CConstaterende datOudewater
Koppel je AI →
Document · PDF

C03 - Ingekomen stuk Werkgroep Behoud Lopikerwaard - WBL Magazine nummer 126.pdf

Gemeenteraad 4 februari 2021, gemeente OudewaterBij agendapunt: 6.: Lijst van ingekomen stukken11.222 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 2

door Jan Kooijman

WBL Magazine December 2020, jaargang 40 - nr 126

door Carla Brokking

Op de binnenzijde van het omslag staat de gedenkprent van de dijkdoorbraak te Jaarsveld, 1751. Overstroomd land en verdronken dorpen na het doorbreken van de dijken, in een allegorische omlijsting met de Faam en vier riviergoden. In de tekst onder de plaat wordt uitleg van de voorstelling gegeven in versvorm, inclusief een toelichting op de afbeeldingen in de genummerde medaillons. De afbeelding is een hergebruik van een prent uit 1741 en beeldt niet echt Jaarsveld af, maar watersnoden in het algemeen. (afbeelding via Rijksmuseum)

De laatste dijkdoorbraak in de Lopikerwaard In vroeger tijden waren er 2 à 3 grote dijkdoorbraken per eeuw. Iedere generatie maakte dit dus wel een keer mee. De gevolgen van een dijkdoorbraak waren desastreus. Door de lage ligging van de polders in Utrecht en ZuidHolland ten opzichte van het rivier- en zeeniveau, was er geen natuurlijke afwatering maar moest al het water weggepompt worden. Het duurde vaak maanden, zo niet jaren voordat het land weer bruikbaar was. Terwijl er elders in het rivierengebied tot in het begin van de 20ste eeuw nog een aantal dijkdoorbraken waren, was de laatste doorbraak in de Lekdijk vanaf het Klaphek naar Schoonhoven in 1751. (Overigens waren er ook hier daarna nog wel watersnoden door doorbraken elders). Vaak waren doorbraken het gevolg van kruiend ijs, maar in maart 1751 ontstonden de problemen door grote hoeveelheden smeltwater uit Duitsland en heftige westenwind die het water opstuwde vanuit zee. In oude kranten uit 1751 is precies te volgen hoe dit verliep.

foto onder: Wiel Galgenwaard, nabij Jaarsveld

23

Op 6 maart werd er in Jaarsveld al een niveau van 17 duim “boven ’t Klokkenslag” gemeld. Maar het zakte toen weer snel. Op 18 maart stond het echter alweer op 21 duim boven klokkenslag en dit steeg door tot 75 en een kwart duim op 21 maart. Als dit klokkenslagpeil (9 voet onder de kruin van de dijk) was bereikt luidde men de noodklok in de kerktoren van Jaarsveld. Dit signaal werd overgenomen door de andere kerkklokken in de Lopikerwaard. Zo riep men het ‘dijkleger’ naar de dijk. Dit dijkleger bestond uit alle ‘weerbare’ mannen tussen de 18 en 60 jaar. Zij kwamen met spades, rieken en ander boerenwerktuigen naar de dijk. En zo gebeurde dat ook in maart 1751. Eerst liepen de mannen wacht. Toen duidelijk werd dat er een aantal zwakke plekken waren, gingen zij met man en macht aan het werk om de dijk te verstevigen en te verhogen. Ondertussen troffen de vrouwen op de boerderijen alle voorzorgsmaatregelen voor een eventuele doorbraak en verzorgden het vee.

WBL Magazine December 2020, jaargang 40 - nr 126

detail uit de: "Generaale landkaarte van den Loopicker Waard.”, 1771, D. W. C. Hattinga. Dit is dus 20 jaar na de doorbraken. Beide doorbraken zijn aangegeven en je kunt de wielen zien en de daaromheen gelegde ringdijken. NB: bij de plek van de doorbraak die het dichts bij Jaarsveld was zie je buitendijks " ’t Geregt”. Dat is waar de galg van Jaarsveld stond. Nu nog de Galgenwaard geheten.

