379101.BP.TOE.Kom Ulft, locatie Ph. P. Cappettilaan 19.2024-02-27.pdf
Tekst van het document
Kom Ulft, locatie Ph. P. Cappettilaan 19
Inhoudsopgave
Toelichting
3
Hoofdstuk 1 1.1 1.2 1.3 1.4
Inleiding Aanleiding Ligging planlocatie Geldende plannen Leeswijzer
3 3 3 4 5
Hoofdstuk 2 2.1 2.2 2.3
Beschrijving van het plan Algemeen Huidige situatie Toekomstige situatie
6 6 6 8
Hoofdstuk 3 3.1 3.2 3.3 3.4 3.5
Beleidskader Algemeen Rijksbeleid Provinciaal beleid Regionaal beleid Gemeentelijk beleid
10 10 10 11 15 16
Hoofdstuk 4 4.1 4.2 4.3 4.4 4.5 4.6 4.7 4.8 4.9 4.10 4.11 4.12 4.13
Milieu- en omgevingsaspecten Algemeen Bodem Archeologie en cultuurhistorie Flora en fauna Geluid Luchtkwaliteit Geur Bedrijven en milieuzonering Externe veiligheid Water Verkeer en parkeren Kabels en leidingen Vormvrije m.e.r.-beoordeling
21 21 21 22 23 29 30 33 33 35 37 40 41 42
Hoofdstuk 5 5.1 5.2
Juridische planopzet Algemeen Wijze van bestemmen
43 43 43
Hoofdstuk 6 6.1 6.2
Uitvoerbaarheid van het plan Economische uitvoerbaarheid Maatschappelijke uitvoerbaarheid
45 45 45
2
bestemmingsplan "Kom Ulft, locatie Ph. P. Cappettilaan 19" (vastgesteld)
Toelichting Hoofdstuk 1 1.1
Inleiding
Aanleiding
Op de planlocatie op het perceel behorende aan de Ph. P. Cappettilaan 19 in Ulft bevindt zich in de huidige situatie een tuin bestaande uit gras en diverse groenbeplanting. Vanwege de ligging van de planlocatie tussen diverse woonpercelen is de transformatie van een tuin naar een woonbestemming goed denkbaar. De initiatiefnemer heeft het voornemen om ter plaatse van de planlocatie op de tuingrond vier levensloopbestendige woningen in één hoofdgebouw te realiseren. De bij het plangebied betrokken gronden hebben op basis van het geldende bestemmingsplan 'De Wesenthorst 2005' de bestemming 'Groenvoorziening'. De beoogde ontwikkeling is niet mogelijk binnen de kaders van het geldende bestemmingsplan. Om die reden moet er een nieuw bestemmingsplan worden opgesteld.
1.2
Ligging planlocatie
De locatie van het plangebied bevindt zich aan de zuidoostzijde van de bebouwde kom van Ulft, dichtgelegen bij de Bongersstraat die de ontsluiting verzorgt in noordelijke en zuidelijke richting. De noord- en zuid zijde van het plangebied grenzen aan woonpercelen. De westzijde grenst aan de Bongersstraat en de oostzijde grenst aan een openbare groenvoorziening die gelegen is langs de Oude IJssel. Het plangebied bestaat uit een gedeelte van een perceel dat kadastraal bekend staat als 'gemeente Gendringen, sectie T, nummer 7667'. Op de navolgende afbeeldingen zijn globaal de ligging en begrenzing van het plangebied weergegeven met een rode omlijning. Voor de exacte begrenzing wordt verwezen naar de verbeelding behorende bij dit bestemmingsplan.
Figuur 1: Globale ligging plangebied
bestemmingsplan "Kom Ulft, locatie Ph. P. Cappettilaan 19" (vastgesteld)
3
Figuur 2: Globale begrenzing plangebied
1.3
Geldende plannen
Zoals reeds is gesteld, valt het plangebied onder de werking van het bestemmingsplan 'De Wesenthorst 2005', vastgesteld door de raad van de gemeente Oude IJsselstreek op 29 september 2005. Op de navolgende afbeelding is een uitsnede van de verbeelding van het geldende bestemmingsplan weergegeven. Het plangebied is daarop met een rode omlijning weergegeven.
Figuur 3: Uitsnede geldend bestemmingsplan 'De Wesenthorst 2005'
Op grond van het geldend bestemmingsplan 'De Wesenthorst 2005' is aan het plangebied de bestemming 'Groenvoorziening' toegekend. Volgens de regels, behorende bij de bestemming 'Groenvoorziening', zijn ter plaatse groenvoorzieningen, voetpaden en infiltratievoorzieningen voor
4
bestemmingsplan "Kom Ulft, locatie Ph. P. Cappettilaan 19" (vastgesteld)
hemelwater toegestaan. Binnen de bestemming zijn enkele specifieke bouwwerken toegestaan. Ter plaatse van het plangebied is geen bouwvlak opgenomen. De toekomstige functie 'wonen' is hierbinnen dus niet mogelijk. Het realiseren van woningen op de locatie van het plangebied is op basis van het geldende bestemmingsplan niet toegestaan. Om die reden is voorliggend bestemmingsplan opgesteld.
1.4
Leeswijzer
Dit bestemmingsplan bestaat uit een verbeelding, regels en een toelichting. De verbeelding vormt samen met de regels het juridische bindende deel van het bestemmingsplan. In de toelichting worden de keuzes die in het bestemmingsplan worden gemaakt nader gemotiveerd en verantwoord. De toelichting bestaat uit zes hoofdstukken. Na dit inleidende hoofdstuk volgt in Hoofdstuk 2 een beschrijving van de huidige situatie en de toekomstige situatie. Hoofdstuk 3 geeft een overzicht van het ruimtelijke beleidskader. Hoofdstuk 4 geeft een overzicht van de milieu- en de omgevingsaspecten van het plan. In Hoofdstuk 5 volgen de juridische planaspecten en in Hoofdstuk 6 de uitvoerbaarheid van het plan.
bestemmingsplan "Kom Ulft, locatie Ph. P. Cappettilaan 19" (vastgesteld)
5
Hoofdstuk 2 2.1
Beschrijving van het plan
Algemeen
In dit hoofdstuk wordt de beoogde ontwikkeling omschreven. Hierbij wordt als eerste ingegaan op de huidige situatie in het plangebied, waarna de beoogde ontwikkeling in de toekomstige situatie nader toegelicht wordt.
2.2
Huidige situatie
Het gedeeltelijke perceel in het plangebied behoort in de huidige situatie als tuin bij de woning aan de Ph. P. Cappettilaan 19. In de huidige situatie maakt het plangebied deel uit van een grotere tuin die ten westen van de woning via een in-/uitrit verbonden is met de Ph. P. Cappettilaan. De tuin in het plangebied bestaat voor een groot gedeelte uit gras aangevuld met perkjes met tuinplanten en struiken, twee forse takkenhopen en diverse kleine, middelgrote en grote bomen. Aan de oostzijde staat het plangebied in open verbinding met de overige bestaande tuin. Het plangebied wordt aan de overige zijden omsloten door een middelhoge haag. Ten oosten van het plangebied is op circa 40 meter de Oude IJssel gelegen. Direct ten westen van het plangebied is de Bongersstraat gelegen. Onderstaande afbeeldingen geven een impressie van de huidige situatie van het plangebied, gezien vanaf de Bongersstraat en vanuit het plangebied.
Figuur 4: Impressie huidige situatie plangebied, gezien vanaf de Bongersstraat
6
bestemmingsplan "Kom Ulft, locatie Ph. P. Cappettilaan 19" (vastgesteld)
Figuur 5: Impressie huidige situatie plangebied, gezien vanuit het plangebied (1)
Figuur 6: Impressie huidige situatie plangebied, gezien vanuit het plangebied (2)
bestemmingsplan "Kom Ulft, locatie Ph. P. Cappettilaan 19" (vastgesteld)
7
Figuur 7: Impressie huidige situatie plangebied, gezien vanuit het plangebied (3)
2.3
Toekomstige situatie
De voorgenomen ontwikkeling bestaat uit de de realisatie van vier levensloopbestendige woningen in één hoofdgebouw (inclusief lift) in het plangebied op de locatie aan de Ph. P. Cappettilaan/Bongersstraat. Door een deel van de grote tuin behorend bij de Ph. P. Cappettilaan 19 in te zetten, ontstaat er ruimte voor de ontwikkeling van het hoofdgebouw met de vier levensloopbestendige woningen inclusief een in-/uitrit aan de zijkant die ontsloten wordt via de Bongersstraat. Het bouwplan voor de toekomstige situatie voorziet in de bouw van vier levensloopbestendige woningen in één hoofdgebouw met een gemeenschappelijke tuin waar ook twee vrijstaande bergingen in worden gerealiseerd. Aan de achterzijde van het hoofdgebouw bevindt zich een hofje waar vier parkeerplaatsen, groen en twee vrijstaande bergingen gelegen zijn. Dit hofje is verbonden met het hoofdgebouw door de centrale gang/hal in het hoofdgebouw die uitkomt op het trottoir van de Bongersstraat. Daarnaast zijn er ook twee parkeerplaatsen aan de voorzijde en drie parkeerplaatsen aan de zijkant van het hoofdgebouw. In de toekomstige situatie verdwijnt er door de voorgenomen ontwikkeling diverse bestaande groenbeplanting die zich in de huidige situatie in de tuin bevinden. Wel blijven twee bestaande bomen, die van dusdanige kwaliteit zijn, behouden en worden deze duurzaam ingepast in het plangebied.
