Lokale gezondheidsagenda 2021-2024.pdf
Tekst van het document
Gezonde kansen in Oude IJsselstreek
Lokale gezondheidsagenda 2021-2024
Inhoud 1
Inleiding ................................................................................................................................................... 1
2
Beleidskaders, trends & ontwikkelingen ................................................................................................ 2
2.1
Beleidskaders ...................................................................................................................................... 2
2.2
Trends & ontwikkelingen .................................................................................................................... 3
3
Visie en ambitie ...................................................................................................................................... 4
4
Speerpunten ............................................................................................................................................ 6
4.1
Speerpunt 1: Kansen(on)gelijkheid .................................................................................................... 9
4.2
Speerpunt 2: Mentale gezondheid ................................................................................................... 14
4.3
Speerpunt 3: Vitaal ouder worden.................................................................................................... 19
5
Financiën ............................................................................................................................................... 22
6
Borging, monitoring en evaluatie ......................................................................................................... 23 Bijlage 1 Relatie Preventie Akkoord Achterhoek 2020-2030 en lokale gezondheidsagenda ........... 24 Bijlage 2 Maatregelenplan gezonde leefstijl ....................................................................................... 25
1 Inleiding Voor u ligt de lokale gezondheidsagenda 2021-2024 van de gemeente Oude IJsselstreek. Op grond van de Wet publieke gezondheid (Wpg) zijn gemeenten verplicht elke vier jaar lokaal gezondheidsbeleid vast te stellen. Deze lokale gezondheidsagenda is opgesteld tijdens de coronapandemie. Het virus raakt vooral ouderen en mensen met een minder gezonde leefstijl. Corona laat zien hoe lastig het is een gezonde leefstijl te behouden in een tijd waarin we vaker thuiszitten, minder gemakkelijk kunnen sporten en er veel onzekerheid is. Ook de mentale gezondheid is verslechterd: meer mensen ervaren stress en zijn somber of eenzaam. Preventie en gezondheid staan hoog op de agenda in de gemeente Oude IJsselstreek. In de Programmabegroting 2021 is positieve gezondheid één van de aandachtspunten. Dat is niet voor niets. Want gezonde mensen zijn ook gelukkige mensen. Werken aan een betere gezondheid van onze inwoners past ook binnen de beweging die de gemeente maakt in het sociaal domein. Dat is een beweging ‘naar de voorkant’, waarbij we de preventieve infrastructuur van de samenleving willen versterken. Om zo zwaardere hulp en zorg te voorkomen. In de gemeente gebeurt al veel dat ten goede komt aan de gezondheid van inwoners. Met de maatregelen in deze agenda willen we vooral aanhaken op wat er lokaal en regionaal al is. We vormen nieuwe coalities met bestaande partners.
In bestaande netwerken vragen we specifieker aandacht voor gezondheid. Waar nodig gaan we actiever regie voeren om de samenhang in de uitvoering te versterken. Ook hebben we nieuwe maatregelen opgenomen die bijdragen aan de uitvoering van het regionale preventieakkoord. Al met al zetten we meer in op preventie. Daarbij richten we ons vooral op kwetsbare inwoners. We maken zoveel mogelijk gebruik van bewezen effectieve interventies, zoals de landelijke programma’s Kansrijke Start en Welzijn op recept. Bij het opstellen van onze lokale agenda sluiten we aan bij de Programmabegroting 2021. Ook houden we rekening met landelijke gezondheidsthema’s. Om onze prioriteiten te bepalen hebben we ons ook gericht op de ontwikkelingen in de samenleving, signalen van professionals en cijfers van de GGD over de gezondheidssituatie van onze inwoners. Op basis daarvan zijn we gekomen tot drie speerpunten: ▪ Kansen(on)gelijkheid ▪ mentale gezondheid ▪ vitaal ouder worden Vanuit het gedachtegoed van positieve gezondheid, een integrale aanpak en het versterken van kansengelijkheid, hebben we deze speerpunten uitgewerkt. Papier is geduldig. Het gaat ons om de uitvoering. De ambities in deze agenda kunnen we alleen bereiken door gezamenlijk, inwoners, (vrijwilligers)organisaties en gemeente hieraan te werken. Samen maken we de gemeente gezonder. Onze inzet is er een van de lange adem.
Na vier jaar zijn we nog niet klaar, maar verwachten we wel dat meer mensen zich bewust zijn van het belang van een goede gezondheid.
1
2 Beleidskaders, trends & ontwikkelingen 2.1 Beleidskaders Er zijn vele landelijke, regionale en lokale kaders en akkoorden die raakvlakken hebben met het gezondheidsbeleid. We noemen hieronder de belangrijkste. Wet publieke gezondheid Publieke gezondheid is een gezamenlijke verantwoordelijkheid van gemeenten en het Rijk. De taakverdeling is vastgelegd in de Wet publieke gezondheid (Wpg). Gemeenten hebben op grond van de Wpg de taak om de gezondheid van hun inwoners te beschermen, te bewaken en te bevorderen. Een groot deel van deze gemeentelijke taken laat de gemeente uitvoeren door de GGD NOG, zoals infectieziektebestrijding, medische milieukunde en jeugdgezondheidszorg voor jongeren van 5-19 jaar. Yunio is de partner voor de jeugdgezondheidszorg 0-4 jaar. De wet verplicht zowel het Rijk als de gemeenten om elke vier jaar een nota gezondheidsbeleid op te stellen. Landelijke nota gezondheidsbeleid 2020-2024 In de landelijke nota gezondheidsbeleid ‘Gezondheid breed op de agenda’ zijn vier gezondheidsvraagstukken geagendeerd: ▪ Gezondheid in de fysieke en sociale leefomgeving ▪ Gezondheidsachterstanden verkleinen ▪ Druk op het dagelijks leven bij jeugd en jongvolwassenen ▪ Vitaal ouder worden Deze gezondheidsvraagstukken hebben we betrokken bij het opstellen van deze lokale nota.
Nationaal Preventieakkoord In het Nationaal Preventieakkoord werken diverse partijen, onder wie Rijk, gemeenten, maatschappelijke organisaties en bedrijfsleven, samen aan het terugdringen van roken, overgewicht en problematisch alcoholgebruik. Thematafel De Gezondste Regio Achterhoek Het streven van de thematafel De Gezondste Regio is om de Achterhoek tot de gezondste regio te ontwikkelen. Er is veel aandacht voor preventie. In 2019 is een regionale visie ontwikkeld, ‘Samen langer gelukkig en gezond leven in de Achterhoek’. Hierin staat het streven naar gelukkige, gezonde en zelfredzame inwoners centraal. Inwoners worden geholpen om ongezonde gedragspatronen te doorbreken en gezonde keuzes te maken. Aansluitend op de visie heeft de thematafel samen met partners een Preventie Akkoord Achterhoek 2020-2030 opgesteld. Dit is een regionale vertaling van het nationaal preventieakkoord. Het gaat daarbij een stap verder en betrekt ook het belang van participatie, tegengaan van eenzaamheid en de achterliggende oorzaken van een ongezonde leefstijl zoals armoede. In 2020 is een Regiobeeld Achterhoek 2020 opgesteld waarin de huidige zorgsituatie in beeld is gebracht en een prognose van de zorg in 2030. In 2021 is gestart met een vernieuwende aanpak om de gezondheid van inwoners te verbeteren.
