B24. WBL Magazine mei 2025.pdf
Tekst van het document
JAARGANG 45 - Nummer 137 - Mei 2025
UITGAVE VAN DE WERKGROEP BEHOUD LOPIKERWAARD
IN DEZE UITGAVE: Van de redactie
Pag. 1
Van onze voorzitters
Pag. 2
Jaarverslag 2024
Pag. 4
Dijkversterking Salmsteke
Pag. 7
Moet de broedmachine de grutto redden?
WS MEDIA ONTZORGT Industrieweg 1 | 4181 CA Waardenburg | T 0418 540 333 |
Pag. 8
Hoogstamfruitbomen
Pag. 10
Klimaatslim boeren op veen
Pag. 13
Bebouwing door de jaren heen
Pag. 14
KNMI mast van Cabauw
Pag. 17
De Bietenkapper
Pag. 20
Groenblauwe dooradering
Pag. 21
Uilen in de Lopikerwaard
Pag. 23
Egels in je tuin
Pag. 25
Gevelsteen Polsbroek
Pag. 27
Archeologie uit onze achtertuin
Pag. 28
VORMGEVING DRUKWERK PRINTWERK BANNERS VLAGGEN STICKERS/LABELS LAMINEREN VETVRIJ PAPIER AUTOBELETTERING GEVELRECLAME RAAMBESTICKERING KLEDING BEDRUKKEN
info@wsmediagroep.nl | w w w . w smedi agr o e p . n l
WBL Magazine, mei 2025, jaargang 45 - nr 137
COLOFON WBL Magazine is een uitgave van de Stichting Werkgroep Behoud Lopikerwaard (WBL) Bankrekening: NL39 INGB 0001 0530 29 t.n.v. Penningmeester Stichting WBL
De stichting is ingeschreven in het stichtingenregister K.v.K. onder nr. 41179802 Redactie: Waldien Burger redactie@ werkgroepbehoudlopiker waard.nl Vormgeving & opmaak Jan Kooijman Foto omslag: Herbert Ziher
Bestuur WBL Voorzitter(s): Ronald Meijer Henriëtte Keijzer Secretaris: Irene Schuller 06-28407546 Penningmeester en ledenadministratie: Leon Snoek Leden van het bestuur Leo van den Berg Wim Boesten De stichting heeft de ANBIstatus RSIN/fiscaal Nr. 804125776
Van de redactie Een sociaal medium waarop we positieve reacties krijgen, geen haatberichten. In de huidige tijd ben ik daar erg blij mee. Want is het WBL Magazine niet ook een sociaal medium? Het medium van WBL donateurs, die met elkaar verbonden zijn door hun betrokkenheid bij de Lopikerwaard. Het medium van het WBL bestuur, dat het behoud van de Lopikerwaard bewaakt op vele fronten tegelijk, omdat dat hard nodig is. Ik noem dat een sociaal medium. Dat er aan alle kanten aan het Groene Hart en dus de open ruimte van de Lopikerwaard wordt getrokken, blijkt uit het overzicht van de voorzitters. We kunnen dan ook niet zeggen dat we in een saai stukje Nederland wonen. Wel een stukje waar nog veel rust te vinden is en veel te genieten, zeker nu het weer lente is. Ook daarvan weer veel in dit WBL magazine. Hoogstamfruitbomen, ooit verguisd, zijn nu weer hip. Wat gebeurt er allemaal bij die mast in Cabauw? Uilen zijn helemaal hot en gelukkig zijn er veel mensen bezig met duurzaamheid. Naast natuurgebieden en boeren die kruidenrijk grasland gebruiken en weidevogels beheren, zijn particuliere tuinen daarin belangrijk. Ze vormen een ketting van rustpunten voor vogels, in-
secten en andere beesten. De Tuinclub Lopikerwaard zet op 5 en 6 juli de hekken van 6 particuliere tuinen weer open. Als één van de eigenaren nodig ik u allemaal uit te komen kijken naar onze lievelingsplanten. Het vorige WBL Magazine was voor het eerst gedrukt op 100% gerecycled, FSC gecertificeerd papier. Dat bevalt prima, maar mocht u het magazine alleen digitaal willen lezen, laat dat dan ook weten. Vormgever Jan Kooijman en ik wensen u weer veel plezier met het WBL Magazine. Alvast dank voor reacties en suggesties voor onderwerpen. Waldien Burger
WBL Magazine digitaal Leden/donateurs ontvangen dit WBL Magazine per post in gedrukte vorm. Er bestaat ook een mogelijkheid om het Magazine digitaal per e-mail te ontvangen. Dat bespaart papier en verzendkosten.
Wilt u voortaan het WBL Magazine digitaal ontvangen maak dit dan per e-mail kenbaar. Dit geldt alleen voor leden/donateurs. Alle andere belangstellenden kunnen het Magazine online lezen op onze website. 1
WBL Magazine, mei 2025, jaargang 45 - nr 137
Van onze voorzitters
Ronald Meijer, duo-voorzitter WBL
Utrechts Programma Landelijk Gebied (UPLG):
“Stikstof en broeikasgassen verminderen, water- en bodemkwaliteit verbeteren en de natuur versterken. Al dit soort uitdagingen raken het landelijk gebied. De provincie Utrecht werkt die uitdagingen uit in het Utrechts Programma Landelijk Gebied (UPLG). In dit programma brengen wij kennis en ervaring van verschillende mensen en organisaties samen om ons mooie landelijk gebied een goede toekomst te geven. Met gezonde natuur én duurzame landbouw. We houden daarbij rekening met de verschillen tussen de regio’s. Want elk gebied is uniek en vraagt een eigen aanpak.” Lees er alles over op de website van de provincie: www.provincie-utrecht.nl
Dat de WBL tweejaarlijks overlegt met de wethouders van de Lopikerwaard gemeenten mogen we inmiddels bij u als bekend veronderstellen. Daarnaast spreken we ook regelmatig met overige belangrijke actoren in het gebied zoals het Hoogheemraadschap, Collectief Lopikerwaard (agrarische natuurvereniging), Staatsbosbeheer, agrariërs en overige belangenverenigingen en stichtingen zoals bijvoorbeeld Stichting Hugo Kotestein uit Montfoort of de Historische Kring IJsselstein. Afgelopen januari hebben we ook op het Provincie huis met zowel de gedeputeerde als ambtenaren over de vele ontwikkelingen in de Lopikerwaard gesproken. Hieruit bleek dat de zogenaamde ‘rode contouren’ waarbinnen tot voor kort niet gebouwd mocht worden min of meer zijn losgelaten. Deze rode contouren zorgden ervoor dat het landelijk gebied niet volgebouwd wordt. Dit is vervangen door zogenaamde kernrandzones. De Provincie stelt nog wel het beleid voor het ruimtegebruik vast. Zo zijn er spelregels voor het gebruik van de kernrandzones. Maar ook werd duidelijk dat de Provincie geen aanwijzingen meer aan gemeenten kan opleggen. Met andere woorden, als de Provincie het niet eens is met een door een gemeente genomen besluit, dan moet de Provincie zelf naar de rechter stappen.
Nu is het wel zo dat als de Provincie aangeeft dat een besluit van een gemeente tegen het provinciaal beleid ingaat daarnaar (nog?) wordt geluisterd. Maar zet de gemeente door en de Provincie is het principieel daarmee oneens, dan staat dus de ene overheid bij de rechter tegenover de andere overheid. De WBL denkt haar doelen vooral te behalen door aan de voorkant van processen mee te praten en mee te denken. Dat wij naar de rechter stappen moet een grote uitzondering zijn en blijven. Toch wil ik u hier een dilemma voorleggen. In het gesprek met de ge2
deputeerde Mirjam Sterk maakte zij de opmerking dat als alle landelijke en provinciale opgaven worden opgeteld (woningbouw, energie, wegen, industrie, groenblauwe dooradering, extensivering veeteelt etc.), zij het grondgebied van tweemaal de Provincie Utrecht nodig heeft. En dat leidde tot de discussie dat er dus een integraal beleid nodig is om te bepalen wat we waar wel, maar ook wat we waar vooral niet moeten doen. En dan blijkt dat de vermindering van de centrale regie niet gaat helpen. Al eerder heb ik u geïnformeerd dat van het totale Groene Hart ca 50% in de laatste 40 jaar is verdwenen. Dat kwam door vele zogenaamd eenmalige maatregelen. En dat lijkt dus niet te stoppen. Als ik één voorbeeld mag aanhalen van welke bedreigingen er zijn dan noem ik alleen al de voorziene dan wel gewenste uitbreiding van de gemeente Montfoort met 1000 woningen, waarvan 750 in het landelijk gebied. Wil de WBL mede zorg dragen dat er over 40 jaar nog sprake is van een Lopikerwaard als landelijk gebied, dan zullen er vele rechtszaken aan te pas moeten komen. En dat willen we dus niet. Er moet in onze ogen een integraal beleid komen.
