CConstaterende datOss
Koppel je AI →
Document · PDF

toelichting en regels Oijense Bovendijk 19 ontwerp

Adviescommissie Ruimte 30 november 2023, gemeente OssBij agendapunt: Ontwerpbestemmingsplan Oijense Bovendijk 19 te Oijen - 202331.236 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 4 van 4

1.32

groepsmatige activiteit:

een beroeps- of bedrijfsmatige activiteit die in of bij een woning door de bewoner wordt uitgeoefend in de vorm van het verlenen van diensten en het geven van onderricht en informatie aan drie of meer personen tegelijk, kinderopvang daaronder mede begrepen.

1.33

hobbymatig agrarisch grondgebruik:

het gebruik van grond voor agrarische activiteiten in een omvang die niet als bedrijfsmatig kan worden beschouwd, met uitzondering van volkstuinen.

1.34

hoofdgebouw:

een gebouw dat door zijn constructie of afmetingen dan wel gelet op de bestemming als het belangrijkste gebouw op een bouwperceel kan worden aangemerkt.

1.35

horeca:

een bedrijf gericht op één of meer van de navolgende bedrijfsmatige activiteiten: a. het verstrekken van al dan niet ter plaatse bereide etenswaren en/of dranken met de mogelijkheid deze ter plaatse of elders te nuttigen; b. het verstrekken van nachtverblijf; c. het exploiteren van zaalaccommodatie; d. het bieden van gelegenheid tot dansen.

Regels (ontwerp)

7

bestemmingsplan Oijense Bovendijk 19 Oijen - 2023

1.36

huishouden:

een huishouden bestaat uit één of meer personen die op hetzelfde adres wonen en een economisch-consumptieve eenheid vormen. Van een huishouden is slechts sprake indien er bloedverwantschap, huwelijksbinding of een daaraan in intensiteit en continuïteit gelijk te stellen mate van binding tussen de bewoners is, waaronder mede wordt begrepen: a. het inwonen of het bewonen van kamers door niet meer dan 2 verwanten of andere personen in het hoofdgebouw en/of aan- en uitbouw, al dan niet bij wijze van mantelzorg en al dan niet met eigen voorzieningen; b. een met een gezin gelijk te stellen samenlevingsverband, waaronder mede wordt begrepen de gezamenlijke huisvesting van een groep van maximaal 2 niet verwante personen, die gebruik maken van de gemeenschappelijke voorzieningen in de woning. 1.37

individuele praktijk c.q. eenmansbedrijf:

een praktijk of bedrijf, uitgeoefend door één beroepsuitoefenaar, al dan niet administratief of anderszins ondersteund door ten hoogste één andere persoon.

1.38

inwoning:

bewoning van een woonruimte die onderdeel uitmaakt van een woning die door een ander huishouden in gebruik is genomen.

1.39

kamerverhuur:

het bedrijfsmatig (nacht)verblijf aanbieden, waarbij de kamerhuurder ter plaatse het hoofdverblijf heeft.

1.40

kampeermiddel:

tent, tentwagen, kampeerauto of toercaravan dan wel enig ander onderkomen of enig ander voertuig of gewezen voertuig of gedeelte daarvan, voor zover geen bouwwerk zijnde, een en ander voor zover deze onderkomens of voertuigen geheel of ten dele blijvend zijn bestemd of opgericht dan wel worden of kunnen worden gebruikt voor recreatief nachtverblijf.

1.41

kampeerterrein:

een terrein, speciaal ingericht om in een kampeermiddel te overnachten.

1.42

kantoor:

een ruimte of bij elkaar horende ruimten die bestemd is/zijn om voornamelijk te worden gebruikt voor administratieve werkzaamheden of administratieve dienstverlening.

1.43

kavelpad:

een pad zonder doorgaande functie dat dient ter ontsluiting van een individueel agrarisch perceel of enkele individuele agrarische percelen.

8

Regels (ontwerp)

bestemmingsplan Oijense Bovendijk 19 Oijen - 2023

1.44

kelder:

een geheel of nagenoeg geheel, dat wil zeggen maximaal 0,5 m boven peil, ondergronds gelegen ruimte, die grotendeels is gesitueerd onder een bijbehorend bovengronds bouwwerk.

1.45

landschappelijke waarde/landschapswaarde:

de aan een gebied toegekende waarde in visueel-ruimtelijk en/of cultuurhistorisch en/of ecologisch opzicht.

1.46

lawaaisport:

voorziening voor sportactiviteiten waarbij motorisch of mechanisch geluid wordt geproduceerd, waaronder in ieder geval begrepen de rallysport, de motorsport, waterskiën en de modelvliegsport.

1.47

lijst van rechtstreeks toelaatbare aan-huis-gebonden activiteiten:

de lijst, behorend bij deze regels in Bijlage 1 waarin is aangegeven welke beroeps- en bedrijfsmatige activiteiten rechtstreeks toelaatbaar zijn in woningen.

1.48

logies:

het bedrijfsmatig verblijf en/of nachtverblijf (altijd voor meerdere nachten) aanbieden, waarbij de betreffende persoon het hoofdverblijf elders heeft, waarbij geen sprake is van continuiteit in de samenstelling ervan en onderlinge verbondenheid, ongeacht of de personen hetzelfde werk verrichten, dezelfde nationaliteit delen en gezamenlijk de huishouding doen.