In dit zogenaamde ‘Kavelmodel’ wordt de organisatie, financiering en monitoring van de zorg meer gericht op preventieve gezondheid. Werkagenda Menzis 2020-2024 In de werkagenda zijn de regionale afspraken opgenomen tussen zorgverzekeraar Menzis en de Achterhoekse gemeenten. Dit zijn afspraken om de samenwerking tussen het sociaal- en medisch domein te optimaliseren op de thema’s integrale ouderenzorg, jeugd (GGZ) en preventie en gezondheidsbevordering. Voor deze nota zijn de afspraken op het terrein van preventie en gezondheidsbevordering van belang. Ze komen terug bij de maatregelen. Lokale Visie sociaal domein 2020: naar het hart van de beweging In de visie staat centraal dat iedere inwoner moet kunnen meedoen in de samenleving. Inwoners moeten zoveel mogelijk zelfredzaam zijn en de regie over hun leven (terug)nemen. De aanpak van de gemeente is gericht op: normaliseren, voorkomen en samenwerken/innoveren. Eén van de doelen is het verbeteren van de gezondheid en kwaliteit van leven van de inwoners. 2
2.2 Trends & ontwikkelingen1 Demografisch ▪ De vergrijzing en ontgroening van de bevolking blijven toenemen. Meer mensen worden ook steeds ouder (dubbele vergrijzing). Daardoor neemt het aantal kwetsbare ouderen ook toe. In Oude IJsselstreek is 23% van de inwoners ouder dan 65 jaar. De gemeente is met dit percentage meer vergrijsd dan het gemiddelde in de Achterhoek (22,4%) en Nederland (18,8%). Mede door de vergrijzing is het aandeel mensen met chronische ziekten hoog. Dit zal de komende jaren alleen maar toenemen. Politiek ▪ Het landelijk beleid is erop gericht dat mensen steeds langer zelfstandig thuis blijven wonen. 93% van de inwoners van onze gemeente woont zelfstandig thuis. Dat is iets minder dan het landelijk gemiddelde (95%). ▪ Het Nationaal Preventieakkoord wil inwoners gezonder maken. Er zijn op landelijk niveau echter niet veel verplichtende maatregelen genomen om de leefomgeving gezonder te maken. De verantwoordelijkheid om te werken aan je leefstijl ligt daardoor vooral bij de inwoner zelf. Economisch ▪ De arbeidsmarkt is krap. Het is vooral moeilijk om gespecialiseerd zorgpersoneel te vinden. Het beleid is erop gericht om inwoners, na een ziekenhuisopname, zo snel mogelijk thuis te laten revalideren. Ook wordt van inwoners verwacht dat zij zelf meer zorgtaken uitvoeren die voorheen door zorgpersoneel werden uitgevoerd (thuismetingen etc.).
Sociaal-economisch ▪ 17,4% van onze inwoners is hoogopgeleid. Dit is lager dan het landelijk gemiddelde (30%). ▪ 30% is laagopgeleid. Daarmee scoort de gemeente gemiddeld. ▪ Het gemiddelde inkomen in de gemeente (€ 24.900) is lager dan het Nederlands gemiddelde (€ 25.620; prijspeil 2018). Sociaal-maatschappelijk ▪ Inwoners zijn gemiddeld iets ongezonder dan het Nederlands gemiddelde. Ze ervaren wel een even goede gezondheid. Meer dan 77% ervaart zijn gezondheid als goed. ▪ Uit onderzoek blijkt dat Achterhoekers genieten belangrijk vinden. Soms ten koste van verantwoord leven. Daarbij zijn inwoners zich niet altijd bewust van het belang van goede voeding. Willen we dat inwoners hun gezondheidsgedrag veranderen, dan is het belangrijk om eenvoudige, eenduidige informatie te verstrekken en duidelijk advies te geven. 2 ▪ Voor wat betreft leefstijl valt op dat 59% van de volwassenen in Oude IJsselstreek matig tot ernstig overgewicht heeft. Dit percentage is hoger dan het regionaal gemiddelde (54%). ▪ Mantelzorg staat onder druk: het potentiële mantelzorgpotentieel (dat is de verhouding tussen het aantal 85-plussers en het aantal mensen tussen de 50 en 75 jaar) neemt de komende jaren sterk af. Met een krappe zorgarbeidsmarkt, komt er dan nog meer op het bord te liggen van kwetsbare inwoners die thuis wonen.
▪ Het percentage eenzame mensen neemt toe: 39% van de volwassenen in Oude IJsselstreek is matig tot (zeer) ernstig eenzaam. Dit percentage is ongeveer gelijk aan het Achterhoeks gemiddelde. Het is lager dan het landelijk gemiddelde (42%). Technologisch ▪ Er zijn steeds meer technologische zorgproducten die bijdragen aan de zelfstandigheid en zelfredzaamheid van inwoners. Denk aan: apps, beeldbellen, zorgrobots of digitale portals. Mensen die laagopgeleid zijn, hebben vaak mindere digitale vaardigheden. Voor hen is het moeilijker om met deze technologie om te gaan.
1 De trends in deze paragraaf zijn gebaseerd op het document ‘Regiobeeld Achterhoek 2030’, Menzis en 8RHKAmbassadeurs,
2020. Er is ook gebruik gemaakt van cijfers in waarstaatjegemeente.nl en cijfers in de CBS-monitor brede welvaart. 2 Onderzoek van Motifaction, aangehaald in het document Regiobeeld Achterhoek 2030.
3
3 Visie en ambitie In onze kijk op gezondheid staat een aantal elementen centraal: het gedachtegoed ‘positieve gezondheid’, een integrale, domeinoverstijgende aanpak en het vergroten van kansengelijkheid.
Positieve gezondheid Gezondheid is meer dan ‘niet ziek zijn’. Wij gaan uit van een brede kijk op gezondheid zoals het gedachtegoed van Positieve Gezondheid. Hierin staat de veerkracht van mensen centraal. Mensen komen allerlei uitdagingen in het leven tegen. De meeste mensen hebben het vermogen zich aan te passen en zijn in staat om zelf regie te voeren over hun leven. Het gaat niet om wat iemand niet kan, maar wat hij wel kan. In dit gedachtegoed staat vooral de kwaliteit van het leven centraal, waarbij meedoen in de samenleving en goed in je vel zitten belangrijke elementen zijn. Met deze brede kijk sluiten we ook aan bij het concept van brede welvaart.
Een integrale, domeinoverstijgende aanpak Gezondheid wordt beïnvloed door verschillende factoren. Niet alleen de leefstijl op individueel niveau speelt een rol maar (vooral) ook de sociale en fysieke omgeving. De sociale omgeving bestaat uit het gezin waarin iemand opgroeit, de buurt waarin iemand woont en de vrienden met wie hij sport. Bij de fysieke omgeving kan het gaan om de mate van luchtvervuiling, maar ook of de wijk groen is en veel speelplekken kent. Daarnaast spelen allerlei externe ontwikkelingen een rol. Gaat het economisch goed of is er sprake van een crisis? Behoren we tot de groep senioren, of zijn we nog jong? Al deze factoren kunnen zowel een positieve als een negatieve invloed hebben op iemands gezondheid. Om complexe gezondheidsproblemen aan te pakken is dan ook een integrale aanpak nodig. We zijn er niet als we één maatregel nemen om de gezondheid te bevorderen. Het is van belang dat we een aanpak kiezen, waarin verschillende maatregelen elkaar in samenhang versterken om duurzaam gezond gedrag te bevorderen.
Kansengelijkheid is maatwerk Een integrale aanpak heeft niet automatisch tot gevolg dat iedereen dezelfde toegang heeft tot gezondheidsbevorderende maatregelen. Voor sommige groepen inwoners is het minder gemakkelijk om bezig te zijn met gezondheid. Dat kan zijn omdat iemand laaggeletterd is, waardoor hij moeite heeft om informatie te begrijpen. Of iemand heeft stress, waardoor zijn hoofd er niet naar staat om te stoppen met roken. Om gezondheid voor iedereen bereikbaar te maken is maatwerk nodig. Daarbij sluiten we aan bij de leefwereld (gezin, wijk) en het participatiegedrag (school, werk, inburgeringstraject, schuldhulpverleningstraject) van de inwoner. We behandelen niet iedereen gelijk, maar differentiëren waar nodig. Alleen dan kunnen we de gezondheidspositie van kwetsbare inwoners versterken. En daarmee ook hun zelfredzaamheid. We maken dus de beweging van equality (gelijkheid) naar equity (kansengelijkheid): “we gaan naar het Hart van de Beweging”. 4
Ambitie Op basis van bovenstaande kaders, ontwikkelingen en visie formuleren we de volgende ambitie: Inwoners van de gemeente maken gezonde keuzes. Dit verhoogt de kwaliteit van leven en draagt bij aan een vitale gemeente met gelukkige inwoners. De rol van de gemeente is om inwoners hierbij te stimuleren en waar nodig te ondersteunen. Dat doen we vooral door een fysieke en sociale leefomgeving te creëren waarin het makkelijker is om aan een gezonde leefstijl te werken. Dat kunnen we niet alleen, maar alleen samen met partners die aan dezelfde doelen willen werken, zoals scholen, (sport)verenigingen, supermarkten en welzijns- en zorgorganisaties. Concreet zetten we de komende jaren in op de volgende drie speerpunten: ▪ Kansen(on)gelijkheid ▪ Mentale gezondheid ▪ Vitaal ouder worden Ervaringen van inwoners Bij elk thema gaan we ook in op hoe inwoners zelf hun gezondheid ervaren. Dat doen we aan de hand van de gezondheidsmonitors van de GGD. Elke vier jaar vraagt de GGD NOG groepen inwoners naar hun gezondheid, welzijn en leefstijl. Deze cijfers zijn beschikbaar op gemeenteniveau. De meest relevante cijfers hebben we per speerpunt verwerkt in een infographic.
