CConstaterende datPapendrecht
Koppel je AI →
Document · PDF

Bijlage 1 Visie wonen en zorg ouderen V07092023Def.pdf

Raadsvergadering Papendrecht 2 november 2023, gemeente PapendrechtBij agendapunt: 8: Visie Wonen, zorg en senioren - Voorstel15.079 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 2

Wonen en zorg voor senioren

Visie wonen en zorg voor senioren Langetermijnvisie 2023 - 2030

Wonen en zorg voor senioren

Wonen en zorg voor senioren 4.5.5 Kwaliteit leefomgeving ............... 25

Inhoudsopgave

4.5.6 Werken aan een zorgzame buurt ................................................... 26

1. Inleiding ............................................................................................................ 4 1.1

4.6 Ontwikkellijn 3: Vitale zelfredzame senioren zowel geestelijk als fysiek................................................................................................................. 26

Aanleiding: Papendrecht vergrijst ..................................................... 4

1.2 Samen staan we sterker ............................................................................ 4

4.6.1 Een gezonde leefstijl ........................................................................ 26

1.3 Leeswijzer ................................................................................................... 5

4.6.2 Onderdeel uitmaken van een netwerk ........................................... 26

2. Trends en ontwikkelingen ........................................................................... 6

4.6.3 Zingeving: zinvolle invulling van de dag ........................................ 26

2.1 Ontwikkelingen wonen en zorg ................................................................ 6

4.6.4 Benutten van de zilveren kracht ..................................................... 27

2.2 Landelijk beleid......................................................................................... 11

4.6.5 Digitale vaardigheden, domotica en digitale zorg ........................ 27

2.3 Regionaal en lokaal beleid ...................................................................... 12

4.6.6

3. De opgave ...................................................................................................... 13

Valpreventie ................................................................................... 27

4.7. Ontwikkellijn 4: Passende ondersteuning ............................................ 27

3.1 Voldoende geschikte woningen in een geschikte leefomgeving ....... 13

4.7.1 Reablement (herstelgerichte ondersteuning en zorg) ................. 28

3.2 Ondersteuning van hulpbehoevende senioren .................................... 17

4.7.2 Sterke basiszorg voor senioren (Integraal zorgakkoord) ............ 28

4. Visie en ontwikkellijnen ............................................................................. 20

4.7.3 De inzet van informele zorg (mantelzorgers en vrijwilligers) ...... 28

4.1 Uitgangspunten ........................................................................................ 20

4.7.4 Voldoende zorgpersoneel ............................................................... 28

4.2 Onze ambities ........................................................................................... 22

4.7.5 Het inzetten van domotica en E-health ......................................... 29

4.3 De ontwikkellijnen .................................................................................... 22

4.7.6 Bureaucratie verminderen/Minder administratieve lasten .......... 29

4.4 Ontwikkellijn 1: Voldoende geschikte woningen .................................. 22

4.7.7 Een dementievriendelijke gemeente ............................................. 29

4.4.1 Algemeen ........................................................................................... 22

5. Het vervolg: actieagenda met fasering .................................................. 29

4.4.2 Doorstroming ..................................................................................... 22

Bijlage 1: Relevante kaders ........................................................................... 30

4.4.3 Woningen geschikt maken .............................................................. 23 4.4.4 Nieuwbouw ........................................................................................ 23 4.5 Ontwikkellijn 2: Een geschikte leefomgeving voor senioren .............. 24 4.5.1 Beweegvriendelijke leefomgeving en ontmoeting ....................... 24 4.5.2 Toegankelijkheid ............................................................................... 24 4.5.3 Bereikbaarheid .................................................................................. 25 4.5.4 Nabijheid van voorzieningen ........................................................... 25

3

Wonen en zorg voor senioren

1. Inleiding 1.2 Samen staan we sterker Bij het onderwerp vergrijzing spelen vele partijen een rol: de senioren zelf, de overheid, semioverheid, de markt en de samenleving. Qua organisaties gaat het vooral om het rijk, de gemeente, de woningcorporatie, particuliere verhuurders, projectontwikkelaars, zorgverzekeraars, zorgkantoren, zorgaanbieders, welzijnsorganisaties en verenigingen. Deze organisaties behartigen nu vaak ieder slechts een deel van het grote thema wonen, welzijn en zorg voor senioren. Niet één van deze organisaties kan in haar eentje het totale thema behartigen. Alleen met elkaar kunnen we succesvol het hoofd bieden aan deze omvangrijke opgave. Dit in afstemming met de (toekomstige) senioren zelf.

1.1 Aanleiding: Papendrecht vergrijst De bevolking in Nederland wordt ouder. De prognose van de demografische ontwikkeling van Papendrecht laat, overeenkomstig de landelijke trend, een dubbele vergrijzing zien. Het aantal senioren in Papendrecht neemt toe én ze worden ouder. Er komen steeds meer inwoners die ouder zijn dan 85 of zelfs 90 jaar. Daarnaast wordt voor de komende decennia een verdubbeling van het aantal mensen met dementie verwacht. De dubbele vergrijzing levert een aantal vraagstukken op. Denk hierbij aan: Hoe kunnen senioren zo lang mogelijk op een zo aangenaam mogelijke manier zelfstandig wonen? Hoe kunnen senioren zo lang mogelijk vitaal blijven en meedoen in de samenleving? Hoe zorgen we voor voldoende en betaalbare zorg & ondersteuning als senioren hulp nodig hebben? Wat verwachten we bij deze vraagstukken van senioren zelf? En van hun netwerk?

Deze visie is in samenwerking met onze partners en senioren tot stand gekomen. Voor wat betreft onze partners gaat het om de zorgorganisaties Rivas en Waardeburgh, woningcorporatie Woonkracht10 en Sterk Papendrecht. Het VGZ Zorgkantoor heeft op een aantal momenten meegedacht.

Vooral deze vragen zijn voor een aantal organisaties in Papendrecht aanleiding geweest om met elkaar in gesprek te gaan en een integrale langetermijnvisie op wonen en zorg voor senioren te ontwikkelen. Een visie dwars door allerlei beleidsterreinen heen om te komen tot samenhangend beleid op de terreinen van wonen, leefomgeving, (informele) zorg en welzijn.

De inbreng van senioren is meegenomen in het onderzoek naar de huisvestingsopgave senioren door onderzoeksbureau Companen, het behoeftenen bekendheidsonderzoek onder 1000 Papendrechtse 65-plussers en de uitkomsten uit het Preventief Huisbezoek 2022. Daarnaast heeft de Klankbordgroep senioren diverse keren actief meegedacht bij het maken van deze visie.

Collegeprogramma 2023-2026, Samen maken we Papendrecht We werken aan een visie en actieagenda Wonen en zorg senioren. Deze wordt in 2023 vastgesteld en uitgevoerd in samenwerking met senioren en maatschappelijke partners. Hierbij is in ieder geval aandacht voor voldoende geschikte huisvesting voor senioren, het actieplan tegen eenzaamheid, de dementievriendelijke gemeente en voldoende passende zorg en ondersteuning voor senioren en hun mantelzorgers. 4

Wonen en zorg voor senioren

1.3 Leeswijzer In hoofdstuk 2 kijken we naar trends en ontwikkelingen die spelen bij wonen en zorg voor senioren. Ook is kort het landelijke beleid ten aanzien van senioren beschreven. Zowel met betrekking tot wonen als met betrekking tot zorg. Als laatste geven we inzicht in lokale beleidsplannen die van invloed zijn op senioren. Vervolgens geven we in hoofdstuk 3 inzicht in de belangrijkste opgaven voor Papendrecht. Onze visie op wonen en zorg senioren is te lezen in hoofdstuk 4. Hierna geven we in hoofdstuk 5 de ambitielijnen weer die passen bij de visie en de geformuleerde opgaven. Noot: We hebben er voor gekozen om het te hebben over senioren en niet over ouderen. Bij een programma gericht op senioren, kan men van mening verschillen over vanaf welke leeftijd iemand tot deze doelgroep behoort. Wij hebben voor de leeftijd van 65 jaar gekozen. Dit is een leeftijd waarop de meeste mensen vitaal zijn en aan het denken zijn over de periode na hun werkende leven. Het is ook een leeftijd waarop het goed is na te denken over wonen over tien of twintig jaar, wanneer de vitaliteit waarschijnlijk minder zal zijn.

5

Wonen en zorg voor senioren 2.1 Ontwikkelingen wonen en zorg In de voorbijgaande jaren is er veel veranderd op het gebied van wonen en zorg. Ook in de komende jaren verwachten we veranderingen. Hieronder beschrijven we de belangrijkste trends en ontwikkelingen.

