Bijlage 2 GVVP.pdf
Tekst van het document
Ook zal het openbaar vervoer van functie veranderen. Afname in bevolking zal naar verwachting gepaard gaan met vergrijzing. Het openbaar vervoer zal daardoor in belangrijkere mate in de mobiliteit voorzien van de (oudere) bewoners van Oude IJsselstreek. Om in de mobiliteitsvraag van de oudere inwoners te blijven voorzien, zal de focus van het openbaar vervoer zich meer moeten richten op deze oudere doelgroep. Dit houdt in dat de buurtbus en regiotaxi een belangrijkere rol zullen gaan spelen binnen het openbaar vervoersysteem.
Verkeersnetwerken Een bevolkingskrimp zal er mogelijk toe leiden dat er minder hoeft betekent immers ook minder verkeer en minder verkeersproblemen. In dit GVVP staat nieuwe infrastructuur, te ontwikkelen door de gemeente zelf. Van de eventuele rondweg bij Silvolde is reeds genoemd dat deze slechts kosteneffectief is bij woningbouw aan de zuidzijde van Silvolde.
De gevolgen van een bevolkingsafname zullen met name zichtbaar worden in het openbaar vervoer. Door krimp neemt het draagvlak van het openbaar vervoer af, waardoor bussen minder vol zitten. Hierdoor wordt het duurder om het huidige kwaliteitsniveau te handhaven. De concessieverlener (de provincie Gelderland) en de openbaar vervoerbedrijven kunnen geneigd zijn om het openbaar vervoeraanbod te verminderen.
Visie
Duurzame mobiliteit Bevolkingsafname en dus minder verkeer lijkt een gunstige ontwikkeling voor een milieuvriendelijker en duurzamer
Openbaar Vervoer
Analyse
Hoewel de gemeente geen formele speler is binnen het openbaar vervoer (dit is een taak van de provincie in combinatie met de vervoerders), zal de gemeente zoveel mogelijk moeten aandringen op het behoud van openbaar vervoerverbindingen in en naar Oude IJsselstreek.
Beleid
Uitvoering
voor duurzame mobiliteit. Hiervoor is al geschetst welke invloed een krimp zal hebben op het openbaar vervoeraanbod. Een bijkomend risico voor een afname in kwaliteit van het openbaar vervoer is dat mensen eerder voor de auto kiezen.
GVVP Oude IJsselstreek 2010-2020 GVVP Oude IJsselstreek 2012-2020
42
Groei- en krimpbestendigheid Niet alleen vanuit sociale overweging, maar dus ook vanuit de duurzaamheidambities van de gemeente is het functioneel om te blijven investeren in goede openbaar vervoerverbindingen. Met een bevolkingskrimp zal het draagvlak van andere initiatieven van de gemeente op het gebied van duurzame mobiliteit ook afnemen. Om deze toch te realiseren, zal de gemeente extra inspanningen moeten verrichten.
Voor Oude IJsselstreek geldt dit bijvoorbeeld voor de aansluiting Emmerich-Ost op de A3. Dankzij deze aansluiting verbetert de bereikbaarheid van Oude IJsselstreek, zeker wanneer deze aansluiting ook goed bereikbaar is vanuit Ulft en Gendringen. Bij een afname van de bevolking kan de gemeente overwegen om de functie van de Papenkampseweg en Netterdensestraat op te waarderen. Op deze manier is verkeer niet volgend op de ruimtelijke ontwikkelingen, maar juist een middel om ruimtelijke
Bereikbaarheid als wapen tegen krimp Een van de oorzaken van bevolkingskrimp is dat een regio niet meer aantrekkelijk is voor de bewoners: te weinig voorzieningen en te ver weg van de rest van het land. Een risico van bevolkingskrimp is dat meer voorzieningen verdwijnen en er niet meer wordt onaantrekkelijker wordt. Om deze spiraal te doorbreken (of om te voorkomen dat deze spiraal begint) kan gekozen worden om te investeren in de bereikbaarheid. Hierdoor blijft de regio aantrekkelijk voor haar inwoners.
Analyse
Visie
Beleid
Uitvoering
GVVP Oude IJsselstreek 2010-2020 GVVP Oude IJsselstreek 2012-2020
43
Deel 3 Beleid Het speelveld van verkeer en vervoer in Oude IJsselstreek in termen van knelpunten, trends en ontwikkelingen en actuele
Analyse
Visie
Zo kijken we aan tegen verkeer en vervoer in Oude IJsselstreek, in het licht van ambities en geconstateerde knelpunten.
Beleid
Uitvoering
Met deze samenhangende beleidskeuzen (ten aanzien van verkeersnetwerken en -
Dit is wat we regionaal op de mobiliteitsagenda willen zetten en zelf concreet gaan doen en realiseren!
GVVP Oude IJsselstreek 2010-2020 GVVP Oude IJsselstreek 2012-2020
44
Wegencategorisering Naar een wegencategorisering voor Oude IJsselstreek De gemeente Oude IJsselstreek bestaat uit een netwerk van wegen. Van grote verkeersaders tot kleine woonstraatjes. Iedere weg heeft een functie in het geheel. Binnen Duurzaam Veilig hoort een bepaald gebruik en een bepaalde vormgeving. Door dit zo consequent mogelijk toe te passen ontstaat een duidelijk,
Op basis van het bestaande wegennet en de keuzes uit het vorige hoofdstuk is een wegencategorisering opgesteld voor de gemeente Oude IJsselstreek. In deze categorisering hebben alle wegen binnen de gemeente een functie gekregen. Daarin is tevens aansluiting gezocht bij de categorisering van de provincie en van buurgemeenten. Ook toekomstige ontwikkelingen in het wegennet zijn meegenomen in deze wegencategorisering. Met deze
wegen zijn: -
Stroomwegen: het snel verwerken van het doorgaande verkeer.
een duurzaam veilig wegennet met een lager aantal verkeersslachtoffers;
hogere snelheid (binnen grenzen) van het autoverkeer. -
-
Gebiedsontsluitingswegen: het bereikbaar maken van wijken en gebieden. Deze wegen hebben een voedings- en verdeelfunctie. Deze wegen worden gekenmerkt door een hoge mate van uitwisseling. Zij verbinden de verblijfsgebieden met de stroomwegen.
met een goede bereikbaarheid voor woon-, werk- en winkelgebieden; -
bundeling van doorgaand verkeer daar waar het hoort (op de hoofdwegen), waardoor de overlast van het doorgaande verkeer tot een minimum wordt beperkt.
Erftoegangswegen: het toegankelijk maken van de erven. Op wegen met een erffunctie, ofwel de verblijfsgebieden, staat de verblijfsfunctie centraal. Hier ontmoeten alle verkeersdeelnemers elkaar. Daardoor is het verkeersbeeld conflicten tussen alle verkeerssoorten. Er moet adequaat, qua afstand en tijd, gereageerd kunnen worden. De snelheid van het verkeer dient hier laag te zijn.
