CConstaterende datOudewater
Koppel je AI →
Document · PDF

Raadsvoorstel 'Vaststellen bestemmingsplan Tappersheul III - bedrijventerrein en sportvoorzieningen' - Bijlage 4 (Toelichting - bijlage 20).pdf

Gemeenteraad 16 december 2021, gemeente OudewaterBij agendapunt: 8: Bestemmingsplan Tappersheul III - bedrijventerrein en sportvoorzieningen10.048 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 2

36

Vooronderzoek CE

BB17-100-01

1

2

Figuur 16. De locaties waar verschillende verstoringen als gevolg van oorlogshandelingen zijn waargenomen. Bron luchtfoto: World Imagery.

1

Figuur 17. De rode pijlen geven enkele grote kraters naast het spoor weer. De gele pijl duidt een witte vlek op het spoor aan. Het zou hier kunnen gaan om krater die volgegooid is met zand om het spoor te herstellen.

37

BB17-100-01

Vooronderzoek CE

2

Figuur 18. Deze afbeelding toont de krater die op ongeveer een kilometer ten zuidoosten van het spoor zichtbaar is. Bron satellietbeeld: World Imagery. Luchtfoto 24 december 1944, luchtfotonummer 4108.

38

BB17-100-01

Vooronderzoek CE

5. Landschapsanalyse Algemeen Ten behoeve van het in kaart brengen van verstoringen in het landschap, als gevolg van oorlogshandelingen, voert BeoBOM standaard een landschapsanalyse uit met behulp van historisch kaartmateriaal, satellietbeelden, luchtfotomateriaal uit de periode 1940-1945, BGT-gegevens (Basisregistratie Grootschalige Topografie) en LIDAR. LIDAR staat voor Light Detection and Ranging of Laser Imaging Detection And Ranging, en houdt in dat hoogteverschillen in het landschap in kaart worden gebracht middels laserpulsen. Door hoogteverschillen te analyseren, kunnen verstoringen zoals bomkraters of verdedigingswerken in sommige gevallen worden opgespoord. Hierbij valt bijvoorbeeld te denken aan hoogteverschillen in het landschap, die niet zichtbaar zijn op luchtfoto’s door bebossing of andere vegetatie. Ook hoogteverschillen welke niet met het menselijk oog zichtbaar zijn, zijn wel zichtbaar als LIDAR wordt ingezet. Naast het in kaart brengen van mogelijke verstoringen als gevolg van oorlogshandelingen, wordt LIDAR hier eveneens toegepast om de naoorlogse bodemroering in kaart te brengen. Naoorlogs opgehoogde gebieden onderscheiden zich duidelijk, wanneer LIDAR wordt toegepast. In de volgende paragraaf worden de resultaten van deze analyse besproken.

Naoorlogse bodemroerende werkzaamheden Om na te gaan in hoeverre rond het projectgebied (ingrijpende) bodemroerende werkzaamheden hebben plaatsgevonden welke mogelijk van invloed zijn op de mate van verdachtheid, zijn de luchtfoto’s uit de Tweede Wereldoorlog, historisch kaartmateriaal en een modern satellietbeeld met elkaar vergeleken. Daarnaast is gebruik gemaakt van BGT-gegevens. Het analyseren van naoorlogse bodemroering is niet alleen relevant wanneer het gaat om het in kaart brengen van naoorlogs geroerde bodemlagen waarin mogelijk zonder aanvullend onderzoek kan worden gewerkt, ook zegt naoorlogse bodemroering iets over hoe verdacht een gebied precies is. Bijvoorbeeld: een bron stelt dat plaats X is beschoten door artillerie, echter kan niet exact worden aangetoond welk gebied nu is getroffen. Als de omgeving van plaats X in 1945 uit weiland bestond en in 2017 uit volledig volgebouwde woonwijken waarbij voor zover bekend tijdens de werkzaamheden nimmer CE zijn aangetroffen, dan valt mogelijk te concluderen dat dit gebied niet is getroffen door artilleriebeschietingen. In die zin kan het in kaart brengen van naoorlogse bodemroering dus als contra-indicatie dienen en is ook het onderzoeken van de omgeving van het spoor (waar niet gewerkt zal worden) van relevantie voor het onderzoek.

Onderstaande afbeeldingen tonen de situatie rond het projectgebied in de oorlogsjaren vergeleken met de huidige situatie, gevolgd door de BGT-gegevens.

39

BB17-100-01

Vooronderzoek CE

Figuur 19. De situatie van het projectgebied ten tijde van de oorlog. Luchtfoto’s 11 september 1944 en 24 december 1945, luchtfotonummers 3124 en 4108.

Figuur 20. De huidige situatie van het projectgebied. Bron satellietbeeld: World Imagery.