5
4 Speerpunten
Kansen(on)gelijkheid
Mentale gezondheid
Vitaal ouder worden
6
7
8
4.1 Speerpunt 1: Kansen(on)gelijkheid Waarom agenderen we dit onderwerp? Mensen met een laag inkomen en minder opleiding leven gemiddeld 6 jaar korter dan mensen die hoog zijn opgeleid en een hoog inkomen hebben. En als het gaat om goed ervaren gezondheid, is het verschil zelfs 15 jaar. Ze ervaren meer chronische stress als gevolg van sociale of financiële problemen, zoals werkloosheid en langdurig leven in armoede. Chronische stress vergroot de kans op hart- en vaatziekten, diabetes en depressie. Het heeft ook invloed op de cognitieve vermogens en (gezondheids)vaardigheden van mensen om met problemen om te gaan. Lager opgeleiden hebben vaker een ongezonde leefstijl. Ze roken meer, eten minder gezond en hebben vaker overgewicht. Eén op de drie volwassenen in onze gemeente behoort tot deze groep. Lager opgeleiden ervaren ook minder brede welvaart dan hoger opgeleiden3. Gezondheidsverschillen worden niet alleen veroorzaakt door sociaaleconomische ongelijkheid 4. De achterliggende ongelijkheid is complex. En deze is niet alleen op individueel niveau te beïnvloeden. Het is een interactie tussen verschillende factoren. Denk aan ongelijkheid in onderwijs, arbeidsmarkt, sociale zekerheid, leefomgeving en sociale relaties. En deze factoren beïnvloeden elkaar langdurig: verschillen ontstaan niet plotseling.
Ze zijn juist vaak een gevolg van een opstapeling van problemen gedurende de levensloop van een persoon. Een betere gezondheid voor mensen met een lage sociaaleconomische positie wordt vooral beïnvloed door te investeren in bovengenoemde factoren die buiten het gezondheidsdomein liggen. En minder door mensen op individueel niveau aan te spreken.
Strategie In deze notitie beperken we ons tot wat we wél kunnen doen binnen het gezondheidsbeleid om gezondheidsverschillen te verkleinen. We leggen de focus op de eerste levensfase om gezondheidsverschillen in een vroeg stadium te voorkomen. Het gaat dan om de periode van een kinderwens tot en met jongvolwassen. Volgens de Wetenschappelijke Raad voor het Regeringsbeleid (WRR) is de kans om gezondheidswinst te boeken het grootst als we de nadruk leggen op de eerste levensfase, tot en met 18 jaar. We zetten bij volwassenen in op het vergroten van gezondheidsvaardigheden. Volgens de WHO is dit een zeer geschikte strategie om gezondheidsachterstanden te verkleinen. Onder gezondheidsvaardigheden verstaan we het vermogen van mensen om informatie over hun gezondheid (1) te verkrijgen, (2) te begrijpen, (3) te beoordelen en (4) te gebruiken als ze een besluit moeten nemen over hun gezondheid. Het is van belang dat we kiezen voor een aanpak op maat waarbij we aansluiten bij wat inwoners zelf belangrijk vinden. Welke wensen hebben mensen zelf om te werken aan hun leefstijl? Hoe kunnen we hun ervaringskennis gebruiken om een aanpak te kiezen die echt werkt? Ook zien we kansen om gezondheidsachterstanden te verminderen door aan te sluiten bij andere beleidsterreinen, zowel in het sociaal als in het fysieke domein.
Zoals we al eerder schreven, raakt gezondheidsbeleid aan veel beleidsvelden, zoals natuur & groene kernen, de openbare ruimte, inburgeringsbeleid, armoedebeleid, schuldhulpverlening of onderwijs. Een investering in deze beleidsterreinen draagt als zodanig al bij aan het verminderen van gezondheidsachterstanden. Daarnaast gaan we het thema gezondheid integreren in deze beleidsvelden.
3 Monitor Brede Welvaart, CBS, gezondheid 2020. 4 Gezondheidsverschillen voorbij, essay van de Raad voor Volksgezondheid & Samenleving, 2020.
9
Waar zetten we op in? FOCUS OP JONGEREN Ontwikkelen doorgaande lijn voor een gezonde leefstijl (0-12 jaar) We doen al veel om (kwetsbare) ouders met jonge kinderen te ondersteunen. Denk aan de inzet van Yunio (0-4 jarigen) met activiteiten als het consultatiebureau, huisbezoeken en videotrainingen. De GGD biedt preventieve gezondheidszorg aan 5-12 jarigen op de basisschool. En Buurtzorg Jong is de organisatie voor preventief jeugd- en jongerenwerk, ambulante begeleiding en specialistische jeugdhulp. Het huidige aanbod willen we doorontwikkelen. We willen toe naar een doorgaande lijn in gezonde leefstijl waarbij kinderen en hun ouders steeds dezelfde boodschap horen over gezond gedrag. Uit onderzoek weten we dat het alleen zinvol is om op een gestructureerde wijze aandacht te besteden aan gezondheid om positieve effecten te bereiken 5. Daarbij moeten ook ouders betrokken worden. Het ontwikkelen van een doorgaande lijn doen we samen met partners, zoals Yunio, de GGD, kinderopvang, scholen, organisaties in de wijk, buurtsportcoaches en ouders. We werken aan afstemming en een samenhangend aanbod. Als gemeente nemen we de regie. We agenderen dit issue stelselmatig op het overleg van de Lokale Educatieve Agenda (LEA) waar alle schooldirecteuren en welzijnsorganisaties bij elkaar komen en op het gebiedsgerichte jeugdoverleg.
We beginnen klein en concentreren ons op basisscholen in de kernen met de laagste SES en op vmbo-scholen. We gaan de preventiemiddelen hiervoor inzetten die het Rijk beschikbaar stelt om de maatregelen in het Nationaal preventieakkoord lokaal uit te voeren. Starten programma Kansrijke start We starten in 2021 met het programma Kansrijke Start. Dit is een programma van het Ministerie van VWS gericht op het verbeteren van de ‘eerste 1000 dagen’ van een kind. Het gaat om de periode tijdens en ná de zwangerschap: -9 maanden tot 2 jaar. Het doel is kwetsbare aanstaande ouders beter voor te bereiden op de zwangerschap, het signaleren van medische en sociale problemen en zorgen dat ouders eerder hulp krijgen. Daarmee krijgen meer kinderen een kansrijke start. De gemeente heeft financiële middelen gekregen om een lokale coalitie te vormen of te versterken met organisaties vanuit het medisch en sociaal domein. We hebben hier ook aandacht voor een gezonde leefstijl, zoals alcoholgebruik en roken tijdens de zwangerschap. Starten project Nu niet zwanger Een onderdeel van het Programma Kansrijke start is het 3-jarige project ‘nu niet zwanger’ dat wordt uitgevoerd door de GGD. Het project ondersteunt kwetsbare (potentiële) ouders bij het nemen van regie over hun kinderwens door actief in gesprek te gaan over kinderwens, seksualiteit en anticonceptie.
Het ondersteunt het voorkomen van onbedoelde zwangerschappen door intensieve samenwerking tussen het sociale en het medische domein. De looptijd van dit project is 2021 t/m 2023. Het programma Kansrijke start past in de doorgaande lijn voor een gezonde leefstijl. Terugdringen overgewicht bij kinderen Uit landelijke cijfers blijkt dat kinderen met ouders met een lage SES vaker een ongezond gewicht hebben. Uit lokale cijfers weten we deze kinderen ongezonder eten. Zij en hun ouders zijn zich niet altijd bewust van gezonde voeding. In 2018 voerden we een programma Slimmer Kids uit. Kinderen en hun ouders werkten aan een gezond gewicht, bewegen en gezonde voeding. Dit programma heeft tot onvoldoende resultaat geleid. Menzis gaat in 2021 een regionale aanpak ontwikkelen voor het verminderen van overgewicht bij jongeren. We willen deze dan integreren in de doorgaande lijn.
