CConstaterende datPapendrecht
Koppel je AI →
Document · PDF

20221208 Verslag Raad 8 december 2022 - concept.pdf

Gemeenteraad Papendrecht 2 februari 2023, gemeente PapendrechtBij agendapunt: 4: Vaststelling van het verslag van de openbare vergadering van 8 december 202213.160 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 2

Verslag gemeenteraad van 8 december 2022

VERSLAG VAN DE OPENBARE VERGADERING VAN DE GEMEENTERAAD VAN PAPENDRECHT d.d. 8 december 2022 (reguliere aanvang 20.00 uur) Een integrale geluidsopname van deze vergaderingen is te beluisteren op www.papendrecht.nl Aanwezig: mevrouw A.M.M. Jetten (voorzitter); De dames: A. Bokma (VVD), T.C. van Es (D66), K.E. Middelkoop- van den Adel (CDA), A.A.S. Stigter (CU), A. Verschoor-De Winter (CDA), A.J.P. Verweij-Heijstek (PAB), H.M. van Wijngaarden (PAB) en D. Yildiz-Karso (PvdA) en de heren: H.G. Bezemer (CU ), W.A. den Boef (CU), de heer L. Bruijniks (PAB), A. Boersma (SGP), L.T. van den Dool (CDA), P.J. van der Giessen (VVD), P.C. Grimmius (GL), W. Goudriaan (SGP), N. van Heteren (D66), H. D. Stouthart (VVD), A. Tieleman (PAB) en M.H.A. Verweij (PAB). Mevrouw S.H. de Keizer en de heren J.W. van der Borg, J.L. van Erk, A.M.J.M. Janssen en A.J. Kosten; wethouders. Mevrouw M. Muijzer, raadsgriffier. Afwezig: mevrouw H.C.T.J. Hoekstra (OP) en de heren .G.C.H. Hardam (OP), R. Lammers (OP) en P.C. Spitsbaard (OP). Verslaglegging: Jeanine van Prehn 01.

Opening. De VOORZITTER opent de laatste vergadering van 2022, heet eenieder van harte welkom, maakt een opmerking over de opname en het terugkijken van deze vergadering en laat de gereviseerde ambtsketen zien, die voor de nieuwe burgemeester in oude glorie is hersteld. Zij merkt op dat er een afmelding is van de gehele OP-fractie en wenst mevrouw Hoekstra en de heren Hardam, Spitsbaard en Lammers beterschap. Verder heeft de heer Bezemer aangegeven iets eerder weg te moeten gaan.

02.

Vaststelling van de agenda. Er wordt besloten dat agendapunt 14 belastingverordeningen 2023 i.v.m. de afwezigheid van de OP-fractie en de andere reeds beantwoorde vragen, een hamerstuk wordt. Verder wordt agendapunt 8 inzake het minimabeleid, i.v.m. een door de PvdA ingediend amendement, een bespreekstuk en wordt dit als agendapunt 16/18 geagendeerd. Voorts is er een agendapunt inzake het vergaderschema eerste 3 cycli 2023 toegevoegd, dat zal worden behandeld als 1

Verslag gemeenteraad van 8 december 2022

agendapunt 17, omdat de motie vreemd i.v.m. de afwezigheid van de OP-fractie komt te vervallen. Ook het amendement van de OP-fractie dat is ingediend bij agendapunt 13 komt om deze reden te vervallen. Tot slot komt ook agendapunt 06 benoeming duo-raadslid OP-fractie i.v.m. een aantal administratieve omissies te vervallen en zal voor 2 februari 2023 worden geagendeerd. De agenda wordt aldus gewijzigd vastgesteld. 03.

Vragenkwartier. De heer VAN DER GIESSEN noemt de inzameling door kinderen van kerstbomen die de afgelopen twee jaar door corona niet heeft plaatsgevonden en de kleine vergoeding van de gemeente die kinderen bij het inleveren van een kerstboom in plaats daarvan kregen. Op zijn vraag of de gemeente voornemens is deze leuke activiteit voor kinderen in de Kerstvakantie weer uit te voeren antwoordt portefeuillehouder KOSTEN dat dit inderdaad het geval is. De komende weken zal hierover worden gecommuniceerd. Mevrouw VAN WIJNGAARDEN merkt inzake het stikstofbeleid op dat haar fractie -en met hen de inwoners- uitkijkt naar de daadwerkelijk start van de bouw van nieuwe woningen in Papendrecht. Volgens de nieuwste uitspraak van de Raad van State lijken bouwprojecten opnieuw te worden vertraagd, deze keer vanwege vereiste nieuwe berekeningen, terwijl de hiervoor benodigde module nog niet gebruiksklaar zou zijn. Op haar vraag wat dit voor gevolgen heeft voor de op stapel staande bouwprojecten in Papendrecht geeft portefeuillehouder KOSTEN aan dat er in Papendrecht op basis van de huidige berekeningen geen probleem lijkt te zijn. Mocht dit anders worden zal hij hierop bij de raad terugkomen. Verder merkt hij op dat de datum voor het nieuwe toetsingskader volgende week lijkt te worden.

Al eerder heeft de PAB-fractie uitgesproken voorstander te zijn van het in dienst nemen van medewerkers in plaats van ze voor veel meer geld in te huren. De voordelen van het niet vastzitten aan mensen, waarvan je hun kennis niet het hele jaar nodig hebt, zouden volgens hen moeten worden afgewogen tegen de voordelen: meer binding met Papendrecht en eerder vergroting van de kennis van de plaatselijke situaties. Inmiddels wordt dit ook door ‘Den Haag’ erkend en heeft de burgemeester van buurgemeente Sliedrecht zeer recent ook zorgen geuit over de toenemende inhuur van externen, wat niet alleen meer kost maar ook niet altijd een garantie is voor een beter ‘product’. Op de vragen van mevrouw VAN WIJNGAARDEN of het college hun zorgen met betrekking tot de uitdijende inhuur van externen deelt, of men bereid is te onderzoeken of en zo ja op welke afdelingen (te denken valt o.a. aan groen- en wijkbeheer) het aannemen in vaste dienst haalbaar is en of het een optie is om de ambtenaren die wél in vaste dienst zijn door middel van bijscholing van specifieke(re) kennis te voorzien zal 2

Verslag gemeenteraad van 8 december 2022

portefeuillehouder JETTEN -ook i.v.m. de afwezigheid van de OP-fractie- in een uitgebreid antwoord schriftelijk terugkomen. Wel geeft zij aan dat het college haar zorgen om de in deze arbeidsmarkt goede mensen te vinden deelt, hetgeen echter betekent dat men hier -wanneer dit niet lukt- inhuur nodig heeft, maar uiteraard eerst kijkt of dit met eigen mensen kan. Mochten hier na de schriftelijke beantwoording nog vragen over zijn kan men hier in een gesprek tussen de organisatie en de raad dieper op ingaan. Mevrouw VAN WIJNGAARDEN geeft aan dat haar fractie zich zorgen maakt over de situatie met betrekking tot de voormalige aanleunwoningen aan de Schooldwarsstraat. Deze woningen zijn enkele jaren geleden losgekoppeld van het verzorgingshuis aan de Markt. Onlangs vond daar een incident plaats, waarbij het brandalarm in een van de appartementen afging, de stroom uitviel en er vervolgens toch enige paniek onder de bewoners ontstond. De storing werd uiteindelijk ’s avonds om 21.00 uur verholpen. Een dag later zijn in allerijl door de vastgoedbeheerder – zonder afdoende voorafgaande informatie – alarmkastjes geplaatst, wat bij een deel van de bewoners eigenlijk alleen maar voor nog meer onrust zorgde. Navraag bij de vastgoedbeheerder, die 4.000 woningen in beheer heeft, maakte de zorg niet minder, integendeel.

