CConstaterende datOude IJsselstreek
Koppel je AI →
Document · PDF

Ontwerp RES 1.0 Achterhoek definitief.pdf

Raadscommissie gecombineerd 12 januari 2026, gemeente Oude IJsselstreekBij agendapunt: 6: RES 2.037.211 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 4 van 5

woningtype in de Achterhoek is de rijwoning (32%) die

online tool, de Warmte Transitie Atlas (WTA). Het is een interactieve

actief benaderd met verschillende energiebespaarcampagnes vanuit

daar qua warmtebehoefte tussenin valt. Er zijn 26%

website met kaarten, graphics en ondersteunende teksten. Kaartlagen

de gemeenten samen met ADV (Achterhoek Duurzaam Verbouwen),

2-onder-1-kapwoningen.

kunnen aan- en uitgezet worden en achterliggende getallen zijn te raad­

het VerduurSaam energieloket, en het huidige Agem Energieloket.

worden over mogelijkheden van regionale infrastructuur.

plegen. In de WTA is veel bruikbare informatie te vinden over “warmte”.

68

Regionale Energiestrategie 1.0 Achterhoek

Figuur 17: Partners in de warmtetransitie

Regionale Energiestrategie (RES) Regio Warmtevraag, aanbod (bronnen en afwegingen)

Regionale Structuur Warmte (RSW)

Warmtevraag en lokale afwegingen

Gemeente Tijdspad van wijken en voorkeursoplossing per wijk

Aanbod en toedeling regionale warmtebronnen

Uitvoering(splan) en besluit wijkinfrastructuur

Warmtebronnen en -oplossingen

Transitievisie Warmte (TVW)

Lessen planvorming en uitvoering

Wijk (gebied)

Onzekerheid neemt af met de tijd

Keuze eerste aardgasvrije wijk(en)

Wijkuitvoeringsplan aardgasvrij

Kennis neemt toe met de tijd

69

Regionale Energiestrategie 1.0 Achterhoek

10.4 Warmtevraag en warmteaanbod in de Achterhoek

afvalwaterzuivering- installaties) en rioolgemalen

oppervlaktewater (TEO) en thermisch energie uit afvalwater

Warmtekaart Achterhoek; inzicht in kansen voor warmtenetten

(TEA / effluent RWZI) en geothermie

Er is voor de RSW een warmtekaart gemaakt. Hierop zijn de kansen

in een WKO (warmte- en koudeopslag), thermische energie uit

Huidige en toekomstige warmtevraag Het totale warmtegebruik van de Achterhoek was in 2017 gelijk aan 15.030 TJ. Het totale aardgasverbruik was toen ongeveer 411 miljoen

10.5 Warmtekansen in de Achterhoek

• Omgevingswarmte -opslag van warmte uit de lucht of water

• Biomassa laagwaardige verbrandbare en vergistbare biomassa

m3 (Klimaatmonitor, 2020). Het meeste aardgas wordt verbruikt in

voor een collectief warmtenet in kaart gebracht. Op de kaart zijn warmteclusters zichtbaar (de roze vlekken), dat zijn plekken met

de gebouwde omgeving (65%), maar ook de industrie neemt een flink

Het overzicht in tabel c geeft een indicatie per broncategorie van de

een relatief hoge warmtevraag. De warmtevraag van het cluster is

deel voor haar rekening (32%). De warmtevraag van de gebouwde

belangrijkste warmtebronnen. Het overzicht is niet uitputtend, de

gekoppeld aan de beschikbare warmtebronnen. De warmtebronnen

omgeving à 267 miljoen m3 wordt voor het overgrote deel (75%)

provinciale warmteatlas geeft dat volledige beeld wel. De lijst laat

zijn op basis van technische mogelijkheden op volgorde gezet.

bepaald door de warmtevraag van woningen. De overige 25% betreft

zien dat het aantal bronnen en de hoeveelheid inzetbare warmte

Hiervoor zijn drie kerncriteria gebruikt: duurzaam, betaalbaar,

de warmtevraag van de commerciële en publieke dienstverlening.

beperkt is in de Achterhoek.

beschikbaar. Dit geeft een eerste indicatieve volgorde van potentiële

Uit de Gelderland Warmteatlas blijkt dat de huidige warmtevraag­

Een belangrijk aandachtspunt bij de inzet van een warmtebron voor

bronnen per warmtecluster.

dichtheid in de Achterhoek over het algemeen vrij laag is. In het

een collectief warmtenet is dat de bron nog lange tijd warmte levert.

Op de kaart is ook aangegeven waar keuzes zijn in de regionale

overgrote deel van de Achterhoek is de warmtevraagdichtheid

Vooral bij restwarmte is dit niet altijd te garanderen

verdeling van de warmtebronnen of regionale infrastructuur (de

<1000 GJ per hectare. Slechts de wat grotere dorpen en steden, zoals Winterswijk en Doetinchem, hebben een iets hogere warmtevraag­ dichtheid van 1000-2000 GJ per hectare. De warmtevraagdichtheid is een belangrijke indicator om te bepalen of er kansen zijn voor

zwarte gestippelde pijlen).

Tabel c: Overzicht van beschikbare warmtebronnen in RES-regio Achterhoek

collectieve warmteoplossingen (warmtenetten) in de regio. Uit de warmteatlas blijkt dat de warmtevraagdichtheid in 2030 iets

Aantal bronnen

Ingeschatte inzetbare warmte (GJ/jaar)

lager is dan in 2019. Dit komt vooral doordat er is gerekend met een beeld blijft echter grotendeels gelijk aan dat van de huidige situatie:

is echter nog nauwelijks onderzocht. De bruikbaarheid van deze aantal factoren zoals de afstand tot de warmtevraag, de warmte­ vraag­dichtheid van het gebied, het type afnemers, het maximale warmtevermogen van de bron, de leveringszekerheid van de warmte,

Industrie

10

265.208

het overgrote deel van de Achterhoek heeft ook in de toekomst een lage warmtevraagdichtheid van <1000 GJ/ha.

warmtebronnen zien. De bruikbaarheid van deze warmtebronnen bronnen voor een warmtenet is sterk afhankelijk van een groot

Categorie

besparing van 12% bij woningen en 40% bij utiliteitsgebouwen. Het

De warmtekaart laat dus per warmtecluster een aantal beschikbare

en het transportverlies. Er is daarom nader onderzoek nodig. Voor de meeste clusters geldt dat de aangegeven beschikbare warmtebronnen individueel ontoereikend zijn om te voorzien in de

TEA

6

1.071.756

warmtevraag van het cluster. Of een combinatie van bronnen (met soms ook verschillende temperaturen) een warmtenet kan voeden,

Warmte-aanbod (potentiële warmtebronnen) In de warmtestudie van Gelderland Warmteatlas zijn de potentiële

TEO

moet ook nog worden onderzocht.

5

2.085.831 Per warmtecluster moeten er uiteindelijk keuzes gemaakt worden

warmtebronnen in de Achterhoek te zien en een inschatting van de inzetbare warmte in GJ/jaar. De volgende bronnen zijn onderzocht:

Biomassa

3

met de betrokken stakeholders en overheden over de toepassing van de bronnen (allocatie). Hierbij wordt niet alleen naar de eigen RES-regio gekeken, maar moet ook RES regiogrens-overstijgende

• Restwarmte uit industriële processen, datacentra, condensatie­ warmte, of het influent van de RWZI/AWZI (riool- en

376.651

Bron: provinciale warmteatlas.

afstemming worden gezocht.

70

Regionale Energiestrategie 1.0 Achterhoek

Regionale Structuur Warmte

Potentiële nieuwe warmtebronnen voor cluster

Warmtekaart Achterhoek, mogelijk toekomstperspectief 2030

(technisch potentieel) Open Bodemenergiesystemen (OBES) (<500m) OBES met TEO

Figuur 18: Warmtekaart van de Achterhoek: vraag en aanbod combineren in zeven warmteclusters

OBES met riothermie (TEA) Ordiepe grothermie (500-1.000m) Conventionele geothermie (1.000-4.000m) Biomassa (verbranding) Restwarmte Restwarmte van RW21 of rioolgemaal (TEA) Ontoereikend Competitie Ontoerijkend + competitie

Legenda Warmtevraag

Clusters potentiële ontwikkeling grote warmtenetten (>1.500 w.e.: kam benadrukt) Clusters potentiële ontwikkeling grote warmtenetten (>1.500 w.e.) Clusters potentiële ontwikkeling kleine warmtenetten (<1.500 w.e.) Warmte-Infrastructuur

Tracé bestaand warmtenet Uitbreiden/verdichten bestaand net Potentiële warmtenet-verbinding Duurzame energieproductie Overig

Restwarmtebron Restwarmte van RWZI en rioolgemalen Restwarmte van afvalenergiecentrale Restwarmte van datacentrum Condenswarmte Warmte beschikbaar in effluent- en rioolleiding (grondwater) Beschermingsgebieden

Regio

Toelichting op totstandkoming Warmtekaart en Disclaimer • Verwachte warmtevraag in 2030 (na besparing en uitbreiding woningbouw, harde plancapaciteit); • Clustering van warmtevraag: daar waar kansen zijn voor warmtenetten vanuit de warmtevraag; • Inventarisatie van technisch mogelijke warmtebronnen; • Koppeling van de warmtebronnen aan de vraagclusters, daar waar grote warmtenetten mogelijk zijn (>1.500 woningen of equivalent daarvan);

• De warmtebronnen zijn gekoppeld aan vraagclusters o.b.v. technische mogelijkheden en op volgorde gezet middels een Multicriteria Analyse met drie kerncriteria (Duurzaam, Betaalbaar & Beschikbaar). Dit geeft een eerste indicatieve volgorde van potentiële bronnen per vraagcluster; • Op de kaart is aangegeven waar keuzes mogelijk zijn in de regionale verdeling van warmtebronnen of regionale infrastructuur. Deze keuzes worden gemaakt bij de uitwerking in de gemeentelijke Transitie Visies Warmte.

