Nota_van_zienswijzen_en_wijzigingen Amsteleind Noord
Tekst van het document
Nota van zienswijzen en wijzigingen ontwerp omgevingsplanwijziging gemeente Oss – Postzegelplan Amsteleind Noord - Oss I. INLEIDING Deze nota bevat de volgende onderdelen: • een weergave van de gevolgde procedure • een samenvatting van de reacties (‘zienswijzen’) over het ontwerp van de omgevingsplanwijziging • ons besluit over de zienswijzen • een beschrijving van de gevolgen van ons besluit voor de inhoud van het omgevingsplan • een toelichting op ons besluit • een overzicht van de wijzigingen in het omgevingsplan ten opzichte van het ontwerp van de omgevingsplanwijziging die wij ambtshalve aanbrengen (dat wil zeggen: die niet het gevolg zijn van zienswijzen) Deze nota behoort bij het voorstel van burgemeester en wethouders aan ons, en bij ons besluit over de vaststelling van de omgevingsplanwijziging. Volgens de Algemene Verordening Gegevensbescherming (AVG) mogen wij naw-gegevens (naam, adres en woonplaats) en enkele andere persoonsgegevens niet digitaal aanbieden. Een uitzondering geldt voor gegevens van • ondernemingen die behoren tot een rechtspersoon (zoals een bv of een vof) • personen die beroepsmatig betrokken zijn bij de procedure, bijvoorbeeld advocaten en gemachtigden Als het voor de uitoefening van een publieke taak moet, mogen wij persoonsgegevens wel digitaal aanbieden. Wij bieden deze nota digitaal aan.
Daarom noemen wij geen naw-gegevens, behalve waar de wet dat toelaat. II. PROCEDURE Iedereen kon het ontwerp van de omgevingsplanwijziging met bijbehorende stukken van donderdag 5 juni tot en met woensdag 30 juli 2025 online bekijken. Dit hebben burgemeester en wethouders bekendgemaakt in Oss Actueel en het Gemeenteblad en op www.oss.nl. Van donderdag 5 juni tot en met woensdag 30 juli 2025 kon iedereen schriftelijk en mondeling op het ontwerp van de omgevingsplanwijziging reageren. De gemeente heeft 13 reacties (‘zienswijzen’) ontvangen. Alle indieners konden hun zienswijze mondeling toelichten bij de Hoorcommissie Wijzigen Omgevingsplan. Dit hebben 4 indieners gedaan. Op 16 april 2025 heeft de gemeente een informatieavond gehouden over het ontwerp van de omgevingsplanwijziging. Er waren circa 150 bezoekers aanwezig en 180 mensen volgden de bijeenkomst via een livestream. Iedereen kon daar informatie over de stukken krijgen en vragen stellen over de wijziging van het omgevingsplan. Het was niet mogelijk om op de bijeenkomst een zienswijze in te dienen. III. ZIENSWIJZEN Wij vinden de zienswijzen ontvankelijk. ‘Ontvankelijk’ betekent dat de indieners aan alle eisen hebben voldaan om een zienswijze in te dienen. Op zienswijzen die niet ontvankelijk zijn, hoeven wij niet inhoudelijk in te gaan. Hieronder vatten wij alle ontvankelijke zienswijzen samen.
Daarna volgen per zienswijze onze toelichting daarop, ons besluit en een beschrijving van de gevolgen van ons besluit voor de inhoud van de wijziging van het omgevingsplan.
Pagina 1 van 29
Het kan zijn dat wij een deel van een zienswijze niet of niet helemaal beschrijven. Dan hebben wij bij de beoordeling toch rekening gehouden met dat deel. Als wij vinden dat de indiener van een (ontvankelijke) zienswijze gelijk heeft, verklaren wij de zienswijze gegrond. Als wij vinden dat de indiener geen gelijk heeft, verklaren wij de zienswijze ongegrond. Wij kunnen een zienswijze ook gedeeltelijk gegrond en gedeeltelijk ongegrond verklaren. De gemeenteraad van Oss
Pagina 2 van 29
IV. BEOORDELING ZIENSWIJZEN Zienswijze 1: Provincie Noord-Brabant Samenvatting zienswijze De provincie merkt op dat enkele provinciale belangen zoals verwoord in de Brabantse Omgevingsvisie en de instructieregels van de Omgevingsverordening Noord-Brabant (hierna: OV) nog niet helemaal goed zijn onderbouwd of vertaald in de wijziging van het omgevingsplan. De gemeente wordt verzocht om de wijziging van het omgevingsplan in overeenstemming te brengen met de instructieregels en noemt de volgende onderwerpen. 1.
Kwaliteitsverbetering van het landschap In het landschapsplan behorende bij de wijziging van het omgevingsplan is een bedrag van € 600.000,-- opgenomen voor de kwaliteitsverbetering van het landschap. Indiener vraagt om inzichtelijk te maken welke berekening achter dit bedrag zit. Daarnaast zijn er bij de maatregelen kostenposten opgenomen die volgens de provincie niet aangemerkt kunnen worden als kwaliteitsverbetering van het landschap. Bijvoorbeeld het aanleggen van paden of de kosten voor waterberging. Indiener verzoekt deze kosten te schrappen uit de maatregelen voor de kwaliteitsverbetering van het landschap.
2.
Cultuurhistorische waarden De onderhavige ontwikkeling vindt plaats binnen het aangewezen cultuurhistorisch waardevol gebied Beerse Overlaat. Dit betekent dat deze ontwikkeling dient bij te dragen aan deze waarden. Een belangrijke waarde van de voormalige Beerse Overlaat is openheid. Hoewel openheid van het gebied niet behouden kan worden door de komst van een nieuwe woonwijk, kan de gemeente door bepaalde maatregelen ervoor zorgen dat de ontwikkeling nog beter aansluit op de rest van de polder. Bijvoorbeeld door kenmerkende beplantings- en waterstructuren toe te passen en zichtlijnen naar het landschap te behouden. Volgens de provincie is in het landschapsplan van noord naar zuid een gebiedsvreemde schuine structuur aangebracht. Dit wijkt af van de kenmerkende blokverkaveling van het plangebied. De gemeente wordt gevraagd om de structuren aan te passen naar de voornoemde blokverkaveling, zodat elementen uit de ruilverkavelingsperiode en het open en weidse karakteristiek terug te zien is.
3.
Duurzame stedelijke ontwikkeling De provincie merkt op dat aan de meeste voorwaarden voor de woningbouwontwikkeling in het landelijk gebied wordt voldaan. Wel vraagt indiener aandacht voor het aspect mobiliteit en geeft enkele adviezen. a. Auto-ontsluiting en stedelijke samenhang In de wijziging van het omgevingsplan wordt relatief veel aandacht besteed aan de auto-ontsluiting van de nieuwe wijk. Echter de brede functie van de nieuwe ontsluitingsweg binnen het stedelijk verkeersnetwerk wordt onvoldoende toegelicht. De provincie adviseert explicieter aan te geven dat de nieuwe ontsluitingsweg niet alleen dient als wijkontsluiting, maar ook een bredere stedelijke functie heeft. In dat kader dient ook nagedacht te worden over de vraag of het wenselijk is dat verkeer van buiten de wijk door deze nieuwe woonwijk wordt geleid. Verder merkt de indiener op dat de nieuwe ontsluitingsweg als een mogelijke fysieke barrière binnen de wijk kan fungeren. Het advies is om dit kritisch te beschouwen en te onderzoeken welke maatregelen mogelijk zijn om deze barrièrewerking te beperken. b. Openbaar vervoer en fiets In de motivering van de wijziging van het omgevingsplan is toegelicht dat het openbaar vervoer of de fiets voor veel bewoners geen geschikt alternatief is. De provincie vraagt om te onderzoeken of deze alternatieven aantrekkelijker kunnen worden gemaakt.
Hierbij kan gedacht wordt aan het fietsnetwerk, fietsparkeren, openbaar vervoer in de vorm van flexvervoer en toekomstige Ov-opties.
