24-09-03.18 Relevant stuk 1, Toelichting en regels_BP_Herziening Randwijk_vsg1
Tekst van het document
28
Regels (vastgesteld)
bestemmingsplan Herziening Randwijk
c.
Water en waterhuishoudkundige voorzieningen
d.
Hobbymatig agrarisch grondgebruik
8.2
Bijbehorende functies
De volgende bijbehorende functies zijn toegestaan: a. b. c. d. e. 8.3
tuinen; parkeervoorzieningen; nutsvoorzieningen; groen; speelvoorzieningen. Verboden gebruik Functie(s) of gebruik
a.
Het gebruiken van gronden voor buitenopslag
b.
Zelfstandige bewoning van bijgebouwen bij een (bedrijfs)woning
c.
Standplaats voor onderkomens
d.
Kamerverhuur
8.4
Nadere uitleg of voorwaarden
Afwijken mogelijk ten behoeve van
Tenzij maximaal één caravan of kampeerauto en/of tent gelijktijdig wordt geplaatst en deze niet wordt/worden gebruikt voor permanente bewoning
Bouwen van hoofdgebouwen Bouwregel
Regels (vastgesteld)
Afwijken mogelijk ten behoeve van:
29
bestemmingsplan Herziening Randwijk
a.
Situering
Binnen het bouwvlak
Het bouwen van hoofdgebouwen buiten het bouwvlak, mits wordt voldaan aan de volgende voorwaarden: 1. de stedenbouwkundige kwaliteit van de omgeving wordt niet onevenredig aangetast; 2. het woon- en leefmilieu van omwonenden wordt niet onevenredig aangetast; 3. de verkeersveiligheid wordt niet onevenredig aangetast; 4. de gebruikmogelijkheden van omliggende functies worden niet onevenredig beperkt; 5. op eigen terrein moet voldoende parkeergelegenheid aanwezig zijn, waarbij moet worden voldaan aan de parkeernormen, zoals opgenomen in de Nota Parkeernormen gemeente Overbetuwe 2016. Indien deze nota bij een aanvraag is gewijzigd, moet met de wijziging rekening worden gehouden; 6. de uitbreiding vindt plaats ter plaatse van de aanduiding 'bijgebouwen'.
b.
Goothoogte
Maximaal de bestaande hoogte, of: maximaal de op de verbeelding ter plaatse van de aanduiding 'maximum goothoogte (m)' aangegeven hoogte.
Het verhogen van de maximale goothoogte met maximaal 3 meter, mits wordt voldaan aan de volgende voorwaarden: 1. de stedenbouwkundige kwaliteit van de omgeving wordt niet onevenredig aangetast; 2. het woon- en leefmilieu van omwonenden wordt niet onevenredig aangetast.
c.
Bouwhoogte
Maximaal de bestaande hoogte, of: Het verhogen van de maximale maximaal de op de verbeelding ter bouwhoogte met maximaal 3 meter, mits plaatse van de aanduiding 'maximum wordt voldaan aan de volgende bouwhoogte (m)' aangegeven hoogte. voorwaarden: 1. de stedenbouwkundige kwaliteit van de omgeving wordt niet onevenredig aangetast; 2. het woon- en leefmilieu van omwonenden wordt niet onevenredig aangetast.
30
Regels (vastgesteld)
bestemmingsplan Herziening Randwijk
d.
Type woning
Ter plaatse van de aanduiding 'vrijstaand': alleen vrijstaande woningen. Ter plaatse van de aanduiding 'twee-aaneen': alleen twee-aaneengebouwde woningen. Ter plaatse van de aanduiding 'aaneengebouwd': alleen aaneengebouwde woningen. Ter plaatse van de aanduiding 'gestapeld': alleen gestapelde woningen.
8.5
Bouwen van aan- en uitbouwen, bijgebouwen en overkappingen Bouwregel
Afwijken mogelijk ten behoeve van:
a.
Situering
Binnen het bouwvlak of ter plaatse van de aanduiding 'bijgebouwen'
b.
Oppervlakte
Maximaal 50% van het erf, maar niet Een grotere gezamenlijke oppervlakte, meer dan: mits wordt voldaan aan de volgende 1. 90 m², voor zover het erf kleiner voorwaarden: dan 200 m² is; 2. 120 m² voor zover het erf meer dan 1. de gezamenlijke oppervlakte bedraagt 200 m² en minder dan 500 m² is; niet meer dan 130 m², voor zover het erf 3. 150 m² voor zover het erf groter kleiner dan 500 m² is en niet meer dan dan 500 m² is. 180 m², voor zover het erf 500 m² of groter is, met dien verstande dat het erf voor maximaal 50% is bebouwd; 2. de stedenbouwkundige kwaliteit van de omgeving wordt niet onevenredig aangetast; 3. het woon- en leefmilieu van omwonenden wordt niet onevenredig aangetast; 4. de gebruikmogelijkheden van omliggende functies worden niet onevenredig beperkt; 5. op eigen terrein moet voldoende parkeergelegenheid aanwezig zijn, waarbij moet worden voldaan aan de parkeernormen, zoals opgenomen in de Nota Parkeernormen gemeente Overbetuwe 2016. Indien deze nota bij een aanvraag is gewijzigd, moet met de wijziging rekening worden gehouden.
c.
Goothoogte
Regels (vastgesteld)
Maximaal 3,5 m
31
bestemmingsplan Herziening Randwijk
d.
Bouwhoogte
Maximaal 4,5 m
Een hogere bouwhoogte, mits wordt voldaan aan de volgende voorwaarden: 1. de bouwhoogte bedraagt maximaal 5 m; 2. de stedenbouwkundige kwaliteit van de omgeving wordt niet onevenredig aangetast; 3. het woon- en leefmilieu van omwonenden wordt niet onevenredig aangetast.
8.6
Bouwen van erkers Bouwregel
a.
Horizontale diepte
Maximaal 1,5 m vanuit de gevel waaraan gebouwd wordt
b.
Breedte
Maximaal 60% van de breedte van de gevel waaraan gebouwd wordt
c.
Bouwhoogte Maximaal 4 m.
8.7
Bouwen van overige bouwwerken, geen gebouwen zijnde Toegestane bouwwerken
Max. bouwhoogte
Afwijken mogelijk ten behoeve van: Een hogere bouwhoogte, alleen als: 1. de stedenbouwkundige kwaliteit niet onevenredig wordt aangetast; 2. het woon- en leefmilieu van omwonenden niet onevenredig wordt aangetast; 3. de bouwhoogte niet meer is dan hieronder is aangegeven.
a.
Erfafscheidingen 1 m voor (het verlengde van) de voorgevel van het hoofdgebouw
2m
b.
Erfafscheidingen 2 m achter (het verlengde van) de voorgevel van het hoofdgebouw
3m
c.
Masten
6m
n.v.t.
d.
Overige 2m bouwwerken, geen gebouwen zijnde voor (het verlengde van) de voorgevel van het hoofdgebouw
3m
32
Regels (vastgesteld)
bestemmingsplan Herziening Randwijk
d.
Overige 3m bouwwerken, geen gebouwen zijnde achter (het verlengde van) de voorgevel van het hoofdgebouw
Regels (vastgesteld)
4m
33
bestemmingsplan Herziening Randwijk
Artikel 9 9.1
Leiding - Riool
Toegestane functies en gebruik Functie(s)
Nadere uitleg of voorwaarden
a.
Een ondergrondse rioolpersleiding
Alleen ter plaatse van de aanduiding 'hartlijn leiding - riool'. Als er strijd ontstaat tussen het belang van de aanwezige leiding en de andere daar voorkomende bestemmingen, dan gaan de regels van deze bestemming voor.
b.
Het beheer en onderhoud van de rioolpersleiding
Als er strijd ontstaat tussen het belang van de aanwezige leiding en de andere daar voorkomende bestemmingen, dan gaan de regels van deze bestemming voor.
c.
De bescherming van het woon- Als er strijd ontstaat tussen het belang van de aanwezige leiding en leefklimaat in verband met en de andere daar voorkomende bestemmingen, dan gaan de de leiding. regels van deze bestemming voor.
9.2
Bouwregels Bouwregel
Afwijken mogelijk ten behoeve van:
a.
Toegestane bouwwerken
Alleen bouwwerken voor de aanwezige leiding, met een bouwhoogte van maximaal 3 meter, mogen worden gebouwd, in afwijking van het bepaalde in de overige bestemming(en)
b.
Toegestane Bestaande bouwwerken mogen bouwwerken worden vervangen, vernieuwd of t.b.v. de veranderd, mits: overige 1. de situering niet verandert; voorkomende bestemming(en 2. de oppervlakte en bouwhoogte niet ) worden vergroot.
Nieuwe bouwwerken of uitbreiding van bestaande bouwwerken, alleen na voorafgaand schriftelijk advies van de leidingbeheerder en mits geen onevenredige afbreuk wordt gedaan aan het veilig en doelmatig functioneren van de leiding.
9.3 Omgevingsvergunning voor het uitvoeren van een werk, geen bouwwerk zijnde, of van werkzaamheden Vergunningplichtige werkzaamheden
Voorwaarden voor het verlenen van een omgevingsvergunning
a.
