Handreiking-2026-Bijlage-2-v1.pdf
Tekst van het document
Bijlage 2
Handreiking 2026 Overdrachtsdocument voor de nieuwe raadsfracties van gemeente Oude IJsselstreek
Nationale ontwikkelingen Demografie ຆ Nationale demografische ontwikkelingen Bevolkingsomvang en groei Nederland telt op 1 januari 2025 ongeveer 18,04 miljoen inwoners. De Nederlandse bevolking blijft groeien, maar het groeitempo neemt af. Naar verwachting bereikt Nederland de 19 miljoen inwoners in 2037 en de 20 miljoen in 2058. De Staatscommissie Demografische Ontwikkelingen 2050 adviseert te sturen op een gematigde groei naar 19 à 20 miljoen inwoners in 2050. In 2070 wordt een bevolking van 20,6 miljoen verwacht (VZinfo, z.d.; Centraal Bureau voor de Statistiek, 2025, 2024; Rijksoverheid, 2024; HR-kiosk, z.d.; Staatscommissie Demografische Ontwikkelingen 2050, z.d.). De groei wordt volledig gedreven door migratie. In het eerste halfjaar van 2025 groeide de bevolking met 36,9 duizend inwoners, waarbij 141,2 duizend mensen immigreerden en 95,6 duizend emigreerden (migratiesaldo +45,6 duizend). De natuurlijke aanwas is negatief geworden: in het eerste halfjaar 2025 werden 80,9 duizend kinderen geboren, terwijl er 89,6 duizend mensen overleden (natuurlijke aanwas -8,6 duizend) (Centraal Bureau voor de Statistiek, 2025).
Vergrijzing en dubbele vergrijzing Nederland vergrijst snel. Het aandeel 65-plussers groeit van 20% in 2025 naar 24,4% in 2035 en bereikt een piek van 25,1% in 2040. In absolute aantallen groeit het aantal 65-plussers van 3,4 miljoen in 2023 naar 4,8 miljoen in 2040. Nog opvallender is de dubbele vergrijzing: het aantal 80-plussers verdubbelt van circa 800.000 in 2023 naar 1,6 miljoen in 2040 (Estea, z.d.; Toekomst Nederland 2040, z.d.; Centraal Bureau voor de Statistiek, 2022, 2024). De grijze druk (verhouding 65-plussers ten opzichte van 20-64-jarigen) stijgt van 34% in 2023 naar 44% in 2050. Dit betekent dat in 2040 slechts 2 personen in de werkzame leeftijd er staan tegenover elke AOW-gerechtigde (in 1957 waren dat nog 7 personen) (UWV, z.d.; Toekomst Nederland 2040, z.d.; Sociaal-Economische Raad, z.d.; Centraal Bureau voor de Statistiek, 2024).
Regionale verschillen De bevolkingsgroei concentreert zich in de grote steden en hun omgeving. Voor Utrecht wordt de grootste relatieve groei verwacht (26% tot 2035), gevolgd door Amsterdam (20%), Den Haag (18%) en Rotterdam (12%). In tegenstelling hiermee zullen 54 gemeenten met meer dan 2,5% krimpen, vooral in Noord- en Oost-Nederland: het noordoosten van Groningen, Drenthe, de Achterhoek en Limburg (Zuid-Holland Inzicht, z.d.; Arbeidsmarktinzicht, z.d.; Stadszaken, z.d.; Centraal Bureau voor de Statistiek, 2022). De vergrijzing is het sterkst in de perifere gebieden. In de Achterhoek, Zeeuws-Vlaanderen, Zuid-Limburg en delen van Drenthe ligt de grijze druk boven de 40. Deze regio's kenmerken zich door het wegtrekken van jongeren, weinig immigratie en een laag geboortecijfer (Arbeidsmarktinzicht, z.d.; Stadszaken, z.d.; Bureau Vijftig, z.d.).
Arbeidsmarkt en beroepsbevolking
De arbeidsparticipatie van 55-plussers is gestegen van 60% in 2015 naar ruim 77% in 2023. Desondanks scoort Nederland met 71% arbeidsparticipatie bij 55-64-jarigen middelmatig in internationaal perspectief (plek 15 van 35 OESO-landen). Landen als Noorwegen en Zweden scoren boven de 80% (Instituut Gak, 2024; AWVN, z.d.).
Huishoudens en woonsituatie Het aantal huishoudens groeit van 8,4 miljoen in 2025 naar 9,0 miljoen in 2035 en 9,97 miljoen in 2070. Deze groei komt voor 72% uit eenpersoonshuishoudens. Het aandeel eenpersoonshuishoudens stijgt van 40% in 2025 naar 42% in 2035 en 44% in 2070 (Vogon, z.d.; Maria Bode, z.d.; Centraal Bureau voor de Statistiek, 2024). De groei van alleenwonenden concentreert zich vooral bij ouderen. Het aantal alleenstaande 75-plussers verdubbelt tot 2050 naar bijna 1,2 miljoen. Dit legt grote druk op de woningmarkt, omdat de vraag naar kleinere, levensloopbestendige woningen toeneemt (Staatscommissie Demografische Ontwikkelingen 2050, z.d.; Gemeente Oude IJsselstreek, z.d.; Vogon, z.d.).
Opleidingsniveau Het opleidingsniveau van de Nederlandse bevolking stijgt gestaag. In 2024 had 37% van de 15-75-jarigen een opleiding op havo/vwo/mbo-niveau en 36% op hbo/wo-niveau. Het aandeel hogeropgeleiden (hbo + wo) groeide van 28% in 2013 naar 36% in 2023. Bij de leeftijdsgroep 25-35 jaar heeft zelfs 54% een hbo- of universitaire opleiding afgerond (Sociaal en Cultureel Planbureau, 2020; OCW in Cijfers, z.d.; Centraal Bureau voor de Statistiek, 2024).
Migratieachtergrond en diversiteit Per 1 januari 2022 telde Nederland 17,6 miljoen inwoners, waarvan 4,6 miljoen (26%) een migratieachtergrond hadden. Hiervan had 8,4% een Europese en 17,6% een niet-Europese migratieachtergrond. Van de personen met migratieachtergrond is 44,3% in Nederland geboren (tweede generatie) (Rijksoverheid, 2023; Eerste Kamer der Staten-Generaal, 2023). Het aantal in het buitenland geboren inwoners groeit van 2,8 miljoen (16%) in 2023 naar tussen de 3,4 en 5,5 miljoen in 2050, afhankelijk van het migratiescenario. Ook het aandeel groeit naar 19-26% van de totale bevolking. De diversiteit neemt toe: terwijl in 2023 nog 73% van de bevolking een Nederlandse herkomst had, daalt dit naar 58-66% in 2050 (Centraal Bureau voor de Statistiek, 2024).
ຆ Lokale demografische ontwikkelingen (Oude IJsselstreek) Bevolkingsontwikkeling en krimp De gemeente Oude IJsselstreek telt in 2025 ongeveer 39.499 inwoners, een daling van 1.102 inwoners (-2,7%) ten opzichte van 1995. Het hoogtepunt lag in 2002 met 40.632 inwoners. Tussen 2020 en 2024 varieerde het inwonersaantal licht tussen 39.346 (minimum in 2021) en 39.613 (in 2023) (AlleCijfers, z.d.; Gemeente Oude IJsselstreek, 2021). Volgens de CBS-prognose wordt voor Oude IJsselstreek een krimp van 4,38% verwacht tot 2035. De bevolkingsprognose voor de periode 2020-2050 laat een verdere lichte daling zien van 39.400 inwoners in 2020 naar 38.500 in 2030, 38.200 in 2040 en 37.200 in 2050. Dit is een totale krimp van ongeveer 2.200 inwoners (-5,6%) tussen 2020 en 2050 (Gemeente Oude IJsselstreek, 2021; Centraal Bureau voor de Statistiek, z.d.).
De potentiële beroepsbevolking (20 jaar tot AOW-leeftijd) groeit tot circa 10,9 miljoen in 2025, maar stagneert daarna en krimpt tussen 2027 en 2040 zelfs tijdelijk. Tussen 2018 en 2060 krimpt deze groep met bijna 130.000 personen. Dit leidt tot structurele arbeidsmarktkrapte, waarbij minder mensen meer werk moeten verrichten (UWV, 2023; Platform Overheid, z.d.; NIDI, z.d.; Centraal Planbureau, 2019; UWV, z.d.).
3
4
Extreme vergrijzing en ontgroening
Zorg en onderwijs
Oude IJsselstreek vergrijst veel sterker dan het landelijk gemiddelde. In 2020 was 24% van de bevolking 65-plus, tegenover 19% landelijk. Het aandeel 65-plussers groeit verder naar ongeveer 28-30% in 2050. De gemiddelde leeftijd in Oude IJsselstreek lag in 2020 op 45 jaar, aanzienlijk hoger dan het Nederlands gemiddelde van 42 jaar (Gemeente Oude IJsselstreek, 2021).
Het aantal WMO-voorzieningen per 1.000 inwoners lag in 2019 op 71, iets boven het landelijk gemiddelde van 68. Dit weerspiegelt de vergrijzing en hogere zorgbehoefte. Het aantal leerlingen op basisscholen daalde van 3.168 (2009) naar 2.916 (2019), een krimp van 252 leerlingen (-8%). Dit is een direct gevolg van de ontgroening (Gemeente Oude IJsselstreek, 2021).