Pagina 3 van 29
c. Verkeersveiligheid en samenhang met brede maatschappelijke doelen De provincie onderschrijft het gebruik van het STOMP-principe, waarbij lopen en fietsen prioriteit krijgen. Wel wordt gevraagd om de motivering op dit punt aan te passen en de prioritering daarin mee te nemen. Beantwoording gemeenteraad 1. Gevraagd is het berekende bedrag van € 600.000,-- te onderbouwen met een berekening. Dit bedrag is 1% van de uitgiftewaarde van de uit te geven grond. Het gaat hierbij om een oppervlakte van circa 12 hectare vermenigvuldigd met de ingeschatte uitgifteprijs. Dit komt neer op een bedrag van circa € 600.000,--. Hierbij is de uitgifteprijs verdeeld in: grondgebonden woningen, meergezinswoningen, en maatschappelijk en overige. De exacte berekening willen wij niet openbaar maken maar is wel ambtelijk gedeeld met de provincie Noord-Brabant. De inrichting van de strook grond aan de westzijde van het ontwikkelgebied maakt onderdeel uit van de kwaliteitsverbetering. Hier zijn de kosten van de wandelpaden uit gehaald. Daarnaast moet rekening gehouden worden met het feit dat verplichte waterberging geen onderdeel mag uitmaken van de kwaliteitsverbetering. Dit wordt achteraf berekend. De kostenraming is hierop aangepast. Er zal circa € 150.000,- aan kwaliteitsverbetering plaatsvinden in de westelijke groene zone.
Het resterende bedrag voor kwaliteitsverbetering wordt in het Groenfonds gestort en kan ingezet worden voor onderdelen uit het landschapsplan. Inzet van deze gelden is een bevoegdheid van de gemeenteraad en zullen moeten voldoen aan de voorwaarden die worden gesteld aan kwaliteitsverbetering landelijk gebied. 2.
Een aanpassing is gemaakt waarbij de kenmerkende cultuurhistorische en landschappelijke blokverkaveling van de Beerse Overlaat beter bewaard blijft bij het ontwikkelen van Amsteleind Noord. Hoewel de kenmerkende openheid niet bewaard kan blijven bij een woningbouwontwikkeling als deze, wordt er wel aangesloten op de verkavelingsstructuur van het gebied. Het behoud van sloten, bestaande polderwegen en het maken van een zichtrelatie via de centrale groene zone draagt hier aanvullend aan bij.
3.
Aan de keuze voor de Parkway als ontsluitingsroute is een uitgebreide studie voorafgegaan. In paragraaf 2.2.2 van het MER is een samenvatting opgenomen van deze studie. In de afweging tussen een volledige westelijke ligging van een nieuwe weg, handhaving van de bestaande wegenstructuur of de Parkway is deze laatste als beste oplossing naar voren gekomen. De Parkway heeft geen bredere stedelijke functie maar is een wijkontsluitingsweg. De wijkontsluitingswegen hebben als functie het verzamelen van verkeer uit de aanliggende woonwijken en het leiden naar de hoofdontsluitingswegen. De Parkway sluit op de Heihoeksingel aan die vanaf de Schaepmanlaan de functie van hoofdontsluiting heeft. Een van de voordelen van de Parkway is dat deze nieuwe ontsluitingsweg ingericht kan worden volgens de eisen van Duurzaam Veilig: een weg met rijstroken die door een ruime middenberm van elkaar gescheiden worden met aan weerszijden vrij liggende fietspaden. Voldoende verblijfs- en leefkwaliteit en veilige oversteekmogelijkheden zijn integraal onderdeel van de ontwerpopgave voor deze nieuwe weg. Ook de kruisingen (zowel gelijkvloers als de ongelijkvloerse (fiets)) worden ingericht volgens de huidige kwaliteitseisen. Hiermee wordt de door de indiener genoemde barrièrewerking voorkomen. De Koersnota Mobiliteit wordt uitgewerkt in wijkverkeersplannen.
Deze wijkverkeersplannen worden vanuit het STOMP-principe uitgewerkt. Dan kijken we wat er nodig is om de fiets en het gebruik van openbaar vervoer te stimuleren zoals fietsparkeren, flexvervoer en andere OV-opties. Daarmee willen we de fiets en OV een geschikt alternatief maken.
Pagina 4 van 29
Besluit Wij vinden de zienswijze gedeeltelijk gegrond en gedeeltelijk ongegrond. Wijzigingen in omgevingsplan Wij passen de wijziging van het omgevingsplan als volgt aan: De berekening van de kwaliteitsverbetering is aangepast met dien verstande dat de onderdelen die niet meegerekend mogen worden als kwaliteitsverbetering uit de berekening zijn gehaald. Er is een aanpassing gemaakt in het landschapsplan om dit beter te laten aansluiten op de kenmerkende cultuurhistorische en landschappelijke blokverkaveling van de Beerse Overlaat. Een zone van 50 meter breed aan de westzijde van het plangebied heeft een functie groen gekregen en als zodanig verankerd in de planregels. In de motivering en in de aanvulling op het MER hebben wij de integrale visie op duurzame mobiliteit beter onderbouwd. Zienswijze 2: Rijkswaterstaat Zuid Nederland Samenvatting zienswijze Rijkswaterstaat Zuid Nederland (hierna: RWS ZN) vraagt nogmaals aandacht voor de verkeersafwikkeling bij aansluiting 52 Oss/Heesch op de A59. Uit de plannen van de ontwikkeling van het bedrijventerrein Heesch-West blijkt dat de doorstroming en veiligheid van de aansluiting A59 Oss/Heesch al onder druk staat, vooral tijdens de spitsperioden. De Cereslaan is ook een aandachtspunt.
De gemeente wordt verzocht om voor de kruispunten met de A59 eenzelfde soort kruispuntanalyse uit te voeren zoals dit ook gedaan is voor de vijf kruispunten op het onderliggend wegennet. In het kader van het MER behorende bij de wijziging van het omgevingsplan is een verkeersberekening gemaakt om de verwachte verkeerseffecten van de ontwikkeling op het omliggende wegennet te bepalen. Daarbij is gebruik gemaakt van het Verkeersmodel Oss (versie 2022, Goudappel 2024, gebaseerd op BBMA2022). Volgens RWS ZN is uit bovengenoemde berekening niet duidelijk op te maken dat de verkeersstromen van het toekomstige bedrijventerrein Heesch-West (zowel auto als fiets) hierin voldoende zijn meegenomen. Ook is onduidelijk in hoeverre rekening is gehouden met de verkeerseffecten van andere ontwikkelingen in omliggende gemeenten. De gemeente wordt verzocht om een toelichting te geven hoe het plan Amsteleind (Noord) zich verhoudt tot de ontwikkeling van bedrijventerrein Heesch-West, de ontwikkelingen in de omgeving en welke gevolgen dit heeft voor de aansluiting op de A59. Beantwoording gemeenteraad Vooraf willen wij benadrukken dat wij de zorgen van RWS ZN over de doorstroming en veiligheid van de aansluiting A59 Oss/Heesch begrijpen en serieus nemen. Dit knelpunt heeft onze aandacht en er wordt gezocht naar een integrale oplossing.
Op verzoek van RWS ZN zijn kruispuntanalyses uitgevoerd op het kruispunt Cereslaan/A59. Dit is op eenzelfde wijze uitgevoerd zoals dit ook gedaan is voor de 5 kruispunten op het onderliggend wegennet. Expliciet is rekening gehouden met de effecten van fietsverkeer op dit kruispuntcomplex. Het onderzoek heeft aangetoond dat de huidige geregelde kruispunten op de aansluiting A59-Cereslaan het verkeersaanbod in 2030 en 2040 niet goed kunnen verwerken, de invloed van Amsteleind daarop is beperkt. Door (beperkte) capaciteitsuitbreiding op een drietal takken (signaalgroep 101 (Cereslaan noord rechtsaf), 204 (afrit A59 vanuit Den Bosch rechtsaf) en de aantakking vanaf het bedrijventerrein kan de afwikkeling worden verbeterd. Uit de verkeersberekeningen blijkt daarmee, zoals ook al in het Verslag omgevingsdialoog is beschreven dat het verkeerseffect van Amsteleind nauwelijks invloed heeft op de kruispunten op de op- en afritten van de snelweg. Zoals bekend, wordt het bedrijventerrein Heesch West gezamenlijk ontwikkeld met de gemeenten ’s-Hertogenbosch, Bernheze en Oss. Hiervoor is de Gemeenschappelijke Regeling Heesch West (hierna: GR Heesch West) in het leven geroepen. Eventuele infrastructurele maatregelen in relatie tot de aansluiting A59 Oss/Heesch worden in de GR
Pagina 5 van 29
Heesch West besproken en later tot uitvoering gebracht. Deze uitvoerende handeling is reeds in gang gezet via het projectteam Heesch West in afstemming met RWS ZN. De civiel-technisch projectleider van Heesch West is in overleg met de contactpersoon van RWS ZN. Het ontwerp van deze aanpassingen van het kruispunt worden opgesteld door aangehaakte ingenieursbureaus. Om deze aanpassingen mogelijk te maken is er budget vrijgemaakt in de GR Heesch West. De GR Heesch West heeft budget voor de planvorming, voorbereiding en de uitvoering. Hiermee is ook dit traject al in gang gezet en afgestemd met RWS ZN. De vraag van RWS ZN of in het verkeersmodel rekening is gehouden met de ontwikkeling van het bedrijventerrein Heesch West en andere relevante ontwikkelingen in omliggende gemeenten, kunnen we bevestigend beantwoorden. Heesch West is meegenomen in de referentiesituatie van het verkeersmodel. Ook overige ontwikkelingen in de regio zijn meegenomen in de referentiesituatie als autonome ontwikkeling. Besluit Wij vinden de zienswijze gedeeltelijk gegrond en gedeeltelijk ongegrond. Wijzigingen in omgevingsplan Wij passen de wijziging van het omgevingsplan als volgt aan: Wij hebben in de aanvulling van het MER nader onderbouwd dat in het verkeersmodel alle relevante ontwikkelingen, waaronder de ontwikkeling van het bedrijventerrein Heesch West, zijn meegenomen.