De bestaande boom aan de voorzijde van het toekomstige hoofdgebouw kan door de ontwikkeling niet behouden/ingepast worden. Voor deze boom wordt een nieuwe inheemse boom herplant ter plaatse van de nieuwe inrit in het zuiden van het plangebied. Op deze wijze krijgt het toekomstige hoofdgebouw een symmetrisch aanzicht met aan de linker- en rechterzijde een boom. Een nadere toelichting over de bomen is te vinden in paragraaf 4.4. Om het groen op de planlocatie te versterken, worden er aan de voorzijde, zuidzijde en achterzijde diverse groenelementen aangelegd zodat het hoofdgebouw grotendeels groen omgeven wordt. Aan de noordzijde blijft de bestaande tuin (op het andere perceel) gehandhaafd. Het voorgenomen plan biedt voor de vier woningen voldoende ruimte om op eigen terrein in het plangebied in het parkeren te voorzien. Hierbij worden negen parkeerplaatsen gerealiseerd, waarbij twee parkeerplaatsen aan de voorzijde van het hoofdgebouw gesitueerd zijn, drie parkeerplaatsen evenwijdig aan de inrit en de zuidelijke plangrens gelegen zijn en vier parkeerplaatsen aan de achterzijde van het
8
bestemmingsplan "Kom Ulft, locatie Ph. P. Cappettilaan 19" (vastgesteld)
hoofdgebouw aanwezig zijn. De totale hoofdbouwmassa van het hoofdgebouw is opgebouwd uit twee bouwlagen met één kap (circa 10 meter). De lengte van het hoofdgebouw is circa 10 meter en de breedte is circa 23 meter. Aan weerszijden van het hoofdgebouw bevindt zich op de eerste verdieping aan de voorzijde een balkon. Het hoofdgebouw kent een synchrone indeling, waardoor op de begane grond en op de eerste verdieping aan de linker- en rechterkant een woning is ingetekend. Een schetsontwerp van het aanzicht van de voorgevel van het hoofdgebouw is toegevoegd als Bijlage 1. Plattegronden van de begane grond, eerste verdieping en tweede verdieping van het hoofdgebouw zijn toegevoegd als Bijlage 2 en Bijlage 3. Het hoofdgebouw met de vier woningen ligt in dezelfde rooilijn als de naastgelegen woning (nr. 257). De vier woningen worden ontsloten op de Bongersstraat aan de voorzijde. Aan de zuidzijde van het perceel is voornamelijk ruimte voor een groene erfafscheiding in de vorm van een brede groenstrook. Op navolgend schetsontwerp is de toekomstige situatie (inclusief de terreininrichting) van het plangebied weergegeven.
Figuur 8: Toekomstige situatie: inrichting plangebied
bestemmingsplan "Kom Ulft, locatie Ph. P. Cappettilaan 19" (vastgesteld)
9
Hoofdstuk 3 3.1
Beleidskader
Algemeen
In dit hoofdstuk wordt een analyse gegeven van het relevante beleidskader. De beleidsnota's die direct of indirect doorwerken in voorliggend bestemmingsplan, worden in deze paragraaf behandeld. Gezien de aard en de schaal van de ontwikkeling binnen bestaand stedelijk gebied is het relevante beleid op Europees niveau buiten beschouwing gelaten en op Rijksniveau beperkt gehouden. Per bestuurslaag is een korte samenvatting gegeven van de meest relevante aspecten uit de verschillende beleidsnota's, alsmede de consequenties voor het voorliggende plan.
3.2
Rijksbeleid
3.2.1
Nationale Omgevingsvisie (Novi)
Onderdeel van de Omgevingswet is een visie op de leefomgeving: de Nationale Omgevingsvisie (NOVI). Met de NOVI neemt het Rijk het voortouw voor een langetermijnvisie op de toekomst en de ontwikkeling van de fysieke leefomgeving van Nederland. De NOVI richt zich op de volgende vier prioriteiten die onderling veel met elkaar te maken hebben en gevolgen hebben voor het inrichten van de fysieke leefomgeving: Ruimte maken voor de klimaatverandering en energietransitie. De economie van Nederland verduurzamen en het groeipotentieel behouden. Steden en regio's sterker en gezonder maken. Het landelijk gebied toekomstbestendig ontwikkelen. In de NOVI staan de keuzes op nationaal niveau, maar in veel gevallen ligt de verantwoordelijkheid bij gemeenten en/of provincies. Op basis van drie uitgangspunten helpt de NOVI bij het wegen van belangen en het maken van keuzes: Combinaties van functies gaan voor enkelvoudige functies. Kenmerken en identiteit van een gebied staan centraal. Afwentelen wordt voorkomen. 3.2.2
Besluit algemene regels ruimtelijke ordening (Barro)
De nationale belangen zijn geborgd in het Besluit algemene regels ruimtelijke ordening (Barro). Het gaat bijvoorbeeld om rijksvaarwegen, defensie, ecologische hoofdstructuur, erfgoederen van uitzonderlijke universele waarde, hoofdwegen en hoofdspoorwegen, electriciteitsvoorziening, buisleidingen van nationaal belang voor vervoer van gevaarlijke stoffen en primaire waterkeringen. Door de nationale belangen vooraf in bestemmingsplannen te borgen, wordt met het Barro bijgedragen aan versnelling van de besluitvorming bij ruimtelijke ontwikkelingen en vermindering van de bestuurlijke drukte.
3.2.3
Besluit ruimtelijke ordening (Bro): Ladder voor duurzame verstedelijking
In artikel 3.1.6, lid 2 van het Besluit ruimtelijke ordening (Bro) is de ladder voor duurzame verstedelijking opgenomen. Het doel van de Ladder is zorgvuldig en duurzaam ruimtegebruik, met oog voor de toekomstige ruimtebehoefte en ontwikkelingen in de omgeving. De Ladder geeft daarmee invulling aan het nationaal ruimtelijk belang gericht op een zorgvuldige afweging en transparante besluitvorming bij ruimtelijke besluiten. Dit belang staat beschreven in de Structuurvisie Infrastructuur en Ruimte binnen een breder kader van een goed systeem van ruimtelijke ordening. Met de ladder worden eisen gesteld aan de motivering van onder meer bestemmingsplannen en ruimtelijke onderbouwingen die nieuwe stedelijke ontwikkelingen mogelijk maken. De toelichting bij een bestemmingsplan of ruimtelijke onderbouwing voor een nieuwe stedelijke ontwikkeling bevat een
10
bestemmingsplan "Kom Ulft, locatie Ph. P. Cappettilaan 19" (vastgesteld)
beschrijving van de behoefte aan die ontwikkeling, en, indien die ontwikkeling mogelijk wordt gemaakt buiten het bestaand stedelijk gebied, een motivering waarom niet binnen het bestaand stedelijk gebied in die behoefte kan worden voorzien.
3.2.4
Nationale Woon- en Bouwagenda
In de Nationale Woon- en Bouwagenda (11 maart 2022) worden de oorzaken van de wooncrisis, de doelstellingen en de programmatische aanpak voor de komende jaren geschetst. Het doel van de Nationale Woon- en Bouwagenda is het bevorderen van de beschikbaarheid, betaalbaarheid en kwaliteit van het woningaanbod in Nederland. De afgelopen jaren heeft de Rijksoverheid zijn eigen rol voor het grondrecht wonen te klein gemaakt. Te veel is gedacht dat de markt als vanzelf en alleen een oplossing zou bieden voor de woningnood. Te lang is geloofd dat de optelsom van alle gedecentraliseerde keuzes zou leiden tot de oplossing. Regie is nu des te gewenster, omdat er – mede als gevolg van de bevolkingstoename – een enorme schaarste aan huizen is. Die maakt dat de overheid nu met meer tempo en meer regie aan de slag moet. De huidige situatie vergt de bouw van veel meer huizen. De ambitie gaat omhoog naar 100.000 nieuwe woningen per jaar. De Rijksoverheid wil ook duidelijk kunnen sturen op voor wie er wordt gebouwd, op het bouwen van goede en betaalbare woningen op de plek waar ze gewenst zijn.
