Bijlage 4 - Toelichting.pdf
Tekst van het document
Reparatie Veeg Beheersverordening 2023 Gemeente Papendrecht
Planstatus:
vastgesteld
Plan identificatie:
NL.IMRO.0590.BVOReparatie23-3001
Datum:
7 december 2023
Kenmerk Buro SRO:
SR220009
Opdrachtgever:
Gemeente Papendrecht
Buro SRO 't Goylaan 11 3525 AA Utrecht 030-2679198 www.buro-sro.nl
2
Inhoudsopgave 1 Inleiding ................................................................................................................................................... 4 1.1 Aanleiding voor de beheersverordening ............................................................................................................. 4 1.2 Geldende bestemmingsplannen ......................................................................................................................... 5 1.3 Besluitgebied: ligging en omgeving ..................................................................................................................... 9
2 Motivering voor toepassing van het instrument 'beheersverordening' .............................................. 15 2.1 Geen ruimtelijke ontwikkeling .......................................................................................................................... 15 2.2 Bestaand gebruik............................................................................................................................................... 15 2.3 Besluitgebied ..................................................................................................................................................... 16 2.4 Juridische status ................................................................................................................................................ 16
3 Gebiedsvisie en uitgangspunten .......................................................................................................... 17 3.1 Rijksbeleid ......................................................................................................................................................... 17 3.2 Provinciaal beleid .............................................................................................................................................. 18 3.3 Regionaal beleid ................................................................................................................................................ 18 3.4 Gemeentelijk beleid .......................................................................................................................................... 19
4 Sectorale aspecten ............................................................................................................................... 23 4.1 Archeologie en cultuur ...................................................................................................................................... 23 4.2 Flora en fauna ................................................................................................................................................... 23 4.3 Waterparagraaf ................................................................................................................................................. 24 4.4 Bedrijven en milieuzonering.............................................................................................................................. 24 4.5 Externe veiligheid .............................................................................................................................................. 25
5 Juridische opzet ..................................................................................................................................... 26 5.1 Toelichting op de bestemmingen ...................................................................................................................... 26 5.2 Overige bepalingen ........................................................................................................................................... 33
6 Uitvoerbaarheid ..................................................................................................................................... 35 6.1 Maatschappelijke uitvoerbaarheid ................................................................................................................... 35 6.2 Economische uitvoerbaarheid ........................................................................................................................... 35
7 Procedure .............................................................................................................................................. 36
3
1 Inleiding 1.1 Aanleiding voor de beheersverordening Onderliggende beheersverordening voorziet in een reparatie van de 'Reparatie beheersverordening Papendrecht' (2021). De aanleiding van de reparatie is de eerdere vaststelling van een aantal postzegel bestemmingsplannen, een reeks verleende buitenplanse afwijkingen, snippergroen en constatering van een lijst omissies in zowel de planregels als op de verbeelding. Onderliggende reparatie voorziet daarmee in de volgende zaken:
• • •
het herstellen van fouten zoals die in de loop van de tijd zijn geconstateerd en aanpassingen die voortkomen uit de toetsingspraktijk binnen de gemeente Papendrecht; het verwerken van enkele verleende vergunningen; het integreren van bestemmingsplannen en beheerverordeningen die de afgelopen periode zijn vastgesteld. Het betreft veelal gebieden die 'witte vlekken' vormden in de 'Reparatie Beheersverordening Papendrecht'.
In verband hiermee zijn de regels op onderdelen aangepast en aangevuld. Dat geldt ook voor de toelichting die tevens geactualiseerd is ten aanzien van het beleid. In paragraaf toelichting paragraaf 2.1 wordt nader ingegaan op de toepassingsmogelijkheden van het instrument 'beheersverordening' in dit geval. Beheersverordening Papendrecht Op 8 maart 2018 is de 'Beheersverordening Papendrecht' door de gemeenteraad van Papendrecht vastgesteld. De beheersverordening is tot stand gekomen vanwege een aantal door te voeren wijzigingen in de juridisch-planologische regelingen, waardoor een nieuwe (planologische) regeling gewenst is voor de gebieden 'Woongebied', 'Centrumgebied' en 'Buitengebied', waarvoor in het verleden beheersverordeningen zijn vastgesteld. Sinds de vaststelling van de beheersverordening hebben een tweetal reparaties plaatsgevonden, namelijk: 'Reparatie Beheersverordening Papendrecht' (2019) en 'Reparatie Beheersverordening Papendrecht' (2021). Reparatie Beheersverordening Papendrecht (2019) Op 28 maart 2019 is door de gemeenteraad van Papendrecht de 'Reparatie Beheersverordening Papendrecht' vastgesteld. Deze beheersverordening is een reparatie van de 'Beheersverordening Papendrecht' zoals vastgesteld op 8 maart 2018. De (beleidsmatige onderbouwing in de) toelichting is gelijk aan de toelichting van de 'Beheersverordening Papendrecht'.
De 'Reparatie Beheersverordening Papendrecht' (2019) omvat uitsluitend reparatieve aanpassingen. Reparatie m.b.t. onzelfstandige huisvesting (2021) De beheersverordening uit 2021 is een reparatie van de 'Reparatie Beheersverordening Papendrecht' (2019) zoals vastgesteld op 28 maart 2019. De toelichting is ten opzichte van beheersverordening de beheersverordening uit 2019 ongewijzigd, afgezien van een korte toelichting op de doorgevoerde reparaties. Deze reparaties hebben betrekking op het reguleren van onzelfstandige huisvesting, en omvatten enkele aanpassingen in de regels. Daarbij zijn onderdelen uit de Huisvestingsverordening gemeente Papendrecht 2019 (hoofdstuk 3) overgenomen in deze beheersverordening.
4
1.2 Geldende bestemmingsplannen Voor het besluitgebied van de beheersverordening 'Reparatie Veeg Beheersverordening 2023' vigeerden voorheen de volgende beheersverordeningen en bestemmingsplannen. Deze zijn vervangen met de vaststelling van de 'Beheersverordening Papendrecht' (d.d. 8 maart 2018) en de 'Reparatie Beheersverordening Papendrecht' (d.d. 28 maart 2019) en 'Reparatie Beheersverordening Papendrecht' (d.d. 1 juli 2021)ter herstel van onjuistheden daarin. De onderhavige reparatie dient uitsluitend ter herstel van de vastgestelde 'Reparatie Beheersverordening Papendrecht' (2021) voor wat betreft het herstellen van fouten zoals die in de loop van de tijd zijn geconstateerd en aanpassingen die voortkomen uit de toetsingspraktijk binnen de gemeente Papendrecht, het verwerken van enkele verleende vergunningen en het integreren van bestemmingsplannen en beheerverordeningen die de afgelopen periode zijn vastgesteld. Het betreft veelal gebieden die 'witte vlekken' vormden in de 'Reparatie Beheersverordening Papendrecht' (2021).
1.2.1 Beheersverordening Papendrecht In de gemeente Papendrecht is destijds de vraag opgekomen naar nieuwe planologische regelingen voor de besluitgebieden 'Woongebied', 'Centrumgebied' en 'Buitengebied'. Dit onder meer vanwege het feit dat de geldende bestemmingsplannen destijds ouder waren dan tien jaar. Het instrument beheersverordening is bedoeld om voor planologisch weinig dynamische gebieden, het bestaande gebruik en om de bouwmogelijkheden vast te leggen. De besluitgebieden 'Woongebied', 'Centrumgebied' en 'Buitengebied' voldoen allen aan dit vereiste en derhalve is besloten om voor deze gebieden beheersverordeningen op te stellen.
•
De beheersverordening 'Woongebied' is vastgesteld door de gemeenteraad van Papendrecht d.d. 21 maart 2013.
•
De beheersverordening 'Centrumgebied' is vastgesteld door de gemeenteraad van Papendrecht d.d. 25 april 2013.
•
De beheersverordening 'Buitengebied' is vastgesteld door de gemeenteraad van Papendrecht d.d. 11 december 2012.
