN NUENEN PRINSENBEEK »

p/a Plan ROS (dhr. L. Corsten)

Groenstraat 27 4841 BA PRINSENBEEK RIJKEVOORT » Per e-mail

:

l.corsten@planros.nl

Veldweg 11 5447 BH RIJKEVOORT

Vestiging, datum

:

Nuenen, 14 april 2022

Ons Kenmerk

:

2110/179/FB-02A

T. 088 44 02 900

Uw Kenmerk

:

-

E. info@tritium.nl

Behandeld door

:

Frans van den Borne

I. www.tritium.nl

Telefoonnummer

:

06 20 67 29 68

Gecontroleerd door

:

Joost Welmers

Betreft

:

Berekening stikstofdepositie ontwikkeling Markt – Veerpromenade te Papendrecht

1.

Aanleiding

In het kader van de beoogde ontwikkeling aan de Markt-Veerpromenade te Papendrecht hebben wij in uw opdracht een berekening stikstofdepositie uitgevoerd. Dit om zekerheid te verkrijgen ten aanzien van eventuele stikstofdepositie op Natura 2000-gebieden als gevolg van de gebruiksfase van de beoogde planontwikkeling. In onderhavige briefrapportage komen de volgende aspecten aan de orde: 1.

aanleiding;

2.

wettelijk kader;

3.

planvoornemen;

4.

opzet onderzoek;

5.

uitgangspunten;

6.

modellering;

7.

resultaten;

8.

conclusie.

2.

Wettelijk kader

De Wet natuurbescherming (Wnb) is het wettelijke kader met betrekking tot de bescherming van de Nederlandse natuurgebieden en planten- en diersoorten. Een onderdeel daarvan zijn de Natura 2000-gebieden, waarvan er in Nederland ruim 160 zijn. Natura 2000-gebieden zijn natuurgebieden met een Europese beschermingsstatus en zijn aangewezen onder de Europese Vogel- en Habitatrichtlijn. Beide Europese richtlijnen zijn belangrijke instrumenten om de Europese biodiversiteit te waarborgen. Alle Vogel- of Habitatrichtlijngebieden zijn geselecteerd op grond van het voorkomen van soorten en habitattypen die vanuit Europees oogpunt bescherming nodig 2110/179/FB-02A pagina 1 van 6

hebben. Veel van de gebieden zijn gevoelig voor stikstofdepositie. Een verdere toename van de stikstofdepositie kan leiden tot ‘significante (negatieve) effecten’ op het beschermde natuurgebied. Op basis van de Wnb is het niet toegestaan een plan of project te realiseren dat afzonderlijk of in combinatie met andere plannen of projecten significante negatieve gevolgen kan hebben voor een Natura 2000-gebied.

Figuur 1: Ligging projectlocatie (rode cirkel) met nabijgelegen Natura 2000-gebieden. De meest nabij gelegen stikstofgevoelige habitat is gelegen in het Natura 2000-gebied ‘Biesbosch’ (gebiedsnummer 112) op ruim 5 kilometer afstand.

Het kabinet heeft besloten om de stikstofproblematiek structureel aan te gaan pakken, wat heeft geleid tot de introductie van de Wet stikstofreductie en natuurverbetering (Wsn), welke op 1 juli 2021 in werking is getreden. Met deze wet wordt beoogd de natuur te versterken en de stikstofuitstoot en depositie te verminderen. De wet bevat ook een gedeeltelijke vrijstelling van de natuurvergunningplicht voor de bouwsector. De vrijstelling geldt voor bouwactiviteiten in de bouw-, aanleg en sloopfase, waarin emissies tijdelijk en beperkt zijn. Om de mogelijke stikstofdepositie op de voor stikstofgevoelige Natura 2000-gebieden inzichtelijk te maken, is voor de beoogde ontwikkeling een berekening stikstofdepositie opgesteld. Dit middels het rekeninstrument AERIUS Calculator. Gezien de vrijstellingsplicht voor de aanlegfase voorziet deze rapportage alleen in een berekening van de stikstofdepositie in de gebruiksfase.

3.

Planvoornemen

Het plangebied is gelegen op de gronden kadastraal bekend als ‘gemeente Papendrecht, sectie A, perceelnummers 6775 (gedeeltelijk), 6776 en 8077 (gedeeltelijk)’. De beoogde ontwikkeling omvat de realisatie van een appartementencomplex met maximaal 50 wooneenheden, waarvan 1/3 starterswoning (koop, appartement, goedkoop) en 2/3 vrije sector (koop, appartement, duur), en een commerciële functie van 800 m² in de plint.

2110/179/FB-02A pagina 2 van 6

Figuur 2: Visualisatie beoogde ontwikkeling Markt-Veerpromenade Papendrecht.

4.

Opzet onderzoek

Voor het berekenen van de stikstofdepositie op de relevante Natura 2000-gebieden in de omgeving van het plangebied is gebruik gemaakt van AERIUS Calculator 2021. Voor de opzet en achtergrond van de invoergegevens en onderhavige rapportage is gebruik gemaakt van de ‘Instructie gegevensinvoer voor AERIUS Calculator 2021’ zoals opgesteld door BIJ12 (verder: de invoerinstructie). In de berekeningen zijn de emissies van NOX, NO2 en NH3 van de relevante bronnen meegenomen. In het kader van de in de Wnb opgenomen instandhoudingsdoelstellingen van Natura 2000gebieden dient onderzocht te worden wat de gevolgen zijn van het plan/project ten opzichte van de referentiesituatie. In onderhavig onderzoek zijn geen emissies van een referentiesituatie beschouwd. In de volgende paragraaf worden de uitgangspunten ten aanzien van de berekening weergegeven en worden de emissies berekend die als input dienen voor de stikstofdepositie berekening in AERIUS Calculator 2021. Zoals eerder aangegeven is enkel de depositie in de gebruiksfase berekend.

5.

Uitgangspunten

De beoogde ontwikkeling omvat de realisatie van een appartementencomplex met maximaal 50 wooneenheden, waarvan 1/3 starterswoning (koop, appartement, goedkoop) en 2/3 vrije sector (koop, appartement, duur), en een commerciële functie van 800 m² in de plint. Zowel de woningen als de commerciële plint zullen volledig gasloos worden opgeleverd vanwege de meest recente nieuwbouweisen. Van stikstofemissie ten gevolge van stookinstallaties met aardgasverbruik in de gebruiksfase is derhalve geen sprake. Ook zullen er geen (sier)haarden of andere rookgaskanalen worden toegepast welke een bijdrage zullen leveren aan de stikstofemissie- en depositie. De bijdrage van toekomstige gebruikers zelf is dermate klein dat deze verwaarloosbaar wordt geacht. Er wordt in onderhavige situatie derhalve uitgegaan van een mogelijke stikstofdepositie ten gevolge van de verkeersbewegingen afkomstig van en naar de woningen/commerciële plint.