Het aanbrengen en rooien van hoogopgaande en diepwortelende beplantingen en bomen.
Alleen na voorafgaand schriftelijk advies van de leidingbeheerder en mits geen onevenredige afbreuk wordt gedaan aan het veilig en doelmatig functioneren van de leiding.
b.
Het aanleggen van wegen of paden en Idem het aanbrengen van andere oppervlakteverhardingen.
c.
Het vergraven, afgraven, ophogen e.d. van gronden.
Idem
d.
Het permanent opslaan van goederen of het tijdelijk opslaan van brandbare goederen.
Idem
34
Regels (vastgesteld)
bestemmingsplan Herziening Randwijk
9.4
Uitzonderingen vergunningplicht
De vergunningplicht van artikel 9.3 geldt niet voor:
a. werken, geen bouwwerken zijnde, en werkzaamheden die het normale onderhoud, gebruik en beheer betreffen; b. werken, geen bouwwerken zijnde, en werkzaamheden die op het moment van het van kracht worden van het plan in uitvoering zijn of uitgevoerd kunnen worden op grond van de een voor dat tijdstip aangevraagde dan wel verleende omgevingsvergunning; c. werken, geen bouwwerken zijnde, en werkzaamheden die verband houden met de aanleg of instandhouding van de leiding.
Regels (vastgesteld)
35
bestemmingsplan Herziening Randwijk
Artikel 10 10.1
Waarde - Archeologie
Toegestane functies en gebruik
Functie(s)
Nadere uitleg of voorwaarden Wijzigingsbevoegdheid
De gronden zijn mede bestemd voor behoud en bescherming van waardevolle archeologische informatie in de bodem.
Als er strijd ontstaat tussen het Burgemeester en wethouders zijn belang van bescherming van bevoegd het bestemmingsplan te waardevolle archeologische wijzigen door de bestemming informatie in de bodem als 'Waarde - Archeologie' geheel of bedoeld in dit artikel en de andere gedeeltelijk te doen vervallen, daar voorkomende indien op basis van archeologisch bestemmingen, gaan de regels onderzoek is aangetoond dat op van deze bestemming voor. de betrokken locatie geen archeologische waarden (meer) aanwezig zijn.
10.2
Bouwregels
Geen beperkingen als:
het bouwwerkzaamheden betreft met een diepte van minder dan 30 cm onder het bestaande maaiveld; of het bouwplan betrekking heeft op vervanging van bestaande bouwwerken, waarbij de oppervlakte niet wordt uitgebreid met uitzondering van nieuwe kelders.
In overige gevallen mag bouwen alleen als: 10.3
Het bevoegd gezag een omgevingsvergunning als bedoeld in artikel 10.3 verleent voor het afwijken van dit bestemmingsplan.
Afwijken van de bouwregels
De vergunning wordt alleen verleend indien:
a. op basis van archeologisch onderzoek is aangetoond, dat de archeologische waarden door de bouwactiviteiten niet onevenredig worden of kunnen worden geschaad. b. het overleggen van een rapport als bedoeld onder a. is niet nodig indien de archeologische waarde van de gronden in andere beschikbare informatie, hetgeen is getoetst door een archeologisch deskundige, afdoende is vastgesteld.
Aan de vergunning kunnen de volgende voorschriften worden verbonden:
a. de verplichting tot het treffen van technische maatregelen waardoor (ondanks de uitvoering van een bouwplan) monumenten in de bodem worden behouden zoals alternatieven voor heiwerk, het al of niet bouwen van kelders, het aanbrengen van een beschermende bodemlaag of andere voorzieningen die op dit doel zijn gericht; b. de verplichting tot het doen van opgravingen; c. de verplichting de activiteit die tot een bodemverstoring leidt, te laten begeleiden door een deskundige op het terrein van de archeologische monumentenzorg die voldoet aan een door het bevoegd gezag bij de vergunning te stellen kwalificaties.
36
Regels (vastgesteld)
bestemmingsplan Herziening Randwijk
Voordat de vergunning wordt verleend:
wint het bevoegd gezag advies in van een archeologisch deskundige over de vraag of door het verlenen van de vergunning geen onevenredige afbreuk wordt of kan worden gedaan aan de archeologische waarden, en welke voorwaarden dienen te worden gesteld.
10.4 Omgevingsvergunning voor het uitvoeren van een werk, geen bouwwerk zijnde, of van werkzaamheden Zonder vergunning is het verboden om:
a. de bodem op te hogen met meer dan 2 m; b. grondwerkzaamheden uit te voeren, waartoe worden gerekend woelen en diepploegen.
Geen vergunning is nodig als:
als het werkzaamheden betreft met een diepte van minder dan 30 cm onder het bestaande maaiveld; of de werkzaamheden in de bodem direct samenhangen met een verleende omgevingsvergunning op grond van het bepaalde in artikel 10.2 en 10.3.
De vergunning wordt alleen verleend als:
a. op basis van archeologisch onderzoek is aangetoond, dat de archeologische waarden door de bouwactiviteiten niet onevenredig worden of kunnen worden geschaad. b. het overleggen van een rapport als bedoeld onder a. is niet nodig indien de archeologische waarde van de gronden in andere beschikbare informatie, hetgeen is getoetst door een archeologisch deskundige, afdoende is vastgesteld.
Aan de vergunning kunnen de volgende voorschriften worden verbonden:
a. de verplichting tot het treffen van technische maatregelen waardoor (ondanks de uitvoering van een bouwplan) monumenten in de bodem worden behouden zoals alternatieven voor heiwerk, het al of niet bouwen van kelders, het aanbrengen van een beschermende bodemlaag of andere voorzieningen die op dit doel zijn gericht; b. de verplichting tot het doen van opgravingen; c. de verplichting de activiteit die tot een bodemverstoring leidt, te laten begeleiden door een deskundige op het terrein van de archeologische monumentenzorg die voldoet aan een door het bevoegd gezag bij de vergunning te stellen kwalificaties.
Voordat de vergunning wordt verleend:
Regels (vastgesteld)
wint het bevoegd gezag advies in van een archeologisch deskundige omtrent de vraag of door het verlenen van de vergunning geen onevenredige afbreuk wordt of kan worden gedaan aan de archeologische waarden, en welke voorwaarden dienen te worden gesteld.
37
bestemmingsplan Herziening Randwijk
Artikel 11 11.1
Waarde - Archeologische verwachting 1
Toegestane functies en gebruik
Functie(s)
Nadere uitleg of voorwaarden Wijzigingsbevoegdheid
De gronden zijn mede bestemd voor behoud en bescherming van te verwachten waardevolle archeologische informatie in de bodem.
Als er strijd ontstaat tussen het a. Burgemeester en wethouders belang van bescherming van zijn bevoegd het waardevolle archeologische bestemmingsplan te wijzigen door informatie in de bodem als de bestemming 'Waarde bedoeld in dit artikel en de andere Archeologische verwachting 1' daar voorkomende geheel of gedeeltelijk te doen bestemmingen, gaan de regels vervallen, indien op basis van van deze bestemming voor. archeologisch onderzoek is aangetoond dat op de betrokken locatie geen archeologische waarden (meer) aanwezig zijn. b. Burgemeester en wethouders zijn bevoegd het bestemmingsplan te wijzigen door de bestemming 'Waarde Archeologische verwachting 1' om te zetten in de bestemming 'Waarde - Archeologie', als op basis van archeologisch onderzoek is aangetoond dat op de betrokken locatie behoudenswaardige archeologische waarden aanwezig zijn.
11.2
Bouwregels
Geen beperkingen als:
het bouwwerkzaamheden betreft met een diepte van minder dan 30 cm onder het bestaande maaiveld; of het bouwplan betrekking heeft op vervanging van bestaande bouwwerken, waarbij de oppervlakte niet wordt uitgebreid met uitzondering van nieuwe kelders; of de nieuw te bebouwen oppervlakte niet groter is dan 50 m².
In overige gevallen mag bouwen alleen als:
38
Het bevoegd gezag een omgevingsvergunning als bedoeld in artikel 11.3 verleent voor het afwijken van dit bestemmingsplan.
Regels (vastgesteld)
bestemmingsplan Herziening Randwijk
11.3
Afwijken van de bouwregels
De vergunning wordt alleen verleend indien:
a. op basis van archeologisch onderzoek is aangetoond, dat de archeologische waarden door de bouwactiviteiten niet onevenredig worden of kunnen worden geschaad. b. het overleggen van een rapport als bedoeld onder a. is niet nodig indien de archeologische waarde van de gronden in andere beschikbare informatie, hetgeen is getoetst door een archeologisch deskundige, afdoende is vastgesteld.
Aan de vergunning kunnen de volgende voorschriften worden verbonden:
a. de verplichting tot het treffen van technische maatregelen waardoor (ondanks de uitvoering van een bouwplan) monumenten in de bodem worden behouden zoals alternatieven voor heiwerk, het al of niet bouwen van kelders, het aanbrengen van een beschermende bodemlaag of andere voorzieningen die op dit doel zijn gericht; b. de verplichting tot het doen van opgravingen; c. de verplichting de activiteit die tot een bodemverstoring leidt, te laten begeleiden door een deskundige op het terrein van de archeologische monumentenzorg die voldoet aan een door het bevoegd gezag bij de vergunning te stellen kwalificaties.
