Bijlage 1 - Structuurvisie Papendrecht 2020 (6766 kB).pdf
Tekst van het document
5.1 De gemeentelijke basisverantwoordelijkheid voor groen, water, natuur en recreatie De gebruiks- en belevingswaarde van de openbare ruimte vormt een belangrijk onderdeel van een goede woonen leefomgeving en daarmee van het woongenot in Papendrecht. De gemeente streeft naar behoud en versterken van die kwaliteiten. Voor het beleid wordt onderscheid gemaakt in: • de omgevingskwaliteiten van het stedelijk gebied; • de omgevingskwaliteiten van het buitengebied.
42
Behoud van de omgevingskwaliteit van het stedelijk gebied De bestaande groene, blauwe en recreatieve kwaliteiten van de wijken moeten behouden blijven. Ontwikkelingen moeten deze kwaliteiten niet aantasten. Beheer en onderhoud moeten deze kwaliteiten behouden en waar mogelijk versterken. Concrete aandachtspunten voor het stedelijk gebied zijn: • Behouden en versterken van de groene uitstraling; • een goede groene dooradering van het stedelijk gebied, daar waar mogelijk in combinatie met blauw (water); • een groene uitstraling van de wegenstructuur; • sterke groene/blauwe randen rondom het stedelijk gebied. • Openbare ruimte die recreatief / functioneel bruikbaar is voor de inwoners van Papendrecht alsook bezoekers; • Een groen / blauwe structuur die duurzaam en voldoende robuust is; • Behoud van de waarden die kenmerkend zijn voor het ontstaan van Papendrecht (archeologie, cultuurhistorie, landschappelijke waarden).
Behoud van de kwaliteit van het buitengebied Het buitengebied is een belangrijk recreatief uitloopgebied voor Papendrecht. Voor de burger is ook het aan de A15 grenzende buitengebied van de gemeente Graafstroom
van wezenlijke betekenis voor de kwaliteit van wonen in Papendrecht. De kwaliteiten van het buitengebied worden vooral beleefd vanuit het recreatief gebruik van paden, wegen en de recreatieve steunpunten. De kwaliteiten van de natuur zijn verankerd in de ecologische structuren en verbindingen. Concrete aandachtspunten voor het buitengebied zijn: • behouden en versterken van de toegankelijkheid van het Groene Hart (Alblasserwaard); • de bereikbaarheid van de Biesbosch; • functionaliteit en toegankelijkheid West-Alblasserwaard; • de functionele kwaliteit van de ecologische verbindingszones. Veel van deze kwaliteiten zijn gelegen op het grondgebied van de buurgemeenten. Papendrecht heeft de verantwoordelijkheid om zorg te dragen voor de bereikbaarheid van deze gebieden vanuit haar eigen grondgebied. Zij doet dit in overleg met de provincie ZuidHolland en de beide regio's, te weten Drechtsteden en de Alblasserwaard-Vijfheerenlanden. Richtinggevende afspraken zijn onder andere verankerd in de transformatievisie Merwedezone en het Uitvoeringsprogramma Groenblauw Netwerk Drechtsteden.
5.2 Extra ontwikkelingen op het vlak van groen, water, natuur en recreatie realiseren Naast het in de gemeentelijke basisverantwoordelijkheid voor groen, water, natuur en recreatie vastgelegde beleid, gericht op het behoud van de kwaliteiten, wil de gemeente Papendrecht deze kwaliteiten op een aantal punten versterken en de gebruiksmogelijkheden vergroten. Hiermee wil de gemeente ook de brugfunctie die zij vervult tussen het stedelijke gebied van de Drechtsteden en het Groene Hart verder vorm geven. Het beleid is gericht op: • het versterken van de groen en water structuur; • het versterken van de recreatieve structuur.
Het versterken van de groen- en waterstructuur De huidige groen- / waterstructuur heeft al veel kwaliteiten, maar is deels versnipperd. De gemeente wil de groenstructuur van Papendrecht verder versterken en de gebruiksmogelijkheden bevorderen door het koppelen van losse groenstructuren aan het groene netwerk en het verbeteren van de functionele gebruiksmogelijkheden van het water in onder andere de wijken. Nieuwe ruimtelijke ontwikkelingen moeten dit mogelijk maken.
43
Het versterken van de recreatieve structuur De gemeente wil de recreatieve structuur van Papendrecht verder versterken door: • aanleg van voet- en fietspaden waarmee bestaande structuren tot een gemeentelijk omvattend netwerk worden aaneengesmeed; • versterken van de beleving van de dijk en het water van de Merwede door het ontwikkelen van een doorgaand voet-/fietspad; • verbeteren van de recreatieve toegankelijkheid van het buitengebied vanuit de woonwijken van Papendrecht; • het herkenbaar en beleefbaar maken van het Papendrechtse gedeelte van de recreatief belangrijke as historische centrum Dordrecht - jachthaven Papendrecht molens Kinderdijk; • het herkenbaar en leefbaar maken van de structuren die bepalend zijn geweest voor het ontstaan van Papendrecht.
5.3 Benutten van de kansen voor groen, water, natuur en recreatie Op het gebied van groen, water, natuur en recreatie zijn, naast de gemeente, ook veel andere partijen, instanties en personen actief. Initiatieven van derden, die bijdragen aan
44
de versterking van de kwaliteit en de gebruiksmogelijkheden van groen, water, natuur en recreatie zullen waar mogelijk worden ondersteund. De gemeente zal bij het afwegen van deze ondersteuning ondermeer rekening houden met de volgende aspecten:
Initiatieven op het gebied van groen, water en natuur • de meerwaarde van het initiatief voor de woon- en leefkwaliteit van de wijken; • de effecten van het initiatief op de openbare toegankelijkheid van groengebieden; • de betekenis van het initiatief voor de gebruiksmogelijkheden van groengebieden en/of van het buitengebied; • de betekenis van het initiatief voor de belevingswaarde van groengebieden en/of van het buitengebied.
Initiatieven op het gebied van recreatie • de meerwaarde van het initiatief voor de diversiteit van het recreatieve aanbod in Papendrecht (en haar buurgemeenten); • de effecten van het initiatief op de openbare toegankelijkheid van gebieden; • de effecten van het initiatief vanuit verkeersbewegingen en parkeerdruk;
• de meerwaarde van het initiatief voor de versterking van de recreatieve as Historische centrum Dordrecht jachthaven Papendrecht - molens Kinderdijk.
bestaande groen. Inbreidingen met de daarbij behorende benodigde parkeervoorzieningen mogen dan ook niet ten koste gaan van de bestaande groene karakteristiek. De gemeente wil daarom voorkomen dat:
Functionele initiatieven (wonen, voorzieningen etc.) •
De effecten van het initiatief op het verknopen van de verschillende onderdelen van de groen- en blauwstructuren.