2110/179/FB-02A pagina 3 van 6

Voor het bepalen van de verkeersgeneratie van de woningen is gebruik gemaakt van de CROW publicatie 381 ‘Toekomstbestendig parkeren - kencijfers parkeren en verkeersgeneratie’. Voor de commerciële plint wordt uitgegaan van de worst-case verkeersgeneratie, in dit geval van een restaurant. De verkeersgeneratie is hierbij opgegeven door de initiatiefnemer, aangezien er vanuit de CROW geen (goed vergelijkbare) verkeersgeneratie beschikbaar is. Daarbij is uitgegaan van 200 zitplaatsen en 30 werknemers met een verkeersgeneratie van 324 voertuigbewegingen per etmaal in de worst-casesituatie. Conform de CROW is rekening gehouden te worden met een aandeel zwaar verkeer (leveringen, afvalinzameling, bevoorrading), waarbij worst-case wordt uitgegaan van 1% zwaar verkeer voor zowel de woningen als de commerciële functie (zie tabel 1). Tabel 1: Verkeersgeneratie planvoornemen Woning

Koop, appartement,

Aantal

Stedelijkheid*

Ligging

33

Sterk stedelijk

Centrum

17

Sterk stedelijk

Centrum

Verkeers-

Totaal bewegingen

bewegingen**

/etmaal

5,4 – 6,2

205

2,8 – 3,6

60

duur Koop, appartement, goedkoop Commerciële functies

*

Conform opgave opdrachtgever

324

1% aandeel zwaar verkeer

6

Subtotaal verkeersbewegingen per etmaal (afgerond)

590

Totaal (inclusief 1% aandeel zwaar verkeer)

596

Voor het bepalen van de stedelijkheidsgraad is uitgegaan van het aantal omgevingsadressen van de gemeente Papendrecht in 2021 (1.914 per km2).

**

Voor het bepalen van het aantal verkeersbewegingen is uitgegaan van het maximale aantal verkeersbewegingen (worstcase).

Conform de invoerinstructie dient het verkeer meegenomen te worden totdat het opgaat in het heersend verkeersbeeld. Dit is het moment dat het verkeer zich qua rij- en stopgedrag niet meer onderscheidend maakt van het overige verkeer dat zich op de betrokken weg bevindt. In de regel wordt het verkeer ten gevolge van de ontwikkeling in de berekening betrokken tot het zich verdund heeft tot enkele procenten van het reeds aanwezige verkeer. Uitgegaan wordt van maximaal 5% extra voertuigen ten opzichte van de totale verkeersintensiteit van de weg. Omdat de totale verkeersgeneratie van het planvoornemen 596 verkeersbewegingen bedraagt, deze afkomstig zijn van 298 voertuigen (een voertuig rijdt heen en terug) en deze gelijkmatig verdeeld zijn over twee rijroutes (zie beschrijving hierna), dient in dit geval de verkeersintensiteit van de weg minimaal 2.980 verkeersbewegingen te bedragen (149 / 5 * 100). In onderhavige situatie wordt ervan uitgegaan dat het verkeer ontsloten wordt via de parkeergarage aan De Passage in de zuidwesthoek van het complex en via de Achterom, Schooldwarsstraat en Westeind wordt ontsloten. Op basis van de routebeschrijving via Google Maps zijn er vanuit Westeind grofweg twee routes richting de omgeving, namelijk één in westelijke richting voor de regio Rotterdam.

Hierbij gaat het verkeer via Westeind en Noordhoek ter hoogte van de Burgemeester Keijzerweg op in het heersend verkeersbeeld (op basis van de gegevens van de NSL-monitoringstool bedraagt de verkeersintensiteit ter plaatse van dit wegsegment 20.396 verkeersbewegingen). De ander in oostelijke richting via de Pontonniersweg, Edelweisslaan en Willem Dreeslaan voor de regio Gorinchem/Breda, waar het verkeer ter hoogte van de Kennedylaan opgaat in het heersend verkeersbeeld (op basis van de gegevens van de NSLmonitoringstool bedraagt de verkeersintensiteit ter plaatse van dit wegsegment 7.764

2110/179/FB-02A pagina 4 van 6

verkeersbewegingen). Uitgegaan wordt van een situatie waarbij de verkeersgeneratie gelijkmatig wordt verdeeld over de twee rijroutes. In AERIUS wordt de emissie berekend op basis van de lengte van de ingetekende rijroute, het aantal en type voertuigen, het wegtype en de mate van stagnatie (file). De gehanteerde wegkarakteristieken, alsmede het aantal verkeersbewegingen van iedere voertuigklasse, is weergegeven in de navolgende tabel. Tabel 2: Gehanteerde wegkarakteristiek Bron 1

Omschrijving

Wegtype

Stagnatie

Westelijke ontsluiting

Binnen bebouwde

20 %

kom 2

Oostelijke ontsluiting

Binnen bebouwde

20 %

kom

Voertuigklasse

Bewegingen / etmaal

Licht verkeer

295

Zwaar verkeer

3

Licht verkeer

295

Zwaar verkeer

3

Totaal verkeer

596

Op basis van bovenstaande gegevens is in AERIUS de emissie ten gevolge van het wegverkeer berekend. De berekende emissie van bron 1 bedraagt per jaar 80,9 kg NOx, 15,9 kg NO2 en 4,9 kg NH3. De berekende emissie van bron 2 bedraagt per jaar 50,3 kg NOx, 9,9 kg NO2 en 3,0 kg NH3.

6.

Modellering

De verspreiding en depositie is op 12 april 2022 berekend met het model AERIUS Calculator 2021. Bij de berekening van de depositiebijdragen is in AERIUS Calculator uitgegaan van het rekenjaar 2023. De bronnen zijn in AERIUS ingetekend op basis van aangeleverde gegevens, de in AERIUS opgenomen achtergrondkaart en de hiervoor genoemde aannames. De verkeersbewegingen zijn gemodelleerd als lijnbron. Er is gebruikgemaakt van de broncategorie ‘Wegverkeer’ en de specifieke sector ‘Binnen bebouwde kom’. Voor het overige zijn de default-waarden aangehouden. AERIUS genereert een uitgebreid rapport met de ingevoerde gegevens. Deze is opgenomen als bijlage bij dit rapport. In de volgende paragraaf is een afdruk van de rekenresultaten opgenomen. De separate GML bestanden met de gegevensinvoer zijn bij de levering van dit briefrapport eveneens meegestuurd.

2110/179/FB-02A pagina 5 van 6

7.

Resultaten

Uit de rekenresultaten van de gebruiksfase blijkt dat er geen stikstofdepositie op Natura 2000-gebieden plaatsvindt. Er zijn geen rekenresultaten hoger dan 0,00 mol/ha/jaar.

Figuur 3: Rekenresultaten gebruiksfase.

8.

Conclusie

Uit de rekenresultaten van AERIUS Calculator 2021 blijkt dat er ten gevolge van het planvoornemen geen stikstofdepositie op Natura 2000-gebieden plaatsvindt. Derhalve zijn ‘significante negatieve effecten’ op beschermde natuurgebieden ten aanzien van stikstofdepositie uit te sluiten. Een vergunning in het kader van de Wnb is derhalve niet aan de orde. De berekening toont aan dat het aspect stikstofdepositie geen beperkingen oplevert ten aanzien van het beoogde planvoornemen. Wij gaan ervan uit u hiermee op passende wijze van dienst te zijn geweest. Met vriendelijke groet, Tritium Advies B.V. F.C.A. van den Borne Projectleider Ruimtelijke Ordening Bijlage: 1.

