CConstaterende datOudewater
Koppel je AI →
Document · PDF

B1. Jaarstukken 2025 Oudewater RAAD (D/26/230392)

Forum Samenleving 29 juni 2026, gemeente OudewaterBij agendapunt: 6: Raadsvoorstel Jaarrekening 2025 Oudewater (228818)63.770 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 4 van 8

2 | IBOR - Openbare | Een deel van het | Lichtmasten ouder dan 40 jaar | Nee | 80 | 25% | I | 20 verlichting | verlichtingsareaal is sterk | worden op basis van kriticiteit verouderd en de constructieve | geprioriteerd en in een veiligheid is niet inzichtelijk. | vervangingsprogramma opgenomen. Overhead | Juridische zaken | Juridische kwaliteit van het | Geen | Nee | 80 | 25% | I | 20 handelen van de gemeente voldoet niet; kwaliteitsnormen worden niet altijd gehaald en regelgeving is niet (volledig) actueel, de gemeente voldoet niet aan alle wet- en regelgeving door achterstand implementatie wet- en regelgeving. Geen/minimale inzet op juridische kwaliteitszorg 6 | Legesopbrengsten | Teruglopende bouwactiviteiten of | Geen | Nee | 80 | 25% | I | 20 uitstel van projecten kunnen leiden tot lagere opbrengsten van bouwleges. 2 | IBOR - Elektrische | De elektrische installaties van de | Geen | Nee | 200 | 5% | S | 20 installaties | gemeente (ook buiten IBOR) zijn niet aantoonbaar elektrisch veilig. Veilig werken cf. de regelgeving is niet mogelijk doordat geen Installatieverantwoordelijke binnen de gemeente is aangewezen en er geen handboek voor aanwezig is. Subtotaal risico’s groter dan of gelijk aan € 100.000 | 2.480 Subtotaal risico’s kleiner dan € 100.000 | 100 Totaal risico’s | 2.580 75 Niet kwantificeerbare risico's Niet alle risico’s zijn uit te drukken in geld.

Dat wil niet zeggen dat zulke risico’s de gemeente niet kunnen schaden. Denk hierbij met name aan gebeurtenissen die imagoschade tot gevolg hebben, zoals bijvoorbeeld datalekken of achterstallig onderhoud van wegen. Het spreekt voor zich dat dergelijke risico’s om beheersmaatregelen vragen wanneer de impact ervan groot kan zijn. Het gaat bijvoorbeeld om: • | Juridische risico's / aansprakelijkheidsstelling • | Gewenste maatschappelijke effecten van het beleid worden niet bereikt • | Fraude- en integriteitsrisico's • | Continuïteitsrisico's Net als elke organisatie loopt de gemeente Oudewater risico op fraude. Hiervoor is een frauderisicoanalyse uitgevoerd en wordt in de organisatie aandacht besteed aan het onderwerp integriteit. Het ‘continuïteitsrisico’ is de kans dat de gemeente haar essentiële taken niet meer kan uitvoeren. Deze is momenteel beperkt gezien het positieve structurele Begrotingssaldo. Bovendien kennen gemeenten altijd het ‘vangnet’ van een artikel 12-status, waardoor de gemeente onder financiële curatele van het Rijk komt te staan (en dus niet failliet kan gaan). Aandachtspunt hierbij is wel de ontwikkeling van de schuldquote. Weerstandsvermogen Het weerstandsvermogen is de verhouding tussen de financiële buffer van de gemeente en de financiële risico’s die ze loopt.

Het laat zien in hoeverre de gemeente risico’s kan opvangen zonder direct te hoeven bezuinigen of beleid uit te stellen. De berekening is als volgt: Weerstandsvermogen = beschikbare weerstandscapaciteit / benodigde weerstandscapaciteit. In de Financiële Verordening is afgesproken dat het weerstandsvermogen minimaal op 1,4 moet liggen. Oftewel: de financiële buffer van de gemeente moet minimaal 1,4 keer groter zijn dan de financiële risico’s die ze loopt. Door deze marge te nemen, is de ge | meente beter in staat om risico’s op te vangen. Het totaalbedrag aan kwantificeerbare risico’s bedraagt € 2.580.000. Uit de tabel blijkt dat er voor de risico’s voldoende dekking is vanuit de beschikbare weerstandscapaciteit. Het weerstandsvermogen bedraagt 3,8. Ook de komende jaren blijft het weerstandsvermogen naar verwachting boven de norm. Bedragen x € 1.000 | Rekening 2025 | Begroting 2026 | Rekening 2024 | Begroting 2025 Beschikbare weerstandscapaciteit | 9.853 | 10.027 | 8.520 | 8.127 Ondergrens benodigde weerstandscapaciteit | 2.580 | 2.870 | 4.065 | 4.095 Bovengrens benodigde weerstandscapaciteit (risico's x 1,4%) | 3.612 | 4.018 | 5.691 | 5.856 Weerstandsvermogen ondergrens | 3,8 | 3,5 | 2,1 | 2,0 Kengetallen Financiële positie Deze paragraaf gaat in op zes financiële kengetallen.

Samen geven deze inzicht in de brede financiële positie van de gemeente, oftewel: hoe financieel gezond de gemeente is. Elk kengetal kent een aantal signaalwaarden die laten zien hoe veel of weinig risico de gemeente loopt. De signaalwaarden zijn vastgesteld in het Gemeenschappelijk Financieel Toezichtkader van de provincie. Hieronder volgt eerst een duiding van de huidige status van de kengetallen. Vervolgens zijn de kengetallen stuk voor stuk nader uitgelegd. 76 In de begroting 2025 werd uitgegaan van een schuldquote van 127%. In de jaarrekening komt deze uit op 80%. Deze ontwikkeling komt niet onverwacht: ook bij de jaarrekening 2024 en bij de begroting 2026 zagen we al een dalende trend in de schuldquote. De daling komt doordat enerzijds de schuld veel lager uitvalt dan begroot (-/- € 12 miljoen) door onder andere een achterblijvend investeringsniveau. Aan de andere kant blijven de totale baten ook harder groeien dan waar in de begroting rekening mee was gehouden (+ € 4 miljoen). Uitgangspunt blijft dat we sturen op een schuldquote die onder de 90% blijft. Kengetal | Rekening 2025 | Begroting 2026 | Rekening 2024 | Begroting 2025 a1. netto schuldquote | 80% | 116% | 73% | 127% a2. netto schuldquote gecorrigeerd voor alle verstrekte leningen | 79% | 115% | 72% | 126% b. solvabiliteitsratio | 25% | 17% | 22% | 14% c. grondexploitatie | 14% | 4% | 12% | 13% d.

structurele exploitatieruimte | 7,2% | 1,2% | 5,2% | 1,7% e. belastingcapaciteit | 118% | 124% | 121% | 128% Onderstaande tabel laat de signaleringswaarden zien. Signaleringswaarden | Minste risico | Neutraal | Meeste risico a1. netto schuldquote | < 90% | 90 - 130% | > 130% a2. netto schuldquote gecorrigeerd voor alle verstrekte leningen | < 90% | 90 - 130% | > 130% b. solvabiliteitsratio | > 50% | 20 - 50% | < 20% c. grondexploitatie | < 20% | 20 - 35% | > 35% d. structurele exploitatieruimte | > 0% | 0% | < 0% e. belastingcapaciteit | < 95% | 95 - 105% | > 105% a. netto schuldquote en netto schuldquote gecorrigeerd voor alle verstrekte leningen De netto schuldquote is de verhouding tussen de gemeentelijke schulden en jaarlijkse baten. Hoe hoger de schuldquote, hoe zwaarder de rentelasten en aflossingen drukken op de begroting. Bij een kengetal 130% is de schuld van de gemeente 1,3 keer zo hoog als de jaarlijkse baten. Bij de netto schuldquote gecorrigeerd voor alle verstrekte leningen worden de leningen van de gemeente aan derden niet meegenomen in de berekening. b. solvabiliteitsratio De solvabiliteitsratio is de verhouding tussen het eigen vermogen en het vreemd vermogen. Hoe lager de solvabiliteitsratio, hoe financieel kwetsbaarder de gemeente is. Bij een kengetal van 20% heeft de gemeente 80% van haar bezittingen met schulden gefinancierd. c.

grondexploitatie De grondexploitatie is de verhouding tussen de boekwaarde van de gemeentelijke bouwgronden in exploitatie en de totale jaarlijkse totale baten. Hoe hoger de boekwaarde, hoe meer geld van de gemeente er in ‘grond’ zit en hoe kwetsbaarder de gemeente is voor bijvoorbeeld waardedalingen. Bij een kengetal van 35% bedraagt de totale waarde van de gemeentelijke grond 35% van de jaarlijkse totale inkomsten van de gemeente. d. structurele exploitatieruimte De structurele exploitatieruimte is de verhouding tussen de structurele baten en de structurele lasten. De incidentele baten en lasten worden hiervoor buiten beschouwing gelaten. Bij een kengetal van 0% of hoger heeft de gemeente een structureel sluitende begroting. Als het kengetal negatief is, zijn er onvoldoende structurele baten om de lasten te blijven dragen. e. belastingcapaciteit De belastingcapaciteit is de verhouding tussen de gemeentelijke belastingdruk en landelijk gemiddelde belastingdruk. Hoe hoger de belastingcapaciteit, hoe meer de gemiddelde inwoner van Oudewater kwijt is aan OZB, afvalstoffen- en rioolheffing ten opzichte van de gemiddelde Nederlander. Het geeft daarmee een indicatie van de ruimte die er is om de belastingen te verhogen. Tegelijkertijd vormt de belastingcapaciteit geen ‘harde’ grens; de hoogte van belastingen is een politieke beleidskeuze.

