Nota zienswijzen en ambtshalve wijzigingen (geanonimiseerd).pdf
Tekst van het document
Nota zienswijzen en ambtshalve wijzigingen – Bestemmingsplan “Woongebied Rivierduinen, voormalige Buizenfabriek Silvolde"
21
Sluipverkeer Het plangebied kent geen doorgaande verbinding voor gemotoriseerd verkeer van de Berkenlaan naar de Prins Bernhardstraat. Alleen voetgangers en fietsers kunnen in de toekomstige situatie gebruik maken van de paden in het plangebied. Daarmee komt er weliswaar een mogelijkheid het gebied lopend of fietsend te doorkruisen, waar dit voorheen afgesloten was. Echter ontstaat er door de aanleg van paden door het gebied geen nieuwe verbinding die een aantrekkelijk alternatief voor (sluip)verkeer vormt ten opzichte van de bestaande wegen in de directe omgeving van het plangebied. In één van de zienswijze wordt aangegeven dat er als gevolg van de realisatie van woningen sluipverkeer in de Prins Willem Alexanderstraat te verwachten. Hoewel gemeente begrip heeft voor de door inspreker geuite zorgen ten aanzien van extra verkeersoverlast in de Prins Willem Alexanderstraat, worden deze niet gedeeld. De Prins Willem Alexanderstraat heeft een bochtig en smal wegprofiel Deze route ligt niet direct voor de hand om te nemen, aangezien de Molenweg aantrekkelijker is voor doorgaand verkeer en deze nauwelijks op grotere afstand ligt ten opzichte van de Prins Willem Alexanderstraat. Derhalve mag verwacht worden dat er geen sprake zal zijn van (sluip)verkeer in de omliggende straten.
Conclusie en voorstel 1.6, 1.7, 2.4, 2.5, 2.9, 3.4, 3.7, 3.9, 4.4, 4.5, 4.6, 5.2, 6.5, 6.8, 6.12, 7.3, 8.5, 8.6, 9.5, 9.7, 10.5, 10.8, 12.6, 12.9, 13.4 Deze zienswijzen geven geen aanleiding het bestemmingsplan gewijzigd vast te stellen.
Nota zienswijzen en ambtshalve wijzigingen – Bestemmingsplan “Woongebied Rivierduinen, voormalige Buizenfabriek Silvolde"
22
3.1.7 Onderhoud en beheer openbare ruimte In de zienswijzen zijn bezwaren geuit ten aanzien van het onderhoud en beheer van de openbare ruimte in het plangebied. Ook de inzameling van het afval en situering van de centrale ondergrondse containers komt in verschillende zienswijzen terug. Hoewel deze opmerkingen niet direct ruimtelijk relevant zijn, hecht de gemeente er aan om in te gaan op de wijze waarop hierover afspraken gemaakt zijn met initiatiefnemer. De zorg die insprekers uiten is begrijpelijk, aangezien de openbare ruimte en afvalinzameling voor omwonenden direct zichtbaar zijn. Onderhoud en beheer openbare ruimte Een belangrijk kenmerk van het plan is de mandeligheid waarin de Vereniging van Eigenaren (VvE) in het kader van onderhoud en beheer een cruciale rol vervult. Zo is er sprake van een groen hart, hobbyruimte en centrale ondergrondse afvalcontainers. Het onderhoud van gemeenschappelijke ruimten waaronder het groen, op te nemen binnen de VvE is in Nederland een werkwijze die steeds meer wordt toegepast. Hiermee wordt ondermeer de verbondenheid van bewoners met haar directe omgeving gestimuleerd. Het is in het belang van de eigen bewoners dat de buitenruimte er aantrekkelijk uitziet en wordt onderhouden. De VvE zal hierop toezien. Het onderhoud kan door de VvE aan een extern bedrijf worden uitbesteed of zelfstandig worden opgepakt met de bewoners.
Tussen gemeente en initiatiefnemer zijn hierover in een anterieure overeenkomst afspraken gemaakt, waarmee borging van het onderhoud vastligt. Situering afvalcontainers De gemeente heeft kennis genomen van het punt van zorg rondom de centrale ondergrondse afvalcontainers. Wat betreft de afvalinzameling wordt een contract aangegaan met derden. De containers zijn straks alleen te gebruiken met een toegangspas. Tot slot is het goed te op te merken dat de exacte situering van de afvalcontainers nog niet vaststaat De situering van de locatie van afvalcontainers is niet aangeduid op de verbeelding. Gekeken wordt naar welke positie tot de minste (mogelijke) overlast voor omwonenden leidt. Uiteraard moet de definitieve locatie wel goed bereikbaar zijn met een vrachtauto in verband met lediging van de containers. De suggestie die in enkele zienswijzen wordt gedaan om deze in het groene hart te situeren is niet haalbaar aangezien deze locatie niet bereikbaar is met een vrachtauto. Conclusie en voorstel 3.8, 5.3, 6.6, 7.2, 7.4, 12.10, 11.1, 13.1 Deze zienswijzen geven geen aanleiding het bestemmingsplan gewijzigd vast te stellen.
Nota zienswijzen en ambtshalve wijzigingen – Bestemmingsplan “Woongebied Rivierduinen, voormalige Buizenfabriek Silvolde"
23
3.2 Beantwoording specifieke punten zienswijzen Hieronder wordt nader ingegaan op de specifieke punten van de desbetreffende zienswijze. Dit aanvullend op de eerdere thematische beantwoording. 3.2.1 – zienswijze 1.8 De verkeersregels in Nederland gelden, op basis van art.1 van de Wegenverkeerswet 1994, op alle ‘voor het openbaar verkeer openstaande wegen’. Dit is onafhankelijk van de vraag wie de eigenaar of de wegbeheerder is. Alleen wanneer een weg in feitelijke zin niet openbaar toegankelijk is, is het geen voor het openbaar verkeer openstaande weg en gelden de verkeersregels niet. In dit plan worden de wegen in het plangebied voor al het verkeer opengesteld. Daarmee zijn de Wegenverkeerswet 1994 en het bijbehorende uitvoeringsbesluit Reglement verkeersregels en verkeerstekens 1990 van toepassing en is het college van B&W bevoegd om verkeersmaatregelen in te stellen door middel van een verkeersbesluit. Conclusie en voorstel Deze zienswijze geeft geen aanleiding het bestemmingsplan gewijzigd vast te stellen 3.2.2 – zienswijze 6.2 De gemeente betreurt het gevoel van teleurstelling bij indiener, maar herkent zich hier niet in. Vanuit initiatiefnemer is gedurende het proces veelvuldig gecommuniceerd met zowel buurtbewoners als belanghebbenden. Suggesties vanuit de omgeving zijn serieus overwogen en waar mogelijk ook gehonoreerd.