1.49

maatschappelijk c.q. maatschappelijke voorzieningen:

maatschappelijke voorzieningen op het gebied en/of in de vorm van: asielzoekerscentrum, bibliotheek, drugsopvang, gezondheidszorg (inclusief apotheek), jeugdopvang, kinder- en naschoolse opvang, onderwijs, openbaar bestuur en openbare dienstverlening, praktijkruimte, religie en levensbeschouwing, uitvaartcentrum, verenigingsleven, welzijnsinstelling, zorgboerderij, zorginstelling, alsmede ondergeschikte detailhandel en horeca in combinatie met en ten dienste van deze voorzieningen.

1.50

mantelzorg:

het bieden van zorg aan eenieder die hulpbehoevend is op het fysieke, psychische en/of sociale vlak, op vrijwillige basis en buiten organisatorisch verband.

1.51

mestbewerking:

de toepassing van basistechnieken of combinaties daarvan met als doel de aard, samenstelling of hoedanigheid van dierlijke mest te wijzigen, zoals droging, bezinking, (co)vergisting, scheiding, hygiënisatie of indamping van mest.

1.52

ondergeschikte detailhandel:

beperkte, op de eindgebruiker gerichte verkoop van goederen die functioneel rechtstreeks verband houden met bedrijfsactiviteiten die als hoofdfunctie worden uitgeoefend.

Regels (ontwerp)

9

bestemmingsplan Oijense Bovendijk 19 Oijen - 2023

1.53

onzelfstandige woonruimte:

woonruimte welke geen eigen afsluitbare toegang heeft of welke niet door één huishouden zelfstandig kan worden bewoond zonder afhankelijk te zijn van wezenlijke voorzieningen, zoals keuken, douche en toilet, buiten de woonruimte.

1.54

paardenbak:

een al dan niet door middel van een afscheiding afgezonderd stuk terrein met een andere aangebrachte ondergrond dan gras, kennelijk ingericht voor het laten loslopen van paarden en/of pony's dan wel het africhten en/of trainen en berijden van paarden en pony's en/of het anderszins beoefenen van de paardensport, met of zonder de daarbij behorende voorzieningen.

1.55

peil:

a. voor bouwwerken op een perceel waarvan de hoofdtoegang direct aan de weg grenst: de hoogte van de kruin van de weg ter plaatse van de hoofdtoegang; b. in alle andere gevallen: de gemiddelde hoogte van het aansluitende, afgewerkte, normale maaiveld. 1.56

permanente bewoning:

bewoning van een verblijf als hoofdverblijf.

1.57

plan:

het bestemmingsplan 'Oijense Bovendijk 19 Oijen - 2023' van de gemeente Oss.

1.58

prostitutie:

het zich beschikbaar stellen tot het verrichten van seksuele handelingen met een ander tegen vergoeding.

1.59

ruimtelijke kwaliteit:

de kwaliteit van de ruimte zoals bepaald door de gebruikswaarde, de belevingswaarde en de toekomstwaarde van die ruimte.

1.60

seksinrichting:

een voor het publiek toegankelijke, besloten ruimte waarin bedrijfsmatig of in een omvang alsof zij bedrijfsmatig was seksuele handelingen worden verricht of vertoningen van erotisch-pornografische aard plaatsvinden; onder een seksinrichting worden in elk geval verstaan: een seksbioscoop, seksautomatenhal, sekstheater, parenclub of prostitutiebedrijf waaronder tevens begrepen een erotische-massagesalon, al dan niet in combinatie met elkaar.

10

Regels (ontwerp)

bestemmingsplan Oijense Bovendijk 19 Oijen - 2023

1.61

stacaravan:

een caravan of soortgelijk onderkomen al dan niet op wielen dat mede gelet op de afmetingen niet bestemd is om regelmatig en op normale wijze op de verkeerswegen over grote afstanden als aanhangsel van een auto te worden voortbewogen, bestemd om uitsluitend door een huishouden of daarmee gelijk te stellen groep van personen, dat/die het hoofdverblijf elders heeft, gedurende een gedeelte van het jaar bewoond te worden, uitsluitend voor recreatieve doeleinden.

1.62

toercaravan:

een caravan of soortgelijk onderkomen dat mede, gelet op de afmetingen, bestemd en/of geschikt is om regelmatig en op normale wijze op de verkeerswegen over grote afstanden als aanhangsel van een auto te worden voortbewogen, bestemd om uitsluitend door een huishouden of daarmee gelijk te stellen groep van personen, dat/die het hoofdverblijf elders heeft, gedurende een gedeelte van het jaar bewoond te worden, uitsluitend voor recreatieve doeleinden.

1.63

uitbouw:

de vergroting van een bestaande ruimte in een hoofdgebouw die qua afmetingen en/of in visueel opzicht (onder meer wat betreft (goot)hoogte, dakhelling en/of dakvorm), ondergeschikt is aan het hoofdgebouw.

1.64

voorgevellijn:

de lijn (in hoeksituaties: de lijnen) waarin de naar de weg of ander openbaar gebied gekeerde gevel(s) van het dichtst bij die weg of ander openbaar gebied gelegen gebouw is (zijn) gelegen alsmede het verlengde daarvan.

1.65

werk:

een constructie die geen bouwwerk is.

1.66

wonen:

het bewonen van een woning.

1.67

woning:

een complex van ruimten, geschikt en bestemd voor de huisvesting van niet meer dan één huishouden.

1.68

woonhuis:

een gebouw dat één grondgebonden woning omvat.

1.69

zelfstandige woonruimte:

woonruimte die door één huishouden wordt bewoond zonder afhankelijk te zijn van wezenlijke voorzieningen, zoals keuken, douche en toilet, buiten de woonruimte en beschikt over een eigen afsluitbare toegang, al dan niet bereikbaar via een gemeenschappelijke trappenhuis of galerij.

