Toelichting bestemmingsplan “Kom Etten, locatie Palmlaan en Strik”.pdf
Tekst van het document
Figuur 4.9: Situatietekening parkeerplaatsen (bron: ANV architectuur & vastgoedontwikkeling)
4.11.2
Verkeer
Het plangebied wordt ontsloten via de Palmlaan en de Strik. Dit zijn beiden 30 km/u wegen. De verkeersgeneratie kan berekend worden aan de hand van de kencijfers van de publicatie 'CROW 381 Toekomstbestendig parkeren' uit 2018. In de huidige situatie is één vrijstaande koopwoning aanwezig. Dit heeft een verkeersaantrekkende werking van maximaal 8,6 mvt/etmaal in de rest bebouwde kom van
ruimte voor ontwikkeling
53
matig stedelijk gebied. In de gewenste situatie is de verkeersaantrekkende werking op dezelfde manier te bepalen. Voor een een vrijstaande koopwoning is de verwachte verkeersgeneratie maximaal 8,6 mvt/etmaal woning. Gemiddeld geldt voor zes koopwoningen een verkeersgeneratie van 51,6 mvt/etmaal. Voor een koopwoning tussen/hoek geldt een verkeersgeneratie van maximaal 7,5. Gemiddeld geldt voor vier tussen-/hoekwoningen een verkeersgeneratie van 30 mvt/etmaal. In totaal geldt voor het plangebied een totale verkeersaantrekkende werking van 81,6 mvt/etmaal. De verkeersgeneratie neemt met onderhavig initiatief toe met 73 mvt/etmaal. Dit is een beperkte toename, wat een gering en verantwoord effect zal hebben op de omliggende onsluitingswegen. De Palmlaan functioneert als weg voor bestemmingsverkeer. In de huidige situatie is hier geen sprake van enige verkeersdrukte. De toename zal hier bij passen. Daarnaast is de ontsluiting met omliggende wegen goed. De snel te bereiken aansluiting op de Zeddamsweg, en eventueel de N317/N335 laat bestemmingsverkeer snel opgaan in het heersende verkeersbeeld.
4.11.3
Beoordeling
initiatief
Voorgenomen initiatief zal niet leiden tot verkeerskundige en/of parkeertechnische problemen. Parkeren wordt op eigen terrein opgelost en de verkeersgeneratie neemt slechts zeer beperkt toe.
4.12 Kabels en leidingen Planologisch relevante leidingen en hoogspanningsverbindingen dienen te worden gewaarborgd. Tevens dient rond dergelijke leidingen rekening te worden gehouden met zones waarbinnen mogelijke beperkingen gelden. Planologisch relevante leidingen zijn leidingen waarin de navolgende producten worden vervoerd: gas, olie, olieproducten, chemische producten, vaste stoffen/goederen; aardgasleidingen afhankelijk van druk; defensiebrandstoffen; warmte en afvalwater, ruwwater of halffabricaat voor de drink- en industriewatervoorziening met een diameter groter of gelijk aan 18 inch. Uit de toelichting en verbeelding van bestemmingsplan 'Kleine Kernen 2004' is op te maken dat er geen planologisch relevante kabels en leidingen in het plangebied of in de directe omgeving daarvan aanwezig zijn. Voor de verdere realisatie van het plan zal indien nodig een KLIC-melding gedaan worden om te achterhalen of er relevante kabels en leidingen in het plangebied of in de directe omgeving daarvan aanwezig zijn.
4.13 Klimaatadaptatie 4.13.1
Waterveiligheid
Voor de beoogde ontwikkeling is op het gehele plangebied rekening gehouden met het aspect water. Het water wordt in eerste instantie zo veel mogelijk vastgehouden. Door onder andere de aanwezigheid en aanplanten van veel groen. Daarnaast wordt het overige water geborgen in de wadi ten zuiden van het plangebied.
4.13.2
Hitte
Met het aspect Hitte wordt op verschillende manieren rekening gehouden. Ten eerste is er op het plangebied aandacht voor: 1.