40

BB17-100-01

Vooronderzoek CE

Figuur 21. Deze afbeelding toont de wijzigingen in het landschap sinds de Tweede Wereldoorlog. Oranje ingekleurde bebouwing is vooroorlogs, blauw ingekleurde bebouwing is van na 1945. Bron satellietbeeld: World Imagery.

Resultaat vergelijking Uit bovenstaande vergelijkingen is gebleken dat in de periode 1945 tot het heden de stad Oudewater fors is uitgebreid. Deze uitbreiding heeft met name plaatsgevonden in noordelijke richting in de vorm van woonwijken en een bedrijventerrein. Het bedrijventerrein grenst direct aan het projectgebied. Voorts is er enige nieuwe bebouwing verrezen langs de Papekopperstraatweg en de Linschoterzandweg. Binnen de contouren van het projectgebied is het landschap nauwelijks gewijzigd. De ligging van enkele sloten is tegenwoordig nog exact hetzelfde als ten tijde van de oorlog. Enkel zichtbaar is dat er tegenwoordig wat meer begroeiing in het projectgebied aanwezig is dan tijdens de oorlog. Hoogteverschillen Binnen het projectgebied hebben sinds de oorlog nauwelijks bodemroerende werkzaamheden plaatsgevonden. Het projectgebied is niet bebouwd en bestaat uit weilanden. Het gebied loont zich dan ook uitstekend voor analyse middels LIDAR. Uit deze analyse zijn echter geen verstoringen als gevolg van oorlogshandelingen in het landschap binnen- en in de directe nabijheid van het projectgebied gebleken.

41

BB17-100-01

Vooronderzoek CE

Figuur 22. Binnen het projectgebied (hier in rood weergegeven) zijn geen verstoringen aangetroffen die duiden op oorlogshandelingen. Bron afbeelding: PDOK.

42

BB17-100-01

Vooronderzoek CE

6. Beoordeling en evaluatie bronnenmateriaal Algemeen Uit het geheel van geraadpleegde bronnen zijn enige beperkte indicaties voor de mogelijke aanwezigheid van CE binnen het projectgebied naar voren gekomen. Hieronder is een overzicht opgenomen van de verschillende indicaties, contra-indicaties, leemten in de kennis en conclusies voor de aanwezigheid van CE binnen het projectgebied. Indicaties Op basis van het literatuur- en archiefmateriaal zijn de volgende aanwijzingen voor de aanwezigheid van CE in de omgeving van het projectgebied aangetroffen: Op 13 mei 1940 is Oudewater gebombardeerd; In de nacht van 9 op 10 april 1943 is een Wellington-bommenwerper naast de oude binnenstad van Oudewater in de weilanden neergestort; Tijdens de bevrijding ontstonden schermutselingen tussen de Binnenlandse Strijdkrachten en nog aanwezige Duitse militairen; Na de oorlog werd in de Grote Gracht een grote hoeveelheid Duitse munitie aangetroffen; In de omgeving van het projectgebied zijn sinds 1945 enige malen CE geruimd door de opruimingsdiensten.

Contra-indicaties De volgende contra-indicaties voor de aanwezigheid van CE zijn aangetroffen: Op het luchtfotomateriaal zijn geen kraters of andere verstoringen als gevolg van oorlogshandelingen zichtbaar binnen de contouren van het projectgebied; Er zijn in de literatuur en de bronnen geen aanwijzingen gevonden dat er oorlogshandelingen binnen de contouren van het projectgebied hebben plaatsgevonden. Zo zijn het bombardement op Oudewater van 13 mei 1940 en de vliegtuigcrash van 9 april 1943 niet te koppelen aan het projectgebied; Zowel in het archief van de Mijn- en Munitieopruimingsdienst (MMOD) als van de Explosieven Opruimingsdienst Defensie (EODD) zijn geen meldingen over vondsten of ruimingen binnen het projectgebied aangetroffen. Leemten in de kennis (overig) De volgende leemten in de kennis zijn gesignaleerd: Algemeen De ervaring leert dat niet alle archiefstukken de tand des tijds doorstaan, wat verschillende oorzaken kan hebben (onbewuste oorzaken zoals brand, of bewuste vernietiging van archiefstukken). Het is in principe mogelijk dat CE-gerelateerde informatie sinds 1945 verloren is gegaan. Hiermee samenhangend kan het eveneens voorkomen dat bepaalde gebeurtenissen, door verdwijning van de oorspronkelijke bron, niet meer getoetst kunnen worden 43