Regels (ontwerp)

11

bestemmingsplan Oijense Bovendijk 19 Oijen - 2023

Artikel 2

Wijze van meten

Bij toepassing van deze regels wordt als volgt gemeten:

2.1

de afstand tot de zijdelingse perceelsgrens:

de kortste afstand van het verticale vlak in de zijdelingse perceelsgrens tot enig punt van het betreffende bouwwerk op een bouwperceel.

2.2

de bebouwde oppervlakte van een bouwperceel:

de oppervlakte van alle op een bouwperceel aanwezige bouwwerken samen.

2.3

het bebouwingspercentage:

de oppervlakte die met gebouwen (carports en overkappingen inbegrepen) is bebouwd, uitgedrukt in procenten van de oppervlakte van het bouwperceel, voor zover dat is gelegen binnen de bestemming, of binnen een in de regels nader aan te duiden gedeelte van die bestemming; de oppervlakte wordt altijd in gehele getallen bepaald.

2.4

de breedte, diepte c.q. lengte van een bouwwerk:

tussen de buitenwerkse hoofdgevelvlakken en/of de harten van gemeenschappelijke scheidingsmuren.

2.5

de dakhelling:

langs het dakvlak ten opzichte van het horizontale vlak.

2.6

de breedte van een bouwperceel:

tussen de zijdelingse perceelsgrenzen, gemeten over ten minste 3/4 van de lengte van het bouwperceel, in welke lengte in ieder geval het bouwvlak aanwezig is of de toegestane situering van het hoofdgebouw indien geen bouwvlak is aangegeven.

2.7

de goothoogte van een bouwwerk:

vanaf het peil tot aan de bovenkant van de goot c.q. de druiplijn, het boeibord of een daarmee gelijk te stellen constructiedeel.

2.8

de inhoud van een bouwwerk:

het gedeelte van een bouwwerk dat gelegen is boven peil, tussen de buitenzijde van de gevels (en/of het hart van de scheidsmuren) en de buitenzijde van daken en dakkapellen.

2.9

de bouwhoogte van een bouwwerk:

vanaf het peil tot aan het hoogste punt van een gebouw of van een bouwwerk dat geen gebouw is met uitzondering van ondergeschikte bouwonderdelen, zoals schoorstenen, luchtkokers, antennes en naar de aard daarmee gelijk te stellen bouwonderdelen.

12

Regels (ontwerp)

bestemmingsplan Oijense Bovendijk 19 Oijen - 2023

2.10

de oppervlakte van een bouwwerk:

tussen de buitenwerkse gevelvlakken en/of het hart van de scheidingsmuren, neerwaarts geprojecteerd op het gemiddelde niveau van het afgewerkte bouwterrein ter plaatse van het bouwwerk.

Regels (ontwerp)

13

bestemmingsplan Oijense Bovendijk 19 Oijen - 2023

Hoofdstuk 2 Artikel 3

Bestemmingsregels

Agrarisch met waarden - Landschap

3.1

Bestemmingsomschrijving

3.1.1

Algemeen

De voor 'Agrarisch met waarden - Landschap' aangewezen gronden zijn bestemd voor: a. b. c. d.

uitoefening van het agrarisch bedrijf, daaronder begrepen hobbymatig agrarisch grondgebruik; extensieve dagrecreatie; ontwikkeling, behoud en herstel van landschappelijke, cultuurhistorische en aardkundige waarden; verkeer, uitsluitend in de vorm van 1. bestaande uitwegen en kunstwerken 2. onverharde wegen en onverharde paden 3. bestaande halfverharde wegen en bestaande halfverharde paden e. bestaande nutsvoorzieningen, waaronder antennemasten; f. (voorzieningen voor) waterkering en waterhuishouding alsmede herstel, ontwikkeling en instandhouding van watergangen, sloten en greppels, alsmede voor andere wateren met een kleinere oppervlakte dan 200 m²; g. erf- en randbeplantingen; h. ondergeschikte waterhuishoudkundige voorzieningen; met bijbehorende voorzieningen.

3.2

Bouwregels

3.2.1

Algemeen

Bebouwing mag alleen worden opgericht voor de doelen, genoemd in artikel 3.1.

3.2.2

Specifieke bouwregels voor bouwwerken die geen gebouw zijn

a. uitsluitend erf- en terreinafscheidingen mogen worden gebouwd met dien verstande dat de bouwhoogte van erf- en terreinafscheidingen niet meer mag bedragen dan 1,2 m; b. ter plaatse van de aanduiding 'specifieke bouwaanduiding - erfafscheiding' mag de bouwhoogte van erf- en terreinafscheidingen maximaal 2 m bedragen. 3.2.3

Algemene bouwregels voor overige doeleinden

a. Voor de bebouwing ten dienste van nutsvoorzieningen en waterhuishoudkundige voorzieningen gelden de volgende regels: 1. uitsluitend voor nutsvoorzieningen mogen gebouwen worden opgericht, tot een maximale hoogte van 3 m en een maximale oppervlakte per gebouw van 15 m²; 2. voor het overige mogen uitsluitend bouwwerken die geen gebouw zijn, worden opgericht mits de bouwhoogte niet meer bedraagt dan 3 m, met dien verstande dat de bouwhoogte van antennemasten niet meer mag bedragen dan 40 m; b. Voor het overige mag niet worden gebouwd. 3.3

Nadere eisen

Burgemeester en wethouders kunnen, met het oog op: a. de ruimtelijke kwaliteit; b. de gebruiksmogelijkheden van aangrenzende gronden;

14

Regels (ontwerp)

bestemmingsplan Oijense Bovendijk 19 Oijen - 2023 c. d. e. f.

het straat- en/of bebouwingsbeeld; de landschappelijke en natuurwaarden; de verkeersveiligheid; de woonsituatie;

nadere eisen stellen aan: g. de situering van de bebouwing; h. de nokrichting van daken; i. de oriëntatierichting van de bebouwing.