Samenwerking met derden Behoud van kwaliteit ten aanzien van openbaar groen binnen de gemeente staat hoog op de agenda. Onderhoud van de openbare ruimte en openbaar groen is een belangrijk item. De gemeente zoekt naar mogelijkheden om een afspraak met derden de gebruiksmogelijkheden van groen te vergroten.
• uitbreiden ten koste gaat van het bestaande groen; • groen in ruimtelijke afwegingen per definitie als economisch niet van betekenis wordt beschouwd; • groenzones illegaal in gebruik worden genomen door burgers of bedrijven; • door ontwikkelingen of verkoop van groen een versnippering van de groenstructuur ontstaat.
5.4 Bedreigingen voor groen, water, natuur en recreatie voorkomen Papendrecht is een stedelijke gemeente. Door de strakke ruimtelijke inkadering door water en wegen is de interne groene kwaliteit, die erg gewaardeerd wordt van groot belang. Voorkomen moet worden dat verdere stedelijke verdichting ten koste gaat van deze kwaliteit. Daarom is het van belang dat zorgvuldig wordt omgegaan met het
45
“Bereikbaarheid en mobiliteit is een essentiële component in het goed functioneren van de gemeente Papendrecht.”
46
6. Mobiliteit en bereikbaarheid Bereikbaarheid en mobiliteit is een essentiële component in het goed functioneren van de gemeente Papendrecht. Vanuit hun woning verplaatsen mensen zich naar voorzieningen, scholen, zorginstellingen, sportcomplexen, familie en uiteraard naar hun werk. Die verplaatsing kan te voet plaatsvinden, met de fiets, met het openbaar vervoer of per auto. Beleid ten aanzien van de mobiliteitsstructuur Een groot aantal verplaatsingen zijn lokaal, van de woning naar de dagelijkse voorzieningen en dergelijke. Een deel van de verplaatsingen is regionaal gericht (vooral voorzieningen en werk in de overige Drechtsteden). Met name voor werk en een aantal bijzondere voorzieningen kunnen verplaatsingen ook bovenregionaal zijn, waarbij uiteraard Rotterdam een belangrijke doelbestemming is. Afhankelijk van het doel, de reisduur, de reiskwaliteit en de beschikbaarheid van alternatieven bepaalt iemand of zijn verplaatsing te voet, met de fiets, met het openbaar vervoer of met de auto plaatsvindt. Door de A15, de N3 en de interne wegenstructuur ligt het in Papendrecht primair voor de hand om voor de grotere verplaatsingen de auto te kiezen. De gemeente wil dit autogebruik terugdringen ten gunste van de fiets en het openbaar vervoer. Zij wil dat doen door de aantrekkelijkheid van het gebruik van de fiets en het openbaar vervoer te verhogen.
Met het regionale programma Hoogwaardig
Openbaar Vervoer Drechtsteden (HOV-D) wil ze het gebruik van de bus en de treinstations in Dordrecht en Sliedrecht stimuleren. Dit regionale HOV-D netwerk is ook van betekenis voor de regionale en bovenregionale woon-werk en woon-voorzieningen verplaatsingen. Op het lokale en bovenlokale schaalniveau zullen goede fietsvoorzieningen een belangrijk element vormen om het autogebruik terug te dringen.
Een veilig en leefbaar Papendrecht Naast het beïnvloeden van de vervoerkeuze is het belangrijk dat de inwoners van Papendrecht vanuit hun woning alle relevante voorzieningen en werklocaties, binnen en buiten de gemeente, op een directe en veilige wijze kunnen bereiken. Voor de leefbaarheid in Papendrecht is het verder van belang dat de overlast van het verkeer in woongebieden wordt geminimaliseerd. Het stimuleren van het gebruik van de fiets en/of het openbaar vervoer bij lokale en regionale verplaatsingen kan hieraan wezenlijk bijdragen.
47
Een interne infrastructuur die dat mogelijk maakt De interne ontsluitingsstructuur moet alle inwoners in staat stellen hun noodzakelijke verplaatsingen op een verantwoorde, veilige, leefbare, maar ook efficiënte wijze te realiseren. Het interne routenetwerk van wandelpaden/ voetgangersgebieden, fietspaden, openbaar vervoerlijnen en straten moet de belangrijkste verkeers- en vervoerstromen op een logische manier geleiden. Onderlinge conflicten in deze stromen moeten waar mogelijk worden voorkomen.
Een externe ontsluiting die zo weinig mogelijk overlast veroorzaakt Papendrecht vormt geen eiland. Inkomende en uitgaande verkeers- en vervoerbewegingen zijn essentieel voor het functioneren van Papendrecht als woon- en werkgemeente. Deze bewegingen hebben uiteraard ook ongewenste neveneffecten zoals geluidsoverlast, een verminderde luchtkwaliteit, veiligheidsrisico's en parkeerdruk. Bij nieuwe ontwikkelingen mogen deze effecten niet ten koste gaan van de leefbaarheid van Papendrecht. Het aanpakken van bestaande knelpunten mag niet leiden tot een verschuiving van de knelpunten naar andere locaties en gebieden. Niet noodzakelijk doorgaand verkeer dient zoveel mogelijk te worden vermeden, waarbij het goed functioneren van de noodzakelijke interne en externe verkeersafwikkeling prioritair is.
48
Een doelmatig gebruik van voorzieningen voor verkeer en parkeren Het beleid is gericht op doelmatig gebruik van infrastructuur en parkeervoorzieningen. Dit vraagt niet alleen om een goede structurering van de infrastructuur en de parkeervoorzieningen, maar ook van bewuste keuzen bij de locatieafweging voor nieuwe functionele ontwikkelingen die een bepaalde verkeersafwikkeling en/of parkeerbehoefte met zich mee brengen. Om investeringsintensieve parkeervoorzieningen in het centrum doelmatig te benutten zal de gemeente sturen op een centrumgericht locatiebeleid voor alle commerciële en niet-commerciële voorzieningen waarbij parkeren een belangrijke randvoorwaarde is. Het beleid ten aanzien van de mobiliteitsstructuur is uitgewerkt in vier vormen van beleid: • de gemeentelijke basisverantwoordelijkheid voor verkeer en vervoer; • extra ontwikkelingen op het gebied van verkeer en vervoer realiseren; • benutten van de kansen op het gebied van verkeer en vervoer; • bedreigingen op het gebied van verkeer en vervoer voorkomen.