Het water bleef maar komen en steeg ruim 11 duimen boven het niveau van 1740, het hoogste peil dat men bij mensenheugenis ooit had gehad. Na dagenen nachtenlang onafgebroken gewerkt te hebben, brak de dijk tussen de Uitweg en Jaarsveld op 23 maart op 2 plaatsen door. Het dijkleger kwam daarbij in de val te zitten tussen de twee doorbraken. Uit de krant: “Utrecht den 25e maart. Eergisteren namiddag tussen drie en half vier is de Lekkendijk 5 kwartier gaans beneden Vreeswijk ter lengte van 12 roeden doorgebroken en voorts 's avonds een half uur gaans aan deze zijde van Jaarsveld. Deze tweede doorbraak is veel groter dan de eerste. Een menigte land- en andere werklieden, welke men op 130 schatte en die zich op den dijk bevonden, geraakten tussen die beide inbraken afgesneden. Echter zijn deze gisterenmorgen, door vaartuigen uit Lexmond overgekomen, gelukkig nog gered. Ondertussen is op het platteland de ellende onuitsprekelijk. Door de beide doorbraken is een vervaarlijke menigte water binnen-gestort, waarvan men het geruis op een afstand van meer dan een uur gaans zeer bekwaam horen kan." 24

De hele nacht vluchtten de mensen met hun “goed en vee”. Uit Utrecht bericht men de volgende dag: “het vluchten van menschen en vee is thans heel droevig om te zien”. Op 24 maart wordt uit Schoonhoven gemeld dat het water voor de stad staat, alhoewel het door de doorbraak bij Jaarsveld wel 11 duim is gezakt. De singel is afgedamd om instromend water zoveel mogelijk tegen te gaan. Al snel zijn de hele Lopikerwaard en Krimpenerwaard ondergelopen. De IJsseldijk werd gespaard door het openzetten van de sluizen. Door een andere doorbraak boven Culemborg daalde het water in de Lek, wat de druk op de dijk verlichtte. Op 24 april 1751, dus ruim een maand later, is de druk van het water nog steeds heftig. Het kleinste gat van de beide doorbraken, dat al gedicht was, blijkt opnieuw te zijn doorgebroken. De omstandigheden zijn erbarmelijk. Er staat nog 6 voet water op het land. Bij alle ellende komt de “droevige sterfte onder het rundvee” van die boeren die niet hebben kunnen vluchten. Zij hebben hun koeien op de vloedzolders gedreven. Zo’n vloedzolder, was een met dikke balken versterkt gedeelte van de zolders, waar de koeien via een plankier op gedreven konden worden.

WBL Magazine December 2020, jaargang 40 - nr 126

Het hoge water duurt echter erg lang en als de koeien na een maand nog steeds niet van de vloedzolders af kunnen, gaan veel dieren dood. De boeren zien zich genoodzaakt de dode dieren op de zolders te villen en in stukken in het water te gooien. Op 8 juni 1751 wordt het maken van 2 nieuwe dijken boven Jaarsveld aanbesteed. Het herstel werd gedaan door de aanleg van zogenaamde ‘vingerlingen’: ringdijken die om de wielen heen werden gelegd.

De sporen van de doorbraken en het herstel zijn duidelijk terug te zien in het landschap. De wiel bij de Uitweg (foto onder) is nog steeds gevuld met water en daardoor duidelijk zichtbaar, die bij de Galgenwaard is opgevuld en een moerasbosje geworden. Bij beide wielen zie je dat de dijk daar nog steeds in een bocht omheen buigt.

Deze ‘wielen’ waren de gaten die door de kracht van het water achter de doorbraken waren geslagen en zich hadden gevuld met water.