54
het behoud van het aanwezige groen: in het planvoornemen is aandacht voor het behoud van de monumentale bomen en aanwezige struwelen
Kom Etten, locatie Palmlaan en Strik
2.
het toevoegen van meer groen: met het oog op de landschappelijke inpassing van het plan worden veel verschillende groen-onderdelen toegevoegd. Dit gebeurt door het aanplanten van bomen, het uitbreiden van groenzones, het planten van struweelhagen, knip- en scheerheggen en het toevoegen van vogelbosjes. Al met al gaat het plangebied beschikken over de aanwezigheid van veel groen, waaronder bomen. De aanwezigheid van groen draagt bij aan het verminderen van hittestress. Groen zorgt voor de verdamping van water (verlagen van de luchttempratuur) en het creëren van schaduw (verlagen van de gevoelstempratuur). Tot slot draagt het verminderen van het aantal steen in en rondom het plangebied bij aan het verminderen van hitte. Stenen absorberen zonnestraling waardoor het materiaal opwarmt. Daarnaast zorgt steen in plaats van groen ervoor dat er een gebrek aan verdamping ontstaat, waardoor een groot deel van de zonnestraling wordt omgezet in voelbare warmte.
4.13.3
Droogte
Naast een positieve invloed op de hittestress en tempratuur van de omgeving heeft groen ook een positieve invloed op het verminderen van droogte. 1. 2.
4.13.4
Bomen, planten, bosjes, heggen en struwel vergroten de infiltratie van de ondergrond. De ondergrond waar de bomen en planten in geworteld zijn, neemt water op en houdt die ook vast. Het toevoegen van een wadi draagt bij aan het opvangen en opslaan van water, in plaats van het water direct af te voeren.
Wateroverlast
In paragraaf 4.9.3 wordt nader ingegaan op het aspect water, en de maatregelen die in het plan worden genomen om wateroverlast te voorkomen.
ruimte voor ontwikkeling
55
Hoofdstuk 5 5.1
Plansystematiek
Het plan
In dit hoofdstuk wordt aangegeven op welke wijze de voorkomende functies in het bestemmingsplan worden geregeld. De planopzet is in overeenstemming met de RO Standaarden. De regels geven inhoud aan de op de verbeelding gegeven bestemmingen. Ze geven aan waarvoor de gronden en opstallen al dan niet mogen worden gebruikt en wat en hoe er gebouwd mag worden. De bij dit plan behorende regels zijn onderverdeeld in vier hoofdstukken, te weten: 1. Inleidende regels. 2. Bestemmingsregels. 3. Algemene regels. 4. Overgangs- en slotregels. In hoofdstuk 1 worden de in de regels gehanteerde begrippen nader verklaard, zodat interpretatieproblemen zoveel mogelijk worden voorkomen. Daarnaast wordt aangegeven op welke wijze bepaalde afmetingen moeten worden gemeten. In hoofdstuk 2 zijn specifieke regels opgenomen voor de op de verbeelding gegeven bestemmingen. De artikelen bestaan uit een bestemmingsomschrijving en bouwregels, en zo nodig uit afwijkingsregels, specifieke gebruiksregels of vergunningsregels voor aanleggen. De bestemmingsomschrijving is bepalend voor het gebruik van de grond. De hoofdstukken 3 en 4 bevatten regels die van toepassing zijn op meerdere bestemmingen
5.2
Toelichting op de plansystematiek
De regels en verbeelding zijn opgesteld conform de RO-standaarden 2012, waarbij in het bijzonder het IMRO 2012 (Informatiemodel Ruimtelijke Ordening) en de SVBP 2012 (Standaard Vergelijkbare Bestemmingsplannen) van belang zijn. Voor de regels is aansluiting gezocht bij het vigerende bestemmingsplan 'Kleine Kernen 2004'. Het bestemmingsplan 'Kom Etten, locatie Palmlaan&Strik' bestaat uit een verbeelding, regels en een toelichting. De verbeelding en de regels tezamen vormen het juridisch bindende deel van het plan. Verbeelding en regels dienen te allen tijde in onderlinge samenhang te worden bezien en toegepast. Op de verbeelding krijgen alle gronden binnen het plangebied een bestemming. Binnen een bestemming kunnen nadere aanduidingen zijn aangegeven. De juridische betekenis van deze bestemmingen en aanduidingen zijn terug te vinden in de regels. Een gedeelte van de informatie op de verbeelding heeft geen juridisch betekenis, maar is slechts opgenomen om de leesbaarheid van en oriëntatie op de verbeelding te vergroten, zoals een kadastrale/BGT ondergrond. Alle letters, aanduidingen en lijnen worden verklaard in de legenda op de verbeelding. De regels bepalen de gebruiksmogelijkheden van de gronden binnen het plangebied en geven tevens de bouw- en gebruiksmogelijkheden met betrekking tot bouwwerken aan.