Reparaties Beheersverordening Op 28 maart 2019 is door de gemeenteraad van Papendrecht de 'Reparatie Beheersverordening Papendrecht' vastgesteld. Deze beheersverordening is een reparatie van de 'Beheersverordening Papendrecht' zoals vastgesteld op 8 maart 2018. De (beleidsmatige onderbouwing in de) toelichting is gelijk aan de toelichting van de 'Beheersverordening Papendrecht'. De 'Reparatie Beheersverordening Papendrecht' (2019) omvat uitsluitend reparatieve aanpassingen. De beheersverordening uit 2021 is een reparatie van de 'Reparatie Beheersverordening Papendrecht' (2019) zoals vastgesteld op 28 maart 2019. De toelichting is ten opzichte van beheersverordening de beheersverordening uit 2019 ongewijzigd, afgezien van een korte toelichting op de doorgevoerde reparaties. Deze reparaties hebben betrekking op het reguleren van onzelfstandige huisvesting, en omvatten enkele aanpassingen in de regels. Daarbij zijn onderdelen uit de Huisvestingsverordening gemeente Papendrecht 2019 (hoofdstuk 3) overgenomen in deze beheersverordening.
5
1.2.2 Bestemmingsplan 'Matenasche Scheidkade 2' Het bestemmingsplan 'Matenasche Scheidkade 2' is vastgesteld door de gemeenteraad van Papendrecht d.d. 18 september 2014. Aanleiding voor het opstellen van dit bestemmingsplan was de wens om de bestaande bedrijfsloods aan de Matenasche Scheidkade 2 uit te breiden. Deze uitbreiding is noodzakelijk voor een goede bedrijfsvoering van het ter plaatse gevestigde fruitteeltbedrijf. In deze beheersverordening 'Buitengebied' is voor het perceel een bouwvlak opgenomen. De beoogde uitbreiding van de bedrijfsloods valt echter buiten dit bouwvlak. Het college van burgemeester en wethouders heeft besloten medewerking te verlenen aan de uitbreiding onder de voorwaarde dat de bestaande onbenutte bouwmogelijkheden op het perceel worden verschoven. Het bestemmingsplan is noodzakelijk, alvorens de omgevingsvergunning voor het bouwen kan worden verleend.
1.2.3 Bestemmingsplan 'Aansluiting A15/N3' Het bestemmingsplan 'Aansluiting A15/N3' is vastgesteld door de gemeenteraad van Papendrecht d.d. 9 april 2015. Het bestemmingsplan voorziet in de planologisch juridische verankering van de aanpassing van de aansluiting van de A15 op de N3/N214. Ter hoogte van Papendrecht sluit de A15 aan met de N3/N214. In de spitsperioden is regelmatig sprake van bereikbaarheidsproblemen. Het verkeer vanuit Gorinchem over de N3 naar Papendrecht / Dordrecht kruist het verkeer vanuit de richting Papendrecht / Dordrecht over de A15 naar Rotterdam. Via de aansluiting N214 wordt het verkeer richting de gemeente Molenwaard geleidt. Rijkswaterstaat heeft zich voorgenomen om deze aansluiting aan te passen om een verbetering van de doorstroming van het verkeer te bewerkstelligen.
1.2.4 Bestemmingsplan 'Fietsbrug Matenasche Scheidkade' Het bestemmingsplan 'Fietsbrug Matenasche Scheidkade' is vastgesteld door de gemeenteraad van Papendrecht d.d. 26 januari 2017. Door middel van het bestemmingsplan wordt voorzien in het planologisch juridisch mogelijk maken van een verlenging van de fietsbrug aan de Matenasche Scheidkade te Papendrecht. Het betreft de op- en afrit aan de noordzijde van de A15 die te steil is en door het verlengen van de op- en afrit van de fietsbrug zal het hellingspercentage afnemen. Op basis van de vigerende agrarische bestemming is de verlenging niet toegestaan. Het bestemmingsplan is opgesteld om deze ontwikkeling mogelijk te maken.
1.2.5 Landschapsplan 'De Tiendzone uitgewerkt' Het landschapsplan 'De Tiendzone Uitgewerkt' is vastgesteld door het college van burgemeester en wethouders van Papendrecht d.d. 20 oktober 2009. Het 'Landschapsplan Tiendzone' geeft een visie op de landschappelijke zone tussen het historische dijklint van Oosteind, Matena en de wijk Oostpolder. In de notitie 'De Tiendzone Uitgewerkt' is de visie van het landschapsplan Tiendzone met betrekking tot het gedeelte van de Tiendzone gelegen tussen de Zuidkil en de Tiendweg Oost verder uitgewerkt in concrete inrichtingsvoorstellen. Omdat ter plaatse de bestemming 'Uit te werken woongebied met bijbehorende voorzieningen' geldt, is op basis van de benodigde onderzoeken een uitwerkingsplan opgesteld waarbij de realisering van de (bouwvergunningplichtige) bruggen, hekwerken en een aantal speelvoorzieningen, juridisch - planologisch mogelijk worden gemaakt.
6
1.2.6 Bestemmingsplan 'Papendrecht 32 woningen Aalscholver' Het bestemmingsplan 'Papendrecht 32 woningen Aalscholver' is vastgesteld door de gemeenteraad van Papendrecht d.d. 16 juni 2016. In het noordelijk deel van de nieuwbouwwijk Oostpolder te Papendrecht en ten zuiden van de rijksweg A15 was voorheen ruimte geboden voor 14 vrije bouwkavels. Deze 14 vrije kavels bleken echter onverkoopbaar en daarom is er een bestemmingsplan opgesteld op ter plaatse maximaal 32 grondgebonden woningen te realiseren die beter aansluiten op de marktomstandigheden. De woningen liggen aan de Aalscholver, een woonstraat met hofjes. Het betreft hoofdzakelijk patiowoningen uitgevoerd in één laag met optioneel een kap. Om deze 32 woningen mogelijk te maken, was het nieuwe bestemmingsplan noodzakelijk.
1.2.7 Wijzigingen in onderhavige beheersverordening 2023 1.2.7.1 Bestemmingsplan 'Hoepmaker 30, Papendrecht' Het bestemmingsplan 'Hoepmaker 30, Papendrecht' is vastgesteld door de gemeenteraad van Papendrecht op 28 maart 2019. Met het bestemmingsplan is het perceel herontwikkeld voor woningbouw. In totaal worden er negen woningen gerealiseerd. De polderstructuur binnen het plangebied is zoveel mogelijk versterkt door de slagenverkaveling ‘in ere te herstellen’ de kavels volgen de richting van deze slagen en bebouwing is met de slag gerealiseerd. De ruime opzet zorgt voor groene kavels en lucht en ruimte tussen bebouwing. Het plangebied is voor gemotoriseerd verkeer doodlopend, maar door het plangebied loopt een langzaamverkeerroute die de Oostpolder met de Tiendweg verbindt. De openbare weg is aan weerszijden geflankeerd door een strook graskeien waarop langsparkeren kan plaatsvinden. De regels betreft de woningen vallen onder de bestemming 'Wonen - 5'.
1.2.7.2 Bestemmingsplan 'Kombuis' Het bestemmingsplan 'Kombuis' is vastgesteld door de gemeenteraad van Papendrecht op 1 oktober 2020. Op de locatie Kombuis in Papendrecht was de (tijdelijke) supermarkt MCD gevestigd. Met de verplaatsing van deze supermarkt is Kombuis het laatste eiland dat in een reeks van wooneilanden in de Oostpolder ontwikkeld is. Op Kombuis zijn 30 grondgebonden woningen ontwikkeld. De locatie is ontsloten vanaf de Oostkil. De ontsluiting loopt dwars over de locatie naar de brug naar het naastgelegen eiland Gangboord. In het midden van het eiland ligt een langwerpige groenstrook waar de weg aan beide omheen loopt. De woningen staan aan weerszijden van de weg en worden via die weg ontsloten. Er zijn zowel rijwoningen als twee-onder-één-kap woningen als vrijstaande woningen. De regels betreft de woningen vallen onder de bestemming 'Wonen - 7'.
