A02. 20220707 NVVK, Onderzoek NVVK.pdf
Tekst van het document
Beest-den Hartog, AW van (Ella) Van: Verzonden: Aan: Onderwerp:
Bijlagen:
Auke Schouwstra <a.schouwstra@nwk.nl> woensdag 6 juli 2022 11:29 Auke Schouwstra Ter attentie van de leden van het college van B en W en de Raad van de gemeente: onderzoek NWK NWK90jaar- jubileumonderzoek.pdf
Opvolgingsvlag: Vlagstatus:
Opvolgen Met vlag
ri
GfP
Nu met bijlage...
Utrecht, 6 juli 2022 Geacht college, geachte Raad,
De NWK, de branchevereniging van financiële hulpverleners in Nederland, bestaat dit jaar 90 jaar. Sinds 1932 helpen onze leden inwoners met financiële zorgen en problemen. We zien dat anno 2022 steeds meer hulpvragers zich melden die hun huishoudboekje niet meer sluitend kunnen krijgen, en voor wie het haast onmogelijk is een schuldregeling overeen te komen. Ook als ze gewoon een inkomen hebben, hetzij uit werk, hetzij uit een uitkering.
Hun bestaanszekerheid is in het geding. Daarvoor vragen we aandacht bij het Rijk. Bij u vragen we aandacht voor het belang van lokaal investeren in financiële hulpverlening. Daarvoor is het goed om te weten wat de impact van financiële hulp is op de maatschappij en op de hulpvragers zelf. In de bijlage vindt u een onderzoek dat we lieten doen naar het meetbare effect van ons werk. Op donderdag 15 september organiseren we in Utrecht een congres waar we een documentaire presenteren die inzicht geeft in het merkbare deel van ons werk. Hulpvragers, hulpverleners en andere betrokkenen vertellen in de documentaire over de impact van schuldhulpverlening.
We hopen dat u kennis wilt nemen van de inhoud van ons onderzoek. Wanneer dit vragen oproept, staan we u graag te woord. Bijvoorbeeld over het nut van een lidmaatschap van uw gemeente van onze vereniging. We hopen u ook te ontmoeten op ons congres. Daarover vindt u hier meer informatie.
Met vriendelijke groeten, Namens de NWK,
Marco Florijn, voorzitter
Vragen? Auke Schouwstra Communicatie en perscontacten NWK Adres: Koningin Wilhelminalaan 5 3527 LA Utrecht e.
a.schouwstra(a)nvvk.nl 1
t.
m.
085 - 489 57 41 06-51 24 22 61
tw. w.
©schuldhulp www.nvvk.nl
nvvk
2022: onsjubileumjaar Dat vieren we met een niet-te-missen nazomercongres, op donderdag 15 september. Meld je snel aan via onze website.
financiële hulpverleners
Hartelijk welkom!
2
■
-
‘>r • .Vt T.-
■•x
w/ lil
Meetbare en merkbare waarde van financiële hulpverlening:
Brede effecten van financiële hulpverlening voor hulpvrager, schuldeiseren maatschappij
aè^s
I ll I
••’l
nvvk
Colofon en dankbetuiging
financiële hulpverleners
Samenwerken aan bestaanszekerheid Dit onderzoek naar de waarde van financiële hulpverlening is uitgevoerd door Purpose
Dit rapport is tot stand gekomen met dank aan en de hulp van de volgende partners en schuldeisers:
en ondersteund door de Hogeschool van Amsterdam. Opdrachtgever is de NVVK, de
branchevereniging voor financiële hulpverlening. De leden van de NVVK dragen door hun werk
Uitvoeringspartners
Partners
bij aan de bestaanszekerheid van mensen met financiële vragen en problemen. De NVVK staat
Gemeente Alphen aan den Rijn
Divosa Stimulansz
voor samenwerking met alle betrokken partners en partijen in de branche. De totstandkoming
Gemeente Den Haag
van dit onderzoeksrapport is exemplarisch voor de samenwerking die de NWK met haar leden
Gemeente Hoeksche Waard
en partners voorstaat en nastreeft. De NVVK spreekt dan ook haar dank uit aan iedereen die
Gemeente Hollands Kroon
Schuldeisers
hier met passie en inzet aan bijgedragen heeft.
Gemeente Roermond
CAK
Gemeente Rotterdam
T-Mobile
Publicatie: april 2022
Gemeente Tilburg
Vattenfall
Kredietbank Limburg
Alle leden van de Schuldeiserscoalitie
Onderzoekersteam:
Kredietbank Nederland
• Purpose: jonathan Fink-Jensen, Kim jochemsen, Bente van Logtestijn,
Orionis Walcheren
Sander Spinder en Frank van Jeveren (projectleider)
PLANgroep
• Hogeschool van Amsterdam: Roeland van Geuns (adviseur)
Pot Jonker Advocaten
• Living Image en EyeOpenerWorks (filmproductiehuis):
Schuldhulp De Schie
Henrik Looij (procesbegeleider), Nelleke Noort (regisseur)
Stadsringsi De Tussenvoorziening Utrecht
R
Zuidweg& Partners
A—
<
Hogeschool van Amsterdam
De NVVK is in het bijzonder Nationale-Nederlanden zeer erkentelijk voor de sponsoring van dit onderzoek, dat
zonder de steun van het maatschappelijk programma NN Future Matters niet in deze vorm tot stand was gekomen.' Marco Florijn, voorzitter NVVK
nationale nederlanden
CJ 13
241 II
—.sa—
1 ' i'iETAAL-V LjKKloEiv
HL’i Vf--'
Z! J ’' iOIT-TEN VI .ÓEK qÓC H-STEEnS-TEN ZEGEN * *sL Speciale dank voor de onderzoekers in het filmproject
I
Onze dank gaat uit naar de hulpverleners en hulpvragers die als duo's hebben meegedaan aan het filmproject over
de merkbare waarde van financiële hulpverlening, voor hun
'
L. ..
tomeloze inzet en hun openhartigheid:
1
• Schuldhulp De Schie: Bahattin Türkoglu (schuldhulp-
v1
" Z-
LsM.
verlener) & Urchibert Stroop (hulpvrager, niet op de foto)
R';
• Gemeente Hollands Kroon: Rianda Kelder (schuldhulp-
ai. <’ ''i ii?'
verlener) & Deborah Akkerman (hulpvrager) • Kredietbank Nederland: Edith van Dijk (Wsnp bewindvoerder)
_______ —
& Keoma van Dijk (hulpvrager)
—
• Pot Jonker Advocaten: Martje Denayère-Pos (Wsnp bewindvoerder) & Eveline van Wouw (hulpvrager) I
■A’
En natuurlijk ook veel dank aan de procesbegeleider: • EyeOpenerWorks: Henrik Looij
j' -3
i
Ook de schuldeisers die een rol hebben gespeeld in het filmproject willen wij hartelijk danken voor hun bijdrage
(niet op de foto): • Vattenfall: Martin Neef (Head of Payment and Collections)
i
& Samantha Reijnier (Energieadviseur)
mb
• CAK: Remi Langenberg (Strategisch Adviseur)
a *
•
—
■I 3
Voorwoord 90 jaar relevant
Stephanie liep het buurthuis binnen, keek even zoekend
90 jaar geleden ontstond de NWK om woekerrentes tegen
om zich heen en liep toen naar mij. Wanhopig begon ze te
te gaan. Nederlanders werden bruut uitgebuit. Terwijl ze
vertellen over haar verloren opdrachten in coronatijd, haar
amper rond konden komen, kregen ze leningen aangeboden
hoge zorgkosten en het feit dat ze een stevige huur betaalt
tegen een veel te hoge rente. Sociale kredietbanken
voor een tochtig huis met een mega energierekening. Om te
verenigden zich en boden alternatieven.
ff .
eindigen met de vraag: “Ken jij een gezin dat mijn kinderen kan overnemen? Ik vrees dat ik ze niet meer kan geven wat
Inmiddels zit de NWK in het hart van het sociaal domein
ze nodig hebben."
en vieren wij 90 jaar relevantie. Met onderzoek vanuit de
Daar word je stil van.
wetenschappelijke inzichten. Die treft u aan in deze bundel.
Zij en vele anderen zijn de reden waarom ik me inzet in
Een mooi cadeau van een 90-jarige aan de samenleving.
het sociaal domein. Stephanie wordt geholpen door een
We zijn nog steeds innovatief, vitaal en strijdbaar. We doen
hulpverlener die met een warm hart en een koel hoofd een
dat niet alleen, maar samen met schuldeisers, hulpvragers,
weg probeert te vinden in een oneindig complex en soms
hulpverleners van allerlei pluimage en de overheid. Samen
uitzichtloos woud van regelingen, goede bedoelingen,
creëren we oplossingen om meer mensen beter te bereiken.
s
mensen om wie het gaat, in combinatie met cijfers en
e
maatschappelijke verleidingen en tegenslagen. Hulpverleners
zien hoe mensen het vertrouwen verloren in de overheid.
Laat dit cadeau u inspireren om liefdevol mee te bouwen aan
Zij zien hoe de afgelopen jaren de bestaanszekerheid in
een beter Nederland.
