CConstaterende datOude IJsselstreek
Koppel je AI →
Document · PDF

Rapportage Energiemonitor 2020 incl bijlagen DEF 20200813.pdf

Raadsvergadering 24 juni 2021, gemeente Oude IJsselstreekBij agendapunt: 5: Principebesluit geselecteerde zonnevelden23.608 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 3

Rapportage regionale energiemonitor Achterhoek 13 augustus 2020 DEFINITIEF

Maroeska Boots Albert Jonathans

Inhoudsopgave Inhoudsopgave

2

Voorwoord

3

Samenvatting

4

1

Inleiding en leeswijzer

7

1.1 1.2 1.3

Update van de monitor in 2020 Werkwijze en verantwoording Samenvatting uitvoeringsagenda 2016

2

Energieverbruik en -besparing

2.1 2.2 2.3 2.4

Algemeen Verbruik en besparing elektriciteit Verbruik en besparing aardgas Conclusies en aanbevelingen verbruik en besparing

10 10 13 14

3

Productie van duurzame energie

16

3.1 3.2 3.3 3.4 3.5 3.6

Resultaat ten opzichte van doelstelling 2030 Energiemix duurzame elektriciteit opwek Opwek zonne-energie Opwek windenergie Productie bio-energie Conclusies duurzame productie

4

Nieuwe inzichten en RES

4.1 4.2

Relatie met regionale energiestrategie RES Conclusies en aanbevelingen

24 25

5

Conclusies en aanbevelingen

26

5.1 5.2

Conclusies Aanbevelingen

Rapportage Regionale Energiemonitor Achterhoek, 13 augustus 2020 DEFINITIEF

8 8 9

10

16 17 19 20 21 22

24

26 27

Pagina 2

Voorwoord De Achterhoekse gemeenten hebben een ambitieuze doelstelling gekozen. Ze willen in 2030 energieneutraal zijn. Dat vereist enorme inspanningen. Begin 2016 is dit vertaald in een concreet programma met projecten en activiteiten die daarvoor nodig zijn: de Uitvoeringsagenda duurzame energie Achterhoek (UA2016). Als Agem hebben we dit in samenwerking met de acht deelnemende gemeenten opgesteld. Op hun beurt hebben de deelnemers dit verder uitgewerkt voor hun gemeente. De afgelopen jaren zijn hiervoor ook budgetten vrijgemaakt en eerste stappen gezet. In 2018 is voor het eerst gemeten hoever de doelstellingen per gemeenten zijn gevorderd. Nu, twee jaar later, wordt opnieuw gemeten. Het resultaat hiervan vindt u in dit rapport. Dit rapport is opgesteld in opdracht van de duurzaamheidscoördinatoren en primair bedoeld voor gemeenten. In 2020 heeft de Achterhoek een concept RES-bod neergelegd van 1,35 TWh aan duurzame opwek in 2030. Dit bod komt overeen met de doelstelling die in de UA2016 is genoemd voor opwek van duurzame energie.

Rapportage Regionale Energiemonitor Achterhoek, 13 augustus 2020 DEFINITIEF

Pagina 3

Samenvatting In de UA2016 is energieneutraliteit in 2030 als volgt vertaald naar een opgave voor duurzame energieproductie, en een energiebesparingsopgave. De Achterhoek moet in 2030: a. b. c. d.

1376 GWh elektriciteit duurzaam opwekken; 124 mln m3 aardgas vervangen door duurzaam opgewekte biogas of warmte; 306 GWh (20%) besparen op het elektriciteitsverbruik (ten opzichte van 2012); 257 mln m3 (55%) besparen op het gasverbruik (ten opzichte van 2012);

Deze subdoelstellingen zijn op basis van het aantal inwoners vertaald naar doelstellingen per gemeente. In hoeverre iedere gemeente op weg is om aan hun doelstellingen te voldoen en hoe zich dat verhoudt tussen de gemeentes wordt hieronder duidelijk. Hierbij wordt onderscheid gemaakt naar: A. B.

Gerealiseerde opwek en besparing (op basis van cijfers voor 2019 (opwek) en 2018 (besparing)). Verwachte opwek en besparing (op basis van een inschatting van opwek projecten in de pijplijn en lineaire doortrekking van de trend bij besparing).

De voortgang wordt in beide gevallen uitgedrukt in % van de doelstelling voor 2030. A Benchmark van het gerealiseerde deel Onderstaande tabel geeft per gemeente afzonderlijk en voor de Achterhoek gezamenlijk een overzicht van de gerealiseerde voortgang in de vier doelstellingen, uitgedrukt in % van de doelstelling voor 2030.

Oo st G elr e

5% 21% 24% 13%

2% 2% -17% 33%

10% 0% 29% 9%

6% 20% 6% 21%

13% 14% 36% 35%

4% 4% 36% 22%

Ac hte rho ek

nd Mo ntf erl a

3% 75% 0% 41%

Ou de IJs se lst ree k Wi nte rsw ijk

Do eti nc he m

48% 15% 50% 40%

Bro nc kh ors t

a elektriciteitopwekking b aardgas vervanging c elektriciteit besparing d aardgas besparen

Be rke lla nd

Aa lten

Hierbij veronderstellen we dat een gemeente ver achter blijft bij de doelstelling als 9% of minder van de doelstelling is gerealiseerd. Deze vakken kleuren rood. Als 27% of meer van de doelstelling is gerealiseerd ligt de gemeente op het verwachte schema en kleurt het vak groen.

9% 23% 15% 27%

B Benchmark inclusief verwacht deel (potentiële harde baten) Als de huidige besparingstrend zich doorzet en als de projecten voor opwek van duurzame energie die in de pijplijn zitten de komende jaren worden gerealiseerd, verandert het beeld ten aanzien van de voortgang op de doelstellingen tussen de gemeenten zoals aangegeven in het volgende overzicht.

Oo st G elr e

18% 21% 73% 40%

11% 3% -51% 99%

21% 0% 88% 26%

23% 26% 17% 63%

Rapportage Regionale Energiemonitor Achterhoek, 13 augustus 2020 DEFINITIEF

89% 94% 100% 100%

32% 4% 100% 67%

Ac hte rho ek

nd Mo ntf erl a

52% 79% 0% 100%

Ou de IJs se lst ree k Wi nte rsw ijk

Do eti nc he m

58% 17% 100% 100%

Bro nc kh ors t

a elektriciteitopwekking b aardgas vervanging c elektriciteit besparing d aardgas besparen

Be rke lla nd

Aa lten

Omdat we zouden verwachten dat er voortgang wordt geboekt, hebben we ook de kleurcodering aangepast. Als de gemeente op het schema van meer dan 75% van de doelstelling zit dan kleurt het vak groen. Bij minder dan 50% kleurt het vak rood.

36% 33% 45% 82%

Pagina 4

Uit bovenstaande blijkt dat enkele gemeenten voor een aantal doelstellingen redelijk op weg zijn, maar op meerdere subdoelstellingen moeten nog (zeer) grote stappen worden gemaakt. Ten aanzien van de productie van duurzame elektriciteit zijn met name Aalten en Oude IJsselstreek goed op weg. Vooral Oude IJsselstreek en Berkelland lijken een goed gevulde projectpijplijn te hebben. Bij de vervanging van aardgas springen Berkelland en, rekening houdend met de pijplijn, Oude IJsselstreek eruit. Aalten, Montferland, Oude IJsselstreek en Winterswijk lijken goed op weg met elektriciteitsbesparing. Het valt op dat het elektriciteitsverbruik in Doetinchem juist is toegenomen (ten opzichte van 2012). Hiervoor kunnen verschillende redenen zijn zoals een toename in de woningvoorraad en het aantal bedrijven. We hebben dit niet onderzocht in dit rapport. In de helft van de Achterhoekse gemeenten is het aardgasgebruik behoorlijk afgenomen, waardoor bij een voortzetting van de trend de bespaardoelstelling voor 2030 in zicht komt. Samenvatting Achterhoek totaal Onderstaande figuren geven de stand in 2019 c.q. 2018 van de vier subdoelstellingen voor de totale Achterhoek. Hieruit blijkt dat we met de elektriciteitsopwekking van 9% in de Achterhoek fors achterblijven, maar ook dat er heel wat opwek in de pijplijn zit die op redelijk overzichtelijke termijn wordt gerealiseerd.

Met het vervangen van aardgas door duurzame warmte is er met 23% meer gerealiseerd dan de opwek van elektriciteit, maar er zit weer minder in de pijplijn. Qua besparen op elektriciteit met 15% loopt de Achterhoek achter, als de trend zicht doorzet, zal minder dan de helft van de doelstelling in 2030 gehaald worden. Het valt op dat de Achterhoek met het besparen van aardgas goed op weg is, het is echter de vraag of de trend van de afgelopen jaren rechtlijnig doorgetrokken kan worden. We weten uit de huidige staat van de bestaande woningbouw dat er nog steeds een enorme bespaaropgave ligt.