77 78 PARAGRAAF 3 ONDERHOUD KAPITAALGOEDEREN Wat is het doel van deze paragraaf? Kapitaalgoederen zijn de gemeentelijke eigendommen (assets) in het fysiek domein. De paragraaf Kapitaalgoederen geeft inzicht in de beleidskaders, de financiële consequenties die voortvloeien uit het beleid, en de vertaling van de financiële consequenties in de begroting. Kapitaalgoederen worden onderscheiden in drie categorieën: 1. Openbare ruimte: de openbaar toegankelijke wegen, parken en inrichting. 2. Riolering: het stelsel voor hemelwaterafvoer, huisaansluitingen en infiltratie. Riolering is financieel een gesloten systeem dat gevoed wordt vanuit de rioolheffing. 3. Vastgoed: gebouwen, zoals het stadhuis en de sporthal, en niet-openbare terreinen, zoals de gemeentewerf, sportvelden en de begraafplaats. Wettelijk kader en gemeentelijk beleid Per hoofdonderwerp wordt een toelichting gegeven op de belangrijkste wettelijke kaders en op het gemeentelijk vastgesteld beleid.

Op alle onderwerpen is in relatie tot de kapitaalgoederen het gemeentelijk financieel beleid van toepassing: • Besluit Begroten en Verantwoorden en de Nota Financiële Sturing waarin de regels zijn vastgelegd ten aanzien van de financiering van exploitatie en investeringen Openbare ruimte Het wettelijk kader voor de instandhouding van de openbare ruimte bestaat uit de zorgplicht om het areaal veilig te houden voor gebruik (inwoners, recreanten, passanten) en om te borgen dat beheer en onderhoud veilig kan geschieden (arbo). De belangrijkste wetgeving hier is: • Wegenwet (bevat eisen voor de verharding inclusief kunstwerken die deze functie vervullen) • Waterwet (bevat eisen voor de gemeentelijke taken Afvalwater, Regenwater en Grondwaterstand en hiertoe dient de rioolheffing) • Wet milieubeheer (bevat eisen voor o.a. riolering en baggeren) • | Woningwet, uitgewerkt in het bouwbesluit (bevat eisen voor bouwwerken geen gebouw zijnde en aansluiting van woningen op de omgeving) Andere wetgeving zoals de Wegenverkeerswet en Wet natuurbescherming zijn primair van toepassing bij (ver)bouw en in mindere mate bij instandhouding. De mate waarin aankomende Omgevingswet van invloed is op instandhouding is nog niet bekend.

Bovenop het wettelijk kader heeft de gemeente eigen beleid vastgesteld voor de instandhouding van de openbare ruimte: • | Beleidsplan Wegbeheerplan 2017-2026 (17R.00368) waarin primair besloten is Beeldkwaliteit B voor de verharding te hanteren en financieel te werken met een Voorziening voor de exploitatie. • | Beleidsplan Groenblauw 2021-2030 (D/21/006934) - vastgesteld door college niet door de gemeenteraad • | Nota Openbare Speelruimte 2013 (raadsbesluit 3 oktober 2013) waarin primair besloten is een reductie van speelvoorzieningen door te voeren Riolering Het wettelijk uitgangspunt voor riolering omvat: • | Waterwet (bevat eisen voor de gemeentelijke taken Afvalwater, Regenwater en Grondwaterstand en hiertoe dient de rioolheffing) • | Wet milieubeheer (bevat eisen voor o.a. riolering en baggeren) Gemeentelijk is het volgende beleid vastgesteld: • | Gemeentelijk WaterbeleidsPlan (GWP) 2020-2024 (19.011511). Er wordt nu gewerkt aan een nieuw Omgevingsprogramma Groen, Biodiversiteit en Klimaatbestendig, waar de uitgangspunten van dit beleidsstuk in terug zullen komen. • | Actieplan Klimaatbestendig Oudewater 2050 (D/21/004386) Vastgoed Uitgangspunt voor het onderhoud aan het gemeentelijk vastgoed is het meerjaren | - onderhoudsprogramma, gebaseerd op de NEN 2767. Het beleidsniveau wordt gekwantificeerd op basis van een conditiescore op een zespuntsschaal.

Voor het gemeentelijk vastgoed wordt de conditiescore 3 gehanteerd. Jaarlijks wordt het onderhoud opgenomen in een taakstellend jaarplan. Bij de uitvoering van onderhoud wordt rekening gehouden met gebouwen die eventueel gesloopt of verkocht kunnen worden. • | Duurzaam meerjarenonderhoudsplan (DMOP) 2021-2030 Openbare ruimte Assetmanagement, het procesmatig en planmatig beheer van de openbare ruimte, omvat alle activiteiten om de fysieke assets heel en veilig te houden binnen de gestelde kaders. Assetmanagement draait om de afweging tussen kosten, prestaties en risico's. Kosten zijn de berekening van de areaalomvang en benodigde maatregelen, om te voldoen aan de vastgestelde prestaties binnen acceptabele risico's. Prestaties zijn de wettelijke en gemeentelijke beleidskaders. Voor sturing op risico's is nog geen beleidskader gedefinieerd. Zonder risicokader worden de benodigde middelen bepaald door deze formule: 79 80 Er is nog niet IBOR-breed getoetst of de beschikbare middelen en organisatie aansluiten op het areaal en de kaders. In lijn/samenwerking met de herijking openbare ruimte in gemeente Woerden worden scenario's aan de raad voorgesteld. Ten aanzien van (vervangings-)investeringen worden per project separate kredieten aangevraagd.

De openbare ruimte bestaat in hoofdlijn uit de volgende assets: Type asset Omvang (indicatie) Kwaliteitseis Verharding 600.000 m2 CROW Beeldkwaliteit B Beplanting 110.000 m2 Zorgplicht Bomen 8.300 st. Zorgplicht Bruggen en steigers 54 st. CROW Beeldkwaliteit B voor rijbaan als onderdeel van verharding Gras 535.000 m2 Zorgplicht Inrichtingselementen 3.000 st. Zorgplicht Kademuren en damwanden 1.300 m1 Zorgplicht Lichte beschoeiingen onbekend m1 Zorgplicht Markt- en Evenementenkasten 1 st. Zorgplicht Openbare Verlichting 2.600 st. Zorgplicht Speeltoestellen 112 st. Zorgplicht Openbare ruimte - inzicht in exploitatie Onderstaande tabel geeft inzicht in de exploitatie die gemoeid is met de openbare ruimte. De grootste aandachtspunten zijn: Openbare verlichting In 2025 is de openbare verlichting in eigendom van gemeente Oudewater gekomen en is gestart aan het meerjarig in de markt zetten van het onderhoud. De afronding van deze aanbestedingsprocedure zal in 2026 plaatsvinden.

SAMENVATTING 2025 | Begroot exploitatie | Werkelijk exploitatie | Begroot investeringen | Werkelijk investeringen 2025 | 2025 | 2025 | 2025 A) IBOR | 1-Verhardingen | 1.782.795 | 1.831.796 | 8.036.751 | 2.099.497 1-Gladheidbestrijding | 0 | 0 | 0 | 0 2-Groenvoorziening | 542.063 | 531.056 | 273.559 | 165.518 2-Onkruidbestrijding | 149.743 | 162.883 | 0 | 0 2-Speelvoorzieningen | 28.752 | 34.391 | 340.500 | 338.672 3-Straatmeubilair | 18.572 | 13.083 | 75.000 | 0 3-Elektrakasten | 4.660 | 13.440 | 0 | 0 3-Verlichting | 354.326 | 301.118 | 1.333.250 | 1.098.929 4- | 175.725 | 175.431 | 74.099 | 19.037 Beschoeiingen/kademuren 5-Civiele kunstwerken | 340.402 | 304.608 | 5.641.250 | 837.038 Subtotaal | 3.397.038 | 3.367.806 | 15.774.409 | 4.558.691 B) | Riolering | 1.712.467 | 1.181.105 | 4.399.227 | 2.238.821 C) | Baggeren | 280.586 | 165.465 | 0 | 0 D) | Sportvelden (complex) | 0 | 0 | 275.000 | 275.000 Totaal | 5.390.091 | 4.714.376 | 20.448.636 | 7.072.512 Openbare ruimte - inzicht in investeringen Investeringen worden per project aangevraagd bij de Raad, de begroting voorziet niet in structurele investeringen of investeringsruimte voor de openbare ruimte. Projecten doorlopen de fasen voorbereiding en uitvoering. Voor grote nieuwe investeringen wordt in het vervolg gestart met een Planstudie, om aan de voorkant een realistischere projectraming aan de Raad voor te kunnen leggen.

