TAM-omgevingsplan Buitengebied, locatie Natuurbegraafplaats Sinderen_Motivering
Tekst van het document
Bestemmingsplan Motivering TAM-Omgevingsplan Buitengebied, Locatie Natuurbegraafplaats Sinderen
Opdrachtgever: Opdrachtnemer: Eelerwoude Onze vestigingen 088-1471100 info@eelerwoude.nl www.eelerwoude.nl Projectgegevens: Projectnummer: Datum: Projectleider: Opgesteld: Gecontroleerd: Status: vastgesteld Versie: 1 © 2026 Eelerwoude Dit rapport is enkelzijdig opgemaakt. Inhoudsopgave Motivering | 5 Hoofdstuk 1 Inleiding | 6 1.1 Aanleiding | 6 1.2 Ligging planlocatie | 6 1.3 Huidig planologisch kader | 7 1.4 Participatie voorbereidingsfase | 8 1.5 Leeswijzer | 10 Hoofdstuk 2 Beschrijving van het plan | 11 2.1 Huidige situatie | 11 2.2 Toekomstige situatie | 12 Hoofdstuk 3 Beleid | 16 3.1 Rijksbeleid | 16 3.2 Provinciaal beleid | 18 3.3 Regionaal beleid | 21 3.4 Gemeentelijk beleid | 22 Hoofdstuk 4 Omgevingsaspecten | 25 4.1 Bodem | 25 4.2 Archeologie en cultuurhistorie | 26 4.3 Natuur | 29 4.4 Geluid | 31 4.5 Luchtkwaliteit | 32 4.6 Geur | 34 4.7 Milieubelastende activiteiten | 35 4.8 Omgevingsveiligheid | 36 4.9 Water | 37 4.10 | Mobiliteit en parkeren | 39 4.11 | Kabels en leidingen | 40 4.12 | Milieueffectrapportage | 40 4.13 | Gezondheid | 41 4.14 | Duurzaamheid | 41 Hoofdstuk 5 Juridische planopzet | 42 5.1 Algemeen | 42 5.2 Toedelen van functies aan locaties | 42 5.3 Algemene regels | 43 5.4 Overgangsregels | 43 TAM-omgevingsplan Buitengebied, locatie Natuurbegraafplaats Sinderen | Eelerwoude | 3 Hoofdstuk 6 Uitvoerbaarheid van het plan 44 6.1 Economische
uitvoerbaarheid 44 6.2 Maatschappelijke uitvoerbaarheid 44 Bijlagen bij toelichting Bijlage 1 Inrichtingsplan Hof van Sinderen Bijlage 2 Vooronderzoek bodem Bijlage 3 Archeologisch onderzoek Bijlage 4 Quickscan Flora en Fauna Bijlage 5 Stikstofberekening Bijlage 6 Geuronderzoek Bijlage 7 Nota van zienswijzen en ambtshalve wijzigingen TAM-omgevingsplan Buitengebied, locatie Natuurbegraafplaats Sinderen | Eelerwoude | 4 Motivering TAM-omgevingsplan Buitengebied, locatie Natuurbegraafplaats Sinderen | Eelerwoude | 5 Hoofdstuk 1 Inleiding 1.1 Aanleiding Aan de Kapelweg in Sinderen, ter hoogte Antoniuskapel, bestaat het voornemen om natuurbegraafplaats Hof van Sinderen te realiseren. Binnen de regels van het vigerende omgevingsplan is het niet toegestaan om een natuurbegraafplaats met bijkomende voorzieningen te realiseren. Om die reden is voorliggend TAM-omgevingsplan opgesteld, zodat de beoogde ontwikkeling planologisch mogelijk kan worden gemaakt. 1.2 Ligging planlocatie De beoogde locatie voor de natuurbegraafplaats is gelegen aan de Kapelweg, net buiten de bebouwde kom van de kern Sinderen en ten zuiden van de Antoniuskapel (Kapelweg 38). Het plangebied staat kadastraal bekend als (voormalig) gemeente Varsseveld, sectie C en perceelnummers 2608, 2647, 2652, 2653, 2654, 2679 en 2678.
In onderstaande figuur is de ligging van de natuurbegraafplaats ten opzichte van de kern Sinderen (gelegen ten oosten) weergegeven. Figuur 1: Ligging van natuurbegraafplaats Hof van Sinderen ten opzichte van de omgeving Zowel aan de oost- als westzijde grenst het plangebied (gedeeltelijk) aan een agrarisch bedrijf. Aan de noordzijde wordt het plangebied begrensd door de Kapelweg en het terrein van de Antoniuskapel. De Ziegenbeek vormt de zuidelijke grens van het plangebied. TAM-omgevingsplan Buitengebied, locatie Natuurbegraafplaats Sinderen | Eelerwoude | 6 Figuur 2: Begrenzing van het plangebied aan de Kapelweg in Sinderen 1.3 Huidig planologisch kader Op 1 januari 2024 is met de inwerkingtreding van de Omgevingswet het omgevingsplan van de gemeente oude IJsselstreek van rechtswege in werking getreden. Het bestemmingsplan 'Buitengebied Oude IJsselstreek 2017', welke in 2018 onherroepelijk is vastgesteld, maakt van rechtswege onderdeel uit van het gemeentelijke omgevingsplan. In het voorgenoemde bestemmingsplan kent het perceel geheel de functie 'Agrarisch met waarden'. Daarnaast geldt voor gedeelten van het perceel de functie 'Waarde - Archeologische verwachting 1'. In het zuidwestelijke gedeelte van het plangebied is een gasleiding aanwezig. Ter plaatse geldt de functie 'Leiding - Gas'.
Het plangebied kent daarnaast nog enkele gebiedsaanduidingen, welke voor het gehele perceel gelden: 'overige zone - houtwal' 'overige zone - reliëf' 'overige zone - zandwegen' De meest zuidoostelijk punt van het plangebied ligt daarnaast nog net binnen de 'vrijwaringszone - molenbiotoop 2'. Ter hoogte van het agrarische bedrijf aan de westzijde geldt de aanduiding 'specifieke vorm van wonen - twee bedrijfswoningen toegestaan'. Deze ligt weliswaar gedeeltelijk over het plangebied, maar heeft betrekking op het agrarische bedrijf (en wordt dan ook wegbestemd in voorliggend plan). TAM-omgevingsplan Buitengebied, locatie Natuurbegraafplaats Sinderen | Eelerwoude | 7 Figuur 3: Uitsnede van het vigerende bestemmingsplan 'Buitengebied Oude IJsselstreek 2017' Gronden met de functie 'Agrarisch met waarden' zijn bedoeld voor agrarische doeleinden en het behoud, herstel en/of de ontwikkeling van de waarden zoals deze zijn aangegeven met de specifieke gebiedsaanduidingen. Ter plaatse van de gebiedsaanduiding 'overige zone - houtwal' betreft dit de beslotenheid/het houtwallenlandschap. Ter plaaste van de aanduiding 'overige zone – reliëf' betreft dat het reliëf van de bodem, en ter plaatse van de aanduiding ''overige zone – zandwegen' heeft dit betrekking op de zandwegen.
Gronden met de functie 'Waarde - Archeologische verwachting 1' zijn mede bedoeld voor het behoud, bescherming en veiligstelling van te verwachten archeologische waarden in de bodem. Hierbij geldt dat bij grondwerkzaamheden met een oppervlakte van meer dan 250m2 en dieper dan 30 centimeter onder het maaiveld een archeologisch onderzoek benodigd is. Gronden met de functie 'Leiding - Gas' zijn mede bedoeld voor de aanleg, instandhouding en bescherming van gasleidingen, alsmede de bescherming van het woon- en leefklimaat in verband met de aanwezigheid van de leiding. Het realiseren van een natuurbegraafplaats en bijbehorende voorzieningen past niet binnen de vigerende agrarische functie. Met voorliggend TAM-omgevingsplan wordt de ontwikkeling planologisch vastgelegd. 1.4 Participatie voorbereidingsfase Particpatie Ten behoeve van de participatie van omwonenden en overige belanghebbenden, hebben verschillende informatiemiddagen plaatsgevonden. Op 20 oktober 2023 is een informatiemiddag georganiseerd in het buurthuis van Sinderen. Tijdens deze middag is het plan gepresenteerd aan belanghebbenden. Daarnaast hebben zij de TAM-omgevingsplan Buitengebied, locatie Natuurbegraafplaats Sinderen | Eelerwoude | 8 gelegenheid gekregen om zorgen of wensen ten aanzien van het plan te uiten, zodat deze waar mogelijk worden meegenomen in de planvorming.