De grijze druk (65-plussers ten opzichte van 20-65-jarigen) ontwikkelt zich dramatisch. Deze lag in 2000 op 37%, steeg naar 42% in 2020 en zal naar verwachting oplopen tot 57% in 2050. Ter vergelijking: landelijk stijgt de grijze druk van 37% in 2020 naar 49% in 2050. Oude IJsselstreek vergrijst dus significant sneller en sterker dan Nederland gemiddeld (Gemeente Oude IJsselstreek, 2021). Tegelijkertijd neemt het aandeel jongeren (0-19 jaar) af. De groene druk daalt van 43% in 2000 naar 37% in 2020 en verder naar 40% in 2050. Hiermee ligt de groene druk in Oude IJsselstreek vergelijkbaar met het landelijk gemiddelde (Gemeente Oude IJsselstreek, 2021).
Ontwikkeling per leeftijdsgroep ຆ 0-19 jaar: Krimp van 7,5 duizend (2020) naar 7,3 duizend (2030) en 7,9 duizend (2050). De groep jongeren blijft relatief stabiel maar daalt licht (-106 per jaar tussen 2020-2050) (Gemeente Oude IJsselstreek, 2021). ຆ 20-64 jaar (beroepsbevolking): Sterke krimp van 18,7 duizend (2020) naar 18,5 duizend (2030), 18,5 duizend (2040) en 18,7 duizend (2050). De werkzame leeftijdsgroep blijft ongeveer gelijk maar met lichte schommelingen (-8 per jaar) (Gemeente Oude IJsselstreek, 2021). ຆ 65-plus: Sterke groei van 9,4 duizend (2020) naar 10,9 duizend (2030), 11,8 duizend (2040) en 10,6 duizend (2050). Dit is een toename van ruim 1.200 ouderen (+41 per jaar). De 65-plus groep bereikt een piek rond 2040 en stabiliseert daarna (Gemeente Oude IJsselstreek, 2021).
Beroepsbevolking en arbeidsmarkt In 2019 telde Oude IJsselstreek 20.000 personen in de beroepsbevolking en 16.200 banen. Het aantal banen per persoon in de beroepsbevolking lag op 0,79, wat duidt op uitpendel naar omliggende gemeenten zoals Doetinchem. De grootste sectoren zijn handel (3.700 banen), gezondheids- en welzijnszorg en landbouw, bosbouw en visserij (Gemeente Oude IJsselstreek, 2021). Het beroepsniveau ligt lager dan landelijk: 20% van de beroepsbevolking werkt in beroepen met hoge complexiteit (landelijk 32%), terwijl 55% werkt in middellage complexiteit beroepen (landelijk 42%). Door de vergrijzing en ontgroening staat de lokale arbeidsmarkt onder toenemende druk (Economische Beleidsvisie OIJ, 2024; Regio Achterhoek, z.d.; Gemeente Oude IJsselstreek, 2021).
Huishoudens en inkomen Het aantal woningen groeide naar 17.401 in 2020, met 66% koopwoningen en 25% huurwoningen van woningcorporaties. Het gemiddelde besteedbaar inkomen lag in 2018 op €41.000, lager dan het Nederlands gemiddelde van €43.000. Hiermee behoort Oude IJsselstreek tot de 63,3% van gemeenten met het laagste inkomen. Er zijn relatief weinig rijke huishoudens: slechts 14% valt in de hoogste inkomensgroep, tegenover 20% landelijk (Gemeente Oude IJsselstreek, 2021).
Verhuisbewegingen Oude IJsselstreek heeft vooral verhuizingen van en naar omliggende gemeenten. De top-3 gemeenten van herkomst en bestemming zijn Doetinchem, Aalten en Montferland. In 2019 kwamen 388 mensen uit Doetinchem en vertrokken 378 naar Doetinchem. Het vestigingsoverschot is klein, wat de lichte bevolkingskrimp verklaart (AlleCijfers, z.d.; Gemeente Oude IJsselstreek, 2021).
5
ຆ Strategische implicaties voor beleidsvorming Landelijk niveau De demografische ontwikkelingen vragen om structurele beleidsaanpassingen op meerdere terreinen: 1. Arbeidsmarkt: Met een stagnerende beroepsbevolking en toenemende vraag naar arbeid is structurele krapte onvermijdelijk. Verhogen van arbeidsparticipatie bij ouderen, vrouwen, mensen met een migratieachtergrond en mensen met beperkingen is essentieel (Centraal Planbureau, 2019; Rijksoverheid, z.d.; UWV, 2023). 2. Zorg: De zorgkosten stijgen van 12,7% van het BBP in 2015 naar verwachting 16,4% in 2040. Het aantal 80-plussers verdubbelt, terwijl het aantal potentiële mantelzorgers (50-74-jarigen) per 85-plusser daalt van 30 in 1975 naar 6 in 2040 (Toekomst Nederland 2040, z.d.). 3. Wonen: De vraag naar woningen groeit met 1,8 miljoen huishoudens tot 2070, vooral kleinere woningen voor alleenstaande ouderen. Dit vraagt om aangepaste nieuwbouw en verduurzaming van bestaande woningen (Centraal Bureau voor de Statistiek, 2024; Vogon, z.d.). 4. Sociale cohesie: De toenemende diversiteit (58-66% Nederlandse herkomst in 2050) vraagt om inclusiever beleid en versterking van onderlinge verbindingen (Rijksoverheid, 2024; Staatscommissie Demografische Ontwikkelingen 2050, z.d.; Centraal Planbureau, 2019; Centraal Bureau voor de Statistiek, 2024). 5.
Regionale verschillen: Krimp- en groeigebieden vragen om gedifferentieerd beleid, waarbij krimpgebieden ondersteuning nodig hebben voor het behoud van voorzieningen (Stadszaken, z.d.; Centraal Bureau voor de Statistiek, 2022).
Lokaal niveau (Oude IJsselstreek) Voor Oude IJsselstreek zijn de demografische uitdagingen nog urgenter: 1. Bevolkingskrimp: Met een verwachte krimp van 5,6% tot 2050 staat het draagvlak voor voorzieningen onder druk. Dit vraagt om strategische keuzes over behoud van scholen, zorgvoorzieningen en openbaar vervoer (Centraal Bureau voor de Statistiek, z.d.; AlleCijfers, z.d.; Gemeente Oude IJsselstreek, 2021). 2. Extreme vergrijzing: Met een grijze druk van 57% in 2050 (versus 49% landelijk) zijn aanpassingen in woningvoorraad, zorginfrastructuur en toegankelijkheid cruciaal. De toekomstvisie benadrukt al het belang van levensloopbestendige woningen (Gemeente Oude IJsselstreek, z.d.; Lokaal Belang, z.d.; Gemeente Oude IJsselstreek, 2021). 3. Krimpende beroepsbevolking: De werkzame leeftijdsgroep blijft stabiel maar relatief klein. Dit bemoeilijkt bedrijfsvestiging en -groei. Het VIP (Varsseveld Industriepark) en Smart Industry clusters zijn belangrijke economische vliegwielen (Gemeente Oude IJsselstreek, z.d.; Economische Beleidsvisie OIJ, 2024). 4. Aantrekkelijkheid vergroten: Om krimp te keren is het aantrekken van jonge gezinnen en kenniswerkers essentieel. De ontwikkelingen rond de Oude IJssel (recreatie, natuur), het DRU Industriepark en woningbouw zijn daarbij kansrijk (Gemeente Oude IJsselstreek, z.d.). 5.
Regionale samenwerking: Als perifere gemeente met uitpendel naar Doetinchem en andere Achterhoekse gemeenten vraagt Oude IJsselstreek om versterkte regionale afstemming op arbeidsmarkt, mobiliteit en voorzieningen (Regio Achterhoek, z.d.; Arbeidsmarktinzicht, z.d.; Gemeente Oude IJsselstreek, 2021).
6
ຆ Conclusie Nederland staat voor een demografische transitie met groei, vergrijzing en toenemende diversiteit. De effecten verschillen sterk per regio. Terwijl de Randstad en andere steden groeien en jonger blijven, vergrijzen en krimpen perifere gebieden zoals Oude IJsselstreek sneller. Dit vraagt om differentiegebonden beleid waarin lokale opgaven als woningbouw, zorg en economische vitaliteit worden afgestemd op de specifieke demografische dynamiek. Voor gemeenteraden die na de verkiezingen strategisch beleid willen vormgeven, is grondig begrip van deze demografische ontwikkelingen een essentiële basis voor de DESTEP-analyse.
Economisch De economische ontwikkelingen in Nederland en specifiek in Oude IJsselstreek staan in het teken van gematigd herstel, maar met grote uitdagingen rondom arbeidsmarktkrapte, regionale verschillen, vergrijzing en de noodzakelijke transitie naar een duurzame en innovatieve economie. Deze uitgebreide analyse biedt strategische handvatten voor beleid na de gemeenteraadsverkiezingen, gebaseerd op de meest actuele cijfers en prognoses van CBS, CPB, UWV en gemeentelijke bronnen.