£
Nederland achteruit ging. Maar zij zien ook mogelijkheden, nieuwe samenwerkingen en lichtpuntjes.
Marco Florijn, voorzitter NWK April 2022
Financiële hulpverleners zijn actief in het hart van het
sociaal domein. Bijna alle mensen die daar hulp vragen
hebben het financieel moeilijk. Het lukt gelukkig om jaarlijks tienduizenden mensen te helpen. Maar we moeten meer
mensen beter bereiken. We zijn er nog niet.
nvvIcS financiële hulpverleners
4
-
1
Inhoudsopgave Hoofdstuk
Samenvattende titel
Management samenvatting
Onderzoek toont waarde van financiële hulpverlening voor hulpvrager, schuldeiser en maatschappij
6
Inleiding en aanpak
Multi-perspectief onderzoek naar de meetbare en merkbare waarde van financiële hulpverlening
13
1. Context van financiële hulpverlening
Bestaanszekerheid in toenemende mate onder druk voor groeiende groep mensen
19
2. De hulpvrager in beeld
Problemen op meerdere leefgebieden concentreren zich bij doelgroep met specifieke kenmerken
25
3. Effecten van financiële hulp voor de hulpvrager
Financiële hulpverlening zorgt voor optelsom van opvallende verbeteringen over meerdere leefgebieden
29
4. Effect op jongeren en ondernemers
Jongeren, ondernemers en zzp'ers wijken af van (oudere) particulieren, wat vraagt om doelgroepbenadering
41
5. Effect van bewindvoering, beheer en saneringskredieten
Bewindvoering, budgetbeheer en saneringskredieten helpen om goede resultaten te bereiken bij kwetsbare doelgroepen
53
6. Effect op de maatschappij (MKBAl
Elke geïnvesteerde euro in financiële hulpverlening levert de maatschappij tot 2 euro op
61
7. Waarde voor schuldeisers
Schuldeisers werken intensief samen met financiële hulpverlening om mensen met problematische schulden te helpen
69
8. Toekomst van financiële hulpverlening
Meer tijd voor persoonlijke aandacht en intensievere samenwerking kan maatschappelijk rendement vergroten
75
Bijlagen
83
5
Management samenvatting - de hulpvrager in beeld
Groeiende druk op bestaanszekerheid leidt tot problemen op meerdere leefgebieden Meer mensen in kwetsbare situaties dan tien jaar geleden Ca. 1 miljoen personen hebben jaarlijks te maken met armoede
0 FINANCIËN
WERK
Flexibele arbeidsmarkt verhoogt risico op armoede in specifieke groepen
Een deel komt in zware financiële problemen, lang niet iedereen vindt de weg naar hulp Kwetsbare groepen
Risicovolle schulden
Problematische schulden
Bestaanszekerheid onder druk Hoge zorgkosten leiden tot geldproblemen
X Inflatie X Energieprijzen
I | (T_rl
z\ I I WONEN
GEZONDHEID
~ 2.000.000
~ 800.000
~ 600.000
huishoudens
huishoudens
huishoudens
Woningmarkt steeds minder toegankelijk
~'80.000 personen per jaar melden zich voor financiële hulp
Problematische schulden gaan vaak gepaard met problemen op andere leefgebieden Kenmerken hulpvragers uit onderzoek
'ilf 58% man
100%
Hulpvragers hebben vaak problematiek op meerdere leefgebieden1
Particuliere hulpvragers in het onderzoek hebben .ftl 87% 24-64 jaar
een gemiddelde schuld van € 33.000
63%
61%
53% met kinderen
f
77% alleenstaand
Ondernemers en zzp'ers in het onderzoek hebben 20%
een gemiddelde schuld van € 102.000
16%
jj® 93% laag of middelbaar opleidingsniveau 60% inkomen uit uitkering
1. Problematiek bij aanvang financiële hulpverlening van onderzoekspopulatie uit dit onderzoek
6
Schulden
Werk
6GZ
Sociaal
Fysieke
Netwerk gezondhei
Gezins Verslaving
Wonen
9%
Justitie
Management samenvatting - effecten financiële hulpverlening op hulpvrager
Financiële hulpverlening blijkt mensen op meer leefgebieden te helpen dan alleen schulden Door financiële hulpverlening krijgen mensen perspectief en kunnen ze weer meedoen in de maatschappij Verbetering van groep hulpvragers in derde jaar schuldregeling (T3)
t.o.v. groep bij aanvang hulpverlening (Tl)
Jongeren en ondernemers hebben baat bij een specifieke aanpak Jongeren hebben gemiddeld een lagere schuld (ca. €22.000) en op de meeste leefgebieden minder achterliggende problematiek dan ouderen. Jongeren vallen wel vaker uit tijdens
hulpverlening. Hulpverleners denken dat dit deels komt omdat jongeren moeilijk afscheid kunnen nemen van hun levensstijl. De ervaring leert dat gerichte coaching en de inzet van saneringskredieten uitval kan voorkomen.
21% Ondernemers en zzp'ers hebben hogere en complexere schulden (ca. €102.000). Ze kennen
minder achterliggende problematiek bij aanvang, maar tijdens de hulpverlening neemt het
aantal ondernemers met werk af. Mogelijk komt dit doordat ondernemers een uitkering aanvragen om tot een schuldregeling te komen, waarna ze moeilijk een eigen onderneming
15% 14%
kunnen starten of in loondienst komen.
12% n%
Met beschermingsbewind en budgetbeheer worden voor de meest kwetsbare
10%
groep goede resultaten behaald Beschermingsbewind en budgetbeheer worden het vaakst ingezet bij problematiek met 6%
6%
6%
verslaving, criminaliteit en geestelijke gezondheid. Bij beschermingsbewind is de vooruitgang van fysieke en geestelijke gezondheid opvallend hoog. Bij budgetbeheer wordt de meeste
vooruitgang geboekt bij dagbesteding, sociaal netwerk en criminaliteit. Werk
Dag besteding
GGZ
Fysieke Wonen gezondheid
Gezin
Sociaal Verslaving Justitie netwerk
Saneringskrediet leidt tot sterkere ontwikkeling, nazorg ontbreekt Hulpvragers met saneringskredieten laten positievere ontwikkeling zien dan hulpvragers met
Toelichting grafiek De grafiek toont de ontwikkeling van alle particuliere hulpvragers op het gebied van zware tot medium problematiek per
schuldbemiddeling. Vooral op de thema’s werk, dagbesteding en lichamelijke gezondheid zijn er opvallende uitschieters. Het aantal ingezette saneringskredieten is verhoudingsgewijs veel
leefgebied. In groep T3 is het percentage hulpvragers dat geen werk of opleiding heeft bijvoorbeeld 12 procentpunt lager dan in de groep Ti. Wonen en verslaving zijn lichter van kleur omdat een deel van de vooruitgang hier mogelijk wordt
hoger bij mensen zonder dan met werk (+ 34%). Saneringskredieten zijn mogelijkerwijs minder
verklaard door voortijdige uitstroom van hulpvragers met zwaardere problematiek. Deze hulpvragers bereiken T3 niet
aantrekkelijk voor schuldeisers zolang er nog zicht is op verbetering van toekomstige inkomsten.
omdat stabiele huisvesting en een gestabiliseerde verslaving voorwaarden zijn voor toelating tot een schuldregeling.
Opvallend is dat nazorg vaak ontbreekt, vooral bij saneringskredieten.
7
Management samenvatting - effecten financiële hulpverlening op maatschappij
Elke geïnvesteerde euro in financiële hulpverlening levert de maatschappij tot 2 euro op Elke euro voor financiële hulpverlening levert de maatschappij € 1,40 - € 2,00 op
Baten
Min: € 200mio
Max: € 285mio
Kosten
I
Opbrengst
Schuldeisers zien waarde van hulpverlening voor hun klanten en voor henzelf
Zorgplicht / MVO
Inzicht voor schuldeiser
€ 140mio
iV
Geen / beperkte waarde
1
I
5
-TT
Schuldenaar structureel helpen
2 Min.\€ 60mio
Klantbehoud
Max:/€ 145mio Achterstanden verhelpen / voorkomen
Minimaal H Maximaal
De baten per succesvol geholpen hulpvrager bedragen € 9.956 (minimaal) tot € 14.244
Schuldeisers zien dat de achterliggende problematiek de afgelopen jaren een veel grotere rol
(maximaal). Vermenigvuldigd met 20.000 geholpen hulpvragers in 2020 bedragen de totale
is gaan spelen bij het ontstaan van schulden. De waarde van financiële hulpverlening is volgens
maatschappelijke baten € 200-285 miljoen. De totale kosten van hulpverlening bedragen
schuldeisers dan ook dat klanten hulp krijgen die zij zelf niet kunnen bieden bij het oplossen
€ 140 miljoen, waardoor de opbrengsten € 60-145 miljoen per jaar bedragen. Door de baten
van problematische schulden en stress. Door hulpvragers duurzaam te helpen worden niet
door de kosten te delen komen we op een social return on investment (SROI) van 1,4-2,0:
alleen actuele achterstanden opgelost maar ook toekomstige problemen voorkomen.
elke geïnvesteerde euro levert € 1,40 - € 2,00 op. Dit is in lijn met eerdere onderzoeken.’ 1 Van Geuns et al. (2011) Schuldhulpverlening loont!; Gemeente Nijmegen (2016), Maatschappelijke opbrengst van Schuldhulpverlening
8
r**
fe.
i
I
-I
o•
7*'
I
3
*1
\
*/
1
1
4
II
< >X>
I
Z "
SblÜMI
*
1111
•5t
is -v Ifc».