PDF-rapport rekenresultaten AERIUS Calculator 2021

Op dit rapport is een disclaimer van toepassing; zie https://www.tritium.nl/disclaimer/29-04-2021/

2110/179/FB-02A pagina 6 van 6

Bijlage 1

Projectberekening

Dit document geeft een overzicht van de invoer en rekenresultaten van een Projectberekening met AERIUS Calculator. De berekening is uitgevoerd binnen stikstofgevoelige Natura 2000-gebieden, op rekenpunten die overlappen met habitattypen en/of leefgebieden die aangewezen zijn in het kader van de Wet natuurbescherming, gekoppeld aan een aangewezen soort, of nog onbekend maar mogelijk wel relevant, en waar tevens sprake is van een overbelaste of bijna overbelaste situatie voor stikstof.

Overzicht Samenvatting situaties Resultaten Detailgegevens per emissiebron

Meer toelichting over deze PDF kunt u vinden in een bijbehorende leeswijzer. Deze leeswijzer en overige documentatie is te raadplegen via: www.aerius.nl/handleidingen-en-leeswijzers

Projectberekening

Contactgegevens Rechtspersoon

Gemeente Papendrecht

Inrichtingslocatie

Markt - Veerpromenade Papendrecht, 3351 Papendrecht

Activiteit Omschrijving

Ontwikkeling Markt-Veerpromenade Papendrecht

Toelichting

Berekening stikstofdepositie gebruiksfase ontwikkeling Markt-Veerpromenade Papendrecht

Berekening AERIUS kenmerk

RWbkiwpqxY5Y

Datum berekening

12 april 2022, 15:28

Rekencon

Wnb-rekengrid

guratie

Totale emissie

Rekenjaar

Emissie NH3

Emissie NOx

Situatie 1 - Beoogd

2023

7,9 kg /j

131,1 kg /j

Resultaten

Hoogste depositie

Hexagon

Gebied

Situatie 1 - Beoogd

-

Gekarteerd oppervlak met toename (ha)

0,00 ha

Gekarteerd oppervlak met afname (ha)

0,00 ha

Grootste toename van depositie

0,00 mol/ha/j

Grootste afname van depositie

0,00 mol/ha/j

RWbkiwpqxY5Y (12 april 2022)

2/6

Projectberekening

Situatie 1 (Beoogd), rekenjaar 2023

Emissiebronnen

Verkeersnetwerk

RWbkiwpqxY5Y (12 april 2022)

Emissie NH3

Emissie NOx

7,9 kg /j

131,1 kg /j

3/6

Projectberekening

Hoogste af- en toename op (bijna) overbelaste stikstofgevoelige Natura 2000 gebieden.

500 m

Vogelrichtlijn, Habitatrichtlijn

Grootste afname van depositie Habitatrichtlijn

Vogelrichtlijn

Niet bepaald

Grootste toename van depositie

Hoogste totale depositie

De bronnen op de kaart horen bij de Beoogde situatie.

RWbkiwpqxY5Y (12 april 2022)

4/6

Projectberekening

Resultaten stikstofgevoelige Natura 2000 gebieden situatie "Situatie 1" (Beoogd) incl. saldering e/o referentie

Berekend (ha

Hoogste totale

Met toename

gekarteerd)

depositie

(ha gekarteerd) toename

(mol/ha/jr)

Totaal

RWbkiwpqxY5Y (12 april 2022)

0,00

0,00

Grootste

Met afname (ha Grootste gekarteerd)

(mol/ha/jr)

0,00

0,00

afname (mol/ha/jr)

0,00

0,00

5/6

Projectberekening

Disclaimer

Hoewel verstrekte gegevens kunnen dienen ter onderbouwing van een vergunningaanvraag, kunnen er geen rechten aan worden ontleend. De eigenaar van AERIUS aanvaardt geen aansprakelijkheid voor de inhoud van de door de gebruiker aangeboden informatie. Bovenstaande gegevens zijn enkel bruikbaar tot er een nieuwe versie van AERIUS beschikbaar is. AERIUS is een geregistreerd handelsmerk in Europa. Alle rechten die niet expliciet worden verleend, zijn voorbehouden.

Rekenbasis

Deze berekening is tot stand gekomen op basis van:

AERIUS versie

2021.0.5_20220328_855771c674

Database versie

2021.0.5_855771c674

Voor meer informatie over de gebruikte methodiek en data zie: https://www.aerius.nl/

RWbkiwpqxY5Y (12 april 2022)

6/6

Verkennend bodem- en asbestonderzoek en indicatief uitloogonderzoek Veerpromenade (ong.) te Papendrecht (1810/020/BU-01, versie 0)

documentkenmerk: 1810/020/BU-01, versie 0

Verkennend bodem- en asbestonderzoek en indicatief uitloogonderzoek

in opdracht van Gemeente Papendrecht p/a Omgevingsdienst Zuid-Holland Zuid De heer W.A. Smits Postbus 550 3300 AN DORDRECHT betreffende locatie Veerpromenade (ong.) Papendrecht documentkenmerk 1810/020/BU-01 versie 0 vestiging Arkel datum 19 november 2018

opgesteld door:

gecontroleerd door:

B.M. (Bram) Uittenbogaard

S. (Sanner) Markesteijn

Projectleider bodem

Projectleider bodem

Dit document is digitaal gegenereerd en derhalve niet voorzien van een handtekening. De inhoud is aantoonbaar gecontroleerd en vrijgegeven. Het document mag uitsluitend in zijn geheel worden gereproduceerd. Door derden aangebrachte wijzigingen en/of toevoegingen dan wel oneigenlijk gebruik van het document vallen niet onder de verantwoording van Tritium Advies BV.

Tritium Advies BV Adviseurs in bouwen, milieu en veiligheid T.

Tritium Advies is gevestigd in:

088.44 02 900

E.

info@tritium.nl

Arkel >> Neer >> Nuenen >>

i

www.tritium.nl

Prinsenbeek >> Rijkevoort

K.v.k.nr. 17108024

documentkenmerk: 1810/020/BU-01, versie 0

Samenvatting In opdracht van de Omgevingsdienst Zuid-Holland Zuid, namens de Gemeente Papendrecht, heeft Tritium Advies B.V. een verkennend bodem- en asbestonderzoek en indicatief uitloogonderzoek (schudproef) uitgevoerd op de locatie Veerpromenade (ong.) te Papendrecht. Aanleiding voor het onderzoek is de voorgenomen uitgifte van de percelen en de voorgenomen herontwikkeling (nieuwbouw en mogelijke realisatie van een terras en/of fietsenstalling). Doel van het onderzoek is meerledig, namelijk het vaststellen; •

van de milieuhygiënische kwaliteit van de bodem (grond en grondwater) om te bepalen of er op de locatie sprake is van bodemverontreiniging, welke mogelijk een belemmering vormt voor de voorgenomen uitgifte van de locatie en de voorgenomen herontwikkeling;

•

of bij toekomstige werkzaamheden werknemers worden blootgesteld aan een bodemverontreiniging (voorlopige veiligheidsklasse);

•

van de (indicatieve) hergebruiksmogelijkheden van het aanwezige funderingsmateriaal.