Een voorbeeld hiervan is het terugbrengen van de bouwhoogte van het appartementencomplex. Aanvankelijk was het de gedachte een appartementencomplex met vier bouwlagen te realiseren. Door kritiek vanuit de omgeving is dit teruggebracht tot drie bouwlagen en zijn deze op grotere afstand van de woningen aan de Berkenlaan gesitueerd. Ook zijn individuele gesprekken met direct omwonenden gevoerd en afspraken gemaakt om extra groenbeplanting aan te leggen. Daarnaast heeft initiatiefnemer met een aantal eigenaren van woningen die grenzen aan de ontwikkellocatie afspraken gemaakt over een grenscorrectie, waardoor de tuinen van betreffende eigenaren worden vergroot. Hiermee is medewerking verleend aan verzoeken van de betreffende omwonenden. Conclusie en voorstel Deze zienswijze geeft aanleiding het bestemmingsplan gewijzigd vast te stellen. Voor de volledigheid is in de toelichting onder paragraaf 6.4 aandacht besteed aan het communicatietraject. Ook is een overzicht opgenomen in bijlage 14 bij het bestemmingsplan van alle communicatiemomenten. Dit overzicht is tevens als bijlage 2 bij deze nota opgenomen. 3.2.3 – zienswijze 6.4 Naar aanleiding van de zienswijze en individuele afspraken met indiener wordt tegemoet gekomen aan de wens van indiener om de afstand tussen het bouwvlak en perceelgrens te vergroten. Het bouwvlak wordt plaatselijk opgeschoven richting het groene hart.
De afstand tussen het perceel van indiener en het bouwvlak wordt daarmee vergroot van 13,6 meter in het ontwerpbestemmingsplan naar 16,4 meter in het bestemmingsplan. Opgemerkt wordt overigens dat de huidige bebouwing dichterbij gelegen is (10,5 meter). Conclusie en voorstel Deze zienswijze geeft aanleiding het bestemmingsplan gewijzigd vast te stellen. De grotere afstand tussen het bouwvlak en perceelgrens is in de verbeelding aangepast. De exacte afmetingen van de
Nota zienswijzen en ambtshalve wijzigingen – Bestemmingsplan “Woongebied Rivierduinen, voormalige Buizenfabriek Silvolde"
24
perceelgrenzen ten opzichte van huidige bebouwing en het nieuwe bouwvlak zijn eveneens weergegeven in bijlage 1 van deze nota. 3.2.4 – zienswijze 6.11 Hoewel dit punt niet direct ruimtelijk relevant is in het kader van het bestemmingsplan kan de gemeente melden dat de verantwoordelijkheid voor het onderhoud van de mandelige gronden in het plangebied ligt bij de VvE. Iedere individuele bewoner is hiervoor aan de VvE een verplichte (jaarlijkse) bijdrage verschuldigd. Van deze bijdrage wordt onder andere het onderhoud aan de tuinen en mandelige gronden en infrastructuur bekostigd. Conclusie en voorstel Deze zienswijze geeft geen aanleiding het bestemmingsplan gewijzigd vast te stellen. 3.2.5 – zienswijzen 7.5 en 9.8 Hoewel de gemeente de vrees voor waardevermindering begrijpt is dit geen argument om een ontwikkeling geen doorgang te laten vinden. Hiervoor heeft de wetgever een ander wettelijke regeling opgenomen. Op het moment dat indiener van mening is dat hij/zij als gevolg van de ontwikkeling schade ondervindt kan conform artikel 6.1 van de Wet ruimtelijke ordening een beroep worden gedaan op tegemoetkoming in planschade. Hiervoor wordt ook verwezen op de gemeentelijke planschadeverordening. Het indienen van planschadeclaim kan tot vijf jaar na het onherroepelijk worden van het bestemmingsplan.
Ter afdekking van dit risico is de gemeente met de ontwikkelende partij een overeenkomst aangegaan. Conclusie en voorstel Deze zienswijzen geven geen aanleiding het bestemmingsplan gewijzigd vast te stellen. 3.2.6 – zienswijze 9.3 Indiener geeft aan dat in de huidige situatie tot 8,5 meter gebouwd kan worden gezien de criteria in het Omgevingsrecht. Gemeente kan deze redeneerlijn niet volgen aangezien binnen het huidig bestemmingsplan een bouwhoogte van 10 meter is toegestaan. De gemeente kan een eventuele vergunning hiervoor niet zondermeer weigeren op door inspreker aangehaalde gronden. Daarbij heeft de nu voorliggende procedure betrekking op een nieuw plan waarbij medewerking wordt verleend aan nieuwbouw met een maximale bouwhoogte van 10 meter. Daarbij wordt opgemerkt dat de gemeente van mening is dat de bouwhoogte van 10 meter aanvaardbaar is in deze omgeving. Dit is nader toegelicht bij de thematische beantwoording in paragraaf 3.1.1. Conclusie en voorstel Deze zienswijze geeft geen aanleiding het bestemmingsplan gewijzigd vast te stellen. 3.2.7 – zienswijze 9.4 Hoewel voor het bestemmingsplan de verlichting niet direct ruimtelijk relevant is, wordt toch ingegaan op dit punt. Initiatiefnemer heeft aangegeven dat de verlichting op de locatie minimaal zal zijn en getracht zal worden met slimme verlichting een veilige omgeving te creëren.
