2020.12.15 Raadsinformatiebrief 'Terugkoppeling resultaten fase 2 participatieproces afwegingskader grootschalige duurzame energie'.pdf
Tekst van het document
Vaarwegen min. 50 m
5,6 MW
150 m
3 MW Rotordiameter (ø)
0,9 MW
Tiphoogte
As-hoogte
Woongebieden 5x as-hoogte
241 m
166 m 60 m
Slagschaduw 12 x ø
Algemene windenergie principes: veiligheidsafstanden uitgedrukt in rotordiamter, tiphoogte en as-hoogte. De bovenste vier zijn wettelijk, de onderste twee richtlijnen
125-150 m
100 m
0,015 MW
80-105 m
70 m
12 m 15 m
21 m
12
90 m
klein
middelgroot
groot (V90-3.0 MW)
domtoren
zeer groot (V150-5.6 MW)
zendmast Lopik
Algemene windenergie principes: formaten windturbines. In dit ontwerpend onderzoek wordt met de 5,6 MW turbine gewerkt
Land-id | Ontwerpend onderzoek | Energielandschappen RES-U16 | 2020 |
Hek
Zonne-energie + natuurbeheer
ca. 15 m
Zonne-energie + extensief beheer
Afstand tussen bomensingel en zonneveld
Zonne-energie + waterberging
Zonne-energie + biomassa
Brede sloot
Bij de realisatie van zonnevelden dient onder meer rekening gehouden te worden met opstellingen, afschermingen en functiecombinaties
Bomensingel
Algemene zonne-energie principes: diverse afschermingen van een zonneveld maken landschappelijke inpassing mogelijk
Zonnepanelen als geluidswal
1,45 m 0,75 m 2m
6m Zonne-energie + recreatie
Zonne-energie + windturbines
Algemene zonne-energie principes: functiecombinaties. Diverse koppelingen maken meervoudig ruimtegebruik mogelijk
Algemene zonne-energie principes: standaard lage zuid-opstelling (1385 MWh/jr/ha) gebruikt in dit ontwerpend onderzoek. N.B. de hoek van de panelen kan vergroot worden voor een hogere opbrengst. In dit ontwerpend onderzoek is echter gekozen de panelen lager te plaatsen zodat er overheen gekeken kan worden. 13
3 Weiden en plassen •
Essentie van het landschap
•
Impressie werkateliers
•
Contouren + ontwerpprincipes
Deelgebied weiden en plassen in geel ten opzichte van de U16-regio 14
Plankaart van het landschap van de weiden en plassen
Land-id | Ontwerpend onderzoek | Energielandschappen RES-U16 | 2020 |
Rivierlint
Essentie van het landschap Oude stroomrug
Open polder
Blokontginning
Droogmakerij
Opstrekkende ontginning
Rivierlinten
Open polder
Oude stroomrug
Blokontginning
Bebouwd gebied
Droogmakerij
Opstrekkende ontginning
Essentiekaart van het landschap van de weiden en plassen
Zes deellandschappen binnen het landschap van de weiden en plassen 15
Rivierlinten De rivierlinten slingeren als besloten zones tussen de open weidelandschappen. Deze rivierlinten worden gevormd door vele kleine riviertjes waaronder de Waver, Winkel, Angstel en Vecht. De rivierlinten worden begeleid door bebouwing met opgaande beplanting en kleinschalige dijken die wisselende uitzichten bieden op de verstilde open weidelandschappen. Zodoende verbinden de relatief hooggelegen rivierlinten kleine dorpjes met grotere bebouwingskernen als Abcoude, Loenen aan de Vecht en Weesp. Referentiebeelden van het deellandschap rivierlinten: gekanaliseerde rivieren die worden begeleid door bebouwing
Slingerende rivierlinten worden begeleid door bebouwing met opgaande beplanting
Principeschets van het deellandschap rivierlinten: hooggelegen zone met rivier, lintbebouwing en beplanting 16
Perspectiefkaart met de laag van het deellandschap rivierlinten
Land-id | Ontwerpend onderzoek | Energielandschappen RES-U16 | 2020 |
Brede en hoge zone rondom de Oude Rijn met divers landgebruik en verstedelijking
Principeschets van het deellandschap oude stroomrug: hoge zone met stedelijke gebieden rondom de rivier
Perspectiefkaart met de laag van het deellandschap oude stroomrug
Oude stroomrug De oude stroomruggen binnen dit deelgebied bestaan uit de brede zones rondom de Oude Rijn en de Vecht. Ze liggen hoger dan de omgeving en gaan geleidelijk over in de aangrenzende open weidelandschappen. De gradiënten van hoog naar laag, besloten naar open, bebouwd naar onbebouwd, blokverkaveling naar strookverkaveling zorgen voor een rijke diversiteit. Opvallend voor de oude stroomruggen in dit deelgebied is de hoeveelheid infrastructuur en verstedelijking op de stroomrug met belangrijke wegen als de A12, de A2 en de stad Woerden.
Referentiebeelden van het deellandschap oude stroomrug: brede, hogere zones met rijke diversiteit in landgebruik 17
Grasland in onregelmatige strokenverkaveling met bebouwing langs de grenzen
Open polder
Perspectiefkaart met de laag van het deellandschap open polder
Principeschets van het deellandschap open polder: grasland in onregelmatige strokenverkaveling
Het meest noordelijke deel van dit deelgebied kan worden aangewezen als open polder. Dit gebied wordt gekenmerkt door grasland dat in onregelmatige strokenverkaveling doorloopt tot aan de randen van de open polder. De hoger gelegen rivierlinten en de bebouwing van Amsterdam-Zuidoost vormen de grenzen van deze openheid. Hekjes zijn de enige verticale elementen in dit open veld. Bebouwing en opgaande beplanting is alleen aanwezig aan de horizon in de aangrenzende linten. Dit maakt dat de polders zelf rustige landschappen zijn.
Referentiebeelden van het deellandschap open polder: uitgestrekt weidelandschap met beplanting aan de horizon 18
Land-id | Ontwerpend onderzoek | Energielandschappen RES-U16 | 2020 |
Blokontginning Het open weidelandschap van de blokontginning wordt opgedeeld door bebouwingslinten, beplante achterkaden en pestbosjes. Door richtingveranderingen in de cope-ontginningen ontstaan blokvormige eenheden. Bebouwingslinten staan haaks op de weteringen en achterkaden van andere linten. Diversiteit zit met name in het kleinschalige karakter van de linten. Ze hebben elk een ander profiel, maar zijn altijd een combinatie van wetering, weg met huizen en een grote verscheidenheid in weg- en erfbeplanting. De overal aanwezige graslanden in strokenverkaveling en de beperkte dynamiek in de linten geven rust en stilte aan het landschap.
Referentiebeelden van het deellandschap blokontginning: open weidelandschap met sloten en enkele pestbosjes
Bebouwingslinten, weteringen en verspringingen in de cope-ontginning creëren blokvormige eenheden
Principeschets van het deellandschap blokontginning: langgerekte kavels in de cope-ontginning creëren samen met wegen en bebouwingslinten blokvormige eenheden
Perspectiefkaart met de laag van het deellandschap blokontginning 19
Rationele open ruimten met dijken aan de randen en beplante orthogonale wegen
Principeschets van het deellandschap droogmakerij: beplante rechte wegen, open boerderijlinten en dijken aan de randen
Perspectiefkaart met de laag van het deellandschap droogmakerij
Droogmakerij Het landschap van de droogmakerij wordt gekenmerkt door de rationeel ingedeelde open ruimte met hoge dijken aan de randen. De droogmakerijen zijn bemalen gebieden die lager liggen dan de omgeving. Vanaf de ringdijk is het zicht over het open weidelandschap van de droogmakerij panoramisch. Op de dijk bevinden zich gemalen die in het verlengde liggen van een hoofdwetering. Het landgebruik bestaat uit grasland voor veeteelt en extensieve natuur in een strokenverkaveling met vaste maten. De verder aanwezige open, rechte boerderijlinten en opgekroonde bomenrijen langs de orthogonale wegen zorgen voor afwisseling in dit open landschap.