2. Trends en ontwikkelingen De kwaliteit van onze samenleving in Nederland is hoog maar staat wel door een aantal belangrijke ontwikkelingen onderdruk zoals bijvoorbeeld nu de oorlog in Oekraïne en over een langere termijn de gevolgen van de klimaatverandering. Hoe het met mensen gaat is afhankelijk van hun economisch, sociaal, cultureel en persoonlijk kapitaal. Heb je weinig hulpbronnen dan is het moeilijk om mee te komen en/of het hoofd boven water te houden. De digitale technologie beïnvloedt meer dan vroeger hoe wij ons tot elkaar verhouden en met wie we in contact staan. De toenemende vergrijzing van de bevolking drukt in toenemende mate een stempel op de krapte op de arbeidsmarkt, maar ook op het aantal mensen dat beschikbaar is om alle andere zaken die in de samenleving gedaan moeten worden ook gedaan te krijgen, zoals het zorgen voor naasten als mantelzorger, het doen van vrijwilligerswerk en het omzien naar elkaar 1. Onze samenleving is verder geïndividualiseerd. Sommigen ervaren dit als toenemende persoonlijke keuzevrijheid, anderen wijzen erop dat te veel nadruk op het individu leidt tot verlies van sociale cohesie2.

1. Dubbele vergrijzing: het aantal senioren stijgt en de gemiddelde leeftijd van senioren neemt toe Nu leven we met 3,5 miljoen mensen in Nederland die ouder zijn dan 65 jaar. In 2030 zijn er 4,2 miljoen en in 2040 4,8 miljoen mensen boven de 65 jaar. Kijken we naar de gemeente Papendrecht dan zien we ook dat de groep senioren de komende jaren sterk stijgt. Ook gaat het aantal 75-plussers, maar zeker het aantal 80-plussers sterk stijgen. Zie onderstaand figuur uit het rapport Huisvestingsopgave senioren (lokaal onderzoek door Companen). Figuur 2.1.: Aantal 65-plussers in 2021 en 2040 naar leeftijdsklasse

4

3 6

46

3

3

4 65 4

Met dit in ons achterhoofd beschrijven we in dit hoofdstuk de trends en ontwikkelingen op het gebied van wonen en zorg die (mede) betrekking hebben op senioren. Ook geven we een zo volledig mogelijk overzicht van huidig relevant beleid op het gebied van wonen en zorg. Zowel landelijk als in de gemeente Papendrecht. Voor Papendrecht is het belangrijk om rekening te houden met deze trends en ontwikkelingen. En om rekening te houden met landelijk en regionale (beleids)ontwikkelingen. Vooral als deze kunnen bijdragen aan onze eigen plannen ten aanzien van senioren.

56 35

6 5 4

5

Bron: Bevolkingsprognose Primos 2020

Opvallend is dat in Papendrecht de verhouding tussen het aantal personen van 65 jaar of ouder en het aantal personen van 20 tot 65 jaar afwijkt van het gemiddelde. We noemen deze verhouding de grijze druk. Met 40,8% ligt de grijze druk in Papendrecht een stuk hoger dan in de rest van de Drechtsteden (35,2%) en het landelijk gemiddelde (33,7%). Papendrecht is dus meer dan gemiddeld vergrijsd. Kijkend naar de verdeling van 65-plussers over

1

2

Sociale en Culturele Ontwikkeling, Stand van Nederland 2023, Sociaal en Cultureel Planbureau, april 2023

6

Worden we individualistischer?, Centraal Bureau voor Statistiek, 23-12-2017

Wonen en zorg voor senioren Papendrecht heeft onderzoeksbureau Companen de volgende tabel gemaakt: T bel

: Oude e huishoudens uitgesplitst n

Leeftijdsklasse 65-74 jaar 75-84 jaar 85+ jaar Huishoudens totaal

Westpolder 685 480 187 1.352

leefti dskl sse op buu tnive u (

Molenvliet & Wilgendonk 709 497 194 1.400

Kraaihoek 465 325 127 917

)

Middenpolder & Oosteind 587 411 160 1.158

B on: Huishoudensp ognose P imos

De afgelopen 70 jaar is de gemiddelde levensverwachting met 10 jaar toegenomen. Waarbij senioren vitaler oud worden dan vroeger. Dat is een goede ontwikkeling, maar helaas merken velen dat ouderdom toch met gebreken komt. Zo ondervindt 53% van de senioren die 85 jaar of ouder zijn een beperking bij alledaagse handelingen. Het Rijksinstituut voor Volksgezondheid en Milieu (RIVM) geeft aan dat de uitgaven aan de ouderenzorg bij ongewijzigd beleid in ongeveer 20 jaar tijd verdubbelen. Oftewel een groei van 3,6% per jaar. De verwachting is dat het aantal mensen met dementie stijgt van 280.000 in 2020 naar 520.000 in 2040 en 620.000 in 2050. Dat brengt een grote uitdaging met zich mee voor de zorg, omdat dementiepatiënten een uitzonderlijk grote zorgbehoefte kennen. Op dit moment is dementiezorg al verantwoordelijk voor 10% van de totale zorguitgaven in Nederland3. De dubbele vergrijzing heeft niet alleen gevolgen voor de zorg(kosten). De gevolgen zijn op meer terreinen merkbaar. Denk hierbij onder meer aan de woningmarkt, de leefomgeving en het 3 4

Factsheet cijfers en feiten over dementie, Alzheimer Nederland

Dit blijkt onder meer uit de hervorming van de Wlz, de Wmo en het Programma Wonen, Ondersteuning en Zorg voor Ouderen (WOZO, ministerie van VWS).

beleidsterrein 'welzijn'. Dat betekent dat diverse organisaties, waaronder de landelijke en lokale overheid, zich moeten voorbereiden. Maar het is ook belangrijk dat senioren zelf zich voorbereiden op het ouder worden. 2. Senioren wonen langer zelfstandig De laatste tientallen jaren is het aantal en aandeel 75-plussers dat zelfstandig thuis woont, gestegen. In 2020 woonde 92% van de 75plussers zelfstandig thuis. In 1990 was dat 83% (ABF, 2021). Het overheidsbeleid is er ook op gericht om senioren zo lang mogelijk zelfstandig te laten wonen. Waar nodig met zorg en ondersteuning4. Slechts een klein deel van de senioren woont in een verpleeghuis. Ondanks de stijging van de gemiddelde leeftijd is het de verwachting dat de periode waarin men intensieve zorg nodig heeft, niet toeneemt. Vooral omdat mensen vitaler oud worden. Veel senioren willen graag zelfstandig in hun eigen omgeving blijven wonen. Ze zijn fit en voelen zich veilig en vertrouwd in hun eigen huis met bekende mensen in de buurt. Als er zorg nodig is, willen ze deze vaak zo lang mogelijk thuis ontvangen. De overheid stimuleert dat en heeft dat enige jaren geleden mogelijk gemaakt via het volledig pakket thuis, het modulair pakket thuis en het persoonsgebonden budget waarmee mensen zelf de benodigde zorg en ondersteuning kunnen inkopen.

Naast de wens om thuis te blijven wonen met intensieve zorg is het volledig pakket thuis ook om andere redenen interessant. Diegene die dit pakket ontvangt, leeft gemiddeld één jaar langer dan iemand die in een instelling is opgenomen (1.288 dagen tegen 922 dagen). Dat blijkt na correctie voor verschillen in individuele gezondheidskenmerken. Bovendien zijn de gemiddelde dagelijkse kosten van VPT-zorg 58 euro lager dan bij zorg die men in een instelling ontvangt (184 euro tegen 242 euro per dag)5. 5

Onderzoek Vrije Universiteit in Amsterdam: ‘Is thuisblijven een goed alternatief voor een opname in het verpleeghuis?’, 2021

Wonen en zorg voor senioren

3. Stabilisatie van het aantal senioren dat in een verpleeghuis woont De huidige bezetting in de verpleeghuizen lijkt landelijk ongeveer gelijk te blijven. Dit heeft te maken met twee ontwikkelingen: • er wordt meer dan voorheen zwaardere zorg bij mensen thuis gegeven; • er is nu een zwaardere indicatie nodig om in aanmerking te komen voor opname in een verpleeghuis. Lichtere zorgzwaartepakketten zijn afgeschaft. Daardoor is de periode dat iemand in een verpleeghuis woont korter geworden. Dit betekent een hogere doorstroming. En dat met hetzelfde aantal verpleeghuisplaatsen in eenzelfde periode meer cliënten wordt gehuisvest. Op dit moment is de totale capaciteit in Papendrecht voor verpleging en verzorging in een instelling 195 plekken. Daarvan zijn 110 plekken voor mensen met een psychogeriatrische aandoening (ziekte, aandoening of stoornis in of van de hersenen -mede- als gevolg van ouderdom) en 85 plekken voor mensen met een somatische aandoening (lichamelijke ziekte waarbij iemand lichamelijke klachten en symptomen heeft)6. Deze verpleeghuisplaatsen worden aangeboden door Rivas. Het beleid van de rijksoverheid is erop gericht om de huidige capaciteit verpleeghuisplekken (landelijk 130.000) in stand te houden en niet verder uit te breiden.