Aardgas vervanging

Opwek elektriciteit 9%

23%

28% 10%

63%

Stand 2019

67%

Pijplijn

Rest tot 2030

Stand 2019

Besparing elektriciteit

Rest tot 2030

Besparing aardgas

15%

55%

Pijplijn

18%

27%

30% 55%

Stand 2018

Als trend doorzet

Rest tot 2030

Rapportage Regionale Energiemonitor Achterhoek, 13 augustus 2020 DEFINITIEF

Stand 2018

Als trend doorzet

Rest tot 2030

Pagina 5

Het is belangrijk te melden dat de getallen uit de klimaatmonitor met betrekking tot besparing wel zijn gecorrigeerd voor temperatuurinvloeden, maar bijvoorbeeld niet voor economische ontwikkelingen. Grote bedrijven die sluiten of wegtrekken uit de gemeente of de Achterhoek veroorzaken ook een ‘besparing’. Omgekeerd: de uitbreiding van bedrijven zorgen voor verhoging van het verbruik. In de doorkijk naar 2030 is de verwachte stand van de elektriciteitsopwekking voor de totale Achterhoek 36% van de doelstelling en voor het vervangen van het aardgas 33%. De Achterhoek loopt gemiddeld genomen achter op de doelen die zijn gesteld in de uitvoeringsagenda. Als we in dit tempo en deze wijze doorgaan zullen we het doel om volledig energieneutraal te zijn in 2030 niet gaan halen. Snellere en grotere stappen zijn nodig. Samenvattingen nieuwe inzichten RES De voorbereidingen voor de concept Regionale Energiestrategie (RES) heeft nieuwe inzichten opgeleverd in de regionale energie-opgave. De Achterhoekse RES-bijdrage komt overeen met de ambitie die in de UA2016 gezamenlijk is geformuleerd. Deze doelstelling is exclusief mobiliteit. Modelmatige berekeningen wijzen uit dat voor het behalen van energieneutraliteit de opgave veel groter is dan 1,35 TWh aan grootschalige zon op land, grootschalig zon op dak en grootschalig wind.

In het algemeen geaccepteerde ETMmodel wordt rekening gehouden met omzet- en transportverliezen van energie en de economisch rendabele benutting van (natte) biomassa. Ook betekent de warmtetransitie dat het elektriciteitsverbruik (als alternatief voor verwarming met aardgas) flink zal toenemen, en daarom ook de opgave voor duurzame opwek van deze elektriciteit. Het verschil heeft dus te maken met de definitie van energieneutraliteit, verschillen in uitgangspunten en aannames en met de gehanteerde rekenmethode. Het lijkt logisch om dit ETM-model ook in de Achterhoek als leidend te gaan gebruiken. Hierdoor verandert wel de opgave voor de Achterhoek. Het lijkt dan ook logisch om een en ander met elkaar af te stemmen en in een nieuwe (herijkte) uitvoeringsagenda te verwerken.

Rapportage Regionale Energiemonitor Achterhoek, 13 augustus 2020 DEFINITIEF

Pagina 6

1 Inleiding en leeswijzer Deze tweede monitor beschrijft de voortgang van de energietransitie in de Achterhoek vier jaar nadat de regionale uitvoeringsagenda Achterhoek (UA2016) voor het eerst is opgesteld. Deze monitor geeft de voortgang ten opzichte van de doelstellingen in 2030.

H2. Verbruiken en besparing • •

Elektriciteit Gas

Bijlage 1 •

H3. Duurzame opwek Samenvatting • •

Benchmark Totalen Achterhoek

H1. Inleiding • •

Verantwoording UA 2016

• • •

Zon Wind Bio

H4. Nieuwe inzichten en RES • •

Bijlage 2 Bijlage 2 Bijlage 2 Bijlage • Factsheets per 2 2 Bijlage • Factsheets per

gemeente • gemeente Factsheets per • gemeente Factsheets per • gemeente Factsheets per gemeente

Relatie RES Nieuwe inzichten

H5. Conclusies en aanbevelngen • •

Belangrijkste cijfers UA 2016

Conclusies Aanbevelingen

Bijlage 3 •

Detail verbruiken elektriciteit en gas per gemeente

Hoofdstuk 1 beschrijft de opdracht voor de monitor en de verantwoording van de verzamelde data. Hoofdstuk 2 beschrijft de voortgang op het gebied van verbruik en besparing van elektriciteit en gas. Hoofdstuk 3 gaat in op de productie van duurzame energie. Hoofdstuk 4 beschrijft de nieuwste inzichten die er zijn opgedaan in het RES-traject en de relatie hiervan het de uitvoeringsagenda. Hoofdstuk 5 sluit af met de belangrijkste conclusies en aanbevelingen. In de bijlagen zijn de belangrijkste cijfers van de uitvoeringsagenda samengevat (bijlage 1), worden de factsheets per gemeente (bijlage 2) en de detail verbruiken per gemeente (bijlage 3) gegeven. Voor de stand van zaken is gebruik gemaakt van de meeste recente, beschikbare gegevens. Voor verbruik en besparing zijn dat de cijfers uit de klimaatmonitor van 2018 (waarin voor sommige gemeenten voor het gasverbruik van bedrijven de cijfers uit 2017 zijn opgenomen). Voor de opwek van duurzame energie zijn gegevens over SDE-beschikkingen van RVO tot en met de voorjaarsronde van 2019 gebruikt, aangevuld met informatie over (grootschalige) projecten van de gemeenten en Agem. Per gemeente is een factsheet gemaakt met hierin samengevat de vier subdoelstellingen voor energieneutraliteit en de resultaten tot nu toe. Deels wordt ook vooruitgekeken naar 2030. In bijlage 2 zijn de factsheets per gemeente verzameld.

De benchmark van de factsheets geeft inzicht in de vergelijking tussen de individuele gemeenten en de Achterhoek in zijn geheel (zie ook de samenvatting). De resultaten en conceptconclusies van onze werkzaamheden zijn gepresenteerd en besproken met de duurzaamheidscoördinatoren van de acht Achterhoekse gemeenten.

Rapportage Regionale Energiemonitor Achterhoek, 13 augustus 2020 DEFINITIEF

Pagina 7

1.1 Update van de monitor in 2020 Begin 2020 hebben de acht Achterhoekse gemeenten aan Agem opdracht gegeven om een eenvoudige voortgangsrapportage van de energietransitie op te stellen. In de uitvraag van de gemeenten staan de volgende punten genoemd, met als aandachtspunt dat er gezocht moet worden naar een eenvoudige methode van onderzoek. • • • • • • •

Breng de voortgang van de uitvoeringsagenda per gemeente en voor de regio totaal in beeld, met cijfers apart in factsheets per gemeente Geef een lijst met projecten en activiteiten die de gemeente heeft opgepakt Maak onderscheid tussen projecten in uitvoering en in voorbereiding Geef van deze lijst de harde baten aan Geef per gemeente het jaarlijkse budget van inzet in uren aan Wat is de verwachte bijdrage per gemeente aan de doelstelling van de regio Houd rekening met toekomstige periodieke monitoring

1.2 Werkwijze en verantwoording Voor deze monitor is er per gemeente een factsheet opgesteld, zie bijlage 2, als voortgangsrapportage ten opzichte van de doelstellingen voor 2030 die genoemd zijn in de regionale uitvoeringsagenda van maart 2016. Daarnaast wordt voor de 2019 opwek in deze monitor de voortgang bekeken ten opzichte van de in de uitvoeringsagenda genoemde tussenstand van de doelstelling in 2020. Voor verbruik en besparing wordt de voortgang ten opzichte van de vorige monitor, uitgevoerd in 2018 (met cijfers die veelal betrekking hebben op 2016) bekeken. Verbruiken en besparingen De cijfers voor verbruik en besparing komen uit de klimaatmonitor (www.klimaatmonitor.nl). Hierbij gaat het om gegevens van 2018 (waarin voor sommige gemeenten voor het gasverbruik van bedrijven de cijfers uit 2017 zijn opgenomen)1. Bij bedrijven heeft het gasverbruik zowel betrekking op ruimteverwarming als op proceswarmte. Duurzame opwek in de Achterhoek Specifiek voor de productie van duurzame energie is vooral gebruik gemaakt van de lijst met afgegeven SDE en SDE+ beschikkingen tot en met 2019 zoals gepubliceerd door RVO (https://www.rvo.nl/subsidie-enfinancieringswijzer/sde/feiten-en-cijfers/stand-van-zaken-aanvragen). Daarnaast zijn gegevens en berekeningen uit de projectlijst van Agem gebruikt, aangevuld met de opgave van de betreffende gemeentelijke duurzaamheidscoördinatoren.