Zijn we in het Groene Hart en als deel daarvan de Lopikerwaard door de decentralisatie van besluitvorming nu stuurloos? Niet helemaal. Het is zo dat het kabinet de totstandkoming van een Nationaal Programma Landelijk Gebied heeft stopgezet. De Provincie Utrecht heeft echter besloten om het Utrechts Programma Landelijk Gebied (UPLG) wel door te zetten. Onderdeel van het UPLG is het gebiedsproces van ‘de Utrechts Waarden’. En dat gebied komt overeen met de Lopikerwaard. Vanuit de Provincie wordt dit gebiedsproces zeer enthousiast en deskundig getrokken door gebiedscoördinator Susanna Rijninks. Zij heeft alle partijen aan tafel gekregen die er in ons gebied toe doen, evenals de agrariërs die zijn vertegen-
WBL Magazine, mei 2025, jaargang 45 - nr 137
woordigd door het LTO. De WBL praat en denkt in dit overleg mee. Welke insteek hanteert de WBL in dit overleg? Dan komen we uit bij onze doelstellingen die we naar aanleiding van alle ontwikkelingen momenteel binnen het bestuur aanscherpen. Ik geef u enkele uitgangspunten die momenteel nader worden uitgewerkt. Allereerst stellen wij dat de Lopikerwaard een eeuwenoud cultuurhistorisch open landschap is. Gekenmerkt door onbelemmerde doorzichten, weilanden met zoveel mogelijk kleine landschapselementen en vormgegeven door een beschermd Copenpatroon door watergangen. Dit gebied is eeuwenlang zo gebleven doordat onze agrariërs daarvoor hebben gezorgd. Onze stelling is: zonder agrariërs geen Lopikerwaard. Maar ook: zonder inkomen geen agrariërs. Dat de veeteelt natuurvriendelijker kan en mag, daar zijn we het ook over eens. Maar, daarvoor moeten de agrariërs dan wel worden gecompenseerd. Niet eenmalig, maar structureel. Dan krijgt onder andere de verdere uitwerking van de groenblauwe dooradering vorm waardoor we bloeiende slootkanten en zuiverder water krijgen. Dan ook kunnen er weer meer weidevogels broeden. Een verdere ontwikkeling is dat we nu zien dat er in Rijnenburg op termijn liefst 63.000 tot 77.000 woningen moeten komen. Utrecht is al bezig om te kijken waar deze bewoners kunnen recreëren. Zo wordt de Nedereindse Plas daarvoor ingericht.
Maar in onze visie ligt dat recreatie gebied met fietspaden, kanovaarten, wandelpaden met verre doorzichten en fraaie lintbebouwing er al. En wel pal tegen Rijnenbrug aan: de Lopikerwaard. Dan moet de woningbouw in de Lopikerwaard wel beperkt worden en ook moet zeer zorgvuldig worden omgegaan met de resterende open ruimte en de zo fraaie lintbebouwing. Liefst dus uitbreiden door binnenstedelijk te bouwen, dan wel verbouwen van vrijkomende agrarische bebouwing met starterswoningen en appartementen, liefst binnen de be-
staande gebouwen en schuren om dezelfde landelijke uitstraling te behouden. Hiervoor moet het mogelijk zijn sneller een extra huisnummer te krijgen. Hele woonwijken in het landelijk gebied bouwen zou gestopt moeten worden. Of tenminste pas plaatsvinden na een heel nauwkeurige afweging over de kwaliteit van het landelijk gebied aldaar. Verder zijn wij van mening dat er bij het plaatsen van zonnevelden eerst gekeken moet worden naar zon op dak. En is dat onvoldoende dan moet er net zoals bij woningbouw goed gekeken worden naar de situering en mogelijke natuurcompensatie. Verder geen windmolens midden in het open weidegebied van de Lopikerwaard. Uit SOVON cijfers blijkt dat binnen twee kilometer van een windmolen geen vogel broedt. Ook zien wij dat Europa Nederland nog steeds aanstuurt op verbeteringen in de totstandhouding van onze nationale vogel, de grutto. Maar liefst 80% van alle grutto’s broeden in Nederland. Een Europese megaboete dreigt als Nederland dit verzaakt. In onze visie leidt weidevogelbeheer tot instandhouding van de weilanden, die biodiverser worden ingericht. Neveneffect is dat er geen woningbouw in deze weilanden komt en dat het open landschap dat nodig is voor weidevogels behouden blijft en daarmee bijdraagt aan de WBL doelstellingen. Een in onze ogen win-win situatie. Vandaar dat de WBL nauw samenwerkt met het Collectief Lopikerwaard.
In het UPLG bespeuren wij consensus over bovenstaande uitgangspunten. In het najaar moet er vanuit het UPLG dan een integraal beleid voor de Lopikerwaard voorliggen. Met daarin hopelijk veel van bovenstaande uitgangspunten. De volgende uitdaging ligt dan in het bestuurlijk afdwingen van de invulling van dat beleid. Uiteraard houden wij u via ons blad en digitale nieuwsbrief verder op de hoogte. Wilt u reageren op bovenstaande uitgangspunten of daarop inbreng geven dan horen wij dat heel graag van u. 3
Foto van bloeiende slootkant (Prachtlint-Alblasserwaard)
WBL Magazine, mei 2025, jaargang 45 - nr 137 Terugkijkend op 2024 blijft de vraag naar ruimte onverminderd groot. Ruimte voor woningbouw, windturbines en zonnepanelen, weidevogels, recreatie, boeren en ga zo maar door. Bij verschillende dossiers zien wij als bestuur van de WBL een lastige afweging van belangen en we zien dat overheden daar ook mee worstelen. Je kan een stuk grond nu eenmaal niet tweemaal gebruiken. Hoewel, de roep om dubbelgebruik van functies wordt steeds groter. Het bekendste voorbeeld is dat van zonnepanelen op daken of zonnepanelen boven een parkeerplaats. Of, zoals we veel zien in de provincie Flevoland, een windturbine op een akker of weiland. De zonnepanelen op de Nedereindse Plas zijn daar ook een goed voorbeeld van. Het Nedereindse Park wordt een plek om te recreëren, de biodiversiteit wordt flink verbeterd en de natuur krijgt een kans, de fietsroute tussen IJsselstein en Nieuwegein wordt verbeterd en de zonnepanelen op de plas gaan stroom opwekken. Hoewel we aanvankelijk zeer sceptisch stonden tegenover dit plan zien we nu toch een duidelijke win-winsituatie ontstaan.
Uitgave van het boek Het ‘hoge land’ van IJsselstein, Lopikerkapel en Uitweg Woensdag 11 september 2024 was een heuglijke dag voor de WBL en de Stichting Historische Kring IJsselstein (HKIJ). Twee jaar werkten de auteurs Wim Scholten, Hans Ellenbroek, Cobie van Lent-Schwarze en Bart Rietveld aan dit gezamenlijk project. 4
Hun fraaie boek was afgerond en gedrukt. Onze duovoorzitter Ronald Meijer en vice-voorzitter van de HKIJ Hans Pillen stonden daar bij de officiële boekpresentatie in Huis te Vliet in Lopikerkapel uitgebreid bij stil. Tijdens de inleidende speech benadrukte Ronald dat het hier om een uniek gebied gaat, waar de historie in het landschap nog steeds goed zichtbaar is. Hij gaf aan dat inmiddels al enkele boeken de weg naar lezers hadden gevonden en dat we leuke reacties terugkrijgen. Vervolgens deed Ronald een oproep aan bestuurders om het gebied ook zoveel mogelijk cultuur-historisch en als relatief leeg landelijk gebied in tact te laten. Hierbij refereerde hij aan de verschillende landelijke opgaven zoals de energietransitie en woningbouw. Hij bepleitte dit laatste stukje vrijwel ongerept landelijk gebied te beschermen. Het schitterende boek geeft aan waarom. Daarna ging Hans Pillen kernachtig in op de historie van het gebied. Wim Boesten, oud-voorzitter van de WBL en initiatiefnemer van het boek, reikte exemplaren uit aan burgemeesters Patrick van Domburg van IJsselstein en Laurens de Graaf van Lopik en aan Susanna Rijninks, gebiedscoördinator van de Lopikerwaard namens de provincie Utrecht. Helaas kon hoogheemraad Bert de Groot niet aanwezig zijn.