Wij hebben een nieuwe kruispuntenanalyse uitgevoerd waarin ook de effecten op de aansluiting op de A59 in beeld zijn gebracht. Deze rapportage is als bijlage aan de wijziging van het omgevingsplan toegevoegd. Zienswijze 3: IVN Natuureducatie Oss Samenvatting zienswijze IVN Natuureducatie Oss (hierna: IVN Oss) waardeert de opzet en uitwerking van groen, natuur en landschap binnen het plangebied en de toepassing van de Osse Maatlat en de GPR (milieu- en natuurinclusief bouwen) op dit plan. Wel vraagt indiener aandacht voor de volgende punten. 1.
IVN Oss merkt op dat in de motivering is aangeven dat de gemeente via privaatrechtelijke weg wil bereiken dat uitvoering wordt gegeven aan de Osse Maatlat. Dit is volgens indiener niet concreet genoeg. Indiener vraagt de gemeente om de Osse Maatlat publiekrechtelijk vast te leggen in de wijziging van het omgevingsplan.
2.
In het plan is nagedacht over een gezonde leefomgeving door bijvoorbeeld aanleggen van meer groen, natuur en water. IVN Oss geeft als suggestie om ook pluktuinen, voedselbos, tiny forest, fruitbomenlanen e.d. mogelijk te maken in het plangebied.
3.
Indiener merkt op dat onderzoek moet worden gedaan naar aanwezigheid van kwelwater in het plangebied. Indien dat het geval is dan zijn extra maatregelen nodig om dat kwelwater niet te laten verontreinigen en het een afgescheiden onderdeel te maken van de groenstrook.
4.
IVN Oss is van mening dat de kosten voor de groene zone in Amsteleind Noord (zoals opgenomen in het landschapsplan) niet ten laste mogen komen van de groenfonds reservering (van € 600.000,--). Het groen in Amsteleind Noord maakt intrinsiek onderdeel uit van een stedenbouwkundige ontwikkeling, en kan niet worden ingezet voor kwaliteitsverbetering van het landschap en moet via het project gefinancierd worden. Daarnaast merkt indiener op dat de gemeente tijdig moet starten met de inrichting van de groene zone, om te kunnen voldoen aan het bepaalde in artikel 9.27, lid 4 van de planregels.
5.
IVN Oss vraagt om bij de uitwerking van de plannen het parkeren van fietsen dichtbij woningen, voorzieningen en faciliteiten mogelijk te maken. Dit om het gebruik van
Pagina 6 van 29
fietsen te stimuleren, zodat het autoluwe karakter van de nieuwe woonwijk wordt versterkt. 6.
IVN Oss is het er niet mee eens dat in de stukken wordt gesteld dat geen negatieve effecten te verwachten zijn voor het weidevogelgebied ten noorden van Amsteleind Noord. Er wordt getwijfeld aan de gedachte dat de bufferfunctie van de Brandstraat voldoende is. Weidevogels zijn gebonden aan openheid zodat bebouwing in de directe omgeving een aantasting van het weidevogelgebied kan betekenen. De gemeente wordt verzocht om maatregelen te treffen bij de bebouwing van het gebied om verstoring van weidevogels tegen te gaan en verdroging van plas-drasgebied te voorkomen.
7.
In de motivering is aangegeven dat de Brandstraat een bekende vliegroute voor vleermuizen is. IVN Oss pleit ervoor om al het mogelijke te doen om verstoring te voorkomen en deze vliegroutes verder te versterken. Indiener merkt op dat een goede monitoring van vleermuizen en ook andere flora en fauna voorafgaand en ook na uitvoering van het project gewenst is.
8.
Volgens IVN Oss lijken de grootste milieueffecten te komen door de nieuwe ontsluitingsweg (de Parkway). De bestaande groene verbindingen tussen de stad en buitengebied worden door de aanleg van de Parkway te veel geïsoleerd van het buitengebied. Indiener vraagt om bij het ontwerp van de Parkway hiervoor maatregelen te treffen. IVN Oss adviseert om de groenstrook tussen de rijbanen te verbinden met het omliggende groen.
9.
IVN Oss ondersteunt een ecologische verbinding van de zandrug met Geffense Plas en Geffense Bosjes. Indiener pleit voor een robuuste uitvoering waarbij ook rekening en ruimte wordt gehouden voor aanleg van insecten- en bijenlandschap. Verder verzoekt IVN Oss om de verbindingen buiten het plangebied binnen 2 jaar na realisatie van Amsteleind gestart te hebben en het gereserveerde bedrag van 1% hier volledig voor aan te wenden.
Beantwoording gemeenteraad 1. Op het moment van de voorbereiding van dit plan was de Osse Maatlat nog niet vastgesteld door de gemeenteraad. Deze stap moet nog plaatsvinden. Het toepassen van de Osse Maatlat op het plan Amsteleind wordt zeker aanbevolen, maar op dit moment kiest de gemeente ervoor om dit via de privaatrechtelijke weg te doen. Dit is heel goed mogelijk aangezien de gronden binnen het plangebied in eigendom van de gemeente zijn. 2.
In het landschapsplan zijn ook voor het groen ontwikkelrichtingen aangegeven. De genoemde voorbeelden passen hier ook goed in. Deze kunnen worden toegepast bij de nadere uitwerking. Voor enkele van de genoemde ideeën zoals pluktuinen en een voedselbos zou er een initiatiefnemer moeten zijn voor beheer en exploitatie.
3.
In Bijlage 13 van de ontwerpwijziging van het omgevingsplan ‘Grondwatermonitoring Amsteleind’ is te lezen dat er onderzoek is gedaan naar kwel in het gebied. De conclusies laten zien dat er in de omgeving van Amsteleind-Noord op één meetlocatie een kweldruk is gemeten van een net significante 7 cm, en op twee meetlocaties geen significante kwel- of infiltratiedruk. Deze peilbuizen blijven ook de komende tijd meten. Op basis van de huidige resultaten achten wij het niet haalbaar of nodig om inrichtingskeuzes te baseren op het mogelijke kwelwater in het gebied. Wel hanteren we het uitgangspunt dat grondwater niet via (nieuw) oppervlaktewater direct dient te worden afgevoerd naar het polderwatersysteem. Dit geldt ook voor eventueel aanwezig kwelwater.
4.
De gemeente beschouwd de groene zone aan de westzijde van het plangebied mede als kwaliteitsverbetering. Deze zone heeft een groene functie en maakt geen onderdeel uit van het stedelijke groen. Het groen binnen de wijk is onderdeel van de wijkontwikkeling. Het aanleggen van het groen dat onderdeel uitmaakt van de kwaliteitsverbetering vindt liefst plaats tegelijk of aansluitend met de bouwactiviteiten. De provincie stelt
Pagina 7 van 29
dat binnen 5 jaar realisatie moet plaatsvinden. In het landschapsplan staan suggesties voor invulling van het groen buiten het plangebied. Het versterken van de verbinding met de Geffense Bosjes aan de zuidzijde en een verbinding met het Noorderpark aan de noordzijde zijn hierbij de ambitie. Daarnaast zou het versterken van de stad land relatie rondom de uitbreiding een goede toevoeging zijn. Deze plannen moeten nog worden uitgewerkt. Zekerheid over realisatie is er dus nog niet. Het groenfonds geeft echter wel zekerheid dat de bijdragen niet aan andere doelen uitgegeven kunnen worden. 5.