Analyse
Visie
Beleid
Uitvoering
GVVP Oude IJsselstreek 2010-2020 GVVP Oude IJsselstreek 2012-2020
45
Basisprincipes inrichting
Stroomwegen
Gebiedsontsluitingswegen
Erftoegangswegen
Gebiedsontsluitingswegen
Mengen van langzaam en snelverkeer
Scheiden van langzaam en snelverkeer
Gelijkwaardige kruispunten
Voorrangskruispunten
Erfaansluitingen
In principe geen erfaansluitingen
Parkeren mag op de rijbaan
Parkeren in aparte havens
Geen markering (binnen de kom) of kantmarkering/fietsstroken (buiten de kom)
Dubbele asmarkering (buiten de kom) Enkele asmarkering
Elementenverharding (binnen de kom) Gesloten verharding (buiten de kom)
Gesloten verharding (binnen en buiten de kom)
Erftoegangswegen
Analyse
Visie
Beleid
Uitvoering
GVVP Oude IJsselstreek 2010-2020 GVVP Oude IJsselstreek 2012-2020
46
Voorkeurskenmerken per wegtype Categorie
GOW (bubeko)
GOW (bibeko)
ETW (bubeko)
ETW (bibeko)
Type
-
-
I
II
-
Max. snelheid
80 km/h
50 km/h
60 km/h
60 km/h
30 km/h
Intensiteit
5.000-20.000
5.000-15.000
< 6.000
< 6.000
< 3.000
Rijbaanindeling
1x2
1 x 2 (fietspaden) of 1 (fietsstroken)
1 rijbaan
1 rijbaan
1 rijbaan
Wegbreedte
7,50 m
5,50 7,10 m
> 4,50 m
< 4,50 m
< 5,50 m
Markering
Dubbele asmarkering
Asstreep (of niets bij fietsstroken)
Kantmarkering of fietsstroken
Geen
Geen
Voorrang
Voorrangsweg
Voorrangsweg
Gelijkwaardige kruispunten
Gelijkwaardige kruispunten
Gelijkwaardige kruispunten
Fiets
Fietspad of parallelweg
Fietspad of fietsstrook
Fietsstroken (bestaande paden behouden)
Op rijbaan
Op rijbaan
Landbouwverkeer
Parallelweg of Hoofdrijbaan en passeerhavens
Parallelweg of rijbaan
Op rijbaan
Op rijbaan
Op rijbaan
Parkeren
Parallelstructuur
Niet of parkeerhavens
Op rijbaan
Op rijbaan
Parkeerhavens of op rijbaan
Voorbeeld (zie pag. 48)
N317 Slingerparallel N318 Aaltenseweg
Bongersstraat (Ulft), Aaltenseweg (Varsseveld)
Sinderenseweg (Sinderen), Zwanenburgseweg (Megchelen)
Kapelweg (Silvolde), Azewijnsestraat (Gendringen)
Woonwijken
GOW = gebiedsontsluitingsweg
bubeko = buiten bebouwde kom
ETW = erftoegangsweg
bibeko = binnen bebouwde kom
Analyse
Visie
Beleid
Uitvoering
GVVP Oude IJsselstreek 2010-2020 GVVP Oude IJsselstreek 2012-2020
47
Gebiedsontsluitingswegen
buiten bebouwde kom
binnen bebouwde kom
Erftoegangswegen
buiten bebouwde kom
Analyse
Visie
Beleid
Uitvoering
binnen bebouwde kom
GVVP Oude IJsselstreek 2010-2020 GVVP Oude IJsselstreek 2012-2020
48
Voorkeurswegprofiel per wegtype
Categorie
GOW (bubeko)
GOW (bibeko)
-
-
Type
ETW (bubeko) I
ETW (bibeko) II
-
Voorkeursprofiel
Analyse
Visie
Beleid
Uitvoering
GVVP Oude IJsselstreek 2010-2020 GVVP Oude IJsselstreek 2012-2020
49
Wegencategorisering buiten de bebouwde kom Stroomwegen Op stroomwegen en gebiedsontsluitingswegen wordt het doorgaande verkeer gefaciliteerd. De gemeente Oude IJsselstreek heeft zelf geen stroomwegen en gebiedsontsluitingswegen buiten de bebouwde kom in beheer. Aandachtspunt is de aansluiting van Varsseveld via de Zelhemseweg op de regionale stroomweg N18. Vanuit het oogpunt van bereikbaarheid en het in stand houden van de relatie met Zelhem/Halle via de N330 is het behoud van een directe aansluiting Zelhemseweg/N18 wenselijk. De meest optimale kruispuntvorm (mede in relatie tot het beperken van doorgaand verkeer door het centrum van Varsseveld) wordt nader onderzocht in een separate studie. De resultaten van deze studie zijn het vertrekpunt voor ambtelijk en bestuurlijk overleg met provincie Gelderland en Rijkswaterstaat (als verantwoordelijk wegbeheerder).
De gebiedsontsluitingswegen in de gemeente ontsluiten de kernen en verbinden de grotere kernen met elkaar en met de regio. Voor het buitengebied en de kleinere kernen vervullen de erftoegangswegen type I deze ontsluitende functie.
Verblijfsgebieden buiten de kom (60-zones) Uit de inventarisatie blijkt dat nog niet alle wegen die gecategoriseerd zijn als erftoegangswegen zijn ingericht volgens de richtlijnen van Duurzaam Veilig.
Visie
Om de verkeerssituatie voor de weggebruiker zo duidelijk mogelijk te maken, sluiten we aan bij de geldende landelijke richtlijnen. Dit betekent onder meer grote 60-zones, waarbij wel extra aandacht zal worden besteed aan de kruispunten. Hier kan verkeer elkaar immers tegenkomen en is de kans op ongevallen het grootst. Met name het noordelijk deel van de gemeente kent nog weinig 60zones. Hier ligt dus een opgave. Behalve de realisatie van nieuwe verblijfsgebieden zijn ook aanpassingen in bestaande 60-zones nodig. Het gaat vooral om het aanpassen van voorrangssituaties, zodanig dat de voorrang niet meer wordt geregeld. Er is onderscheid gemaakt tussen Erftoegangswegen type I en II. Type I zijn wegen binnen verblijfsgebieden die het verkeer
Gebiedsontsluitingswegen
Analyse
Om de verkeersveiligheid te vergroten gaat de gemeente de komende jaren door met het Duurzaam Veilig inrichten van het buitengebied.
Beleid
Uitvoering
verbinden. Hoofddoel is verblijven en toegang bieden tot erven, maar de verkeersverzamelfunctie dient ook te worden gefaciliteerd. Type II zijn de wegen waar het verblijven centraal staat. Wegen waarover een belangrijke busverbinding loopt, kunnen een uitzondering zijn op het gewenste snelheidsregime en de inrichting. Erftoegangswegen type I (voorkeurskenmerk 60 km/uur) met een busverbinding kunnen 80 km/uur blijven, als dat nodig is om het openbaar vervoer te behouden. GVVP Oude IJsselstreek 2010-2020 GVVP Oude IJsselstreek 2012-2020
50
Wegencategorisering buiten de bebouwde kom
Legenda Stroomweg Gebiedsontsluitingsweg (80 km/uur) Erftoegangsweg type I (60 km/uur) Nog aan te leggen Analyse
Visie
Beleid
Uitvoering
GVVP Oude IJsselstreek 2010-2020 GVVP Oude IJsselstreek 2012-2020
51
Wegencategorisering kernen Gebiedsontsluitingswegen
Schoolzones
De gebiedsontsluitingswegen binnen de bebouwde kom zijn de wegen waarop het verkeer uit de wijken zich verzamelt. Vanaf deze wegen zijn ook andere buurten of plekken buiten de bebouwde kom goed bereikbaar. Op deze wegen is de verkeersfunctie van de weg dominant. Alle overige wegen binnen de bebouwde kom zijn erftoegangswegen. Deze wegen vallen in verblijfsgebieden waarbinnen een maximumsnelheid geldt van 30 km/uur. In deze verblijfsgebieden heeft de verkeersfunctie van een weg een ondergeschikte rol. Verkeerstekens (zoals verkeersborden) worden tot een minimum beperkt.
In 2008 opende de gemeente Oude IJsselstreek de eerste schoolzone bij basisschool De Klimpaal in Etten. Een schoolzone is een deel van de openbare weg bij een school dat door aanpassingen aan de weg en trottoir het autoverkeer er op moet attenderen dat hier kinderen oversteken. Daarnaast geldt een stopverbod, zodat ouders niet recht voor de school hun kinderen kunnen laten in- en uitstappen. Dit zorgt namelijk voor chaotische en onoverzichtelijke verkeerssituaties.
Verblijfsgebieden binnen de kom (30-zones) Nog niet alle erftoegangswegen in de kernen zijn ingericht volgens deze principes van Duurzaam Veilig. Enkele wegen hebben in het verleden meer een verkeersfunctie gehad (zoals de Industrieweg in Terborg), maar vallen nu in een 30 km/uur zone. Deze wegen worden de komende jaren heringericht.
De schoolzone zorgt voor een rustige verkeerssituatie en extra attentie bij de doorgaande automobilist op een potentieel gevaarlijke plek. In overleg met de gemeente en onder bepaalde voorwaarden (verkeersouders en aandacht voor verkeerseducatie) zal ondersteuning aan de realisatie van schoolzones worden gegeven.
Traversen Op plekken waar de verkeersfunctie van de weg conflicteert met het verblijfskarakter van de omgeving, moet een maatwerkoplossing worden gezocht. Dit zijn de zogenaamde traversen: doorgaande wegen met een verblijfsfunctie. Voorbeelden hiervan zijn de Debbeshoek in Ulft en de Walstraat in Terborg.