Men wil vooral verpleeghuiszorg in de thuissituatie bieden via volledig pakket thuis, modulair pakket thuis en het persoonsgebonden budget. Bij deze verpleegzorgplekken is wonen en zorg financieel gescheiden. 4. Verdere scheiding van wonen en zorg, verdergaande extramuralisering Sinds 2013 is het 'scheiden van wonen en zorg' ingevoerd. Dit betekent kortweg dat het wonen en de zorg apart gefinancierd wordt. En niet meer beiden vanuit de Wet Langdurige Zorg (Wlz) vergoed 6

Rapport Huisvestingsopgave ouderen (lokaal onderzoek door Companen), 2021

wordt. De cliënt betaalt dan zelf voor het wonen via huur of koop. De zorg wordt apart gefinancierd via de Zorgverzekeringswet (Zvw), Wet Maatschappelijke Ondersteuning (Wmo) of Wlz en eventueel (aanvullend) via eigen middelen. Ondanks deze invoering zien we in de praktijk dat er bij een heel groot deel van de verpleeghuisplekken nog wel vanuit de Wlz een vergoeding wordt betaald voor wonen én zorg. De eerdere term ‘scheiden wonen en zorg’ is inmiddels vervangen door de term ‘extramuralisering’. Het scheiden van wonen en zorg had voorheen alleen betrekking op het uit het intramurale pakket halen van de huisvestingscomponent (het wonen). Met de term extramuralisering wordt naast de huisvestingscomponent ook de verblijfscomponent uit het intramurale pakket gehaald (het wonen én de diensten). In Papendrecht is deze extramuralisering al vergevorderd. Bijna 97% van de 75-plussers in de gemeente woont zelfstandig en een kwart van hen maakt gebruik van zorg. De extramuralisering is al meerdere jaren een feit. De vraag die al enige tijd speelt, is hoe ver dit wordt doorgevoerd. Op dit moment zijn in de ouderenzorg de zorgzwaartepakketten (ZZP’s) 1, 2 en 3 geëxtramuraliseerd. Met een zorgbehoefte die onder één van deze pakketten valt, komt een senior niet meer in aanmerking voor een plek in een zorginstelling. ZZP 4 is deels extramuraal gemaakt.

Het kabinet Rutte IV heeft aangegeven dat voor de ouderenzorg het scheiden van wonen en zorg stapsgewijs verder wordt ingevoerd. Het volledig pakket thuis, het modulair pakket thuis en het persoonsgebonden budget zijn alternatieven voor de zorg met verblijf in een instelling. Het is bedoeld om scheiden van wonen en zorg te stimuleren. En om de diversiteit in woonvormen te vergroten. Daarmee komen er tussenvormen tussen zelfstandig wonen en het verpleegtehuis. Senioren krijgen daarmee meer keuzemogelijkheden.

Wonen en zorg voor senioren

5. Stagnerende doorstroom De vraag naar woningen is groot. De doorstroming van gezinswoningen naar geschikte woningen voor senioren stagneert. Het afschaffen van de verzorgingshuizen met het doel senioren langer zelfstandig thuis te laten wonen, heeft onbedoeld gezorgd voor een ‘verstopping ‘van de woningmarkt. Veel senioren blijven wonen waar ze wonen, maar wel in (grote) woningen die meer geschikt zijn voor andere doelgroepen. Oudere inwoners hebben verschillende redenen om niet te verhuizen: • ze willen het liefst blijven wonen in hun vertrouwde huis en/of de vertrouwde omgeving met bekenden in de buurt; • geschikt en aantrekkelijk aanbod ontbreekt. Zo zijn de voor hen geschikte sociale huurwoningen vaak kleiner. Dit terwijl de huur vaak gelijk of hoger ligt; • verhuizen is duur; • opzien tegen het geregel dat bij een verhuizing komt kijken; • niet op de hoogte zijn van het aanbod en de mogelijkheden. Wat opvalt is dat de verhuisgeneigdheid afneemt naarmate men ouder wordt. Dit heeft te maken met het feit dat senioren vaak al een groot deel van hun leven in dezelfde woning wonen en hechten aan de opgebouwde sociale structuren en de huidige woonomgeving. Ze zijn geworteld. Daarnaast gaat men bij het toenemen van de leeftijd steeds meer opzien tegen alles wat bij een verhuizing komt kijken. Helemaal als hulp daarbij ontbreekt of slechts beperkt beschikbaar is.

Bij de verhuismotieven is de gezondheidssituatie, behoefte aan ondersteuning en/of zorg het belangrijkst. Men denkt vaak pas aan verhuizen als het niet meer gaat in de huidige woning. Maar dan moet alles geregeld worden onder grote tijdsdruk. Daardoor heeft men soms minder keuzes. Zo kan het zijn dat er dan geen woning in de eigen wijk beschikbaar is.

7

Rapport ‘Kiezen voor houdbare zorg’ van de Wetenschappelijke Raad voor het Regeringsbeleid, 2021

6. Behoefte aan nieuwe woonvormen Er is een groeiende behoefte aan nieuwe woonvormen. Woonvormen die het gat opvullen tussen zelfstandig wonen en wonen in een instelling met 24 uurs zorg. Het gat is ontstaan door het verdwijnen van de verzorgingstehuizen. Een groot deel van de senioren van nu en van de toekomst geven aan voorkeur te hebben om geclusterd bij elkaar te wonen of in een geschikte/aangepaste woning maar dan wel in de nabijheid van een zorginstelling en andere voorzieningen. Landelijk zien we ook de ontwikkeling van woonvormen waar juist een vermenging van verschillende doelgroepen plaatsvindt. Denk hierbij aan senioren en mensen met een verstandelijke beperking of een psychische kwetsbaarheid. Maar hierbij kunnen we ook denken aan het zogenaamde 'gestippeld wonen'. Jong en oud wonen in één complex en de bewoners kijken naar elkaar om. 7. Tekort aan personeel en mantelzorgers: steeds minder mensen moeten steeds meer senioren verzorgen Waar we aan de ene kant zien dat mede door de vergrijzing de zorgvraag toeneemt, zien we aan de andere kant een daling van de beroepsbevolking en een toenemende druk op mantelzorgers. Dit wordt veroorzaakt door de demografische ontwikkeling waardoor de verhouding tussen 85-plussers en 50-74 jarigen anders wordt. Nu al werkt 1 op de 6 werknemers in de zorg en ervaren we een tekort aan zorgpersoneel.

De komende jaren neemt de zorgvraag verder toe vanwege de vergrijzing. Om daarin te voorzien zou in 2040 1 op de 4 werknemers in de zorg moeten werken7. Daarnaast zijn er in de toekomst naar verhouding minder mantelzorgers beschikbaar. Waar in 2018 tegenover elke senior die mantelzorg ontving nog bijna 5 mantelzorgers stonden, zijn er in 2040 nog slechts 3 mantelzorgers per mantelzorg-ontvanger

Wonen en zorg voor senioren beschikbaar8. Daarbij zijn deze mantelzorgers vaak 65- of zelfs 75plussers. Al hoeft dat niet een probleem te zijn, omdat we vitaler oud worden. 8. De inzet van domotica en digitale zorg Het gebruik van domotica en digitale zorg gaat minder snel dan verwacht, maar wordt wel steeds normaler. Domotica is een verzamelnaam voor toepassing van elektronica voor automatisering in huis, waardoor je langer zelfstandig thuis kunt wonen. Digitale zorg is het gebruik van informatie- en communicatietechnologie (ICT) om gezondheid en gezondheidszorg te ondersteunen of te verbeteren. Het is van groot belang om toepassing en het gebruik van domotica en digitale zorg te stimuleren en in te zetten. Vooral rondom wijkverpleging. Met de toenemende krapte aan verplegend personeel, verzorgenden en mantelzorgers wordt de inzet van andere technologieën in de nabije toekomst erg belangrijk. Professionals ervaren al dat het werken met digitale hulpmiddelen de werkdruk kan ontlasten, terwijl de patiënten/cliënten de ondersteuning en zorg krijgen die ze nodig hebben. Aandachtspunt hierbij zijn de digitale vaardigheden en mogelijkheden van senioren. Deze nemen toe naar vragen voorlopig nog wel inzet.