De gemeente Oss onderschrijft de aanbeveling van IVN. Een autoluw karakter van de nieuwe woonwijk, onder andere door het gebruik van de fiets zoveel mogelijk te stimuleren, is een van de ambities voor Amsteleind en zo ook beschreven in de voorliggende omgevingsplanwijziging en het MER. Uitwerking van specifieke concrete maatregelen als parkeren van fietsen bij voorzieningen en faciliteiten, maakt onderdeel uit van de uitwerking van de deelplannen. De gemeentelijke parkeernormen zijn vastgelegd in de Nota Parkeernormen Oss 2023. In deze nota zijn ook parkeernomen opgenomen voor fietsen. Via een regel in de wijziging van het omgevingsplan geldt deze nota ook voor Amsteleind Noord. Hiermee is in de wijziging van het omgevingsplan geborgd dat fietsparkeren een plek krijgt in de verdere uitwerking van dit plan.
6.
Weidevogels zijn belangrijke natuurwaarde in de polder. Uitgangspunt is het behoud van deze gebieden als weidevogelgebieden. In het MER is gesteld dat er geen effect op weidevogelgebied wordt verwacht gezien de afstand van 260 meter tot de rand van het plangebied. Niet alleen de Brandstraat zelf maar ook het perceel tussen Brandstraat en het weidevogelgebied kan dienen als buffer. In de huidige situatie is ook al sprake van bebouwing aan de Brandstraat en gebruik van de Brandstraat en daarmee eventuele verstoring op het weidevogelgebied. Bebouwing aan de zuidzijde van de Brandstraat ten behoeve van Amsteleind verandert deze situatie niet wezenlijk. In de verdere plan- en besluitvorming moet en zal op basis van een uitwerking van het stedenbouwkundig ontwerp een nadere toets op eventuele effecten op natuur en daarmee ook het weidevogelgebied uitgevoerd worden. Ten aanzien van het grondwaterpeil wordt geen verdroging van weidevogelgebied verwacht. Bovendien wordt het waterpeil kunstmatig gestuurd en kan hiermee eventuele verdroging worden voorkomen.
7.
De Brandstraat is inderdaad een bekende vliegroute voor vleermuizen. De ontwikkeling leidt niet tot aanpassing van deze wegenstructuur (met bomenrij en sloten) en daarmee niet tot aantasting van de vliegroute voor vleermuizen. Aandachtspunt is het voorkomen van verlichting van bebouwing in Amsteleind richting de Brandstraat. Dit wordt in de verdere uitwerking van de plannen als aandachtspunt meegenomen. In de verdere plan- en besluitvorming moet en zal op basis van een uitwerking van het stedenbouwkundig ontwerp een nadere toets op eventuele effecten op plant- en diersoorten uitgevoerd worden. Mochten hierin effecten geconstateerd worden, moet en zal volgens de daarvoor geldende wetgeving een natuurvergunning worden aangevraagd met daarin de benodigde mitigerende en compenserende maatregelen. In het plan worden overigens ook groenstructuren aangelegd die ten goede komen aan onder andere de vleermuizen.
8.
Bij de uitwerking van het plan voor de Parkway zal gekeken worden of en waar het zinvol is om op bepaalde plekken faunavoorzieningen te treffen, zodat de barrièrewerking van de Parkway zal verminderen.
9.
Hiervoor zal planuitwerking moeten plaatsvinden voordat aangegeven kan worden wanneer de plannen gerealiseerd kunnen worden. Ook is e.e.a. afhankelijk van grondverwerving. Het actief oppakken van deze projecten als onderdeel van de gebiedsontwikkeling Amsteleind is nog niet geregeld.
Besluit Wij vinden de zienswijze ongegrond. Wijzigingen in omgevingsplan Geen.
Pagina 8 van 29
Zienswijze 4: Linssen cs Advocaten Samenvatting zienswijze Indiener heeft een zienwijze ingediend namens een aantal grondeigenaren en bedrijven die wonen of gevestigd zijn ten zuiden van het plangebied van de voorliggende wijziging van het omgevingsplan. Deze locatie ligt buiten de grenzen van het plangebied van Amsteleind Noord. Indiener geeft aan dat zijn cliënten enkele jaren geleden werden verrast door het gevestigd voorkeursrecht door de gemeente op enkele percelen van zijn cliënten. Uit de stukken is op te maken dat het tracé van de toekomstige ontsluitingsweg (de Parkway) over de gronden en opstallen van bovengenoemde eigenaren is gelegd. Dit maakt volgens indiener grove inbreuk op hun eigendomsrecht en deze eigenaren kunnen zich hier niet mee verenigen. Daarnaast wordt de bedrijfsvoering ter plaatse hierdoor onmogelijk gemaakt. Volgens indiener kan de wijziging van het omgevingsplan zonder deugdelijke afspraken over de percelen van zijn cliënten in deze vorm niet worden vastgesteld. Hiertoe draagt indiener onderstaande gronden aan. 1.
Overeenkomst en gesprekken Indiener stelt dat er gesprekken zijn gevoerd tussen de taxateur van één van zijn cliënten en de gemeente, maar vanwege interne onenigheid binnen de gemeente hebben deze gesprekken niet geleid tot een concreet resultaat. Daarnaast stelt indiener dat er een overeenkomst is gesloten tussen de gemeente en één van zijn cliënten in het kader van de Regeling sanering varkenshouderij. Indiener stelt dat de gemeente vanwege interne onenigheid deze overeenkomst niet is nagekomen.
2.
Ontsluiting en begrenzing plangebied Volgens indiener verdraagt de wijziging van het omgevingsplan zich niet met een evenwichtige toedeling van functies aan locaties (hierna ook aangehaald als: ETFAL), omdat in het plan enkel een deel van de toekomstige en benodigde ontsluitingsweg is opgenomen. Dit terwijl de Heihoekstraat in de huidige situatie al niet geschikt is voor de afwikkeling van het verkeer. Laat staan als daar de verkeersgeneratie van de nieuwe woonwijk nog aan zou worden toegevoegd. Volgens indiener is in het plan ook een aanzienlijke aanpassing van de Heihoekstraat voorzien, maar in de tussenliggende periode wordt planologisch meer verkeersgeneratie mogelijk gemaakt die zorgt voor onevenredige overlast op het omliggende wegennet zonder dat die voorziene aanpassingen zijn uitgevoerd.
3.
Uitvoerbaarheid van het plan Indiener geeft, met verwijzing naar de voorwaardelijke verplichting in artikel 9.26 van de planregels, aan dat het plan niet uitvoerbaar is. In dit artikel is kort samengevat aangeven dat het gebruiken van de gronden binnen de locatie pz Amsteleind Noord Oss - ontwikkelgebied wonen, kan pas plaatsvinden nadat herinrichting van de Heihoeksingel met toeleidende wegen zoals aangegeven op het Ontwerp Heihoeksingel en Heihoekstraat gerealiseerd is. In het schetsontwerp is het gehele tracé van de nieuwe ontsluitingsweg (de Parkway) opgenomen. Deze nieuwe ontsluitingsweg ligt deels buiten het plangebied en sluit vervolgens aan op de Heihoekstraat en de Heihoeksingel. Daarnaast is de Parkway deels geprojecteerd op de percelen van de cliënten van indiener waarvoor de gemeente geen toestemming heeft van de eigenaren. Indiener meent dat de koppeling van de voorwaardelijke verplichting aan de realisatie van het gehele tracé van de Parkway maakt dat het plan niet uitvoerbaar is. Dit komt mede doordat een deel van de nieuwe ontsluitingsweg buiten het plangebied ligt en geprojecteerd is op de percelen van zijn cliënten. Nu deze percelen niet in het plangebied zijn betrokken en de gemeente geen toestemming heeft voor het gebruiken van deze gronden ten behoeve van de nieuwe ontsluiting, is het plan volgens indiener niet uitvoerbaar.
Verder merkt indiener op dat bovengenoemde voorwaardelijke verplichting, gezien lid 2 van artikel 9.26, in strijd is met rechtszekerheidsbeginsel. Dit lid geeft ruimte om af te wijken van het schetsontwerp. Volgens indiener weten belanghebbenden hierdoor niet waar ze aan toe zijn.
4.
Evident privaatrechtelijke belemmeringen Indiener voert aan dat de onderhavige wijziging van het omgevingsplan niet kan worden vastgesteld wegens evident privaatrechtelijke belemmeringen. Zoals hierboven is aangegeven is het tracé van de nieuwe ontsluitingsweg deels
Pagina 9 van 29
geprojecteerd buiten de grenzen van het plangebied en ligt het tracé ook op de percelen van de cliënten van de indiener. Indiener geeft aan dat zijn cliënten geen toestemming geven om over hun percelen de nieuwe ontsluitingsweg te realiseren. Hierdoor is sprake van evident privaatrechtelijke belemmeringen, waardoor de gemeenteraad van Oss deze wijziging van het omgevingsplan niet kan vaststellen. 5.