Kort samengevat was het antwoord: Dit zijn ‘gewone’ appartementen, als mensen niet meer in staat zijn daar te wonen, dan moeten ze naar een beschermdere woonvorm gaan. Hoewel dit strikt genomen juist is, is dit een antwoord waar de PAB-fractie zich niet bij wil neerleggen. Inmiddels is per 1 december het complex over gegaan in handen van een andere vastgoedbeheerder, die meer dan 12.000 woningen in beheer heeft. Daar zijn vragen neergelegd, die tot nu toe nog niet zijn beantwoord. In het verlengde daarvan is zo’n situatie aan de Badhuisstraat, waar de aanleunwoningen inmiddels ook niet meer onder de vlag van de Waalburcht vallen. Deze blijken in beheer van Woonkracht10 te zijn, wat al weer iets geruststellender is, gezien de samenwerking die Woonkracht10 heeft met diverse zorgorganisaties. De PAB-fractie maakt zich grote zorgen over deze situatie. Met in het achterhoofd het plan van de minister dat er meer verzorgingshuizen moeten worden gesloten, waartegen nu gelukkig toch actie lijkt te worden ondernomen, vraagt men zich af of en zo ja wat de gemeente hier aan kan doen. Het zijn immers onze oudere inwoners, waarvoor haar fractie in ieder geval, maar dat lijkt haar raadsbreed, zich verantwoordelijk voelt.

Op de vraag of het college hun zorg met betrekking tot de bescherming van bewoners van de voormalige aanleunwoningen in zowel Schooldwarsstraat alsook Badhuisstraat bij calamiteiten deelt, of het college bereid is nader onderzoek te doen om aan de weet te komen, wat er gebeurt bij calamiteiten in de eerder genoemde complexen en of men bij gebleken onvoldoende bescherming, de vastgoedbeheerders hierop zal aanspreken en de resultaten hiervan te delen met de raad geeft portefeuillehouder VAN ERK aan dat deze signalen hen nog niet 3

Verslag gemeenteraad van 8 december 2022

hebben bereikt en men samen met de partners werkt aan het opstellen van een actieagenda Wonen en Zorg, waarover men tijdens de informatieavond op 11 is geïnformeerd. Het door de PAB-fractie geschetste signaal vormt goede gesprekstof om met de betrokken partners (Woonkracht10, Rivas en Waardenburg) te bespreken. In breder verband zal men n.a.v. dit signaal ook contact zoeken met particuliere vastgoedbeheerders die in Papendrecht huizen verhuren aan senioren, om ook met hen in gesprek te komen. De uitkomsten van deze gesprekken zal men meenemen bij de actieagenda Wonen en Zorg voor ouderen, die men medio 2023 wenst aan te bieden aan de raad. Mevrouw VAN WIJNGAARDEN geeft het aan dat zij, omdat zij aanwezig was bij de informatieavond, op de hoogte is van de goede contacten met Rivas en Woonkracht10, maar dat zij het voornamelijk had over de vastgoedbeheerders. Zij is daarom uitermate blij met het antwoord van de portefeuillehouder en blijft in de tussentijd alles scherp in de gaten houden. Er zijn verder geen vragen. 04.

Vaststelling van de verslagen van de openbare vergadering van 3, 10 en 15 november 2022. De verslagen worden ongewijzigd vastgesteld.

05.

Ingekomen en ter inzage gelegde stukken. Ter inzage gelegde stukken: I. het voorstel om de onder categorie I ingekomen stukken voor kennisgeving aan te nemen (de betreffende stukken zijn al als ingekomen stuk te boek gesteld en aan de orde geweest in de vergaderingen van de raadscommissies): de raad gaat hiermee akkoord. II. Het voorstel om de onder categorie II ingekomen stukken (die hierbij rechtstreeks te boek worden gesteld ten behoeve van de onderhavige vergadering van de gemeenteraad) als volgt te behandelen: II.A. De ingekomen stukken (afkomstig van derden) voor kennisgeving aan te nemen; de raad gaat akkoord met de voorgestelde wijze van afdoening. II.B. De ingekomen stukken (afkomstig van derden) in handen te stellen van het college; de raad gaat akkoord met de voorgestelde wijze van afdoening. De heer GRIMMIUS merkt inzake B.01. brief (niet de eerste) van de inwoner van het Havenhoofd, op dat de communicatie niet goed schijnt te zijn gegaan. Hij vraagt wanneer en hoe het college écht gaat reageren, niet op de brief maar op de inwoners die met zorgen zitten. Portefeuillehouder KOSTEN begrijpt de zorg 4

Verslag gemeenteraad van 8 december 2022

en geeft aan dat er communicatie is geweest. Hij vraagt zich af wanneer dit voldoende is, maar geeft wel aan dit serieus te nemen. Dit wil echter niet zeggen dat men direct met een maatwerk plan zal komen. Ook de heer VAN DER GIESSEN noemt in dit kader de eerdere slechte communicatie over het transformatiehuisje. Op zijn vraag of het klopt dat de bewoners van het Havenhoofd niet zijn geïnformeerd over de boringen, zo ja hoe dit komt en hoe men dit in de toekomst gaat voorkomen geeft portefeuillehouder KOSTEN aan de zorgen te begrijpen. Hij zegt dat bewoners begin dit jaar vroegtijdig zijn geïnformeerd over de komende activiteiten. In het kader van de nazorgperiode zijn er boringen geweest, waarover men een email heeft gestuurd aan het bewonerscomité, met het verzoek dit onderling te communiceren. Of dit is gebeurd kan hij echter niet zeggen. Uiteraard gaat men de komende vragen binnenkort beantwoorden. II.C. De ter inzage gelegde stukken (afkomstig van het college van burgemeester en wethouders) voor kennisgeving aan te nemen; de raad gaat akkoord met de voorgestelde wijze van afdoening. II. E. De antwoorden (afkomstig van het college) op RvO ex art. 40 vragen voor kennis aan te nemen; de raad gaat akkoord met de voorgestelde wijze van afdoening. Voor het overige zijn er geen bijzonderheden en wordt dit agendapunt afgesloten. HAMERSTUKKEN. 07.

Uitvoeringsprogramma 2023 Smart Delta Drechtsteden Groeiagenda 2030. Zonder beraadslaging en zonder hoofdelijke stemming wordt unaniem conform het voorstel van burgemeester en wethouders besloten.

09.

Herijking Wet gemeentelijke schuldhulpverlening. Zonder beraadslaging en zonder hoofdelijke stemming wordt unaniem conform het voorstel van burgemeester en wethouders besloten.

10.

Vaststellen controleverordening Papendrecht 2023. Zonder beraadslaging en zonder hoofdelijke stemming wordt unaniem conform het voorstel van burgemeester en wethouders besloten.

11.

Verlenging contract BDO audit & assurance BV voor boekjaar 2023. 5

Verslag gemeenteraad van 8 december 2022

Zonder beraadslaging en zonder hoofdelijke stemming wordt unaniem conform het voorstel van burgemeester en wethouders besloten. 12.

Kaderstelling rechtmatigheidsverantwoording. Zonder beraadslaging en zonder hoofdelijke stemming wordt unaniem conform het voorstel van burgemeester en wethouders besloten.

14.

Belastingverordeningen 2023. Zonder beraadslaging en zonder hoofdelijke stemming wordt unaniem conform het voorstel van burgemeester en wethouders besloten. BESPREEKSTUKKEN.

13.

Concernrapportage 2022. Het verzoek van de heer GRIMMIUS de motie van de D66-fractie, gezien de inhoud en de zwaarte hiervan, eerst te behandelen wordt door de VOORZITTER omdat dit bij de vaststelling van de agenda aangegeven had moeten worden en amendementen voor moties gaan- afgewezen. De heer GRIMMIUS merkt vervolgens op dat het een amendement van de OP-fractie betreft, waarbij zijn fractie is aangesloten. Middels het amendement verzoekt men, zoals dat in andere gemeenten -in sommige gemeenten naar alle, in sommige naar een deel van de inwoners- ook gebeurt, voor de sociale minima in Papendrecht een extra tegemoetkoming te doen. Het dictum van amendement 13.A2. Compensatie lastenstijging 150% WMS luidt als volgt: Besluit het volgende te wijzigen: Het volgende beslispunt toe te voegen: 25. Een budget van € 500.000 te onttrekken uit de algemene reserve, de inwoners van Papendrecht met een inkomen tot 150% van het wettelijk sociaal minimum voor de stijging van de lasten en de inflatie met een eenmalig bedrag te compenseren. Mevrouw VAN ES merkt op dat haar fractie zich al langer zorgen maakt over de staat van de locale democratie, waarbij afgelopen maand een dieptepunt vormde met een opzettelijke schending van het budgetrecht. Dit brengt haar fractie ertoe een motie van afkeuring tegen het college in te dienen.