Uit de resultaten wordt het volgende geconcludeerd: Zintuiglijk zijn tijdens de uitvoering van het veldwerk plaatselijk bijmengingen met puin in de ondergrond aangetroffen. Ter plaatse van twee boringen is een (licht geïmmobiliseerde) fundatie/stabilisatielaag bestaande uit een grindachtig materiaal aanwezig. De exacte aard, herkomst en kwaliteit hiervan is onbekend. Verkennend bodemonderzoek Gehele locatie (A) Uit de analyseresultaten blijkt dat de zintuiglijk schone boven- en ondergrond (zand) niet verontreinigd is met de onderzochte parameters. De zintuiglijk schone ondergrond (veen) blijkt licht verontreinigd te zijn met kobalt, kwik, lood, nikkel en PAK. De sporen- tot zwak puinhoudende ondergrond (klei) blijkt licht verontreinigd te zijn met koper, kwik en lood. In de puinhoudende ondergrond is analytisch géén asbest aangetoond. In de grond is géén PFOA (Perfluoroctaanzuur) boven de detectiegrens aangetoond. Echter is Perfluoroctaanzuur (PFOS) in gehalten van 0,2 en 0,4 µg/kg d.s. aangetoond. Herschikken van grond buiten de aangewezen zone A en B is derhalve op basis van PFOS niet mogelijk. Het grondwater blijkt licht verontreinigd te zijn met barium en naftaleen. Voor beide parameters geldt dat het zeer geringe overschrijdingen van de detectielimiet / streefwaarde betreffen, waardoor deze formeel als licht verontreinigd dienen te worden beschouwd.

Nader onderzoek naar zowel de lichte verontreinigingen in de grond als het grondwater worden niet noodzakelijk geacht. Verder zijn in het grondwater PFOA, PFOS en diverse andere perfluorverbindingen (PFAS) aangetoond. De concentratie PFOA in het grondwater is lager dan de maximale acceptabele grondwaterconcentratie (0,39 µg/l) voor de pluimzone (zone 1). De gemeten concentratie PFOA wordt daarmee als niet afwijkend beschouwd. Bij de gemeten concentratie PFOA is geen sprake van humane risico’s (RIVM 2017-0092).

documentkenmerk: 1810/020/BU-01, versie 0

Voormalige watergang (B) Ter plaatse van de vermoedelijke ligging van de voormalige watergang op de onderzoekslocatie is geen voormalige slootbodem of dempingsmateriaal aangetroffen. Tevens is de bodemopbouw niet afwijkend van de bodemopbouw op de rest van de onderzoekslocatie. Derhalve is analytisch geen onderzoek uitgevoerd. Veiligheidsklasse Op basis van het onderzoek blijkt dat werkzaamheden in de puinhoudende ondergrond, conform de CROW-publicatie 132 uitgevoerd kunnen worden onder de ‘basisklasse’. Voor de overige bodemlagen geldt dat geen veiligheidsklasse van toepassing is. Op basis van de CROW-publicatie 400 is geen veiligheidsklasse van toepassing is. De definitieve bepaling van de veiligheidsklasse dient te worden bepaald door een veiligheidskundige. Indicatief uitloogonderzoek (schudproef) (C) Plaatselijk is een funderingslaag aanwezig met onbekende kwaliteit en herkomst. Het betreft een licht geïmmobiliseerde laag bestaande uit grindachtig materiaal. Omdat geen bijmengingen met puin zijn waargenomen is dit materiaal niet verdacht op het voorkomen van asbest en is geen asbestonderzoek uitgevoerd. Indicatief is de herbruikbaarheid van het funderingsmateriaal bepaald. Uit de resultaten van het onderzoek kan worden geconcludeerd dat de funderingslaag indicatief wordt geclassificeerd als “IBC-bouwstof”.

Conclusie en aanbevelingen Met voorliggend onderzoek is de milieuhygiënische kwaliteit van de grond en het grondwater afdoende vastgesteld. De onderzoeksresultaten leveren geen beperkingen op ten aanzien van de voorgenomen uitgifte van de locatie en de voorgenomen herontwikkeling. Eventueel vrijkomende grond kan, conform het stand-still principe, alleen worden toegepast op locaties binnen de zones met een vergelijkbare of hoger gehalte PFOA dan de toe te passen grond. De Omgevingsdienst Zuid-Holland Zuid heeft aangegeven dat deze handreiking tevens gebruikt kan worden voor PFOS houdende grond. Herschikken buiten de aangewezen zone A en B is derhalve op basis van PFOS niet mogelijk. Aanbevolen wordt om eventueel hergebruik van de grond af te stemmen met het bevoegd gezag. Bijvoorbeeld middels een Bbk melding voor het elders toepassen van grond. Indien grond wordt afgegraven en van de locatie wordt afgevoerd, dient er rekening mee te worden gehouden dat deze grond elders niet zonder meer toepasbaar is. Met betrekking tot het elders hergebruiken van grond zijn de regels van het Besluit bodemkwaliteit van toepassing, die doorgaans een grotere onderzoeksinspanning vereisen.

documentkenmerk: 1810/020/BU-01, versie 0

Inhoudsopgave pagina Samenvatting 1.

Inleiding

1

2.

Vooronderzoek

2

2.1

Locatiegegevens

2

2.2

Eerder uitgevoerd onderzoek

4

2.3

Bodemopbouw

6

2.4

Conclusies vooronderzoek

7

3.

Verkennend bodemonderzoek

8

3.1

Onderzoeksstrategie

8

3.2

Uitvoering

9

3.2.1 Kwalibo

9

3.2.2 Terreinverkenning

9

3.2.3 Plaatsen boringen en peilbuizen

10

3.2.4 Bemonstering grondwater

10

3.2.5 Analyses

11

3.3

11

Analyseresultaten

3.3.1 Toetsingskader

11

3.4

14

Grond

3.4.1 NEN-parameters 3.4.2 Perfluor-Alkyl stoffen (PFAS) 3.5

Grondwater

14 Fout! Bladwijzer niet gedefinieerd. 15

3.5.1 Toetsing risico’s (PFOA)

15

4.

Verkennend asbestonderzoek

16

4.1

Onderzoeksstrategie

16

4.2

Uitvoering

16

4.2.1 Terreinverkenning

17

4.2.2 Maaiveldinspectie

17

4.2.3 Bodem

17

4.2.4 Analyses

18

4.3

18

Analyseresultaten

4.3.1 Toetsingskader

18

4.3.2 Analyseresultaten

18

5.

Indicatief Funderingsonderzoek

19

5.1

Onderzoeksstrategie

19

5.2

Uitvoering

19

5.3

Analyses

19

5.4

Analyseresultaten

20

5.4.1 Toetsingskader uitloogonderzoek

20

5.5

Analyseresultaten

20

6.

Veiligheid en gezondheid

21

7.

Conclusie en aanbevelingen

22

documentkenmerk: 1810/020/BU-01, versie 0

Bijlagen aantal pagina's (excl. voorblad) 1.

regionale ligging en kadastrale gegevens

2

2.

situatietekening

1

3.

profielbeschrijvingen

4

4.

analyseresultaten grond

13

5.

analyseresultaten grondwater

6

6.

analyseresultaten asbest

3

7.

analyseresultaten uitloogonderzoek (schudproef)

6

8.

toetsingstabellen grond

4

9.

toetsingstabellen grondwater

3

10.

toetsingstabellen uitloogonderzoek (schudproef)

2

11.

(voorlopige) veiligheidsklasse bepaling

2

12.

foto’s onderzoekslocatie

1

13.

foto’s aanleg diepriool (2016)

1

documentkenmerk: 1810/020/BU-01, versie 0

1.