Een week later werden echter ook exemplaren overhandigd aan de hoogheemraden Bert de Groot en Willem van der Steeg en adviseur cultuurhistorie Remco Lots van Hoogheemraadschap De Stichtse Rijnlanden (HDSR). Het boek beschrijft de geschiedenis van het zuidoostelijke stukje Lopikerwaard vanaf de laatste ijstijd, 11.000 jaar geleden, tot nu. Met de uitgave van ‘Het ‘hoge land’ van IJsselstein, Lopikerkapel en Uitweg’ krijgt dit mooie en relatief onbekende gebied in de Lopikerwaard de aandacht en kwalificatie die het verdient. Het merendeel van de boeken is inmiddels verkocht en de reacties zijn unaniem enthousiast en zeer positief.
WBL Magazine, mei 2025, jaargang 45 - nr 137 De belangrijkste dossiers Zoals bekend is uw WBL geen actiegroep. Wij proberen aan de voorkant van een proces al tot goede afspraken te komen. Maar af en toe wordt voor ons een grens overschreden en dienen wij zienswijzen in of stappen zelfs naar de rechtbank of Raad van State. De belangrijkste dossiers: Daiwa House, Montfoort Lange tijd is gesproken over de zichtbaarheid van gestapelde containers/modules van dit bedrijf. Dit dossier is samen met Stichting Hugo Kotestein en een aantal omwonenden opgepakt. In november 2024 is in principe een laatste bijeenkomst geweest en zijn er goede afspraken gemaakt waar iedereen zich in kan vinden. Het parkeerterrein aan de oostzijde krijgt een opslag bestemming, maar de containers/modules mogen slechts op een deel van het terrein gestapeld worden en langs de provinciale weg wijzigt de opslag bestemming in parkeren. Waardering is er voor het bedrijf dat een stukje parkeerterrein aan de omwonenden ter beschikking stelt in ruil voor gemaakte afspraken. De gemeente zal toezien op handhaving, het bestuur sluit dit dossier af met een goed gevoel.
Zeldenrust, Benschop Een langlopend dossier waarbij de gemeente Lopik wil overgaan tot de bouw van 42 woningen bij Zeldenrust in Benschop. De laatste stand van zaken in dit dossier is dat de WBL hierover in gesprek is met de gemeente en de projectontwikkelaar.
Varkensflat, Montfoort Bij de gemeente en provincie Utrecht ligt een aanvraag voor een forse uitbreiding van een varkenshouderij in het buitengebied van Montfoort. De WBL maakt zich samen met de omwonenden grote zorgen over deze ontwikkeling in een tijd waarin we al een overschot hebben aan stikstof en mest. Het is juridisch een ingewikkeld verhaal en de kans is groot dat deze zaak dit jaar voor de rechter komt.
mislukken. Daarom is uitdrukkelijk verzocht om in ieder geval niet in het broedseizoen, van 1 maart tot 15 juli, laag te vliegen in de Lopikerwaard. We kregen extra aandacht hiervoor van RTV Utrecht. Tijdens een bezoek aan het weidevogelgebied van Leen Verkaik, Het Beloken Land, is er een mooi nieuwsitem gemaakt. Defensie doet momenteel onderzoek en voert gesprekken. De WBL zal de ontwikkelingen op de voet volgen.
ROBA Metals, IJsselstein Dit bedrijf uit IJsselstein wil graag verhuizen naar bedrijventerrein De Copen in Lopik. In de plannen worden de rode contouren overschreden maar toch steunt de WBL dit plan. De reden ligt in het feit dat door de vrijkomende ruimte in IJsselstein binnenstedelijk heel veel woningen gebouwd kunnen worden waarmee ons inziens de noodzaak vervalt om buiten de rode contouren te bouwen, zoals in het Kromme IJsselgebied. Dat weegt naar de mening van het bestuur het zwaarst.
Nedereindse Plas De naam Nedereindse Plas is achterhaald, gemeente Utrecht heeft grootse plannen om van het gebied rond de twee plassen een mooi park te maken met meer ruimte voor natuur en diversiteit maar ook meer ruimte voor verschillende vormen van recreatie. Daarmee is de naam veranderd in Nedereindse Park. Toen de plannen voor zonnepanelen op één van beide plassen bekend werden zijn we samen met Vogelwacht Utrecht, IVN en GPIJ (Groen Platform IJsselstein) in overleg gegaan met de gemeente Utrecht. Er waren grote zorgen over de grote aantallen overwinterende vogels op de oostelijke plas en over de aanwezige vleermuizen. Gemeente Utrecht heeft een bureau opdracht gegeven om een ecologisch onderzoek te doen en de resultaten daarvan zijn dat onder bepaalde voorwaarden zonnepanelen op de oostelijke plas geen bezwaar zijn voor genoemde diersoorten. Die voorwaarden zijn dat de panelen 50 meter uit de oever moeten komen te liggen en dat de zuidoever met rust gelaten moet worden. Verlichting is een probleem voor vleermuizen. Voorstel is ook om de biodiversiteit in het hele park te verbeteren. Hoewel wij het jammer vinden van de plas hebben we nu geen argumenten meer tegen de plaatsing van de zonnepanelen. We blijven met de gemeente Utrecht meepraten over de aanleg en verbeteringen van het park.
Laagvlieggebieden defensie In december 2023 heeft Defensie de Notitie Reikwijdte en Detailniveau naar de Tweede Kamer gestuurd met onder andere de vraag om meer ruimte voor oefenen met laagvliegende helikopters. Daarvoor hebben ze hun oog ook laten vallen op de Lopiker- en Krimpenerwaard. In reactie daarop kon iedereen zijn zienswijze indienen. De WBL, maar ook de Provincie Utrecht, Vereniging Weidevogelbescherming Lopik, Weidevogelbescherming Montfoort Linschoten en Natuur en Milieufederatie Utrecht hebben expliciet aandacht gevraagd voor de weidevogels in de Lopikerwaard. Veel agrariërs en instanties besteden aandacht en (publiek) geld aan bescherming van weidevogels, met name de nationale vogel de Grutto. Een paar jaar geleden heeft een laagvliegende helikopter bij Blokland aantoonbaar veel nesten doen 5
WBL Magazine, mei 2025, jaargang 45 - nr 137 Slootdempingen In de Lopikerwaard zien we het eeuwenoude copenlandschap terug, ontstaan tijdens de ontginningen. Een cope is een stuk land van 1250 bij 113 meter waar tussen sloten lopen voor de afwatering. In de huidige agrarische bedrijfsvoering is het niet altijd handig om zoveel sloten te hebben en daarom zijn al veel sloten gedempt. Een boer moet daar toestemming voor vragen bij het waterschap, de gemeente en de provincie en daar blijkt het al jaren fout te gaan. Hoogheemraadschap de Stichtse Rijnlanden (HDSR) heeft in 2023 het project ‘illegale dempingen’ gestart, waarbij het op zoek is gegaan naar alle dempingen in het werkgebied waarvoor geen melding is gedaan of een vergunning is aangevraagd, die dus illegaal zijn. De overtreders hebben hiervoor een waarschuwingsbrief ontvangen met de strekking om deze dempingen ongedaan te maken of te legaliseren . Vervolgens vraagt men toestemming bij het waterschap en dat kijkt alleen of er geen ruimte voor waterberging verloren gaat. Dus van het waterschap mag je bijvoorbeeld een dwarssloot dempen als je een andere sloot breder maakt.
Het is dan aan gemeente en provincie om te beoordelen of het landschappelijk verantwoord is en daar is het de laatste jaren misgegaan want die vergunning werd nooit aangevraagd, gewoon omdat mensen dit niet wisten en het waterschap heeft daar nooit op gewezen. Zo zijn er de laatste jaren heel wat sloten illegaal gedempt. Onder de nieuwe omgevingswet zouden aanvragen integraal bekeken moeten worden door waterschap, gemeente en provincie, maar in de praktijk werkt dit nog niet goed. De WBL heeft dit probleem op de kaart gezet en het is niet de bedoeling om alle sloten weer te herstellen maar we hechten wel aan
zoveel mogelijk behoud van het oude landschap.