A. Nationale economische ontwikkelingen 1. Economische groei en bbp-ontwikkeling De Nederlandse economie groeit in 2025 met 1,6% tot 1,9%, een herstel na de stagnatie in 2023. In het derde kwartaal van 2025 groeide de economie met 0,4% ten opzichte van het vorige kwartaal. Voor 2026 wordt een groei van 1,4% tot 1,5% verwacht. Deze groei wordt vooral gedreven door hogere consumptieve bestedingen van huishoudens en de overheid, aantrekkende wereldhandel en herstel van investeringen (Centraal Planbureau, 2025; CBS, 2025). De groei ligt echter onder het niveau van de jaren 2021-2022 en duidt op een "gematigd groeipad" van ongeveer 1% per jaar op de middellange termijn. Dit komt door structurele restricties op de arbeidsmarkt, beperkte overheidsfinanciën en geopolitieke onzekerheden (Centraal Planbureau, 2025; UWV, 2024; Rabobank, 2025). 2. Koopkracht en inflatie De koopkracht herstelt na de inflatiecrisis: in 2024 steeg deze met 2,5% en in 2025 met 1,1%, vooral door reële loonstijgingen en lastenverlichting. Voor 2026 wordt een koopkrachtstijging van 1,3% verwacht. Werkenden profiteren het meest, maar ook uitkeringsgerechtigden zien verbetering (Centraal Planbureau, 2025; CBS, 2025). De inflatie daalt naar 2,6%-3,2% in 2025 en verder naar 2,3%-2,6% in 2026.
Deze ligt nog boven de Europese doelstelling van 2% en het eurozonegemiddelde, onder meer door btw-verhogingen en blijvend hoge loongroei. De kerninflatie (exclusief energie en voedsel) blijft hoger dan normaal door de loongroei (DNB, 2025). 3. Arbeidsmarkt: krapte, participatie en werkloosheid De arbeidsmarkt blijft zeer krap, ondanks enige afkoeling. De werkloosheid bedraagt 3,7%-4% in 2025 en stijgt licht naar 4% in 2026. Er zijn voor het eerst in vier jaar meer werklozen dan vacatures, maar de spanning blijft hoog (CBS, 2025; Centraal Planbureau, 2025).
4. Armoede en sociale zekerheid Armoede daalt van 3,5% in 2024 naar 2,9% in 2026 door inkomensmaatregelen en koopkrachtherstel. Kinderarmoede blijft echter een aandachtspunt (Centraal Planbureau, 2025). 5. Overheidsfinanciën en staatsschuld Het begrotingstekort bedraagt 1,4%-2,1% bbp in 2025 en stijgt naar 2,4%-2,9% in 2026, maar blijft onder de Europese norm van 3%. De overheidsuitgaven stijgen sterk door sociale zekerheid (AOW), zorg, defensie en personeelskosten (Rijksoverheid, 2025; Nextens, 2026). De overheidsschuld bedraagt 44,9% bbp in 2025 en stijgt naar 47,8% in 2026, ruim onder de Europese norm van 60%. Op de lange termijn stijgen de overheidsuitgaven sterk door vergrijzing en zorgkosten; bij ongewijzigd beleid loopt de belastingdruk op naar 43% bbp in 2060 (DNB, 2025; Rijksfinanciën, 2025). 6. Investeringen en productiviteit Bedrijfsinvesteringen trekken aan in 2025-2026, vooral door digitalisering, automatisering en verduurzaming. Investeringen in groene economie en circulaire processen zijn prioriteit (Centraal Planbureau, 2025). De arbeidsproductiviteit groeit in 2025 met 1,5%-2,5%, de sterkste groei sinds 2014. Dit komt deels door een daling van het aantal zelfstandigen en deels door structurele verbeteringen door automatisering en AI, gedwongen door arbeidsmarktkrapte.
Op de lange termijn wordt hogere productiviteitsgroei verwacht door sectorverschuivingen naar kennisintensieve sectoren en investeringen in arbeidsbesparende technologie (Accountant.nl, 2025; DNB, 2025). 7. Sectoren en branches ຆ Groei: Informatie & communicatie (ICT) (+3,5%-4%), specialistische zakelijke dienstverlening (+3%-3,3%), zorg & welzijn, bouw (herstel) (Arbeidsmarktinzicht, 2025; UWV, 2025) ຆ Krimp of stabilisatie: Industrie (licht herstel na krimp), landbouw (-1,4%), uitzendbureaus, groothandel, openbaar bestuur, onderwijs (UWV, 2025) De industrie herstelt voorzichtig in 2025 na een zware periode door hoge energieprijzen en teruglopende koopkracht. Energie-intensieve sectoren (chemie) blijven kwetsbaar; metaal en hightech (ASML) presteren relatief goed (UWV, 2024; Rabobank, 2025). 8. Regionale verschillen Economische groei is ongelijk verdeeld over Nederland. Groot-Amsterdam (+3,4%-3,5%) en Brainport Eindhoven (+3,2%-3,3%) groeien het sterkst door kennisintensieve dienstensectoren, ICT en innovatie. Ook Utrecht, Twente en Flevoland groeien bovengemiddeld (Rabobank, 2025; Arbeidsmarktinzicht, 2025). Perifere regio's groeien minder: Achterhoek, Limburg, Zeeland, Drenthe en Groningen blijven achter door minder gunstige regionale omstandigheden, zwakkere kennisinfrastructuur en demografische krimp.
De Achterhoek kent een zeer kleine banengroei van 0,2% tussen 2023 en 2025, ver onder het landelijk gemiddelde van 1,4% (UWV, 2024; Rabobank, 2025; Arbeidsmarktinzicht, 2025).
Cruciale sectoren kampen met structurele personeelstekorten: zorg, onderwijs, kinderopvang, techniek, ICT en bouw. Dit remt de productie, zorgt voor wachtlijsten in zorg en kinderopvang, en stagneert de energietransitie (UWV, 2025; Mettom, 2025). De arbeidsparticipatie is historisch hoog en blijft groeien, vooral onder jongeren (15-25 jaar) en ouderen (55-75 jaar). Het structurele arbeidsaanbod stijgt van 10,5 miljoen personen in 2024 naar 11,1 miljoen in 2033, met een gemiddelde groei van 0,6% per jaar. Deze toename komt door hogere participatiegraden en een groeiende bevolking in de werkzame leeftijd, maar wordt afgeremd door vergrijzing (Centraal Planbureau, 2025).
7
8
B. Lokale economische ontwikkelingen: Oude IJsselstreek 1. Bevolking en demografische context Oude IJsselstreek telt 39.499 inwoners (2025), een daling van 1.102 inwoners (-2,7%) sinds 1995. De trend is licht dalend met gemiddeld -37 inwoners per jaar. Dit maakt Oude IJsselstreek een krimpregio, wat de economische dynamiek beïnvloedt (AlleCijfers, 2025; Gemeente Oude IJsselstreek, 2024). 2. Economische structuur en werkgelegenheid De economie van Oude IJsselstreek is sterk geconcentreerd op maakindustrie en zorg. Deze sectoren zijn met circa 20% van alle banen de dominante werkgevers. Circa 40% van de werkgelegenheid is gevestigd op bedrijventerreinen (Gemeente Oude IJsselstreek, 2024; Economische Beleidsvisie OIJ, 2024). Belangrijke sectoren:
5. Werkgelegenheid en arbeidsmarkt De werkgelegenheid in Oude IJsselstreek is in een aantal sectoren gegroeid, vooral in industrie, gezondheidszorg, groothandel en bouw. Ten opzichte van 2016 is er wel afname in landbouw, detailhandel en openbaar bestuur (Gemeente Oude IJsselstreek, 2024). De werkloosheid in Oude IJsselstreek is gedaald, in tegenstelling tot veel andere Gelderse gemeenten. Dit wijst op een relatief gezonde lokale arbeidsmarkt, maar arbeidsmarktkrapte blijft een uitdaging (UWV, 2024; Gemeente Oude IJsselstreek, 2024). Regionale arbeidsmarkt Achterhoek: ຆ Banengroei van slechts 0,2% tussen 2023-2025, zeer gering (UWV, 2024) ຆ Tot 2027 wordt krimp verwacht in industrie, onderwijs en openbaar bestuur, terwijl zorg en ICT groeien (UWV, 2025; Werkcentrum Midden Utrecht, 2025)
ຆ Maakindustrie: Metaalbewerking, machinebouw, mechatronica, automotive. Grote werkgevers zijn familiebedrijven zoals Kaak Groep, Kramp, Van Raam, Atag en Pelgrim (HelemaalAchterhoek.nl, 2024; Gemeente Oude IJsselstreek, 2024).
ຆ Maakindustrie is met 25% van de banen de grootste werkgever in de Achterhoek (Achterhoekmonitor.nl, 2025)
ຆ Zorg & welzijn: Azora, Buurtzorg en andere zorgorganisaties zorgen voor substantiële werkgelegenheid (Gemeente Oude IJsselstreek, 2024).
6. Human capital en onderwijs Stimuleren van human capital is kritieke succesfactor: aansluiting onderwijs-arbeidsmarkt, "leven-lang-leren", aantrekken van jong talent, innovatiehubs, en mensen aan de onderkant van de arbeidsmarkt aan het werk helpen. Samenwerking met Hogeschool Arnhem Nijmegen (HAN) en andere onderwijsinstellingen is essentieel (Gemeente Oude IJsselstreek, 2024; DRU Industriepark, 2025).