Voordat de vergunning wordt verleend:
wint het bevoegd gezag advies in van een archeologisch deskundige over de vraag of door het verlenen van de vergunning geen onevenredige afbreuk wordt of kan worden gedaan aan de archeologische waarden, en welke voorwaarden dienen te worden gesteld.
11.4 Omgevingsvergunning voor het uitvoeren van een werk, geen bouwwerk zijnde, of van werkzaamheden Zonder vergunning is het verboden om:
a. de bodem op te hogen met meer dan 2 m; b. grondwerkzaamheden uit te voeren, waartoe worden gerekend woelen en diepploegen.
Geen vergunning is nodig voor:
als het werkzaamheden betreft met een diepte van minder dan 30 cm onder het bestaande maaiveld; of als de werkzaamheden in de bodem direct samenhangen met een verleende omgevingsvergunning op grond van het bepaalde in artikel 11.2 en 11.3; of de oppervlakte van de werkzaamheden in de bodem niet groter is dan 50 m².
De vergunning wordt alleen verleend als:
a. op basis van archeologisch onderzoek is aangetoond, dat de archeologische waarden door de bouwactiviteiten niet onevenredig worden of kunnen worden geschaad. b. het overleggen van een rapport als bedoeld onder a. is niet nodig indien de archeologische waarde van de gronden in andere beschikbare informatie, hetgeen is getoetst door een archeologisch deskundige, afdoende is vastgesteld.
Regels (vastgesteld)
39
bestemmingsplan Herziening Randwijk
Aan de vergunning kunnen de volgende voorschriften worden verbonden:
a. de verplichting tot het treffen van technische maatregelen waardoor (ondanks de uitvoering van een bouwplan) monumenten in de bodem worden behouden zoals alternatieven voor heiwerk, het al of niet bouwen van kelders, het aanbrengen van een beschermende bodemlaag of andere voorzieningen die op dit doel zijn gericht; b. de verplichting tot het doen van opgravingen; c. de verplichting de activiteit die tot een bodemverstoring leidt, te laten begeleiden door een deskundige op het terrein van de archeologische monumentenzorg die voldoet aan een door het bevoegd gezag bij de vergunning te stellen kwalificaties.
Voordat de vergunning wordt verleend:
40
wint het bevoegd gezag advies in van een archeologisch deskundige omtrent de vraag of door het verlenen van de vergunning geen onevenredige afbreuk wordt of kan worden gedaan aan de archeologische waarden, en welke voorwaarden dienen te worden gesteld.
Regels (vastgesteld)
bestemmingsplan Herziening Randwijk
Artikel 12 12.1
Waarde - Archeologische verwachting 2
Toegestane functies en gebruik
Functie(s)
Nadere uitleg of voorwaarden Wijzigingsbevoegdheid
De gronden zijn mede bestemd voor behoud en bescherming van te verwachten waardevolle archeologische informatie in de bodem.
Als er strijd ontstaat tussen het a. Burgemeester en wethouders belang van bescherming van zijn bevoegd het waardevolle archeologische bestemmingsplan te wijzigen door informatie in de bodem als de bestemming 'Waarde bedoeld in dit artikel en de andere Archeologische verwachting 2' daar voorkomende geheel of gedeeltelijk te doen bestemmingen, gaan de regels vervallen, indien op basis van van deze bestemming voor. archeologisch onderzoek is aangetoond dat op de betrokken locatie geen archeologische waarden (meer) aanwezig zijn. b. Burgemeester en wethouders zijn bevoegd het bestemmingsplan te wijzigen door de bestemming 'Waarde Archeologische verwachting 2' om te zetten in de bestemming 'Waarde - Archeologie', als op basis van archeologisch onderzoek is aangetoond dat op de betrokken locatie behoudenswaardige archeologische waarden aanwezig zijn.
12.2
Bouwregels
Geen beperkingen als:
het bouwwerkzaamheden betreft met een diepte van minder dan 30 cm onder het bestaande maaiveld; of het bouwplan betrekking heeft op vervanging van bestaande bouwwerken, waarbij de oppervlakte niet wordt uitgebreid met uitzondering van nieuwe kelders; of de nieuw te bebouwen oppervlakte niet groter is dan 200 m².
In overige gevallen mag bouwen alleen als:
Regels (vastgesteld)
Het bevoegd gezag een omgevingsvergunning als bedoeld in artikel 12.3 verleent voor het afwijken van dit bestemmingsplan.
41
bestemmingsplan Herziening Randwijk
12.3
Afwijken van de bouwregels
De vergunning wordt alleen verleend indien:
a. op basis van archeologisch onderzoek is aangetoond, dat de archeologische waarden door de bouwactiviteiten niet onevenredig worden of kunnen worden geschaad. b. het overleggen van een rapport als bedoeld onder a. is niet nodig indien de archeologische waarde van de gronden in andere beschikbare informatie, hetgeen is getoetst door een archeologisch deskundige, afdoende is vastgesteld.
Aan de vergunning kunnen de volgende voorschriften worden verbonden:
a. de verplichting tot het treffen van technische maatregelen waardoor (ondanks de uitvoering van een bouwplan) monumenten in de bodem worden behouden zoals alternatieven voor heiwerk, het al of niet bouwen van kelders, het aanbrengen van een beschermende bodemlaag of andere voorzieningen die op dit doel zijn gericht; b. de verplichting tot het doen van opgravingen; c. de verplichting de activiteit die tot een bodemverstoring leidt, te laten begeleiden door een deskundige op het terrein van de archeologische monumentenzorg die voldoet aan een door het bevoegd gezag bij de vergunning te stellen kwalificaties.
Voordat de vergunning wordt verleend:
wint het bevoegd gezag advies in van een archeologisch deskundige over de vraag of door het verlenen van de vergunning geen onevenredige afbreuk wordt of kan worden gedaan aan de archeologische waarden, en welke voorwaarden dienen te worden gesteld.
12.4 Omgevingsvergunning voor het uitvoeren van een werk, geen bouwwerk zijnde, of van werkzaamheden Zonder vergunning is het verboden om:
a. de bodem op te hogen met meer dan 2 m; b. grondwerkzaamheden uit te voeren, waartoe worden gerekend woelen en diepploegen.
Geen vergunning is nodig voor:
als het werkzaamheden betreft met een diepte van minder dan 30 cm onder het bestaande maaiveld; of als de werkzaamheden in de bodem direct samenhangen met een verleende omgevingsvergunning op grond van het bepaalde in artikel 12.2 en 12.3; of de oppervlakte van de werkzaamheden in de bodem niet groter is dan 200 m².
De vergunning wordt alleen verleend als:
a. op basis van archeologisch onderzoek is aangetoond, dat de archeologische waarden door de bouwactiviteiten niet onevenredig worden of kunnen worden geschaad. b. het overleggen van een rapport als bedoeld onder a. is niet nodig indien de archeologische waarde van de gronden in andere beschikbare informatie, hetgeen is getoetst door een archeologisch deskundige, afdoende is vastgesteld.
42
Regels (vastgesteld)
bestemmingsplan Herziening Randwijk
Aan de vergunning kunnen de volgende voorschriften worden verbonden:
a. de verplichting tot het treffen van technische maatregelen waardoor (ondanks de uitvoering van een bouwplan) monumenten in de bodem worden behouden zoals alternatieven voor heiwerk, het al of niet bouwen van kelders, het aanbrengen van een beschermende bodemlaag of andere voorzieningen die op dit doel zijn gericht; b. de verplichting tot het doen van opgravingen; c. de verplichting de activiteit die tot een bodemverstoring leidt, te laten begeleiden door een deskundige op het terrein van de archeologische monumentenzorg die voldoet aan een door het bevoegd gezag bij de vergunning te stellen kwalificaties.
Voordat de vergunning wordt verleend:
Regels (vastgesteld)
wint het bevoegd gezag advies in van een archeologisch deskundige omtrent de vraag of door het verlenen van de vergunning geen onevenredige afbreuk wordt of kan worden gedaan aan de archeologische waarden, en welke voorwaarden dienen te worden gesteld.
43
bestemmingsplan Herziening Randwijk
Artikel 13 13.1
Waterstaat - Waterkering
Toegestane functies en gebruik
Functie(s)
Nadere uitleg of voorwaarden
De gronden zijn mede bestemd voor de bescherming, het onderhoud en de verbetering van de waterkering, met bijbehorende bouwwerken, geen gebouwen zijnde, zoals duikers, keerwanden en merktekens.
Als er strijd ontstaat tussen het belang van de bescherming, het onderhoud en de verbetering van de waterkering, als bedoeld in dit artikel en de andere daar voorkomende bestemmingen, gaan de regels van deze bestemming voor.
13.2
Bouwregels Bouwregel
Afwijken mogelijk ten behoeve van:
a.
Toegestane bouwwerken
a. Alleen nieuwe bouwwerken, geen gebouwen zijnde ten dienste van deze bestemming mogen worden gebouwd, in afwijking van het bepaalde in de overige bestemming(en). b. De bouwhoogte van de onder a. bedoelde bouwwerken, geen gebouwen zijnde, bedraagt maximaal 10 m.
b.