5 Zie o.a. Rivm, Gezondheidsbevordering en preventie in het onderwijs 2010.
10
VERGROTEN GEZONDHEIDSVAARDIGHEDEN Vergroten gezondheidsvaardigheden Om de gezondheidsvaardigheden van inwoners te vergroten, willen we aansluiten op (1) taalgebruik, (2) type interventie en (3) meer gebruik maken van sleutelpersonen, ervaringsdeskundigen en buurtvrijwilligers. Het beleid van de gemeente is om met inwoners op taalniveau B1 te communiceren. Dat is een relatief eenvoudig taalniveau. We vragen onze welzijns- en zorgpartners hier ook alert op te zijn. Er zijn diverse interventies ontwikkeld gericht op specifieke groepen inwoners. Denk aan mensen met dementie, laaggeletterden of migranten. We willen meer gebruik maken van deze bewezen effectieve interventies. Tot slot gaan we vaker inwoners inzetten die vanuit hun eigen specifieke ervaring een brugfunctie kunnen vervullen tussen de doelgroep en medewerkers van zorg- en welzijnsorganisaties. Dat kunnen vluchtelingen of migranten zijn die weten hoe ze cultuurverschillen kunnen overbruggen. Maar ook mensen die ervaring hebben met eenzaamheid na verlies. Vanuit hun eigen ervaring kunnen ze anderen in dezelfde situatie benaderen. Het gaat ook om de buurtverbinder, de persoon die iedereen en alles kent en daarmee een belangrijke signalerende rol kan vervullen. We verwachten hierdoor beter aan te sluiten op de leefwereld van inwoners.
AANSLUITEN OP ANDERE BELEIDSTERREINEN Aandacht voor het thema gezondheid in het fysieke domein: Omgevingsvisie, Visie op landschap, natuur en groen, Speelruimtebeleidsplan (in ontwikkeling) In de Toekomstvisie/Omgevingsvisie is gezond oud worden én gezond jong zijn één van de opgaven. In de Visie op landschap, natuur en groene kernen, wordt de relatie tussen een groene omgeving en gezondheid benadrukt: groen stimuleert naar buiten gaan, nodigt uit tot bewegen en heeft op die manier een meerwaarde voor onze gezondheid en ons welzijn. Wie in een groene woonomgeving leeft, voelt zich vaker gezonder en is minder vaak ziek. Groen vermindert stress, bijvoorbeeld doordat van alleen al het zien van natuur een rustgevend effect uitgaat. De omgevingsvisie wordt nader uitgewerkt in het omgevingsplan. Vanuit het gezondheidsbeleid vragen we aandacht om vooral te investeren in kernen met inwoners met meer gezondheidsachterstand. Doorontwikkeling gezondheidsvoorlichting aan statushouders Veel statushouders hebben gezondheidsproblemen. In het nieuwe inburgeringsbeleid, dat vanaf 2022 ingaat, is gezondheid een integraal onderdeel van het beleid. Het doel is erop gericht dat gezondheidsproblemen statushouders niet belemmert om mee te doen aan de samenleving. We hebben positieve ervaringen opgedaan met de inzet van sleutelpersonen om gezondheidsvoorlichting te geven.
We gaan vanaf 2021 hier meer gestructureerd gebruik van maken. We willen deze sleutelpersonen een vrijwilligersvergoeding bieden omdat we een groter beroep op ze gaan doen. Starten Stress-sensitieve dienstverlening aan mensen met schulden Schulden en gezondheidsproblemen zijn nauw met elkaar verweven. Uit onderzoek blijkt dat mensen met schulden meer roken, ongezonder eten, vaker overgewicht hebben en meer psychische problemen hebben6. Ook kan het IQ van mensen met chronische stress met meer dan 10% dalen 7. Daardoor maken mensen niet altijd rationele keuzes. Het is niet duidelijk of gezondheidsklachten de oorzaak zijn van het krijgen van schulden of andersom. Wel is helder dat alleen een integrale aanpak werkt wanneer de problemen zich voordoen. Als een arts een persoon met financiële
6
Mieke van der Veer & Nadja Jungmann, de impact van financiële problemen op gezondheid, artikel in Platform 31, 2016.
7 Nadja Jungmann in NRC, 15 november 2014
.
11
problemen verwijst naar de sportclub om meer te bewegen, zal die persoon naar alle waarschijnlijkheid hier niet naar toe gaan. Helpend is wel wanneer zorg- en welzijnsprofessionals alert zijn op signalen van financiële problematiek en cliënten/patiënten doorverwijzen naar (vrijwilligers)organisaties die mensen met financiële problemen helpen. Ook moeten professionals zich bewust zijn van de (geld)stress die mensen met schulden hebben. Om mensen effectief te helpen is het van belang dat organisaties ‘stress-sensitieve’ dienstverlening bieden. Dit is dienstverlening die aansluit op de ontregelende werking van aanhoudende stress. Hierdoor zullen mensen vaker en sneller hun doelen realiseren. Dit werken we nader uit in het uitvoeringsplan schuldhulpverlening. Starten Gecombineerde Leefstijl Interventie (GLI) voor minima We hebben met Menzis afspraken gemaakt dat minima met een MenzisGarantVerzorgd polis en een BMI hoger dan 25, gratis een Gecombineerde Leefstijl Interventie (GLI) kunnen volgen. Dit is een programma om je leefstijl aan te passen bij overgewicht. Via de huisarts worden deelnemers verwezen naar een leefstijlcoach. Buurtsportcoaches begeleiden deelnemers naar sport- en beweegactiviteiten. Minima met de Menzispolis worden persoonlijk geïnformeerd over dit aanbod.
Om het bereik te vergroten, maakt de gemeente afspraken met consulenten van STOER en de Wmoconsulenten om cliënten die in aanmerking komen actief te stimuleren om hieraan mee te doen en zo te werken aan hun gezondheid. Overige inwoners kunnen ook gratis gebruik maken van de GLI, maar alleen met een BMI van 25 met gezondheidsklachten, of met een BMI hoger dan 30 zonder gezondheidsklachten.
Resultaat Doel
Effectindicator
Actueel
Streefwaarde 2024
In 2024 is het verschil in ervaren gezondheid tussen mensen met lage en hoge SES verminderd. Meer kinderen uit gezin met lage SES eten gezonder
Stijging percentage inwoners met lage SES dat goede gezondheid ervaart
65% inwoners lage SES ervaart gezondheid goed (89% hoge SES). (bron: monitor volwassenen 2016)
5% verbetering
Overgewicht neemt af onder volwassenen met lage SES Aantal mensen met lage SES dat rookt neemt af
Daling percentage inwoners met lage SES met overgewicht Daling percentage rokers
Aantal vmbo leerlingen dat teveel drinkt bij één gelegenheid is gedaald
Daling percentage vmbo leerlingen dat 5 of meer glazen alcohol bij één gelegenheid drinkt Stijging percentage vmbo leerlingen dat tenminste 5 dagen per week beweegt
Jongeren op het vmbo voldoen aan de beweegnorm
Stijging percentage dat dagelijks fruit eet
54% kind lage SES eet dagelijks fruit; (61% kind hoge SES)
Daling percentage kinderen met lage SES dat 3 of meer zoete drankjes per dag drinkt, op 4 of meer dagen per week
34% kinderen met lage SES drinkt 3 of meer zoete drankjes per dag, op 4 op meer dagen per week (25% hoge SES} (bron: kindmonitor 2019) 68% lage SES heeft overgewicht; (52% hoge SES) (bron: monitor volwassenen 2016) 22% lage SES rookt; 10% hoge SES (monitor volwassenen 2016) 31% vmbo drinkt 5 of meer glazen alcohol per gelegenheid; (22% jongeren Havo/Vwo} (bron: jeugdmonitor 2019) 43% vmbo voldoet aan beweegnorm; (56% Havo/Vwo). (bron: jeugdmonitor 2019)
12
(meten via kindmonitor, jeugdmonitor of monitor volwassenen van de GGD; tevens door ‘storytelling’ het verhaal achter de cijfers)
13
4.2 Speerpunt 2: Mentale gezondheid Waarom agenderen we dit onderwerp? Van de zes dimensies van positieve gezondheid gaan er vijf over mentaal welbevinden. Als positieve gezondheid uitgangspunt is van preventief gezondheidsbeleid, kan de mentale gezondheid dus niet buiten beeld blijven. Juist mentaal welbevinden bepaalt in hoeverre mensen zich in staat voelen om de regie over hun eigen leven te voeren. En om een zinvol leven te leiden. Als gemeente willen we daarom gezondheid van geest van onze inwoners stimuleren. De meeste mensen in onze gemeente ervaren een hoge mate van welbevinden. Tegelijk zien we dat er ook mensen zijn die onvoldoende weerbaar zijn en geen nee durven zeggen tegen verleidingen en groepsdruk. Ook zijn er mensen die minder goed functioneren omdat ze somber, depressief of angstig zijn. Veel mensen met depressieve klachten vragen niet zelf om hulp en ondersteuning. Uit landelijk onderzoek blijkt dat vooral (kwetsbare) jongeren op het vmbo en mantelzorgers het risico lopen een depressie te ontwikkelen8. Steeds meer jongeren kampen met psychische problemen, waaronder stress, onzekerheid en prestatiedruk op school9. Dit beeld zien we bevestigd in de lokale gezondheidsmonitor van de GGD. Ook blijkt dat lager opgeleiden psychisch ongezonder zijn dan hoger opgeleiden.