Analyse
Visie
Beleid
Uitvoering
GVVP Oude IJsselstreek 2010-2020 GVVP Oude IJsselstreek 2012-2020
52
Wegencategorisering in kernen Legenda stroomweg gebiedsontsluitingsweg bubeko (80 km/uur) erftoegangsweg type I (60 km/uur) gebiedsontsluitingsweg bibeko (50 km/uur) traverse (doorgaande weg met verblijfsfunctie, 30 km/uur)
GVVP Oude IJsselstreek 2010-2020 GVVP Oude IJsselstreek 2012-2020
53
Legenda stroomweg gebiedsontsluitingsweg bubeko (80 km/uur) erftoegangsweg type I (60 km/uur) gebiedsontsluitingsweg bibeko (50 km/uur) traverse (doorgaande weg met verblijfsfunctie, 30 km/uur) Analyse
Visie
Beleid
Uitvoering
GVVP Oude IJsselstreek 2010-2020 GVVP Oude IJsselstreek 2012-2020
54
Legenda stroomweg gebiedsontsluitingsweg bubeko (80 km/uur) erftoegangsweg type I (60 km/uur) gebiedsontsluitingsweg bibeko (50 km/uur) traverse (doorgaande weg met verblijfsfunctie, 30 km/uur) Analyse
Visie
Beleid
Uitvoering
GVVP Oude IJsselstreek 2010-2020 GVVP Oude IJsselstreek 2012-2020
55
Legenda stroomweg gebiedsontsluitingsweg bubeko (80 km/uur) erftoegangsweg type I (60 km/uur) gebiedsontsluitingsweg bibeko (50 km/uur) traverse (doorgaande weg met verblijfsfunctie, 30 km/uur) Analyse
Visie
Beleid
Uitvoering
GVVP Oude IJsselstreek 2010-2020 GVVP Oude IJsselstreek 2012-2020
56
Legenda stroomweg gebiedsontsluitingsweg bubeko (80 km/uur) erftoegangsweg type I (60 km/uur) gebiedsontsluitingsweg bibeko (50 km/uur) traverse (doorgaande weg met verblijfsfunctie, 30 km/uur) Analyse
Visie
Beleid
Uitvoering
GVVP Oude IJsselstreek 2010-2020 GVVP Oude IJsselstreek 2012-2020
57
Legenda stroomweg gebiedsontsluitingsweg bubeko (80 km/uur) erftoegangsweg type I (60 km/uur) gebiedsontsluitingsweg bibeko (50 km/uur) traverse (doorgaande weg met verblijfsfunctie, 30 km/uur) Analyse
Visie
Beleid
Uitvoering
GVVP Oude IJsselstreek 2010-2020 GVVP Oude IJsselstreek 2012-2020
58
Legenda stroomweg gebiedsontsluitingsweg bubeko (80 km/uur) erftoegangsweg type I (60 km/uur) gebiedsontsluitingsweg bibeko (50 km/uur) traverse (doorgaande weg met verblijfsfunctie, 30 km/uur) Analyse
Visie
Beleid
Uitvoering
GVVP Oude IJsselstreek 2010-2020 GVVP Oude IJsselstreek 2012-2020
59
Analyse
Visie
Beleid
Uitvoering
GVVP Oude IJsselstreek 2010-2020 GVVP Oude IJsselstreek 2012-2020
60
Wegencategorisering kernen Doorgaand verkeer door kernen De problematiek van het doorgaande verkeer door Etten en Terborg zal vanuit een regionale aanpak moeten worden opgelost. Het wensbeeld van de gemeente is een afwaardering van de provinciale weg N818 tot erftoegangsweg in combinatie met het versterken van het verbijfskarakter van de Ettensestraat/Walstraat. Een knip ter hoogte van de brug over de Oude IJssel is niet wenselijk, aangezien daarmee de verkeersdruk op de Rijksweg in Gaanderen voor doorgaand verkeer tussen Zeddam en Varsseveld is via de A18/N18. Deze route zou in de bewegwijzering nadrukkelijk moeten worden benoemd.
Op de Ulftseweg/Terborgseweg in Silvolde rijdt doorgaand verkeer tussen Ulft en Varsseveld. Onderzocht is of een randweg aan de zuidoostkant van Silvolde (in combinatie met het opwaarderen van
De nieuwe aansluiting Emmerich-Ost op de A3 kan zorgen voor doorgaand verkeer door de kern Netterden. Een randweg Netterden is verkeerskundig gezien niet effectief. Deze oplossing zorgt wel voor een afname van verkeer in de kern Netterden (zeker wanneer de maatregel wordt gecombineerd met een knip in de kern), maar levert een forse toename op van verkeer op de route Emmerikseweg (buiten de bebouwde kom) - Papenkampseweg. Verkeerskundig gezien is de realisatie van de ontbrekende schakel N316, gecombineerd met afwaarderen van de Emmerikseweg en Netterdensestraat, de meest gunstige oplossing voor Netterden. en A18/N18 blijft de toename van verkeer in Netterden beperkt.
In bijlage 5 zijn de keuzen ten aanzien van de kernen Varsseveld, Terborg, Silvolde, Ulft en Netterden verder uitgewerkt.
een effectieve verkeerskundige maatregel is om het doorgaande verkeer door Silvolde te beperken. De conclusie is dat een randweg Silvolde op etmaalbasis erg weinig verkeer aantrekt (ca. 1.500 mvt/etm). De kosteneffectiviteit van een randweg is daarmee gering. Herinrichting van de Ulftseweg/Terborgseweg in combinatie met het afwaarderen van de provinciale weg N818 is de meest effectieve maatregel om doorgaande verkeer uit de kern Silvolde te houden.
Analyse
Visie
Beleid
Uitvoering
GVVP Oude IJsselstreek 2010-2020 GVVP Oude IJsselstreek 2012-2020
61
Hoofdroutes vrachtverkeer Tenzij op een specifieke plek een vrachtwagenverbod wordt ingesteld, mag vrachtverkeer overal rijden. Het is echter wenselijk dat vrachtverkeer zo veel mogelijk over hoofdwegen rijdt en zo min mogelijk door de bebouwde kom. In verband met bijvoorbeeld de bevoorrading van winkels is het niet mogelijk om vrachtverkeer overal te weren. Binnen de gemeente liggen enkele bestemmingen waar veel vrachtverkeer naartoe rijdt. Voor deze bestemmingen geldt een voorkeursroute naar de regionale en (inter)nationale hoofdroutes. De routes binnen de gemeente lopen allemaal via regionale gebiedsontsluitingswegen. Deze wegen zijn goed ingericht en geschikt voor vrachtverkeer. In de praktijk zullen veel van deze routes dan ook al worden gebruikt door het vrachtverkeer.
te voorkomen. Op het moment dat de doorgaande (voorkeurs)route sneller is, zal het verkeer die route ook gaan gebruiken. Navigatiesystemen spelen ook een belangrijke rol, deze zijn echter zal moeten worden opgepakt.
Analyse
Visie
Beleid
Uitvoering
GVVP Oude IJsselstreek 2010-2020 GVVP Oude IJsselstreek 2012-2020
62
Hoofdroutes vrachtverkeer
Legenda doorgaande route vrachtverkeer hoofdroute vrachtverkeer Analyse
Visie
Beleid
Uitvoering
GVVP Oude IJsselstreek 2010-2020 GVVP Oude IJsselstreek 2012-2020
63
Uitrukroutes hulpdiensten Brandweer, ambulance en politie moeten snel ter plaatse kunnen zijn als er nood is. Binnen Oude IJsselstreek zijn verschillende locaties van waaruit de hulpdiensten uitrukken. Vanaf deze locaties rijden zij zoveel mogelijk over vaste uitrukroutes richting hun bestemming. Op deze hoofdroutes moeten de hulpdiensten goed kunnen doorrijden. Daarbij zijn de sirenes een belangrijk hulpmiddel, maar ook de inrichting van de weg speelt een belangrijke rol in de snelheid van de hulpdiensten. De uitrukroutes lopen zoveel mogelijk via gebiedsontsluitingswegen, maar dat is niet altijd mogelijk. Daar waar een uitrukroute via een erftoegangsweg loopt, moet in de inrichting een evenwicht worden gezocht tussen het verblijfskarakter van de weg en de kwaliteit van de uitrukroute. Bij herinrichting van wegen die aangemerkt zijn als uitrukroutes worden de hulpdiensten in een vroeg stadium betrokken.
Analyse
Visie
Beleid
Uitvoering
GVVP Oude IJsselstreek 2010-2020 GVVP Oude IJsselstreek 2012-2020
64
Uitrukroutes hulpdiensten
Legenda Uitrukroute hulpdiensten locatie hulpdienst
Analyse
Visie
Beleid
Uitvoering
GVVP Oude IJsselstreek 2010-2020 GVVP Oude IJsselstreek 2012-2020
65
Voorkeursroutes landbouwverkeer De gemeente Oude IJsselstreek heeft een groot buitengebied met veel agrarische bedrijven. Het landbouwverkeer dat een gevolg is van deze agrarische activiteiten moet ook ruimte krijgen om over de wegen te rijden. Er zijn echter plekken waar landbouwvoertuigen niet gewenst zijn, zoals in woonwijken, langs scholen en op wegen met een hoge maximumsnelheid. Daarom is een netwerk opgesteld met voorkeursroutes voor landbouwverkeer. Deze voorkeursroutes gelden voor landbouwverkeer dat over een grotere afstand gebruik moet maken van de openbare weg, zoals loonbedrijven.
Wel doet de gemeente het nodige om verkeersknelpunten te verminderen of beter nog, te vermijden: -
Meewerken aan het doorlopend verbeteren van de verkaveling: zorgen dat zoveel mogelijk kavels bij elkaar liggen op een zo klein mogelijke afstand van het erf.
-
De groeimogelijkheden en functieverandering van erven afstemmen op wat de infrastructuur ter plaatse aan kan.
