CConstaterende datPapendrecht
Koppel je AI →
Document · PDF

250924 Begroting 2026-2030 DEF.pdf

Raadsvergadering Papendrecht 6 november 2025, gemeente PapendrechtBij agendapunt: 5: Begroting 2026-2030 - Voorstel33.329 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 4 van 4

We geven uitvoering aan de wettelijke taak om een lokale publieke omroep te faciliteren.

75

HOOFDSTUK 4 SAMENLEVING

Wat gaan we ervoor doen? • In samenwerking met de bibliotheekorganisatie verdere invulling geven aan de vijf maatschappelijke functies van de bibliotheek: kennis en informatie beschikbaar stellen, mogelijkheden bieden voor ontwikkeling en educatie, stimuleren om te lezen, ontmoetingen en debatten organiseren en mensen laten kennismaken met kunst en cultuur. • Intensiveren samenwerking tussen de bibliotheek en andere partners uit het cultureel en sociaal domein met een faciliterende rol vanuit de gemeente. • Voorbereiden op de uitvoering van de wettelijke zorgplicht tot het hebben van een volwaardige bibliotheekfunctie. • Uitvoeren van de wettelijke taak om een lokale publieke omroep te faciliteren. • Deelname aan regionale beleidsontwikkeling Regionale Omroep Drechtsteden en Ridderkerk (Streek 56). CULTUREEL ERFGOED Wat willen we bereiken? We vertellen het verhaal van Papendrecht aan onze inwoners en andere geïnteresseerden. We versterken zowel het materiele als immateriële cultureel erfgoed in onze gemeente. Wat gaan we ervoor doen? • Borgen en bewaken van de kwaliteit van de historische structuren bij initiatieven van derden en herinrichting van delen van het dijklint. • Bewaken behoud cultuurhistorische identiteit van het dijklint bij ontwikkelingen rond waterveiligheid, onder andere in verband met mogelijke toekomstige dijkversterkingen.

• Deelnemen in regionale en provinciale samenwerkingsverbanden om cultureel erfgoed te behouden en te versterken. • Onderzoeken mogelijkheden invulling cultuurhistorisch evenement bij uitwerking van het evenementenbeleid. • Intensiveren deelname aan de Open Monumenten Dagen. Waar staan we nu? INDICATOR

EENHEID

WAARDE PAPENDRECHT

Aantal bibliotheekabonnementen

Exact aantal 8.850 (2024) Bron: Cijfers Bibliotheek AanZet

NEDERLAND

STREEFWAARDE

n.v.t.

9.000 (2030)

Percentage Percentage jeugdigen t/m 18 jaar dat het afgelopen jaar activiteiten in het kader van cultuureducatie gedaan heeft

54,4% (2024) Bron: SOC (Samen Ontwikkelen door Cultuur)

Niet bekend

54,4% (2030)

Percentage inwoners dat het afgelopen jaar aan beoefening van een vorm van kunst, cultuur of erfgoed gedaan heeft

Percentage

Nog geen data voor Papendrecht beschikbaar, beschikbaar vanaf 2027

64% (2022)

64% (2030)

Percentage inwoners dat het afgelopen jaar een culturele activiteit bezocht heeft

Percentage

Nog geen data voor Papendrecht beschikbaar, beschikbaar vanaf 2027

87% (2022)

87% (2030)

76

HOOFDSTUK 4 SAMENLEVING

4.8 VOLKSGEZONDHEID Volksgezondheid beschermt, bewaakt en ondersteunt gezond leven. Dit doen we door in te zetten op preventieve maatregelen, voorlichting en het bieden van ondersteuning die onze inwoners helpt bij het maken van gezonde keuzes en het verminderen van gezondheidsrisico’s. Hierbij ligt de focus zowel op het verbeteren van de algemene gezondheid als het creëren van een omgeving waarin een gezonde levensstijl makkelijk te integreren is. We streven ernaar een inclusieve en gezonde samenleving te bouwen, waar iedereen kan profiteren van de mogelijkheden om actief en gezond te leven. Wat willen we bereiken? We bevorderen de gezondheid van onze inwoners en verkleinen gezondheidsverschillen als gevolg van sociaaleconomische factoren. We richten ons onder andere op preventieve maatregelen, voorlichting en ondersteuning om gezonde leefstijlkeuzes te bevorderen en gezondheidsrisico’s te verminderen. Wat gaan we ervoor doen? • We voeren de wettelijke taak Suïcidepreventie uit. Dit doen we in regionaal verband, via de GGD Zuid-Holland Zuid (GR DG&J). • We herijken in 2026 het lokaal gezondheidsbeleid op basis van de nieuwe landelijke nota die in 2025 verschijnt. • We ontwikkelen in regionaal verband, via de GGD Zuid-Holland Zuid (GR DG&J) een preventieve aanpak voor de mentale gezondheid van jongeren. • We voeren het herziene Vitaliteitsakkoord uit.

• We voeren het plan van aanpak Gezond en Actief Leven Akkoord (GALA) Papendrecht uit, met als doel onder andere het terugdringen van gezondheidsachterstanden en het bevorderen van een gezonde leefstijl bij onze inwoners. Denk hierbij aan Kansrijke Start, Jongeren Op Gezond Gewicht-aanpak (JOGG) en aanpak valpreventie. • We analyseren het effect van de tijdelijke interventies van GALA en het Vitaliteitsakkoord. • We dragen bij aan de uitvoering van het Integraal Zorgakkoord (IZA). Voor de regio Waardenland (Drechtsteden en Alblasserwaard-Vijfheerenlanden) is in het regioplan vastgelegd wat gezamenlijk met voorrang wordt opgepakt. Binnen Papendrecht zijn ‘Welzijn op recept’ en de extra inzet praktijkondersteuner huisarts Jeugd GGZ maatregelen die we vanuit dit plan inzetten. • We monitoren de ontwikkelingen van het landelijk Aanvullend Zorg- en Welzijnsakkoord (AZWA). Zodra een definitief akkoord is gesloten, vertalen we dit naar onze lokale aanpak. • Via de Dienst Gezondheid & Jeugd (DG&J) werken we mee aan de aanpak van de Rijksoverheid om de vaccinatiegraden van het Rijksvaccinatieprogramma te verhogen. Onderdelen in de landelijk aanpak zijn onder andere het fijnmaziger vaccineren en een wijkgerichte aanpak. Het Rijk moet hiervoor nog structurele middelen beschikbaar stellen.

• We stimuleren een gezonde en beweegvriendelijke leefomgeving en een actieve vrijetijdsbesteding, conform de doelstellingen in de Omgevingsvisie 2.0. • We voeren het lokaal hitteplan uit.

