21-02-23.13 relevant stuk 1 Integraal Kwaliteitsplan Openbare Ruimte Overbetuwe
Tekst van het document
5.7.1 DORPSCENTRA EN LOKALE VOORZIENINGEN
Kenmerken De dorpscentra van Elst en Zetten hebben een (sub)regionale functie. Er is een relatief groot winkelaanbod met bijbehorende voorzieningen om langer te kunnen verblijven. Voor bezoekers zijn de centra makkelijk bereikbaar en er is voldoende parkeergelegenheid. Je kunt er met plezier winkelen, een terrasje pakken en genieten van de weekmarkt, braderieën en muziekoptredens. Het centrum van Elst is recent vernieuwd. De openbare ruimte ligt op één niveau. Er is eenrichtingsverkeer voor auto’s. Aan beide zijden van de weg liggen brede voetgangersstroken, geschikt voor mensen met een handicap. De onderscheidende beplanting, bankjes, verlichting en bedriegertjes dragen bij aan een aantrekkelijk centrum. Het centrum van Zetten is qua uitstraling gedateerd. Op het Julianaplein langs de Hoofdstraat is weliswaar goede parkeergelegenheid, maar de verharding en groenvoorziening sluiten niet aan bij de centrumfunctie. Lokale voorzieningen Op lokaal niveau zijn in Herveld-Andelst, Driel, Oosterhout, Heteren en Valburg dagelijkse boodschappen mogelijk in of nabij het dorpscentrum waar ook andere voorzieningen aanwezig zijn (denk aan het dorpshuis). Er is een beperkt voorzieningenaanbod in Hemmen, Randwijk, Slijk-Ewijk en Homoet.
Gebruik De centra zijn echte verblijfsgebieden. Bezoekers moeten er langere tijd kunnen winkelen en genieten van de voorzieningen. Er is hierom voldoende parkeergelegenheid voor auto en fiets. Lokale voorzieningen zijn aangename accenten met korte verblijfsduur (shop-and-go). Participatie In het centrum van Elst vertegenwoordigt Stichting Centrummanagement (CME) alle ondernemers en vastgoedeigenaren uit het centrum. CME zet zich in om (de openbare ruimte van) het centrum te versterken: onder andere met sfeerverlichting, geluidinstallatie, hanging baskets, diverse activiteiten en evenementen, plaatsen van peuk- en kauwgumafvalbakken. CME zit samen met de brandweer, politie en gemeente in het Keurmerk Veilig Ondernemen centrum Elst. Gezamenlijk zijn diverse acties ingezet om het centrum schoon en veilig te houden (onder andere weghalen graffiti).
BIO+ Biodiversiteit is hier beperkt te realiseren via extra investeringen in bloembakken met insectvriendelijke beplanting, hanging baskets, toevoegen van water(elementen) en bomen en struiken met gevarieerde bloeiperiode en vruchten. Bewoners en bedrijven kunnen bovendien gestimuleerd worden om nestkasten in gevels, groene daken en gevelbeplanting aan te brengen. Beheer Een aantrekkelijke uitstraling is belangrijk voor de centra, omdat er veel mensen komen en de centra een representatieve uitstraling moeten hebben. Dat begint met een hoog onderhoudsniveau (CROW-niveau A) waarin het groen er netjes en verzorgd bij ligt, verharding niet scheef ligt en zwerfafval snel wordt opgeruimd.
In het centrum van Zetten is de Winkeliersvereniging Zetten (WIZET) actief. WIZET onderneemt diverse activiteiten om (de openbare ruimte van) het centrum te versterken: onder andere met sfeerverlichting en diverse evenementen. De gemeente stimuleert ondernemers om bij te dragen aan een aantrekkelijke en aangename openbare ruimte.
29
AMBITIES Gewenste inrichtingselementen
• • • •
(Groene) parkeervakken
ambitie
Identiteit
De openbare ruimte heeft een unieke identiteit en eigen uitstraling en springt er uit ten opzichte van zijn omgeving. Er is aandacht voor een originele vormgeving en het gebruik van bijzondere duurzame elementen. Aantrekkelijk en bijzonder groen draagt bij aan de onderscheidende identiteit. De aantrekkelijkheid vergroten door combinaties te maken met bijvoorbeeld beleving, horeca en recreatie.
Gezond en inclusief
De openbare ruimte wordt intensief gebruikt door diverse doelgroepen en functioneert als ontmoetingsplek. De centra moeten voor iedere doelgroep toegankelijk zijn. We zetten extra in op blindegeleidepaden en rolstoeltoegankelijkheid.
Klimaatadaptatie
We zien de waarde van bomen en die benutten we door te kiezen voor de juiste klimaatbestendige boom op de juiste plek om hittestress en fijnstof tegen te gaan. Waar mogelijk vervangen we in de centrumgebieden verharding door groen of voegen we groen toe door bijvoorbeeld het plaatsen van plantenbakken of hanging baskets. Waterberging en buffering van water is zichtbaar te maken in de openbare ruimte en te combineren met groen.
Biodiversiteit
We zoeken naar manieren om met de beperkte ruimte te werken aan biodiversiteit, bijvoorbeeld door rekening te houden met de juiste plant- en boomkeuze.
Duurzaam en circulair
We werken zoveel mogelijk met gerecyclede en duurzaam geproduceerde materialen. Hierbij wordt altijd een afweging gemaakt tussen duurzaamheid, kosten en functionaliteit
Veilig
De openbare ruimte verkeert in goede staat. Er zijn incidenteel kleine en lichte schades. Voetgangers moeten veilig en onbezorgd kunnen wandelen. Bij de inrichting wordt rekening gehouden met mensen met een handicap.
Luxe en onderscheidende verharding Brede voetpaden Groen met een hoge belevingswaarde
• • • • • •
thema
Grote bomen Kraanwatertappunten Aangename zitgelegenheden Voorzieningen voor afval Voldoende verlichting Voorzieningen voor mensen met een handicap
accent
Samenvatting kwaliteitsbijstelling: Lokale voorzieningen zijn geen onderdeel meer van de wijk maar worden beschouwd als centrumgebied. Het gehele gebied zal op hoog niveau worden onderhouden en niet meer alleen het onderdeel reiniging zoals in het oude kwaliteitsplan. Er wordt nadrukkelijk ingezet op versterken van de eigen identiteit van de dorpskern. 30
INSPIRATIE
Duurzaam en circulair: duurzaamheid zichtbaar in openbare ruimte
Identiteit: kunstwerken geven eigen identiteit
Klimaatadaptatie: Verkoeling met hoge en grote bomen
Identiteit: aantrekkelijk groen verhoogt de beleving
Aangename beleving, speelprikkels voor kinderen met water en een ontmoetingsplek
Identiteit: aantrekkelijkheid en beleving met groen en modern straatmeubilair
Duurzaam en circulair: duurzaamheid zichtbaar in openbare ruimte
Gezond en inclusief/duurzaam en circulair: Ontmoetings- en verblijfsplek met duurzame materialen 31
5.7.2 WOONWIJKEN
32
Kenmerken Na de Tweede Wereldoorlog zijn in de elf kernen van Overbetuwe planmatig woonwijken gebouwd. De woonwijken hebben elk een eigen stedenbouwkundige opzet, samenhang, bebouwingstypologie en maat en schaal. Over het algemeen hebben de woonwijken een vergelijkbare functionele inrichting. Het onderhoud is in het algemeen goed en de wijken hebben een nette uitstraling. De openbare ruimte bestaat uit functionele gebieden. Deze functies bestaan met name uit parkeren, spelen, hond uit laten en groen. Het groene karakter van de woonwijken wordt mede bepaald door de aanwezigheid van privégroen. Gebruik Het gebruik is veelal gescheiden per functie. Een rijbaan voor gemotoriseerd verkeer en fietsers, een trottoir voor voetgangers en verder (kijk)groen, speelplekken en hondenveldjes.
Participatie Herinrichtingen van wijken vinden plaats in overleg met bewoners en dorpsraden. Ook zijn er veel initiatieven vanuit Overbetuwe Doet (het platform voor inwonersinitiatieven in Overbetuwe) waarbij inwoners voorstellen doen voor herinrichting en gebruik van de openbare ruimte. Mensen hebben bij hun directe woonomgeving een grote betrokkenheid en specifiek eigen wensen. Op particulier terrein stimuleren we het gebruik van regentonnen, het inruilen van tegels voor groen en het ophangen van nestkastjes.
Beheer Het beheer is gericht op wonen, verblijven en ontspannen. Daarbij is het van belang dat de basis op orde is. Dat komt overeen met CROW-niveau B. Voor parken in de woonwijken zie functiegebied “groot groengebieden”.