1.2.7.3 Bestemmingsplan 'Den Briel' Het bestemmingsplan 'Den Briel' is vastgesteld door de gemeenteraad van Papendrecht op 22 september 2011. Binnen de bebouwde kom, in het centrum van Papendrecht op de hoek Veerweg/P.C. Hooftlaan bevindt zich de voormalige busstrooklocatie die tot september 2007 als tijdelijk winkelcentrum in gebruik was. In het bestemmingsplan 'Centrum' (vastgesteld op 20 februari 2003) is de busstrooklocatie aangewezen als ontwikkelingslocatie voor centrumdoeleinden, zijnde geen detailhandel. Met de ontwikkeling zijn bouwvolumes gerealiseerd die samen ruimte bieden aan circa 65 appartementen, ruim 3.000 m² aan voorzieningen zoals commerciële functies, dienstverlening, een gezondheidscentrum en een grote parkeergarage. Om de beoogde ontwikkeling mogelijk te maken, is een nieuw bestemmingsplan opgesteld. De regels zijn geschaard onder de bestemmingen 'Centrum' en 'Wonen - 3).
7
1.2.7.4 Bestemmingsplan 'Zeven bouwkavels Tiendzone' Het bestemmingsplan 'Zeven bouwkavels Tiendzone' is vastgesteld door de gemeenteraad van de gemeente Papendrecht op 15 juni 2017. Met het bestemmingsplan zijn de percelen aan de Zuidkil en de Zaling in Papendrecht herontwikkeld voor woningbouw. Samen zijn er in totaal zeven vrijstaande woningen mogelijk gemaakt. De Tiendzone is een stukje oorspronkelijk landschap binnen het bebouwd gebied van de gemeente Papendrecht. De slotenverkaveling lopen vanaf de Zuidkil langs de bouwkavels door in de landschappelijke zone met gemengd gebruik waarmee een groot deel van de Tiendzone is ingericht. De noordelijke grenzen van de deelgebieden worden gevormd door deze ontsluitingswegen. Aan de overige zijden vormen de watergangen rondom de gronden de planbegrenzing. Daarmee zijn de bouwkavels goed in de structuur van de omgeving ingepast. De regels betreft de woningen vallen onder de bestemming 'Wonen - 6'. De bouwvlakken zijn aangepast op basis van de daadwerkelijke locatie van de woningen waardoor de bouwvlakken kleiner zijn geworden dan in de oorspronkelijke bestemmingsplannen.
1.2.7.5 Bestemmingsplan 'Zaling 8a' Het bestemmingsplan 'Zaling 8a' is vastgesteld door de gemeenteraad van de gemeente Papendrecht op 24 januari 2019. Het perceel ligt aan het fietspad Zaling dat aansluit aan de westkant op de straat Oostkil en betreft een volkstuin, grotendeels omringd door water. Het plangebied heeft de bestemming recreatie met de nadere aanduiding volkstuin. Met het bestemmingsplan is het perceel aan de Zaling in Papendrecht herontwikkeld voor woningbouw. Met het bestemmingsplan is de realisatie van één woning mogelijk gemaakt. De regels betreft de woning valt onder de bestemming 'Wonen - 6'. Het bouwvlak van het perceel is aangepast zodat deze aansluit op de daadwerkelijk ligging van de woning.
1.2.7.6 Bestemmingsplan '150kV-ondergronds kabeltracé Dordrecht Merwedehaven – Alblasserdam' Het bestemmingsplan '150kV-ondergronds kabeltracé Dordrecht Merwedehaven - Alblasserdam' is vastgesteld door de gemeenteraad van Papendrecht op 11 juli 2019.' De hoogspanningsstations Alblasserdam (AB) en Arkel worden beiden gevoed vanuit het hoogspannningsstation Dordrecht Merwedehaven (DDM). De totale belasting van beide stations bedraagt circa 260 MW. Doordat de belasting van beide stations meer dan 100 MW bedraagt, is het niet mogelijk onderhoudswerkzaamheden aan de 150kV-verbinding Dordrecht Merwedehaven – Alblasserdam uit te voeren, waarbij enkelvoudige storingsreserve is gegarandeerd. Dit is vanuit de netcode wel een vereiste. Om enkelvoudige storingsreserve in de toekomst te garanderen, wordt met dit bestemmingsplan een derde circuit naar Alblasserdam gerealiseerd. Daarmee wordt voldaan aan de netcode. Het project betreft de aanleg van een enkel circuit kabeltracé voor een ondergrondse 150kV- hoogspanningsverbinding (bestaande uit 1 circuit) tussen de 150kV-stations Dordrecht Merwedehaven en Alblasserdam. In de regels van deze beheersverordening is voor het kabeltracé de dubbelbestemming 'Leiding - Hoogspanning' opgenomen.
1.2.7.7 Bestemmingsplan 'Politiebureau Papendrecht Het bestemmingsplan 'Politiebureau Papendrecht' is vastgesteld door de raad van de gemeente Papendrecht op 10 december 2020. Met het bestemmingsplan wordt een nieuw politiebureau mogelijk gemaakt dat voldoet aan de eisen van deze tijd. Het nieuwe bureau beschikt over twee bouwlagen die plat worden afgedekt. Ten westen van het nieuwe bureau komt een afgesloten binnenterrein. Op dit binnenterrein zijn deels gebouwde parkeerplaatsen voor dienstwagens. Ook is voorzien in opslag en stalling van fietsen en motoren. Dit deel van het perceel wordt afgebakend door middel van tuinmuren. De regels van dit bestemming worden geschaard onder de bestemming 'Maatschappelijk' van de beheersverordening. De planlocatie zal worden voorzien van de functieaanduiding 'Specifieke vorm van maatschappelijk - politiebureau'.
8
1.3 Besluitgebied: ligging en omgeving
Ligging plangebied (PDOK luchtfoto) De gemeente Papendrecht ligt in het noordelijke deel van de Alblasserwaard en maakt deel uit van de regio Drechtsteden. Het besluitgebied is het gebied waarop de beheersverordening van toepassing is. De 'Reparatie Beheersverordening Papendrecht 2023' omvat alle gronden gelegen binnen de geldende beheersverordening 'Papendrecht' (2021). Daarnaast zijn de plangebieden van de bestemmingsplannen 'Hoepmaker 30', 'Kombuis', 'Den Briel', 'Zeven bouwkavels Tiendzone', 'Zaling 8a', '150kV-ondergronds kabeltracé Dordrecht Merwedehaven - Alblasserdam' en ‘Politiebureau Papendrecht’ meegenomen in deze beheersverordening.
9
Plangebied van het bestemmingsplan 'Hoepmaker 30, Papendrecht'
Luchtfoto met door middel van de rode lijn het plangebied 'Hoepmaker 30, Papendrecht' globaal afgekaderd Het plangebied van het bestemmingsplan 'Hoepmaker 30' bevindt zich ten zuidoosten van Papendrecht. Aan de oostelijke en westelijke zijde wordt het plangebied begrensd door de naastgelegen groene zone ‘De Tiendzone’. Ten zuiden van het plangebied ligt het historische dijklint en de Tiendweg-Oost. Aan de noordzijde van het plan gebied bevindt zich de woonwijk Oostpolder. Plangebied van het bestemmingsplan 'Kombuis'
Luchtfoto met door middel van de rode lijn het plangebied 'Kombuis' globaal afgekaderd
10
Het plangebied grenst aan de zuidoostzijde aan de Oostkil en aan de zuidzijde, westzijde en noordzijde aan een bestaande watergang. Het plangebied wordt ontsloten via de Kombuis die aan de oostzijde aantakt op de Oostkil en aan de westzijde op de Gangboord. Kombuis is onderdeel van de uitbreidingslocatie Oostpolder. De Oostpolder is een Vinexwijk met een gemengd programma. Op de locatie was de tijdelijke vestiging van de MCD -supermarkt gevestigd. Deze is reeds verplaatst, waardoor ook het laatste eiland ontwikkeld kan worden. Het eiland is de laatste in een reeks van wooneilanden in de Oostpolder. Plangebied van het bestemmingsplan 'Den Briel'
Luchtfoto met door middel van de rode lijn het plangebied 'Den Briel' globaal afgekaderd Het plangebied is gelegen binnen de bebouwde kom van Papendrecht en wordt begrensd door de Veerweg aan de oostzijde en de P.C. Hooftlaan aan de zuidzijde. Ten noorden en westen van de locatie bevinden zich appartementencomplexen. Het plangebied ligt ter plaatse van de zogenaamde 'busstrooklocatie' aan de noordzijde van het centrumgebied 'De Meent'. Hier lag – aan de zijde van de Veerweg – het oude busstation. Nadien was het gebied in gebruik als tijdelijk winkelcentrum. Het plangebied wordt begrensd door de Veerweg in het oosten, de P.C. Hooftlaan in het zuiden en door twee bij de Constantijn Huygenslaan gelegen woonflats met parkeerterreinen aan de noord- en westzijde. De twee haaks op elkaar gesitueerde woonflats (galerijen) bestaan beide uit acht woonlagen boven een op maaiveld gesitueerde onderbouw met bergingen en entree. De centraal binnen Papendrecht gelegen Veerweg vormt een belangrijke noordelijke entree naar het nieuw ontworpen centrumgebied rond De Meent. De P.C. Hooftlaan vormt een belangrijke wijkontsluitingsweg voor het zuidwestelijke kwadrant van de wijk Westpolder.
