24-03-19.04 Relevant stuk 6, Elst, Industrieweg politielocatie_Toelichting_Bijlage 3 Onderzoek externe veiligheid
Tekst van het document
Voor de planologische procedure van het plan met verantwoording van de risico’s en het onderzoek ter onderbouwing daarvan kan dit préadvies als input dienen. Overstroming Het plan ligt in de polder Betuwe/Tieler- en Culemborgerwaarden. Bij de realisatie van het plan is rekening te houden met het risico op overstromingen uit de rivier. Als gevolg van een dijkdoorbraak (Waal en/of Nederrijn) kan het gebied met het gebouwen (langdurig) onder water komen te staan. Belangrijkste aspect hieraan is de (preventieve) evacuatie. Het is van belang dat de noodorganisatie van het cellencomplex zich goed voorbereidt op dergelijke calamiteiten. In aanvulling op eerder genoemde maatregelen zijn de volgende aspecten in het ontwerpstadium mee te nemen zijn voor overstromingsscenario’s: • Het ontwerp en inrichting van de omgeving (infrastructuur, etc.). van het complex als ook het complex (indeling, bescherming, plaatsing kritische voorzieningen, etc.) die bijdragen aan de evacuatie en eventueel de bescherming van het gebouw tegen overstroming om een mogelijk gebruik te bespoedigen in de herstelfase. Denk bij de maatregelen ook in de trits van 'vasthouden, bergen, afvoeren'. • De mogelijkheid tot en organisatie van preventief evacuatie van personen.
Bij een kleinschalige incident, zoals hier extreme neerslag of brand in een gebouw ligt het in de verwachting dat voor het plangebied en haar omgeving de capaciteiten van de rampbestrijdingsorganisatie volstaan, mits aanvullende maatregelen worden getroffen: - Extreme weersomstandigheden Naast hoogwater is (kortdurend) hinder als gevolg van extreme neerslag ook een aandachtspunt. Lokaal kan binnen een uur, of in enkele uren, veel neerslag vallen dat leidt tot wateroverlast. In aanvulling op eerder genoemde maatregelen zijn de volgende aspecten in het ontwerpstadium mee te nemen zijn voor extreme weersomstandigheden: Postbus 5364 6802 EJ Arnhem www.vggm.nl
MEMO •
-
Het ontwerp en inrichting van de omgeving (infrastructuur, plantsoen, etc). van het complex als ook aan het complex (indeling, bescherming, plaatsing kritische voorzieningen, etc.) die de overlast tot een minimum beperkten. Denk bij maatregelen ook in de trits van 'vasthouden, bergen, afvoeren'. • De mogelijkheid tot en organisatie van verticale evacuatie van personen (naar hoger gelegen verdiepingen). Brand in een gebouw In de nieuwbouw is ook het scenario brand bij gebruik en bewoning een belangrijk aandachtspunt. In basis is de brandveiligheid voor de gebruiksfunctie van het gebouw geregeld in het Bouwbesluit. Alleen spelen meer factoren een rol bij brandveiligheid en een veilig gebruik. Naast de bouwtechnische kenmerken zijn maatgevende factoren o.a. de kenmerken van aanwezige mensen, de gebruikskenmerken, de fysische kenmerken van brand- en rookontwikkeling, de interventie bij brand door een bedrijfsnoodorganisatie en de brandweer (interventiekenmerken), alsmede de geografische ligging in relatie tot de brandveiligheid in het gebouw (omgevingskenmerken). In aanvulling op het Bouwbesluit (t.z.t.
Besluit bouwwerken leefomgeving) en de eerder genoemde maatregelen zijn aan de hand van een risicoanalyse en een scenarioanalyse op basis van de kenmerken voor dit risico specifieke brandbeveiligingsvoorzieningen en -maatregelen te treffen om het brandveiligheidsniveau te verbeteren. De te nemen risicogerichte maatregelen op het gebied van brandveiligheid vallen in praktijk deels samen met de al eerder genoemde maatregelen aangaande externe veiligheid, of sluiten daarbij aan. Denk daarbij bijvoorbeeld aan de uitvoering van de interne bedrijfsnoodorganisatie in combinatie met het ontruimings-/evacuatieplan.