Project | Projectfase | Toelichting Renovatie | Voorbereiding | Project is in voorbereiding. Aanbesteding voor bouwteam. Hoenkoopsebrug Groot-onderhoud | Project is in voorbereiding. Q3-2026 volgen scenario's aan verharding Lange | Voorbereiding | de raad voor wijze van uitvoering (ahv. schadebeelden en Linschoten | onderzoeken) Reconstructie Brede | Afgerond | Fase 1 t/m 3 van het project zijn opgeleverd. Dijk: fase 1 t/m 3 Reconstructie Brede | Uitvoering | Werk is in uitvoering. Dijk: fase 4 en 5 Aanpassen rotondes | Uitvoering | Werk is in uitvoering. Gecombineerd werk met Reconstructie J.J. Vierbergenweg | Brede Dijk. Bruggen en | Laatste deel van de restauratiewerkzaamheden (Oost kademuren | Uitvoering | Ijsselkade en vleugelwanden Romeinsbrug) zijn in Binnenstad | uitvoering. Overige delen zijn al gereed en opgeleverd. Masterplan Binnenstad - Markt | Voorbereiding | Project is in voorbereiding. Aanbesteding loopt. e.o. 81 Westerwal (straat) | Afgerond | Project is opgeleverd en afgerond. De beoogde revitalisering is aangepast naar reconstructie en Reconstructie | Definitiefase | ophoging van de openbare ruimte. Onderzoek loopt of Tappersheul 1+2 | riolering ook meteen meegaat. Werk heeft samenhang met ontwikkeling Tappersheul 3.

Bedragen x € 1.000 Investering verharding (wegen) | Begroting | Jaarrekening Fietsverbinding Heemraadsingel en Boezemsingel 2025 | 173 | 0 Masterplan binnenstad 2021 bovengronds | 133 | 132 Masterplan binnenstad 2023 bovengronds Gasplein | 343 | 259 Masterplan binnenstad 2024 bovengronds Gasplein | 1.287 | 55 Masterplan binnenstad 2025 bovengronds | 100 | 4 Revitalisering Tappersheul 1 en 2 2025 | 0 | 5 Rotondes Brede dijk - fietsveiligheid 2025 | 142 | 18 Verv. verharding Brede Dijk 2021 | 2.192 | 1.531 Verv. verharding Lange Linschoten (uitvoering) 2024 | 3.550 | 2 Verv. verharding Lange Linschoten (voorbereiding) 2023 | 118 | 93 TOTAAL | 8.037 | 2.099 Groen De kaders, financiën en organisatorische inbedding blijken onvoldoende op orde. Het is daardoor lastig om binnen de budgetten op het gewenste niveau het onderhoud te kunnen blijven uitvoeren. In 2025 is met succes ingezet op de werving van professionele capaciteit om met bomenbeleid en het groenbeheer aan de slag te gaan. Bedragen x € 1.000 Investering groen en bomen | Begroting | Jaarrekening Vervanging beplanting 2022-2024 | 65 | 41 Vervanging beplanting 2025 | 35 | 0 Beplanting Brede Dijk 2023 | 65 | 32 Bomen Brede Dijk 2023 | 108 | 85 TOTAAL 2024 | 274 | 158 Riolering In financieel opzicht is het uitgangspunt een kostendekkende exploitatie via de tarieven.

Wanneer sprake is van een incidentele verstoring (pieken of dalen) wordt een en ander geëgaliseerd door een bijdrage uit of storting in de voorziening Riolering. Hiermee wordt gezorgd voor kostendekkend waterbeheer vanuit de rioolheffing voor de lange termijn. 82 Bedragen x € 1.000 Investeringen Riolering | Begroting | Jaarrekening Duikers en NVO 2022 | 40 | 79 Duikers en NVO 2023 | 48 | 37 Duikers en NVO 2024 | 47 | 0 Duikers en NVO 2025 | 50 | 0 Gemalen elektronische deel 2023 | 7 | 10 Gemalen elektronische deel 2025 | 260 | 0 Drukriolering elektronische deel 2023 | 209 | 180 Drukriolering elektronische deel 2024 | 425 | 364 Vrijvervalriolering 2025 | 120 | 0 Vervanging riool Brede Dijk 2021 | 1.447 | 1.152 Masterplan binnenstad tranche 4 2022 | 377 | 100 Masterplan binnenstad tranche 5 2023 | 1.077 | 312 Masterplan binnenstad tranche 6 2024 | 293 | 5 TOTAAL | 4.399 | 2.239 Civiele kunstwerken In 2025 zijn diverse civiele kunstwerken opgeknapt of renovaties van constructies voorbereid en gestart met uitvoering. Werken aan civiele kunstwerken vraagt specialistische kennis. Met behulp van externe experts dragen we zorg voor de veilige instandhouding van deze assets.

Bedragen x € 1.000 Investering civiele kunstwerken | Begroting | Jaarrekening Hoenkoopsebrug | 3.648 | 419 IBOR kades en gemetselde bruggen bin.stad 2022 | 90 | 90 Brug Westerwal | 225 | 0 Vervanging fiets en voetgangersbruggen 2024 | 53 | 0 Vervanging kademuren en gemetselde bruggen 2024 | 26 | 33 Vervanging kademuren en gemetselde bruggen 2025 | 1.600 | 296 TOTAAL | 5.641 | 837 Bedragen x € 1.000 Investering oevers en beschoeiingen | Begroting | Jaarrekening Herstel oevers Lange Linschoten tranche 2022 | 9 | 19 Beschoeiingen vervangen 2025 | 65 | 0 TOTAAL | 74 | 19 83 Vastgoed Onderhoud Gemeentelijk Vastgoed De onderhoudsstrategie is om het gemeentelijke vastgoed in een goede staat te houden. Dit gebeurt aan de hand van een meer jaren onderhoud- en investeringen programma. Hiervoor worden met externe partijen contracten afgesloten. Het team vastgoed is opdrachtgever en stuurt en voert regie over de doelmatige en rechtmatig inzet van de ter beschikking gestelde financiële middelen. Richtlijnen om het vastgoed in goede staat van onderhoud te houden gebeurt aan de hand van de NEN 2767 conditiemeting vastgoed. Deze richtlijn vormt tevens de basis voor de financiële inrichting van het meer jaren onderhoud | - en investeringsprogramma. Deze onderhoudsplannen zijn in 2021 opgesteld.

Het installatietechnische onderhoud is in 2024 meerjarig aanbesteed, het contract is ingeg | aan in 2025. De werkzaamheden die hieruit voortvloeien zijn geclusterd en inmiddels gecontracteerde partijen onder regie uitgevoerd. Het voornemen is om de MJOP’s in 2026 te laten actualiseren, waarbij ook verbeteringen en uitbreiding van de plannen zullen worden meegenomen. Tijdens de uitvoering moeten in de dagelijkse praktijk in 2025 rekening worden gehouden met | invloeden zowel binnen -als buitenaf, dat waren bijvoorbeeld aanvullende wensen van onze bestuurders, wensen en eisen van onze huurders, beschikbare middelen en formatie, marktomstandigheden (schaarste) en weersinvloeden. Daardoor kon het in de praktijk gebeuren dat gepland onderhoud of vervangingen eerder hadden moeten gebeuren, of dat werkzaamheden uitgesteld of geschrapt werden door nieuwe (b | eleids) ontwikkelingen en of invloeden van buitenaf. De kwaliteit en de veiligheid van het vastgoed is onder deze omstandigheden niet negatief beïnvloed. In 2025 is het reguliere onderhoud met de middelen die ter beschikking stonden zo effectief en efficiënt mogelijk uitgevoerd. Financiën Preventief en correctief onderhoud Het preventief en correctief onderhoud wordt bekostigd vanuit de exploitatie, waarbij de begroting is gebaseerd op een 10-jaarlijks gemiddelde per gebouw.