25

afbeelding onderaan: kaart van het rivierengebied in Holland, Utrecht en Gelderland met de hoge waterstand in de rivieren de Lek en de Waal, maart 1751. Links waterstanden onder en boven Amsterdams Peil. Met verschillende teksten en opschriften in handschrift in de voorstelling. Rechtsonder de vermelding van een naam: Ey. J. Schouten. © Publiek Domein

WBL Magazine December april 2020, 2020, jaargang jaargang 40 - nr40 124 - nr 126

WBL Magazine augustus 2020, jaargang 40 - nr 125

Weidevogelbescherming schreef brief aan collegeleden en gemeenteraad van Lopik Beste mensen, Hiermee uiten wij als Vereniging Weidevogelbescherming Lopik onze ongerustheid over de gevolgen voor de weidevogels in Lopik, indien vanwege de lopende energiediscussie de gemeenteraad van Lopik onverhoopt toestemming geeft voor de eventuele komst van enorme windturbines en grote zonneweides op haar grondgebied. Zoals u weet is de Lopikerwaard 1 van de 3 kerngebieden voor weidevogels in de provincie Utrecht, naast Ronde Venen en Eemland. In deze 3 gebieden zijn collectieven opgericht met als doel bescherming van grutto, kievit, scholekster, tureluur en slobeend. Boeren, loonwerkers en vrijwilligers werken elk voorjaar samen om nesten te beschermen en kuikens groot te laten brengen. Onderzoeken: windturbines en zonneweides funest voor weidevogels De weidevogelstand in Nederland, en dus ook in de Lopikerwaard, neemt al jaren af, door allerlei oorzaken. Uit onderzoeken van o.a. Vogelbescherming en SOVON blijkt dat vogels gebieden met windturbines links laten liggen. Die gebieden worden dus niet meer geschikt als broedgebied maar ook niet meer als rusten voedselgebied. Met name weidevogels, maar ook akkervogels, hebben hier enorme last van. Overigens vragen wij ons af of het wel is toegestaan om hoge windturbines te plaatsen in een weidevogelgebied.

Maar los daarvan, windturbines en weidevogels gaan domweg niet samen. Ook de aanwezigheid van grote zonneweides op landbouwgrond verjaagt de weidevogel. Hele Lopikerwaard is weidevogelgebied Een deel van de Lopikerwaard is weidevogelkerngebied; het andere deel is weidevogelrandzone. In beide gebieden broeden en verblijven in het voorjaar weidevogels; in het kern-

gebied meer dan in de randzones. Maar ook de randzones zijn belangrijk als rusten voedselgebied. De komst van meer windturbines dan de huidige drie en/of grote zonneweides zou desastreus zijn voor de weidevogelstand. Maar ook veel akkervogels zullen hier onder lijden. Wat dan wel? Ook wij zien in dat er alternatieve energiebronnen moeten komen voor kolen, olie en gas. Als er al iets in het landschap moet komen, is het beter om kleine zonneweides geclusterd aan te leggen met zo weinig mogelijk nadelig effect voor bodemleven en vogels. Nog beter is het aanbrengen van zonnepanelen op daken van bedrijven, particuliere huizen en stallen van boerderijen. Bouwen in het groen mag niet; waarom dan wel windturbines en zonneweides? Provincie Utrecht en gemeente Lopik hebben altijd bouwen in het groen beperkt vanwege behoud van landschap en natuur. Bij het aanwijzen van plekken voor windturbines en zonneweides geldt die beperking opeens niet? Geen energielandschap maar behoud van het open landschap We roepen u via deze brief op: Maak van de Lopikerwaard geen energielandschap maar laat het bijna 1000 jaar oude, open weidegebied, ongemoeid zodat weidevogels nog een kans op voortbestaan krijgen en de generaties mensen, die na ons komen, ook nog trots kunnen zijn op onze prachtige gemeente.

Tot slot, wij zijn als vereniging zeker niet tegen groene energie en willen graag verder met u in gesprek over de inpassing van groene energie in Lopik. Met vriendelijke groet, namens het bestuur van de Vereniging Weidevogelbescherming Lopik, Tom Grimbergen, voorzitter

26

Ongerustheid over gevolgen voor weidevogels vanwege mogelijke komst enorme windturbines en grote zonneweides in Lopik

27

28

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://gemeenteraad.oudewater.nl/api/v1/meetings/376/documents/11044