Toegestane bouwwerken t.b.v. de overige voorkomende bestemming(en)
Bestaande bouwwerken mogen worden vervangen, vernieuwd of veranderd, mits: 1. de situering niet verandert;
Nieuwe bouwwerken of uitbreiding van bestaande bouwwerken, alleen na voorafgaand schriftelijk advies van de beheerder van de waterkering en mits door de betreffende 2. de oppervlakte en bouwhoogte bouwwerken dan wel door de niet worden vergroot. daarvan direct of indirect te verwachten gevolgen blijvend onevenredige afbreuk wordt gedaan aan de veiligheid en/of de mogelijkheden tot beheer en onderhoud van de waterkering en hieraan door het stellen van voorwaarden niet of onvoldoende kan worden tegemoet gekomen.
13.3 Omgevingsvergunning voor het uitvoeren van een werk, geen bouwwerk zijnde, of van werkzaamheden Vergunningplichtige werkzaamheden
Voorwaarden voor het verlenen van een omgevingsvergunning
a.
Het verrichten van exploratieboringen Alleen na voorafgaand schriftelijk advies van de of andere onderzoekingen naar leidingbeheerder en mits door het uitvoeren van werken, bodemschatten, hieronder niet geen bouwwerken zijnde, en werkzaamheden dan wel begrepen geohydrologisch onderzoek door de daarvan direct of indirect te verwachten ten behoeve van de grondwaterwinning. gevolgen geen blijvend onevenredige afbreuk wordt gedaan aan de veiligheid en/of de mogelijkheden tot beheer en onderhoud van de waterkering en hieraan door het stellen van voorwaarden niet of onvoldoende kan worden tegemoet gekomen.
44
Regels (vastgesteld)
bestemmingsplan Herziening Randwijk
b.
Het aanbrengen van ondergrondse en/of bovengrondse opslag- en vloeistofreservoirs.
Idem
c.
Het onttrekken van grondwater en het slaan van bronnen, anders dan in het algemeen belang.
Idem
13.4
Uitzonderingen vergunningplicht
De vergunningplicht van artikel 13.3 geldt niet voor:
a. werken, geen bouwwerken zijnde, en werkzaamheden die het normale onderhoud, gebruik en beheer betreffen; b. werken, geen bouwwerken zijnde, en werkzaamheden die op het moment van het van kracht worden van het plan in uitvoering zijn of uitgevoerd kunnen worden op grond van de een voor dat tijdstip aangevraagde dan wel verleende omgevingsvergunning.
Regels (vastgesteld)
45
bestemmingsplan Herziening Randwijk
Artikel 14 14.1
Waterstaat - Waterlopen
Toegestane functies en gebruik
Functie(s)
Nadere uitleg of voorwaarden
De gronden zijn mede bestemd voor het beheer en Als er strijd ontstaat tussen het belang van het onderhoud van een waterloop. beheer on onderhoud van de waterloop, zoals bedoeld in dit artikel, en de andere daar voorkomende bestemmingen, gaan de regels van deze bestemming voor. 14.2
Bouwregels Bouwregel
Afwijken mogelijk ten behoeve van:
a.
Toegestane bouwwerken
Alleen nieuwe bouwwerken, geen gebouwen zijnde ten dienste van deze bestemming mogen worden gebouwd, in afwijking van het bepaalde in de overige bestemming(en).
b.
Toegestane bouwwerken t.b.v. de overige voorkomende bestemming(en)
Bestaande bouwwerken mogen worden vervangen, vernieuwd of veranderd, mits: 1. de situering niet verandert;
Nieuwe bouwwerken of uitbreiding van bestaande bouwwerken, alleen na voorafgaand schriftelijk advies van de beheerder van de waterloop en mits geen onevenredige afbreuk 2. de oppervlakte en bouwhoogte wordt gedaan aan het doelmatig en niet worden vergroot. veilig functioneren van de waterloop en hieraan door het stellen van voorwaarden niet of onvoldoende kan worden tegemoet gekomen.
14.3 Omgevingsvergunning voor het uitvoeren van een werk, geen bouwwerk zijnde, of van werkzaamheden Vergunningplichtige werkzaamheden
Voorwaarden voor het verlenen van een omgevingsvergunning
a.
Het aanleggen of verharden van wegen, Alleen na voorafgaand schriftelijk advies van het paden of parkeervoorzieningen en het Waterschap Rivierenland en mits door het uitvoeren van aanbrengen van andere gesloten werken, geen bouwwerken zijnde, en werkzaamheden oppervlakteverhardingen. dan wel door de daarvan direct of indirect te verwachten gevolgen geen blijvend onevenredige afbreuk wordt gedaan aan de belangen van en de veiligheidssituatie rond de betreffende waterlopen en hieraan door het stellen van voorwaarden niet of onvoldoende kan worden tegemoet gekomen.
b.
Het uitvoeren van heiwerkzaamheden of het op andere wijze indrijven van voorwerpen in de bodem.
Idem
c.
Het aanbrengen van ondergrondse of bovengrondse kabels of leidingen.
Idem
46
Regels (vastgesteld)
bestemmingsplan Herziening Randwijk
d.
Het wijzigen van het bestaande Idem bodemniveau door ophogingen of afgravingen of het verrichten van andere graafwerkzaamheden.
e.
Het aanbrengen, vellen en/of rooien van bomen of beplantingen welke dieper wortelen dan 0,75 meter.
14.4
Uitzonderingen vergunningplicht
De vergunningplicht van artikel 14.3 geldt niet voor:
Idem
a. werken, geen bouwwerken zijnde, en werkzaamheden die het normale onderhoud en beheer betreffen; b. werken, geen bouwwerken zijnde, en werkzaamheden die op het moment van het van kracht worden van het plan in uitvoering zijn of uitgevoerd kunnen worden op grond van de een voor dat tijdstip aangevraagde dan wel verleende omgevingsvergunning; c. werken, geen bouwwerken zijnde, en werkzaamheden van ondergeschikte betekenis; d. werken, geen bouwwerken zijnde, en werkzaamheden binnen het kader van de normale bodemexploitatie en het bodemgebruik; e. normaal spitwerk tot een diepte van niet meer dan 0,3 meter.
Regels (vastgesteld)
47
bestemmingsplan Herziening Randwijk
Hoofdstuk 3 Artikel 15
Algemene regels
Anti-dubbeltelregel
Grond die eenmaal in aanmerking is genomen bij het toestaan van een bouwplan waaraan uitvoering is gegeven of alsnog kan worden gegeven, blijft bij de beoordeling van latere bouwplannen buiten beschouwing.
48
Regels (vastgesteld)
bestemmingsplan Herziening Randwijk
Artikel 16 16.1
Algemene bouwregels
Bestaande maten
In die gevallen dat de bestaande goothoogte, bouwhoogte, oppervlakte en/of inhoud van bouwwerken, die in overeenstemming met het bepaalde in de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht tot stand zijn gekomen meer bedraagt dan in de bouwregels in hoofdstuk 2 van deze regels is toegestaan, geldt die goothoogte, bouwhoogte, oppervlakte en/of inhoud in afwijking daarvan als maximaal toegestaan. 16.2
Overschrijding bouwgrenzen De bouwgrenzen, niet zijnde bestemmingsgrenzen, mogen in afwijking van aanduidingen, aanduidingsgrenzen en regels worden overschreden door:
Nadere voorwaarden(n)
a.
tot gebouwen behorende stoepen, stoeptreden, trappen(huizen), de overschrijding van de galerijen, hellingbanen, balkons, entreeportalen, veranda's en bouwgrenzen bedraagt afdaken maximaal 2,5 meter
b.
tot gebouwen behorende erkers en serres
de overschrijding van de bouwgrenzen bedraagt maximaal 1,5 meter
c.
andere ondergeschikte onderdelen van gebouwen
de overschrijding van de bouwgrenzen bedraagt maximaal 1,5 meter
16.3
Ondergronds bouwen
Toegestane bebouwing:
Nadere voorwaarde(n)
ondergrondse gebouwen (kelders) daar waar bovengronds gebouwen aanwezig zijn
Toegestaan tot maximaal één bouwlaag ondergronds
ondergrondse gebouwen (kelders) daar waar bovengronds geen gebouwen aanwezig zijn
Toegestaan tot: - maximaal één bouwlaag ondergronds; - een oppervlakte van maximaal 25 m²;
Afwijken mogelijk ten behoeve van:
Alleen als: 1. de ondergrondse ruimte vanuit de binnenzijde van de bebouwing, waaronder deze wordt gerealiseerd, toegankelijk is; 2. het peil rond de bebouwing niet kunstmatig wordt verhoogd. 16.4
Parkeernormen
a. Een omgevingsvergunning voor het bouwen of uitbreiden van een gebouw en voor het gebruiken van gebouwen waar al dan niet een omgevingsvergunning voor nodig is, wordt slechts verleend, indien is aangetoond dat wordt of zal worden voldaan aan de parkeernormen, zoals neergelegd in de Nota Parkeernormen gemeente Overbetuwe 2016, aldus vastgesteld door de gemeenteraad van Overbetuwe op 6 december 2016 en met dien verstande dat, indien deze beleidsregels gedurende de planperiode worden gewijzigd, rekening wordt gehouden met de wijziging; b. Bij omgevingsvergunning kan worden afgeweken van het bepaalde onder a, mits: 1. het voldoen aan deze bepaling door bijzondere omstandigheden op zwaarwegende bezwaren
Regels (vastgesteld)
49
bestemmingsplan Herziening Randwijk stuit; of 2. voor zover op andere wijze in de benodigde parkeergelegenheid wordt voorzien.