3.2.5
Toetsing rijksbeleid
Wat onder stedelijke ontwikkeling wordt verstaan is in het Bro opgenomen. Een stedelijke ontwikkeling is volgens het besluit 'een ruimtelijke ontwikkeling van een bedrijventerrein of zeehaventerrein, of van kantoren, detailhandel, woningbouwlocaties of andere stedelijke voorzieningen'. Voorliggende ontwikkeling zou kunnen worden aangemerkt als een woningbouwlocatie. Deze term is echter niet gedefinieerd in het Bro. Uit jurisprudentie (zie bijvoorbeeld uitspraak ABRvS201501297/1/R4) blijkt dat woningbouwplannen met elf woningen niet hoeven te worden aangemerkt als woningbouwlocatie, maar grotere woningbouwplannen wel. In voorliggend plan worden vier woningen gerealiseerd. De ontwikkeling wordt dus niet aangemerkt als een nieuwe stedelijke ontwikkeling. Om die reden is de ladder voor duurzame verstedelijking niet van toepassing. Daarnaast is de ontwikkeling goed passend binnen de omgeving. De omgeving kenmerkt zich door de combinatie van woningen en (kleine) bedrijvigheid. Met de voorgenomen ontwikkeling wordt er, al zij het op micro-niveau, een bijdrage geleverd aan het sterker en leefbaarder maken van steden/dorpen en regio's. De nieuwe woningen worden In Ulft binnen bestaand stedelijk gebied gerealiseerd. Tevens worden de woningen levensloopbestendig uitgevoerd, hetgeen waar binnen de gemeente Oude IJsselstreek vraag naar is.
De woningen dragen bij aan de ambitie om 100.000 nieuwe woningen per jaar te bouwen. Daarnaast draagt onderhavige ontwikkeling bij aan het bouwen voor de juiste doelgroep, namelijk senioren. Met de ontwikkelingen binnen het plangebied zijn geen overige nationale belangen gemoeid.
3.3
Provinciaal beleid
3.3.1
Omgevingsvisie Gaaf Gelderland
Op 19 december 2018 is de omgevingsvisie 'Gaaf Gelderland' vastgesteld. In deze visie beschrijft de provincie welke richting de provincie op wil op het gebied van energie, klimaat, water, voedsel en ook hoe de provincie de omgeving wil inrichten. Om samen een Gaaf Gelderland te bereiken, legt de provincie bij het uitvoeren van haar taken de focus op een duurzaam, verbonden en economisch krachtig Gelderland. Met behulp van zeven ambities geeft de provincie hier richting aan: energietransitie; bestemmingsplan "Kom Ulft, locatie Ph. P. Cappettilaan 19" (vastgesteld)
11
klimaatadaptatie; circulaire economie; biodiversiteit; bereikbaarheid; economisch vestigingsklimaat; woon- en leefklimaat. Voor dit bestemmingsplan zijn de ambities voor klimaatadaptatie en het woon- en leefklimaat van toepassing. De provincie streeft naar een duurzaam en divers woon- en leefklimaat, dat steeds weet te anticiperen op ontwikkelingen. Zo worden de economische kracht en kwaliteit van leven in Gelderland versterkt, nu en in de toekomst. Woon- en leefklimaat Om Gelderland voor mensen en bedrijven aantrekkelijk te houden, is de kwaliteit van de leefomgeving van groot belang. Bovendien draagt een goede kwaliteit van de leefomgeving bij aan gezondheid. Goed bereikbare voorzieningen, aansprekende evenementen, unieke cultuurhistorie, inspirerende culturele voorzieningen, een mooie natuur; het is allemaal van belang. Ook goed wonen hoort daarbij. Gelderland heeft op woongebied een bijzondere positie met uiteenlopende woonkwaliteiten, zowel stedelijke als landelijke. De Gelderse streken hebben ieder hun eigen aard, waar mensen zich thuis en verbonden met elkaar voelen. In onze groeiende Gelderse steden komen veel activiteiten samen. Tegelijkertijd wordt geïnvesteerd in een vitaal platteland, juist als daar krimp plaatsvindt.
Om het landschap open, groen en het voorzieningenniveau op peil te houden en leegstand te voorkomen, is bouwen binnen bestaand stedelijk gebied het vertrekpunt. De provincie geeft de voorkeur aan het benutten van bestaande gebouwen en gaat voor concentraties van bebouwing. Pas als er geen andere goede mogelijkheden zijn, kan worden uitgebreid aan de randen van de steden of dorpen. Klimaatadaptatie Het klimaat is merkbaar aan het veranderen, waarbij hoosbuien, extreme hitte en langdurige droogte hierbij goede voorbeelden van zijn. Provincie Gelderland wil zich voorbereiden op het veranderende klimaat door in te zetten op het tegengaan van de bijbehorende risico's en gevaren. Dit heeft voor ons prioriteit: dat wij in 2050 in Gelderland optimaal beschermd zijn en kunnen meebewegen met het veranderend klimaat. De provincie Gelderland werkt hierbij vooral vanuit haar betrokkenheid bij waterveiligheid, waterkwaliteit, bodem en natuur. Daarnaast wordt er rekening gehouden met de variatie van de Gelderse streken. De provincie Gelderland wil met haar partners verder kijken. Bij de aanleg, inrichting, veiligheid en leefbaarheid van de gebouwde omgeving nemen we de gevolgen van het veranderende klimaat mee en maken afspraken over hoe met de risico's om te gaan. Klimaatbestendig werken is daarbij voor de provincie Gelderland een logische voorwaarde als er samengewerkt wordt met anderen.
Verschillende ontwikkelingen binnen toerisme en recreatie horen hier ook bij. Deze ontwikkelen wil de provincie Gelderland benutten. Hierbij is het van belang dat de ontwikkelingen passen bij de Gelderse kwaliteiten. De provincie Gelderland streeft naar een op de toekomst toegerust beschermend klimaatbeleid zodat Gelderland versterkt wordt voor nu en in de toekomst. Ambitie: in 2050 is Gelderland klimaatbestendig. We zijn goed voorbereid en toegerust op de gevolgen van klimaatverandering: wateroverlast, droogte, hittestress en overstromingsgevaar. In 2020 hebben we samen met partners de risico's en kansen van het veranderend klimaat in beeld gebracht en strategieën opgesteld die leidraad zijn voor ons handelen. Aanpak: we zorgen voor een veerkrachtig en duurzaam water-, natuur en bodemsysteem. Dit systeem bestaat uit een klimaatbestendige en schone bodem en ondergrond en uit schoon en gezond grond- en oppervlaktewater en drinkwater. Samen met partners brengen we toekomstige risico's en kansen van het veranderend klimaat voor Gelderland in kaart. We dragen bij aan het opstellen van Regionale Adaptatie Strategieën en helpen bij de uitvoering daarvan.
12
bestemmingsplan "Kom Ulft, locatie Ph. P. Cappettilaan 19" (vastgesteld)
3.3.2
Omgevingsverordening Gelderland
De Omgevingsverordening is vastgesteld op 24 september 2014 en sinds 18 oktober 2014 in werking getreden. De verordening is daarna diverse keren aangevuld of gewijzigd. De laatste geconsolideerde versie van de Omgevingsverordening dateert van januari 2023. De provincie beschikt over verschillende instrumenten waarmee zij haar ambities realiseert. De verordening wordt ingezet voor die onderwerpen waarvoor de provincie eraan hecht dat de doorwerking van het beleid van de Omgevingsvisie juridisch gewaarborgd is. De verordening voorziet ten opzichte van de Omgevingsvisie niet in nieuw beleid en is daarmee dus beleidsneutraal. De inzet van de verordening als juridisch instrument om de doorwerking van het provinciaal beleid af te dwingen, is beperkt tot die onderdelen van het beleid waarvoor de inzet van algemene regels noodzakelijk is om provinciale belangen veilig te stellen of om uitvoering te geven aan wettelijke verplichtingen. De Omgevingsverordening richt zich net zo breed als de Omgevingsvisie op de fysieke leefomgeving in de Provincie Gelderland. Dit betekent dat vrijwel alle regels die betrekking hebben op de fysieke leefomgeving opgenomen zijn in de Omgevingsverordening. Het gaat hierbij om regels op het gebied van ruimtelijke ordening, milieu, water, mobiliteit en bodem.