In 2025 is het preventief en correctief onderhoud conform het (MJOP) meerjarig onderhoud plan grotendeels uitgevoerd. Investeringen Naast preventief- en correctiefonderhoud zijn in 2025 voorbereidingen getroffen om de Heksenwaag, Brandweerkazerne, Stadhuis en Touwmuseum te verduurzamen. Deze uitgaven worden gedekt uit eerder ter beschikking gestelde middelen. Ondanks dat dit uitdagende | locaties zijn om te verduurzamen loopt dit in de pas van de begroting. Planmatig onderhoud Voor het bekostigen van het planmatig onderhoud wordt er gewerkt met een voorziening. Aan deze voorziening wordt jaarlijks gedoteerd op basis van een doorrekening van het 10 | -jaarlijkse gemiddelde per gebouw. Vervolgens kan op deze voorziening worden geboekt voor het uitvoeren van het planmatig onderhoud. In het financieel overzicht is te zien dat de uitgaven in 2025 onder druk stonden, dat is deels te verklaren door personele verloop en moeilijk te vervullen formatieplaatsen binnen het t | eam vastgoed. Verloop voorziening gebouwen Saldo 1-1-2025 | €1.224.931,72 Toevoeging 2025 | € | 166.814,00 Onttrekking 2025 | € | -89.671,84 Saldo 31-12-2025 | €1.302.073,88 84 85 PARAGRAAF 4 FINANCIERING Wat is het doel van deze paragraaf? De financieringsparagraaf heeft als doel de raad te informeren over het beleid op het vlak van financiering/treasury en de daarmee samenhangende risico’s.

Wettelijk kader en gemeentelijk beleid De Wet financiering decentrale overheden (Wet Fido) vormt het wettelijk kader. Het doel van deze wet is het bevorderen van de kredietwaardigheid en van de transparantie van het financieringsbeleid. In de Wet Fido zijn de kaders gesteld voor een verantwoorde inrichting en uitvoering van de financieringsfunctie van de decentrale overheden. Voorbeelden hiervan zijn de kasgeldlimiet en de renterisiconorm. De gemeente beschikt verder op grond van de Wet Fido over een Treasurystatuut dat op 14 maart 2024 door de raad is vastgesteld. Vanwege de samenwerking met Woerden, geldt voor beide gemeenten hetzelfde statuut. In de Wet Hof (Houdbare overheidsfinanciën) is opgenomen dat het Rijk en de medeoverheden een gelijkwaardige inspanningsplicht hebben om de begrotingseisen te respecteren. De gelijkwaardige inspanning wordt uitgedrukt in een macronorm voor het EMU-saldo van de medeoverheden gezamenlijk. Gemeenten, provincies, waterschappen en openbare lichamen ingesteld op basis van de Wet gemeenschappelijke regelingen zijn verplicht tot deelname aan schatkistbankieren, wat inhoudt dat zij hun liquide middelen moeten aanhouden bij de schatkist van het Rijk. Verplicht schatkistbankieren voor decentrale overheden is ingesteld om de overheidsschuld terug te dringen.

Het rekening -courantsaldo bij de Bank Nederlandse Gemeenten wordt afgeroomd ten gunste van de rekening-courant van het Rijk. Het beleid is erop gericht de rentelasten zo veel als mogelijk te beperken door op het juiste moment te consolideren op basis van de voorliggende treasuryprognose en de actuele renteontwikkeling. Ontwikkelingen Risicobeheer Onder risico’s wordt begrepen: rente-, krediet-, liquiditeits- en valutarisico’s. Deze spelen in Oudewater als volgt een rol: • De te beheersen renterisico’s op grond van de Wet Fido uiten zich concreet in de kasgeldlimiet en de renterisiconorm. Beide instrumenten beogen de renterisico’s te begrenzen die verbonden zijn aan de korte en lange schuld. Deze worden in de volgende paragrafen nader toegelicht. • Valutarisico’s spelen geen rol. Transacties in vreemde valuta doen zich niet voor en de gemeente neemt alleen deel in het aandelenvermogen van twee (semi)overheidsgerichte instellingen, namelijk Bank Nederlandse Gemeenten en Vitens. Dit aandelenbezit is ec hter niet gebaseerd op winstoogmerk c.q. speculatieve doeleinden. Het risico van deze aandelen vinden wij verwaarloosbaar. De aandelen worden gewaardeerd tegen de historische kostprijs. • De kredietrisico’s zijn zeer gering.

De risico’s die voortvloeien uit een mogelijke waardedaling van de vorderingspositie ten gevolge van het (niet) tijdig kunnen nakomen van de verplichtingen door de tegenpartij (kredietrisico) worden in het Treasurystatuut geregeld conform de eisen die de Wet Fido stelt. 1. Kasgeldlimiet De kasgeldlimiet is het maximumbedrag waarvoor kortlopende middelen mogen worden aangetrokken op de geldmarkt. Dit maximum bedraagt 8,5% van het begrotingstotaal (lasten) met een minimum van € 300.000. De kasgeldlimiet voor 2025 is berekend in onderstaande tabel. Daar staat ook de informatie over de verwachte kasgeldlimiet in de komende jaren. Bij het structureel overschrijden van de kasgeldlimiet dienen maatregelen genomen te worden zoals het aantrekken van langlopende geldleningen en/of het beperken van het aangaan van de korte schuld. Grondslag | Jaarrekening | Begroting | Begroting | Begroting | Begroting 2025 | 2026 | 2027 | 2028 | 2029 Begrotingsomvang (excl. mutaties reserves) | 33.690 | 35.321 | 24.838 | 34.371 | 34.517 Toegestane kasgeldlimiet - in procenten | 8,5 | 8,5 | 8,5 | 8,5 | 8,5 - in bedrag | 2.864 | 3.002 | 2.111 | 2.922 | 2.934 (bedragen x € 1.000) 2.

| Renterisiconorm Het renterisico op de vaste schuld is de mate waarin het saldo van de rentelasten verandert door wijzigingen in het rentepercentage op leningen en uitzettingen met een oorspronkelijke rentetypische looptijd van een jaar of langer. Om dit risico te beperken, schrijft de wet voor dat herfinanciering jaarlijks maximaal 20% van het begrotingstotaal mag bedragen. Het doel van deze norm is om overmatige afhankelijkheid van het renteniveau in één jaar te voorkomen. Indien wordt afgeweken van de renterisiconorm kan ontheffing worden verleend. Als bij afwijkingen de toezichthouder wordt geïnformeerd en ontheffing wordt verkregen, handelt de gemeente rechtmatig. Afwijking van de renterisiconorm is niet aan de orde voor de gemeente Oudewater. Onderstaande tabel heeft, conform de Uitvoeringsregeling Financiering decentrale overheden alleen betrekking op de komende vier jaren. Over het afgelopen begrotingsjaar hoeft geen verantwoording afgelegd te worden. Grondslag | Begroting | Begroting | Begroting | Begroting 2026 | 2027 | 2028 | 2029 Begrotingsomvang (excl.

mutaties reserves) | 35.321 | 24.838 | 34.371 | 34.517 Toegestane renterisiconorm - In procenten | 20% | 20% | 20% | 20% - In bedrag, maximum | 7.064 | 4.968 | 6.874 | 6.903 - In bedrag, minimum (wettelijk bepaald) | 2.500 | 2.500 | 2.500 | 2.500 Renterisico - Renteherziening | 0 | 0 | 0 | 0 - Aflossing | 1.480 | 1.480 | 1.480 | 1.480 Renterisiconorm Toets renterisiconorm - Toegestane renterisiconorm | 7.064 | 4.968 | 6.874 | 6.903 - Begroot renterisico | 1.480 | 1.480 | 1.480 | 1.480 Onderschrijding renterisiconorm | € 5.584 | € 3.488 | € 5.394 | € 5.423 Overschrijding renterisiconorm | € 0 | € 0 | € 0 | € 0 (bedragen x € 1.000) 3. Renteresultaat op treasury Het BBV geeft als aanbeveling om in de financieringsparagraaf het renteresultaat op treasury op te nemen. Met onderstaand overzicht wordt gehoor gegeven aan deze aanbeveling. 86 87 bedragen x € 1.000 Werkelijk 2025 a1. externe rentelasten lange financiering 538 a2. externe rentelasten korte financiering 22 b. rentebaten -51 totaal a+b 510 c1. rente die aan de grondexploitatie moet worden doorberekend -42 c2. rente projectfinanciering door te berekenen taakvelden totaal c -42 Saldo door te berekenen externe rente (a+b+c) 468 d1. rente over reserves/voorzieningen 0 d2. rente voorzieningen tegen contante waarde 0 totaal d 0 e. aan taakvelden door te berekenen externe rente (a+b+c+d) 468 f.