Functie verkeer Volgens indiener zijn verkeersmaatregelen buiten het plangebied van de onderhavige wijziging van het omgevingsplan voorzien. Een deel van de verkeersmaatregelen is geprojecteerd op de percelen van zijn cliënten. Met deze wijziging van het omgevingsplan wordt dus vooruitgelopen op een mogelijke toekomstige wijziging van het omgevingsplan waarvan op voorhand niet gesteld kan worden dat deze realiseerbaar is. Volgens indiener is hierdoor geen sprake van evenwichtige toedeling van functies aan locaties nu de percelen van zijn cliënten, waarop verkeersmaatregelen zijn voorzien, niet betrokken zijn in het plangebied.
6.
Koersnota Mobiliteit en omgevingsaspecten Indiener stelt dat de wijziging van het omgevingsplan niet in lijn is met de Koersnota Mobiliteit Oss. Volgens indiener heeft dit document als doel de verkeersveiligheid te vergroten en hinder terug te dringen. Daarnaast moet, als een plan leidt tot extra verkeersbewegingen, worden beoordeeld of dit plan past binnen de normen voor de verschillende wegen. Uit de stukken blijkt dat er een toename is van 27% aan verkeersbewegingen op de Heihoekstraat (in de plansituatie 2030). Er moeten verkeerskundige maatregelen getroffen worden. Indien de beoogde ontsluitingsroute niet wordt gerealiseerd, dan moeten de woningen losgekoppeld worden van de Heihoekstraat. De ontsluiting van deze woningen zou dan moeten plaatsvinden via een parallelweg. Indiener stelt dat ter plaatse geen ruimte is voor een parallelweg. Verder merkt indiener op dat de toename van verkeersbewegingen (op de Heihoekstraat) zal leiden tot onevenredige aantasting van de gebruiksmogelijkheden van de percelen van zijn cliënten, indien de nieuwe woonwijk wordt gerealiseerd zonder de nieuwe ontsluitingsweg.
7.
Bedrijfswoning Indiener merkt op dat de bedrijfswoning van zijn cliënt een passende bestemming dient te krijgen indien de gemeenteraad de nieuwe ontsluitingsweg planologisch doortrekt over het perceel van zijn cliënt. Volgens de voorlopige tekeningen neemt deze nieuwe weg vrijwel het gehele bouwvlak van het perceel in beslag. Als gevolg hiervan kan ter plaatse geen agrarische functie meer beoefend worden en moet de bedrijfswoning planologisch omgezet worden naar een burgerwoning. Volgens indiener is dit ook met zijn cliënt overeengekomen. Indiener betwijfelt of een goed woon- en leefklimaat geborgd kan worden bij het planologisch omzetten van de bedrijfswoning naar een burgerwoning. Indiener stelt dat de Heihoekstraat in de huidig situatie al overbelast is waardoor het wegverkeerslawaai ruim boven de daarvoor geldende streefwaarde ligt. Daarom is een ontsluitingsweg noodzakelijk. Het is echter volgens indiener de vraag of er sprake zal zijn van een goed woon- en leefklimaat bij de woning van zijn cliënt als deze weg er komt. In de voorliggende wijziging van het omgevingsplan is dat niet inzichtelijk gemaakt.
Beantwoording gemeenteraad Vooraf merken wij op dat de percelen van cliënten van indiener buiten het plangebied van de onderhavige wijziging van het omgevingsplan Amsteleind Noord liggen. Sommige zienswijzen van indiener zijn bijvoorbeeld gericht tegen de toekomstige ontsluitingsweg, genaamd de Parkway, die volgens het voorlopige schetsontwerp op de percelen van zijn cliënten zal komen te liggen. Echter dat deel van de Parkway maakt geen onderdeel uit van deze planologische procedure. 1.
Naar onze mening vallen de gesprekken tussen de gemeente en de cliënten van indiener over een eventuele aankoop van hun percelen buiten de publiekrechtelijke reikwijdte van deze planologische procedure. Dit geldt eveneens voor de vermeende niet nakoming van de overeenkomst in het kader van de Regeling sanering varkenshouderij waarvoor een separate planologische procedure is gevoerd. Daarom volstaan wij ten aanzien van deze gronden met de mededeling dat wij ons niet kunnen vinden in de stelling van indiener dat het niet kunnen bereiken van een
Pagina 10 van 29
overeenstemming over grondaankoop te wijten is aan ‘interne onenigheid’ binnen de gemeente. Daarnaast betwisten wij de stelling van indiener dat de gemeente bovengenoemde overeenkomst in het kader van de Regeling sanering varkenshouderij niet is nagekomen. 2.
Het totaalplan Amsteleind bestaat uit 3.000 woningen en maatschappelijke en commerciële voorzieningen. Voor de ontsluiting van de gehele wijk is een nieuwe ontsluitingsweg nodig, genaamd de Parkway. Deze ontsluitingsweg is echter niet noodzakelijk voor Amsteleind Noord. Totdat de Parkway is gerealiseerd en in gebruik kan worden genomen, zullen bestaande wegen gebruikt worden als een tijdelijke ontsluitingsroute en dit zal tijdelijk leiden tot meer verkeersbewegingen op het bestaande wegennet. In het MER is deze tijdelijke toename van verkeersbewegingen op de Heihoekstraat toegelicht. Verkeerstechnisch is de Heihoekstraat in de huidige situatie geschikt voor zijn verkeersfunctie. In het basisjaar is de (verkeersmodelberekende) intensiteit 9.400 mvt/etm (zie tabel 5.3 in het MER Amsteleind). Dit sluit aan op de gemeten verkeersintensiteit (april 2024). Aanleg van Amsteleind Noord leidt, zolang de Parkway nog niet is aangelegd, tot een toename van verkeer op de Heihoekstraat. De 1.000 extra woningen en voorzieningen zijn met het verkeersmodel berekend en leiden samen met het reeds aanwezige verkeer tot een totale intensiteit van circa 11.800 mvt/etm. Dit is een toename van circa 2.500 mvt/etm. Deze toename kan opgevangen worden door het huidige wegprofiel van de Heihoekstraat. Na aanleg van de Parkway wordt de Heihoekstraat autoluw.
Wat voor de Heihoekstraat geldt, geldt ook voor de omliggende wegen: de wegen hebben nu en in de periode tot aanleg van de Parkway voldoende capaciteit om het verkeer en de toename door Amsteleind-Noord daarvan te verwerken. Op twee kruisingen op de Heihoeksingel is geconstateerd dat de kruisingen, die nu al overbelast zijn, door de toename door Amsteleind Noord nog verder belast worden. Daarom worden deze kruisingen in het kader van de realisatie van Amsteleind Noord aangepast.
3.
Wij kunnen indiener volgen in zijn stelling dat de voorwaardelijke verplichting van artikel 9.26 van de planregels, zo gelezen kan worden dat het gehele tracé van de Parkway en de aanpassingen aan de Heihoeksingel gerealiseerd moeten zijn voordat de gronden en woningen in Amsteleind Noord in gebruik mogen worden genomen. Hoewel in de motivering van de wijziging van het omgevingsplan is aangegeven dat dit artikel uitsluitend betrekking heeft op de twee kruispunten Heihoeksingel – Schaepmanlaan - Van Maanenstraat en Heihoeksingel – Het Woud – Joost van den Vondellaan, blijkt dit niet zo expliciet uit het genoemde artikel. Wij hebben daarom de redactie van dit artikel verduidelijkt. Naar onze mening is genoemd artikel niet in strijd met het rechtszekerheidsbeginsel omdat een mogelijke afwijking van het schetsontwerp moet voldoen aan de voorwaarde van lid 3 van dat artikel. Daarnaast is het aanleggen of wijzigen van wegen vergunning plichtig op grond van artikel 9.110 van de planregels. Hiermee is geborgd dat belanghebbenden tegen een eventuele afwijking van het schetsontwerp in rechte kunnen opkomen.
4.