Regels (ontwerp)

15

bestemmingsplan Oijense Bovendijk 19 Oijen - 2023

Artikel 4 4.1

Groen

Bestemmingsomschrijving

De voor 'Groen' aangewezen gronden zijn bestemd voor: a. het aanbrengen en instandhouden van gebiedseigen (erf)beplanting ter landschappelijke inpassing van gebouwen en verhardingen; b. water en waterhuishoudkundige voorzieningen; c. een en ander zoals weergegeven in het inrichtingsplan, Bijlage 3 bij deze regels en met bijbehorende voorzieningen, waaronder perceelsontsluitingen en sloten. 4.2

Bouwregels

4.2.1

Toegestane bebouwing

Op de tot 'Groen' bestemde gronden mag uitsluitend worden gebouwd ten behoeve van doeleinden omschreven in 4.1.

4.2.2

Maatvoering bebouwing

a. Op de gronden mogen uitsluitend bouwwerken, geen gebouwen zijnde, in de vorm van erfafscheiding worden opgericht met een maximale bouwhoogte van 1,2 meter. b. In afwijking van het bepaalde onder a is ter plaatse van de aanduiding 'specifieke vorm van groen erfafscheiding' een maximale bouwhoogte van 2 meter toegestaan. 4.3

Specifieke gebruiksregels

4.3.1

Strijdig gebruik

Onder strijdig gebruik wordt in ieder geval begrepen het gebruiken of laten gebruiken van: a. voor het opslaan, storten of bergen van materialen, behoudens voor zover zulks noodzakelijk is voor het op de bestemming gerichte gebruik van de grond; b. het aanbrengen van verhardingen

16

Regels (ontwerp)

bestemmingsplan Oijense Bovendijk 19 Oijen - 2023

Artikel 5

Wonen

5.1

Bestemmingsomschrijving

5.1.1

Algemeen

De voor 'Wonen' aangewezen gronden zijn bestemd voor: a. wonen in woningen inclusief aan- en uitbouwen en aangebouwde bijgebouwen; b. activiteiten, genoemd in de Lijst van rechtstreeks toelaatbare aan-huis-gebonden activiteiten met een bedrijfsvloeroppervlakte van niet meer dan 35 m²; c. een bed and breakfast met een overnachtingscapaciteit van niet meer dan 2 slaapkamers en voor niet meer dan 4 personen tegelijk; d. wegen als verharde ontsluiting ter plaatse van de aanduiding 'ontsluiting'; e. ondergeschikte waterhuishoudkundige voorzieningen; met bijbehorende voorzieningen.

5.1.2

Detaillering

In het doel 'Wonen': a. zijn kleinschalige nevenactiviteiten uitsluitend mede begrepen als aan de volgende voorwaarden wordt voldaan: 1. het gebruik voor de nevenactiviteit vindt plaats binnen het bestemmingsvlak 2. er vindt geen buitenopslag voor de nevenactiviteiten plaats 3. het parkeren vindt op eigen terrein, binnen het bestemmingsvlak, plaats b. is recreatief nachtverblijf in de vorm van kortdurend, incidenteel overnachten (maximaal 1 nacht) in een camper zonder extra voorzieningen toegestaan, uitsluitend indien één of meer woningen zijn toegestaan. 5.2

Bouwregels

5.2.1

Algemeen

a. b. c. d. e.

Bebouwing mag alleen worden opgericht voor de doelen, genoemd in artikel 5.1; Bebouwing is uitsluitend toegestaan binnen het bouwvlak en de aanduiding 'bijgebouwen'; Hoofdgebouwen zijn uitsluitend toegestaan binnen het bouwvlak; Ter plaatse van de aanduidingen 'specifieke bouwaanduiding - 1' zijn gebouwen niet toegestaan. Het aantal woningen bedraagt per bouwvlak niet meer dan één, met dien verstande dat ter plaatse van de aanduiding 'maximum aantal wooneenheden' het aantal woningen niet meer mag bedragen dan in die aanduiding is aangegeven. f. Ter plaatse van de aanduiding 'twee-aaneen' zijn uitsluitend halfvrijstaande woningen toegestaan. g. Ter plaatse van de aanduiding 'aaneengebouwd' zijn uitsluitend tussen- en hoekwoningen toegestaan. h. Als er een bouwvlak is aangegeven, mogen woningen uitsluitend binnen het bouwvlak worden gebouwd, met dien verstande dat buiten het bouwvlak uitsluitend balkons en luifels zijn toegestaan, mits de bouwgrens met ten hoogste 1,5 m wordt overschreden en de breedte van het balkon of de luifel niet meer bedraagt dan 50% van de breedte van de betreffende gevel; i. Algehele herbouw van een woning mag, eventueel in afwijking van het bepaalde in 5.3.1 uitsluitend plaatsvinden op de oorspronkelijke locatie binnen het bestemmingsvlak. j. Woningen zijn niet toegestaan ter plaatse van de aanduiding 'bijgebouwen'. 5.2.2

Woningen

Voor het bouwen van woningen gelden de volgende regels: a. de inhoud van de woning inclusief aan- en uitbouwen en aangebouwde bijgebouwen bedraagt Regels (ontwerp)