Tijdens deze informatiemiddag stond het initiatief nog in de beginfase. Na deze informatiemiddag is een (gewijzigd) principeverzoek ingediend. Daarnaast is er op 10 november 2023 een seperaat moment georganiseerd voor de aangrenzende agrariërs om met hen in gesprek te gaan over het plan. Diezelfde dag is ook een tweede informatiemoment georganiseerd voor overige belanghebbende partijen in de omgeving, zoals de stichting kerk en fietspaden, vereniging agrarisch landschapsbeheer Oude IJsselstreek, lokale uitvaartondernemers, de locale IVN en Sinderens belang. Op 8 januari 2025 is er wederom een informatiemiddag gehouden voor belanghebbenden en andere geïnteresseerden. Ten tijde van deze informatiemiddag was het plan verder uitgewerkt en ook al de benodigde onderzoeken in gang gezet. Na afloop van de informatiemiddagen zijn verslagen gemaakt van de gedeelde ideeën, vragen en daaraan gekoppelde acties/wijzigingen in het plan. De verslagen zijn via de website van de natuurbegraafplaats gedeeld met geïnteresseerden. Seperaat aan de informatiemiddagen zijn er gesprekken gevoerd met de omliggende agrariërs. Deze gesprekken zijn uitgewerkt in een verslag en ook gedeeld met de desbetreffende ondernemers.
In onderstaande tabel is de participatie met verschillende partijen in chronologische volgorde gespecificeerd: Datum | Wie Locatie Onderwerp 25 april 2023 Buren | Op locatie bij een | Bijpraten buren over buurtbewoner | verkenning natuurbegraafplaats 14ha 15 mei 2023 Omwonenden en | Buurtschapshuis | Eerste toelichting op belanghebbenden | Sinderen | plan 23 juli 2023 Omliggende agrariërsOp locatie bij een | Verkennen bezwaren buurtbewoner 11 oktober 2023 Belanghebbenden Brief Uitnodiging voor herzien plan 20 oktober 2023 Belanghebbenden Buurtschapshuis | Bijeenkomst herziene Sinderen | plan, ophalen ideeën 10 november 2023 Lokale organisatiesBuurtschapshuis | Onderzoeken Sinderen | samenwerkingsverban den op gebied van kerk-, en fietspaden, archeologie, natuurwerkgroepen en buurtgemeenschap 10 november 2023 Omliggende agrariërsBuurtschapshuis | Verkennen belangen Sinderen | agrariërs en organisatie natuurbegraafplaats 9 februari 2024 Werkgroep | Buurtschapshuis | Versterken integraal natuurbegraafplaats, | Sinderen | karakter van het plan PGV, | op gebied van Natuurbegraafplaatse | archeologie en n van Waarde, | belangen uit de buurt archeologen TAM-omgevingsplan Buitengebied, locatie Natuurbegraafplaats Sinderen | Eelerwoude | 9 23 juli 2024 Belanghebbenden en geïnteresseerden t.a.v.
archeologie Op locatie natuurbegraafplaats Informatiemiddag archeologische vindplaatsen bezocht door ca. 40 belangstellenden 8 januari 2025 Belanghebbenden Buurtschapshuis Sinderen Herzien plan delen en laatste vragen en wensen ophalen 2 december 2025 Omliggende agrariërs Telefoon/mail Inhoudelijk bijpraten voortgang planvorming 3 december 2025 Sinderens belang Buurtschapshuis Sinderen Inhoudelijk bijpraten voortgang planvorming 23 november 2023 - heden Adviseur omliggende agrariërs en overige omwonenden Diverse mails Diverse mails aangaande afspraken en delen van documentatie Tabel 1: Overzicht participatiemomenten Aanpassingen plan Op basis van het participatieproces zijn de plannen aangepast op de volgende wensen van omwonenden en andere participanten: De voorgestelde aanvullende laanstructuur is op aanraden van een participant organischer gemaakt. Hierdoor ontstaat er een tweedeling tussen de historische laan en de toekomstige laan. Op advies van een omwonende is er minder ontsluiting op de Rentmeesterlaan. Door een pad weg te halen en een pad te verkleinen wordt de ontsluiting op de Rentmeesterlaan ontmoedigd. Dit om te voorkomen dat men hier onnodig gaat parkeren om een wandeling te starten.
Op verzoek van een participant is nog meer aangesloten bij het Achterhoekse landschap, door verscheidene typerende hagen en singels toe te voegen die kenmerkend zijn voor de landschappelijke kwaliteiten in de omgeving. Een participant heeft opgemerkt dat een historische weg aan de noordkant vanaf de Motte naar de kapel anders liep. Deze is met sondeerapparatuur en sleuvenonderzoek gelocaliseerd en opgenomen in het plan. Een omwonende verzoekt om geen stikstofgevoelige natuur te realiseren, daar is mee ingestemd. 1.5 Leeswijzer Voorliggende motivering is opgebouwd uit zes hoofdstukken. In dit hoofdstuk worden de aanleiding en locatie van het plan geïntroduceerd. In het volgende hoofdstuk (Hoofdstuk 2) wordt de bestaande en toekomstige situatie beschreven. In hoofdstuk 3 wordt het plan getoetst aan het relevante beleid en regelgeving. In Hoofdstuk 4 worden de omgevingsaspecten beschreven, waarmee op milieukundig vlak wordt - waar benodigd aan de hand van onderzoeken - beschreven waarom voorliggend initiatief voldoet aan een evenwichtige toedeling van functies aan locaties. Hoofdstuk 5 bevat een toelichting op de juridische aspecten van dit TAM-omgevingsplan. Tot slot wordt in Hoofdstuk 6 de economische en maatschappelijke uitvoerbaarheid van het plan beschreven.
TAM-omgevingsplan Buitengebied, locatie Natuurbegraafplaats Sinderen | Eelerwoude | 10 Hoofdstuk 2 Beschrijving van het plan 2.1 Huidige situatie Het plangebied heeft een oppervlakte van circa 14 hectare en is in de huidige situatie nog in agrarisch gebruik. De afgelopen jaren is het plangebied wisselend gebruikt, voor zowel de teelt van aardapelen en maïs als gras. Grenzend aan het plangebied bevindt zich de Antoniuskapel van Sinderen. Op de locatie is al sinds 1150 een kapel aanwezig, welke deel uitmaakte van het rond 1876 verdwenen kasteel Sinderen. Tot 1860 lag rondom de kapel het gemengd kerkhof van Sinderen en Breedenbroek. Daarnaast kent de kapel nog steeds een grafkelder waar enkele adelijke families liggen begraven. De begraafplaats rondom de kapel was vroeger veel groter en strekte zich aan de oostkant uit, ter plaatse van het huidige plangebied voor de natuurbegraafplaats. Heden ter dage kent de kapel een rijksmonumentele status. Het kerkhof naast de kapel betreft een gemeentelijk monument. Het landschap ter plaatse kenmerkt zich van oudsher door de vele lanen en bossen. Vanaf het Huis te Sinderen zijn in de 19e en 20e eeuw landbouwgronden ontgonnen en is het landschap steeds opener geworden. De meeste kenmerkende bosjes en lanen zijn inmiddels verdwenen. De structuren in het landschap zijn in de huidige situatie grootschaliger.
Langs de Kapelweg en de Ziegenbeek zijn nog steeds kenmerkende bomenrijen aanwezig, welke een belangrijke kwaliteit in het landschap vormen. Figuur 4: Aanzicht op het plangebied in het zuidelijke gedeelte, met op links de Ziegenbeek TAM-omgevingsplan Buitengebied, locatie Natuurbegraafplaats Sinderen | Eelerwoude | 11 Figuur 5: Aanzicht op het plangebied in het noordelijke gedeelte, met op rechts de Antoniuskapel 2.2 Toekomstige situatie Uitgangspunten van de ontwikkeling Binnen het plangebied van 14 hectare, wordt circa 10 hectare beschikbaar gesteld voor natuurbegraven. Het uitgangspunt van de landschappelijke inrichting is dat de verschillende tijdlagen en kwaliteiten van het landschap weer zichtbaar worden gemaakt. Hierdoor worden zowel het verleden van Huis Sinderen als het agrarische gebruik van het gebied zichtbaar. Daarbij is ook het doel om de Ziegenbeek meer ruimte en een natuurlijker verloop te geven in het plangebied. Daarnaast wordt ingezet op verbeterde recreatiemogelijkheden. De huidige agrarische percelen worden blijvend ingericht als natuurgebied waarin het verleden en heden van het Achterhoekse landschap samenkomt. De rijke historie van het gebied, met de Antoniuskapel en het voormalige Huis Sinderen als prominente onderdelen, wordt met de ontwikkeling versterkt. Door de jaren heen zijn er veel fysieke elementen verloren gegaan.