71

Regionale Energiestrategie 1.0 Achterhoek

De warmtekaart is een momentopname en zegt nog niet of een

Collectieve warmtekansen in de Achterhoek

uitgewerkt voorbeeld in Bredevoort. Op de volgende pagina een

alternatief warmtesysteem realiseerbaar is. Hij zal waarschijnlijk

De Achterhoek heeft relatief weinig mogelijkheden voor

overzicht.

naar aanleiding van nieuwe inzichten uit voortgaand onderzoek

warmtenetten. Voor veel gebouwen is een individuele oplossing

worden aangepast.

te zoeken. Om de mogelijkheid voor een collectief warmtenet te

Op basis van de warmtekaart kunnen een aantal conclusies worden

warmtevraagdichtheid en anderzijds de beschikbaarheid van

getrokken. Er is een lage warmtevraagdichtheid in de Achterhoek.

warmtebronnen. Indien de warmtevraag en warmtevraagdichtheid

Ook is er een beperkt aanbod van warmtebronnen. Hierdoor zijn er

gekoppeld kunnen worden aan het warmteaanbod is er een kans

niet veel kansen voor grote collectieve warmteoplossingen in de

voor een warmtenet.

Quickscans provincie Gelderland

De Achterhoek kent maar zeven grotere warmteclusters waarbij er

Er zijn op hoofdlijnen drie mogelijkheden:

De provincie Gelderland heeft zo’n 25 quickscans uitgevoerd.

een warmtevraag is van meer dan 1500 w.e. (warmte-eenheden)

• Grote warmtenetten: een bepaalde mate van clustering geeft

De quickscans geven inzicht in de haalbaarheid van een

beoordelen wordt gekeken naar enerzijds de warmtevraag en

Achterhoek.

of 60.000 GJ. Het betreft: Groenlo, Winterswijk, Aalten, Ulft,

mogelijkheden voor warmtenetten. Bij de grote warmtenetten

warmtenet met een bepaalde techniek op een specifieke

Doetinchem, Didam en ’s-Heerenberg. De warmtekaart geeft voor

gaat het over een warmtevraag van minimaal 1500 warmte-

locatie. Deze quickscans zijn echter ook zo gekozen dat de

de zeven grote warmteclusters aan welke warmtebronnen er

eenheden (w.e.) of 60.000 GJ (per ha, p/j).

uitkomsten ook waardevol zijn voor ander vergelijkbare

aanwezig zijn Daarnaast zijn er een twintigtal potentiële kleine warmteclusters (minder dan 1500 w.e.). Er is nader en uitgebreider onderzoek nodig om te bepalen of er een haalbare businesscase voor een warmtenet mogelijk is. Er zijn al

• Kleine warmtenetten: deze kleine warmtenetten of buurtnetten

locaties. Gelderse gemeenten kunnen zo gebruik maken

bestaan uit minder dan 1500 w.e. Deze schaalgrootte is nog niet

van ervaringen op andere plekken. We bouwen samen

uitgewerkt, maar er lijken op lokaal niveau kansen te zijn die

aan kennis over warmtenetten. De quickscans zijn een

nader zullen worden onderzocht.

momentopname en de uitkomsten kunnen in de toekomst

• Individuele oplossingen: bij een lage warmtevraagdichtheid door

veranderen door nieuwe ontwikkelingen. Quickscans geven

een aantal quickscans uitgevoerd in de Achterhoek voor Winterwijk,

de verspreide bebouwing in het landelijke gebied. Hieronder

wel een eerste inzicht in de huidige mogelijkheden voor

Etten-Gaanderen-Terborg en Bredevoort. Deze quickscans geven

vallen de warmtepompen, maar ook een strategie als biogas/

een warmtenet. Er is een notitie gemaakt met de conclusies

een eerste inzicht over de benutting van de warmtebronnen (zie

waterstof waarbij het bestaande gasnet wordt gebruikt, zou

uit de quickscans: ‘De geleerde lessen uit de haalbaarheids­

hiernaast).

kansen kunnen bieden en moet nader worden onderzocht.

onderzoeken naar collectieve warmtevoorzieningen in een aantal Gelderse gemeenten.’ De quickscans zelf zijn ook te

Het is van belang te realiseren dat er ook buiten het huidige beeld

We gaan hieronder in op de kansen voor grote en kleine

kansen bestaan. Bij het schrijven van de Transitievisie Warmte zal

warmtenetten.

er creatief gezocht moeten worden naar oplossingen en is er ook

raadplegen. Het algemene beeld is dat er relatief veel potentie is en dat technisch veel mogelijk is. Maar ook dat op dit moment veel

dat er meer kleinere warmtenetten komen dan wordt aangegeven

Quickscans naar een aantal warmteclusters in de Achterhoek

op de RSW warmtekaart. Ook zal in de TVW veel aandacht zijn

De RES-regio Achterhoek heeft onder de vlag van de provincie

Landelijk beleid kan dit beeld echter snel veranderen. Met

aan voor de individuele oplossingen. Ook zal de TVW elke vijf jaar

Gelderland ook een aantal quickscans uitgevoerd. In de Achterhoek

een hogere gasprijs (niet meer dan anders principe, ACM-

een update krijgen, waardoor nieuwe inzichten verwerkt kunnen

gaat het om studies in Winterwijk, de regio Etten, Gaanderen,

warmteprijs gaat omhoog) en/of nieuw stimuleringsbeleid

worden.

Terborg en een studie naar kleine warmteclusters met een

kunnen sommige businesscases rendabel worden.

ruimte voor afwijkende of innovatieve oplossingen. Het is mogelijk

van de onderzochte systemen financieel nog onhaalbaar zijn.

72

Regionale Energiestrategie 1.0 Achterhoek

Quickscan 1.

Quickscan 2b.

In Winterswijk kan de RWZI warmte leveren voor twee wijken, een zwembad en

Er zijn drie scenario’s bekeken waarbij de RWZI in Etten warmte kan leveren voor wijken in Gaanderen,

mogelijk het ziekenhuis. Er zijn in de studie verschillende scenario’s onderzocht.

Terborg en Etten (in verschillende combinaties). Het gaat om een warmtenet waarbij warmte van de

Overal is de warmtevraag groter dan het aanbod. Er is uitgegaan een warmtenet

afvalwaterzuivering gebruikt wordt voor een warmtenet in combinatie met een warmtepomp. Een WKO is

met een warmtepomp, en eventueel een WKO. In alle scenario’s is er sprake van

niet nodig. In alle scenario’s is de warmtevraag groter dan het aanbod en is er sprake van bijverwarming met

bijverwarming met een gasketel voor de pieklast.

een gasketel voor de pieklast.

De conclusie is dat de RWZI voldoende aquathermie-potentie heeft, het

De conclusie is dat de RWZI voldoende aquathermie-potentie heeft, het systeemtechnisch haalbaar is en

systeemtechnisch haalbaar is en voldoet aan de duurzaamheideisen. Financieel

voldoet aan de duurzaamheideisen. Optimale inzet van de restwarmte verdient nog verdere aandacht.

geven alle scenario’s ook een positief beeld. Nader onderzoek voor een warmtenet

Financieel geven alle scenario’s relatief positief beeld, er is maar een klein tekort. Er nader onderzoek nodig

is dan ook zinvol.

om de kostprijs naar beneden te krijgen.

Quickscan 2a.

Quickscan 3.