De regels van het bestemmingsplan '' zijn opgebouwd conform de door de SVBP 2012 voorgeschreven systematiek en omvatten inleidende regels, bestemmingsregels, algemene regels de overgangs- en slotregels. De archeologische verwachting op de gemeentelijke beleidskaart komt tot uiting in de vigerende dubbelbestemming ‘Waarde - Archeologische verwachting 2’ in het bestemmingsplan ‘Buitengebied Oude IJsselstreek 2017’. Deze dubbelbestemming blijft in het voorliggende bestemmingsplan gehandhaafd. In het voorliggende bestemmingsplan heeft de locatie de volgende bestemmingen: 'Groen’; ‘Verkeer’; 'Tuin';
56
Kom Etten, locatie Palmlaan en Strik
'Wonen'; ‘Waarde - Archeologische verwachting 2’; Tevens is gebiedsaanduiding ‘vrijwaringszone - molenbiotoop’ van kracht welke navolgend net als de geldende bestemmingen wordt toegelicht. Groen De voor 'Groen' aangewezen gronden zijn o.a. bestemd voor groen- en voorzieningen, watergangen en -partijen, waterberging in- en uitritten en andere, ondergeschikte verhardingen. Daarnaast is het gebruik ten behoeve van het hobbymatig houden van dieren toegestaan. Ten behoeve van dit gebruik wordt een schuilstal mogelijk gemaakt. Als gevolg van de functieaanduiding 'landschapswaarden' zijn de gronden tevens bestemd voor de instandhouding van de aanwezige dan wel daaraan verbonden landschappelijke en cultuurhistorische waarden. Verkeer De voor 'Verkeer' aangewezen gronden zijn bestemd voor verhardingen voor woonstraten, pleinen, auto-, fiets-. en voetgangersverkeer en parkeervoorzieningen, bermen en groenvoorzieningen en bij een en ander behorende andere voorzieningen, zoals nutsvoorzieningen. Tuin De gronden om de woningen heen kennen binnen dit bestemmingsplan de bestemming 'Tuin'. De gronden zijn in hoofdzaak bestemd voor tuinen met bijbehorende paden, toegangswegen, waterhuishoudkundige voorzieningen en parkeren op eigen terrein.
Als gevolg van de functieaanduiding 'landschapswaarden' zijn de gronden tevens bestemd voor de instandhouding van de aanwezige dan wel daaraan verbonden landschappelijke en cultuurhistorische waarden. Het bouwen van gebouwen, overkappingen en overige bouwwerken (niet zijnde overkappingen) is niet toegestaan. Door de aanduiding 'landschapswaarden' op te nemen is omgevingsvergunningvrij bouwen niet toegestaan ter plaatse van deze aanduiding. Het voorgaande dient het doel om de landschappelijke en cultuurhistorische waarden ter plaatse te beschermen. Wonen De voor 'Wonen' aangewezen gronden zijn bestemd voor wonen en aan huis verbonden beroepsactiviteiten. Op de verbeelding wordt aangegeven of er sprake is van een vrijstaande woning of aaneengebouwde woningen. Voorts is een voorwaardelijke verplichting opgenomen waarin wordt bepaald dat het gebruiken van bebouwing ten behoeve van de bestemming Wonen slechts is toegestaan op voorwaarde dat binnen twee jaar na het onherroepelijk worden van de omgevingsvergunning voor het bouwen van de woningen, de gronden binnen zijn ingericht en vervolgens ingericht blijven overeenkomstig het inrichtingsplan. Ook zijn er afwijkingsmogelijkheden opgenomen voor zowel het gebruik van de gronden als de bouwregels.