Het budgetrecht is een van de fundamenten van de democratie: alleen als de gemeenteraad vooraf akkoord geeft mag geld van de inwoners worden uitgegeven. Het college heeft begin oktober € 600.000,- uit de reserve gehaald, zonder vooraf toestemming aan de gemeenteraad te vragen. Dit is tegen de wet, dat weet het college en geeft het 6

Verslag gemeenteraad van 8 december 2022

ook toe. Maar het erge is dat hun houding is ‘wat doen jullie moeilijk? Wij hadden haast en het was toch voor een goed doel. Dan geldt nood breekt wet.’ De D66fractie is het daar pertinent niet mee eens, een democratie blijft alleen overeind als mensen -en zeker politieke ambtsdragers- zich ook bij een crisis aan de wet houden. Wetten zijn er niet alleen voor goede tijden, dit heeft men landelijk gezien bij corona toen er in het parlement terecht veel debat was over rechtmatig handelen. Daarnaast getuigt het van zeer weinig historisch besef wanneer men denkt dat onze tijd sinds de start van de democratie voor het eerst moeilijke tijden meemaakt. In de motie heeft de D66-fractie alle feiten op een rij gezet: men vindt het kwalijk dat het college vooraf geen enkele moeite heeft gedaan om contact met de raad op te nemen, dit terwijl hier 5-9 weken tijd voor was. Misschien wel het ergste punt is dat het college lijkt voor te sorteren om vaker het budgetrecht te schenden. Blijkend uit de RIB waarin het college zegt met de raad te willen overleggen ever welke manieren men kan afspreken om tot een snelle en adequate wijze te komen om geld beschikbaar te stellen voor eventuele maatregelen. Dit vindt de D66-fractie zeer ernstig. Democratie is de basis van onze rechtstaat, daarmee marchanderen is gevaarlijk.

De D66-fractie wil een college zien dat pal staat voor de democratie en dat nooit excuses of geitenpaadjes zoekt om de wet te omzeilen. Een college dat verdedigt dat in een democratie dingen lang duren, er botsingen zijn en er formele besluiten moeten worden genomen die tijd kosten. Een college met eergevoel dat overal en te allen tijde uitdraagt dat degenen die altijd de baas zijn in de lokale democratie de inwoners zijn en niemand anders. Dus móet de door die inwoner gekozen vertegenwoordiger, de raad, besluiten nemen en niemand anders. Tegen de coalitiefracties zegt de D66-fractie hen niet te benijden, men begrijpt dat zij het college willen steunen. Dit verzwakt echter de eigen positie en men zal als raadsfracties vaker worden genegeerd. Wanneer men doet of er geen tijd was voor een formeel besluit gokt het college erop dat niemand de tijdlijn controleert. Men kan ook doen of het over iets anders gaat, over mensen in energiearmoede helpen en de oppositiefracties wegzetten als fracties die geen oog hebben voor wat echt belangrijk is. Maar wie gaat dat geloven? Een riskante gok. De D66fractie hoopt op oprechtheid en eerlijkheid. Afsluitend heeft mevrouw VAN ES 1 vraag en 1 oproep aan het college.

Op haar vraag of het tijdspad dat het college de raad heeft toegestuurd waarheidsgetrouw en volledig is geeft wethouder VAN ERK aan dat dit zeker waarheidsgetrouw en op hoofdlijnen volledig is. Hierbij merkt hij op dat er op procesniveau vanuit formele overlegmomenten naderhand verdere afspraken worden gemaakt/wordt gesproken over de processen. Omdat de D66-fractie hen tot het laatste moment de mogelijkheid wil geven om stemming over de motie van afkeuring (de allereerste keer dat haar fractie deze indient) te voorkomen roept zij het college nogmaals op om het tij te keren. Als het college erkent dat zij het budgetrecht hebben geschonden, dat het hen spijt 7

Verslag gemeenteraad van 8 december 2022

en dat het college dit niet nog eens zal doen trekt de D66-fractie de motie van afkeuring direct in. Het dictum van de motie van afkeuring 13.M1. compensatie lastenstijging luidt als volgt: Spreekt uit dat: De gemeenteraad het feit dat het college het budgetrecht van de raad niet heeft gerespecteerd, afkeurt. Draagt het college op: Te allen tijde de wetten van ons land, waaronder de wet die het budgetrecht van de gemeenteraad regelt, te respecteren en na te leven. De heer BEZEMER zal namens zijn fractie instemmen met het voorstel, te weten de voorgestelde besluiten 2 t/m 23. De motie van afkeuring begrijpt zijn fractie niet. Dit omdat bij de algemene beschouwingen door diverse fracties aandacht is gevraagd voor de energiearmoede en de gevolgen daarvan, het college hier in diverse RIB’s aandacht aan heeft besteed en deze problematiek in meerdere raads- en commissievergaderingen aan de orde is gesteld, met de (gemeenschappelijke) oproep aan het college dit voortvarend en met de nodige middelen aan te pakken, waaraan het college gehoor heeft gegeven en er reeds in september is gesproken over een budgetvoorstel van € 600.000,-. In enkele RIB’s is ook aangegeven aan welke bestedingsalternatieven gedacht zou kunnen worden. Er zijn toen geen geluiden gekomen vanuit de raad dat men dit budget niet zou willen toewijzen.

Er is zelfs door meerdere partijen aangegeven dat, mocht er meer geld nodig zijn de raad hiervoor open staat. Wel is er besproken waaruit deze middelen zouden moeten komen. Het oorspronkelijke idee dit te onttrekken aan de reserve toekomstige kapitaalslasten werd door meerdere fracties, ook die van de CU, niet als passend ervaren. Om deze reden wordt nu voorgesteld dit bedrag te onttrekken uit de algemene reserve. Er is in de raad veel gesproken over hoe men goed kan inspelen op de zorgen en noden die er zijn. Het college heeft aangegeven deze zorgen te delen en hierop te willen acteren. Punt 5 van het voorstel aan de raad om het genoemde budget van € 600.000,beschikbaar te stellen vanuit de algemene reserve respecteert het budgetrecht van de raad, omdat men de mogelijkheid heeft dit voorstel niet te ondersteunen. Gegeven alle eerdere besprekingen zou zijn fractie dit negatieve besluit heel wonderlijk en te betreuren vinden, maar het kan. Zijn fractie zal de motie van D66 daarom ook niet ondersteunen. Omdat het om een aanzienlijk bedrag gaat en men uit de gemeenschap veel vragen krijgt zou zijn fractie wel graag een kader voor de bestemming ontvangen waaraan de uitgaven getoetst kunnen worden. Portefeuillehouder VAN ERK zegt toe eind januari via een RIB een kader en een overzicht van de reeds besteedde gelden te zullen verstrekken. 8

Verslag gemeenteraad van 8 december 2022

Het amendement van de GL-fractie compensatie lastenstijging is in de commissie Samenleving uitgebreid besproken en vindt men een sympathiek voorstel (ook van OP) maar is er 1 die de problematiek niet oplost en deze zal de CU-fractie daarom niet steunen. De heer BOERSMA zal namens zijn fractie instemmen met het voorliggende voorstel, waarvan 1 wijziging in de commissie – de reservering van € 600.000,- de meeste aandacht heeft getrokken. Hij dankt het college voor de duidelijke RIB van 1 december, waarin men haar handelswijze nader toelicht. In reactie op de motie van de D66-fractie vindt hij 3 zaken van belang. 1. In de afgelopen maanden is er door veel fracties aandacht gevraagd voor de energiearmoede, dit begon bij de behandeling van de perspectiefnota op 7 juli (waarbij alle fracties hierover in beide termijnen instemmend hebben gesproken). In de raadsvergadering van 29 september zijn door de GL en SGP-fractie vragen gesteld inzake de gevolgen voor ondernemers en verenigingen, gevolgd door de RIB op 4 oktober inzake de maatregelen van de eerste tranche. In de commissie ABZ van 17 oktober is hier weer uitgebreid over gesproken. Er was en is breed politiek draagvlak om maatregelen te nemen tegen de energiearmoede, hetgeen blijkt uit het feit dat er op de concernrapportage geen amendement is ingediend.