Donateursdag De jaarlijkse WBL donateursdag was op 21 september. De dag werd gecombineerd met de Algemene vergadering en is altijd een mooie gelegenheid om elkaar te ontmoeten en van gedachten te wisselen. We ontvingen bijna 30 leden/donateurs onder een stralende zon op het terras van Natuurmuseum en Klompenwinkel de Wielewaal in Willige Langerak. Als eerste werd de Algemene vergadering met het secretarieel en het financieel verslag van 2023 behandeld. De beide duovoorzitters, Henriëtte Keijzer en Ronald Meijer, vertelden over lopende activiteiten. Oud-bestuurslid Wim van der Putten werd met een pakket streekproducten bedankt voor vele jaren bestuurswerk en zijn talloze bijdragen voor het WBL Magazine. In het Natuurmuseum kon men de unieke natuur van het Groene Hart ontdekken: geschilderde landschappen en een bijzondere collectie van opgezette vogels en dieren laten de diversiteit en kwetsbaarheid van de natuur zien. Daarna genoten we op het terras van zelfgemaakte pompoensoep en broodjes. ’s Middags 6
maakten de donateurs een stadswandeling door zilverstad Schoonhoven onder leiding van twee gidsen van de Stichting Stadswandeling Schoonhoven, een mooie historische stad. Magazine en Nieuwsbrief Het bestuur is heel blij met de nieuwe redacteur Waldien Burger. Zij is voortvarend aan de slag gegaan met de beide uitgaves van 2024 en het resultaat mag er zijn. Wij wensen Waldien heel veel succes toe met de redactie van het Magazine, waarbij Jan Kooijman de vormgeving blijft doen. Hiermee wordt Leon Snoek ontlast die naast het penningmeesterschap ook het Magazine op zich nam. Vanaf deze plek willen we Leon hartelijk danken voor zijn inzet. Het nummer van december is gedrukt op een ander soort papier, volledig gerecycled en gecertificeerd. Het iets gelige papier heeft invloed op kleur van de foto’s maar dat weegt naar onze mening niet op tegen het belang van duurzaamheid. In 2024 zijn 6 digitale nieuwbrieven verstuurd. Hiermee willen wij onze donateurs en relaties op de hoogte houden van actualiteiten die spelen in de Lopikerwaard en daarbuiten.
WBL Magazine, mei 2025, jaargang 45 - nr 137 Tekst: Leo van den Berg Bij de foto: Feestelijke oplevering deeltraject Salmsteke door v.l.n.r.: burgemeester Laurens de Graaf, Els Otterman (hoogheemraad HDSR), Gerwin van der Hoek (directeur Mourik Infra) en Eric Withaar (programmadirecteur HWBP hoogwaterbeschermingsprogramma). Foto: Stephan Tellier
Foto hierboven: de nieuwe polsstokverspringaccommodatie van Polsstokvereniging Jaarsveld, in aanbouw op Salmsteke.
Dijkversterking Salmsteke: eerste traject Lekdijk klaar voor de toekomst
Op 9 december was de officiële oplevering van het dijkversterkingstraject Salmsteke bij Lopik. Daarmee is het eerste traject van de negenhonderd jaar oude Lekdijk weer veilig en klaar voor de toekomst. Het Hoogheemraadschap De Stichtse Rijnlanden versterkt de Lekdijk van Amerongen tot Schoonhoven in een Alliantie met het Hoogwaterbeschermingsprogramma (HWBP) van Rijkswaterstaat. Dat is een speciale manier van werken samen met bedrijven: een innovatiepartnerschap. In dat partnerschap heeft Mourik Infra B.V. voor het gebied Salmsteke nieuwe technieken ontwikkeld om het achterland veilig te maken tegen water. Ze gebruiken daarbij ook machines die geen uitstoot hebben, om het werk milieuvriendelijker te maken. Dijkversterking Salmsteke. In 2023 is begonnen met de dijkversterking over twee kilometer. De dijk is op hoogte gebracht en er is elke 200 meter een drempel gemaakt om de snelheid te beperken, zeker van de motoren die graag over de bochtige dijk rijden. Tegelijk met de dijkversterking hebben andere organisaties, zoals Stichtse Groenlanden, Staatsbosbeheer, de Pro7
vincie Utrecht en Rijkswaterstaat, samengewerkt. Zij hebben nieuwe voorzieningen gemaakt in de uiterwaard bij Salmsteke. De taluds zijn afgewerkt en ingezaaid met speciaal dijken graszaad. De polsstok spring baan van Polsstokvereniging Jaarsveld is wat verder van de weg verplaatst en gedraaid, wat gunstiger is voor de springers. Al die tijd was het traject voor alle verkeer afgesloten. Voor de officiële opening waren bewoners, Stichtse Rijnlanden, belangenorganisatie, aannemers en de burgemeester van Lopik uitgenodigd in de bouwkeet van Maurik. Er waren veel lovende woorden over het werk en over het verloop van het werk en de samenwerking. Daarna werd afgesloten met champagne, een hapje en livemuziek. Eerste gedeelte Nu met de afronding van de dijkversterking van Salmsteke het eerste gedeelte van het programma Sterke Lekdijk is uitgevoerd, bereidt het waterschap de komende jaren de overige trajecten voor. Naar verwachting is de versterking van de Lekdijk medio 2030 afgerond.
WBL Magazine, mei 2025, jaargang 45 - nr 137 Tekst: Leen Verkaik
Moet de broedmachine de grutto’s redden? In het AD stond een artikel over het uitbroeden van grutto-eieren in broedmachines, alsof het kippen zijn. Volgens Leen Verkaik is dat zeker mogelijk. Sterker nog, hij heeft het jaren geleden zelf gedaan met grutto- en kievitseieren. Hoe pakte dat uit? Leen legt het uit. De eieren kwamen van een stuk bouwland, dat nog geploegd, geëgd, gezaaid en gerold moest worden. Het was voor ons duidelijk dat door al deze werkzaamheden geen nest gespaard zou blijven. We hebben alle eieren in de broedmachine gedaan. Het uitkomen van de kuikens ging goed, maar we moesten er veel voor doen. Warme lampen erboven en aangepast voer met veel insecten erin. Eerst in een binnenhok en toen ze aanstalten maakten met vliegoefeningen, hebben we buiten een groot stuk afgezet, met gaas en een hok in het midden. Ze konden over het gaas en weer terug vliegen. Dat ging heel goed. Eerst een klein stukje en toen steeds verder.
Rechtsonder: torenvalk. Foto: Herbert Ziher
Ons bedrijf ligt midden in de polder, met weidevogels er omheen. En daar maakte onze kuikens contact mee. Eerst vlogen ze naar hun eigen hok, maar later kwamen ze steeds minder vaak terug. De jaren daarop kwam een aantal grutto’s en kieviten dichtbij de boerderij hun nesten maken, we hadden veel nesten grutto’s dicht bij elkaar op één kampje. Daardoor kregen we het idee dat dit toch een gedeelte van de kuikens was die we hadden uitgebroed en opgefokt. We hadden nooit weidevogels die zo dichtbij de boerderij broeden. Maar we kregen ook een probleem dat nu steeds erger wordt: er kwamen steeds 8
meer kraaien en andere roofvogels en -dieren. Van de grutto’s en kieviten zijn heel weinig kuikens groot geworden. Een paar jaar later is alles rond de boerderij verdwenen. Later hebben we achter in het land een stuk gemaakt, dat geschikt is voor weidevogels. Daar ligt een grote plasdras van ongeveer een halve hectare en ook een greppel-plasdras. Er wordt vroeg in het seizoen stromest gestrooid. En er ligt een kievitstrook van 35 meter breed die zwart gefreesd is en dan niet meer bewerkt wordt. Op 12 hectare maaien we later, 8 of 15 juni, en in fasen. Daar staan verschillende bloemen en planten en langs de slootkanten maaien we anderhalve meter niet. Deze ‘weidevogelwelness’ is uitgegroeid tot een kolonie weidevogels met grutto’s, kieviten, tureluurs en scholeksters en alle soorten eenden. Maar ook in dit gebied komen steeds meer roofvogels en roofdieren. We doen al jaren aan kuikentellingen. Elk jaar krijgen we minder kuikens groot, waaronder ook eendenkuikens. Het aantal weidevogels loopt gewoon terug. Eerst telden we 1½ tot 2 kuikens die groot werden per ouderpaar dat bij ons broedt, nu nog geen ½ kuiken.