De Antoniuskapel is een van de weinige overgebleven elementen van historische waarde en zal dan ook een belangrijke functie bekleden in de exploitatie van de natuurgebraafplaats. Niet alleen omdat deze kan worden gebruikt als ceremonieruimte, maar omdat omdat met de inrichting van het perceel rekening wordt gehouden met de aansluiting op de kapel (door middel van paden) en zichtassen (de kapel is vanuit bijna elke hoek in het gebied zichtbaar). Ter plaatse van de kapel en omliggend terrein vinden geen planologische wijzigingen plaats. Zodoende maken deze geen onderdeel uit van het plangebied. In het plangebied zelf komt een ontvangstgebouw te staan voor de reservering van natuurgraven. De relatie met de omgeving en cultuurhistorie wordt daarnaast versterkt door bomenrijen te verlengen en lanen terug te brengen. De paden door het plangebied zijn gebaseerd op historische routes, welke met de ontwikkeling weer beleefbaar worden gemaakt. Tijdens het archeologisch onderzoek dat ten behoeve van het plan is uitgevoerd, heeft men daarnaast een bijzondere vondst gedaan.
In het plangebied zijn namelijk restanten gevonden TAM-omgevingsplan Buitengebied, locatie Natuurbegraafplaats Sinderen | Eelerwoude | 12 van een historische motte, een houten toren met daaromheen grachten (voorloperen van de latere stenen kastelen), welke in de elfde en twaalfde eeuw in het plangebied aanwezig moet zijn geweest. In die tijd heeft de toren op een dekzandkop gestaan. Hoewel zowel van de toren als de dekzandkop in de huidige situatie niets meer zichtbaar is, worden de contouren van deze historische motte met het plan gereconstrueerd, om de historie van het plangebied weer beleefbaar te maken. Inrichtingsplan Ten behoeve van het plan is een inrichtingsplan opgesteld (Bijlage 1). De ruigten in het landschap, met verspreidde bosjes, weilanden en lanen, wordt met het inrichtingsplan weer teruggebracht. Het plangebied wordt opnieuw doorkruist met lanen die Huis Sinderen met zich meebracht. De plaatsing van de bosjes is daarnaast een interpretatie van de structuur zoals deze ooit was, aansluitend op de huidige omgeving. Daarnaast is te zien dat er natte natuur wordt ontwikkeld. De Ziegenbeek bestond vroeger (in de natte winterperioden) uit een brede stroom met water. Dit wordt met het plan teruggebracht door bij de Ziegenbeek een nieuwe laagte aan te brengen. Hiermee wordt een verloren biotoop (plas-dras natuur) weer in ere hersteld.
Hierbij worden flauwe oevers gecreërd. Dit biedt de basis voor natte natuur en een habitattype voor diverse aanverwante soorten. De schouwpaden van het waterschap blijven behouden. Ook de realisatie van de versnipperde stukken bos levert een bijdrage aan de biodiversiteit, mede door het aanbrengen van mantel- en zoomvegetatie aan de bosranden. De lanen als sterke lijnvormige elementen helpen bij de oriëntatie van de mens en bijvoorbeeld ook van bijvoorbeeld vleermuizen. In het plangebied wordt daarnaast kruidenrijke grasvegetatie tot ontwikkeling gebracht. Dit biedt onder andere een aantrekkelijke biotoop voor insecten. Aan de zuidwestzijde wordt de oude gracht van Huis Sinderen hersteld en krijgt deze een flauwe oever, welke voorziet in nieuwe biotopen. Figuur 6: Weergave van het inrichtingsplan voor natuurbegraafplaats Hof van Sinderen Operationele periode van de natuurbegraafplaats In de komende circa 75 jaar vinden er begravingen plaats in het plangebied. De verwachting is dat dit tot gemiddeld 50 (tot max. 70) begravingen per jaar zal leiden. De Antoniuskapel zal TAM-omgevingsplan Buitengebied, locatie Natuurbegraafplaats Sinderen | Eelerwoude | 13 daarbij net als in de huidige situatie als ceremonieruimte dienen. Voor de bedrijfsvoering van een natuurbegraafplaats is er daarnaast behoefte aan kantoorruimte voor medewerkers en een plek om geïnteresseerden te informeren.
Op Natuurbegraafplaats Hof van Sinderen wordt daarom een ontvangstgebouw van beperkte omvang gerealiseerd. Het prefab gebouw dat gerealiseerd wordt doet enkel dienst tijdens de operationele periode (circa 75 jaar) en kan te zijner tijd weer verwijderd worden om ruimte te bieden aan de natuur. De ontvangstruimte krijgt eveneens een toiletvoorziening waar tijdens ceremonies en dergelijke gebruik van kan worden gemaakt. Het gebouw bestaat uit natuurlijke materialen en kent een ingetogen karakter waardoor het ondergeschikt is aan de omgeving en de natuur. Het gebouw voorziet zelf in grijswaterafvoer middels een IBA of aansluiting op het gemeentelijke rioleringsstelsel. Ten behoeve van de natuurbegravingen en het onderhoud van het terrein, wordt daarnaast een kleine werkschuur gerealiseerd. Naast de werkplaats voor de natuurbeheerder en bijvoorbeeld de baarwagen staan hier ‘s nachts elektrische karren te laden die worden ingezet tijdens begravingen of grafbezoeken. De werkschuur blijft ook in de nazorgperiode bestaan om te voorzien in materieel voor het kleinschalig natuurbeheer. Het betreft daarom een permanent gebouw. Ook de werkschuur is opgebouwd uit natuurlijke materialen in een bouwvorm die past in het Achterhoekse landschap. Ten behoeve van de operationele periode van de natuurbegraafplaats worden daarnaast extra parkeerplekken aangelegd.
De parkeerplaats wordt ontsloten via de Kapelweg en is tijdens deze periode vooral van belang voor het parkeren van de auto’s van bezoekers van uitvaarten en de natuurbegraafplaats. De parkeerplaats wordt ingericht met halfverharding. Dit draagt bij aan de infiltratie van regenwater en het natuurlijk karakter van de locatie. Na de operationele periode wordt de parkeerplaats verkleind om alleen nog als parkeerplaats voor bezoekers te dienen. De rest van de parkeerplaats wordt opgeruimd en teruggegeven aan de natuur. De parkeerplaats bestaat uit vijfendertig plekken ten zuiden van het ontvangstgebouw en meer dan twintig plekken overloopplekken bij de kapel. Bij de kapel komt daarnaast nog een aparte parkeerplek voor een rouwauto. Ook wordt ter plaatse van een parkeerplaats een stallingsmogelijkheid voor fietsen gerealiseerd met enkele laadplekken voor elektrische fietsen. Zodra het maximaal aantal begravingen is bereikt, wordt alle verharding weer van het terrein verwijderd, met uitzondering van een gedeelte van de parkeerplaats ten behoeve van parkeren voor bezoekers, en wordt het terrein weer teruggegeven aan de natuur. De natuurgraven zijn permanent en worden dus nooit geruimd. Daarmee is er sprake van totale rust op het terrein en kan de natuur haar gang gaan.
Het terrein is uiteraard wel toegankelijk voor bezoekers zoals nabestaanden en de natuur (en bijvoorbeeld ook de paden) zal ten behoeve daarvan worden onderhouden. Het terrein wordt doorlopend beheerd door een stichting, waarbij de financiële middelen afkomstig zijn van de verkoop van graven. Aanvullende uitgangspunten begravingen Niet het gehele plangebied wordt gebruikt voor natuurbegraven. Begraven is allereerst enkel mogelijk op locaties waar geen sprake is van bijzondere archeologische waarden (tenzij de gronden eerst voldoende worden opgehoogd), wat is geborgd in de regels van voorliggend plan. Daarnaast is begraven enkel mogelijk op locaties die in overeenstemming zijn met het Besluit op de lijkbezorging. Dat wil onder andere zeggen dat graven zich minimaal 30 centimeter boven het niveau van de gemiddeld hoogste grondwaterstand moeten bevinden en er een laag grond van minimaal 65 centimeter bovenop het graf moet worden aangebracht (artikel 5 Besluit op de lijkbezorging). Vanwege de grondwaterstanden in het plangebied is het daardoor op bepaalde plekken niet mogelijk hier te begraven. Op basis van het Besluit op de lijkbezorging moet tussen graven een onderlinge afstand van 30 centimeter worden aangehouden. Op Natuurbegraafplaats Hof van Sinderen zal echter rondom de graven een cirkel van 3,5 meter worden aangehouden.