De wegen die onderdeel vormen van de voorkeursroutes zijn allemaal geschikt voor grote voertuigen (of worden geschikt gemaakt). Dit zijn over het algemeen erftoegangswegen type I. Daar waar het onvermijdelijk is dat landbouwverkeer over een gebiedsontsluitingsweg buiten de bebouwde kom rijdt, worden in overleg met de provincie landbouwpasseerhavens aangelegd. Dit zijn plekken waar het landbouwverkeer de hoofdrijbaan moet verlaten om het overige verkeer te laten passeren. Overigens is op de overige wegen landbouwverkeer wel toegestaan, tenzij een verbod voor deze voertuigen is ingesteld
Analyse
Visie
Beleid
Uitvoering
GVVP Oude IJsselstreek 2010-2020 GVVP Oude IJsselstreek 2012-2020
66
Voorkeursroutes landbouwverkeer
Legenda voorkeursroute landbouwverkeer weg met landbouwpasseerhavens Analyse
Visie
Beleid
Uitvoering
GVVP Oude IJsselstreek 2010-2020 GVVP Oude IJsselstreek 2012-2020
67
Regionaal fietsnetwerk Op afstanden tot ongeveer 10 kilometer is de fiets een goed alternatief voor de auto. De opkomst van de elektrische fiets vergroot deze concurrentiepositie van de fiets en vergroot de actieradius van de fietser. Om het fietsgebruik te stimuleren zijn rechtstreekse, comfortabele en veilige fietsroutes een vereiste. Zowel voor woon-werk verkeer als voor de schoolgaande jeugd. Het regionale fietsnetwerk voorziet in directe fietsroutes tussen de kernen. Op deze routes wordt extra aandacht besteed aan de positie van de fietser. Of een fietspad of fietsstrook noodzakelijk is, hangt af van de functie van de weg. Voor de inrichtingseisen van fietsvoorzieningen wordt de Ontwerpwijzer Fiets (CROW publicatie 230) aangehouden. De eisen die aan een goed fietsnetwerk worden gesteld zijn daarbij het uitgangspunt (zie tabel). Voor de recreatieve fietser is een directe route minder van belang. Belangrijker is de beleving van de omgeving. Daarom is onderscheid gemaakt tussen een utilitair fietsnetwerk en een recreatief netwerk. Dit recreatieve fietsnetwerk maakt meer gebruik van landwegen in plaats van fietspaden langs doorgaande wegen. Het fietsnetwerk in Oude IJsselstreek is onderdeel van een fietsnetwerk door de gehele Achterhoek.
Analyse
Visie
Beleid
Uitvoering
Netwerkeis
Toelichting
Samenhang
De fietsinfrastructuur vormt een samenhangend geheel en sluit aan op alle herkomsten en bestemmingen van fietsers
Directheid
De fietsinfrastructuur biedt de fietsers steeds een zo direct mogelijke route
Aantrekkelijkheid
De fietsinfrastructuur is zodanig vormgegeven en in de omgeving ingepast dat fietsen aantrekkelijk en sociaal veilig is
Veiligheid
De fietsinfrastructuur waarborgt de verkeerveiligheid van fietsers en overige weggebruikers
Comfort
De fietsinfrastructuur maakt een comfortabele en vlotte doorstroming van het fietsverkeer mogelijk
Stallingruimte
Met voldoende en goed gesitueerde stallingruimte worden fietsers maximaal gefaciliteerd in hun parkeerbehoefte, neemt het aantal los geplaatste fietsen af en wordt een positieve bijdrage geleverd aan de kwaliteit van de openbare ruimte
GVVP Oude IJsselstreek 2010-2020 GVVP Oude IJsselstreek 2012-2020
68
Regionaal fietsnetwerk
Legenda utilitaire fietsverbinding recreatieve fietsverbinding Analyse
Visie
Beleid
Uitvoering
GVVP Oude IJsselstreek 2010-2020 GVVP Oude IJsselstreek 2012-2020
69
Hoofdfietsroutes in kernen Het regionale fietsnetwerk doet ook de kernen binnen Oude IJsselstreek aan. Dit is belangrijk omdat de fietsers veelal wonen of werken in de kernen. Voor de recreatieve fietsers vormen de kernen rustpunten waar genoten kan worden van een kopje koffie of een ijsje. Binnen de kernen is behoefte aan een uitgebreider fietsnetwerk dan het regionale netwerk biedt. Juist binnen de kern is de fiets een uitstekend vervoermiddel. Dus ook voor deze verplaatsingen, zoals boodschappen doen of naar school fietsen, zijn veilige fietsvoorzieningen nodig.
Schoolroutes In het fietsnetwerk is speciale aandacht voor schoolroutes. Schoolkinderen moeten (eventueel onder begeleiding van een ouder) veilig naar school kunnen fietsen. Op deze schoolroutes wordt sneller de keus gemaakt voor fietspaden en oversteekplekken worden overzichtelijk ingericht. Fietsparkeren Om fietsen te stimuleren zijn niet alleen goede fietsvoorzieningen, maar ook goede fietsparkeervoorzieningen nodig op attractieve plekken, zoals winkelcentra en stations.
Hoofdfietsroutes in de kernen worden veilig en overzichtelijk ingericht voor de fiets. Hierbij valt te denken aan een goede verlichting en voldoende uitzicht bij kruispunten. Het wil niet zeggen dat op alle hoofdfietsroutes fietspaden of fietsstroken aanwezig moeten zijn. Binnen verblijfsgebieden (30 km/uur zones) worden in principe geen fietspaden of stroken toegepast. Fietsers rijden hier op de weg. Op gebiedsontsluitingswegen worden in principe altijd fietsvoorzieningen toegepast. De keuze tussen een fietspad of een fietsstrook hangt af van de intensiteit van het autoverkeer (bij meer dan 8.000 mvt/etm hebben fietspaden de voorkeur) en van omgevingsfactoren, zoals de beschikbare ruimte en het aantal erfaansluitingen.
Analyse
Visie
Beleid
Uitvoering
GVVP Oude IJsselstreek 2010-2020 GVVP Oude IJsselstreek 2012-2020
70
Hoofdfietsroutes in de kernen
Legenda regionaal fietsnetwerk (utilitair + recreatief) lokale fietsverbinding nog aan te leggen fietsverbinding
Analyse
Visie
Beleid
Uitvoering
GVVP Oude IJsselstreek 2010-2020 GVVP Oude IJsselstreek 2012-2020
71
Legenda regionaal fietsnetwerk (utilitair + recreatief) lokale fietsverbinding nog aan te leggen fietsverbinding
Analyse
Visie
Beleid
Uitvoering
GVVP Oude IJsselstreek 2010-2020 GVVP Oude IJsselstreek 2012-2020
72
Legenda regionaal fietsnetwerk (utilitair + recreatief) lokale fietsverbinding nog aan te leggen fietsverbinding Analyse
Visie
Beleid
Uitvoering
GVVP Oude IJsselstreek 2010-2020 GVVP Oude IJsselstreek 2012-2020
73
Openbaar vervoer netwerk De afgelopen jaren zijn alle openbaar vervoerdiensten binnen de gemeente Oude IJsselstreek uitgevoerd door Syntus. Vanaf eind 2010 gaat het busvervoer over naar Arriva (het treinvervoer vanaf 2012). Deze overgang van vervoerder heeft naar verwachting geen directe consequenties voor het openbaar vervoeraanbod in de gemeente Oude IJsselstreek.
Ontwikkelingen openbaar vervoernetwerk
-
een derde buurtbus binnen de gemeente. Deze buurtbus rijdt een ronde tussen de kernen Terborg, Sinderen, Gendringen, Ulft en Etten;
Binnen het openbaar vervoernetwerk in Oude IJsselstreek kan onderscheid worden gemaakt naar drie niveaus:
-
een buslijn tussen Doetinchem, Emmerich (D), Kleve (D) en Nijmegen;
-
minimaal niveau aan openbaar vervoer in buitengebied en kleine kernen door middel van buurtbus en Regiotaxi;
-
-
busbediening grotere kernen met streekbusvervoer (frequentie 2x per uur) en buurtbus;
een mogelijke openbaar vervoerverbinding die ongeveer de Oude IJssel volgt van Doesburg, via Doetinchem, Ulft naar Bocholt (D).
-
station Terborg en Varsseveld zijn lokale vervoersknooppunten. Deze moeten als zodanig worden ingericht met voldoende parkeerruimte voor auto (P+R) en fietsenstallingen. Ook moet goede informatievoorziening aanwezig zijn.
Analyse
Visie
Beleid
Uitvoering
In aanvulling op het huidige openbaar vervoernetwerk vinden er op dit moment drie studies plaats naar nieuwe openbaar vervoerverbindingen:
Weginrichting Om te kunnen concurreren met de auto, is het voor een busdienst van belang dat de bus goed door kan rijden. Verkeersremmende voorzieningen als drempels en zeer krappe rotondes zijn erg hinderlijk voor bussen. Op wegen waarover bussen rijden moeten deze dan ook zoveel mogelijk worden vermeden. Een goed compromis zijn busvriendelijke verkeersdrempels voor 30 en 60 km/uur zones.