Inleiding

In opdracht van de Omgevingsdienst Zuid-Holland Zuid, namens de Gemeente Papendrecht, heeft Tritium Advies B.V. een verkennend bodem- en asbestonderzoek en indicatief uitloogonderzoek (schudproef) uitgevoerd op de locatie Veerpromenade (ong.) te Papendrecht. Aanleiding voor het onderzoek is de voorgenomen uitgifte van de percelen en de voorgenomen herontwikkeling (nieuwbouw en mogelijke realisatie van een terras en/of fietsenstalling). Doel van het onderzoek is meerledig, namelijk het vaststellen; •

van de milieuhygiënische kwaliteit van de bodem (grond en grondwater) om te bepalen of er op de locatie sprake is van bodemverontreiniging, welke mogelijk een belemmering vormt voor de voorgenomen uitgifte van de locatie en de voorgenomen herontwikkeling;

•

of bij toekomstige werkzaamheden werknemers worden blootgesteld aan een bodemverontreiniging (voorlopige veiligheidsklasse);

•

van de (indicatieve) hergebruiksmogelijkheden van het aanwezige funderingsmateriaal.

Tritium Advies B.V. heeft geen binding met de opdrachtgever en de onderzoekslocatie anders dan als onafhankelijk onderzoeksbureau. Kwalibo Op een deel van de werkzaamheden die in het voorliggende rapport worden beschreven is het Besluit bodemkwaliteit van toepassing. Onder de naam Kwalibo regelt het Besluit de kwaliteitsborging in het bodembeheer. Voor deze kwaliteitsborging zijn onderdelen van het onderzoek onder Kwalibo uitgevoerd. Indien dit het geval is, dan is dit bij het betreffende onderdeel expliciet vermeld. Onderdelen zonder vermelding over Kwalibo, zijn niet onder Kwalibo uitgevoerd.

pagina 1 van 23

documentkenmerk: 1810/020/BU-01, versie 0

2.

Vooronderzoek

Het vooronderzoek wordt uitgevoerd volgens de NEN 5725 (oktober 2017). De geraadpleegde bronnen zijn weergegeven in tabel 2.1. Een overzicht van de locatiegegevens is weergegeven in tabel 2.2. De terreinverkenning is voorafgaand aan het veldwerk uitgevoerd. De resultaten van de terreinverkenning zijn verwerkt in de navolgende paragrafen. Tabel 2.1: overzicht geraadpleegde bronnen tijdens vooronderzoek. categorie

bron

geraadpleegd datum

contactpersoon

02-10-2018

n.v.t.

internet kadastrale gegevens

kadaster online kadastralekaart.com

actuele terreinsituatie

bagviewer kadaster google maps zoom earth

historische gegevens

topotijdreis.nl

bodeminformatie

bodemloket actueel hoogte bestand

02-10-2018

04-10-2018

dinoloket WKO tool Nederland archieven bodeminformatie

bodeminformatiesysteem

04-10-2018

n.v.t.

bodemkwaliteitskaart eigen archief Tritium Advies B.V.

02-10-2018

overig bodeminformatie en

opdrachtgever

voormalige werkzaamheden

2.1

02-10-2018

dhr. W.A. Smits

10-10-2018

Locatiegegevens

De topografische ligging en de kadastrale gegevens van de onderzoekslocatie zijn weergegeven in bijlage 1. Een situatietekening is weergegeven in bijlage 2. Een overzicht van de locatiegegevens is weergegeven in tabel 2.2. Foto’s van de onderzoekslocatie zijn weergegeven in bijlage 12. Tabel 2.2: overzicht onderzoekslocatie. actuele locatiegegevens adres straat

Veerpromenade (ong.)

plaats

Papendrecht

kadastraal gemeente

Papendrecht

sectie

A

nummer(s)

6776, 6775 (ged.), 8077 (ged.)

locatie oppervlak

totaal circa 2.650 m2

huidig gebruik

openbaar gebied, grenzend aan het marktplein

pagina 2 van 23

documentkenmerk: 1810/020/BU-01, versie 0

Tabel 2.2 (vervolg): overzicht onderzoekslocatie. actuele locatiegegevens locatie voormalig gebruik

In het verleden tot eind jaren ’80 zijn voornamelijk graspercelen met lintbebouwing aanwezig geweest. Door de jaren heen is de locatie (en omgeving) steeds verder bebouwd. Tot 2012 hebben winkelpanden op de locatie gestaan (van der Kevie locatie). Door de gemeente is aangegeven dat bij de sloop van deze panden tevens de fundatie is verwijderd en dat straatzand is aangebracht. Op de locatie is recent (2016) een diepriool aangelegd. Foto’s van de aanleg zijn aangeleverd door de gemeente en weergegeven in bijlage 13.

toekomstig gebruik

Nieuwbouw met mogelijke fietsenstalling en terrassen.

dempingen, ophogingen,

Binnen de onderzoekslocatie is één voormalige (gedempte) watergang gelegen. Deze is

bijmengingen met puin

zichtbaar op de kaarten van 1969 tot 1989. Plaatselijk is een soort (licht geïmmobiliseerd) grindachtig funderingsmateriaal aanwezig, welke mogelijk is aangebracht ten tijde van de rioolwerkzaamheden in 2016. De exacte aard, kwaliteit en herkomst hiervan is onbekend.

bodembedreigende activiteiten

Op- en in de directe omgeving van de locatie zijn in het verleden diverse

en calamiteiten

bedrijfsactiviteiten uitgevoerd (voor details zie tabel 2.3). Uit de memo van de Omgevingsdienst Zuid-Holland Zuid (13 juni 2018) blijkt dat de onderzoekslocatie binnen de verspreidingszone van PFOA (Perfluoroctaanzuur) is gelegen. deze verspreiding is waarschijnlijk veroorzaakt doordat deze door de Chemours-fabriek uitgestoten stof, is neergeslagen (‘atmosferische depositie’) op en in de bodem. De onderzoekslocatie is gelegen in zone 1.

bodemkwaliteitskaart

•

vastgesteld in 2015;

•

ontgravingskaart boven- en ondergrond: ‘achtergrondwaarde’;

•

bodemfunctiekaart: ‘wonen’.

terreinsituatie bebouwing

onbebouwd

verhardingen

klinkers en tegels

installaties

geen

omgeving gebruik belendende percelen

gemeentehuis, appartementencomplexen en openbaar gebied

Bodembedreigende activiteiten Uit de gegevens uit het bodemloket blijkt dat op de locatie eerder diverse (bedrijfs)activiteiten hebben plaatsgevonden. De volgende bedrijfsactiviteiten kunnen worden onderscheiden: Tabel 2.3: bodembedreigende activiteiten. locatie

bedrijfsactiviteit

startjaar

Veerweg 43

loodgieters-, fitters- en sanitair installatiebedrijf

1962

Veerweg 23-29

petroleum- of kerosinetank (ondergronds)

1946

brandstoffendetailhandel (vloeibaar)

1946

Veerweg 33-35

petroleum- of kerosinetank (ondergronds)

1946

timmerwerkplaats

1930

loodgieters-, fitters- en sanitair installatiebedrijf

1927

koperslagerij

1927

blikslagerij

1927

smederij

1923

pagina 3 van 23

documentkenmerk: 1810/020/BU-01, versie 0

Figuur 2.1: luchtfoto onderzoekslocatie.