L"
«4
Ju
/ *
S’1
■
K
i
■
t
hJ •4t'
•Sr
. M
B- -
■
9
Management samenvatting - toekomstblik
Aanbevelingen hulpvragers: investeer in effectiviteit financiële hulpverlening, van preventie tot nazorg Vergroot financiële bestaanszekerheid en financiële educatie om schulden te voorkomen Kwetsbare doelgroepen zijn oververtegenwoordigd in de populatie met problematische schulden. Voorkom schulden door:
Preventie
• De bestaanszekerheid te vergroten, bijvoorbeeld door het wettelijk minimumloon en de netto bijstandsuitkering te verhogen • Financiële educatie aan te bieden aan onderbelichte kwetsbare doelgroepen, zoals jongeren en mensen met migratieachtergrond
Vergroot bereik hulpverlening door belemmerende overtuigingen en culturele verschillen bespreekbaar te maken Hulpvragers ervaren verschillende drempels om zich te melden voor financiële hulp. Niet alleen schaamte, maar ook eigen belemmerende overtuigingen, onbekendheid
Aanmelding
met hulp en culturele verschillen vormen drempels. Verlaag deze drempels door: • Mentale en administratieve drempels voor aanmelding te verlagen
• De bekendheid van financiële hulpverlening te vergroten • Een specifieke aanpak voor mensen met een migratieachtergrond te ontwikkelen
Vergroot de effectiviteit door rekening te houden met emoties, specifieke aanpakken en inzet van saneringskredieten Niet alle hulpvragers bereiken een schuldregeling, waardoor de schuldsituatie onopgelost blijft. Verschillende doelgroepen hebben baat bij verschillende aanpakken. Verhoog de effectiviteit van hulpverlening verder door: • Rekening te houden met de emotionele staat van mensen in verschillende fasen (bijv, door stress-sensitieve hulpverlening)
Hulpverlening
• Cultureel-sensitieve hulpverlening te bieden voor mensen met een niet-Westerse achtergrond
• Te onderzoeken hoe hulpvragers met verslaving en/of een instabiele woonsituatie, die nu uitvallen, toch geholpen kunnen worden • Specifieke jongerenaanpakken in te zetten binnen gemeenten, met aandacht voor coaching en inzet van saneringskredieten • Te onderzoeken waarom ondernemers en zzp’ers moeilijker aan het werk komen en wat effectieve instrumenten zijn om toch vooruitgang te boeken op het leefgebied werk • Saneringskredieten in plaats van schuldbemiddeling in te zetten
Ontwikkel nazorg om hulpvragers een zachte landing en duurzaam perspectief in de maatschappij te geven
Nazorg
Hulpvragers ontvangen vaak geen of beperkte nazorg, terwijl de afloop van een traject als spannend ervaren wordt. Vooral na inzet van saneringskredieten hebben
hulpverleners vaak geen contact meer met hulpvragers. Ontwikkel daarom een nazorgaanpak.
10
Management samenvatting - toekomstblik
Aanbevelingen hulpverleners en schuldeisers: investeer in maatwerk en samenwerking
Perspectief hulpverleners
Samenwerking
Perspectief schuldeisers
Meer tijd voor maatwerk
Betere samenwerking en snellere communicatie
Meer onderlinge samenwerking
Hulpverleners willen meer tijd kunnen besteden
Om meer hulpvragers sneller te kunnen helpen
Brede samenwerking tussen schuldeisers is
aan maatwerk en een brede uitvraag van problemen.
willen hulpverleners en schuldeisers beter
essentieel om klanten te helpen. Dit kan door:
Dit kan door:
communiceren en samenwerken. Dit kan door:
• Het gevoel van ‘het moet beter' van de schuld-
• De caseload per hulpverlener te verlagen
• Beschikbare data te koppelen, om mensen met
• Hulpverleners toe te rusten in het uitvoeren van
een brede uitvraag en in stress-sensitief werken • Digitalisering van administratieve handelingen, zodat er meer tijd voor het echte gesprek overblijft
• Samenwerking met andere hulpverleners in het
sociaal domein
financiële problemen eerder in beeld te krijgen
en hulp te kunnen bieden • Te onderzoeken of en onder welke voorwaarden
periodes te volgen en ondersteunen
schuldeisers
• De samenwerking tussen publieke schuldeisers
te verdiepen om hulpvragers vanuit de overheid
er een centrale plek gecreëerd kan worden met
één betalingsregeling aan te kunnen bieden
een overzicht van schulden en schuldeisers per
• De samenwerking tussen publieke en private
hulpvrager
• Hulpvragers nazorg te verlenen door ze langere
eiserscoalitie verder uit te breiden onder
• Per hulpvrager één aanspreekpunt per schuldeiser
schuldeisers verder te versterken
• Samen in te zetten op Collectief Schuldregelen
te hebben voor communicatie met de hulpverlener
Financiële hulpverlening van de toekomst: meer mensen nóg beter helpen 11
k r.
,5 W:
L K
':J- '■*
k
j
J
L
k skKL
J
Inleiding en aanpak Multi-perspectief onderzoek naar de meetbare en merkbare waarde van financiële hulpverlening
13
Inleiding en aanpak
NVVK heeft Purpose en HvA gevraagd om een impactmeting uit te voeren naar de waarde van financiële hulpverlening
Aanleiding van dit onderzoek
Vraag aan Purpose
De NVVK is de branchevereniging voor financiële hulpverlening: schuldhulp, sociaal
De NVVK heeft Purpose gevraagd met ondersteuning van de Hogeschool van
krediet, budgetbeheer en beschermingsbewind.
Amsterdam (HvA) een impactmeting uit te voeren naar de waarde van financiële
• In 2022 bestaat de NVVK gojaar. In het kader van dit jubileum wil de NWK een
uitgebreid onderzoek uit laten voeren naar de maatschappelijke waarde van financiële
hulpverlening.
hulpverlening. Het onderzoek moet: • Aantonen of investeren in financiële hulpverlening loont • Meetbare en merkbare impact van financiële hulpverlening in beeld brengen
• De NVVK constateert dat financiële hulpverlening nog wel eens wordt behandeld als een kostenpost, in plaats van een duurzame investering in de toekomst van mensen.
• Perspectieven belichten van hulpvragers, hulpverleners en schuldeisers • Aanbevelingen bevatten voor de verdere ontwikkeling van financiële hulpverlening
• 10 jaar geleden is er ook onderzoek gedaan naar de waarde van financiële hulpverlening.
In de tussentijd zijn er zowel positieve als negatieve ontwikkelingen geweest in de maatschappij. Ook de hulpverlening is veranderd. De vraag is óf en hoeveel waarde
financiële hulpverlening in de huidige context oplevert.
nvvko
financiële hulpverleners
RJUCF£ T
Hogeschool van Amsterdam
De NVVK vraagt Purpose met ondersteuning van HvA een impactmeting uit te voeren die de meetbare en merkbare waarde van financiële hulpverlening in kaart brengt 14
Inleiding en aanpak
Multi-perspectief onderzoek naar meetbare en merkbare waarde van financiële hulpverlening Onderzoek vanuit 4 perspectieven1
Onderzoek naar meetbare en merkbare impact
Merkbaar
Meetbaar
Hulpvrager F
Van 803 hulpvragerdossiers zijn de startsituatie (H2), de vooruitgang en resultaten per leefgebied (H3), de situatie per doelgroep (H4) en de vooruitgang per instrument (H5) bepaald
4 Survey onder 95 hulpverleners naar de waarde van financiële hulpverlening (H8)
Hulpverlener
Participatieve video: film, portretten (H3-H6) en quotes in dit rapport Hulpvragers en hulpverleners onderzoeken samen de waarde van financiële hulpverlening middels video. Ze vertellen zelf over hun beleving van de schuldensituatie, de hulpverlening en de onderlinge relatie. Het resultaat is een film. In dit rapport is een aantal quotes en portretten opgenomen
F k.
Portret en visie (H7) van participerende hulpvragers, hulpverleners en schuldeisers
Survey onder 14 schuldeisers naar de waarde van financiële hulpverlening (H7 en H8)
Schuldeiser F
Contextanalyse (Hl) en Maatschappelijke Kosten-Baten Analyse (H6)
Maatschappij F
Hl
Nieuwsgierig naar het resultaat? Scan de QR code voor de trailer van de film (de definitieve film komt in het najaar uit)
1. Zie bijlage voor uitgebreide toelichting op de gevolgde aanpak en methodiek
15
Inleiding en aanpak
Voor meetbaar’ hebben 95 hulpverleners van 13 organisaties in totaal 803 hulpvragerdossiers anoniem aangeleverd
□
Stabilisatie: min. 2 maanden
Na akkoord regeling:
3* jaar schuldregeling:
na intake’, max. 6 maanden
max. 6 maanden na
in 3'jaar regeling sanerings
in stabilisatie
akkoord schuldregeling
krediet of schuldbemiddeling
Data en methode voor het onderdeel 'meetbaar'
Fase
Definitie
Aantal dossiers Vergelijkbaarheid
LZJ
273
288
□
Spreiding opgevraagde hulpvragerdossiers
*•.