werkelijk aan taakvelden toegerekende rente (renteomslag) 404 Renteresultaat op treasury (e-f) 64 4. Financieringsbehoefte en leningenportefeuille Voor de bepaling van de financieringspositie zijn de financieringsbehoefte (geïnvesteerd vermogen in de huidige en nieuwe vaste activa) en de financieringsmiddelen (opgenomen langlopende leningen, reserves en voorzieningen) van belang. Het verloop van de financieringspositie over de jaren 2025 tot en met 2029 is opgenomen in onderstaande tabel. Financieringspositie per 31-12 | Jaarrekening | Begroting | Begroting | Begroting | Begroting (bedragen x € 1.000) | 2025 | 2026 | 2027 | 2028 | 2029 Financieringsbehoefte Investeringen | 45.958 | 60.698 | 63.599 | 66.446 | 63.867 Financiële vaste activa | 467 | 422 | 422 | 422 | 422 Grondexploitaties | 4.913 | 1.380 | -1.714 | -1.554 | -1.554 Totaal financieringsbehoefte (1) | 51.338 | 62.500 | 62.307 | 65.314 | 62.735 Financieringsmiddelen Reserves | 14.855 | 12.821 | 12.765 | 12.756 | 12.757 Voorzieningen | 8.311 | 8.995 | 8.997 | 9.585 | 10.041 Opgenomen langlopende leningen | 27.333 | 38.256 | 38.079 | 40.581 | 37.533 Totaal financieringsmiddelen (2) | 50.499 | 60.072 | 59.841 | 62.922 | 60.331 Financieringssaldo (2-1) | -839 | -2.428 | -2.466 | -2.392 | -2.404 De financieringsbehoefte van de gemeente wordt bepaald aan de hand van de liquiditeitsprognose.

Op basis van de verwachte baten en lasten (kasstromen) wordt een schatting gemaakt van het verwachte liquiditeitsverloop. Voor een goede liquiditeitsplanning is vooral inzicht nodig in de financiële planning van grote projecten en investeringen. In onderstaande tabel is de verwachte ontwikkeling van de portefeuille aan langlopende leningen weergegeven. Overzicht langlopende leningen | Jaarrekening | Begroting | Begroting | Begroting | Begroting (bedragen x € 1.000) | 2025 | 2026 | 2027 | 2028 | 2029 Beginstand per 1 januari | 28.813 | 27.333 | 33.950 | 33.773 | 36.275 Nieuwe geldleningen | - | 8.097 | 1.303 | 3.982 | -1.568 Aflossingen | 1.480 | 1.480 | 1.480 | 1.480 | 1.480 Eindstand per 31 december | 27.333 | 33.950 | 33.773 | 36.275 | 33.227 Het verloop van het saldo van de langlopende geldleningen en de hieraan gekoppelde gemiddelde rentepercentages zijn in onderstaande tabel opgenomen: Datum | saldo langlopende leningen (x € 1.000) | gemiddelde rente | omslag-perc.

1-1-2022 | 12.920 | 1,37% | 1,00% 1-1-2023 | 21.440 | 1,42% | 1,50% 1-1-2024 | 19.627 | 1,74% | 1,50% 1-1-2025 | 23.813 | 1,91% | 1,50% 1-1-2026 | 27.333 | 1,91% | 1,00% De afgesloten leningen van de laatste tien jaar zijn in onderstaande tabel opgenomen: jaar | bedrag | rente (€ x 1.000) 2012 | 2.000 | 2,91% 2020 | 7.000 | 0,21% 2022 | 3.000 | 1,15% 2022 | 10.000 | 2,03% 2024 | 5.000 | 3,13% 2024 | 5.000 | 2,75% 5. Uitgangspunten 88 89 In de meerjarenbegroting 2026-2029 is rekening gehouden met de volgende rentepercentages in de staat van activa. - Renteomslagpercentage 1,00 % - Rente nieuwe investeringen 3,00 % - Rente grondbedrijf 1,00% De netto-rentelasten die de gemeente verschuldigd is voor de aangetrokken geldleningen worden via het renteomslagpercentage verdeeld over de programma's. De toerekening vindt plaats op basis van de boekwaarde van de Materiële Vaste Activa. De rente wordt berekend vanaf 1 januari van het boekjaar volgend op de betreffende investering. 6. Verwachting Prognoses over de rente hebben doorgaans een min of meer ‘’glazenbol’’ niveau. Dit gegeven wordt nog versterkt door de vele onzekerheden in de geopolitiek. De verwachting is dat in de komende jaren de rente eerder zal stijgen dan dalen.

PARAGRAAF 5 BEDRIJFSVOERING Wat is het doel van deze paragraaf? Bedrijfsvoering draait om de vraag: hoe sturen en beheersen we de organisatie om de geplande resultaten effectief en efficiënt te realiseren? Ook voor de ambities in deze begroting is een goeie bedrijfsvoering onontbeerlijk. Deze paragraaf geeft daarom inzicht in de belangrijkste ontwikkelingen, te behalen resultaten en activiteiten voor de gemeentelijke bedrijfsvoering. Hieronder volgt eerst een stuk over de DVO en UVO met de gemeente Woerden. Vervolgens komen de ontwikkelingen rondom informatiebeleid en rechtmatigheid aan bod. DVO en UVO met gemeente Woerden Dienstverleningsovereenkomst (DVO) / Samenwerkingsovereenkomst (SOK) Op 1 januari 2026 zal de organisatie met de nieuwe samenwerkingsovereenkomst werken voor Woerden en Oudewater. Centraal daarin staat één gezamenlijke opdracht aan de organisatie, waarmee dubbele aansturing wordt voorkomen en de beschikbare ambtelijke capaciteit beter aansluit bij de bestuurlijke prioriteiten. Ook wordt de rolverdeling tussen eigenaar, opdrachtgever en opdrachtnemer helder vastgelegd, zodat sturing, uitvoering en verantwoording logisch en voorspelbaar verlopen. De samenwerking biedt ruimte voor zowel maatwerk als uniformiteit, met als uitgangspunt dat uitvoering altijd zo praktisch en eenvoudig mogelijk moet zijn.

De borging vindt plaats via de ONS -desk (Onze Nieuwe Samenwerking-desk), die coördineert, faciliteert en de schakel vormt tussen bestuur en organisatie. . In onderstaande tabel staan de bedragen die gemoeid zijn met de dienstverlening door Woerden. 90 Omschrijving Bedrag Te betalen aan de gemeente Woerden (incl. indexatie 2024) Bijdrage op basis van de DVO 6.265.234 Constructeur 17.908 Horecacoördinatie (t/m 2024) 23.878 BOA 65.667 Klimaatakkoord 102.010 Vergunningsverlener 77.848 btw 55.040 Totaal te betalen aan de gemeente Woerden € 6.607.585 Omschrijving Bedrag Te ontvangen van de gemeente Woerden: Bijdrage team Oudewater 120.000 Bijdrage in griffiekosten Oudewater 18.000 Totaal te ontvangen van de gemeente Woerden € 138.000 Communicatie Communicatie Communicatie door de gemeente moet helpen om maatschappelijke opgaven te realiseren. De gemeentelijke communicatieadviseurs doen dit door inwoners via verschillende communicatiekanalen te informeren, contact te houden met de samenleving en actief te volgen wat er in de omgeving speelt. Maar ook door bij te dragen aan het versterken van het communicatief vermogen van de organisatie. Bij crises en ingrijpende gebeurtenissen in de samenleving, zorgt het team met de bestuurders voor gerichte betekenisvolle uitingen van steun of duiding. Sinds 2025 werkt de gemeente volgens de methodiek ‘Communiceren met focus’.

Hierin staan de maatschappelijke opgave, de behoeften vanuit de samenleving en de impact die communicatie al dan niet kan maken centraal bij het bepalen van de communicatieve prioriteiten. Daarnaast sluiten we met communicatie over onze dienstverlening aan bij de uitgangspunten uit het dienstverleningskader en de resultaten van het e-mailonderzoek. Duidelijke communicatie is daarbij het uitgangspunt. Het aantrekken en behouden van nieuwe medewerkers is een belangrijke opgave voor de organisatie, waar team Communicatie met gerichte arbeidsmarktcommunicatie aan bijdraagt. Tot slot hebben we met interne communicatie een bijdrage geleverd aan de organisatieontwikkeling Informatiebeleid Informatiebeleid ICT blijft belangrijk voor onze taken en het functioneren van de gemeente. Onze organisatie en de maatschappij worden steeds afhankelijker van ICT. Bedrijfsprocessen moeten goed werken met IT. Daarbij zoeken we een balans tussen gebruiksvriendelijkheid en informatiebeveiliging. Informatiebeveiliging richt zich op beschikbaarheid, integriteit en vertrouwelijkheid. In 2025 hebben we hier autonomie en soevereiniteit in IT aan toegevoegd. 91 Tegelijkertijd zien we nieuwe ontwikkelingen, zoals de snelle opkomst van kunstmatige intelligentie (AI). AI biedt kansen om onze dienstverlening te verbeteren, processen efficiënter te maken en medewerkers te ondersteunen.