Waarde - Archeologie 2 Hoog De voor 'Waarde - Archeologie 2 hoog' aangewezen gronden zijn, behalve voor de andere daar voorkomende bestemmingen, mede bestemd voor behoud en bescherming van de archeologische waarden van de gronden. Op grond van deze dubbelbestemming geldt bij bepaalde bodemingrepen een vergunningenstelsel voor het bouwen en voor uitvoeren van een werk, geen gebouwwerk. Gebiedsaanduiding ‘vrijwaringszone - molenbiotoop’ Daarnaast kent het plangebied een gebiedsaanduiding ‘vrijwaringszone - molenbiotoop’ in verband met
ruimte voor ontwikkeling
57
de aanwezigheid van een molen in de dorpskern. De gronden zijn mede bestemd voor de bescherming en instandhouding van de functie van de molen als werktuig. Aanduiding ‘waardevolle boom’ Binnen het plangebied zijn enkele beeldbepalende bomen aanwezig. Deze bomen worden doormiddel van een aanduiding beschermd. Overgangs- en slotregels Het overgangsrecht geldt voor bouwwerken die ooit met een bouwvergunning of een melding zijn gebouwd, of een gebruik dat ooit is toegestaan, maar die nu vanwege een bestemmings- of beleidswijziging onder het overgangsrecht zijn gebracht. Het overgangsrecht is er op gericht dat deze bouwwerken uiteindelijk zullen verdwijnen of dat het gebruik ervan wordt beëindigd, zodat de situatie in overeen- stemming komt met de gegeven bestemming. In beginsel mogen de bouwwerken die onder het overgangsrecht vallen, slechts in ondergeschikte mate gedeeltelijk worden vernieuwd en veranderd. Meestal is dat een eenmalige handeling aan het bouwwerk. Het is niet mogelijk om hiermee geheel of in stappen tot een nieuw bouwwerk te komen.
Anti-dubbeltelregel Een anti-dubbeltelregel wordt opgenomen om te voorkomen dat, wanneer volgens een bestemmingsplan bepaalde bouwwerken niet meer dan een bepaald deel van een bouwperceel mogen beslaan, het opengebleven terrein ook nog eens meetelt bij het toestaan van een ander gebouw of bouwwerk, waaraan een soortgelijke eis wordt gesteld. De opgenomen anti-dubbeltelregel is gelijkluidend aan de in het Besluit ruimtelijke ordening voorgeschreven formulering.
5.3
Handhaving
Handhaving neemt tegenwoordig een steeds belangrijker plaats in en staat ook in de gemeente Oude IJsselstreek hoog op de bestuurlijke en politieke agenda. Het grote belang dat de gemeente hecht aan handhaving heeft in 2017 geleid tot vaststelling van de beleidsnota Handhavingbeleidsplan 2017-2019. In deze beleidsnota worden de redenen genoemd waarom de gemeente handhaving belangrijk vindt. De bescherming van de kwaliteit en de veiligheid van de leefomgeving, de bescherming van rechten van derden en het voorkomen van rechtsongelijkheid zijn hier voorbeelden van. Daarnaast is het handhaven van gestelde regels in het gemeentelijk plan onmiskenbaar verbonden aan het stellen van de regels zelf. Regels worden immers gesteld, omdat de gemeente het belangrijk vindt dat bepaalde doelstellingen en kwaliteiten gehaald of beschermd worden en dan is het logisch dat er ook op toegezien wordt dat de gestelde regels ook daadwerkelijk nageleefd worden. Uit de jurisprudentie zoals die door de Afdeling Bestuursrechtspraak van de Raad van State is gevormd, blijkt dat de gemeente haar handhavingstaak serieus moet nemen.