77

HOOFDSTUK 4 SAMENLEVING

Waar staan we nu? INDICATOR

EENHEID

WAARDE PAPENDRECHT

NEDERLAND

STREEFWAARDE

Voelt zich meestal (zeer) Percentagelukkig ge 13- en 15-jarigen

71% (2023) Bron: Gezondheidsmonitor Jeugd, Dienst Gezondheid & Jeugd Zuid-Holland Zuid

77% (2023)

≥ 72% (2027)

Heeft zich in de afgelopen maand soms tot altijd eenzaam gevoeld

Percentage 13- en 15-jarigen

33% (2023) Bron: Gezondheidsmonitor Jeugd, Dienst Gezondheid & Jeugd Zuid-Holland Zuid

29% (2023)

≤ 30% (2027)

Is (zeer) ernstig eenzaam

Percentage van 19 jaar en ouder

16% (2024) Bron: Gezondheidsmonitor Jeugd, Dienst Gezondheid & Jeugd Zuid-Holland Zuid

13% (2024)

≤ 13% (2028)

78

HOOFDSTUK 4 SAMENLEVING

WAT MAG HET KOSTEN? TV

OMSCHRIJVING (-/- = NADELIG)

REALISATIE 2024

2025

2026

2027

2028

2029

2030

2.

Samenleving Lasten

58.936

61.715

63.432

61.681

62.374

64.194

65.818

4.1

Werk en Inkomen

17.557

18.540

18.077

17.836

17.718

17.625

17.615

4.2

Zorg 18+

10.272

11.585

11.700

11.316

11.340

11.168

11.168

4.3

Jeugdzorg

11.101

10.446

12.354

12.335

12.331

12.331

12.331

4.4

Welzijn

8.168

8.245

8.440

7.825

7.725

7.724

7.692

4.5

Onderwijs

4.101

4.572

4.304

4.614

5.427

7.306

8.357

4.6

Sport

3.411

3.798

3.823

3.407

3.525

3.503

3.813

4.7

Cultuur

2.481

2.632

2.709

2.524

2.488

2.722

3.031

4.8

Volksgezondheid

1.845

1.897

2.025

1.824

1.820

1.815

1.811

Baten

15.774

14.001

13.921

13.482

13.424

13.494

13.563

4.1

Werk en Inkomen

9.457

9.535

9.700

9.749

9.926

10.038

10.148

4.2

Zorg 18+

1.290

620

560

590

440

410

380

4.3

Jeugdzorg

0

0

0

0

0

0

0

4.4

Welzijn

2.427

1.020

1.062

848

774

774

774

4.5

Onderwijs

945

1.193

1.097

1.115

1.115

1.115

1.115

4.6

Sport

1.033

1.073

1.007

826

826

826

826

4.7

Cultuur

146

109

111

111

111

111

111

4.8

Volksgezondheid

476

451

384

243

232

220

209

-43.162

-47.714

-49.511

-48.199

-48.950

-50.700

-52.255

REALISATIE 2024

2025

2026

2027

2028

2029

2030

Storting in reserve (Lasten)

0

0

0

0

0

0

0

Egalisatiereserve rijksstromen taakmutaties

0

0

0

0

0

0

0

Bestemmingsreserve kapitaallasten Programma 4

0

0

0

0

0

0

0

Onttrekking uit reserve (Baten)

1.078

967

950

564

564

464

914

Egalisatiereserve rijksstromen taakmutaties

920

643

526

140

140

40

40

Bestemmingsreserve kapitaallasten Programma 4

158

324

424

424

424

424

874

1.078

967

950

564

564

464

914

Saldo Bedragen (x € 1.000) MUTATIE RESERVE(S) ZIE OOK BESTUUR

Saldo Bedragen (x € 1.000)

79

HOOFDSTUK 4 SAMENLEVING

80

VERKEER & VERVOER PROGRAMMA BEGROTING 2026

Titel metThemablad onderwerp? Lopende tekst

81

THEMABLAD

PROGRAMMA BEGROTING 2026

Themablad

Maatregelen op specifieke thema’s, zoals duurzaamheid, zijn door de gehele beleidsbegroting verspreid. Dit omdat we ons moeten houden aan de indeling van de begroting. Een themablad biedt een overzicht van maatregelen binnen een bepaald thema met als doel de samenhang op dit specifieke thema te begrijpen. In Papendrecht gaat het om het thema duurzaamheid.

82

THEMABLAD DUURZA AMHEID

THEMABLAD

Duurzaamheid Algemene introductie De maatschappelijke opgave is te werken aan een duurzame samenleving waarin we voldoen aan de nationale doelstellingen en onze huizenbestanden zo duurzaam mogelijk maken. De opgave is ook te voldoen aan de warmtetransitie. Dit doen we middels het programma duurzaamheid. Dat is opgebouwd aan de hand van de drie landelijke ambities en heeft een Papendrechtse uitwerking gekregen: 1. De inclusieve energietransitie 2. Een klimaatbestendig Papendrecht 3. Circulair grondstoffengebruik Relevante beleidskaders De meest belangrijke beleidskaders voor dit programma zijn: Regionale Energiestrategie (RES) 1.0 De Nederlandse politiek heeft een doel vastgesteld: in 2030 stoten we in Nederland bijna de helft (49%) minder broeikasgassen uit dan we in 1990 deden. De maatregelen die we de komende jaren nemen om dit doel te halen staan in het Nationaal Klimaatakkoord. Dertig energieregio’s zijn verantwoordelijk voor een deel van de landelijke opgave: de verduurzaming van de warmtevraag in de gebouwde omgeving en de duurzame opwekking van elektriciteit op land.

De strategie voor deze energieopgave is vastgelegd in de Regionale Energiestrategie Drechtsteden 1.0 (RES 1.0) Link naar: raad.papendrecht.nl/themas/Regionale-Energiestrategie Programma Duurzaamheid 2024 – 2030 Het doel van het Programma Duurzaamheid is om de duurzaamheidsambities van Papendrecht te vertalen in projecten en maatregelen. Dat kan door projecten op te starten of richting te geven aan andere projecten. Het is een programma op hoofdlijnen dat houvast biedt tot 2030. Link naar: Programma-duurzaamheid-2024.pdf Strategie klimaatadaptatie Papendrecht Klimaatverandering is een bedreiging, maar ook een kans. Een kans om onze leefomgeving te verbeteren, om de sociale contacten te vergroten en een veerkrachtigere gemeenschap te vormen. De Strategie Klimaatadaptatie geeft handvaten om ons aan te passen aan het veranderende klimaat en laat tegelijkertijd de kansen zien om onze gemeente leuker te maken. Link naar: Strategie-klimaatadaptatie-Papendrecht.pdf Omgevingsvisie Papendrecht 2025 De Omgevingsvisie Papendrecht schetst de langetermijnambitie voor een duurzame, leefbare en toekomstbestendige gemeente. Centraal staat het streven naar een evenwichtige balans tussen wonen, werken, mobiliteit, natuur en gezondheid, binnen de beperkte ruimte van een compacte gemeente. Link naar: www.papendrecht.nl/dsresource?objectid=d784805f-ca95-4e63-95a31392208d5903