11
Plangebied van het bestemmingsplan 'Zeven bouwkavels Tiendzone'
Luchtfoto met door middel van de rode lijn het plangebied 'Zeven bouwkavels Tiendzone' globaal afgekaderd Het plangebied is gelegen in het oostelijke deel van Papendrecht, ten noorden van het bedrijventerrein Oosteind. Het betreffen vijf deelgebieden. Binnen drie deelgebieden wordt één woning toegestaan, de twee meest oostelijk gelegen deelgebieden voorzien in de realisatie van twee woningen per deelgebied. De deelgebieden liggen ten zuiden van de straat Zuidkil en ten zuiden van het fietspad van de Zaling. De noordelijke grenzen van de deelgebieden worden gevormd door deze ontsluitingswegen. Aan de overige zijden vormen de watergangen rondom de gronden de planbegrenzing.
12
Plangebied van het bestemmingsplan 'Zaling 8a'
Luchtfoto met door middel van de rode lijn het plangebied 'Zaling 8a' globaal afgekaderd Het plangebied is gelegen in het oostelijke deel van Papendrecht, ten noorden van het bedrijventerrein Oosteind. Het plangebied ligt aan het fietspad Zaling dat aansluit aan de westkant op de straat Oostkil en betreft een volkstuin, grotendeels omringd door water. Het initiatief is gericht op de bouw van één vrijstaande woning aan de Zaling. Het plangebied wordt omringd door graslanden afgewisseld met volkstuinen. Aan de noordkant van het plangebied liggen relatief jonge woonwijken en aan de oostkant (ten oosten van de Matenasche Scheidkade) liggen agrarische gronden van het type veenweidegebied in het zogenaamde Land van Matena. Plangebied van het bestemmingsplan '150kV-ondergronds kabeltracé Dordrecht Merwedehaven Alblasserdam'
Luchtfoto met door middel van de rode lijn het plangebied '150kV-ondergronds kabeltracé Dordrecht Merwedehaven – Alblasserdam Sportcentrum' globaal afgekaderd
13
De begrenzing van het plangebied van het ondergrondse kabeltracé volgt de hartlijn van de nieuwe ondergrondse hoogspanningsverbinding met bijbehorende beschermingszone. De breedte van de dubbelbestemming 'Leiding - Hoogspanning' bedraagt overal 12 meter. Deze 12 meter is opgebouwd uit een beschermingszone van maximaal 5 meter aan weerszijden van het kabelbed. Het tracé komt in het noordwesten uit in de gemeente Alblasserdam en in het zuidoosten in de gemeente Dordrecht. Plangebied van het bestemmingsplan 'Politiebureau Papendrecht'
Luchtfoto met door middel van de rode lijn het plangebied 'Politiebureau Papendrecht' globaal afgekaderd De locatie bevindt zich aan de Burgemeester Keijzerweg in Papendrecht. Het plangebied is te herkennen aan de half ovale vorm en ligt aan de binnenzijde van de dijk. Het plangebied ligt verhoogd ten opzichte van het omliggende park. Het hoogteverschil is circa 5 meter. Het gebied wordt groen omrand. Aan de westelijke zijde is een bosschage gesitueerd. Het hoogteverschil wordt overbrugd door een groene glooiing die vanuit het noorden van het plangebied, via de oostelijke zijde tot in het zuiden van het plangebied loopt. Niet meegenomen Met deze reparatie van de beheersverordening zijn bepaalde gronden niet meegenomen. Een beheersverordening suggereert dat het een conserverend gebied betreft waar geen ruimtelijke ontwikkeling is voorzien. Ten opzichte van de beheersverordening 2021 is het plangebied voor de voorliggende nieuwe beheersverordening op een aantal locaties aangepast. Dit heeft te maken met de te verwachte ontwikkelingen die zich in de fase van planvorming bevinden. Daarnaast zijn enkele locaties uit het plangebied van de nieuwe beheersverordening gehaald waar recentelijk een bestemmingsplan voor is vastgesteld en deze locaties nog in ontwikkeling zijn. Hierbij kan gedacht worden aan Kraaihoek fase 1, Kraaihoek fase 2 en 3, P.C.
Hooftlaan 180, Veerpromenade 23, Merwehoofd, Douwes Dekkerlaan en VO scholen, Poldermolen 8 en Overtoom.
14
2 Motivering voor toepassing van het instrument 'beheersverordening' 2.1 Geen ruimtelijke ontwikkeling Gemeenten hebben sinds de introductie van de Wro in beginsel de keuze tussen het vaststellen van een bestemmingsplan of een beheersverordening. De keuze voor een beheersverordening is afhankelijk van het karakter van het gebied. De beheersverordening is namelijk geïntroduceerd voor gebieden waar geen ruimtelijke ontwikkeling wordt voorzien (art. 3.38 Wro). Het moet gaan om laagdynamische gebieden waar weinig gebeurt en waarvoor enkel een beheersregeling gewenst is. Eén van de voorwaarden voor het kunnen vaststellen van een beheersverordening is dat in het gebied geen ruimtelijke ontwikkeling mag zijn voorzien. De Wro geeft niet aan wat moet worden verstaan onder een 'ruimtelijke ontwikkeling'. In de wetsgeschiedenis is hierover onder meer te vinden 'dat van een ruimtelijke ontwikkeling sprake is als het gaat om ruimtelijk relevante veranderingen in het planologisch toegestane gebruik van gronden en opstallen alsmede om bouwkundige wijzigingen van bouwwerken, waarvoor een bouwvergunning (nu: omgevingsvergunning, red.) nodig is'. Bij de beheersverordening zal het meestal gaan om gebieden die 'af' of 'uitontwikkeld' zijn.
De beheersverordening is bedoeld om een gebied waar niet veel zal gebeuren (“lage dynamiek”) te voorzien van een beheersregeling voor het bestaande gebruik (zie ook par. toelichting paragraaf 2.2). Bij planologisch laagdynamische gebieden moet gedacht worden aan natuurgebieden, maar ook volledig ontwikkelde (nieuwbouw)wijken of andere stadsdelen. Voor dergelijke gebieden werden de kosten voor het maken van een bestemmingsplan door de wetgever te hoog geacht. Het instrument beheersverordening is dan ook ontwikkeld om voor planologisch laagdynamische gebieden op een snelle en effectieve wijze het bestaande gebruik vast te leggen. Bij onderhavige beheersverordening betreft het een beheersverordening in brede zin en de 'ruime' variant. Dat wil zeggen dat het realiseren van ondergeschikte bouwplannen mogelijk blijft onder deze beheersverordening. Van belang is dat in de Wro is bepaald dat de beheersverordening in elk geval binnen tien jaar na vaststelling wordt herzien. Dit is een maximale termijn en betekent niet dat de verordening niet voor een kortere periode kan gelden. In de nabije toekomst zal voor het gebied een nieuw omgevingsplan worden opgesteld waarbij de wettelijke procedure wordt doorlopen.