50
Regels (vastgesteld)
bestemmingsplan Herziening Randwijk
Artikel 17 17.1
Algemene gebruiksregels
Verboden functies en gebruik
De volgende functies en het volgende gebruik zijn verboden binnen alle bestemmingen: Functie(s) of gebruik
Nadere uitleg of voorwaarden
a.
Het gebruiken van gronden als stortDit geldt niet voor het normale op de bestemming en/of opslagplaats van grond en/of afval gerichte gebruik en onderhoud.
b.
Het gebruiken van gronden als stalling- Dit geldt niet voor het normale op de bestemming en/of opslagplaats van één of meer aan gerichte gebruik en onderhoud. het gebruik onttrokken machines, voer-, vaar- of vliegtuigen
c.
Het gebruiken van gronden en/of bouwwerken voor een seksinrichting dan wel voor prostitutie
d.
Het gebruik van gronden en/of bouwwerken voor een coffeeshop
e.
Het gebruiken van gronden en/of bouwwerken voor lawaaisporten
17.2
Evenementen
a. Voor het gebruiken van de gronden voor evenementen in overeenstemming met de in Hoofdstuk 2 opgenomen bestemmingen, moet worden voldaan aan het bepaalde in onderstaande tabel: type maximaal aantal evenementen per maximale duur per evenement (exclusief evenement jaar op- en afbouw) 1
geen maximum
3 aaneengesloten dagen
2
15
3 aaneengesloten dagen
3
3
3 aaneengesloten dagen
4
5
3 aaneengesloten dagen
b. de op- en afbouw van bij het evenement behorende voorzieningen mag maximaal 3 dagen duren; c. evenementen van type 2, 3 en 4 moeten voldoen aan de geluidsnormen als opgenomen in onderstaande tabel: etmaalperiode
maximaal geluidniveau op de gevel van geluidgevoelige gebouwen (in dB(A))
maximaal geluidniveau laag frequent geluid op de gevel van geluidgevoelige gebouwen (in dB(C))
07.00 19.00 uur
80
93
19.00 23.00 uur
80
93
23.00 01.00 uur
80
93
01.00 07.00 uur
55
-
d. in aanvulling op het bepaalde in bovenstaande tabel onder e. geldt dat het maximale geluidniveau ter plaatse van het evenement, niet meer mag bedragen dan 103 dB(A) en 116 dB(C) voor het laag frequent geluid; e. in afwijking van het bepaalde onder a. kan middels een omgevingsvergunning worden afgeweken van het maximum aantal aaneengesloten dagen voor een evenement, mits:
Regels (vastgesteld)
51
bestemmingsplan Herziening Randwijk 1. de afwijking niet leidt tot een onevenredige aantasting van het woon- en leefklimaat in de omgeving; 2. de afwijking niet leidt tot onevenredig nadelige gevolgen voor de verkeerssituatie, waaronder de bereikbaarheid van in de omgeving aanwezige functies. 17.3
Parkeren
a. Het wijzigen van het gebruik van gronden en/of bebouwing is slechts toegestaan onder de voorwaarde dat wordt voldaan aan de parkeernormen, zoals neergelegd in de Nota Parkeernormen gemeente Overbetuwe 2016, aldus vastgesteld door de gemeenteraad van Overbetuwe op 6 december 2016 en met dien verstande dat, indien deze beleidsregels gedurende de planperiode en voor de betreffende gebruikswijziging worden gewijzigd, rekening wordt gehouden met de wijziging; b. Bij omgevingsvergunning kan worden afgeweken van het bepaalde onder a, mits: 1. het voldoen aan deze bepaling door bijzondere omstandigheden op zwaarwegende bezwaren stuit; of 2. voor zover op andere wijze in de benodigde parkeergelegenheid wordt voorzien.
52
Regels (vastgesteld)
bestemmingsplan Herziening Randwijk
Artikel 18 18.1
Algemene aanduidingsregels
Milieuzone - Grondwaterbescherming
Toegestane functie(s)
Nadere voorwaarden
De gronden ter plaatse van de aanduiding 'milieuzone - grondwaterbescherming' zijn mede bestemd voor de bescherming van de kwaliteit van het grondwater ten behoeve van de drinkwatervoorziening.
Vanwege het ter plaatse aanwezige grondwaterbeschermingsgebied, de boringsvrije zone en/of de KWO-vrije zone, gelden naast de regels van dit plan, de regels die zijn opgenomen in de Omgevingsverordening Gelderland.
18.2
Veiligheidszone - lpg
18.2.1 Aanduidingsomschrijving Aanduidingsomschrijving
Nadere voorwaarden
De gronden ter plaatse van de aanduiding 'veiligheidszone - lpg' zijn mede bestemd voor de bescherming van het woon- en leefklimaat in verband met een LPG-installatie.
Op de gronden met de aanduiding 'veiligheidszone - lpg' zijn geen nieuwe kwetsbare en beperkt kwetsbare objecten toegestaan.
18.2.2 Bouwregels Bouwregels
Afwijken ten behoeve van
Ongeacht het bepaalde in de andere ter plaatse voorkomende bestemmingen, mogen op de gronden ter plaatse van de aanduiding 'veiligheidszone - lpg' geen nieuwe gebouwen worden gebouwd ten behoeve van kwetsbare en beperkt kwetsbare objecten.
Het toestaan van kwetsbare en/of beperkt kwetsbare objecten en het bouwen van gebouwen ten behoeve van die functies voor zover in overeenstemming met de andere bestemming, mits ter plaatse een aanvaardbaar woon- en leefklimaat kan worden gerealiseerd.
Regels (vastgesteld)
53
bestemmingsplan Herziening Randwijk
Artikel 19
Algemene afwijkingsregels
Afwijken met een omgevingsvergunning Nadere voorwaarden: van het bepaalde in dit plan is mogelijk van: a.
de in het plan genoemde goothoogten, 1. de belangen van de eigenaren en/of gebruikers bouwhoogten, oppervlaktematen en van betrokken en nabijgelegen gronden worden niet percentages en afstandseisen, tot maximaal onevenredig geschaad; 10% van deze hoogten, maten, percentages en afstandseisen 2. het straat- en bebouwingsbeeld en de verkeersveiligheidsbelangen worden niet onevenredig geschaad.
b.
de regels voor het toestaan van het 1. de belangen van de eigenaren en/of gebruikers overschrijden van bouwgrenzen tot maximaal van betrokken en nabijgelegen gronden worden niet 2,5 m onevenredig geschaad; 2. het straat- en bebouwingsbeeld en de verkeersveiligheidsbelangen worden niet onevenredig geschaad. 3. de overschrijding is noodzakelijk in verband met de uitmeting van het terrein of uit een oogpunt van doelmatig gebruik van de gronden en/of bebouwing.
c.
de regels voor het toestaan van 1. de belangen van de eigenaren en/of gebruikers bouwwerken, geen gebouwen zijnde met een van betrokken en nabijgelegen gronden worden niet bouwhoogte van maximaal 10 m, of een onevenredig geschaad; zend-, ontvang- en/of sirenemast met een bouwhoogte van maximaal 40 m 2. het straat- en bebouwingsbeeld en de verkeersveiligheidsbelangen worden niet onevenredig geschaad.
d.
de regels voor het toestaan van niet voor bewoning bestemde gebouwen met een inhoud van maximaal 50 m³ en een bouwhoogte van maximaal 5 m, ten dienste van openbaar nut, zoals schakelhuisjes, wachthuisjes, tranformatorhuisjes, alsmede andere bouwwerken, zoals muurtjes, standbeelden en lichtmasten
54
1. de belangen van de eigenaren en/of gebruikers van betrokken en nabijgelegen gronden worden niet onevenredig geschaad; 2. het straat- en bebouwingsbeeld en de verkeersveiligheidsbelangen worden niet onevenredig geschaad.
Regels (vastgesteld)
bestemmingsplan Herziening Randwijk
Artikel 20
a.
Algemene wijzigingsregels
Burgemeester en wethouders kunnen het plan wijzigen voor:
Nadere voorwaarden:
het aanbrengen van geringe veranderingen in de plaats, ligging en/of afmetingen van bestemmingsgrenzen
1. de bestemmingsgrenzen mogen met niet meer dan 5 m worden verschoven; 2.de belangen van de eigenaren en/of gebruikers van betrokken en nabijgelegen gronden worden niet onevenredig geschaad; 3. het straat- en bebouwingsbeeld en de verkeersveiligheidsbelangen worden niet onevenredig geschaad.