Handhaving is een verplichting, waarvan alleen mag worden afgezien als er concreet zicht is op legalisatie van de overtreding, dan wel als handhaving zodanig onevenredig is in verhouding tot de daarmee te dienen belangen dat van optreden in die concrete situatie behoort te worden afgezien. In de gemeentelijke beleidsnota is naleving van bestemmingsplannen één van de doelstellingen. Daar wordt gesteld dat de gemeente een beperkt toezicht houdt: ze laat zich leiden door klachten van omwonenden en zichtbare excessen. Handhaving is voor de gemeente meer dan alleen met bestuurlijke sancties optreden tegen overtredingen. Er wordt ook grote waarde gehecht aan preventie door middel van communicatie en voorlichting naar burgers en bedrijven, advisering, stimulering, toezicht en zichtbaar optreden. Daar waar overtredingen worden geconstateerd, treedt de gemeente zo vroeg mogelijk op. Als de overtreder de overtreding niet vrijwillig beeindigt, dan maakt de gemeente gebruik van de haar ter beschikking staande handhavingsinstrumenten. Van handhaving kan alleen worden afgezien in situaties waarin dit op grond van de jurisprudentie is toegelaten. Blijkens de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht is het verboden om gronden en bouwwerken te gebruiken in strijd met een bestemmingsplan. Een overtreding hiervan is een strafbaar
58
Kom Etten, locatie Palmlaan en Strik
feit. Strafrechtelijk optreden is complementair op bestuursrechtelijke handhaving en kan met name ingezet worden bij overtredingen waarvan de gevolgen niet ongedaan gemaakt kunnen worden. Een voorbeeld hiervan is het kappen van houtwallen. Ook bij overtredingen die zich telkens weer herhalen en bij kortdurende overtredingen is deze aanpak wenselijk.
ruimte voor ontwikkeling
59
Hoofdstuk 6 6.1
Uitvoerbaarheid van het plan
Algemeen
Op basis van de voorgaande hoofdstukken kan worden geconcludeerd dat de beoogde functiewijziging, gelet op het planologisch beleid, de omgevingssituatie ter plaatse uitvoerbaar kan worden geacht. Geconcludeerd kan worden dat voor de gewenste ontwikkeling sprake is van een goede ruimtelijke ordening.
6.2
Economische uitvoerbaarheid
De planontwikkeling komt geheel voor rekening en risico van de initiatiefnemer. De ontwikkeling zal geschieden conform hetgeen bepaald is in de Wet Ruimtelijke ordening. De verwezenlijking van het plan is dan ook niet afhankelijk van gemeentelijke investeringen. De kosten voor de ambtelijke afhandeling van de procedure worden verrekend op basis van een plankostenscan. Voor wat betreft planschade zal de gemeente met initiatiefnemer een planschadeverhaalsovereenkomst afsluiten. Het plan wordt dan ook economisch haalbaar geacht.
6.3
Maatschappelijke uitvoerbaarheid
Voor onderhavig bestemmingsplan wordt de uniforme voorbereidingsprocedure gevolgd als bedoeld in hoofdstuk 3.4 van de Algemene wet bestuursrecht, in samenhang met het gestelde in de Wet ruimtelijke ordening.
6.3.1 Woonwensenonderzoek
2020
In 2020 is DKK (Vereniging Dorpshuizen en Kleine Kernen Gelderland) begonnen met het ‘WoonWensenOnderzoek Etten’. Het woonwensenonderzoek in Etten werd uitgevoerd door DKK in opdracht van de Vereniging Comité Dorpsbelangen Etten (VCDE). DKK ging met de inwoners van Etten en overige geïnteresseerden in gesprek. Diverse gesprekken werden gevoerd en de verschillende woonwensen werden opgehaald. Met betrekking tot de beoogde ontwikkeling aan de locatie Palmlaan-Strik is het volgende opgenomen in de onderzoeksrapportage; Tussen de Palmlaan, de Strik, de Zeddamseweg en de Slingerparallel moeten 10 huizen komen in goed overleg met de omwonenden met een ‘agrarische uitstraling’. Veel Ettenaren zijn betrokken geweest bij de planvorming en is er een urgente behoefte, wat reden is om de plannen te steunen.