BIO+ Watergangen en wadi’ s bevatten oeverbeplanting. Jaarlijks blijft minimaal1/3 van de vegetatie behouden door pleksgewijs niet te maaien. • Grotere grasvelden (>500m2), exclusief de trapvelden, worden beheerd als bloemrijke vegetatie. • Langs inheemse beplanting met bomen (bosplantsoen) ontwikkelen we een kruidachtig grasland (zoomvegetatie). Op locatie blijft snoeihout achter voor nest- en schuilgelegenheid voor onder andere egels, vogels en insecten. • Blad blijft liggen in beplantingsvakken om de bodem af te dekken, bodemleven te verbeteren en voedingsstoffen terug te geven. Dat gebeurt niet bij smalle vakken, vaste planten en eenjarige beplanting. • Extra biodiversiteit is hier onder andere te realiseren via investeringen zoals nestkasten ophangen voor onder andere natuurlijke bestrijding eikenprocessierups, bloembollenstroken aanbrengen, stroken inzaaien met wilde bloemenmengsels.
•
33
AMBITIES Gewenste inrichtingselementen
• • • • • • • • • •
Parkeerplaatsen
thema
ambitie
Identiteit
We streven na dat inwoners trots zijn op hun eigen straat en buurt. Woonwijken hebben een eigen identiteit door onder andere hun bouwperiode. De openbare ruimte moet voldoen aan de wijkfuncties. De inrichting kent veelal een standaardprofilering en weinig bijzondere elementen.
Gezond en inclusief
Waar mogelijk draagt de openbare ruimte bij aan een gezonde leefomgeving en bewustwording hiervan. De woongebieden bieden veilige en aantrekkelijke speelruimte en –aanleidingen en faciliteren levensloopbestendig wonen door bankjes en ontmoetingsplekken. De inrichting stimuleert mensen om naar buiten te gaan.
Klimaatadaptatie
We realiseren inrichtingsmaatregelen tegen wateroverlast, verdroging en hittestress op de plekken waar dit nodig is. Hierbij zoeken we nadrukkelijk naar multifunctionele oplossingen.
Biodiversiteit
We verbeteren de biodiversiteit (en de aantrekkelijkheid) van de woonwijken via bloemrijke stroken van kruiden of bollen, nestgelegenheid voor vogels, extensief beheerd gras en oeverbeplanting. We zetten in op het verbeteren van de ecologische verbindingen van de woonwijken met het buitengebied.
Duurzaam en circulair
We werken zoveel mogelijk met gerecyclede en duurzaam geproduceerde materialen. Hierbij wordt altijd een afweging gemaakt tussen duurzaamheid, kosten en functionaliteit.
Veilig
De openbare ruimte draagt bij aan (gevoel van) veiligheid. Wegen en speeltoestellen zijn heel en veilig te gebruiken.
Woonstraten, -erven Kijkgroen Gebruiksgroen Ontmoetingselementen Trottoirs (vaak betontegels) Rijbanen van diverse materialen Formele speelplekken Natuurlijke speelaanleidingen Begeleidend groen (verkeer)
accent
Samenvatting kwaliteitsbijstelling: Geen onderscheid meer in onderhoudskwaliteit tussen beheergroepen. Alle beheergroepen in de woonwijken worden uniform op basisniveau (CROW-niveau B) onderhouden. Er wordt ingezet op biodiversiteit binnen het beheer. Zo verbeteren we de biodiversiteit, een gezondere leefomgeving en bewustwording van een gezonde leefomgeving. Door het uniforme basisniveau zijn openbare groen, wegen en speeltoestellen heel en veilig te gebruiken. We zetten in op het realiseren van de ambities ten aanzien van klimaatadaptatie en een gezondere leefomgeving bij investeringen en vervangingen en werken daarbij met duurzame materialen. Per wijk, buurt of straat streven we naar een samenhangende gebiedseigen inrichting. 34
INSPIRATIE
Gezondheid en klimaatadaptatie: wadi gecombineerd met spelen
Identiteit: inrichting geeft de wijk een eigen identiteit.
Klimaatadaptatie: groene parkeervakken
Biodiversiteit: extensief beheerd gras draagt bij aan de biodiversiteit
Gezondheid en biodiversiteit: wandelpaden met bloemrijke bermen en oeverbeplanting nodigen uit tot beweging
Klimaatadaptatie en biodiversiteit: wadi met natuurontwikkeling in woonwijk
Gezondheid, biodiversiteit en klimaatadaptatie: Speeltoestellen van duurzame materialen in een wadi
Klimaatadaptatie, biodiversiteit: waterberging gecombineerd met groene zone en oeverbeplanting 35
5.7.3 GROOT GROENGEBIEDEN
36
Kenmerken De groot groengebieden onderscheiden zich van wijkgroen vanwege hun omvang, verblijfsof recreatiefunctie of bijzondere inrichting. In Overbetuwe zijn dit vooral de parken, begraafplaatsen en bovenwijkse speelterreinen. In Overbetuwe liggen drie openbare begraafplaatsen in Elst, Heteren en Herveld. In de kernen liggen verschillende parken en bovenwijkse speelterreinen. Deze hebben ieder een eigen identiteit en inrichting. Dat betekent dat ieder park en speelterrein is ingericht op een specifiek gebruik. Ze delen de waarde door hun functie als publiekstrekkers. Parken en speelterreinen stimuleren om te bewegen, te spelen, elkaar te ontmoeten en te genieten van het groen. Het samenspel van bomen, struiken, paden en water bepalen de inrichting en beleving van de groot groengebieden. Groen zorgt voor een grote natuurwaarde. Dieren vinden er stilte, beschutting en nestgelegenheid. Gebruik Groot groengebieden zijn plekken waar mensen komen voor recreatie of ontspanning (zoals sporten, wandelen, picknicken, zitten). Begraafplaatsen hebben een gebruik dat gericht is op herdenken en bezinning.
Participatie De groot groengebieden maken onderdeel uit van de hoofdgroenstructuur en zijn van collectief belang voor grote delen van een dorp (of zelfs delen van de gemeente). Dit vraagt om een stabiele inrichting en beheer. Participatie kan plaatsvinden als de basisinrichting in stand blijft. Tevens geven we voorlichting over de inrichting en het gebruik van de parken. BIO+ • Watergangen en wadi’s bevatten oeverbeplanting. Jaarlijks blijft minimaal1/3 van de vegetatie behouden door pleksgewijs niet te maaien. • Grotere grasvelden (>500m2) worden beheerd als bloemrijke vegetatie. • Langs inheemse beplanting met bomen (bosplantsoen) ontwikkelen we een zoomvegetatie. • Op locatie blijft snoeihout achter voor nest- en schuilgelegenheid voor onder andere egels, vogels en insecten. Pleksgewijs laten we ruigte ontstaan voor rust en overwinteringsplaats van insecten. • Blad blijft liggen in beplantingsvakken om de bodem af te dekken. Dat gebeurt niet bij smalle vakken, vaste planten en eenjarige beplanting • Extra biodiversiteit is hier onder andere te realiseren via investeringen zoals nestkasten ophangen voor onder andere natuurlijke bestrijding eikenprocessierups, bloembollenstroken aanbrengen, stroken inzaaien met wilde bloemenmengsels, aanplant bloemrijke oeverbeplanting.
Beheer De basis moet op orde zijn om de veiligheid en aantrekkelijkheid te garanderen. Het groen wordt op sommigen plekken intensief beheerd (bijvoorbeeld gazons waar mensen picknicken). We onderhouden groot groengebieden op CROW-niveau B. De parken zijn schoon, sociaal veilig en zien er goed onderhouden uit. We voorkomen zwerfafval.
37
AMBITIES Gewenste inrichtingselementen
•
Solitaire bomen en
thema
ambitie
Identiteit
Ieder groot groengebied heeft een eigen identiteit en karakter die door de inrichting worden versterkt. Sommige natuurlijk ingericht en andere cultuurlijk. Het toelaten van (nieuwe) gebruiksmogelijkheden gebeurt met behoud van de identiteit.
Gezond en inclusief
De toegankelijkheid van parken en begraafplaatsen moet goed zijn. Er zijn voldoende bankjes en begaanbare paden. Gezond gedrag in parken wordt gestimuleerd door beweegrondjes, speelprikkels en sporttoestellen.
Klimaatadaptatie
Groengebieden bieden voldoende bescherming tegen hittestress en wateroverlast. Door het slim opvangen en afvoeren van water voorkomen we verdroging van het groen. Hierbij zoeken we nadrukkelijk naar multifunctionele oplossingen.
Biodiversiteit
De biodiversiteit en de aantrekkelijkheid van groot groengebieden worden versterkt door maatwerk van grote bomen, bloemrijke stroken van kruiden en bollen, vogelkasten en insectenhotels, diervriendelijke verlichting en kruidenrijke grasvegetatie. Waar mogelijk creëren we bewust ruigte.