De toegang tot internet vergroot het (gemiddelde) vermogen van senioren om informatie tot zich te nemen, regie te voeren en gebruik te maken van technologische en sociale innovaties. Zo ontstaan mogelijkheden om afhankelijkheid van zorg te verminderen zodat er minder personeel ingezet hoeft te worden. Omgaan met domotica en digitale zorg kan een probleem zijn voor mensen met dementie en digitaal laaggeletterden. Daarnaast kunnen er andere redenen zijn dat persoonlijk contact zeer wenselijk en/of noodzakelijk is. Domotica en digitale zorg zijn dus zeker niet de

8

Toekomstverkenning mantelzorg aan ouderen in 2040 van het Sociaal en Cultureel Planbureau, 2019

oplossing voor alle zorgvragen, maar kan wel een belangrijke bijdrage leveren. 9. Senioren met een zorgvraag willen meer eigen regie en keuze Senioren van nu zijn vitaler en leven langer. Ook als ze chronische ziekten hebben. Zij willen en kunnen langer zelfstandig zijn dan de senioren van een generatie geleden. Daarnaast hebben senioren gemiddeld gezien meer financiële armslag gekregen en zijn ze hoger opgeleid. In toenemende mate zien we dat ze meer regie willen houden op hun leven. Als ze zorg nodig hebben, willen ze dat de zorg niet hun leven bepaalt, maar dat zorg hen ondersteunt om hun eigen dingen te blijven doen. Daarbij wel opgemerkt dat er een verschil is tussen de senior van nu en toekomstige senioren. En dat inkomenspositie en het opleidingsniveau een belangrijke rol speelt bij het meer willen en kunnen hebben van eigen regie en keuze. Landelijk wordt hierbij ook de trend gezien dat service, welzijn en zorg vaker mensen zelf financieren. Naar verwachting gaan bedrijven zich meer gaan richten op de groeiende groep (kapitaalkrachtige) senioren. Hierdoor komen er waarschijnlijk nieuwe aanbieders en meer vernieuwing in diensten en producten maar kan er wel door verschil in financiële draagkracht een verschil in het voorzieningsniveau gaan voordoen. 10.

Toenemende eenzaamheid Een veelgebruikte definitie van eenzaamheid is: het subjectief (persoonlijk) ervaren van een onplezierig of ontoelaatbaar gemis aan (kwaliteit van) bepaalde sociale relaties. Het kan dus gaan om het aantal contacten en/of de kwaliteit van de contacten. Eenzaamheid overkomt jong en oud. De kans op eenzaamheid neemt wel toe met

Wonen en zorg voor senioren het ouder worden. Dit geldt specifiek voor sociale eenzaamheid (minder contact hebben met mensen dan je wenst). Het percentage mensen dat zich emotioneel eenzaam voelt (het missen van een hechte intieme band met één of meerdere personen), neemt toe vanaf 75 jaar. Na de leeftijd van ongeveer 75 jaar is de kans op eenzaamheid groter bij een opeenstapeling van verschillende gebeurtenissen. Zoals overlijden van de partner, het verlies van mobiliteit en zelfstandigheid door verminderd functioneren. In Papendrecht is 49% van de inwoners van 65 jaar en ouder matig tot (zeer) ernstig eenzaam. 10% is (zeer) ernstig eenzaam9. 2.2 Landelijk beleid Zoals eerder aangegeven is al vele jaren het beleid van de rijksoverheid gericht op het zo lang mogelijk zelfstandig wonen van senioren. Het landelijke beleid bepaalt mede de richting van ons lokale beleid. Als er sprake is van wetgeving dan gaat dit, vanwege het verplichtende karakter, uiteraard verder dan richting geven. In bijlage 1 zijn de belangrijkste wetten opgenomen die van invloed zijn op wonen, zorg en welzijn voor senioren. In deze paragraaf staan we stil bij twee landelijke programma's die van invloed zijn op ons lokale beleid. In 2022 zijn zowel het ministerie van Volksgezondheid, Welzijn en Sport als het ministerie van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties met een programma voor senioren gekomen.

Hieronder worden beide programma's kort toegelicht. Wel moeten we ons beseffen dat door de val van het kabinet Rutte IV een nieuw kabinet met andere plannen kan komen. Programma Wonen, Ondersteuning en Zorg voor Ouderen Dit programma is afkomstig van het ministerie van VWS. Het programma kondigt een 'nieuwe' norm aan. De norm wordt: zelf als het kan, thuis als het kan en digitaal als het kan.

9

Gezondheidsmonitor Volwassenen en Ouderen, Dienst Gezondheid & Jeugd ZHZ, 2020

Zelf als het kan We vergroten de mogelijkheden voor senioren om zo lang mogelijk, met ondersteuning van de eigen omgeving, zelfredzaam te blijven, ook als de gebreken van de ouderdom zich aandienen. Dat is ook wat de (toekomstige) senioren van nu graag willen. We investeren in het vermogen van senioren om te leven zoals voor hen, gegeven hun mogelijkheden, passend is. We stimuleren en activeren senioren zelf verantwoordelijkheid te nemen voor de wijze waarop zij wonen, hun sociale contacten onderhouden en hun welzijn en gezondheid op peil houden. Thuis als het kan We maken senioren beter bewust van de noodzaak zich voor te bereiden op ouder worden en welke woonvorm en woonomgeving daarbij het beste past. We realiseren voldoende passende woonvormen in een leefomgeving die activeert en ontmoetingen stimuleert. We werken samen om te zorgen dat senioren op een plek kunnen wonen waar ze zich thuis voelen in de buurt van hun sociale netwerk. We organiseren zorg en ondersteuning zoveel mogelijk dichtbij. Bij het werken aan toekomstbestendige ondersteuning en zorg voor senioren moeten we in het bijzonder oog hebben voor de meest kwetsbare groep. Zij moeten kunnen rekenen op hulp als het even niet lukt, zorg dichtbij als nodig en passende zorg in een verpleeghuis als de kwetsbaarheid groot is en de zorgvraag complex.

Digitaal als het kan We beantwoorden zoveel mogelijk zorgvragen met een digitale oplossing. Dit vraagt een andere manier van werken in de zorg. Digitale technologieën helpen senioren hun zelfstandigheid te behouden en hun kwaliteit van leven te bevorderen. Deze technologieën bestrijken uiteenlopende levensdomeinen: huishouden, sociale interactie, bewegen, veiligheid, (vrijwilligers)werk, vrijetijdsbesteding, gezond en actief leven en zorg. Doorsnijdend in

Wonen en zorg voor senioren deze drieslag is dat het altijd ‘samen’ is, samen met naasten, samen met de samenleving, samen met informele zorgverleners, samen met andere zorgverleners (over de domeinen heen). Deze samenwerking wordt digitaal ondersteund om samen met anderen tot oplossingen te komen. We beantwoorden niet elke hulpvraag met ondersteuning en zorg, maar helpen mensen met zelfstandig blijven. Dit doen we zoveel mogelijk op basis van wetenschappelijke inzichten. Hierbij gaan we uit van de principes van passende zorg, waarbij aandacht is voor cultuurspecifieke en cultuursensitieve zorg.10 Programma Wonen en zorg voor ouderen Dit programma is afkomstig van het ministerie van BZK onderdeel Volkshuisvesting en Ruimtelijke Ordening. In dit programma zitten drie actielijnen: 1. Versnellen woningbouw; 2. Senioren informeren, ontzorgen en doorstroming verbeteren; 3. Een leefomgeving die uitnodigt tot bewegen en ontmoeten. Actielijn 1: Versnellen woningbouw Er moet sneller nieuwe woningen worden gebouwd. Kijkend naar senioren wil het ministerie dat er landelijk tot en met 2030 170.000 nultredenwoningen (woningen zonder trappen) en 80.000 geclusterde woningen worden gebouwd. Daarnaast zullen voor mensen met een zwaardere zorgvraag 40.000 geclusterde vormen op basis van Wlz-zorg thuis worden gebouwd (verpleegzorgplekken).