83

THEMABLAD DUURZA AMHEID

Welke partijen werken we mee samen? • Smart Delta Drechtsteden. • Duurzaam Drechtsteden. • Omgevingsdienst Zuid-Holland Zuid (OZHZ). • Stedin. • Woonkracht10. • Inwoners en maatschappelijke organisaties. • Rijksoverheid en provincie Zuid-Holland, voor financiële regelingen, kennisdeling en beleidskaders. Wat willen we bereiken? Energietransitie De inclusieve energietransitie houdt de overgang van fossiele brandstoffen naar hernieuwbare energiebronnen in. Een grote transitie, waarin het van belang is dat iedere Papendrechter mee kan doen. We geven daarmee navolging aan het Nationale Klimaatakkoord, wat aanstuurt op een volledige overgang naar hernieuwbare energiebronnen en CO₂-neutraliteit in 2050. In 2030 willen we: • 20% minder energiegebruik in de gebouwde omgeving ten opzichte van 2020 • 1 op de 5 woningen aangesloten hebben op een hernieuwbare energiebron • Op weg zijn naar een energieneutrale gebouwde omgeving in 2035 Klimaatadaptatie Ook in Papendrecht zullen hittegolven en droge periodes vaker voorkomen én langer aanhouden, met gevolgen voor de natuur en de gezondheid van inwoners. De combinatie van meer wateroverlast en droogte betekent dat we moeten zorgen voor een systeem waar regenwater goed wordt vastgehouden in de bodem, terwijl overtollig water goed weg kan stromen.

Deze ontwikkelingen kunnen alleen het hoofd geboden worden door Papendrecht klimaatbestendiger in te richten. Hierbij krijgt biodiversiteit ook aandacht. In 2030 willen we: • Klimaatadaptie integreren in de openbare ruimte en in onze manier van werken • Klimaatadaptief bouwen • De meest hittestressgevoelige plekken aangepakt hebben Circulair grondstoffengebruik Ons gebruik van grondstoffen en materialen draagt significant bij aan de uitstoot van broeikasgassen en heeft grote impact op het klimaat. Het efficiënt en duurzaam omgaan met materialen en grondstoffen is dan ook een cruciaal. De transitie naar een circulaire economie omvat veel onderwerpen. Zo raakt het onder andere aan de eigen bedrijfsvoering van de gemeente, de industrie en de omgang met afval en recycling. In 2030 willen we: • Maximaal 100 kilo restafval en grof vuil per inwoner per jaar • Minimaal de helft van onze woningen circulair bouwen (er wordt nu al veelal gebouwd met behulp van circulaire onderdelen) • Als organisatie 50% circulair zijn 84

THEMABLAD DUURZA AMHEID

Wat doen we ervoor? VINDPLAATS BEGROTING:

MAATREGEL:

1.5

Op grond van het vastgestelde meerjaren onderhoudsplan (MJOP) het op orde brengen van het gemeentelijk vastgoed.

3.1

Het uitvoeren van integrale vervangingsprojecten. Bij deze reconstructieprojecten is de meerjarenplanning vanuit het Water- en Rioleringsprogramma leidend. Bij reconstructieprojecten vindt een effectievere invulling plaats, zoals het vergroenen van de openbare ruimte en het toepassen van klimaatadaptieve maatregelen.

3.1

Het voorbereiden en uitwerken van de maatregelen vanuit het vastgestelde Programma Klimaatadaptatie 2025-2029.

3.1

Het hanteren van een programmatische aanpak voor het versterken van de groene- en ecologische structuren. Deze structuren worden verrijkt door extra aanplant van bomen en groen. Bestaande bomen kunnen groter en ouder worden door standplaatsen robuuster in te richten. In het kader van klimaatadaptatie zetten we in op het vasthouden van water. Ook beperken we hittestress door o.a. het creëren van schaduw door plaatsing van bomen.

3.1

Via natuurvriendelijk maaibeheer wordt de biodiversiteit verder versterkt. Zo zorgen we voor diverser flora en voor voedsel, schuilgelegenheid en huisvesting voor fauna.

3.1

Samen met inwoners en maatschappelijke partners werken aan een natuurinclusief Papendrecht. Dit doen we onder andere door (communicatie en participatie) activiteiten (zoals de jaarlijkse MeerBomenNu zaailingen acties i.s.m. de Ruiltuinen van Papendrecht). We versterken - en geven ruimte aan - maatschappelijk initiatief op het gebied van biodiversiteit en groene klimaatadaptatie op particulier terrein en in openbaar gebied. Voorbeelden hiervan zijn het ter adoptie aanbieden van boomspiegels, het mogelijk maken van groenadoptie en geveltuintjes, citizen science (icoonsoorten). Daarnaast verkent de gemeente samen met scholen hoe de gemeente het vergroenen van schoolpleinen kan ondersteunen.

3.1

Het programma ‘Groenblauw netwerk’ opstellen. Waarin groenblauwe duurzaamheidsdoelstellingen en ruimtelijke kaders worden geconcretiseerd. Het programma benoemt op hoofdlijnen maatregelen en projecten voor groen in de openbare ruimte.

3.2

We faciliteren ondernemers op bedrijventerreinen om een energiecoöperatie op te zetten en zo onderling hun lokale energievoorziening te organiseren door opwek, opslag en verbruik van energie slim op elkaar af te stemmen.

3.3

Regie voeren op de uitvoering van ‘Jaarprogramma 2026 uitvoering milieutaken door OZHZ’, waarin is aangegeven hoe invulling wordt gegeven aan de milieutaken die namens de gemeente worden uitgevoerd. Dit betreft onder meer de raming van het aantal te behandelen milieuklachten, uit te voeren milieucontroles, te verlenen milieuvergunningen, meldingen van asbestsloop, bodemsanering, enzovoort. Ook de advisering valt hieronder, zoals deelname aan de omgevingstafel, het actueel houden van de bodemkaart, het beheer van zones rond industrieterreinen, het duurzaamheidsbeleid, de aanpak van ondermijning en de E-agenda.

3.4

We gaan de RES 1.0 herijken, daar de RES 1.0 niet meer voldoende kaders biedt voor het veranderde perspectief i.v.m. netcongestie.

3.4

We werken aan een verduurzamingsplan om het gemeentelijk vastgoed op natuurlijke momenten te verduurzamen.

3.4

We zetten in op het toekomstbestendig bouwen van woningen, conform de omgevingsvisie. Dat doen we door de richtlijnen van Toekomstbestendig bouwen van de Provincie Zuid-Holland door te vertalen in omgevingsprogramma’s en hier bij projecten op uit te vragen.