BB17-100-01

Vooronderzoek CE

en er enkel nog sprake is van een interpretatie van de oorspronkelijke bron (bijvoorbeeld in de literatuur). Ten tijde van de Tweede Wereldoorlog worden verder niet alle gebeurtenissen vastgelegd, simpelweg omdat deze onopgemerkt bleven, of omdat deze om bepaalde redenen niet de moeite van het vastleggen waard waren. Specifiek voor het projectgebied De voor het onderzoek meest relevante archiefstukken van de gemeente Oudewater zijn niet bewaard gebleven. Het gaat hierbij voornamelijk om proces-verbalen van de luchtbeschermingsdienst, politie- en brandweerrapporten en naoorlogse ruimingen van CE; Niet alle naoorlogs gevonden/gemelde CE, konden aan een specifieke locatie worden gekoppeld. Ook voor sommige MORA’s geldt, dat het niet altijd bekend is waar deze precies geplaatst dienen te worden. Dit geldt voornamelijk voor vondsten ‘op het politiebureau’ etc. Mogelijk aan te treffen (sub)soorten CE Op basis van de gegevens afkomstig uit de geraadpleegde bronnen, zijn geen feitelijke aanwijzingen aangetroffen die wijzen op de aanwezigheid van CE binnen het projectgebied. Horizontale afbakening verdacht gebied Op basis van de gegevens afkomstig uit de geraadpleegde bronnen, zijn geen feitelijke aanwijzingen aangetroffen die wijzen op de aanwezigheid van CE binnen het projectgebied. De horizontale afbakening komt derhalve te vervallen.

Verticale afbakening verdacht gebied Op basis van de gegevens afkomstig uit de geraadpleegde bronnen, zijn geen feitelijke aanwijzingen aangetroffen die wijzen op de aanwezigheid van CE binnen het projectgebied. De verticale afbakening komt derhalve te vervallen.

44

BB17-100-01

Vooronderzoek CE

Conclusie en aanbevelingen Ter plaatse van Oudewater staan enige werkzaamheden gepland in de vorm van uitbreiding van het bedrijventerrein te Tappersheul. Om deze werkzaamheden te kunnen realiseren, zullen bodemroerende werkzaamheden worden uitgevoerd. De Arbeidsomstandighedenwet stelt dat er gezorgd moet worden voor een veilige werkplek. Uit dien hoofde dient een onderzoek naar de aanwezigheid van CE te worden uitgevoerd. Dit onderzoek wordt in de regelgeving een vooronderzoek genoemd. Het vooronderzoek wordt uitgevoerd conform de huidige wettelijke norm, zoals vastgelegd in het WSCS-OCE. Voorliggend rapport heeft betrekking op het projectgebied te Oudewater, zoals getoond in dit vooronderzoek. N.B. Het in dit rapport getoonde projectgebied bevat een uitbreiding ten opzichte van het in 2018 opgeleverde vooronderzoek met kenmerk 2017-BB-114-01 (d.d. 2 februari 2018). Waar nodig zijn de in het oorspronkelijke rapport beschreven bevindingen bijgesteld of herzien. In de voor dit vooronderzoek geraadpleegde literatuur- en archiefgegevens, zijn géén feitelijke indicaties voor de aanwezigheid van CE binnen het projectgebied aangetroffen. Het gebied geldt derhalve niet als méér verdacht dan de overige Nederlandse bodem waarvoor geen aanwijzingen zijn voor de aanwezigheid van CE.

Op basis van deze afwezigheid van feitelijke aanwijzingen, zijn binnen het projectgebied geen verdachte gebieden afgebakend. Vanuit OCE-oogpunt kunnen de geplande werkzaamheden, binnen de contouren van het projectgebied zoals getoond in voorliggend document en op bijbehorend kaartmateriaal, zonder aanvullend onderzoek of opsporingsproces worden uitgevoerd. N.B.: op het kaartmateriaal in- en behorende bij dit rapport worden mogelijk verdachte gebieden en/of indicaties en gebeurtenissen buiten het projectgebied getoond (met uitzondering van bijlage 2, de bodembelastingkaart, waarop enkel verdachte gebieden binnen de grenzen van het projectgebied worden getoond), welke niet direct van invloed zijn op het projectgebied maar die wel zijn geconstateerd. Omwille van de volledigheid worden deze tevens weergegeven. Buiten de contouren van het projectgebied, zoals getoond, kan niet worden gewerkt zonder aanvullend onderzoek.

45

BB17-100-01

Vooronderzoek CE

Bijlage 1. BB17-100-OT-01 INVENTARISATIEKAART (losbladig)

46

BB17-100-01

Vooronderzoek CE

Bijlage 2. BB17-100-OT-02 BODEMBELASTINGKAART (losbladig)

47

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://gemeenteraad.oudewater.nl/api/v1/meetings/429/documents/13449