6.1 De gemeentelijke basisverantwoordelijkheid voor verkeer en vervoer Een bereikbaar en veilig Papendrecht voor alle verkeersdeelnemers Om ook in de toekomst op een goede manier te kunnen blijven wonen, leven, werken en recreëren is een bereikbare, leefbare en veilige infrastructuur in en rondom Papendrecht van essentieel belang. De inwoners van Papendrecht moeten vanuit hun woning alle relevante voorzieningen, binnen en buiten de gemeente, op een veilige en directe wijze kunnen bereiken.
• onderlinge conflicten tussen zwakke en sterke in verkeersstromen zoveel mogelijk voorkomen, of minimaal markeren, zodat alle weggebruikers deze punten herkennen; • bij het locatiebeleid van gemeentelijke voorzieningen verkeersveiligheid als een belangrijk criterium mee te wegen.
Interne bereikbaarheid Alle inwoners moeten in staat zijn hun noodzakelijke verplaatsingen op een verantwoorde, veilige, leefbare, maar ook efficiënte wijze te realiseren. De gemeente wil dit bereiken door:
Een veilig Papendrecht De gemeente wil een veilige verkeersafwikkeling bereiken door het actief uitzetten van de basisprincipes van een duurzaam veilig verkeers- en vervoersysteem. Hierbij valt te denken aan: • de verkeersinfrastructuur zoveel mogelijk laten overeenstemmen in vorm, functie en gebruik; • investeren in veilige school-thuisroutes voor leerlingen op basisscholen en middelbare scholen; • investeren in verkeerseducatie, voorlichting, gedragsbeïnvloeding, handhaving, regelgeving en voertuigtechnologie;
• zorg te dragen voor een basisnetwerk voor openbaar vervoer; • bieden van een veilig voetgangers- en fietsnetwerk; • op een logische manier geleiden van de belangrijkste verkeers- en vervoersstromen op het interne routenetwerk; • verbetering van de verkeerstructuur van, naar en rondom het centrum, zowel een goede bereikbaarheid van de parkeergarages als de bereikbaarheid van het centrum te voet, per fiets en openbaar vervoer.
49
Een doelmatig gebruik van voorzieningen voor verkeer en parkeren Het is van belang dat in Papendrecht een effectief parkeerbeleid wordt gevoerd waarbij het parkeren in de parkeergarage voor bezoekers wordt gestimuleerd, zodat het centrum aantrekkelijk blijft voor externe bezoekers en dat omwonenden zo min mogelijk hinder ondervinden van het centrumbezoek.
6.2 Extra ontwikkelingen op het gebied van verkeer en vervoer realiseren Bevorderen openbaar vervoer en langzaam verkeer Voor de leefbaarheid in Papendrecht is het van belang dat de overlast van het verkeer in woongebieden wordt geminimaliseerd. Dit kan bijvoorbeeld worden bereikt door het stimuleren van het gebruik van de fiets en/of het openbaar vervoer bij lokale en regionale verplaatsingen. Een belangrijk thema binnen het huidige verkeersveiligheidsbeleid is gedragsbeïnvloeding en verkeerseducatie. In dit kader wordt momenteel aandacht besteed aan veilige schoolthuisroutes voor leerlingen op basisscholen en middelbare scholen.
50
Hoogwaardig openbaar vervoernetwerk Om Papendrecht goed bereikbaar te houden is het van belang om te blijven investeren in de aantrekkelijkheid en toegankelijkheid van het openbaar vervoer. De kwaliteit van het openbaar vervoer is mede afhankelijk van de doelstellingen van de provincie en de regio Drechtsteden (beslissingsbevoegdheid). Mogelijkheden om dit te bereiken zijn: • streven naar een hoge frequentie van de busdiensten om het openbaar vervoer aantrekkelijker te maken; • verbeteren van de infrastructuur van het openbaar vervoer en het aanbieden van betrouwbare reisinformatie; • openbaar vervoerdiensten aanbieden die aansluiten op de specifieke behoeften van reizigers. In regionaal verband wordt in het kader van het project Hoogwaardig Openbaar Vervoer Drechtsteden (HOV-D) de komende jaren geïnvesteerd in het verbeteren van de kwaliteit van het openbaar vervoer per bus; • de Waterbus biedt momenteel vanaf drie opstappunten in Papendrecht een directe en frequente openbaar vervoerverbinding over water tussen de Drechtsteden en de Stadsregio Rotterdam. Deze dienst kan als aanvulling worden gezien op de reguliere busdiensten; • streven naar een hoogwaardige verbinding van het buslijnennet vanuit Papendrecht met het toekomstige
station Baanhoek-West te Sliedrecht. Vooral voor de wijken Oostpolder en het Land van Matena ontstaat hierdoor een hoogwaardige verbinding met het spoorwegennet.
Bevorderen langzaam verkeer Het is de bedoeling dat in de toekomst wordt geïnvesteerd in de bereikbaarheid en veiligheid voor fietsers op zowel utilitair als recreatief niveau. Een direct en veilig netwerk voor fietsers en voetgangers kan bijdragen aan een vermindering van het autogebruik binnen Papendrecht. Bevorderen van langzaam verkeer in de gemeente kan door middel van: • verbeteren comfort fiets- en voetpaden (bv. aanleg van fietspaden met asfaltverharding); • gratis fietsenstallingsen; • sociaal veilige routes; • bevorderen recreatieve fiets- en voetgangersverbindingen (bv. over de A15 en langs de rivieren); • het waar mogelijk opheffen van bestaande barrières (A15 en N3 en natuurlijke elementen zoals rivieren) zodat duidelijke en veilige routes ontstaan voor het langzaam verkeer om voorzieningen te kunnen bereiken. In dit kader wordt een verbeterede fietsverbinding via de Matenasche Scheidkade gerealiseerd.
51
Verbeteren bereikbaarheid bedrijventerrein Oosteind en de Oostpolder De ontwikkeling van nieuwe woongebieden binnen Papendrecht en Sliedrecht zorgen voor een andere verkeersstructuur ten oosten van de N3. De bereikbaarheid van het bedrijventerrein Oosteind en de Oostpolder kan worden gewaarborgd door een verbinding met de infrastructuur van de wijk Baanhoek-west in Sliedrecht. Dit kan worden bereikt door: • het verbeteren van de bereikbaarheid van het bedrijventerrein Oosteind vanaf de aansluiting Sliedrechtwest met de A15 door middel van het aansluiten van de Ketelweg met de randweg van de wijk Baanhoek-west in Sliedrecht; • het verbinden van de Noordkil met de infrastructuur van Baanhoek-west in Sliedrecht.