85

THEMABLAD DUURZA AMHEID

3.4

We bieden onze inwoners en het MKB met het Platform Duurzaam Drechtsteden- Papendrecht handelingsperspectief om energie te besparen en verder te verduurzamen.

3.4

We geven uitvoering aan het warmteprogramma, waarin de planning van de warmtetransitie voor buurten (of clusters van buurten) voor de langere termijn vastligt. Voor de buurten waar we de komende tien jaar willen starten met het aardgasvrij maken van woningen stellen we ‘uitvoeringsplannen aardgasvrij’ op. Dit doen we samen met WK10, HVC en Stedin.

3.4

We zetten in op sociale duurzaamheid via de op te stellen ‘uitvoeringsplannen aardgasvrij’.

3.4

We gaan door met het Meerjarige Collectieve Ontzorgingsprogramma voor de isolatie van grondgebonden koopwoningen. We willen hiermee de komende drie jaar 750 woningen beter isoleren om op termijn klaar te zijn voor de overstap op een duurzame warmtebron en het verlagen van de energierekening.

3.4

We voeren het SoortenManagementPlan (SMP) uit, zodat geen individueel ecologisch onderzoek nodig is bij het isoleren van een woning.

3.4

We gaan actief de voortgang van de warmtetransitie, met name het isoleren tot aardgasvrij ready, monitoren en waar nodig bijsturen.

3.4

Maken van keuzes t.a.v. het Marktplein om het plein beter te laten functioneren en te vergroenen.

3.4

We onderzoeken waar kansen liggen voor verantwoord verdichten/ herontwikkelen met als doel het toevoegen van kwaliteit in de leefomgeving en onderscheidende woonmilieus.

3.6

Het aan huis of dicht aan huis laten inzamelen van goed gescheiden en herbruikbare grondstoffen om bij te dragen aan circulaire economie. Dit betreft groente, fruit, tuinafval en etensresten, plastic, blik- en drinkpakken en oud papier en karton.

3.6

Het in de buurt laten inzamelen van goed gescheiden herbruikbare grondstoffen textiel, luiers en glasverpakking in bovengrondse en ondergrondse containers om bij te dragen aan de circulaire economie.

3.6

De vervanging van riolering wordt integraal opgepakt samen met vervanging van wegen, groen en het toepassen van klimaatadaptieve maatregelen. De aanleg wordt afgestemd met de werkzaamheden van nutsbedrijven en het warmtenet. Bij de reconstructieprojecten wordt het regenwater afgevoerd door het af te koppelen, op te vangen in waterbergende funderingen en groenvoorzieningen en vervolgens vertraagd te lozen naar oppervlaktewater en grondwater. Daarnaast wordt extra groen aangebracht om meer schaduw en verkoeling te creëren.

3.6

Met de besluitvorming over het nieuwe WRP en het programma Klimaatadaptatie wordt invulling gegeven aan klimaatadaptieve maatregelen in nieuwbouwontwikkelingen. Een belangrijke maatregel is de eis om minimaal 40 mm regenwater per m² op eigen terrein te bergen. Deze eis sluit aan bij de landelijke richtlijn zoals vastgelegd in de ‘Maatlat groene klimaatadaptieve gebouwde omgeving’.

3.6

Uitvoering van het uitvoeringsprogramma vanuit het Programma Klimaatadaptatie 2025-2029.

4.8

We voeren het lokaal hitteplan uit.

Daarnaast gebeurt er nog veel meer. Zo is in SALT (Samenwerkingsafspraken Lange Termijn) met Woonkracht10 een pilot opgenomen waarbij het opnieuw verhuren van de woning de tuin eerst vergroend wordt. Ook onderhouden we het duurzaamheidsdashboard van Papendrecht. Het duurzaamheidsdashboard geeft inzicht in verschillende thema’s van duurzaamheid en hoe deze zich ontwikkelen binnen Papendrecht.

86

THEMABLAD DUURZA AMHEID

WAT MAG HET KOSTEN? Bij duurzaamheid is sprake van verschillende type geldstromen. Er is een structureel jaarlijks budget van € 20.000 op het thema Duurzaamheid, deze middelen zijn inzetbaar voor het thema Duurzaamheid in brede zin. Voor de meeste duurzaamheidsmaatregelen is ons doel om de budgetten zo veel mogelijk binnen de desbetreffende werkzaamheden te verwerken. Zo is de begroting voor het omgevingsprogramma Klimaatbestendig Papendrecht onderdeel van het WRP (Water Riolerings Plan). Ook zijn er vanuit het Rijk voor duurzaamheid verschillende SPUK-regelingen (Specifieke Uitkering) die bedoeld zijn voor specifieke doeleinden. Zo ontvangen we tot en met 2030 een structureel bedrag per jaar aan CDOKE-middelen (Capaciteit Decentrale Overheden voor Klimaat- en Energiebeleid) voor capaciteit voor de uitvoering van het klimaatakkoord. Deze gelden zijn niet in te zetten voor klimaatadaptatie. Daarnaast zijn er verschillende SPUK-regelingen voor het verhelpen van energiearmoede, het Nationaal Isolatieprogramma en de ontwikkeling van het SoortenManagementPlan (plan dat wordt opgesteld om de bescherming van dier- en plantensoorten in het bewoonde gebied van Papendrecht te waarborgen).

87

THEMABLAD DUURZA AMHEID

88

VERKEER & VERVOER PROGRAMMABEGROTING 2026

Titel metParagrafen onderwerp? Lopende tekst

89

PARAGRAFEN WEERSTANDSVERMOGEN EN RISICOBEHEERSING

PARAGRAFEN

Weerstandsvermogen en Risicobeheersing In deze paragraaf worden de gemeentelijke risico’s financieel vertaald en afgezet tegen de beschikbare weerstandscapaciteit om risico’s af te kunnen dekken. De weerstandscapaciteit wordt afgestemd op het risicoprofiel van de gemeente, waarbij door de gemeenteraad vastgesteld dat de ratio voor het weerstandsvermogen minimaal 1,0 moet zijn. Top 5 risico’s Elk jaar wordt het risicoprofiel van de gemeente geactualiseerd en de top 5 van de risico’s worden opgenomen in deze paragraaf. 1.

Begroting Jeugdzorg (structureel risico) Bij de Perspectiefnota 2025-2030 is voor de begroting van de Dienst Gezondheid & Jeugd rekening gehouden met een lagere begroting voor jeugdzorg, doordat via de Routekaart Jeugd vanaf 2024 middelen beschikbaar zijn gesteld om maatregelen te treffen om de kosten van jeugdzorg te verlagen. Dit bij elkaar zal de komende jaren moeten leiden tot het terugdringen van intensieve interventies in de jeugdzorg. Gezien het financiële- en maatschappelijke effect van de genomen maatregelen niet direct zichtbaar zijn, is dit als risico meegenomen.