17

bestemmingsplan Oijense Bovendijk 19 Oijen - 2023 maximaal 750 m³; b. in afwijking van het bepaalde onder a bedraagt de inhoud van een hoofdgebouw ter plaatse van de aanduiding 'specifieke vorm van wonen - ruimte voor ruimte' maximaal 1.000 m³; c. ter plaatse van de aanduiding 'tweeaaneen' geldt een maximum inhoud van 500 m³ per wooneenheid; d. de maximale goothoogte van de woning inclusief aan- en uitbouwen en aangebouwde bijgebouwen bedraagt 3,5 meter; e. de maximale bouwhoogte van de woning inclusief aan- en uitbouwen en aangebouwde bijgebouwen bedraagt 9 meter. 5.2.3

Vrijstaande bijgebouwen

Voor het bouwen van vrijstaande bijgebouwen gelden de volgende regels: a. vrijstaande bijgebouwen mogen worden gebouwd binnen het bouwvlak of de aanduiding bijgebouwen. b. de maximale goothoogte bedraagt 3 meter. c. de maximale bouwhoogte bedraagt 5 meter. d. ter plaatse van de aanduiding specifieke bouwaanduiding - 2 geldt een maximum goot- en bouwhoogte van respectievelijk 3,5 en 7,00 meter. e. Ter plaatse van de aanduiding 'maximum oppervlakte m2' bedraagt het maximum aan bijgebouwen de oppervlakte zoals aangeduid op de verbeelding. 5.2.4

Bouwwerken met een dakconstructie die geen gebouw zijn

Voor het bouwen van bouwwerken met een dakconstructie die geen gebouw zijn gelden de volgende regels: a. de bouwwerken mogen uitsluitend achter de voorgevel van de woning worden opgericht. b. de bouwhoogte bedraagt maximaal 3 meter. c. de oppervlakte bedraagt maximaal 30 m². 5.2.5

Overige bouwwerken geen gebouw zijnde

Voor het bouwen van bouwwerken geen gebouw zijnde gelden de volgende regels: a. de bouwhoogte van lichtmasten voor paardenbakken bedraagt maximaal 4 meter. b. voor overige bouwwerken geldt een hoogte van maximaal 3 meter. 5.3

Afwijken van de bouwregels

5.3.1

Afwijking

Indien wordt aangetoond dat een dialoog is gevoerd met de direct aanwonenden kan met een omgevingsvergunning worden afgeweken van: a. het bepaalde in artikel 5.2.1 onder j, voor het algeheel herbouwen van een woning op een andere locatie, mits: 1. de herbouw plaatsvindt binnen hetzelfde bestemmingsvlak; 2. de herbouw vanuit landschappelijk, stedenbouwkundig en/of milieukundig oogpunt een verbeterde situering tot gevolg heeft; 3. de belangen van omliggende al dan niet agrarische bedrijven en aangrenzende percelen niet onevenredig worden aangetast; 4. de bestaande woning feitelijk wordt opgeheven; 5. overtollige bebouwing wordt gesloopt;

18

Regels (ontwerp)

bestemmingsplan Oijense Bovendijk 19 Oijen - 2023

5.3.2

Toelaatbaarheid

Afwijking ingevolge artikel 5.3.1 is uitsluitend toegestaan mits: a. geen onevenredige aantasting plaatsvindt van: 1. de ruimtelijke kwaliteit; 2. de gebruiksmogelijkheden van aangrenzende gronden; 3. het straat- en/of bebouwingsbeeld; 4. de landschappelijke en natuurwaarden; 5. de verkeersveiligheid; 6. de woonsituatie. 5.4

Specifieke gebruiksregels

5.4.1

Strijdig gebruik

Onder gebruiken en/of het laten gebruiken in strijd met de bestemming wordt in ieder geval verstaan het in gebruik nemen of het laten gebruiken van gronden en bouwwerken voor een doel of op een wijze, die in strijd is met de in dit plan daaraan gegeven bestemming en/of: a. het gebruiken van bijgebouwen voor bewoning en/of mantelzorg. b. het gebruiken van gronden en gebouwen voor bedrijfsactiviteiten, uitgezonderd aan huis verbonden beroepen; c. het gebruik van gronden, gebouwen, bouwwerken en onderkomens voor erotische dienstverlening; d. het gebruik van gronden en/of opstallen voor doeleinden van (buiten)opslag, stort of lozing; e. het gebruik van gronden en/of opstallen voor dag- of verblijfsrecreatie; f. het gebruik van gronden voor lawaaisporten; tenzij de regels van dit bestemmingsplan expliciet bepalen dat bovenstaande gebruik wel is toegestaan of een vergunning is verleend in afwijking op bovenstaande.

5.5

Afwijken van de gebruiksregels

5.5.1

Kleinschalige recreatieve nevenactiviteiten

Het bevoegd gezag kan een omgevingsvergunning verlenen voor afwijking van het bepaalde in artikel 5.1, ten behoeve van kleinschalige recreatieve nevenactiviteiten. Hierbij gelden ten minste de volgende randvoorwaarden: a. het betreft uitsluitend kleinschalige activiteiten die een ruimtelijke uitwerking of uitstraling hebben die met de woonfunctie in overeenstemming is, zoals het bieden van overnachtingsaccommodatie voor kortdurend toeristisch verblijf voor maximaal 10 personen in maximaal 5 slaapkamers, een theeterras, een minicamping tot maximaal 5 plaatsen, overnachten in een mobiele vakantiewagen ('Pipowagen') en een recreatiewoning voor maximaal 10 personen. b. buitenopslag is niet toegestaan. c. er is geen sprake van onevenredige verkeersaantrekkende werking. d. het parkeren dient op eigen terrein binnen het bestemmingsvlak 'Wonen' plaats te vinden. e. er is geen sprake van milieuhygiënische bezwaren. f. de nevenactiviteit wordt landschappelijk ingepast. g. het betreft geen activiteiten die vergunningsplichtig zijn op grond van de Drank- en Horecawet.