20
Referentiebeelden van het deellandschap droogmakerij: open weidelandschap met strokenverkaveling en bedijkte randen
Land-id | Ontwerpend onderzoek | Energielandschappen RES-U16 | 2020 |
Opstrekkende ontginning Het landschapstype opstrekkende ontginning, is kenmerkend voor dit deelgebied. Opvallend in dit landschapstype zijn de petgaten, legakkers, brede sloten en plassen waaronder de Vinkeveense Plassen. Verder zijn op sommige plekken graskavels vervangen door langgerekte opgaande beplanting, waaronder hakhout en opstrekkend veen. Al deze elementen geven veel diversiteit aan dit landschap. Vooral het water brengt veelal recreatief gebruik met zich mee waardoor rust en stilte afnemen. De overige aanwezige open weidelandschappen worden opgedeeld door bebouwingslinten en weteringen haaks op de strokenverkaveling. Verder worden veel natte gebieden in dit landschap ontwaterd, wat leidt tot oxidatie en CO2 uitstoot. Dit probleem kan voorkomen worden door gebieden juist nat te houden.
Referentiebeelden van het deellandschap opstrekkende ontginning: divers landschap met veel sloten en plassen
Petgaten, legakkers, brede sloten, plassen en opstrekkend veen maken dit landschap divers
Perspectiefkaart met de laag van het deellandschap opstrekkende ontginning
Principeschets van het deellandschap opstrekkende ontginning: langerekte strokenverkaveling met gras, opstrekkend veen en plassen 21
Impressie werkateliers
“Zoek naar de ‘loze ruimten’ tussen bestaande infrastructuur voor de inpassing van duurzame energie, dan wordt weinig landschap aangetast. Maar houd rekening met het feit dat het landschap veelal beleefd wordt vanaf de weg en windturbines over grote afstanden beleefbaar zijn.”
Visualisaties (gemaakt met Windplanner) en ontwerpprincipes (niet op schaal) van zonneparken en windturbines in het landschap van de weiden en plassen inclusief opmerkingen gemaakt tijdens de werkateliers 22
Land-id | Ontwerpend onderzoek | Energielandschappen RES-U16 | 2020 |
Kaart met in geel de potentiële locaties voor windenergie
“Maak duidelijk als regio, provincie en gemeente dat het doel is om de kernkwaliteiten van de landschappen overeind te houden. Zo creëer je draagvlak.” Kaarten met in geel de gebieden die zijn meegenomen in het onderzoek voor windenergie (boven) en zonne-energie (onder) 23
Contouren
1
2
1
Contouren nadere verkenning windenergie in lijn met de ontwerpprincipes in het landschap van de weiden en plassen 24
Land-id | Ontwerpend onderzoek | Energielandschappen RES-U16 | 2020 |
1
2
Ontwerpprincipe 1: windturbines in lijnopstelling langs grootschalige infrastructuur
1
Windturbines in lijnopstelling langs grootschalige infrastructuur Situering • Windturbines kunnen als enkele lijn parallel langs het Amsterdam-Rijnkanaal en de snelwegen A2 en A27 worden geplaatst. 2 • Hierdoor wordt de lijn van de infrastructuur aangezet terwijl interferentie wordt voorkomen. • Er worden minimaal 3 windturbines geplaatst zodat er sprake is van een lijn. • Zorg voor landschappelijke geleding door de lijnopstelling minimaal 1 keer te onderbreken (vanaf 6 turbines zodat er sprake is van twee lijnen) om de waardevolle grootschalige openheid in oostwest richting beleefbaar te houden. Inrichting • Windturbines dienen eenzelfde grootte & vorm te hebben voor eenduidigheid. • Voorkom dat turbines in lijnopstellingen langs de snelweg en kanaal met elkaar interfereren dus zorg voor voldoende afstand tussen deze infrastructurele lijnen. • De windturbines in lijnopstelling worden zo strak mogelijk ingepast zodat ze een duidelijke
Ontwerpprincipe 2: windturbines in vlakopstelling als clusters in enkele weidelandschappen
structuur en ritme aanhouden en aansluiten op de rechtlijnigheid van de infrastructuur
Windturbines in vlakopstelling als clusters in enkele weidelandschappen
Inrichting • Er worden gelijke afstanden tussen de turbines aangehouden. • De windturbines in vlakopstelling worden zo ingepast dat de structuur van de clustering aansluit op het betreffende verkavelingspatroon. • Beperk het aantal toegangswegen, bruggen, etc. naar windturbines en gebruik grastegels zodat de toegangswegen opgaan in het landschap.
Situering • Windturbines kunnen als vlak in enkele weidelandschappen (open polder, blokontginning, droogmakerij of opstrekkende ontginning) op afstand van bebouwing geclusterd worden. • Beperk het aantal windturbines tot één vlak van minimaal 4 turbines (2x2). Bepaal het aantal aan de hand van de grootschaligheid van het landschap, de ruimtelijke en visuele impact van de turbines. • Windturbines kunnen worden geplaatst in iets meer besloten landschappen waar het weidse uitzicht beperkt is bijvoorbeeld in de buurt van bedrijventerreinen. • Bebouwingslinten mogen niet worden ingeklemd door het vlak van windturbines.
Functie combinaties • Combinatie van windenergie en zonne-energie waardoor compleet nieuwe energielandschappen ontstaan. • Hierbij bestaat de kans om te werken aan een groen-blauw landschappelijk raamwerk passend bij de omgeving middels natuurontwikkeling, waterberging & peilverhoging. • Zoek naar mogelijkheden om windenergie op een juiste wijze te koppelen aan de Nieuwe Hollandse Waterlinie door bijvoorbeeld waardevolle zichtlijnen vanaf forten over de open schootsvelden in te stand te houden. Daarmee kunnen de kansen die er liggen voor cultuurhistorie en recreatie benut worden.
Functie combinaties • Combinatie van windenergie en zonne-energie met name op knooppunten en resthoeken.
25
Contouren
4 3
3 Contouren nadere verkenning zonne-energie in lijn met de ontwerpprincipes in het landschap van de weiden en plassen 26
Land-id | Ontwerpend onderzoek | Energielandschappen RES-U16 | 2020 |
3
4
Ontwerpprincipe 3: zonnevelden tussen grootschalige infrastructuur en in overhoeken
3
Ontwerpprincipe 4: kleinschalige en grootschalige zonnevelden in het weidelandschap
landschappelijke beplantingen passend bij de omgeving die het zonneveld camoufleren maar waar nog wel overheen kan worden gekeken: brede sloten met rietkragen (tot 1,50 meter).
Zonnevelden tussen grootschalige infrastructuur en in overhoeken Situering • Benut overhoeken en de ruimte tussen grootschalige infrastructuur op efficiënte wijze voor de inpassing van zonnevelden. Houd wel rekening met de planvorming die soms al aan de gang is voor ontwikkelingen binnen deze gebieden. • De grootte van het zonneveld wordt bepaald door de afmetingen van overhoeken en tussenruimten en bedraagt maximaal 50 hectare en een hoogte van 1,45 meter. • Cluster zonnevelden dicht bij lokale afnemers zoals industrie- of bedrijventerreinen die al een lagere belevingswaarde hebben. • Positioneer zonnevelden op de plekken waar het weidse uitzicht over het landschap al beperkt is.
Functie combinaties • Een combinatie van waterberging en natuurontwikkeling is gewenst zowel binnen het park als in de randen van een zonnepark. Daar is dan extra ruimte voor nodig (ongeveer 20% van het zonneveld). • Combineer zonne-energie opwek op overhoeken en braakliggende gronden dicht bij industriegebieden met grootschalige zonne-energie op daken en windenergie. • Zorg voor een koppeling met lokale coöperaties zodat draagvlak wordt gecreëerd voor energieinitiatieven.