X
242
Om de ontwikkeling van hulpvragers tijdens de financiële hulpverlening te meten zijn de groepen Ti, Tz en T3 met elkaar vergeleken. Met de Chi-kwadraat toets is vastgesteld dat de drie groepen goed vergelijkbaar zijn op basis van achtergrondkenmerken (zoals geslacht en opleidingsniveau) en blokkerende achterliggende
problematiek bij start hulpverlening (geestelijke gezondheid, justitie, niet-saneerbare schulden, nietafgewikkelde echtscheiding). Op de leefgebieden Huisvesting en Verslaving wijkt de groep T3 enigszins af van de
»
4
/ * *
groep Ti. Deels komt dit doordat stabiele huisvesting en een gestabiliseerde verslaving voorwaarden zijn voor toelating tot een schuldregeling. Hulpvragers waarbij dit niet is opgelost bereiken T3 niet. Bij de analyse van
deze leefgebieden is hier rekening mee gehouden en waar nodig is dit in de grafieken aangegeven. Doordat de
groepen een ander moment van instroom hebben is niet uit te sluiten dat maatschappelijke veranderingen ook deels van invloed zijn geweest op de samenstelling en ontwikkeling van de groepen. (Zie Bijlage D)
Representativiteit
De data van de onderzoekspopulatie zijn vergeleken met die van alle hulpvragers bij financieel hulpverleners
in 2020.' Alle kenmerken zoals geslacht, inkomen, gemiddelde schuld en aantal schuldeisers komen goed overeen met de data uit het onderzoek. (Zie Bijlage C) 1 Uit eerder onderzoek blijkt dat de eerste fase van hulpverlening het grootste risico op uitval met zich meebrengt. Om de vergelijkbaarhe.d van de groepen te waarborgen zijn
WVK
16
00 T1 geselec,eerd dlp
2 maanden na intake nog in beeld zijn Pyrj^e_en_Schouder< Fronder 12019). Gemeenten zetten de Schouders Eronder
Ir
Inleiding en aanpak
Voor merkbaar hebben hulpverleners, hulpvragers en schuldeisers zelf opgetreden als onderzoekers I
I
Betrokkenen voeren zelf video-onderzoek uit
•1. “
Niet alle opbrengsten van financiële hulpverlening zijn te vangen in harde data. We hebben daarom de methode 'participatieve
44Éi.
video' gebruikt om vanuit verschillende perspectieven de merkbare waarde van financiële hulpverlening in beeld te brengen. De methode bestaat uit twee innovatieve elementen:
■.____ - •’
L
1.
Participatief onderzoek: hulpverleners, hulpvragers en schuldeisers treden in dit onderzoek zelf op als (mede-)onderzoekers.
•'
Op basis van de hoofdvraag 'Wat is voor jou de waarde van financiële hulpverlening?' hebben ze hun eigen onderzoeksplan
<■
<■■
opgesteld, dat ze onder begeleiding van een coach ook zelf hebben uitgevoerd. Het resultaat is een collectief leerproces,
nr
jr
waarbij het gevoel van eigenaarschap de betrokkenheid van deelnemers vergroot. Daarnaast biedt deze methode de ruimte om tot écht nieuwe inzichten te komen en eventuele biases van externe onderzoekers te omzeilen. 2.
Video als middel: deelnemers hebben zelf opnames gemaakt, een professioneel camerateam heeft de plenaire bijeenkomsten
vastgelegd. Het verzamelde beeldmateriaal wordt verwerkt tot een korte documentaire waarin de kijker wordt meegenomen
M s
as
• V
ƒ/■
in het onderzoekstraject en in de uitkomsten van het onderzoek. De documentaire geeft letterlijk een inkijkje in de levens van
de deelnemers en de context waarbinnen hun ervaringen plaatsvinden.
—€
G4
Proces: deelnemers worden begeleid maar voeren zelf het onderzoek uit
* "■i4
-
IO I
I •• ? ■
L/J
H
T1
Online kennismaking
Trainingsdag duo's
Uitvoering door duo's
lAj Wekelijkse coaching
Rondetafel schuldeisers
Terugkomdag
17
iiifc 1
wWl
■tak
*"S®3F
4
I 18
I
I
&
Hoofdstuk 1 Context van financiële hulpverlening a|k
Bestaanszekerheid in toenemende mate onder druk voor groeiende groep mensen
19
Ia I Context financiële hulpverlening: terugblik op de afgelopen 10 jaar met dr. Roeland van Geuns
"Door institutionele veranderingen komen meer mensen in kwetsbare situaties terecht dan tien jaar geleden” Hoe heb je kwetsbare groepen in Nederland zich zien ontwikkelen in de afgelopen 10 jaar?
lift PH
De samenstelling van de bevolking is niet fundamenteel veranderd, maar de institutionele inbedding van mensen in kwetsbare situaties wel. Vergeleken met 10 jaar geleden zijn er bijvoorbeeld niet meer mensen die niet kunnen lezen of schrijven, en ook niet
meer mensen met een verstandelijk beperking. Maar deze mensen komen nu wel veel sneller in kwetsbare situaties, omdat de
z
n
> -
je-;
context is veranderd.
F
Over welke institutionele veranderingen heb je het dan? Er is gedraaid aan institutionele knoppen onder andere vanuit de gedachte meer mensen aan het werk te krijgen, maar het gevolg
g
is dat de situatie voor veel mensen verslechterd is. Zo is er bewust voor gekozen om in kleine stappen het verschil tussen een
netto bijstandsuitkering en het netto minimumloon te vergroten, dat proces loopt nog steeds. Dat betekent dat voor mensen met f3
>
een uitkering het vrij besteedbaar inkomen daalt, omdat de vaste lasten stijgen. Dit leidde al tot druk op de bestaanszekerheid, wat nu versnelt door prijsstijgingen van o.a. energie.
Dr. Roeland van Geuns is een erkend expert op het gebied van armoede en schulden. Hij is Lector Armoede Interventies aan de Hogeschool van Amsterdam, bestuursvoorzitter van Fonds Bijzondere Noden en actief
Een ander voorbeeld is de invoering van de Participatiewet in 2015, waarmee voor mensen met nog enige arbeidscapaciteit de
toegang tot de Wajong werd afgesloten. Deze mensen moeten nu actief solliciteren en bewijzen aanleveren en ze krijgen te maken
als zelfstandig adviseur. Als zelfstandig ondernemer werkt hij mee aan
met een partner- en vermogenstoets. Het resultaat is dat hun materiële zekerheid wordt aangetast. Mensen met chronische
verschillende advies- en onderzoeksprojecten.
ziekteklachten moeten voor allerlei verschillende regelingen een eigen bijdrage betalen, waardoor hun financiële positie verzwakt. Door de stijging van het eigen risico bij de zorgverzekering vindt er meer zorgmijding plaats. En inkomensondersteunende regelingen zijn zo ingewikkeld gemaakt dat mensen afhaken. Daardoor komen ze financieel in de knel te zitten, zoals Nibud al in
2015 aantoonde.’
Wie zijn eigenlijk de mensen die we als kwetsbaar zien? Er wordt vaak gedacht dat het alleen mensen met een minimuminkomen zijn, we moeten echt af van deze nauwe focus. Zeker
met de inflatie komen ook inkomens tussen minimum en modaal in de problemen. Voor minder dan 1200-1500 euro vind je geen huurwoning in Amsterdam. Tel daar 1000 euro aan leefgeld bij op en je komt op een benodigd netto inkomen van minimaal 2200 euro per maand. Dit is in je eentje al niet meer te betalen. Als we het over de kwetsbare groep hebben, zou ik dus liever
praten over de groep met onvoldoende geld om van te leven. 1 Nibud I2C15I, Geldzaken in de prAtijk
20
Ia I Context financiële hulpverlening: terugblik op de afgelopen 10 jaar met Roeland van Geuns
"Oorzaken schuldenproblematiek en mensbeeld zijn sterk veranderd" Sommige mensen komen vervolgens in zware financiële problemen, wat denk jij
dat daarvan de grootste oorzaak is? De belangrijkste reden voor problematische schulden is een disbalans tussen het beschikbare
inkomen en de noodzakelijke uitgaven. Deze disbalans kan ontstaan door life events, maar
steeds vaker ook door het langzaam uithollen van de bestaanszekerheid. We zien dit terug in
Sleutelmomenten volgens Roeland voor veranderende beeldvorming van mensen in schulden Sleutelmoment
Gevolg
het type schulden dat mensen maken. Vroeger stonden webwinkels en consumptieve schulden in de top 5 van schuldeisers. Nu zijn het de Belastingdienst, leveranciers van vaste lasten en banken door roodstand.
Dit heeft ook iets gedaan met het beeld over mensen in schulden, hoe heb je dat
zien veranderen?