2.2

Eerder uitgevoerd onderzoek

Op de onderzoekslocatie en in de directe omgeving zijn eerder de in de navolgende tabel vermelde bodemonderzoeken uitgevoerd. Tabel 2.4: eerder uitgevoerd onderzoek. omschrijving

locatienaam

opgesteld door

datum

kenmerk

Centrumplan

Arnicon

03-2002

C01-651-O

MZHZ

30-08-1988

PAO.88.1614.032

MZHZ

04-11-1988

PAO.88.1614.032

MZHZ

14-03-1989

PAO.88.1614.032

gegevens onderzoekslocatie 1.

indicatief bodemonderzoek

Papendrecht gegevens directe omgeving 2. 3.

oriënterend

Schooldwarsstraat

bodemonderzoek

1-75 / Markt 24

nader onderzoek

Schooldwarsstraat 1-75 / Markt 24

4.

saneringsevaluatie

Schooldwarsstraat 1-75 / Markt 24

5.

indicatief onderzoek

Markt 22

MZHZ

01-01-1990

PAO 89.1625

6.

nader onderzoek

Markt 22

MZHZ

01-02-1990

21.02.039 HvD/MM

7.

nader onderzoek

Markt 22

MZHZ

01-02-1990

PAO 89.1626

8.

saneringsevaluatie

Markt 22

MZHZ

01-08-1990

PAO 89.1628.032

9.

indicatief onderzoek

Veerweg 145 / P.C.

TMD

27-03-1987

Hooftlaan

PA 87.1613 fase 032

10.

oriënterend onderzoek

Veerweg / Markt

MZHZ

08-11-2000

PA00.5205 C00-595

11.

verkennend

Markt 141

EMN

18-09-2007

07Z4295.B01

Markt 1 t/m 149

EMN

18-09-2007

07Z4295.001

Markt

Tritium Advies

21-05-2015

1503/083/CJ-01

bodemonderzoek 12.

verkennend bodemonderzoek

13.

verkennend bodem- en asbestonderzoek

Het onderzoek uit 2002 [1] en de meest recente rapportage [13] zijn in het bezit van Tritium Advies B.V. De overige bodemonderzoeken zijn tijdens het opstellen van voorliggende rapportage niet in het bezit van Tritium Advies. Uit de beschikbare informatie blijkt het volgende:

pagina 4 van 23

documentkenmerk: 1810/020/BU-01, versie 0

Ad 1. Het bodemonderzoek dat op de onderzoekslocatie is uitgevoerd heeft betrekking op een groter gedeelte van het centrum van Papendrecht. Alleen (een deel van) deellocatie G heeft betrekking op de huidige onderzoekslocatie. De aanleiding voor het onderzoek waren de beoogde herinrichtingsplannen voor het gebied. Doel van het indicatieve onderzoek was inzicht te verkrijgen in de kwaliteit van de bodem. Deellocatie G (Markt e.o.) Uit de analyseresultaten bleek een mengmonster van de boven- en ondergrond matig verontreinigd te zijn met lood en licht verontreinigd met koper en kwik. In de overige mengmonsters bleken maximaal lichte verontreinigingen met zink en PAK te zijn aangetoond. Het grondwater ter plaatse van één peilbuis bleek maximaal licht verontreinigd te zijn met arseen. Met betrekking tot deellocatie G werd niet specifiek een conclusie getrokken. Over alle deellocaties werd geconcludeerd dat plaatselijk lichte, matige en incidenteel sterk verhoogde gehalten in de grond werden aangetoond. Ten aanzien van de sterk verhoogde gehalten en de (voormalige) tanklocaties werd geadviseerd nader onderzoek uit te voeren. Uit de profielen blijkt dat op de huidige onderzoekslocatie in de ondergrond zwakke bijmengingen met puin aanwezig zijn. Ad 13.

Aanleiding voor het onderzoek waren de voorgenomen rioleringswerkzaamheden ter vervanging van het riool ter plaatse van de Markt en de herinrichting van het Marktplein. Doel van het onderzoek was het vastleggen van de milieuhygiënische kwaliteit van de bodem van de onderzoekslocatie. Doel van het verkennend asbestonderzoek was vast te stellen of in de grond van de onderzoekslocatie asbest aanwezig is. Op basis van het vooronderzoek werden de volgende deellocaties onderscheiden: A. DWA en/of RWA nieuw; B. te verwijderen bestaande riolering; C. marktplein; D. gedempte sloten. Zintuiglijk werden tijdens de uitvoering van het veldwerk in zowel de boven- als ondergrond bijmengingen aangetroffen met puin. Deellocatie A: DWA en/of RWA nieuw Zowel de boven- als ondergrond bleken plaatselijk licht verontreinigd te zijn met kobalt, kwik, lood, PAK en PCB. Uit de analyseresultaten bleek dat het grondwater licht verontreinigd was met barium. Deellocatie B: te verwijderen riool Plaatselijk werd een lichte verontreiniging met zink, minerale olie, PAK en PCB aangetoond. Verder werd plaatselijk een lichte verontreiniging met PAK in de ondergrond aangetoond. Uit de analyseresultaten bleek het grondwater licht verontreinigd te zijn met barium.

pagina 5 van 23

documentkenmerk: 1810/020/BU-01, versie 0

Deellocatie C: marktplein Eén mengmonster bleek matig verontreinigd te zijn met zink en licht verontreinigd met cadmium, koper, kwik, lood, nikkel en PAK. Verder werden plaatselijk maximaal lichte verontreinigingen met kobalt, minerale olie en PAK aangetoond. Gezien de hoogte van het aangetroffen gehalte zink werd de toetswaarde voor nader onderzoek overschreden. Aangezien de matig met zink verontreinigde grond voldeed aan de klasse industrie volgens het Besluit bodemkwaliteit werd in overleg met de OZHZ besloten om de individuele monsters niet separaat te analyseren. Het grondwater werd gecombineerd onderzocht met deellocatie A en B, derhalve zijn de resultaten van het grondwater ter plaatse van A en B ook van toepassing op deellocatie C. Deellocatie D: gedempte sloten Ter plaatse van de vermoedelijke ligging van de gedempte sloten werd geen dempingsmateriaal aangetroffen. De bodemopbouw ter plaatse week eveneens niet af van de bodemopbouw in de omgeving. Verkennend asbestonderzoek In de grondfractie (kleiner dan 16 mm) werd analytisch geen asbest aangetoond in het traject van 0,05 - 0,50 m-mv. Tijdens het onderzoek werd in de bodem en het puin geen asbest aangetroffen. Aangezien zowel zintuiglijk als analytisch geen asbest werd aangetoond, werd geconcludeerd dat de bodem niet verdacht is op het voorkomen van asbest.

Resumé De onderzoeksresultaten leverden geen beperkingen op ten aanzien van het voorgenomen gebruik van de locatie en vormde derhalve geen belemmering voor de voorgenomen werkzaamheden.