2.2 Bestaand gebruik In de beheersverordening wordt het beheer overeenkomstig het bestaande gebruik geregeld. Onder 'bestaand gebruik' wordt zowel feitelijk bestaand gebruik (enge uitleg) begrepen als planologisch bestaand gebruik (ruime uitleg). In beide gevallen gaat het om gebruik in ruime zin, dus zowel gebruik van onbebouwde gronden en van bebouwing als gebruik in de zin van het bouwen van bouwwerken. Met de enge uitleg wordt bedoeld het feitelijk aanwezige gebruik, met de ruime uitleg het gebruik dat op grond van het voorgaande bestemmingsplan reeds was toegestaan (TK 2006-2007, 30 938, nr. 7, p. 10 e.v.). Dit laatste houdt in dat gebruik dat reeds toegelaten wordt in het aan de beheersverordening voorafgaande bestemmingsplan, ook als 'bestaand gebruik' kan worden aangemerkt. In de beheersverordening 'Reparatie Beheersverordening Papendrecht 2023' wordt het bestaande gebruik geregeld overeenkomstig de voorgaande beheersverordeningen en bestemmingsplannen en het geldend provinciaal en gemeentelijk beleid.
15
2.3 Besluitgebied De keuze voor een beheersverordening voor het gebied is met name gebaseerd op het feit dat procedureel gezien tijdwinst wordt geboekt ten opzichte van een bestemmingsplan. In het besluitgebied zijn in de komende 10 jaar geen nieuwe ruimtelijke ontwikkelingen voorzien. Het betreft een gebied dat als voltooid kan worden beschouwd. Gedurende de looptijd van de beheersverordening is daarom de verwachting dat nieuwe grootschalige ontwikkelingen zich niet zullen voordoen. Uit het gemeentelijk en provinciaal/regionaal beleid blijkt daarnaast dat ook voor de toekomst weinig tot geen planologische veranderingen zullen worden doorgevoerd in het besluitgebied (op het beleid wordt nader ingegaan in hoofdstuk toelichting hoofdstuk 3). Er zijn met andere woorden geen ruimtelijke ontwikkelingen voorzien. Aangezien het besluitgebied een gebied is waar gedurende de looptijd van deze beheersverordening op planologisch vlak weinig veranderingen zullen plaatsvinden, kan voor dit gebied ook een conserverend bestemmingsplan kunnen worden opgesteld.
Omdat uitsluitend sprake is van het verwerken van een aantal gewenste wijzigingen in de regels en op de verbeelding, en in de nabije toekomst het opstellen van een omgevingsplan aan de orde is in het kader van (de voorbereidingen op) de Omgevingswet, is de keuze van de gemeente Papendrecht gevallen op een beheersverordening, zodat vóór de inwerkingtreding van de Omgevingswet, de juiste situatie is vastgelegd. Het zal naar verwachting nog jaren duren voordat er voor het hele grondgebied, voor alle thema's een nieuw omgevingsplan is opgesteld. Tot die tijd zullen de regels van de bestaande bestemmingsplannen en beheersverordeningen gelden als een tijdelijk omgevingsplan van rechtswege. Zodoende worden de reeds vergunde afwijkingen en geconstateerde omissies hersteld in de voorliggende beheersverordening vóór de inwerkingtreding van de Omgevingswet.
2.4 Juridische status De beheersverordening hoort wettelijk gezien tot de categorie verordeningen. Verordeningen op gemeentelijk niveau worden vastgesteld door de gemeenteraad. De bevoegdheid hiertoe wordt voor wat betreft de beheersverordening gegeven in artikel 3.38, eerste lid Wro. De gemeenteraad heeft (veel, maar) geen volledige vrijheid over hoe de beheersverordening er uitziet. Het Besluit ruimtelijke ordening (hierna: Bro) schrijft in artikel 1.2.3 voor dat de beheersverordening langs elektronische weg wordt vastgelegd en vastgesteld. De verplichting hiertoe geldt vanaf 1 januari 2010. Ook moet een volledige verbeelding op papier zijn, zij het dat de elektronische versie juridisch gezien beslissend is. Voor de digitalisering bepaalt artikel 1.2.1, tweede lid Bro ook dat een beheersverordening digitaal beschikbaar moet worden gesteld en volledig, toegankelijk en begrijpelijk moet worden verbeeld. Deze vereisten komen overeen met de vereisten die gelden voor een bestemmingsplan. Afgezien van deze wettelijke vereisten heeft de gemeenteraad de vrijheid om de inhoud van de beheersverordening naar eigen inzicht vast te stellen, er is echter geen bezwaar of beroep mogelijk. De beheersverordening vervangt het geldende bestemmingsplan (artikel 3.39 Wro) en heeft dezelfde status en rechtsgevolgen als het bestemmingsplan.
16
3 Gebiedsvisie en uitgangspunten 3.1 Rijksbeleid 3.1.1 Nationale Omgevingsvisie Op 11 september 2020 is de Nationale Omgevingsvisie (NOVI) in werking getreden. Deze visie bevat de hoofdzaken van het strategisch rijksbeleid voor de fysieke leefomgeving. Dit is een combinatie van beleid uit de bestaande beleidsdocumenten, met en zonder wettelijke grondslag, en nieuw strategisch beleid. De grote en complexe opgaven, zoals klimaatverandering, energietransitie, circulaire economie, bereikbaarheid en woningbouw zullen Nederland gaan veranderen. De NOVI bevat een toekomstperspectief met de ambities van het Rijk. In de NOVI zijn 21 nationale belangen met bijbehorende opgaven geformuleerd. Deze nationale belangen komen samen in vier prioriteiten: 1. 2. 3. 4.
ruimte voor klimaatadaptatie en energietransitie; duurzaam economisch groeipotentieel; sterke en gezonde steden en regio's; toekomstbestendige ontwikkeling van het landelijk gebied.
Voor de vier NOVI-prioriteiten geldt steeds dat zowel voor de lange als de korte termijn maatregelen nodig zijn. Deze maatregelen dienen in de praktijk voortdurend op elkaar in te spelen. Bij de afweging van de belangen staat een evenwichtig gebruik van de fysieke leefomgeving centraal voor zowel de boven- als de ondergrond. Planspecifiek Deze beheersverordening richt zich primair op het vastleggen van de bestaande situatie. Het nationaal beleid is overwegend van toepassing op nieuwe ontwikkelingen en daardoor slechts zeer beperkt dan wel niet relevant in de onderhavige situatie.
3.1.2 Besluit algemene regels ruimtelijke ordening De wetgever heeft in de Wet ruimtelijke ordening, ter waarborging van de nationale of provinciale belangen, de besluitmogelijkheden van lagere overheden begrensd. Indien nationale of provinciale belangen dat met het oog op een goede ruimtelijke ordening noodzakelijk maken, kunnen bij of krachtens algemene maatregel van bestuur respectievelijk bij of krachtens provinciale verordening regels worden gesteld omtrent de inhoud van bestemmingsplannen. In het Besluit algemene regels ruimtelijke ordening (Barro) zijn 14 nationale belangen opgenomen die in de NOVI zijn herbevestigd. Voor deze belangen is het Rijk verantwoordelijk en wil het resultaten boeken. Buiten deze belangen hebben decentrale overheden beleidsvrijheid. Het Barro is op 30 december 2011 in werking getreden en op 1 oktober 2012, 1 juli 2014, 1 juli 2016, 1 januari 2017 en 1 december 2020 op onderdelen aangevuld. Planspecifiek De voorgenomen ontwikkeling in het plangebied raakt niet aan één van de nationale belangen en is dus ook niet specifiek van toepassing op het plangebied.