Klantmotivatie en gedrag als uitgangspunt Rapport 'Klantprofielen voor schuldhulpverlening'1 voor hulpverlening in 180 gemeenten
Publicatie boek 'Schaarste'2
Inzicht in verband armoede en gedrag, daardoor inzet gedragswetenschappen bij bestrijden armoede en schulden
Het beeld is sterk veranderd van ‘eigen schuld dikke bult’ en ‘armoede is het gevolg van ons
0
gedrag’ naar ‘gedrag is het gevolg van armoede’. Financiële hulpverlening is in dezelfde lijn ook veranderd van een strakke uitvoering van een proces naar de introductie van de menselijke maat. Daarbij zijn nieuwe en effectieve instrumenten zoals saneringskredieten en collectief
Documentaire 'Schuldig'3
Verandering kijk op schulden bij schuldeisers,
beleidsmakers en maatschappij
schuldregelen in het leven geroepen.
Hoe kijk je terug op de afgelopen 10 jaar financiële hulpverlening?
Toeslagenaffaire
Het kan natuurlijk altijd beter, maar als je mij 10 jaar geleden had verteld dat financiële hulpverlening er nu zo voor zou staan had ik gezegd: ik help het je hopen. Qua financiële hulpverlening is er al veel verbeterd, nu de context nog.
1.
| 2. Mullainathan en Shafir (2013) Schaarste I 3. HUMAN (2016), Schuldig. Wie betaalt de rekening?
21
1b | De context van financiële hulpverlening - trends en ontwikkelingen
Groep waarbij bestaanszekerheid onder druk staat groeit
Grote groep met te weinig geld,
Flexibilisering arbeidsmarkt leidt tot verhoogd
ondanks economische groei
risico op armoede bij specifieke groepen
Huishoudens met laag inkomen en weinig vermogen1
Aandeel flexibel dienstverband en ZZP'ers in arbeidsmarkt3
hlllllllli Armoede in Nederland is een hardnekkig probleem waarmee, afhankelijk van de conjunctuur, ongeveer één miljoen personen jaarlijks te maken hebben. Ongeveer 1 op de 12 kinderen leeft in een huishouden met armoede. (SCP2)
40K
=111111111 FINANCIËN
WERK
Bestaanszekerheid onder druk
Hogere zorgkosten leiden tot
Werkverlies brengt een groot risico op armoede met zich mee voor mensen met een flexibel contract. Werknemers met een nietwesterse migratieachtergrond, laag opgeleide mensen en mensen met een arbeidsbeperking zijn hierbij oververtegenwoordigd. (SCP4)
geldproblemen en zorgmijding Hoogte eigen risico5 €350
€ 375
€ 385
€385
Woningmarkt steeds minder toegankelijk
O
Aantal woningen van 2009-20187
€220 € 150
€ 160
lllllllllllll
GEZONDHEID
WONEN
S 1
6 4
] 2 i
<
llll llll .... Koop
Door verplichte eigen betalingen zijn de zorgkosten voor een groep hoger dan ze kunnen betalen. Deze mensen kunnen hierdoor niet rondkomen, mijden zorg en/of maken schulden. (Zorgwijzer6)
1 CBS 120211, Armoede en sociale uitsluiting | 2. SCP 12020). Kansrijk Armoedebeleid | 3 5. Independer 12021) | 6 ZorRw,i2er(2019l. Nederlanders m extreme geldproblemen door
22
Sociale huur
Particuliere huur
De corporatiesector werd in de afgelopen decennia kleiner, terwijl de particuliere huursector groeide. De woonquote (woonlasten t.o.v. inkomen) is vaak veel hoger bij particuliere huur dan bij sociale huur. (CBS8)
!S.l.yaafte.»)Werker> in Nederland | 4. &P 12020), Beleidssigpalement maatschappeliike gevolgen coronamaatmr.plen I 7. SCPJ2Q20k De sociale staat van Nederland | 8. CBS 12019)
1b I De context van financiële hulpverlening - trends en ontwikkelingen
Druk op bestaanszekerheid heeft ongewenste sociale en financiële gevolgen Groeiende groep afhankelijk van hulp voedselbanken
Meer Nederlanders in de bijstand Aantal personen met een bijstandsuitkering7
Aantal door voedselbanken geholpen huishoudens1
600000
40.000
400 D00
30.000
©•
20.000
10.000
200 0 0 0 iwmnfiRR
0
# ### #
FINANCIËLE Het aantal mensen dat een beroep doet op voedselbanken is door de jaren heen gestegen van 20.000 naar 37.500 huishoudens: een stijging van 88%. (Voedselbanken Nederland1)
BIJSTAND
PROBLEMEN
Maatschappelijke gevolgen
# ■v61
Tussen 2009-2016 nam het aantal mensen in de bijstand jaarlijks toe, met ruim 160 duizend personen. Tussen eind 2016 en eind 2019 was er elk jaar een daling. In 2020 was er weer een toename. Vooral onder jongeren (tot 27) was de toename het sterkst in 2020. (CBS2)
Groeiende groep daklozen Toename incidenten met verwarde personen
74.925
83.602
90.605
ïiill
S9.S94
2014
66.023
2015
2016
2017
VERWARDE PERSONEN
Aantal daklozen4
40.000
30.000
° iiiiniilLi
20.000
10.000
DAKLOOSHEID
2018
'Als burgers hulp nodig hebben omdat zij mensen met gedrag zien dat zij niet begrijpen, bellen zij in toenemende mate de politie omdat er geen alternatief lijkt te zijn. Terwijl dit soort meldingen vaak niet gaan over gedrag dat overlast gevend, crimineel of gevaarlijk is. Het gaat om kwetsbare mensen, die de grip op hun leven dreigen te verliezen en die gewoon goede, passende hulp nodig hebben.' (Politie.nl3)
1.
50.000
o
Aantal incidenten3
Gevolgen van de coronacrisis, inflatie, energieprijzen en oorlog in Oekraïne zullen deze ontwikkelingen versterken
Op 1 januari 2020 telde Nederland naar schatting ruim 36 duizend daklozen. De jarenlange stijging, tot 39 duizend In 2018, lijkt hiermee tot stilstand gekomen. Er waren vooral minder jonge daklozen. Cijfers van 2019 waren niet beschikbaar. Ruim 8 op de 10 daklozen is man. Daklozen zijn naar verhouding vaak te vinden in één van de vier grote steden. (CBS4)
| 2. CBS en CBS (20211 | 3 Politie.nl (2019) | 4. CBS (2021)
23
K.-
-x
4.S
24
Hoofdstuk 2 De hulpvrager in beeld Problemen op meerdere leefgebieden concentreren zich bij doelgroep met specifieke kenmerken
25
2 I De hulpvrager in beeld
Een deel van de kwetsbare groep komt daadwerkelijk in zware financiële problemen, maar lang niet iedereen meldt zich Financiële hulpverlening voor mensen met schulden 1,4 miljoen huishoudens met schulden
Preventie
Vroegsignalering
Schuldhulp
Er is veel onderzoek gedaan naar de omvang van financiële problemen in Nederland, maar er
is nog geen eenduidige definitie en data van de verschillende groepen. We gebruiken daarom verschillende bronnen. Uit onderzoek van Deloitte (2021) blijkt dat 25% van de huishoudens in
Nederland financieel kwetsbaar is.' In 2018 had een op de vijf huishoudens in Nederland volgens Nibud te maken met lichte (800.000) of ernstige (550.000) betalingsachterstanden.2 In 2020
Kwetsbare groep met verhoogde kans op schulden
waren er volgens het CBS ca. 615.000 huishoudens met geregistreerde problematische schulden.’
Risicovolle schulden
Problematische schulden
Ongeveer 80.000 personen melden zich Van de groep met problematische schulden melden zich 78.000 - 85.000 personen per jaar voor financiële hulpverlening." Het is al langer bekend dat door schaamte en stress veel mensen lang
wachten met het zoeken naar hulp (gemiddeld min. 5 jaar). Ook positieve emoties kunnen een
~2.000.000 huishoudens1
~ 800.000 huishoudens2
~ 600.000 huishoudens23
drempel vormen, zoals we zien in het participatieve videoproject. Bijvoorbeeld wanneer mensen hopen dat ze het zelf kunnen oplossen of dat tijden vanzelf beter worden.