Er zijn twee scenario’s bekeken waarbij de Oude IJssel warmte kan leveren

Op de Warmtekaart Achterhoek zijn ook kleine warmteclusters aangegeven (lichtblauwe vlekken). Er is een

voor een wijk in Gaanderen of Etten. Het gaat om een warmtenet waarbij het

lijst gemaakt voor de kleine warmteclusters. De warmtebonnen zijn in kaart gebracht. De potentie van de

oppervlaktewater in de Oude IJssel gebruikt wordt in combinatie met een

kleine warmteclusters is bekeken. Het gaat in het algemeen over warmte voor enkele honderden huizen. Het

warmtepomp, en een WKO.

cluster in Bredevoort is nader bekeken. De mogelijkheden voor een warmtenet met warmte uit de Slinge (TEO)

De conclusie is dat de rivier voldoende aquathermie-potentie heeft, het systeem

is onderzocht. Voor de piekbelasting is gekeken naar de mogelijkheden voor lokaal biogas, naast de reguliere

is technisch haalbaar en voldoet aan de duurzaamheideisen. De financiële

oplossing met aardgas.

Winterswijk. TEA

Gaanderen, Etten. TEO

Gaanderen, Etten, Terborg. TEA

Kleine warmte­clusters en Bredevoort. TEO

haalbaarheid is op dit moment nog zeer uitdagend. Er is een groot tekort.

73

Regionale Energiestrategie 1.0 Achterhoek

Collectieve warmtekansen op de grens met andere RES-regio’s Aan de randen van de RES-regio’s bevinden zich warmtebronnen waar

RES-grens Achterhoek en Arnhem-Nijmegen: AVR in Duiven en RWZI Nieuwgraaf

verschillende regio’s aanspraak op zouden kunnen maken. Het is zaak hierover

In de gemeente Duiven zijn twee belangrijke warmtebronnen aanwezig; de AVR Afvalverwerking BV en

in overleg te gaan met de buurregio’s. Dit betreft de RES-regio’s Arnhem-

de rioolwaterzuivering Nieuwgraaf. Deze bronnen zijn interessant voor de RES-regio Arnhem Nijmegen

Nijmegen, de Cleantech Regio en Twente. Met RES-regio Arnhem-Nijmegen

(bijvoorbeeld voor de kernen Duiven, Westervoort, Zevenaar, Arnhem, Velp) maar ook voor de RES-regio

delen we twee warmtebronnen (de RWZI in Olburgen, AVR in Duiven) en met

Achterhoek (vooral voor de kern Didam).

RES-regio Cleantech één (Friesland Campina in Borculo). Met de

De AVR heeft veel industriële restwarmte, maar een belangrijk deel is al gecontracteerd. Er is een

RES-regio Twente delen we geen warmtebronnen. In alle gevallen is er al

overleg gestart met de verschillende stakeholders over de nog niet gecontracteerde warmte. Partijen

overleg tussen de verschillende partijen over de aanwending van de warmte.

die deelnemen aan het overleg zijn o.a. de AVR, WRIJ, 1Stroom, en verschillende gemeenten. Er zijn al verschillende onderzoeken gedaan naar de aanwending van de warmte, maar er is nog geen besluit over de bestemming.

RES-grens Achterhoek en Arnhem-Nijmegen: RWZI in Olburgen Vanuit de rioolwaterzuivering Olburgen is restwarmte beschikbaar (TEA: thermische energie uit Afvalwater). Olburgen ligt in de gemeente Bronckhorst, RES-regio Achterhoek. Deze warmte kan lokaal worden benut, maar ook in de RES-regio Arnhem Nijmegen. Het lijkt voor de hand liggend, vanwege de IJssel als natuurlijk barrière, dat deze warmte in de RES Achterhoek blijft. De gemeente Bronckhorst bekijkt in de op te stellen warmtevisie deze mogelijkheden. Mocht deze restwarmte niet in de gemeente worden benut, dan zal worden gekeken of de restwarmte kan worden aangeboden en benut in Dieren en/ of Doesburg (beiden RES regio Arnhem Nijmegen).

RES-grens Achterhoek en Cleantech: Friesland Campina Bij Friesland Campina in Lochem en Borculo (gemeente Berkelland) is veel restwarmte beschikbaar. Er loopt een apart traject rond de vraag hoe deze restwarmte zo goed mogelijk kan worden gebruikt. De partijen die deelnemen in dit traject zijn Friesland Campina, het Waterschap Rijn en IJssel en de

Regionale warmtemogelijkheden

gemeenten Berkelland, Lochem en Zutphen.

Bovenregionale warmtemogelijkheden

74

Regionale Energiestrategie 1.0 Achterhoek

10.6 Strategie: in stappen naar aardgasvrij

woningvoorraad het noodzakelijk is woningen te isoleren en

woning om deze vergaand te isoleren (naar een hoog isolatieniveau)

geschikt te maken voor de laatste stap naar aardgasvrij.

en van de mogelijkheid om als wijk naar een collectief systeem over

‘Aardgasvrij ready’ en ‘no-regret’-maatregelen

te stappen. Er zijn voorlopig niet veel collectieve warmtebronnen in

Wijken kunnen in één keer aardgasvrij gemaakt worden. Het proces

Mogelijke tussenstap; een hydride warmtepomp

de Achterhoek. In veel gevallen zal de eindoplossing een all-electric

is echter complex en de kosten zijn hiervoor vaak nog hoog. Er

Een veel genoemde tussenstap naar aardgasvrij is het toepassen

variant zijn. Denk hierbij aan warmtepompen en een lage

wordt steeds meer geopteerd om wijken stap voor stap aardgasvrij

van een hybride warmtepomp; dat is een combinatie van

temperatuur verwarming (zoals vloerverwarming).

te maken. Wijken worden eerst ‘aardgasvrij-ready’ gemaakt en gaan

een warmtepomp en een gasketel. De woning wordt met de

pas in een later stadium echt van het aardgas af. In de laatste fase

warmtepomp (dus elektrisch) verwarmd, maar voor de piekbelasting

wordt de stap naar geheel aardgasvrij gemaakt.

en voor het warm tapwater wordt nog steeds aardgas gebruikt.

Termen die veel gebruikt worden zijn het ‘aardgasvrij-ready’ maken

Het is bij het toepassen van een hybride warmtepomp nog niet

van woningen en van het nemen van ‘no-regret’-maatregelen.

nodig om het huis geheel aan te passen op een lage temperatuur

Beide termen zijn belangrijk, maar het ook lastig te definiëren. Ze

verwarming. Met zo’n hybride systeem kan er in combinatie met

verschillen per wijk, per woning en het is ook afhankelijk van de

isolatiemaatregelen gemiddeld ca. 70% aardgas worden bespaard bij

gekozen eindoplossing. Beide termen worden door elkaar gebruik,

een woning. Het elektriciteitsverbruik gaat wel omhoog.

ze hebben met elkaar te maken maar zijn niet hetzelfde. Zo kan

warmtevraag is altijd goed).

4 isolatieniveaus: 1. Woningen met slechte of onvoldoende isolatie.

bij ‘no-regret’ financieel gekeken worden (worden de maatregelen terugverdiend?) of milieutechnisch (isoleren en beperken

Op basis van bouwjaar is de bestaande Achterhoekse woning­voorraad grofweg in te delen in

a. Benodigde (aanvoer)temperatuur: ca. 90°C (hoog).

Maatwerk

b. Woningen met bouwjaar <1975. 2. Woningen met een minimumisolatieniveau. a. Benodigde (aanvoer) temperatuur: 70°C (midden).

Eerste stap; meest voorkomende ‘no regret’maatregelen

Bij het adviseren en stimuleren van de inwoners is

Er wordt in de eerste fase een begin gemaakt met de

warmtebron, als vervanger van het aardgas. In de

a. Benodigde (aanvoer)temperatuur: 40-70°C (laag-midden).

warmtetransitie door de warmtevraag te beperken en maatregelen

Transitievisies Warmte wordt hierop ingegaan. In

b. Woningen met bouwjaar 1990-2005.

te nemen die zichzelf terugverdienen. Elke woning is anders en

de wijkuitvoeringsplannen komt hierover pas meer

4. Woningen met een hoog isolatieniveau.

de te nemen maatregelen verschillen daardoor ook, maar het gaat

duidelijkheid. Pas dan kan de eigenaar van een gebouw dan

a. Benodigde (aanvoer)temperatuur: 40°C (laag).

doorgaans om goed isoleren, overstappen op elektrisch koken

goed anticiperen bij het treffen van isolatiemaatregelen.

b. Woningen met bouwjaar >2005.

het belangrijk rekening te houden met de toekomstige

b. Woningen met bouwjaar 1975-1990. 3. Woningen met een basisisolatieniveau

en het leggen van zonnepanelen. In deze eerste stap kan het energieverbruik al fors worden teruggebracht. Deze maatregelen worden gezien als ‘no-regret’- maatregelen. Ze verlagen het energieverbruik, verhogen het comfort en verdienen zich

De laatste stap; aardgasvrij

doorgaans terug.