ຆ Bouw en techniek: Sterke sector door transformatie van ambachtelijke bedrijven naar fabrieksmatige, hightech productie (prefab bouw) (Gemeente Oude IJsselstreek, 2024). ຆ Toerisme en recreatie: Groeisector met potentie, vooral waterrecreatie (Gemeente Oude IJsselstreek, 2024). ຆ Landbouw: Circa 5% van de werkgelegenheid, maar 80% van het grondgebied is agrarisch in gebruik (CBS, 2011; Gemeente Oude IJsselstreek, 2024). 3. Bedrijventerreinen en innovatiehubs Oude IJsselstreek heeft negen bedrijventerreinen (208 hectare, 325+ bedrijven). De grootste zijn: ຆ De Rieze (Ulft): 2.000 werknemers (Gemeente Oude IJsselstreek, 2024) ຆ Hofskamp-terreinen (Varsseveld): 3.000 werknemers (Gemeente Oude IJsselstreek, 2024) ຆ DRU Industriepark (Ulft): Innovatiehub met SmartHub Incubator Industry (SHII) voor startups en innovatie in Smart Industry (DRU Industriepark, 2025; Gemeente Oude IJsselstreek, 2024) ຆ Varsseveld Industriepark (VIP): In ontwikkeling voor hightech maakindustrie (Gemeente Oude IJsselstreek, 2024) 4. Smart Industry en innovatie Oude IJsselstreek profileert zich als regio voor Smart Industry: slim, flexibel en geautomatiseerd produceren met robotisering, AI, 3D-printing en digitalisering. Belangrijke samenwerkingen:
ຆ Arbeidsmarkt blijft krap; personeelstekorten in zorg, techniek en ICT (UWV, 2025; Flexmarkt, 2025; UWV, 2024)
7. Circulaire economie en duurzaamheid Oude IJsselstreek zet in op circulaire economie: duurzame bedrijventerreinen, circulaire productieprocessen, energietransitie en innovatieve samenwerkingen. Dit past in de bredere nationale transitie naar een groene economie (Gemeente Oude IJsselstreek, 2024; Economische Beleidsvisie OIJ, 2024). 8. Woningmarkt De gemiddelde woningprijs bedroeg €239.000 in 2021 (+6,7% t.o.v. 2020). Door afnemende bevolkingsgroei blijft de markt in balans. Relatief lage prijzen bieden potentie voor vestiging van jonge gezinnen uit duurdere regio's (AlleCijfers, 2025). 9. Economische visie en strategie De Economische Beleidsvisie Oude IJsselstreek 2024-2030 en Toekomstvisie Oude IJsselstreek richten zich op: ຆ Versterken van human capital en innovatie ຆ Faciliteren van maakindustrie (Smart Industry) ຆ Versterken toerisme en recreatie
ຆ CIVON (Centrum voor Innovatief Vakmanschap Oost-Nederland)
ຆ Circulaire economie en duurzaamheid
ຆ SHII (SmartHub Incubator Industry): broedplaats voor startups, coaching door gevestigde bedrijven, aantrekken van jong talent (Gemeente Oude IJsselstreek, 2025; DRU Industriepark, 2025)
ຆ Sociale participatie en brede arbeidsmarkttoegang
ຆ Industrie Belang Oude IJssel (IBOIJ) en Varsseveldse Industriële Vereniging (VIV) (Gemeente Oude IJsselstreek, 2024)
Ambitie: "De gemeente Oude IJsselstreek wil, samen met ondernemers, onderwijs en maatschappelijke partners, de huidige en toekomstige werkgelegenheid en zelfstandigheid van onze inwoners versterken door het stimuleren van de economische ontwikkeling en het ondernemerschap in onze gemeente" (Gemeente Oude IJsselstreek, 2024).
Dit zorgt voor hoogwaardige maakindustrie en economische veerkracht, maar vereist ook continu investeren in human capital en onderwijs-arbeidsmarkt-aansluiting (Gemeente Oude IJsselstreek, 2024).
9
ຆ Samenwerking tussen gemeente, ondernemers, onderwijs en maatschappelijke partners
10
C. Kansen, uitdagingen en strategische richting
D. Strategische aanbevelingen voor na de gemeenteraadsverkiezingen
Nationale kansen ຆ Herstel koopkracht en hogere consumptie stimuleren economische groei (Centraal Planbureau, 2025)
Nationaal beleidsperspectief 1. Arbeidsmarkt: Investeren in om- en bijscholing, sociale participatie, aantrekken en integreren van arbeidsmigranten, verbeteren kinderopvang om participatie te verhogen (UWV, 2025; Mettom, 2025; Flexmarkt, 2025)
ຆ Hoge arbeidsparticipatie en productiviteitsgroei door automatisering en AI (Accountant.nl, 2025; Centraal Planbureau, 2025) ຆ Investeringen in duurzaamheid, digitalisering en kennisintensieve sectoren (Arbeidsmarktinzicht, 2025) ຆ Sterke groeipolen (Amsterdam, Eindhoven, Utrecht) trekken economie (Rabobank, 2025) ຆ Nationale uitdagingen ຆ Structurele arbeidsmarktkrapte en personeelstekorten in cruciale sectoren (Mettom, 2025; UWV, 2025; Flexmarkt, 2025) ຆ Regionale ongelijkheid: perifere regio's blijven achter (Rabobank, 2025; Arbeidsmarktinzicht, 2025) ຆ Stijgende overheidsuitgaven door vergrijzing en zorg (Rijksoverheid, 2025; DNB, 2025; Rijksfinanciën, 2025) ຆ Geopolitieke onzekerheden en kwetsbaarheid voor internationale handel (Arbeidsmarktinzicht, 2025; Centraal Planbureau, 2025) ຆ Inflatie blijft boven doelstelling (DNB, 2025; Centraal Planbureau, 2025) Lokale kansen (Oude IJsselstreek) ຆ Sterke basis in maakindustrie en Smart Industry met innovatieve bedrijven (HelemaalAchterhoek.nl, 2024; Gemeente Oude IJsselstreek, 2024) ຆ Innovatiehubs (DRU Industriepark, SHII) stimuleren startups en samenwerking (DRU Industriepark, 2025; Gemeente Oude IJsselstreek, 2025) ຆ Toerisme en recreatie als groeisector (Gemeente Oude IJsselstreek, 2024) ຆ Circulaire economie en duurzaamheid als differentiatie (Economische Beleidsvisie OIJ, 2024; Gemeente Oude IJsselstreek, 2024) ຆ
Relatief lage woningprijzen aantrekkelijk voor vestiging (AlleCijfers, 2025) ຆ Lage werkloosheid en gezonde lokale arbeidsmarkt (Gemeente Oude IJsselstreek, 2024) Lokale uitdagingen (Oude IJsselstreek) ຆ Demografische krimp en vergrijzing drukken economische dynamiek (Gemeente Oude IJsselstreek, 2024; AlleCijfers, 2025) ຆ Zeer beperkte banengroei in Achterhoek (0,2%), achterstand t.o.v. landelijk gemiddelde (UWV, 2025; UWV, 2024) ຆ Arbeidsmarktkrapte in zorg, techniek en ICT (UWV, 2025; UWV, 2024; Gemeente Oude IJsselstreek, 2024) ຆ Afhankelijkheid van enkele grote sectoren (maakindustrie, zorg) (Achterhoekmonitor.nl, 2025; Gemeente Oude IJsselstreek, 2024) ຆ Uitdaging om jong talent aan te trekken en te behouden (AchterhoekBusiness, 2030; Gemeente Oude IJsselstreek, 2024)
2. Productiviteit en innovatie: Stimuleren van automatisering, AI en digitalisering om personeelstekorten op te vangen en productiviteit te verhogen (Centraal Planbureau, 2025; Accountant.nl, 2025) 3. Duurzaamheid: Versnellen energietransitie en circulaire economie (Centraal Planbureau, 2025; Economische Beleidsvisie OIJ, 2024) 4. Regionale spreiding: Investeringen in perifere regio's voor betere kennisinfrastructuur en vestigingsklimaat (Arbeidsmarktinzicht, 2025; Rabobank, 2025) 5. Overheidsfinanciën: Beheersen van uitgaven en structurele hervormingen in zorg en sociale zekerheid om vergrijzing betaalbaar te houden (DNB, 2025; Rijksfinanciën, 2025; Rijksoverheid, 2025) 6. Lokaal beleidsperspectief (Oude IJsselstreek) 7. Human capital en onderwijs: Prioriteit geven aan aansluiting onderwijs-arbeidsmarkt, leven-lang-leren, aantrekken en behouden van jong talent via SHII, HAN en andere partners (Gemeente Oude IJsselstreek, 2025; DRU Industriepark, 2025; Gemeente Oude IJsselstreek, 2024) 8. Smart Industry en innovatie: Volop faciliteren van maakindustrie met investering in innovatiehubs, digitalisering en robotisering. Uitbouwen DRU Industriepark en Varsseveld Industriepark (DRU Industriepark, 2025; Gemeente Oude IJsselstreek, 2025; Gemeente Oude IJsselstreek, 2024) 9.