Regels (vastgesteld)
55
bestemmingsplan Herziening Randwijk
Hoofdstuk 4 Artikel 21 21.1
Overgangs- en slotregels
Overgangsrecht
Overgangsrecht bouwwerken
Voor bouwwerken luidt het overgangsrecht als volgt: a. een bouwwerk dat op het tijdstip van inwerkingtreding van het bestemmingsplan aanwezig of in uitvoering is, dan wel gebouwd kan worden krachtens een omgevingsvergunning voor het bouwen, en afwijkt van het plan, mag, mits deze afwijking naar aard en omvang niet wordt vergroot: 1. gedeeltelijk worden vernieuwd of veranderd; 2. na het tenietgaan ten gevolge van een calamiteit geheel worden vernieuwd of veranderd, mits de aanvraag van de omgevingsvergunning voor het bouwen wordt gedaan binnen twee jaar na de dag waarop het bouwwerk is tenietgegaan; b. het bevoegd gezag kan eenmalig in afwijking van dit lid sub a een omgevingsvergunning verlenen voor het vergroten van de inhoud van een bouwwerk als bedoeld in dit lid sub a met maximaal 10%; c. dit lid sub a is niet van toepassing op bouwwerken die weliswaar bestaan op het tijdstip van inwerkingtreding van het plan, maar zijn gebouwd zonder vergunning en in strijd met het daarvoor geldende plan, daaronder begrepen de overgangsbepaling van dat plan. 21.2
Overgangsrecht gebruik
Voor gebruik luidt het overgangsrecht als volgt: a. het gebruik van grond en bouwwerken dat bestond op het tijdstip van inwerkingtreding van het bestemmingsplan en hiermee in strijd is, mag worden voortgezet; b. het is verboden het met het bestemmingsplan strijdige gebruik, bedoeld in dit lid sub a, te veranderen of te laten veranderen in een ander met dat plan strijdig gebruik, tenzij door deze verandering de afwijking naar aard en omvang wordt verkleind; c. indien het gebruik, bedoeld in dit lid sub a, na het tijdstip van de inwerkingtreding van het plan voor een periode langer dan een jaar wordt onderbroken, is het verboden dit gebruik daarna te hervatten of te laten hervatten; d. dit lid sub a is niet van toepassing op het gebruik dat reeds in strijd was met het voorheen geldende bestemmingsplan, daaronder begrepen de overgangsbepalingen van dat plan.
56
Regels (vastgesteld)
bestemmingsplan Herziening Randwijk
Artikel 22
Slotregel
Deze regels worden aangehaald als: Regels van het bestemmingsplan Herziening Randwijk.
Regels (vastgesteld)
57
bestemmingsplan Herziening Randwijk
Inhoudsopgave
Bijlagen bij regels
5
Bijlage 1
5
(vastgesteld)
Staat van Bedrijfsactiviteiten
3
bestemmingsplan Herziening Randwijk
4
(vastgesteld)
bestemmingsplan Herziening Randwijk
Bijlagen bij regels Bijlage 1 Staat van Bedrijfsactiviteiten
Bijlagen bij regels (vastgesteld)
5
Toelichting bij de lijst van bedrijfsactiviteiten Algemeen De lijst van bedrijfsactiviteiten is gebaseerd op de richtafstandenlijsten voor milieubelastende activiteiten uit de publicatie ‘Bedrijven en milieuzonering’ van de VNG1. Uit de richtafstandenlijsten zijn die bedrijfsactiviteiten geselecteerd, die in beginsel passen binnen de beoogde bestemming. Richtafstanden In de lijst van bedrijfsactiviteiten wordt onderscheid gemaakt naar richtafstanden voor de ruimtelijk relevante milieuaspecten geur, stof, geluid en gevaar. De grootste afstand van deze vier richtafstanden is bepalend voor de indeling van een activiteit in een milieucategorie. Bij het bepalen van de richtafstanden zijn de volgende uitgangspunten gehanteerd: • het betreft 'gemiddeld' moderne bedrijfsactiviteiten met gebruikelijke productieprocessen en voorzieningen; • de richtafstanden hebben betrekking op het omgevingstype ‘rustige woonwijk en rustig buitengebied’ of ‘gemengd gebied’; • de richtafstanden bieden in beginsel ruimte voor normale groei van activiteiten; • bij activiteiten met ruimtelijk duidelijk te onderscheiden deelactiviteiten (zoals productie, opslag, kantoren, parkeerterreinen) kunnen deze deelactiviteiten desgewenst als afzonderlijk te zoneren activiteiten worden beschouwd, bijvoorbeeld bij ligging van de activiteit binnen zones met een verschillende milieucategorie.
De richtafstand geldt tussen enerzijds de grens van de bestemming, die bedrijven (of andere milieubelastende functies) toelaat en anderzijds de uiterste situering van de gevel van een woning, die volgens het bestemmingsplan of via vergunningvrij bouwen mogelijk is. Omgevingstype Allereerst zijn er richtafstanden, die zijn afgestemd op de omgevingskwaliteit, zoals die wordt nagestreefd in een rustige woonwijk2 of een vergelijkbaar omgevingstype.
1 2
Bedrijven en milieuzonering, VNG, 2009. Een rustige woonwijk is een woonwijk, die is ingericht volgens het principe van functiescheiding. Afgezien van wijkgebonden voorzieningen komen vrijwel geen andere functies (zoals bedrijven of kantoren) voor. Langs de randen (in de overgang naar mogelijke bedrijfsfuncties) is weinig verstoring door verkeer. Een vergelijkbaar omgevingstype qua aanvaardbare milieubelasting is een rustig buitengebied (eventueel inclusief verblijfsrecreatie), een stiltegebied of een natuurgebied.
Toelichting Lijst van Bedrijfsactiviteiten
1
Gemotiveerd kunnen kleinere richtafstanden worden aangehouden bij het omgevingstype gemengd gebied3, dat gezien de aanwezige functiemenging of ligging nabij drukke wegen al een hoge milieubelasting kent. Verdere reducties zijn in de meeste gevallen niet te verantwoorden, omdat niet aannemelijk kan worden gemaakt dat het woon- en leefklimaat niet wordt aangetast en het functioneren van bedrijven niet in gevaar wordt gebracht. In onderstaande tabel worden de richtafstanden weergegeven afhankelijk van het omgevingstype. milieucategorie
richtafstand tot omgevingstype rustige richtafstand tot omgevingstype gemengd woonwijk en rustig buitengebied
gebied
1
10 m
0 m
2
30 m
10 m
3.1
50 m
30 m
3.2
100 m
50 m
4.1
200 m
100 m
4.2
300 m
200 m
5.1
500 m
300 m
5.2
700 m
500 m
5.3
1.000 m
700 m
6
1.500 m
1.000 m
Aanvullende toelichtende informatie bij de richtafstanden Kolom met richtafstanden voor geluid In de kolom met richtafstanden voor geluid is – waar van toepassing – de letter C van continu opgenomen. Hiermee is aangegeven dat bij de betreffende milieubelastende activiteiten de voor geluid bepalende activiteiten continu (dag en nacht) in bedrijf zijn. Voorts is - waar van toepassing - de letter Z van zonering opgenomen. Het gaat hierbij om inrichtingen die in belangrijke mate geluidhinder kunnen veroorzaken in de zin van de Wet geluidhinder (vroeger ook wel A-inrichtingen genoemd), die als zodanig zijn aangewezen in artikel 2.4 van het Inrichtingen- en vergunningenbesluit milieubeheer.
3
Een gemengd gebied is een gebied met een matige tot sterke functiemenging. Direct naast woningen komen andere functies voor zoals, winkels, horeca en kleine bedrijven. Ook lintbebouwing in het buitengebied met overwegend agrarische en andere bedrijvigheid kan als gemengd gebied worden beschouwd. Gebieden, die direct langs de hoofdinfrastructuur liggen behoren eveneens tot dit omgevingstype. Hier kan de verhoogde milieubelasting voor geluid de toepassing van kleinere richtafstanden rechtvaardigen. Geluid is voor de te hanteren afstand van milieubelastende activiteiten veelal bepalend.
2
Toelichting Lijst van Bedrijfsactiviteiten
Kolom met richtafstanden voor gevaar In de kolom “gevaar” zijn de richtafstanden aangegeven, die bij gemiddelde activiteiten van dat type aangehouden kunnen worden. Het betreft alle gevaarsaspecten, inclusief brandgevaar en stofexplosies. In deze kolom is voor activiteiten die mogelijk onder de werking van het Bevi vallen of gaan vallen de letter R van risico opgenomen. In dezelfde kolom is voor activiteiten waarop het Vuurwerkbesluit van toepassing is de letter V van vuurwerk opgenomen. Voor deze activiteiten dient altijd te worden getoetst aan de veiligheidsafstanden uit het Vuurwerkbesluit. D van ‘divers’ in kolom milieucategorie Bij de bepaling van de richtafstanden voor de onderscheiden bedrijfstypen is uitgegaan van een 'gemiddeld' nieuwe activiteit met gebruikelijke productieprocessen en voorzieningen. Bij alle activiteiten dient daarom rekening te worden gehouden met een zekere variatie. Voor activiteiten met een grote variatie in productieprocessen is de letter D van divers opgenomen. Index voor verkeersaantrekkende werking Naast de genoemde milieuaspecten kan ook de verkeersaantrekkende werking van belang zijn voor de toelaatbaarheid van milieubelastende activiteiten op een bepaalde locatie.