Vanuit duurzaamheidsperspectief wordt waar mogelijk gewerkt met verlichting met bewegingssensoren waarbij verlichting alleen aangaat als er iemand langs loopt. Daarnaast zal de verlichting specifiek gericht zijn op hetgeen daadwerkelijk verlicht dient te worden. Inschijning richting de tuinen van de omliggende woningen wordt zoveel mogelijk voorkomen.
Nota zienswijzen en ambtshalve wijzigingen – Bestemmingsplan “Woongebied Rivierduinen, voormalige Buizenfabriek Silvolde"
25
Conclusie en voorstel Deze zienswijze geeft geen aanleiding het bestemmingsplan gewijzigd vast te stellen. 3.2.8 – zienswijze 9.6 Hoewel dit punt niet relevant is in het kader van het bestemmingsplan, gaat de gemeente hier toch op in. Indien een erfafscheiding op de erfgrens staat is dit gemeenschappelijk eigendom. Dit heeft als voordeel dat wijzigingen aan de erfafscheiding alleen in onderlinge afstemming kunnen worden uitgevoerd. Vanuit initiatiefnemer zijn gesprekken gevoerd met individuele buurtbewoners over erfgrens correctie. Bij de uitwerking van de plannen kwam men tot de ontdekking dat op diverse plaatsen de terreinafscheiding in de vorm van hekken, beplanting en bebouwing afweek van de officiële kadastrale grens. Het terrein krijgt in de toekomst een andere eigenaar en daarom is gekozen voorafgaand aan een overdracht hierover met buurtbewoners in gesprek te gaan over erfgrens, correctie en wijze van invulling door om diverse plaatsen nieuw hekwerk te plaatsen, deze te voorzien van groen en bomen te plaatsen. De erfafscheiding die op de erfgrens staat wordt door beide partijen onderhouden. Normaliter betekent dit dat ieder de eigen zijde bijhoudt. Hierover worden in de individuele, nog te sluiten overeenkomsten, afspraken gemaakt. Conclusie en voorstel Deze zienswijze geeft geen aanleiding het bestemmingsplan gewijzigd vast te stellen.
3.2.9 – zienswijze 10.2 De gemeente stelt zich op het standpunt dat de beoogde wijziging van de huidige bestemming ‘bedrijf’, naar een bestemming ‘wonen’ een positieve invloed op het woon- en leefklimaat heeft. Dat het door indiener in de afgelopen jaren als ‘stille industrie’ wordt ervaren begrijpt de gemeente, hieraan kan echter geen doorslaggevende betekenis worden toegekend. Uitgaande van de bij rechte toegestane maximale planologische invulling van het huidige bestemmingsplan is een vergelijk met een actief bedrijvencomplex waar volop gewerkt en geproduceerd wordt beter op zijn plaats. Conclusie en voorstel Deze zienswijze geeft geen aanleiding het bestemmingsplan gewijzigd vast te stellen. 3.2.10 – zienswijze 11.2 De gemeente heeft begrip voor de zorg die indiener uitspreekt. Hoewel niet relevant in het kader van het bestemmingsplan wordt door initiatiefnemer bekeken welke maatregelen kunnen worden getroffen om inbraak tot een minimum te beperken. Het door indiener geuite punt van zorg wordt zodoende in de verdere planuitwerking meegenomen. Conclusie en voorstel Deze zienswijze geeft geen aanleiding het bestemmingsplan gewijzigd vast te stellen. 3.2.11 – zienswijze 11.3 en 13.5 Het Bouwbesluit kent de verplichting om bij elke woning bergruimte te realiseren, hiermee is in het bestemmingsplan rekening gehouden.
Volgens het Bouwbesluit bedraagt de oppervlakte van een buitenberging minimaal 5 m2, met een breedte van minimaal 1,8 meter en een inwendige hoogte van ten minste 2,3 meter. De gehanteerde maximale bouwhoogte van maximaal 3 meter voor de bergingen zoals vastgelegd in artikel 4.2.1, lid b onder 1 geven, gezien de afstand tot de perceelgrens, naar verwachting geen vermindering van de lichtinval op het terras. Er is nu sprake van een groene erfafscheiding, welke gezien vanaf de zijde van het plangebied circa 2 meter hoog is. Deze blijft
Nota zienswijzen en ambtshalve wijzigingen – Bestemmingsplan “Woongebied Rivierduinen, voormalige Buizenfabriek Silvolde"
26
gehandhaafd. Bij de positionering van de bergingen wordt, waar mogelijk, rekening gehouden met aansluitende terrassen en bebouwing van de direct aanwonenden Conclusie en voorstel Deze zienswijzen geven geen aanleiding het bestemmingsplan gewijzigd vast te stellen. 3.2.12 – zienswijze 12.1 De gemeente heeft het voorstel van indiener om de woningen te verlagen in overweging genomen en met initiatiefnemer besproken. De flexibiliteit die met deze 8 meter gecreëerd wordt, is noodzakelijk aangezien de exacte ontwerpen nog niet gereed zijn. Een maximale bouwhoogte van 8 meter impliceert dat er maximaal twee bouwlagen mogelijk zijn. Daarbij is gemeente van mening dat deze hoogte goed aansluit bij het dorpse karakter en de directe omgeving zoals ook toegelicht in paragraaf 3.1.1 van deze nota. De bouwhoogte van 8 meter lager dan de nu toegestane bouwhoogte. Ook bij de woningen aan de Prins Willem Alexanderstraat is een maximale bebouwingshoogte van 10 meter toegestaan in het huidig bestemmingsplan. Daarbij loopt het plangebied richting Prins Willem Alexanderstraat omhoog waardoor een maximale hoogte van 8 meter lager oogt dan de aangrenzende woningen. De woningen worden op met een afstand van meer dan 15 meter op ruime afstand van de perceelgrens gesitueerd. Een bouwhoogte van 8 meter is daarmee passend in de omgeving.