Circulaire economie: Positioneren als voorloper in duurzame en circulaire bedrijvigheid, aantrekkelijk voor nieuwe bedrijven en jonge ondernemers (Gemeente Oude IJsselstreek, 2024; Economische Beleidsvisie OIJ, 2024) 10. Toerisme en recreatie: Versterken infrastructuur, marketing en uitnodigingskader voor waterrecreatie en landschapstoerisme (Gemeente Oude IJsselstreek, 2024) 11. Sociale participatie: Breed arbeidsmarktbeleid met focus op mensen aan de onderkant, voorkomen van uitstroom en vergroten van inclusiviteit (Gemeente Oude IJsselstreek, 2024) 12. Wonen en vestigingsklimaat: Investeren in woningbouw, voorzieningen en bereikbaarheid om krimp te keren en jonge gezinnen aan te trekken (AchterhoekBusiness, 2030; AlleCijfers, 2025; Gemeente Oude IJsselstreek, 2024) 13. Regionale samenwerking: Versterken samenwerking binnen Achterhoek en met Gelderland voor gezamenlijke aanpak van arbeidsmarkt, innovatie en infrastructuur (Achterhoekmonitor.nl, 2025; AchterhoekBusiness, 2030; UWV, 2024) 14. Bedrijventerreinen: Moderniseren en uitbreiden van bedrijventerreinen voor groei en werkgelegenheid (Gemeente Oude IJsselstreek, 2024)
ຆ Beperkte kennisinfrastructuur t.o.v. Randstad (Rabobank, 2025; Arbeidsmarktinzicht, 2025)
11
12
ຆ Conclusie De economische toekomst van Nederland en Oude IJsselstreek wordt bepaald door hoe goed we omgaan met arbeidsmarktkrapte, regionale ongelijkheid, vergrijzing en de transitie naar een duurzame, innovatieve economie. Landelijk zijn herstel van koopkracht, productiviteitsgroei en investeringen in kennisintensieve sectoren hoopgevend, maar structurele arbeidsmarktproblemen en stijgende overheidslasten vragen om duurzame oplossingen. Lokaal heeft Oude IJsselstreek een unieke positie door zijn sterke maakindustrie, innovatieve Smart Industry-clusters en actieve samenwerking tussen bedrijfsleven, onderwijs en overheid. De uitdaging is om demografische krimp te keren, jong talent aan te trekken, human capital te ontwikkelen en economische veerkracht te vergroten door innovatie, circulaire economie en een breed sociaaleconomisch beleid. Met gerichte investeringen in deze thema's kan Oude IJsselstreek zich onderscheiden als een toekomstbestendige, innovatieve krimpregio die ondanks demografische uitdagingen economisch blijft groeien. Deze analyse biedt een solide, actueel en gedegen onderbouwd economisch fundament voor strategische besluitvorming richting de gemeenteraadsverkiezingen, zowel op nationaal als lokaal niveau.
Sociaal-cultureel
2. Sociale cohesie en samenhang De sociale cohesie in Nederland is paradoxaal: enerzijds is het sociale vertrouwen relatief hoog en stabiel, anderzijds ervaren veel mensen toenemende conflicten tussen groepen (Sociaal en Cultureel Planbureau, 2025c; Loopbaannapolitiek, 2025; Sociaal en Cultureel Planbureau, 2025d; Sociaal en Cultureel Planbureau, 2025e; Socialevraagstukken, 2025). Positieve aspecten: ຆ Veel Nederlanders voelen zich verbonden met Nederland en hun eigen buurt (Loopbaannapolitiek, 2025; Sociaal en Cultureel Planbureau, 2025d) ຆ Het algemene vertrouwen in medeburgers blijft relatief hoog (Sociaal en Cultureel Planbureau, 2025d; Sociaal en Cultureel Planbureau, 2025c) ຆ Nederland kent een stevige basis als het gaat om sociaal vertrouwen (Communicatierijk, 2025; Sociaal en Cultureel Planbureau, 2025b) Negatieve trends: ຆ Leefwerelden van armste en rijkste Nederlanders groeien verder uiteen (Binnenlands Bestuur, 2025; Communicatierijk, 2025; Sociaal en Cultureel Planbureau, 2025b) ຆ Mensen met een maatschappelijk onzekere positie voelen zich niet gezien of gehoord door machthebbers (Binnenlands Bestuur, 2025; Communicatierijk, 2025)
De sociaal-culturele ontwikkelingen in Nederland en specifiek in Oude IJsselstreek worden gekenmerkt door structurele ongelijkheid, afnemende sociale samenhang tussen groepen, eenzaamheid, dalend politiek vertrouwen, en uitdagingen rondom integratie en participatie. Tegelijkertijd blijft Nederland een land met een stevige sociale basis, een sterk verenigingsleven en veel maatschappelijke betrokkenheid. Deze uitgebreide analyse biedt strategische handvatten voor beleid na de gemeenteraadsverkiezingen, gebaseerd op de meest actuele cijfers en rapporten van SCP, CBS en gemeentelijke bronnen.
ຆ Inwoners ervaren meer conflict tussen groepen en denken in stereotypen over andere groepen (Communicatierijk, 2025; Binnenlands Bestuur, 2025; Sociaal en Cultureel Planbureau, 2025b)
A. Nationale sociaal-culturele ontwikkelingen
ຆ Digitalisering vergroot ongelijkheid: hoogopgeleiden profiteren, anderen raken verder achterop (Sociaal Werk Nederland, 2025)
1. Structurele ongelijkheid en klassenongelijkheid Nederland wordt geconfronteerd met toenemende structurele ongelijkheid tussen groepen mensen. Deze ongelijkheid is niet alleen economisch, maar een combinatie van inkomen, opleiding, gezondheid, sociaal netwerk en culturele bagage (Sociaal en Cultureel Planbureau, 2025a; Communicatierijk, 2025; Sociaalweb, 2025; Sociaal en Cultureel Planbureau, 2025b). Het SCP introduceert in 2025 het begrip "klassenongelijkheid": één op de zes Nederlanders beschikt over weinig hulpbronnen (geld, netwerk, gezondheid, opleiding) en kan daardoor minder meedoen in de samenleving. Deze groep ervaart vaak een stapeling van problemen op het gebied van financiën, gezondheid en sociale netwerken (Sociaal en Cultureel Planbureau, 2025b; Sociaal en Cultureel Planbureau, 2025a). Gevolgen van ongelijkheid:
ຆ Discriminatie, verharding en onveiligheid worden vaker ervaren (Sociaal en Cultureel Planbureau, 2025d) Sociale participatie: ຆ Vrijwilligerswerk en verenigingen blijven belangrijk voor sociale cohesie (Gemeente Oude IJsselstreek, 2022; Sociaal en Cultureel Planbureau, 2025c)
3. Eenzaamheid Eenzaamheid is een blijvend probleem in Nederland, vooral na de coronapandemie. In 2024 voelde 10% van de Nederlandse bevolking van 15 jaar en ouder zich sterk eenzaam. Dit is bijna terug op het niveau van 2019 (9%), maar hoger dan voor corona (CBS, 2025a; CBS, 2025b; RIVM, 2025; VZinfo, 2025). Risicogroepen: ຆ Alleenwonenden (14% sterk eenzaam) en ouders in eenoudergezinnen (18% sterk eenzaam) lopen het grootste risico (CBS, 2025b) ຆ Mensen geboren buiten Nederland: één op de vijf arbeidsmigranten voelt zich sterk eenzaam, tegenover één op de tien in Nederland geboren mensen (EW Magazine, 2025; CBS, 2025a; CBS, 2025b)
ຆ Mensen met een laag inkomen, slechtere gezondheid en lagere opleiding kunnen minder participeren en hebben minder vertrouwen in anderen en de overheid (Communicatierijk, 2025; Sociaal en Cultureel Planbureau, 2025b; Sociaal en Cultureel Planbureau, 2025a)
ຆ 75-plussers: 51% voelt zich eenzaam (enigszins of sterk) (VZinfo, 2025)
ຆ Mensen met een theoretische opleiding, toereikend inkomen en goede gezondheid zijn veel positiever over hun leven en leefomgeving (Sociaal en Cultureel Planbureau, 2025b; Sociaal en Cultureel Planbureau, 2025a; Communicatierijk, 2025)
Impact:
ຆ Gescheiden hulpverlening (op gebied van geld, zorg, etc.) schiet vaak tekort; een integrale aanpak is noodzakelijk (Sociaal en Cultureel Planbureau, 2025b)
ຆ Bij ongewijzigd beleid zal het aantal eenzame mensen tot 2050 toenemen (Eén Tegen Eenzaamheid, 2025)
13
ຆ Lage inkomensgroepen: 16-18% sterk eenzaam (CBS, 2025c) ຆ Eenzaamheid heeft een negatief effect op mentale en fysieke gezondheid (Eén Tegen Eenzaamheid, 2025; Sociaal en Cultureel Planbureau, 2025b)
14
4. Migratie, diversiteit en integratie Nederland groeit voornamelijk door immigratie, wat de bevolkingssamenstelling diverser maakt. Het aandeel mensen met een migratieachtergrond neemt toe, met name door gezins- en asielmigratie (EW Magazine, 2025). Sociale cohesie en migratie: ຆ Arbeidsmigranten (vooral uit Oost-Europa) scoren lager op sociale cohesie-indicatoren dan Nederlanders zonder migratieachtergrond (Sociaal en Cultureel Planbureau, 2025f; Sociaal en Cultureel Planbureau, 2025g; Tweede Kamer, 2025)
Gezonde levensverwachting: ຆ Mannen: 63,5 jaar in goede gezondheid (gestegen van 59,9 in 1981) (VZinfo, 2025) ຆ Vrouwen: 62,0 jaar in goede gezondheid (licht gedaald van 62,4 in 1981) (VZinfo, 2025) ຆ Levensverwachting zonder chronische ziekten is gedaald, vooral bij vrouwen (CBS, 2025g; VZinfo, 2025) Ongelijkheid: ຆ Hoog opgeleiden leven 5-6 jaar langer dan laag opgeleiden (CBS, 2025e)
ຆ Oorzaken: tijdelijk verblijf, lange werkweken, beperkte toegang tot stemrecht, taalbarrières (Sociaal en Cultureel Planbureau, 2025g; Sociaal en Cultureel Planbureau, 2025f)
ຆ Gezondheidsverschillen zijn structureel en beïnvloeden welzijn, participatie en vertrouwen (Sociaal en Cultureel Planbureau, 2025a; Sociaal en Cultureel Planbureau, 2025b; Communicatierijk, 2025)
ຆ Migratie dempt sociale cohesie enigszins, maar effecten zijn meestal beperkt en andere factoren (opleidingsachtergrond, werkloosheid) spelen ook een rol (Tweede Kamer, 2025; Sociaal en Cultureel Planbureau, 2025f; Sociaal en Cultureel Planbureau, 2025g)
7. Politiek vertrouwen en democratie Het vertrouwen in de politiek is in 2025 historisch laag. Slechts 29% van de Nederlanders heeft vertrouwen in de landelijke politiek, tegenover 68% die weinig of geen vertrouwen heeft (Ipsos Publiek, 2025; Metro Nieuws, 2025; Sociaal en Cultureel Planbureau, 2025h).