Het college heeft zich terecht door de raad laten aansporen, misschien zelfs opjagen, om maatregelen te treffen. 2. Er was niet alleen breed draagvlak binnen de raad, maar rondom de zomer/Prinsjesdag was er (i.v.m. onduidelijkheid over de maatregelen vanuit het Rijk) groot urgentiebesef om iets te doen, hetgeen ertoe heeft geleid dat het college snel en daadkrachtig heeft gehandeld. 3. Het college heeft de raad goed betrokken in het proces middels de brief van 4 oktober, waarin men de aanpak, het doel, de wijze van verantwoorden en de herkomst van het beschikbaar gesteld budget heeft toegelicht. N.a.v. diverse vragen van diverse fracties in de vergadering van 17 oktober heeft het college besloten het gereserveerde bedrag ten laste te laten komen van de algemene reserve i.p.v. de bestemmingsreserve. Door geen van de fracties is op dat moment mondeling gevraagd om een apart raadsvoorstel. Het college heeft daadkrachtig en transparant gehandeld en de raad is op diverse momenten voldoende in staat gesteld aan te geven dit anders te willen. Tot slot merkt de heer BOERSMA op dat het college in de RIB van 1 oktober aanbiedt met de raad te overleggen op welke manier men met elkaar tot afspraken kan komen om in het geval van crisissituaties snel en adequaat geld beschikbaar te stellen. Het lijkt hem een goed idee het gesprek hierover te voeren in de ABZ of auditcommissie.

De heer VERWEIJ stemt namens zijn fractie in met het voorstel. Hij dankt voor het beantwoorden van de technische vragen die in de commissievergadering zijn gesteld, maar verzoekt de volgende keer weer de gelegenheid te geven deze naar 9

Verslag gemeenteraad van 8 december 2022

de griffie sturen. N.a.v. de discussie in de commissie van beslispunt 5 van de concernrapportage en de motie van de D66-fractie merkt hij op dat de PAB-fractie destijds heeft geconstateerd dat heel snel na de toenemende berichten over de zorgen over de energienota, de inflatie, etc. aandacht gevraagd is voor inwoners die in financiële problemen kunnen raken dit adequaat is opgepakt door het college (bovenop alle andere hulp vanuit het Rijk en de gemeente), door met het plan te komen om € 600.000,= uit de reserves te halen (beslispunt 5 concernrapportage) ter extra bestrijding van de energiearmoede. Vanaf het begin heeft het college de raad goed geïnformeerd en vindt iedereen dat de gemeente deze hulp aan inwoners moet geven. Hierover zijn immers geen bedenkingen geopperd. Hij vraagt zich af waarom dit, nu men op het punt staat dat de steun aan de inwoners verder wordt waar gemaakt, nu wel gebeurt. Als men in de situatie zou verkeren dat men ruim de tijd zou hebben zou men alles nog eens na kunnen gaan en in februari 2023 dit raadsvoorstel aannemen. Hij vraagt zich af of dit een prettige gedachte voor de inwoners is. Het is goed dat er raadsleden zijn die goed thuis zijn in alle wetten, maar hij is van mening dat zij dan weken geleden de vinger op de vermeende zere plek hadden moeten leggen.

De PABfractie staat in deze aanpak achter het college en heeft vertrouwen in haar uitleg in de RIB. Men is van mening dat iedereen voldoende tijd heeft gehad een mogelijk mankement in de aanpak aan te kaarten en vindt dat dit plan zonder vertraging uitgevoerd moet worden. Ook zijn fractie zal de motie van de D66fractie niet steunen. Het amendement van de GL-fractie zal zijn fractie i.v.m. alle maatregelen die al worden getroffen ook niet steunen, maar dat de mogelijkheid -wanneer blijkt dat alle genomen maatregelen niet volstaan- bestaat in de tweede tranche hiervoor bij de raad terug te komen. De heer VAN DEN DOOL zal namens zijn fractie instemmen met de concernrapportage. De motie van afkeuring, die hij onterechte heisa noemt, zal zijn fractie zeker niet steunen. Hij spreekt van een mooie handelswijze van het college, met een sociaal en warm hart, die mede op aandringen van de gemeenteraad heeft plaatsgevonden. Al bij de kadernota in juli werd door verschillende fracties gevraagd om wat te doen aan de stijging van de energie- en andere prijzen, waarop dit verzoekt bij de commissievergadering ABZ in september indringend is herhaald. 2 weken later kwam het college met een antwoord in de vorm van een RIB, die in de commissie ABZ van oktober uitvoerig is besproken. Er was brede steun voor de inzet, het bedrag, het enige punt van kritiek was de dekking.

Niemand had kritiek op de voorgestelde besluitvorming via de concernrapportage. Ook in de begrotingsbehandeling in de raad van november is uitvoerig stil gestaan bij de bestrijding van energiearmoede en de € 600.000,-. De voorzitter memoreerde wel dat dit niet in de begroting van 2023 stond maar in de concernrapportage. Dit heeft de raad echter niet belemmerd te spreken over het dilemma van criteria vs. maatwerk en de wijze waarop 10

Verslag gemeenteraad van 8 december 2022

verantwoording afgelegd zou moeten worden (vergelijkbaar met de coronagelden). Ook toen heeft geen enkel raadslid aangegeven dat de besluitvorming via de concernrapportage anders zou moeten. Zijn fractie vindt het onbegrijpelijk dat er zelfs geen vraag of opmerking is gekomen en er nu, 2 maanden later, een motie van afkeuring ligt. Naast politiek begrijpt men hier inhoudelijk ook niets van. Men wil steun voor de gevolgen van de enorme stijging van prijzen middels deze eerste tranche van € 600.000,-. Als men hier voor is hoe kan men dan een motie van afkeuring steunen of indienen? Daarnaast merkt de heer VAN DEN DOOL op dat onttrekkingen uit de reserves plaatsvinden na besluit van de raad. Dat gebeurt hier ook. De RIB van 4 oktober kondigt de voorgestelde route van besluitvorming aan, dat besluit wordt deze avond genomen, waarna het college het uitvoert. Een concernrapportage heeft als doel alle meevallers en tegenvallers, alle wijzigingen in de achterliggende periode te verwerken in de lopende begroting. Dit geeft de raad overzicht en maakt een zo integraal mogelijke afweging mogelijk. Ook bij dit voorstel ziet men dat er wordt ingegaan op het verwachte overschot, dat de raad laat zien dat er ruimte is voor tegenvallers (zoals de badrand, de ledverlichting, etc.). Het gaat hier vrijwel altijd om ontwikkelingen die zich al hebben afgespeeld en die financiële gevolgen hebben.

Ook over de badrand en de ledverlichting zijn vragen gesteld, RIB’s uitgewisseld en gesprekken gevoerd en door het college voorbereidingen getroffen. Dit geldt ook voor de energiearmoede: er zijn brieven gestuurd, douches opengesteld, maar heel veel meer is er nog niet gebeurd. Wanneer men deze avond tegen een item uit de concernrapportage stemt komt het budget er dus niet en moet het college de uitgaven van eventuele voorbereidingen uit de lopende begroting dekken en in de samenleving omgaan met de gewekte verwachtingen. Er is -omdat men tegen het voorstel kan stemmen- zijns inziens geen sprake van schending van het budgetrecht. De heer VAN DEN DOOL stelt de D66-fractie de volgende vragen: - Als men (vanwege de formele redenen) zo zwaar tilt aan het item van de energiearmoede, waarom is dat niet het geval voor de andere items die procesmatig dezelfde route volgen? - Als de D66-fractie het nodig vindt een motie van afkeuring in te dienen, waarom zijn er dan in de ABZ commissievergaderingen van september en oktober en de Begrotingsraad van november geen vragen of opmerkingen gemaakt? Dit terwijl men niet schroomde om op andere onderdelen van het voorstel meer dan uitvoerig in te gaan.