GVVP Oude IJsselstreek 2010-2020 GVVP Oude IJsselstreek 2012-2020
74
Regionaal openbaar vervoernetwerk
Ontwikkelingen:
OV verkenning: Doetinchem, Emmerich, Kleve, Nijmegen
Extra buurtbus: Terborg -Heerenberg en Terborg - Megchelen
OV verkenning: Doesburg, Doetinchem, Ulft, Bocholt
Verbetering en verdubbeling spoorlijn Arnhem - Winterswijk
Analyse
Visie
Beleid
Uitvoering
GVVP Oude IJsselstreek 2010-2020 GVVP Oude IJsselstreek 2012-2020
75
Parkeerbeleid Gemeentelijke verantwoordelijkheid Het opstellen van parkeerbeleid is een autonome taak van gemeenten. Parkeerbeleid is van belang in verband met de verbetering van de bereikbaarheid en leefbaarheid in woonwijken, bedrijventerreinen en (winkel)centra. Andersom is het ook een onderwerp van ruimtelijke inrichting/locatiebeleid. Door het juiste bedrijf of kantoor op de juiste plaats te vestigen, kunnen onnodige verkeersbewegingen en problemen met parkeerruimte worden voorkomen. Via parkeerbeleid kan de gemeente de verdeling van de schaarse parkeerruimte reguleren en overlast voorkomen. Door
goedkoper. Hiermee zal de druk op de aanwezige parkeerruimte in de komende jaren toenemen. Beleidskader parkeren
In het centrum van Varsseveld is de invoering van een blauwe zone in 2010 als proef opgestart. Bij de toepassing van de landelijke parkeerkencijfers van het CROW wordt uitgegaan van de bovengrens: dat is de gemeentelijke parkeernorm. Parkeernormen Oude IJsselstreek (nieuwe situaties) De CROW-
situaties (die bij het gereedkomen van dit plan nog niet in procedure zijn) worden parkeernormen gebruikt als uitgangspunt bij de raming van de parkeerbehoefte. De parkeernormen kennen een bandbreedte (een minimum- en een maximumnorm). In principe geldt de maximale parkeernorm. Alleen wanneer aannemelijk kan worden gemaakt dat er minder parkeerplaatsen noodzakelijk zijn kan de gemeente toestaan dat van dit maximum wordt afgeweken.
Het gemeentelijke beleidskader parkeren is in november 2008 vastgesteld door de Raad. Uitgangspunt van dit parkeerbeleid is dat er voldoende parkeergelegenheid is, zodat de hinder als gevolg van betekent dat de parkeercapaciteit waar nodig wordt uitgebreid (vraagvolgend beleid) en dat in overleg met de politie en beoordeeld of proactieve handhaving op hinderlijk en foutief het invoeren van een blauwe zone de parkeerduur worden gereguleerd (voorkomen langparkeren).
Analyse
Visie
Beleid
Uitvoering
In bijlage 6 zijn de te hanteren parkeernormen weergegeven per hoofdfunctie.
GVVP Oude IJsselstreek 2010-2020 GVVP Oude IJsselstreek 2012-2020
76
Parkeerbeleid Parkeernormen in relatie tot bestemmingsplannen
Parkeerproblemen in bestaande woonwijken
Een van de consequenties van de nieuwe Wet ruimtelijke ordening (Wro), die per 1 juli 2008 in werking is getreden, is dat parkeernormen op den duur alleen nog juridisch van kracht zijn via het bestemmingsplan. Onder de oude Wro waren parkeernormen op twee manieren van kracht: via een bestemmingsplan en via een bouwverordening; het bestemmingsplan ging daarbij boven de bouwverordening. De bouwverordening was een vangnet voor het geval dat parkeernormen in het bestemmingsplan ontbreken.
De bestaande woongebieden zijn over het algemeen met lagere parkeernormen ontworpen dan de nieuwbouw. De samenstelling van de bestaande woongebieden is echter ook anders en het autobezit is veelal lager. Soms is er sprake van kleine bedrijvigheid in de bestaande woonwijken. De parkeerbehoefte per wijk kan als gevolg van verschillen in bevolkingssamenstelling en ruimtelijke
De nieuwe Wro voorziet in eenvoudigere regels. De bouwverordening bevat geen stedenbouwkundige regels meer, en dus ook geen parkeernormen. Deze zijn alleen juridisch van kracht via het bestemmingsplan1. Voor het hele grondgebied van de gemeente moeten bestemmingsplannen worden vastgesteld, die elke tien jaar moeten worden geactualiseerd. In het bestemmingsplan kan worden verwezen naar de parkeernormen die in dit GVVP zijn opgenomen. De normen uit dit GVVP blijven dan gedurende de looptijd van het bestemmingsplan van toepassing.
bestaande wijken kunnen daarom niet worden benaderd door een simpele toetsing aan parkeernormen. Er is maatwerk nodig, maar wel volgens vaste spelregels, zodat in gelijke situaties ook gelijk gehandeld wordt.
1 Tot 1 juli 2013 geldt een overgangsfase tussen de oude WRO en
de nieuwe Wro.
Analyse
Visie
Beleid
Uitvoering
GVVP Oude IJsselstreek 2010-2020 GVVP Oude IJsselstreek 2012-2020
77
Parkeerbeleid Spelregels De gemeente hanteert de volgende spelregels: -
Vaststellen van het probleem door een parkeeronderzoek (tellingen van het aantal parkeerplaatsen en geparkeerde wordt als maat gehanteerd voor de ernst van het parkeerprobleem.
-
-
Indien maatregelen noodzakelijk zijn, dan eerst het gebruik van bestaande parkeervoorzieningen optimaliseren, vervolgens zo nodig extra parkeerplaatsen aanleggen. Of uitbreiding van parkeerplaatsen op een bepaalde plaats mogelijk is, hangt af van inhoudelijke aspecten (veiligheid, kwaliteit van de openbare ruimte en bereikbaarheid voor hulpdiensten) en procedurele aspecten (juridisch kader, grondeigendom en kosten). De aanleg van extra parkeerplaatsen wordt zoveel mogelijk gecombineerd met andere werkzaamheden aan de weg (werk met werk maken). Als laatste mogelijkheid: parkeerregulering. Vooralsnog is het uitgangspunt dat er geen betaald parkeren wordt ingevoerd in Oude IJsselstreek. Vergunninghoudersparkeren is wel een mogelijkheid en kan worden geregeld via een parkeerverordening. Dit brengt wel administratieve lasten met zich mee.
Analyse
Visie
Beleid
Uitvoering
Gebruik optimaliseren Bij het oplossen van parkeerproblemen wordt vaak direct gedacht aan het aanleggen van extra parkeerplaatsen, meestal in het groen. Soms zijn er echter ook andere mogelijkheden: - Mogelijkheden van dubbelgebruik onderzoeken (op acceptabele loopafstand van maximaal 100 meter); - Fysieke afscherming van de plaatsen waar foutgeparkeerd wordt; - Verscherpt toezicht (tijdelijk intensieve controle op foutparkeren); - Tegengaan parkeren caravans en/of aanhangers op grond van APV; - Betere aanduiding van parkeervakken. Parkeerplaatsen aanleggen Indien optimalisering van het gebruik van bestaande parkeerplaatsen geen oplossing biedt, zal de aanleg van extra parkeerplaatsen de enige mogelijkheid zijn om de parkeerproblemen op te lossen. In dat geval wordt uitgezocht waar hiervoor de beste mogelijkheden zijn: ligt dan waar het parkeerprobleem zich manifesteert, gaat de voorkeur uit naar uitbreiding van parkeercapaciteit bij de bron; - Indien dat niet mogelijk is, gaat de voorkeur uit naar uitbreiding van parkeercapaciteit op de plaats waar het parkeerprobleem zich manifesteert; - Indien ook dat niet mogelijk is, kunnen extra parkeerplaatsen op een andere locatie in de directe omgeving worden gerealiseerd.
Dit is echter alleen zinvol als parkeren op de plaats waar het parkeerprobleem zich nu manifesteert, met fysieke maatregelen (bijvoorbeeld een haag, hek of paaltjes) kan worden tegengegaan. GVVP Oude IJsselstreek 2010-2020 GVVP Oude IJsselstreek 2012-2020
78
Parkeerbeleid Parkeren vrachtwagens Speciale aandacht is nodig voor het parkeren van vrachtwagens in woonwijken. Er wordt vaak geklaagd, niet alleen vanuit oogpunt van onveiligheid maar ook vanwege (geluids)overlast. Het is dan ook goed om voor deze voertuigen een algemeen parkeerverbod binnen de bebouwde kom in te stellen. Dit betekent echter wel dat er alternatieve locaties moeten zijn die aan bepaalde voorwaarden voldoen. Het gaat daarbij bijvoorbeeld om: -
voldoende beschikbare ruimte;
-
goed toegankelijk vanaf hoofdwegennet;
-
dichtbij bebouwde kom vanwege bereikbaarheid en sociale veiligheid;
-
geen of weinig direct omwonenden vanwege mogelijke overlast;
-
geschikte bestrating.
Op het eerste gezicht lijken vooral de (grotere) bedrijventerreinen hiervoor in aanmerking te komen. Nader onderzoek is noodzakelijk net als goed overleg met belangenorganisaties als bijvoorbeeld de EVO.