Gezondheid In dit stadium zijn er ten aanzien van het aspect gezondheid de volgende aandachtspunten: • Trillingen: Gezien de nabijheid van het spoor kunnen geluid en trillingen van het treinverkeer een bron van hinder zijn. Zorg in de bouwfase voor geluid- en trillingsdemping en houdt hiermee rekening met locatie en bij de indeling van het gebouw. • Gezonde leefomgeving: Maak gebruik van de principes van een ‘healing environment’ dat het welzijn van de gebruiker bevordert. Denk daarbij aan ruimtes, zowel binnen als buiten, waarbij natuur, daglicht, frisse lucht en stilte zijn te ervaren.
Postbus 5364 6802 EJ Arnhem www.vggm.nl
MEMO BIJLAGE 1 Beschrijving incidentscenario’s externe veiligheid Vervoer gevaarlijke stoffen per spoor - Ongeval met brandbare gassen Uitganspunt is een incidentscenario met een ketelwagon LGP. De kans hierop is klein maar de effecten zijn groot. Bij een incident met een ketelwagon LPG kan sprake zijn van een fakkelbrand, een (koude en warme) BLEVE of een wolkbrand / gaswolkexplosie. • Bij een fakkelbrand is sprake van een groot effectgebied met hittestraling (ca. 200 m). Dit effect kan slachtoffers, schade en brand in de omgeving veroorzaken. Hittestraling in combinatie met de blootstellingsduur is bepalend voor het slachtoffer- en schadebeeld. • Bij een BLEVE is sprake van een groot effectgebied met hittestraling (ca. 500 m), overdruk en scherfwerking. Dit effect kan slachtoffers, schade en brand in de omgeving veroorzaken. Het slachtofferbeeld wordt vooral bepaald door de hittestraling. • Bij een wolkbrand is sprake van een groot effectgebied met hittestraling (ca. 90 m). Indien de brandbare wolk is ingesloten is naast hittestraling ook sprake van overdruk (gaswolkexplosie) en moet rekening worden gehouden met overdrukeffecten (ca. 180 m). Deze effecten kunnen slachtoffers, schade en brand in de omgeving veroorzaken. - Ongeval met (zeer) brandbare vloeistoffen Uitganspunt is een incidentscenario met een ketelwagon benzine.
Het vrijkomen van een brandbare vloeistof (benzine) is een meer reëel ongevalsscenario dat leidt tot een plasbrand. • Bij een plasbrand is sprake van een effectgebied met hittestraling (ca. 60 m). Dit effect kan slachtoffers, schade en brand in de omgeving veroorzaken. Hittestraling in combinatie met de blootstellingsduur is bepalend voor het slachtoffer- en schadebeeld. - Ongeval met (zeer) toxische gassen of vloeistoffen Uitganspunt is een incidentscenario met een ketelwagon ammoniak. Het vrijkomen van een (zeer) toxische stof is een meer reëel ongevalsscenario dat leidt tot een toxische wolk die zich met de windrichting mee verspreidt. • Bij een toxische wolk is sprake van een groot effectgebied met voor de mens gevaarlijke concentraties (tien tot enkele honderden meters). Opslag en gebruik van gevaarlijke stoffen bij een inrichting - Ongeval met (zeer) toxische gassen of vloeistoffen Uitganspunt is een incidentscenario met een koeleenheid met ammoniak. Het vrijkomen van een (zeer) toxische stof is een meer reëel ongevalsscenario dat leidt tot een toxische wolk die zich met de windrichting mee verspreidt. • Bij een toxische wolk is sprake van een groot effectgebied met voor de mens gevaarlijke concentraties (tien tot enkele honderden meters).
Postbus 5364 6802 EJ Arnhem www.vggm.nl