6.3.2 Overleg met omwonenden Er is aan buurtparticipatie gedaan door initiatiefnemer. Hiervan is een verslag gemaakt, toegevoegd in Bijlage 14 van de toelichting. De participatie is gestart in mei 2022. Naar aanleiding van de overstemming tussen de gemeente en de initiatiefnemer over doelgroepen en stedenbouwkundige/landschappelijke invulling heeft de initiatiefnemer de direct aanwonenden geïnformeerd over de bouwplannen. Er is gekozen om alle omwonenden persoonlijk te benaderen om het bouwplan te presenteren. Daarnaast is gesproken met de woordvoerder van comité De Groene Grens en is het bouwplan gepresenteerd aan Comité Dorpsbelangen Etten. Comité De Groene Grens heeft als streven dat de "tuin van Etten" onbebouwd blijft. Comité Dorpsbelangen Etten streeft naar een te ontwikkelen en te behouden leefomgeving waarin elke inwoner van Etten zich thuis voelt. Tijdens de gesprekken zijn de belanghebbenden geïnformeerd over: het gevolgde proces na december 2020 de ontwerpuitgangpunten woningaantallen en doelgroepen inrichting van het openbare groen verschijningsvorm van de woningen
60
Kom Etten, locatie Palmlaan en Strik
de parkeervoorzieningen. Totaal zijn 25 adressen benaderd. Een aantal heeft aangegeven een presentatie niet op prijs te stellen. Hierna volgde in juni 2022 een nieuw overleg tussen de omwonenden en intiatiefnemer. Daarin is het aangepaste plan voorgelegd en hierop volgde opnieuw enkele opmerkingen op het plan. De initiatiefnemer gaf hierbij aan dat het ontwerpprincipe van het openbaar groen uit het landschapsplan dat in opdracht van Comité de Groene Grens is vervaardigd als uitgangspunt heeft gediend voor de aansturing van Bureau Haver Droeze. Comité de Groene Grens geeft aan dat het comité zich alleen richt op het behoud van de kwaliteit van plangebied. Eventuele persoonlijke bezwaren worden per individu ingediend. Uitgangpunt binnen het plan is dat alle bestaande bomen en het waardevol groen gehandhaafd blijven. De bestaande bomen zijn op de tekening op bladzijde 37 van het landschappelijk inpassingsplan en beedkwaliteitsplan (Bijlage 15 bij de toelichting) aangegeven met een cirkel. De toe te voegen bomen zijn op de zelfde tekening aangegeven in het groen. In de ontwerpen is zoveel mogelijk rekening gehouden met de wensen van Comité de Groene Grens en de direct omwonenden die uitkijken over het plangebied. De woningen op het plangebied zijn qua positie aangepast zodat er zichtlijnen bewaard blijven richting het achterliggend groenperceel.
Kenmerkende beplantingen/bomen blijven behouden en daar waar kan wordt groen toegevoegd, hiervoor is een inpassingsplan opgesteld. De bouw van de woningen blijft kleinschalig van aard en de parkeerplaatsen zijn met name aan de achterzijde van de planlocatie gelegen waardoor de omwonenden geen zicht hebben op de parkeerplaatsen. De verkeersgeneratie neemt met de ontwikkeling licht toe maar doordat de planlocatie op twee plaatsen wordt ontsloten zorgt dit niet voor onevenredige verstoring van het verkeer. De initiatiefnemer en architect hebben het ontwerpbestemmingsplan nog voor een laatste keer gepresenteerd aan belanghebbenden in de Glazeren Kast, voordat deze ter inzage wordt gelegd.
6.3.3 Overleg met overheidsinstanties Het Besluit ruimtelijke ordening (artikel 3.1.1) geeft aan dat burgemeester en wethouders bij de voorbereiding van een bestemmingsplan overleg voeren met de besturen van betrokken gemeenten en waterschappen en met diensten van provincie en Rijk die betrokken zijn bij de zorg voor de ruimtelijke ordening of belast zijn met de behartiging van belangen welke in het plan in het geding zijn. De instanties worden in kennis gesteld en krijgen de mogelijkheid om te reageren.