Duurzaam en circulair
We werken zoveel mogelijk met gerecyclede en duurzaam geproduceerde materialen. Hierbij wordt altijd een afweging gemaakt tussen duurzaamheid, kosten en functionaliteit.
Veilig
Bewoners voelen zich veilig in de groot groengebieden en de paden zijn goed onderhouden en toegankelijk. Entrees zijn gastvrij en overzichtelijk.
boomgroepen
• • • • • • • • • •
Sierheesters en/of bosplantsoen Vaste planten Sierverharding of halfverharding Water of wadi Formele speelplekken Natuurlijke speelaanleidingen Ontmoetingselementen. Vogelkasten en insectenhotels Diervriendelijke verlichting Bijzondere facilitaire voorzieningen voor begraafplaatsen
•
Bijenlinten en bollen
accent
Groot groengebieden zijn als functiegebied benoemd en gecombineerd met de openbare begraafplaatsen. Het functiegebied is toegevoegd vanwege omvang, verblijfs- of recreatiefunctie of bijzondere inrichting van het groengebied. Er wordt ingezet op het versterken van de functie(s) van de groot groengebieden, hun eigen identiteit, toegankelijkheid, veiligheid en biodiversiteit. Zo leent het ene gebied zich meer voor sport of recreatie en een ander gebied zich meer voor natuurontwikkeling. Bijzondere gebieden zijn de begraafplaatsen waar vooral wordt ingezet op faciliteren van voorzieningen voor onderhoud en verzorging van de graven. Alle beheergroepen in de groot groengebieden worden uniform op basisniveau (CROW-niveau B) onderhouden. 38
INSPIRATIE
Duurzaam en circulair: duurzaamheid zichtbaar in openbare ruimte
Biodiversiteit: insectenhotels
Gezond, biodiversiteit: Bloemrijke stroken of vlakken verhogen biodiversiteit en beleving
Biodiversiteit en duurzaam: verschillende soorten en vormen van grote bomen, bieden schaduw, beleving en zijn drachtplant
Gezondheid en duurzaamheid: voldoende (duurzame) bankjes om te rusten en te ontmoeten
Identiteit: Elk park heeft zijn eigen identiteit en uitstraling
Veilig, gezond en biodiversiteit: begaanbare en overzichtelijke paden dragen bij aan stimuleren beweging
Biodiversiteit en gezondheid: stukken met ruigte. Groengebied en inrichtingselementen kunnen gebruikt worden voor sport en spel. 39
5.7.4 BEDRIJVENTERREINEN
40
Kenmerken In de gemeente Overbetuwe liggen aantrekkelijke bedrijventerreinen, goed bereikbaar en direct gelegen aan of nabij de snelwegen A15, A50 en A325. De bedrijventerreinen kennen een diversiteit aan bedrijvigheid en zijn voornamelijk gericht op het mkb (midden- en kleinbedrijf). De diversiteit uit zich in de verschillende karakteristieken van de terreinen, onder andere qua grootte, uitstraling en leeftijd. Als hotspot aan de logistieke corridor van de A15 en de Betuweroute ligt bij afslag 38 het grootschalige bedrijventerrein Park15. De bedrijventerreinen hebben een functionele inrichting met voornamelijk brede asfaltwegen, begeleid door groenstroken bestaande uit gras, heesters en bomen. Parkeren vindt op alle bedrijventerreinen in principe plaats op eigen terrein. Bedrijventerrein Park 15 kent een eigen parkmanagement, waarin de aangesloten bedrijven gezamenlijk het onderhoud van de openbare ruimte regelen.
Gebruik De bedrijventerreinen kennen een diversiteit in gebruik. Op bedrijventerreinen staat ondernemen centraal. Dagelijks bezoeken werknemers, werkgevers en bezoekers de bedrijventerreinen van de gemeente per fiets, per auto of met het openbaar vervoer. Vrachtwagens leveren goederen af, klanten brengen een bezoek en medewerkers wandelen en verblijven in de openbare ruimte tijdens de pauzes. Participatie Gemeente en ondernemers werken samen aan de uitstraling van het bedrijventerrein. De gemeente is hierbij verantwoordelijk voor de openbare ruimte en de ondernemers voor de bedrijfspercelen. De bedrijven zijn als volgt georganiseerd: • In Overbetuwe is de Stichting Parkmanagement Overbetuwe (SPO) actief. Op een aantal bedrijventerreinen zijn vastgoedeigenaren lid via de beheerstichting. Op andere bedrijventerreinen zijn ondernemers vrijwillig lid. SPO zet zich in voor projecten op het gebied van duurzaamheid, zwerfafval, Keurmerk Veilig Ondernemen en mobiliteit op de bedrijventerreinen. • Op De Schalm (Andelst), De Merm (Elst) en Poort van Midden-Gelderland Zuid (Heteren) zijn vastgoedeigenaren verplicht georganiseerd in een beheerstichting. Deze stichtingen zorgen voor collectieve beveiliging (onder andere surveillance, camerabeveiliging, afsluiting van
•
•
• •
het bedrijventerrein in de nacht) en parkmanagement. Op Park15 is een vereniging van eigenaren. Deze vereniging is verantwoordelijk voor het onderhoud van de openbare ruimte. Alle bedrijven op Park15 zijn lid van de vereniging van eigenaren. Op bedrijventerreinen De Aam (Elst) en Poort van Midden-Gelderland Noord (Heteren) zijn stichtingen voor camerabeveiliging. Ondernemers op deze bedrijventerreinen zijn vrijwillig lid. Het draagvlak is beperkt. Op Andelst-Oost, Sint Walburg en stationsgebied Andelst-Zetten is geen collectief ondernemersnetwerk. Er is een Keurmerk Veilig Ondernemen bedrijventerreinen voor Andelst-Oost, De Schalm, De Aam, De Merm, Poort van Midden Gelderland Noord & Zuid. Een afvaardiging van Park15 sluit aan bij het overleg (4x per jaar).
Participatiekansen zitten vooral in co-creatie en het stimuleren van ondernemers om maatregelen te treffen op het gebied van klimaatadaptatie, duurzaamheid en veiligheid. De openbare ruimte en de bedrijfspercelen bezien we in samenhang.
BIO+ • Watergangen en wadi’s bevatten oeverbeplanting. Jaarlijks blijft minimaal1/3 van de vegetatie behouden door pleksgewijs niet te maaien. • Grasstroken grenzend aan randen van het bedrijventerrein en grotere vrijliggende grasvelden (>500m2) worden beheerd als bloemrijke vegetatie. • Randen langs wegen en zichthoeken van kruisingen worden regulier onderhouden voor de overzichtelijkheid en verzorgde uitstraling van de weg. • Extra biodiversiteit is hier onder andere te realiseren via investeringen zoals nestkasten ophangen, bloembollenstroken aanbrengen, stroken inzaaien met wilde bloemenmengsels, aanplant bloemrijke oeverbeplanting, gradiënt in bodemhoogte en taluds. Co-creatie met bedrijven door toevoegen van nestkasten in gevels, groene daken en gevelbeplanting. Beheer Gezien de werkfunctie, is het niet wenselijk dit op het allerhoogste niveau te onderhouden en kiezen we voor CROW-niveau B. Om de kwalitatieve uitstraling van het bedrijventerrein te garanderen worden de bedrijventerreinen schoon, heel en veilig gehouden. Zwerfvuil dient voorkomen te worden. Grasstroken voor de bedrijven worden op wens van de ondernemers beheerd als gazon om het bedrijventerrein een verzorgde uitstraling te geven. Bedrijventerrein Park 15 valt niet onder het IKP. Dit bedrijventerrein heeft een eigen parkmanagement.ment.
41
AMBITIES
Gewenste inrichtingselementen
• • • •
Functioneel
Grote gazonvlakken of bloemrijk Wandelpaden en banken
Bedrijventerreinen zijn bij de entrees herkenbaar door een bijzondere inrichting. Dat kunnen materialen en/of groenelementen zijn. We houden de uitstraling van de (on)bebouwde ruimte optimaal. Zowel qua groen en reclameuitingen, als qua inrichting voor verkeer en beperkt (vrachtwagen)parkeren. Brede groenstroken geven de bedrijventerreinen een groene uitstraling.
Gezond en inclusief
Op specifieke plekken geven we de mogelijkheid tot aanleg van wandelpaden. Deze kunnen bijvoorbeeld aangelegd worden in bestaande groenstroken.
Klimaatadaptatie
In de openbare ruimte en op de bedrijfspercelen brengen we het verhard oppervlak terug. We vergroten het aantal bomen op de bedrijventerreinen in de openbare ruimte en stimuleren deze ontwikkeling op de bedrijfspercelen.