6.3 Benutten van de kansen op het gebied van verkeer en vervoer Ontwikkelingen van derden Particuliere initiatieven kunnen kansen bieden voor een verbetering van de bereikbaarheid en verkeersveiligheid. Deze initiatieven worden, in beginsel, ondersteund mits ze van daadwerkelijke betekenis zijn voor de interne/ externe bereikbaarheid, veiligheid, en/of mobiliteit van
52
Papendrecht. Deze ontwikkelingen mogen echter niet leiden tot een verschuiving van knelpunten naar andere locaties en gebieden. Een voorbeeld van een particulier initiatief op het gebied van verkeer en vervoer is de voorgenomen komst van de watertaxi. Dit initiatief, als aanvulling van het overige openbaar vervoer, wordt vanuit de gemeente ondersteund.
Externe bereikbaarheid Het is van belang om de externe bereikbaarheid van en naar het hoofdwegennet op peil te houden en het liefst te verbeteren. De hoofdwegen A15 en de N3 kampen met capaciteitsproblemen waardoor op het hoofdwegennet regelmatig filevorming ontstaat. De gemeente heeft echter niet direct invloed op de planning om deze knelpunten op te lossen. Een verbetering van de aansluiting van de N3 met de A15 is momenteel opgenomen in het Meerjarenprogramma Infrastructuur, Ruimte en Transport (MIRT). De gemeente zal verder alle kansen aangrijpen om het verbeteren van de doorstroming op de A15 tussen Papendrecht en Gorinchem hoger op de landelijke beleidsagenda te plaatsen.
6.4 Bedreigingen op het gebied van verkeer en vervoer voorkomen Voorkomen van ongewenste neveneffecten Verkeers- en vervoerbewegingen vormen een essentiële voorwaarde voor het (economisch) functioneren van Papendrecht. Deze bewegingen veroorzaken echter ook ongewenste neveneffecten zoals geluidsoverlast, een verminderde luchtkwaliteit, veiligheidsrisico's en parkeerdruk. Het beleid is er op gericht dat nieuwe ontwikkelingen deze effecten niet als zodanig mogen versterken wanneer dit ten koste gaat van de leefbaarheid van Papendrecht. Maatregelen gericht op het aanpakken van bestaande knelpunten mogen daarnaast niet leiden tot een verschuiving van de knelpunten naar andere locaties en gebieden. De volgende ontwikkelingen dienen zoveel mogelijk te worden voorkomen: • Ontwikkelingen die een ongewenste situatie in algemene zin verzoorzaken op het gebied van verkeer en vervoer binnen Papendrecht; • Ongewenst (vracht-)verkeer door verblijfsgebieden (sluipverkeer), als gevolg van het niet functioneren van het hoofdwegennet; • Ontwikkelingen buiten de gemeentegrens die van invloed zijn op de interne en externe bereikbaarheid van Papendrecht; • Het wegvallen van teveel groenvoorzieningen in verblijfsgebieden om te kunnen voldoen aan de parkeernormering.
53
“De structuurvisie is een bestuursverantwoordelijkheid.”
54
7. Uitvoeringsparagraaf structuurvisie De structuurvisie geeft aan welk beleid de gemeente voert ten aanzien van wonen, voorzieningen, werken, omgevingskwaliteit en mobiliteit. Het gaat het om basisverplichtingen en ambities die de gemeente wil waarmaken, maar ook om de regie op initiatieven van derden en het voorkomen van ongewenste ontwikkelingen. De structuurvisie is een bestuursverantwoordelijkheid. Het gemeentebestuur verplicht zichzelf naar deze structuurvisie te handelen, maar de structuurvisie bevat geen verplichtingen naar burgers. Burgers mogen verwachten dat het bestuur bij verzoeken en vragen van de burger haar antwoord zal baseren op de beleidsuitspraken in deze structuurvisie. Concreet zal de gemeente om haar beleid te realiseren de volgende instrumenten inzetten: • Procedurele regie • Instrumentele regie • Financiële regie
7.1 Procedurele regie op de uitvoering Proces instrumenten zeggen iets over de inspanningen die de gemeente voornemens is te doen om haar beleid operationeel te maken. Het gaat om de activiteiten gericht op:
• een goede afstemming van beleidsontwikkelingen, om maximale win-win situaties te bereiken; • nadere uitwerking van beleid, om beleid op hoofdlijnen te operationaliseren; • de wijze waarop de gemeente bij de verdere beleidsuitwerking wil omgaan met andere partijen, zoals overleg en communicatietrajecten; • proces- en procedureafspraken.
Afstemming van beleid De sectorale ordening van het beleid kan de indruk wekken dat geen aandacht is voor de onderlinge afstemming van beleid. Bij het formuleren van de verschillende beleidskeuzen in de structuurvisie heeft de gemeente deze afstemming impliciet meegenomen. Zo kiest de gemeente voor concentratie van nieuwe accommodaties voor voorzieningen in het centrum. Niet alleen kan ze daarmee een efficiënter accommodatiebeleid voeren, maar daardoor worden ook parkeervoorzieningen zoveel mogelijk dubbel benut en wordt daarmee de leefkwaliteit van de wijken verbeterd omdat de
55
parkeerdruk daar afneemt. Hoeft minder beslag te worden gelegd op de groene structuren in de wijken. Door te kiezen voor concentratie van functies in het centrum zijn er meer verdienmogelijkheden voor de locale economie. Tevens wordt het voor toeristen en recreanten aantrekkelijker enige tijd in Papendrecht te besteden. De gemeente streeft op alle punten waar mogelijk een optimale beleidsafstemming na. Bij concrete (sectorale) beleidsuitwerkingen zal worden aangegeven wat de relatie is van dit beleid met de andere beleidsvelden uit de structuurvisie. Afstemming van beleid vindt ook plaats op regionaal, provinciaal en rijksniveau. De gemeente zet in op een actieve inbreng in de beleidsvorming binnen het samenwerkingsverband en met andere overheden.
Nadere uitwerking van beleid Deze structuurvisie richt zich op de hoofdlijnen van beleid. De strategische beleidskeuzen zullen verder uitgewerkt worden in tactisch en operationeel beleid. Dit beleid omvat de concrete beleidsacties voor de komende periode. De directe beleidsinspanning gedurende de komende 3 tot 4 jaar. Daar hoort ook monitoring van de doorwerking van het beleid bij om in de gaten te houden of de beoogde doelen daadwerkelijk worden bereikt. Deze monitoring kan tot gevolg hebben dat op onderdelen de structuurvisie moet worden herzien, omdat het gekozen beleid niet effectief
56
blijkt, of omdat verwachte ontwikkelingen een andere wending hebben gekregen. De volgende beleidsonderwerpen zullen via concrete beleidsplannen worden uitgewerkt:
Omgaan met andere partijen
• • • • • • • • • • • • • • • •
De gemeente kiest ervoor om met de maatschappelijke groeperingen regelmatig de dialoog op te zoeken over het beleid en de effectuering van het beleid.