Dit aspect kan niet worden vertaald naar afstanden maar is weergegeven met een kwalitatieve index, die loopt van 1 tot en met 3, met de volgende betekenis: 1: potentieel geringe verkeersaantrekkende werking; 2: potentieel aanzienlijke verkeersaantrekkende werking; 3: potentieel zeer grote verkeersaantrekkende werking. Daarbij is onderscheid gemaakt tussen goederenvervoer (G) en personenvervoer (P). Overige aandachtspunten van activiteiten In de lijsten zijn tenslotte enkele andere aandachtspunten benoemd. Deze zijn bedoeld als aanvullende informatie waarmee in specifieke gevallen rekening gehouden kan worden gehouden. Visuele hinder De index voor visuele hinder is een indicator voor de (visuele) inpasbaarheid van activiteiten. B van 'bodemverontreiniging' De index voor bodem kan een hulpmiddel zijn bij de selectie van toelaatbare inrichtingen op gevoelige gronden, zoals bodembeschermingsgebieden. In het provinciale beleid met betrekking tot de bodembescherming speelt dit aspect een rol. Uitwerking van dit beleid vindt plaats in de provinciale milieuverordeningen. In deze kolom is de letter B opgenomen indien een activiteit een verhoogde kans op bodemverontreiniging geeft, bijvoorbeeld door calamiteiten, incidenten of 'sluimerende' lekkages.
Toelichting Lijst van Bedrijfsactiviteiten
3
L van 'luchtverontreiniging' De uitstoot van schadelijke stoffen naar de lucht is niet te vertalen in een richtafstand die bij voorkeur tot woningen (of andere gevoelige locaties) in acht genomen zou moeten worden. Toch kan de uitstoot van schadelijke stoffen naar de lucht in planologisch opzicht relevant zijn. Denk aan de neerslag van geëmitteerde schadelijke stoffen op gevoelige bodems, gewassen en flora. Ook doen zich in de praktijk regelmatig problemen voor met de afstand tot woningen bij het toepassen van ontsmettings- en bestrijdingsmiddelen in de land- en tuinbouw. Bij activiteiten waar dit mogelijk relevant is, is de L van 'luchtverontreiniging' vermeld. Gebruikte afkortingen De volgende afkortingen worden in de tabel gebruikt: < > = cat. e.d. kl. n.e.g. o.c. p.c. p.o. b.o. v.c. u d w j B C D L Z R V
niet van toepassing of niet relevant kleiner dan groter gelijk aan categorie en dergelijke klasse niet elders genoemd opslagcapaciteit productiecapaciteit productieoppervlak bedrijfsoppervlak verwerkingscapaciteit uur dag week jaar bodemverontreiniging continu divers luchtverontreiniging zonering op basis van Wet geluidhinder risico (Besluit externe veiligheid inrichtingen mogelijk van toepassing) vuurwerkbesluit van toepassing
4
Toelichting Lijst van Bedrijfsactiviteiten
Lijst van bedrijfsactiviteiten
Basisinformatie voor milieuzonering Uit: Bedrijven en milieuzonering Uitgave VNG, 2009
Bijlage 1 Richtafstandenlijsten
OMSCHRIJVING
15
20 2010.2 205 22
16 16102 162902 58
22 221 2222.6 2223 2223 2224 2225 223 23 24 2442 2442 26
58 581 18129 1814 1814 1813 1814 182 19 20 2120 2120 23
26 262, 263 262, 263 30 30 30 31
23 232, 234 232, 234 26, 28, 33 26, 28, 33 26, 28, 33 26, 27, 33
31 316 32
26, 27, 33 293 26, 33
33
26, 32, 33
33 34
26, 32, 33 29
36 361 362 363 3663.1 40
31 9524 321 322 32991 35
40 40
35 35
Tabel 1-2
LUCHT
19 20
BODEM
14 141 19
VERVAARDIGING VAN VOEDINGSMIDDELEN EN DRANKEN Zuivelprodukten fabrieken: - consumptie-ijsfabrieken: p.o. <= 200 m² Broodfabrieken, brood- en banketbakkerijen: - v.c. < 7500 kg meel/week, bij gebruik van charge-ovens Suikerfabrieken: - cacao- en chocoladefabrieken vervaardigen van chocoladewerken 3 met p.o. <= 200 m² 0 Vervaardiging van ethylalcohol door gisting: Vervaardiging van wijn, cider e.d. VERVAARDIGING VAN KLEDING; BEREIDEN EN VERVEN VAN - BONT Vervaardiging van kleding en -toebehoren (excl. van leer) VERVAARDIGING VAN LEER EN LEDERWAREN (EXCL. - KLEDING) HOUTINDUSTRIE EN VERVAARDIGING ARTIKELEN VAN HOUT, - RIET, KURK E.D. 0 Houtconserveringsbedrijven: Kurkwaren-, riet- en vlechtwerkfabrieken UITGEVERIJEN, DRUKKERIJEN EN REPRODUKTIE VAN - OPGENOMEN MEDIA Uitgeverijen (kantoren) Kleine drukkerijen en kopieerinrichtingen A Grafische afwerking B Binderijen Grafische reproduktie en zetten Overige grafische aktiviteiten Reproduktiebedrijven opgenomen media VERVAARDIGING VAN CHEMISCHE PRODUKTEN 0 Farmaceutische produktenfabrieken: 2 - verbandmiddelenfabrieken VERVAARDIGING VAN GLAS, AARDEWERK, CEMENT-, KALK- EN GIPSPRODUKTEN 0 Aardewerkfabrieken: 1 - vermogen elektrische ovens totaal < 40 kW - VERVAARDIGING VAN KANTOORMACHINES EN COMPUTERS A Kantoormachines- en computerfabrieken incl. reparatie VERVAARDIGING VAN OVER. ELEKTR. MACHINES, - APPARATEN EN BENODIGDH.
Elektrotechnische industrie n.e.g. VERVAARDIGING VAN MEDISCHE EN OPTISCHE APPARATEN - EN INSTRUMENTEN Fabrieken voor medische en optische apparaten en instrumenten A e.d. incl. reparatie VERVAARDIGING VAN MEUBELS EN OVERIGE GOEDEREN - N.E.G. 2 Meubelstoffeerderijen b.o. < 200 m2 Fabricage van munten, sieraden e.d. Muziekinstrumentenfabrieken Sociale werkvoorziening PRODUKTIE EN DISTRIB. VAN STROOM, AARDGAS, STOOM EN - WARM WATER C0 Elektriciteitsdistributiebedrijven, met transformatorvermogen:
VISUEEL
18 182 19
0 2 0 1 0
VERKEER
10821 110102 1102 t/m 1104 12
0 1 2 3 4 6 7 0 0 0 5 6 0 2 4
LANDBOUW EN DIENSTVERLENING T.B.V. DE LANDBOUW Akkerbouw en fruitteelt (bedrijfsgebouwen) Tuinbouw: - bedrijfsgebouwen - kassen zonder verwarming - kassen met gasverwarming - champignonkwekerijen (algemeen) - bloembollendroog- en prepareerbedrijven - witlofkwekerijen (algemeen) Fokken en houden van overige graasdieren: Fokken en houden van pluimvee: Fokken en houden van overige dieren: - bijen - overige dieren Dienstverlening t.b.v. de landbouw: - algemeen (o.a. loonbedrijven): b.o.<= 500 m² - plantsoenendiensten en hoveniersbedrijven: b.o. <= 500 m² KI-stations
CATEGORIE
1584 1592 1593 t/m 1595 16
-
GROOTSTE AFSTAND
01 011, 012, 013 011, 012, 013, 016 011, 012, 013 011, 012, 013 011, 012, 013 0113 0163 011 0143, 0145 0147 0149 0149 0149 016 016 016 0162 02 10, 11 1051 1052 1071 1071 1081
GEVAAR
01 0111, 0113 0112 0112 0112 0112 0112 0112 0112 0122 0124 0125 0125 0125 014 014 014 0142 02 15 1551 1552 1581 1581 1583
GELUID
-
INDICES
STOF
-
AFSTANDEN IN METERS
GEUR
SBI-2008
nummer
SBI-1993
juni 2009
10
10
30 C
10
30
2
1 G
1
B
L
10 10 10 30 30 30