Uit onderzoek van de GGD blijkt dat sinds de corona-uitbraak de psychische ongezondheid van inwoners is toegenomen. Vooral jongvolwassenen (18-27 jaar) en lager opgeleiden ervaren meer stress en angst. Ze hebben ook minder veerkracht dan 27-plussers en hoger opgeleiden. Door corona zijn de gezondheidsverschillen tussen hoger- en lager opgeleiden nog meer toegenomen. Een ander aspect van mentale gezondheid is eenzaamheid. Bij eenzaamheid voelt iemand zich niet verbonden met zichzelf of met de ander. Eenzame mensen ervaren hun leven ook als minder zinvol en voelen zich vaker buitengesloten. 37% van de inwoners in Oude IJsselstreek is eenzaam. Eenzaamheid komt zowel voor bij jongeren als ouderen.
Strategie Psychisch ongezonde mensen vragen vaak niet zelf om hulp of ondersteuning. We willen daarom preventief meer investeren in het versterken van de psychische gezondheid van onze inwoners. Net zoals we dat ook doen via leefstijlinterventies om de lichamelijke gezondheid te verbeteren. We willen aandacht voor mentale gezondheid in het dagelijks leven van alle inwoners. We zetten in op normaliseren en het vroegtijdig herkennen en bespreekbaar maken van langdurige stress, somberheid en depressieve gevoelens op plekken waar mensen al van nature komen (school, jongerenwerk en wijk). We willen vooral de weerbaarheid en veerkracht van inwoners versterken.
8 Er zijn meer risicogroepen, zoals werknemers in stressvolle beroepen, pas bevallen moeders en huisartspatiënten maar die vallen primair onder de verantwoordelijkheid van zorginstellingen (huisarts, arbodienst). In deze nota beperken we ons tot de omgeving en risicogroepen waar de verantwoordelijkheid van de gemeente het grootst is: school (jongeren) en wijk (mantelzorgers). 9 Geluk onder druk, onderzoek naar mentaal welbevinden van jongeren, Trimbos Instituut, in opdracht van Unicef Nederland, 2020.
14
Waar zetten we op in? MEER PREVENTIEVE AANDACHT VOOR WEERBAARHEID EN VEERKRACHT OP SCHOLEN Versterken weerbaarheid bij kinderen op de basisschool Scholen bepalen zelf op welke wijze ze aandacht besteden aan weerbaarheid. Alle basisscholen hebben een anti-pest protocol. Er is één basisschool met het Gezonde School certificaat Welbevinden. De GGD biedt lespakketten aan om de weerbaarheid van kinderen en jongeren te versterken. We willen vooral investeren in de veerkracht van het jonge kind. Door preventief te investeren willen we zwaardere ondersteuning op termijn voorkomen. We weten dat kinderen die minder weerbaar zijn, vaker worden gepest. Gepest worden in de kindertijd kan negatieve effecten hebben die tot in de volwassenheid voortduren. Deze kinderen hebben bijvoorbeeld meer kans op depressie en angststoornissen. We gaan basisscholen stimuleren een bewezen effectieve interventie in te zetten om weerbaarheid te versterken. Een voorbeeld is de Kanjertraining. Met de Kanjertraining leren kinderen, leerkrachten en ouders om zich op een positieve manier te handhaven in sociaal stressvolle omstandigheden. Onder het motto: wat je meemaakt is interessant, vervelend of naar, maar hoe je ermee omgaat is belangrijker. We reserveren hiervoor jaarlijks een budget van € 10.000, -.
Handhaven aanbod versterken weerbaarheid kinderen en jongeren in kwetsbare situaties Buurtzorg Jong heeft een groepsaanbod voor gezinnen met kinderen in kwetsbare situaties, zoals verslaving or armoede. Door kennis, vaardigheden en draagkracht van gezinnen te vergroten, neemt de weerbaarheid van kinderen toe. Buurtzorg Jong organiseert ook weerbaarheidstrainingen. O.a. voor meidengroepen. Jongeren die onvoldoende weerbaar zijn worden door Buurtzorg Jong tijdig gesignaleerd en toegeleid naar passende ondersteuning. Dit aanbod handhaven we.
AGENDEREN DEPRESSIEPREVENTIE JONGVOLWASSENEN EN VOLWASSENEN Agenderen depressiepreventie jongvolwassenen op onderwijsinstellingen 28% van de jongvolwassenen (18-27 jaar) in de gemeente Oude IJsselstreek heeft een verhoogd risico op psychische problematiek. Omdat 84% van deze leeftijdsgroep een opleiding volgt, richten we ons op de vindplaats school om deze jongeren te bereiken. Scholen bepalen zelf hoe ze aandacht besteden aan mentaal welbevinden. Er zijn maar weinig scholen die dit op gestructureerde wijze doen. Wel heeft elke school een jeugdmaatschappelijk werker. Uit landelijk onderzoek blijkt dat depressie bij jongeren vaak samen gaat met andere problemen waaronder slechte schoolprestaties, schoolverzuim, problematische relaties met ouders en leeftijdgenoten, overmatig gebruik van tabak en alcohol en suïcidaal gedrag. Jongeren zoeken vaak geen hulp voor hun problemen vanwege ontkenning of onderschatting van hun klachten. Vooral lager opgeleiden lijken minder snel hulp te zoeken. Experts adviseren om jongeren die niet zelf op zoek gaan naar hulp toch een preventief aanbod te doen, en deze interventie in te bedden in een sociale context zoals de school. Op basis van de risicofactoren is vooral het vmbo een belangrijke vindplaats van deze doelgroep. De gemeente gaat dit onderwerp daarom agenderen op het LEA.
Samen met onderwijsinstellingen, Buurtzorg Jong, (school)maatschappelijk werk, de GGD en de POH-GGZ gaan we in gesprek hoe we op gestructureerde wijze aandacht kunnen besteden aan depressiepreventie op scholen. We hebben hierbij ook aandacht voor normaliseren en het vergroten van veerkracht. Het gaat er vooral om dat jongeren leren hoe je hier mee om moet gaan. We willen ook hun ouders hierbij betrekken. Vroegsignalering somberheid en depressiepreventie en stress bij inwoners met lage SES Er zijn diverse lokale organisaties waar volwassenen met lichte mentale gezondheidsproblemen zonder verwijzing terecht kunnen. Denk maar aan het maatschappelijk werk of de POH-GGZ bij de huisarts. Ook zijn er diverse landelijke websites en telefoonlijnen. Volgens de GGD is vaak een 15
luisterend oor genoeg voor beginnende psychische klachten. We gaan deze mogelijkheden breed onder de aandacht brengen. Niet iedereen met psychische klachten wil of durft zelf hulp in te roepen. We gaan in onze dienstverlening aan mensen met lage inkomens (denk aan schuldhulpverlening, minimabeleid, uitvoering van de Participatiewet) hier meer aandacht aan besteden. We trainen consulenten in (1) het herkennen van psychische problemen, (2) bespreekbaar maken en (3) toeleiden naar een passende interventie. Versterken ondersteuning mantelzorgers 17% van de volwassenen in onze gemeente is mantelzorger. Dat is hoger dan het landelijk gemiddelde. Mantelzorg verlenen leidt vaak tot voldoening, maar kan ook leiden tot zware belasting. Landelijk onderzoek laat zien dat 8% van de mantelzorgers een emotionele stoornis heeft, waaronder een depressie10. Dit cijfer is nog hoger bij mantelzorgers van mensen met GGZ- of verslavingsproblematiek. Hier voelt 34% zich overbelast en ervaart 10% een emotionele stoornis. Mantelzorgers vinden het moeilijk om toe te geven dat ze de zorg niet meer aan kunnen. Ze doen dan ook niet snel een beroep op professionele ondersteuning. Een depressie wordt bij mantelzorgers dan ook niet altijd tijdig gesignaleerd. We doen in de gemeente Oude IJsselstreek al veel om mantelzorgers te ondersteunen. Zo hebben we een mantelzorgsteunpunt.