Wijken of gebouwen die ‘aardgasvrij-ready’ zijn kunnen later de

Kansen voor de toekomst: andere warmteopties voor de Achterhoek

In de Achterhoek is deze stap in veel gevallen belangrijk

stap naar geheel aardgasvrij nemen. Het toekomstperspectief naar

Er zijn een aantal warmtebronnen die in de toekomst een rol

om de laatste stap naar aardgasvrij te maken. Veel nieuwe

volledig aardgasvrij kan nog zowel een all-electric-oplossing, een

kunnen gaan spelen in de Achterhoekse wamtetransitie. Op dit

warmtetechnieken werken op lage- of middentemperatuur

warmtenet of andere vormen van warmtevoorziening zijn. Te

moment is nog niet duidelijk of en in welke mate dat daadwerkelijk

(40-70°C), waardoor het voor een groot deel van de Achterhoekse

maken keuzes zijn ook afhankelijk van de geschiktheid van de

gaat gebeuren. In volgende versies van de RSW zal hier steeds

75

Regionale Energiestrategie 1.0 Achterhoek

meer duidelijkheid over ontstaan. Het is belangrijk dat bij elke

Houtige biomassa

Waterstof

warmtebron naast de opwekking gekeken moet worden naar

Houtige biomassa werd tot voor kort als een duurzame energiebron

De aarde herbergt geen grote voorraden waterstof. Om aan de

het transport en de afnamemogelijkheden van de warmte. We

gezien wanneer het voldeed aan de wettelijke eisen opgesteld door

brandstof te komen, moet deze eerst worden gemaakt. Waterstof

behandelen hier enkele opties. Groen gas, houtige biomassa,

het Rijk. Er is nu echter ook veel discussie of het verbranden van

wordt gemaakt door middel van elektrolyse: water met elektriciteit

waterstof, geothermie en zonthermie.

houtige biomassa wel een duurzame oplossing is.

gaat uiteen in waterstof en zuurstof. Daarmee is waterstof dus geen

De oorsprong van biomassa is van belang. Het minst schadelijk (of

energiebron, maar een energiedrager. Wanneer de elektriciteit voor

Groen gas

het meest duurzaam) is biomassa afkomstig uit snoeihout (geen

de elektrolyse duurzaam wordt opgewekt (elektriciteit uit wind en

Biogas wordt geproduceerd door vergisting van organische

primaire kap) en afvalstromen die lokaal/regionaal worden ingezet

zon e.d.) is waterstof een groene energiebron. Waterstof wordt veel

stoffen. De Achterhoek huisvest veel landbouwhuisdieren en

met minimale transportafstand. Naast de bron is de wijze van

genoemd als oplossing in de energietransitie. Met waterstof kunnen

heeft daarom veel mest en dat biedt kansen. Groen gas is biogas

toepassen belangrijk. Biomassa kan daar worden ingezet, waar

hoge temperaturen worden bereikt. Het gebruik van waterstof wordt

dat is opgewaardeerd naar aardgaskwaliteit. Groen gas lijkt een

er geen ander duurzaam alternatief voorhanden is of het kosten­

in Nederland dan ook vooral gezien als een oplossing voor de zware

zeer gunstig alternatief omdat het toegepast kan worden in het

verschil tussen biomassa en alternatief heel groot is. Biomassa dient

industrie en zwaar transport (met een brandstofcel).

huidige gasnet. Die infrastructuur bestaat al. Nadelen zijn dat

dan te worden gezien als een transitiebron.

Waterstof voor verwarming in de gebouwde omgeving is ook

het opwaarderen van biogas naar groengas kostbaar is en dat de

De RES 1.0 voor de achterhoek zet niet in op collectieve biomassa­

mogelijk en heeft enkele voordelen: zo zijn er relatief weinig ingrepen

productie nog zeer beperkt is. Daarnaast wil Nederland overstappen

centrales. Het inzetten van biomassa als warmtebron voor

nodig aan een woning en kunnen de bestaande gasleidingen, met

naar een kringlooplandbouw om te kunnen voldoen aan het

bijvoorbeeld de piekbelasting kan een tijdelijke oplossing zijn. Dit is

wat aanpassingen, worden gebruikt. De veelvoorkomende gedachte

Klimaatakkoord. Dit betekent dat de veestapel zal afnemen en er

afhankelijk van de situatie.

is dat aardgas eenvoudig wordt vervangen door waterstofgas.

minder mest beschikbaar komt voor vergisting.

Toch kleven er knelpunten aan deze warmteoptie. Het gebruik van waterstof in de gebouwde omgeving is energetisch gezien verre van

De toekomstige vraag naar groen gas als alternatief voor aardgas

rendabel (zie kader). Daarnaast is er momenteel nog nauwelijks

in de industrie, transport en de gebouwde omgeving is vele malen

groene waterstof voorhanden. Om op grote schaal waterstof te

groter dan het aanbod. Bij het gebruik van groen gas kunnen hoge

gebruiken als warmtebron voor de bebouwde omgeving is veel

temperaturen worden bereikt, en daarom wordt het vooral gezien als

duurzame elektriciteit nodig. Dat betekent dat er meer zonnevelden

een oplossing voor de zware industrie en zwaar transport. Groen gas

en windmolens dan bij andere warmteoplossingen nodig zijn.

als alternatief voor aardgas in de gebouwde omgeving is dan ook

Een groot voordeel van waterstof is dat het kan worden benut

een sluitstuk.

als opslag van energie. Over het etmaal is zonne-energie en windenergie niet altijd beschikbaar. Door met zon en wind extra

Groen gas wordt doorgaans ingevoed in het landelijke aardgas­

elektrische energie te genereren zou dat met elektrolyse kunnen

netwerk. Het is daarmee ook niet beschikbaar voor een lokaal

worden omgezet in waterstof. Waterstof zou dan kunnen worden

warmtenet. Het groen gas zal landelijk worden verdeeld en ingezet

ingezet in zon- en windloze perioden. De RES 1.0 voor de Achterhoek

worden op plaatsen waar geen andere (betaalbare alternatieven)

stuurt niet op de productie van waterstof in de Achterhoek. Dat sluit

voorhanden zijn.

niet uit dat de technische vooruitgang ten aanzien van waterstof na 2030 een ander beeld kan opleveren.

76

Regionale Energiestrategie 1.0 Achterhoek

Het rendement van waterstof in de gebouwde omgeving

Voor de gehele Achterhoek is de technische en economische

(PVe). Er zijn ook systemen in opkomst die PVe en PVt combineren.

potentie van geothermie nu dus nog onbekend. Om toch een

Zonthermie kan ook op daken worden toegepast. Een bekende

indicatie te hebben van de potentie is er in 2020 een geologische

toepassing van zonthermie op een dak is de zonneboiler bij

bureaustudie uitgevoerd in opdracht van de provincie Gelderland:

woningen. Over een grootschalige collectieve toepassing van

“Geothermie in Oost Gelderland, IF Technology, 14 april 2020”. Alle

zonthermie is nog niet veel bekend. Er wordt onderzoek gedaan naar

beschikbare informatie is op een rijtje gezet om zo de kansen voor

de potentie en toepassing van zonthermie in de Gelderland. In de

geothermie in Oost Nederland in te schatten. De studie geeft een

RSW 2.0 zal hierop worden teruggekomen.

indicatie van mogelijk winbare warmte in de Achterhoek van: 0,01 GJ/m3. Dat is het laagste van Nederland. De meest geschikte delen van Nederland scoren hier 1,01 GJ/m2.

Het produceren van groene waterstof kost veel elektriciteit

Aandachtspunten voor “warmte” Gebruik aardgas in de transitieperiode We gaan niet in één keer van het aardgas af, maar in fasen. Aardgas

en gaat gepaard met forse energieverliezen (ca 25% bij

De voorlopige conclusie is dat geothermie in de Achterhoek

zal in de transitieperiode nog worden gebruikt. Wel zal het gebruik

elektrolyse). Groene elektriciteit kan energetisch gezien

zeer weinig kansen biedt. De kans dat er een goede geothermie

van aardgas steeds meer afnemen. Bij wijken die eerst aardgasvrij-

veel efficiënter direct worden ingezet om woningen te

warmtebron is in de Achterhoek is erg laag. De resultaten van

ready worden gemaakt is er nog sprake van aardgasverbruik. Ook

verwarmen met een warmtepomp, zonder waterstof

aanvullend seismisch onderzoek kunnen andere inzichten

bij collectieve warmtenetten wordt soms nog aardgas ingezet voor

als tussenstap. Vergeleken met verwarmen met een

opleveren, maar het is vanwege de lage potentie niet de verwachting

de piekbelasting. In de onderzochte warmtenetten in de quickscans

warmtepomp, is voor het verwarmen van een goed

dat de komende jaren proefboringen in de Achterhoek plaatsvinden.

wordt in sommige gevallen voor de piekbelasting gebruik gemaakt

geïsoleerde woning met waterstof al snel vier keer zoveel

Daarnaast is geothermie vooral geschikt voor plaatsen met een

van een tweede warmtebron. Op dit moment is aardgas nog

groene stroom nodig.

grote warmtevraagdichtheid. Als er een bruikbare bron is komt er

een logische en goedkope bron. Het gebruik van aardgas is een

immers erg veel warmte vrij. Deze warmte moet dan ook kunnen

voorlopige oplossing. Uiteindelijk zal dit vervangen moeten worden

worden afgezet. In de Achterhoek is geen sprake van een grote

door een andere duurzame warmtebron.

warmtevraagdichtheid.