- Hoe kijkt men aan tegen de RIB’s die het college in eerdere jaren voorafgaand aan de concernrapportage stuurde met de aankondiging dat deze financieel verwerkt zouden worden? - Is men op de hoogte dat naar aanleiding daarvan initiatiefvoorstellen, moties, vragen of opmerkingen mogelijk zijn en er ook op die wijze invulling wordt gegeven aan het budgetrecht van de raad? 11

Verslag gemeenteraad van 8 december 2022

-

Is de D66-fractie op de hoogte van de financiële praktijk in andere gemeenten, waar ook via RIB’s informatie wordt verstrekt over voorgenomen extra uitgaven, voorbereidingen van nieuw beleid en de daartoe te verwerken financiële consequenties in P&C-documenten? - Waarom schrijft de D66-fractie over werken achter de schermen van het college, terwijl zij juist kort na de zomervakantie een uitvoerige brief stuurt over de voorbereidingen en intenties? - Hoe kan de D66-fractie beweren dat het college over dit onderwerp geen contact zocht als naast de RIB wethouder Van Erk in de commissie van september heeft aangekondigd hier aan te werken en in de commissie van oktober uitvoerig van gedachten wordt gewisseld? Ook zijn fractie vond het jammer dat de wethouder van Financiën in de ABZvergadering van eind november niet direct de antwoorden paraat had. De brief die daarop volgde is echter volstrekt helder, het college geeft hierin ruiterlijk aan dat zij de eventuele verwarring die ontstond betreurt. Daarmee is het voor zijn fractie klaar. Klaar met deze onterechte heisa die deze democratie schaadt en de juist opgebloeide raadsbrede samenwerking een flinke deuk geeft. De CDA-fractie hoopt daarom oprecht dat deze motie niet in stemming wordt gebracht, men deze heisa achter zich kan laten en men kan samenwerken aan dat wat belangrijk is voor de inwoners. M.b.t.

het amendement van GL-fractie sluit de CDA-fractie zich aan bij de voorgaande woordvoering en zal men dit niet steunen. De heer STOUTHART ondersteunt namens zijn fractie het voorliggende voorstel. Zijn fractie betreurt de manier waarover in de ABZ-vergadering is gesproken over de wijze waarop een collegebesluit is genomen. Er is immers voldoende tijd en gelegenheid geweest om zaken aan te dragen, of het college -indien noodzakelijk- bij te sturen. Er werd in deze commissie voorbij gegaan aan de reden waarvoor de reservering van € 600.000,- bedoeld is, de aanpak van energiearmoede. Los van of zaken wel of niet goed zijn gegaan gaat de VVDfractie -tot het tegendeel anders aantoont- uit van de goede intenties van het college en vindt men dat er daar waar gewerkt wordt spaanders vallen. Het college wilde snel handelen en de VVD-fractie gaat er vanuit dat er zorgvuldig en met respect voor het budgetraad wordt gehandeld. De RIB van 1 december jl., die volgde op de commissie ABZ, geeft duidelijk aan waarom besluiten zijn genomen en hoe zij tot stand zijn gekomen. Men is verheugd over het aanbod van het college samen met de raad voor de toekomst te kijken naar hoe bij noodzakelijke spoed een raadsbesluit kan worden genomen.

Verder merkt hij op dat de VVDfractie in de afgelopen periode meermaals aandacht heeft gevraagd voor de problemen waarin Papendrechtse huishoudens en ondernemers verkeren en nog voor komen te staan. De energiecrisis is naast steeds maar stijgende prijzen en inflatie een van de grootste uitdagingen van dit moment en er is urgentie om 12

Verslag gemeenteraad van 8 december 2022

mensen letterlijk niet in de kou te laten staan. Daarom stemt de VVD-fractie in met het voorstel van het college en tegen de motie van de D66-fractie. Mevrouw KARSO merkt op dat het college de vragen die in de commissie zijn gesteld, omdat deze technisch van aard zouden zijn, schriftelijk heeft afgedaan. Men zou daarom willen definiëren wat technische en wat politieke vragen zijn en zou de politieke vragen graag in de commissie zelf behandelen. M.b.t. deze beantwoording leest men dat het college, n.a.v. het aangenomen amendement bij de ombuigingen om niet in te leveren op de kwaliteit van de groenvoorziening en te blijven kijken naar besparingsmogelijkheden bij het onderhoud, meer onderzoek wil doen om de groenvoorzieningen op peil te houden. Men leest echter niet wanneer het college deze besparing wil realiseren. Op haar vraag waar dit vanaf hangt en of het überhaupt de ambitie van het college is dit te realiseren antwoordt portefeuillehouder VAN DER BORG dat een deel van de besparing wordt gevonden in het versneld invoeren van energiebesparing in de openbare verlichting. Aanvullende besparingen zonder verlies van kwaliteit zijn nog niet concreet genoeg en worden nog onderzocht. Het is de ambitie van het college de besparingen te realiseren en men hoopt in het eerste kwartaal 2023 over de verschillende mogelijkheden te rapporteren.

Daarnaast merkt hij op dat de ambities van het college over groen die in het collegeprogramma verwoord staan nog verwerkt moeten worden en gepresenteerd zullen worden. Inzake het inhuurpersoneel en krapte op de arbeidsmarkt zou de PvdA-fractie wanneer er te weinig personeel is graag vooraf geïnformeerd worden, zodat men kan meepraten over de prioriteiten en men de afweging kan maken welke ambities voorrang moeten krijgen. Op de vraag of de situatie dermate is dat er keuzes gemaakt moeten worden en of dit met de raad besproken gaat worden geeft portefeuillehouder JANSSEN aan dat er iedere dag keuzes worden gemaakt over de personele inzet, dat men bij een vraag om extra formatieve inzet altijd terugkomt bij de raad en dat m.b.t. prioriteitstellen de raad bij kadernota, perspectiefnota en begroting zelf aan zet is. Inzake de motie van de D66-fractie merkt mevrouw KARSO op dat haar fractie voor alle te nemen maatregelen is. In de RIB leest men dat het budgetrecht gerespecteerd zou worden, maar stelt vast dat dit in de praktijk niet het geval is. Verder merkt zij op dat het budgetrecht de sleutel en het fundament onder alle andere rechten is en men daardoor zorgt dat er genoeg geld over is om de inwoners te helpen wanneer dit nodig is. Bovendien is het niet aan de raad/het college om te bepalen aan welke wetten men zich wel en niet wenst te houden.

Daarnaast noemt zij de eed die men heeft afgelegd en waaraan men zich dient te houden. Verder merkt zij op dat er tijd was om dit vooraf met elkaar te bespreken, maar dat dit niet is gebeurd. Zij verwijst hierbij naar de bespreking van de asielopvang die na de zomer heeft plaatsgevonden, waarbij ook snel is gehandeld om zaken te regelen. Tenslotte merkt zij op dat niets wat de wetgeving 13

Verslag gemeenteraad van 8 december 2022

uitholt, wat de aanleiding ook is, moreel gerechtvaardigd kan zijn. Op haar vraag of dit valt onder de categorie eens maar nooit weer geeft de portefeuillehouder geen antwoord. De heer GRIMMIUS geeft aan dat zijn fractie groot voorstander is van de maatregelen die het college neemt om de energiecrisis te lijf te gaan, maar dat de genomen weg daarnaartoe verkeerd is en dat hij vindt dat dit de wethouder van Financiën aan te rekenen is. In de RIB van afgelopen week heeft zijn fractie geen antwoorden gekregen op de vragen over het proces, bv. hoe men de financiële middelen heeft vrij kunnen maken. Hierbij merkt hij op dat de maatregelen reeds zijn geïmplementeerd en de financiële middelen al zijn onttrokken en het geen besluit is dat nu pas genomen wordt. Verder vindt hij niet dat het aan de raad is om te moeten vragen om een raadsvoorstel, maar dat het college zich hier bewust van zou moeten zijn. Portefeuillehouder DE KEIZER merkt op dat de vraag hoe de wethouder financiële middelen vrij heeft kunnen maken voor energiearmoede nu voorligt. Het college stelt voor deze middels de concernrapportage te onttrekken uit de algemene reserve. Vanavond beslist de volksvertegenwoordiging in meerderheid, zoals het in de democratie een legitieme gewoonte is. Het college heeft een voorstel ter overweging gegeven en het is aan de raad of men hiermee akkoord gaat.