Conclusie en voorstel Deze zienswijze geeft geen aanleiding het bestemmingsplan gewijzigd vast te stellen. 3.2.13 – zienswijze 12.3 De in het bestemmingsplan opgenomen bouwhoogte van maximaal 8 meter is inclusief die van zonnepanelen. Dit is inclusief zonnepanelen, ventilatiesystemen en overige ondergeschikte bouwdelen. Hiermee krijgt inspreker de garantie dat de bouwhoogte niet hoger gaat zijn dan de opgenomen 8 meter. Conclusie en voorstel Naar aanleiding van de zienswijze is het bestemmingsplan gewijzigd. De bouwhoogte van maximaal 8 meter is ook voor ondergeschikte bouwdelen geconcretiseerd in de regels onder artikel 2.2 van het bestemmingsplan. 3.2.14 – zienswijze 12.5 De gemeente heeft begrip voor de uitgesproken zorgen rondom horizonvervuiling. Echter, in de bestaande situatie is er sprake van een bedrijvencomplex waarop wordt uitgekeken. Het situeren van bebouwing op het terrein is zodoende niet nieuw. Hierbij dient in acht genomen te worden dat het peil van de Prins Willem Alexanderstraat aanmerkelijk hoger ligt dan het peil van het plangebied, waardoor de nieuwbouw lager oogt. Ook hebben de geplande grondgebonden woningen een lagere bouwhoogte (maximaal 8 meter) hebben dan de 10 meter die het huidig bestemmingsplan toe staat.
Tot slot wil de gemeente erop wijzen dat de afstand tot de woningen ten opzichte van de huidige bedrijfspanden korter is dan de afstand tot de nieuw te realiseren woningen. In bijlage 1 van deze nota is een tweetal tekeningen opgenomen waarin dit is weergegeven. Conclusie en voorstel Deze zienswijze geeft geen aanleiding het bestemmingsplan gewijzigd vast te stellen.
Nota zienswijzen en ambtshalve wijzigingen – Bestemmingsplan “Woongebied Rivierduinen, voormalige Buizenfabriek Silvolde"
27
3.2.15 – zienswijze 13.2 Bepalingen over de bouw van woningen liggen vast in het Bouwbesluit en worden generiek niet in een bestemmingsplan opgenomen. De specifieke beeldkwaliteit die met het plan wordt beoogd is vastgelegd in het beeldkwaliteitsplan (bijlage 4). Indiener verzoekt om in het bestemmingsplan op te nemen dat de woningen gasloos gebouwd moeten worden. Per 1 juli 2019 geldt een landelijke verplichting, opgenomen in het Bouwbesluit, waarbij is vastgelegd dat nieuwe woningen niet meer op gas aangesloten mogen worden. De garantie dat de woningen niet worden aangesloten op een gasaansluiting (gasloos bouwen) is hiermee geborgd. Conclusie en voorstel Deze zienswijze geeft geen aanleiding het bestemmingsplan gewijzigd vast te stellen. 3.2.16 – zienswijze 13.3 De gemeente begrijpt de zorg ten aanzien van het extern verhuren van de woningen, Ook binnen de gemeente Oude IJsselstreek trekt de woningmarkt aan, maar momenteel niet op een dusdanige manier dat verdringing plaatsvindt. Het opnemen van een “zelfbewoonplicht” acht de gemeente daarmee niet noodzakelijk. Wel is de begripsbepaling aangescherpt om ongewenste kamerverhuur en huisvesting van arbeidsmigranten die niet als huishouden duurzaam samenwonen tegen te kunnen gaan. Conclusie en voorstel Deze zienswijze geeft aanleiding het bestemmingsplan gewijzigd vast te stellen.
Aan de begrippen in de regels van het bestemmingsplan zijn toegevoegd; Artikel 1.35: huishouden Artikel 1.36: kamerverhuur Artikel 1.45: wonen Artikel 1.47: wooneenheid Hiermee is de bestemming ‘wonen’ nader ingekaderd en kan ongewenste kamerverhuur en huisvesting van arbeidsmigranten die niet als huishouden duurzaam samenwonen worden voorkomen. 3.2.17 – zienswijze 14.1 Met de indiener van deze zienswijze zijn door de initiatiefnemer afspraken gemaakt m.b.t een grenscorrectie en de situering van de parkeerplaatsen. Deze waren per abuis niet doorgevoerd in de stedenbouwkundige opzet (bijlage 1 – Indicatieve verkavelingsopzet) en verbeelding van het bestemmingsplan in het ontwerpbestemmingsplan. Conclusie en voorstel Naar aanleiding van de zienswijze zijn de zes parkeerplaatsen ter hoogte van de woning van de indiener van haaks- naar langsparkeren aangepast. De stedenbouwkundige opzet (bijlage 1 – Indicatieve verkavelingsopzet) en verbeelding van het bestemmingsplan zijn hierop aangepast. 3.2.18 – zienswijze 14.2 De gemeente heeft begrip voor de zorgen van indiener ten aanzien van de privacy. Hoewel niet op de verbeelding zichtbaar is op dit punt van het bestemmingsplan, komt ook een groene afscheiding tussen het perceel en de woning van indiener. Deze groenafscheiding onttrekt de woningen, ook met de opgenomen bouwhoogte, grotendeels aan het zicht.
Daarbij wordt opgemerkt dat in de huidige situatie en directe omgeving een bebouwingshoogte van maximaal 10 meter is toegestaan.
Nota zienswijzen en ambtshalve wijzigingen – Bestemmingsplan “Woongebied Rivierduinen, voormalige Buizenfabriek Silvolde"
28
Conclusie en voorstel Deze zienswijze geeft geen aanleiding het bestemmingsplan gewijzigd vast te stellen.
Nota zienswijzen en ambtshalve wijzigingen – Bestemmingsplan “Woongebied Rivierduinen, voormalige Buizenfabriek Silvolde"
29
4. Nota van wijziging In dit hoofdstuk zijn de wijzigingen naar aanleiding van de zienswijzen en ambtshalve wijzigingen opgenomen. Hierbij wordt onderscheid gemaakt tussen wijzigingen in de toelichting, de regels en de verbeelding van het bestemmingsplan.