Meer dan de helft van deze verpleegzorgplekken moet gericht zijn op mensen met dementie. De huidige verpleeghuiscapaciteit blijft in stand richting 2030.

over de uitvoering van de opgave. Wat dat betekent voor Papendrecht is nog niet bekend. Actielijn 2: Senioren informeren, ontzorgen en doorstroming verbeteren Deze actielijn heeft als doel om ervoor te zorgen dat senioren in een voor hen geschikte woning kunnen wonen. Door verschillende acties worden senioren gestimuleerd om vroegtijdig na te denken over het wonen van straks. Dit doen we door: 1. De bouw van nieuwe woningen voor senioren (actielijn 1). Deze zullen ervoor zorgen dat meer senioren passend kunnen wonen en dat de doorstroming op de woningmarkt gestimuleerd wordt; 2. Senioren te informeren over hun toekomstige woonopties; 3. Senioren voor en tijdens de verhuizing te ontzorgen. Actielijn 3: Een leefomgeving die uitnodigt tot bewegen en ontmoeten Stimuleren dat bij nieuw te bouwen woningen voor senioren de leefomgeving in de plannen wordt meegenomen. En dat bestaande wijken toegankelijker worden.11

Om dit te realiseren, zijn er regionale woondeals afgesloten. Daarin vertalen provincies en gemeenten -in regionaal verband- de woningbouwopgave naar concrete locaties en maken zij afspraken

2.3 Regionaal en lokaal beleid Binnen de regio Drechtsteden, de gemeente Papendrecht, Rivas en Woonkracht10 bestaan al beleidsstukken of zijn er beleidsontwikkelingen gaande die raakvlakken hebben met deze woonzorgvisie voor senioren. De belangrijkste documenten en ontwikkelingen zijn opgenomen in bijlage 1. Daarbij is ook een korte uitleg gegeven waaruit de relatie met het onderwerp Wonen en zorg senioren blijkt.

10

11

Bron: Programma Wonen, Ondersteuning en Zorg voor Ouderen (WOZO), ministerie van Volksgezondheid, Welzijn en Sport

Bron: Programma Wonen en zorg voor ouderen, ministerie van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties onderdeel Volkshuisvesting en Ruimtelijke Ordening

Wonen en zorg voor senioren Nederland uit te breiden. Om de inwoners van Papendrecht die intensieve zorg nodig hebben te ondersteunen, is het belangrijk om in te zetten op geclusterd wonen waarin vergaande zorg geleverd kan worden via het volledig pakket thuis (VPT), het modulair pakket thuis (MPT) en het persoonsgebonden budget. Daarmee kunnen mensen zelf de benodigde zorg en ondersteuning inkopen. Deze extra plekken kunnen gerealiseerd worden door nieuwbouw. Of door een reeds bestaand gebouw om te vormen tot een geschikte geclusterde locatie voor intensieve zorg.

3. De opgave Met de trends & ontwikkelingen, zoals beschreven in het vorige hoofdstuk, gaan we in dit hoofdstuk in op de belangrijkste opgaven voor nu en in de toekomst. 3.1 Voldoende geschikte woningen in een geschikte leefomgeving Huidig aanbod en toekomstige vraag naar woningen Met het veranderen van de gemiddelde leeftijd van de bevolking verandert ook de behoefte aan woonruimte. Er zijn woningen nodig die aansluiten bij de wensen en behoeften van senioren. Het gaat vooral om woningen met comfort en gebruiksgemak, in de buurt van voorzieningen en met voldoende mogelijkheden om te bewegen en anderen te ontmoeten. Companen heeft in opdracht van de gemeente Papendrecht onderzoek gedaan naar de huisvestingsopgave die we hebben voor senioren. Een vergelijking van de (toekomstige) vraag naar bepaalde woonvormen en het huidige aanbod leidde tot het volgende inzicht: T bel 3 : V

g

nbodb l ns woonvo men (

–

Balans 2021 -30 5 192 167

Balans 2025 -50 tot -60 -5 42 tot 122 -86 tot 57

Woonvorm 24-uurszorg PG 24-uurszorg SOM Geclusterd wonen Totaal

Kijkend naar de woonvorm geclusterd wonen, ontstaat er richting 2030 een tekort aan dit type woning. In een woonvorm met geclusterde woningen kunnen zowel senioren wonen zonder zorg als senioren die (op een gegeven moment) wel thuiszorg (op grond van de Zvw en de Wmo) of zelfs intensieve zorg op grond van de Wet langdurige zorg nodig hebben. Voor Papendrecht is het vooral goed om het huidige aanbod geclusterd wonen aan te vullen met vernieuwende woonconcepten. Daarmee zorgen we voor een verschillend aanbod aansluitend op de verschillende woonwensen van vooral toekomstige senioren. Het is belangrijk om de ontwikkelingen en de behoefte aan geclusterd wonen goed in de gaten te houden.

4 )

Balans 2030 -60 tot -80 -5 tot -15 -138 tot 42 -53 tot -203

Balans 2040 -60 tot -130 -5 tot -45 -58 tot -478 -123 tot -653

Geclusterd wonen kent veel voordelen. Bewoners hebben meer contact met elkaar. Dat helpt in het kader van eenzaamheidsbestrijding. Ook voelen mensen zich eerder geroepen om elkaar te helpen. Daarnaast is het voor de zorg doelmatiger en goedkoper als senioren bij elkaar wonen in plaats van verspreid door de wijk. Het beperkt hun reistijd. Ook maakt de inzet van meerdere verzorgenden en verpleegkundigen op één locatie een efficiëntere werkverdeling mogelijk12.

B on: Zo gk nto en Coöpe tie VGZ, Woonzo gwete , Comp nen, bevolkings en huishoudens p ognose P pend echt

Kijkend naar 24-uurszorg hebben we in 2040 een tekort aan plekken. Vooral voor mensen met een psychogeriatrische aandoening (aandoening van de hersenen als gevolg van ouderdom). De rijksoverheid is niet van plan om het aantal 24-uurszorg plekken in 12

Artikel: Wonen en zorg voor ouderen: Meer clustering van ouderenwoningen nodig om zorg en woningmarkt te ontlasten, Edse Dantuma, ING Economisch Bureau, juni 2022

3

Wonen en zorg voor senioren Doorrekening van de landelijke cijfers richting 2040 laat zien dat het bouwen van 450.000 geschikte woningen kan leiden tot een vermindering van de druk op de zorg met ruim 100.000 zorgvacatures. Ook zijn er 130.000 minder mantelzorgers nodig13.

De huidige vraag naar geschikte woningen voor mensen met een mobiliteitsbeperking bedraagt in Papendrecht 1.260 woningen. In 2040 loopt deze behoefte, overeenkomstig de trend van de vergrijzing, op tot ongeveer 1.800 woningen.

Kijkend naar de toekomstige vraag naar geclusterd wonen heeft Companen ook de behoefte onderzocht voor wat betreft sociale huur, particuliere huur en koop. Ten aanzien van koopwoningen geeft Companen aan dat het verstandig is om een mix van verschillende koopprijzen te hebben. Daarbij rekening houdend met een meer vermogende generatie senioren. T bel 3 : Ve w chte v m ktsegmenten (

T bel 3 3: Toen me in de v

gn

geschikt wonen (

2021 Rolstoelgeschikte woning Totaal

1.260

t l)

Toename 2021 - 2040

2030

2040

4

6

4

1.590

1.810

+550

4

Roll to geschikte woning

gn gecluste d wonen, uitgesplitst n 4 ; huishoudens; fge ond op t l)

4 ; huishoudens fge ond op

6

B on: Woonzo gwete , Comp nen

Sociale huur Particuliere huur

2021 500 170

2025 530 - 570 180 - 200

2030 560 - 650 200 - 230

Koop Totaal

310 980

340 - 360 1.050 - 1.130

370 - 430 1.130 - 1.310

B on: Woonzo gwete , WoON

2035 600 - 740 210 - 270

2040 610 - 810 220 - 290

Deze aantallen wegen zwaar tegenover het huidige geschikte woningaanbod. Momenteel kent Papendrecht, volgens de CBSMicrodata, slechts 3.310 geschikte woningen. Van deze woningen wordt 57% bewoond door een huishouden van 65 jaar of ouder.

400 - 500 410 - 550 1.210 - 1.510 1.230 - 1.650

en CBS Mic od t

In verhouding zijn huurwoningen het vaakst geschikt voor senioren met een mobiliteitsbeperking. Koopwoningen zijn relatief gezien minder geschikt voor senioren met een mobiliteitsbeperking. Het aandeel woningen dat met een woningaanpassing geschikt te maken is, is in de koopsector juist groot (44%) vergeleken met de huursector (22%).