2.

Renterisico toekomstige financiering (structureel risico) Bij toekomstige financiering loopt de gemeente een renterisico. Dit is het risico dat de marktrente waartegen wordt geleend hoger uitvalt dan eerder is geraamd. Tevens bestaat er een renterisico op het moment van renteherziening bij een lopende lening. Een stijging van de rentetarieven ten opzichte van de begroting leidt namelijk tot hogere rentelasten. Bij het berekenen van de benodigde weerstandscapaciteit wordt er vanuit gegaan dat een structurele rentestijging van 2% ten opzichte van de verwachtingen moet kunnen worden opgevangen.

3.

Herijking jeugdzorg (structureel risico) Jeugdzorg is een open-einde-regeling waardoor overschrijdingen tot de risico behoort. Door sterke kostenstijging als gevolg van een gemiddeld gestegen inzet per jeugdige en/of hogere instroom in de jeugdzorg kan in de begroting opgenomen kostenreductie (door het Rijk) niet of gedeeltelijk worden gerealiseerd. Eén van de maatregelen is een strakke monitoring en sturing op de inzet per jeugdige, inkoop en contractmanagement en casemanagement bij jeugdteams.

90

PARAGRAFEN WEERSTANDSVERMOGEN EN RISICOBEHEERSING

4.

Wet Maatschappelijke Ondersteuning (structureel risico) In de uitvoering van de Wet maatschappelijke ondersteuning blijven de netto kosten toenemen en zal de vraag ook in 2025 hoger zijn. Deels komt dat door de zogenoemde ‘dubbele vergrijzing’: de groep ouderen in de bevolking neemt toe en de gemiddelde leeftijd komt steeds hoger te liggen. Ook in Papendrecht is sprake van deze ‘dubbele vergrijzing’, waardoor de vraag van Wmo-voorzieningen toeneemt. Het CPB berekent tot en met 2026 een toename in kosten van 1,5% per jaar. De invoering van de inkomensafhankelijke eigen bijdrage per 1 januari 2027 kan gaan leiden tot enige terugdringing van de kosten. Na invoering zal blijken of deze terugdringen ook daadwerkelijk plaats zal gaan vinden.

5.

Bijstandsontwikkeling & inkomensondersteuning (structureel risico) In de begroting van de GR Sociaal is als doelstelling opgenomen dat het aantal bijstandsgerechtigde 2,5% lager is dan de landelijke prognose van het Centraal Plan Bureau (CPB). Die doelstelling is de afgelopen jaren minder goed gehaald, dan verwacht. Dit leidt tot een hoger vertrekpunt voor het aantal inwoners en een toename van de daarmee samenhangende kosten. Voor de komende jaren wordt het behalen van deze ambitie, alsmede de verwachte besparing nog steeds haalbaar geacht. Hiervoor wordt o.a. extra ingezet op het werk-fit maken van inwoners die langer dan twee jaar in de bijstand zijn, wordt meer ingezet op parttime werk en loopt een pilot voor het breder inzetten van loonkostensubsidie (LKS). Wel wordt de consequentie van het bijstellen van deze ambitie als risico opgenomen.

Toelichting weerstandsvermogen Het risicoprofiel voor de begroting 2026 is tot stand gekomen door voor alle organisatieonderdelen de risico’s in het betreffende werkveld te bepalen. Omdat niet alle risico’s zich maximaal en/of gelijktijdig zullen voordoen is aan elke risicovolle gebeurtenis een kans en een financiële waarde toegekend. Daarmee is berekend hoe groot de weerstandscapaciteit minimaal nodig is om de gevolgen van zich eventueel voordoende risico’s af te kunnen dekken. In onderstaande tabel is per vakje het aantal risico’s geclassificeerd naar risicobedrag en de kans dat een risico zich zal voordoen. Hierbij wordt opgemerkt dat het risicoprofiel een momentopname is. RISICOBEDRAG

NETTO

Groter dan € 1.000.000

0

0

2

5

0

Van € 500.000 tot € 1.000.000

1

5

2

3

0

Van 100.000 tot € 500.000

6

0

5

7

0

Van € 50.000 tot € 100.000

2

1

6

2

1

Kleiner dan € 50.000

5

2

4

0

0

"Zeer klein (1%)"

"Klein (10%)"

"Matig (25%)"

"Groot (50%)"

"Zeer groot 75%"

Kans:

91

PARAGRAFEN WEERSTANDSVERMOGEN EN RISICOBEHEERSING

Benodigde weerstandscapaciteit Indien alle geïdentificeerde gemeentelijke risico’s zich gelijktijdig en in maximale omvang voor zouden doen, is een bedrag van € 72,3 miljoen nodig. Dit zal in de praktijk echter nauwelijks voorkomen. De risicoberekening toont aan dat met een waarschijnlijkheid een bedrag van € 20,7 miljoen voldoende is om de geïdentificeerde risico’s in financiële zin te kunnen dekken (= benodigde weerstandscapaciteit). Beschikbare weerstandscapaciteit De beschikbare weerstandscapaciteit bestaat uit middelen waarover de gemeente beschikt om niet begrote kosten, die onverwacht en substantieel zijn, te dekken zonder dat dit ten koste gaat van de uitvoering van bestaande taken. De beschikbare weerstandscapaciteit bestaat uit de volgende componenten: A. De vrij aanwendbare algemene reserve (incidenteel karakter) Algemene reserves zijn reserves waaraan geen bestemming is gegeven. De algemene reserve is het vrij besteedbare eigen vermogen van de gemeente Papendrecht. Tekorten/ overschotten op de jaarrekening worden ten laste/ten gunste van de algemene reserve gebracht. VRIJ AANWENDBAAR ALGEMENE RESERVE Algemene reserve

21.898.000

Risicoreserve Grondexploitaties

100.000

Beschikbare reserves

21.998.000

B. De vrij aanwendbare bestemmingsreserves (incidenteel karakter) Bestemmingsreserves zijn vrij aanwendbaar voor zover deze niet zijn belast met verplichtingen aan derden, respectievelijk wanneer zij niet de functie hebben van een egalisatiereserve. Indien een risicogebeurtenis zicht voordoet heeft de gemeenteraad de mogelijkheid om de bestemming van de reserve te wijzigen ter dekking van het risico. Gezien de bestemmingsreserve kapitaallasten toekomstige investeringen (nog) niet belast is met een verplichting wordt deze als vrij aanwendbaar aangeduid: VRIJ AANWENDBARE BESTEMMINGSRESERVES Bestemmingsreserve Kapitaallasten toekomstige investeringen

7.635.000

Beschikbare reserves

7.635.000

C.

