CConstaterende datOss
Koppel je AI →
Document · PDF

Kadernota 2024-2027 .PDF

Gemeenteraad 13 juli 2023, gemeente OssBij agendapunt: Kadernota31.471 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 3 van 4

Wat we verstaan onder een ‘klimaatadaptief Oss’ en hoe we hier naartoe werken, leggen we vast in de ‘Koersnota Klimaatadaptatie’. Hierin leggen we de verbinding met andere opgaven op het gebied van gezondheid, verstedelijking, mobiliteit, energietransitie, woonopgave en transitie van de landbouw. Wat we de komende jaren gaan doen nemen we op in een uitvoeringsagenda. Hierbij leggen we de focus op (1) water (waterveiligheid, het tegengaan van wateroverlast en grip op droogte), (2) hitte en (3) robuuste ecosystemen. We kiezen voor een integrale aanpak, waarbij we inzetten op het zoveel mogelijk combineren van opgaven op het gebied van klimaatadaptatie en het realiseren van (andere) maatschappelijke baten. Het Rijk en provincie zetten ook volop in op een groene, klimaatrobuuste omgeving. Met structurerende keuzes en bijvoorbeeld de landelijke "Maatlat groene klimaatadaptieve gebouwde omgeving" krijgen we handvaten aangereikt die we in een Osse aanpak gaan verfijnen. Ook kiezen we zoveel mogelijk voor natuurlijke oplossingen, omdat het natuurlijk systeem de klimaatextremen het veerkrachtigste kan opvangen. Waar er geen plek is voor natuurlijk meebewegen passen we slimme technische oplossingen toe. 1.

Water (waterveiligheid, wateroverlast en grip op droogte) Om de waterveiligheid langs de Maas nu en in de toekomst te behouden werken we met het waterschap Aa en Maas aan sterke dijken. We werken in 2024 verder aan de realisatie van het project Meanderende Maas op de trajecten Cuijk-Ravenstein en Lith-Bokhoven. Deels financieren we dat zelf, deels dragen Rijk en provincies daar aan bij. Ook gaan we op zoek naar koppelkansen. We nemen in het landelijk en stedelijk gebied maatregelen om de effecten van lokale piekbuien te kunnen opvangen, we zetten in op het voorkomen van tekorten aan grondwater en we verbeteren de kwaliteit van oppervlaktewater en grondwater. Ook investeren we in het voorkomen van berm- en bosbranden en versterken we de weerbaarheid van flora en fauna tegen droogte. 2. Hitte We beperken en voorkomen de hinder van hitte, met name op plekken waar we kwetsbare groepen in verstedelijkte gebieden kunnen beschermen. De keuzes voor maatregelen en locaties nemen we op basis van de uitgevoerde stresstesten. 3. Robuuste ecosystemen De basis voor een robuust ecosysteem is in veel gebieden in onze gemeente al aanwezig. Het versterken van deze ecosystemen, en vooral het verbinden ervan, kan worden ingezet om de gevolgen van klimaatverandering te dempen en op te vangen.

Door de openbare ruimte klimaatadaptief te maken verbeteren we tevens ook de verblijfskwaliteit en de leefomgeving in ons stadshart, onze woonwijken en bedrijventerreinen. Zo kunnen we bijvoorbeeld wateropvang combineren met verkoelingsmaatregelen en kan water de leefomgeving ook aantrekkelijker maken. We gaan door met de aanplant van bomen en kiezen voor meer variatie, meer klimaatbestendige aanplant en waar mogelijk inheemse soorten. 44