4.1 Wijzigingen naar aanleiding van de zienswijzen 4.1.1 Toelichting Paragraaf 2.3 – Toekomstige situatie plangebied Deze paragraaf is aangevuld met de volgende tekst: Binnen het plangebied is veel aandacht voor vergroening. De randen van het plangebied zijn groen. Hagen en bomen omzomen het gebied en zorgen voor een groene buffer naar de omliggende woningen. De aanwezige groene erfgrens blijft gehandhaafd. Waar nodig wordt groen versterkt met inheemse duinflora. Vier waardevolle bomen krijgen in de regels onder 12.2 een nadere aanduiding, met bijbehorend waarborg voor behoud. In figuur 2.2 zijn deze bomen met een rode stip weergegeven. De waardevolle bomen zijn eveneens op de verbeelding met een specifieke aanduiding aangegeven. Hieronder is tevens de volgende afbeelding toegevoegd:
Figuur 2.2: Te handhaven bomen
Bijlage 1 – Indicatieve verkavelingsopzet Deze bijlage is als volgt gewijzigd: De zes parkeerplaatsen met haaksparkeren in de zuidwestzijde van het plangebied is gewijzigd in langsparkeren. De figuur uit deze bijlage is weergegeven als figuur 2.3 in de toelichting en eveneens aangepast.
Bijlage 2 – Landschappelijke inpassing
Nota zienswijzen en ambtshalve wijzigingen – Bestemmingsplan “Woongebied Rivierduinen, voormalige Buizenfabriek Silvolde"
30
De landschappelijke inpassing is als volgt gewijzigd: De zes parkeerplaatsen met haaksparkeren in de zuidwestzijde van het plangebied is gewijzigd in langsparkeren. Tevens is in de noordoostzijde van het plangebied ter hoogte van Berkenlaan 130 t/m 134 een strook grond aangeduid met de bestemming ‘wonen’. Dit in verband met de gemaakte afspraken m.b.t. een grenscorrectie met de eigenaren van deze woningen. De containers zijn uit de landschappelijke inrichting verwijderd omdat de exacte locatie hiervan nog niet vaststaat. De landschappelijke inpassing is weergegeven als figuur 2.4 in de toelichting en eveneens aangepast. Bijlage 5 (M.e.r.-beoordeling) In hoofdstuk 3, onderdeel 2 is het thema bodem verder aangevuld. Paragraaf 4.13 – Bezonningsstudie Deze paragraaf is zijn toegevoegd aan de toelichting. De bezonningsstudie is eveneens als bijlage 15 aan het bestemmingplan toegevoegd. Paragraaf 4.3.2 – Bedrijven en milieuzonering, conclusie plangebied De paragraaf is aangevuld met de volgende tekst: Hinder vanuit het plan op de omgeving Vanuit het plan kan aanvullend hinder ondervonden worden op de bestaande woningen. Met name ten gevolge van het parkeren. Het dichtslaan van deuren en stemgeluid van de mensen die parkeren.
De richtafstanden zoals die in de VNG publicatie Bedrijven- en milieuzonering voor parkeren zijn opgenomen, zijn niet geschikt voor parkeren nabij woningbouw, maar bedoeld voor grootschalige parkeerplaatsen bij instellingen (zoals bijvoorbeeld een winkelcentrum). Ook de Wet geluidhinder kent geen normen voor dergelijke situaties, juist omdat geluiden ten gevolge van parkeren voorkomen in een woonwijk. Ondanks dat wetgeving in deze situaties ontbreekt, is bij de planvorming zoveel mogelijk rekening gehouden om hinder te voorkomen. Zo is ondermeer de afstand tot de tuinen aan de zijde van de Berkenlaan vergroot en zijn parkeerplaatsen over het plangebied verspreid. Geconcludeerd wordt dat enige hinder ten gevolge van het parkeren plaats kan vinden, maar dat desondanks sprake is van een goed woon- en leefklimaat. Geconcludeerd wordt dat het plan uitvoerbaar is wat betreft milieuzonering. Paragraaf 6.2 – Maatschappelijke uitvoerbaarheid In deze paragraaf is de volgende zin toegevoegd: Een volledig overzicht van de communicatiemomenten is opgenomen in Bijlage 14. Deze bijlage is zowel toegevoegd aan het bestemmingsplan als aan deze nota.
4.1.2 Regels Beperking van de maximale bouwhoogte is als volgt doorgevoerd in de regels: o Artikel 2.2 is als volgt gewijzigd: vanaf het peil tot aan het hoogste punt van een gebouw of van een bouwwerk geen gebouw zijnde, inclusief de ondergeschikte bouwonderdelen, zoals schoorstenen, installaties, antennes, en naar de aard daarmee gelijk te stellen bouwonderdelen. o Artikel 3.2.1, lid c is verwijderd: Hier zat een onnodige dubbeling in de maatvoering met artikel 2. o Artikel 6.2.1, lid f is verwijderd. Hier zat een onnodige dubbeling in de maatvoering met artikel 2. o Artikel 7.2.1, lid f is verwijderd. Hier zat een onnodige dubbeling in de maatvoering met artikel 2. Hiermee is geborgd dat de ondergeschikte bouwonderdelen binnen de maximale bouwhoogte van 10 meter vallen.