In de projectlijst onder 3a en 3b op de factsheets per gemeente wordt rekening gehouden met de slagingskans van de projecten in de pijplijn. De toegekende slagingskans per project zijn gebaseerd op een gezamenlijke inschatting door de betreffende duurzaamheidscoördinator en Agem volgens onderstaande methodiek. 10%

Bij initiatief met twijfel

20%

Bij initiatief met goed gevoel (bijv. na eerste positieve check door gemeente)

30%

Na intentieovereenkomst tussen initiatiefnemers (en gemeente)

50%

Bij positieve haalbaarheidsanalyse (als vergunning is/wordt aangevraagd)

75%

Na vergunningverlening bij zon en wind op land en bij voldoende deelnemers bij een PCR-project

100%

Bij financial close (zodra opdracht tot uitvoering wordt getekend) en/of toegekende SDE-beschikking

Dit neemt niet weg dat er natuurlijk altijd een subjectief element in de toekenning van de slagingskans blijft zitten. In de projectlijst staan ook een aantal projecten met een kans van 0%. Het gaat dan om bekende initiatieven waarop bijvoorbeeld nog een moratorium rust vanuit de gemeente, of waarvan details ontbreken. Op basis van de lijst gerealiseerde productie is gekeken naar de voortgang ten opzichte van de doelstelling in 2030. Deze gegevens, aangevuld met de lijst uit de pijplijn (maal slagingskans), geven de verwachte stand van duurzame opwek in de komende jaren.

1 De getallen in de UA2016 zijn destijds gebaseerd op verbruiksgegevens uit de klimaatmonitor over het jaar 2012. Deze gegevens zijn het uitgangspunt in dit rapport hoewel in de tussentijd 2012 verbruiksdata voor sommige gemeenten is aangepast in de klimaatmonitor.

Rapportage Regionale Energiemonitor Achterhoek, 13 augustus 2020 DEFINITIEF

Pagina 8

Afstemming Vanuit de gemeenten is er een begeleidingsgroep gevormd die de opdracht heeft geformuleerd. De begeleidingsgroep bestaat uit Conny Huijskes (Oude IJsselstreek), Marije Schulten (Montferland) en Rick Boerkamp (Bronckhorst). In een aantal sessies zijn de eerste concepten afgestemd. De resultaten en conceptconclusies van onze werkzaamheden zijn op 9 juli 2020 gepresenteerd en besproken met de duurzaamheidscoördinatoren van de acht Achterhoekse gemeenten.

1.3 Samenvatting uitvoeringsagenda 2016 In de UA2016 wordt weergegeven op welke wijze de Achterhoek in 2030 energieneutraal kan worden. Dit is een ambitieuze doelstelling die is vertaald naar een opgave voor duurzame energieproductie, en een energiebesparingsopgave. De Achterhoek moet in 2030 • • • •

1376 GWh elektriciteit duurzaam opwekken; 124 mln m3 aardgas vervangen door duurzaam opgewekte biogas of warmte 306 GWh (20%) besparen op het elektriciteitsverbruik (ten opzichte van 2012) 257 mln m3 (55%) besparen op het gasverbruik (ten opzichte van 2012)

S amenv atting E lektric iteit Totaal V erbruik 2012 B esparing E xtra E lektriciteit voor E -verwarming Opwekking E lektriciteit Totale import G as Totaal V erbruik 2012 B esparing V ervanging gas door E -verwarming B iomassa thermisch B iogas Totale import

2020 2030 P ercentage GWh P ercentage GWh 100% 1499 100% 1499 7% -100 20% -306 6% 92 12% 183 38% 569 92% 1376 61% 921 0% 0 2020 2030 P ercentage mln m3 P ercentage mln m3 100% 472 100% 472 20% -95 54% -257 10% 46 19% 92 2% 8 5% 25 11% 50 21% 99 58% 274 0% 0

De doelstelling voor duurzame energieproductie is in de UA2016 vertaald naar aantallen installaties (aantal windmolens, zonnestroominstallaties, zonneparken, biomassacentrales en biovergistingsinstallaties) en het benodigde oppervlak daarvoor. Er is echter ook aangegeven dat tussen het aantal windmolens en het aantal zonnestroominstallaties geschoven kan worden. In deze monitor bespreken we de UA2016 ‘doelstellingen’ voor zon en wind, maar hierbij moet dus steeds bedacht worden dat het gaat om indicatieve doelstellingen; de totale opwekdoelstelling is leidend. Daarnaast is het belangrijk te melden dat in de UA2016 en dit rapport alleen grootschalige zon op dak onderdeel is van duurzame opwek. Kleinschalige zon op dak wordt toegerekend aan elektriciteitsbesparing.

Rapportage Regionale Energiemonitor Achterhoek, 13 augustus 2020 DEFINITIEF

Pagina 9

2 Energieverbruik en -besparing 2.1 Algemeen Bijlage 3 geeft een overzicht van het verbruik van elektriciteit en gas in de jaren 2012, 2016 en 2018. Hier zijn ook de percentages van het verbruik per gemeente ten opzichte van het totale verbruik in Achterhoek aangegeven. Onderstaande figuren laten zien het totale elektriciteitsverbruik (3%) in de Achterhoek nauwelijks is gedaald, terwijl het gasverbruik wel duidelijk is verminderd (15%).

Verbruik gas totaal Achterhoek

Verbruik elektriciteit totaal Achterhoek 1600

1499

1449

1453

1400 1200 mln m3

GWh

1000 800 600 400 200 0 2012

2016

472

500 450 400 350 300 250 200 150 100 50 0

2012

2018

415

402

2016

2018

De verbruiken van zowel woningen als bedrijven worden berekend uit de verbruiken in de klimaatmonitor zoals bekend uit 2012 en 2016 en 2018. De klimaatmonitor meet hierbij alles dat langs de meter komt waarbij de hoeveelheden achter de meter - die dus direct verbruikt worden - niet gecorrigeerd zijn. Een inschatting van elektriciteit van zonnepanelen die direct verbruikt is achter de meter wordt gegeven in de volgende paragraaf. De opwekking van warmte van houtkachels wordt niet gemeten maar komt terug in de vermindering van het verbruik van gas.

2.2 Verbruik en besparing elektriciteit Het totaal verbruik van woningen en bedrijven is in 2018 slechts 3% minder dan in 2012. (in 2016 was dit 3,3%). Hierbij is er een duidelijk verschil te zien tussen de ontwikkelingen bij woningen en bij bedrijven, zie onderstaand figuren.

Verbruik elektriciteit bedrijven Achterhoek 1200

447 393

1051

1056

1084

2012

2016

2018

1000

369

800 GWh

GWh

Verbruik elektriciteit woningen Achterhoek 500 450 400 350 300 250 200 150 100 50 0

600 400

200 0

2012

2016

2018

Hieruit is de conclusie te trekken dat bij woningen ca. 18% minder elektriciteit is verbruikt in 2018 ten opzichte van 2012 (in 2016 was dit -14%). Daarnaast blijkt dat alle bedrijven 3% meer elektriciteit verbruiken in 2018 dan in 2012 (in 2016 was dit +0,5%). Als er ingezoomd wordt naar de afzonderlijke gemeenten ontstaat het beeld in de volgende figuren. Op basis hiervan kan geconcludeerd worden dat de verbruiksdaling bij woningen voor elke gemeente nagenoeg hetzelfde is.

Rapportage Regionale Energiemonitor Achterhoek, 13 augustus 2020 DEFINITIEF

Pagina 10

Verbruik elektriciteit bedrijven 300 250 150

2016

2018

0

2018

Be r

Aa

ke l la nd Br on ck ho rst Do et inc he m M on tfe r la nd Oo st Ou Ge de lre I Js se lst re ek W int er sw i jk

Be r

ke l la nd Br on ck ho rst Do et inc he m M on tfe r la nd Oo st Ou Ge de lre I Js se lst re ek W int er sw i jk

2012

50 lte n

100

2016

2012

Aa

GWh

200

lte n

GWh

Verbruik elektriciteit woningen 90 80 70 60 50 40 30 20 10 0

Bij bedrijven is er duidelijk een wisselend beeld per gemeente te zien. Daar waar de bedrijven in de ene gemeente minder verbruiken, stijgen de verbruiken in andere gemeenten. Zoals eerder aangegeven zal dit nader onderzocht moeten worden. Besparingen ten opzichte van de doelstelling Als we de daling van de verbruiken vertalen naar besparingen en deze afzetten tegen de besparingsdoelstellingen voor 2030 ontstaat het volgende beeld (Berkelland kent een besparing van 0%).

Besparing elektriciteit Gerealiseerd

Als trend doorzet

100%

% van doelstelling

80% 60%

40% 20% 0% -20% -40% -60%

Het totaal van de Achterhoek zit op zo’n 15% ten opzichte van de doelstellingen voor 2030 (in 2016 16%). Lineair doorgerekend zou dit uitkomen op 45% van de doelstelling. Per gemeente is een sterk wisselend beeld te zien. Dit loopt uiteen van een toename in het verbruik waardoor een negatieve realisatie van de doelstelling is bereikt van -17% (Doetinchem) tot maar liefst een positieve realisatie van 50% van de bespaardoelstellingen voor 2030 (Aalten). Lineaire extrapolatie laat zien dat 3 gemeenten (Aalten, Oude IJsselstreek, Winterswijk) al voor 2030 de doelstellingen zouden behalen, Montferland met 88% bijna. Berkeland, Doetinchem en Oost Gelre zijn ver verwijderd van de realisatie van de doelstellingen. Hiervoor geldt de eerdere conclusie dat dit vrijwel volledig te wijten is aan verbruik en besparing bij bedrijven.