Geschikte woningen Het is belangrijk dat senioren in een voor hen geschikte woning wonen. Senioren die hun huis als ongeschikt ervaren, kunnen problemen hebben met drempels, trappen, niveauverschillen in huis, de afwezigheid van een toilet op de verdieping waar ook wordt geslapen en de ontoegankelijkheid of ondoorgankelijkheid van het huis voor een rollator of rolstoel. Geschikte woningen zijn vaak te vinden in appartementencomplexen, maar kunnen ook grondgebonden verspreid in de wijken liggen.

13

Levensloopbestendig bouwen nodig in strijd tegen groeiend tekort aan zorgverleners en mantelzorgers, onderzoek van Syntrus Achmea en zorgverzekeraar Zilveren Kruis met onderzoeksbureau ABF, oktober 2022

4

Wonen en zorg voor senioren Papendrechters die graag in hun eigen wijk blijven, maar de afstanden in Papendrecht zijn klein en de kansen om te bouwen zijn beperkt.

Huisvestingsopgave per buurt Companen heeft ook onderzoek gedaan naar de huisvestingsopgave per buurt. Kijkend naar de verschillende wijken en woonvormen geeft de volgende tabel aan waar de verschillende opgaves liggen: T bel 3 4: Huisvestingsopg ve pe buu t tot Buurt

Westpolder Molenvliet & Wilgendonk

3 en tussen

3 en

Opgave tot 2030 Geen Geschikte woningen (125 woningen) Geclusterde woningen (41 tot 91 woningen) 24-uurszorg (75 tot 85 plekken)

Kraaihoek

Geclusterde woningen (28 tot 58 woningen)

Middenpolder & Oosteind

Geclusterde woningen (20 tot 65 woningen) 24-uurszorg (60 tot 65 plekken)

Companen heeft inzichtelijk gemaakt in welke wijken de meeste woningen staan die geschikt kunnen worden gemaakt. In totaal is 24% van de woningen in Papendrecht geschikt voor mensen met een mobiliteitsbeperking. • De geschiktheid van de woningvoorraad is het grootst in Westpolder (34%) en in Kraaihoek (31%). Het aandeel geschikte woningen is het laagst in Molenvliet & Wilgendonk. In Middenpolder & Oosteind zijn er 22% geschikte woningen. • Het aandeel ‘geschikt te maken’ woningen is het hoogst in Middenpolder & Oosteind (53%) en in Molenvliet & Wilgendonk (39%). Het aandeel ‘geschikt te maken woningen’ is het laagst in Westpolder (27%). • Niet-geschikte woningen staan voornamelijk in Molenvliet & Wilgendonk (52%). In Westpolder en Kraaihoek bestaat de voorraad voor 39% uit niet-geschikte woningen. In Middenpolder & Oosteind is dat het laagst met 25%.14

4 Opgave 2030 tot 2040 Geclusterde woningen (0 tot 19 woningen) Geschikte woningen (195 woningen) Geclusterde woningen (71 tot 191) 24-uurszorg (80 tot 110 plekken) Geschikte woningen (38 tot 123 woningen) Geclusterde woningen (45 tot 145 woningen) 24-uurszorg (60 tot 90 plekken)

B on: Woonzo gwete , Comp nen

Tot 2030 ligt er een opgave om maximaal 125 geschikte en 214 (minimaal 89) geclusteerde woningen te realiseren als ook maximaal 150 (minimaal 135) plekken waar 24 uurszorg kan worden geleverd. In de periode 2030 tot 2040 zouden daar nog eens maximaal 318 (minimaal 233) geschikte en 355 (minimaal 116) geclusteerde woningen bij moeten als ook maximaal 200 (minimaal 140) plekken die geschikt zijn voor 24 uurszorg. De opgave na 2030 is wel afhankelijk van de realisatie tot dat jaar.

Nieuwbouw We moeten woningen bouwen die aansluiten bij de wensen en behoeften van onze senioren. Comfort en gebruiksgemak zijn hierbij belangrijk. We richten ons hierbij op gelijkvloerse woningen (nultredenwoningen) en geclusterde woonvormen. Meer nultredenwoningen en geclusterde woningen maken het makkelijker zelfstandig te blijven wonen. Ook kan het zorgen voor uitstel/afstel van overgang naar het verpleeghuis.

Het inzicht per wijk is interessant. Echter we moeten ons beseffen dat bouwgrond in Papendrecht zeer schaars is. Als er grond beschikbaar is in een wijk die geen/weinig 24-uurszorg (intensieve zorg) of geclusterde woningen nodig heeft, is het toch goed om te onderzoeken of nieuwbouw op die locatie gewenst is. Er zijn 14

We willen ruimte bieden aan vernieuwende woonconcepten die niet alleen voldoen aan de primaire behoefte van ‘een dak boven het hoofd’ maar meer kunnen bieden in de zin van welzijn, ondersteuning en zorg15. Zoals bijvoorbeeld hofjeswonen, meergeneratie- woningen 15

Companen, huisvestingsopgave ouderen gemeente Papendracht, november 2021

5

Overeenkomstig Woonplan 2020-2030

Wonen en zorg voor senioren en wooncomplexen bestaande uit de 'magic-mix' (mengen van verschillende doelgroepen). Gelet op het uitgangspunt 'de senior bestaat niet', is het verstandig om met nieuwe woonconcepten variatie toe te voegen aan de woningvoorraad. En in te spelen op de behoefte om samen te wonen. De inrichting van deze concepten vraagt aandacht. De toekomstige generatie senioren heeft in Papendrecht relatief gezien voornamelijk een lagere financiële positie, hetgeen de huurvraag verder zal aanwakkeren. Daarnaast komt er ook een meer vermogende generatie senioren aan. Het is belangrijk huurprijzen betaalbaar te houden en variatie te bieden in koopprijzen.

Tabel 3.6: Verwachte vraag naar geclusterd wonen uitgesplitst naar woonconcept (2021 – 204; huishoudens; afgerond op 10 tal)

2021 Senio encomplex ( pp) Se vicefl t ( pp) Ve zo gd wonen ( pp) Hofjeswonen ( pp) Hofjeswonen (ggb) G ondgebonden woningen (ggb) Zo gvill ( pp)*

Figuur 3.5: Gewenste verdeling binnen geclusterd wonen, naar woonconcept (appartementen of grondgebonden woningen) en behoefte Bron: CBS-microdata en WoON2018; bewerking Companen

34

2025 34 – 3

2030

6

2040

4

35 – 44

35 – 46

– 4

6

34

– 6

2035

6

–

–

4 – 6

–

4 –

– –

6

– 4 –

– 5

5

5 –5

5 –5

4 –5

3 –5

5 –6

5 –6

4

4 –4

4 –5

Luxe pp tementen*

5

6

6

–

Totaal

980

1.0501.130

1.1301.310

1.2101.510

1.2301.650

*Kan ook de verschijningsvorm aannemen van woonboerderijen. Bron: CBS-microdata en WoON2018; bewerking Companen.

Hofjeswonen zal aan populariteit winnen. De gemeente Papendrecht heeft een landelijk maar ook stedelijk karakter. Wij raden aan om ruimte te zoeken voor hofjes die bestaan uit grondgebonden woningen en ruimte te zoeken voor hofjes die bestaan uit appartementen. Belangrijk is om hierbij oog te houden voor de betaalbaarheid van de woningen. Beide vormen van de hofjes nodigt uit tot onderlinge ontmoeting, steun en een gevoel van veiligheid.

Tabel 3.6. geeft de vraag naar woningen per woon-concept weer. We hanteren hierbij een bandbreedte, waarbij de ondergrens wordt bepaald door de totale behoefte aan geclusterd wonen volgens de basisvariant, en de bovengrens door de totale behoefte aan geclusterd wonen volgens de trendvariant. 6

Wonen en zorg voor senioren Doorstroming Als senioren kunnen doorstromen naar een geschikte (nieuwe) woning, komen relatief grote woningen beschikbaar voor andere groepen die op zoek zijn naar een woning. We willen het aantrekkelijk voor senioren maken om te verhuizen als ze dat willen, zodat de doorstroming op gang komt16. Gebleken is dat de verhuizing van een ouder iemand gemiddeld tot drie verhuizingen leidt17. Het vergroten van deze aantrekkelijkheid doen we door te bouwen voor senioren. Maar ook door hen te informeren over mogelijkheden en te ontzorgen. Sommige senioren zien erg op tegen het onderzoeken van de mogelijkheden, de verhuizing met alles wat daarbij komt kijken en het inrichten van het nieuwe huis. Het zou goed zijn als anderen met hen meedenken en hen taken (deels) uit handen nemen, waardoor zij de stap naar een passende woning kunnen overzien. Onder senioren leven ook veel vragen over hun financiële positie. Een deel van hen weet niet goed wat er financieel mogelijk is. Voor veel senioren is verhuizen een grote stap met financiële impact. Wat gebeurt er met de overwaarde op mijn huis? Heb ik nog mogelijkheden om een hypotheek te krijgen of kan ik beter huren? Gaat mijn huur veranderen als ik naar een andere huurwoning verhuis? Een steeds groter deel van de senioren komt uit een koopwoning en wil ook steeds vaker doorstromen naar een koopwoning.