ຆ Gescheiden leefwerelden kunnen worden doorbroken door menging in woningbouw, onderwijs en op de werkplek (Binnenlands Bestuur, 2025; Sociaal en Cultureel Planbureau, 2025b; Communicatierijk, 2025) 5. Onderwijs Het Nederlandse onderwijs krimpt in de komende jaren door lagere geboortecijfers. Het totaal aantal leerlingen en studenten daalt van 3,66 miljoen in 2024 naar 3,51 miljoen in 2031 (OCW in Cijfers, 2025; Lezen.nl, 2025). Trends per sector: ຆ Primair onderwijs: lichte stijging tot 2025 (1,47 miljoen), daarna daling tot 1,43 miljoen in 2031 (OCW in Cijfers, 2025) ຆ Voortgezet onderwijs: daling van 930.000 (2024) naar 886.000 (2031) (OCW in Cijfers, 2025) ຆ Mbo: groei in bol-studenten, daling in bbl-studenten door arbeidsmarktkrapte (OCW in Cijfers, 2025) ຆ Hbo en wo: daling door minder Nederlandse studenten; internationale studenteninstroom neemt af (OCW in Cijfers, 2025) Kansenongelijkheid: ຆ Grote verschillen in onderwijsadviezen tussen kinderen uit lage en hoge inkomensgezinnen (Nederlands Jeugd Instituut, 2025) ຆ Schoolweging en onderwijsachterstandenbeleid blijven nodig (CBS, 2025d; Onderwijsinspectie, 2025) ຆ Slagingspercentages herstellen na corona, maar blijven achter in sommige vmbo-leerwegen (OCW in Cijfers, 2025) 6.
Gezondheid en levensverwachting De levensverwachting in Nederland blijft stijgen, maar er zijn grote gezondheidsverschillen tussen groepen (CBS, 2025e; CBS, 2025f; VZinfo, 2025). Levensverwachting naar opleiding (bij geboorte, 2021-2024): ຆ Laag opgeleid (basisonderwijs, vmbo, mbo1): 78,7 jaar totaal; 55,4 jaar in goede gezondheid (CBS, 2025e) ຆ Middelbaar opgeleid (havo, vwo, mbo2-4): 81,9 jaar totaal; 63,7 jaar in goede gezondheid (CBS, 2025e) ຆ Hoog opgeleid (hbo, wo): 83,9 jaar totaal; 69,4 jaar in goede gezondheid (CBS, 2025e)
15
Oorzaken van laag vertrouwen: ຆ Politiek lost problemen niet op (76%) (Ipsos Publiek, 2025) ຆ Politiek is vooral met zichzelf bezig (74%) (Ipsos Publiek, 2025) ຆ Politiek is niet in staat tot samenwerking (68%) (Ipsos Publiek, 2025) ຆ Grote beloftes die niet haalbaar blijken (Communicatierijk, 2025) Verwachtingen: ຆ Ondanks laag vertrouwen verwachten mensen veel van een nieuw kabinet: samenwerking, oplossingen voor wonen, immigratie, inkomen en defensie (Sociaal en Cultureel Planbureau, 2025h) ຆ Slechts 18% heeft vertrouwen dat de politiek na de verkiezingen beter gaat functioneren (Ipsos Publiek, 2025) ຆ Vertrouwen daalde na het vallen van kabinet-Schoof weer naar het niveau van 2021-2023 (Metro Nieuws, 2025; Ipsos Publiek, 2025) Democratie: ຆ Er zijn zorgen over de staat van de democratie, van 'wat barstjes' tot 'verval van het systeem' (Raad Openbaar Bestuur, 2025) ຆ Discriminatie en racisme ondermijnen vertrouwen in overheid en politiek (Staatscommissie tegen Discriminatie en Racisme, 2025) 8. Mensen in de marge Ongeveer 9,6% van de Nederlandse bevolking leeft "sociaal in de marge": zij doen weinig mee in de maatschappij en hebben weinig vertrouwen in anderen en instituties (CBS, 2025h; CBS, 2025i). Kenmerken: ຆ Laag opleidingsniveau (17% basisonderwijs vs.
4% hbo/wo) (CBS, 2025h) ຆ Lagere participatie in werk, vrijwilligerswerk en sociale activiteiten (CBS, 2025i; CBS, 2025h) ຆ Minder vertrouwen in politiek, justitie en media (CBS, 2025h)
16
B. Lokale sociaal-culturele ontwikkelingen: Oude IJsselstreek
ຆ Politiek vertrouwen op historisch laag niveau (Metro Nieuws, 2025; Sociaal en Cultureel Planbureau, 2025h; Ipsos Publiek, 2025)
1. Sociale basis en betrokkenheid Oude IJsselstreek beschikt over een sterke sociale basis met veel vrijwilligerscentrales, verenigingen en informele netwerken. Het vrijwilligerscentrum "Oude IJsselstreek Doet" faciliteert lokale participatie (Sociale Innovatie Redevelopment, 2025; Nederlandse Organisatie Vrijwilligerswerk, 2025; Gemeente Oude IJsselstreek, 2024a).
ຆ Gezondheidsverschillen tussen hoog en laag opgeleiden blijven groot (CBS, 2025f; CBS, 2025e)
De gemeente ondersteunt vrijwilligerswerk en zet zich in voor sociale participatie als onderdeel van het sociaal domeinbeleid (Gemeente Oude IJsselstreek, 2024b; Gemeente Oude IJsselstreek, 2025). 2. Eenzaamheid in Oude IJsselstreek Hoewel specifieke cijfers voor Oude IJsselstreek beperkt zijn, ervaren ook hier ouderen, alleenwonenden en migranten eenzaamheid. De vergrijzing van de gemeente maakt dit een relevante aandachtspunt. 3. Politieke betrokkenheid en verkiezingen De gemeentebestuurders worden geïnspireerd om realistische plannen te maken gericht op veiligheid, sociale inclusie en welzijn (Lokaal Belang, 2022; Overheid.nl, 2025a; D66 Oude IJsselstreek, 2025).
ຆ Krimp in onderwijs door lagere geboortecijfers (Lezen.nl, 2025; OCW in Cijfers, 2025) ຆ Integratie en participatie van migranten blijven uitdaging (Sociaal en Cultureel Planbureau, 2025f; Sociaal en Cultureel Planbureau, 2025g)
D. Strategische aanbevelingen voor na de gemeenteraadsverkiezingen Nationaal beleidsperspectief 1. Ongelijkheid aanpakken: Werken aan bestaanszekerheid en structureel verkleinen van ongelijkheden, niet alleen op inkomen maar ook gezondheid, opleiding en sociaal netwerk (Sociaal en Cultureel Planbureau, 2025a; Communicatierijk, 2025; Sociaal en Cultureel Planbureau, 2025b) 2. Integrale aanpak: Bij stapeling van problemen (armoede, gezondheid, eenzaamheid) integrale hulpverlening bieden in plaats van gescheiden trajecten (Sociaal en Cultureel Planbureau, 2025b)
4. Veiligheid Veiligheid is een belangrijk thema in Oude IJsselstreek. De gemeente heeft aandacht voor criminaliteit en buurtpolitie (VVD Oude IJsselstreek, 2025; Gemeente Oude IJsselstreek, 2024c; Waar staat je gemeente?, 2025; Gemeentelijke Bijdrage, 2024).
3. Gescheiden leefwerelden doorbreken: Menging bevorderen in woningbouw, onderwijs en op werkplek (Communicatierijk, 2025; Binnenlands Bestuur, 2025; Sociaal en Cultureel Planbureau, 2025b)
5. Integratie en diversiteit Met toenemende arbeidsmigratie is integratie een uitdaging. Buurten met veel migranten vragen om aandacht voor sociale cohesie en participatie.