Rapportage Regionale Energiemonitor Achterhoek, 13 augustus 2020 DEFINITIEF

Pagina 11

Zonnestroom: gebruik achter de meter (schatting) Nieuw ten opzichte van de vorige monitor is een schatting van de hoeveelheid opwek van elektriciteit middels PVpanelen op woningen. Rijkswaterstaat maakt deze schatting op basis van o.a. nationale en provinciale PVsubsidieregelingen en de productie-installatie registers van de netbeheerders. Het verbruik achter de meter wordt voor de totale Achterhoek als volgt ingeschat.

Zonnestroom Achterhoek Gebruik achter de meter (schatting) 30,0

29,6

25,0

GWh

20,0 14,9

15,0

10,0 5,0

2,1

2012

2016

2018

De opwek achter de meter in 2018 met 29,6 GWh komt overeen met ca 2% van het totale elektriciteitsverbruik van de Achterhoek en 8% van het verbruik van woningen. Met deze cijfers zouden de besparingscijfers gecorrigeerd kunnen worden. De verbruiksafname van 15% zou dan gespecificeerd worden in 2% lokale opwek achter de meter en 13% daadwerkelijke besparing. Opsplitsing naar gemeente geeft het volgende beeld.

Zonnestroom Gebruik achter de meter (schatting)

GWh

2012

2016

2018

5,0 4,5 4,0 3,5 3,0 2,5 2,0 1,5 1,0 0,5 Aalten

Berkelland

2012

0,2

0,3

0,3

0,2

2016

1,4

2,4

1,9

1,8

2018

2,7

4,7

4,1

4,1

Oost Gelre

Oude IJsselstreek

Winterswijk

0,6

0,2

0,2

0,1

2,2

1,9

2,0

1,3

3,0

3,9

4,1

3,0

Bronckhorst Doetinchem Montferland

De sterke toename van zonnestroom bij particulieren is in alle gemeenten zichtbaar. Afgezet tegen het totale elektriciteitsverbruik per gemeente varieert dit van 1,3% tot 2,7%. Het lijkt interessant om in de toekomst dit nauwkeurig te monitoren.

Rapportage Regionale Energiemonitor Achterhoek, 13 augustus 2020 DEFINITIEF

Pagina 12

2.3 Verbruik en besparing aardgas Het totaal aardgasverbruik van woningen en bedrijven is in 2018 15% minder dan in 2012 (in 2016 was dit -12%). Hierbij is een klein verschil te zien tussen de ontwikkelingen bij woningen en bij bedrijven, zie onderstaande figuren.

Verbruik gas woningen Achterhoek 250

222 197

200

198

250

251 218

200

150

mln m3

mln m3

Verbruik gas bedrijven Achterhoek 300

100

204

150 100

50

50

0

0 2012

2016

2018

2012

2016

2018

In woningen is ca. 11% minder gas verbruikt in 2018 dan in 2012 (in 2016 was dit ook 11%). De ingezette daling van het verbruik stagneert. Daarnaast is te zien dat alle bedrijven 18% minder gas verbruiken in 2018 (in 2016 was dit -13%). De ingezette daling zet dus door. Voor de afzonderlijke gemeenten ontstaat het volgende beeld. Verbruik gas bedrijven 60 50

2012

mln m3

mln m3

Verbruik gas woningen 45 40 35 30 25 20 15 10 5 0

40 30

20

2012

2016

10

2016

2018

0

2018

Op basis hiervan kan geconcludeerd worden dat het verloop van het gasverbruik bij woningen voor elke gemeente nagenoeg hetzelfde is: de ingezette daling stagneert. Bij bedrijven daalt het gasverbruik, maar de mate waarin wisselt sterk per gemeente. Net als bij elektriciteit, zijn er op basis van het totale gasverbruik van de bedrijven in een gemeente niet echt conclusies te trekken. Dit zal nader onderzocht moeten worden. Besparingen ten opzichte van de doelstelling Als we de daling van het gasverbruik vertalen naar besparingen en deze afzetten tegen de besparingsdoelstellingen voor 2030 ontstaat het volgende beeld.

Rapportage Regionale Energiemonitor Achterhoek, 13 augustus 2020 DEFINITIEF

Pagina 13

Besparing aardgas Gerealiseerd

Als trend doorzet

% van doelstelling

100% 80% 60% 40% 20% 0%

Het totaal van de Achterhoek zit op zo’n 27% van de doelstellingen voor 2030 (in 2016 22%). Lineair doorgerekend zou de Achterhoek uitkomen op 82% van de doelstelling. Per gemeente is een sterk wisselend beeld te zien. De realisatie van de besparingsdoelstelling variëren van 9% (Montferland) en 13% (Bronckhorst) tot 40% (Aalten) en 41% (Berkelland). Lineaire extrapolatie laat zien dat de 4 gemeenten (Aalten, Berkelland, Doetinchem en Oude IJsselstreek) al voor 2030 de doelstellingen zouden behalen. Montferland en Bronckhorst zijn nog ver verwijderd van de realisatie van de doelstellingen.

2.4 Conclusies en aanbevelingen verbruik en besparing Elektriciteit Voor elektriciteit geldt dat de Achterhoek als geheel met 15% achterloopt op schema. Als de trend zich doorzet, zal minder dan de helft van de bespaardoelstelling in 2030 gehaald worden. Meer in detail zijn er sterk afwijkende ontwikkelingen: • •

Er is een groot verschil tussen woningen en bedrijven. De daling van het verbruik van woningen zet gestaag door. Het verbruik van bedrijven daalt niet, maar neemt zelfs licht toe. Er is een groot verschil tussen gemeenten. Een viertal gemeenten zit op schema, twee gemeenten absoluut niet.

Aanbevelingen elektriciteit: • • • • •

Focus: geef aandacht aan het verlagen van het verbruik bij bedrijven en aandacht voor gemeenten die sterk achterlopen op de doelstelling Focus: zorg dat de ingezette positieve trends zich voortzetten Meetmethode: maak expliciet onderscheid tussen woningen en bedrijven Meetmethode: specificeer en analyseer het verbruik en besparing van bedrijven, Maak indien mogelijk onderscheid in verschillende industrieën (vergelijkbaar met ETM) Meetmethode: specificeer de factor “besparing” door andere factoren die het verbruik beïnvloeden ook te gaan meten of te schatten. Voor zonnestroom achter de meter is dit inmiddels gedaan. Factoren die mogelijk (en waarschijnlijk) effect hebben zijn: economische ontwikkelingen, wijziging in productieprocessen van (grote) bedrijven, bijvoorbeeld van gasgestookt naar duurzame alternatieven, genomen isolerende maatregelen, efficiëntere installaties, nul op de meter woningontwerpen, stookgedrag van bewoners, penetratie van gasvervangers en extra elektriciteitsverbruik door elektrische voertuigen.

Rapportage Regionale Energiemonitor Achterhoek, 13 augustus 2020 DEFINITIEF

Pagina 14

Gas Voor aardgas geldt dat de Achterhoek als geheel met 27% redelijk goed op weg is. Als de trend zich doorzet, zal meer dan 80% de bespaardoelstelling in 2030 gehaald worden. Meer in detail zijn er sterk afwijkende ontwikkelingen: • •

Er is een groot verschil tussen woningen en bedrijven. De daling van het verbruik van woningen stagneert. Het verbruik van bedrijven daalt verder. Er is een groot verschil tussen gemeenten. Vier van de acht gemeenten zit op schema, een tweetal absoluut niet.

Aanbevelingen gas: • • • •

Focus: geef aandacht aan het stagneren van het verbruik bij woningen en aandacht voor gemeenten die sterk achterlopen op de doelstelling Focus: zorg dat de ingezette positieve trends zich voortzetten Meetmethode: maak expliciet onderscheid tussen woningen en bedrijven Meetmethode: specificeer de factor “besparing” door andere factoren die het verbruik beïnvloeden ook te gaan meten of te schatten. Factoren die mogelijk (en waarschijnlijk) effect hebben zijn: economische ontwikkelingen, wijziging in productieprocessen van (grote) bedrijven, bijvoorbeeld van gasgestookt naar duurzame alternatieven, genomen isolerende maatregelen, efficiëntere installaties, nul op de meter woningontwerpen, stookgedrag van bewoners, penetratie van gasvervangers.

Rapportage Regionale Energiemonitor Achterhoek, 13 augustus 2020 DEFINITIEF

Pagina 15

3 Productie van duurzame energie 3.1 Resultaat ten opzichte van doelstelling 2030 Voor het bepalen van de huidige productiecapaciteit in de gemeenten hebben we verschillende methodes toegepast. In de basis is gebruik gemaakt van RVO-gegevens over alle productie-installaties voor hernieuwbare energie die een SDEsubsidiebeschikking hebben ontvangen op hun aanvragen tot en met de voorjaarsronde 2019. Deze gegevens zijn aangevuld door inzichten van de duurzaamheidscoördinatoren van de gemeenten en eigen onderzoek van Agem. De gemiddelde voortgang van elektriciteitsproductie in de Achterhoek ten opzichte van de doelstelling in 2030 is 9%. Voor de individuele gemeenten varieert de voortgang tussen de 2% en 48%. Het beeld schuift echter behoorlijk als we ook de projecten voor opwek van duurzame elektriciteit meenemen die in de pijplijn zitten (met een inschatting van de slagingskans). In dat geval is de Achterhoek op weg om 36% van haar doelstelling te realiseren. Ontwikkelingen in een aantal gemeenten dragen hier fors aan bij.