Grondstoffentransitie/afval Grondstoffen worden schaarser en afval verwerken wordt duurder. We richten ons op vermindering en hergebruik van grondstoffen en het toegroeien naar een meer circulaire economie (zie programma 6), waarin we reststoffen opnieuw gebruiken. Hierbij komt de nadruk meer te liggen op preventie en hergebruik (Circulair Materialenplan als opvolger van het Landelijk Afvalbeheerplan). Onze huidige aanpak van huishoudelijk afval is gericht op afvalscheiding maar daarmee halen we nog niet de landelijke doelstelling. Daarom zijn we samen met Brabantse gemeenten bezig om te kijken naar de haalbaarheid van nascheidingsinitiatieven. Door de vele afkeur van PMD-afval, dat via ondergrondse container is ingezameld, is nog niet bekend of de huidige middelen toereikend zijn. Eventuele (incidentele) financiële consequenties hiervan of voor oplossingen van dit probleem geven we aan in de programmabegroting. Met betrekking tot het realiseren van een veilige woonomgeving en de aanpak van zwerfafval en illegale bijplaatsingen is extra capaciteit nodig voor de uitvoering van toezicht en handhaving op dit gebied. Richting de programmabegroting werken we dit verder uit. We betalen dit uit de afvalstoffenheffing.

45

Programma 5. Economie

46

1. Wat willen we bereiken? Een gezond ondernemersklimaat en voldoende arbeidspotentieel zijn essentieel om de toekomst van een welvarend en leefbaar Oss te waarborgen. Samen met het bedrijfsleven, het onderwijs, andere overheden en regionale en landelijke organisaties bouwen we aan een duurzame, vitale economie die klaar is voor de toekomst. Daarbij zetten we in op een goede afstemming tussen onderwijs en bedrijfsleven en een goed kwantitatief en kwalitatief aanbod van arbeid. Wij vinden het belangrijk dat nieuwe en gevestigde bedrijven zich in Oss kunnen ontwikkelen. Daar richten we onze acquisitie en ook ons accountmanagement op. We zijn vertegenwoordigd in lokale, regionale en landelijke netwerken. Zo bouwen we aan een sterke economische profilering en vergroten we onze bestuurlijke slagkracht. 2. Wat zijn de komende periode de belangrijkste speerpunten? Ruimte voor bedrijven Om zowel in kwantitatieve als in kwalitatieve zin ontwikkelkansen voor bedrijven mogelijk te kunnen blijven maken, is fysieke ruimte nodig. De bedrijventerreinen spelen hierin een belangrijke rol. De verwachting is dat in de loop van 2023 de bedrijventerreinen geheel zijn uitgegeven. Zonder uitbreidingsmogelijkheden zullen succesvolle Osse bedrijven naar alternatieven moeten zoeken, eventueel buiten Oss en ook de regio. De visie op ruimte voor bedrijven werken we daarom verder uit.

We onderzoeken of enkele bedrijventerreinen kunnen worden uitgebreid. We verkennen intensiveringsmogelijkheden op bestaande locaties. Zo zetten we in op de ontwikkeling van het innovatiedistrict Life Science & Health aan de Zuidzijde van het station Oss als onderdeel van de spoorzone en het masterplan Spoorzone Oss. Waar mogelijk passen we bestaande bestemmingsplannen aan met als doel meer op bestaande bedrijfslocaties mogelijk te maken. Ook het winnen van ruimte op bestaande terreinen door creatief en slimmer om te gaan met de schaarse ruimte heeft onze aandacht. Dit pakken we integraal op en in samenwerking met de gevestigde bedrijven. Vanzelfsprekend moet er ook buiten de bestaande bedrijventerreinen ruimte zijn om te ondernemen. Daarbij kijken we vooral naar mogelijkheden vanuit de gedachte ‘het juiste bedrijf op de juiste plaats’. Voorzieningen zoals haven, spoor en infrastructuur en het slim combineren van woonprojecten met ondernemen, zoals vermeld in programma 7, blijven bij ruimte voor ondernemers en bedrijven belangrijk. Ter inventarisatie van de mogelijkheden tot uitbreiden van werklocaties heeft Buck Consultants International (BCI) in 2022 een strategische verkenning uitgevoerd.