De verwachting is dat de Omgevingsverordening op termijn alle regels zal gaan bevatten die betrekking hebben op de fysieke leefomgeving. Ten aanzien van voorliggend bestemmingsplan zijn de regels ten aanzien van het onderwerp 'wonen' en 'klimaatadaptatie' relevant. Wonen De verordening bevat de regel dat nieuwe woningbouwontwikkelingen alleen zijn toegestaan wanneer deze passen in het door Gedeputeerde Staten (GS) vastgestelde regionale woonagenda. Ten behoeve van de flexibiliteit is het wel mogelijk om van een regionale woonagenda af te wijken, vooruitlopend op de actualisatie van die regionale woonagenda. Als er nog geen regionale woonagenda is vastgesteld of als de bestaande regionale woonagenda niet meer actueel is en niet geschikt meer is als beoordelingskader, zal de provincie totdat een nieuwe regionale woonagenda wordt vastgesteld bestemmingsplannen die de bouw van nieuwe woningen mogelijk maken, toetsen aan de volgende criteria: er wordt voldaan aan de eisen van de Ladder voor duurzame verstedelijking, als bedoeld in artikel 3.1.6 van het Besluit ruimtelijke ordening, het plan past binnen de meest recente provinciale visie op het woonbeleid, er heeft aantoonbaar regionale afstemming plaatsgevonden en de provincie stemt in met de ontwikkeling. Klimaatadaptatie Ter plaatse van het plangebied zijn de regels omtrent 'klimaatadaptatie' van belang.
De verordening schrijft voor dat in een bestemmingsplan dat nieuwe activiteiten of ontwikkelingen mogelijk maakt, een toelichting wordt opgenomen met een beschrijving van de maatregelen of voorzieningen die worden getroffen om de risico's van klimaatverandering te voorkomen of te beperken en de afweging die daarbij is gemaakt. Daarbij moeten de aspecten waterveiligheid, wateroverlast, droogte en hitte worden betrokken.
3.3.3
Toetsing provinciaal beleid
De ontwikkeling voorziet in de realisatie van vier levensloopbestendige woningen in één hoofdgebouw binnen bestaand stedelijk gebied. De nieuwe woningen worden duurzaam en gasloos uitgevoerd. Hiermee draagt de ontwikkeling bij aan de energietransitie. Met de bouw van vier levensloopbestendige woningen wordt er voldaan aan de vraag naar dit type woningen binnen de gemeente Oude IJsselstreek. De realisatie van de woningen draagt bij aan het verbeteren van de ruimtelijke kwaliteit en de woon- en leefomgeving ter plaatse. Op basis van de Klimaatatlas Oude IJsselstreek is in beeld gebracht welke risico's zich kunnen voordoen in het plangebied als gevolg van klimaatverandering. Wateroverlast: uit de kaartbeelden die horen bij het onderdeel wateroverlast is op te maken dat er ter plaatse van het plangebied lichte plasvorming wordt verwacht na een korte of lange bui. Binnen
bestemmingsplan "Kom Ulft, locatie Ph. P. Cappettilaan 19" (vastgesteld)
13
voorgenomen ontwikkeling wordt met wateroverlast omgegaan door hemelwater op eigen terrein op te vangen en te laten infiltreren in de bodem. In paragraaf 4.10 wordt verder ingegaan op het aspect water en hoe om te gaan met eventuele wateroverlast. Hittestress: uit de kaartbeelden die horen bij het onderdeel hittestress is op te maken dat de temperatuur in het plangebied koeler zal zijn op warme dagen. Dit is naar waarschijnlijkheid gebaseerd op de huidige (volledig) onverharde situatie van de tuingrond in het plangebied. De toekomstige situatie met de toename in verharding zal het plangebied warmer maken op warme dagen. Om de toename van de hittestress door het initiatief te compenseren, wordt er in het plangebied bijvoorbeeld nieuwe groenvoorzieningen aangelegd, wordt hemelwater geïnfiltreerd in de bodem en blijven er twee grote bomen (zomereiken) behouden en worden deze duurzaam ingepast. Droogte: de bijbehorende kaartbeelden laten wat betreft grondwaterstanden en droogtegevoeligheid in 2050 nagenoeg geen verandering zien ten opzichte van de huidige situatie. Daarmee is en blijft in het plangebied sprake van lagere grondwaterstanden en van grotere droogtegevoeligheid. Door in het plangebied het hemelwater te bergen en te laten infiltreren, blijft het hemelwater ook in het gebied zelf.
Het plangebied ligt niet in een gebied waar een grotere kans op natuurbranden is bij langdurige droogte. In het plangebied zijn geen waterpartijen en beken aanwezig die stil kunnen komen te staan of droog kunnen vallen. Daarmee is geen sprake van een risico voor de volksgezondheid. Op basis van voorgaande wordt geconcludeerd dat in voorliggend plan voldoende wordt ingezet op het voorkomen of beperken van mogelijke risico's door droogte als gevolg van klimaatverandering. Overstroming: de bijbehorende kaartbeelden laten zien dat er één watergang (Oude IJssel) in nabijheid van het plangebied ligt. Mocht ergens de dijk van de Oude IJssel bezwijken dan vormt overstroming een zeker risico voor het plangebied. In geval van een worst case scenario komt het water, afgaande op de Atlas van de Leefomgeving, ter hoogte van het plangebied tot een aanzienlijke hoogte van 1,37 meter. Aangenomen mag worden dat een overstroming ter plaatse de gehele straat zal treffen. Met een overstroming van die omvang en geringe capaciteit van hulpdiensten is het merendeel van de mensen op zichzelf aangewezen om zich in veiligheid te brengen. Dat geldt niet alleen voor evacuatie, maar ook wanneer daadwerkelijke redding aan de orde is.
Aangezien het voorgenomen plan beoogt vier levensloopbestendige woningen te realiseren ten behoeve van de doelgroep senioren, impliceert dat dat er minder of verminderd zelfredzame mensen de toekomstige bewoners zijn. Het stimuleren van aandacht voor risico-communicatie, zelfredzaamheid (bijvoorbeeld vluchten naar de eerste verdieping in het hoofdgebouw) en burgerparticipatie voor de toekomstige bewoners van de nieuwe woningen is dan ook zeer belangrijk. Eventuele schade kan dan ook beperkt worden door bij de nieuwbouw rekening te houden met verhoogd bouwen, een aangepaste drempelhoogte en hogere elektriciteitsaansluitingen. Indien er verhoogd gebouwd gaat worden, dan moet er ook rekening worden gehouden dat water niet afgewenteld mag worden op percelen van de buren. Ten aanzien van klimaatadaptatie is het aspect waterveiligheid (overstroming) tot op zekere hoogte van belang voor het plangebied door de nabijheid van de Oude IJssel. Ter compensatie hiervan wordt ingezet op het stimuleren van aandacht voor risico-communicatie, zelfredzaamheid (bijvoorbeeld vluchten naar de eerste verdieping in het hoofdgebouw) en burgerparticipatie en door bij de nieuwbouw rekening te houden met met verhoogd bouwen, een aangepaste drempelhoogte en hogere elektriciteitsaansluitingen.
Daarnaast wordt met het aspect wateroverlast binnen voorgenomen ontwikkeling omgegaan door hemelwater op eigen terrein op te vangen en te laten infiltreren in de bodem. Tegelijkertijd is dit positief voor het verminderen van droogte en hittestress. De voorgenomen ontwikkeling sluit aan bij de provinciale Omgevingsvisie en de regels op het gebied van 'wonen' en 'klimaatadaptatie'. De ontwikkeling is hiermee in overeenstemming met het provinciaal beleid.
14
bestemmingsplan "Kom Ulft, locatie Ph. P. Cappettilaan 19" (vastgesteld)
3.4
Regionaal beleid
3.4.1
Regionale Structuurvisie Achterhoek 2012
De 7 Achterhoekse gemeenten hebben samen met de woningcorporaties en de provincie onder het motto 'Alleen ga je sneller, samen kom je verder', een gezamenlijke visie op het wonen in de Achterhoek neergelegd voor de periode 2010-2020. De ambitie van de regio Achterhoek luidt daarbij als volgt: Iedereen die wil, kan zijn woonwens in de Achterhoek waarmaken. De Achterhoek is onderscheidend in kwaliteit. Het aantal woningen past bij de kwantitatieve woningvraag. Ontspanning op de woningmarkt betekent kansen benutten en risico's beperken. De grootste opgave is het realiseren van een omslag in denken: van decennia van groei van de bevolking naar stabilisatie en uiteindelijk krimp. De woningvoorraad wordt maximaal afgestemd op de veranderende lokale vraag van woningzoekenden. De locatie en woonomgeving zijn essentiële kwaliteitskenmerken waarop de Achterhoek zich kan onderscheiden. Centrumplannen voor de grotere kernen dragen bij aan vitale kernen en voegen hiermee kwaliteit toe aan de regio. Deze plannen krijgen prioriteit. Grootschalige uitlegplannen passen niet bij een situatie van krimp. Om de kwalitatieve uitgangspunten in de regionale woonvisie waar te maken zijn de gemeenten met elkaar een binnenregionale verdeling overeengekomen.