Opwek duurzame elektriciteit

% van doelstelling

Gerealiseerd

Inclusief verwacht

90% 80% 70% 60% 50% 40% 30% 20% 10% 0%

Voor de vervanging van aardgas door biogas- en biomassa-installaties varieert de voortgang door de gemeenten van 0% tot 75% waarbij de voortgang in de Achterhoek gemiddeld 23% bedraagt. Er zit echter maar een beperkt aantal projecten voor de productie van biogas en duurzame warmte in de pijplijn, waardoor er beperkt uitzicht is op groei en dus op realisatie van de doelstelling.

Rapportage Regionale Energiemonitor Achterhoek, 13 augustus 2020 DEFINITIEF

Pagina 16

Vervanging aardgas (opwek duurzame warmte en biogas)

% van doelstelling

Gerealiseerd

Inclusief verwacht

100% 90% 80% 70% 60% 50% 40% 30% 20% 10% 0%

3.2 Energiemix duurzame elektriciteit opwek Onderstaande figuur laat de huidige mix van duurzame elektriciteit opwek per gemeente zien. In de meeste gemeenten levert grootschalige gebouwgebonden zonne-energie (zon op dak) het grootste deel van de duurzame productie. Het is duidelijk dat windenergie het belangrijkste aandeel in de mix krijgt zodra windmolens worden geplaatst. Met windenergie kunnen dus grote stappen worden gezet richting de doelstelling voor duurzame opwek. In de komende jaren, als projecten in de pijplijn gerealiseerd gaan worden, krijgen de zonneparken een belangrijker aandeel in de duurzame mix van gemeenten.

Gerealiseerd (GWh) Winterswijk Oude IJsselstreek Oost Gelre Montferland Doetinchem Bronckhorst Berkelland Aalten 0

10 Zon op dak

20

30 Zonnevelden

40

50

60

Wind

Rapportage Regionale Energiemonitor Achterhoek, 13 augustus 2020 DEFINITIEF

Pagina 17

Gerealiseerd + pijplijn (GWh) Winterswijk Oude IJsselstreek Oost Gelre Montferland Doetinchem Bronckhorst Berkelland Aalten 0

20

40

60

Zon op dak

80

100

Zonnevelden

120

140

160

180

Wind

Mix elektriciteit Achterhoek Gerealiseerd

Mix elektriciteit Achterhoek Gerealiseerd+pijplijn

31%

33%

36%

54% 10% Zon op dak

Zonnevelden

36% Wind

Zon op dak

Zonnevelden

Wind

In de UA2016 zijn ook aparte indicatieve doelstellingen voor zon op dak, zonnevelden en wind geformuleerd, hoewel de totale opwekdoelstelling leidend is (er kan worden geschoven in de mix tussen zon en wind). Deze doelstellingen worden in onderstaande figuur weergegeven voor de gehele Achterhoek met de getallen bij de staafjes. Hieruit blijkt dat, rekening houdend met de projecten in de pijplijn, zon op dak het goed doet en dat windenergie nog ver achterblijft bij de indicatieve doelstelling.

Rapportage Regionale Energiemonitor Achterhoek, 13 augustus 2020 DEFINITIEF

Pagina 18

Grootschalige opwek Achterhoek 353

200

880

180 160 140

GWh

120

118

100

80 60 40 20 0 Zon op dak

Zonneveld Huidige opwek

Wind

Pijplijn

3.3 Opwek zonne-energie De productie van zonnestroom is de laatste jaren aanzienlijk gegroeid. In de factsheets per gemeente hebben we alleen gekeken naar de productie (opwek) van zon-pv op daken bij bedrijven en bij postcoderoos (PCR) projecten, en naar veldopstellingen van zon-pv (zonneparken). Productie van zon-pv door woningen (veelal op daken) is in deze monitor geen onderdeel van de opwek, maar wordt beschouwd als verbruik achter de meter, welke tot uitdrukking komt in de hoofdstukken over verbruik en besparing. In 2019 werd ongeveer 54 GWh aan zonnestroom opgewekt in de Achterhoek2. Hiervan is 42 GWh afkomstig van pvpanelen op daken en 12 GWh van veldopstellingen. De verdeling tussen zon op dak en veldopstellingen is in de individuele gemeenten ongeveer hetzelfde. Alleen in Doetinchem en Winterswijk vindt productie bijna uitsluitend plaats op daken. Van de ca. 279 GWh aan zon-pv projecten die nog in de pijplijn zitten (rekening houdend met een slagingskans) maar die nog niet zijn gerealiseerd betreft het 112 GWh aan zon op dak projecten en 167 GWh aan veldopstellingen. Zoals te verwachten zal de productie uit grootschalige zonnevelden dus toenemen. In Aalten, Doetinchem, Bronckhorst en Montferland is nog geen of nauwelijks uitzicht op productie uit zonneparken. De doelstelling in de UA2016 is 471 GWh aan zon-pv in 2030, met een tussendoelstelling van 160 GWh in 2020.

In 2019 is ca. 11% van de doelstelling voor opwek van zon-pv in 2030 gehaald (of ca. 33% van hetgeen we in 2020 bereikt zouden moeten hebben). De conclusie is daarom dat de Achterhoek op het gebied van duurzame opwek middels zon-pv nog een inhaalslag moet maken. Zoals gezegd zijn in de UA2016 ook aparte doelstellingen voor zon op dak, zonnevelden en wind geformuleerd, ook per gemeente. Voor zon op dak (grootschalig) is de doelstelling voor 2030 op 118 GWh gezet. Hiervan is op dit moment 40 GWh gerealiseerd, maar inclusief de pijplijn wordt de komende jaren al 154 GWh per jaar geproduceerd. Dit is dus al meer dan de doelstelling in de uitvoeringsagenda.3 We brengen in de Achterhoek dus de zonneladder in praktijk!

2

Opwek van zonnestroom in de Achterhoek is 82 GWh als we de schatting van productie achter de meter voor 2018 uit de Klimaatmonitor toevoegen. Overigens was de productie van zonnestroom in de gezamenlijke acht Achterhoekse gemeenten in 2018 volgens het CBS 98 GWh. Hieruit blijkt maar weer hoe lastig cijfers en statistieken kunnen zijn. 3 De concept RES gaat uit van 350 GWh aan grootschalig zon op dak in 2030, waarvoor potentieel dakoppervlak beschikbaar is in de Achterhoek. Hierbij zijn de GEA-uitgangspunten aangehouden. Van de dakpotentie (rekening houdend met de grootte van het dak, schaduwval etc.) wordt 40 procent benut, waarvan 50 procent voor grote zonnedaken. Rapportage Regionale Energiemonitor Achterhoek, 13 augustus 2020 DEFINITIEF

Pagina 19

Zon op dak t.o.v. doelstelling in 2030 Gerealiseerd

Incl pijplijn

Achterhoek Winterswijk

Oude IJsselstreek Oost Gelre Montferland Doetinchem Bronckhorst Berkelland Aalten 0%

20%

40%

60%

80%

100% 120% 140% 160% 180% 200%

Zonnevelden t.o.v. doelstelling in 2030 Gerealiseerd

Incl pijplijn

40%

80%

Achterhoek Winterswijk

Oude IJsselstreek Oost Gelre Montferland Doetinchem Bronckhorst Berkelland Aalten 0%

20%

60%

100%

120%

140%

160%

3.4 Opwek windenergie De ontwikkeling van windenergie in de Achterhoek verloopt nog steeds moeizaam, hoewel een aantal projecten is gerealiseerd. Naast windpark Hagenwind in Aalten (16 MW), zijn de 6 turbines in Azewijn/Netterden (Montferland 4,6 MW en Oude IJsselstreek 9,2 MW) en een aantal kleine turbines operationeel. Voor het project van 9 turbines (33 MW) van Den Tol in Netterden staan alle seinen op groen. SDE+ beschikkingen zijn afgegeven (najaar 2017). Ook drie kleinere projecten in de gemeente Bronckhorst hebben een SDE+ beschikking ontvangen voor in totaal 0.047 MW. Deze zijn deels al gerealiseerd. Daarna zijn geen SDE-subsidieaanvragen meer gedaan voor wind in de Achterhoek. Er zijn momenteel wel een beperkt aantal initiatieven voor de ontwikkeling van grote windturbines in de Achterhoek. In een aantal gevallen gaat het om externe ontwikkelaars die grondposities proberen te verwerven bij agrariërs en in andere gevallen zijn dat grondeigenaren die zich oriënteren op de mogelijkheid voor het beschikbaar stellen van hun grond dan wel de mogelijkheden onderzoeken om zelf of met anderen windenergie te ontwikkelen. Het is duidelijk dat kleine windmolens geen groot aandeel in de opwekking van elektriciteit uit wind zullen gaan uitmaken.