De omvang van 14 hectare betreft voor het grootste deel de inrichting van natuur, waar behoefte aan is in de gemeente Oude-IJsselstreek. Van deze 14 hectare is circa 8 hectare (om voorgenoemde redenen) geschikt om in te begraven. Daarbinnen wordt in maar 10% TAM-omgevingsplan Buitengebied, locatie Natuurbegraafplaats Sinderen | Eelerwoude | 14 van het gebied daadwerkelijk begraven. Het gebied is daarmee geschikt voor ten hoogste 4000 graven en is daarmee goed voor 10% van de overlijdens in de gemeente Oude-IJsselstreek in de komende 75 jaar. Daarnaast kan natuurbegraafplaats Hof van Sinderen ook in de behoefte aan natuurbegraven in buurgemeenten voorzien. Daarmee staat het gebied in verhouding tot de lokale behoefte aan natuurbegraven. TAM-omgevingsplan Buitengebied, locatie Natuurbegraafplaats Sinderen | Eelerwoude | 15 Hoofdstuk 3 Beleid 3.1 Rijksbeleid 3.1.1 Nationale omgevingsvisie (NOVI) Nederland staat in de komende jaren voor een aantal opgaven van nationaal belang. De Nationale Omgevingsvisie (NOVI) stelt dat grote en complexe opgaven zoals klimaatverandering, energietransitie, circulaire economie, bereikbaarheid en woningbouw Nederland flink zullen veranderen. Deze opgaven moeten benut worden om vooruit te komen en tegelijkertijd het mooie van Nederland te behouden. De NOVI biedt perspectief om de grote opgaven aan te pakken.
Hierbij is omgevingskwaliteit het kernbegrip: dat wil zeggen ruimtelijke kwaliteit én milieukwaliteit. Vanuit de NOVI geeft het Rijk kaders en richting voor zowel nationale als decentrale keuzes. Centraal bij de afweging van belangen staat een evenwichtig gebruik van de fysieke leefomgeving, zowel van de boven- als van de ondergrond. In de NOVI wordt gesproken over een 'omgevingsinclusief' beleid. De NOVI beschrijft enerzijds een toekomstperspectief met ambities en anderzijds de nationale belangen in de fysieke leefomgeving en de daaruit voortkomende opgaven. Deze opgaven zijn het verschil tussen de ambitie en de huidige situatie en verwachte ontwikkelingen. Waar de opgaven vragen om een geïntegreerde benadering, komen deze samen in vier prioriteiten. Op deze vier prioriteiten zijn beleidskeuzes gemaakt: 1. Ruimte voor klimaatadaptatie en energietransitie; 2. Duurzaam economisch groeipotentieel; 3. Sterke en gezonde steden en regio's; 4. Toekomstbestendige ontwikkeling van het landelijk gebied. Om de beleidskeuze weloverwogen te maken worden drie afwegingsprincipes, die helpen bij het afwegen en prioriteren van de verschillende belangen en opgaven, gehanteerd namelijk: Combinaties van functies gaan voor enkelvoudige functies; Kenmerken en identiteit van een gebied staan centraal; Afwentelen wordt voorkomen.
Relatie met de voorgenomen ontwikkeling De NOVI gaat niet concreet in op relatief kleine projecten als het realiseren van een natuurbegraafplaats. In de NOVI komen dan ook geen belemmeringen voor ten aanzien van de voorgenomen ontwikkeling. De ontwikkeling draagt daarnaast bij aan de doelen vanuit de NOVI op het gebied van duurzaamheid en klimaatadaptatie (realisatie van permanente natuur) en de toekomstbestendige ontwikkeling van het landelijk gebied met het toevoegen van een passende functie die een bijdrage levert aan de landschappelijke en cultuurhistorische kwaliteiten van het gebied. TAM-omgevingsplan Buitengebied, locatie Natuurbegraafplaats Sinderen | Eelerwoude | 16 3.1.2 Instructieregels Rijk De Omgevingswet werkt door in vier algemene maatregelen van bestuur (AMvB's); het Omgevingsbesluit (Ob), het Besluit kwaliteit leefomgeving (Bkl), het Besluit activiteiten leefomgeving (Bal) en het Besluit Bouwwerken leefomgeving (Bbl). Deze besluiten bevatten de regels voor het praktisch uitvoeren van de Omgevingswet.
Artikel 8.0b, eerste lid, van het Bkl bepaalt dat bij een aanvraag om een buitenplanse omgevingsvergunning de instructieregels in hoofdstuk 5 van het Bkl, de provinciale instructieregels en eventuele instructies het beoordelingskader vormen van een buitenplanse omgevingsplanactiviteit De instructieregels van het Rijk, zoals opgenomen in het Bkl hebben betrekking op: waarborgen van veiligheid (paragraaf 5.1.2); beschermen van waterbelangen (paragraaf 5.1.3); beschermen van gezondheid en milieu (paragraaf 5.1.4), waaronder instructieregels voor de kwaliteit van de buitenlucht, trillingen, geluid en geur en bodemkwaliteit; beschermen van landschappelijke of stedenbouwkundige waarden en cultureel erfgoed (paragraaf 5.1.5), waaronder de ladder voor duurzame verstedelijking; het behoud van ruimte voor toekomstige functies (paragraaf 5.1.6) voor autowegen, buisleidingen, natuur- en recreatiegebieden; het behoeden van de staat en werking van infrastructuur of voorzieningen voor nadelige gevolgen van activiteiten (paragraaf 5.1.7), waaronder landsverdediging en nationale veiligheid, elektriciteitsvoorziening, rijksvaarwegen en luchtvaart, fiets- en wandelroutes, aanwijzing van woningbouwcategorieën; het bevorderen van de toegankelijkheid van de openbare buitenruimte voor personen (paragraaf 5.1.8).
Aanvullend op bovenstaande bevat afdeling 5.2 van het Bkl instructieregels voor de uitoefening van taken voor de fysieke leefomgeving. Hierbij gaat het onder meer om het voorkomen van belemmeringen van gebruik en beheer van spoorwegen en rijkswegen. Relatie met de voorgenomen ontwikkeling Dit plan is getoetst aan de Rijksinstructieregels in hoofdstuk 4, waarin de van toepassing zijnde omgevingsaspecten aan de orde komen. Uit dit hoofdstuk komt naar voren dat de Rijksinstructieregels geen belemmering vormen voor de realisatie van het plan. Daarnaast is de ladder voor duurzame verstedelijking niet van toepassing op voorliggend plan. In artikel 5.129g Besluit kwaliteit leefomgeving staat dat de instructieregel voor de Ladder wordt toegepast bij een nieuwe stedelijke ontwikkeling. Een stedelijke ontwikkeling is de ontwikkeling of uitbreiding van een bedrijventerrein, een zeehaventerrein, een woningbouwlocatie, kantoren, een detailhandelsvoorziening of een andere stedelijke voorziening die voldoende substantieel is. Met voorliggend plan wordt een functiewijziging mogelijk gemaakt van agrarisch naar natuur, waarbij deze functie wordt gecombineerd met een natuurbegraafplaats.
Ten behoeve van de natuurbegraafplaats worden ook een werkschuur, en ontvangstgebouw met toiletvoorziening gerealiseerd, welke in het geval van het ontvangstgebouw na de operationele periode van de natuurbegraafplaats (circa 75 jaar) weer zal worden verwijderd. Een dergelijke ontwikkeling is niet voldoende substantieel om aan te worden gemerkt als een stedelijke ontwikkeling. Daarnaast is er behoefte aan een natuurbegraafplaats in deze regio. De ontwikkeling van een natuurbegraafplaats draagt bij aan het vervullen van een maatschappelijke behoefte. In toenemende mate is er belangstelling voor natuurbegraven. Een snelgroeiend aantal mensen kiest voor een laatste rustplaats op een natuurbegraafplaats en de daarbij horende eeuwigdurende grafrust, die wordt gegarandeerd. Mensen kunnen op voorhand een laatste TAM-omgevingsplan Buitengebied, locatie Natuurbegraafplaats Sinderen | Eelerwoude | 17 rustplaats uitzoeken naar eigen persoonlijke voorkeur. Tegelijkertijd leveren zij daarmee een bijdrage aan het in stand houden en de ontwikkeling van de natuurlijke omgeving. Op dit moment bestaan er nog relatief weinig natuurbegraafplaatsen in Nederland. In Gelderland bestaat er een groeiende belangstelling voor natuurbegraven. Natuurbegraafplaats Hof van Sinderen vormt een welkome aanvulling in het aanbod.