Regels (ontwerp)

19

bestemmingsplan Oijense Bovendijk 19 Oijen - 2023

5.5.2

Aan-huis-gebonden activiteiten

Het bevoegd gezag kan een omgevingsvergunning verlenen voor afwijking van het bepaalde in artikel 5.4.1 onder b, ten behoeve van activiteiten die genoemd worden in de Lijst van rechtstreeks toelaatbare aan-huis-gebonden activiteiten met een bedrijfsvloeroppervlakte van meer dan 35 m² of die niet in die lijst genoemd worden, maar naar aard en omvang gelijk te stellen zijn met de in die lijst wél genoemde activiteiten. Hierbij gelden ten minste de volgende randvoorwaarden: a. b. c. d. e. f. g.

de woonfunctie blijft als hoofdfunctie, dat wil zeggen voor ten minste 50%, gehandhaafd. de bedrijfsvloeroppervlakte bedraagt niet meer dan 75 m². er vindt geen onevenredige aantasting plaats van de kwaliteit van de woonomgeving een goede verkeersafwikkeling is gewaarborgd en er wordt voorzien in de parkeerbehoefte. het betreft een activiteit uit of vergelijkbaar met categorie 1 van 4 van de Bedrijvenlijst. de activiteit mag geen sterk publieksaantrekkende werking hebben. de activiteit is niet uitgesloten in de 'lijst van rechtstreeks toelaatbare aan-huis-gebonden activiteiten'.

5.5.3

Groepsmatige activiteiten

Het bevoegd gezag kan een omgevingsvergunning verlenen voor afwijking van het bepaalde in artikel 5.4.1 onder b, ten behoeve van het toestaan van groepsmatige activiteiten. Hierbij gelden ten minste de volgende randvoorwaarden: a. de woonfunctie blijft als hoofdfunctie, dat wil zeggen voor ten minste 50%, gehandhaafd. b. de bedrijfsvloeroppervlakte bedraagt niet meer dan 75 m². c. de aard, de groepsgrootte en de frequentie leiden niet tot een onevenredige aantasting van de kwaliteit van de woonomgeving. d. een goede verkeersafwikkeling is gewaarborgd en er wordt voorzien in de parkeerbehoefte. 5.5.4

Detailhandel als onderdeel van de uitoefening van een aan-huis-gebonden activiteit

Het bevoegd gezag kan een omgevingsvergunning verlenen voor afwijking van het bepaalde in artikel 5.4.1 onder e, ten behoeve van het toestaan van detailhandel als onderdeel van de uitoefening van een aan-huis-gebonden activiteit. Hierbij gelden ten minste de volgende randvoorwaarden: a. de detailhandel is onderdeel van de klantgerichte activiteiten ter plaatse. b. de detailhandel is van ondergeschikte aard en een niet-zelfstandig onderdeel van de totale bedrijfsvoering. 5.5.5

De huisvesting van meer dan één huishouden in een vrijstaande woning

Het bevoegd gezag kan een omgevingsvergunning verlenen voor afwijking van het bepaalde in artikel 5.1 onder a, ten behoeve van het toestaan van de huisvesting van meer dan één huishouden in een vrijstaande woning. Hierbij gelden ten minste de volgende randvoorwaarden: a. er worden niet meer dan 8 personen in één woning gehuisvest. b. er is maximaal één slaapplaats per persoon aanwezig. c. de grootte van de woning is geschikt. Dit is het geval als er ten minste 12 m² gebruiksoppervlakte per persoon aanwezig is. d. er kan worden voldaan aan de geldende gemeentelijke parkeernormen. e. de privacy van aangrenzende percelen mag niet onevenredig worden aangetast.

20

Regels (ontwerp)

bestemmingsplan Oijense Bovendijk 19 Oijen - 2023

Artikel 6 6.1

Waarde - Archeologie verwachtingswaarde middelhoog

Bestemmingsomschrijving

De voor 'Waarde - Archeologie verwachtingswaarde middelhoog' aangewezen gronden zijn, behalve voor de andere daar voorkomende bestemming(en), mede bestemd voor de instandhouding en bescherming van op of in die gronden aanwezige archeologische waarden.

6.2 Omgevingsvergunning voor het uitvoeren van een werk, geen bouwwerk zijnde, of van werkzaamheden 6.2.1

Vergunningsplicht

Het is, zo nodig in afwijking van wat elders in deze regels is bepaald, verboden op en/of in deze gronden zonder of in afwijking van een omgevingsvergunning de volgende werken die geen bouwwerk zijn en/of werkzaamheden uit te voeren of te doen of te laten uitvoeren over een oppervlakte van 1.000 m² of meer en dieper dan 0,3 m ten opzichte van het maaiveld: a. graafwerkzaamheden en/of grondbewerkingen, ploegen, roeren en omwoelen van gronden, waaronder begrepen het aanleggen van drainage; b. het ophogen, verlagen of egaliseren van de bodem; c. heiwerkzaamheden of het op andere wijze indrijven van objecten in de bodem; d. het aanbrengen van diepwortelende beplantingen en het rooien van diepwortelende beplanting waarbij stobben worden verwijderd; e. het verlagen van het waterpeil; f. het graven, verbreden en verdiepen van sloten, vijvers, zwembaden en andere wateren; g. het aanbrengen van ondergrondse transport-, energie-, telecommunicatieleidingen of andere leidingen en de daarmee verbandhoudende constructies; h. het verharden van wegen, paden of parkeergelegenheid en het aanbrengen van andere oppervlakteverhardingen; i. het plaatsen en/of verwijderen van funderingen; j. graafwerkzaamheden en/of grondbewerkingen voor de bouw van gebouwen en andere bouwwerken. 6.2.2