Wel wordt door een aantal partijen geëxperimenteerd met kleine windmolens en zal er mogelijk een markt kunnen ontstaan voor kleine windmolens voor eigen gebruik. De doelstelling voor windenergie wordt niet gehaald. Met de 9 turbines van Den Tol erbij is het opgestelde vermogen ca. 61 MW met een mogelijke productie van ca. 160 GWh, dat is 18% van de winddoelstelling voor 2030 zoals deze genoemd is in de UA2016 (881 GWh). Omdat het ontwikkelen van windturbines in het algemeen minimaal vier jaar duurt

Rapportage Regionale Energiemonitor Achterhoek, 13 augustus 2020 DEFINITIEF

Pagina 20

en vaak zelfs veel langer, zal alles op alles moeten worden gezet om de doelstelling voor de opwek van windenergie in 2030 mogelijk te maken.

Windenergie t.o.v. doelstelling in 2030 Gerealiseerd

Incl pijplijn

Achterhoek Winterswijk

Oude IJsselstreek Oost Gelre Montferland Doetinchem Bronckhorst Berkelland Aalten 0%

10%

20%

30%

40%

50%

60%

70%

80%

90%

100%

Hieronder een overzicht van relevant beleid en ontwikkelingen van windenergie in de gemeenten. Gemeente Aalten Berkelland Bronckhorst Doetinchem Montferland Oost Gelre Oude IJsselstreek Winterswijk

Beleid en ontwikkelingen windenergie RODE-beleid en kansen/belemmeringen kaart windenergie Oriëntatie door grondeigenaren, ontwikkelaars en energiecoöperaties. De kaders en beleidsregels voor grote windmolens (> 25 meter) zijn opgeschort tot 2022. Grondeigenaren en energiecoöperaties/ werkgroepen oriënteren zich. Oriëntatie door grondeigenaren, ontwikkelaars en energiecoöperaties Gemeente heeft ontwikkelgebied voor windenergie opgesteld. Ontwikkelaar en grondeigenaren voeren verkenningen uit. Gemeente heeft beleid en een kaart met niet-uitgesloten gebieden. Energiecoöperatie verkent verschillende mogelijkheden Gemeente heeft een inpassingskaart duurzame energie. Moratorium op wind (>10m) met evaluatie vanaf 1 januari 2023.

3.5 Productie bio-energie Een eenduidige inschatting van bio-energie blijft lastig. We rekenen de projecten die SDE-subsidie ontvangen voor de gecombineerde opwek van elektriciteit en warmte (wkk), voor hernieuwbare warmte en voor groen gas allemaal toe aan aardgasvervanging. Aardgasvervanging wordt uitgedrukt in miljoen m3 aardgasequivalenten terwijl de SDE-gegevens in MWh worden uitgedrukt. Als vuistregel voor de omrekening hanteren we, net als in de uitvoeringsagenda en de vorige monitor, 1 mln N m3 aardgas = 8,79 GWh (31,65 MJ/Nm3/ 3,6 MJ/kWh). Overigens zijn er ook een aantal (drie) projecten die een SDE-beschikking voor productie van warmte uit zonne-energie (zonthermie) hebben ontvangen en in de toekomst kunnen meer van dit soort projecten tot stand komen. Deze productie is ook toegerekend aan aardgasvervanging. In de UA2016 is opgenomen dat vanaf 2030 jaarlijks 124 miljoen m3 groengas (biogas opgewaardeerd naar aardgaskwaliteit) of duurzame warmte moet worden geproduceerd, zodat eenzelfde hoeveelheid aardgas kan worden vervangen. Er wordt eind 2019 ca. 28 mln m3 (aardgasequivalent) aan bio-energie geproduceerd in de Achterhoek, dit is 23% van de doelstelling in 2030. Gebaseerd op de reeds afgegeven positieve SDE-beschikkingen kan dit de komende jaren toenemen met 13 mln m3 tot in totaal 41 mln m3 (33% van de doelstelling in 2030). Verreweg de grootste bijdrage komt

Rapportage Regionale Energiemonitor Achterhoek, 13 augustus 2020 DEFINITIEF

Pagina 21

van FrieslandCampina in Borculo waar vloeibare biomassa wordt verbrand ten behoeve van proceswarmte in de fabriek en van de mestvergisting bij Groot Zevert in Beltrum. We veronderstellen dat het grote mestvergistingsproject van AgroGas in Varsseveld door gaat, hoewel dat vanwege lopende procedures nog niet zeker is. Overigens heeft de Jumpstartcampagne van FrieslandCampina, waarop een paar jaar geleden groot werd ingezet, nauwelijks resultaat opgeleverd (dit geldt landelijk, dus niet alleen voor de Achterhoek). Het valt op dat er ten opzichte van twee jaar geleden (de vorige monitor) niet of nauwelijks vooruitgang is geboekt op het gebied van productie van groen gas en duurzame warmte. En ook het aantal projecten dat in de pijplijn zit is beperkt. Met de hele discussie rondom biomassa en de beperkte beschikbaarheid van biomassa in de Achterhoek, in combinatie met de warmtetransitie, zou een herijking van deze doelstelling op zijn plaats zijn.

Gemeente

Project

Mln m3 aardgasequivalent Gerealiseerd

Aalten

1. Klimaatmonitor* 2. Jumpstart Hoeninkdijk

1,3

Berkelland

1. Prinsen Haarlo 2. Groot Zevert Beltrum 3. FrieslandCampina Borculo

0,1 6,6 10,9

Bronckhorst

1. Groen gas De Marke 2. Aviko Steenderen 3. Mestvergisting Baak 4. RWZI Waterstromen Olburgen

0,1 2,0 0,1 2,5

1. Klimaatmonitor* 2. Esbro 3. De Veentjes 37 (zonthermie)

0,4

Doetinchem

1,4 0,3

Oost Gelre

1. BIR Lichtenvoorde 2. Bomers Kraanswijk Groenlo 3. Gierkink houtdrogerij Vragender 4. Groenlo (SDE) 5. Konijnenfokker Vragender (zonthermie) 6. Lievelde (zonthermie) 1. Klimaatmonitor*/ RWZI Etten 2. AgroGas Varsseveld

1,8

Oude IJsselstreek

Pijplijn 0,1 0,9

0,3 0,02 0,2 0,5

0,4 0,01 0,01 10,5

Winterswijk 1. Klimaatmonitor* 0,4 * Bij een aantal gemeentes staat ‘Klimaatmonitor’, dit is informatie uit de vorige monitor (uit 2018) om ervoor te zorgen dat de gerealiseerde productie in ieder geval niet minder is dan in de vorige monitor.

3.6 Conclusies duurzame productie Opwekken elektriciteit Met de realisatie van 9% van de doelstelling voor 2030 blijft de Achterhoek fors achter. Hierbij geldt wel dat er heel wat opwek in de pijplijn zit (extra 27%) die op redelijk overzichtelijke termijn wordt gerealiseerd. In algemene zin zit er voortgang in de kleinschalige opwek, in de grootschalig opwek is de voortgang beduidend minder. Dit lijkt logisch te verklaren door de lange en politiek gevoelige besluitvorming in combinatie met beschikbaarheid van aansluiting op het netwerk. Meer in detail zijn er afwijkende ontwikkelingen: •

Er is een groot verschil in de verschillende type ontwikkeling. Zon op dak gaat erg goed, met de pijplijn erbij wordt de 2030 doelstelling nu al gehaald. Zonnevelden gaan redelijk tot goed bij de helft van de gemeenten, Bij de restende helft blijft de ontwikkeling sterk achter Wind blijft sterk achter. Vanuit de doelstellingen zou juist uit deze bron de meeste opwek vandaan moeten komen.

Rapportage Regionale Energiemonitor Achterhoek, 13 augustus 2020 DEFINITIEF

Pagina 22

•

Er is een groot verschil tussen gemeenten. Twee gemeenten koersen aan op realisatie van de opwekdoelstellingen. De overige blijven achter.