Woonvisie en woningbouwprogrammering; Notitie binnenstedelijke herontwikkelingslocaties; 'Foto van de wijk'; Dijkvisie; Buitengebied; Accommodatiebeleid; Gemeentelijk verkeers- en vervoersplan (GVVP); Parkeerbeleid; Nota langzaam verkeer; Klimaatbeleid; Gebiedspecifiek bodembeleid; Beleid hogere waarden geluid; Externe veiligheid; Route gevaarlijke stoffen (opnieuw vaststellen); Nota Grondbeleid Papendrecht; City Marketing.
Het college zal jaarlijks een voortgangsrapportage over de uitvoering van het beleid van de structuurvisie aan de gemeenteraad aanbieden.
In de structuurvisie gaat de gemeente er nadrukkelijk van uit dat zij in veel situaties (mede) afhankelijk is van andere partijen om haar beleidsdoelen te kunnen effectueren.
Proces- en procedureafspraken In de structuurvisie heeft de gemeente voor haar belangrijke beleidsaspecten aangegeven wat voor haar belangrijke aandachtspunten zijn bij de beoordeling van initiatieven van derden. Dat vormt het kader voor de beoordeling van initiatieven. Bij initiatieven van derden hanteert de gemeente het volgende procesprincipe: • het initiatief wordt eerst beoordeeld op haar betekenis voor Papendrecht; • het initiatief wordt vervolgens beoordeeld op de mate waarin het voldoet, of bijdraagt aan de in de structuurvisie benoemde aandachtspunten; • vervolgens wordt beoordeeld of de locatie voldoende geschikt is voor het initiatief;
57
• tenslotte wordt beoordeeld of de concrete invulling van de locatie voldoende bijdraagt aan de ruimtelijke kwaliteit van de locatie en van de directe omgeving; • als dit proces met succes is doorlopen zal de gemeente het publiekrechtelijk traject ingaan dat realisatie van het initiatief mogelijk moet maken, met alle daaraan verbonden procedures.
7.2 Instrumentele regie op de uitvoering Het inzetten van juridische instrumenten stelt de gemeente in staat publiekrechtelijk en privaatrechtelijke sturing te geven aan ruimtelijke ontwikkelingen. Deze instrumenten vertalen het beleid in concrete rechten en plichten. Publiekrechtelijke instrumenten zijn primair het bestemmingsplan en het projectbesluit en het daarmee samenhangende exploitatieplan, maar ook voorbereidingsbesluit en het toepassen van de Wet Voorkeursrecht Gemeente. Privaatrechtelijke instrumenten zijn de overeenkomsten tussen de gemeente en derden, waarbij wederzijdse rechten en plichten worden vastgelegd, zoals een realisatieovereenkomst en een exploitatieovereenkomst.
58
Publiekrechtelijke instrumenten Voor een goede regie op nieuwe ruimtelijke ontwikkelingen moet de gemeente altijd in staat zijn om, indien dit echt noodzakelijk is, juridisch nee te kunnen zeggen. De gemeente kiest er daarom voor om nieuwe ruimtelijke ontwikkelingen niet rechtstreeks te regelen in haar reguliere bestemmingsplannen voor woon- en werkgebieden en het buitengebied. Behalve als deze ontwikkelingen al voldoende concreet zijn en de daarbij horende rechten en plichten bekend zijn en waar mogelijk verankerd. In deze structuurvisie zijn voor veel mogelijke ontwikkelingen de beleidsmatige kaders gesteld. Bij initiatieven voor nieuwe ontwikkelingen zullen, bij beleidsmatige wenselijkheid van de ontwikkeling, eerst via de privaatrechtelijke lijn de ontwikkelcondities worden vastgelegd, alvorens de publiekrechtelijke ontwikkelmogelijkheden worden verankerd in een bestemmingsplanherziening op maat.
Privaatrechtelijke instrumenten Veel ontwikkelingen zullen gaan plaatsvinden in bestaand stedelijk gebied. Bij ontwikkelingen waarbij de gemeente zelf een belangrijke realisatieverantwoordelijkheid neemt, gaat ze in beginsel uit van een actieve grondpolitiek. Het in eigendom verwerven van een locatie vormt het sterkste regieinstrument om de gewenste ontwikkeling ook daadwerkelijk te kunnen realiseren. Indien actieve grondpolitiek niet
mogelijk is zal de gemeente via een privaatrechtelijke overeenkomst zorg dragen dat realisatie van haar belangen wordt veiliggesteld. Bij nieuwe ruimtelijke ontwikkelingen die door derden worden geïnitieerd streeft de gemeente ernaar om, bij een positief oordeel over het initiatief, met de betreffende partij(en) privaatrechtelijke overeenkomsten te sluiten. (Intentieovereenkomst, realisatieovereenkomst, exploitatieovereenkomst). Indien een privaatrechtelijke overeenkomst niet haalbaar blijkt, maar de gemeente de realisatie publiekrechtelijk toch mogelijk wil maken, zal zij de realisatiedoelen verankeren via de publiekrechtelijke weg in een exploitatieplan dat samen met het bestemmingsplan wordt vastgesteld.
7.3 Financiële regie op de uitvoering Om het beleid te kunnen uitvoeren zal de gemeente verschillende financiële instrumenten inzetten. Daarbij kan onderscheid worden gemaakt in: • de financiering van nieuwe ontwikkelingen; • de financiering van het up-to-date houden van de publiekrechtelijke instrumenten voor het bestaand stedelijk gebied en het buitengebied; • stimuleren van initiatieven van derden.