In de Regionale woonvisie voor de Achterhoek is opgenomen dat in de gemeente Oude IJsselstreek de lokale woningvoorraad tot 2020 met 685 woningen mag toenemen.
3.4.2
Regionale woonagenda Achterhoek 2023-2030
Op 16 februari 2023 heeft de gemeenteraad van Oude IJsselstreek de Regionale woonagenda Achterhoek 2023-2030 ('Goed wonen in een vitale regio') vastgesteld als opvolger van de Regionale woonagenda 2015-2025. De directe aanleiding hiervoor zijn de veranderingen op de woningmarkt, in woonbehoeftes en de wens om wonen meer dan voorheen te bezien als een integrale gebiedsopgave. De vorige regionale woonagenda (2015) ging uit van een krimpscenario. De bevolking in de Achterhoek neemt inmiddels toe en ook de woonbehoeftes veranderen. Er komen meer ouderen, kleine huishoudens en starters die allen moeilijk een plek vinden op de woningmarkt. Alle reden om het bestaande beleid op wonen te actualiseren en doelstellingen aan te passen. Deze nieuwe agenda kent vier programmalijnen: Vergroten woningvoorraad en versnelling productie De ambitie is om 11.500 extra woningen te realiseren in de Achterhoek. Hiermee wil de regio haar woningvoorraad flink en versneld uitbreiden. Het streven is om 1.200 woningen per jaar te realiseren. De gemeenten, de provincie en het Rijk maken in de Regionale Woondeal onder voorwaarden afspraken om tot en met 2030 in ieder geval 8.390 woningen te bouwen in de Achterhoek (waarvan 1.500 woningen in de gemeente Oude IJsselstreek). Investeren in kwaliteit bestaande woningvoorraad De ambitie is om zoveel mogelijk woningen kwalitatief en energetisch te verbeteren.
Met verbeteren wordt verduurzamen, levensloopbestendig maken en/of herstructurering bedoeld. De Achterhoek, een plek voor iedereen Er wordt fors geïnvesteerd in een toename van betaalbare woningen. Hiermee wordt ingezet op een evenwichtig woningaanbod in de regio. De Achterhoekse gemeenten geven elkaar de ruimte om te bouwen passend bij de lokale behoefte, tegelijkertijd wordt gezamenlijke verantwoordelijkheid genomen om de extra vraag van jonge huishoudens, starters, ouderen, arbeidskrachten en aandachtsgroepen te kunnen beantwoorden. Er wordt daarbij zoveel mogelijk aangesloten bij de ambities van het Rijk om tot en met 2030 tweederde van de nieuwbouw in het betaalbare segment toe te voegen. Daarbij wordt het volgende nieuwbouwprogramma gehanteerd bij projecten van twintig of meer woningen: 28% sociale huur, 32% betaalbare koop tot € 355.000,- (prijspeil 2022) en middenhuur (tot € 1.000,- per maand of minder). Voor starters ligt de betaalbaarheidsgrens vast op
bestemmingsplan "Kom Ulft, locatie Ph. P. Cappettilaan 19" (vastgesteld)
15
maximaal € 250.000,- (prijspeil 2022). Bij minder dan twintig woningen vindt maatwerk plaats, met inachtneming van de gewenste kwaliteit zoals opgenomen in de regionale woonagenda. Elke gemeente is verantwoordelijk dat over het gemeentelijk totaal de verdeling in betaalbaarheid gehaald wordt. Wonen als integrale gebiedsopgave Vanuit de regionale woonagenda worden regionale woonstrategieën benoemd. Woonstrategieën zijn regionale aanpakken om op integrale wijze invulling te geven aan de woningbouw en transformatieopgaven in alle Achterhoekse gemeenten, passend bij de gebiedseigen opgaven en context. Het gaat daarbij om de volgende woonstrategieën: 1. Vergroten differentiatie woningaanbod in vitale kernen en buurten. 2. Vergroten aanbod van stedelijke woonmilieus. 3. Goed en bereikbaar wonen rondom mobiliteitsknooppunten. 4. Ruimte voor nieuwe woonconcepten in een toekomstbestendig landelijk gebied. 3.4.3
Toetsing regionaal beleid
De Regionale Structuurvisie Achterhoek 2012 gaat uit van krimp in de regio. Recenter onderzoek toont echter aan dat er wel een actuele vraag is naar meer woningen en dat er van krimp geen sprake meer is. Desalniettemin is dit beleidsstuk opgenomen, omdat deze onderdeel is van het geldende beleid. De voorgenomen ontwikkeling past wel binnen onderdelen van de regionale structuurvisie. Zo is er in onderhavig plan sprake van een plan wat bijdraagt aan vitale kernen en het toevoegen van kwaliteit in de regio. Door het realiseren van levensloopbestendige woningen, is het voor deze doelgroep mogelijk zich in de Achterhoek te vestigen. Binnen de gemeente Oude IJsselstreek is er behoefte aan woningen, onder andere levensloopbestendige woningen. De ontwikkeling voorziet in deze behoefte door per saldo vier levensloopbestendige woningen te realiseren. Dit zorgt tevens voor doorstroming binnen de gemeente. Het initiatief draagt bij aan het vergroten van de woningvoorraad (voor senioren) binnen de regio Achterhoek en is daarmee in overeenstemming met de Regionale woonagenda Achterhoek. De ontwikkeling is hiermee in overeenstemming met het regionaal beleid.
3.5
Gemeentelijk beleid
3.5.1
Structuurvisie Oude IJsselstreek 2025
De gemeenteraad van Oude IJsselstreek heeft op 12 mei 2011 de Structuurvisie Oude IJsselstreek 2025 vastgesteld. De Structuurvisie geeft richting aan het ruimtelijke, economische en maatschappelijke beleid van de gemeente en laat in grote lijnen zien hoe Oude IJsselstreek zich tot het jaar 2025 zal gaan ontwikkelen. De gemeente Oude IJsselstreek wil zich graag verder ontwikkelen als een dynamische gemeente. Deze boodschap blijft voor de komende jaren een belangrijk uitgangspunt voor het gemeentelijke woonbeleid. Hierbij zijn het Kwalitatief Woon Programma (KWP3), en de opvolger van de regionale woonvisie en de lokale vertaling daarvan kaders voor wonen in de gemeente. Naast het motto 'de juiste woning op de juiste plaats', spelen onder andere kwaliteit van de leefomgeving en de leefbaarheid hierbij een belangrijke rol. Achteruitgang en verloedering van de woon- en leefomgeving moet worden tegengegaan. De bijstelling van de bouwopgave voor de gemeente vraagt om aanpassing van beleid en bestaande bouwplannen. De juiste woning op de juiste plek is hierbij leidend. De gemeente Oude IJsselstreek kiest waar mogelijk voor inbreiding. Met wijkverbeteringsplannen en geplande nieuwbouwplannen, ziet de gemeente kansen voor het realiseren van meer variatie en onderscheid in het woonaanbod.
Hiermee probeert de gemeente Oude IJsselstreek iedereen die woont of wil wonen in de gemeente te voorzien van een passende woning.
16
bestemmingsplan "Kom Ulft, locatie Ph. P. Cappettilaan 19" (vastgesteld)
3.5.2
Toekomstvisie Oude IJsselstreek 'Maak toekomst in Oude IJsselstreek'
De toekomstvisie is tot stand gekomen door vele ontmoetingen en bijeenkomsten met inwoners, ondernemers, organisaties en verenigingen. De termen 'leven' en 'het maken' lopen als een rode draad door de toekomstvisie. Oude IJsselstreek heeft zichzelf zeven opgaven gesteld waarmee ze een antwoord kan bieden op maatschappelijke uitdagingen en waarmee de gemeente en de gemeenschap verder kunnen groeien. 1. Benut de stroom van de Oude IJssel De gemeente zet de komende jaren in op het benutten van alle kansen die de Oude IJssel als zone biedt. Het gebied op en rondom de rivier kan een vliegwiel zijn voor toerisme en recreatie, bedrijvigheid, klimaatvraagstukken en wonen. 2. Florerende Smart Industrie Een bloeiende en concurrerende lokale economie heeft een aanzuigende werking op mensen en kapitaal waarmee demografische ontwikkelingen kunnen worden gekeerd en wonen een boost krijgt. Drie duidelijke clusters dragen bij aan een robuust economisch systeem. Werken op De Rieze, innoveren op het DRU Industriepark en innovatieve en hightech maakindustrie rond Varsseveld. Gemeente Oude IJsselstreek zet zich daarmee de komende jaren nog beter op de kaart en zet in op het ontwikkelen van het nieuwe Varsseveld Industriepark (het VIP). 3. Vitaal platteland Het agrarisch buitengebied is een belangrijke en karakteristieke pijler in de gemeente.