Toename elektriciteitsvraag Geothermie

Zonthermie (PVt)

Het is duidelijk dat er voor het vervangen van het aardgas

Van een groot gedeelte van Nederland is niet bekend hoe de

Een nieuwe ontwikkeling die wordt meegenomen in de volgende

in de Achterhoek veel warmteoplossingen zijn waarvoor

ondergrond eruitziet in relatie tot de mogelijkheden voor geothermie.

versies van de RSW is de toepassing van zonthermie (PVt). Bij

elektriciteit nodig is. Dit heeft consequenties. De toename van

De Achterhoek is ook één van de gebieden waar nu nog weinig

zonthermie wordt zonnewarmte niet omgezet in elektriciteit maar

de elektriciteitsvraag heeft zijn weerslag op het netwerk en er

bekend is over de ondergrond, zoals de aanwezigheid en ligging van

in warm water, waarmee huizen en woonwijken verwarmd kunnen

moet samen met de netbeheerder tijdig op deze ontwikkeling

de watervoerende aardlagen (aquifers). Energie Beheer Nederland

worden. Omdat de warmte-opwek bij collectieve zonthermie hoofd­

worden geanticipeerd. Als de gemeenten eind 2021 de eerste versie

(EBN) gaat in de loop van de komende jaren deze ‘witte’ gebieden,

zakelijk plaatsvindt in de zomer wordt de warmte opgeslagen in de

van de Transitievisies Warmte opgeleverd hebben is de globale

waaronder de Achterhoek, in kaart brengen. Dit gebeurt in het

bodem (seizoensopslag van warmte d.m.v. een WKO). Warmte wordt

bronnenstrategie duidelijker. De netbeheerder kan op basis van

zogeheten SCAN-project (Seismische Campagne Aardwarmte

dus in de zomer opgeslagen in de grond en in de winter gebruikt.

de TVW de hoeveelheid elektriciteit die nodig is inschatten en

Nederland).

Zonthermie heeft een ruimtelijke component als het grondgebonden

de impact op het elektriciteitsnet doorrekenen. Hierbij is ook de

wordt toegepast. Het kan in concurrentie zijn met zonnepanelen

ontwikkeling in lokale opslag van elektriciteit van belang.

77

Regionale Energiestrategie 1.0 Achterhoek

Juridische en financiële onzekerheden Vooruitlopend op een aardgasvrije gebouwde omgeving is op 1 juli 2018 de gasaansluitplicht voor nieuwbouwwoningen afgeschaft. De wettelijke kaders voor de transitie naar een duurzame, aardgasvrije bestaande gebouwde omgeving zijn echter nog volop in ontwikkeling. Over de richting is nog veel onduidelijkheid. Zo moet er in de Warmtewet 2 (Wet Collectieve Warmtevoorziening) duidelijkheid komen over de eigendomsverhoudingen rondom warmtenetten, warmtecoöperaties en de regierol van de gemeenten. Ook de Omgevingswet brengt op het gebied van de energietransitie grote wijzigingen met betrekking tot betrokkenheid en visievorming. Deze ontwikkelingen brengen onzekerheden met zich mee. Deze nog niet ingevulde wettelijke randvoorwaarden maken de transitie extra complex. De financiële consequenties van de warmtetransitie voor Nederland als geheel en de eindgebruiker zijn nog niet helder. Hoe de warmtetransitie betaald gaat worden, zal de komende jaren duidelijker moeten worden.

Bronvermeldingen • Geothermie in Oost-Gelderland, geologische bureaustudie Oost-Gelderland en Eerbeek-Loenen, IF Technology, 14 april 2020 • Quickscan studies Gelderland, Geleerde lessen – wat is de haalbaarheid van collectieve warmte oplossingen, RoyalHaskoningDHV, 5 maart 2020, Margit Heine inclusies in de bijlage de quickscans en overige studies) • Bron: Woonmonitor • Bron: Klimaatmonitor • Bron: Portal Gelderland Warmteatlas Gemeente Aalten

78

Regionale Energiestrategie 1.0 Achterhoek

11 Participatie en communicatie

Gemeente Aalten

79

Regionale Energiestrategie 1.0 Achterhoek

11.1 Informatievoorziening en dialoog

windturbines en hun voorkeuren voor het ruimtegebruik daarvoor. In het tekstkader staan de diverse bijeenkomsten vermeld die in de

De inhoud van deze RES 1.0 is mede gebaseerd op de resultaten

fase van opstelling van de RES 1.0 zijn georganiseerd.

van uiteenlopende informatiebijeenkomsten en dialoogsessies. In deze bijeenkomsten is de energietransitie op het niveau van de Achterhoek, dus als regio, aan de orde gesteld. Hiervoor is enerzijds gekozen omdat lokale (inwoners)participatie reeds heeft plaatsgevonden bij de gemeenten voor het opstellen van hun

Bijeenkomsten tijdens opstelling RES 1.0

beleidskaders duurzame energie in relatie tot ruimtelijke ordening. En anderzijds omdat er regionale (dus gemeentegrensoverstijgende) opgaven liggen voor de RES 1.0. Dat de participatie op regionaal niveau is georganiseerd, is in lijn met de bestuurlijke wens. Er is niet gesproken over individuele, lopende projecten of initiatieven: het gesprek daarover gaat tussen de individuele gemeenten en hun inwoners en initiatiefnemers.

• 26 augustus 2020: Meedenksessie koppelkansen professionele belanghebbenden • 14 oktober 2020: Online informatiebijeenkomst wind- en zonne-energie voor inwoners • 26 november 2020: Online themasessie landschap, landbouw en natuur (belanghebbenden op gebied van natuur, landschap en landbouw)

Verdeeld over de opstelling van de concept-RES en deze RES 1.0 is

• 10 december 2020: Online themasessie landschap,

hiermee een beeld verkregen van de kennis van stakeholders over

landbouw en natuur (belanghebbenden op gebied van natuur,

de energietransitie, hun beelden van nut en noodzaak van regionale

landschap en landbouw)

opwekking van duurzame energie met behulp van zonnepanelen en

• 12 december 2020: Online themasessie landschap, landbouw en natuur (belanghebbenden op gebied van natuur, landschap en landbouw) • 15 december 2020: Online themasessies landschap, landbouw en natuur (belanghebbenden op gebied van natuur, landschap en landbouw) • 25 november 2020: Online bijeenkomst volksvertegenwoordigers • 30 november 2020: Online bijeenkomst volksvertegenwoordigers • 14 januari 2021: Online sessie kansen duurzame energie met

• 10 februari 2021: Online dialoogsessie voor inwoners Achterhoek • 11 februari 2021: Online dialoogsessie voor inwoners Achterhoek • 16 februari 2021: Webinar systeem efficiëntie voor volksvertegenwoordigers • 18 februari 2021: Webinar systeem efficiëntie voor volksvertegenwoordigers • 1 maart tot 21 maart 2021: Grootschalige online peiling met het instrument Swipocratie • 16 maart 2021: Online dialoogsessie voor stakeholders en inwoners Achterhoek • 23 maart 2021: Online dialoogsessie voor stakeholders en inwoners Achterhoek • 24 maart 2021: Online informatiebijeenkomst voor volksvertegenwoordigers • 25 maart 2021: Online informatiebijeenkomst voor volksvertegenwoordigers • 19 mei 2021: Werksessie 50% lokaal eigendom • 19 mei 2021: Dialoogsessies voor volksvertegenwoordigers • 20 mei 2021: Dialoogsessies voor volksvertegenwoordigers

zon en wind Achterhoek (professionele belanghebbenden)

Verslagen en notulen van alle bijeenkomsten op www.res-achterhoek.nl

80

Regionale Energiestrategie 1.0 Achterhoek

Gezien de periode waarbinnen deze bijeenkomsten werden gepland,

opbrengsten over de denkrichtingen van deelnemers aan de sessies

enkele grootste gemene delers te onderkennen, zoals de voorkeur

gedurende het hoogtepunt van de COVID-19-pandemie, zijn de

in lijn is met de beleving van willekeurige inwoners. De Swipocratie

voor productie van duurzame energie met zonnepanelen op daken.

bijeenkomsten vrijwel alle online georganiseerd.

is mede ingezet om bewustwording en betrokkenheid te creëren bij de energietransitie en de RES.

zijn inhoudelijke thema’s besproken zoals landbouw, natuur en landschap, leefomgeving, en is op regionaal niveau gesproken over hoe de Achterhoek als geheel is in te zetten voor de opwekking van duurzame energie. Waar is ruimte voor windturbines, waar