5. Politiek vertrouwen herstellen: Realistische beloftes, samenwerking, effectief probleemoplossend vermogen tonen (Sociaal en Cultureel Planbureau, 2025h; Ipsos Publiek, 2025)
C. Kansen, uitdagingen en strategische richting Nationale kansen ຆ Nederland heeft een stevige sociale basis met hoog algemeen vertrouwen (Sociaal en Cultureel Planbureau, 2025b; Sociaal en Cultureel Planbureau, 2025d; Communicatierijk, 2025) ຆ Dalende armoede en toenemende koopkracht verbeteren maatschappelijke positie van kwetsbare groepen (Centraal Planbureau, 2025a; Centraal Planbureau, 2025b) ຆ Bewustzijn van ongelijkheid groeit; beleidsmakers erkennen noodzaak van integrale aanpak (Sociaal en Cultureel Planbureau, 2025a; Sociaal en Cultureel Planbureau, 2025b; Communicatierijk, 2025) ຆ Gemeenschappelijke waarden blijven bestaan tussen groepen, ondanks verschillen (Sociaal en Cultureel Planbureau, 2025b; Communicatierijk, 2025) Nationale uitdagingen ຆ Structurele ongelijkheid en klassenongelijkheid nemen toe (Sociaal en Cultureel Planbureau, 2025c; Sociaal en Cultureel Planbureau, 2025a; Communicatierijk, 2025; Sociaal en Cultureel Planbureau, 2025b) ຆ Leefwerelden groeien uiteen; stereotypering en polarisatie nemen toe (Binnenlands Bestuur, 2025; Communicatierijk, 2025; Sociaal en Cultureel Planbureau, 2025b) ຆ Eenzaamheid blijft probleem, vooral onder migranten, alleenwonenden en ouderen (CBS, 2025a; CBS, 2025b; EW Magazine, 2025)
17
4. Eenzaamheid bestrijden: Investeren in sociale infrastructuur, ontmoetingsplekken en ondersteuning voor risicogroepen (CBS, 2025b; CBS, 2025a; Eén Tegen Eenzaamheid, 2025)
6. Integratie en participatie: Arbeidsmigranten betrekken bij verenigingen, taal- en participatieprogramma's (Sociaal en Cultureel Planbureau, 2025g; Sociaal en Cultureel Planbureau, 2025f) 7. Gezondheidsverschillen verkleinen: Wijkgerichte, preventieve gezondheidsprogramma's voor laag opgeleide en lage inkomensgroepen (Communicatierijk, 2025; CBS, 2025e) Lokaal beleidsperspectief (Oude IJsselstreek) 1. Sociale cohesie versterken: Investeren in ontmoetingsplekken, vrijwilligerswerk en buurtinitiatieven 2. Eenzaamheid aanpakken: Specifieke aandacht voor ouderen, alleenwonenden en migranten 3. Integratie arbeidsmigranten: Taal- en participatieprogramma's, verbinding met lokale gemeenschap 4. Politiek vertrouwen herstellen: Luisteren, communicatie, realistische doelstellingen 5. Veiligheid en sociale orde: Samenwerking politie en buurtbewoners
ຆ Conclusie De sociaal-culturele toekomst van Nederland en Oude IJsselstreek wordt bepaald door hoe goed we omgaan met structurele ongelijkheid, afnemende sociale samenhang, eenzaamheid, integratie en dalend politiek vertrouwen. Met gerichte beleidsmaatregelen, integrale aanpakken en investering in sociale infrastructuur kunnen beide niveaus deze uitdagingen aanpakken en een meer inclusieve, samenhangende samenleving bouwen.
18
Technisch De technologische ontwikkelingen in Nederland staan in het teken van kunstmatige intelligentie (AI), digitalisering, cybersecurity, quantumtechnologie, digitale infrastructuur (5G en glasvezel), en robotisering. Tegelijkertijd kampt Nederland met achterblijvende investeringen in onderzoek en ontwikkeling (R&D), waardoor het land is teruggevallen op de wereldranglijsten voor innovatie en concurrentiekracht. Deze uitgebreide analyse biedt strategische handvatten voor beleid na de gemeenteraadsverkiezingen, gebaseerd op de meest actuele cijfers en rapporten van CBS, CPB, Rathenau Instituut, Autoriteit Persoonsgegevens, en het ministerie van Economische Zaken.
3. AI-geletterdheid en vertrouwen Ondanks het hoge gebruik van AI is de kennis over AI-regelgeving zeer laag: 89% van de Nederlanders is zich niet bewust van bestaande AI-regels of beleid. Tegelijkertijd vindt 76% dat AI-regulering nodig is en vraagt 85% expliciet om wetgeving tegen AI-desinformatie (KPMG, 2025a). Vertrouwen: ຆ 82% van de Nederlanders is bereid AI meer te vertrouwen als het gebruik goed gereguleerd wordt (KPMG, 2025a). ຆ Kennis en helder beleid zijn essentieel voor vertrouwen (KPMG, 2025a).
A. Kunstmatige intelligentie (AI)
ຆ Nederland scoort laag op AI-geletterdheid, vertrouwen en training vergeleken met andere landen (KPMG, 2025a).
1. AI-adoptie en gebruik Nederland loopt voorop in Europa op het gebied van AI-gebruik. In 2025 maakt 49% van de Nederlandse bedrijven gebruik van AI, een enorme stijging van 23% ten opzichte van 2024. Dit is ruim boven het Europese gemiddelde van 42% (Rocking Robots, 2025).
4. Nationale AI-strategie De Autoriteit Persoonsgegevens (AP) pleit in 2025 voor een specifieke, gedegen en democratisch onderbouwde nationale AI-strategie. Deze strategie moet (Autoriteit Persoonsgegevens, 2025):
Verschillen naar bedrijfsgrootte:
ຆ Gericht zijn op de volle breedte van AI-toepassingen (Autoriteit Persoonsgegevens, 2025).
ຆ Grote bedrijven: 19% integreert AI volledig in kernprocessen, tegen slechts 3% Europees gemiddelde (Rocking Robots, 2025).
ຆ Investeringen in AI-technologie, innovatie, het AI-ecosysteem en AI-geletterdheid omvatten (Autoriteit Persoonsgegevens, 2025).
ຆ Kleine bedrijven: slechts 20% heeft AI geïntegreerd of is ermee begonnen (Dutch IT Leaders, z.d.).
ຆ Bij investeringen een vastgesteld percentage reserveren voor interne controle, externe controle en toezicht (Autoriteit Persoonsgegevens, 2025).
AI-gebruik per sector: ຆ ICT, financiële dienstverlening, industrie en zakelijke dienstverlening lopen voorop (Centraal Bureau voor de Statistiek, 2025a; Rocking Robots, 2025). ຆ MKB loopt nog achter op grotere bedrijven in AI-integratie (Dutch IT Leaders, z.d.). 2. AI-verordening en regelgeving De Europese AI-verordening is in augustus 2024 in werking getreden en wordt stapsgewijs ingevoerd (Autoriteit Persoonsgegevens, z.d.; Autoriteit Persoonsgegevens, 2025; Digitale Overheid, z.d.; Rijksoverheid, 2024). Februari 2025: ຆ AI-systemen met onaanvaardbaar risico zijn verboden (bijv. sociale scoringssystemen, emotieherkenning op werkplek/onderwijs, biometrische identificatie in publieke ruimte) (Autoriteit Persoonsgegevens, 2025; Autoriteit Persoonsgegevens, z.d.; Digitale Overheid, z.d.). ຆ Verplichting tot AI-geletterdheid voor alle organisaties die AI inzetten (Autoriteit Persoonsgegevens, z.d.; DEN, z.d.; Digitale Overheid, z.d.). Augustus 2025: ຆ Regels voor General Purpose AI (GPAI) modellen van kracht (Autoriteit Persoonsgegevens, z.d.; DEN, z.d.; Digitale Overheid, z.d.). ຆ Toezichthouders moeten bekend zijn en krijgen bevoegdheden om boetes op te leggen (Autoriteit Persoonsgegevens, z.d.; Digitale Overheid, z.d.).
Augustus 2027: Volledige AI-verordening van toepassing, inclusief alle eisen voor hoog-risico AI-systemen (Autoriteit Persoonsgegevens, z.d.; Rijksoverheid, 2024).
B. Onderzoek & Ontwikkeling (R&D) en innovatie 1. R&D-investeringen: kritieke achterstand Nederland investeert in 2025 slechts 2,2% van het bbp in onderzoek en ontwikkeling, aanmerkelijk minder dan toonaangevende landen als de VS, Zuid-Korea, België en Duitsland. Bij ongewijzigd beleid valt dit percentage terug naar 2% in 2030 (MKB-Nederland, z.d.; Rijksoverheid, 2025b; TNO, 2025a). Europees doel: 3% van het bbp in 2030 (MKB-Nederland, z.d.; Rijksoverheid, 2025b; TNO, 2025a; Van Bree et al., 2025). Gevolgen van lage R&D-investeringen: ຆ Te weinig innovatie zorgt voor afhankelijkheden, belemmert kansen voor ondernemers, zet banen op het spel en bedreigt economische veiligheid (Rijksoverheid, 2025b). ຆ Nederland is gezakt van plek 4 in 2022 naar plek 10 in 2025 op de lijst van meest competitieve economieën ter wereld (Accountant.nl, 2025; Rijksdienst voor Ondernemend Nederland, z.d.; Rijksoverheid, 2025c). ຆ Achterblijven bij technologische ontwikkelingen vergeleken met de VS en China (Accountant.nl, 2025; Rijksoverheid, 2025c). Benodigde investering: ຆ Om 3% te bereiken in 2030 is €14,9 miljard aan extra publieke investeringen nodig (cumulatief tot 2030) (Rijksoverheid, 2025b; Van Bree et al., 2025). ຆ Jaarlijks is €2-4 miljard extra publieke financiering nodig om private R&D uit te lokken (MKB-Nederland, z.d.; Van Bree et al., 2025).