Biodiversiteit
We verbeteren de biodiversiteit (en de aantrekkelijkheid) van het bedrijventerrein door kruidenrijke bermen en natuurvriendelijke oevers aan de buitenranden toe te voegen en door het planten van bomen.
Duurzaam en circulair
We passen duurzame materialen toe bij de bewegwijzering en volgen de algemene uitgangspunten van de gemeente bij aanleg en herinrichting.
Veilig
Wegen en bermen voldoen aan de basis onderhoudskwaliteit. Er is vrij zicht en voldoende verlichting.
Duidelijke bewegwijzering Brede asfaltweg geschikt voor Parkeren beperkt in openbare ruimte (in parkeervakken)
• •
Identiteit
Goed verlicht
transport
•
ambitie
Overzichtelijk
gras
• • •
thema
Wegbegeleiding door bomen Herkenbare entrees via bijzondere groenelementen
accent
Samenvatting kwaliteitsbijstelling: Er is geen onderscheid meer in onderhoudskwaliteit tussen beheergroepen. Alle beheergroepen op de bedrijventerreinen worden uniform op basisniveau (CROW-niveau B) onderhouden. We gaan meer aandacht besteden aan het verder ontwikkelen van herkenbare en bijzondere entrees (identiteit), het aanleggen van wandelpaden, kruidenrijke bermen en natuurvriendelijke oevers aan de buitenranden. 42
INSPIRATIE
Duurzaam en circulair: duurzame materialen voor de bewegwijzering
Biodiversiteit: wandelpaden in bestaande groenstroken nodigen uit om een ommetje te maken
Biodiversiteit: natuurvriendelijke oevers langs de buitenranden
Identiteit: brede groenstroken geven de bedrijventerreinen een groene uitstraling
Klimaatadaptatie: bomen, water en groen zorgen voor verkoeling en wateropslag
Identiteit: bedrijventerreinen zijn bij de entrees herkenbaar door een bijzondere inrichting 43
5.7.5 BUITENGEBIED
44
Kenmerken Het buitengebied kenmerkt zich door de ligging in het rivierenlandschap. De verschillende landschapstypen, oeverwallen, komgronden en uitwaarden maken het landschap bijzonder. Het is een plek waar we wonen, werken en recreëren. De gemeentelijke openbare ruimte is er beperkt en bestaat uit landbouwwegen, fiets- en wandelpaden, bosjes, bermen en watergangen. In de relatief smalle bermen staan landschapselementen zoals laanbomen, fruitbomen, hagen, struweel en knotwilgen Park Lingezegen Het algemeen bestuur Park Lingezegen is verantwoordelijk voor het beheer van het park. Voor de onderdelen binnen de basisuitrusting geldt het beheerplan Park Lingezegen 2020. In park Lingezegen vallen de wegen en bermen (met uizondering van De Park en de Breedlersestraat) binnen het IKP OR.
Gebruik Het grootste deel van het buitengebied is in agrarisch gebruik. In het gebied liggen drie landgoederen, recreatieplassen en park Lingezegen waar je kunt recreëren. Er is een recreatief fietsnetwerk (knooppuntensysteem) en er zijn meer dan 15 wandelroutes. Naast agrarisch gebruik heeft natuur een belangrijke en karakteristieke functie in het buitengebied. Recreatief gebruik van wegen en agrarisch verkeer gaan niet altijd goed samen
Beheer Voor het merendeel van het buitengebied kiezen we voor een basisniveau (CROW-niveau B). In gebieden met een lage intensiteit gaan we het groen en de wegen op een lager niveau onderhouden (CROWniveau C).
Participatie Om de landschappelijke kwaliteit te behouden en te versterken dient de gemeente de openbare ruimte goed te onderhouden (voorbeeldfunctie) en de samenwerking te zoeken met andere actoren in het buitengebied (bewoners, agrariërs, landschapsvrijwilligers, waterschap en natuurorganisaties). Er zijn al meer dan 250 vrijwilligers actief. We zijn trots op deze actieve groepen en stimuleren hen. BIO+ • 50% van het areaal bermen wordt door ander beheer omgevormd tot kruidenrijke bermen door middel van verschraling. • Watergangen bevatten oeverbeplanting. Jaarlijks blijft minimaal1/3 van de vegetatie behouden door pleksgewijs niet te maaien. • Extra biodiversiteit is hier onder andere te realiseren door vrijwillig landschapsbeheer zoals erfbeplanting, poelen, weidevogelbeheer en bloemrijke akkerranden.
45
AMBITIES
Gewenste inrichtingselementen
• • •
Recreatieve voorzieningen Wandelpaden van halfverharding Bospercelen vanuit gedachtegoed Tiny Forest
• • •
ambitie
Identiteit
We erkennen de waarde van de verschillende landschappen. Het streven is om de historische elementen en structuren als samenhangend systeem herkenbaar te houden en te versterken.
Gezond en inclusief
Fietsverbindingen tussen de kernen moeten nog worden verbeterd. Rondom de overgangen met de woongebieden willen we meer wandelroutes aanleggen om een groter wandelnetwerk tot stand te brengen.
Klimaatadaptatie
We leggen in samenwerking met het waterschap natuurvriendelijke oevers aan om de waterberging te vergroten.
Biodiversiteit
We verbeteren de biodiversiteit en de aantrekkelijkheid van het landschap met kruidenrijke bermen en natuurvriendelijke oevers. Aanleg van bospercelen met educatieve waarden (Tiny Forest)
Duurzaam en circulair
Recreatieve elementen als picknicktafels maken we van lokaal hout. Bewegwijzering maken we van duurzame materialen.
Veilig
Wegen en bermen voldoen aan een minimale onderhoudskwaliteit. Recreatieve routes zijn goed onderhouden en voldoende veilig.
Natuurvriendelijke oevers
of gras
•
thema
Kruidenrijke bermen Landschapselementen Smalle asfaltwegen met bermverharding
accent
Samenvatting kwaliteitsbijstelling: We kiezen er voor het beheer aan te laten sluiten bij de natuurlijke omgeving. Recreatief meubilair en wegen worden op basisniveau (CROWniveau B) onderhouden. Bij wegen wordt een uitzondering gemaakt in onderhoudskwaliteit voor wegen die zeer beperkt gebruikt worden door te kiezen voor niveau C. Overige beheerelementen worden beperkt onderhouden (CROW-niveau C) of natuurlijk (BIO+). We blijven samenwerken met grondeigenaren en vrijwilligers in het buitengebied om landschaps- en natuurwaarde te behouden en te versterken. 46
INSPIRATIE
Veilig: goed onderhouden recreatieve fietspaden zorgen voor een aangename beleving
Biodiversiteit en participatie: bloemrijke akkerranden trekken insecten aan
Biodiversiteit: aanleg poel verhoogt biodiversiteit
Biodiversiteit en klimaatadaptatie: natuurvriendelijke oevers
Duurzaam en circulair: banken met lokaal hout
Gezond en inclusief: ommetjes aan de rand van de woonwijken stimuleren het wandelen
Biodiversiteit en gezondheid: bospercelen met educatieve waarden nodigen uit om er te verblijven en te leren
Identiteit: historische elementen en structuren geven karakter
47
5.7.6 HOOFDSTRUCTUUR
48
Kenmerken De hoofdstructuur omvat de historische linten en ontsluitingsstructuren in de kernen van Overbetuwe. De hoofdstructuur is overzichtelijk en vormt een belangrijke verbinding met het buitengebied. Het zijn de hoofdentrees tot de kernen en ze zijn essentieel voor het beleven van de ruimtelijke dorpse structuur. Kruidenrijk gras, gras met bloembollen en kleurrijke rotondes verhogen de onderscheidenheid en aantrekkelijkheid.
Gebruik Het gebruik van de hoofdstructuur is functioneel en recreatief. De hoofdstructuur wordt gebruikt om van plek A naar plek B te komen en wordt daarom dagelijks intensief gebruikt. Ook recreanten maken gebruik van de hoofdstructuur. Gebruikers van de hoofdstructuur zijn divers (fietsers, voetgangers, motorrijders en automobilisten).
Participatie Ondernemers kunnen rotondes adopteren mits ze deze hoogwaardig inrichten en onderhouden. Omdat de fysieke ruimte van groenstroken en bermen beperkt is, is hier weinig ruimte voor participatie. Participatie in de vorm van overleg over verkeersveiligheid, doorstroming en oversteekplaatsen bij (her)inrichting speelt een belangrijke rol bij de hoofdstructuur.
BIO+ • Watergangen bevatten oeverbeplanting. Jaarlijks blijft minimaal 1/3 van de vegetatie behouden door pleksgewijs niet te maaien. • Grasstroken aansluitend aan oevers worden op een natuurlijke manier beheerd. • In smalle bermen staan bloembollen om aantrekkelijkheid en biodiversiteit te bevorderen. • Extra biodiversiteit is onder andere hier te realiseren via investeringen zoals nestkasten ophangen, aanplant bloemrijke oeverbeplanting, aanplant 1ste grootte bomen voor structuurversterking en als drachtboom voor insecten.