Aanvullend kan worden gesteld dat het voorgestelde plangebied bewust is gekozen, mede omdat er nog geen natuurbegraafplaats in de gemeente Oude IJsselstreek aanwezig is en het initiatief voortkomt uit een wens van inwoners van Sinderen, Breedenbroek en Varsseveld. De belangstelling voor natuurbegraven groeit licht (circa 2,3% van uitvaarten), waarbij het vaak wordt gekozen vanwege ontzorging van nabestaanden en het voorkomen van onderhoud en verlenging van grafrechten. Ook speelt mee dat cremeren niet altijd wenselijk is, onder andere door geloofsovertuiging. Daarnaast is de vergrijzing in de regio (meer 65-plussers dan landelijk gemiddeld) een relevante factor. In de regio bestaan al enkele vergelijkbare voorzieningen, zoals crematoria en natuurbegraafplaatsen, die een groeiende vraag laten zien.Voor het verzorgingsgebied wordt uitgegaan van de regio Achterhoek, waarbij op basis van CBS-prognoses het aantal sterfgevallen en de ontwikkeling van het inwonertal in de periode 2025–2050 is ingeschat. Het crematiepercentage stabiliseert naar verwachting rond de 70–75%, en voor natuurbegraven wordt uitgegaan van circa 5% van de overledenen. Daarnaast wordt natuurbegraven steeds vaker als alternatief gezien voor cremeren. Voor Hof van Sinderen wordt daarbij gerekend met een deel van deze regionale vraag, met een verwachte omvang van circa 50 (tot maximaal 70) uitvaarten per jaar.
Hiermee voorziet het plan in een regionale behoefte aan een aanvullende vorm van begraven binnen het bestaande aanbod van uitvaartvoorzieningen. 3.1.3 Conclusie Voorliggend plan is passend binnen de NOVI en de instructieregels vanuit het Rijk, zoals opgenomen in het Ob, Bkl, Bal en Bbl. 3.2 Provinciaal beleid 3.2.1 Omgevingsvisie Gaaf Gelderland De omgevingsvisie ‘Gaaf Gelderland’ dateert van 2018 en bevat de hoofdlijnen van het provinciale beleid voor de fysieke leefomgeving. De omgevingsvisie Gaaf Gelderland beschrijft daarmee de strategische hoofdopgaven voor de lange termijn. Deze hoofdopgaven zijn onderverdeeld in zeven thema’s: Energietransitie Klimaatadaptatie Circulaire economie Biodiversiteit Bereikbaarheid Vestigingsklimaat Woon- en leefomgeving De omgevingsvisie gaat enerzijds over het beschermen van wat waardevol is, en anderzijds over richting geven aan veranderingen en nieuwe ontwikkelingen. Ruimtelijk beleid Het provinciaal belang betreft het vergroten van de ruimtelijke kwaliteit. De provincie wil de klimaatbestendigheid vergroten en natuur- en landschappelijke kwaliteiten behouden dan wel versterken. De provincie zet zich daarnaast in voor vitale steden en dorpen.
TAM-omgevingsplan Buitengebied, locatie Natuurbegraafplaats Sinderen | Eelerwoude | 18 Waterbeleid Het waterbeleid van de provincie richt zich met name op een veerkrachtig en duurzaam water- en bodemsysteem. Hierbij gaat het om de bodem en ondergrond, het grondwater en oppervlaktewater. Een watersysteem is duurzaam als het ook in de toekomst kan blijven functioneren en in stand kan worden gehouden tegen maatschappelijk aanvaardbare kosten. Samen met de waterschappen onderschrijft de provincie de ambitie van de Europese Kaderrichtlijn Water, waarin wordt bepaald dat er uiterlijk in 2027 voldoende schoon en ecologisch gezond grond- en oppervlaktewater in Europa moet zijn. De beschermde gebieden voor grondwater, waterberging, de Kaderrichtlijn Water en Natura 2000 zijn leidend bij de kaders die in de omgevingsverordening worden geboden. Milieubeleid Het milieubeleid richt zich op een gezonde en veilige leefomgeving. Hierbij gaat het bijvoorbeeld om het voorkomend van gezondheidsschade, onacceptabele risico's en onaanvaardbare geur- en geluidhinder. Ook is het van belang om op toekomstige ontwikkelingen te anticiperen. De provincie streeft naar een op gezondheid gerichte benadering van de kwaliteit van de leefomgeving en het milieu.
Natuur- en landschapsbeleid De provincie Gelderland kent een hoogwaardig stelsel van onderling verbonden natuurgebieden en richt zich op het behoud en versterking van deze kwaliteiten. Het Gelders Natuurnetwerk (GNN) en de Groene Ontwikkelingszone (GO) worden beschermd tegen aantasting van de bijbehorende kernkwaliteiten. De ecologische verbindingszones maken deel uit van de GO, evenals de weidevogelgebieden en de rustgebieden voor winterganzen. De provincie treft maatregelen vanwege de bescherming, de instandhouding of het herstel van biotopen, leefgebieden, een gunstige staat van instandhouding en het Gelders Natuurnetwerk. De provincie wil zich daarnaast ook inzetten op het behoud van de basiskwaliteit van de verschillende landschappen in Gelderland. Voor waardevolle landschappen geldt een beschermingsregime in de provinciale omgevingsverordening. Relatie met de voorgenomen ontwikkeling Het voorgenomen plan levert een grote bijdrage aan zowel de ruimtelijke kwaliteit, het huidige watersysteem, als de natuur- en landschapswaarden ter plaatse. Met de landschappelijke inpassing worden historische landschappelijke elementen weer teruggebracht. Naast de waarde vanuit landschappelijk en cultuurhistorisch oogpunt, leveren de verschillende landschapselementen zoals lanen, bomenrijen, verspreide bosjes.
kruidenrijke grasvegetatie en natte landnatuur, ook een grote bijdrage aan de ecologische kwaliteiten in het plangebied. Zo bieden deze een aantrekkelijk leefgebied voor verscheidene soorten die in de omgeving voorkomen, zoals bijvoorbeeld vleermuizen, insecten en verschillende kleine zoogdieren. Het plan sluit daarnaast aan op de kernkwaliteiten en ontwikkeldoelen voor het de Gelderse streek Achterhoek (zie ook 3.2.2). Door natte landnatuur te ontwikkelen in aansluiting op de Ziegenbeek, wordt een verloren biotioop (plas-dras natuur) weer in ere hersteld. TAM-omgevingsplan Buitengebied, locatie Natuurbegraafplaats Sinderen | Eelerwoude | 19 3.2.2 Omgevingsverordening provincie Gelderland De meest recente versie van de omgevingsverordening van Gelderland dateerd van maart 2025 en bevat specifieke regels ten aanzien van de fysieke leefomgeving. Het plangebied is op basis van de omgevingsverordening gelegen in de Gelderse streek Achterhoek. Daarnaast gelden er in de omgevingsverordening ook algemene instructieregels.
Onderstaand worden de van toepassing zijnde regels uit het omgevingsplan beschreven: Artikel 5.34 Beschermen landschap Gelderse streken: Achterhoek Voor zover een omgevingsplan van toepassing is op locaties binnen de Gelderse streek Achterhoek wordt bij een nieuwe activiteit of ontwikkeling rekening gehouden met de voor die streek vastgestelde kernkwaliteiten en ontwikkeldoelen van het landschap als bedoeld in bijlage Kernkwaliteiten en ontwikkeldoelen landschap Gelderse streek Achterhoek. Artikel 5.85 Klimaatadaptatie Voor zover een omgevingsplan een nieuwe activiteit of ontwikkeling toelaat, bevat de toelichting op het omgevingsplan een beschrijving (in overleg met het waterschap) van de maatregelen of voorzieningen die worden getroffen om de risico's van klimaatverandering te voorkomen of te beperken en de afweging die daarbij is gemaakt. Daarbij worden in ieder geval de volgende aspecten betrokken: waterveiligheid, wateroverlast, droogte, en hitte. Relatie met de voorgenomen ontwikkeling Het plan draagt bij aan de kernkwaliteiten en ontwikkeldoelen voor de Achterhoek. De Achterhoek kenmerkt zich door een sterke sociaal-culturele identiteit. Het betreft een landschap van dorpen en kleine buurtschappen en ter plaatse wordt het landschap gekenmerkt door een zacht glooiend (dekzand)landschap, doorsneden met talrijke (al dan niet gekanaliseerde) beken.