Aanbevelingen • • •

Focus: blijf doorgaan met zon op daken Focus: geef aandacht aan zonnevelden bij de achterblijvende gemeenten Focus: geef aandacht aan windprojecten

Aardgasvervangers Met het vervangen van aardgas door duurzame warmte is er met 23% meer gerealiseerd dan de opwek van elektriciteit, maar er zit weer minder in de pijplijn. Het valt op dat er ten opzichte van twee jaar geleden (de vorige monitor) niet of nauwelijks vooruitgang is geboekt op het gebied van productie van groen gas en duurzame warmte. En ook het aantal projecten dat in de pijplijn zit is beperkt. Met de hele discussie rondom biomassa en de beperkte beschikbaarheid van biomassa in de Achterhoek, in combinatie met de warmtetransitie, zou een herijking van deze doelstelling op zijn plaats zijn

Rapportage Regionale Energiemonitor Achterhoek, 13 augustus 2020 DEFINITIEF

Pagina 23

4 Nieuwe inzichten en RES 4.1 Relatie met regionale energiestrategie RES In de UA2016 is een mogelijke verdeling (mix) van verschillende vormen van opwek van duurzame energie opgenomen. Sommige gemeenten hebben deze verdeling aangehouden, terwijl andere gemeenten een eigen mix hebben vastgesteld. In deze monitor wordt uitgegaan van de taakstelling zoals is voorgesteld in de UA2016. Het eindresultaat moet hetzelfde zijn, of elektriciteit van zon of wind komt maakt voor de doelstelling immers niet uit. Inmiddels is het proces van de RES gaande. Hierin is het de bedoeling om per regio de in 2030 beoogde hoeveelheid opwek middels wind (op land) en zon (daken, velden) vast te stellen. Het totaal van alle regio’s in Nederland zal minimaal 35 TWh moeten bedragen. De Achterhoek heeft een concept RES-bod uitgebracht van 1,35 TWh, waarvan 0,35 TWh voor grootschalig zon op daken. Het RES-bod van 1,35 TWh komt overeen met de beoogde opwek door grootschalige zon op land, grootschalig zon op dak en grootschalig wind in de UA2016. De 0,35 TWh zon op dak uit het RES bod is meer dan twee keer zo veel als de in het UA2016 beoogde 118 GWh aan zon op dak. De Achterhoek heeft in de UA2016 de ambitie (energieneutraal in 2030) gekwalificeerd en gekwantificeerd. Tijdens het opstellen van de RES is regelmatig teruggegrepen naar de uitvoeringsagenda en hoe deze destijds tot stand is gekomen.

Er is nu geconstateerd dat de rekenmodellen ondertussen verbeterd zijn en dat er voortschrijdende inzichten zijn op verschillende onderdelen (bijvoorbeeld maximale besparingscijfers, beschikbaarheid en toepasbaarheid van biomassa, de gehanteerde definities en afbakening). De ambitie en cijfers uit de UA2016 zijn daarmee aan een herijking toe. Nieuw rekenmodel: het Energie Transitie Model (ETM) Landelijk wordt het Energie Transitie Model (ETM) gebruikt voor de berekeningen van het RES-bod. ETM is een geavanceerd energiemodel, dat de energievraag van de verschillende sectoren matcht met diverse duurzame bronnen. Het model bevat de meest recente inzichten op het gebied van energiestromen, is gekoppeld aan de verbruiksgegevens in de Klimaatmonitor en houdt rekening met talloze factoren, waaronder met een toename van de stroomvraag door de toepassing van elektrische warmtepompen. Een belangrijke feature van ETM is de doorrekening naar CO2-reductie. Nieuwe inzichten De UA2016 is in het RES-traject in ETM gemodelleerd. Dit geldt zowel voor de doelstelling Achterhoek energieneutraal in 2030 (met uitgangspunten uit het Gelders Energieakkoord) als de destijds gebruikte aannames, uitgangspunten en subdoelstellingen. Op basis van deze exercities zijn de volgende voorlopige opmerkingen geplaatst ten aanzien van de UA2016: • • •

•

Het gehanteerde besparingstraject lijkt achteraf te ambitieus (o.a. de implementatie van besparende maatregelen valt in de praktijk tegen); De hoeveelheid efficiënt uit lokale biomassa op te wekken energie in de regio is lager dan geraamd, Door minder beschikbaar groengas zal meer elektrificatie van de warmtevoorziening moeten plaatsvinden (b.v. middels warmtepompen) waardoor de elektriciteitsvraag stijgt. Door elektrificatie van de warmtevoorziening zoals warmtepompen komt de energievraag veel hoger uit; De productie van duurzame energie zal hoger moeten zijn dan de vraag omdat er sprake is van omzet- en transportverliezen.

Deze nieuwe inzichten resulteren in een energiemix waarin minder wordt bespaard bij woningen (onderbouwing van aannames en reëel maatregelpakket.), minder energie wordt opgewekt uit biomassa, en (significant) meer via wind en zon moet worden opgewekt. Onderstaande figuur illustreert de nieuwe inzichten. Onderdeel A geeft de oorspronkelijke vertaling van de UA2016, de vraag uit 2012 (1), de vraag in 2030 (2) en de bijbehorende energiemix (3). Onderdeel B geeft bij gelijkblijvende doelstelling op basis van de nieuwste inzichten een nieuwe verwachte vraag in 2030 (4) en een gecorrigeerde energiemix (5) op basis van minder biomassa en de ETM-berekening van omzet- en transportverliezen.

Rapportage Regionale Energiemonitor Achterhoek, 13 augustus 2020 DEFINITIEF

Pagina 24

A

2016 Uitvoeringsagenda Achterhoek (UA) Doelstelling: energieneutraal 2030 (ex mobiliteit)

B

2020 UA in ETM. Nieuwe inzichten 1. Minder besparen mogelijk 2. Geen 1:1 verhouding vraag:opwek 3. Minder energie uit biomassa

BespaRing

45% 10 PJ Vraag 2012 22 PJ

UA Model

Vraag 2030 12 PJ

1:1

COP WP*

UA Model

CO2 vrij

1

Opwek 2030

2

Zon 471 GWh

Opwek 2030

27% 5,3 PJ

COP WP

ETM

14,9 PJ

3

* COP WP = Energie uit lucht en bodem bij het gebruik van warmtepompen

Kan anders verdeeld worden ETM

wind

Wind 881 GWh Biomassa 25 GWh 125 mln m3

zon

Vraag 2030

Vraag 2012 22 PJ

Besparing

CO2 vrij biomassa

4

5

4.2 Conclusies en aanbevelingen Uit voorgaande kunnen we concluderen dat: • • •

Het RES-bod van de Achterhoek voor elektriciteit overeenkomt met de UA2016; Energieneutraal volgens de ETM-berekeningen resulteert in een veel hogere opwek doelstelling dan energieneutraal volgens UA2016; De warmtetransitie nu beter in beeld is door de Regionale Structuur Warmte (RSW, als onderdeel van de RES) en de Transitie Visie Warmte (TVW, die in 2021 gemaakt gaan worden door gemeenten).

Daarom is de aanbeveling gedaan om de uitvoeringsagenda te herijken en hierbij gebruik te maken van ETM. Hierbij zou dan ook direct mobiliteit meegenomen kunnen worden. De aanbevelingen zijn derhalve: • • •

De uitgangspunten en de definities van de UA2016 te herzien en aan te sluiten bij de landelijke methodiek met ETM; Dit heeft tot gevolg dat de ambitie Achterhoek energieneutraal in 2030 anders geformuleerd moet worden; En biedt de mogelijkheid om duurzame mobiliteit mee te nemen.

Rapportage Regionale Energiemonitor Achterhoek, 13 augustus 2020 DEFINITIEF

Pagina 25

5 Conclusies en aanbevelingen In de afzonderlijke hoofdstukken zijn voor de verschillende onderdelen al conclusies getrokken en aanbevelingen geformuleerd. Hieronder worden deze nogmaals samengevat.

5.1 Conclusies Elektriciteitsverbruik en besparing Voor elektriciteit geldt dat de Achterhoek als geheel met 15% achterloopt op schema. Als de trend zich doorzet, zal minder dan de helft van de bespaardoelstelling in 2030 gehaald worden. Meer in detail zijn er sterk afwijkende ontwikkelingen: • •

Er is een groot verschil tussen woningen en bedrijven. De daling van het verbruik van woningen zet gestaag door. Het verbruik van bedrijven daalt niet, maar neemt zelfs licht toe. Er is een groot verschil tussen gemeenten. Een viertal gemeenten zit op schema, twee gemeenten absoluut niet.

Gasverbruik en besparing Voor aardgas geldt dat de Achterhoek als geheel met 27% redelijk goed op weg is. Als de trend zich doorzet, zal meer dan 80% de bespaardoelstelling in 2030 gehaald worden. Meer in detail zijn er sterk afwijkende ontwikkelingen: • •

Er is een groot verschil tussen woningen en bedrijven. De daling van het verbruik van woningen stagneert. Het verbruik van bedrijven daalt verder. Er is een groot verschil tussen gemeenten. Vier van de acht gemeenten zit op schema, een tweetal absoluut niet.

Opwekken elektriciteit Met de realisatie van 9% van de doelstelling voor 2030 blijft de Achterhoek fors achter. Hierbij geldt wel dat er heel wat opwek in de pijplijn zit (extra 27%) die op redelijk overzichtelijke termijn wordt gerealiseerd. Meer in detail zijn er afwijkende ontwikkelingen: •

•

Er is een groot verschil in de verschillende type ontwikkeling. Zon op dak gaat erg goed, met de pijplijn erbij wordt de 2030 doelstelling nu al gehaald. Zonnevelden gaan redelijk tot goed bij de helft van de gemeenten, Bij de restende helft blijft de ontwikkeling sterk achter. Wind blijft sterk achter. Vanuit de doelstellingen zou juist uit deze bron de meeste opwek moeten komen. Er is een groot verschil tussen gemeenten. Twee gemeenten koersen aan op realisatie van de opwekdoelstellingen. De overige blijven achter.