Analyse
Visie
Beleid
Uitvoering
GVVP Oude IJsselstreek 2010-2020 GVVP Oude IJsselstreek 2012-2020
79
Verkeersveilig weggedrag Permanente verkeerseducatie Bij 95% van de verkeersongevallen is een menselijke fout (mede)oorzaak. Het veiliger maken van het verkeer richt zich daarom in (steeds) grote(re) mate op het veranderen van het gedrag van verkeersdeelnemers. Gemeente Oude IJsselstreek streeft naar een intensivering van permanente verkeerseducatie in samenwerking met het ROVG en VVN en een zichtbare handhaving door regiopolitie en de inzet van gemeentelijke
Doelgroepen De essentie van permanente verkeerseducatie is dat mensen hun leven lang verkeerseducatie krijgen. Permanente verkeerseducatie vertegenwoordigd (0-4 jaar, 4-12 jaar, 12-16 jaar, 16-24 jaar, 24-65 jaar en 65+). Uit landelijke cijfers blijkt dat het gebruik van een nieuw vervoermiddel relatief veel ongevallen veroorzaakt. In de permanente verkeerseducatie ligt de focus dan ook op de fiets (412 jaar), bromfiets (16-17 jaar) en auto (18-24 jaar). Uit de ongevallenanalyse voor Oude IJsselstreek blijkt dat met name de
Met het ouder worden van de babyboom generatie zal het aandeel oudere weggebruikers in de nabije toekomst toenemen. Om te voorkomen dat deze groter wordende groep ook een risicogroep wordt in de verkeersslachtoffers, wordt de verkeerseducatie richting
Afstemming met ROVG en VVN De uitvoering van permanente verkeerseducatie wordt in de gemeente Oude IJsselstreek verzorgd door de lokale afdeling van Veilig Verkeer Nederland (VVN). VVN ontvangt van de gemeente jaarlijks subsidie om een educatieprogramma uit te voeren. Op zich is dat een prima constructie, zij het dat door de gemeente de vinger aan de pols moet worden gehouden dat alle doelgroepen aan bod komen en dat er specifieke aandacht is voor de genoemde focusgroepen. In overleg met het Regionaal Orgaan Verkeersveiligheid Gelderland (ROVG) en VVN kan jaarlijks bepaald worden welke projecten worden uitgevoerd. Met behulp van de toolkit Permanente VerkeersEducatie van het Kennisplatform Verkeer en Vervoer kan per doelgroep een overzicht van projecten worden verkregen (www.pvetoolkit.kpvv.nl).
kan worden.
Analyse
Visie
Beleid
Uitvoering
GVVP Oude IJsselstreek 2010-2020 GVVP Oude IJsselstreek 2012-2020
80
Projecten binnen permanente verkeerseducatie Doelgroep
Maatregel of activiteit
Omschrijving
Toepassingsgebied
0-4 jaar
JONGleren
Themaweek voor kinderen en informatiebijeenkomst voor ouders
Peuterspeelzalen
Verkeersexamen
Schriftelijk en praktijkexamen
Groep 7 of 8 basisschool
Verkeersveiligheidslabel
Label voor scholen die zich inzetten voor verkeerseducatie en veiligheid
(basis)scholen
12-16 jaar
Diverse verkeersveiligheidprojecten
Bijvoorbeeld projecten over alcohol en drugs, gevolgen van verkeersongevallen, bromfietsen
Invulling op regionaal niveau
18-24 jaar
Rijstijltraining
Aandacht voor gevaarherkenning en veilig weggedrag (TRAILS, Jonge Automobilisten)
Veelal gehouden in samenwerking met rijscholen
25-60 jaar
Rijstijltraining
Vooral aandacht voor milieuvriendelijk rijgedrag (Het Nieuwe Rijden)
Vaak in samenwerking met bedrijfsleven aangeboden
60+ jaar
BROEM
Opfriscursus verkeerskennis en advies over rijstijl
Lokale overheden
Bestaande projecten in Oude IJsselstreek
X
4-12 jaar
Analyse
Visie
Beleid
Uitvoering
GVVP Oude IJsselstreek 2010-2020 GVVP Oude IJsselstreek 2012-2020
X
X
81
Verkeersveilig weggedrag Werkplan Elk jaar wordt er door het ROVG een werkplan gemaakt waarin staat welke activiteiten uitgevoerd worden. Dit plan is gebaseerd op het Gelders Meerjarenprogramma Verkeersveiligheid en beschrijft de belangrijkste activiteiten, met name op het gebied van verkeerseducatie. De gemeente is bij het ROVG en het werkplan betrokken, per regio wordt eens per 3 maanden overlegd (SVGoverleg).
Er is maandelijks overleg met de politie (werkgroep verkeer), waar ook VVN bij aanwezig is. Tijdens dit overleg wordt onder meer gesproken over gehouden snelheidsmetingen en de mogelijkheid opsporingsambtenaren) in dienst die bevoegd zijn om bijvoorbeeld ruimer in te zetten, wordt regionaal bekeken. Dit biedt namelijk meer sturingsmogelijkheden in de handhaving. Middelen als Ministerie.
Zichtbare handhaving hogere pakkans resulteert in een betere naleving van regels, waardoor er minder verkeersslachtoffers vallen. Door nauwe samenwerking met politie en justitie kan actiever worden gestuurd op bepaalde doelen en doelgroepen, waardoor de effectiviteit van maatregelen toeneemt (bijvoorbeeld een campagne over fietsverlichting en tegelijk strenge controles). In elk van de drie uitgevoerd. Dit zijn projecten waarvoor extra menskracht en primair ingezet op de zogenaamde helmgrasspeerpunten: helm, gordels, rood licht, alcohol en snelheid. Daarnaast wordt ook specifieke aandacht geschonken aan communicatie richting weggebruikers om deze van het gewenste gedrag te overtuigen en ter vergroting van de gevoelsmatige pakkans.
Analyse
Visie
Beleid
Uitvoering
GVVP Oude IJsselstreek 2010-2020 GVVP Oude IJsselstreek 2012-2020
82
Mobiliteitsmanagement Vraagkant Infrastructurele projecten en -maatregelen richten zich vooral op de aanbodkant van het verkeer- en vervoerspectrum: het bieden van voldoende wegcapaciteit, goede fietspaden, toegankelijke bushalten, etc. Mobiliteitsmanagement richt zich op de vraagkant en probeert weggebruikers en reizigers voornamelijk door een goede informatievoorziening tot een bewuste mobiliteitskeuze te laten komen. Informatievoorziening is daarbij een breed begrip: het kan letterlijk gaan om reisinformatie voor reizigers bij stations of via internet, maar ook om informatievoorziening richting bedrijven om mobiliteitskeuzen te kunnen maken. Voor de mogelijkheden van mobiliteitsmanagement zet de gemeente in op: -
het versterken van ketenmobiliteit door goede en actuele reisinformatie op de stations van Terborg en Varsseveld;
-
mobiliteitsplannen voor bedrijven;
-
initiatieven binnen de eigen organisatie die het woonwerkverkeer per auto verminderen.
Inrichting stationsomgevingen De stations van Terborg en Varsseveld worden op termijn voorzien van een kwaliteitsimpuls. Het gaat dan ondermeer om het realiseren van voldoende P+R-plaatsen en het uitbreiden van het aantal fietsenstallingen (op basis van de regeling Ruimte voor de Fiets). Dit biedt mogelijkheden voor ketenmobiliteit: een makkelijke overstap tussen auto, fiets en openbaar vervoer. Aanvullend kan in overleg met de organisatie OV-fiets worden beoordeeld of er mogelijkheden zijn voor de inzet en uitbreiding van OV-fiets op de stations van Terborg en Varsseveld. Analyse
Visie
Beleid
Uitvoering
Hiermee wordt bezoekers de mogelijkheid geboden om op een makkelijke manier hun eindbestemming in de gemeente te bereiken. Mobiliteitsplannen Bedrijven met meer dan 50 werknemers in centrumgebieden, of elders met meer dan 100 werknemers, kunnen worden gestimuleerd om een eigen mobiliteitsplan op te stellen. Belangrijke kernpunten waarmee bedrijven een relatie kunnen leggen in hun mobiliteitsplan zijn: -
meer fietsen: voldoende en veilige fietsenstallingen, douches, vergoeding per gefietste kilometer;
-
meer openbaar vervoer: OV-pas/ jaarkaart;
-
telewerken en virtuele bereikbaarheid faciliteren (glasvezelnetwerk in de Achterhoek);
-
verhuispremie.
Gemeente Oude IJsselstreek werkt waar mogelijk mee aan maatregelen die bedrijven in staat stellen hun mobiliteitsplannen te realiseren. Bedrijven die werken aan een mobiliteitsplan worden verwezen naar gespecialiseerde kenniscentra op dit gebied, zoals het VCC-Oost. Eigen initiatieven Goed voorbeeld doet goed volgen. Gemeente Oude IJsselstreek geeft het goede voorbeeld door het woon-werkverkeer met de auto van de eigen medewerkers te verminderen en verduurzaming van het eigen wagenpark. GVVP Oude IJsselstreek 2010-2020 GVVP Oude IJsselstreek 2012-2020
83
Duurzame mobiliteit Klimaatprogramma 2009-2012
Wat is de meest kansrijke strategie?