Tegelijkertijd brengt AI risico’s met zich mee, bijvoorbeeld op het gebied van privacy, informatiebeveiliging en afhankelijkheid van leveranciers. Daarom zetten we AI bewust en verantwoord in. We zorgen dat toepassingen uitlegbaar en betrouwbaar zijn en dat de mens de regie houdt. AI moet passen binnen wet- en regelgeving en bijdragen aan publieke waarden. In 2025 hebben we hiervoor een AI-protocol vastgesteld en een kopgroep opgeleid. In 2026 werken we dit verder uit in een AI-strategie. Mede door de toegenomen digitale dreiging en de behoefte aan samenhang in onze informatievoorziening, sluiten we aan bij het landelijke programma Common Ground van de VNG. Dit helpt ons om samen met andere gemeenten te werken aan een moderne en toekomstbes tendige informatievoorziening. Intern blijft digitaal samenwerken belangrijk. Medewerkers moeten plaats- en tijdonafhankelijk kunnen werken, zowel onderling als met inwoners en partners. Het juiste gebruik van applicaties ondersteunt dit. We investeren daarom continu in opleiden, training en adoptie van het gebruik van ICT-voorzieningen. ICT en informatiebeheer werken hierin nauw samen om een goede informatievoorziening te bieden. In 2025 hebben we bereikt: • Implementatie van de nieuwe organisatiestructuur in systemen. • Trainingen voor medewerkers het in gebruik van onze applicaties. • Overgang naar nieuw personeeladministratiesysteem.

• Inrichting van het e-depot • Transitie van datacenter Oudewater naar extern uitwijkdatacenter. Informatiebeheer Overheidsinstanties streven steeds meer naar transparantie en openheid. Het op orde hebben van de informatievoorziening is daarbij van groot belang. Informatie moet betrouwbaar en volledig zijn, maar ook snel vindbaar en begrijpelijk. Hiermee wordt voldaan aan de Archiefwet, maar ook een efficiënte afhandeling van verzoeken in het kader van de Wet open overheid mogelijk gemaakt. Informatie is evenwel op verschillende manieren vastgelegd. Toegankelijkheid en duurzaam bewaren van alle informatie opgeslagen in aanvragen/brieven, e-mails, whatsapp is evenwel funest voor een transparante overheid. Met de toenemende digitalisering is het een uitdaging alles op orde te hebben. In 2025 hebben we daarom bereikt: • Archivering van e-mails door middel van de Capstone-methodiek Alle e-mail berichten van ambtenaren wordt conform de archiefwet bewaard. • Archivering van Whatsapp-berichten van college Alle Whatsapp-berichten van bestuurders worden bij vertrek veiliggesteld. • Archivering van Teams ingeregeld • Archivering van dossier van de gemeenteraad dit zodat we op termijn dit ook digitaal kunnen overdragen naar het RHC. • Archivering door de werkorganisatie wordt nu door de provinciaal toezichthouders als ‘voldoet’ bestempeld.

92 Informatiebeveiliging & Privacy Inleiding Informatiebeveiliging omvat de bescherming van hardware, software en netwerken. Het gaat over het beschermen van waardevolle gegevens tegen ongeautoriseerde toegang, diefstal, of beschadiging. Het doel van informatiebeveiliging is: zorgen dat alléén de juiste mensen op het juiste moment toegang hebben tot de juiste informatie. Privacy gaat over het beschermen van persoonsgegevens. De bescherming van gegevens van inwoners, bedrijven en medewerkers is cruciaal. Niemand wil dat persoonlijke of gevoelige gegevens zomaar op straat komen te liggen. Of het nu gaat om bijzondere persoonsgegevens, of persoonlijke e-mails; je wil dat deze informatie goed beschermd is tegen onbevoegde inzage. Voor de gemeente kan een datalek een enorme impact hebben zoals financiële tegenvallers, boetes en een afname van vertrouwen van inwoners, bedrijven en medewerkers. Zij vertrouwen er immers op dat hun gegevens goed worden beschermd. In het voorjaar van 2025 publiceerde de IBD Informatiebeveiligingsdienst (IBD) onderdeel van de Vereniging van Nederlandse Gemeenten (VNG) voor ondersteuning van gemeenten, voor de vijfde keer het Dreigingsbeeld Informatiebeveiliging Nederlandse Gemeenten. Dit dreigingsbeeld voor 2025–2026 laat zien dat cyberdreigingen een structureel en keten overstijgend karakter hebben gekregen.

Professionalisering van cybercriminaliteit, toenemende ketenafhankelijkheden en snelle technologische ontwikkelingen vergroten de risico’s voor gemeenten. Ransomware, datalekken en verstoringen bij leveranciers raken niet alleen individuele organisaties, maar ondermijnen de continuïteit van gemeentelijke dienstverlening en het vertrouwen van inwoners. Gemeenten staan anno 2025 voor een complex en veelzijdig dreigingslandschap, waarin cybercriminaliteit, geopolitieke spanningen en technologische afhankelijkheden een grote rol spelen. Denk aan de afhankelijkheid van het Amerikaanse Microsoft en het gebruik van Whatsapp. De opkomst van kunstmatige intelligentie (ook wel artificial intelligence of AI) biedt kansen, zoals het efficiënter maken van (beveiligings)processen. Het brengt daarnaast risico’s met zich mee. AI wordt bijvoorbeeld gebruikt door criminelen voor verfijnde aanvallen zoals deepfake-fraude en phishings mails zonder spelfouten te maken. Verder is het een risico dat medewerkers privacygevoelige gegevens verwerken in AI -tools. De dreigingen en risico's uit het dreigingsbeeld zijn in 2025 meegenomen in de voorbereiding van de Cyberbeveiligingswet (CBW) en de nieuwe baseline Informatiebeveiliging (BIO2.0) Beleid en Organisatie Eind 2022 is de Network and Information Security Directive (NIS2-richtlijn) door de Europese Unie vastgesteld.

Dit is een Europese richtlijn die omgezet moet worden naar Nederlandse wetgeving. De NIS2-richtlijn wordt geïmplementeerd in de Cyberbeveiligingswet (Cbw) en zal naar verwachting in het tweede kwartaal van 2026 in werking treden. De gemeente heeft een externe impactanalyse naar de consequenties voor de gemeente van de nieuwe wet laten uitvoeren. De belangrijkste aanbeveling uit de impactanalyse is dat om alle eisen te voldoen het nodig is om de formatie voor informatiebeveiliging zowel tijdelijk als structureel te versterken. We hebben een leveranciersmanager gecontracteerd en extra fte gekregen voor de CISO taken. Daar is in augustus een trainee CISO op gecontracteerd met als aandachtsgebied continuïteitsmanagement in het kader van de weerbare organisatie. In 2025 is het NIS2/CBW project gestart met een externe projectleider om onze gemeente klaar te maken voor de invoering van de Cbw. De BIO schrijft voor dat wij via de Plan-Do-Check- Act cyclus risicogestuurd werken aan dreigingen en risico's en te zorgen dat de gemeente voldoet aan de wettelijke kaders. Om risicogestuurd te werken en ook aan te kunnen tonen dat wij compliant zijn met de maatregelen is in 2025 verder gewerkt aan opzet -werking en bestaan van de maatregelen. 93 De gemeente heeft zich aan de Baseline Informatiebeveiliging Overheid (BIO2.0) gecommitteerd.

In de BIO2.0 staan maatregelen voorgesteld om de risico’s te verlagen. De BIO2.0 is geen 100% beveiligingsgarantie. Er worden steeds meer maatregelen toegepast die door de BIO zijn voorgeschreven. In 2025 hebben we een externe audit laten uitvoeren op de BIO2.0. Uit deze audit zien we een duidelijke vooruitgang in de beheersing van de normen en bijbehorende maatregelen. Vooral technische maatregelen scoren veel beter dan vorig jaar. De enige maatregel die onvoldoende scoorde is de integratie van informatiebeveiliging in projectmanagement. Voor leveranciersmanagement zijn goede stappen gezet maar om te voldoen aan de nieuwe wet is verbetering van het volwassenheidsniveau noodzakelijk Een belangrijke verschuiving bij de nieuwe Cyberbeveiligingswet Cbw) is dat wij ook verplicht worden om operationele technologie (bruggen, pompen, verkeerinstallatie en gebouwbeheerssystemen) te beschermen. In 2025 is gestart met de inventarisatie van de risico's van deze operationele techniek. Personeel Om veilig gedrag te vergroten is er afgelopen jaar diverse keren aandacht besteed aan informatiebeveiliging en privacy. In de interne ICT-nieuwsbrief is standaard een hoofdstuk gewijd aan informatiebeveiliging en privacy. Elk kwartaal geven de CISO en privacy officer een presentatie over informatiebeveiliging en privacy aan nieuwe medewerkers.