Beheer Het onderhoud van wegen moet goed zijn om de veiligheid te garanderen. Het groen kan op plekken waar het de verkeersveiligheid niet in gevaar brengt extensief onderhouden worden. Daarom onderhouden we wegen op CROW-niveau A en het groen wordt onderhouden op CROW-niveau B. Onderhoud is functioneel en gericht op veiligheid.
49
AMBITIES
Gewenste inrichtingselementen
• • • • •
Kruidenrijke bermen
ambitie
Identiteit
De entrees dragen sterk bij aan de identiteit door middel van bijvoorbeeld aantrekkelijke rotondes, kruidenrijke bermen en historische toegangslanen. De inrichting benadrukt de onderscheidende identiteit. Extra aandacht wordt gegeven aan een groene en dorpse inrichting van de bebouwingslinten.
Gezond en inclusief
De fietsverbindingen worden verbeterd waar dit mogelijk is.
Klimaatadaptatie
De routes op de hoofdstructuur blijven ook na harde regenbuien begaanbaar. Bomen zorgen voor schaduw en verminderen de hittestress.
Biodiversiteit
We verbeteren de biodiversiteit via bloemrijke en kruidenrijke bermen.
Duurzaam en circulair
We werken zoveel mogelijk met gerecyclede en duurzaam geproduceerde materialen. Hierbij wordt altijd een afweging gemaakt tussen duurzaamheid, kosten en functionaliteit.
Veilig
De wegen zijn veilig en worden op hoog niveau onderhouden. Er is voldoende verlichting langs de wegen.
Ruimte voor de fietser Aantrekkelijke rotondes Asfaltwegen Waar mogelijk klinkers om identiteit te versterken
•
thema
Oeverbeplanting
accent
Samenvatting kwaliteitsbijstelling: Vanwege het intensieve gebruik van doorgaande wegen is het onderhoudsniveau van wegen verhoogd naar intensief (CROW-niveau A). Het overige onderhoud blijft op basisniveau met uitzondering van oevers en grasstroken langs watergangen. Hier wordt nadrukkelijk gekozen voor het verhogen van de biodiversiteit. Bomen van de 1ste grootte maken de hoofdstructuur herkenbaar. De inrichting van entrees en rotondes krijgt accentbeplanting. Extra aandacht wordt gegeven aan een groene en dorpse inrichting van de bebouwingslinten. 50
INSPIRATIE
Identiteit en veilig: ecologische bermen en wegen zijn goed onderhouden
Identiteit: historische laanstructuren geven het gebied karakter
Duurzaam en biodiversiteit: verkeersborden van bamboe met insectenhotels
Identiteit: rotondes vormen accenten
Biodiversiteit: bermen langs wegen worden ecologisch beheerd
Identiteit en biodiversiteit: begeleiding van doorgaande wegen, aantrekkelijkheid en drachtplanten voor insecten 51
5.7.7 OV-KNOOPPUNTEN
52
Kenmerken De stations Elst en Zetten-Andelst vormen belangrijke schakels in de reis van mensen naar werk en voorzieningen. Dit vereist een goede inrichting op en rondom OV-knooppunten. De locaties hebben daarom voldoende parkeergelegenheid en fietsenstallingen. Rondom OV-knooppunt Elst bevinden zich belangrijke voorzieningen zoals De Droom (flexibele werklocatie) en het nieuwe Rijnstate. Het zijn punten waar veel mensen kortere tijd verblijven om daarna hun reis voort te zetten. Ze zijn daarom representatief en sociaal veilig ingericht. In 2016 is gestart om de stationsomgeving in Elst te vernieuwen. De locatie heeft een hoogwaardige uitstraling met bomen in verharding en in het groen. Er zijn zitelementen en er is een ondergrondse fietsen wandelverbinding. Station Andelst-Zetten heeft een oud karakteristiek stationsgebouw. De inrichting van de openbare ruimte is gedateerd. In 2021 wordt gestart met de verbetering van de openbare ruimte rondom het station. Gebruik De beide stationsomgevingen vormen een overstap naar andere vormen van vervoer (meerdere mobiliteiten). Het zijn intensief gebruikte locaties waar mensen kortdurend verblijven. Centraal staan een gastvrije ontvangst, goede parkeervoorzieningen voor auto en fiets, horeca en retail die voorzien in de behoefte van de reiziger. Kortom, de huiskamer voor aangenaam wachten of verblijven.
De stations hebben een belangrijke functie voor de eigen kern en de daaromheen liggende dorpen.
Participatie Afstemming met ProRail, OV-bedrijven en andere stakeholders over beheer en faciliteiten op en bij het station. Er is regelmatig overleg met OV-bedrijven en organisaties van bijbehorende voorzieningen. Partijen gebruiken ervaringen van reizigers om de openbare ruimte waar nodig te verbeteren.
BIO+ Bij OV-knooppunten is er beperkte mogelijkheid om extra biodiversiteit te realiseren in beheer. Biodiversiteit is hier onder andere te realiseren via extra investeringen zoals bloembakken met insectvriendelijke beplanting, hanging baskets, toevoegen van water(elementen) en bomen en struiken met gevarieerde bloeiperiode en vruchten. Co-creatie met bedrijven door toevoegen van nestkasten in gevels, groene daken en gevelbeplanting.
Beheer Een aangename uitstraling is belangrijk voor de OVknooppunten, omdat er veel mensen komen. Het is de eerste indruk voor bezoekers en moet daarom een schone representatieve uitstraling hebben. Dat begint met een hoog onderhoudsniveau (CROW-niveau A) waarin het groen er netjes en verzorgd bij ligt, tegels niet scheef liggen en zwerfafval snel wordt opgeruimd.
53
AMBITIES Gewenste inrichtingselementen
•
Parkeerplaatsen/parkeergarage
thema
ambitie
Identiteit
OV-knooppunten zijn belangrijke entrees van de kernen, daarom wordt extra aandacht besteed aan een gebiedseigen karakteristieke inrichting. De openbare ruimte heeft een unieke identiteit en eigen aangename uitstraling en springt eruit ten opzichte van zijn omgeving. Er is aandacht voor een originele vormgeving en het gebruik van bijzondere duurzame elementen. Aantrekkelijk groen draagt bij aan de onderscheidende identiteit.
Gezond en inclusief
De openbare ruimte wordt intensief gebruikt door diverse doelgroepen. De OV-knooppunten moeten voor iedere doelgroep toegankelijk zijn en er moeten voldoende fietsenstallingen zijn om met de fiets naar het station te komen.
Klimaatadaptatie
We zien de waarde van bomen en die benutten we door te kiezen voor de juiste klimaatbestendige boom op de juiste plek om hittestress en fijnstof tegen te gaan.
Biodiversiteit
We zoeken naar manieren om te werken aan biodiversiteit, bijvoorbeeld door rekening te houden met de juiste plant- en boomkeuze en te kiezen voor vaste planten.
Duurzaam en circulair
We werken zoveel mogelijk met duurzaam geproduceerde materialen en maken duurzaamheid zichtbaar in de openbare ruimte.
Veilig
De openbare ruimte verkeert in goede staat. De stations zijn sociaal veilig en goed bereikbaar. Bij de inrichting wordt rekening gehouden met mensen met een handicap. Dode hoeken en onoverzichtelijke plekken worden voorkomen.