Het door BCI uitgebrachte advies betreft drie sporen; te kijken naar intensiveren/herstructureren/verduurzamen, profilering/kwaliteitsverbetering van locaties en naar het uitbreiden van bestaande bedrijventerreinen. De resultaten zijn besproken met het bedrijfsleven en ook geagendeerd in de raadscommissie. Op basis hiervan zal stellen we, parallel aan de regionale bedrijventerreinprogrammering en regionale aandacht voor verduurzamen van bestaande bedrijventerreinen, een visie voor werklocaties Oss op. We verwachten extra kosten voor de intensivering van dit speerpunt. We betalen deze uit de reserve Economie. Duurzame en circulaire economie In een circulaire economie bestaat bijna geen afval en worden grondstoffen steeds opnieuw gebruikt. We zetten in op circulair bouwen en we inspireren of ondersteunen onze ondernemers met de verduurzaming in en rondom hun bedrijf, bijvoorbeeld op het gebied van energiebesparing en klimaatadaptatie. Samen met het bedrijfsleven, kennisinstellingen, maatschappelijke organisaties en andere overheden werken we aan deze urgente transitie. Zo inspireren en ondersteunen we onze ondernemers met de verduurzaming in en rondom hun bedrijf, bijvoorbeeld op het gebied van energiebesparing en klimaatadaptatie. Daarnaast zetten we in op circulair bouwen. We informeren bedrijven over landelijke regelgeving en subsidies rondom duurzaam ondernemen.

Dat doen we onder andere via het Zakelijk Energieloket. In een circulaire economie bestaat bijna geen afval en worden grondstoffen steeds opnieuw gebruikt. Om deze grondstoffenstromen nog beter in kaart te brengen, voeren we een grondstoffenonderzoek uit. De resultaten van dit onderzoek verankeren we in het circulair beleid. Op Moleneind onderzoeken we – via deelname aan de Pilot de Grote Oogst concreet stappen op het gebied van verduurzaming. Deze opgedane kennis kunnen we inzetten op andere bedrijventerreinen. We verwachten extra kosten die we betalen uit de reserve Economie.

47

Het aantrekken en behouden van talent Om te garanderen dat Oss ook op de langere termijn economisch en sociaal gezond en duurzaam blijft, zijn het bestendig maken van het arbeidsmarktbeleid en een stevige positionering van groot belang. Dat doen we in samenwerking met onder andere het onderwijs, het bedrijfsleven en de Talentencampus. We richten ons op een arbeidsmarkt die aansluit bij kansen in de nieuwe economie en de gevraagde vaardigheden in onze topsectoren. Opleidingen leiden op voor die sectoren waar vraag en groei naar is, maar ook een leven lang ontwikkelen en het behouden en aantrekken van talent blijven daarin cruciaal. We positioneren Oss op het gebied van arbeidsmarkt regionaal, provinciaal, landelijk en zelfs internationaal. Zo maken we extra werk van het aantrekken en het interesseren van studenten en talent op alle niveaus. Naast een aantrekkelijk woon- en leefklimaat voor talent is dat van noodzakelijk voor project- en subsidiekansen binnen onze topsectoren, zoals Life Sciences. We verwachten extra kosten die we betalen uit de reserve Economie. Topsectoren In onze dienstverlening hebben we oog voor alle ondernemers, groot en klein, om daarmee netwerken te bouwen en te onderhouden. Zo werken we resultaatgericht samen aan een brede welvaart en de grote opgaven waar we voor staan. De gemeente helpt hierbij en investeert mee.