Lang niet alle hulpvragers bereiken een schuldregeling Niet alle hulpvragers stromen door naar een minnelijke of wettelijke schuldregeling. Tussen
de 4O%-6o% stopt met het traject voordat een regeling getroffen kan worden.5 Ook tijdens de schuldregeling vindt uitval plaats.6 Het voorkomen van uitval is al langere tijd een belangrijk
~ 80.000 personen per jaar
thema binnen financiële hulpverleningsorganisaties.
melden zich voor financiële hulp bij leden van de NVVK4
In balans | 2. Nibud (2019), Financiële problemen 2018 | 3 CBS, Schuldenproblematiek in beeld | 4. NWK Jaarverslafi 2020 I 5. Purpose en Schouders Eronder (2039), Gemeenten metten de Schouders Eronder 6. In 2016 werd 92% van de schuldsanenngstrajecten met succes afgerond, tegen 51% bij schuldbemiddeling. NVVK Jaarverslag 2016
26
2 ! De hulpvrager in beeld
Alleenstaanden, lager opgeleiden en lage inkomens zijn over vertegenwoordigd in de groep met problematische schulden Veel hulpvragers uit dit onderzoek zijn alleenstaand, hebben een laag of middelbaar opleidingsniveau en een laag inkomen
ff
58%
Omvang schuldenlast
42% ■ Man
stil
Particuliere hulpvragers in het onderzoek hebben een gemiddelde schuld van € 33.000 bij 12 schuldeisers
€ 350.000
■ Vrouw
€ 300.000
7%
48%
39%
6% € 250.000
■ <24
■ 24 t/m 44 jaar
■ 45 T/M 64 jaar
65+
€ 200.000
F
93%
Laag of middelbaar opleidingsniveau
€ 150.000 € 100.000
87%
Inkomen onder minimumloon
€ 50.000 ,w,
€0
60%
f
Met een uitkering Niet alle schulden altijd in beeld bij aanvang van hulpverlening
77%
Alleenstaand
De gemiddelde schuld van de groep na akkoord schuldregeling (T2+T3) is € 33.000. Dit ligt iets lager dan de cijfers van de NWK uit 2020 (€ 38.000). De gemiddelde gemeten schuld van de
53%
groep Ti (start hulpverlening) ligt op € 22.000. Hierin is duidelijk het effect zichtbaar dat veel
Met kinderen
schulden pas later tijdens het traject in volle omvang in beeld komen.
27
2 I De hulpvrager in beeld
Hulpvragers hebben behalve schulden ook vaak problemen op andere leefgebieden Meest voorkomende problemen naast schulden: geen betaald werk, gezondheidsproblemen en een klein netwerk om op terug te vallen Naast schulden hebben veel hulpvragers ook andere
problemen
Problematiek particuliere hulpvragers
De meeste hulpvragers ervaren zware tot lichte problemen
100%
op meerdere leefgebieden. Naast schulden worden het
niet hebben van werk en gezondheidsproblematiek veel genoemd. Veel hulpvragers hebben ook geen of een beperkt
sociaal netwerk waarop ze kunnen terugvallen.
63%
61% Oorzaak en gevolg lopen hier vaak door elkaar. Bijvoorbeeld:
41%
r
■
Problematische Werk schulden
Geestelijke Sociaal gezondheid netwerk
schulden veroorzaken vaak stress en hebben impact op
I 39%
zowel fysieke als geestelijke gezondheid. De stress kan er
34%
tegelijkertijd voor zorgen dat mensen verder in de problemen
20%
komen, bijvoorbeeld wanneer ze belangrijke beslissingen 16%
uitstellen.
9%
Fysieke Gezins- Verslaving Huisvesting Criminaliteit gezondheid stabiliteit
“Ik was in die tijd heel erg ziek. Ik ben mijn baan verloren. Ik heb kinderopvangtoeslag moeten
terugbetalen. En ik zag ook wel in dat ik dus niet
zelf die schulden zou kunnen oplossen." Hulpvrager filmproject
28
Hoofdstuk 3 Effecten van financiële hulp voor de hulpvrager
.•.4
■
'
•
■ -’-.a.
Financiële hulpverlening zorgt voor optelsom van opvallende verbeteringen over meerdere leefgebieden
29
Naam: Rianda Kelder Rol: Schuldhulpverlener bij Gemeente Hollands Kroon *
"Ik vind het heel jammer dat mensen in deze tijd toch nog vaak worden gezien als schuldig als je schulden hebt. Maar het kan echt iedereen overkomen, iedereen." P.
r »
"Je komt bij mensen die totaal geen uitweg meer zien. Ze weten niet meer wat ze moeten doen en jij komt daar en,je ziet gewoon dat mensen hun masker af doen en zich helemaal overgeven. En die hand die ik ze dan reik, dat ze die pakken en meegaan op reis naar een schuldenvrij leven. [...] Zo sprak ik laatst een vrouw die ik jaren terug heb geholpen. Zij gaf ook / aan: de dag voordat jij kwam ben ik weggelopen. Op zoek naar een plek waar ik zelfmoord kon plegen. En ze zei gewoon letterlijk tegen mij: als jij er niet was geweest had ik dat gewoon gedaan.”
Ir 9
IX® / /
X
V
30
rr
A
Naam: Rol:
Deborah Akkerman Hulpvrager
1
1 h
nl
Wij zitten nog niet in het traject. De laatste puntjes moeten nog op de i gezet worden.”
'H
Ar '
*•
Sr’
I
J
K
'l F
:
I
ft
O
"Ruim vijftien jaar geleden werd mijn man heel erg ziek. We kregen wel wat hulp, maar heet veel kosten werden niet vergoed. Zo zijn we er een beetje in gerold. We konden steeds nét ons hoofd boven water houden. Mijn man is afgekeurd. Ik moest volop werken en doorgaan, en op een gegeven moment liep ik toen zelf tegen een burn-out aan. En toen liep alles spaak.”
"Wat schuldhulpverlening voor mij betekent is wel een stukje rust straks. [...] Je hebt best wel een hele hoop stress in je leven. Zowel mijn man als ik hebben lichamelijke en psychische klachten. Als we niet naar de gemeente waren gegaan waren we over 2 a 3 jaar veel verder in de put geweest en misschien in nog wel veel slechtere gezondheid."
/ __________
31
3 I Effecten van financiële hulp voor de hulpvrager
Financiële hulpverlening verbetert het leven van hulpvragers op alle leefgebieden Op alle leefgebieden staat de groep op T3 (3e jaar regeling) er een stuk beter voor dan de groep op Tl (start financiële hulpverlening)
Significante verbetering van medium en zware problematiek
tussen groepen T1-T3
21%
15%
14% 12% 11%
10%
6%
6%
6%
Verslaving
Criminaliteit
£ Werk
32
Dagbestedig
Geestelijke gezondheid
Fysieke gezondheid
Huisvesting
Gezinsstabiliteit
Sociaal netwerk
/
z
7
*• uv
•x.
Sb.q F
Sterke verbetering van gemiddelde en zware problematiek De grafiek geeft een overzicht van de verbetering op het gebied van zware tot medium problematiek
per leefgebied. De groep in T3 (derde jaar schuldregeling) staat er een stuk beter voor dan de groep op Ti (start hulpverlening). Vooral op de thema’s werk en inkomen, dagbesteding, geestelijke
gezondheid, huisvesting en gezinsstabiliteit scoort de groep in het derde jaar van de schuldregeling
veel positiever. In deze groep is het percentage hulpvragers dat geen werk of opleiding heeft
bijvoorbeeld 12 procentpunt lager dan in de groep bij start financiële hulpverlening (Ti).
Lichte verbetering lichamelijke gezondheid, verslaving en criminaliteit Bij de probleemgebieden lichamelijke gezondheid en criminaliteit ligt de verbetering een stuk lager dan op andere leefgebieden. Bij de leefgebieden criminaliteit en verslaving hebben hulpvragers minder te maken met problematiek dan bij andere thema’s, zodat er relatief gezien
ook minder te verbeteren is. Bij lichamelijke gezondheid treedt mogelijk een ‘vakantie-effect’ op, zoals we toelichten op pagina 29.
Deel vooruitgang huisvesting en verslaving mogelijk verklaard door voorwaarden van hulpverlening Er is een significant verschil in de startsituatie tussen de populatie op Ti (start) en T3 (3e jaar
regeling) op het gebied van huisvesting en verslaving. Dit betekent dat in de T3 populatie minder mensen zitten die bij de start van het traject huisvestings- of verslavingsproblematiek
hadden dan in de Ti populatie. De maximale verbetering op huisvesting is 11 procentpunt en op
■ A .
te
verslaving 6 procentpunt. In werkelijkheid zal de verbetering iets lager liggen door hulpvragers die T3 niet bereiken omdat stabiele huisvesting en een gestabiliseerde verslaving voorwaarden
zijn voor toelating tot een schuldregeling.
33
3 I Effecten van financiële hulp voor de hulpvrager
Hulpvragers in het derde jaar schuldregeling hebben 12% vaker werk Werk Onbekend
o%
Dagbesteding Weer meedoen in de maatschappij
o%
2%
+12%* |
Werk
Van de groep op Tj (3e jaar regeling) is het aantal hulpvragers
Onbekend 10%
11%
14%
40%
28%
hulpverlening). Maar ook in de groep op T3 heeft 51% van de
34%
hulpvragers nog geen inkomen uit werk.
+17%* Opleiding
9%
dat werk heeft 12 procentpunt hoger dan op Ti (start financiële
r- -► 72%
8% 7%
Voldoende dagbesteding 55%
Bij dagbesteding is het verschil nog groter. De groep in het
61%
derde jaar schuldregeling (Tj) met voldoende dagbesteding is 17 procentpunt hoger dan op Ti (start hulpverlening).1
Geen werk / opleiding
Dit duidt er op dat hulpvragers ook op andere manieren
63%
63%
weer meedoen met de maatschappij. Er is geen significante .......M 51%
-12%*
Onvoldoende dagbesteding 25%
Geen dagbesteding Tl
T2
20%
9%
6%
Tl
T2
T3
ontwikkeling te zien in het wel of niet volgen van een
-16%*
opleiding.