17
3.2 Provinciaal beleid Het Omgevingsbeleid van Zuid-Holland omvat al het provinciale beleid voor de fysieke leefomgeving. Het omgevingsbeleid van de provincie Zuid-Holland bestaat uit de Omgevingsvisie, het Omgevingsprogramma en de Omgevingsverordening. De meest recente versies van de Omgevingsvisie, het Omgevingsprogramma en de Omgevingsverordening zijn op 1 april 2023 in werking getreden. Daarnaast zijn operationele doelstellingen opgenomen in het Omgevingsbeleid. Hiermee wordt inzicht verschaft in hoe de provincie invulling geeft aan de realisatie van haar beleid. Deze operationele doelstellingen maken onderdeel uit van verschillende uitvoeringsprogramma's en - plannen, zoals het programma Ruimte en het programma Mobiliteit. Daarnaast is het ruimtelijke beleid vervat in de Omgevingsverordening verbeeld op de kwaliteitskaart en zijn er gebiedsprofielen opgesteld, gezamenlijk met decentrale overheden en andere partijen in de regio. De gebiedsprofielen hebben de status van handreiking, maar nadrukkelijk niet de status van toetsingskader. De beheersverordening gaat uit van het vastleggen van de bestaande situatie in het besluitgebied en maakt geen nieuwe ontwikkelingen mogelijk. Wel is binnen de regeling van de beheersverordening ruimte aanwezig voor het verder doorvertalen van de in de provinciale doelstellingen opgenomen kwaliteitsverbetering voor het stads- en dorpsgebied.
Gelet op het voorgaande wordt op het provinciale beleid in het kader van deze beheersverordening niet nader ingegaan. Het gemeentelijke beleid en in mindere mate het regionale beleid (Drechtsteden) zijn richtinggevend.
3.3 Regionaal beleid In deze paragraaf wordt het regionaal beleid besproken. Binnen de Drechtsteden werken zeven gemeenten op een vernieuwende manier samen. Dit wordt gedaan onder het motto 'slim - samen - vooruit'. Er wordt regionaal beleid gemaakt en uitgevoerd, daar waar dat handig is. Daarnaast wordt lokaal beleid voortgezet en worden ook lokale keuzes gemaakt. Zo wordt het beste van beide benut. De Drechtsteden bepalen voor een groot deel het regionale beleid van verschillende thema's in de gemeenten Alblasserdam, Dordrecht, Hardinxveld-Giessendam, Hendrik-Ido-Ambacht, Papendrecht, Sliedrecht, en Zwijndrecht.
3.3.1 Woonvisie Drechtsteden 2017 - 2031 In de gezamenlijke woonvisie voor de Drechtsteden verbindt de regio de kwalitatieve ambities met een kwantitatieve groeidoelstelling. De Woonvisie wil een gezicht geven aan degenen die de regio nog geen wooncarrière kunnen bieden. De regio wil een kwalitatief hoog woningaanbod realiseren voor een doelgroep die in een duurder segment valt. De zeven gemeenten gaan een inspanningsverplichting aan om naast de autonome groeiopgave te zoeken naar locaties om zo’n 15.000 woningen te realiseren. Hierbij is de opgave op zich meer van belang dan het jaartal van realisatie (2031). Voor zover in Papendrecht sprake is van nieuwe woningbouwprojecten, zijn deze buiten de beheersverordening gelaten, omdat hierin geen ontwikkelingslocaties mogen zitten.
3.3.2 Groeiagenda 2030 De Drechtsteden hebben gezamenlijk de ‘Groeiagenda 2030’ opgesteld, die doelen en ambities bevat om van de Drechtsteden een nóg aantrekkelijker woon- en werkgebied te maken voor zowel nieuwe als bestaande inwoners. Daarin is de ambitie uitgesproken om uit te groeien tot een regio met meer dan 300.000 inwoners. De Groeiagenda 2030 brengt de actiepunten in kaart waaraan gewerkt moet worden,
18
uitgesplitst naar vier pijlers: ‘Wonen’, ‘Werken’, ‘Bereikbaarheid’ en ‘Energietransitie.’ De aandachtspunten kunnen per gemeente en meervoudig-lokaal verschillend zijn. De inzet is om 25.000 nieuwe woningen en 30.000 extra arbeidsplaatsen te realiseren tot 2030. Hieraan zijn onlosmakelijk verbonden het verbeteren van de bereikbaarheid, inclusief het oplossen van de vraagstukken over externe veiligheid, leefbaarheid en het verder optimaliseren van het voorzieningenniveau. Onderhavige plan voorziet in een nieuwe beheerverordening. Er worden geen nieuwe ontwikkelingen mogelijk gemaakt. Bij nieuwe ruimtelijke ontwikkelingen, zal dit via separate planvorming moeten plaatsvinden. 3.3.3 Energiestrategie Drechtsteden Als één van de pilotregio’s van het programma Regionale Energiestrategieën hebben de Drechtsteden gewerkt aan een regionale energiestrategie. Als resultaat daarvan tekenden bijna dertig partijen, waaronder de gemeente Papendrecht, op 23 februari 2018 de samenwerkingsovereenkomst 'Drechtsteden energieneutraal 2050'. Samen met stakeholders werkt de regio aan het doel om voor 2050 energieneutraal te zijn. Daarmee gaan de regio naar een CO2 neutrale energievoorziening. Vanuit de strategie werken we nu toe naar realisatie van die transitie. Er ligt een solide basis maar er is nog heel veel werk te verrichten. Onderhavige plan voorziet in een nieuwe beheerverordening.
Er worden geen nieuwe ontwikkelingen mogelijk gemaakt. Bij nieuwe ruimtelijke ontwikkelingen, zal dit via separate planvorming moeten plaatsvinden.
3.4 Gemeentelijk beleid In deze paragraaf wordt het gemeentelijk beleid besproken. 3.4.1 Omgevingsvisie Papendrecht De gemeente Papendrecht heeft op 21 januari 2021 de Omgevingsvisie Papendrecht - Een duurzame toekomst met een krachtige gemeenschap vastgesteld. In de Omgevingsvisie benoemt de gemeente hun koers voor de toekomst tot 2035. De visie dient als stip op de horizon, meer richting bepalend dan een hard einddoel op zich. Het verre tijdsbestek maakt het onwenselijk om nu alles vast te leggen. Uitgangspunten zijn onder andere het verwezenlijken van een duurzame gemeente waar mensen graag wonen, werken en verblijven. De gemeente kiest voor een krachtige gemeenschap waar de kwaliteit van het leven wordt behouden en versterkt. Een gemeenschap met oog voor het welzijn en de ontwikkeling van haar inwoners. Goede voorzieningen en een toereikend activiteitenaanbod zijn hierin essentieel. De ruimtelijke omgeving is zodanig ingericht dat het uitnodigt om te bewegen, ontmoeten en ontspannen. Woongebieden zijn gezond, duurzaam en toekomstbestendig met oog voor de benodigde klimaatadaptatie en energietransitie. Sterkere verbindingen tussen de verschillende water- en groenstructuren in Papendrecht zijn nodig voor een betere ruimtelijke kwaliteit. De herkenbaarheid en zichtbaarheid van de rivier en het culturele erfgoed worden gekoesterd en versterkt.