2.3

Bodemopbouw

Tabel 2.5: bodemopbouw en geohydrologie. bodemopbouw maaiveldhoogte

1,3 m-NAP

deklaag

dikte

11 m

samenstelling

klei en veen

doorlatendheid

slecht

1e watervoerende pakket

dikte

11 m

samenstelling

matig grof tot uiterst grof zand

doorlatendheid

goed

geohydrologie freatisch grondwater 1e watervoerende pakket

stijghoogte

1,8 m-NAP

stromingsrichting

noordwestelijk

onbekend

onbekend

waterhuishouding oppervlaktewater

Op een afstand van circa 400 meter ten zuiden van de locatie is rivier de Beneden Merwede gelegen. Op een afstand van circa 700 meter ten westen is rivier de Noord gelegen.

grondwaterbeschermingsbied en

De locatie is niet gelegen in een grondwaterbeschermingsgebied of een boringsvrije.

boringsvrije zone grondwateronttrekking

Op de onderzoekslocatie en in de directe omgeving vindt zover bekend geen grondwateronttrekking plaats.

pagina 6 van 23

documentkenmerk: 1810/020/BU-01, versie 0

2.4

Conclusies vooronderzoek

Op basis van de beschikbare gegevens kunnen de in de navolgende tabel weergegeven deellocaties worden onderscheiden. Tabel 2.6: deellocaties. deel-

omschrijving

hypothese

verdachte stoffen1)

locatie A

gehele locatie

verdacht

(2.650 m2)

B

voormalige (gedempte)

voormalige (bedrijfs) activiteiten op- en in de directe

NEN-g

omgeving van de locatie atmosferische depositie PFOA

PFOA2)

verdacht

mogelijk verontreinigd dempingsmateriaal

NEN-g

verdacht

fundering met onbekende kwaliteit en herkomst

NEN-g

watergang (1x) C

(grindachtig) funderingsmateriaal

opmerkingen bij de tabel: 1) verklaring analyses: NEN-g

: pakket NEN 5740 voor grondparameters (organische stof en lutum, 9 metalen, PAK, PCB en minerale olie);

2) Het is bekend dat Chemours sinds 2013 GenX-stoffen uitstoot, de vervanger van PFOA. De gehalten aan GenX-stoffen liggen lager dan de gehalten PFOA. Dat gecombineerd met het feit dat de GenX als minder toxisch wordt beschouwd dan PFOA, betekent dat de focus ten aanzien van onderhavig onderzoek ligt bij PFOA (e.e.a. conform de herziene handreiking van de OZHZ, d.d. 13-06-2018).

Asbest Omdat op de locatie vermoedelijk bijmengingen met puin aanwezig zijn met onbekende kwaliteit en herkomst, zijn de delen van de locatie waar het puin aanwezig is, verdacht op het voorkomen van asbest. Omdat de exacte aard, mate en verspreiding van het puin vooralsnog onbekend is, wordt op basis van de veldwerkzaamheden ten behoeve van het verkennend bodemonderzoek (NEN 5740) een strategie opgesteld voor het gericht uitvoeren van een verkennend asbestonderzoek (NEN 5707) ter plaatse van deze delen van de locatie.

pagina 7 van 23

documentkenmerk: 1810/020/BU-01, versie 0

3.

Verkennend bodemonderzoek

3.1

Onderzoeksstrategie

Het verkennend bodemonderzoek wordt uitgevoerd conform de NEN 5740+A1 (april 2016). Het onderzoek naar de voormalige watergangen wordt uitgevoerd volgens een maatwerkstrategie, waarbij een raai van 3 boringen haaks op een voormalige (gedempte) watergang geplaatst wordt. Een overzicht van de te verrichten werkzaamheden is weergegeven in de navolgende tabel. Tabel 3.1: strategie verkennend bodemonderzoek. strategie1)

boorwerk

asfalt- of

(diepte in m-mv)

betonboringen

boringen

chemische analyses2)

peilbuizen

(diameter)

grond

grondwater

1

-

4 x NEN-g

1 x NEN-gw

-

-

2 x PFC4)

1 x PFC

-

-

-6)

-

2

A. gehele locatie (2.650 m ) VED-HE-NL

11 x (0,5) 2 x (2,0)

MW: VED-HO-NL

-

B. voormalige (gedempte) watergang MW:1 raai

2 x (2,0)5)

(3 boringen) Opmerkingen bij de tabel: 1)

verklaring strategie: VED-HE-NL

:

onderzoeksstrategie voor een verdachte locatie, diffuse bodembelasting, heterogeen verdeelde verontreiniging op schaal van monsterneming, niet lijnvormig;;

VED-HO-NL

:

onderzoeksstrategie voor een verdachte locatie, diffuse bodembelasting, homogeen verdeelde verontreiniging op schaal van monsterneming, niet lijnvormig;

MW 2)

:

de onderzoeksstrategie betreft maatwerk;

verklaring analyses: NEN-g

:

pakket NEN 5740 voor grondparameters (organische stof en lutum, 9 metalen, PAK, PCB en minerale olie);

NEN-gw

:

pakket NEN 5740 voor grondwaterparameters (9 metalen, vluchtige aromatische koolwaterstoffen en naftaleen, vluchtige gechloreerde koolwaterstoffen en minerale olie);

PFC

:

pakket per-fluor verbindingen (14 stuks, incl. PFOA), detectiegrens PFOA grond: 0,1 µg/kg d.s., detectiegrens voor PFOA grondwater: 0,001 µg/l;

3)

conform de strategie voor een verdachte heterogene locatie, dienen 3 analyses te worden uitgevoerd voor de verdachte laag. Om ook een uitspraak te kunnen doen over de ‘onverdachte’ ondergrond wordt een aanvullende analyse uitgevoerd.

4)

als meest verdachte laag wordt de bovengrond en de laag rond de grondwaterspiegel aangeduid;

5)

voor het onderzoek naar de voormalige watergang wordt één boring gecombineerd met een diepe boring ten behoeve van de gehele onderzoekslocatie;

6)

vooralsnog is voor de voormalige (gedempte) watergang geen analyse voorzien. Indien tijdens de veldwerkzaamheden zintuiglijk bijmengingen in de grond worden aangetroffen die duiden op deze gedempte watergang, worden aanvullende analyses uitgevoerd.

De grond wordt per bodemlaag van maximaal 0,5 m bemonsterd. Voor de monstername van grond wordt tevens aangesloten bij de informatie uit het Handelingskader Poly en Per Fluor Alkyl Stoffen (PFAS, onderdeel 6 Veldwerk en Analyse) opgesteld door het Expertisecentrum PFAS. De resultaten worden vergeleken met het huidige interim beleid van de Omgevingsdienst Zuid-Holland Zuid, zoals vermeld in de ‘herziene handreiking toepassing van PFOA houdende grond Zuid-Holland Zuid’ (13 juni 2018).

pagina 8 van 23

documentkenmerk: 1810/020/BU-01, versie 0

De analyses worden door een geaccrediteerd laboratorium uitgevoerd. De grond- en grondwatermonsters worden voor zover van toepassing conform AS3000 voorbewerkt.