(P+R)
• • • • • • • • •
Laadpalen Fietsenstallingen Bijzondere lichtarmaturen Voldoende zitgelegenheid Bomen Rookvrije zones Kraanwatertappunten Cameratoezicht Duidelijke routering en bewegwijzering
• •
Drempelloze inrichting of lift Luxe verharding
accent
Samenvatting kwaliteitsbijstelling: OV-knooppunten zijn vanwege hun specifieke functie als apart functiegebied benoemd en geen onderdeel van een woonwijk. Zo kunnen de OV-knooppunten op hoog niveau worden onderhouden. Op de OV-knooppunten moeten bezoekers snel hun weg kunnen vinden. We zetten dan ook in op het ontwikkelen van een unieke identiteit en aantrekkelijkheid, een goede toegankelijkheid voor fietsgebruikers en diverse doelgroepen, en een goede (sociale) veiligheid. We blijven samenwerken met ProRail, OV-bedrijven en andere stakeholders over klimaatadaptie, veiligheid, schoon en heel op en bij het station. 54
INSPIRATIE
Identiteit en veilig: overzichtelijk, toegankelijk met een aantrekkelijk stationsplein met verblijfswaarde
Klimaatadaptatie en biodiversiteit: groene overkapping zorgt voor schaduw tijdens warme dagen en aantrekkelijke uitstraling
Identiteit: aantrekkelijke uitstraling met bizondere elementen
Inclusief: toegankelijke openbare ruimte, ook voor mensen met een handicap
Klimaatadaptatie, identiteit en biodiversiteit: Verkoeling en aantrekkelijk groen
Veilig en inclusief: sociaal veilig, overzichtelijk en toegankelijk
55
56
6. SCENARIO’S EN FINANCIËN In de voorgaande hoofdstukken beschreven we het belang van de openbare ruimte, welke ambities we hebben en welke onderhoudswensen dit met zich meebrengt. In dit hoofdstuk gaan we in op de financiële middelen die daarvoor benodigd zijn. Dit doen we vanuit drie thema’s:
• • •
Onderhoud Vervanging/rehabilitatie Ambities
Deze drie factoren bepalen het budget dat nodig is om de openbare ruimte te beheren en toekomstbestendig in te richten. Voor elk van deze thema’s zijn scenario’s gemaakt. In dit hoofdstuk wordt eerst een beschrijving gegeven van de drie thema’s gevolgd door verschillende keuzemogelijkheden. 6.1. Onderhoud We sturen aan op kwaliteit en financiën door beeldkwaliteitsniveaus te benoemen voor het onderhoud en door wel of geen extra biodiversiteitsmaatregelen te treffen. Zie paragraa 5.4 voor extra toelichting. Hoe hoger het kwaliteitsniveau, hoe hoger de onderhoudskosten. De beeldkwaliteitskeuzes worden gemaakt per functiegebied. Per gebied is een ander kwaliteitsniveau te kiezen. In het vorige beleidsplan “Kwaliteitsplan beheer openbare ruimte” uit 2010 werden ook binnen functiegebieden op onderdelen van beheertypen keuzes gemaakt (zie bijlage 8.5). Dit doen we in dit plan niet meer, vanwege de integrale uitvoering van beheeractiviteiten. We streven naar eenheid per gebied in beeldkwaliteit. In de scenario’s zijn daarom keuzes gemaakt voor kwaliteitsniveaus per functiegebied met eventueel aanvullende maatregelen op het gebied van biodiversiteit.
Onderhoudsvormen Binnen de gemeente Overbetuwe worden drie vormen van onderhoud onderscheiden (zie tabel 1). Aan de hand van onderstaande tabel worden de onderhoudsvormen toegelicht. type onderhoud
definitie
voorbeelden
Onderhoud met een repeterend en verzorgend karakter. De constructie van het object blijft ongewijzigd
Straatvegen, maaien gras, leegzuigen van kolken, verven van bankjes, herstellen losliggende tegels.
Kleinschalig onderhoud ingegeven vanuit de (technische) veiligheid voor de omgeving. De constructie of opbouw van het object blijft nagenoeg ongewijzigd.
Het herstraten van een stukje stoep of rijbaan, het vervangen van een plank van een bankje, herstellen Exploitatie en vervangen van losliggende/kapotte tegels, herstellen van een kolk.
Groot onderhoud
Grootschalig onderhoud met als doel het herstellen van de beoogde (beeld) kwaliteit/voldoen aan de norm.
Het herstraten van wegen, herplanten van plantsoenen, herstellen van beschoeiingen, baggeren van watergangen, overlagen van asfaltwegen.
Vervangen/ rehabilitatie
Het volledig vervangen van een bestaande constructie of object door een nieuwe constructie of object.
Vervangen van een damwand, bruggen. rehabilitatie van wegen.
Klein onderhoud
kostendekking
Exploitatie meerjarenplan
Tabel 1: Onderhoudsvormen
Binnen het IKP OR betreft dat onderhoud van alle zichtbare onderdelen die voorkomen in de openbare ruimte die duurzaam in stand gehouden moeten worden.
57
6.2. Vervanging/rehabilitatie De openbare ruimte heeft geen oneindige levensduur; noch technisch, noch maatschappelijk bezien. Het kan zijn dat de openbare ruimte simpelweg te oud, versleten, kapot of onveilig is. Maar ook veranderende maatschappelijke wensen en groei van de dorpen als geheel leiden tot een vraag om ingrijpen en nieuwe functies en gebruiksmogelijkheden mogelijk te maken. Uitstel kost geld In de huidige begrotingssystematiek worden de kosten voor vervangingen/ rehabilitaties veelal via het Programma Nieuwe Lasten (PNL) verwerkt. Er wordt daarbij onvoldoende verschil gemaakt tussen vervangingen/ rehabilitaties versus investeringen als gevolg van een nieuwe beleidskeuze. Het risico is dat vervangingen soms niet kunnen worden uitgevoerd op het moment dat dit nodig is. Het risico van uitstel van vervanging is dat er vaker dagelijks onderhoud (bijvoorbeeld reparaties oneffenheden) en groot onderhoud (bijvoorbeeld aanbrengen nieuwe deklagen) moet plaatsvinden. Er moet namelijk meer onderhoud worden uitgevoerd om visueel een zelfde beeld te behouden. In figuur 10 is in kaart gebracht wat de standaard levenscyclus is van de openbare ruimte. Wanneer onderhoudsmomenten te laat of niet worden uitgevoerd, zakt de kwaliteit sneller en vaker door het minimale kwaliteitsniveau.
Daardoor nemen de onderhoudskosten toe en neemt de kans op risicoaansprakelijkheid bij ongelukken toe. Theoretisch planbaar Aangezien vervangingen/rehabilitaties theoretisch planbaar en voorzienbaar zijn op basis van de technische levensduur en noodzakelijk zijn voor instandhouding, is het wenselijk daarvoor structureel geld te reserveren via een (bestemmings)reserve. Goed rentmeesterschap over een duurzame openbare ruimte vereist namelijk een stabiel vervangingsbudget. Een budget gekoppeld aan een meerjarenprogramma en niet als incidenteel geld via de PNL. Een soortgelijke systematiek wordt ook al toegepast voor het groot onderhoud van gebouwen (via het DMJOP) en riolering (via het GRP).
58
Figuur 10: Schematische weergave onderhoudscyclus
6.3. Ambities In de Omgevingsvisie Overbetuwe 2040 worden tal van maatschappelijke opgaven benoemd waarbij de oplossing voor een groot deel in de bestaande openbare ruimte moet worden gezocht. Zo is er de ambitie circulariteit te stimuleren, klimaatadaptief te handelen door onder andere kwalitatief groen (biodivers) toe te voegen, met inrichting bij te dragen aan gezond gedrag en bij te dragen aan een betere leefkwaliteit. In de beschrijving van de functiegebieden zijn zes ambities benoemd. Er is nog geen budget voor deze ambitieopgaven in de bestaande openbare ruimte. In het IKP OR wordt daarom ingegaan op de bekostiging van ambities die betrekking hebben op beheer en vervanging zodat hier structureel aan gewerkt kan worden. Voor nieuwe projecten zoals woningbouw of nieuwe inrichting openbare ruimte geldt dat deze ambities als randvoorwaarden voor de planvorming moeten worden meegenomen.