De onbenutte belastingcapaciteit (structureel karakter) De onbenutte belastingcapaciteit is het verschil tussen de werkelijk opgelegde en maximaal (120%) te heffen Onroerend Zaak Belasting (OZB) ten opzichte van landelijk gemiddelde 2025. De raad heeft de mogelijkheid om in geval van een calamiteit de financiële gevolgen te dekken met een verhoging van de OZB. Op langer termijn is berekenend dat als er sprake is van een artikel 12 status de gemeente het onbenutte belastingcapaciteit van maximaal 120% kan verhogen met circa € 3,7 miljoen. In de berekening van de weerstandstandscapaciteit is rekening gehouden met 100% van het gemiddeld landelijk tarief en dit bedraagt circa € 1,7 miljoen.

92

PARAGRAFEN WEERSTANDSVERMOGEN EN RISICOBEHEERSING

D. De post Onvoorzien in de programmabegroting (structureel karakter) De post onvoorzien staat structureel in de begroting 2026 en hiervoor is jaarlijks € 10.000 beschikbaar. Dit bedrag wordt ook als weerstandscapaciteit aangemerkt, omdat tegenover deze begrotingspost geen directe uitgaven geraamd staan en alleen wordt ingezet bij onvoorziene, incidentele tegenvallers. De beschikbare weerstandscapaciteit ziet er voor de gemeente Papendrecht per 1 januari 2026 als volgt uit:

BEGROTING 2025

JAARREKENING 2025

BEGROTING 2026

Structuctureel karakter Onbenutte belastingcapaciteit bij 100% gemiddeld landelijk tarief

€ 758.513

€-

€ 1.700.000

Post onvoorzien

€ 25.000

€-

€ 10.000

Vrij aanwendbaar Algemene Reserve

€ 23.836.000

€-

€ 21.998.000

Vrij aanwendbaar Bestemmingsreserves

€ 7.635.000

€-

€ 7.635.000

€ 32.254.513

€-

€ 31.343.000

Incidenteel karakter

Totaal weerstandscapaciteit

Beoordeling weerstandsvermogen Het direct beschikbar weerstandsvermogen wordt uitgedrukt in de volgende ratio en bedraagt per 1 januari 2026:

WEERSTANDSRATIO Beschikbaar weerstandscapaciteit

29.643.000

Benodigde weerstandsvermogen

21.361.217

Ratio weerstandsvermogen

1,39

Voor de beoordeling van de weerstandscapaciteit gaat het om een beoordeling van de relatie tussen het beschikbare weerstandsvermogen en het, aan de risico’s gerelateerde, benodigde weerstandsvermogen. Voor de hoogte en samenstelling van het weerstandsvermogen zijn geen landelijke normen en richtlijnen vastgesteld. Een gangbare norm is het hanteren van een beoogde weerstandsratio (= weerstandsvermogen gedeeld door risico’s) van tussen de 1 en 1,5. Met een weerstandsratio van 2 of hoger is het weerstandsvermogen goed tot uitstekend te noemen. De norm voor het weerstandsvermogen is door de raad vastgesteld op 1. De gemeentelijke weerstandsratio komt voor in de begroting 2026 uit op 1,39. De stand van de vrij besteedbare reserves is hiermee voldoende om de risico’s op te vangen.

93

PARAGRAFEN WEERSTANDSVERMOGEN EN RISICOBEHEERSING

De belangrijkste wijzigingen in de risico’s ten opzichte van de jaarrekening 2024 zijn: •

Het risico over de begroting Jeugdzorg is met de begroting 2026 neerwaarts bijgesteld. In de meerjarenbegroting was een daling van het aantal jeugdigen (volumeontwikkeling) financieel verwerkt. Deze afname blijkt onrealistisch te zijn en is deels conform de meerjarenbegroting 2026-2030 van SOJ structureel bijgesteld. Het risico is hiermee ook neerwaarts bijgesteld.

•

In de begroting 2026 is een nieuw risico opgenomen. Dit betreft de renterisico die de gemeente loopt bij toekomstige financiering, waarbij de marktrente waartegen wordt geleend hoger uitvalt dan eerder is geraamd. Een stijging van de rentetarieven ten opzichte van de begroting leidt namelijk tot hogere rentelasten. Gezien grote investeringen op de planning staan wordt er vanuit gegaan dat een structurele rentestijging van 2% ten opzichte van de verwachtingen moet kunnen worden opgevangen.

Kengetallen Het besluit tot wijziging van het BBV is in mei 2024 aangepast vastgesteld. Er dienen kengetallen opgenomen te worden in de paragraaf weerstandsvermogen en risicobeheersing (artikel 11 BBV). Het betreft: •

Netto schuldquote & netto schuldquote gecorrigeerd voor alle verstrekte leningen;

•

Solvabiliteitsratio;

•

Grondexploitatie;

•

Structurele exploitatieruimte;

•

Belastingcapaciteit.

Het Gemeenschappelijk financieel Toezichtkader (GTK) is een provinciaal toezichtkader waarin signaleringswaarden staan hoe de in deze paragraaf genoemde kengetallen te interpreteren zijn. Het betreft geen normering, de invoering van de set van vijf kengetallen is voornamelijk bedoeld om de financiële positie voor raadsleden inzichtelijker te maken. De kengetallen vormen een verbinding tussen de verschillende aspecten die de raad in de beoordeling van de financiële positie kan betrekken. De kengetallen zullen altijd in samenhang moeten worden bezien, omdat ze alleen gezamenlijk en in hun onderlinge verhouding een goed beeld kunnen geven van de financiële positie van de gemeente. Signaleringswaarden financiële kengetallen (GTK 2020 gemeenten) MINST RISICOVOL (A)

NEUTRAAL (B)

MEEST RISICOVOL (C)