Het zorgen voor de inwoners doet men met elkaar, alleen is men -hoe hard men ook roept- niets. De inwoners, om wie het uiteindelijk allemaal gaat, laat men niet in de kou staan! De heer GRIMMIUS geeft aan dat het tijdspad geen data vermeldt en niet volledig klopt. Hhet was niet in september maar op de collegebesluitenlijst van 4 oktober waarin het besluit werd genomen en op 5 oktober dat de RIB en persbericht zijn verschenen. Op 6 november was er de mogelijkheid van een reserveraad waarop men een waarschijnlijk unaniem raadsbesluit tijdens een bijzondere raadsvergadering hadden kunnen nemen, zodat er geen probleem was geweest. Portefeuillehouder VAN ERK verwijst deels naar het antwoord op de vorige vraag over de vermeende onvolledigheid hiervan. Verder merkt hij inzake de besluitvorming ter nuancering op dat men hier in twee termijnen over heeft gesproken: eind september oordeelsvormend en begin oktober besluitvormend. Inzake de motie van afkeuring vindt de heer GRIMMIUS dat de wethouder met een goed verhaal moet komen om hen te overtuigen. Afsluitend wenst hij nogmaals te benadrukken dat zijn fractie uiteraard achter de inhoud staat, maar niet achter de weg daarnaartoe.

(vervolg) Eerste termijn college Portefeuillehouder DE KEIZER geeft aan dat men gezamenlijk de belangen van de Papendrechtse inwoners te behartigen heeft en als college in het belang van de inwoners een verantwoordelijkheid heeft een transparant beleid te voeren. Vanaf 14

Verslag gemeenteraad van 8 december 2022

de zomermaanden is regelmatig en uitvoerig met de raad gesproken over de gevolgen van de energiecrisis en de inflatie. Met elkaar is men tot de conclusie gekomen dat snelle actie wenselijk is, zeker omdat de regering nog niet met een goede oplossing kwam. Verder heeft men een zorgvuldig proces doorlopen, de raad gehoord, naar haar geluisterd en met haar meebewogen. Men hoorde vanuit de diverse fracties de oproep iets voor inwoners en ondernemers te doen en vanuit de CDA-fractie kwam het verzoek inzake de keuze uit welke reserve dit beleid kan worden onttrokken, hetgeen het college heeft aangepast. Men ziet de maatregelen als intensivering van de huidige wettelijke taken om kwetsbare Papenrechters te steunen. Daarnaast kijkt men of deze maatregelen effectief zijn en wat de impact daarvan is. Mochten de maatregelen niet werken, stopt men hiermee zodra dit mogelijk is. Daarnaast gaat men graag met de raad in overleg op welke manier men met elkaar naar alle crisissen kijkt en hoe men hieraan op een efficiënte manier het hoofd kan bieden. De portefeuillehouder roept op tot samenwerking, om zorg te bieden aan de mentale dreun van geldzorgen. M.b.t. de ABZ-vergadering van 21 november jl. merkt zij op dat het college sommige antwoorden inderdaad niet paraat had.

De ruis die hierdoor is ontstaan betreurt men en de ommekeer bij de D66-fractie kwam als donderslag bij heldere hemel, die het college in het uitvoerige voortraject niet heeft zien aankomen. Dit alles heeft het college – omdat dit beleid en de mensen (inclusief de mensen die zich hier keihard voor hebben ingezet) waarover het gaat hen aan het hart gaatgeraakt. Met grote zorgvuldigheid en betrokkenheid is getracht maatwerk te leveren voor de inwoners die het zo hard nodig hebben. M.b.t. de schorsing merkt zij op dat er veel vragen werden gesteld en er onderscheid moest worden gemaakt tussen technische en politieke vragen, hetgeen tijd vergde. Men juicht de vraag van de PvdA-fractie om nog eens te kijken naar de definitie van technische vragen van harte toe. Tweede termijn commissie en college De heer GRIMMMIUS had graag overtuigd wilde worden door het college, maar heeft nog niet gehoord welke wettelijke bevoegdheid er is gebruikt om het besluit van deze onttrekking te nemen, waarop portefeuillehouder De Keizer aangaf dat deze bevoegdheid nu voorligt. Op zijn vraag of de lopen maatregelen (bv. de badhuisfunctie) op de pof zijn antwoordt portefeuillehouder DE KEIZER dat als de raad niet instemt met het voorstel deze uit de lopende begroting bekostigd zullen worden.

De heer BOERSMA vindt per interruptie dat de opmerking van de GL-fractie in de eerste termijn dat men achter de inhoud staat, maar niet achter de weg daar naartoe, onrecht doet aan de rol die de raad in dit proces heeft gespeeld (door dit onderwerp op verschillende momenten te agenderen, hierdoor het college aan te sporen sneller te handelen. Hij vindt dat men zich uit had kunnen spreken 15

Verslag gemeenteraad van 8 december 2022

over de RIB die het college heeft verstuurd aan de raad en aan de rem had kunnen trekken). De heer GRIMMIUS zegt dat dit klopt, maar dat hij vindt dat dit de omgekeerde wereld is. Hij merkt op dat er geld uit een bestemmingsreserve is onttrokken (en uitgegeven), hetgeen niet had gekund dan na een besluit van de raad. Hij vindt het daarom de omgekeerde volgorde om de bal bij de raad neer te leggen dat men eerder aan de bel had moeten trekken. De heer VAN DEN DOOL heeft in zijn woordvoering uitgelegd dat in de RIB de besluitvormingsroute wordt aangekondigd en men -wanneer men dit besluit vanavond neemt- tot die route over kan gaan, zodat het college de onttrekking kan doen. Wanneer men tegen stemt zullen de voorbereidingskosten uit de lopende begroting zijn. De heer GRIMMIUS zegt dat een RIB en een besluitroute geen besluit is eer er een beluit is genomen, maar dat het geld (waarschijnlijk) al wel is uitgegeven. De heer BOERSMA vraagt per interruptie waarom hij, als hij had gewild dat er eerder een besluit zou zijn genomen, dit niet eerder heeft gevraagd. De heer GRIMMIUS antwoordt dat het niet aan de raad is dit te moeten blijven vragen, maar aan het college om dit te weten. In de ABZ-commissie van 13 oktober zijn hierover al vragen gesteld.

Mevrouw VAN ES bevestigt dat haar fractie hier op 13 oktober schriftelijke vragen over heeft gesteld, waarop het college heeft geantwoord dat men weet dat dit het budgetrecht van de raad betreft, maar dat nood wet breekt. Op dat moment gaf het college aan het budgetrecht niet te hebben gerespecteerd, hetgeen nu blijkbaar niet meer het geval is. Ook mevrouw KARSO heeft hier bij de begrotingsbehandeling naar gevraagd, waarop de wethouder aangaf hier bij de concernrapportage op terug te komen. Of hier te vroeg of te laat vragen over zijn gesteld vindt haar fractie niet relevant, men vindt dat het college met het raadsvoorstel had moeten komen. Op haar vraag of het eens maar nooit meer was om zich niet te houden aan het budgetrecht van de raad geeft portefeuillehouder DE KEIZER aan dat deze werkwijze 1 van de wijzen is waarop het budgetrecht functioneert, men dit dus respecteert en dit in de toekomst ook zal blijven doen. De concernrapportage ligt op dit moment voor, waarover de raad-zoals gebruikelijk in een democratie- in meerderheid zal beslissen. Gelet op de informatie die het college heeft gekregen en de advisering die hierop is gevolgd heeft het college een keuze heeft gemaakt, waarover op meerdere momenten is gesproken en waarvan de concernrapportage een eindproduct is. Dit is hoe het democratisch proces loopt.