4 Inrichting • Het gebied van de Snelle Vecht, dat zich kenmerkt door grote infrastructurele elementen waaronder de A2, de spoorlijn, het Amsterdam-Rijnkanaal en hoogspanningsleidingen, leent zich goed voor de inpassing van zonnevelden vanwege het industriële karakter en de hoge vraag naar energie. • Kies bij de inpassing van de zonnevelden voor
Kleinschalige en grootschalige zonnevelden in het weidelandschap Situering • Grootschalige zonnevelden (tot 50 hectare) kunnen uit het zicht, ver vanaf de bebouwing geplaatst worden in open weidelandschappen. • Kleinschalige zonnevelden (tot 10 hectare) kunnen
op agrarische bedrijven en aan de achterkanten van bebouwingslinten op of direct tegen het erf aan worden geplaatst. Inrichting • Borg de leesbaarheid van het landschap en zorg voor landschappelijke geleding door bij de inpassing van de zonnevelden vast te houden aan het kavelpatroon en tussenruimtes te creëren door het bestaande slotenpatroon binnen zonnevelden zo veel mogelijk te behouden. • Kies bij de inpassing van de zonnevelden voor landschappelijke beplantingen passend bij de omgeving waar wel overheen kan worden gekeken: brede sloten met rietkragen (tot 1,50 meter). Functie combinaties • Een combinatie van waterberging en natuurontwikkeling is gewenst zowel binnen het park als in de randen van een zonnepark. • Voor grootschalige zonnevelden kan een combinatie met windenergie gemaakt worden. • Kleinschalige zonnevelden bij agrarische bedrijven kunnen gecombineerd worden met zon op daken. Zodoende kan energie de businesscase van boeren rond maken. 27
4 Utrechtse Heuvelrug •
Essentie van het landschap
•
Impressie werkateliers
•
Contouren + ontwerpprincipes
Deelgebied Utrechtse Heuvelrug in geel ten opzichte van de U16-regio 28
Plankaart van het landschap van de Utrechtse Heuvelrug (incl. enkgele delen Gelderse Vallei die vallen onder RES U16)
Land-id | Ontwerpend onderzoek | Energielandschappen RES-U16 | 2020 | Mozaïek
Essentie van het landschap
Stroken
De laagten
Achterflank
Zuidflank
Beboste toppen
De laagten
Zuidflank
Beboste toppen
Griften
Bebouwingskern
Open ruimten: heide en stuifzand
Achterflank
Landgoederen en buitenplaatsen
Mozaïek
Stroken
Essentiekaart van het landschap van de Utrechtse Heuvelrug Zes deellandschappen binnen het landschap van de Utrechtse Heuvelrug 29
Beboste toppen Het overgrote deel van de Utrechtse Heuvelrug valt onder het deelgebied beboste toppen. Dit is een besloten boslandschap, gelegen op de langgerekte, reliëfrijke stuwwalrug met verspreid liggende open plekken. Deze open plekken bestaan uit heide en stuifzand. Het bos zelf wordt gearticuleerd door verschil in loof- en naaldhout, lanen en hakhout. Een fijnmazig padennetwerk dooradert het bos. Glooiende wegen haaks op de hoogtelijnen maken het reliëf van de Heuvelrug beleefbaar. Referentiebeelden van het deellandschap beboste toppen: besloten boslandschap en open ruimte met heide
Besloten boslandschap met open ruimten die bestaan uit heide en stuifzand
Principeschets van het deellandschap beboste toppen: bos met loof- en naaldhout, open ruimten en enkele wegen 30
Perspectiefkaart met de laag van het deellandschap beboste toppen
Land-id | Ontwerpend onderzoek | Energielandschappen RES-U16 | 2020 |
Landgoederen bieden panoramische uitzichten over het omliggende landschap
Principeschets van het deellandschap zuidflank: panoramisch uitzicht vanaf de flank over de lagerge open landschappen
Perspectiefkaart met de laag van het deellandschap zuidflank
Zuidflank De zuidflank is in essentie een overgangslandschap op de rand van de stuwwal. Het vormt de overgangszone tussen het besloten bosgebied op de stuwwalrug en de meer open landschappen rond de Kromme Rijn, Langbroek en de Nederrijn. Enkele wegen over de volle lengte van de flank ordenen dit deelgebied. Aan de weg liggen een kralensnoer van bebouwingskernen en vele landgoederen en buitenplaatsen: de Stichtse Lustwarande. Deze reeks van buitenplaatsen heeft een grote cultuurhistorische waarde. De open ruimten, lanen en zichtlijnen haaks op het reliëf geven een sterke beleving van de hoogteverschillen, met panoramische uitzichten over het omliggende landschap.
Referentiebeelden van het deellandschap zuidflank: sterke beleving van het reliëf op de flank met name bij landgoederen 31
Het bos gaat geleidelijk over in het kleinschalige landschap van de Gelderse Vallei
Achterflank
Perspectiefkaart met de laag van het deellandschap achterflank
Principeschets van het deellandschap achterflank: versnipperde bospercelen tussen akkers en weilanden
De achterflank is een overgangslandschap aan de noordoostzijde van de Utrechtse Heuvelrug. Het uitgestrekte bos van de Heuvelrug gaat in de achterflank, tussen Amersfoort en Veenendaal, geleidelijk over in het kleinschalige landschap van de Gelderse Vallei. Het bos versnippert in bospercelen, afgewisseld met akkers, weilanden en boerenerven en loopt uit in kavelrandbeplantingen. In tegenstelling tot de zuidflank, is de achterflank een relatief rustige zijde van de Heuvelrug, met slechts enkele, verspreid liggende dorpen en landgoederen. Gefragmenteerde wegen zorgen ervoor dat de reliëfbeleving hier minder sterk is. Referentiebeelden van het deellandschap achterflank: overgangslandschap van bos naar open akkers en boerenerven 32
Land-id | Ontwerpend onderzoek | Energielandschappen RES-U16 | 2020 |
De laagten Het noordelijke deel van de Utrechtse Heuvelrug bestaat uit een bebost gebied op en rondom drie heuvels omgeven door laagten. De drie heuvels in dit deelgebied zijn de heuvel van Soest, de heuvel van Baarn en de Vuursche. De hoeveelheid bebouwing, bebost gebied en landgoederen op deze heuvels varieert. De bossen lopen in noord-zuid richting door, met in de laagten weilanden als langgerekte open ruimten in het bos. Opvallend zijn de griften in de laagten. Verder liggen bebouwingskernen met name tegen en op de heuvels, terwijl landgoederen en buitenplaatsen vooral langs de randen van de laagten liggen.
Referentiebeelden van het deellandschap de laagten: open ruimten met griften en buitenplaatsen in de laagten
De laagten liggen als langgerekte open weilanden in het bos
Principeschets van het deellandschap de laagten: weilanden als open ruimten in het bos
Perspectiefkaart met de laag van het deellandschap de laagten 33
Stroken De stroken vormen een kleinschalig, halfopen landschap van langgerekte ruimten, omzoomd door beplante wegen en kavelgrenzen. Opvallend is de strokenverkaveling, met veel variatie in kavelgrootten en lengte-breedte verhoudingen, dooraderd met bomenrijen, knotbomen, houtsingels en bospercelen. De stroken liggen onderaan de stuwwalflank. De kavels zijn minder divers dan die van het mozaïek en zijn overwegend als grasland in gebruik. Erven met een combinatie van oude en nieuwe gebouwen bevinden zich in open linten in het landschap. Beplante wegen, rechtgetrokken beekrestanten en griften lopen met geknikte rechtstanden door het landschap.
Referentiebeelden van het deellandschap stroken: kleinschalig, halfopen landschap met rechtgetrokken beken
Strokenverkaveling omzoomd door bomenrijen, houtsingels en bospercelen
Principeschets van het deellandschap stroken: langgerekte kavels met gevarieerd landgebruik en omzoming 34
Perspectiefkaart met de laag van het deellandschap stroken
Land-id | Ontwerpend onderzoek | Energielandschappen RES-U16 | 2020 |
Mozaïek van akkers, weiden en bosschages als kampontginning
Principeschets van het deellandschap mozaïek: kavels in een mozaïekpatroon met divers landgebruik en aangezette randen
Perspectiefkaart met de laag van het deellandschap mozaïek
Mozaïek Het mozaïek wordt gekarakteriseerd als halfopen landschap met een grote diversiteit aan landgebruik en beplantingselementen. Oorspronkelijk is dit gebied middels individuele kampontginningen tot stand gekomen, waarbij percelen in onregelmatige vormen werden omringd door greppels, houtwallen, lanen en bospercelen. Hierdoor voelt het gebied kleinschalig aan. De bochtige, beplante wegen met voortdurend veranderende perspectieven zorgen voor een grote variatie in de beleving. Verspreide boerenerven en buurtschappen liggen op afstand van elkaar in linten. Tot slot zijn de meanderende beken en griften, die als verborgen systemen in het landschap verscholen liggen, kenmerkend voor het mozaïek.
Referentiebeelden van het deellandschap mozaïek: halfopen landschap met verscholen, meanderende beken 35
Impressie werkateliers
“Ecologische verbindingen zijn een belangrijk thema op de Utrechtse heuvelrug. Het inpassen van energie zou een positieve bijdrage moeten leveren aan het maken van deze verbindingen over infrastructuur.”
Visualisaties en ontwerpprincipes van zonneparken en windturbines in het landschap van de waarden inclusief opmerkingen gemaakt tijdens de werkateliers 36
Land-id | Ontwerpend onderzoek | Energielandschappen RES-U16 | 2020 |
“Zorg dat de Utrechtse Heuvelrug een bebost rustgebied blijft en benut het tijdelijke verdienvermogen van zonne-energie om bosontwikkeling mogelijk te maken.”