T3 “Mijn werk was mijn passie. Ik werkte als
bloembindster en decorateur. Maar dat ging op
“Ik had een eigen zaak maar die redde het niet.
een gegeven moment niet meer: ik kreeg een
Ik kreeg een baan aangeboden via een voormalige
burn-out. Ik weet ook niet of het ooit nog gaat
klant, daar werk ik nu 24 uur per week. Ik ga nu
lukken om weer te werken, ik hoop het wel."
weer solliciteren: ik wil graag fulltime werken."
Hulpvrager filmproject
Hulpvrager filmproject
' Significant verschil t.o.v. Tl
1. Voldoende dagbesteding is gedefinieerd als: voldoende activiteiten die plezierig / nuttig zijn en geen verstorend dag-nacht ritme
34
3 I Effecten van financiële hulp voor de hulpvrager
Hulpvragers in het derde jaar schuldregeling ontvangen 10% minder vaak bijstand Verdieping: bijstand
Inkomen
Daling uitkeringen pas na akkoord schuldregeling Geen/onbekend
2%
1%
o%
Het aantal mensen dat een uitkering ontvangt is in de
+8%*
Inkomen uit werk
Tj groep (3e jaar regeling) 9 procentpunt lager dan bij 38%
30%
de groep bij aanvang van financiële hulpverlening in Ti. : -10%*
28%
Het aandeel hulpvragers dat inkomen uit werk krijgt is
8% hoger in de groep T3 dan in de groep Ti. Opvallend genoeg stijgt het aantal mensen met een
Uitkering (bijstand, UWV, 69% AOW en pensioen, studiefinanciering)
42% 71%
uitkering in eerste instantie: de groep T2 (rond akkoord
46%
schuldregeling) heeft een hoger percentage hulpvragers
-9%*
32%
.... J 60%
met een uitkering dan de groep Ti (start hulpverlening).
De verklaring hiervoor is dat een aantal mensen eerst aan een uitkering geholpen wordt om financieel stabiel
te worden, wat als voorwaarde geldt om een schuldregeling te kunnen organiseren.
Tl
T2
T3
Tl
T2
T3
"Het is makkelijker om van een klein
budget te leven dan om een schuld op je
schouders te moeten dragen." Hulpvrager filmproject
“De problemen kwamen in zicht doordat mijn partner zijn baan verloor. Zijn salaris was enorm
teruggelopen vanwege de uitkering." Hulpvrager filmproject * Significant verschil t.o.v. Tl
V 35
3 I Effecten van financiële hulp voor de hulpvrager
Hulpvragers in het derdejaar schuldregeling hebben 9-13% minder vaak geestelijke en lichamelijke gezondheidsproblemen Geestelijke gezondheid
Lichamelijke gezondheid Mogelijk vakantie-effect bij lichamelijke gezondheid
3%
Onbekend
6%
■ 1 r Geen problematiek
Lichte problematiek
34%
Onbekend
7%
4%
F
KgF ► fTW
40% Geen 56% problematiek
48% 49%
POH (11 procentpunt), basis GGZ (10 procentpunt) en
specialistische zorg (8 procentpunt) is een stuk lager voor
29% I
+9%*
Zware problematiek
hulpverlening). Vooral de medium problematiek is lager. Dit resulteert ook in een lagere zorgvraag: de inzet van huisartsen/
hulpvragers op Tj. 29%
37%
28%
Medium problematiek
Hulpvragers op T3 (3e jaar regeling) hebben minder geestelijke gezondheidsproblematiek dan de groep op Ti (start financiële
26%
Lichte 24% problematiek
20% -,-13%*!
Op lichamelijke gezondheid is het beeld minder eenduidig.
33%
de groep met lichte lichamelijke problematiek juist vergroot
13%
H
Zware problematiek
L7% T2
De zware problematiek is lager voor de groep op Tj dan Ti.
Maar in zowel Tz (akkoord regeling) als Tj (je jaar regeling) is
T3
15%
12% ,.-6%*
------ M 9%
Tl
T2
T3
ten opzichte van Ti (start hulpverlening). Mogelijk is hier
sprake van een ‘vakantie-effect: wanneer de ergste stress
voorbij is treden lichamelijke gezondheidsklachten op. Ten opzichte van de groep op Ti (41%) is de inzet van WMO wel
"Het is vreselijk om elke dag in geldzorgen te
13 procentpunt lager voor de groep op T3 (28%).
zitten. Het doet iets met mensen. Geestelijk en lichamelijk wordje gewoon veel minder stabiel." Hulpverlener filmproject
Hulpverleners benoemen dat hulpvragers met financiële problemen vaak zorg mijden.i Dit kan te maken hebben met eigen bijdragen en eigen risico's die ze niet kunnen betalen.
Financiële hulpverlening kan er toe leiden dat hulpvragers "Je kropt het maar op. Je gezond * Significant verschil t.o.v. Tl
heid wordt er ook niet beter van...
1. Werksessie met 15 hulpverleners, 17 februari 2022
het gaat ook in je koppie zitten."
36
Hulpvrager filmproject
minder vaak zorg mijden: ze worden zich bijvoorbeeld
bewuster van fysieke klachten en/of hebben weer tijd en geld om hulp te zoeken voor fysieke klachten.
3 I Effecten van financiële hulp voor de hulpvrager
Hulpvragers in het derde jaar schuldregeling hebben vaker stabiele huisvesting Verdieping: instabiele huisvesting
Huisvesting Onbekend
on
Forse afname instabiele huisvesting
0%
1%
Het aantal hulpvragers met een instabiele woonsituatie
is maximaal 11 procentpunt lager in de groep Tj (3e jaar regeling) dan in de groep Ti (start financiële hulpverlening).
+12%* 96%
Stabiel (zelfstandig/ thuiswonend)
84%
Onder instabiele huisvesting valt 'geen huisvesting’
84%
Bij familie / bekenden
-11%*
8%
(dakloos), 'noodopvang' (bijv. Leger des Heils), 'bij familie /
bekenden’. Hoewel mensen soms uit eigen keuze bewust bij
familie of bekenden wonen komt het vaak voor dat men dit 9% Noodopvang
doet vanwege financiële problematiek.
2%
In alle drie de varianten is een verbetering te zien tussen
Begeleid
Instabiel
10%
-11%’ I ......... *1 1%
Tl
T2
T3
03
Geen huisvesting
2%
Tl
KI 1%
1%
T3
de groepen op Ti en T3, ondanks de huidige woningnood. Omdat de samenstelling van de groepen Ti en Tj significant
verschillen op het gebied van huisvesting wordt een deel van deze verbetering mogelijk verklaard door uitval van
hulpvragers met een instabiele huisvestingssituatie.
Mogelijk heeft de vooruitgang ook te maken met het “Ons huis is ons destijds ontnomen. Ik
heb toen een tijdje met de kinderen in een
speciale crisistraject dat veel gemeenten bieden wanneer
er sprake is van dreiging tot huisuitzetting.
opvanghuis gewoond. Daarna heb ik weer een huisje gekregen via de gemeente."
Hulpvrager filmproject
“Een dreigende huisuitzetting brengt veel stress met zich mee. Mensen beseffen
dan ineens dat de huur niet betalen niet de handigste zet is. Dat maakt dat ze
in het hulpverleningstraject de juiste beslissingen gaan nemen. “
Hulpverlener filmproject Significant verschil t.o.v. Tl
37
3 I Effecten van financiële hulp voor de hulpvrager
Hulpvragers in het derde jaar schuldregeling hebben vaker een stabiele gezinssituatie en een sterker sociaal netwerk Sociaal netwerk
Gezinsstabiliteit
Stabielere thuissituatie en sterker sociaal netwerk Het percentage hulpvragers met een instabiele of redelijk
Onbekend
Onbekend
25%
22%
24%
+15%* 60% "----- M 56% Stabiel
Sterk netwerk 10%
8%
C17%
stabiele gezinssituatie is in totaal 14 procentpunt lager bij
de groep in T3 (3e jaar regeling) dan in Tt (start financiële
■Ba +7%* Ê
hulpverlening). Dit effect lijkt vrij snel op te treden, omdat ook in de Tz groep (bij akkoord schuldregeling) al een daling
Voldoende 44% netwerk
zichtbaar is. De inzet van jeugdzorg is op T3 (3%)
45%
41%
4 procentpunt lager dan op Ti (7%).
Onder een instabiele gezinssituatie valt ‘geweld in huiselijke
Redelijk stabiel
Gering netwerk 35%
27%
gezinssituatie vallen 'relationele problemen in huishouden’
35% 29%
-9%*
18%
16% Instabiel
-5%* , . Tl
kring’, ‘verwaarlozing’, 'mishandeling’. Onder redelijk stabiele
2%
2%
T2
T3
Geen netwerk
6%
Tl
6% T2
r-, • I .........
en 'spanning in huwelijk'.
Ook het sociale netwerk is voor de groep T3 sterk verbeterd 2%
T3
ten opzichte van de Ti groep. Het is een bekend fenomeen dat veel hulpvragers in een isolement raken door schaamte of
simpelweg geen geld meer hebben om sociale activiteiten te ondernemen.