De heer GRIMMIUS constateert per interruptie dat het college aangeeft dat er niets verkeerd is gegaan en dat dit een juiste weg was. Op zijn vraag of het college vindt dat er een betere weg -besluitvorming voorafgaand aan het onttrekken aan de reserve- was geweest geeft portefeuillehouder DE KEIZER aan dat er meerdere wegen zijn die naar Rome leiden en dat dit inderdaad had gekund. Op de vraag van de heer GRIMMIUS of dit een betere weg was geweest merkt de VOORZITTER 16

Verslag gemeenteraad van 8 december 2022

op dat het college heeft geantwoord. De heer GRIMMIUS vindt dat er geen ja of nee wordt geantwoord en dat hij recht heeft op een antwoord. De VOORZITTER vindt dat er dan sprake zou (moeten) zijn van een derde termijn. De heer VAN DEN DOOL doelde (per interruptie) in de tweede termijn op deze situatie van een derde termijn van interrupties en is zijn woordvoering in eerste en tweede termijn vrij expliciet op de meerdere routes ingegaan, waarover de heer Grimmius vragen had kunnen stellen. De heer GRIMMIUS vraagt het niet aan de CDA-fractie maar aan het college. Op de vraag van de heer BOERSMA of mevrouw Karso met haar opmerkingen over het afleggen van de eed, het houden aan de wet te houden en morele juistheid de integriteit van de wethouder/het college aan de orde stelt en of zij het handelen van het college niet vertrouwt antwoordt mevrouw KARSO dat het niet gaat over integriteit, maar dat men wil vaststellen of het college vindt dat men niet juist heeft gehandeld. Op de vraag van de heer BOERSMA waarom zij dan de eed noemt en naar integriteit verwijst geeft mevrouw KARSO aan dat men het heel belangrijk vindt dat men zich aan de wet houdt en dat het, wanneer men zich hier niet aan houdt, wat zegt over de integriteit. Zover is men echter nog niet. M.b.t.

tot het amendement van OP/GL merkt de heer STOUTHART op dat er voor de inwoners met een inkomen tot 130% van het wettelijk sociaal minimum reeds extra een compensatie ( van max. € 1.100,-) per huishouden beschikbaar is gesteld. Omdat zijn fractie niet voor regeling op regeling is zal men het amendement niet steunen. De heer VAN DEN DOOL merkt op dat wanneer de raad de mogelijkheid benut om tegen het voorstel te stemmen het college de voorbereidingen uit de lopende begroting dekt. Daarbij geeft hij aan dat politiek tegenstemmen kwalijk is, omdat men hierdoor eerst het vertrouwen wekt iets te zullen doen aan de energiearmoede en men vervolgens een motie van afkeuring indient of steunt wanneer het college hier mee aan de slag gaat. Op de vraag van de heer GRIMMIUS of hij echt het onderscheid dat zijn fractie probeert te maken tussen de maatregelen en het proces niet ziet, vraagt de heer VAN DEN DOOL waarom men dit voor de badrand en ledverlichting en vorig jaar bij allerlei andere zaken wel goedkeurt en er nu een heisa van maakt. De heer VERWEIJ concludeert dat de antwoorden die op 13 oktober zijn gegeven op de gestelde vragen voor bv. de D66-fractie onbevredigend waren en er werd geconcludeerd dat het budgetrecht niet was toegepast.

Op zijn vraag waarom men op dat moment niet heeft doorgevraagd en toch heeft gevraagd om een raadsvoorstel geeft mevrouw VAN ES aan dat de raad hier niet om hoeft te vragen 17

Verslag gemeenteraad van 8 december 2022

en niet op het feit hoeft te wijzen dat een college zich aan de wet moet houden. Omdat men naar aanleiding van de RIB en het persbericht schriftelijke vragen heeft gesteld waarbij het budgetrecht ter discussie werd gesteld en het antwoord van het college was dat men zich hiervan bewust was, kan de ingediende motie geen verrassing zijn. Het kan ook niet zo zijn dat men de raad er op moet wijzen hoe ernstig dit is. Het college moet inzien dat een motie volgt op het schenden van het budgetrecht. Ook op de daarna in de commissie ABZ gestelde politieke vragen heeft men geen antwoord ontvangen. De heer VERWEIJ blijft van mening dat de controlerende functie van de raad ook inhoudt dat men dit niet op het uiterste moment doet, maar gedurende het proces en dat men bij mankementen ingrijpt. Mevrouw VAN ES ontkent dat men dit niet continue heeft aangekaart, d.m.v. art. 40 vragen na de eerste RIB, in de ABZ-commissie van 21 oktober en heeft aangegeven hier uitgebreider op terug te komen tijdens de concernrapportage. De woorden budgetrecht en nood breekt wet heeft men hierbij ook steeds genoemd, de motie kan daarom -wanneer men begrijpt hoe politiek en de wet werkt- geen verrassing zijn.

De heer VAN DEN DOOL heeft dezelfde argumenten meermaals gehoord, zou graag doorgaan met het debat, niet steeds dezelfde argumenten opnieuw horen en niet (aan het eind van het debat) steeds interrupties horen om een eigen samenvatting van het debat nogmaals te duiden. Mevrouw VAN ES vraagt per interruptie of hij hiermee voorstelt dat zij geen antwoord op gestelde vragen mag geven, waarop de heer VAN DEN DOOL antwoordt dat zij reeds 2 keer dezelfde antwoorden heeft gegeven. Op de vraag die de heer GRIMMIUS per interruptie stelt of hij de woordvoering van de heer Verweij zo mag uitleggen dat de PAB-fractie haar controlerende taak gedurende dit proces goed heeft uitgevoerd en daarmee alles goedkeurt geeft de heer VERWEIJ aan dat hij in zijn woordvoering lovende woorden heeft uitgesproken naar collega raadsleden die op de hoogte zijn van alle wetten en dat hij het daarom belangrijk vindt dat zij op tijd ingrijpen. Op de vraag van de heer GRIMMIUS of de PAB-fractie akkoord is met het feit dat geld wordt onttrokken voordat er een besluit van de raad is geweest maakt de heer DEN DOOL per interruptie bezwaar tegen deze suggestie, omdat onttrekking pas plaatsvindt na het genomen besluit. De heer VERWEIJ vindt het antwoord van de heer Van den Dool duidelijk.

De heer BEZEMER merkt op dat de politieke arena niet zijn natuurlijke habitat is en dat hij het debat met stijgende verbazing aanhoort. Het verbaast hem dat, terwijl zich buiten zoveel zaken afspelen, de raad zich kan veroorloven een procedurele discussie te voeren, terwijl er meerdere wegen naar Rome leiden en men hiermee voorbij gaat aan de nood waarover men een grote mate van gemeenschappelijkheid in herkent. Mevrouw VAN ES vraagt per interruptie of de heer Bezemer echt niet begrijpt hoe belangrijk het is om zich – ook/juist als er een 18

Verslag gemeenteraad van 8 december 2022

crisis is- aan de wet te houden. De heer BEZEMER begrijpt dit zeker en merkt op dat meerdere mensen hier naar gekeken hebben, dat de D66-fractie niet de enige is die weet hoe de wet werkt en dat men -ook binnen de raad- heeft geconcludeerd dat deze weg bewandeld kan worden. Hij merkt op dat de situatie anders zou zijn wanneer hier door de raad en het college niet uitgebreid over gesproken zou zijn en hij stelt voor de problemen aan te pakken, de eensgezindheid die er was binnen de vertrouwenscommissie vast te houden en zich niet bezig te houden met deze flauwekul. Mevrouw VAN ES vindt het kwalijk/jammer dat de heer Bezemer de sfeer uit de vertrouwenscommissie erbij haalt en hiermee impliceert dat haar fractie haar rol als raadsleden -waarbij men het college moet controleren- niet goed zou mogen doen zoals men goed acht. Op haar vraag of de heer Bezemer geen kennis heeft genomen van het feit dat het college heeft erkend dat zij het budgetrecht niet heeft gevolgd en dat nood wet breekt antwoordt de heer BEZEMER dat dit inderdaad gezegd is, maar dat de vraag is of dit zo letterlijk genomen moet worden. Daarnaast merkt hij op dat hij met zijn opmerking over de vertrouwenscommissie heeft bedoeld te zeggen dat men gezamenlijk 1 taak heeft, om zaken zo goed mogelijk te regelen voor de gemeente.

Men is het eens over de inhoud en over het feit dat hierover gesproken is, de enige vraag is of het besluit helemaal langs de goede weg is genomen. Hij is van mening dat er meerdere wegen zijn waarlangs dit gemeenschappelijke doel behaald kan worden. Mevrouw VAN ES geeft aan dat het gaat om de vraag op welk moment men iets aan de reserve onttrekt en wanneer men dit aan de raad vraagt. De wet geeft hierover heel duidelijk aan dat dit het geval is ná besluit van de raad. Verder geeft zij aan dat er al geld is uitgegeven, waarover in de RIB niets is gezegd/gevraagd. Wanneer dit wel het geval was geweest had dit gekund en was het rechtmatig geweest. Voordat hierover een besluit is gevraagd is € 600.000,- aan de reserve onttrokken en is/wordt geld uitgegeven. Daarna (nu) wordt dit pas aan de raad gevraagd, wat volgens de wet niet mag. Haar fractie vindt dit zorgelijk. Verder merkt zij op dat er niet meerdere wegen zijn, er is maar 1 wet waaraan men zich ook tijdens een crisis- moet houden. M.b.t. de opmerking dat men eerder iets had moeten zeggen merkt zij op dat haar fractie dit direct n.a.v. de RIB heeft gedaan, vervolgens in de commissie ABZ het woord budgetrecht en motie van afkeuring heeft genoemd, die -omdat haar fractie het ernstig genoeg vindt – nu is ingediend. Dit vooral omdat het college niet heeft aangegeven dat dit niet weer zal gebeuren. Alles had n.a.v.