Gemeente Oude IJsselstreek wil een bijdrage leveren aan de bescherming van de luchtkwaliteit, de gezondheid en het klimaat door onder andere in haar eigen beleidsplannen duurzame mobiliteit te waarborgen. Oude IJsselstreek gaat aan het oplossen van deze problematiek werken door in te zetten op verduurzaming van de mobiliteit: vermindering van de CO2 uitstoot en (waar nodig) het oplossen van knelpunten met betrekking tot geluidshinder en luchtkwaliteit. Het beleids- en uitvoeringskader zoals geschetst in het gemeentelijke Klimaatprogramma 2009-2012 is het vertrekpunt.
Het terugdringen van het aantal gemaakte externe autokilometers levert de meeste winst op. Dit is echter lastig, want de geografische ligging maakt dat de inwoners van Oude IJsselstreek genoodzaakt zijn langere afstanden af te leggen om werk en voorzieningen te bereiken. De gemiddelde ritlengte van en naar Oude IJsselstreek is 30 km met de auto, 60 km met de trein en 10 km per fiets. Ter vergelijking: Doetinchem kent gelijke cijfers, maar deze gemeente heeft een regionale functie. Montferland kent kortere afstanden omdat de kernen dichter bij elkaar liggen en dichter bij grotere kernen als Arnhem.
Verminderen CO2 Ongeveer 20% van de CO2 -uitstoot in Nederland komt voor rekening van verkeer en vervoer. Als de huidige trend van het groeiende verkeer niet wordt doorbreken, dan neemt dit aandeel de komende decennia fors toe. Een trenddoorbraak is te forceren door ambitieuze doelen te stellen en het klimaatbeleid een centrale plaats in de mobiliteitsdiscussie te geven.
Omdat het voorkomen van (externe) autoritten erg lastig is, wordt op meer vlakken gezocht naar maatregelen ter bevordering van duurzame mobiliteit.
De gemeente Oude IJsselstreek wil de CO2 -emissie door mobiliteit reduceren. Vermindering van de CO2 -emissies door mobiliteit heeft 1. voorkomen van ritten 2. verkorten van ritten 3. veranderen naar een andere modaliteit 4. verschonen van voertuigen
Analyse
Visie
Beleid
Uitvoering
GVVP Oude IJsselstreek 2010-2020 GVVP Oude IJsselstreek 2012-2020
84
Duurzame mobiliteit Inzetten op meerdere fronten
3. Veranderen
1. Voorkomen Er is al geconstateerd dat het voorkomen van ritten moeilijk is in een dunbevolkte regio als de Achterhoek. Vanwege de lage dichtheden is het niet rendabel om op meer plekken voorzieningen te realiseren waardoor minder (auto)ritten nodig zijn. Wel kan ingezet worden op telewerken, al is dit primair een zaak van bedrijven. De gemeente geeft het goede voorbeeld door telewerken binnen de eigen organisatie te faciliteren. Het realiseren van een glasvezelnetwerk in de regio Achterhoek en het stimuleren van gedeeld autogebruik (autodate) zijn projecten die passen binnen het voorkomen van onnodig autogebruik.
Veranderen van vervoerswijzen is kansrijk wanneer een koppeling tot stand gebracht wordt tussen auto en openbaar vervoer. Het openbaar vervoer kent een achterstandspositie, doordat de frequentie en snelheid relatief laag zijn ten opzichte van de relatief goede autoverbindingen in de regio. De onderzoeken naar nieuwe regionale busverbindingen, realisatie van een derde buurtbus en de kwaliteitsimpuls van de stationsomgevingen in Terborg en Varsseveld zijn projecten die een verandering van vervoerswijze stimuleren. Daarnaast liggen er in Oude IJsselstreek nog kansen voor een hoger fietsgebruik voor korte ritten tot 10 kilometer. Het verbeteren van de fietsvoorzieningen (aanleg fietsstroken en paden en goede stallingvoorzieningen) is een impuls voor een hoger fietsgebruik. Ook kan door middel van Mobiliteitsmanagement worden ingezet op gedragsverandering: een bewuste route- en vervoerwijzekeuze door de reizigers.
2. Verkorten Er ligt met name in de verstedelijkingsas Etten-Terborg-SilvoldeUlft-Gendringen een opgave om slim om te gaan met ruimtegebruik. De juiste uitgangspunten bij ruimtelijke ontwikkelingen zijn: inbreiden en verdichten (in plaats van uitbreiden) en de juiste functies op de juiste plaats. Dit houdt verplaatsingsafstanden kort en biedt mogelijkheden voor meer lopen, fietsgebruik en/of openbaar vervoer. De centrumplannen in Ulft, Terborg en Varsseveld en de transformatie van bedrijventerrein Akkermansweide (Terborg) en IJsselweide (UlftGendringen) naar kwalitatief hoogwaardige woonomgevingen zijn hier goede voorbeelden van. Analyse
Visie
Beleid
Uitvoering
4. Verschonen Verschonen van het wagenpark biedt ook kansen. Hoewel dit vooral afhankelijk is van technologische ontwikkelingen in de autoindustrie, kan de gemeente wel het goede voorbeeld geven met het Vanuit regionaal verband wordt gewerkt aan de realisatie van aardgasstations in de Achterhoek. In Doetinchem is reeds een dergelijk tankstation gerealiseerd. Andere initiatieven die vanuit regionaal verband kunnen worden gestimuleerd zijn gedeeld autogebruik (autodate) en de realisatie van elektrische
GVVP Oude IJsselstreek 2010-2020 GVVP Oude IJsselstreek 2012-2020
85
Deel 4 Uitvoering Het speelveld van verkeer en vervoer in Oude IJsselstreek in termen van knelpunten, trends en ontwikkelingen en actuele
Analyse
Visie
Beleid
Zo kijken we aan tegen verkeer en vervoer in Oude IJsselstreek, in het licht van ambities en geconstateerde knelpunten.
Met deze samenhangende beleidskeuzen (ten aanzien van verkeersnetwerken en -
Uitvoering
Dit is wat we op de regionale mobiliteitsagenda willen zetten en zelf concreet gaan doen en realiseren!
GVVP Oude IJsselstreek 2010-2020 GVVP Oude IJsselstreek 2012-2020
86
Werk in uitvoering gemeente als wegbeheerder Ontwerp infrastructuur
Beheer en onderhoud
De gemeente kan vanuit haar rol als wegbeheerder bestaande (gemeentelijke) wegen renoveren en nieuwe wegen aanleggen. Het ontwerp en de inrichting van infrastructuur bepalen de mate en wijze van gebruik van die infrastructuur. Bevorderen van het fietsgebruik stelt eisen aan de vormgeving van fietsvoorzieningen, het weren van doorgaand verkeer moet consequenties hebben voor de inrichting van zowel de sluiproute als de voorkeursroute etc. Daarnaast is er een wisselwerking met de omgeving. Hoe een weg er uit moet komen te zien verschilt per gebied. In waardevolle
De staat van onderhoud van infrastructuur heeft gevolgen voor functionaliteit en verkeersveiligheid. Een weg moet voldoen aan de eisen die daaraan mogen worden gesteld. De staat van onderhoud heeft ook invloed op keuzes en het gedrag van mensen. Een goed onderhouden fietspad nodigt meer uit tot fietsgebruik dan een hobbelig tegelpad. Een schone en goed onderhouden abri biedt meer kwaliteit dan een vervallen bushokje. Daarmee is onderhoud van infrastructuur niet alleen een functionele voorwaarde maar ook een sturend instrument in de beleidsuitvoering.
uitzien dan op bedrijventerrein als De Rieze en Hofskamp-Oost. De omgeving bepaalt het ontwerp, het ontwerp de invloed op de omgeving.
Bewegwijzering
Ontwerp van infrastructuur vraagt dus om maatwerk. Vertrekpunt in het ontwerp zijn de landelijke CROW-richtlijnen voor infrastructuur. Binnen de bandbreedtes die de richtlijnen bieden kiest de gemeente er voor om recht te doen aan de functie van de weg (of het fietspad, de bushalte, etc.) en de omgeving, en op die manier uitvoering te geven aan het gemeentelijke verkeer- en vervoerbeleid. De afweging en invulling hiervan vindt plaats op het niveau van specifieke projecten.
De lokale bewegwijzering is een verantwoordelijkheid van de gemeente. Ook de wijk- en gemeenteplattegronden vallen daaronder. Bewegwijzering heeft een sturende werking. Door het verkeer naar de belangrijkste attractiepunten te leiden via de gewenste hoofdroutes, worden de ongewenste en/of kwetsbare routes gemeden. Dit kan eventueel worden gecombineerd met aanvullende maatregelen als inrijverboden voor specifieke vervoerswijzen (bijvoorbeeld vrachtverkeer). Het beleid voor bewegwijzering kan worden uitgewerkt in een bewegwijzeringsplan. De landelijke richtlijnen van het CROW zijn daarbij het vertrekpunt.