Het doorlopen proces richting RES 1.0

wens hun mening kenbaar te maken over al lopende projecten voor windturbines of zonneparken. Het voorkomen van deze projecten, of andere soortgelijke projecten, is een veel geuite wens. Het algemene beeld daarbij is tevens dat met name tegenstanders van die projecten deelnamen aan de bijeenkomsten; een gevolg van het

voor zonneparken? Gaat de voorkeur van belanghebbenden uit naar concentratie van windturbines binnen enkele zoekgebieden

Inwoners die zich met veel belangstelling hebben gestort op deelname aan de dialoogsessies blijken veelal gedreven door de

In verschillende samenstellingen en vertegenwoordigingen

11.2 Visies, meningen, opinies

gegeven dat de Achterhoek al zeer actief is waar het gaat om het realiseren van de productie van duurzame energie.

of heeft men de voorkeur voor een meer verspreide opstelling van windturbines? Gaat de voorkeur uit naar windturbines of

Uit de peiling van de visies, meningen en opinies van organisaties

naar zonneparken? Of heeft men geen voorkeur en wil men geen

en inwoners komt een diffuus beeld naar voren. De professionele

Duidelijk is dat er zorg is over aantasting van het Achterhoekse

verandering in de bestaande leefomgeving?

(belangen)organisaties dragen argumenten aan die richting geven

landschap en de kwaliteit van de leefomgeving door concrete

Het aansnijden van deze onderwerpen heeft geleid tot levendige

aan keuzes rond zoekgebieden voor windturbines of zonneparken

projectinitiatieven. Ook werd duidelijk dat discussie hierover op

discussies. Dit geheel in lijn met de uitgebreide berichtgeving over

of een voorkeur voor de ene productiemethode boven de andere.

regionaal niveau weinig bijdraagt aan het wegnemen van deze

de energietransitie in de media. Het onderwerp leeft.

Daaruit komt geen eenduidig, gestoken beeld naar voren hoe en waar

zorg. De beoordeling van concrete projecten is een zaak van de

windturbines en/of zonneparken een plek kunnen krijgen. Wel zijn

individuele gemeenten.

Speciale aandacht is geschonken aan het bereiken van jongeren. Hoe denken zij over de productie van duurzame energie, een productie die hun toekomst immers mede beïnvloedt. Om dit na te gaan is de projectorganisatie RES Achterhoek opgetrokken met Jong RES Achterhoek. In een online peiling, onder de aandacht gebracht via verschillende kanalen van de RES Achterhoek, de RES-partners (gemeenten, provincie Gelderland en waterschap Rijn en IJssel) is de mogelijkheid gegeven de mening kenbaar te maken. De online peiling is ook via een Facebookcampagne onder de aandacht gebracht, Via deze peiling, de Swipocratie, konden ook jongeren hun mening op een laagdrempelige, snelle en makkelijke manier laten weten over duurzame energie. En dan met name over windmolens en zonnepanelen. Het doel hiervan was om te toetsen of de opgehaalde

81

Regionale Energiestrategie 1.0 Achterhoek

Proces RES 1.0 Achterhoek – stappen en participatie Klimaatakkoord Parijs

49% minder CO2-uitstoot t.o.v. 1990

Klimaatakkoord Nederland

Energieneutraal: 95% minder CO2-uitstoot t.o.v. 1990

>>>>

1990

2015

2019

2020

2021

1 juni: Concept RES

1 juli: RES 1.0

Oktober: RES 1.0 Achterhoek

2023

2025

2030

RES 2.0

Vergunningen winden zonparken

2050

Uitwerken en opleveren RES 1.0 In 5 stappen

1

Participatie

Bepalen en beoordelen uitgangssituatie

2

• Concept-RES • Analyse • duurzaamheid/RODE-beleid gemeenten • Analyse koppelkansen

Opstellen en verkennen alternatieven

3

Bepalen ruimtelijke keuze

4

• Ruimte • Energiemix zon/wind

Opstellen RES 1.0 en besluitvorming colleges

• Netwerkimpactanalyse

Bestuurlijk

Maatschappelijk

Augustus 2020

(Belangen)organisaties (Professionele belanghebbenden)

Oktober 2021

26-08-2020: meedenksessie koppelkansen

Inwoners

14-10-2020: online informatiebijeenkomst

Jongeren

31-10-2020: kick-off JongRES Achterhoek

Volks­ vertegenwoordigers

Bestuurders

5 Besluitvorming volks­ vertegenwoordigers

26-11/08-12/15-12: online themasessies landschap, landbouw en natuur

16-03-2021: online atelier

14-01-2021: online verkenningssessie

10-02 en 11-02 2021: online dialoogsessie 1

Voorjaar 2021: inwonerspeiling

23-03 2021: online dialoogsessie 2

Voorjaar 2021: jongerenpeiling Diverse (online)activiteiten

25-11 en 30-11-2020: online informatiebijeenkomsten 16-02 en 18-02-2021: webinar systeemefficiency netwerk

24-03 en 25-03-2021: online dialoogsessie

Diverse (online)activiteiten

19-05 en 20-05-2021: online dialoogsessie

augustus - oktober 2021: besluitvorming RES 1.0 per gemeente

De acht Achterhoekse gemeenten, provincie Gelderland en Waterschap Rijn en IJssel zijn gezamenlijk eigenaar van de RES Achterhoek en bestuurlijk verantwoordelijk voor hoe en waar duurzame energie wordt opgewekt. Ze hebben ook zitting in de stuurgroep RES Achterhoek die door de uitvoerende projectorganisatie periodiek wordt geïnformeerd over de voortgang. Waar nodig stuurt de stuurgroep het proces bij.

82

Regionale Energiestrategie 1.0 Achterhoek

Indienen RES 1.0

Hoe denken inwoners over het opwekken van duurzame energie in de Achterhoek? Dit vinden inwoners van duurzame energie in de regio 68%

59%

Maakt zich zorgen over klimaatverandering

Vindt kernenergie een goede manier om energie op te wekken

71% Wil graag samenwerken aan duurzaamheid met buurtgenoten

74% Vindt het belangrijk dat in de Achterhoek duurzame energie wordt opgewekt

76%

Jongeren Vinden het iets acceptabeler dat het landschap verandert door windmolens en zonnepanelen.

79%

Wil in de buurt best een accu voor energieopslag

Vindt dat het wel een verschil maakt of ze mee kunnen praten over de locatiekeuze van zon en wind

Als inwoners kiezen...

86%

Liever 170 daken vol met zonnepanelen of 1 plek ter grootte van een voetbalveld met zonnepanelen?

14%

65%

Inwoners en duurzaamheid in hun huis

41%

35%

Onder de 35 jaar vindt het acceptabel

Boven de 35 jaar vindt het acceptabel

Liever 1 grote windmolen (200m) of 300 kleine windmolens (21m)

35%

Wil zijn huis graag energiezuiniger maken

88%

Vindt dat de Achterhoek onderzoek moet doen naar warmte uit andere bronnen

85%

Heeft een koophuis

84%

Kan ook koken zonder gas

77%

Maakt zich zorgen over de kosten om zijn huis energiezuinger te maken

63%

Denkt dat alle huizen in de regio gemakkelijk verwarmd kunnen worden met een elektrische warmtepomp

32%

Voorkeuren inwoners waar duurzame energie opgewekt kan worden Windmolens

31%

83%

35%

Liever 30 voetbalvelden vol met zonnepanelen of 1 grote windmolen (200m)

Zonnevelden liever vertoppen met een heg of juist laten zien?

WEL of GEEN zonnepanelen?

68%

17%

65%

56%

57%

62%

Liever 1 grote windmolen (200m) of 3 kleine windmolens (120m)

Liever windmolens in onbewoond gebied zodat jij ze niet ziet of juist (financieel) profiteren van windmolens in de buurt.

Liever alles in één groot gebied of verdeeld over meerdere kleine gebieden?

Zonnepanelen

Langs de grote wegen

71%

Op bedrijfsdaken

95%

Op een bedrijventerrein

66%

Langs de grote wegen

78%

Passen in het Achterhoekse landschap

32%

Gecombineerd met landbouw

64%

In een weiland

30%

Op water

46%

In de natuur

17%

Gecombineerd met natuur/recreatie

39%

In een weiland

26%

In de natuur

26%

45%

43%

38%

Dit zijn inwoners bereid om te veranderen 3258 personen gaven tussen 1 en 21 maart 2021 hun mening over de opwek van duurzame energie in de Achterhoek via de het instrument Swipocratie. De reden van deze grootschalige online peiling was om een grotere groep Achterhoekers op een laagdrempelige en snelle manier te betrekken bij de energietransitie en de Regionale Energiestrategie (RES). De resultaten worden verwerkt in de RES, een plan waarin gemeenten, provincie en het waterschap beschrijven hoe er in de Achterhoek duurzame energie opgewekt kan worden met zon en wind en welk type gebieden daar geschikt voor zijn. Meer op www.res-achterhoek.nl.