Het Rijk focust in haar economisch beleid op de ‘topsectoren’. Dit zijn sectoren waar het Nederlandse bedrijfsleven en onderzoekscentra wereldwijd in uitblinken. In Oss haken we daarop aan. In onze stad zijn meerdere sectoren prominent aanwezig: Life Sciences, Logistiek, Agrifood en de MKB. Daarom investeren we in een doorontwikkeling van visies, uitvoering van onderzoek, financiering in projecten, lobby, positionering en het borgen, versterken en uitbreiden van de huidige samenwerking. In Oss bevindt zich één van de grootste en meest succesvolle Life Sciences clusters van Nederland. Om de noodzakelijke concurrentiekracht en kennisinfrastructuur naar de toekomst toe te kunnen blijven waarborgen, werken we in samenwerking met stakeholders aan de verdere ontwikkeling van het Pivot Park. Dat doen we naast het ontwikkelen van een visie onder andere via een incubatorprogramma. De gemeente Oss heeft met 8 andere gemeenten aangegeven interesse te hebben in het ontwikkelen van Brabant Ports. Hiervoor zijn intentieverklaringen overlegd en akkoord bevonden door de verschillende colleges, waaronder het college van de gemeente Oss. We betalen de extra kosten voor de organisatieontwikkeling en projectuitvoeringskosten uit de reserve Economie. Transitie van de landbouw Er ligt een enorme opgave voor het landelijk gebied aan de west- en noordkant van Oss.

Denk aan de water-, bodem- en luchtkwaliteit, maar ook aan de ecologie. Tegelijkertijd is het poldergebied in de gemeente Oss nog één van de weinige plekken in Noordoost-Brabant waar intensieve kringlooplandbouw in de toekomst mogelijk is. Bij deze vorm van landbouw gaan boeren zo efficiënt mogelijk om met water, voedingsstoffen en bodem. In dit transitieproces geven agrariërs aan hoe te komen tot een economisch volhoudbaar, ecologisch verantwoord en maatschappelijk verbonden toekomst voor de sector. Dit in samenwerking met de gemeente en andere stakeholders. Er zijn in Oss relatief veel jonge ondernemers die graag hun agrarische bedrijfsvoering willen voortzetten. Zowel agrariërs als gemeente voelen de noodzaak dat er iets moet gebeuren. Daarom nemen we als gemeente samen met de agrariërs het initiatief om zelf een effectieve aanpak te ontwikkelen. Dit zien we terug in de Uitvoeringsagenda Westelijke Polder. Het creëren van planologische voorwaarden en het voldoen aan de landelijke en provinciale opgaven op het gebied van bijvoorbeeld stikstof, CO2-reductie en het verbeteren van de water- en bodemkwaliteit worden hierin meegenomen. Gerichte aanpak toerisme en recreatie Met ondernemers en informatiecentra werken we gericht samen aan de toeristische recreatieve ontwikkeling en profilering van onze gemeente.

We werken aan de economische ontwikkeling van de haven door deel te nemen aan het Brabants samenwerkingsverband.

48

Samen met de ontwikkelaar maken we de Geffense plas tot een kwalitatief hoogstaande recreatieve locatie, met een goede balans tussen recreatie en natuur. Daartoe zetten we in op de begeleiding van de nieuwe exploitant en voor het ontwikkelen van de openbare ruimte in aanvulling op het plan van deze nieuwe exploitant. Ook werken we aan het opwaarderen van het openbare strandbad Lithse Ham en aan de planvorming voor het opwaarderen van de recreatieve poort Hoessenbosch en omgeving. In het kader van Meanderende Maas is een schetsontwerp gemaakt voor het opwaarderen van de Haven. Samen met het bestuur van de Haven in Megen brengen we in kaart wat nodig is voor het realiseren van het plan. In 2024 zetten we in op de uitvoering van gezamenlijke lokale en regionale projecten ter bevordering van de vrijetijdseconomie. We kiezen voor een lokale organisatievorm en verkennen met de regio Noordoost Brabant de kansen voor regionale samenwerking. We werken aan een voorstel om dit vanaf 2025 structureel en in samenhang vorm te geven. Daarnaast gaan we verder met het opstellen van de verschillende locatieprofielen ten behoeve van de evenementen.