In ontwerpen is extra aandacht nodig voor de toegankelijkheid voor bijvoorbeeld minder-validen en slechtzienden. Daar wordt nu nog vaak te weinig rekening mee gehouden.
Analyse
Visie
Beleid
Uitvoering
GVVP Oude IJsselstreek 2010-2020 GVVP Oude IJsselstreek 2012-2020
87
Uitvoeringsprogramma toelichting De verkeersnetwerken en de thematische beleidskeuzen uit deel 3 (beleid) zijn op dit moment nog niet allemaal realiteit. Wanneer deze worden vergeleken met de huidige (en toekomstige) ontwikkelingen ontstaat er op sommige punten een mismatch. Deze mismatch geeft aan dat er actie moet worden ondernomen om het beleid te realiseren. Dit hoofdstuk geeft een eerste aanzet naar maatregelen om de realiteit en gewenste situatie met elkaar in overeenstemming te brengen. Het gaat om een globaal overzicht op hoofdlijnen. Jaarlijks stelt de gemeente een uitvoeringsprogramma op waarin alle verkeersprojecten voor dat jaar worden opgenomen, zowel onderzoeksopdrachten, gedragsmaatregelen als fysieke maatregelen. De keuze welke projecten in welk jaar worden opgenomen in het uitvoeringsprogramma is afhankelijk van:
Prioriteit in de uitvoering Niet alle projecten kunnen tegelijk worden uitgevoerd. Projecten die snel worden uitgevoerd zijn de zogenaamde quickwins. Dit zijn beperkte maatregelen met een groot effect, zoals het plaatsen van zoneborden voor een 60 km/uur zone. Ook projecten die gericht zijn op het oplossen van blackspots krijgen een hoge prioriteit en worden zo snel mogelijk uitgevoerd. Voor de overige projecten wordt gekeken naar het nut en de noodzaak. Maatregelen met een hoog nut of een hoge noodzaak worden eerder uitgevoerd dan maatregelen met een kleine nut of noodzaak. Regionale mobiliteitsagenda De gemeente is bij een aantal projecten afhankelijk van andere partijen: buurgemeenten, provincie Gelderland (zowel als wegbeheerder als concessiebeheerder OV), Rijkswaterstaat, Regio Achterhoek, ROVG, VVN, regiopolitie. Bij de uitvoer van deze projecten is de gemeente mede afhankelijk van gemaakte afspraken en de prioritering door deze partijen.
-
prioriteit in de uitvoering;
-
regionale mobiliteitsagenda;
-
geplande (onderhoud)werkzaamheden;
Geplande werkzaamheden
-
financiering;
-
ambtelijke beschikbaarheid.
Het is vaak handig om fysieke maatregelen te koppelen aan regulier wegonderhoud. Dat bespaart kosten en voorkomt dat de weg meerdere malen moet te worden afgesloten
Analyse
Visie
Beleid
Uitvoering
GVVP Oude IJsselstreek 2010-2020 GVVP Oude IJsselstreek 2012-2020
88
Uitvoeringsprogramma toelichting Financiering Of een maatregel kan worden uitgevoerd is mede afhankelijk van de financiering. De gemeente heeft jaarlijks een budget voor verkeersmaatregelen waarbinnen de projecten voor dat jaar moeten passen. Tussen de begroting en het uitvoeringsprogramma geldt een wisselwerking. Enerzijds moet het uitvoeringsprogramma binnen de begroting passen, maar aan de andere kant wordt de begroting mede opgesteld naar aanleiding van het uitvoeringsprogramma. Voor veel verkeersprojecten zijn subsidiemogelijkheden. Wanneer subsidie is toegekend, dan geldt vaak ook een bepaalde termijn waarbinnen de uitvoering moet plaatsvinden. Ambtelijke beschikbaarheid De gemeente heeft een beperkt aantal medewerkers in dienst die zich bezig houden met verkeer. Primair zijn deze ambtenaren betrokken bij de uitvoer van het GVVP. Het aantal verkeersprojecten in het uitvoeringsprogramma moet afgestemd zijn op de beschikbaarheid van deze ambtenaren.
Analyse
Visie
Beleid
Uitvoering
GVVP Oude IJsselstreek 2010-2020 GVVP Oude IJsselstreek 2012-2020
89
Uitvoeringsprogramma fysieke en gedragsmaatregelen Fasering Uit dit GVVP volgen verschillende maatregelen en projecten. De verkeersmaatregelen voor de periode 2010 tot en met 2020. We maken onderscheid naar infrastructurele maatregelen en gedragsmaatregelen. Daarnaast is aandacht nodig voor de aanpak van kleine verkeersmaatregelen. Op basis van de prioritering zoals hiervoor is aangegeven, staat bij iedere maatregel genoemd of deze op korte termijn (2010-2011), op middellange termijn (20122015) of op lange termijn (2015-2020) wordt uitgevoerd.
Voor andere gedragsmaatregelen geldt dat steeds nieuwe mensen binnen de doelgroep vallen, waardoor projecten regelmatig herhaald moeten worden (bijvoorbeeld de doelgroep jonge automobilisten). Aanpak kleine verkeersmaatregelen In Beginspraak zijn meer dan 150 knelpunten naar voren gekomen (zie bijlage ). Vaak ging het om kleine knelpunten waarvoor een oplossing niet thuis hoort in een beleidsplan. Toch vragen deze knelpunten aandacht en is het noodzakelijk om ook deze punten
Infrastructurele maatregelen Bij de infrastructurele maatregelen gaat het om projecten die daadwerkelijk zichtbaar zijn in de openbare ruimte, zoals herinrichting van kruispunten. Deze maatregelen richten zich vooral op het realiseren van de verkeersnetwerken en de uitvoer van het parkeerbeleid. Gedragsmaatregelen Een aantal beleidskeuzen heeft te maken met het gedrag van mensen. Dit zijn de keuzen op het gebied van verkeersveilig gedrag, mobiliteitsmanagement en duurzame mobiliteit. Om het gewenste gedrag te stimuleren, zijn maatregelen nodig die vaak niet met de fysieke infrastructuur te maken hebben. Ook gaat het niet altijd om projecten met een duidelijk begin en eind. Veel projecten hebben een lange looptijd omdat een lange adem nodig is om gedrag te veranderen (zoals handhavingprojecten). Analyse
Visie
Beleid
Uitvoering
snelle uitvoering van kleine maatregelen, bijvoorbeeld: -
aanleg extra parkeervak;
-
plaatsen snelheidsmeter;
-
recht leggen van bestrating;
-
snoeien van bossages en struiken (i.v.m. zicht op de weg).
In de aanpak wordt jaarlijks voor iedere kern een budget van 2 euro per inwoner gereserveerd voor dergelijke (kleinschalige) verkeersmaatregelen. Belangenverenigingen krijgen een adviserende rol bij het benoemen en prioriteren van de knelpunten en oplossingen. De hoogte van het hier genoemde bedrag is gebaseerd op ervaringen elders. Het kan zijn dat dit bedrag niet toereikend of juist te hoog is. Monitoring van de uitgaven en de effectiviteit is dan ook belangrijk.
GVVP Oude IJsselstreek 2010-2020 GVVP Oude IJsselstreek 2012-2020
90
Infrastructurele maatregelen 2010-2020 Nr.
Maatregel
Fasering
Maatregelen infrastructuur 1.
Reconstructie N18 tot regionale stroomweg, inclusief aansluiting op Varsseveld
Lange termijn
2.
Maatregelen op Provinciale weg N318 (Aaltenseweg)
Korte termijn
3.
Maatregelen op Provinciale weg N818 (Terborgseweg/Varsseveldseweg)
Korte termijn
4.
Duurzaam Veilig inrichten verblijfsgebieden (30- en 60-zones)
5.
Reconstructie Oversluis (Ulft)
Korte termijn
6.
Reconstructie Walstraat (Terborg)
Korte termijn
7.
Herinrichten Industrieweg (Terborg)
Middellange termijn
8.
Aanpak VOC s en black spots
Korte/ middellange termijn
9.
Aanleg schoolzones bij basisscholen
Korte/ middellange termijn
10.
Ettensestraat (Terborg)
11.
Onderzoek naar afwaarderen route Etten
12.
Reconstructie Debbeshoek en Frank Damenstraat tot traverse (Ulft)
13.
Onderzoek benodigde infrastructurele maatregelen voorkeursroutes landbouwverkeer
14.
Aanpak kleine verkeersmaatregelen
Korte/ middellange termijn
Middellange termijn Terborg Varsseveld
Middellange termijn Middellange termijn Korte termijn Continu
Maatregelen parkeren 15.
Blauwe zone invoeren in centrum Varsseveld (inclusief ontheffingsmogelijkheid voor belanghebbenden)
18.
Uitvoeren parkeerdrukmeting in grotere kernen om de behoefte naar uitbreiding parkeercapaciteit te bepalen
19.
Onderzoek naar problematiek vrachtwagenparkeren
Analyse
Visie
Beleid
Uitvoering
Korte termijn Middellange/ lange termijn Korte termijn
GVVP Oude IJsselstreek 2010-2020 GVVP Oude IJsselstreek 2012-2020