Uitzonderingen

Het verbod in artikel 6.2.1 geldt niet voor werken en werkzaamheden: a. in het kader van archeologisch onderzoek en archeologische opgravingen, mits deze worden verricht door een ter zake deskundige als bedoeld in de Kwaliteitsnorm voor de Nederlandse Archeologie; b. die op het moment van inwerkingtreding van het plan legaal in uitvoering waren of legaal konden worden uitgevoerd krachtens een voor dat tijdstip geldende dan wel aangevraagde vergunning; c. die bestaan uit het aanbrengen van ondergrondse transport-, energie- of telecommunicatieleidingen dan wel andere leidingen en de daarmee verband houdende constructies, voor zover deze worden aangebracht binnen een bestaand leidingentracé binnen de daarvoor oorspronkelijk gegraven sleuf; d. die het normale gebruik, onderhoud en/of beheer betreffen van de gronden. Binnen de bestemming 'Agrarisch met waarden - Landschap' worden in ieder geval grondbewerkingen ten dienste van het agrarische gebruik beschouwd als normaal gebruik, mits de bodem tot niet meer dan 0,5 m onder maaiveld wordt geroerd. 6.2.3

Toelaatbaarheid, nadere eisen en voorwaarden

a. De in artikel 6.2.1 genoemde vergunning kan slechts worden verleend als: 1. door de betreffende werken en/of werkzaamheden, dan wel door de daarvan hetzij direct, hetzij indirect te verwachten gevolgen de archeologische waarden van het betreffende terrein niet onevenredig worden of kunnen worden aangetast, dan wel de mogelijkheden voor het herstel van die waarden niet onevenredig worden of kunnen worden verkleind, en/of 2. uit door de aanvrager overgelegd archeologisch onderzoek conform de Kwaliteitsnorm voor de

Regels (ontwerp)

21

bestemmingsplan Oijense Bovendijk 19 Oijen - 2023 Nederlandse Archeologie naar het oordeel van het bevoegd gezag blijkt dat de archeologische waarden van het betreffende terrein in voldoende mate zijn vastgesteld en zo nodig zijn zekergesteld, dan wel dat er geen archeologische waarden (meer) aanwezig zijn, dan wel dat de archeologische waarden door de werken of werkzaamheden niet of niet onevenredig worden geschaad. b. Het bevoegd gezag kan nadere eisen stellen aan het archeologische onderzoek en het archeologische onderzoeksrapport als bedoeld onder a. c. In het belang van de archeologische monumentenzorg kunnen aan de omgevingsvergunning in ieder geval de volgende voorwaarden worden verbonden: 1. de verplichting tot het treffen van technische maatregelen waardoor monumenten in de bodem kunnen worden behouden; 2. de verplichting tot het doen van opgravingen; 3. de verplichting om de activiteit die tot bodemverstoring leidt te laten begeleiden door de gemeentelijke archeoloog dan wel een andere deskundige op het terrein van de archeologische monumentenzorg die voldoet aan door het bevoegd gezag bij de omgevingsvergunning te stellen kwalificaties.

22

Regels (ontwerp)

bestemmingsplan Oijense Bovendijk 19 Oijen - 2023

Artikel 7 7.1

Waterstaat - Waterkering

Bestemmingsomschrijving

De voor 'Waterstaat - Waterkering' aangewezen gronden zijn, behalve voor de andere daar voorkomende bestemming(en), mede bestemd voor: a. b. c. d.

voorzieningen voor de directe en indirecte kering van het water; aanleg, instandhouding en/of bescherming van waterkeringen; bestaande verhardingen; groenvoorzieningen,

met bijbehorende voorzieningen.

7.2

Bouwregels

Zo nodig in afwijking van wat elders in deze regels is bepaald over het bouwen krachtens de overige bestemmingen mogen op en/of in deze gronden uitsluitend bouwwerk die geen gebouw zijn, worden opgericht voor het beheer en het onderhoud van de waterkering met een bouwhoogte van ten hoogste 4 m.

7.3

Afwijken van de bouwregels

Het bevoegd gezag kan met een omgevingsvergunning afwijken van artikel 7.2 voor het bouwen overeenkomstig de andere daar voorkomende bestemming(en) als de belangen van de waterkering niet worden geschaad en vooraf schriftelijk advies is ingewonnen bij de betrokken beheerder van de waterkering.

7.4 Omgevingsvergunning voor het uitvoeren van een werk, geen bouwwerk zijnde, of van werkzaamheden 7.4.1

Vergunningsplicht

Het is, zo nodig in afwijking van wat elders in deze regels is bepaald, verboden op en/of in deze gronden zonder of in afwijking van een omgevingsvergunning de volgende werken die geen bouwwerk zijn en/of werkzaamheden uit te voeren of te doen of te laten uitvoeren: a. het vergraven, egaliseren en ophogen van gronden of anderszins wijzigen in maaiveld- of weghoogte; b. het bebossen of anderszins beplanten met hoog opgaande bomen, struiken, heesters en daarmee vergelijkbare houtopstanden (met een hoogte van 1,5 m en meer); c. het aanleggen, verbreden en verharden van wegen en paden en/of het aanbrengen van andere oppervlakteverhardingen; d. het aanleggen van waterlopen en het vergraven, verleggen, verruimen en dempen van bestaande waterlopen, sloten, greppels, kolken, oppervlaktewater, oevers, poelen en wielen; e. het aanbrengen van onder- en bovengrondse leidingen, constructies, installaties en apparatuur; f. diepploegen (dieper dan 0,3 m of meer) omploegen, waarbij de kruidlaag volledig wordt omgeploegd; g. werken en werkzaamheden die wijziging van de waterhuishouding of waterstand beogen of ten gevolge hebben, zoals uitdiepen, draineren en slaan van putten; h. het plaatsen van teeltondersteunende voorzieningen; i. het uitvoeren van heiwerken of het anderszins indrijven van voorwerpen in de bodem. 7.4.2