Kaarten met in geel de gebieden die zijn meegenomen in het onderzoek voor windenergie (boven) en zonne-energie (onder) 37
Contouren 1
1
2
Contouren voor nadere verkenning windenergie in lijn met de ontwerpprincipes in het landschap van de Utrechtse Heuvelrug 38
Land-id | Ontwerpend onderzoek | Energielandschappen RES-U16 | 2020 |
1
2
Ontwerpprincipe 1: windturbines in lijnopstelling langs primaire en secundaire wegen in het bos
1
Ontwerpprincipe 2: windturbines in vlakopstelling geclusterd in het landschap van de stroken
al veel minder is dan in de open polder, dient het zicht op windturbines vanaf belangrijke keyviews beperkt te worden middels bosontwikkeling.
Windturbines in lijnopstelling langs primaire en secundaire wegen in het bos Situering • Windturbines kunnen geplaatst worden langs enkele infrastructurele lijnen waaronder de A12, A27, A28 en enkele N-wegen zoals de N225. • Volg de lijn van de infrastructuur en trek deze door zodat ze aansluiten op opstellingen in aangrenzende deel- en RES-gebieden. Zoek bovendien aansluiting op bestaande en te realiseren turbines. • Indien mogelijk bestaan lijnopstellingen uit minimaal 3 turbines.
Functie combinaties • Het plaatsen van windturbines gaat gepaard met investeringen in natuur: bosaanplant, ecologische verbindingen langs/over infrastructuur, etc. • Energie koppelen aan recreatie en beleving door bijvoorbeeld nieuwe routes te implementeren en historische zichtlijnen te herstellen.
2
Windturbines in vlakopstelling geclusterd in het landschap van de stroken
Inrichting • Windturbines dienen eenzelfde grootte & vorm te hebben voor eenduidigheid. • Probeer gelijke afstanden tussen de turbines in lijnopstelling aan te houden. • De windturbines in lijnopstelling worden zo strak mogelijk ingepast zodat ze een duidelijke structuur en ritme aanhouden. • Hoewel de zichtbaarheid van turbines in het bos
Situering • Windturbines kunnen als vlak in het landschap van de stroken op afstand van bebouwingskernen geclusterd worden. • Het aantal windturbines binnen één vlak bestaat uit minimaal 4 turbines (2x2). • Door turbines te clusteren in het iets grootschaligere landschap van de stroken, zijn ze minder verspreid over de rest van landschap.
Inrichting • Er worden gelijke afstanden tussen de turbines aangehouden. • De windturbines in vlakopstelling worden zo ingepast dat de structuur van de clustering aansluit op de langgerekte verkavelingsstructuur. • Houd rekening met het schaalverschil tussen windturbines en rechtgetrokken beekrestanten en griften. Functie combinaties • Maak een combinatie van windenergie en zonne-energie waardoor compleet nieuwe energielandschappen ontstaan. • Hierbij bestaat de kans om te werken aan het landschappelijk raamwerk passend bij de omgeving middels natuurontwikkeling, waterberging en landschapsherstel. Bovendien ontstaan er kansen voor recreatie.
39
3
4
Contouren nadere verkenning zonne-energie in lijn met de ontwerpprincipes in het landschap van de Utrechtse Heuvelrug 40
3
Land-id | Ontwerpend onderzoek | Energielandschappen RES-U16 | 2020 |
3
4
Ontwerpprincipe 3: zonnevelden uit het zicht in de laagten, het mozaïek en onder aan de flanken
3
Zonnevelden uit het zicht in de laagten, het mozaïek en onder aan de flanken Situering • Enkele zonnevelden kunnen uit het zicht worden ingepast in het besloten landschap van de laagten, het mozaïek en de flanken. • De infiltratie van water, kwelstromen en expositie aan zon op de gradiënten van de flanken zorgen voor ecologisch waardevolle gebieden. Vandaar dat zonnevelden bij voorkeur in de lagere zones van de flanken dienen worden geplaatst op bijvoorbeeld weilanden of braakliggende akkers.
Ontwerpprincipe 4: zonnevelden gekoppeld aan infrastructuur en industrie
omgeving zoals houtwallen, lanen, singels, greppels en bospercelen met inheemse soorten. Vanwege de hogere beplantingsranden mogen de zonnepanelen ook hoger staan vanaf de grond (bijvoorbeeld tot 2 meter) Functie combinaties • Voor zonnevelden kan het tijdelijke verdienvermogen ingezet worden om bosontwikkeling mogelijk te maken en de biodiversiteit te verhogen oa in de randen van een zonneveld. • Zonnevelden kunnen gecombineerd worden met de toevoeging hakhout. • Koppel zonnevelden met recreatie middels het herstellen van historische zichtlijnen en recreatieve routes.
Inrichting • Borg de landschappelijke leesbaarheid door bij de inpassing van zonnevelden het bestaande kavelpatroon te volgen. • De grootte van het zonneveld wordt bepaald door 4 Zonnevelden gekoppeld aan infrastructuur en industrie de afmetingen van bestaande kavels en bedraagt maximaal 10 hectare. Zonnevelden kunnen op kavels in het landschap van het mozaïek gebundeld Situering • Vanwege de hoge ecologische waarde van dit worden waarbij meerdere kavels geclusterd deelgebied is het kansrijk om zonnevelden worden tot velden van 50 hectare. te koppelen aan gebieden met een lagere • Kies bij de inpassing van de zonnevelden voor belevingswaarde zoals infrastructuur en landschappelijke beplantingen passend bij de
•
•
industriegebieden Benut overhoeken, bermen, knooppunten en braakliggende gronden op efficiënte wijze voor de inpassing van zonnevelden. De grootte van het zonneveld wordt bepaald door de afmetingen van deze restruimten en bedraagt maximaal 25 hectare.
Inrichting • Kies bij de inpassing van de zonnevelden voor landschappelijke beplantingen passend bij de omgeving zoals groene struweelranden of bosschages met inheemse soorten. • Cluster zonnevelden dicht bij lokale afnemers rondom industrie- of bedrijventerreinen. Functie combinaties • Combineer zonne-energie opwek op overhoeken en braakliggende gronden dicht bij industriegebieden met grootschalige zonneenergie op daken en eventueel windenergie. • Bovendien kan de aanleg van een zonneveld gecombineerd worden met bosaanplant en het maken van ecologische verbindingszones in omliggende gebieden. Daar kan men bewust van worden gemaakt middels een informerende of educatieve functie aan het zonneveld.
41
5 Rivierenlandschap •
Essentie van het landschap
•
Impressie werkateliers
•
Contouren + ontwerpprincipes
Plankaart van het rivierenlandschap
Deelgebied rivierenlandschap in geel ten opzichte van de U16regio 42
N
0
1
2
3
4
5 km
Land-id | Ontwerpend onderzoek | Energielandschappen RES-U16 | 2020 |
Flank
Essentie van het landschap Langbroek
Kromme Rijn
Schalkwijk
Nederrijn / Lek
Rivierenzone (Lek & Nederrijn)
Lintbebouwing
Langbroek met hakhoutbos
Uiterwaard en dijk
Kromme Rijn met boomgaarden
Flank van Utrechtse Heuvelrug
Schalkwijk
Dorpskern
Essentiekaart van rivierenlandschap Vijf deellandschappen binnen het rivierenlandschap
43
Nederrijn / Lek De brede rivier met parallelle hoge bandijken vormt de kern van dit deelgebied. De uiterwaarden tussen de dijken zijn relatief open met enkele steenfabrieken en veerhuizen op de dwarskades. De binnendijkse zone kent meer bebouwing, boerderijlinten en opgaande beplanting. De hoge dijken geven een panoramisch zicht over de lager gelegen omgeving en de hoge beboste Utrechtse Heuvelrug. De binnendijkse verkaveling staat haaks op de dijk en is deels beplant met boomgaarden en bosjes. Referentiebeelden van het deellandschap Nederrijn / Lek: zicht vanaf de winterdijk over de rivier en heuvelrug
Dynamisch landschap met dijken en de meanderende rivier
Principeschets van het deellandschap Nederrijn / Lek: panoramisch zicht vanaf de winterdijk over het landschap
Perspectiefkaart met de laag van het deellandschap lekzone 44
Land-id | Ontwerpend onderzoek | Energielandschappen RES-U16 | 2020 |
Smalle stroken, lintbebouwing en kavels liggen schuin op de beplante wetering
Schalkwijk Het open weidelandschap van Schalkwijk vormt een contrast met de meer besloten gebieden langs de Kromme Rijn en de Lek. Het Amsterdam-Rijnkanaal vormt de noordelijke grens van dit gebied en in het zuiden wordt het gebied begrensd door de Lekdijk. Dit komgebied wordt gekarakteriseerd door een lineaire wetering met een verkaveling van smalle stroken schuin georiënteerd op de wetering. Ook de dichte lintbebouwing in het oosten volgt dit verkavelingspatroon. In het westelijke deel ligt de wetering open in het landschap, met aan weerszijden boerderijlinten op enige afstand.