Ook kunnen mantelzorgers terecht bij het maatschappelijk werk, de POH-GGZ en IrisZorg (bij verslavingsproblematiek). We gaan in gesprek met onze partners wat we (nog meer) kunnen doen om somberheid en depressie bij mantelzorgers te voorkomen. Langdurige overbelasting is vaak een voorstadium van een depressie bij mantelzorgers. We willen daarom langdurige overbelasting bij mantelzorgers eerder signaleren. En vervolgens mantelzorgers toeleiden naar een effectieve interventie. Partners hierin zijn het mantelzorgsteunpunt, het maatschappelijk werk, de POH-GGZ en Wmo-consulenten, wijkverpleegkundigen en huisartsen.
EENZAAMHEIDSBESTRIJDING Starten Coalitie tegen eenzaamheid We hebben in 2020 de coalitie tegen eenzaamheid ondertekend. We doen al veel om eenzaamheid te verminderen (zoals het faciliteren van ontmoeting; organiseren van bijeenkomsten etc.). Wat nog ontbreekt, is een gestructureerde aanpak met lokale partners. In 2021 gaan we in netwerkverband eenzaamheidsbestrijding gericht aanpakken. De gemeente pakt de regierol. We maken in onze aanpak onderscheid tussen sociale eenzaamheid en emotionele eenzaamheid. Om sociale eenzaamheid te verminderen, zetten we in op begeleiding naar een activiteit of ontmoeting. Het tweede vraagt om een andere, vaak intensievere benadering. Daarbij is het ook van belang dat mensen leren omgaan met gevoelens van eenzaamheid. Eenzaamheid hoort bij het leven (normaliseren). We willen mensen ook leren om te gaan met (ingrijpende) situaties, vanuit het concept van positieve gezondheid. Daarbij hoort ook het bijstellen van onrealistische wensen en (te) hoge verwachtingen van relaties. We richten ons niet alleen op ouderen, maar op alle groepen die meer kans maken om eenzaam te zijn, zoals alleenstaanden, mantelzorgers, mensen met een beperking en jongeren. De uitdaging zit in het beter signaleren van mensen die vereenzamen of vereenzaamd zijn en in het begeleiden naar of informeren over passend aanbod.
We spannen ons in om het taboe op eenzaamheid te doorbreken. We maken afspraken met partners om signalen van eenzaamheid sneller te herkennen. Daardoor kunnen we ook beter verwijzen naar passende activiteiten. We faciliteren ontmoeting. Inwoners worden gestimuleerd om de regie over hun leven te pakken.
Strategische verkenning, depressiepreventie: gerichte aanpak voor risicogroepen van het Trimbos Instituut (2014). 10
16
Starten Welzijn op recept Welzijn op Recept is een interventie voor mensen met psychosociale klachten die met regelmaat naar de huisarts gaan. Ze hebben dikwijls ook een ongezonde leefstijl (roken, weinig bewegen, overgewicht). Vaak zijn deze mensen eenzaam. Zij hebben voor hun klachten geen pilletje of verwijzing naar een fysiotherapeut of een medisch specialist nodig. Bij Welzijn op Recept verwijst de huisarts de inwoner naar een welzijnscoach. De welzijnscoach ondersteunt bij het vinden van een beweeg- of ontmoetingsactiviteit die positieve ervaringen en sociale contacten oplevert. Ook kan verwezen worden naar groepsactiviteiten die het maatschappelijk werk biedt om inwoners in hun kracht te zetten of om stress en spanning te verminderen. Het doel van Welzijn op Recept is enerzijds het verhogen van het welbevinden van mensen en anderzijds het verlagen van het zorggebruik. Hoewel de interventie in theorie geschikt is voor alle volwassenen met psychosociale problematiek, blijkt in de praktijk dat vooral ouderen met eenzaamheids- en psychische klachten worden doorverwezen.
Resultaat Doel
Effectindicator
Actueel
Weerbaarheid kinderen vergroten
Stijging percentage kinderen op de basisschool dat weerbaar is Stijging percentage vmbo- leerlingen dat geen risico loopt op psychosociale problematiek Stijging percentage jongvolwassenen dat geen verhoogd risico loopt op psychosociale problematiek
56% van de ouders vindt dat hun kind meestal weerbaar is (kindermonitor 2019)
Meer volwassenen zijn psychisch gezond
Stijging percentage volwassenen met lage SES dat geen risico loopt op angststoornis/ depressie
Verminderen van eenzaamheid
Daling percentage inwoners dat eenzaam is
46% van volwassenen met lage SES loopt geen risico op angststoornis/depressie (68% volwassen met hoge SES) (monitor volwassenen/ouderen 2016) 39% van de inwoners is eenzaam (monitor volwassenen/ouderen) 2016)
Jongeren op het vmbo en jongvolwassenen zijn op psychosociaal vlak gezond
72% vmbo-scholieren lopen geen risico op psychosociale problematiek (82% jongeren havo/vwo) (monitor jeugd 2019) 72% jongvolwassenen loopt geen verhoogd risico op psychosociale problematiek (monitor jong volwassenen 2019)
17
Streefwaarde 2024 5% verbetering (meten via kindermonitor, monitor jeugd, jongvolwassenen en monitor volwassenen van de GGD; tevens door ‘storytelling’ het verhaal achter de cijfers)
18
4.3 Speerpunt 3: Vitaal ouder worden Waarom agenderen we dit onderwerp? Bijna een kwart van de inwoners van de gemeente Oude IJsselstreek behoort tot de groep ouderen. De komende jaren neemt het aantal ouderen, vooral 75plussers, fors toe. Hoe ouder mensen worden, hoe groter de kans op kwetsbaarheid en gezondheidsproblemen. Zo hebben ouderen vaker meerdere chronische ziekten, zoals diabetes, COPD, of een hart- en vaatziekte. Ook de kans op dementie en sociale problemen, zoals eenzaamheid nemen met leeftijd toe. Elke oudere wil de regie (blijven) houden over zijn leven en zelfstandig in zijn eigen huis blijven wonen. Dat geldt ook voor kwetsbare ouderen, zoals mensen met een klein sociaal netwerk, verminderde mobiliteit of beginnende dementie. Maar als de problemen zich teveel opstapelen, lukt dat niet altijd. Ouderen in Oude IJsselstreek zijn minder vitaal en zelfredzaam dan de gemiddelde Nederlandse oudere: ze worden minder oud, wonen minder vaak zelfstandig thuis en maken vaker gebruik van wijkverpleging. Ook hebben ze vaker overgewicht. Ook is het percentage zware drinkers onder de 6574 jarigen hoog (8%). We kunnen niet voorkomen dat mensen kwetsbaar(der) worden, wel kunnen ouderen zelf veel doen om dit proces te vertragen en vitaal ouder te worden. Onder vitale ouderen verstaan we ouderen die voldoende bewegen, gezond eten, hun brein scherp houden en sociaal actief zijn.
Vooral (letterlijk) in beweging blijven draagt bij aan kwaliteit van leven en behoud van zelfstandigheid. Bewegen heeft een positieve impact op een enorme lijst aan fysieke aandoeningen zoals spierkracht, loopsnelheid, cognitieve vaardigheden, dementie en hart- en vaatziekten. Daarnaast is van belang dat ouderen een zinvolle invulling kunnen geven aan hun dag. Om dit te realiseren moet de gemeente (potentieel) kwetsbare ouderen ondersteunen, zoals ook in de Wmo is opgenomen.