De landbouwsector is voor de gemeente als plattelandsgemeente een cruciale sector, zowel qua economische omvang als qua ruimtebeslag in het buitengebied. Het platteland zal zich het komende decennium ontwikkelen tot een multifunctioneel buitengebied. 4. De allernieuwste energie In de gemeente vinden ontwikkeling plaats op vele fronten, van woningbouw tot het ontwikkelen van industrie en bereikbaarheid. Bij al die ontwikkelingen wordt er optimaal gebruik gemaakt van de meest duurzame en nieuwste vormen van energie. De gemeente wil energieneutraal zijn in 2030. 5. Groene parels Van de Slangenburg tot de Vennebulten en van het Zwarte Veen tot de Anholtse bossen vormen landgoederen, oude bossen en natuurgebieden een groene parelketting door Oude IJsselstreek. De opgave ‘Groene Parels’ zet in op het verder versterken van dit karakteristieke landschap. 6. Gezond oud worden én gezond jong zijn Oude IJsselstreek is de plek waar mensen zich kunnen ontplooien, gezond kunnen leven en regie op hun eigen leven hebben. In de basis benutten de gemeente vooral de kracht van de maatschappij om een plek te maken waar mensen hun leven lang fijn en gezond kunnen wonen. Om de kracht uit de samenleving optimaal te benutten worden er voldoende aanleidingen voor ontmoeting, duurzaam gedrag, leren, spel en bewegen geboden. 7.
Het witte vel Vanaf de eerste gesprekken is duidelijk geweest dat de Toekomstvisie een levend document moet zijn. Er zullen zich tal van zaken voordoen die de gemeente dwingen deze Toekomstvisie bij te stellen. Hobbels en beren op de weg, maar juist ook kansen, versnellingen en innovaties. Om in de Toekomstvisie ook letterlijk de ruimte te geven om in te springen op nieuwe ontwikkelingen heeft de gemeente ‘Het Witte Vel’ vanaf het begin eraan toegevoegd. Een nog blanco hoofdstuk dat symbool staat voor de prachtige onzekerheid van de toekomst en al het moois dat daaruit voort gaat komen. 3.5.3
Woonvisie 2018 Oude IJsselstreek
De Woonvisie 2018 is vastgesteld in de gemeenteraad van 14 december 2017. Met de Woonvisie wordt een lokale uitwerking van de Regionale Woonagenda geformuleerd, waar mogelijk gebruik makend van de nieuwste inzichten uit het in 2017 uitgevoerde AWLO (Achterhoeks Woonwensen en Leefbaarheids-Onderzoek). De belangrijkste onderwerpen van deze Woonvisie zijn: De sociale huurvoorraad: In de sociale huurvoorraad ligt de focus op betaalbaarheid, maximale wachttijd voor woningzoekenden en een monitor op de omvang en samenstelling van de doelgroep. Woonzorg:
bestemmingsplan "Kom Ulft, locatie Ph. P. Cappettilaan 19" (vastgesteld)
17
Het terrein Woonzorg bestaat uit ouderen die niet langer zelfstandig thuis kunnen wonen (de grootste en flink groeiende groep op dit terrein) en bijzondere doelgroepen. De focus ligt op het in kaart brengen van de ontwikkeling van vraag en aanbod voor ouderen, het langer thuis blijven (levensloopbestendig maken van woningen), is er voldoende intramurale capaciteit, is er behoefte aan woonvormen tussen intramuraal en langer thuis blijven en hoe wordt dit gerealiseerd? Verduurzaming: De gemeente Oude IJsselstreek wil een ruime bijdrage leveren aan het realiseren van de klimaat-, energie- en duurzaamheidsdoelstellingen die zijn vastgelegd op wereld-, landelijke- en regionale schaal. In 2030, dus over 12 jaar (!), moet de gemeente Oude IJsselstreek energieneutraal zijn en wordt er 50% minder gebruik gemaakt van primaire grondstoffen. Woningvoorraad en waarde behoud: Het gaat om het gereed maken voor de toekomst van de bestaande voorraad en het voorkomen van waardeverlies door het stimuleren van verduurzaming en levensloopbestendigheid. Het uitnemen van woningen aan onderkant van de woningmarkt moet worden voorbereid waarbij (beperkt) terugbouwen door toevoeging van ontbrekende kwaliteiten mogelijk wordt gemaakt. 3.5.4
Lokale kwaliteitscriteria woningbouw Oude IJsselstreek
In de Kwalitatieve toetsingscriteria voor woningbouw wordt aanbevolen om lokaal een kader vast te stellen over de ruimtelijke inpassing van nieuwbouw binnen de bebouwde kom en in het buitengebied. In 2021 heeft de gemeenteraad vervolgens de 'Lokale kwaliteitscriteria woningbouw Oude IJsselstreek' vastgesteld. De 'Lokale kwaliteitscriteria woningbouw Oude IJsselstreek' vormt samen met de 'Kwalitatieve toetsingscriteria voor Woningbouw' de kaders voor nieuwe woningbouwplannen. Met het vaststellen van de Lokale kwaliteitscriteria en de (regionale) Kwalitatieve toetsingscriteria beschikt de gemeente over een compleet kader waarmee nieuwe woningbouwplannen kunnen worden getoetst en kan de gemeente sturen op gewenste ontwikkelingen op de woningmarkt. Er zijn vijf typen woningbouwplannen te onderscheiden waarvoor de lokale kwaliteitscriteria een kader biedt: Bouwen op onbenutte inbreidingslocaties ‘van binnen naar buiten’. Bouwen op uitleglocaties aan de rand van de grote kernen. Buitengebied: woningsplitsing. Buitengebied: functieverandering en hergebruik vrijkomende agrarische bebouwing (VAB’s). Buitengebied: landgoederen. Uit de 'Lokale kwaliteitscriteria woningbouw Oude IJsselstreek' blijkt dat de aantoonbare (woning)behoefte voor de komende jaren vooral bij het toevoegen van starters- en levensloopgeschikte woningen ligt, de gemeente wil hier dan ook extra op inzetten.
Voor het starterssegment ligt de nadruk logischerwijs met name bij de betaalbaarheid. De levensloopgeschikte woningen zijn voor de doelgroep senioren bedoeld, daarbij gaat het om woningen waarbij (minimaal) alle basisvoorzieningen op de begane grond of gelijkvloers aanwezig zijn. Ten aanzien van het eerste type bieden locaties met leegstaand vastgoed onvoldoende potentieel om in de volledige woningbehoefte voor de komende jaren te voorzien. Het is daarom noodzakelijk om ook te kijken naar onbenutte inbreidingslocaties. Hiermee wordt gedoeld op niet bebouwde locaties binnen de bestaande bebouwde omgeving (Kom-bestemmingsplannen), te weten: verdichting op een bestaand perceel met de bestemming ‘wonen’, het inpassen van woning(en) naast reeds bestaande woning(en); woningbouw in ‘gat’ in de bestaande stedenbouwkundige structuur; woningbouw op een locatie met een ‘rode’ bestemming, d.w.z. een bestemming die momenteel al bebouwing toestaat. Vanuit het oogpunt van zorgvuldig ruimtegebruik gaat woningbouw op inbreidingslocaties voor op uitbreiding aan de randen van onze kernen.
18
bestemmingsplan "Kom Ulft, locatie Ph. P. Cappettilaan 19" (vastgesteld)
3.5.5
Visie op landschap, natuur en groene kernen
De Visie op Landschap, Natuur en Groene Kernen (VLNGK) biedt een gewenste toekomstbeeld. De visie is in een interactief proces met bewoners, maar ook organisaties en verenigingen tot stand gekomen. De visie geeft richting aan de gewenste ontwikkeling van het landschap voor zowel het buitengebied als de kernen. De visie gaat in op de wijze waarop de kenmerkende landschappen voor de toekomst verder versterkt worden, in samenhang met de ontwikkelingen die de komende jaren spelen. Ook gaat de visie in op de gewenste groenstructuur in de kernen. De gemeente Oude IJsselstreek realiseert de visie niet alleen, een groot aantal zaken pakt zij zelf op, maar de visie moet vooral ook anderen stimuleren om mee te werken aan een groene en gezonde leefomgeving.