Artikelen 6.4.3 en 7.4.3 – voorwaardelijke verplichting
Nota zienswijzen en ambtshalve wijzigingen – Bestemmingsplan “Woongebied Rivierduinen, voormalige Buizenfabriek Silvolde"
31
Deze artikelen zijn toegevoegd en luidt als volgt: 6.4.3 / 7.4.3 Voorwaardelijke verplichting 1. Het gebruiken of laten gebruiken van gronden en bouwwerken met de bestemming 'Wonen - 1 / 2', is slechts toegestaan indien de benodigde landschappelijke inpassing van de gronden in dit plan(gebied) wordt gerealiseerd: a. overeenkomstig de landschappelijke inpassing, zoals opgenomen in bijlage 2 – Landschappelijke inpassing. b. binnen 18 maanden nadat de laatste fase van de woningen is gerealiseerd; c. de landschappelijke inpassing duurzaam in stand wordt gehouden. In overleg met het college van Burgemeester en wethouders kan op ondergeschikte punten worden afgeweken van de landschappelijke inpassing zoals genoemd bij 6.4.3 / 7.4.3 lid a. Dit artikel is toegevoegd om hiermee de zekerheid te geven dat de landschappelijke inpassing zoals opgenomen in bijlage 2 van de toelichting ook daadwerkelijk wordt uitgevoerd. Artikel 12.2 – dit artikel is aan de regels toegevoegd. Hiermee worden de waardevolle bomen met een aanduiding aangegeven en is het behoud ervan gewaarborgd. Het opgenomen artikel luidt als volgt: 12.2 Waardevolle boom 12.2.1 Aanduidingsomschrijving De gronden ter plaatse van de aanduiding 'Waardevolle boom' zijn, naast voor de daar voorkomende bestemmingen, mede bestemd voor de bescherming en instandhouding van de aanwezige boom.
12.2.2 Bouwverbod Bouwen op de gronden met de aanduiding 'Waardevolle boom' is niet toegestaan. 12.2.3 Omgevingsvergunning voor het uitvoeren van werken, geen bouwwerken zijnde of van werkzaamheden a. Ter plaatse van de aanduiding 'Waardevolle boom' is het verboden om zonder of in afwijking van een door bevoegd gezag verleende omgevingsvergunning de volgende werken, geen bouwwerk zijnde, of werkzaamheden uit te voeren, te doen of te laten uitvoeren: 1. het vellen of rooien van de boom; 2. de aanleg van verhardingen / halfverhardingen; 3. het ophogen, afgraven en egaliseren van gronden; 4. de aanleg of verwijdering van kabels en leidingen, tenzij gebruik wordt gemaakt van mantelbuizen. Het bevoegd gezag kan aan de omgevingsvergunning een voorwaarde verbinden met betrekking tot herplantplicht. b. Het verbod bedoeld in 12.2.3, lid a geldt niet voor de werken, geen bouwwerken zijnde, of werkzaamheden: 1. waarvoor ten tijde van het van kracht worden van het bestemmingsplan een (omgevings)vergunning voor het uitvoeren van werken, geen bouwwerk zijnde, of van werkzaamheden is verleend; 2. die het normale onderhoud en beheer betreffen. c. werken als bedoeld in 12.2.3, lid a zijn slechts toelaatbaar indien: 1. geen onevenredige afbreuk wordt gedaan aan de beeldwaarde van de boom; 2. geen onevenredige afbreuk wordt gedaan aan het behoud en de bescherming van de boom; 3.
geen onevenredige afbreuk wordt gedaan aan het behoud en de bescherming van de wortels en ondergrondse delen van de boom.
Nota zienswijzen en ambtshalve wijzigingen – Bestemmingsplan “Woongebied Rivierduinen, voormalige Buizenfabriek Silvolde"
32
4.1.3 Verbeelding De waardevolle bomen zijn aangeduid op de verbeelding als ‘Waardevolle boom’.
Het bouwvlak van het westelijke deel van het appartementencomplex aan de noordzijde van het plangebied is naar aanleiding van de zienswijzen aangepast en is (deels) op grotere afstand van de perceelgrens van de woningen aan de Berkenlaan gelegd.
Naar aanleiding van afspraken tussen de initiatiefnemer en indiener van zienswijze 14.1 zijn de zes haaksparkeerplaatsen gewijzigd naar zes langsparkeerplaatsen. De bestemming ‘groen’ en ‘verkeer-verblijfsgebied’ zijn daarop in de verbeelding aangepast.
4.2 Ambtshalve wijzigingen 4.2.1 Toelichting Figuur 1.3 – Uitsnede geldend bestemmingsplan 'Kom Silvolde' De afbeelding was per abuis op de kop weergegeven, de figuur is 180 graden gedraaid.
Figuur 2.3 - Indicatieve verkavelingsopzet Boven deze figuur is de volgende tekst toegevoegd: Opgemerkt wordt dat deze plannen, en de impressies die in de figuren 2.5 en 2.6 worden weergegeven, een indicatieve verbeelding zijn van de daadwerkelijk te realiseren plannen. Een bouwer werkt de plannen nader uit waarbij de randvoorwaarden die dit bestemmingsplan biedt in acht worden gehouden.
Paragraaf 3.4.4 – Welstandsnota In deze paragraaf is de status van het beeldkwaliteitsplan verder toegelicht door middel van de volgende tekst: Bij het bestemmingsplan is een beeldkwaliteitsplan opgesteld wat gelijktijdig door de gemeenteraad wordt vastgesteld en toegevoegd aan de welstandsnota waardoor dit voor deze locatie leidend gaat zijn. Tevens is het beeldkwaliteitsplan als volgt gewijzigd: De term welstandscriteria is toegevoegd op pagina 24, 26 en 28. Het beeldkwaliteitsplan zoals opgenomen in bijlage 4.
Paragraaf 4.1 – Milieu Effect Rapportage Aan deze paragraaf is de volgende tekst toegevoegd: Tevens wordt opgemerkt dat ook een m.e.r. plicht ontstaat wanneer, in het kader van de Wet natuurbescherming, een passende beoordeling opgesteld moet worden. Een passende beoordeling wordt opgesteld als effecten op Natura2000 gebieden mogelijk significant zijn, bijvoorbeeld ten gevolge van een te hoge stikstofdepositie. In paragraaf 4.8 is toegelicht dat dit hier niet het geval is. De conclusie uit de m.e.r.-beoordeling zoals hier getrokken blijft daarmee overeind. Paragraaf 4.8.2 – Stikstofdepositie onderzoek Aan deze paragraaf is de volgende tekst toegevoegd: Tevens wordt opgemerkt dat effecten op Natura2000 gebieden in Duitsland zijn uit te sluiten. In Duitsland geldt een ander toetsingskader waardoor een hogere stikstofdepositie is toegestaan (7,14 mol/ha/jaar). Grenzend aan de Nederlands - Duitse grens nabij Netterden ligt op circa 7,5 kilometer vanaf het plangebied het Natura 2000 gebied Hetter-Millingerbrug. Gezien de berekende stikstofdepositie op de natuurgebieden in Nederland, in combinatie met de afstand tot het natuurgebied, is het niet aannemelijk dat dergelijke hoge deposities worden verwacht op de natuurgebieden in Duitsland. Ook directe effecten zijn, gezien de afstand tot de planlocatie uitgesloten.