Het woonaanbod is divers en sluit aan bij de woonbehoefte van onze inwoners. Door meer woningen aan het hogere koopsegment toe te voegen, ontstaat vanwege doorstromingsmogelijkheden meer ruimte voor de huisvesting van starters. Ook bijzondere woon(zorg)concepten krijgen meer ruimte. Een aantrekkelijk werkklimaat en een levendig centrumgebied gericht op ontmoeting en ontspanning verbeteren de aantrekkingskracht van onze gemeente. Goede bereikbaarheid over weg en water is essentieel voor de verbinding met en toegankelijkheid in de regio. Alleen op deze manier blijven we voor iedereen een prettige plek om te wonen, werken en te verblijven. De regelingen in de beheersverordening leggen primair de bestaande situatie vast. Binnen de kaders van de beheersverordening zijn ruimtelijke ontwikkelingen niet toegestaan. De beheersverordening biedt voldoende ruimte om het beleid van de omgevingsvisie binnen de gestelde kaders grotendeels te kunnen vertalen naar
19
de praktijk. Alleen indien sprake is van nieuwe ruimtelijke ontwikkelingen, zal dit via separate planvorming geschieden. 3.4.2 Papendrechts woonplan 2020-2030 Op 11 juli 2019 is het 'Papendrechts Woonplan 2020-2030' vastgesteld. Met dit plan wil de gemeente aangeven hoe wonen ook in de toekomst geborgd kan worden. Met het woonplan geeft de gemeente uitvoering aan de Groeiagenda 2030 – goed leven in de Drechtsteden en de Regionale woonvisie 20172031 – goed wonen in de Drechtsteden. In het Papendrechtse Woonplan is de gemeente tot de volgende uitgangspunten gekomen:
• • • • •
wij realiseren voldoende woningen om de autonome huishoudensgroei op te kunnen vangen wij realiseren woningen om een bijdrage te leveren aan de regionale groeiagenda toevoeging van de woningvoorraad vindt vooral plaats in het duurdere segment het nieuwbouwprogramma stimuleert doorstroming, zodat in de bestaande woningvoorraad woningen vrijkomen voor starters, huishoudens met een laag inkomen en beginnende doorstromers wij staan open voor experimentele bouwinitiatieven voor starters en bijzondere woonvragen. De experimenten zijn beperkt in opzet en ruimtebeslag
•
initiatieven die leiden tot verbetering en grotere diversiteit van de sociale huurwoningvoorraad ondersteunen wij actief
• • •
nieuwe woningen zijn duurzaam en dragen bij aan de ruimtelijke kwaliteit van de omgeving wij streven naar duurzame huisvesting van kwetsbare groepen wij houden de leefbaarheid in de Papendrechtse wijken op peil en zullen deze waar mogelijk verbeteren
In de beheersverordening zijn de uitgangspunten opgenomen regelingen verwerkt in primair de woonbestemming en voor zover relevant eveneens in de overige bestemmingen.
3.4.3 Horecanota Met de gemeentelijke Horecanota wordt inzicht gegeven in het gemeentelijk beleid en de diverse regelingen ten aanzien van de horeca. De horecanota speelt in op de herstructurering van het centrum in de vorm van het nieuwe winkelcentrum De Meent. Verder wordt in het horecabeleid de categorisering van horeca bedrijven vanwege goede ervaringen uit het verleden voortgezet. De bouw van het nieuwe winkelcentrum De Meent is voltooid. Voor de hier aanwezige horecabedrijven geldt dat ruimte is voor onderlinge uitwisseling binnen dezelfde (of een lagere) horecacategorie. Voor de overige in het besluitgebied aanwezige horecavestigingen geldt dat hiervoor strikt de feitelijk aanwezige horecavoorziening met de daarbij behorende categorie wordt vastgelegd. Indien noodzakelijk worden daarbij ook maximale oppervlaktes aangegeven. Categorie 3 horeca is momenteel op slechts één locatie aanwezig.
3.4.4 Terassenbeleid 'Levendig Papendrecht' Terrassen zijn vanuit recreatief en economisch oogpunt belangrijk en zorgen voor levendigheid in Papendrecht. De afgelopen jaren hebben de ondernemers en de gemeente veel geïnvesteerd in de bedrijvigheid van en rondom het centrum en in het marktplein, de 'huiskamer' van Papendrecht. Hierdoor is het horeca-aanbod flink toegenomen en naar verwachting blijft deze sector zich uitbreiden. De gemeente Papendrecht heeft een terrassenbeleid (d.d. 27 februari 2018) uitgegeven. De gemeente heeft regels opgesteld voor terrassen zodat de openbare ruimte aantrekkelijk blijft, zijn openbare karakter behoud en hinder en overlast zoveel mogelijk worden voorkomen. Daarnaast vervult het de wens vanuit de (horeca) ondernemers om eenduidige regels en richtlijnen voor terrassen in te voeren.
20
Het beleid is gericht aan alle ondernemers in Papendrecht die vanuit een openbare inrichting horecaactiviteiten verrichten met een terras en overige ondernemers met een gevelzitplaats. Gemeente Papendrecht vindt het belangrijk dat de eigen identiteit van de ondernemingen leidend is. In principe staat het de ondernemer dus vrij het terras naar eigen inzicht in te richten. Wel dient de gehele terrasinrichting, zoals terrasschermen, parasols en meubilair binnen het eigen terras op elkaar afgestemd te zijn, qua kleur en stijl. Ook heeft de ondernemer de verantwoordelijkheid het terras schoon te houden en de voorwerpen die op het terras staan moeten heel zijn. Naast het terrassenbeleid zijn er in de Algemene plaatselijke verordening (APV) artikelen over terrassen opgenomen en is er wet- en regelgeving voor de horeca en detailhandel.
3.4.5 Gemeentelijk Verkeers- en Vervoersplan (GVVP) Papendrecht 2010-2020 De doelstelling van het GVVP is: 'Het behouden, en waar mogelijk versterken, van de leefkwaliteit door het creëren van een duurzaam verkeers- en vervoerssysteem met voldoende gebruikswaarde, belevingswaarde en toekomstwaarde.' Papendrecht vormt geen eiland. Inkomende en uitgaande verkeers- en vervoerbewegingen zijn essentieel voor het functioneren van Papendrecht als woon- en werkgemeente. Door de nabijheid van de rijkswegen A15, N3 en de provinciale weg N214 heeft Papendrecht een goede verbinding met het landelijke hoofdwegennet. Het huidige landelijke hoofdwegennet heeft echter te kampen met overbelasting, waardoor tijdens de spits files ontstaan, de externe bereikbaarheid onder druk komt te staan en de kans op ongewenst doorgaand verkeer over het interne wegennet toeneemt. Vanuit verschillende perspectieven heeft Papendrecht belang bij een goede doorstroming op de rijkswegen A15, de N3 en de aansluitende lokale hoofdwegen. Een goede doorstroming op de A15 en de N3 voorkomt ongewenst doorgaand verkeer over bijvoorbeeld de Burgemeester Keijzerweg en zorgt voor een goede bereikbaarheid vanuit de gemeente naar bestemmingen buiten de gemeente en vice versa (externe bereikbaarheid).
Bundeling van het doorgaande autoverkeer op het landelijke hoofdwegennet biedt kansen om de oversteekbaarheid van gemeentelijke wegen voor fietsers en voetgangers te verbeteren. Ook de leefkwaliteit in de aanliggende woonwijken is gebaat bij minder doorgaand autoverkeer. Het voorgenomen initiatief past binnen de kader van het gemeentelijk beleid.
3.4.6 Landschapsplan 'Tiendzone Oostpolder' Papendrecht Visie 2015 De opgave die in deze toekomstvisie verwoord wordt, is hoe er ook in de toekomst ingespeeld kan worden op de veranderende behoeften van de inwoners. De gemeente wil de beschikbare gronden zo goed mogelijk benutten, waarbij duurzaamheid en kwaliteit de sleutelwoorden zijn. Revitalisering en herinrichting bieden kansen tot vernieuwing en verbetering. Papendrecht wil hiermee zijn centrum en wijken een kwaliteitsimpuls geven. Het aantal 55-plussers zal ook in Papendrecht de komende jaren sterk toenemen. Daarom dienen toekomstige voorzieningen ook te voorzien in de behoeften van deze bevolkingsgroep en moeten ze goed bereikbaar en toegankelijk zijn voor 55-plussers. Het feit dat het aantal ouderen in de gemeente zal toenemen vraagt om extra aandacht op het gebied van wonen, zorg en vrijetijdsbesteding. Landschapsplan Tiendzone (2000) Het 'Landschapsplan Tiendzone' geeft een visie op de landschappelijke zone tussen het historische dijklint van het Oosteind en Matena en de wijk Oostpolder. Kernpunten van de visie zijn de opname van een beperkt aantal woningen en het handhaven van de polderstructuur van het gebied, waarbij tevens ruimte blijft voor volkstuinders en dieren. Het gebied wordt volgens de visie toegankelijk gemaakt voor omwonenden door middel van een pad van west naar oost en enkele noord - zuidpaden.
De zone wordt aan de noordkant afgesloten door de 'Ring', een landschappelijk ingepast pad voor fietsers, voetgangers en skaters. Door het open en groen houden van het gebied, blijft via de Matenasche Scheidkade een plezierige, groene verbinding voor langzaam verkeer in stand tussen Papendrecht en het Groene Hart.