49

Programma 6. Stadscentrum

50

1. Wat willen we bereiken? In dit programma staat de ontwikkeling van ons stadshart centraal. We streven naar een bruisend centrum voor inwoners uit de eigen gemeente en bezoekers uit de regio. Dit aantrekkelijke centrum bestaat uit een mix van winkels, horeca, evenementen, wonen, dienstverlening, cultuur en bedrijvigheid. Door deze mix te versterken we de ontmoetingsfunctie van het centrum als huiskamer van de stad. We zetten in op een compact centrum, met een gevarieerd aanbod en een aantrekkelijk en groen verblijfsgebied. We moeten steeds blijven anticiperen en meebewegen met de markt en op de ontwikkelingen in de maatschappij om kansen voor ons centrum te benutten. Het gaat goed met ons Osse stadshart. De leegstand is laag, het Walkwartier is volop in ontwikkeling. Landelijk worden we zelfs weleens als voorbeeld gebruikt. Maar dit betekent niet dat het werk gedaan is, ook de bereikbaarheid van het centrum en mobiliteit binnen de stad heeft onze aandacht nodig. Samen met de stakeholders in het centrum werken we de komende jaren door aan een bruisend, groen en toekomst bestendig stadshart. 2.

Wat zijn de komende periode de belangrijkste speerpunten? Gevarieerd en levendig stadscentrum met evenementen Ook in 2024 blijven we stimuleren dat winkels, horeca en andere publieksaantrekkende functies, zoals evenementen, zich concentreren in de kern van het stadscentrum Heuvel, Walplein en Walkwartier. In 2024 continueren we het opstellen van locatieprofielen. Mogelijk leidt de evaluatie van de locatieprofielen tot een verandering in het aantal, de locatie of effecten van de evenementen. We hebben in 2023 de beleidskaders (met ambities en doelstellingen) opgesteld voor evenementen (waaronder de Kermis), horeca en terrassen, detailhandel en mobiliteit (waaronder bereikbaarheid) en gaan deze tot uitvoer brengen in 2024. Deze kaders zijn ook richtinggevend voor de integrale visie op het centrum. Deze visie staat in de Koers Stadshart Oss. In 2024 actualiseren we de Koers Stadshart op basis van een evaluatie, maar realiseren ons daarbij ook dat de stad nog volop in ontwikkeling is (met de realisatie van het Walkwartier) en moet blijven. Zo wordt de weekmarkt als onderdeel van het centrum bezien en daarom wordt onderzocht hoe de markt op het plein voor het Warenhuis kan worden geplaatst en hoe dit tot uitvoer kan worden gebracht.

In de nieuwe koersnota mobiliteit krijgt de (elektrische) fiets een prominente rol en bij uitvoering van de koersnota zal de fietsbereikbaarheid naar het centrum worden vergroot. In het uitvoeringsprogramma mobiliteit (start najaar 2023) zal uitgewerkt worden welke maatregelen hiervoor nodig zijn, zoals het veilig stallen van fietsen zodat nog meer mensen gebruik maken van bewaakte fietsenstallingen. In 2025 lopen de Taskforcegelden af wat vraagt om een evaluatie en verkenning van de mogelijkheden voor de volgende periode. Met de Taskforcegelden en door goede samenwerking met centrumondernemers en vastgoedeigenaren hebben we het centrum de afgelopen jaren al veel impulsen gegeven. Het is verboden om met scooters in het centrum van Oss te rijden. De BOA’s handhaven hier op. Er zijn bij de gemeente en de politie geen signalen/meldingen van onveilige en overlast gevende situaties. Wij zien daarom op dit moment geen reden om, naast het afsluiten door de plaatsing van palen, over te gaan tot cameratoezicht in het centrum om te handhaven op scooters. Daarnaast hebben we vanuit de commissie ruimte van 25 mei 2023 hebben de vraag om te onderzoeken wat de toegevoegde waarde is van een BOA-punt in het centrum gehoord. Op dit moment vinden we het niet verantwoord om hiervoor een claim te doen op de begroting gezien de financiële positie.