Paragraaf 4.12.2 – Molenbiotoop, toetsing In deze paragraaf is een typefout hersteld: Per abuis was 7,6 meter vermeld, waar dit 7,0 meter is. De bouwhoogte in het plangebied mag daarom (7,0+4,4=) 11,4 meter bedragen, gemeten vanaf het peil ter plaatse van de nieuwbouwlocatie.
Nota zienswijzen en ambtshalve wijzigingen – Bestemmingsplan “Woongebied Rivierduinen, voormalige Buizenfabriek Silvolde"
33
Paragraaf 6.4 – Zienswijzen Aan deze paragraaf is de volgende tekst toegevoegd: Het plan heeft de procedure van artikel 3.8 en verder van de Wet ruimtelijke ordening doorlopen. In dit kader heeft het ontwerpbestemmingsplan 'Woongebied Rivierduinen, vml. Buizenfabriek Silvolde' vanaf 9 juli 2020 tot en met 19 augustus 2020 voor eenieder ter inzage gelegen. In de genoemde periode zijn 14 zienswijzen ingediend. De zienswijzennota is bijgevoegd in Bijlage 16. In de zienswijzennota zijn tevens de wijzigingen weergegeven ten opzichte van het ontwerpbestemmingsplan. 4.2.2 Regels Aan de begripsbepaling in het hoofdstuk 1 van de regels zijn de volgende definities toegevoegd: Artikel 1.35: huishouden Artikel 1.36: kamerverhuur Artikel 1.45: wonen Artikel 1.47: wooneenheid Hiermee is de bestemming ‘wonen’ nader ingekaderd en kan ongewenste kamerverhuur en huisvesting van arbeidsmigranten die niet als huishouden duurzaam samenwonen worden voorkomen.
Artikel 1.19 is gewijzigd: abusievelijk was een bijbehorend gebouw opgenomen in plaats van bijbehorend bouwwerk.
Artikel 4.1, lid c: ‘bijbehorende gebouwen en bouwwerken, geen gebouwen zijnde’ is geschrapt. Het plangebied kent geen bijbehorende bouwwerken binnen de bestemming groen. Derhalve was artikel 4.1, lid c zoals opgenomen in het ontwerpbestemmingsplan niet van toepassing en is deze verwijderd. Door het schrappen van lid c, is de lettering aangepast.
Artikel 4.2.1, lid b onder 1 is als volgt gewijzigd: bijgebouwen ten behoeve van de grondgebonden woningen ter plaatse van de aanduiding 'bijgebouwen', met een maximum aantal van 12 stuks en een maximum afmeting van 8 m 2 met een maximale hoogte van 3 meter per bijgebouw. De gehanteerde maximale bouwhoogte is beperkt tot 3 meter.
Artikel 5.2.1, lid c is toegevoegd: ‘De bouwhoogte van overige bouwwerken, geen gebouwen zijnde, is maximaal 3 meter.’ Hiermee is de bouwhoogte van de bouwwerken, geen gebouwen zijnde gemaximaliseerd tot 3 meter hoogte.
Artikel 6.2.2 is geschrapt. Het bouwvlak op de verbeelding is overeenkomstig de bestemming ‘wonen-1’ gemaakt waardoor bouwen buiten het bouwvlak niet meer van toepassing is.
Artikel 6.5.1, lid c: in afwijking van het bepaalde bij sub b mag ter plaatse van de aanduiding 'bedrijf aan huis' de volledig aangeduide oppervlakte gebruikt worden voor het aan huis verbonden bedrijf is geschrapt. De hier aangehaalde aanduiding is niet opgenomen in dit bestemmingsplan. Door het schrappen van lid c, is de lettering aangepast.
Artikel 6.5.3 is geschrapt. Bijzondere woonvormen worden hier niet specifiek toegestaan. Wanneer deze in de toekomst alsnog gewenst zijn kan een verzoek hiertoe worden ingediend bij de gemeente.
Artikel 7.2.3 is geschrapt. Dit is niet uitvoerbaar binnen de bestemming ‘wonen-2’, en is derhalve niet van toepassing.
Artikel 10, lid 2 is geschrapt. Dit is ondervangen door het bouwvlak op de verbeelding op te schuiven richting het groene hart. Hierdoor vallen de beoogde balkons aan de zuidzijde van het appartementencomplex volledig binnen het bouwvlak.
Nota zienswijzen en ambtshalve wijzigingen – Bestemmingsplan “Woongebied Rivierduinen, voormalige Buizenfabriek Silvolde"
34
Artikel 11.2 – Parkeerregels De parkeerregeling is aangepast op een zodanige manier dat ook bij het gebruik van gronden toetsing aan de parkeernorm plaats moet vinden. Dit is gewijzigd in de artikelen: o Het volgende lid is toegevoegd aan de artikelen 6.5.1, 6.5.2, 7.5.1 en 7.5.2: ‘voldaan wordt aan de algemene parkeerregels volgens artikel 11.2’ o Artikel 11.2.1 is gewijzigd in: ‘Een omgevingsvergunning voor een bouwplan of afwijking van de gebruiksregels kan slechts worden verleend, indien ten behoeve van het parkeren of stallen van auto's en voor wat betreft de toename in parkeer- of stallingsbehoefte, in voldoende mate ruimte is aangebracht binnen het plangebied. De parkeer- en stallingsbehoefte moet voldoen aan de parkeernormen zoals vastgelegd in het Gemeentelijk Verkeer- en Vervoerplan 2012-2020.’