Woningen geschikt maken Wanneer de woonsituatie ongeschikt is (geworden), kan iemand ervoor kiezen om te verhuizen of de huidige woning aan te passen. Deze besluitvorming is bij elke senior anders. Het hangt af allerlei factoren: de huidige woonsituatie, het opleidingsniveau, het inkomen, persoonlijke regievaardigheden, de aanwezigheid van een partner of mantelzorger(s) en het opgebouwde sociale netwerk in de buurt. Bij 16

Is overeenkomstig Woonplan 2020-2030 Programma Wonen en zorg voor ouderen van Volkshuisvesting en Ruimtelijke ordening, november 2022 17

een eventuele woningaanpassing in het kader van de Wmo zijn dit afwegingen die van belang zijn om te besluiten tot wel of niet aanpassen van de woning. Daarbij is ook van belang welke woning passender en beschikbaar is en in welke mate de betreffende inwoner (financiële) ondersteuning krijgt bij een mogelijke verhuizing. Voor huurwoningen is een samenspel en afstemming met op stapel staande onderhoudsingrepen, verbeterplannen en verduurzaming van belang daar hierin ook voor de senior verbeteringen uit kunnen voortkomen die de woning meer geschikt maken. Geschikte leefomgeving Zelfstandig (kunnen blijven) wonen is meer dan het hebben van een geschikte woning. De directe omgeving van de woning bepaalt mede het woongenot, het welzijn en de mogelijkheden om zelfstandig te kunnen blijven wonen. Een toegankelijke leefomgeving stimuleert senioren om te blijven bewegen, mensen te ontmoeten en nieuwe dingen te ontdekken zorgt dit voor minder verstandelijke en fysieke achteruitgang. Dit heeft een preventieve werking. De behoefte omtrent de omgeving valt uiteen in zowel de fysieke woonomgeving als de sociale woonomgeving. Beide zijn van belang om het zelfstandig wonen mogelijk te maken. 3.2 Ondersteuning van hulpbehoevende senioren De vraag naar zorg stijgt sneller dan het aanbod. We leven langer en er zijn daardoor steeds meer senioren ten opzichte van het aantal werkenden.

Ook het aantal chronisch zieken en mensen met meerdere aandoeningen neemt toe. In de zorg komen we handen tekort. Die tendens bestaat al langer, maar is sinds de coronacrisis extra zichtbaar.

Wonen en zorg voor senioren In alle zorgsectoren zien we nu de spanning tussen vraag en aanbod toenemen. De druk op de eerste lijn, waar je zonder verwijzing heen kan, is buitengewoon hoog. In de geestelijke gezondheidszorg en de medisch-specialistische zorg bestaan voor meerdere behandelingen lange wachttijden, er zijn tekorten aan zorgprofessionals en door piekbelasting en volle verpleegafdelingen moeten spoedeisendehulpafdelingen steeds vaker tijdelijk sluiten. Ook gemeenten ervaren grote uitdagingen in het bieden van passende ondersteuning aan inwoners op grond van de Wmo. Deze problemen hebben als gevolg dat zorgprofessionals overbelast raken wat kan leiden tot uitval van mensen die heel belangrijk zijn voor het functioneren van onze maatschappij. Daarnaast krijgen zorgbehoevenden niet altijd (tijdig) de zorg en ondersteuning die ze nodig hebben. Dat heeft negatieve invloed op hun kwaliteit van leven, hun functioneren en het meedoen in de maatschappij. De houdbaarheid van onze zorg staat onder druk. Om daarin te voorzien zou in 2040 1 op de 4 werknemers in de zorg moeten werken en zouden we 19-21% van ons inkomen aan zorg moeten besteden18. Dat is niet realistisch en bovendien niet wenselijk.

We hebben als samenleving nog andere grote uitdagingen die noodzakelijke voorwaarden vormen voor het welzijn van iedereen in Nederland en waar (veel) mensen en middelen voor nodig zijn: klimaat, veiligheid, onderwijs, wonen, enzovoort. We zullen dus met minder meer mensen aan de zorgvraag moeten voldoen19. Onderzoeksbureau Companen heeft voor Papendrecht de verwachtte toename onderzocht op basis van het zorgtredenmodel van de Nederlandse Zorgautoriteit richting 2040.

Figuur 3.7. Prognose zorgvraag ouderen in Papendrecht naar zorgtrede (in personen)

4 6

Rapport ‘Kiezen voor houdbare zorg’ van de Wetenschappelijke Raad voor het Regeringsbeleid, 2021

4 6

46 3

3

3

5

3

4

3

53 34

55 36

4 5

43

4 34

3

35

4

5 3

Zo gt ede

Zo gt ede

Zo gt ede 3

Zo gt ede 4

Zo gt ede 5

Zo gt ede 6 (PG)

Zo gt ede 6 (SOM)

B on: VGZ Zo gk ntoo , NZ Monito Zo g voo oude en, bevolkingsp ognose P pend echt en bewe king Comp nen

In bovenstaande tabel zijn alle Nederlandse senioren (65-plus) ingedeeld in één van de treden op basis van de aard en mate van hun zorggebruik. De indeling gebeurt op basis van de zwaarste zorgvorm die senioren in het afgelopen half jaar ontvingen: •

18

6 3

19

Vitale senioren zitten in zorgtrede 1. Zij wonen zelfstandig en gaan slechts af en toe naar de huisarts of de apotheek voor medicatie.Zorgtrede 2 omvat zelfstandig thuiswonende senioren

Programma Wonen, Ondersteuning en Zorg voor Ouderen (WOZO), ministerie van Volksgezondheid, Welzijn en Sport, 2022.

Wonen en zorg voor senioren die gebruik maken van medisch-specialistische zorg vanwege een acute zorgvraag, chronische ziekte of specialistische geestelijke gezondheidszorg.In zorgtrede 3 vallen senioren die gebruik maken van de Wmo. Daarmee hebben zij een lichte mate van afhankelijkheid van zorg of ondersteuning. Het gaat hierbij bijvoorbeeld om hulpmiddelen, woningaanpassingen, huishoudelijke hulp of dagbesteding.Bij zorgtrede 4 is tijdens de afgelopen zes maanden tijdelijk (niet meer dan 3 maanden) gebruik gemaakt van professionele zorg: persoonlijke verzorging en kernverpleging uit de Zvw of mpt/pgb uit de Wlz, of revalidatiezorg, eerstelijnsverblijf (bijvoorbeeld een zorghotel) of Wmo- zorg/ondersteuning.In zorgtrede 5 maakt de senior structureel (langer dan 3 maanden) gebruik van de zorg die onder zorgtrede 4 is beschreven.In zorgtrede 6 zitten senioren die zijn opgenomen in een intramurale instelling of die een volledig pakket thuis ontvangen via de Wlz. Kortom we verwachten een toename van de zorgvraag. Dat brengt grote uitdagingen met zich mee: hoe gaan we antwoord geven op deze toenemende zorgvragen? Kijkend naar huisvesting in relatie tot de zorgtreden: hoe hoger de zorgtrede, hoe groter de kans dat een senior ervoor kiest om in een geclusterde woonvorm te gaan wonen. Daarnaast zijn er meer woningen nodig waar in de thuissituatie 24uurszorg geleverd kan worden.

In de ontwikkellijnen gaan we hier verder op in.

Wonen en zorg voor senioren

4. Visie en ontwikkellijnen In de eerste hoofdstukken van deze visie heeft u kunnen lezen met welke ontwikkelingen we te maken krijgen als het gaat om ouder worden in Papendrecht. En wat de opgave is waar we voor staan. De volgende vraag is, welke stappen moeten we zetten,om te zorgen dat onze senioren aangenaam, vitaal en zo zelfstandig mogelijk ouder kunnen worden? Waar willen we naar toe en hoe gaan we daar komen?