Wat wel?

86%

Minder kopen en spullen langer gebruiken

79%

Een trui aantrekken

Vakantie met de trein in plaats van het vliegtuig

66%

83

Wat niet?

23%

Een auto dlen in plaats van je eigen auto bezitten

Regionale Energiestrategie 1.0 Achterhoek

11.3 Begrip, acceptatie, draagvlak

draagvlak voor windturbines of zonneparken. Waar inwoners

respecteren om zo goed mogelijk in te spelen op de sentimenten

initiatieven in hun nabije leefomgeving vermoeden of waar deze

van omwonenden. Het voorkomen van slagschaduw kan zo’n

daadwerkelijk aan de orde zijn is draagvlak zeker niet evident.

randvoorwaarde zijn.

Achterhoek verder vorm kan krijgen en hen hierover te informeren,

Werken aan draagvlak is daarom de grote uitdaging tijdens de fase

Een ander onderwerp van gesprek is het eerlijk verdelen van de

is gewerkt aan begrip voor de noodzaak van de energietransitie

waarin meer initiatieven realiteit moeten gaan worden; de fase op

lusten en lasten van de opwekking van duurzame energie. Hoe

en daarmee ook voor de huidige de RES 1.0. Bij het overgrote deel

weg naar de RES 2.0. In deze fase is het van belang om op lokaal

wordt zeker gesteld dat ook omwonenden in de revenuen van

van de deelnemers aan de bijeenkomsten staat op het netvlies dat

niveau, rond concrete projecten in gesprek te gaan. Een gesprek

energieopwekking kunnen delen? Energiecorporaties kunnen

klimaatverandering een reëel vraagstuk is waar de maatschappij

tussen direct betrokken inwoners en organisaties, initiatiefnemers

bij deze ontwikkeling in financiële participatie een belangrijke

een antwoord op moet gaan bieden. Ook is duidelijk geworden

van energieprojecten, energiecorporaties en de gemeenten op

verbindende schakel zijn tussen initiatiefnemers (als ze dat al niet

dat veel inwoners individuele bijdragen willen leveren door

wiens grondgebied de initiatieven zich bevinden. In dit gesprek,

(volledig) zelf zijn) en omwonenden. Het ideaalbeeld hierbij is dat

energiebesparende maatregelen te nemen in en om hun woning of

met de juiste stakeholders aan tafel, is de vraag aan de orde hoe

financiële participatie niet wordt beschouwd als omkoping, maar dat

door aanpassing van het eigen gedrag.

een initiatief ruimtelijk vorm kan krijgen, welke inrichting van

participanten trots zijn of worden op hun bijdrage aan het tegengaan

Deze houding en begrip voor de noodzaak van het aanpakken van

een gebied op zo min mogelijk bewaren van betrokken inwoners

van de klimaatverandering.

de klimaatverandering vertaalt zich echter niet per se in een breed

stuit. Tevens is dan aan de orde welke randvoorwaarden zijn te

Door zoveel mogelijk belanghebbenden de mogelijkheid te bieden hun opinies te geven over hoe de energietransitie in de

NP RES

84

Regionale Energiestrategie 1.0 Achterhoek

12 Hoe verder?

NP RES

85

Regionale Energiestrategie 1.0 Achterhoek

12.1 Naar een RES 2.0 en verder

12.2 Verdere participatie

niet dusdanig ‘dichtgetimmerd’ dat nu in detail is vastgelegd waar precies hoeveel windturbines of zonneparken komen. Dit wordt op

De voorliggende RES 1.0 markeert een tussenstap in de energie­

Bij de opstelling van deze RES 1.0 is veelvuldig het gesprek

gemeentelijke niveau nader bepaald met de direct betrokken. Dit

transitie in de Achterhoek. Het document toont de haalbaarheid aan

aangegaan met organisaties en inwoners in de Achterhoek. De

gesprek wordt dan gevoerd over concrete initiatieven met onder

van het bod voor de productie van duurzame energie door zoek­

resultaten van dit overleg zijn zo goed en zo kwaad als het mogelijk

meer de bijbehorende inpassingsvraagstukken en verdeling van

gebieden te duiden waarbinnen productie van duurzame energie

is in de RES 1.0 verwerkt. Duidelijk is geworden dat er uiteenlopende

lusten en lasten. De strekking van de Omgevingswet met betrekking

met windturbines of zonneparken mogelijk is. Omdat de ruimte

belangen bestaan, zodat het niet mogelijk is om iedereen ter wille te

tot participatie van belanghebbenden zal richtinggevend zijn voor

in de Achterhoek een hoger productieniveau toelaat, kunnen de

zijn. Duidelijk werd ook, dat in een situatie waarin al gemeentelijk

het participatieproces.

gemeenten in het vervolgtraject in een nader besluit­vormingsproces

beleid voor de productie van duurzame energie bestaat, en er diverse

bepalen welke van de zoekgebieden voor windturbines en

projectinitiatieven bestaan in verschillende stadia van ontwikkeling,

zonneparken daadwerkelijk worden benut, mocht een afwijking ten

het voor belanghebbenden niet altijd helder is welke invloed van de

aanzien van de zoekgebieden in deze RES 1.0 noodzakelijk blijken.

regionaal georiënteerde RES uitgaat op bestaand beleid en lopende

12.3 Programmatische regionale aanpak

projectinitiatieven. Hierdoor werd het reageren op concrete, lopende

De uitvoering van deze RES 1.0 betreft een diversiteit aan

Deze nadere besluitvorming zal veelal plaatsvinden in het kader

projectinitiatieven regelmatig ingebracht in het gesprek over de RES

activiteiten. Het gaat onder meer om:

van de opstelling van gemeentelijke omgevingsvisies. Door de

1.0. Dit leidde geregeld tot teleurstellingen bij gesprekspartners.

• Nader milieu-onderzoek en ander onderzoek voor de uitwerking

nemen in die omgevingsvisies wordt de ruimtelijke doorwerking

Met de vaststelling van de RES 1.0 is het gesprek met belang­

• De opname van de inhoud in ruimtelijke plannen;

van de RES 1.0 geborgd en komt ook een juridische doorwerking van

hebbenden bij zonne-energie- en windenergieprojecten echter niet

• Het uitwerken en uitvoeren van het plan van aanpak zon op dak;

de RES 1.0 tot stand.

voorbij, integendeel. De koers voor de regionale energiestrategie is

• Het uitwerken en uitvoeren van het plan van aanpak lokaal

daadwerkelijk te benutten zoekgebieden uit deze RES 1.0 op te

van projectvoorstellen voor wind- en zonne-energie;

eigendom; • De programmering en kwaliteitsimpuls van zonneprojecten op land; • De daarmee verband houdende tweede netwerkimpactstudie uit te voeren door Liander waarmee wordt gestuurd op zekerstelling van en tijdige en kostenefficiënte duurzame energieproductie. De gecoördineerde uitvoering van deze activiteiten vergt een programmatische aanpak waarmee een regionale harmonisatie van uitvoering wordt gewaarborgd, daar waar dit wenselijk is om de uitvoering van deze RES 1.0 tot een succes te maken.

86

Regionale Energiestrategie 1.0 Achterhoek

Begrippenlijst Agrarische transitie – Ontwikkeling waarin grootschalige,

NP RES – Het Nationaal Programma Regionale

Stakeholders – Stakeholders (Engels voor ‘belanghebbenden’) zijn

intensieve land- en tuinbouw met veel milieu-impact plaatsmaakt

Energiestratrategiëen – Het NP RES geeft de regio’s de opdracht voor

personen en organisaties die een direct belang hebben bij de inhoud

voor een meer duurzame vorm van land- en tuinbouw.

het maken van een RES en ondersteunt de regio’s bij het maken ervan.

van de RES en daarnaast vanuit inhoudelijk expertise een bijdrage

Akkoord van Groenlo – In 2009 sloten de Achterhoekse gemeenten,

Regionale Structuur Warmte (RSW) – De Regionale Structuur­

Waterschap Rijn en IJssel en maatschappelijke organisaties een

Warmte is een onderdeel van de RES. In de RSW wordt op regionale

akkoord om de Achterhoek te verduurzamen. In 2013 werd opnieuw

schaal in kaart gebracht welke potentie er is voor gebruik van

Terawattuur (TWh) – Eenheid van arbeid of elektrische energie,

een akkoord gesloten waarin de doelstelling werd opgenomen om in

(rest)warmtebronnen. Ook worden hierin op regionale schaal

gelijk aan 1.000.000.000.000 wattuur, weergegeven met symbool TWh.

2030 energieneutraal te zijn.

afspraken gemaakt, bijvoorbeeld over een nieuw te ontwikkelen

aan de RES kunnen leveren. Denk hierbij aan belangenorganisaties,

bovengemeentelijke warmte-infrastructuur.