59
• Financiering van nieuwe ontwikkelingen • Nieuwe projecten zullen per definitie via de grond- en gebouwenexploitatie moeten worden gefinancierd. Bij de grondexploitatie wordt, bij de wettelijke mogelijkheden van verplicht kostenverhaal onderscheid gemaakt in: • de gebiedseigen kosten (de kosten die nodig zijn om het gebied bouwrijp te maken, inclusief inrichting en planen procedure kosten; • bovenwijkse voorzieningen (kosten die nodig zijn om het gebied bouwrijp te maken, inclusief inrichting en planen procedure kosten, maar die over meerdere plannen kunnen worden verdeeld); • bovenplanse verevening (verevenen van een negatief planexploitatie van een plan door een bijdrage uit een plan met een positief planexploitatieresultaat); • bijdrage ruimtelijke ontwikkeling (financiële bijdrage aan ruimtelijke ontwikkelingen elders in de gemeente die een kwalitatieve meerwaarde hebben voor het plan). De Grondexploitatiewet, de Wro (Wet ruimtelijke ordening) en het Bro (Besluit ruimtelijke ordening) stellen hiervoor heldere kaders. Voor het verhalen van bovenwijkse voorzieningen zal de gemeente een paragraaf Bovenwijkse Voorzieningen opnemen in een op te stellen en jaarlijks te actualiseren
60
Nota Grondbeleid Papendrecht. In die nota wordt bepaald welke voorzieningen (conform het Bro) voor meerdere planontwikkelingen van betekenis zijn en op welke wijze de kosten daarvan op de verschillende planontwikkelingen zullen worden verhaald. Bij een aantal nieuwe ontwikkelingen in het bestaand stedelijk gebied zal sprake zijn van herlocatie van een bestaande functie, waarbij tevens de vrijkomende locatie zal worden herontwikkeld. De gemeente beschouwt dergelijke ontwikkelingen als onverbrekelijk met elkaar verbonden. Zonder nieuwe locatie kan de oude locatie niet herontwikkeld worden. De gemeente zal, gezien de onlosmakelijke samenhang, bij dergelijke ontwikkelingen het principe van Bovenplanse Verevening toepassen. Daarbij zullen de afzonderlijke grondexploitaties van beide locaties als het ware onder één fictieve exploitatie worden gebracht en mogelijke plussen en minnen in de verschillende grondexploitaties worden verevend. De versterking van de functionele en ruimtelijke kwaliteit van het centrum draagt bij aan de integrale woon-, leefen functionele kwaliteit van Papendrecht en daarmee aan de waarde van woningen en commerciële ruimten. De gemeente stelt daarom een Fonds Centrumontwikkeling in, waarvoor per nieuw te realiseren woning en nieuw te realiseren bvo commercieel vastgoed een fondsbijdrage zal worden gevraagd. De hoogte van deze fondsbijdrage
wordt vastgelegd in de Nota Grondbeleid Papendrecht. Het Fonds Centrumontwikkeling zal worden besteed aan nietcommerciële ontwikkelingen in het centrum, die bijdragen aan het vergroten van de woon- en leefkwaliteit. Een goede ontsluitingsstructuur is van groot belang voor een goede bereikbaarheid van de voorzieningen en de groene recreatieve uitloop kwaliteiten. Dit draagt bij aan de integrale woon en leefkwaliteit en daarmee aan de waarde van woningen. De gemeente stelt daarom een Fonds Ontsluitingsstructuur in, waarvoor per nieuw te realiseren woning en nieuw te realiseren bvo commercieel vastgoed een fondsbijdrage zal worden gevraagd. De hoogte van deze fondsbijdrage wordt vastgelegd in de Nota Grondbeleid Papendrecht. Het Fonds Ontsluitingsstructuur zal worden besteed aan versterking van de bereikbaarheid van de voorzieningen en van het groene recreatieve uitloopgebied.
Financiering van de publiekrechtelijke instrumenten voor het bestaand stedelijk gebied en het buitengebied De reguliere herziening van bestemmingsplannen is onderdeel van de meerjarenbegroting. Voor de effectuering van deze beleidsvoornemens zijn geen aanvullende financiële middelen noodzakelijk.
61
“Mensen worden zich meer bewust van het belang van natuurbehoud en -ontwikkeling. ”
62
Bijlagen Bijlage 1: Relevante milieuaspecten Geluid en luchtkwaliteit Papendrecht is gelegen ten zuiden van de rijksweg A15. De provinciale weg N3 sluit hierop en zorgt voor een verbinding naar Dordrecht over de rivier de BenedenMerwede. Het geluid en de luchtkwaliteit afkomstig van het verkeer over deze ontsluitingswegen dienen in acht genomen bij eventuele ontwikkelingen binnen de gemeente. De leefkwaliteit rondom deze rivieren en wegen mag niet verslechteren in de toekomst, ondanks dat de verkeersintensiteiten zullen toenemen. Het streven ten aanzien van luchtkwaliteit is om zowel regionaal als lokaal ervoor te zorgen dat in 2010 de grenswaarden voor stikstofdioxide en fijn stof in de gemeente niet wordt overschreden (regionaal programma luchtkwaliteit 2006-2015). Het streven ten aanzien van geluid (wegverkeerslawaai) is dat er in 2020 minder geluidgehinderden in de gemeente aanwezig zijn. Het actieplan richtlijn omgevingslawaai zal in 2009 worden vastgesteld. In Papendrecht is een aantal gezoneerde industrieterreinen aanwezig, zoals 'Oosteind'. Daarnaast loopt een deel van de geluidszones van de industrieterreinen 'De Staart' in Dordrecht en 'Aan de Noord' in Alblasserdam over het grondgebied van de gemeente Papendrecht. Het beheer
van de zonebewakingsmodellen ligt tegenwoordig bij de gemeente. Er is een goedgekeurd actualisatieplan voor de regio. Het streven ten aanzien van geluid (industrielawaai) afkomstig van gezoneerde industrieterreinen binnen de gemeente evenals daarbuiten is dat de grote 'lawaaimakers' in het centrum van de gezoneerde terreinen dienen te worden geconcentreerd. Bedrijven die minder geluid produceren dienen zich aan de randen van deze terreinen te vestigen. Zo wordt de geluiduitstraling van de terreinen zoveel als mogelijk beperkt.
Bodem Het grondgebied van de gemeente Papendrecht maakt onderdeel uit van de bodemkwaliteitskaart Drechtsteden. Uit deze kaart blijkt dat de diffuse bodemkwaliteit van het gemeentelijke grondgebied maximaal licht verhoogde gehalten kent. In het bebouwde gebied gaat het vooral om zware metalen en polycyclische aromaten (pak). In het buitengebied gaat het om koper en nikkel in de bovengrond (0,0-0,5 m -mv), de ondergrond is schoon. Binnen het grondgebied van de gemeente zijn circa 60 bekende gevallen van ernstige bodemverontreiniging aanwezig. Deze zullen gesaneerd worden wanneer daar een aanleiding toe is, bijvoorbeeld bij herinrichtingsplannen op de locatie. Daarnaast zijn er circa 200 potentieel verontreinigde locaties bekend. Of hier daadwerkelijk sprake
63
is van een bodemverontreiniging zal bodemonderzoek moeten uitwijzen. Ook hier geldt dat daar een aanleiding voor moet zijn, bijvoorbeeld herinrichtingsplannen op de locatie. In 2008 is een nieuw beleidskader voor het toepassen van grond en baggerspecie in werking getreden: het Besluit bodemkwaliteit. Dit beleidskader bevat een generiek kader voor het toepassen van grond en baggerspecie, maar biedt voor het bevoegde gezag ook de keuze om lokaal af te wijken van de landelijk gestelde regels en het bodembeleid optimaal te laten aansluiten op de regionale situatie. Dit wordt gebiedsspecifiek beleid genoemd. De gemeenten in de regio Zuid-Holland Zuid willen de kansen benutten die dit Besluit biedt en de verplichtingen uit dit Besluit nakomen. Ze zijn in samenwerking met de waterschappen Hollandsche Delta en Rivierenland en de Milieudienst Zuid-Holland Zuid daarom het project gestart 'Gebiedsspecifiek beleid ZuidHolland Zuid'. Met een nieuw bodembeleid wil de regio nastreven dat er zo weinig mogelijk export van grond of baggerspecie plaatsvindt, maar dat de regio zoveel mogelijk zelfvoorzienend is in het verwerken en bestemmen van de in het gebied vrijkomende grond- en baggerstromen. Het nieuwe beleid stimuleert het verantwoord omgaan met grondstromen en draagt bij aan de duurzame ontwikkeling van de gemeente Papendrecht.