WBL Magazine, mei 2025, jaargang 45 - nr 137
Gruttokuiken, op zoek naar insecten. Foto: Fred Geers
Ik kom elke dag in het veld en zie daar ook de kraai, de buizerd en de kiekendieven, de reigers, de ooievaar, de kokmeeuw, de kat, de wezel, de rat, de bunzing en de vos. Die zijn allemaal op zoek naar eieren of een kuiken in het land. Als je dat grote aantal roofvogels en roofdieren ziet, dan is het geen wonder dat het slecht gaat met de weidevogels. En we kunnen wel heel makkelijk zeggen dat het de schuld is van de boeren, wat ik heel vaak lees en hoor. En de moderne landbouw met veel maaien heeft daar zeker ook schuld aan. Maar boeren doen nu veel om weidevogels te sparen; ook wij hebben al ruim 30 jaar aan weidevogelbeheer gedaan. En toch gaat ook hier het aantal weidevogels achteruit. We hebben gekeken naar de oorzaak: er zijn domweg veel te veel soorten en aantallen roofvogels en roofdieren. Die allemaal geen vijanden hebben en daardoor alleen maar toenemen en die allemaal die paar kuikens bij ons in het veld pakken. Dit is al langer bekend en wordt door mensen die vaak in het veld zijn ook aangegeven, maar er wordt niets mee gedaan. We pompen er weer geld in en denken dan dat het wel goed komt. En over een paar jaar zeggen we dat het niet geholpen heeft. Zo zijn we allemaal druk geweest: niet met het beschermen van weidevogels, maar met het voeren van roofvogels en roofdieren. Oplossingen voor weidevogels Het enige wat helpt is daar waar een
kolonie weidevogels zit aan beheer en bestrijding van roofvogels en – dieren te gaan doen door daar geen nesten toe te staan. Daarnaast zouden we moeten toestaan dat er kattenvallen en kraaienvallen gezet worden. Als we ze niet dood mogen maken, dan moeten we ze in ieder geval heel ver wegbrengen. Dat is niet ideaal, omdat het probleem alleen verplaatst wordt. Eigenlijk is het grootste probleem dat de mensen die erover gaan geen beslissing durven nemen om roofvogels en roofdieren in gebieden van weidevogels fors te verminderen. Zodat weidevogelkuikens meer kans krijgen om te overleven. Ik weet dat een gedeelte van de bevolking het daar niet mee eens is. Zij zien alleen de boer als de schuldige. Maar zij moeten ook aan de gruttokuikens denken. De grutto’s en kieviten zullen ons dankbaar zijn, want zij kunnen de huidige aantallen roofdieren niet meer verjagen, zo brutaal zijn de roofvogels. Het is echt vijf voor twaalf. Als we wachten en praten dan gaat het dezelfde kant op als met de leeuwerik en de patrijs, die we nauwelijks meer zien in onze polders. En probeer dat maar weer eens terug te krijgen. Broeden met de broedmachine heeft geen zin als praktisch alles wordt opgevreten. Beter is dat de weidevogels in het veld broeden. Maar dan zullen we echt meer moeten doen aan het probleem van de roofvogels en -dieren. 9
Lees ook het artikel in onze nieuwsbrief van april jl. “'Intensiever predatiebeheer belangrijker dan 'fokprogramma' grutto'“
WBL WBL Magazine, Magazine, mei mei 2025, 2025, jaargang jaargang 4545 - nr - nr 137 137
De De hoogstamfruitboom hoogstamfruitboom in in de de Lo Lo Tekst: Tekst: Dirk Dirk van van Ziel Ziel Foto’s Foto’s Herbert Herbert Ziher Ziher
Het Het landschap landschap van van dede Lopikerwaard Lopikerwaard vormen vormen zozo een een (huis)boomgaard. (huis)boomgaard. We We bestaat bestaat uituit grote, grote, open open polders polders enen lanlan- treffen treffen zeze ook ook aan aan inin rijen rijenaast naast boerboerge,ge, bebouwde bebouwde linten. linten. Langs Langs deze deze linten linten derijen derijen ofof aan aan beide beide zijden zijden van van oprijlaoprijlastaan staan fraaie fraaie boerderijen, boerderijen, woningen woningen enen nen. nen. Soms Soms staat staat een een grote grote hoogstamhoogstamandere andere bebouwing bebouwing inin een een aantrekkelijaantrekkelij- boom boom alleen alleen opop een een erferf alsals een een solitaire solitaire ke,ke, groene groene omgeving. omgeving. InIn dede inin 2008 2008 boom. boom. verschenen verschenen publicatie publicatie “Linten “Linten inin dede leegte” leegte” wordt wordt deze deze bebouwing bebouwing enen bebe- Wat Wat is is een een hoogstamfruitboom hoogstamfruitboom planting planting opop een een uitvoerige uitvoerigenen bijzonbijzonDeDe hoogstamfruitboom hoogstamfruitboom heeft heeft een een stamstamder der mooie mooie wijze wijze beschreven. beschreven. lengte lengte van van ongeveer ongeveer twee twee meter. meter.
AlsAls dede stam stam maar maar één één meter meter is,is, spreken spreken wewe Tussen Tussen dede bebouwing bebouwing staat staat een een grote grote over over halfstam halfstam enen bijbij een eenog nog kortere kortere variëteit variëteit aan aan bomen: bomen: els, els, wilg, wilg, populier, populier, stam stam noemen noemen wewe het het een een struik. struik. Bomen Bomen kastanje kastanjenen veel veel andere andere soorten. soorten. Eén Eén met met dede takken takken inin één één vlak vlak worden worden leileiboomsoort boomsoort is is vrij vrij prominent prominent aanwezig aanwezig bomen bomen genoemd. genoemd. inin dede gehele gehele Lopikerwaard: Lopikerwaard: dede hooghoogJonge Jonge fruitbomen fruitbomen kunnen kunnen inin elke elke gegestamfruitboom. stamfruitboom. We We treffen treffen hoogstamhoogstam- wenste wenste vorm vorm opgekweekt opgekweekt worden worden door door bomen bomen aan aan van van verschillende verschillende fruitsoorfruitsoor- een een boomkweker. boomkweker.
ten; ten; vooral vooral appels, appels, peren peren enen walnoten, walnoten, afaf enen toe toe ook ookersen kersen enen pruimen pruimen enen Een Een fruitboom fruitboom bestaat bestaat altijd altijd uituit twee twee sporadisch sporadisch ook ook nog nog mispels, mispels, kweepekweepedelen: delen: een een onderstam onderstam met met een een daarop daarop ren, ren, moerbeien, moerbeien, perziken perziken enen abrikozen. abrikozen. geënt geënt ras. ras. Fruitbomen Fruitbomen zijn zijnamelijk namelijk niet niet DeDe hoogstambomen hoogstambomen staan staan soms soms met met zaadvast; zaadvast; alsals jejeen een pitpit van van een een appel appel tien tien tottot twintig twintig bomen bomen bijbij elkaar elkaar enen zaait zaait dan dan zalzal daar daar een een boom boom uitgroeien. uitgroeien. 1010
WBL WBL Magazine, Magazine, mei mei 2025, 2025, jaargang jaargang 4545 - nr - nr 137 137 Hieraan Hieraan komt komt echter echter niet niet dede appelsoort appelsoort den den bijbij boerderijen, boerderijen, alsals onderdeel onderdeel van van waaruit waaruit dede pitpit afkomstig afkomstig was, was, maar maar kleiklei- een een gemengd gemengd bedrijf. bedrijf. Vooral Vooral nana dede nene wilde wilde appels, appels, die die vaak vaak niet niet eetbaar eetbaar landbouwcrisis landbouwcrisis inin dede negentiende negentiendeeuw eeuw zijn. zijn. Het Het plantje plantje dat dat uituit dede pitpit groeit groeit zijn zijn veel veel hoogstamboomgaarden hoogstamboomgaarden aangeaangenoemen noemen wewe zaailing. zaailing. DitDit plantje plantje wordt wordt legd legd opop dede vruchtbare vruchtbare rivierklei rivierklei enen dede veredeld veredeldoor door hier hier een een oogje oogje ofof een een Limburgse Limburgse lössgronden. lössgronden. DeDe fruitteelt fruitteelt stukje stukje tak tak (ent) (ent) opop tete zetten zetten van van het het rasras was was eeuwen eeuwen lang lang onderdeel onderdeel van van gegedat dat men men wilwil hebben. hebben. Deze Deze veredeling veredeling mengde mengde boerenbedrijven, boerenbedrijven, omdat omdat het het groeit groeit dan dan uituit tottot een een forse forse boom. boom.
Het Het telen telen van van fruit fruit tete risicovol risicovol was was om om daar daar opkweken opkweken van van een een mooie mooie jonge jonge hooghoog- alsals boer boer financieel financieel volledig volledig van van afhankeafhankestamfruitboom stamfruitboom vraagt vraagt veel veel geduld geduld enen lijklijk tete zijn. zijn. Oogsten Oogsten konden konden volledig volledig vakkennis. vakkennis. AlsAls weween een jonge jonge hoogstamhoogstam- mislukken mislukken door door weersomstandigheden weersomstandigheden fruitboom fruitboom kopen kopen dan dan heeft heeft deze deze vaak vaak al al enen ziekten ziekten enen plagen. plagen. vijfvijf jaar jaar alsals plant plant bijbij dede boomkweker boomkweker gestaan. gestaan. Van Van hoogstam hoogstam naar naar kleine kleine bomen bomen NaNa dede tweede tweede wereldoorlog wereldoorlog ontstonontstonEen Een jong jong aangeplante aangeplante hoogstamboom hoogstamboom den den voor voor het het eerst eerst gespecialiseerde gespecialiseerde groeit groeit inin ongeveer ongeveer 1515 jaar jaar uituit tottot een een fruitteeltbedrijven. fruitteeltbedrijven. Dat Dat kon kon omdat omdat erer forse forse boom. boom. DeDe kroon kroon wordt wordt 7 à7 8à me8 me- chemische chemische middelen middelen beschikbaar beschikbaar kwakwaterter hoog hoog enen ongeveer ongeveer 1010 meter meter breed. breed.