6.3.4 Vaststelling Het ontwerpbestemmingsplan heeft van 14 december tot en met 24 januari ter inzage gelegen. Op het ontwerpbestemmingsplan zijn 13 zienswijzen ingediend. Deze zienswijzen zijn beantwoord in bijgevoegde Nota van Zienswijzen (Bijlage 21). Onderstaand is een opsomming opgenomen van de wijzigingen binnen zowel de toelichting als de regels van onderhavig plan. 6.3.4.1 Wijzigingen naar aanleiding van de zienswijzen Toelichting Paragraaf 3.2.2: Verwijzing naar de klimaatadaptatieparagraaf (4.13) is toegevoegd aan de tekst. Paragraaf 4.1: Aangepast ten behoeve van het aanvullende advies van de Hollandsche Molen over de molenbiotoop. Paragraaf 4.4: Aangevuld met het afgeronde aanvullende ecologische onderzoek. Paragraaf 4.13: opgenomen met een motivering over klimaatadaptatie. Bijlage 3: Aangepast naar het laatste advies van de Hollandsche Molen betreffende de molenbiotoop. Bijlage 9: Plan van Aanpak Worst case benadering (zoals opgenomen in het ontwerpbestemmingsplan) is uit het plan gehaald en vervangen door het nader onderzoek flora en fauna (bijlage 17) en plan van aanpak ontheffing Wet Natuurbescherming (bijlage 18). Bijlage 19 en 20: Eerste adviezen van de Hollandsche Molen als bijlage toegevoegd. Regels Artikel 13..1: gewijzigd, waarbij de afwijkingsregel niet meer in gaat op 'bouwhoogten', ten
ruimte voor ontwikkeling
61
behoeve van de molenbiotoop. Bijlagen Landschappelijk inpassingsplan en beeldkwaliteitsplan (bijlage 15 van de toelichting en bijlage 1 van de regels) is inhoudelijk aangepast ten behoeve van de molenbiotoop.
6.3.4.2 Ambtshalve wijzigingen Toelichting Paragraaf 2.2: Juiste verwijzing naar bijlage 'Landschappelijk inpassingsplan en beeldkwaliteitsplan' toegevoegd (bijlage 15 van de toelichting en bijlage 1 van de regels). Paragraaf 3.2.2: Juiste verwijzing naar adviezen molenbiotoop toegevoegd (bijlage 3, 19 en 20). Paragraaf 3.4.3.3.: Verwijzing naar 'Landschappelijk inpassingsplan en beeldkwaliteitsplan' (bijlage 15 van de toelichting en bijlage 1 van de regels) is toegevoegd. Paragraaf 6.3 is aangevuld met een subparagraaf over binnengekomen zienswijzen op het ontwerpbestemmingsplan en welke wijzigingen zijn doorgevoerd. Bijlage 15 (in ontwerpbestemingsplan bijlage 16) van de toelichting en bijlage 1 van de regels zijn hernoemd naar 'Landschappelijk inpassingsplan en beeldkwaliteitsplan' om zo in het bestemmingsplan eenduiding naar deze bijlage te verwijzen. Hierbij is de verwijzing in paragraaf 2.2, 4.1 en 4.4.8 aangepast. Regels Artikel 3.2.3: Dit artikel wordt aan artikel 3 (bestemming 'Groen') toegevoegd waarin vergunningsvrij bouwen wordt uitgesloten. Dit is in het ontwerpbestemmingsplan al wel opgenomen in paragraaf 5.2 van de toelichting. Artikel 11.1 wordt ambtshalve gewijzigd. De term 'landschappelijke inpassing/erfinrichtingsplan' is aangepast naar 'landschappelijk inpassingsplan en beeldkwaliteitsplan' om voor eenduidigheid te zorgen.
Verbeelding De functieaanduiding 'landschapswaarden' wordt alsnog op de verbeelding aangeduid ter plaatse van de bestemmingen 'Groen' en 'Tuin', met uitzondering van de tuin behorend bij Palmlaan 1 en de gronden waar de aanduiding 'Specifieke vorm van wonen - Bijgebouw 1' geldt.
62
Kom Etten, locatie Palmlaan en Strik