64
Klimaat Mensen worden zich meer bewust van het belang van natuurbehoud en -ontwikkeling. De komende jaren zal de klimaatverandering steeds meer aandacht krijgen. Ook in de gemeente Papendrecht zal het de aandacht krijgen. Papendrecht neemt de verantwoordelijkheid om een lokale bijdrage te leveren aan de oplossing in de vorm van CO2reductie. Hiervoor wordt klimaatbeleid opgesteld (Verkenning klimaatbeleid in de Drechtsteden, vastgesteld op 29 januari 2009 door de gemeenteraad als kader voor het verder uitwerken van klimaatbeleid).
Externe veiligheid Tussen risicobronnen en risicovolle objecten dient voldoende afstand te worden gecreëerd. Bij ruimtelijke ontwikkelingen moet worden getoetst aan het plaatsgebonden risico en moet het groepsrisico worden verantwoord. De vestiging van risicovolle inrichtingen, transportassen en buisleidingen moet in het bestemmingsplan worden gereguleerd.
Plaatsgebonden risico Het plaatsgebonden risico (PR) geeft de kans aan dat een burger die zich een jaar lang continu op één plek bevindt, overlijdt door een ongeval bij een risicovolle activiteit. De grenswaarde voor het PR is 10-6. Dit houdt in dat de kans één op één miljoen is dat een persoon
buiten het bedrijfsterrein om het leven komt door een ongeluk bij een risicobedrijf. Naast inrichtingen kunnen ook transportassen een externe veiligheidscontour hebben. Externe veiligheid stelt eisen aan de omgeving. Binnen de 10-6-contour zijn geen kwetsbare objecten, zoals woningen, verzorgingstehuizen en scholen, toegestaan. Voor beperkt kwetsbare objecten, zoals sporthallen en zwembaden, geldt het plaatsgebonden risico als een richtwaarde, waarmee bij de ontwikkeling rekening mee moet worden gehouden.
Groepsrisico Het groepsrisico geeft de kans per jaar dat een groep personen die in de omgeving van de risicovolle activiteit verblijft, door een ongeval bij een risicobedrijf overlijdt. Bij de beoordeling van het groepsrisico is onder meer de vraag aan de orde welke omvang van een ramp, gegeven de kans daarop, aanvaardbaar is. De aanvaardbaarheid verschilt per situatie. Van belang zijn onder andere de veiligheid van de bron, de interactie met de omgeving, de capaciteiten van de hulpverlening (bestrijdbaarheid) en de mogelijkheden tot zelfredzaamheid van de bevolking. In bestemmingsplannen moet de hoogte van het groepsrisico en de verantwoording daarvan worden verwerkt.
Vervoer van gevaarlijke stoffen De aard en omvang van het weg-, rail-, en watervervoer van gevaarlijke stoffen en hiermee samenhangende risico’s voor de bij het rijk in beheer zijnde wegen zijn bekend. De voor de komende tijd hierbij geldende veiligheidszones en aandachtsgebieden in het kader van het basisnet vervoer gevaarlijke stoffen worden eind 2008 bekend. Voor een aantal provinciale N-wegen zijn de vervoerscijfers bekend. Binnen de gemeente Papendrecht is het vervoer van gevaarlijke stoffen naast de hoofdtransportassen (A15, N3, Betuweroute en Beneden-Merwede) alleen gewenst zoals aangegeven in de route gevaarlijke stoffen. Het vervoer van gevaarlijke stoffen heeft ten aanzien van veiligheid indirect invloed op nieuwe ontwikkelingen. Binnen de gemeente Papendrecht liggen buisleidingen voor het vervoer van gassen of vloeistoffen, zoals hogedrukaardgasleidingen en hoogspanningstrajecten. Aan weerszijde van deze leidingen en hoogspanningstrajecten moet een bebouwingsvrije zone worden aangehouden.
65
Bijlage 2: Geraadpleegde literatuur
•
Bij het opstellen van Structuurvisie Papendrecht geraadpleegde literatuur
•
• • • •
•
•
• •
66
BRO, "Papendrecht, Beleidsnotitie kantorenmarkt, eindrapportage", BRO, Vught, april 2003. BRO, "Gemeente Papendracht KadernotaPlus", BRO, Vught, oktober 2003. Bureau Drechtsteden, "De Perspectiefnota 2002 – 2006", Bureau Drechtsteden, Dordrecht, november 2002. Bureau Drechtsteden, "Wonen voor ouderen in de Drechtsteden in relatie tot zorg en welzijn", Bureau Drechtsteden, Dordrecht, september 2003. De Bruijn, C., H. Roza en J. Spikema, "Inrichtingsvisie voor de groene verbinding tussen de gemeenten Hendrik-Ido-Ambacht en Graafstroom". Ingenieursbureau BCC, februari 2003. De Drechtoevers, "Doorkijk Drechtoevers, het hart van de Drechtsteden", Projectbureau Drechtoevers, Dordrecht, september 2001. De Drechtsteden, "Programma ISV Drechtsteden, 2000 – 2004, Drechtsteden ISV", Drechtsteden, april 2000. De Drechtsteden, "Wonen naar eigen wens, Beleidsnota particulier opdrachtgeverschap in de Drechtsteden 2005 – 2010", Bureau Drechtsteden, Dordrecht, september 2003.