In tabel 2 is te zien dat in het begrotingsjaar 2020, € 6,22 miljoen beschikbaar is. Dit is echter niet het bedrag dat voor de concrete uitvoering van het beheer en onderhoud van de openbare ruimte beschikbaar is. Binnen de begroting zijn ook begrotingskosten opgenomen voor kapitaallasten (kosten voor rente en afschrijving van reeds uitgevoerde grote investeringen), opbrengsten (bijvoorbeeld rioolheffingen en bijdragen derden), overige kosten en subsidies. Deze kosten worden de ‘Niet-uitvoeringskosten’ genoemd en hebben niet direct te maken met de concrete uitvoering van beheer en onderhoud. Hiermee zijn deze kosten slechts beperkt beïnvloedbaar met betrekking tot de keuzes die worden gemaakt in het IKP OR. Verder staan er ook begrotingsposten die geen link hebben met het beheer en onderhoud van de openbare ruimte. Deze worden in de tabel 2 aangeduid als ‘Overige domeinen’. Figuur 11: voorbeeld om ambities gezondheid, klimaatadaptatie en biodiversiteit te realiseren
6.4. Huidige budget Er is op dit moment € 5,65 miljoen per jaar beschikbaar voor beheer en onderhoud van de openbare ruimte, een deel daarvan zijn incidentele budgetten waardoor er structureel € 5,44 miljoen beschikbaar is. Deze middelen zijn opgenomen op verschillende taakvelden in de begroting (onder andere Verkeer en Vervoer, Openbaar Groen en Recreatie, Riolering, Afval, Milieubeheer en Begraafplaatsen). Om te kunnen bepalen welke middelen van de taakvelden uit de begroting worden besteed aan de uitvoering van het beheer en onderhoud is een kwadrantenanalyse uitgevoerd (zie tabel 2). Uitvoeringskosten
VAT-kosten*
Eindtotaal
€ 1.072.714
Niet uitvoeringskosten € 1.224.267
Domein openbare ruimte (incl. incidentele budgetten)
€ 5.653.041
Overige domeinen
€ 5.598.412
€ 524.811
€ -7.854.494
€ -1.731.271
Eindtotaal
€ 11.251.453
€ 1.597.525
€ -6.640.227
€ 6.218.760
€ 7.950.031
* VAT- kosten: kosten voor voorbereiding, administratie en toezicht Tabel 2: Samenvatting exploitatiebegroting uitvoeringskosten en niet uitvoeringskosten 2020
Uitvoeringskosten De kwadrantenanalyse verdeelt de begroting naar enerzijds het ‘domein openbare ruimte’ en anderzijds ‘beïnvloedbare uitvoeringskosten’. Dit laat zien dat er per saldo € 5,65 miljoen beschikbaar voor de uitvoering van onderhoud in de openbare ruimte. Deze € 5,65 miljoen is direct beïnvloedbaar en wordt uitgegeven aan eigen uren, materialen en aan goederen diensten derden. Eenmalige bijdragen In de € 5,65 miljoen zijn echter ook nog eenmalige budgetten opgenomen voor het bestrijden van invasieve exoten (€ 140.000), een proef met knuffelbijen (€ 20.000 ) en een bijdrage aan speeltuinen en speelweiden (€ 57.000). Deze incidentele bedragen zitten niet in de berekeningen en worden daarom niet meegenomen in de vergelijking. Deze eenmalige budgetten lopen de komende jaren af volgens tabel 3. Een aantal van deze eenmalige bijdragen zijn echter structurele kosten. Het bestrijden van invasieve exoten is bijvoorbeeld een structurele activiteit die nu wordt gefinancierd via eenmalige bijdragen, maar het is noodzakelijk hier structureel geld voor te rekenen. De eenmalige bijdragen voor speeltuinen en speelweiden zijn daarentegen kosten die vooral in het participatieproces 59
worden gemaakt en zouden niet als eenmalige bijdragen moeten worden meegenomen, maar worden aangemerkt als VAT-kosten. Exclusief deze eenmalige bijdragen blijft er een budget over van € 5,44 miljoen. Uitvoeringskosten Eenmalige bijdragen 2020 (excl. VAT) Eenmalige bijdragen 2021 (excl. VAT) Eenmalige bijdragen 2022 (excl. VAT) Eenmalige bijdragen 2023 (excl. VAT)
€ 217.500 € 105.000 € 75.000 € 15.000
Tabel 3: Eenmalige bijdrage in begroting 2020 t/m 2023
VAT-kosten In de begroting zit een bedrag van € 1,07 miljoen VAT-kosten. Dit zijn kosten waarmee sturing op de uitvoering van beheer en onderhoud mogelijk wordt gemaakt. Het gaat bijvoorbeeld om voorbereiding, zoals het maken van plannen en bestekken, afsluiten van contracten, communicatie en het toezicht houden op de uitvoering van de werken, coördinatie en aansturing van de afhandeling van meldingen. Verder zijn ook de inspecties, onderzoek, metingen, databeheer en bestuurlijke voorstellen onderdeel van de VAT-kosten. De VAT-kosten bedragen voor de openbare ruimte in de gemeente Overbetuwe 16% van de totale begroting. Dit komt overeen met gemeenten van vergelijkbare omvang waar de bandbreedte vaak ligt tussen de 1520%. Wanneer het werk dat wordt uitgevoerd toeneemt, stijgen de VATkosten over het algemeen procentueel mee. Het bestede bedrag aan VAT zal toenemen naarmate er een onderhoudsscenario wordt gekozen met hoge onderhoudskwaliteit. Ook wanneer we meer projecten gaan doen met participatie met inwoners, zullen de VAT-kosten stijgen. Het advies is om de VAT-kosten, ongeacht het gekozen scenario, vast te zetten op minimaal 16%.
60
Verschil benodigd budget en beschikbaar budget 6.5. In tabel 4 is op basis van normatieve kostenkengetallen berekend wat de kosten zijn van het Overbetuwse areaal als deze op basis van de huidige kwaliteitsambities wordt onderhouden. De kostenkengetallen voor de normatieve berekeningen zijn gebaseerd op landelijke ervaringen en afgestemd op de lokale omstandigheden van de gemeente Overbetuwe (zoals onder meer de grondsoort en grootte van de gemeente). Indexatie en areaaluitbreiding Uit deze normatieve berekening blijkt dat de structurele beheerkosten om de ‘huidige kwaliteit’ te realiseren ruim € 5,68 miljoen bedragen. Het verschil van € 245.000 is grotendeels terug te leiden op het uitblijven van de jaarlijkse indexatie en het niet ramen van de structurele onderhoudskosten voor areaaluitbreiding. In de Kaderbrief 2021 (20uit10202) is een bedrag tussen € 200.000 en € 450.000 genoemd om dit tekort op te lossen. Areaaluitbreiding 2020 Het areaal openbare ruimte blijft ook de komende jaren toenemen. Zo wordt er ook in 2020 nieuw areaal in beheer genomen. Er wordt 68.961 vierkante meter verharding en 22.546 vierkante meter groen in beheer genomen. Dit zijn bijvoorbeeld gebieden als de Hoge Wei, Westeraam, Vosbergen, Spoortunnel Rijksweg-Noord en de inrichting rondom de uitbreiding van het gemeentehuis. Dit zorgt in 2020 voor een extra benodigd onderhoudsbudget van ruim € 72.000.
Dit zorgt voor een verschil van ongeveer € 318.000 . Tekort op wegen Het tekort op de begroting wordt vooral veroorzaakt door wegen (zie tabel 4). Voor het onderhoud van de wegen is meer geld nodig om dit goed uit te voeren. Gemiddeld is er voor het onderhoud van de wegen € 0,61 per m2 nodig. Hierbij is uitgegaan van de kostenkengetallen van vergelijkbare gemeenten op kleigrond. Er is dus meer onderhoudsgeld nodig om het onderhoud van de wegen op een goede manier te blijven uitvoeren.
Benodigde onderhoudskosten
Beschikbare middelen (excl. VAT)
Verschil
%
Groen (incl. groenmeubilair)
€ 2.081.659
€ 2.080.735
€ - 942
0%
Spelen
€ 138.352
€ 154.033
€ 15.681
10%
Verkeersmeubilair en VRI
€ 98.581
€ 98.530
€ -51
0%
Wegen
€ 2.240.385
€ 1.956.026
€ - 284.359
-15%
Openbare verlichting
€ 317.000
€ 310.191
€ - 6.809
-2%
Straatreiniging
€ 621.285
€ 647.763
€ 26.478
4%
Water
€183.691
€188.363
€ 4.572
2%
Eindtotaal (excl. areaaluitbreiding 2020)
€ 5.680.952
€ 5.435.541
€ -245.411
-5%
Areaaluitbreiding 2020
€ 72.628
€-
€ - 72.628
-
Eindtotaal (incl. areaaluitbreiding 2020)*
€ 5.753.580
€ 5.435.541
€ - 318.039
-6%
Tabel 4: Vergelijking benodigd en beschikbaar budget huidige kwaliteitsambities 2021
BELANGRIJKSTE CONCLUSIES EN AANBEVELINGEN MET BETREKKING TOT BUDGET In het kort de belangrijkste conclusies voor de keuze met betrekking tot het benodigde budget:
•
De keuze voor het onderhoudsscenario (zie 6.6.1) bepaalt de kwaliteit in de openbare ruimte en welke kosten ermee zijn gemoeid.
•
Wanneer wordt gekozen voor een hogere onderhoudsambitie stijgen ook de gemaakte VAT-kosten mee conform het huidige percentage.
•
Er staan incidentele bedragen in de begroting zoals het bestrijden van invasieve exoten die eigenlijk structureel zouden moeten zijn, advies is om deze bedragen structureel op te nemen in de begroting.
•
Er is op dit moment structureel te weinig geld beschikbaar voor het onderhoud van wegen door het uitblijven van indexaties en meenemen van areaaluitbreidingen.