Netto schuldquote

< 90%

90% - 130%

> 130%

Netto schuldquote gecorrigeerd voor verstrekte leningen

< 90%

90% - 130%

> 130%

Solvabiliteitsratio

> 50%

20% - 50%

< 20%

Grondexploitatie

< 20%

20% - 35%

> 35%

Structurele exploitatieruimte

> 0,00%

0,00%

< 0,00%

Belastingcapaciteit

< 95%

95% - 105%

> 105%

WAARDERINGSCIJFER

94

PARAGRAFEN WEERSTANDSVERMOGEN EN RISICOBEHEERSING

Beoordeling kengetallen Papendrecht PAPENDRECHT

BEGROTING 2026

BEGROTING 2027

BEGROTING 2028

BEGROTING 2029

Netto schuldquote

101,1%

120,4%

155,1%

186,7%

Netto schuldquote gecorrigeerd voor verstrekte leningen

78,4%

99,1%

135,5%

169,1%

Solvabiliteitsratio

37,9%

33,9%

28,5%

24,3%

Grondexploitatie

0,0%

0,0%

0,0%

0,0%

Structurele exploitatieruimte

1,1%

0,7%

0,1%

0,3%

Belastingcapaciteit

81,8%

81,8%

81,8%

81,8%

Voldoende

Neutraal

Onvoldoende

Netto schuldquote De netto schuldquote geeft de hoogte van de schulden aan in relatie tot de jaarlijkse inkomsten en geeft hierdoor een indicatie van de flexibiliteit van de begroting. Signaal: Het provinciaal toezichtkader laat zien dat als de signaalwaarde tussen de 90% en 130% uitkomt, de indicator als ‘neutraal’ wordt gezien. In Papendrecht is dit voor de begroting 2026 en 2027 nog steeds het geval. Vanaf 2028 zal de schuldenquote, door realisatie van grote investeringen, boven de 130% uitkomen. De Provinciale toezichthouder is hier van op de hoogte en geeft aan dit blijvend te monitoren. Voorgenomen investeringen worden in Papendrecht scherp beoordeeld op duurzaamheid en realisme in uitvoering en ambities. Oplevering van een (geactualiseerde) Meerjaren Investeringsprogramma (MJP) staat begin 2026 gepland. Hiermee wordt beoogd scherpte te houden in de investeringsopgave door gebiedsgerichte en integrale projecten meer te programmeren door onder andere (verder) vooruit te kijken. Ook wordt onderzocht of de instelling van een kapitaallastenplafond (of investeringsplafond) in de toekomst bijdraagt aan het in balans brengen van onze schulden in relatie tot onze jaarlijkse inkomsten. Solvabiliteitsratio De solvabiliteit geeft de verhouding tussen het eigen en vreemd vermogen aan. Het geeft daarmee een indicatie of een gemeente haar bezit zeer zwaar belast met schuld.

Signaal: Het provinciaal toezichtkader geeft aan dat als de signaalwaarde hoger is dan 50% dat het als ‘minst risicovol’ wordt gezien een signaalwaarde tussen 20% en 50% is ‘neutraal’. Binnen Papendrecht is dit (meerjarig) neutraal. Structurele exploitatieruimte Dit kengetal geeft aan in hoeverre structurele lasten ook gedekt worden met structurele baten. Signaal: Het provinciaal toezichtkader geeft aan dat een kengetal boven 0% als ‘minst risicovol’ kan worden gezien. In Papendrecht is dit op begrotingsbasis meerjarig boven de 0%. Dat houdt in dat de gemeente Papendrecht een structureel sluitende meerjarenbegroting heeft.

95

PARAGRAFEN WEERSTANDSVERMOGEN EN RISICOBEHEERSING

Grondexploitatie Dit kengetal geeft aan hoe groot de grondpositie (waarde van de grond) is ten opzichte van de totale geraamde baten. Het is lastig om een norm te bepalen voor dit kengetal. Wel geeft het aan of een gemeente veel geld heeft gestopt in haar grondexploitatie. Dit geld dient namelijk nog wel terugverdiend te worden. Signaal: Wanneer dit kengetal kleiner is dan 20% dan wordt dit vanuit het provinciaal toezichtkader gezien als ‘minst risicovol’. In Papendrecht zit zeer weinig middelen in grondexploitaties. Belastingcapaciteit De woonlasten zijn voor de gemeente de belangrijkste eigen belastinginkomst. De hoogte van deze woonlasten geeft aan in hoeverre de gemeente relatief hoog zit met de woonlasten ten opzichte van de WOZ-waarden in vergelijking met andere gemeenten. Signaal: het provinciaal toezichtkader geeft aan dat een percentage tussen 95% en 105% als ‘neutraal’ (matig) kan worden gezien. In Papendrecht bedraagt het percentage voor het begrotingsjaar 2026 en verder 81,8%. Dit betekent dat deze onder het landelijke gemiddelde ligt en als ‘minst risicovol’ wordt gezien. De prognose van 2026 wordt gebaseerd op het gemiddelde OZB-tarief artikel 12-norm van COELO 2025. Voor de jaren 2027 en verder is deze prognose aangehouden, aangezien er geen actuele prognoses voor de komende jaren beschikbaar zijn.

Conclusie De kengetallen tonen in totaliteit een goede financiële positie met een enkel risico. In het kader van het kengetal “netto schuldenquote” worden voorgenomen investeringen binnen Papendrecht reeds scherp beoordeeld op duurzaamheid en realisme in uitvoering en ambities. De opstelling van een MJP zal daar ondersteunend in zijn.

96

PARAGRAFEN ONDERHOUD KAPITA ALGOEDEREN

PARAGRAFEN

Onderhoud kapitaalgoederen INLEIDING In deze paragraaf is aangegeven hoe wordt omgegaan met de gemeentelijke kapitaalgoederen. De gemeente heeft op haar grondgebied kapitaalgoederen in de vorm van wegen, civiele constructies, riolering, openbare verlichting, water, groen, speelruimten, sportvelden en vastgoed. Deze kapitaalgoederen zijn van belang voor de volksgezondheid, handel, verkeer & vervoer, ecologie en recreatie. De gemeente Papendrecht wil haar kapitaalgoederen vanuit haar zorgplicht goed onderhouden en in een goede staat houden. Deze paragraaf geeft inzicht in de wijze van onderhoud & vervanging en de hiervoor benodigde financiële middelen. Papendrecht gaat zorgvuldig om met alle kapitaalgoederen, waarbij de voorzieningen binnen een goed rentmeesterschap worden beheerd. De kernboodschap is en blijft dat we verantwoordelijkheid nemen om de kapitaalgoederen in een goede technische staat houden. Het beheer, onderhoud en vervanging van de kapitaalgoederen is vastgelegd in programma’s, beleids-/beheerplannen en/of meerjarige onderhoudsplannen. Naast functievervulling is hierbij aandacht voor de energietransitie, klimaatadaptatie, verminderen afvalproductie, duurzaamheid en circulariteit. Voor de riolering heeft het college het Water- en Rioleringsprogramma 20252029 vastgesteld. Voor civiel en groen is dit opgenomen in het vastgestelde Beheerplan Openbare Ruimte.

97

PARAGRAFEN ONDERHOUD KAPITA ALGOEDEREN

Beheervisie De werkwijze in de openbare ruimte vindt plaats vanuit integraal beheer en onderhoud. Belangrijk is dat het effectief financieel beheer en gebruik van de maatregelen bij klein onderhoud, groot onderhoud en vervanging in onderlinge samenhang worden uitgevoerd. Dit proces is, aan de hand van de levenscyclus van de weg, onderstaand in beeld gebracht.