• • •
• • • •
• •
De Drechtsteden, "Woonvisie regio Drechtsteden, Spetterend wonen in de Drechtsteden!", Bureau Drechtsteden, Dordrecht, april 2004. De Drechtsteden, "Monitor 2003, Milieu- en leefomgevingskwaliteit, Drechtsteden", Drechtsteden, mei 2004. (Conceptversie) De Drechtsteden, "Regionale structuurvisie Detailhandel en Horeca Drechtsteden". De Drechtsteden, "Ruimte Geven Ruimtelijk kader voor een beter functionerend regio Drechtsteden", maart 2006 De Drechtsteden, "Kadernota Hoogwaardig Openbaar Vervoer Drechtsteden, Toekomstvisie op het openbaar vervoer in de regio", Dordrecht, oktober 2003. De Drechtsteden, "Mobiliteitsplan Drechtsteden, Verkeren in de regio Drechtsteden" oktober 2003, versie 7 De Drechtsteden, "Milieu in de Drechtsteden 2007", Onderzoekscentrum Drechtsteden. Gemeente Papendrecht, "Welzijnsvisie Papendrecht", De Groot Drukkerij BV, Goudriaan, 1999. Gemeente Papendrecht, "Papendrecht in beweging, Uitgangspunten sportbeleid 2000 – 2015", Gemeente Papendrecht, Papendrecht, mei 2000. Gemeente Papendrecht, "Kadernota Speelruimtebeleid", Gemeente Papendrecht, Papendrecht, 2002. Gemeente Papendrecht, "Beleidsplan Wonen Papendrecht 2003 – 2006", Gemeente Papendrecht, 2003.
•
•
• • • • • • • • • •
Gemeente Papendrecht, "Papendrecht gaat de uitdaging aan", Gemeente Papendrecht, Papendrecht, 2004. – (In het kader van het project ‘Manden maken’ van de regio Drechtsteden) Gemeente Papendrecht, "Feiten, belevingen en trends, Papendrecht 2003, samenvatting", Sociaal Geografisch Bureau gemeente Dordrecht, mei 2003. Gemeente Papendrecht, "Horecanota", 2004 Gemeente Papendrecht, "Distributieplanologisch onderzoek", 2004 Gemeente Papendrecht, overzicht bestemmingsplannen Gemeente Papendrecht, "Bouwscenario 2004", onderdeel van Jaarplan Wonen Drechtsteden 2004 Gemeente Papendrecht, "Overzichtskaart fietsvoorzieningen Papendrecht", september 2004 Gemeente Papendrecht, "Particulier opdrachtgever schap in de Drechtsteden 2005 – 2010", 2004. Gemeente Papendrecht, "Woningbouwprogramma Oostpolder fase 4 e.v.", 2004. Gemeente Papendrecht, "Wonen voor ouderen in de Drechtsteden in relatie tot zorg en welzijn", 2004. Gemeente Papendrecht, "Centrumontwikkelingen Papendrecht", 2000 – 2004. Gemeente Papendrecht, "Rapportage luchtkwaliteit 2004"
•
• •
• •
• • • • • •
Golbach, G.A.M. "Risico’s wegtransport gevaarlijke stoffen, provincie Zuid-Holland peiljaar 2002", AVIV Adviserende ingenieurs, december 2002. Grontmij, "Inrichtingsvoorstel verblijfsgebieden", april 2004 Hoogheemraadschap van de Alblasserwaard en de Vijfheerenlanden & Zuiveringsschap Hollandse Eilanden en waarden, in samenwerking met Kuiper Compagnons en DHV Water, "Waterstructuurplan Alblasserwaard en de Vijfheerenlanden", 20 december 2002. Juurlink en Geluk bv, "Papendrecht, langzaam verkeersroute", Juurlink en Geluk bv, Rotterdam. Kamer van Koophandel, De Drechtsteden, Provincie Zuid-Holland, "Ontwikkelingsvisie Shipping Valley", Badoux, Nieuwegein, november 2002. "Leefbaarheid & veiligheid in Papendrecht 2007", Onderzoekscentrum Drechtsteden, februari 2007 "Papendrecht in oude ansichten deel 1 en deel 2" PricewaterhouseCoopers, "Strategisch Economisch Profiel Drechtsteden", PricewaterhouseCoopers, 2000. Provincie Zuid-Holland, "Collegewerkprogramma 2003 – 2007", PlantijnCasparie, Den Haag, 2003. RBOI, "Papendrecht, Centrumvisie 2000+", RBOI, Rotterdam, maart 1999. RBOI, "Papendrecht, Beeldkwaliteitsplan Centrum", RBOI, Rotterdam, februari 2004.
67
•
•
•
•
• •
•
68
Rein Geurtsen & Partners B.V., "Beeldkwaliteitsplan openbare ruimte Merwehoofd Papendrecht (voormalig Fokkerterrein)", Rein Geurtsen & Partners B.V., Delft, oktober 2002. Rein Geurtsen & Partners B.V., "Kadernota Jachthavengebied", Rein Geurtsen & Partners B.V., Delft, 2004. Rijnland plattegronden, "Gemeente Papendrecht, plattegrond – 17e editie", Uitgeverij Rijnland, Leiden, 2004. Waterplan Papendrecht "Papendrecht met recht waterecht", gemeente Papendrecht/Waterschap Rivierenland, oktober 2006 Werkgroep Tiendzone, "De Tiendzone Uitgewerkt", Van Veldhuizen Stadsontwikkeling BV, oktober 2001. Zandvoort Ordening & Advies, "Scenariostudie Drechtsteden 2030: Naar een samenhangend ontwikkelingsperspectief", Zandvoort Ordening & Advies, juli 1997. Zandvoort Ordening & Advies, "Ontwikkelingsplan en –programma, Stedelijke Vernieuwing en de Groene Contramal Drechtsteden", Alces alces, Utrecht, april 2000.
Sheets/presentatie "Externe veiligheid"
Internetbronnen • • • • • • •
www.papendrecht.nl http://drechtsteden.waxtrapp.com/dss/up/ZctgyeuHaE_ Economische_visie_Drechtsteden http://drechtsteden.waxtrapp.com/dss/up/ZctgyeuHyD_ Kantorenstrategie_leaflet.pdf http://drechtsteden.waxtrapp.com/dss/up/ZuecycpHQ_ totaalconcept_visie_Hollands_ http://drechtsteden.waxtrapp.com/dss/up/ZszqdowHcC_ Bijlage_5_De_Drechtse_Poort.pdf http://www.onderzoekcentrumdrechtsteden.nl/dds/up/ ZeuixvxHoC_Tabellenboek_BR http://www.onderzoekcentrumdrechtsteden.nl/dds/up/ ZeuixvxHO_Boekje_Kerncijfers
Markt 22 3351 PB Papendrecht Postbus 11 3350 AA Papendrecht Telefoon (078) 641 89 11 (078) 641 83 16 Fax www.papendrecht.nl