Door de rijke afwisseling in grondgebruik is door de jaren een heen half-open coulisselandschap ontstaan. Deze kenmerkt zich door een variatie van weide of akkers, houtwallen, hagen, singels en beken. Daarnaast zijn er in de Achterhoek vanuit historisch oogpunt, en nog steeds, veel landgoederen aanwezig. De ontwikkeldoelen voor de Achterhoek zijn gericht op het op een passende wijze bij te dragen aan de levendige identiteit van de achterhoek, zowel op ruimtelijk als economisch vlak. Met de ontwikkeling van een natuurbegraafsplaats wordt een niet-impactvolle economische functie toegevoegd, passend bij het buitengebied. Maar op de eerste plaats wordt hiermee een grote bijdrage geleverd aan de ruimtelijke en cultuurhistorische identiteit van het gebied. Met de landschappelijke inpassing worden daarnaast aangesloten bij de landschappelijke ontwikkeldoelen voor de Achterhoek, welke zijn gericht op het behouden en versterken van de kleinschaligheid en structurerende en bijzondere groene landschapelementen. Daarnaast wil de provincie voor de Achterhoek ook inzetten op de beleefbaarheid van de cultuurhistorische, geologische en aardkundige waarden.
Hier wordt met de landschappelijke inpassing op ingezet door de historische landschapsstructuren (bomenlanen) die onderdeel waren van Huis Sinderen weer terug te brengen en onder andere bosjes die refereren naar de structuren zoals deze ooit aanwezig waren. Hiermee wordt landschappelijk een aantrekkelijk en kleinschalig beeld gecreërd, passend bij de kwaliteiten van de Achterhoek. Doordat de historie van het plangebied (met o.a. Huis Sinderen en de aanwezigheid van een historische motte) weer beleefbaar te maken, wordt maximaal ingezet op beleefbaarheid van de cultuurhistorie, welke gericht is op het verhaal van de plek. De provincie wil in de Achterhoek ook inzetten op het herstel van de dynamische beeklandschappen en het klimaatbestendig maken van watersystemen. Ook wil men intensief TAM-omgevingsplan Buitengebied, locatie Natuurbegraafplaats Sinderen | Eelerwoude | 20 inzetten op het verder aanleggen van ecologische verbindingszones vooral langs riviertjes, beken en laken. Hier wordt aan bijgedragen door de Ziegenbeek een natuurlijker en ruimer verloop te geven (ontwikkeling plas-dras) natuur, waardoor niet alleen meer ruimte wordt gegeven aan het water, maar ook de verschillende soorten planten en dieren die hiervan profiteren.
3.3 Regionaal beleid 3.3.1 Regionale structuurvisie Achterhoek 2012 De regionale structuurvisie voor de Achterhoek dateert van 2004 en is in 2012 geactualiseerd. In de geactualiseerde versie krijgen ook de huidige opgaven een plek, zoals: Energietransitie en het inspelen op de gevolgen van de klimaatveranderingen Bevolkingsverandering, krimp, vergrijzing en ontgroening Veranderingen in de landbouw en het landelijk gebied De structuurvisie richt zich niet op een ruimtelijk eindbeeld, maar streeft juist flexibiliteit na. Het leidende principe is 'niet sturen maar begeleiden’. Dit om kansen te pakken en tegelijkertijd te werken aan behoud en versterking van ruimtelijke kwaliteit. Het Achterhoekse landschap is een uniek kleinschalig landschap gekenmerkt door rust, ruimte en een grote diversiteit in landschappelijk en natuurlijke kwaliteiten en cultuurhistorische waarden. De laatste decennia zijn de verschillen in landschapstypen afgezwakt. Zo is er een afname van beplantingselementen zichtbaar. Water is een belangrijke drager van het landschap in de Achterhoek en de betekenis hiervan is divers: economisch, ecologisch, toeristisch/recreatief etc. Daarmee is water een verbindende schakel als het gaat om het behouden en realiseren van een goede ruimtelijke kwaliteit.
Veel beeklopen zijn door de jaren heen ‘rechtgetrokken’ en zijn door de afwezigheid van beplanting grotendeels uit het landschapsbeeld verdwenen. De laatste jaren wordt deze ontwikkeling weer teruggedraaid door de aanleg van de ecologische hoofdstructuur met haar ecologische verbindingen langs de beken. Het landschap, de ruimtelijke kwaliteit, moet meer gezien worden als de sturende kracht achter ruimtelijke ontwikkelingen. Naast landbouw is recreatie en toerisme een functie die in de Achterhoek steeds meer een stempel drukt op het buitengebied. Het draagt in steeds grotere mate bij aan een economisch vitaal platteland. Relatie met de voorgenomen ontwikkeling Zoals reeds beschreven is het doel van het plan om naast de funtioneel maatschappelijke functie als natuurbegraafplaats ook optimaal bij te dragen aan de landschappelijke, ecologische en waterhuishoudkundige opgaven en kwaliteiten in het plangebied. Dat wordt gedaan door in het inpassingsplan verscheidene kenmerkende en cultuurhistorisch waardevolle (landschaps)elementen terug te brengen. Daarnaast krijgt de Ziegenbeek ter plaatse van het plangebied een meer natuurlijker verloop en wordt aansluitend hieraan plas-dras natuur ontwikkeld. Al met al wordt hiermee een aanzienlijke bijdrage geleverd aan het regionale doel om het landschap en de ruimtelijke kwaliteit als drager te zien voor ruimtelijke ontwikkelingen.
TAM-omgevingsplan Buitengebied, locatie Natuurbegraafplaats Sinderen | Eelerwoude | 21 3.4 Gemeentelijk beleid 3.4.1 Structuurvisie Oude IJsselstreek 2025 De structuurvisie Oude IJsselstreek 2025 is op 12 mei 2011 vastgesteld. Deze structuurvisie is het uitgangspunt voor het ruimtelijke, economische en maatschappelijke beleid. In de dorpsmarken van Westendorp, Varsseveld, Heelweg en Sinderen wordt behoud, herstel en beheer van landschapselementen langs beken en dekzandruggen gestimuleerd. Tussen de dorpsmarken ligt een netwerk van natuurgebieden en ecologische verbindingszones, soms droog en soms nat. Ook zijn er veel (grote) grondgebonden landbouwbedrijven aanwezig. In de ecologische verbindingszone kunnen particulieren bijdragen aan de natuurontwikkeling via groenblauwe diensten en nieuwe landgoederen. Relatie met de voorgenomen ontwikkeling Het plan voor Natuurbegraafsplaats Hof van Sinderen draagt bij aan het beouden, herstellen en beheren van landschapselementen. De historische structuren van het gebied krijgen weer een plek in het plangebied. Daarnaast wordt bij de Ziegenbeek waardevolle natte natuur gerealiseerd. Het plan draagt bij aan de doelstellingen uit de structuurvisie.
3.4.2 Toekomstvisie Oude IJsselstreek De 'Toekomstvisie Oude IJsselstreek' dateert van maart 2021 en schetst een beeld van de toekomstige beleidsdoelen voor de verschillende gebieden en kernen de gemeente. De toekomstvisie van de gemeente Oude IJsselstreek zet sterk in op een vitaal platteland, waarbij het agrarische buitengebied wordt getransformeerd tot een veelzijdige en toekomstbestendige omgeving. In deze visie komen natuur, landbouw, recreatie en erfgoed samen, zodat het gebied meerdere functies kan vervullen en aantrekkelijk blijft voor bewoners, bezoekers en ondernemers. Daarbij wordt ingezet op het versterken van de groene parels: karakteristieke landschappen zoals landgoederen, bossen en natuurgebieden worden beter met elkaar verbonden en vormen samen een aaneengesloten groene ketting door de gemeente. Relatie met de voorgenomen ontwikkeling Het ontwerp voor de natuurbegraafplaats Hof van Sinderen sluit nauw aan bij de kernambities uit de toekomstvisie. Door het buitengebied multifunctioneel in te zetten, zowel als natuurperceel als begraafplaats, wordt een landschappelijk waardevol, natuurinclusief en cultuurhistorisch beleefbare plek gecreeërd. Het plan versterkt de groene parels door historische structuren (zoals lanen, mottecontouren en zichtlijnen) te behouden danwel herstellen, en door de biodiversiteit te bevorderen via natte natuur en kruidenrijke vegetatie.