Perspectiefkaart met de laag van het deellandschap Schalkwijk
Principeschets van het deellandschap waarden: langgerekte strokenverkaveling ligt schuin op de lintbebouwing
Referentiebeelden van het deellandschap Schalkwijk: open weidelandschap met lineaire weteringen 45
Kromme Rijn en provinciale weg als belangrijke structuurlijnen in een mozaïek van boomgaarden en akkers
Kromme Rijn
Perspectiefkaart met de laag van het deellandschap Kromme Rijn
Principeschets van het deellandschap Kromme Rijn: hoge zone met meanderende Kromme Rijn en rechte wegen
Het stroomgebied van de Kromme Rijn heeft een slingerend landschap met oeverwallen opgeleverd waarbij open en besloten ruimten langs de rivier elkaar afwisselen. Het gebied ligt iets hoger ten opzichte van de omgeving. De Kromme Rijn en de provinciale weg vormen de belangrijkste hedendaagse structuurlijnen die kronkelen langs dorpen. Opvallend is het mozaïek van vele boomgaarden en akkers in blokverkaveling. Lager gelegen wordt het landschap afgewisseld met meer open ruimten van weilanden in strokenverkaveling.
Referentiebeelden van het deellandschap Kromme Rijn: smalle rivier en veel boomgaarden op de stroomrug 46
Land-id | Ontwerpend onderzoek | Energielandschappen RES-U16 | 2020 |
Langbroek Het halfopen landschap van Langbroek vormt een overgang tussen de beboste stuwwalflank en het meer open gebied van de Kromme Rijn. Het is een vlak komgebied met kwelwater en een helder strokenpatroon dat is ontgonnen volgens het copesysteem. In deze verkaveling on onregelmatigheden waar te nemen in perceelgrootte en landgebruik. Zo vind je aan de droge noordkant vooral akkerbouw en lintbebouwing en aan de nattere zuidkant meer bos, hakhout-percelen en weilanden. In dit coulissenlandschap is de lintbebouwing divers met ridderhofsteden, boerderijen en kavelbeplanting.
Referentiebeelden van het deellandschap Langbroek: halfopen landschap met akkers en hakhout-percelen
Halfopen landschap tussen de beboste stuwwalflank en de Kromme Rijn
Principeschets van het deellandschap Langbroek: afwisseling van bos, weiden en hakhoutpercelen in een strokenpatroon
Perspectiefkaart met de laag van het deellandschap Langbroek 47
Bos met open ruimte, op de flanken open ruimten met bos
Principeschets van het deellandschap flank: lange zichtlijnen vanaf de flank naar de open uiterwaarden en Langbroek
Perspectiefkaart met de laag van het deellandschap flank
Flank De flank bevindt zich op de rand van de Utrechtse Heuvelrug. Het is de overgangszone van de hoge beboste stuwwal naar de zuidelijk gelegen open uiterwaarden en Langbroek. Op de flank is een kralensnoer van dorpen, statige huizen (Stichtse Lustwarande), talrijke lanen, bossen, weiden en akkergronden te vinden. Opvallend zijn de vele lange zichtlijnen vanaf de flank. In dit lineaire landschap geven de bossen de flank een besloten karakter, terwijl de open ruimten van de engen en landgoedparken zorgen voor afwisseling. Referentiebeelden van het deellandschap flank: afwisselend landschap door beboste gebieden en open akkers en weilanden 48
Land-id | Ontwerpend onderzoek | Energielandschappen RES-U16 | 2020 |
Impressie werkateliers
“Zonnevelden kunnen ingepast worden met landschapselementen die al aanwezig zijn, zoals windsingels, maar soms mag je ze ook gewoon zien. Het landschap is dynamisch en verandert altijd”
“Windturbines koppelen aan relatief rechte lijnen in het landschap, dat is het minst storend. Bijvoorbeeld het Amsterdam-Rijnkanaal.”
Visualisaties en ontwerpprincipes van zonneparken en windturbines in het rivierenlandschap inclusief opmerkingen gemaakt tijdens de werkateliers
Kaarten met in geel de gebieden die zijn meegenomen in het onderzoek voor windenergie (boven) en zonne-energie (onder) 49
Contouren
2
1
Contouren voor nadere verkenning windenergie in lijn met de ontwerpprincipes in het rivierenlandschap 50
Land-id | Ontwerpend onderzoek | Energielandschappen RES-U16 | 2020 |
1
2
Ontwerpprincipe 1: windturbines in lijnopstelling langs het Amsterdam-Rijnkanaal
1
Windturbines in lijnopstelling langs het Amsterdam-Rijnkanaal Situering • Windturbines kunnen als enkele lijn parallel langs het Amsterdam-Rijnkanaal worden geplaatst. • Volg de lijn van het kanaal en trek deze zo ver mogelijk door wanneer dit mogelijk is. • Windturbines staan bij voorkeur relatief dicht langs de zuidzijde van het kanaal • Er wordt een vaste afstand tussen de turbines en het kanaal gehanteerd van minimaal 50 meter hierdoor blijft het zicht op de karakteristieke 2 bomenlanen langs het kanaal behouden. Inrichting • Zoek aansluiting op het ritme en de grootte van te realiseren turbines langs het kanaal. • Beperk het aantal toegangswegen naar windturbines en gebruik grastegels zodat de toegangswegen opgaan in het landschap. Maar houd rekening met het gebruik voor zwaar verkeer. • Neem mogelijke aansluitingen van de lijnopstelling naar gebieden buiten de U16 regio in de richting van Gelderland in acht.
Ontwerpprincipe 2: windturbines in lijnopstelling langs rechte lijnen in het Kromme Rijn landschap
Functie combinaties • De combinatie van zonnepanelen en windturbines is voordelig voor de aansluiting op het net. • Houd ook de optie open om zonne- en windenergie los van elkaar te ontwikkelen zodat de kansen meer worden gespreid. • Het plaatsen van windturbines gaat gepaard met investeringen in natuur om het gebied tussen de turbines en het Amsterdam-Rijnkanaal te ontwikkelen voor mogelijke aansluiting op het Natuur Netwerk Nederland
Windturbines in lijnopstelling langs rechte lijnen in het Kromme Rijn landschap Situering • Windturbines kunnen als enkele lijn parallel langs rechte landschappelijke elementen zoals weteringen en wegen worden geplaatst in het landschap van de Kromme Rijn. • Volg de lijn van deze elementen maar houd voldoende afstand tot de bebouwingskernen. • Er worden minimaal 3 windturbines geplaatst
zodat er sprake is van een lijn. • Inrichting • Windturbines dienen eenzelfde grootte & vorm te hebben voor eenduidigheid. • Er worden gelijke afstanden tussen de turbines aangehouden. • De windturbines in lijnopstelling worden zo strak mogelijk ingepast zodat ze een duidelijke structuur en ritme aanhouden. • Voorkom dat turbines in lijnopstellingen gaan elkaar interfereren met mogelijke turbines langs het Amsterdam-Rijnkanaal dus zorg voor voldoende afstand tussen deze infrastructurele lijnen. Functie combinaties • Het plaatsen van windturbines gaat gepaard met investeringen in natuur zoals bosontwikkeling. Dit past goed bij de variatie van open en besloten landschappen van de Kromme Rijn. Hierdoor wordt het zicht op turbines vanaf bepaalde keyviews beperkt. • Benut de energie lokaal voor de fruitteelt • Combinatie van windenergie en zonne-energie 51
4
4
3
Contouren voor nadere verkenning zonne-energie in lijn met de ontwerpprincipes in het rivierenlandschap 52
Land-id | Ontwerpend onderzoek | Energielandschappen RES-U16 | 2020 |
3
4
Ontwerpprincipe 3: grootschalige zonnevelden in het open weidelandschap van Schalkwijk
3
Ontwerpprincipe 2: Zonnevelden passend bij de omvang van de landschapstypen Kromme Rijn en Langbroek
Grootschalige zonnevelden in het open weidelandschap van Schalkwijk
•
Situering • Zonnevelden kunnen uit het zicht, ver vanaf bebouwingslinten in het grootschalige open weidelandschap van Schalkwijk geplaatst worden. • De zonnevelden hebben een grootte tot 50 hectare.