Voor deze eerste wijziging van de omgevingsplan Amsteleind Noord hoeft de gehele ontsluitingsweg nog niet gerealiseerd te worden. Om deze reden hebben wij de volledige ontsluitingsweg niet opgenomen in het plangebied en hebben wij de gronden van derde buiten het plangebied ook niet nodig om de uitvoerbaarheid van dit plan te waarborgen. Zoals hierboven is aangegeven zullen wij de redactie van de voorwaardelijke verplichting van artikel 9.26 zodanig aanpassen dat dit artikel uitsluitend betrekking heeft op de twee genoemde kruispunten. Van een evident privaatrechtelijke belemmering is dan ook geen sprake.
5.
Zie voor de beantwoording punten 2, 3 en 4.
6.
De omgevingsplanwijziging is juist in lijn met de Koersnota Mobiliteit. Het geeft invulling aan de daarin gestelde maatregelen. Na aanleg van de Parkway wordt de verkeersveiligheid in dit deel van Oss vergroot en wordt de hinder daar waar kan (o.a. langs de Heihoekstraat) verminderd. In de periode tot de realisatie van de Parkway is sprake van een toename van verkeer op de Heihoekstraat, maar zoals eerder in deze
Pagina 11 van 29
reactie gesteld wordt deze toename als passend binnen de normen gezien. Het gestelde over de situatie als er geen Parkway wordt gerealiseerd is een hypothetische: de plannen voor Amsteleind zijn juist gericht op de aanleg van de Parkway, zoals ook al benoemd in de Koersnota Mobiliteit. 7.
Hierboven hebben wij aangegeven dat de percelen van de cliënten van indiener buiten het plangebied van de onderhavige wijziging van het omgevingsplan vallen. De zienswijze van indiener richt zich op een gedeelte van de toekomstige ontsluitingsweg dat geen onderdeel is van deze planologische procedure. Ook de zienswijze omtrent het omzetten van de huidige bedrijfswoning naar een burgerwoning valt buiten het kader van deze procedure. Voor de beantwoording van deze punten verwijzen wij naar onze reactie hierboven.
Besluit Wij vinden de zienswijze gedeeltelijk gegrond en gedeeltelijk ongegrond. Wijzigingen in omgevingsplan Wij passen de wijziging van het omgevingsplan als volgt aan: De formulering van artikel 9.26 van de planregels wordt aangepast zodat daaruit duidelijk blijkt dat de noodzakelijke verkeerstechnische aanpassingen aan de Heihoeksingel uitsluitend betrekking hebben op de twee kruispunten Heihoeksingel – Schaepmanlaan - Van Maanenstraat en Heihoeksingel – Het Woud – Joost van den Vondellaan. In de motivering en het MER zal aanvullend beschreven worden dat bij de bestaande woningen gelegen aan de Kleinussenstraat en Heihoekstraat in de tussenliggende periode zonder realisatie van de Parkway sprake is van een evenwichtige toedeling van functies aan locaties. Zienswijze 5 Hooglander Advocaten Samenvatting zienswijze Indiener heeft een zienwijze ingediend namens een zevental omwonenden die wonen in de omgeving van de Heihoeksingel. Indiener geeft aan dat zijn cliënten vrezen dat de voorziene verkeersmaatregelen aan de Heihoeksingel grote gevolgen zullen hebben voor hun fysieke leefomgeving. Deze omwonenden zijn overigens niet tegen deze woningbouwontwikkeling, maar hebben wel bezwaar tegen de gekozen ontsluiting. Hieronder wordt puntsgewijs de zienswijzen van indiener weergegeven. 1.
Geen evenwichtige toedeling van functies aan locaties en ondeugdelijke motivering Indiener stelt dat met de voorziene wijziging van het omgevingsplan geen sprake is van een evenwichtige toedeling van functies aan locaties. Daarnaast wordt gesteld dat de wijziging van het omgevingsplan niet deugdelijk gemotiveerd is en de belangen van de cliënten onvoldoende zijn overwogen. Er ontbreekt een deugdelijke motivering van de keuzes die zijn gemaakt. In de kern richt de zienwijze van indiener tegen de gekozen ontsluiting via de Heihoeksingel. Indiener stelt dat zijn cliënten niet werden betrokken bij de planvorming en dat het bestuursorgaan onvoldoende kennis heeft vergaard over de belangen van deze omwonenden. Voorts heeft dit plan volgens indiener onevenredige gevolgen voor de woonkwaliteit van zijn cliënten, omdat de Heihoeksingel in hoofdzaak al het verkeer moet gaan afwikkelen. Deze omwonenden worden aldus geconfronteerd met forse toename van verkeer, hetgeen onevenredige gevolgen heeft voor hun woonkwaliteit (bijvoorbeeld geluid, geur, gezondheid en trillingen). Hierdoor is geen sprake van evenwichtige toedeling van functies aan locaties.
2.
Ondeugdelijke afweging van alternatieven en geen integrale afweging Indiener stelt dat in de motivering van het plan eventuele alternatieven van de ontsluiting gebrekkig zijn onderzocht. Met verwijzing naar de jurisprudentie wordt aangegeven dat de voor- en nadelen van alternatieven in de afweging moeten worden betrokken. Verder wordt gesteld dat een integrale afweging in het plan volledig ontbreekt. Volgens indiener is bijvoorbeeld het alternatief van een zogenoemde westelijke randweg onzorgvuldig onderzocht. Zo is niet bekeken in hoeverre van de
Pagina 12 van 29
westelijke randweg gebruik zou worden gemaakt in het geval ook de noordelijke randweg wordt aangelegd. Ook is niet onderzocht in hoeverre eventuele verkeer ontmoedigende maatregelen (zoals verkeerslichten en drempels) op de Heihoeksingel van invloed zijn op het gebruik van een westelijke randweg. Indiener is het oneens met de conclusie dat circa 7.000 motorvoertuigen per etmaal gebruik zou maken van de westelijke randweg. Indiener geeft aan dat de raad in het kader van het gehele ontwikkeling van Amsteleind (dus niet alleen Amsteleind Noord) het alternatief van een westelijke randweg had moeten onderzoeken. Volgens indiener wordt dit alternatief nu volledig buiten spel gezet doordat de focus thans ligt op de ontwikkeling van Amsteleind Noord. 3.
Onzorgvuldig verkeersonderzoek en motivering aanpassing Heihoeksingel Indiener stelt dat in de onderzoeken nergens te lezen is wat de maximale wegcapaciteit is. Deze gegevens zijn wel van belang voor de motivering van het plan. Verder merkt indiener op dat de capaciteit van de Heihoeksingel nu al, zonder realisatie van het plan, onvoldoende is om het huidige verkeer goed af te kunnen wikkelen. Daarom moeten de Heihoeksingel en de kruispunten aangepast worden. Volgens indiener is niet aangetoond dat de voorgestelde aanpassingen de knelpunten zullen oplossen. Indiener plaatst vraagtekens bij het verkeersmodel dat gebruikt is voor de verkeersonderzoeken en de daarbij gebruikte uitgangspunten. Zo wordt gesteld dat niet alle ruimtelijke ontwikkelingen die op “groen licht zijn gezet” juist in het verkeersmodel zijn overgenomen. Als voorbeeld wordt de woningbouwontwikkeling Euterpepark aangehaald. Volgens indiener bestaat dit plan uit 2.500 woningen, maar in de verkeersberekeningen zijn 130 woningen meegeteld. Daarnaast is volgens indiener geen rekening gehouden met voorzieningen die in het plan zijn toegestaan, waardoor er niet gerekend is met de maximale planologische mogelijkheden. Daarom stelt indiener dat het verkeersmodel niet valide is. Volgens jurisprudentie moet er voldoende overeenstemming zijn tussen het model en de werkelijkheid om van een valide model te kunnen spreken.
Indiener is van mening dat in dit geval de modelresultaten te veel afwijken van de werkelijkheid, waardoor er geen juiste verkeersprognose is toegepast.
4.
Geluid, geur en trillingen Geluid Indiener merkt op dat de wettelijke standaardwaarden van wegverkeerslawaai niet zijn geborgd in de planregels, en dat hiervan zonder nadere onderbouwing afgeweken kan worden met een omgevingsvergunning. Indiener is van mening dat hierdoor geen sprake is van evenwichtige toedeling van functies aan locaties. Uit de stukken van de wijziging van het omgevingsplan blijkt dat er sprake is van een lichte toename van de geluidsbelasting van maximaal 1 dB. Maar deze toename wordt aanvaardbar geacht en leidt volgens de stukken niet tot gezondheidsrisico’s. Volgens indiener is dit niet te rijmen met de GGD-advieswaarde van 50 dB Lden, omdat de geluidsbelasting langs de Heihoeksingel op sommige plekken nu al hoger is dan 60 dB. Dit is het kantelpunt voor de akoestische omgevingskwaliteit. Indiener is van mening dat artikel 9:107 en 9:108 van de planregels ruimte bieden om zonder nader onderzoek een omgevingsvergunning te verlenen, als niet voldaan kan worden aan de standaardwaarden voor de geluidsbelasting. Hierdoor wordt volgens indiener de woonkwaliteit van cliënten aangetast. Verder merkt indiener op dat nergens uit de stukken blijkt dat er een toetsing heeft plaatsgevonden aan het binnen-niveau van geluid.