Door rekening te houden met de huidige landschappelijke waarden, én de waarden vanuit het verleden, wordt er binnen het plangebied blijvende waarde toegevoegd voor de toekomst. Bovendien worden voorzieningen zoals het ontvangstgebouw en de nieuwe parkeerplaats tijdelijk én subtiel vormgegeven, zodat op termijn de natuur weer de ruimte krijgt. Hiermee is het plan in overeenstemming met de dynamische en toekomstgerichte kern van de toekomstvisie. TAM-omgevingsplan Buitengebied, locatie Natuurbegraafplaats Sinderen | Eelerwoude | 22 3.4.3 Visie op landschap, natuur en groene kernen De 'Visie op landschap, natuur en groene kernen' is vastgesteld in februari 2021. Het schetst een integrale en toekomstgerichte benadering van het landschap en het groen in de kernen, met als doel de basiskwaliteit te behouden en waar mogelijk te versterken. Daarbij wordt bijzondere waarde gehecht aan het koesteren van kenmerkende landschapselementen en structuren, het vergroten van de biodiversiteit, het versterken van ecologische verbindingen en het benutten van groen als middel voor klimaatadaptatie. Groen speelt volgens de visie een centrale rol in de leefbaarheid van de kernen en in het karakter van het buitengebied, waarbij structurerende groenelementen zoals bomenlanen, parken en entrees van kernen als fundament dienen voor ruimtelijke kwaliteit.
De visie moedigt bovendien natuurinclusief bouwen en een zorgvuldige landschappelijke inpassing van nieuwe ontwikkelingen aan, zodat ruimtelijke ingrepen niet alleen geen afbreuk doen aan het landschap, maar juist bijdragen aan de versterking ervan. Daarbij is het belangrijk dat er samenwerking is tussen gemeente, inwoners en andere partners, waarbij initiatieven vanuit de gemeenschap actief worden gestimuleerd en gefaciliteerd. Relatie met de voorgenomen ontwikkeling Het plan draagt direct bij aan de uitvoering van de 'Visie op landschap, natuur en groene kernen' doordat het de landschappelijke kwaliteiten en cultuurhistorische elementen van het gebied zichtbaar en beleefbaar maakt, terwijl tegelijkertijd de biodiversiteit en ecologische waarde worden vergroot. Zo worden de historische structuren versterkt door het verlengen van bomenrijen, het terugbrengen van lanen en het baseren van nieuwe paden op oude routes. De contouren van de middeleeuwse motte worden gereconstrueerd, waardoor de ontstaansgeschiedenis van de plek weer te ervaren is. De Ziegenbeek krijgt meer ruimte en een natuurlijker verloop met flauwe oevers, wat bijdraagt aan de ontwikkeling van natte natuur en een plas-dras biotoop.
Verspreide bosjes met mantel- en zoomvegetatie, kruidenrijke graslanden en het herstel van de oude gracht van Huis Sinderen met een natuurvriendelijke oever creëren nieuwe leefgebieden voor diverse soorten. Tegelijkertijd wordt het gebied toegankelijk gehouden door paden en recreatieve verbindingen, en zorgen halfverharding en natuurlijke materialen in de bebouwing voor een inrichting die het landschap respecteert en klimaatadaptief is. Als onderdeel van het plan wordt de bodem van het plangebied opgehoogd (tot maximaal +18,3NAP). Het ophogen van het plangebied is noodzakelijk om begravingen mogelijk te maken (zie ook zie ook 4.1 Bodem en het inrichtingsplan in Bijlage 1). In het essenplan is rekening gehouden met het bestaande hoogteverloop en de omliggende essen en zichtlijnen. Daarnaast wordt het plangebied 1,35m opgehoogd ter plaatse van de vindplaats van de historische motte. Op deze locatie worden, als onderdeel van de landschappelijke inpassing, de contouren van de historische motte gereconstrueerd. Daarmee is het plan van meerwaarde voor de landschappelijke kwaliteit en in overeenstemming met de beleidsvisie voor landschap, natuur en groene kernen. 3.4.4 Klimaatagenda 2022-2026 De klimaatagenda 2022-2026 is vastgesteld in juli 2022 en beschrijft hoe de gemeente de opgaven rond klimaatmitigatie en -adaptatie wil aanpakken.
De agenda heeft als uitgangspunt dat de gemeente in 2050 energieneutraal en klimaatbestendig wil zijn, met een tussenstap in 2030 waarin grote reducties in CO2-uitstoot en maatregelen tegen de gevolgen van klimaatverandering gerealiseerd moeten zijn. Belangrijke thema’s zijn het vergroten van de biodiversiteit, het verbeteren van waterberging en infiltratie, het verminderen van hittestress en het versterken van natuurlijke structuren die bijdragen aan klimaatbestendigheid. Ook is er nadruk op het gebruik van duurzame materialen en energie, en op het behoud en de versterking van landschappelijke kwaliteit. Projecten moeten bijdragen aan zowel mitigatie (beperken van klimaatverandering) als adaptatie (aanpassen aan de gevolgen), en moeten bij voorkeur meerdere opgaven tegelijk bedienen. Relatie met de voorgenomen ontwikkeling TAM-omgevingsplan Buitengebied, locatie Natuurbegraafplaats Sinderen | Eelerwoude | 23 Het plan voor Natuurbegraafplaats Hof van Sinderen sluit direct aan bij de doelen en uitgangspunten van de Klimaatagenda Oude IJsselstreek 2022–2026. Door het herstel van de Ziegenbeek met flauwe oevers en de aanleg van natte natuur wordt water langer vastgehouden in het gebied en ontstaat een veerkrachtiger watersysteem, wat bijdraagt aan het verminderen van droogte en wateroverlast.
Het terugbrengen van lanen, bomenrijen en verspreide bosjes verhoogt de biodiversiteit en versterkt de ecologische samenhang, terwijl kruidenrijke graslanden en mantel- en zoomvegetatie extra leefgebied creëren voor insecten en andere fauna. De keuze voor halfverharding bij parkeerplaatsen en paden bevordert de infiltratie van regenwater en helpt hittestress te beperken. Gebouwen worden uitgevoerd in natuurlijke materialen met een ingetogen karakter, waardoor ze niet alleen landschappelijk goed ingepast zijn maar ook passen bij de duurzaamheidsambities uit de agenda. Daarmee draagt het plan bij aan zowel klimaatadaptatie, als het versterken van natuur en landschap. Het plan is daarmee in overeenstemming met de klimaatagenda 2022-2026. 3.4.5 Welstandsnota Oude IJsselstreek De welstandsnota van de gemeente Oude IJsselstreek biedt richtlijnen voor het beoordelen van het uiterlijk van bouwwerken binnen de gemeente. Deze nota is bedoeld om de ruimtelijke kwaliteit te waarborgen en te bevorderen, met aandacht voor de inpassing van nieuwe ontwikkelingen in bestaande omgevingen. Het document bevat algemene en specifieke welstandscriteria, waaronder bepalingen voor kleine bouwplannen zoals dakkapellen en bijgebouwen. Daarnaast worden verschillende welstandsniveaus onderscheiden.
In de welstandsnota van de gemeente Oude IJsselstreek geldt voor een initiatief in het buitengebied doorgaans welstandsniveau 2. De welstandsbeoordeling richt zich op het handhaven of gericht veranderen en verbeteren van de basiskwaliteit van het gebied. Relatie met de voorgenomen ontwikkeling De ontwikkeling van de natuurbegraafplaats Hof van Sinderen sluit goed aan bij het geldende welstandsniveau, omdat het plan een sterke nadruk legt op landschappelijke en cultuurhistorische inpassing. Door het terugbrengen van historische lanen, het zichtbaar maken van historische landschapsstructuren en gebouwen zoals de motte en de herinrichting van de Ziegenbeek met natuurlijke oevers, wordt de ruimtelijke kwaliteit en beleefbaarheid van het gebied versterkt. Ook wordt rekening gehouden met cultuurhistorische elementen zoals de Antoniuskapel, welke zorgen voor een verbondenheid met het verleden. Zo worden zichtlijnen richting de kapel vanuit het plangebied behouden. Het gebruik van natuurlijke materialen en de ingetogen schaal van het ontvangstgebouw en de werkschuur, zorgen er daarnaast voor dat de bebouwing ondergeschikt blijft aan het landschap en de monumentale kapel.