21
De Tiendzone Uitgewerkt In de notitie 'De Tiendzone Uitgewerkt' is de visie van het Landschapsplan Tiendzone met betrekking tot het gedeelte van de Tiendzone, gelegen tussen de Zuidkil en de Tiendweg - Oost, verder uitgewerkt in concrete inrichtingsvoorstellen, welke de basis vormen voor het opstellen van het landschapsplan. In het plan wordt voorgesteld om de bomenrij van de Ring langs de noordkant van de Weteringen te laten lopen. Daardoor komen de oostelijke wooneilanden van Oostpolder als het ware in het groengebied te liggen. De inrichting van deze eilanden en de Weteringen wordt landschappelijker dan ten westen van de Matenasche Scheidkade. Het zo ontstane verschil tussen de westelijke en de oostelijke eilanden zal de diversiteit van de Oostpolder vergroten.
3.4.7 Bomenverordening gemeente Papendrecht 2017 In de raadsvergadering van 14 september 2017 is de Bomenverordening gemeente Papendrecht 2017 vastgesteld. Het doel van de bomenverordening is (aanvullende) bescherming van waardevolle bomen. Daarnaast draagt de verordening bij aan meer bekendheid van bijzondere bomen en biedt deze de mogelijkheid voor het geven van ondersteuning aan eigenaren van beschermingswaardige particuliere bomen bij het bomenbeheer. De bomenverordening richt zich zowel op bomen in eigendom van de gemeente als op bomen van overige eigenaren. De bomenverordening is verder uitgewerkt in een Handboek Groen. Dit handboek bevat o.a. de criteria voor beschermingswaardige bomen ('houtopstanden' ). Op basis van de criteria in het Handboek Groen is een Groene Kaart samengesteld.
3.4.8 Conclusie Voor het uitwerkingsgebied en de directe omgeving worden geen ingrijpende veranderingen voorgesteld. Het beleid van diverse overheden voor dit uitwerkingsgebied stemt overeen met de huidige situatie en ontwikkelingen.
22
4 Sectorale aspecten 4.1 Archeologie en cultuur 4.1.1 Archeologische waarden Bij de opstelling en de uitvoering van ruimtelijke plannen moet rekening gehouden worden met bekende archeologische waarden. De gemeente Papendrecht beschikt over een eigen Archeologische Verwachtingskaart en een Archeologische Beleidsadvieskaart. Op de Verwachtingskaart staat aangegeven wat de archeologische verwachting is voor de in geologisch opzicht verschillende gebieden in het besluitgebied. In de beheersverordening wordt de bestaande situatie vastgelegd en zijn geen nieuwe ontwikkelingen voorzien die tot bodemingrepen leiden. De eventueel aanwezige archeologische waarden binnen de besluitgebieden komen dan ook niet in het geding. Op de Verwachtingskaart staat aangegeven wat de archeologische verwachting is voor de in geologisch opzicht verschillende gebieden. In de regels en de verbeelding van de beheersverordening zijn de archeologische waarden die zijn opgenomen in de Verwachtingskaart overgenomen. Hierbij is onderscheidt gemaakt tussen een middelhoge, hoge en zeer hoge archeologische verwachting. Gezien het voorgaande kan gesteld worden dat de Archeologische waarden de vaststelling van de beheersverordening dan ook niet in de weg staan.
4.1.2 Cultuurhistorische waarden Binnen het plangebied zijn verschillende in cultuurhistorisch opzicht waardevolle gebouwen aanwezig, met name ter hoogte van de Oude Dijklinten. Rijksmonumenten zijn niet aanwezig binnen het besluitgebied. Wel bevindt zich ter plaatse van het oude dijklint (met name Oosteind) een aantal beeldbepalende panden. Deze worden van een beschermende regeling voorzien. Het oude dijklint is verder op de provinciale Cultuur historische atlas aangeduid als een historisch landschappelijke lijn met een hoge waarde. Enkele andere wegen hebben een redelijk hoge waarde. Afgezien van het Noordhoekse Wiel zijn verder binnen en in de directe omgeving van het besluitgebied geen relevante cultuurhistorische waarden aanwijsbaar. De N214 aan de noordwestzijde van het besluitgebied is op de provinciale Cultuur historische atlas aangeduid als een historisch landschappelijke lijn met een redelijk hoge waarde. De ten oosten van het besluitgebied liggende weg heeft een hoge waarde. Verder zijn binnen en in de directe omgeving van het besluitgebied geen relevante cultuurhistorische waarden aanwijsbaar. Aangezien de beheersverordeningen nieuwe ontwikkeling, waaronder mede begrepen het oprichten van gebouwen, niet mogelijk maakt, komen de aanwezige cultuurhistorische waarden niet in het geding.
4.2 Flora en fauna 4.2.1 Gebieds- en soortenbescherming Bij ruimtelijke ingrepen dient rekening te worden gehouden met de natuurwaarden ter plaatse. Daarbij wordt onderscheid gemaakt tussen gebiedsbescherming en soortenbescherming. Ter bescherming van de natuurwaarden is per 1 januari 2017 de Wet natuurbescherming (Wnb) van toepassing. Deze wet vervangt de Natuurbeschermingsweg 1998, de Boswet en de Flora- en faunawet.
23
In de wijdere omgeving van het plangebied liggen diverse Natura 2000-gebieden. Op iets minder dan twee kilometer in zuidelijke richting ligt het Natura 2000-gebied 'Biesbosch', op circa vier kilometer in noordelijke richting 'Donkse Laagten' en op ongeveer drie en een halve kilometer richting het noordwesten 'Boezems Kinderdijk'. Daarnaast komen in en rond het plangebied verschillende gebieden voor die deel uitmaken van de Ecologische Hoofdstructuur (EHS). Naast gebiedsbescherming is de soortenbescherming van belang. In verband met de uitvoerbaarheid van ruimtelijke plannen dient rekening te worden gehouden met soortbescherming en dan met name de aanwezigheid van beschermde soorten. Aangezien in de beheersverordening geen nieuwe ontwikkelingen zijn opgenomen, oefent deze geen nadelige invloed uit op deze gebieden en soorten. Daarmee kan geconcludeerd worden dat het aspect Flora en fauna geen belemmering vormt voor het vaststellen van de beheersverordening.
4.3 Waterparagraaf Omdat de bebouwingsregeling van de voorgaande bestemmingsplannen en beheersverordeningen wordt overgenomen, is geen sprake van een toename van het verhard oppervlak. Aangezien deze beheersverordening niet voorziet in nieuwe ontwikkelingen, is geen sprake van mogelijke negatieve gevolgen voor de waterhuishoudkundige situatie binnen het gebied. Een nadere watertoets is dan ook niet noodzakelijk. De beheersverordening maakt immers niet meer mogelijk dan nu al mogelijk is.
4.4 Bedrijven en milieuzonering Het aspect bedrijven en milieuzonering gaat in op de invloed die bedrijven kunnen hebben op hun omgeving. Deze invloed is afhankelijk van de afstand tussen een gevoelige bestemming en de bedrijvigheid. Milieugevoelige bestemmingen zijn gebouwen en terreinen die naar hun aard bestemd zijn voor het verblijf van personen gedurende de dag of nacht of een gedeelte daarvan (bijvoorbeeld woningen). Daarnaast kunnen ook landelijke gebieden en/of andere landschappen belangrijk zijn bij een zonering tot andere, minder gevoelige, functies zoals bedrijven. Van het inpassen van nieuwe inrichtingen in categorie 3.1 (of hoger) is gezien het beheersaspect van deze beheersverordening geen sprake. Nieuwe categorie 1 en 2 inrichtingen zijn mogelijk mits de vigerende bestemming daarvoor de ruimte biedt. Met betrekking tot de aanwezige bedrijven en instellingen wordt in de huidige situatie geen (grootschalige) overlast ervaren. Gelet op de aard en omvang van de functies zal dit ook in de toekomst niet het geval zijn. Aan de zuidoostzijde (Oostpolder) en de westzijde van het plangebied reikt de geluidzone van de rondom de gemeente gelegen bedrijventerreinen tot binnen de grenzen van het besluitgebied. Binnen deze geluidzone mag geen geluidsgevoelige bebouwing worden opgericht.