Strategie We kiezen voor een gecombineerde strategie van sociale ontmoeting en leefstijlinterventies. We gaan ouderen meer ondersteuningsmogelijkheden aanbieden (begeleiding en advies) om hun leefstijl te verbeteren. We verwachten niet dat elke oudere zelf in staat is preventief actie te ondernemen. Hiermee sluiten we aan op een advies van onderzoeksbureau Motivaction hoe je minder zelfredzame inwoners moet benaderen11. We ontwikkelen de bestaande ontmoetingscentra in de kernen door naar locaties waar ook kwetsbare ouderen, zoals mensen met minder sociale vaardigheden of mensen met geheugenproblemen, zich thuis voelen en willen meedoen. Om deze ouderen eerder te signaleren en toe te leiden naar de ontmoetingsplekken gaan we meer samenwerken met de eerstelijnsgezondheidszorg. We integreren leefstijlinterventies in de reguliere ontmoetingsactiviteiten. Door aandacht voor bewegen, gezonde voeding en verantwoord alcoholgebruik een onderdeel te laten zijn van de wekelijkse ontmoetingsactiviteiten worden (meer) ouderen gestimuleerd om (gezamenlijk) te werken aan hun leefstijl. Juist sociaal samenzijn is voor ouderen een motivatie om deel te nemen aan preventieve activiteiten. Samen iets doen draagt ook bij aan verbondenheid tussen ouderen.
11 Zorgmentality, ontwikkeld door Motivaction geeft inzicht in de belevingswereld, behoeften en wensen van
(potentiële) zorgcliënten. Het onderzoek wordt aangehaald in het rapport Regiobeeld Achterhoek.
19
Waar zetten we op in? OUDEREN STIMULEREN IN HUN VITALITEIT Beleidsmatig: Start Lokaal Ouderen Netwerk Oude IJsselstreek (LONO) We richten een lokaal netwerk ouderen op, waarin (uitvoerende) professionals uit het medische en sociale domein met elkaar samenwerken. We delen kennis met elkaar, bespreken knelpunten in de uitvoering en pakken gezamenlijk activiteiten op. We vragen vertegenwoordigers van ouderen, onder wie mantelzorgers, om ook deel te nemen. Op regionaal niveau stimuleert het Kennisnetwerk Kwetsbare Ouderen Achterhoek dat zorgverleners worden aangemoedigd om tools voor positieve gezondheid in te zetten bij kwetsbare ouderen. In dit overleg agenderen we dit onderwerp regelmatig om te borgen dat in onze gemeente dit ook daadwerkelijk gebeurt. Doorontwikkelen ontmoetingscentra Er zijn in onze gemeente diverse ontmoetingscentra voor ouderen. We willen het huidige aanbod op drie manieren doorontwikkelen: ▪ niet alleen samen koffie drinken, maar vooral ook dingen samen doen: samen eten, (geheugen)spelletjes en creatief bezig zijn (aandacht voor kunst & cultuur). ▪ Aanbod voor vitale én kwetsbare ouderen. ▪ Combinatie van ontmoeting en gestructureerd aandacht voor een gezonde leefstijl Daartoe is meer professionele ondersteuning nodig. De ondersteuning is er vooral op gericht om vrijwilligers te coachen om een open houding te ontwikkelen naar kwetsbare ouderen.
Daar waar nodig, zal Sociaal Werk Oude IJsselstreek aanvullende ondersteuning verlenen. Ook kwetsbare ouderen voelen zich thuis in de ontmoetingscentra Bij kwetsbare ouderen gaat het bijvoorbeeld om mensen met dementie, niet-aangeboren hersenletsel of met weinig sociale vaardigheden. Om deze ouderen te benaderen, gaan we differentiëren in onze benadering. Een passende benadering kan voor iedere oudere verschillen. Voor de één werkt een formele benadering (een verwijzing door een consulent of de huisarts). De ander wil juist benaderd worden door een sleutelpersoon uit de buurt. We hebben ook oog voor fysieke toeleiding: niet iedereen heeft vervoer naar een activiteit, of is in staat zelfstandig naar een ontmoetingspunt op loopafstand te lopen. We gaan vitale ouderen actief benaderen om naoberschap te tonen door een kwetsbare inwoner mee te nemen naar een activiteit. We streven er ook naar dat kwetsbare ouderen die in aanmerking komen voor geïndiceerde dagbesteding, zo lang mogelijk gebruik kunnen maken van de reguliere activiteiten. Dit willen ze zelf ook graag en draagt bij aan hun vitaliteit. Door meer professionele inzet in de ontmoetingscentra kunnen we ook beter anticiperen op alternatieve activiteiten tijdens een crisissituatie, zoals corona. Aandacht voor gezonde leefstijl We stimuleren aandacht voor een gezonde en actieve leefstijl in de ontmoetingscentra.
We zetten ontmoeting in als trigger om ouderen bewust te maken van de voordelen van een gezonde leefstijl voor de zelfredzaamheid en kwaliteit van leven. Daarbij houden we er rekening mee dat voor inwoners genieten een belangrijke waarde is. Vanuit dit aspect willen we het werken aan een gezonde leefstijl dan ook benaderen. We richten ons op de zogenaamde Bravo-thema’s: bewegen, roken, alcohol, voeding en ontspanning. Daarbij gaan we ouderen niet alleen informeren, maar bieden we ze ook een (laagdrempelig en attractief) handelingsperspectief. Het is belangrijk dat ouderen zelf aan de slag gaan en bijvoorbeeld samen een maaltijd bereiden. In onze aanpak houden we er rekening mee dat een deel van de ouderen lage gezondheidsvaardigheden heeft en niet vanuit zichzelf het huidige gedrag gaat wijzigen. Met professionals in het sociale en medische domein maken we afspraken over hun signalerende en toeleidende rol inzake een gezonde leefstijl. Gezamenlijk maken we een maandprogramma gezonde leefstijl. Zo kan de praktijkondersteuner bijvoorbeeld elke maand informatie geven over hoe je met goede voeding diabetes onder controle kunt houden. De wijkverpleegkundige vertelt over het belang van valpreventie. En de buurtsportcoach start een beweegactiviteit vanuit het 20
ontmoetingspunt. Ook maken we ouderen ‘woonbewust’ en informeren we ze over wat ze zelf kunnen doen om hun woning aan te passen. Blijvende aandacht voor valpreventie Vallen is de belangrijkste oorzaak van letsel onder ouderen12. Eén op de drie 65-plussers valt minimaal een keer per jaar. En maar liefst iedere 4 minuten belandt een 65-plusser na een valongeval op de Spoedeisende Hulp.. Een valongeval heeft veel impact op de zelfredzaamheid, zelfstandig thuis kunnen blijven wonen en kwaliteit van leven. Er zijn diverse beweegprogramma’s die aantoonbaar effect hebben op valreductie. Buurtsportcoaches organiseren al enkele jaren valpreventiecursussen. We gaan ouderen actiever informeren over het belang van het versterken van botten en spieren waardoor de kans om te vallen verkleint. We maken hiervoor afspraken met wijkverpleegkundigen. Ook alcohol kan een rol spelen bij het vallen. IrisZorg Preventie kan ouderen hierover informeren en adviseren en thuiszorgmedewerkers trainen. Menzis is van plan om een (gratis) valinterventie op te nemen in de gemeentepolis voor mensen met een laag inkomen. Zodra deze beschikbaar is, zullen we deze actief bekend maken bij de doelgroep. Kwetsbare ouderen: specifieke aandacht voor mensen met dementie Het aantal mensen met dementie neemt de komende jaren sterk toe door demografische ontwikkelingen.
In 2020 hebben we een plan van aanpak opgesteld met als doel een dementievriendelijke gemeente te worden, waarin mensen met dementie ertoe doen. Dit plan kent vier speerpunten: (1) preventie; (2) dementievriendelijke samenleving, (3) mensen met dementie kunnen mee (blijven) doen aan de samenleving en (4) ondersteuning aan mantelzorgers.