4
Inrichting • Borg de leesbaarheid van het landschap door bij de inpassing van de zonnevelden vast te houden aan het kavelpatroon en zorg voor landschappelijke geleding door tussenruimten te maken waar het bestaande slotenpatroon binnen zonnevelden zo veel mogelijk blijft behouden. • Voorzie de randen van zonnevelden van een brede sloot met rietkraag (1,50 meter hoog). • Beperk het aantal toegangswegen en realiseer nieuwe wegen bij voorkeur parallel op het verkavelingspatroon. Functie combinaties • Zonnevelden kunnen gecombineerd worden met windturbines in lijnopstelling parallel langs het
•
Amsterdam-Rijnkanaal. De combinatie van zonne-energie, waterberging en peilverhoging is een gewenste keuze voor de ruimte binnen en rondom de zonnevelden. Natuurontwikkeling zowel in de randen van het zonneveld als binnen het park zelf ten behoeve van een verhoging van de biodiversiteit.
Zonnevelden passend bij de omvang van de landschapstypen Kromme Rijn en Langbroek Situering • De landschapstypen van de Kromme Rijn en Langbroek zijn enigszins besloten en dat maakt dat zonnevelden kunnen worden ingepast mits een juiste schaal wordt gehanteerd. • De maat en schaal van zonnevelden worden bepaald door het type landschap. • Het Kromme Rijngebied bestaat uit kavels met fruitteelt. Zonnevelden hebben een vergelijkbare grootte tot 25 hectare en kunnen eventueel boven de fruitteelt gerealiseerd worden. • In Langbroek kunnen kleinere zonnevelden worden ingepast binnen de bospercelen met een grootte
tot 10 hectare. Inrichting • Zonnevelden worden binnen de strakke lijnen van de verkaveling ingepast waarbij de leesbaarheid van het landschap ten alle tijden behouden dient te blijven. • Zonnevelden kunnen ingepast worden met landschapselementen die al aanwezig zijn, zoals windsingels in het Kromme Rijn gebied en beboste randen in Langbroek. Functie combinaties • In het Kromme Rijn gebied kunnen zonne- en windenergie gecombineerd • Zonne-energie kan gecombineerd worden met waterberging voor de fruitteelt voor een efficiëntere productie. • Zonnevelden in Langbroek kunnen ingezet worden als verdienmodel voor de instandhouding van landgoederen en kastelen. Het is belangrijk om dit te koppelen met de kansen die er liggen voor cultuurhistorie en recreatie.
53
6 Wallen en weiden •
Essentie van het landschap
•
Impressie werkateliers
•
Contouren + ontwerpprincipes
Deelgebied wallen en weiden in geel ten opzichte van de U16regio 54
Plankaart van het landschap van de wallen en weiden
Land-id | Ontwerpend onderzoek | Energielandschappen RES-U16 | 2020 |
Essentie van het landschap
Rivierlint
Oude stroomrug
Lekzone
Waarden
Rivierlint
Uiterwaard en dijk
Lintbebouwing
Dorpskern
Lek
Sloten en weteringen
Stroomrug met Oude IJssel
Waard
Essentiekaart van het landschap van de wallen en weiden
Vier deellandschappen binnen het landschap van de wallen en weiden
55
Open weidelandschap in strokenverkaveling met enkele bosschages
Perspectiefkaart met de laag van het deellandschap waarden
Principeschets van het deellandschap waarden: langgerekte strokenverkaveling tegen bebouwingslinten
Waarden Het open veenweidelandschap van de waard heeft een uitgesproken lengterichting door lange bebouwingslinten en parallel lopende, weteringen. De bebouwingslinten kennen onderling een aanzienlijke diversiteit, van open tot zeer besloten, met zowel lange rechtstanden als slingerende stukken. Opvallend is de oost-westmaat van de cope-ontginning en de strokenverkaveling die haaks staat op de linten. De overal aanwezige weilanden verlenen rust en stilte aan het landschap. Enkele bosschages zorgen voor diversiteit in het open weidelandschap.
56
Referentiebeelden van het deellandschap waarden: open weidelandschap met rechte sloten
Land-id | Ontwerpend onderzoek | Energielandschappen RES-U16 | 2020 |
Lekzone De hoge dijken van de Lek bieden aan weerszijden een panoramisch zicht op de omgeving. In dat panorama is het contrast zichtbaar tussen enerzijds de open uiterwaarden onder invloed van rivierdynamiek en anderzijds de besloten zone langs de dijk met bebouwingslinten en opgaande beplanting op de erven en in singels erlangs (vooral bij Willige Langerak). Daarachter bevindt zich het zeer open weidelandschap van de waarden. Ondanks de intensief bevaren Lek is de beleving van rust en stilte in deze zone groot. Referentiebeelden van het deellandschap lekzone: open uiterwaarden en de meanderende Lek
Principeschets van het deellandschap lekzone: de hoge winterdijk met aan weerzijden de Lek en de bebouwingszone
Besloten zone langs winterdijk met beplanting en singels romdom erven
Perspectiefkaart met de laag van het deellandschap lekzone 57
Oude stroomrug De oude stroomrug bevindt zich in dit gebied tussen IJsselstein en Montfoort. Deze stroomrug bestaat uit een hooggelegen, brede zone waarbinnen de Hollandse IJssel als smalle rivier meandert. De zone wordt gekarakteriseerd door een mozaïek van akkers, weiden, bosschages en boomgaarden in blokverkaveling. Deze zone gaat geleidelijk over in de aangrenzende open weidelandschappen van de waarden. De westgrens met de waarden wordt gemarkeerd door een bebouwingslint. Referentiebeelden van het deellandschap oude stroomrug: smalle rivier en ongregelmatige blokverkaveling
Mozaïek van akkers, weiden, bosschages en boomgaarden in blokverkaveling
Principeschets van het deellandschap oude stroomrug: hooggelegen brede zone met de Hollandse IJssel 58
Perspectiefkaart met de laag van het deellandschap oude stroomrug
Land-id | Ontwerpend onderzoek | Energielandschappen RES-U16 | 2020 |
Smalle zone, hoger gelegen dan omgeving met gekanaliseerde rivier
Principeschets van het deellandschap rivierlinten: hoge, besloten verstedelijkte zone langs kleine rivier
Perspectiefkaart met de laag van het deellandschap rivierlinten
Rivierlinten De relatief hooggelegen rivierlinten worden gevormd door de smalle, gekanaliseerde Hollandsche IJssel en de Lange Linschoten. Ze meanderen als besloten zones tussen de open weidelandschappen van de waarden. De rivieren worden begeleid door slingerende dijkjes met bebouwing en opgaande (erf) beplanting. Kenmerkend zijn de dorpskernen waaronder Linschoten, Montfoort en Oudewater die zich op splitsingspunten van het water bevinden.
Referentiebeelden van het deellandschap rivierlinten: gekanaliseerde rivier langs lintbebouwing en dorpskernen 59
Impressie werkateliers
“In het open weidelandschap kunnen windturbines worden gekoppeld aan infrastructuur bijvoorbeeld de A12.”
Visualisaties en ontwerpprincipes van zonneparken en windturbines in het landschap van de wallen en weiden inclusief opmerkingen gemaakt tijdens de werkateliers 60
Land-id | Ontwerpend onderzoek | Energielandschappen RES-U16 | 2020 |
“Houd rekening met de lokale ervaringen van inwoners en recreanten en betrek ze actief bij de zoektocht naar geschikte locaties voor zonne- of windenergie.”