3.5.6
Oude IJsselstreek Klimaatbestendig – Klimaatagenda 2022-2026
Het klimaat verandert en weersomstandigheden worden extremer. Als de gemeente Oude IJsselstreek veilig, leefbaar en aantrekkelijk willen blijven voor toekomstige generaties, dan moet de leefomgeving zodanig ingericht worden dat mensen zich voldoende kunnen weren tegen de weersextremen. De gemeente Oude IJsselstreek heeft daarom de Klimaatagenda 2022 - 2026 opgesteld, waarin de visie en ambities voor een klimaatbestendige inrichting en de maatregelen voor 2022 tot en met 2026 zijn opgenomen.
3.5.7
Welstandsnota Oude IJsselstreek
De welstandsnota van de gemeente Oude IJsselstreek is vastgesteld in februari 2007. In 2009 en 2010 heeft een evaluatie van de welstandsnota plaatsgevonden, waaruit bleek dat op enkele onderdelen wijzigingen noodzakelijk waren. Dat betrof het protocol Kwaliteitsborging (2.3), dat een in de praktijk beter hanteerbare opzet moest krijgen. Verder was het nodig om welstandsbeleid op te stellen voor nieuwe ontwikkelingen in het buitengebied. Ook moest de welstandsnota worden aangepast conform de nieuwe regelgeving van de Wabo en Bor. De aanpassingen zijn uitgevoerd door Gelders Genootschap, dat ook de eerdere versies van de welstandsnota heeft opgesteld. In de praktijk zal de welstandsnota als een praktisch naslagwerk worden gebruikt. De planindiener die wil weten wat de welstandscriteria voor zijn of haar bouwplan zijn, zal eerst kijken of het bouwplan valt onder de 'veel voorkomende kleine bouwplannen'. Mocht de ontwikkeling niet allen onder de 'veel voorkomende kleine bouwplannen', dan zal uiteindelijk de welstandscommissie een oordeel vellen over het bouwplan. De welstandscriteria in deze nota vormen in de eerste plaats een vangnet en dienen om bouwplannen die het aanzien niet waard zijn, uit de gemeente te weren. Dat is formeel de bedoeling van het welstandstoezicht.
3.5.8
Toetsing gemeentelijk beleid
Structuurvisie Oude IJsselstreek 2025 De ontwikkeling voorziet in de realisatie van één hoofdgebouw met vier levensloopbestendige woningen. Er worden voldoende parkeerplaatsen op eigen terrein gerealiseerd. Met de ontwikkeling wordt voorzien in het voor woningbouw geschikt maken van de bestaande tuingrond en de nieuwbouw van vier inpandige levensloopbestendige woningen. De nieuw te bouwen woningen zorgen voor inbreiding binnen het bestaand stedelijk gebied. Met de bouw van de woningen wordt voorzien in de actuele behoefte aan kwalitatief hoogwaardige woningen in de gemeente Oude IJsselstreek. De ontwikkeling is daarmee in lijn met de structuurvisie. Toekomstvisie Oude IJsselstreek 'Maak toekomst in Oude IJsselstreek' De woningen worden ingepast tussen bestaande woonpercelen in de bebouwde kom van Ulft. De nieuwe woningen worden toekomstbestendig, omdat deze levensloopbestendig, duurzaam en gasloos worden uitgevoerd. Hiermee worden de nieuwe woningen (en het plangebied) toekomstbestendig en is de
bestemmingsplan "Kom Ulft, locatie Ph. P. Cappettilaan 19" (vastgesteld)
19
ontwikkeling in overeenstemming met de 'Toekomstvisie Oude IJsselstreek 'Maak toekomst in Oude IJsselstreek'. Woonvisie 2018 Oude IJsselstreek De woningen zullen levensloopbestendig worden uitgevoerd. Hiermee draagt het plan bij aan de Woonvisie 2018 op woonzorg binnen de gemeente Oude IJsselstreek. De nieuwe woningen zullen daarnaast duurzaam en gasloos worden uitgevoerd. Tevens is het zeer aannemelijk dat er zonnepanelen geplaatst zullen worden op het dak van het hoofdgebouw met de vier inpandige woningen. Hiermee worden de nieuwe woningen toekomstbestendig en is de voorgenomen ontwikkeling in overeenstemming met de Woonvisie 2018 op verduurzaming. Lokale k waliteitscriteria woningbouw Oude IJsselstreek De voorgenomen ontwikkeling sluit aan bij de 'Lokale kwaliteitscriteria woningbouw Oude IJsselstreek'. De woningen zullen levensloopbestendig worden uitgevoerd, een behoefte waarop de gemeente extra op wil inzetten. Daarnaast is er sprake van een inbreidingslocatie, waarbij overeen gekomen wordt met het eerste type woningbouwplan, waarbij gebouwd wordt op onbenutte inbreidingslocaties ‘van binnen naar buiten’. De ontwikkeling vindt namelijk plaats op een niet bebouwde locatie naast bestaande woonpercelen, welke gelegen is tussen de bebouwde kom van Ulft en de Oude IJssel.
Hierdoor wordt er bij voorgenomen ontwikkeling voldaan aan woningbouw ter plaatse van een 'gat' in de bestaande stedenbouwkundige structuur. Dit sluit aan bij het oogpunt van zorgvuldig ruimtegebruik binnen de gemeente Oude IJsselstreek. Tot slot worden de nieuwe woningen duurzaam en gasloos uitgevoerd. Visie op landschap, natuur en groene kernen Het plangebied betreft een woningbouwontwikkeling binnen bestaand stedelijk gebied. Met de voorgenomen ontwikkeling wordt een terrein dat in de huidige situatie als onverharde/groene tuin dient, getransformeerd naar een woonperceel waar vanzelfsprekend meer verharding aanwezig zal zijn. Hierdoor verdwijnt er in de toekomstige situatie door de voorgenomen ontwikkeling diverse bestaande groenbeplanting. Wel blijven twee bestaande bomen, die van dusdanige kwaliteit zijn, behouden en worden deze duurzaam ingepast in het plangebied. In plaats van de bestaande boom aan de voorzijde van het toekomstige hoofdgebouw wordt een nieuwe inheemse boom herplant ter plaatse van de nieuwe inrit in het zuiden van het plangebied (zie paragraaf 4.4 voor een nadere toelichting hierover). Om het groen op de planlocatie te versterken, worden er aan de voorzijde, zuidzijde en achterzijde diverse groenelementen aangelegd zodat het hoofdgebouw grotendeels groen omgeven wordt. Tot slot zal het hemelwater in het plangebied zelf worden geïnfiltreerd.
Hiermee is de ontwikkeling in overeenstemming met de 'Visie op Landschap, Natuur en Groene Kernen'. Oude IJsselstreek Klimaatbestendig – Klimaatagenda 2022-2026 Ten aanzien van de Klimaatagenda 2022-2026 zijn in het kader van klimaatbestendige ontwikkelingen de relevante aspecten (waterveiligheid, wateroverlast, droogte en hittestress) reeds getoetst bij de provinciale omgevingsverordening (zie paragraaf 3.3.2). Welstandsnota Oude IJsselstreek Het bouwplan van de ontwikkeling valt niet onder de 'veel voorkomende kleine bouwplannen'. Daarnaast heeft het plan een directe relatie met de omliggende omgeving in de Bongersstraat. Om deze reden is het plan door de welstandscommissie getoetst in het kader van vooroverleg. Op basis van de adviezen vanuit de welstandscommissie is het plan met het ontwerp voor het nieuwe hoofdgebouw met de vier woningen aangepast. Ten eerste zijn wijzigingen in de bouwmassa en in de gevels doorgevoerd. Daarnaast hebben aanpassingen betrekking gehad op aandachtspunten voor architectuur (hoogte hoekraam is aangepast en op de verdieping in de aanbouw is de raamopening aan de voorzijde beperkt) en stedenbouw (het achterterrein is minder verhard, waarbij meer tuin/groen is toegevoegd en bergingen zijn geherpositioneerd voor meer tuinbeleving bij de benedenwoningen). Hierdoor is er vervolgens een positief advies verleend (zie Bijlage 4).