De stip In gedachten zie ik oma. Ze hoort tot de groep 75+. Is af en toe wat vergeetachtig, maar nog redelijk vitaal. Ze woont al lang in haar appartement in haar wijk. Dat lukt nog steeds, gelukkig! Wel dankzij extra ondersteuning. Over de toekomst maakt ze zich geen zorgen. Als ze meer (professionele) zorg nodig heeft dan spannen de woningcorporatie en de zorginstantie zich in om dat in deze woning te bieden. En anders in een aangepaste woning in haar eigen buurt. Oma zit aan tafel. Het is 25 juni 2030. Ze is net wakker door de slimme “dagritme” klok, die haar door de dag heen helpt. Ze neemt haar medicatie in, onder toeziend oog van de zorgmedewerkster die met oma beeld belt. Dochter komt binnen met een pan soep. Wat is het toch fijn dat zij nu vlakbij haar moeder woont. Mogelijk gemaakt door de woningcorporatie die mantelzorgers echt steunt. Het is fijn dat de corporatie zo mee denkt. Nu kan ze vaker eventjes binnenlopen. Zij kan de zorgmedewerkster gelijk even vragen naar de mogelijke afbouw van de medicatie van moeder. Aanvankelijk wist de dochter niet dat ze mantelzorger was. Ze kwam daar achter door een test van Sterk Papendrecht in te vullen. Nu woont ze regelmatig de Mantelzorgsalons bij. Ze vindt het een geruststellende gedachte dat ze altijd bij Sterk Papendrecht terecht kan voor informatie en advies.

De buurman komt aardbeien brengen. Zelf geteeld, in de buurtmoestuin. Oma heeft meer leuke buren, leuke gezinnen ook met kinderen. Dat houdt haar jong. Ze zijn ook niet te beroerd om af en toe een boodschap voor haar mee te nemen. Ze komen het zelfs vragen. Nu snel eten, want vanmiddag gaat oma naar de bijeenkomst over valpreventie. Hopelijk zijn de valsensoren die onlangs in haar woning zijn aangebracht nooit nodig en komt er geen enkele melding bij de zorgcentrale van de zorginstelling. De bijeenkomst is in de ontmoetingsruimte die speciaal voor de buurt is ingericht. Nuttig, maar vooral ook gezellig om weer bewoners uit de buurt te spreken en nieuwtjes uit te wisselen. Iedereen maakt er gebruik van. Gisteren vierden Jan en Emma er de verjaardag van hun tweeling. Achter haar rollator loopt oma naar het ‘buurthuis’. Heerlijk om buiten te zijn. De afstand is niet ver, maar toch gaat oma even op het bankje zitten. Om te genieten van het prachtige parkje en om terug te zwaaien naar de buurtkinderen die samen aan het voetballen zijn. Oma denkt terug aan vroeger en vindt het fijn dat dat wat vroeger gewoon was, hier in de buurt ook aandacht heeft. Ja, ze is gelukkig met deze plek…. Hier wil ze nog heel lang wonen!

4.1 Uitgangspunten Bovenstaand toekomstbeeld schetst een mooi beeld van hoe iemand gezond en actief ouder kan worden. De invulling hiervan is echter voor iedere oudere inwoner anders. De gemeente stelt samen met de betrokken organisaties een algemeen toekomstbeeld met betrekking tot senioren en hun netwerk met daarbij alle inwoners en organisaties die hierbij betrokken zijn. Het zal af en toe zoeken en

Wonen en zorg voor senioren pionieren zijn hoe we de weg naar het toekomstbeeld toe gaan invullen. Daarbij zijn we vasthoudend in ons doel, maar wendbaar en flexibel op de weg daarnaar toe. Dit om in te kunnen spelen op ontwikkelingen, veranderingen en ervaringen van onszelf of anderen. Bij het vormen van het toekomstbeeld zijn we uitgegaan van vier uitgangspunten. Deze uitgangspunten gebruiken we ook om de weg af te leggen naar het toekomstbeeld toe. Hieronder staan de uitgangspunten toegelicht. 'De senior' bestaat niet 'De senior' bestaat niet. Er zijn verschillende 'groepen' senioren en de behoefte van senioren is niet gelijk. Naast gezondheidsverschillen, zijn er ook grote verschillen in (financiële) draagkracht, verschillen in afkomst, verschillen die bepaald worden door een zwak of sterk netwerk of verschillen die bepaald worden door de sociaal economische status van senioren. Daarnaast moeten we ons beseffen dat de senior van nu niet de senior van de toekomst is. Een diverse aanpak is daarom noodzakelijk. Wat zij wel gemeen hebben is dat iedereen oud wil worden, maar niemand oud wil zijn. Senioren mogen 'op eigen wijze ouder worden': zo lang mogelijk zelf regie voeren en zoveel mogelijk keuzevrijheid Senioren zijn in staat om zelf de regie te hebben en leiden met hun netwerk hun leven, passend bij hun cultuur en gewoontes.

Senioren zijn zelf verantwoordelijk voor 'een goede oude dag'. Waar nodig is er een vangnet. We verwachten van senioren dat ze zoveel als mogelijk zelf verantwoordelijkheid nemen voor de wijze waarop zij wonen, hun sociale contacten onderhouden en hun welzijn en gezondheid op peil houden. Veel senioren willen dat ook: eigen regie hebben en invulling geven aan hun eigen leven. En gelukkig kan een groot gedeelte van de senioren veel zelf of met hulp van hun eigen netwerk. En waar senioren dat niet zelf kunnen hebben we als maatschappij en overheid een taak.

Organisaties werken met elkaar samen ten behoeve van de senior en in samenwerking met diens netwerk. Als een senior zorg of ondersteuning nodig heeft, wordt eerst gekeken naar wat nodig is om zelf te blijven functioneren en regie op het leven te houden. Voor de ene senior gaat dit gemakkelijker dan de andere. Niet alle senioren zijn echter fit, vitaal en hebben een ondersteunend netwerk om zich heen. Senioren zijn niet per definitie 'kwetsbaar'. Er is ook sprake van 'zilveren kracht' Senioren zijn belangrijk in onze samenleving. Zij hebben levenservaring en wijsheid. Het is van belang dat zij dat kunnen overdragen aan de jongere generaties door bijvoorbeeld te fungeren als opleider, mentor, oppas en vrijwilliger. Een mooi voorbeeld is ‘Ouderen voor ouderen’: Informele zorg kan de formele zorg vervangen door senioren die fit zijn te vragen om ‘zorgsenior’ te worden. Vooral voor een laag niveau van zorg – zoals eten bereiden, boodschappen doen, aandacht geven, activiteiten regelen of huishoudelijke taken op zich nemen – kan de formele zorg voor een groot deel worden vervangen door informele zorg Maar ook voor senioren met zwaardere zorg kan de hulp van informele zorg zeer welkom zijn.

Wonen en zorg voor senioren 4.2 Onze ambities Allereerst horen wij met ons allen te zorgen voor een samenleving waar (toekomstige) senioren waardig oud kunnen worden, waarin zij zelf de regie hebben en met hun netwerk het leven kunnen leiden waarin zij zich prettig voelen. Waar we samen leven en waar we elkaar helpen wanneer de ander dat nodig heeft. Voor de senioren in onze samenleving streven we de volgende ambities na: • Senioren zijn tevreden over hun woonsituatie inclusief hun woonomgeving; • Senioren wonen en leven zo lang mogelijk zelfstandig in hun eigen wijk of in de wijk van hun keuze, ook als ze een zorgvraag hebben; • Familieleden, bekenden en inwoners helpen senioren waar nodig en mogelijk. Indien nodig worden zij daarbij ondersteund; • Senioren maken onderdeel uit van een netwerk. Dit leidt onder andere tot meer veerkracht, meer levensgeluk en minder eenzaamheid; • Als senioren 24 uurszorg nodig hebben, kan dat vaak in hun eigen huis mits er een team van naasten, vrijwilligers en professionele zorg is of anders in een verpleeghuis in Papendrecht. 4.3 De ontwikkellijnen Om de ambities en de stip op de horizon te bereiken gaan we uit van de volgende vier ontwikkellijnen die we hierna verder uitwerken: 1. Voldoende geschikte woningen; 2. Een geschikte leefomgeving voor senioren: inrichting openbare ruimte en voorzieningen in de nabijheid; 3.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://raad.papendrecht.nl/api/v1/meetings/657/documents/11606