men men om om ziekten ziekten enen plagen plagen tete bestrijbestrijDeDe uiteindelijke uiteindelijke grootte grootte van van dede boom boom den. den. EnEn omdat omdat erer nieuwe, nieuwe, zwakzwakverschilt verschilt per per ras. ras. Ook Ook dede grondsoort grondsoort groeiende groeiende onderstammen onderstammen ontwikkeld ontwikkeld heeft heeft invloed; invloed; opop vruchtbare vruchtbare grond grond waren. waren. Eeuwenlang Eeuwenlang werd werd een een fruitfruitworden worden dede bomen bomen groter groter dan dan opop minminboom boom opop zaailing zaailing veredeld; veredeld; deze deze onderonderder der vruchtbare vruchtbare bodem. bodem. stam stam heeft heeft veel veel groeikracht groeikracht enen vormt vormt een een grote grote boom. boom. InIn het het begin begin van van dede vorige vorigeeuw eeuw zijn zijn uituit dede zaailing zaailing zwak zwak groeiende groeiende onderstammen onderstammen ontwikkeld, ontwikkeld, die die vegetatief vegetatief vermeerderd vermeerderd kunnen kunnen worden worden door door tete stekken. stekken. Hierdoor Hierdoor werd werd het het mogelijk mogelijk om om fruit fruit aan aan kleine kleine bomen bomen Een Een hoogstamappelboom hoogstamappelboom kan kan 7070 tottot 8080 tete kweken. kweken.
Door Door dede beschikbaarheid beschikbaarheid jaar jaar oud oud worden, worden, een een hoogstampeer hoogstampeer van van bestrijdingsmiddelen bestrijdingsmiddelen enen dede zwakzwakkan kan 100 100 jaar jaar oud oud worden worden enen een een hooghoog- groeiende groeiende onderstammen onderstammen ontstond ontstond stamwalnoot stamwalnoot wel wel 300 300 jaar. jaar. meer meer controle controle over over dede teelt teelt enen was was spespecialisatie cialisatie inin fruit fruit telen telen mogelijk. mogelijk. Dat Dat is is Geschiedenis Geschiedenis voor voor dede fruitteelt fruitteelt enen ook ook voor voor het het landlandDeDe hoogstamfruitboom hoogstamfruitboom is is honderden honderden schap schap een een revolutionaire revolutionaire verandering verandering jaren jaren dede belangrijkste belangrijkste boomvorm boomvorm gegegeweest. geweest. Het Het fruit fruit was was eeuwenlang eeuwenlang opop weest weest inin dede fruitteelt. fruitteelt. InIn dede middeleeumiddeleeu- een een extensieve extensieve wijze wijze aan aan grote grote hooghoogwen wen vond vondede fruitteelt fruitteelt hoofdzakelijk hoofdzakelijk stambomen stambomen geteeld geteeld enen dat dat veranderde veranderde plaats plaats bijbij kastelen kastelen enen kloosters. kloosters.
Fruit Fruit inin relatief relatief korte korte tijd tijd inin een een intensieve intensieve werd werd inin deze deze periode periode geteeld geteeldoor door enen teelt teelt aan aan kleine kleine bomen. bomen. DeDe overheid overheid voor voor dedelite. elite. NaNa dede middeleeuwen middeleeuwen heeft heeft inin dede zestiger zestiger jaren jaren van van dede vorige vorige werd werd het het telen telen enen eten eten van van fruit fruit inin NeNe- eeuw eeuw het het rooien rooien van van dede hoogstamhoogstamderland derland veel veel algemener algemener enen werden werden boomgaarden boomgaarden gesubsidieerd gesubsidieerd om om deze deze fruitbomen fruitbomen alsals erfbeplanting erfbeplantingeplant geplant bijbij overgang overgang tete stimuleren. stimuleren. DeDe hoogstamhoogstamboerderijen. boerderijen. Het Het fruit fruit was was toen toen vooral vooral men men werden werden massaal massaal gerooid; gerooid; stamstamvoor voor eigen eigen gebruik gebruik enen groeide groeide aan aan men men werden werden afgevoerd afgevoerd enen dede takken takken hoogstambomen, hoogstambomen, omdat omdat hieronder hieronder ook ook verbrand. verbrand. Oude Oude foto’s foto’s hiervan hiervan doen doen nog nog vee vee kon kon grazen. grazen. InIn het het RivierengeRivierenge- denken denken aan aan dede verschroeide verschroeide aarde. aarde.
InIn bied bied enen inin Zuid-Limburg Zuid-Limburg werden werden inin dede dede jaren jaren tachtig tachtig werden werden dedeerste eerste subsubloop loop der der tijd tijd meer meer fruitbomen fruitbomen geplant. geplant. sidies sidies gegeven gegeven om om weer weer hoogstammen hoogstammen OpOp deze deze zeer zeer vruchtbare vruchtbare gronden gronden ontont- aan aan tete planten. planten. ‘Het ‘Het kan kan verkeren’, verkeren’, zeizei stonden stonden dedeerste eerste productieboomgaarproductieboomgaar- Bredero. Bredero.
opikerwaard pikerwaard
1111
Hoogstam-fruitboom Hoogstam-fruitboom
WBL Magazine, Magazine, mei december 2024, jaargang WBL 2025, jaargang 45 - nr 44 137- nr 136
Fruitteelt in de Lopikerwaard Kort na het ontginnen van de Lopikerwaard zijn kastelen gebouwd, daar waar nu de steden Oudewater, Montfoort, IJsselstein en het dorp Jaarsveld liggen, wat later ook in Lopikerkapel en Benschop. Met de bouw van de kastelen werd ook de fruitteelt geïntroduceerd in ons gebied. Bij de Middeleeuwse kastelen werd altijd een grote variëteit aan fruit geteeld. In de WBL-publicatie van Piet Broeders uit 1992 “Kasteel-, Buiten- en Boerentuinen”, wordt het belang van de fruitbomen bij de kastelen uitvoerig beschreven.
Hoogstamfruitbomen langs de Lek in bloei. Foto: Jan Kooijman
Hoogstamboomgaard met jonge bomen
Vanaf de 15e eeuw werden de fruitbomen ook als erfbeplanting bij de boerderijen geplant. Het fruit werd in eerste instantie voor eigen gebruik geteeld. In het westelijk deel van de Lopikerwaard bleef dat altijd zo, maar in het oostelijk deel werden later ook grotere hoogstamboomgaarden aangelegd als onderdeel van een gemengd bedrijf. Het fruit hiervan werd verkocht. Op een oude topografische kaart uit 1825 staan bij Benschop diverse boomgaarden ingetekend. Dat de ontwikkeling van de fruitteelt in het oosten anders is dan die in het westen van de Lopikerwaard is te verklaren vanuit de bodem. De huidige M.A.Reinaldaweg is ongeveer de scheiding: ten westen hiervan ligt de bodem net onder zeeniveau en bestaat deze uit zware klei, veen en klei op veen. De oostkant van de M.A. Reinaldaweg ligt grotendeels net boven zeeniveau en bestaat voor een groot deel uit mooie lichtere rivierklei, uitstekend geschikt om fruit op telen. In de tweede helft van de 19e eeuw zijn hier dan ook erg veel hoogstamboomgaarden aangeplant. In de eerste helft van de vorige eeuw was de fruitteelt hier bijzonder belangrijk, vooral rond IJsselstein en in de dorpen Benschop, Lopikerkapel en Jaarsveld. Veel mensen hielpen bij de oogst van de appels, peren en pruimen. De jaarlijkse kersenoogst was een zeer luidruchtig gebeuren omdat de vogels 12
die ook graag kersen eten, verjaagd moesten worden. Het belang en de ontwikkeling van de fruitteelt in dit gebied worden goed beschreven in de onlangs verschenen publicatie Het ‘hoge land’. Tot de zestiger jaren van de vorige eeuw domineerden de hoogstamboomgaarden het landschap van de hoger gelegen delen van de Lopikerwaard, maar mede door de rooipremie van de overheid zijn deze in korte tijd vrijwel allemaal gerooid. Nu vinden we hier een aantal zeer professionele fruitteeltbedrijven. Met een uitgekiende gewasbescherming, bemesting en verzorging worden hier op een intensieve wijze vooral peren geteeld. Op één hectare hoogstam kon vroeger 20 à 30 ton fruit geteeld worden. Nu is dat 60 à 70 ton met uitschieters van 100 ton gave peren. Dat zijn dus ongeveer een half miljoen peren per hectare. In de open polders zien we de langgerekte moderne boomgaarden duidelijk in het landschap liggen. Deze percelen zijn bijna altijd omringd door een elzenhaag om het fruit te beschermen tegen windschade. Herwaardering van de hoogstamfruitboom In de professionele fruitteelt is de hoogstam verdwenen en wordt het fruit geteeld aan kleine bomen op zwakke onderstam. In de erfbeplanting heeft de hoogstamboom echter zijn functie behouden en wordt hij weer meer en meer gewaardeerd.