"We zijn in die periode gescheiden. Ik denk dot we er niet gelijkwaardig in stonden. Ik wilde het verleden het verleden laten en knokken voor de toekomst.
Maar mijn partner had heel veel moeite met omschakelen." Hulpvrager filmproject
“Als je er zelf niet over kan praten, wordt
de afstand steeds groter naar anderen toe. Als je het niet meer durft te bespreken,
ontstaat er een verwijdering."
Hulpvrager filmproject • Significant verschil t o.v. Tl
38
3 I Effecten van financiële hulp voor de hulpvrager
18% minder criminaliteit en 12% verslaving in derde jaar schuldregeling, niet volledig toe te wijzen aan financiële hulp Verslaving
Criminaliteit
6%
a%
Minder criminaliteit en verslaving, uitval kan een 6%
8%
4%
Onbekend 12%
87% 78%
85%
+12%*
(aanvang van de financiële hulpverlening). Ook het aantal
---------► 85%
hulpvragers in de groep T3 dat te maken heeft met een (problematische) verslaving is lager dan in de groep Ti.
Geen crimineel 73% gedrag
Niet aanwezig 69%
In de groep op Tj (3e jaar regeling) hebben minder hulpvragers te maken met criminaliteit dan de groep op Ti
Onbekend
+18%
rol spelen
De inzet van verslavingszorg is op T3 0%, tegen 8% op Ti. Hierbij moet worden opgemerkt dat mensen met problemen op het gebied van criminaliteit of verslaving mogelijk eerder
Lichte problematiek 14%
Problematisch
Risico crimineel gedrag
-6%
13%
6%
| 8%
3%
Tl
T2
Licht crimineel gedrag
stoppen met de hulpverlening. Statistisch gezien vallen de groepen Ti en Tj binnen de marges om ze te kunnen
12% '—
9% Tl
7%
. -8%*
4%
--- ï 3%
T2
T3
vergelijken. Maar het valt niet uit te sluiten dat uitval wel een rol speelt bij de verschillen tussen groep Tj en Ti (crimineel
gedrag komt bijvoorbeeld vaker voor bij de jongere
onderzoekspopulatie, en in deze groep is de uitval ook iets hoger). Een deel van de hulpvragers is dus mogelijk gestopt, “Tijdens het traject zie ik vaak wel een terugval. Maar het valt op dat de terugval minder lang duurt,
en een deel is daadwerkelijk gebaat bij de hulpverlening en verbetert daardoor op deze leefgebieden.
dat men sneller'hulp zoekt en dat men sneller het goede leven weer oppakt. Dat komt omdat er
iemand op de achtergrond is. ”
"Criminaliteit komt vaker voor bij schulden, je gaat ook wegen
Hulpverlener filmproject
zoeken die het daglicht niet kunnen verdragen. Vaak gaat het
beter in de schuldsanering omdat er (financiële) rust is.” * Significant verschil t.o.v. ï 1
Hulpverlener filmproject
39
k'*-
i -
k k
k
L ■"'.■#■ ■
&'
j
Hoofdstuk 4 Effect op jongeren en ondernemers Jongeren, ondernemers en zzp'ers wijken af van (oudere) particulieren, wat vraagt om doelgroepbenadering
41
3
Naam: Edith van Dijk Rol: Wsnp bewindvoerder bij Kredietbank Nederland
■
a-, 1/ ■l
"Schuldhulpverlening, daar zou ik een ander woord van willen maken: schulddienstverlenmg. Het woordje 'schuld' vind ik al lastig. Ik vind niet dat iemand met schulden schuldig is. Iedereen heeft zijn eigen verhaal. En dan het woord 'hulpverlening', dat suggereert dat wij alles oplossen voor een ander. Wij moeten wel de helpende hand reiken i maar uiteindelijk moet de schuldenaar het toch zelf doen. Anderzijds zijn wij natuurlijk gewoon mensen, en de mens helpt de medemens. Het menselijke aspect is in mijn beleving echt van het allergrootste belang."
R| u-
o
o o
"Mensen die na 3 jaar Wsnp, maar na vele jaren problemen, volledig schuldenvrij zijn, zijn altijd zo ontzettend blij. En daar doe ik het voor. Ik krijg ook altijd bedankjes, hetzij een kaart of een telefoontje. Je hoort en leest de emotie. Het doet wat met ze. Als het vonnis van de schone lei binnenkomt is er zo'n opluchting. Het blijft tot het laatste moment spannend voor mensen."
42
■<
t
Naam: Rol:
Keoma van Dijk Hulpvrager
■f
-v Xv* /V)Xr « ’ L -* f
"6 jaar geleden was ik gewoon aan het werk, alles ging gewoon goed. Toen kreeg ik last van clusterhoofdpijn. Ik kon letterlijk mets meer, betaalde niet al mijn rekeningen en verloor mijn baan. Uiteindelijk vorderde de Belastingdienst ook nog mijn Kinderopvangtoeslag terug."
i'i 1! <
jr.AV'? . <
i?
CiL -
..'r ./ugT,
r 1
v <£.’
't ,v/. /j
"Ik ben er inmiddels een soort van uit. Ik heb een schone lei. Maar omdat ik ook gedupeerde van de Kinderopvangtoeslagaffaire ben, duurde het toch wat langer. Maar goed, het voelt voor mij heel bevrijdend. Onofficieel gezegd heb ik geen schulden meer. Dus ik hoef aan niks, niemand meer wat af te betalen. Het enige wat ik nog moet betalen zijn mijn huidige rekeningen."
Kr
■ ia
"Voor mij waren die schulden, en ik denk ook voor vele anderen, heel depressief makend. Gekmakend. Je verliest gewoon jezelf... Nu hoef ik geen brieven meer te verstoppen of weg te gooien. Ik leef nu weer. En voor mij is de waarde van schuldhulpverlening dan ook: alles. Ja. alles."
=•' ■ ' < / r" ƒ v
43 _________________
4a I Effecten van financiële hulp op jongeren
Jongeren hebben betere uitgangspositie, maar kampen vaker met problematiek bij huisvesting, gezin en criminaliteit Jongeren (18-34 jr) hebben betere aanvangspositie dan ouderen behalve op wonen, gezinsstabiliteit en criminaliteit De startpositie van jongeren (18-34 jr) is over het algemeen gunstiger dan die Niet-zelfstandige
Gezinsstabiliteit
Criminaliteit
van ouderen De gemiddelde schuld van jongeren is problematisch, maar lager dan gemiddeld: € 22.113,-
huisvesting
tegen € 33.000,- voor ouderen. Daarbij moet wel genoemd worden dat jongeren ook minder
15%
levensjaren hebben gehad om schulden op te bouwen.
34%
6%-
Bij aanvang van het traject hebben jongeren vaker werk of opleiding (+11%), hebben ze vaker 45%
9%
66%
37%
verschil is beperkt en wordt mogelijk deels verklaard door de lagere gemiddelde schuld.
5%
1% 2%
2%
Jongeren
Thuiswonend Bij familie ■ Begeleid wonen ■ Geen huisvesting
UL.
14%
25%
3%
Ouderen
Wel meer problemen met wonen, gezinsstabiliteit en criminaliteit
29%
7%
2%
10% 4% Ouderen
een groot sociaal netwerk (+18%) en hebben ze vaker een goede lichamelijke gezondheid
(+29%). Jongeren hebben ook minder zware geestelijke gezondheidsproblematiek, maar dit
79%
Jongeren
11% 3% Ouderen
Vergeleken met ouderen wonen minder jongeren zelfstandig, met name de groep ‘begeleid wonen' is groter (+5%). Jongeren zitten ook vaker in een instabiele (+6%) of redelijk stabiele
15%
thuissituatie (+4%) dan ouderen. Tot slot zijn jongeren vaker in aanraking gekomen met justitie (+12%) of lopen ze daar een risico op (+3%).
Jongeren
■ Onbekend ■ Stabiel
■ Onbekend ■ Geen crimineel
■ Redelijk stabiel ■ Instabiel
■ Risico ■ Licht crimineel
- .';-7'
“ A
« IX
zJ
A 8»
..
1
-/
■
W;.:: Ik IC
■‘■\
z
y.y6-
ll,
S
!
M r'^1
^1
r-
-
.... ffz
-w e> r
••>•
i
i* -
y.<iW
...
:-*J.
'
-■
f<7i35.' '*..•
-
L>v
'*<•
■
-
• 1
■
k
-<
,
45
4a I Effecten van financiële hulp op jongeren
Jongeren passen minder goed in het reguliere traject en zijn gebaat bij een specifieke aanpak Jongeren (18-34 jr) lijken vaker te stoppen met reguliere financiële hulpverlening Omdat inkomsten en uitgaven moeilijker in balans te brengen zijn vallen relatief veel jongeren uit OpTj (3e jaar schuldregeling) zijn er 23% minder jongeren (18-34 jr) in de groep dan op Ti
Tl: aanvraag hulp
12%
36%
18%
19%
* I 12%
(aanvang financiële hulpverlening). Hulpverleners benoemen dat het vooral moelijker is om de inkomsten en uitgaven van jongeren in balans te krijgen, terwijl dit noodzakelijk is voor