12.1 Vrijwaringszone – Molenbiotoop 1 In overleg met de provincie Gelderland is de regeling met betrekking tot de molenbiotoop in de regels als volgt aangepast: Artikel 12.1.3, lid b is gewijzigd. Advies moet worden ingewonnen bij een onafhankelijk adviesbureau op het gebied van molenbiotoop in plaats van de provincie Gelderland.
4.2.3 Verbeelding Uitbreiding percelen Berkenlaan 130 tot en met 134 In de noordoosthoek van het plangebied verschuift initiatiefnemer het parkeren circa 4 meter in zuidelijke richting het appartementencomplex. De eigenaren van de Berkenlaan nummer 130 t/m 134 hebben in gesprekken met de initiatiefnemer verzocht of zij een strook van 3,5 tot 4,5 meter kunnen kopen. Hiermee heeft initiatiefnemer in principe ingestemd. In het ontwerpbestemmingsplan was hier de bestemming ‘groen’ opgenomen, deze wijzigt voor de te verkopen strook naar ‘wonen-1’. De landschappelijke inpassing (bijlage 2) is hierop aangepast.
Bouwvlak acht grondgebonden woningen in zuidwesthoek plangebied Het bouwvlak van de acht grondgebonden woningen in de zuidwesthoek van het plangebied onder de bestemming ‘wonen-1’ is gelijk getrokken met het bestemmingsvlak.
Bouwvlak twaalf grondgebonden woningen in zuidoosthoek plangebied Het bouwvlak van de twaalf grondgebonden woningen in de zuidoosthoek van het plangebied is aangepast.
Nota zienswijzen en ambtshalve wijzigingen – Bestemmingsplan “Woongebied Rivierduinen, voormalige Buizenfabriek Silvolde"
35
Bijlage 1 – Afstand huidige en toekomstige bebouwing tot perceelgrenzen
Afstand huidige bebouwing tot perceelgrenzen
Nota zienswijzen en ambtshalve wijzigingen – Bestemmingsplan “Woongebied Rivierduinen, voormalige Buizenfabriek Silvolde"
36
Afstand toekomstige bebouwing tot perceelgrenzen
Nota zienswijzen en ambtshalve wijzigingen – Bestemmingsplan “Woongebied Rivierduinen, voormalige Buizenfabriek Silvolde"
37
Bijlage 2 – Overzicht communicatiemomenten Onderstaand is een overzicht opgenomen waarin de communicatiemomenten ten behoeve van dit plan zijn weergegeven. COMMUNICATIE GEMEENTE OUDE IJSSELSTREEK Eind 2018 Gemeente Oude IJsselstreek en initiatiefnemer Groenvast Arnhem gesprek mogelijke woningbouw locatie Silvolde met verzoek tot bestemmingsplanwijziging. Begin 2019 Vervolggesprek Gemeente Oude IJsselstreek en Groenvast Arnhem betreffende woningbouw. 29-05-2019 Herontwikkelingsvisie voormalige buizenfabriek Silvolde aan het College van Burgemeester en Wethouders aangeboden. 27-08-2019 Besluit College medewerking te verlenen aan principe verzoek. 05-09-2019 Eerste presentatie op Inspiratie Festival Regio Achterhoekse Gemeenten te Ruurlo van plan Smart Living Rivierduinen Silvolde. 16-10-2019 Bezoek aan referentieprojecten Lent/Nijmegen en Culemborg waarbij aanwezig Programmamanager en beleidsmedewerker Ruimtelijke Ordening en Volkshuisvesting gemeente Oude IJsselstreek. 01-11-2019 Mini-Congres Flexibel-Circulair en Modulair bouwen en presentatie van Smart Living Rivierduinen Silvolde in Mariënvelde voor bestuurders, ambtenaren, woningcorporaties en wethouders van de Regio Achterhoekse Gemeenten. 22-01-2020 Excursie naar 2 fabrikanten van houtbouw en bezoek aan 2 referentieprojecten. 09-07-2020 Ter inzage legging bestemmingsplan Rivierduinen termijn 6 weken.
20-07-2020 Infocentrum Prins Bernhardstraat: Lezing Arcadis en TU Delft over project met Bestuurders en Raadsleden van de gemeente Oude IJsselstreek en anderen. ACTIES EN OVERLEGGEN IN HET KADER PARTICIPATIELADDER NIEUWE OMGEVINGSWET 07-06-2019 Fietstocht genodigden waarbij buurtbewoners: plangebied, omgeving, mee-koppeldoelen. 14-06-2019 Fietstocht genodigden waarbij buurtbewoners: plangebied, omgeving, mee-koppeldoelen. 28-08-2019 Brief aan omwonenden, buren betreffende positief Principe besluit afgegeven door College. 24-09-2019 Bijeenkomst voor buurtbewoners, geïnteresseerden, beleidsmedewerker Ruimtelijke Ordening en Volkshuisvesting Gemeente Oude IJsselstreek Zaal Mijnen te Silvolde. 22-01-2020 Brief aan buurtbewoners en belangstellenden voor informatie avond Silvolds Belang met diverse presentatie waaronder wethouders Ankersmit en Hiddinga en presentatie Smart Living Rivierduinen Silvolde. 13-02-2020 Brief aan buurtbewoners over vervolg informatie bijeenkomsten. 04-03-2020 Bijeenkomstbuurtbewoners in het infocentrum te Prins Bernhardstraat waarbij aanwezig beleidsmedewerker Ruimtelijke Ordeningen Volkshuisvesting en enkele raadsleden. 10-03-2020 Bijeenkomst belangstellenden en buren waarbij raadsleden zijn uitgenodigd in ‘t Molentje. 28-04-2020 Brief buurtbewoners erfgrens inmeting door Kadaster.
18-06-2020 Brief buurtbewoners gesprek erfgrens en erfafscheiding 30-06-2020 Brief aan buurtbewoners voortgang ontwikkeling project, specifiek start bestemmingsplan procedure. 30-06-2020& 03-07-2020 Gesprekken met buurtbewoners betreffende erfgrens en erfafscheiding.
Nota zienswijzen en ambtshalve wijzigingen – Bestemmingsplan “Woongebied Rivierduinen, voormalige Buizenfabriek Silvolde"
38