TAM-omgevingsplan Buitengebied, locatie Natuurbegraafplaats Sinderen | Eelerwoude | 24 Hoofdstuk 4 Omgevingsaspecten 4.1 Bodem Het is van belang om te weten of de bodemkwaliteit binnen het plangebied past bij de voorgenomen ontwikkeling. De bodemkwaliteit mag geen gezondheidsrisico's opleveren voor de gebruikers van de bodem. In deze paragraaf wordt ingegaan op welke wijze er bij de voorgenomen ontwikkelingen rekening wordt gehouden met de bodemkwaliteit. 4.1.1 Wettelijk kader Het Bkl bevat regels ter bescherming van de gezondheid en het milieu voor het aspect bodem. Deze regels zijn via het Aanvullingsbesluit bodem Omgevingswet opgenomen in paragraaf 5.1.4.5 van het Bkl. In het aanvullingsbesluit is bepaald voor welke activiteiten kan worden volstaan met een melding. Hierbij wordt onderscheid gemaakt tussen drie basisvormen van bodemgebruik; landbouw/natuur, wonen en industrie. Het bodembeleid is er op gericht om de gebruikswaarde van de bodem te waarborgen en het duurzaam gebruik van de functionele eigenschappen te faciliteren door in onderlinge samenhang: De bodem te beschermen tegen nieuwe verontreinigingen en aantastingen; Te streven naar een evenwichtige toedeling van functies aan locaties, rekening houdend met de kwaliteiten van de bodem, en; De resterende historische verontreinigingen en aantastingen duurzaam en doelmatig te beheren.
Een bodemgevoelig gebouw is in het Bkl omschreven als een gebouw, of een gedeelte daarvan dat de bodem raakt, voor zover aannemelijk is dat persoenen meer dan twee uur per dag aaneengesloten aanwezig zullen zijn (incl. woonschepen en woonwagens). Een bijbehorende bouwwerk van ten hoogste 50 m2 wordt niet beschouwd als bodemgevoelig gebouw. Daarnaast wijst het Bkl ook bodemgevoelige locaties aan. Dit zijn de locaties waarop een bodemgevoelig gebouw is toegelaten op grond van een omgevingsplan of omgevingsvergunning voor een omgevingsplanactiviteit, onmiddellijk aan een bodemgevoelige locatie grenzende aaneengesloten tuin of terrein (incl. tuinen en terrein grenzend aan locaties voor woonschepen of woonwagens). In het omgevingsplan stelt de gemeente de waarde voor de toelaatbare kwaliteit van de bodem vast. Deze waarde mag niet hoger zijn dan het blootstellingsniveau van het maximaal toelaatbaar risico voor de mens. Dit is opgenomen in bijlage XIIA van het Bkl. De toelaatbare kwaliteit van de bodem is een voorwaarde voor bouwen op verontreinigde bodem en is geen omgevingswaarde. De interventiewaarden voor bodemkwaliteit zijn in Bijlage IIa bij het Besluit activiteiten leefomgeving gegeven. TAM-omgevingsplan Buitengebied, locatie Natuurbegraafplaats Sinderen | Eelerwoude | 25 4.1.2 Bodemonderzoek Ten behoeve van het plan is een vooronderzoek uitgevoerd (Bijlage 2).
Bij de terreininspectie zijn geen bijzonderheden waargenomen welke kunnen duiden op een mogelijke bodemverontreiniging. Voor wat betreft het mogelijk voorkomen van een (chemische) verontreiniging in de bodem kan op basis van de geïnventariseerde gegevens worden gesteld dat er ter plaatse van de onderzoekslocatie geen bodembedreigende activiteiten hebben plaatsgevonden. De bodem ter plaatse van de planlocatie voor de natuurbegraafplaats wordt als onverdacht beschouwd voor het voorkomen van een (chemische) verontreiniging in de bodem. Daarnaast is er gekeken naar het mogelijk voorkomen van van asbestverontreiniging in de bodem. Op basis van de geïnventariseerde gegevens uit het vooronderzoek is er eveneens geen reden voor een verdenking van asbestverontreiniging in de bodem. De bodem van het perceel wordt als onverdacht beschouwd voor een verontreiniging met asbest in de bodem. Het vooronderzoek bodem is beoordeeld door de Omgevingsdienst Achterhoek. Aangezien er geen verdenkingen zijn vastgesteld, wordt het uitvoeren van een verkennend bodemonderzoek niet benodigd geacht. Tijdens de werkzaamheden zal men verdacht zijn op waarnemingen die worden gedaan die op verontreiniging wijzen. In dergelijke gevallen wordt het werk per direct gestopt en wordt afstemming gezocht met de omgevingsdienst.
Als onderdeel van het plan wordt de bodem van het plangebied opgehoogd (zie ook het inrichtingsplan in Bijlage 1).In het Besluit op de lijkbezorging bepaalt artikel 5 onder meer dat graven minimaal 30cm boven het niveau van de gemiddeld hoogste grondwaterstand moeten liggen en dat er zich boven de grafkist of het omhulsel tenminste een laag van 65cm grond moet bevinden. In het plan wordt hiermee rekening gehouden door het plangebied op te hogen (rekening houdend met het bestaande hoogteverloop en omliggende essen en zichtlijnen) tot maximaal +18,3NAP. Dit wordt gedaan met schoonverklaarde grond en een vergelijkbare grondslag zoals momenteel aanwezig is. Daarnaast wordt het plangebied 1,35m opgehoogd ter plaatse van de vindplaats van de historische motte. Op deze locatie worden, als onderdeel van de landschappelijke inpassing, de contouren van de historische motte gereconstrueerd. Hiervoor wordt de bodem ter plaatse van de vindplaats eerst opgehoogd. Doordat de bodem wordt opgehoogd, is het daarnaast mogelijk om begravingen te laten plaatsvinden op deze locatie, zonder dat de archeologische waarden in de ondergrond worden geschaad. De grond die wordt aangevoerd ten behoeve van de ophogingen zal van dezelfde kwaliteitsklasse zijn als de bodemkwaliteit op locatie. Dit zal te zijner tijd door de Omgevingsdienst Achterhoek worden getoetst.
4.2 Archeologie en cultuurhistorie Het omgevingsplan dient rekening te houden met het belang van het behoud van cultureel erfgoed. Deze paragraaf gaat in op de wijze waarop in het plan rekening is gehouden met het belang van het behoud van cultureel erfgoed, archeologische waarden en cultuurhistorie, zowel binnen als buiten het plangebied. TAM-omgevingsplan Buitengebied, locatie Natuurbegraafplaats Sinderen | Eelerwoude | 26 4.2.1 Wettelijk kader De regels van artikel 5.130 Bkl stellen dat er in het omgevingsplan rekening dient te worden gehouden met het belang van het behoud van cultureel erfgoed, inclusief bekende of aantoonbaar te verwachten archeologische monumenten.
Het gemeentelijke omgevingsplan bevat derhalve regels over: Het voorkomen van ontsiering, beschadiging of sloop van op grond van het omgevingsplan beschermde monumenten of archeologische monumenten; Het voorkomen van verplaatsing van op grond van het omgevingsplan beschermde monumenten; Het bevorderen van gebruik, zo nodig door wijziging, van op grond van het omgevingsplan beschermde monumenten ter voorkoming van leegstand; Het voorkomen van aantasting van de omgeving van een op grond van het omgevingsplan beschermd monument en het karakter van in het omgevingsplan beschermde stads- of dorpsgezichten of beschermde cultuurlandschappen door de sloop van bestaande gebouwen, de bouw van nieuwe gebouwen of andere belangrijke veranderingen; en Het conserveren en in stand houden van archeologische monumenten, bij voorkoor in situ. Aanvullend kan het omgevingsplan ook regels bevatten die eisen stellen aan archeologisch onderzoek, de wijze van het verrichten van opgravingen of archeologische begeleiding. Regels voor archeologisch onderzoek zijn niet van toepassing op activiteiten met een oppervlakte minder dan 100 m2, tenzij in het omgevingsplan andere oppervlakten worden vastgesteld. 4.2.2 Archeologie Het plangebied kent op basis van het bestemmingsplan voor een deel een hoge archeologische verwachtingswaarde ('Waarde - Archeologische verwachting 1').