ຆ 2/3 van de 3%-doelstelling moet komen van private investeerders en bedrijven, 1/3 publiek (Rijksoverheid, 2025b).
19
20
2. 3%-R&D-Actieplan Minister Karremans (Economische Zaken) heeft in juli 2025 een 3%-R&D-Actieplan gepresenteerd met 9 acties om Nederlandse R&D-investeringen structureel te verbeteren (MKB-Nederland, z.d.; Rijksoverheid, 2025b; Van Bree et al., 2025): 1. Oprichten R&D-lanceerplatform om kennisintensieve bedrijven naar Nederland te halen 2. Mobiliseren €3 miljard institutioneel kapitaal voor R&D-intensieve scale-ups 3. Versterken fiscale prikkels voor R&D (WBSO, innovatiebox) 4. Verhogen private R&D-investeringen door publiek-private samenwerking
6 prioriteiten: 1. Sterk ecosysteem: Techleap.nl verlengd tot 2029 met focus op deeptech scale-ups (Accountant.nl, 2025; Rijksoverheid, 2025c). 2. Talent: Nieuwe fiscale regeling voor medewerkersparticipatie per 1 januari 2027 (Accountant.nl, 2025; Rijksoverheid, 2025c). 3. Kapitaal: €200 miljoen extra voor European Tech Champions Initiative (ETCI), €250 miljoen Blended Financeinstrument, uitzondering box 3 voor aandeelhouders startups, oprichting nationale investeringsinstelling (Accountant.nl, 2025; Rijksoverheid, 2025c).
5. Versterken kennisinstellingen en fundamenteel onderzoek
4. Kennis: Steun voor spin-offs uit kennisinstellingen, verkend wordt oprichting Nationaal Agentschap voor Disruptieve Innovatie (Accountant.nl, 2025; Rijksoverheid, 2025c).
6. Nationale missiegedreven programma's (AI, quantum, energie, gezondheid)
5. Ruimte: Fysieke ruimte voor economie mag niet afnemen (Accountant.nl, 2025; Rijksoverheid, 2025c).
7. Verbeteren randvoorwaarden (netcongestie, stikstof, talent)
6. Internationale doorbraak: Startupmissies, internationale evenementen, ScaleNL-programma richting VS (Accountant.nl, 2025; Rijksoverheid, 2025c).
8. Aantrekken en behouden internationaal talent 9. Versterken kennisbenutting en spin-offs 3. Terugval publieke R&D-uitgaven Het Rathenau Instituut waarschuwt voor een forse terugval in publieke R&D-uitgaven: van €9,7 miljard in 2024 naar €8,4 miljard in 2029. Dit komt door afloop van tijdelijke programma's zoals het Nationaal Groeifonds en maakt het bereiken van de 3%-doelstelling nog urgenter (Rathenau Instituut, z.d.).
D. Digitale infrastructuur 1. Glasvezel De uitrol van glasvezel gaat in razend tempo: van 35% dekking in 2020 naar meer dan 90% in 2025 (Computable, 2025; Fiber Carriers, 2025; Hersbach, 2025; KPN, z.d.). Stand 2025:
C. Startups en scale-ups 1. Ecosysteem onder druk Het Nederlandse startup-ecosysteem staat op een cruciaal kruispunt (Dutch IT Channel, 2025a; Mauro, 2025): ຆ Het aantal scale-ups groeit, maar steeds minder nieuwe startups weten financiering van €100.000 of meer aan te trekken (Mauro, 2025).
ຆ KPN heeft bijna 70% van alle huishoudens aangesloten op glasvezel (Computable, 2025; KPN, z.d.). ຆ Samen met andere aanbieders heeft meer dan 90% van Nederland toegang tot glasvezel (Computable, 2025; KPN, z.d.). ຆ KPN investeert tot 2030 meer dan €5 miljard in glasvezel, 5G, cybersecurity, cloudsoevereiniteit en AI (Computable, 2025; KPN, z.d.). ຆ Doel KPN: 85% dekking in 2030 (verhoogd van 80% in 2026) (Computable, 2025; KPN, z.d.).
ຆ Grotere bedrijven en scale-ups verhuizen regelmatig naar de VS op zoek naar kapitaal en groeimogelijkheden (Mauro, 2025).
Technologie:
ຆ Belangrijkste obstakels: stikstofcrisis, politieke onzekerheid, gebrek aan kapitaal en talent, regelgeving, kwetsbare toeleveringsketens (Dutch IT Channel, 2025a; Mauro, 2025).
ຆ Glasvezel blijft superieur aan 5G op stabiliteit, voorspelbaarheid en lage latency (Hersbach, 2025).
Positieve ontwikkelingen: ຆ Nederland telt meer dan 8.000 techbedrijven, waarvan 97% startups (Topsector ICT, z.d.). ຆ In 2024 haalden 30 startups meer dan €10 miljoen aan financiering (Topsector ICT, z.d.). ຆ 45 Nederlandse groeibedrijven reizen in 2025 naar CES, 's werelds grootste techbeurs (De Ondernemer, z.d.). 2. Actieagenda "Bouwen aan de techkampioenen van morgen" Minister Karremans heeft in september 2025 een actieagenda voor startups en scale-ups gepresenteerd met als doel minstens 10 nieuwe technologie- en marktleiders voort te brengen in de komende 10 jaar (Accountant.nl, 2025; Rijksoverheid, 2025c).
ຆ XGS-PON maakt snelheden tot 10 Gbps mogelijk (up- en downstream) (Hersbach, 2025).
Uitdagingen: ຆ Sommige wijken zijn dubbel aangesloten door concurrerende netbeheerders, terwijl buitengebieden nog wachten (Fiber Carriers, 2025; Hersbach, 2025). 2. 5G 5G is breed beschikbaar in stedelijke gebieden met gemiddelde downloadsnelheden tussen 500 Mbps en 1,2 Gbps. In landelijke gebieden is de dekking beperkter (100-300 Mbps) (Hersbach, 2025). Toepassingen: ຆ Fixed Wireless Access (FWA): 5G als alternatief voor glasvezel in moeilijk bereikbare gebieden via 5G-ontvanger op dak/venster (Hersbach, 2025). ຆ Voorbeeld: Odido Klik en Klaar biedt kant-en-klaar 5G-internetpakket zonder graafwerkzaamheden (Hersbach, 2025).
21
22
Infrastructuur: ຆ Voor landelijke dekking zijn 30.000-40.000 antennelocaties nodig (Hersbach, 2025).
4. Cybersecurity-as-a-Service (CaaS): Schaalbare, on-demand beveiligingsoplossingen voor bedrijven zonder interne middelen (Cooper, z.d.).
ຆ Elke 5G-antenne heeft een glasvezelverbinding als backbone nodig (Hersbach, 2025).
5. IoT-apparaatbeveiliging: Versterking beveiliging van kwetsbare IoT-eindpunten (Cooper, z.d.).
ຆ Hybride aanpak (glasvezel + 5G) biedt het beste van twee werelden (Hersbach, 2025).
6.
Veiligheid: ຆ Stralingsniveaus van 5G blijven ruim onder ICNIRP-limieten (Hersbach, 2025). ຆ Beamforming zorgt voor lagere algemene blootstelling dan 3G/4G (Hersbach, 2025). 3. Europese context Volgens de Europese Commissie loopt de uitrol van connectiviteitsinfrastructuur (glasvezel en 5G) in de EU nog steeds achter. Nederland scoort hoog op dekking van 5G-, glasvezel- en hoge-capaciteitsnetwerken, maar uitdagingen blijven (Europese Commissie, z.d.; Sociaal-Economische Raad, z.d.).
Biometrische encryptie: Vervanging wachtwoorden door vingerafdrukken, gezichtsherkenning, irisscans (Cooper, z.d.).
7. Cloudbeveiliging: Prioriteit voor beveiliging cloudomgevingen door toenemende afhankelijkheid (Cooper, z.d.). 3. Wetgeving De NIS2-richtlijn (Europese Unie) wordt in 2025 vertaald naar de Cyberbeveiligingswet voor Nederland. Dit heeft impact op veel organisaties die hun informatiebeveiligingsniveau moeten verhogen (Binkhorst, z.d.).
F. Quantumtechnologie E. Cybersecurity 1. Dreigingen en trends 2025 Cybersecurity is een van de grootste uitdagingen voor Nederland in 2025 (Binkhorst, z.d.; Cooper, z.d.; KPMG, 2025b; Lahousse, 2025; Meos, z.d.; SoSafe, 2025). Belangrijkste dreigingen:
1. Quantum computing Nederland werkt hard aan het worden van de "Silicon Valley van quantumtechnologie" (Emerce, 2025; Eurofiber, z.d.; Rijksoverheid, 2025a). ຆ QuTech (TU Delft): Toonaangevend onderzoeksinstituut voor schaalbare quantumcomputers en veilige quantumcommunicatienetwerken, in samenwerking met Intel (Eurofiber, z.d.; Uitleg Blockchain, z.d.).
ຆ AI-gedreven aanvallen: Cybercriminelen gebruiken AI voor geavanceerde phishing, malware en deepfakes (Binkhorst, z.d.; Cooper, z.d.; Lahousse, 2025; SoSafe, 2025).