Volgens indiener is dat op grond van artikel 3:52 van het Besluit kwaliteit leefomgeving verplicht bij resterende overschrijdingen van de standaardwaarden. Geur Indiener geeft aan dat het agrarisch bedrijf aan de Amsteleindstraat 132 te Oss tijdelijk nog zorgt voor overschrijding van de geurnormen. In de motivering van het plan is onderbouwd dat dit een tijdelijke situatie is en dat de bedrijfsvoering van dit bedrijf uiterlijk in 2029 wordt beëindigd. Volgens indiener kan de gemeente niet volstaan met alleen privaatrechtelijk borgen dat de bouw van de nieuwe woningen pas van start kan gaan als dit bedrijf is vertrokken. Dit moet volgens indiener ook publiekrechtelijk geborgd zijn in de planregels.
Pagina 13 van 29
Trillingen Volgens indiener is in dit geval in het geheel geen onderzoek verricht naar mogelijke trillingenhinder. De uitgevoerde quickscan is niet voldoende omdat daarin onjuiste uitgangspunten worden gehanteerd. De quickscan gaat uit van de situatie na de voorgenomen Parkway-Heihoeksingel, terwijl de parkway volgens indiener niet meeloopt in deze wijziging van het omgevingsplan. Verder wordt gesteld dat in het onderzoek te lage verkeersintensiteiten zijn gebruikt en dat er geen rekening is gehouden met cumulatie. 5.
Milieueffectrapport Indiener is van mening dat het milieueffectrapport (het MER) gebreken vertoont of niet volledig is. Er zijn geen alternatieve locaties voor Amsteleind onderzocht, hetgeen in strijd is met artikel 16.42 van de Omgevingswet en het beleid. In het MER zijn wel verschillende alternatieven voor ontsluiting onderzocht, maar indiener merkt op zich niet te kunnen vinden in deze alternatieve oplossingen. Zo is indiener het niet eens met de gedachte dat een voorrangsplein ter vervanging van de rotonde bij de Heihoeksingel, Schaepmanlaan en Van Maanenstraat de beste oplossing is. Deze oplossing leidt volgens indiener tot onevenredige verkeershinder en geluidsoverlast voor zijn cliënten.
6.
Strijd met rechtszekerheid Indiener merkt op dat de wijziging van het omgevingsplan op diverse punten onduidelijk is, waardoor belanghebbenden niet weten waar ze aan toe zijn. Dit is in strijd met het rechtszekerheidsbeginsel. Zo wordt aangegeven dat het plan onvoldoende duidelijk maakt welke gevolgen de nieuwe functies in het plan hebben voor bestaande bestemmingen van ‘groen’ en ‘verkeer’. Ook is niet duidelijk welke functies (scholen, woningen, horeca etc.) waar binnen het plangebied gerealiseerd kunnen worden. Het gehele plan laat vrijwel alle functies toe, waardoor het volgens indiener onzeker is op welke locatie wat gerealiseerd zal worden. Daarnaast zijn de begrippen “gebruik” en “redelijke verliestijden”, zoals genoemd in artikel 9.26 van de planregels niet helder. Deze begrippen zijn niet duidelijk gedefinieerd in de planregels.
7.
Strijd met beleid Tot slot stelt indiener dat de wijziging van het omgevingsplan in strijd is met het beleid. Omgevingsvisie gemeente Oss In de omgevingsvisie gemeente Oss is opgenomen dat het groene buitengebied een tegenhanger moet zijn van het verstedelijkte Oss-Berghem. De locatie van Amsteleind is gelegen in het buitengebied van Oss en op de grens daarvan. Dit moet dus een tegenhanger zijn met het verstedelijkte Oss. Echter, nu wordt er in het buitengebied woningbouw van 1.000 woningen (en uiteindelijk 3.000 woningen) mogelijk gemaakt. Daarmee wordt het bestaande buitengebied, wat fungeert als tegenhanger van het verstedelijkte Oss-Berghem, ook verstedelijkt. Uit de omgevingsvisie volgt nog dat er een goede overgang is van de kern naar het buitengebied. Door de komst van Amsteleind, wordt de bestaande overgang tussen wonen en buitengebied juist verslechterd. Sterker nog, deze verdwijnt volledig. Structuurvisie Oss West – 2022 Ook in de structuurvisie Oss West - 2022 is opgenomen dat bij de rand van het gebied als aandachtspunt wordt meegegeven dat een goede overgangsrand naar het buitengebied aandacht krijgt. In dit geval wordt de rand van het buitengebied volgebouwd met woningen, waardoor er in strijd met deze structuurvisie wordt gehandeld.
In de structuurvisie is ook opgenomen dat het de bedoeling is dat woongebouwen buiten de milieucontour van bestaande bedrijvigheid in het plangebied blijven. Amsteleind wordt gerealiseerd binnen de milieucontouren van agrarische bedrijven. Vaststaat dat er in ieder geval één agrarisch bedrijf is gelegen aan de Amsteleindstraat 132, waarbij de geurbelasting wordt overschreden voor de toekomstige woningen. Koersnota mobiliteit In de koersnota wordt aangegeven dat de Heihoeksingel rustiger kan worden ten opzichte van referentie 2040, doordat de maatregelen leiden tot een lager
Pagina 14 van 29
autogebruik. Dit is vermeld op bladzijde 48 van deze koersnota. Cliënten kunnen noch uit de toelichting, noch uit de andere stukken halen hoe de aanpak van de Heihoeksingel zich concreet verhoudt tot deze andere maatregelen, en hoe deze andere maatregelen verankerd zijn in de wijziging van dit omgevingsplan. Ook is op bladzijde 48 van deze koersnota aangegeven dat de Heihoeksingel juist rustiger kan worden, omdat voor de ontwikkeling van Amsteleind een lagere parkeernorm geldt. Hoe hiermee verder rekening is gehouden en hoe dit nu wordt geborgd, blijkt nergens uit deze wijziging van het omgevingsplan. Beantwoording gemeenteraad 1. Niet ter discussie staat dat de ontwikkeling van Amsteleind tot een toename van verkeer op de Heihoeksingel leidt. Dit is onderzocht en beschreven in het MER Amsteleind. Wij kunnen ons echter niet vinden in de stelling van indiener dat bij de wijziging van het omgevingsplan geen sprake is van een evenwichtige toedeling van functies aan locaties en dat de gevolgen voor de cliënten onevenredig zijn. In de motivering van het plan en in het daarbij behorend MER en onderzoeken, zijn relevante aspecten van de fysieke leefomgeving onderzocht en is aangeven wat dit plan betekent voor de leefomgeving. De gekozen ontsluitingsroute door middel van een nieuw aan te leggen Parkway die aansluit op de Heihoeksingel, is in de stukken onderbouwd.
Daarbij is ook ingegaan op de vraag waarom er bijvoorbeeld niet gekozen is voor een zogenoemde westelijke randweg. De gemeentelijke verkeerskundige heeft naar aanleiding van deze zienswijze de verkeerssituatie van de Heihoeksingel nader beoordeeld. De Heihoeksingel is een Gebiedsontsluitingsweg 50 km/h. Deze wegen zijn ingericht om grote hoeveelheden verkeer te kunnen verwerken. De capaciteit van een dergelijke weg, met andere woorden het aantal verkeerbewegingen dat deze weg kan afwikkelen, is 20.000 tot 25.000 motorvoertuigen per etmaal (CROW richtlijnen). Daarmee is de Heihoeksingel geschikt om het huidige verkeer en de toename van Amsteleind (zie tabel 5.12 en 5.25 in het MER) te kunnen verwerken. In 2040 is de (verkeersmodelberekende) intensiteit inclusief Amsteleind 19.200 mvt/etm en daarmee lager dan de hierboven aangegeven capaciteit. Verder kunnen we indiener niet volgen in de zienswijze dat de cliënten niet zijn betrokken bij de planvorming of dat het bestuursorgaan onvoldoende kennis heeft vergaard over hun belangen. De voorbereiding van de wijzing van het omgevingsplan kent een lange geschiedenis. Als bijlage bij het plan is het participatieverslag toegevoegd waarin te lezen is hoe, met welke partijen en frequentie het participatieproces heeft plaatsgevonden. Er is diverse keren overlegd met bijvoorbeeld de belangengroep Oss West Protest.