* In bijlage 8.8 is een specificatie van de kosten per functiegebied en per scenario opgenomen
6.6. Thema’s kwaliteit openbare ruimte Voor de verschillende thema´s zijn scenario´s uitgewerkt op het gebied van onderhoud, vervanging en ambities. Deze leest u hieronder. 6.6.1. Keuze 1 onderhoudskwaliteit Op welk niveau willen we de openbare ruimte onderhouden? Op basis van kengetallen (gemiddelde onderhoudskosten gekoppeld aan gemiddelde resultaten uit andere gemeenten) en arealen in beheer van de gemeente zijn er uitspraken te doen over het benodigde budget voor het onderhoud en vervanging van de openbare ruimte. Hiervoor zijn alle beheertypen en arealen gekoppeld aan kostenkengetallen. De onderhoudskwaliteit is in het IKP OR vertaald naar vier scenario’s: •
Huidige kwaliteit BOR 2010: Omvat het onderhoudsniveau zoals beschreven in het Kwaliteitsplan openbare ruimte 2010. Daarbij is per functiegebied verder gedetailleerd naar onderdelen, zie bijlage 8.5. De onderhoudskwaliteit is hoofdzakelijk niveau B en voor fietspaden, hondenpoep en graffiti niveau A.
61
Daarnaast is voor zwerfvuil en onkruid bij de functiegebieden dorpscentra en woonwijken het kwaliteitsniveau A. Voor bomen is de kwaliteit verhoogd bij dorpscentra, hoofdstructuur en groot groengebieden naar niveau A. •
Basis op orde: Dit is een optimalisatie om de huidige onderhoudskwaliteit te verbeteren. Dit scenario sluit aan bij de uitwerking van de functiegebieden uit hoofdstuk 5. Basis voor de onderhoudskwaliteit is de voorkeur vanuit het participatietraject. Deze onderhoudskwaliteit sluit het best aan bij het gebruik en de inrichting van de functiegebieden. Dorpscentra en OV-knooppunten krijgen een kwaliteitsimpuls. De kwaliteit binnen een functiegebied is zoveel mogelijk uniform waardoor het kwaliteitsbeeld verhoogt en biodiversiteit krijgt een stevige impuls.
•
Sober onderhoud: Dit is een versobering van de huidige onderhoudskwaliteit zonder dat er sprake is van versnelde afschrijving of kapitaalvernietiging. Het onderhoud gaat naar het niveau B en bij groot groengebieden en buitengebied waar mogelijk (zonder kapitaalvernietiging) naar niveau C. Dit heeft een negatieve invloed op de gebruikskwaliteit en beleving. Dit scenario sluit niet aan bij de wensen van bewoners en ondernemers.
•
Beter onderhoud: In dit scenario komt er een extra kwaliteitsimpuls op basis op orde. Dorpscentra, OV-knooppunten, groot groengebieden, bedrijventerreinen krijgen een hoog onderhoudsniveau. Biodiversiteit is uitgebreid naar bedrijventerreinen.
Daarbij zijn beheermaatregelen die een bijdrage leveren aan biodiversiteit opgenomen als kwaliteit BIO+. De kwaliteitsaanduidingen A, B of C komen uit de landelijk kwaliteitscatalogus openbare ruimte van de CROW. Per scenario is berekend wat de kosten zijn voor het onderhoud door het areaal te koppelen aan bijbehorende kengetallen.
62
Onderhoudskwaliteit Het verminderen van onderhoudsmaatregelen is slechts beperkt mogelijk. Het uiterste scenario is scenario sober. Een lagere kwaliteit is ongewenst vanwege versnelde afschrijving en daarmee versnelde vervanging. Landelijke experimenten hebben aangetoond dat het onverstandig is om te beheren op C-niveau of D-niveau. Veel inwoners klagen over de verslechterde uitstraling en deze lagere kwaliteit leidt tot structurele schade aan de openbare ruimte. Deze schade is dan enkel te herstellen via vervanging/rehabilitatie. In de scenario’s hebben we soms gekozen voor een combinatie van C en B-niveau. Dit is alleen gedaan in de functiegebieden buitengebied en groot groengebieden, omdat een C-niveau hier aansluit bij de natuurlijkere situatie. De beheertypen, voornamelijk gras en bosplantsoen, passen op C-niveau ook nog bij het karakter van het gebied.
Dorpscentra en lokale voorzieningen Woonwijken Groot groengebieden Bedrijventerreinen Buitengebied Hoofdstructuur OV-knooppunten Financieel Areaaluitbreiding 2020 Financieel (incl. areaaluitbreiding 2020) *
Scenario “huidige kwaliteit BOR 2010 hoofdzakelijk B hoofdzakelijk B hoofdzakelijk B hoofdzakelijk B hoofdzakelijk B
Scenario “basis op orde” Scenario “sober onderhoud” A B B/BIO+ B B/BIO+ B/C B B hoofdzakelijk B hoofdzakelijk B 15% van wegen en groen 15% van wegen en groen onderhoud C/BIO+ onderhoud C/BIO+ hoofdzakelijk B B BIO+ wegen A A B € 5,69 mln. € 5,25 mln. € 0,07 mln. € 0,07 mln. € 5,76 mln € 5,32 mln
hoofdzakelijk B € 5,68 mln. € 0,07 mln. € 5,75 mln
Scenario “beter onderhoud” A B/BIO+ A/BIO+ A/BIO+ B /BIO+ A/BIO+ A € 6,04 mln. € 0,07 mln. € 6,11 mln
Tabel 5: Onderhoudskwaliteit
* Bedragen op prijspeil 2020, exclusief VAT-kosten en eenmalige bijdragen. Het huidige toegekende budget voor het jaar 2020 exclusief VAT-kosten en eenmalige bijdragen is 5,44 mln. In bijlage 8.8 is een nadere specificatie van de kosten per functiegebied en per scenario opgenomen.
vanuit de PNL is toegekend aan vervangingsprojecten in de openbare ruimte bedraagt € 2,1 miljoen. Dit bedrag schommelt en in 2020 werd er bijvoorbeeld zelfs € 3,8 miljoen toegekend aan vervangingsprojecten in de openbare ruimte. In bijlage 8.8 wordt dieper ingegaan op de vervangingsuitgaven in de afgelopen jaren en de vervangingsopgave.
6.6.2. Keuze 2: Vervanging/rehabilitatie Op basis van het huidige areaal is theoretisch berekend wat er gemiddeld per jaar nodig is om de openbare ruimte te vervangen. Dit bedrag is € 4,9 miljoen. Dit bedrag is naar beneden gecorrigeerd voor meekoppelkansen en externe financieringen vanuit subsidies en fondsen. Wanneer bijvoorbeeld de riolering wordt vervangen, is het financieel aantrekkelijker om direct ook de weg te vervangen. Dit gebeurt in de praktijk ook vaak. Een deel van de kosten voor het vervangen van de weg kunnen worden gedeeld met riolering, voor het vervangen van de riolering, moet de weg immers toch al vaak worden opengebroken. Gemiddeld drukt dit de vervangingskosten met 30%. Het berekende bedrag, na meekoppelcorrectie, is € 3,4 miljoen. Dit bedrag is jaarlijks nodig om vervangingen uit te kunnen voeren en geen kapitaalvernietiging op te laten treden. Het bedrag dat de afgelopen jaren
Vervangingsgolf Het verschil in vervangingsuitgaven de afgelopen vier jaar (€ 2,1 miljoen) en het berekende bedrag (€ 3,4 miljoen) is grotendeels te verklaren door de vervangingsgolf. Alle objecten in de openbare ruimte hebben een verwachte levensduur op het moment van aanleg. In de vervangingsopgave van de openbare ruimte zitten dan ook pieken en dalen, omdat de gemeente in bepaalde jaren/decennia harder groeide dan andere. Figuur 9 is een voorbeeldillustratie van de pieken en dalen die optreden bij vervanging van de openbare ruimte. Door structureel geld te reserveren via een (bestemmings)reserve worden deze pieken financieel opgevangen en sparen we voor vervangingsgolven. 63
Scenario’s
Benodigde vervangingsinvesteringen
Huidige situatie Sober onderhoud Basis op orde Beter onderhoud
€ 3,40 miljoen € 3,27 miljoen € 3,41 miljoen € 3,53 miljoen
Tabel 6: Benodigde vervangingsinvesteringen per scenario
Figuur 9: Pieken en dalen bij vervanging openbare ruimte (voorbeeld)
Activeren Vervangingen in de openbare ruimte moeten worden geactiveerd. Dit betekent dat vervangingen over een bepaalde periode worden afgeschreven en er per jaar een bedrag in de begroting wordt opgenomen. Een investering van € 3,4 miljoen komt dus niet direct volledig op de begroting te staan. Vervangingsinvesteringen per scenario Per scenario fluctueren de benodigde vervangingsinvesteringen. Wanneer er een hoger onderhoud wordt nagestreefd, dan moet de openbare ruimte sneller worden vervangen, omdat deze eerder door de vastgestelde minimale kwaliteitseis zakt. Het bedrag dat er per jaar dus wordt gerekend voor het vervangen van de openbare ruimte stijgt in ieder scenario iets. Het advies is om de VAT-kosten, ongeacht de keuze voor het scenario, ook voor vervangingsinvesteringen te behouden op 16%.