De hoogstamfruitboom is een verrijking van het landschap, heeft een grote ecologische waarde en produceert lekker en gezond fruit. De overheid stimuleert door middel van voorlichting en subsidies de aanplant en het onderhoud van hoogstamfruitbomen. In de bebouwingslinten in de Lopikerwaard staan ze dan gelukkig ook nog volop aangeplant. Ook de halfstamfruitboom en struik treffen we regelmatig aan en er worden weer jonge hoogstambomen aangeplant. De toekomst van de hoogstamfruitboom ziet er goed
WBL Magazine, mei 2025, jaargang 45 - nr 137 Door Jan Kooijman, met dank aan Marieke Leentvaar (waaloord.nl)
Pakt de Lopikerwaard deze bal op? Op 4 april ging Klimaatslim Boeren op Veen Groene Hart (KSBGH) officieel van start. Na al het voorwerk in de kwartiermakersfase en het regelen van de financiële middelen, zetten partijen op deze dag hun handtekening onder de samenwerking. Dat betekent concreet dat vanaf 4 april klimaatslimme polderinitiatieven kunnen rekenen op support bij het in gang zetten van maatregelen die bijdragen aan minder bodemdaling en broeikasgasemissies. Of die een positief effect hebben op de waterkwaliteit en biodiversiteit. Er zit energie op en het borrelt in de polders. Pionieren in de polder Klimaatslim Boeren op Veen was een pionierend project (2018-2023), gericht op het poldergewijs remmen van bodemdaling en beperking van de CO2uitstoot uit veen. En daarnaast bedoeld voor het verkennen van kansrijke maatregelen die de waterkwaliteit en biodiversiteit verbeteren. Om bij te dragen aan toekomstperspectief voor de agrarische bedrijven in het veenweidegebied. Lessen gebundeld Sinds de start van de pilot Klimaatslim Boeren op Veen in 2018, is er veel polderkennis en praktijkervaring opgedaan met de organisatie van poldergewijze voorbereiding en realisatie van bodemdalingremmende en CO2- reducerende maatregelen. Er komt veel bij kijken.
Er is een Handreiking beschikbaar die handvatten biedt aan initiatiefnemers van een polderproces, gericht op het aanleggen van waterinfiltratiesystemen (WIS).
De Handreiking is opgesplitst in een aantal fases en op basis van een aantal praktische onderwerpen. Maatwerk en mensenwerk Elke polder vraagt maatwerk, toegesneden op een mix van kenmerken van het bodem- en het watersysteem (zowel op papier als in het veld, dat verschilt soms ook!), effectiviteit en keuze van maatregelen, de wens van de grondeigenaar, en de gewenste impact op polder- en systeemniveau. Daarnaast is het beleid voor het veenweidegebied sterk in ontwikkeling. Maar bovenal is het mensenwerk. Kortom, een blauwdruk bestaat niet. Aandachtspunten en tips wel! Waarom een polderaanpak? Maatregelen tegen bodemdaling hebben alleen zin als er op polderniveau voldoende grondeigenaren meedoen, met voldoende hectares. Want de aanleg van WIS vraagt een nauwe afstemming met het waterbeheer. Met polderniveau wordt een watersysteem technische eenheid - een peilvak bedoeld. Met een polderproces kunnen de betrokkenen in de polder (boeren, particulieren en eventueel terrein beherende organisaties), de stappen doorlopen voor realisatie van maatregelen zoals WIS. Bij de aanleg van WIS wordt vaak een drempel van tenminste 65% van de voor WIS geschikte gronden per peilvak gehanteerd als richtlijn. Dit omdat anders te veel verschillende bodemhoogten zouden kunnen ontstaan in een polder en vanwege effectiviteit en watersysteem.
Deze ondergrens kan worden vastgesteld door het betreffende waterschap en provincie. 13
Meer weten?
Neem contact op met Collectief Lopikerwaard. Je hoeft geen lid te zijn van dit collectief want dit programma staat open voor alle boeren. Website: klimaatslimboerenopveen.nl
WBL WBL WBL WBL Magazine, Magazine, Magazine, Magazine, mei december mei december 2025, 2025, jaargang 2024, jaargang 2024, jaargang jaargang 4545 - nr - nr 44 137 44 137 - nr - nr 136 136 Tekst Tekst enen illustraties: illustraties: Martin Martin van van Trigt Trigt
Bebouwing Bebouwingdoor doorde deja ja InIn het het WBL WBL Magazine Magazine van van december december 2024 2024 namen namen we ween een artikel artikel opop over over hoogtehoogtekaarten kaarten van van het het Actueel Actueel Hoogtebestand Hoogtebestand Nederland Nederland (AHN.nl). (AHN.nl). Een Een andere andere bron bron van van heel heel veel veel informatie informatie is is dede Basisadministratie Basisadministratie Adressen Adressen enen Gebouwen Gebouwen (BAG), (BAG), waarin waarin gemeenten gemeenten alle alle officiële officiële gegevens gegevens van van adressen adressen enen gebouwen gebouwen inin NederNederland land vastleggen: vastleggen: bouwjaar, bouwjaar, oppervlakte, oppervlakte, gebruiksdoel gebruiksdoel enen locatie locatie opop dede kaart. kaart. Het Het Kadaster Kadaster beheert beheert dede Landelijke Landelijke Voorziening Voorziening BAG BAG waar waar jeje viavia een een BAG BAG viewer viewer gegebouwen bouwen kunt kunt opzoeken, opzoeken, alal heb heb jeje alsals gewone gewone bezoeker bezoeker niet niet overal overal toegang toegang toe. toe. Een Een van van onze onze leden leden bekeek bekeek hoe hoe inin dede loop loop van van dedeeuwen eeuwen dede bebouwing bebouwing inin het het centrum centrum van van IJsselstein IJsselstein zich zich ontwikkelde. ontwikkelde.
DeDe besproken besproken gebouwen gebouwen hebben hebben een een ster ster opop het het plaatje. plaatje. Gebouwen Gebouwen enen woningen woningen die dierer ooit ooit wel wel waren waren maar maar erer in-inmiddels middels niet niet meer meer zijn, zijn, zijn zijn ook ook niet niet meer meer zichtbaar zichtbaar opop dede kaart. kaart. 1500 1500 Het Het pand pand aan aan dede Hofstraat Hofstraat 8 is 8 is meer meer dan dan 5 eeuwen 5 eeuwen oud oud enen rond rond 2020 2020 prachprachtigtigerestaureerd. gerestaureerd. Het Het zou zou gebouwd gebouwd zijn zijn alsals woning woning voor voor dede drost drost enen rentmeesrentmeesterter van van kasteel kasteel IJsselstein. IJsselstein. Het Het verhaal verhaal gaat gaat dat dat Willem Willem van van Oranje Oranje hier hier ontontvangen vangen is is omdat omdat het het IJsselsteinse IJsselsteinse raadraadhuis huis inin die die tijd tijd onvoldoende onvoldoende representarepresentatief tief was. was. Ook Ook het het klooster klooster Mariënberg Mariënberg komt komt uituit deze deze periode. periode. Tegenwoordig Tegenwoordig zitzit hier hier brasserie brasserie DeDe Kloosterhoeve. Kloosterhoeve.
Net Net buiten buiten dede huidige huidige stadsgracht stadsgracht is is aan aan dede Noordkant Noordkant dede kasteeltoren kasteeltoren vaag vaag tete zien, zien, het het enige enige deel deel van van het het kasteel kasteel dat dat bebewaard waard is is gebleven. gebleven. DeDe kern kern van van het het kaskasteel teel was was ouder, ouder, maar maar deze deze e e Loyertoren Loyertoren stamt stamt uituit dede 1616 eeuw. eeuw. InIn geschriften geschriften uituit 1279 1279 wordt wordt al al melding melding gemaakt gemaakt van van een een stenen stenen burcht burcht bijbij IJsIJsselstein. selstein. 1400 1400 Het Het oudste oudste nog nog bestaande bestaande gebouw gebouw binbinnen nen dede grachten grachten inin dede IJsselsteinse IJsselsteinse binbinnenstad nenstad is is dede Oude Oude Nicolaaskerk Nicolaaskerk uituit 1310. 1310. Daarbij Daarbij gaat gaat het het om om dede oudste oudste delen delen van van dede kerk. kerk. Het Het torendeel torendeel is is pas pas dikdik 200 200 jaar jaar later later gebouwd. gebouwd. DeDe kerk kerk was was oorspronkelijk oorspronkelijk RoomsRoomsKatholiek Katholiek maar maar is is tijdens tijdens dede reformatie reformatie inin 1577 1577 inin gebruik gebruik genomen genomen door door dede hervormden. hervormden.