Het definitieve plan zal door de welstandscommissie worden getoetst bij het indienen van de omgevingsvergunning voor de activiteit bouwen. Hiermee is de ontwikkeling in overeenstemming met de 'Welstandsnota Oude IJsselstreek'. De voorgenomen ontwikkeling is hiermee in overeenstemming met het gemeentelijk beleid.
20
bestemmingsplan "Kom Ulft, locatie Ph. P. Cappettilaan 19" (vastgesteld)
Hoofdstuk 4 4.1
M ilieu- en omgevingsaspecten
Algemeen
In dit hoofdstuk wordt ingegaan op de verschillende aspecten milieu- en omgevingsaspecten waar rekening mee moet worden gehouden. Om de haalbaarheid van de ontwikkeling aan te tonen, is voor een deel van deze aspecten onderzoek verricht. In de betreffende paragrafen worden de bevindingen uit de onderzoeken nader toegelicht.
4.2
Bodem
Algemeen Bij ruimtelijke ontwikkelingen moet aangetoond worden dat de bodem- en grondwaterkwaliteit ter plaatse van het plangebied geschikt zijn voor het beoogde gebruik.
Toetsing Door Buro Ontwerp & Omgeving is in maart 2023 een verkennend bodemonderzoek uitgevoerd. Doel van het verkennend bodemonderzoek is een indicatie te krijgen van de huidige milieuhygienische kwaliteit van de bodem. Dit onderzoek is bijgevoegd als Bijlage 5. Hieronder worden kort de conclusies toegelicht.
Samenvatting Het verkennend bodemonderzoek is gebaseerd op de in de NEN 5740 genoemde strategie voor een onverdachte locatie (paragraaf 5.1, NEN 5740). Gezien het veelvuldig voorkomen van natuurlijk arseen in de omgeving van de onderzoekslocatie wordt de grond aanvullend op arseen geanalyseerd. Tijdens de uitvoering van de veldwerkzaamheden zijn op het maaiveld en in het opgeboorde materiaal op indicatieve wijze geen asbestverdachte materialen waargenomen. Wel is waargenomen dat de bovengrond plaatselijk sporen baksteen bevat. Ten aanzien van de onderzoekslocatie wordt de hypothese ‘onverdachte locatie’ op basis van de resultaten van het verkennend bodemonderzoek (niet geheel) bevestigd. In het monster van de baksteen houdende bovengrond zijn licht verhoogde gehalten lood en PAK gemeten. Het mengmonster van de zintuiglijk schone bovengrond bevat een licht verhoogd gehalte PAK. In de zintuiglijk schone ondergrond zijn geen van de onderzochte parameters in verhoogde gehalten ten opzichte van de achtergrondwaarde aangetoond. Het grondwater bevat een licht verhoogde concentratie barium. Indicatief getoetst aan het Besluit bodemkwaliteit valt de bovengrond grotendeels in de bodemkwaliteitsklasse Wonen. De bovengrond ter plaatse van de berm en de ondergrond vallen in de bodemkwaliteitsklasse AW (overal toepasbaar).
Conclusies en aanbevelingen De resultaten van het uitgevoerde verkennend bodemonderzoek geven volgens Buro Ontwerp & Omgeving geen aanleiding tot het uitvoeren van een aanvullend of nader onderzoek. De vastgestelde milieuhygiënische bodemkwaliteit vormt volgens Buro Ontwerp & Omgeving ook geen belemmering voor de voorgenomen ontwikkeling. Wanneer tijdens graafwerkzaamheden waarnemingen worden gedaan die op een verontreiniging wijzen, anders dan vastgesteld in de beoordeelde rapportage, dan moet het werk direct gestopt worden en moet met de ODA worden overlegd. Voor de toepassing van vrijkomende grond en bouwstoffen gelden de voorschriften uit het Besluit bodemkwaliteit.
bestemmingsplan "Kom Ulft, locatie Ph. P. Cappettilaan 19" (vastgesteld)
21
Conclusie Het aspect bodem vormt geen belemmering voor de uitvoerbaarheid van het plan.
4.3
Archeologie en cultuurhistorie
Algemeen Op basis van artikel 3.1.6, vijfde lid, onderdeel a, van het Bro moet bij ruimtelijke ontwikkelingen worden getoetst, hoe er wordt omgegaan met de aspecten archeologie en cultuurhistorie. De bescherming van archeologische waarden is verankerd in de Erfgoedwet. Het belangrijkste doel van deze wet is de bescherming van de aanwezige en de te verwachten archeologische waarden door het reguleren van bodemverstorende activiteiten.
Toetsing Archeologie Het plangebied ligt, volgens de archeologische waardenkaart van de gemeente Oude IJsselstreek, in het gebied 'Hoge archeologische verwachting'. Een archeologisch onderzoek in dergelijk gebied is dan noodzakelijk als bodemingrepen groter dan 250 m2 en dieper dan 0,3 m zijn aangezien er in het plangebied de mogelijkheid is dat er zich archeologische waarden bevinden. Door Hamaland Advies is in januari 2023 een archeologisch bureau- en verkennend booronderzoek uitgevoerd. Dit onderzoek is bijgevoegd als Bijlage 6. Hieronder worden kort de conclusies toegelicht.
Bureauonderzoek Gegevens uit de omgeving en in andere onderzoeken in de omgeving, typeert het plangebied als een terrasrest-rug. De ligging nabij het Oude IJsseldal maakt het een aantrekkelijke locatie voor bewoning in alle archeologische periodes en geschikt als foerageergebied voor jagers/verzamelaars. Onderzoeken uit de omgeving hebben tevens aangeduid dat in dit dal restanten van kleine rivierduinen voorkomen. Archeologische resten bestaan uit vuurstenen artefacten uit het Mesolithicum-Laat Neolithicum en zijn waarschijnlijk afkomstig van rivierduinen. Hierbij dient wel opgemerkt te worden dat de vondsten afkomstig zijn van de overzijde van de (huidige loop van de) Oude IJssel. Het plangebied zelf is voor zover te herleiden (grotendeels) onbebouwd geweest. Indien de bebouwing op de kaarten tussen 1937 en 1953 inderdaad binnen het plangebied gestaan heeft, is de kans aanwezig dat de bodem deels geroerd is. Ook agrarische bewerking van de bodem kan geleid hebben tot een nog onbekende bodemverstoring. Verkennend booronderzoek De bodemopbouw in het plangebied bestaat uit een subrecent geroerde bouwvoor (Ap1-horizont) van grijs bruin sterk gevlekt fijn siltig zand met wortels. Dit geroerde pakket gaat in boring 3 en 4 op een diepte van respectievelijk 35 cm-mv, 20 cm-mv in een menglaag van geel/grijs gevlekt fijn zand (A/C-horizont).
In boring 1 en boring 2 is onder de bouwvoor een oranje/grijze gevlekte roestige zandige kleilaag aanwezig, waarvan de top zich op respectievelijk 50 cm-mv en 45 cm-mv bevindt. Dit betreft een dunne laag oeverafzettingen van de Oude IJssel (Formatie van Echteld) die op de terrasrestrug is afgezet. De overgang tussen de bouwvoor en de oeverafzettingen is scherp en de oeverafzettingen zijn erosief afgezet op het onderliggende rivierduin, dat als gevolg daarvan afgetopt (vervlakt) is. De basis van het bodemprofiel bestaat in alle boringen uit grijs fijn iets siltig zand en betreft dekzand dat op de terrasrestrug is afgezet. De top van het dekzand bevindt zich op een diepte variërend van 35 cm-mv in boring 3 tot 80 cm-mv in boring 1. De overgangen tussen alle horizonten is scherp. Selectieadvies Op grond van de onderzoeksresultaten adviseert Hamaland Advies om geen vervolgonderzoek in het
22
bestemmingsplan "Kom Ulft, locatie Ph. P. Cappettilaan 19" (vastgesteld)
plangebied uit te laten voeren. In het plangebied zijn geen intacte bodems en daardoor geen relevante archeologische niveaus of oude cultuurlagen (bodemvorming) aangetroffen. De kans dat met de geplande bodemingrepen behoudenswaardige archeologische vindplaatsen verloren gaan is nihil. Ook de ODA beoordeelt dat, op grond van het ontbreken van aanwijzingen voor de aanwezigheid van een archeologische vindplaats, het plangebied kan worden vrijgesteld van verdere archeologische onderzoeksverplichtingen. Bij het uitvoeren van bodemingrepen is het mogelijk dat er vondsten worden gedaan. Indien hiervan sprake mocht zijn, dient het bevoegd gezag hiervan op de hoogte te worden gesteld in het kader van de meldingsplicht (artikel 5.10 van de Erfgoedwet).