Daarnaast hebben we informatieavonden gehouden specifiek over de Heihoeksingel en infrastructuur. 2.
De gemeente Oss heeft in de Koersnota Mobiliteit (2023) diverse maatregelen voor de verkeersstructuur onderzocht. In paragraaf 2.2.2 van het MER is een uitgebreide samenvatting daarvan opgenomen. In het MER zijn zowel de effecten van Amsteleind Noord als ook de effecten van het totaalplan Amsteleind, bestaande uit 3.000 woningen en commerciële en maatschappelijke voorzieningen, in beeld gebracht. De stelling dat de westelijke randweg buitenspel gezet is door de focus op Amsteleind Noord is niet juist. In het onderzoek naar de ontsluitingsstructuur aan de westkant van Oss zijn drie alternatieven onderzocht: a. b. c.
Benutten en opwaarderen van de huidige wegenstructuur; Aanleg van nieuwe noord-zuidverbinding ten noorden van het spoor door Amsteleind (Parkway); Nieuwe ontsluitingsweg en ongelijkvloerse spoorkruising aan de westkant van het stedelijk gebied (Westelijke randweg).
In de afweging tussen een volledige westelijke ligging van een nieuwe weg, handhaving van de bestaande wegenstructuur of de Parkway is deze laatste als beste oplossing naar voren gekomen. Een westelijke ontsluitingsweg is ingrijpend in de bestaande ruimtelijke structuur. Een dergelijke nieuwe weg als ontsluiting van
Pagina 15 van 29
Amsteleind sluit niet logisch aan op de bestaande stedenbouwkundige hoofdopzet van Oss waarbij ontsluitingsroutes in noord-zuidrichting en oost-westrichting de ‘ruggengraat’ vormen van het stedelijk gebied. Er wordt een nieuwe, op zichzelf staande ontsluiting om het bestaande woongebied (De Ruwaard) heen gelegd om het nieuwe woongebied ‘boven het spoor’ te ontsluiten. Voor een goede aansluiting bij de stedenbouwkundige hoofdopzet van Oss zouden ook delen van de Ruwaard moeten worden verbonden met deze ontsluitingsweg. Dit vergt grote ingrepen in het bestaande woongebied. Een onderzoek naar vergaande verkeersremmende maatregelen op de Heihoeksingel om het gebruik van de westelijke randweg verder te stimuleren, vinden wij niet zinvol vanwege de structuur van Ruwaard. Dit zou leiden tot grote veranderingen van de verkeersstromen binnen de wijk en daarmee veel impact hebben op de leefbaarheid van de wijk. 3.
Uit de onderzoeken is inderdaad niet af te leiden wat de maximale capaciteit van de Heihoeksingel is. Uit het MER en bijlage 5b (Rapportage Kruispuntberekeningen Amsteleind) blijkt echter dat de ontwikkeling van Amsteleind alleen tot knelpunten leidt op de twee rotondes Heihoeksingel – Schaepmanlaan - Van Maanenstraat en Heihoeksingel - Het Woud - Joost van den Vondellaan. Om ervoor te zorgen dat deze kruisingen het verkeersaanbod in 2030 en 2040 goed kunnen verwerken zijn in het onderzoek verkeerskundige aanpassingen voorgesteld voor deze kruisingen in de vorm van een voorrangsplein, respectievelijk een met verkeerslichten geregeld kruispunt. Deze maatregelen zijn voldoende om het verkeersaanbod in 2030 en 2040 goed te kunnen verwerken. De Heihoeksingel is een Gebiedsontsluitingsweg 50 km/h. Deze wegen zijn ingericht om grotere hoeveelheden verkeer te kunnen verwerken. De capaciteit van een dergelijke weg wordt mede bepaald door de vormgeving van de weg (de breedte, positie van de fiets), het aantal kruisingen, de vormgeving van die kruisingen en het aandeel spitsverkeer. Een gebiedsontsluitingsweg met 2x1 rijstroken kan 20.000 tot 25.000 motorvoertuigen per etmaal goed verwerken (CROW-richtlijnen). De aanpassing van de kruisingen volgt niet uit een te kleine capaciteit van de Heihoeksingel, maar uit een vertraagde doorstroming op de kruisingen.
Omdat de aanpassing van de kruisingen om een aanpassing van de aansluiting van de Heihoeksingel op deze kruisingen vraagt, is besloten het gehele profiel aan te passen en duurzaam veilig te maken. Dit volgt dus niet uit een te kleine capaciteit van de Heihoeksingel zelf. Ten aanzien van de zienswijze van indiener omtrent de betrouwbaarheid van het verkeersmodel, merken wij op dat daarin alle relevante ontwikkelingen zijn meegenomen met inbegrip van de commerciële en maatschappelijke voorzieningen die het plan Amsteleind mogelijk maakt. De onderzoeken zijn uitgevoerd met het vigerende verkeersmodel van de gemeente Oss (VMO 2022) waarin ook ruimtelijke ontwikkelingen elders in de gemeente zijn opgenomen. In het verkeersmodel zijn voor de toekomstige situatie alle op dat moment bekende en realistische bouwprojecten meegenomen. Dit geldt ook voor infrastructurele ontwikkelingen en voor projecten buiten de gemeente Oss. Niet alle ruimtelijke plannen worden opgenomen in een verkeersmodel, alleen diegene met een redelijke mate van zekerheid van realisatie: plannen die al zijn vastgesteld of tenminste in ontwerp ter visie hebben gelegen. In het verkeersmodel is rekening gehouden met alle relevante ontwikkelingen waarvoor planologische besluitvorming heeft plaatsgevonden.
Wel wordt in een verkeersmodel enige marge ten aanzien van het aantal verkeersaantrekkende functies (zoals woningen) aangehouden. Dit om onderschatting van effecten te voorkomen. Specifiek voor Euterpepark zijn in het verkeersmodel (VMO 2022) 830 woningen opgenomen. Dit terwijl in het plangebied Euterpepark vooralsnog twee bestemmingsplannen zijn vastgesteld met in totaal circa 482 woningen en overige voorzieningen. De genoemde uitbreiding naar 2.500 woningen is nog niet zeker en daarom niet opgenomen in het verkeersmodel. In de uitgangspunten voor Amsteleind is in tegenstelling tot wat indiener stelt, wel rekening gehouden met het verkeer van voorzieningen in Amsteleind. In bijlage 5a van de MER (Uitgangspunten verkeersberekeningen Amsteleind Oss) is aangegeven welke woningbouwprojecten zijn opgenomen in het verkeersmodel. In deze bijlage is ook de omvang van wijkvoorzieningen (horeca, zorg, detailhandel, kantoor) en de onderwijsvoorzieningen opgenomen
Pagina 16 van 29
Het verkeersmodel is gemaakt volgens de daarvoor geldende eisen en daarmee valide voor het onderzoek in het MER en de keuzes in de omgevingsplanwijziging Amsteleind Noord. 4.
Geluid Het opnemen van de wettelijke standaardwaarden voor geluid in de wijziging van het omgevingsplan is niet nodig. Een omgevingsplan moet evenwel erin voorzien dat het geluid door een gemeenteweg aanvaardbaar is. In artikel 9.110 van de planregels is het aanleggen of wijzigen van een weg als een vergunningsplichtige activiteit aangemerkt. In lid 2 van dat artikel zijn de verdere voorwaarden vastgelegd waaraan een weg moet voldoen en daarin is tevens bepaald dat geluid op geluidgevoelige gebouwen aanvaardbaar moet zijn. Uit het akoestisch onderzoek blijkt dat na het toepassen van maatregelen de toenames van geluid door wegverkeer kleiner zijn dan 2,0 dB. Vanuit de optiek van akoestische herkenbaarheid is een toename tot 1,0 dB voor het menselijk oor niet waarneembaar. Vanaf 1,0 dB is het verschil licht waarneembaar. Derhalve kan worden gesteld dat wanneer maatregelen worden getroffen, de wijziging leidt tot een nauwelijks merkbare toename van geluidbelasting bij enkele woningen. Aanvullend merken wij nog op dat het ontwerp van de Heihoeksingel is aangepast naar aanleiding van opmerkingen van omwonenden tijdens de informatieavond die is gehouden op 1 april 2025. Aangezien het ontwerp van de Heihoeksingel is aangepast, hebben wij de akoestische gevolgen hiervan opnieuw onderzocht.