DeDe katholieken katholieken waren waren vanaf vanaf toen toen gedurende gedurende lange lange tijd tijd aangeaangewezen wezen opop schuilkerken. schuilkerken. Pas Pas 3 eeuwen 3 eeuwen later later zou zou erer weer weer een een volwaardige volwaardige RKRKkerk kerk gebouwd gebouwd worden. worden. 1414
WBL Magazine, mei 2025, jaargang 45 - nr 137
aren heen - IJsselstein gebouwd dat er heden ten dage nog is. Het is opvallend hoeveel meer gebouwen uit die tijd bewaard zijn gebleven. Ook de welbekende Korenmolen De Windotter dateert van deze periode; hij werd in 1732 gebouwd.
1600 In 1560 krijgt IJsselstein weer een representatief Raadhuis of Stadhuis. Het is gebouwd in opdracht van Willem van Oranje, die door zijn huwelijk met Anna van Buren naast prins van Oranje ook baron van IJsselstein werd. IJsselstein was in die periode een zogenaamde zelfstandige heerlijkheid binnen de Republiek der Nederlanden.
1900 Eindelijk krijgt ook de roomskatholieke geloofsgemeenschap weer een volwaardige kerk. In de periode 18851887 wordt de nieuwe Sint Nicolaaskerk gebouwd, naar een ontwerp van Alfred Tepe, een van de mooiste voorbeelden van de neogothische stijl in Nederland. In de jaren 70 kreeg de kerk van de toenmalige paus de titel basilica minor, de hoogste eretitel voor een kerk buiten de stadsgrenzen van Rome. Sinds die tijd heet de kerk de Sint Nicolaasbasiliek.
1700 Dit markante pand direct aan de IJsselpoort (IJsselstraat 3) zal iedereen die IJsselstein binnenkomt direct opvallen. En dat is al eeuwenlang zo. Ontelbare reizigers van en naar Utrecht moeten hier zijn langsgekomen. Het ligt ook bijna direct aan de belangrijke vaarverbinding over de Hollandsche IJssel. 1800 In de periode 1700-1800 wordt er veel 15
Een andere interessante website waarop in kleur wordt weergegeven hoe oud gebouwen zijn, is netherlands.parallel.co.uk/ Daarop kun je met je muis door Nederland scrollen en inzoomen op de Lopikerwaard.
WBL Magazine, Magazine, mei december 2024, jaargang WBL 2025, jaargang 45 - nr 44 137- nr 136
1950 In 1950 is het centrum van IJsselstein aardig vol. Buiten de stadsgracht zijn nog opvallend weinig gebouwen. IJsselstein is heel lang een compact gebouwd stadje gebleven. Het buitengebied was weliswaar groot, maar ook dunbevolkt, er was geen behoefte aan uitbreidingen. Toen IJsselstein eenmaal begon te groeien, werden de woonwijken direct aan de oude binnenstad gebouwd.
1950
2025 In 2025 zijn in de IJsselsteinse binnenstad veel gebouwen minstens 75 jaar oud, maar tegelijk is een substantieel deel jonger.
2025
16
Dat valt niet direct op als je in de binnenstad wandelt. Niet elk gebouw is voor de eeuwigheid. Het gebied bij de Schuttersgracht is sinds 1900 maar liefst drie keer bijna volledig op de schop gegaan. De hele transformatie van 1980, waarbij in de typische bouwstijl van die tijd nieuwbouw verrees voor de Openbare bibliotheek, de Rabobank en een grote supermarkt, is in de periode 2010-2020 al weer helemaal vervangen. In deze bouw is meer rekening gehouden met het historisch karakter van de binnenstad. Veel mensen zien het dan ook als een verbetering.
WBL Magazine, mei 2025, jaargang 45 - nr 137
KNMI mast van Cabauw, meer dan een snuffelpaal Voor inwoners van Lopik en Cabauw is de meer dan tweehonderd meter hoge mast van de KNMI een herkenningspunt: als die in zicht is, zijn ze bijna thuis. Ook de rest van de Lopikerwaard herkent vooral in het donker de hoge rode lichtjes van de mast. Samen met die van de nog hogere Gerbrandytoren in IJsselstein, beter bekend als de grootste kerstboom ter wereld, vormt hij een oriëntatiepunt. Als je er langs rijdt, zijn er vaak activiteiten bij de mast. Wat gebeurt daar allemaal? Heel veel, blijkt na wat speurwerk. Bouw van de mast: 1969 – 1970 In mei 1971 schrijft medewerker T.S. Andringa in de “Interne Mededelingen” van het KNMI een artikel over de stand van zaken van de bouw. In de introductie noemt hij het “verbazingwekkend
dat er nog velen binnen het K.N.M.I. van deze groeiende, min of meer unieke en omvangrijke, meetopstelling nauwelijks of in het geheel geen weet blijken te hebben”. Tussen 21 en 28 oktober 1969 zijn de palen voor de bouw geheid, waarna de kelder wordt gebouwd, die tegelijkertijd de fundatie vormt. Daarbij is veel wateroverlast, door een lek moet tijdelijk 200 m3 water per uur worden weggepompt. De mast zelf is eigenlijk een “ietwat zwaar uitgevallen meccanodoos”: 43 stalen cilinders met een middellijn van 2 meter en een lengte van ongeveer 5 meter worden op elkaar gemonteerd. Op 50, 100, 170 en 210 meter hoogte zijn in drie richtingen tuien aan de mast gemonteerd, staalkabels van 37 mm dik en een breukbelasting van 115.000 kg. 17
Tekst: Waldien Burger met dank aan Arnoud Apituley van KNMI Foto’s: Arnoud Apituley
WBL Magazine, Magazine, mei december 2024, jaargang WBL 2025, jaargang 45 - nr 44 137- nr 136
Full rainbow rond uithouder
Voor de technisch geïnteresseerden: de tuien zijn voorgespannen met ruim 23 ton; de maximale tuitrek bedraagt circa 46 ton. Het hoogste punt van circa 226 meter wordt op 24 augustus 1970 bereikt met plaatsing van de topsectie, “compleet met gemonteerde liftmachine en bliksemopvanger”. Daarna worden rondom de mast op elke 20 meter scharnierbare
uithouders met buitenbordessen aangebracht waarop de instrumenten moeten komen. Vanaf 24 november 1970 is er een eerste, nog provisorische, opstelling voor het meten van windsnelheid op 215 m, “bestaande uit een ‘reedkontakt’ anemometer registrerend op een potentiometerrecorder die in de top van de mast is ondergebracht”. Daarna volgt meetapparatuur voor windsnelheid en – richting op 200 m en 80 m en zichtmeting op de niveaus 180, 60 en 20 m. Andringa concludeert dat het onderzoek “zoals hier op gang gaat komen tot een tamelijk unieke meetopstelling zal leiden”. Op 26 oktober 1972 is de mast officieel geopend door de toenmalige Staatssecretaris van Verkeer en Waterstaat Dr. Roelof Kruisinga. Ruim 50 jaar later De mast van Cabauw is ruim 50 jaar later nog steeds belangrijk voor onderzoek, zo niet nog belangrijker. 18
Hij is omgedoopt tot een ‘nationaal observatorium van de atmosfeer’, die wordt gebruikt voor meteorologische metingen en metingen van de samenstelling van de lucht in de onderste paar honderd meter van de atmosfeer. Daar spelen zich processen af die van groot belang zijn voor het weer, het klimaat en de verspreiding van luchtverontreiniging. Ook naast de mast staan tal van instrumenten die op afstand de atmosfeer tot op grote hoogte (15 km) meten en zo het bereik van de mast vergroten. Soms vriest het aan het aardoppervlak, terwijl het op het topje van de mast 10 graden boven nul kan zijn. Of het is aan de grond windstil, terwijl het op 100 meter hoog hard waait. Mist beperkt zich vaak tot de onderste meters, terwijl de rest van de mast zich boven de wolken bevindt. Wind, temperatuur en vocht in de onderste lagen van de atmosfeer kunnen van grote invloed zijn op het weer aan de grond. Ook zijn ze van belang voor de verspreiding van luchtverontreiniging. Deze gegevens zijn zeer waardevol voor onderzoek naar veranderingen in het klimaat en het ontwikkelen van weermodellen. De Cabauw mast is wereldberoemd in het vakgebied omdat er zoveel nieuwe kennis over de atmosfeer mee is verzameld. Onderzoekers uit de hele wereld komen naar de meetmast om nog meer te kunnen leren.