Aardgasvervangers Met het vervangen van aardgas door duurzame warmte is er met 23% meer gerealiseerd dan de opwek van elektriciteit, maar er zit weer minder in de pijplijn. Het valt op dat er ten opzichte van twee jaar geleden (de vorige monitor) niet of nauwelijks vooruitgang is geboekt op het gebied van productie van groen gas en duurzame warmte. Relatie tot RES • Het RES-bod van de Achterhoek voor elektriciteit komt overeen met de UA2016. De voortgang hierop geeft dus een goed beeld op de voortgang ten opzichte van het RES-bod. • De besparingsdoelstellingen uit de UA2016 lijken volgens het meest recente landelijk inzichten te ambitieus. NB. Dit lijkt bevestigd te worden in deze monitor. • De voorlopige berekeningen middels de nieuwste modellen (ETM) resulteren in een veel hogere opwek doelstelling dan destijds bij het opstellen van de UA2016.

Rapportage Regionale Energiemonitor Achterhoek, 13 augustus 2020 DEFINITIEF

Pagina 26

5.2 Aanbevelingen Elektriciteitsverbruik en besparing • Focus: geef aandacht aan het verlagen van het verbruik bij bedrijven en aandacht voor gemeenten die sterk achterlopen op de doelstelling. • Focus: zorg dat de ingezette positieve trends zich voortzetten. • Meetmethode: maak expliciet onderscheid tussen woningen en bedrijven. • Meetmethode: specificeer en analyseer het verbruik en besparing van bedrijven, Maak indien mogelijk onderscheid in verschillende industrieën (vergelijkbaar met ETM). • Meetmethode: specificeer de factor “besparing” door andere factoren die het verbruik beïnvloeden ook te gaan meten of te schatten. Voor zonnestroom achter de meter is dit inmiddels gedaan. Factoren die mogelijk (en waarschijnlijk) effect hebben zijn: economische ontwikkelingen, wijziging in productieprocessen van (grote) bedrijven, bijvoorbeeld van gasgestookt naar duurzame alternatieven, genomen isolerende maatregelen, efficiëntere installaties, nul op de meter woningontwerpen, stookgedrag van bewoners, penetratie van gasvervangers en extra elektriciteitsverbruik door elektrische voertuigen. Gasverbruik en besparing • Focus: geef aandacht aan het stagneren van het verbruik bij woningen en aandacht voor gemeenten die sterk achterlopen op de doelstelling. • Focus: zorg dat de ingezette positieve trends zich voortzetten.

• Meetmethode: maak expliciet onderscheid tussen woningen en bedrijven. • Meetmethode: specificeer de factor “besparing” door andere factoren die het verbruik beïnvloeden ook te gaan meten of te schatten. Factoren die mogelijk (en waarschijnlijk) effect hebben zijn: economische ontwikkelingen, wijziging in productieprocessen van (grote) bedrijven, bijvoorbeeld van gasgestookt naar duurzame alternatieven, genomen isolerende maatregelen, efficiëntere installaties, nul op de meter woningontwerpen, stookgedrag van bewoners, penetratie van gasvervangers. Opwekken elektriciteit • Focus: blijf doorgaan met zon op daken. • Focus: geef aandacht aan zonnevelden, met name bij de achterblijvende gemeenten. • Focus: geef aandacht aan windprojecten. Aardgasvervangers • Herijk de doelstelling, gezien de discussie rondom biomassa en de beperkte beschikbaarheid van biomassa in de Achterhoek. • De warmtetransitie is nu beter in beeld door de Regionale Structuur Warmte (RSW, als onderdeel van de RES) en de Transitie Visie Warmte (TVW, die in 2021 gemaakt gaan worden door gemeenten). Relatie tot RES • Herijk de uitgangspunten en de definities van de UA2016 en sluit hierbij aan bij de landelijke methodiek met ETM. • Neem bij deze herijking duurzame mobiliteit mee.

Rapportage Regionale Energiemonitor Achterhoek, 13 augustus 2020 DEFINITIEF

Pagina 27

Samenvatting belangrijkste cijfers UitvoeringsAgenda 2016 A) totale energieverbruik

2012

aardgas mlj m3

electriciteit aardgas th. Totaal

totaal GWh

GWh

1499 472

B) totale besparing 2030 besparing gasverbruik woningen besparing gasverbruik bedrijven totale besparing gas besparing electriciteit woningen incl. zonnepanelen op woningen besparing electriciteit bedrijven totale besparing electriciteit

65% 43% 54% 20%

-145 -110 -255

-255 -85

21%

-221 -306

C) verbruik na besparing D) totale opwekking wind zon bio totaal opwek

totaal mlj m3

217

-306 1193

2030 881 471 25

125 -125

-1377

E)saldo verbruik

92

-184

F) Extra electriciteit tgv besparing gas

-92

184

0

0

G) Saldo totaal Specificaties F) Gasvebruik Achterhoek besparing woningen besparing bedrijven besparing verbruik gasvervangers resteert extra electriciteit ipv gas Saldo

2012

2030 2030

2030

472 65% 43% 54%

-145 -110 -255

-255 217 -125 factor 92 -92 factor 0

Opm : Gerekend is in aardgasequivalent. Biogas heeft ca 75 % energie inhoud van Nederlands aardgas. factor Biogas/aardgas 1.36 vervanging gas dmv electriciteit : uitgangspunt is dmv warmtepompen met omrekenfactor factor m3 aardgas/kWh 2

G) Electriciteitsverbruik Achterhoek in 2012 besparing electriciteit woningen incl. zonnepanelen op woningen besparing electriciteit bedrijven totale besparing electriciteit verbruik na besparing Opwekking totaal 2030 saldo extra electriciteit tgv vervanging gas Saldo 2030

1499 20%

-85

21%

-221 -306 1193 -1377 -184 184 0

E) specificatie van opwekking in Achterhoek

2030

wind op land zon op daken bedrijven zon op veldopstelling biomassa tbv electriciteit opwek biomassa als gasvervanger biogas als gasvervanger

137 st 958 st. 355 st

18 % dakopp 68 st 37 st

totaal Omrekening aardgas>biogas

13 25 100

881 118 353 25

138 188

1377

Uitgangspunten kwh 1 Aardgas 2 Biogas 3 thermisch 4 electr. 5 biogas Th 7 aardgas th 8 aardgas el

m3

MJ 1 1

1 1 6.5 8.8 3.5

1 1 1

31.7 (Ned laag calorisch) 23.3 ( biogas : 65 % energie methaan 35,8 MJ) 3.6 9 primaire energie, 40 % rendement centrale. (40% x 9 =3,6)

Biogas heeft energieinhoud van 73,6 % van Ned. Aardgas Omrekenfactor Biogas gebruiken voor opwekking KWh electriciteit levert veel minder op dan voor warmte Berekeningen zijn in aardgasequivalent Kilo mega giga tera peta 1 KWh 3.6 MJ 1 GWh 3.6 TJ Aantal inwoners Achterhoek

298,000 gem.

1.36

Factsheet monitor 2020 van gemeente Aalten De doelstellingen onder 1 komen uit de uitvoeringsagenda 2016. De subdoelstelling onder 1a is een samenvatting van deze doelstellingen.

1 Doelstelling voor energieneutraal in 2030 Elektriciteit

2020

2030

%

GWh

%

GWh

Verbruik 2012

100%

110

100%

110

Besparing

7%

7

20%

22

Extra elektriciteit voor verwarming

6%

6

11%

13

Opwekking

38%

42

92%

101

Import elektriciteit

61%

67

-1%

-1

2020

Gas

2030 3

%

mln m

%

mln m3

Verbruik 2012

100%

33

100%

33

Besparing

20%

7

54%

18

Extra gas voor E-verwarming

10%

3

19%

6

Vervanging d.m.v. opwekking biomassa thermisch

2%

1

5%

2

Vervanging d.m.v. opwekking biogas

11%

3

21%

7

Import aardgas

58%

19

0%

0

1a Subdoelstelling voor energieneutraal in 2030 Opgave 2030 t.o.v. verbruik 2012 a

Elektriciteit opwekking

92%

101

GWh

b

Aardgas vervanging*

26%

9

mln m3

c

Elektriciteit besparen

20%

22

GWh

d

Aardgas besparen

54%

18

mln m3

* Aardgas vervanging bestaat uit de productie van biogas en duurzame warmte, uitgedrukt in aardgasequivalenten.

2 Inzet middelen 2020 Inzet in fte’s voor duurzaamheid cq energietransitie

1,2 fte

Budget voor duurzaamheid/energietransitie (exclusief budget duurzaamheidssubsidie en warmtetransitievisie)

€ 210.643,-

Rapportage Regionale Energiemonitor Achterhoek BIJLAGE 2 Verzamelde factsheets gemeenten 13 augustus 2020 DEFINITIEF

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://raad.oude-ijsselstreek.nl/api/v1/meetings/4331/documents/21398