Het volgen van de presentatie is verplicht zodat we kunnen waarborgen dat nieuwe medewerkers de juiste basiskennis hebben over informatiebeveiliging en privacy. Na de presentatie mogen de nieuwe medewerkers oefenen met een eigen ontworpen escapekist waarin opdrachten verwerkt zijn die betrekking hebben op het onderwerp. Voor ingehuurd personeel is een training ontwikkeld in de Groene Hart Academie, ons interne leerplatform. Dit jaar waren er vijf bewustwordingsacties om medewerkers weer alert te maken van informatiebeveiliging en privacy. In het voorjaar is er aandacht besteed aan wachtwoordgebruik en is er extra aandacht besteed aan het niet toelaten van onbevoegde personen op de werkplekken. Daarnaast is er nieuwe Europese wetgeving over AI gekomen, de Verordening Kunstmatige Intelligentie (Artificial Intelligence Act). Aan de hand van deze verordening is er binnen de gemeente een protocol opgesteld waar medewerkers zich aan moeten houden en wat handvatten biedt hoe om te gaan en te werken met AI. Het vaststellen van dit protocol is uitgebreid onder de aandacht gebracht bij medewerkers. Vlak voor de zomervakantie zijn boeken over informatiebeveiliging, privacy en AI aangeschaft. Door middel van een actie weten medewerkers dat de boeken vanaf dat moment voor hen te leen zijn.

Om het jaar af te sluiten met een laatste bewustwordingsactie is in december een fysieke escaperoom georganiseerd. Bij deze escaperoom losten medewerkers informatiebeveiliging en privacy puzzels op. Het blijkt dat medewerkers die de presentatie hebben gevolgd, de escaperoom of quiz hebben gedaan de adviseurs eerder betrekken bij vraagstukken, nieuwe processen of het aanschaffen van nieuwe systemen. Daarnaast zorgen de andere bewustwordingsacties ervoor dat medewerkers weer extra alert zijn. Incidenten In 2025 zijn er weinig incidenten geweest die gevolgen hadden voor de continuïteit van de dienstverlening. 94 Informatiesystemen Om te kijken welke risico's er zijn in ons systeem, heeft de gemeente ethische hackers gevraagd om te zoeken naar mogelijkheden om onze systemen binnen te dringen. Ze ontdekten een aantal zaken die verbeterd konden worden, zoals betere wachtwoorden. Hun rapport aan dat een aantal zaken sterk zijn verbeterd in vergelijking tot dezelfde test vorig jaar. Er is aandacht besteed aan bewustwording over goede wachtwoorden en wordt binnenkort een nieuw wachtwoordbeleid geimplementeerd. DigiD De gemeente is in 2025 aangesloten op twee DigiD aansluitingen. De eerste aansluiting is voor digitale formulieren van team KCC zoals het doorgeven van een verhuizing of het opvragen van uittreksels uit de burgerlijke stand.

De tweede aansluiting is voor het inzien van de WOZ (Waardering onroerende zaken) en lokale belastingen van het cluster Belastingen. Deze twee aansluitingen zijn onderzocht door een externe auditor. De aansluitingen zijn in orde bevonden. Suwinet Suwinet is een elektronische infrastructuur voor de uitwisseling van gegevens tussen gemeenten en het rijk. Omdat er gevoelige gegevens (o.a. salarisgegevens) worden uitgewisseld vindt er elk jaar een onderzoek plaats door een externe auditor. De gemeente moet ook verantwoording afleggen over de aansluitingen van Ferm Werk omdat de gemeenteraad toezichthouder is. Deze aansluitingen worden gebruikt voor het inlezen van gegevens op het gebied van werk en inkomen. De aansluitingen van Ferm Werk op Suwinet zijn door de externe auditor in orde bevonden. Privacy De privacy officers en functionaris voor gegevensbescherming zijn goed zichtbaar binnen de organisatie en hierdoor weten collega’s hen goed te vinden. Doordat de privacy officers en functionaris voor gegevensbescherming vaker worden betrokken bij nieuwe processen of wijzigingen in bestaande processen worden vooral risico’s in nieuwe verwerkingen voorkomen dan wel zo veel mogelijk gereduceerd. De gemeente reduceert daarmee met beperkte middelen effectief huidige en toekomstige risico's.

Tegelijk zijn er door de snelle technische ontwikkelingen meer risico's dan de organisatie op korte termijn kan reduceren. De beheersbaarheid staat daarmee onder druk. Datalekken Als er bij een incident persoonsgegevens betrokken zijn beschouwen wij dit als “datalek”. De meeste datalekken helpen de organisatie om haar processen te verbeteren. Door het melden van datalekken wordt zichtbaar waar processen het meest kwetsbaar zijn. De meeste datalekken hoeven niet te worden gemeld bij de Autoriteit Persoonsgegevens (AP) of de betrokkene. Het melden van een datalek is alleen verplicht als het datalek?een hoog risico oplevert voor de rechten en vrijheden van betrokkenen. Bij de gemeente Oudewater zijn in 2025 zes datalekken geweest, waarvan er één bij de Autoriteit Persoonsgegevens gemeld is. Dit betrof een incident waarbij een doos met kopieën van huwelijks -, geboorte- en overlijdensakten in een kelder bij ijssalon waren beland door een verkeerde bezorging. De gemeente Oudewater beoogt transparantie en vertrouwen, dit betekent dat de gemeente Oudewater de betrokkene getracht heeft te informeren, ook al ontbreekt de wettelijke verplichting. 95 Rechtmatigheid Rechtmatigheidsverantwoording In deze jaarrekening 2025 legt het college van B&W verantwoording af over de financiële rechtmatigheid.

Financieel rechtmatig handelen bestaat uit drie aspecten: • Begrotingscriterium: Handelt het college binnen de beschikbaar gestelde budgetten en kredieten? • Voorwaardencriterium: Zijn de baten, lasten en balansmutaties in overeenstemming met wet - en regelgeving tot stand gekomen? • M&O-criterium: Zijn in de uitvoering van het beleid voldoende waarborgen opgenomen om misbruik of oneigenlijk gebruik van wet- en regelgeving te voorkomen of tegen te gaan? Binnen de rechtmatigheidsverantwoording zijn drie begrippen belangrijk: • Afwijkingen: Wanneer iets niet volgens de regels is gegaan (fouten) of wanneer het college niet zeker weet of iets wel volgens de regels is gegaan (onduidelijkheden). • Onrechtmatigheden (fouten): Dit zijn duidelijke overtredingen van de regels bij financiële handelingen. • Onduidelijkheden: Het college kan soms ondanks zorgvuldig onderzoek en na het inwinnen van advies niet vaststellen of iets wel of niet volgens de regels is gegaan. De verbijzonderde interne controle (VIC) voert controlewerkzaamheden uit om de interne beheersing van de ambtelijke organisatie te verbeteren en ook om uitspraak te kunnen doen over de financiële rechtmatigheid. Via de rechtmatigheidsverantwoording als onderdeel van de jaarstukken wordt een oordeel gegeven over de financiële rechtmatigheid over het verslagjaar door het college van B&W.

De controlerend accountant beoordeelt of de jaarrekening, inclusief de rechtmatigheidsverantwoording, een getrouw beeld geeft. Eén van de beoogde voordelen van de komst van de rechtmatigheidsverantwoording (sinds 2023) is het gesprek te faciliteren over financiële rechtmatigheid tussen de raad en het college. De rol van de verbijzonderde interne controle (VIC) Het primaire doel van de verbijzonderde interne controle (hierna VIC) is om inzicht te krijgen in de kwaliteit van de bedrijfsvoering binnen de ambtelijke organisatie. De VIC geeft indien nodig aanbevelingen om financiële processen te optimaliseren. De VIC is een continu proces. Zowel qua inhoud als jaarplanning wordt afstemming gezocht met de controlewerkzaamheden van de accountant. Voor verslagjaar 2025 waren afspraken gemaakt met de accountant voor een zo constructief en efficiënt mogelijke samenwerking. De verantwoordingsgrens, (uitvoerings)materialiteit en rapporteringstolerantie waarmee de VIC werkt komt overeen met die van de accountant. De VIC voert verbijzonderde interne controles uit op basis van een jaarlijks geactualiseerd VIC plan. In samenspraak met de organisatie en de accountant wordt de scope van de financiële processen jaarlijks bepaald. Deze scope bestaat uit zowel materiële als risicovolle processen.