Transitievisie Warmte (TVW) – Gemeenten zijn de regisseurs van de warmtetransitie voor de gebouwde omgeving. Voor eind 2021

Energieneutraal – Een situatie waarin minimaal evenveel duurzame energie in een gebied wordt opgewekt als dat er wordt verbruikt.

vertegenwoordigers van natuurorganisaties en grootgrondbezitters.

Regionale Uitvoeringsagenda Achterhoek (RUA) – Een

moeten zij een Transitievisie Warmte (TvW) gereed hebben. Hierin

afsprakenkader, in 2016 opgesteld door de acht Achterhoekse

staan voorstellen voor duurzaam aardgasvrij verwarmen en koken.

Financiële participatie – De mogelijkheid voor lokale bewoners en

gemeenten en Agem, waarin is berekend op welke wijze de

bedrijven om gezamenlijk eigenaar worden van (een gedeelte van)

Achterhoek in 2030 energieneutraal kan zijn.

Uitnodigingsplanologie – Een manier van ruimtelijke ordening waarin de overheid geen specifieke plekken aanwijst waarin zij een

een windturbine of zonnepark. Restwarmte – Warmte die vrijkomt bij industriële processen die kan

ontwikkeling wenst, maar ruimtelijke kaders geeft en de initiatieven

worden benut voor het verwarmen van huizen en kantoren.

uit de samenleving laat komen.

CO2-uitstoot te reduceren, ten opzichte van 1990. Het GEA is een

RODE-beleid – Het Ruimtelijke Ordening en Duurzame Energie

VAB-locaties – Vrijkomende Agrarische Bebouwing. Dit zijn plekken

initiatief van de provincie Gelderland.

(RODE) beleid van de Achterhoekse gemeenten die zij in 2018, 2019

waar een boerenbedrijf verdwijnt en er kansen ontstaan op de

en 2020 hebben opgesteld. Dit beleid geeft ruimtelijke kaders mee

plekken die ‘vrij’ komen.

Gelders Energie Akkoord (GEA) – Een samenwerkingsverband van overheid, onderwijs en ondernemers met de doelstelling om 55%

Klimaatakkoord – Een akkoord tussen overheden, (coalities

aan initiatieven voor opwek van duurzame energie.

van) instellingen, ngo’s, bedrijven en koepelorganisaties over

Zoekgebieden – Gebieden waarin kansen zijn voor opwekking van

terugdringen van de CO2-uitstoot. Het Klimaatakkoord is in juni

duurzame energie, vanwege van hun ligging, fysieke kenmerken en

2019 gepresenteerd en bevat meer dan meer dan 600 afspraken.

mogelijkheden om er maatschappelijke kansen te benutten.

87

Regionale Energiestrategie 1.0 Achterhoek

Colofon Partners RES Achterhoek

Stuurgroep RES Achterhoek

Meer informatie en contact

De RES 1.0 is een product van en opgesteld door de gemeenten

Hierin zit, naast de portefeuillehouders van gemeenten,

www.res-achterhoek.nl

Aalten, Berkelland, Bronckhorst, Doetinchem, Montferland, Oost

provincie en waterschap, een delegatie van stakeholders, zoals

info@resachterhoek

Gelre, Oude IJsselstreek en Winterswijk, Provincie Gelderland,

woningcorporaties, energiecoöperaties, onderwijs, overheid en

Waterschap Rijn en IJssel en netbeheerder Liander. Deze partners

ondernemers. Zij denken mee en geven hun advies en signalen door

stemmen met elkaar en hun stakeholders de inhoud van de RES

ten behoeve van de opstelling en uitvoering van de RES.

af. Bestuurlijk trekker van de RES Achterhoek is Frans Langeveld, wethouder Duurzaamheid in Doetinchem. De partners worden

Bestuurlijk overleg duurzaamheid

gefaciliteerd, geadviseerd en begeleid door een projectorganisatie.

Op bestuurlijk niveau hebben alle wethouders duurzaamheid, aangevuld met wethouders ruimtelijke ordening, de gedeputeerde

Projectorganisatie

van provincie Gelderland en een DB-lid van het Waterschap Rijn en

De RES 1.0 is geproduceerd door een projectgroep bestaande

IJssel de productie van de RES 1.0 begeleid.

uit de programmaleider, de projectsecretaris, projectleiders ruimte en elektriciteit en een communicatieadviseur. Zij zijn

Bijlagen

frequent bijgestaan door vertegenwoordigers van de provincie

Aan deze RES liggen een aantal onderzoeken, studies en discussies

Gelderland, Waterschap Rijn en IJssel, netbeheerder Liander

ten grondslag. De rapportages hiervan zijn beschikbaar via

en duurzaamheidscoördinatoren van gemeenten al dan niet

www.res-achterhoek.nl

deelnemend in de projectgroep ‘Elektriciteit’ en ‘Ruimte’ die de productie van de RES 1.0 hebben ondersteund.

Foto’s NP RES Branko de Lang

Duurzaamheidscoördinatoren (Duco’s) gemeenten Deze groep heeft inhoudelijke inbreng op ambtelijk niveau

Overige foto’s

gegeven aan de productie van de RES 1.0. Met enige regelmaat zijn

Partners RES Achterhoek

medewerkers ruimtelijke ordening van gemeenten betrokken.

88

Regionale Energiestrategie 1.0 Achterhoek

Bijlage 1: Totaaloverzicht zoekgebieden Deze bijlage geeft de zoekgebieden voor windturbines weer die ten

De planologische en beleidsmatige aandachtspunten omvatten

behoeve van de RES 1.0 zijn onderzocht. De zoekgebieden zijn in drie

onderwerpen die de exacte invulling van zoekgebieden beïnvloeden en die

categorieën verdeeld:

nader onderzoek vereisen naar het concrete gebruik en inrichting van de

1. Clusteropstellingen van meerdere grote (5,5 MW) turbines;

betreffende zoekgebieden.

2. Kleinere opstellingen met kleinere turbines (3,5 MW) bij bedrijventerreinen; 3. Kleinere opstellingen met kleinere turbines (3,5 MW) in het buitengebied.

Bij de beoordeling van de kwaliteit van zoekgebieden zijn de criteria hinder, ruimtegebruik, visuele dominantie en impact op natuur en cultuurhistorie betrokken. De beoordeling is uitgedrukt in de overall score afweging milieucriteria. Deze beoordeling is indicatief. De beoordeling is met sterren

De kolommen in de tabellen geven van links naar rechts aan:

weergegeven. Gebieden met drie sterren hebben de hoogste potentie, de

• Het globale zoekgebied dat is onderzocht;

gebieden met één ster de minste.

• Planologische en beleidsmatige aandachtspunten die de daadwerkelijke benutting van het gebied beïnvloeden; • Het aantal turbines dat rekening houdend met de doorwerking

Alle potentiële zoekgebieden voor clusters zijn op basis van hun relatieve kwaliteit onderling vergeleken; ‘voldoende’, ‘goed’ en ‘zeer goed’. Een goede

van de bovenvermelde aandachtspunten zouden kunnen worden

score betekent daarbij dat er veel energie kan worden opgewekt met zo min

geplaatst;

mogelijk milieuhinder.

• De hoeveelheid windenergie die binnen het zoekgebieden dan zou kunnen worden geproduceerd; • De beoordeling van de zoekgebieden.

Een goede score betekent nog niets over de uiteindelijke haalbaarheid of uitvoerbaarheid van windprojecten. Bij nadere uitwerking (en detaillering) zal altijd moeten blijken in hoeverre windprojecten verenigbaar kunnen zijn met andere belangen, beleidsdoelen en (planologische) wet- en regelgeving.

89

Regionale Energiestrategie 1.0 Achterhoek

Categorie 1: Clusteropstellingen windturbines Zoekgebied

Beleidsmatige aandachtspunten

Grensgebied Montferland – Oude IJsselstreek

Het vigerend RODE-beleid biedt ruimte voor de helft

Gebied rond Oude IJssel tussen Doetinchem en Doesburg

Gedeeltelijk beschermingsgebied wespendief

van het cluster

Turbines van 5,5 MW

Opwekcapaciteit in TWh

8-15

0,154 – 0,289

6-12

0,116 – 0,231

4-8

0,077 – 0,134

4-8

0,077 – 0,134

5-8

0,096 – 0,134

4-6

0,077 – 0,116

4-6

0,077 – 0,116

3-6

0,058 – 0,116

Overall score afweging milieucriteria

8 km zone, deels Groene ontwikkelzone (GO), deels Gelders Natuurnetwerk (GNN), deels in Natuurschoonwetlandgoederen, direct gelegen aan beschermd stads- of dorpsgezicht

Gebied rondom de Groote beek (gem. Bronckhorst)

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://raad.oude-ijsselstreek.nl/api/v1/meetings/5090/documents/32857