1 telefoontje naar de griffie over een extra raadsvergadering opgelost kunnen worden. Tenslotte merkt zij nogmaals op dat het college een voorbeeldfunctie heeft en zich -ook/zeker tijdens een crisis- aan de wet moet houden. Ook zij hoopt nog antwoord te krijgen op de vraag of dit eens maar nooit weer was. Inzake de vraag van de heer Boersma naar de vertrouwenskwestie merkt zij op dat het college bij een motie van wantrouwen 19

Verslag gemeenteraad van 8 december 2022

direct moet opstappen en het vertrouwen helemaal weg is. Bij een motie van treurnis is de vertrouwenskwestie in het geheel niet in het geding, maar bij een motie van afkeuring wel en is er al vertrouwen beschaamd. Als het college zou hebben gezegd dat dit niet de juiste manier was en dat dit nooit meer zal voorkomen zou het vertrouwen zijn hersteld. Dit is tot op heden echter niet gebeurd en daarom heeft het vertrouwen een knauw gekregen, hetgeen haar fractie -zeker na de vertrouwenscommissie- zeer betreurt. Men hoopt dus dat het college het gewenste antwoord nog zal geven. Op de vragen van de heer Van den Dool zal haar fractie -volgens de ontstane traditie- schriftelijk antwoorden. De heer VAN DEN DOOL vindt dit een hele teleurstellende beantwoording van de 6 indringende vragen over de motie van afkeuring en voelt zich niet serieus genomen. Mevrouw VAN ES geeft aan dat hij een aantal antwoorden al heeft gekregen en dat hij van de antwoorden op de door haar fractie schriftelijk gestelde vragen die bij de stukken zitten blijkbaar geen kennis heeft genomen. Zij vraagt zich af wat de heer Omtzigt, waar de CDA-fractie zich tijdens de verkiezingscampagne mee vergeleek en het soort politiek dat zij wilde voeren, van deze situatie zou vinden.

De heer VAN DEN DOOL zegt dat het aantal indringende vragen dat is gesteld, waarop hij geen antwoord heeft gekregen, een goede methode is om achter de waarheid te komen en vindt dit debat onterechte heisa. Mevrouw VAN ES snapt dat de heer Van den Dool het woord heisa hieraan wil koppelen, wat het absoluut niet is. Het is een duidelijke zaak voor iedereen die kan lezen en die de wet leest. Inzake de opmerking van de heer Van den Dool dat zoveel financiële zaken die anders zijn gelopen dan bij begroting bij de concernrapportage worden verwerkt merkt mevrouw VAN ES op dat het daarbij niet om nieuw beleid gaat en geld dat aan de reserve wordt onttrokken en eerst wordt uitgegeven om hier vervolgens een besluit over te vragen. De heer VAN DEN DOOL merkt per interruptie op dat het wel degelijk vaak over nieuw beleid gaat, waarvan hij in zijn woordvoering voorbeelden heeft genoemd, waarop mevrouw VAN ES aangeeft dat dit niet zou moeten mogen en men hier misschien nog eens kritisch naar zou moeten kijken, omdat men voor nieuw beleid vooraf aan de raad om geld gevraagd moet worden. De D66-fractie zal het amendement van de GL-fractie steunen. (Vervolg) tweede termijn college Omdat het college op dit moment niet kiest voor generieke maatregelen maar daar waar nodig en noodzakelijk maatwerk wil toepassen ontraadt men het amendement OP/GL compensatie lastenstijging 150% WSM. Stemming 13.A2.

GL/OP amendement compensatie lastenstijging 150% WSM

20

Verslag gemeenteraad van 8 december 2022

Met 4 stemmen voor (de dames Van Es en Karso en de heren Grimmius en Van Heteren) en 15 stemmen tegen wordt het amendement verworpen.

Stemming niet geamendeerde voorstel concernrapportage Stemverklaring de heer GRIMMIUS: zoals ik vandaag al meerdere keren heb gezegd is GroenLinks zeker niet tegen de maatregelen en zullen wij daarom ook instemmen met de concernrapportage, dat heeft nooit ter discussie gestaan. Mevrouw VAN ES: dat geldt ook voor de D66-fractie. Aansluitend wordt met 19 stemmen voor unaniem conform het voorstel van burgemeester en wethouders besloten. Stemming motie van afkeuring D66-fractie Stemverklaring de heer GRIMMIUS: Ik hoop dat u mij een iets langer dan gebruikelijke stemverklaring toestaat. Het gaat hier over bevoegdheden van de raad en bevoegdheden van het college. GroenLinks is van mening dat hier niet het juiste proces is doorlopen. Staatsrechtelijke gezien -en ik durf te zeggen dat ik daar verstand van heb- is dat onjuist en daarom keuren wij dat proces af. Ik wil de suggestie die in het debat ook is gewekt, dat wij daar het vertrouwen in het college opzeggen van de hand doen. Wij keuren het proces af en verder niet. Mevrouw VAN WIJNGAARDEN: Met een motie als deze wordt het toch al niet zo hoge vertrouwen in de politiek absoluut niet bevorderd. Ik spreek het vertrouwen uit in het college, er is praktisch gewerkt en dat is in dit geval zwaarwegender dan regelneverij en ik zal tegen de motie stemmen. Mevrouw STIGTER: Ik ben ook heel verbaasd over dit hele proces.

Als we zo politiek alleen maar op de regel en de wet gaan zitten terwijl we niet begrijpen wat de geest van de bedoeling is geweest, dan denk ik dat de wet heel wettisch is geworden. Dat verbaast me en daar spreek ik mijn verwondering over uit. De regel kan de regel zijn, maar dan kan je de mens wel eens verliezen. De relatie tussen het college en de raad vind ik zelf zo belangrijk, dat ik mijn verwondering uitspreek over dit proces en de woorden die hier gebruikt zijn. Ik krijg toch bijna de indruk dat er 21

Verslag gemeenteraad van 8 december 2022

toch wantrouw is i.p.v. vertrouwen, omdat zij zelf ook dat woord hebben gebruikt. Ik stem ook zeker tegen deze motie. Met 4 stemmen (de dames Van Es en Karso en de heren Grimmius en Van Heteren) voor en 15 stemmen tegen wordt de motie verworpen. 15.

Wijziging subsidieplafonds 2023. De heer GRIMMIUS merkt op dat zijn fractie, bij het vaststellen van de subsidieplafonds en de inflatiecorrectie van 3,9% in de raad van juli en behandeling van de voorafgaande commissie, heeft aangegeven dat de genoemde inflatiecorrectie in werkelijkheid hoger is. Met dit wijzigingsvoorstel geeft het college aan dat dit inderdaad zo was en merkt hij op dat 7,9% meer in lijn is met de daadwerkelijke inflatie. Zijn fractie is echter van mening dat dit nog steeds niet de daadwerkelijke inflatie weerspiegelt en stelt met dit amendement voor de inflatiecorrectie op 10% te zetten, hetgeen nog lager is dan de daadwerkelijke inflatie (het CBS komt over de laatste maanden gemiddeld uit op 12-12,5%) en meer in lijn zou zijn met de inflatie die inwoners en stichtingen voelen in hun portemonnee. Amendement 15.A1. Subsidieplafond 2023 luidt als volgt: Besluit het volgende te wijzigen: Beslispunt 1: De subsidieplafonds 2023 vast te stellen tot een totaal indexatiebedrag van 7,9%; Te wijzigen in: Beslispunt 1: De subsidieplafonds 2023 vast te stellen tot een totaal indexatiebedrag van 10% en de extra middelen (á 63.511 euro t.o.v. het voorstel) te dekken uit de algemene reserve. Mevrouw MIDDELKOOP merkt op dat de inflatie over juli-oktober inderdaad 12,77 is, maar dat deze in november is gedaald naar 9,9% en dat de daling naar verwachting zal voortzetten.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://raad.papendrecht.nl/api/v1/meetings/584/documents/10066