De VIC is als derde lijn onafhankelijk in staat om te oordelen over de interne beheersing en financiële rechtmatigheid van de ambtelijke organisatie. De VIC vormt een oordeel door het proces in opzet te bespreken en het bestaan te toetsen. Daarnaast wordt getoetst of de werking van het proces effectief is o.a. met het oog op de financiële rechtmatigheid maar ook getrouwheid. Rechtmatigheid om jaarlijks een rechtmatigheidsoordeel af te geven en getrouwheidsaspecten om ook aan te sluiten op de accountantscontrole. De bevindingen en aanbevelingen vanuit de verbijzonderde interne controle worden 2 keer per jaar gerapporteerd in de VIC rapportage van bevindingen. Deze rapportages worden voorgelegd aan de procesgebruikers/ proceseigenaren, directie, het college en ter transparantie toegelicht aan de auditcommissie (raad). De voortgang van de opvolging van de aanbevelingen van de VIC en accountant monitort de VIC meerdere keren per jaar door middel van de auditmonitor. Meerdere keren per jaar wordt de voortgang van op te volgen aanbevelingen gemonitord. De aard van de rechtmatigheidsverantwoording De rechtmatigheidsverantwoording is opgenomen in de jaarrekening. Het college van B&W verklaart over verslagjaar 2025 aan de raad financieel rechtmatig gehandeld te hebben.

De rechtmatigheidsverantwoording betreft een standaard voorgeschreven tekst van het | Besluit Begroting en Verantwoording provincies en gemeenten (BBV). Hierbij wordt de door de raad vastgestelde verantwoordingsgrens gehanteerd van 2% van de totale lasten exclusief toevoegingen aan de reserves ad € 674.000. Het totaal van de financiële rechtmatigheidsfouten 2025 is daarmee lager dan de verantwoordingsgrens 2025 en daarom is het oordeel van de rechtmatigheidsverantwoording 2025 positief. Het totaalbedrag financiële rechtmatigheidsfouten in 2025 is € 523.000. Hiervan is een bedrag van € 147.000 acceptabel volgens de interne spelregels (zie financiële verordening Oudewater 2025). Het overige deel ad € 376.000 is niet acceptabel volgens de interne spelregels. De raad heeft besloten dat financiële rechtmatigheidsfouten groter dan de rapporteringsgrens van € 168.000 nader toegelicht worden in deze paragraaf. De tabel is een overzicht van alle financiële rechtmatigheidsfouten per rechtmatigheidsaspect. Per verslagjaar 2025 is door wet- en regelgeving de verantwoordingsgrens verlaagd naar maximaal 2% van de totale lasten exclusief toevoegingen aan de reserves. Dit houdt in dat onze verantwoordingsgrens met 1% verlaagd is ten opzichte van 2024 (was 3%). Het foutenmarge is hierdoor verlaagd.

Bedragen x € 1.000 Monitor | Financieel | Acceptabel volgens de interne | Niet- acceptabel volgens de interne Rechtmatigheidsverantwoording | onrechtmatig | spelregels | spelregels Begrotingscriterium Begrotingsonrechtmatigheden | 443 | 105 | 338 programma's Onrechtmatigheden | 80 | 42 | 38 investeringsbudgetten Niet geautoriseerde reserve mutaties Voorwaardecriterium Misbruik- en oneigenlijk gebruik criterium Totaal | 523 | 147 | 376 Verantwoordingsgrens | 674 Oordeel | Rechtmatig Begrotingscriterium Bij de rechtmatigheidsverantwoording vormt het begrotingscriterium een belangrijk toetsingscriterium. Financiële beheershandelingen, die ten grondslag liggen aan de baten en lasten, alsmede de balansposten, dienen tot stand te zijn gekomen binnen de grenzen van de geautoriseerde begroting en hiermee samenhangende programma’s (begrotingscriterium). Uitgangspunt is het niveau waarop de raad de budgetten in de begroting en bij investeringen geautoriseerd heeft. In de begroting zijn de bedragen voor de lasten en baten vermeld die door de raad zijn vastgesteld. Dit houdt in dat de financiële beheershandelingen dienen te passen binnen de begroting, waarbij het juiste programma (ervan uitgaande dat de raad de begrotingsbedragen op programmaniveau heeft vastgesteld), de juiste investering, het toereikend zijn van het begrotingsbedrag, alsmede het begrotingsjaar van belang zijn.

Als blijkt dat de gerealiseerde bedragen hoger zijn dan de, ook na de laatste begrotingswijziging, geraamde bedragen dan is er sprake van onrechtmatige uitgaven (begrotingsonrechtmatigheid) aangezien deze lasten buiten het budgetrecht van de raad tot stand zijn gekomen. In deze paragraaf gaan wij in op het onderwerp begrotingscriterium en de verschillende onderwerpen die het begrotingscriterium raken. 96 97 Afwijkingen van de begroting (exploitatie en investeringen) (beleidsmatig en/of financieel) moeten geautoriseerd worden door de raad. Hiermee wordt toestemming gevraagd voor het te realiseren beleid en voor de besteding van het benodigde bedrag. Hogere dan in de (bijgestelde) begroting opgenomen lasten (lastenoverschrijdingen) en daarmee samenhangende balansmutaties zijn dan ook altijd onrechtmatig volgens de kadernota Rechtmatigheid. Ook als deze overschrijdingen tijdig zijn gemeld, maar een begrotingswijziging niet is vastgesteld, zijn deze overschrijdingen in de jaarstukken onrechtmatig. Begrotingsafwijkingen zijnde overschrijdingen van baten en/of onderschrijdingen van la sten, investeringen en baten zijn volgens de kadernota Rechtmatigheid op zichzelf niet onrechtmatig. Deze kunnen alleen onrechtmatig zijn als die niet tijdig tot een begrotingswijziging hebben geleid of te laat aan de raad zijn gemeld.

Dit tijdig melden raakt immers ook het directe budgetrecht en daarmee de kaderstellende rol van de raad. Immers de raad had op basis van tijdig verstrekte informatie (mogelijk) een aanvullend (ander) besluit kunnen nemen. Wat niet tijdig concreet betekent wordt bepaald door d e ‘spelregels’ tussen de Gemeenteraad en het college van B&W over het informeren van begrotingsafwijkingen en het vaststellen van begrotingswijzigingen bij onderschrijdingen van lasten of investeringsbudgetten en/of lagere of hogere baten dan begroot. Financiële rechtmatigheidsfouten volgens kadernota Rechtmatigheid kunnen acceptabel zijn op basis van vastgelegde afspraken tussen de raad en het college. Deze spelregels staan opgenomen in de financiële verordening. Lastenoverschrijdingen zijn volgens spelregels acceptabel als: • Lastenoverschrijdingen geheel of grotendeels gecompenseerd worden door direct gerelateerde opbrengsten; • Financiële rechtmatigheidsfouten kleiner zijn dan € 50.000; • Als er sprake is van een overschrijding bij een open einde (subsidie)regeling. Begrotingsonrechtmatigheden programma's Het totaal financiële rechtmatigheidsfouten begrotingscriterium programma’s is € | 443.000. De afwijkingen betreffen allen lastenoverschrijdingen, zie programma’s: 1. Bestuur, dienstverlening en veiligheid; 5. Sport en Onderwijs; 7. Algemene inkomsten.

Bedragen x € 1.000 programma | Lasten | Lasten | Deel financiël | Acceptabel volgens de | Niet- acceptabel volgens de begroting 2025 | realisatie | onrechtmatig volgens | interne spelregels | interne spelregels na wijziging | 2025 | kadernota | (financiële verordening | (financiële verordening rechtmatigheid | Oudewater) | Oudewater) 1. Bestuur, | 2.632 | 2.788 | 156 | 51 | 105 dienstverlening en veiligheid 5. Sport en | 4.386 | 4.420 | 34 | 0 | 34 Onderwijs 7. Algemene | 269 | 523 | 253 | 54 | 199 inkomsten 443 | 105 | 338 Programma 7. Algemene inkomsten betreft een lastenoverschrijding hoger dan de rapporteringsgrens van € 168.000. Deze financiële rechtmatigheidsfout wordt daarom nader toegelicht in deze paragraaf. Zie voor de andere lastenoverschrijdingen, lager dan de rapporteringsgrens, de verklaringen voor de afwijkingen in de verschillenanalyes per programma op taakveldniveau in het jaarverslag. 98 99 Programma 7. Algemene inkomsten € 253.000 De lastenoverschrijding programma 7 betreft € 253.000. Hiervan is circa € 54.000 acceptabel volgens de interne spelregels aangezien dit deel grotendeels gecompenseerd wordt door direct gerelateerde opbrengsten. Het niet acceptabele deel is € 199.000. De lastenoverschrijding zit in taakveld 0.8 Overige baten en lasten.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://gemeenteraad.oudewater.nl/api/v1/meetings/734/documents/21499