Kaart met in geel de potentiële locaties voor windenergie
“De sloten hebben een hoge ecologische waarde. Positioneer zonnevelden daarom tussen de sloten en voorkom dat ze gedempt moeten worden.” Kaarten met in geel de gebieden die zijn meegenomen in het onderzoek voor windenergie (boven) en zonne-energie (onder) 61
Contouren 2
1 1
Contouren voor nadere verkenning windenergie in lijn met de ontwerpprincipes in het landschap van de wallen en weiden 62
Land-id | Ontwerpend onderzoek | Energielandschappen RES-U16 | 2020 |
1
2
Ontwerpprincipe 1: windturbines in lijnopstelling langs weteringen in de waarden
1
Windturbines in lijnopstelling langs weteringen in de waarden Situering • Windturbines kunnen als enkele lijn parallel langs weteringen worden geplaatst. • Beperk het aantal windturbines tot één rechte lijn. • Windturbines staan bij voorkeur zo ver mogelijk bij bebouwingslinten vandaan. Voor windturbines tussen twee linten dient ongeveer een gelijke afstand tussen beide linten te worden 2 aangehouden. • Er worden minimaal 3 windturbines geplaatst zodat er sprake is van een lijn. Inrichting • Er worden gelijke afstanden tussen de turbines aangehouden. • Windturbines dienen eenzelfde grootte & vorm te hebben voor eenduidigheid. • De windturbines in lijnopstelling worden zo strak
Ontwerpprincipe 2: windturbines in lijnopstelling langs de snelweg
•
mogelijk ingepast zodat ze een duidelijke structuur en ritme aanhouden. Beperk het aantal toegangswegen, bruggen, etc. naar windturbines en gebruik grastegels zodat de toegangswegen opgaan in het landschap.
Functie combinaties • Combinatie van windenergie en zonne-energie • Waterberging & peilverhoging
Windturbines in lijnopstelling langs de snelweg Situering • Windturbines kunnen als enkele lijn parallel langs de snelweg A12 worden geplaatst. • Volg de lijn van de snelweg en trek deze zo ver mogelijk door. • Windturbines staan bij voorkeur dicht langs de zuidzijde van de snelweg. • Er worden minimaal 3 windturbines geplaatst
zodat er sprake is van een lijn. Inrichting • Er dient een vast ritme aangehouden te worden met betrekking tot de ruimte tussen de windturbines over de gehele lijnopstelling. • Houd rekening met de mogelijke aansluiting van de lijnopstelling naar gebieden buiten de U16 regio. Functie combinaties • Windenergie en landbouw; de landbouw blijft behouden • Er wordt geen koppeling gemaakt tussen winden zonne-energie langs de snelweg omdat het zicht op het landschap vanaf de weg en het bebouwde gebied anders beperkt wordt door zonnepanelen.
63
4 3
Contouren voor nadere verkenning zonne-energie in lijn met de ontwerpprincipes in het landschap van de wallen en weiden 64
Land-id | Ontwerpend onderzoek | Energielandschappen RES-U16 | 2020 |
3
4
Ontwerpprincipe 3: grootschalige zonnevelden in de waarden ver uit het zicht
3
Ontwerpprincipe 4: kleinschalige zonnevelden op kavels achter de bebouwingslinten
Grootschalige zonnevelden in de waarden ver uit het zicht
•
Situering • Grootschalige zonnevelden kunnen uit het zicht, ver vanaf de bebouwing langs weteringen in het landschap van de waarden geplaatst worden. • Het moet mogelijk zijn om over zonnepanelen heen te kijken. Hanteer bijvoorbeeld een hoogte van 1,45 meter. • De zonnevelden bevinden zich bij voorkeur aan de achterkanten van bebouwingslinten en hebben een grootte tot 50 hectare. 4
Functie combinaties • Waterberging zowel binnen een zonneveld als in de tussenruimtes tussen de zonnevelden. • Natuurontwikkeling in de randen van het park en binnen het park ten behoeve van een verhoging van de biodiversiteit. • Combinatie van zonne-energie en windturbines in lijnopstelling langs weteringen in de waarden.
Inrichting • Borg de leesbaarheid van het landschap en zorg voor landschappelijke geleding. • Volg bij de inpassing van zonnevelden het kavelpatroon en behoud zo veel mogelijk de bestaande sloten binnen het zonneveld. • Zorg voor tussenruimtes tussen de grootschalige velden zodat de parken los van elkaar liggen, en zichtlijnen open blijven. • Beperk het aantal toegangswegen en realiseer nieuwe wegen bij voorkeur parallel of haaks op het verkavelingspatroon.
Voorzie de randen van het zonneveld van een brede sloot met rietkragen tot 1,50 meter.
Kleinschalige zonnevelden op kavels achter de bebouwingslinten Situering • De kleinschalige zonnevelden bevinden zich aan de achterkanten van de bebouwingslinten op een minimale afstand van 100 meter vanaf de weg, bij voorkeur aan één zijde van het bebouwingslint. • De zonnevelden hebben een grootte tot maximaal 10 hectare. • Zorg voor tussenruimtes tussen de kleinschalige zonnevelden zodat de parken los van elkaar komen te liggen bijvoorbeeld 2 kavels. • De zonnevelden worden niet hoger dan 1,45 meter,
zodat je de openheid achter de linten kan ervaren. Inrichting • Houd bij de inpassing van de zonnevelden vast aan het bestaande kavelpatroon zodat het landschap leesbaar blijft • De randen van de zonnevelden kunnen aan de bebouwingszijde worden voorzien van opgaande beplanting en in singels erlangs waardoor ze vanaf de weg gecamoufleerd worden. • De grenzen van het zonneveld naar de zijden van het weidelandschap van de waarden, kunnen worden voorzien van smalle, lange sloten met met rietkragen als overgang naar het open landschap. Deze sloten zijn kenmerkend voor het gebied. Functie combinaties • Een combinatie van waterberging en natuurontwikkeling is gewenst in de randen van een zonneveld en tussen zonnevelden. • Omdat de agrarische sector er in de nabije toekomst anders uit gaat zien, zullen zonnevelden op landbouwgrond interessanter worden. Energie kan de businesscase van agrariërs rond maken.
65
7 Waarden •
Essentie van het landschap
•
Impressie werkateliers
•
Contouren + ontwerpprincipes
Deelgebied waarden in geel ten opzichte van de U16-regio
66
Plankaart van het landschap van de waarden
Land-id | Ontwerpend onderzoek | Energielandschappen RES-U16 | 2020 | Oude stroomrug
Essentie van het landschap Oeverwallen
Lekzone
Veenweidelandschap met rivierinvloeden
Bebouwingslint
Lekzone met Uiterwaard en dijk
Oeverwal
Dorpskern
Lek
Kanalen en weteringen
Oude stroomrug
Veenweide met rivierinvloeden
Essentiekaart van het landschap van de waarden
Vier deellandschappen binnen het landschap van de waarden
67
Oude stroomrug Het gebied ten oosten van Vianen kan als oude stroomrug worden gekarakteriseerd. Deze hooggelegen zone is de uitloper van de stroomrug van de Hollandse IJssel ten noorden van de Lek. De vele bebouwde gebieden waaronder Hagestein en Hoef en Haag, maken dat deze zone moeilijk te onderscheiden is. Toch vallen de akkers en weiden op, die in blokverkaveling het gebied domineren. Tot slot is er een grote recreatieplas te vinden in deze zone genaamd Everstein die is afgegraven ten behoeve van zandwinning. Referentiebeelden van het deellandschap oude stroomrug: akkers en de grote recreatieplas
De hooggelegen zone is de uitloper van de stroomrug van de Hollandse IJssel Een grote recreatieplas bevindt zich binnen de oude stroomrug
Principeschets van het deellandschap oude stroomrug: hooggelegen zone die is doorsneden door de Lek 68
Perspectiefkaart met de laag van het deellandschap oude stroomrug
Land-id | Ontwerpend onderzoek | Energielandschappen RES-U16 | 2020 |
Het reliëf, de akkers en fruitboomgaarden zijn kenmerkend voor oeverwallen
Principeschets van het deellandschap oeverwal: hoge zone met bebouwingslint, akkers en fruitboomgaarden
Perspectiefkaart met de laag van het deellandschap oeverwallen
Oeverwallen Binnen het veenweidelandschap van Vijfheerenlanden zijn er oeverwallen te vinden op de plek van voormalige rivierlopen met over het algemeen een grillig, slingerend beloop. Deze oeverwallen zijn te herkennen door het reliëf, en de hoeveelheid akkers en fruitboomgaarden gelokaliseerd op de hoge en droge oeverwal. Bovendien zijn er enkele grillige bebouwingslinten op te merken die de structuur van de oeverwal volgen. De oeverwallen bevinden zich vooral in het zuidwesten langs de Lek, ten noorden van de Linge en in het centrale deel van het veenweidegebied die uitlopen richting het westen.