3.2

Uitvoering

3.2.1

Kwalibo

De coördinatie en planning van het veldwerk vindt plaats vanuit de onder BRL SIKB 2000 (versie 5, 12 december 2013) gecertificeerde vestiging van Tritium Advies B.V. te Nuenen. De boringen zijn geplaatst conform protocol 2001 (versie 3.2, 12 december 2013) van de Stichting Infrastructuur Kwaliteitsborging Bodembeheer. De peilbuis is bemonsterd conform protocol 2002 (versie 4, 12 december 2013) van de Stichting Infrastructuur Kwaliteitsborging Bodembeheer. In de navolgende tabel zijn de namen van de erkende veldwerkers weergegeven, die voor onderhavig onderzoek het veldwerk hebben uitgevoerd. Tabel 3.2: erkende veldwerkers Tritium Advies B.V. veldwerkers

datum

boornummers/ peilbuisnummer

uitvoering boorwerkzaamheden Bryan Hofman

08-10-2018

01 t/m 17

15-10-2018

01

monstername grondwater Joris Mathijssen

Conform BRL-SIKB 2000 zijn de veldwerkzaamheden getoetst op partijdigheid. De uitvoerder van het veldwerk voor milieuhygiënisch bodemonderzoek heeft geen binding met de opdrachtgever en de onderzoekslocatie anders dan als dat van een onafhankelijk onderzoeksbureau. Voor zover van toepassing op dit onderzoek, zijn de veldwerkzaamheden uitgevoerd volgens: NEN 5706:2003 (juli 2003)

:

zintuiglijke waarnemingen

NPR 5741:2015

:

keuze en toepassing van boorsystemen

NEN 5742:2001 (september 2001)

:

bemonstering grond en sediment

NEN 5743:2001 (september 2001)

:

bemonstering grond en sediment (vluchtige verbindingen)

NEN 5744/A1 (april 2013)

:

bemonstering grondwater

NEN 5766:2003 (augustus 2003)

:

plaatsing van peilbuizen

NEN 5744:2011 (maart 2011) en

Eventuele afwijkingen op deze normen zijn weergeven in dit hoofdstuk.

3.2.2

Terreinverkenning

Voorafgaand aan het veldwerk is een terreinverkenning uitgevoerd. Hierbij is gecontroleerd of de gegevens in hoofdstuk 2 van dit rapport overeenkomen met de situatie in het veld. De resultaten van de terreinverkenning hebben geen aanleiding gegeven om de onderzoeksstrategie aan te passen.

pagina 9 van 23

documentkenmerk: 1810/020/BU-01, versie 0

3.2.3

Plaatsen boringen en peilbuizen

Stabilisatie-/funderingsmateriaal Tijdens het plaatsen van de boringen bleek dat ter plaatse van boring 07 ( 0,40 - 0,55 m-mv) en boring 16 (0,20 - 0,40 m-mv) een funderingslaag aanwezig is met onbekende kwaliteit en herkomst. Mogelijk is het materiaal aangebracht bij de recente (2016) aanleg van het diepriool. Echter is dit gezien het plaatselijke voorkomen van het materiaal onduidelijk. Om de kwaliteit van het materiaal vast te stellen is indicatief een uitloogonderzoek (schudproef) uitgevoerd. De resultaten hiervan zijn weergegeven in hoofdstuk 5. Voormalige (gedempte) watergang Ter plaatse van de vermoedelijke ligging van de voormalige watergang op de onderzoekslocatie (deellocatie B) is geen voormalige slootbodem of dempingsmateriaal aangetroffen. Tevens is de bodemopbouw niet afwijkend van de bodemopbouw op de rest van de onderzoekslocatie. Zintuiglijke waarnemingen De plaats van de boringen is weergegeven in bijlage 2. De bij de boringen vrijkomende grond is in het veld zintuiglijk beoordeeld. Hierbij zijn de in de navolgende tabel weergegeven afwijkingen waargenomen die duiden op een mogelijke bodemverontreiniging. Voor de bodemopbouw wordt verwezen naar de boorprofielen in bijlage 3. Tabel 3.3: waargenomen afwijkingen. boring

traject

zintuiglijke afwijking

einddiepte

(m-mv)

(m-mv)

01

1,30 - 2,00

sporen puin

2,20

05

1,20 - 1,70

zwak puinhoudend

2,00

3.2.4

Bemonstering grondwater

Tijdens de grondwatermonstername zijn in het veld de zuurgraad (pH), de troebelheid en de elektrische geleidbaarheid (Ec) van het grondwater bepaald. De meetresultaten zijn weergegeven in de navolgende tabel. De plaats van de peilbuis is weergegeven in bijlage 2. Tabel 3.4: peilbuisspecificaties. peilbuis

datum

filtertraject

grondwaterstand

pH

Ec

troebelheid

bemonstering

(m-mv)

(m-mv)

(-)

(µS/cm)

(ntu)

15-10-2018

1,20 - 2,20

0,83

6,9

1.464

24,8

01

Tijdens de bemonstering van het grondwater hebben zich de volgende afwijkingen op de NEN5744 voorgedaan: •

de troebelheid in is hoger dan 10 ntu. Hierdoor kunnen concentraties van organische parameters hoger uitvallen;

•

de peilbuis is belucht bemonsterd. Dit omdat het filter van de peilbuis in een slecht doorlatende laag staat. Herplaatsen van de peilbuis wordt weinig zinvol geacht. Gezien de geringe daling van de grondwaterstand onder het filtertraject wordt de invloed van het belucht bemonsteren gering geacht.

Bij de interpretatie van de analyseresultaten van het grondwater is met de afwijkingen rekening gehouden.

pagina 10 van 23

documentkenmerk: 1810/020/BU-01, versie 0

3.2.5

Analyses

De grond- en grondwatermonsters zijn volgens de navolgende tabellen geanalyseerd. Tabel 3.5: geanalyseerde monsters (grond). monster-

traject

deelmonsters

chemische

(m-mv) 1)

code

toelichting

analyses2)

A. gehele werkgebied MM01

1,20 - 1,80

MM02

0,70 - 1,70

01 (1,30 - 1,80), 05 (1,20 - 1,70)

NEN-g

ondergrond, sporen- zwak puinhoudend (klei)

01 (0,70 - 1,20), 02 (1,20 - 1,70),

NEN-g

ondergrond, zintuiglijk schoon (zand)

NEN-g

bovengrond, zintuiglijk schoon (zand)

NEN-g

ondergrond, zintuiglijk schoon (veen)

PFC

zand, bovengrond

PFC

zand, rond grondwaterstand

03 (0,70 - 1,20), 05 (0,70 - 0,90) MM03

0,05 - 0,60

06 (0,05 - 0,55), 11 (0,08 - 0,58), 13 (0,08 - 0,58), 16 (0,40 - 0,60)

MM04

1,70 - 2,00

02 (1,85 - 2,00), 03 (1,70 - 2,00), 05 (1,70 - 2,00)

MM05

0,05 - 0,58

01 (0,08 - 0,58), 02 (0,05 - 0,55), 03 (0,05 - 0,55), 05 (0,08 - 0,58)

MM06

0,55 - 0,90

01 (0,58 - 0,70), 02 (0,55 - 0,70), 03 (0,55 - 0,70), 05 (0,70 - 0,90)

Opmerkingen bij de tabel: 1)

het aangegeven traject betreft de minimale en maximale diepte van de deelmonsters in het betreffende mengmonster;

2)

verklaring analyses: NEN-g

:

PFC

:

pakket NEN 5740 voor grondparameters (organische stof en lutum, 9 metalen, PAK, PCB en minerale olie); pakket per fluor verbindingen (14 stuks, incl. PFOA).

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://raad.papendrecht.nl/api/v1/meetings/584/documents/10095