Figuur 1: Onderhoudscyclus Onder beheer verstaan we alle maatregelen die erop gericht zijn de openbare ruimte in stand te houden.. Deze maatregelen bestaan uit onderhoud, vervanging of aanpassing van de openbare ruimte. Naast het uitvoeren van deze fysieke onderhoudsmaatregelen, betekent dit de beleidsontwikkeling, de bedrijfsvoering, maar ook (functie) aanpassing door nieuwe ontwikkelingen.

98

PARAGRAFEN ONDERHOUD KAPITA ALGOEDEREN

Het fysieke onderhoud onderscheiden we in twee richtingen: • Verzorging van de openbare ruimte: bijvoorbeeld het verwijderen van onkruid, het vegen van het straatwerk of het verwijderen van zwerfvuil. • Technisch onderhoud van de objecten: bijvoorbeeld het repareren van bruggen, het herstellen van storingen aan de verlichting of het herstraten van wegen. Belangrijk hierbij is dat, zowel het klein onderhoud als het planmatig groot onderhoud of vervanging bijdragen aan een goede technische staat. Dit gedurende de technische levensduur van een voorziening. BELEIDSKADERS Algemeen • Omgevingsvisie Papendrecht 2.0: Een duurzame toekomst met een krachtige gemeenschap • Perspectiefnota 2025-2030 • Begroting 2026 • Beheerplan Openbare Ruimte In 2025 is de herziene Omgevingsvisie Papendrecht ‘Een duurzame toekomst met een krachtige gemeenschap’ vastgesteld door de gemeenteraad van Papendrecht. Samen met de door de gemeenteraad vastgestelde kaders (o.a. Perspectiefnota en de begroting 2026) en het bestuursakkoord vormt dit het kader voor het beheer van de openbare ruimte. Het beheer en onderhoud van de openbare ruimte in Papendrecht is vastgelegd in meerdere beleidsdocumenten, beheer- en uitvoeringsplannen. In het kader van de Omgevingswet is één Beheerplan Openbare Ruimte door het college vastgesteld. Het beheerplan wordt in 2026 geactualiseerd vanwege de Omgevingsvisie 2.0.

Om ook het nieuwe collegeprogramma hierin te verwerken wordt in 2026 het traject opgestart om het beheerplan openbare ruimte te herzien naar een programma openbare ruimte. Riolering Beleidskader • Water- en Rioleringsprogramma 2025-2029 • Gemeentelijke begroting 2026 • Perspectiefnota 2025-2030 • Programma Klimaatadaptatie Papendrecht 2025-2029 Vanuit de riolering richten we ons op het bevorderen van de volksgezondheid binnen de gemeente door te voldoen aan onze wettelijke zorgplichten. Dit omvat het zorgvuldig inzamelen en transporteren van stedelijk afvalwater, het beheren van de grondwaterstand, het efficiënt inzamelen en verwerken van hemelwater en het zorgdragen voor de kwaliteit en het onderhoud van stedelijk oppervlaktewater. Daarnaast richten we ons op klimaatadaptatie om de gevolgen van klimaatverandering te minimaliseren. In het kader van de Omgevingswet heeft het college in 2025 het Water- en Rioleringsprogramma 2025-2029 vastgesteld. Dit programma is essentieel om richting te geven aan de uitvoering van de wettelijke zorgplichten, het vaststellen van de benodigde financiële middelen en de wijze waarop deze worden gedekt. Daarnaast vormt het WRP de basis voor de onderbouwing van de 99

PARAGRAFEN ONDERHOUD KAPITA ALGOEDEREN

rioolheffing, de ontwikkeling van beleid en de meerjarenplanning voor rioolreconstructies. Per 2026 zijn via de Perspectiefnota 2025-2030 vanwege indexatie € 1 miljoen aan extra financiële middelen beschikbaar gesteld voor rioolreconstructies. Met ingang van 2026 wordt de rioolheffing voor zowel woningen als niet-woningen geïnd op basis van de WOZ-waarde van een pand. Deze alternatieve heffingsgrondslag sluit beter aan bij het gedachtegoed achter de rioolheffing en de wettelijke zorgplichten van de gemeente en zorgt voor een eerlijkere verdeling van de tarieven. Klimaatadaptatie Beleidskader • Programma Klimaatadaptatie Papendrecht 2025-2029 • Gemeentelijke begroting 2026 In Nederland merken we steeds meer de gevolgen van klimaatverandering. Voorbeelden zijn extreme buien en hittegolven. Maar ook langdurige weersveranderingen, zoals een drogere lente en zomer of nattere herfst en winter. Het is belangrijk om ons daarop voor te bereiden om de gevolgen, voor zowel bewoners, economie als flora & fauna, te beperken. Met de Deltabeslissing Ruimtelijke adaptatie heeft Nederland in 2015 besloten dat het Rijk, de provincies, gemeenten en waterschappen samen zorgen dat Nederland in 2050 klimaatbestendig en waterrobuust is ingericht. Kabinetsbrieven roepen decentrale overheden op om de ontwikkelplekken nauwkeurig te kiezen (water- en bodemsturend).

Ook wordt gevraagd om klimaatadaptieve eisen voor nieuwbouw (Maatlat klimaatadaptief bouwen) en bestaand gebied te borgen binnen eigen organisatie. Een structurele aanpak voor het omgaan met klimaatverandering is verwoord in het programma Klimaatadaptatie 2025-2029. Het programma is in 2025 door het college vastgesteld, waarbij het thema Klimaatadaptatie voldoet aan de huidige actualiteit en landelijke doelstellingen. Bij nieuwbouwprojecten wordt 40 mm water opgevangen, gebaseerd op het gehele plangebied. Minimaal 50% van de neerslag wordt op eigen terrein in het groen en de bodem verwerkt. Dit naast het creëren van minimaal 30% schaduw. Vanuit het thema hitte worden lichtere kleuren bestrating toegepast, wordt het parkeren op grasbetontegels uitgebreid en wordt meer groen aangelegd (beplanting en bomen). Bij vervanging van de riolering wordt een apart hemelwaterstelsel aangebracht, waarbij het regenwater indirect wordt afgevoerd naar het oppervlaktewater, of via infiltratie in de bodem. Daarbij besteden we aandacht aan mogelijkheden voor extra waterberging in het groen en/ of in een waterbergende fundering. Bewoners en bedrijven worden gestimuleerd om hun tuin klimaatbestendig in te richten en/of groene daken aan te leggen. Deze maatregelen zijn bedoeld om op particulier terrein het water vast te houden.

Bij appartementencomplexen en woningen wordt ingezet op het afkoppelen van hemelwaterafvoer. Wegen • Beheerplan openbare ruimte • Gemeentelijke begroting 2026 • Perspectiefnota 2025-2030

100

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://raad.papendrecht.nl/api/v1/meetings/1089/documents/16401