Referentiebeelden van het deellandschap oeverwallen: grillige bebouwingslinten en fruitboomgaarden op de hoge oeverwal 69
Lekzone De Lekzone vormt de noordelijke grens van dit deelgebied. Deze zone wordt begrensd door twee hoge winterdijken. Het zicht op zowel het rivierenlandschap als het veenweidegebied vanaf de dijken langs de Lek, is een belangrijke kernkwaliteit. Langs de dijken bevinden zich enkele dijklinten die grotere dorpskernen zoals Lexmond en Vianen met elkaar verbinden. Het is opvallend dat de uiterwaarden langs de Lek relatief smal zijn en hoog liggen ten opzichte van het omliggende veenweidelandschap. Referentiebeelden van het deellandschap lekzone: open uiterwaarden met de Lek en slingerende winterdijken
Principeschets van het deellandschap lekzone: panoramisch zicht vanaf de hoge winterdijk over het omliggende landschap
Perspectiefkaart met de laag van het deellandschap lekzone 70
Hoge winterdijken bieden panoramisch zicht over het rivieren- en veenweidelandschap
Land-id | Ontwerpend onderzoek | Energielandschappen RES-U16 | 2020 |
Weteringen, wegen, beplanting en bebouwingslinten vormen kamers in het veenweidelandschap
Veenweidelandschap met rivierinvloeden Het veenweidelandschap in de Vijfheerenlanden is grotendeels planmatig ontgonnen waarbij de verkaveling het zogenaamde cope-systeem volgt. Rondom elke ontginning werden lagere kades aangelegd waardoor kamers ontstonden in het landschap. Deze kamers kennen sterke draaiingen met duidelijke grenzen. De grenzen van de kamers bestaan uit weteringen, sloten en kanalen. Ook wegen, beplanting en linten vormen duidelijke grenzen van de kamers. De linten zijn ruimtelijk dominant in het verder vooral open gebied. Opvallend zijn de relatief ‘strakke’ bebouwingslinten in het noordoosten van het gebied terwijl de linten in het centrale en westelijke deel veel grilliger van beloop, ruimer van maat en lommerrijker zijn.
Perspectiefkaart met de laag van het veenweidelandschap met rivierinvloeden
Principeschets van het veenweidelandschap met rivierinvloeden: ‘kamer’ gevormd door wegen, kanalen en bebouwingslinten
Referentiebeelden van het veenweidelandschap met rivierinvloeden: open weidelandschap met rechte sloten 71
Impressie werkateliers
“Zet niet in op 1 principe maar geef meerdere opties zodat bewoners kunnen kiezen en je de kansen spreid.”
Visualisaties en ontwerpprincipes van zonneparken en windturbines in het landschap van de waarden inclusief opmerkingen gemaakt tijdens de werkateliers 72
Land-id | Ontwerpend onderzoek | Energielandschappen RES-U16 | 2020 |
“Let bij de aanleg van zonnevelden en windturbines ook op de bijkomende infrastructuur voor bereikbaarheid en transport.”
Kaart met in geel de potentiële locaties voor windenergie
“Er wordt gezegd dat er veel ruimte is voor energie in het landschap van Vijfheerenlanden, maar onthoud wel dat het open landschap een kwaliteit is dat behouden moet blijven.” Kaarten met in geel de gebieden die zijn meegenomen in het onderzoek voor windenergie (boven) en zonne-energie (onder) 73
Contouren
1 2
Contouren voor nadere verkenning windenergie in lijn met de ontwerpprincipes in het landschap van de waarden 74
Land-id | Ontwerpend onderzoek | Energielandschappen RES-U16 | 2020 |
1
2
Ontwerpprincipe 1: windturbines in lijnopstelling langs de snelweg
1
Windturbines in lijnopstelling langs de snelweg
Ontwerpprincipe 2: windturbines in lijnopstelling langs weteringen in het veenweidelandschap met rivierinvloeden
Hierdoor wordt het zicht op turbines vanaf bepaalde keyviews beperkt. Hierbij kan het waardevol zijn om grondeigenaren te zoeken zoals Staatsbosbeheer en andere landschapspartijen. Er wordt geen koppeling gemaakt tussen wind- en zonne-energie omdat het zicht op het landschap vanaf de weg anders wordt geblokkeerd door zonnepanelen. De snelweg is namelijk een van de plekken vanaf waar het landschap beleefd wordt.
Situering • • Windturbines kunnen als enkele lijn parallel langs de snelweg A2 worden geplaatst. • Volg de lijn van de snelweg en trek deze zo ver mogelijk door wanneer dit mogelijk is. • Windturbines staan bij voorkeur dicht langs de snelweg. Windturbines in lijnopstelling langs • Er worden minimaal 3 windturbines geplaatst 2 weteringen in het veenweidelandschap zodat er sprake is van een lijn.
met rivierinvloeden
Inrichting • Zoek aansluiting op het ritme en de grootte van de bestaande turbines langs de snelweg. • Houd rekening met de mogelijke aansluiting van de lijnopstelling naar gebieden buiten de U16 regio. Functie combinaties • Het plaatsen van windturbines gaat gepaard met investeringen in natuur zoals bosontwikkeling.
Situering • Windturbines kunnen als enkele lijn parallel langs weteringen worden geplaatst op afstand van bebouwingslinten. • Er worden minimaal 3 windturbines geplaatst zodat er sprake is van een lijn. • Vanwege de diversiteit in grillige en strakke bebouwingslinten, dient er kritisch te worden
•
gekeken naar het waarborgen van voldoende afstand tussen windturbines langs de wetering en het bebouwingslint. Bebouwingslinten mogen niet worden ingeklemd tussen twee lijnen van windturbines.
Inrichting • Er worden gelijke afstanden tussen de turbines aangehouden. • Windturbines dienen eenzelfde grootte & vorm te hebben voor eenduidigheid. • De windturbines in lijnopstelling worden zo strak mogelijk ingepast zodat ze een duidelijke structuur en ritme aanhouden. • Beperk het aantal toegangswegen, bruggen, etc. naar windturbines en gebruik grastegels zodat de toegangswegen opgaan in het landschap. Functie combinaties • Combinatie van windenergie en zonne-energie • Waterberging & peilverhoging • Natuurontwikkeling vergelijkbaar met natuurgebied Polder Bolgarijen.
75
4
3
Contouren voor nadere verkenning zonne-energie in lijn met de ontwerpprincipes in het landschap van de waarden 76
Land-id | Ontwerpend onderzoek | Energielandschappen RES-U16 | 2020 |
3
4
Ontwerpprincipe 3: grootschalige zonnevelden uit het zicht in het veenweidelandschap met rivierinvloeden
3
Grootschalige zonnevelden uit het zicht in het veenweidelandschap met rivierinvloeden
Ontwerpprincipe 4: zonnevelden op knooppunten en binnen overhoeken
Functie combinaties • De combinatie van zonne-energie, waterberging en peilverhoging is een gewenste keuze voor de ruimte tussen de zonnevelden. • Natuurontwikkeling zowel in de randen van het park als binnen het park zelf om de biodiversiteit te verhogen. • De combinatie van zonnepanelen en windturbines is voordelig voor de aansluiting op het net. • Houd ook de optie open om zonne- en windenergie los van elkaar te ontwikkelen zodat de kansen meer worden gespreid.
Situering • Grootschalige zonnevelden kunnen uit het zicht, ver vanaf bebouwingslinten langs weteringen in het veenweidelandschap geplaatst worden. • De zonnevelden hebben een grootte tot 50 hectare en een hoogte van 1,45 meter. • Zonnevelden dienen gebundeld te worden: Compacte en grootschalige zonnevelden zijn het meest rendabel mits deze dicht bij een aansluitpunt geplaatst worden. 4 Zonnevelden op knooppunten en binnen overhoeken • Zorg voor tussenruimtes tussen de grootschalige zonnevelden zodat deze los van elkaar komen te Situering liggen. • Benut overhoeken, knooppunten en braakliggende gronden op efficiënte wijze voor de inpassing van Inrichting zonnevelden. • Borg de leesbaarheid van het landschap en • De grootte van het zonneveld wordt bepaald door zorg voor landschappelijke geleding door bij de de afmetingen van overhoeken en knooppunten en inpassing van de zonnevelden vast te houden aan bedraagt maximaal 50 hectare. het kavelpatroon en de bestaande sloten binnen • Cluster zonnevelden dicht bij lokale afnemers zonnevelden zo veel mogelijk te behouden. zoals industrie- of bedrijventerreinen die al een • Voorzie de randen van zonnevelden van een brede lagere belevingswaarde hebben. sloot met rietkraag (1,50 meter hoog).