10 10 10 10 10 10
30 C 30 C 30 C 30 C 30 C 30 C
10 10 10 10 10 10
30 30 30 30 30 30
2 2 2 2 2 2
1 G 1 G 1 G 1 G 1 G 1 G
1 1 1 1 1
B B B B B
L L L
10 30
0 10
30 C 30 C
10 0
30 30 D
2 2
1 G 1 G
1 1
30 30 30
10 10 10
30 30 30 C
10 10 0
30 30 30
2 2 2
1 G 1 G 1 G
1 1 1
10
0
30
0
30
2
1 G
1
30
10
30 C
10
30
2
1 G
1
30
10
30
10
30
2
1 G
1
10
0
30 C
0
30
2
1 G
1
10
10
30
10
30
2
2 G
2
10
10
30
0
30
2
1 G
1
0 10 0 30 30 30 0
0 0 0 0 0 0 0
10 30 10 30 10 30 10
0 0 0 0 10 10 0
10 30 10 30 30 30 D 10
1 2 1 2 2 2 1
1 P 1 P 1 G 2 G 2 G 2 G 1 G
1 1 1 1 1 1 1
10
10
30
10
30
2
2 G
1
10
10
30
10
30
2
1 G
1
30
10
30
10
30
2
1 G
1
30
10
30
10
30
2
1 G
1
30
0
30
0
30
2
1 G
1
0 30 30 0
10 10 10 30
10 10 30 30
0 10 10 0
10 30 30 30
1 2 2 2
1 P 1 G 2 G 1 P
1 1 2 1
B
B B
L
B
1
Bijlage 1 Richtafstandenlijsten
GEVAAR
GROOTSTE AFSTAND
CATEGORIE
VERKEER
VISUEEL
BODEM
40 40 40
35 35 35
C1 - < 10 MVA D0 Gasdistributiebedrijven: D3 - gas: reduceer-, compressor-, meet- en regelinst. Cat. A
0
0
30 C
10
30
2
1 P
1
B
0
0
10 C
10
10
1
1 P
1
40 40 40 41 41 41 41 45 45 45 50
35 35 35 36 36 36 36 41, 42, 43 41, 42, 43 41, 42, 43 45, 47
0
0
30 C
10
30
2
1 P
1
10
0
30 C
10
30
2
1 P
1
0
0
30 C
10
30
2
1 P
1
0
10
30
10
30
2
1 G
1
B
50 501, 502, 504 5020.4 5020.5 503, 504 505 505 51 51 511 5122 5134 5135 5136 5137 5138, 5139 514 5148.7 5148.7 5148.7 5153 5153 5153.4 5153.4 5154 5154 5155.2 5156 518
45, 47 451, 452, 454 45204 45205 453 473 473 46 46 461 4622 4634 4635 4636 4637 4638, 4639 464, 46733 46499 46499 46499 4673 4673 46735 46735 4674 4674 46752 4676 466
D4 - gasdrukregel- en meetruimten (kasten en gebouwen), cat. B en C E0 Warmtevoorzieningsinstallaties, gasgestookt: E2 - blokverwarming - WINNING EN DITRIBUTIE VAN WATER B0 Waterdistributiebedrijven met pompvermogen: B1 - < 1 MW - BOUWNIJVERHEID 3 - aannemersbedrijven met werkplaats: b.o.< 1000 m² HANDEL/REPARATIE VAN AUTO'S, MOTORFIETSEN; - BENZINESERVICESTATIONS Handel in auto's en motorfietsen, reparatie- en servicebedrijven B Autobeklederijen Autowasserijen Handel in auto- en motorfietsonderdelen en -accessoires 0 Benzineservisestations: 3 - zonder LPG - GROOTHANDEL EN HANDELSBEMIDDELING Handelsbemiddeling (kantoren) Grth in bloemen en planten Grth in dranken Grth in tabaksprodukten Grth in suiker, chocolade en suikerwerk Grth in koffie, thee, cacao en specerijen Grth in overige voedings- en genotmiddelen Grth in overige consumentenartikelen 0 Grth in vuurwerk en munitie: 1 - consumentenvuurwerk, verpakt, opslag < 10 ton 5 - munitie 0 Grth in hout en bouwmaterialen: 2 - algemeen: b.o. <= 2000 m² 4 zand en grind: 6 - algemeen: b.o. <= 200 m² 0 Grth in ijzer- en metaalwaren en verwarmingsapparatuur: 2 - algemeen: b.o. < = 2.000 m² Grth in kunstmeststoffen Grth in overige intermediaire goederen 0 Grth in machines en apparaten:
10 0 10 0
0 0 0 0
30 10 30 30
10 10 0 10
30 10 30 30
2 1 2 2
2 P 1 G 3 P 1 P
1 1 1 1
B
30
0
30
10
30
2
3 P
1
B
0 10 0 10 10 30 10 10
0 10 0 0 10 10 10 10
10 30 30 30 30 30 30 30
0 0 0 0 0 0 10 10
10 30 30 30 30 30 30 30
1 2 2 2 2 2 2 2
1 P 2 G 2 G 2 G 2 G 2 G 2 G 2 G
1 1 1 1 1 1 1 1
10 0
0 0
30 30
10 V 30
30 30
2 2
2 G 2 G
1 1
0
10
30
10
30
2
1 G
1
0
10
30
0
30
2
1 G
1
0 30 10
0 30 10
30 30 30
0 30 R 10
30 30 30
2 2 2
1 G 1 G 2 G
1 1 2
519 52 52 52 5211/2,5246/9 5222, 5223 5224 5231, 5232 5246/9 5249 527 55 55
466, 469 47 47 47 471 4722, 4723 4724 4773, 4774 4752 4778 952 55 55
0
0
30
0
30
2
2 G
1
0 0 10 10 0 0 0 0
0 0 0 10 0 0 0 0
10 10 10 10 C 0 30 10 10
0 10 10 10 10 10 10 V 10
10 10 10 10 10 30 10 10
1 1 1 1 1 2 1 1
1 P 2 P 1 P 1 P 1 P 3 P 1 P 1 P
1 1 1 1 1 1 1 1
5511, 5512
5510
10
0
10
10
10
1
2 P
1
553 554 554 5551 5552 60 60 601 6022 603 61, 62 61, 62 61, 62 63 63 6311.2 6312 6321 6322, 6323 633 634 64
561 563 563 5629 562 49 49 491, 492 493 495 50, 51 50, 51 50, 51 52 52 52242 52109 5221 5222 791 5229 64
10 0 0 10 10
0 0 0 0 0
10 C 10 C 30 C 10 C 30 C
10 10 10 10 10
10 10 30 D 10 D 30
1 1 2 1 2
2 P 2 P 2 P 1 P 1 G/P
1 1 1 1 1
0 0
0 0
30 C 30 C
0 10
30 30 D
2 2
2 P 1 P
1 1
0
0
10
0
10
1
2 P
1
0 10 0 0 0
0 0 0 0 0
30 C 30 C 10 10 10
10 0 0 0 0
30 30 10 10 10 D
2 2 1 1 1
2 G 3 P 2 P 1 P 1 P
1 1 1 1 1
-
Tabel 1-2
-
nummer
GELUID
INDICES
STOF
AFSTANDEN IN METERS
Overige grth (bedrijfsmeubels, emballage, vakbenodigdheden e.d. - DETAILHANDEL EN REPARATIE T.B.V. PARTICULIEREN A Detailhandel voor zover n.e.g. Supermarkten, warenhuizen Detailhandel vlees, wild, gevogelte, met roken, koken, bakken Detailhandel brood en banket met bakken voor eigen winke Apotheken en drogisterijen Bouwmarkten, tuincentra, hypermarkten Detailhandel in vuurwerk tot 10 ton verpakt Reparatie t.b.v. particulieren (excl. auto's en motorfietsen) - LOGIES-, MAALTIJDEN- EN DRANKENVERSTREKKING Hotels en pensions met keuken, conferentie-oorden en congrescentra Restaurants, cafetaria's, snackbars, ijssalons met eigen ijsbereiding, viskramen e.d. 1 Café's, bars 2 Discotheken, muziekcafé's Kantines Cateringbedrijven - VERVOER OVER LAND 0 Spoorwegen: Taxibedrijven Pomp- en compressorstations van pijpleidingen - VERVOER OVER WATER / DOOR DE LUCHT A Vervoersbedrijven (uitsluitend kantoren) - DIENSTVERLENING T.B.V. HET VERVOER 0 Laad-, los- en overslagbedrijven t.b.v. binnenvaart: B Opslaggebouwen (verhuur opslagruimte) 1 Autoparkeerterreinen, parkeergarages Overige dienstverlening t.b.v. vervoer (kantoren) Reisorganisaties Expediteurs, cargadoors (kantoren) -
LUCHT
OMSCHRIJVING
SBI-2008
GEUR
SBI-1993
juni 2009
B
L
2
Bijlage 1 Richtafstandenlijsten
juni 2009
9232 9234 9234.1 9251, 9252 9253.1 926 926 926 926 926 926 926 9271 9272.1 93 93 9301.2 9301.3 9301.3 9302 9303 9303
9004 8552 85521 9101, 9102 91041 931 931 931 931 931 931 931 9200 92009 93 96 96012 96013 96013 9602 9603 9603
Theaters, schouwburgen, concertgebouwen, evenementenhallen Muziek- en balletscholen Dansscholen Bibliotheken, musea, ateliers, e.d. Kinderboerderijen 0 Zwembaden: B Bowlingcentra H Golfbanen 0 Schietinrichtingen: 11 - buitenbanen met voorzieningen: boogbanen 2 - binnenbanen: boogbanen F Sportscholen, gymnastiekzalen Casino's Amusementshallen - OVERIGE DIENSTVERLENING Chemische wasserijen en ververijen A Wasverzendinrichtingen B Wasserettes, wassalons Kappersbedrijven en schoonheidsinstituten 0 Begrafenisondernemingen: 1 - uitvaartcentra