Resultaat Doel
Effectindicator
Actueel
Ouderen voelen zich vitaal en gezond
Stijging percentage ouderen dat eigen gezondheid als goed ervaart Stijging percentage ouderen dat voldoet aan de beweegnorm Daling percentage ouderen dat 5 of meer glazen alcohol drinkt per gelegenheid Daling percentage ouderen met overgewicht
73% 65-74 jarigen en 60% 75-plussers ervaart eigen gezondheid als goed
Ouderen bewegen voldoende Ouderen drinken minder alcohol per gelegenheid
Ouderen hebben gezond gewicht Ouderen ervaren geen mobiliteitsbeperkingen Ouderen ervaren kwaliteit van leven
Daling percentage ouderen dat mobiliteitsbeperkingen ervaart Stijging percentage ouderen dat het leven als zinvol ervaart
80% 65-74 jarigen en 55% 75-plussers voldoet aan de beweegnorm 8% 65-74 jarigen en 3%75-plussers drinkt 5 of meer glazen alcohol per gelegenheid 69% 65-74 jarigen en 67% 75-plussers heeft overgewicht 13% 65-74 jarigen en 32% 75-plussers ervaart geen mobiliteitsbeperkingen 65-74 jarigen 80% en 75-plussers: 76% ervaart het leven als zinvol (bron alle cijfers: monitor volwassenen 2016)
12 Diverse bronnen: Huisarts & Wetenschap; Veiligheid.nl; letselschade.nl
21
Streefwaarde 2024 5% verbetering (meten via monitor volwassenen van de GGD; tevens door ‘storytelling’ het verhaal achter de cijfers)
5 Financiën De uitvoering van deze nota is, in eerste instantie, budgettair neutraal. In onderstaande tabel staan de activiteiten die we door vaststelling van deze nota de komende jaren extra gaan uitvoeren. Gedurende de looptijd van deze nota zullen we tevens onderzoeken welke acties we nog meer kunnen inzetten om ‘de beweging naar de voorkant’ verder vorm te geven. Indien nodig, organiseren we aanvullend budget. Door de inzet op preventie voorkomen we kosten op een later moment. Speerpunt/activiteit Kansen(on)gelijkheid
2021
2022
2023
2024 Dekking
Kansrijke start
11.675 11.675 11.675
-
Nu niet zwanger
12.630 12.630 12.630
-
Doorgaande gezondheidslijn
20.000 20.000 20.000
-
Ervaringsdeskundigen inburgering
10.000 10.000 10.000
-
10.000 10.000 10.000
-
Mentale gezondheid Mentale weerbaarheid basisschoolleerlingen Coalitie tegen eenzaamheid/welzijn op recept Vitaal ouder worden
2021: Dekking vanuit de GIDS-middelen 2022-2023: Dekking reserve SD. 2021: Dekking vanuit de GIDS-middelen 2022-2023: Dekking uit GIDS-middelen als regeling vervolg krijgt, anders bekostigen uit preventief jeugdbeleid. Middelen rijksuitkering uitvoering lokaal preventieakkoord (drie jaar). Kan in januari 2021 worden aangevraagd. 2021: Dekking vanuit de GIDS-middelen 2022-2023: Dekking reserve SD. Project deels gedekt door inburgeringsgelden (ook 10.000). 2021: Dekking vanuit de GIDS-middelen 2022-2023: Dekking reserve SD. 2021: Dekking vanuit de GIDS-middelen
5.000
5.000
5.000
5.000 2022 en verder: structurele dekking vanuit 60610007 (budget senioren). Structurele dekking uit 60610007. Evaluatie in 2023 of activiteit wordt voortgezet en/of uitgebreid. Structurele dekking vanuit 60610007 7.750 (budget senioren).
Doorontwikkeling ontmoetingscentra
20.000 20.000 20.000
Dementie
7.750
Totale kosten (in euro's)
97.055 97.055 87.055 12.750
7.750
7.750
-
Dekking Een groot deel van de activiteiten wordt gefinancierd uit de GIDS-middelen (Gezond In De Stad). Dit is een decentralisatie-uitkering die wordt ontvangen via het gemeentefonds. De huidige regeling loopt tot en met 2021. In de loop van 2021 horen we of de regeling wordt voortgezet. Er is op dit moment dus geen structurele dekking voor een deel van de activiteiten. De afgelopen jaren is geen volledige invulling gegeven aan de GIDS-middelen. De restantmiddelen 2020 worden apart gereserveerd binnen de reserve sociaal domein. Wanneer de regeling niet wordt verlengd na 2021, kunnen de restantmiddelen 2020 in 2022 en 2023 worden benut om de desbetreffende activiteiten uit te voeren. De projecten die in de tabel niet structureel zijn verwerkt, worden aan het einde van de looptijd geëvalueerd. Vervolgens wordt gekeken of voortzetting wenselijk is. Er is dan ook meer bekend over eventuele dekkingsmogelijkheden vanuit een nieuwe GIDS-regeling. Voor de periode 2021-2023 kunnen we jaarlijks € 20.000, - bij het Rijk aanvragen om de maatregelen in het Nationaal preventieakkoord lokaal uit te voeren. De besteding van dit bedrag is opgenomen bij de interventie ‘doorgaande gezondheidslijn’. 22
6 Borging, monitoring en evaluatie Beleidsmatige borging Uit deze nota blijkt hoe verweven gezondheidsbeleid is met andere beleidsvelden, zoals het jeugd- en Wmo-beleid en de fysieke leefomgeving. De beleidsadviseur publieke gezondheid heeft als regisseur intern de rol collega’s te adviseren, stimuleren en/of te faciliteren om gezondheidsissues daadwerkelijk een onderdeel te laten zijn van deze beleidsterreinen. Twee keer per jaar zal de beleidsadviseur een overleg organiseren met alle betrokken beleidsadviseurs binnen het ruimtelijk- en sociaal beleid om beleidsmatig te borgen dat gezondheidsissues integraal worden meegenomen in het beleid. Gezondheid als integraal onderdeel van gemeentelijk sociaal beleid We zijn van plan om aan het eind van de planperiode van deze gezondheidsagenda, niet langer nog separaat gezondheidsbeleid te ontwikkelen, maar gezondheidsbeleid integraal op te nemen in het beleidsplan sociaal domein. Daarmee sluiten we in het sociale domein ook aan bij het fysieke domein, waarbij gezondheidsbeleid een integraal onderdeel is van de omgevingswet en (het nog op te stellen) omgevingsplan. Borging van de uitvoering Bij de uitvoering van gezondheidsbeleid zijn diverse verschillende partijen betrokken.
Naast de gemeente hebben onder andere (eerstelijns)zorgaanbieders, welzijnsorganisaties, het onderwijs en vrijwilligersorganisaties (zoals sportverenigingen en ouderenbonden) een belangrijke rol om de gezondheid van inwoners te stimuleren. De beleidsadviseur publieke gezondheid zal als regisseur deze relaties verder uitbouwen. En de voortgang van specifieke acties bewaken. En deze blijvend agenderen op de bestaande overlegstructuren. Monitoring We monitoren het effect van de maatregelen kwantitatief en kwalitatief. Elke 4 jaar herhaalt de GGD de kinder-, jeugd- en volwassenen/ouderenmonitor. Daarnaast gaan we tweejaarlijks in gesprek met groepen inwoners om hun persoonlijke verhalen te horen. Daarmee kunnen persoonlijke ervaringen van inwoners ook duiding geven aan de cijfers van de GGD.
23
Bijlage 1 Relatie Preventie Akkoord Achterhoek 2020-2030 en lokale gezondheidsagenda In de hoofdtekst van dit document hebben we onze prioriteiten voor de komende vier jaar aangegeven. Daarnaast willen we de komende jaren aandacht schenken aan de thema’s van het Preventie Akkoord Achterhoek 2020-2030. Het Preventie Akkoord is door zo’n 50 partners onderschreven, waaronder partijen die in Oude IJsselstreek actief zijn. De gemeente kan een stimulerende en/of faciliterende rol spelen om de doelstellingen van het regionale akkoord te behalen. In onderstaande tabel geven we aan hoe we de lokale vertaling zien van dit regionale akkoord. Een aantal thema’s werken we uit in bijlage 2. Andere thema’s zijn uitgewerkt in andere lokale beleidsdocumenten en uitvoeringsprogramma’s. Thema Preventie Akkoord Achterhoek Bewegen en ontspannen
Roken Alcohol Middelengebruik Voeding Participatie, eenzaamheid, weerbaarheid Armoede, schulden
Regionale kaders/programma’s
Lokale kaders
Extra inzet opgenomen in de lokale gezondheidsagenda?
Achterhoek in Beweging Regionaal beweeg- en sportakkoord 2020-2030 Regionale uitvoeringsagenda 2020-2024 (Samen brengen we de Achterhoek in beweging). In beide documenten is aandacht voor vitale ouderen Regionaal programma Achterhoek rookvrij -