Uitzonderingen

Het verbod in artikel 7.4.1 geldt niet voor werken en werkzaamheden: a. die op het moment van inwerkingtreding van het plan legaal in uitvoering waren of legaal konden

Regels (ontwerp)

23

bestemmingsplan Oijense Bovendijk 19 Oijen - 2023 worden uitgevoerd krachtens een voor dat tijdstip geldende dan wel aangevraagde vergunning; b. die het normale gebruik, onderhoud en/of beheer betreffen van de gronden. Binnen de bestemming 'Agrarisch met waarden - Landschap' worden in ieder geval grondbewerkingen ten dienste van het agrarische gebruik beschouwd als normaal gebruik, mits de bodem tot niet meer dan 0,3 m onder maaiveld wordt geroerd; c. die het gevolg zijn van bouwwerkzaamheden waarvoor op grond van artikel 7.3 een omgevingsvergunning voor het bouwen is verleend. 7.4.3

Toelaatbaarheid

De in artikel 7.4.1 genoemde vergunning kan slechts worden verleend als geen onevenredige afbreuk wordt gedaan aan de functie van de waterkering.

7.4.4

Advies

Alvorens te beslissen omtrent een omgevingsvergunning als bedoeld in artikel 7.4.1 wint het bevoegd gezag advies in bij de beheerder van de waterkering.

24

Regels (ontwerp)

bestemmingsplan Oijense Bovendijk 19 Oijen - 2023

Hoofdstuk 3 Artikel 8

Algemene regels

Anti-dubbeltelregel

Grond die eenmaal in aanmerking is genomen bij het toestaan van een bouwplan waaraan uitvoering is gegeven of alsnog kan worden gegeven, blijft bij de beoordeling van latere bouwplannen buiten beschouwing.

Regels (ontwerp)

25

bestemmingsplan Oijense Bovendijk 19 Oijen - 2023

Artikel 9 9.1

Algemene bouwregels

Afwijkende bebouwing

als de bestaande bebouwing afwijkt van wat elders in deze regels is toegestaan, moeten in afwijking van die regels, de bestaande afwijkingen voor wat betreft: a. b. c. d. e. f. g.

goothoogte; bouwhoogte; oppervlakte; inhoud; afstand tot de as van de weg; afstand tot de zijdelingse perceelsgrens; situering ten opzichte van andere bebouwing.

ter plaatse van de afwijking als maximaal toelaatbaar worden aangehouden, mits deze afwijkende maatvoering op legale wijze tot stand is gekomen.

9.2

Parkeervoorzieningen

9.2.1

Bouwregels voor parkeervoorzieningen

In aanvulling op wat er geregeld is voor de voorkomende bestemmingen gelden de volgende regels: a. Als de omvang of de bestemming van een gebouw daartoe aanleiding geeft, moet het gebouw en moet de andere bebouwing op het betreffende bouwperceel zodanig worden geplaatst of ingericht dat voor het parkeren of stallen van auto's voldoende ruimte aanwezig is in, op of onder het gebouw dan wel op of onder het onbebouwde gedeelte van het bouwperceel. b. De onder a bedoelde ruimte voor het parkeren van auto's moet afmetingen hebben die zijn afgestemd op gangbare personenauto's en op de situatie ter plaatse. De afmetingen van een gereserveerde parkeerruimte voor een auto van een gehandicapte - voor zover die ruimte niet in de lengterichting aan een trottoir grenst - moet minstens 3,50 bij 5,00 m bedragen. c. Als de bestemming van een gebouw aanleiding geeft tot een te verwachten behoefte aan ruimte voor het laden en lossen van goederen moet het gebouw zodanig worden geplaatst of ingericht dat in deze behoefte in voldoende mate kan worden voorzien aan, in of onder het gebouw dan wel op of onder het onbebouwde gedeelte van het betreffende bouwperceel. d. Het bevoegd gezag kan met een omgevingsvergunning afwijken van het bepaalde onder a en c, mits op andere wijze in de nodige parkeerruimte respectievelijk ruimte voor het laden en lossen van goederen wordt voorzien. 9.2.2

Beleidsregels voor toepassing normen voldoende parkeervoorzieningen

Van voldoende ruimte voor parkeren of stallen van auto's als bedoeld in lid 9.2.1 sub a is sprake als wordt voldaan aan de door burgemeester en wethouders op 13 december 2016 vastgestelde 'Parkeernormen 2017 gemeente Oss'. Hierbij geldt dat als deze beleidsregels worden gewijzigd of vervangen, rekening wordt gehouden met deze wijziging of vervanging.

9.3

Ondergronds bouwen

9.3.1

Ondergrondse bouwwerken

a. Voor het bouwen van ondergrondse bouwwerken die geen gebouw zijn, gelden geen beperkingen behalve voor zover in deze regels anders is bepaald. Ondergrondse bouwwerken mogen uitsluitend worden gebruikt overeenkomstig het bij de bestemming toegestane gebruik. b. Voor het bouwen en gebruiken van ondergrondse gebouwen gelden, behalve voor zover in deze regels anders is bepaald, de volgende regels:

26

Regels (ontwerp)

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Oss&id=b26c4d48-7b25-4e45-aace-33ace6f18674