Daarnaast hebben we afgelopen jaren gewerkt om de BOA’s een plek te geven in het gemeentehuis zodat ze een vaste uitvalsbasis hebben en eenvoudig kunnen schakelen met andere collega’s. Tot slot loopt ook de subsidieregeling wonen in het centrum af in 2023. We beoordelen in het najaar van 2023 nut en noodzaak om de subsidieregeling voort te zetten.

51

Realisatie Walkwartier In het Walkwartier komt alles samen en haalt de bestaande publieksvoorzieningen naar het stadshart. Daarmee ontstaat er een compact centrum en met de komst van het Walkwartier wordt het stadshart verrijkt door de vele culturele en educatieve activiteiten die hier georganiseerd gaan worden. Het nieuwe Walkwartier is volop in ontwikkeling en de aanbestedingen voor de afbouw en installaties van het Warenhuis lopen. In 2024/2025 wordt het inrichtingsplan Walkwartier gerealiseerd, met name de inrichting van de openbare ruimte krijgt een groen karakter. Daarnaast start de afbouw van het Warenhuis in 2024 en de oplevering verwachten we begin 2025. Tot slot wordt in 2024 ook het TBL stadsportpark gerealiseerd. Vergroenen Stadshart Het vergroenen van het Stadshart draagt bij aan een betere leefomgeving voor bewoners in dit gebied en om de openbare ruimte klimaatadaptief te maken voor bewoners en bezoekers van het centrum. Door het stadshart te vergroenen ervaren bewoners en bezoekers van centrum de verkoeling van groen tijdens warme perioden. Bovendien verbeteren we met vergroening de verblijfskwaliteit in het centrum omdat groen bijdraagt aan het mentaal welzijn en de groene inrichting het ontmoeten van mensen bevordert. De vergroening van de straten en pleinen in de zogenoemde pit is nagenoeg afgerond.

We verkennen in 2024 de mogelijkheden om het stadshart (met name het gebied rondom de pit) verder te vergroenen. Voor de locatie en de invulling van de te vergroenen plekken zullen we een participatieproces op starten.

52

Programma 7. Verstedelijking, wonen en mobiliteit

53

1. Wat willen we bereiken? Oss heeft alles in huis om een schaalsprong te maken en nog meer stad te zijn. De komende jaren groeit onze gemeente in een stevig tempo door naar een gemeente met meer dan 100.000 inwoners. Met een grote woningbouwopgave in en aansluitend aan het stedelijk gebied. Deze komt voornamelijk tot uitdrukking in de binnenstedelijke transformatie in de brede spoorzone van Schadewijk tot Amsteleind. Hier vindt ook de omslag naar duurzame mobiliteit plaats, met een herwaardering van onze verkeersstructuur, zodat alle voorzieningen goed bereikbaar blijven. Daarnaast hebben we aandacht voor de opgave om het bestaand stedelijk gebied gezonder en meer klimaatrobuust te maken. Het programma verstedelijking spoorzone Oss van Amsteleind tot Schadewijk geeft invulling aan deze integrale opgave. Oss profiteert al van de aantrekkingskracht van de diversiteit in keuze voor wonen in een stadse of dorpse omgeving, met veel erfgoed, aansprekende voorzieningen waaronder een goede ontsluiting én OV bereikbaarheid, een gevarieerde economische bedrijvigheid en een prachtig buitengebied. Door stedelijke milieus toe te voegen maken we het aanbod en de keuze voor wonen en werken in Oss nog diverser en aantrekkelijker.

In dit programma komen de verstedelijking van Oss met de Spoorzone Oss, onze woon- en mobiliteitsopgaven, het erfgoedbeleid, de activiteiten in het kader van de Omgevingswet én onze lobby en samenwerkingsagenda aan de orde. 2. Wat zijn de komende periode de belangrijkste speerpunten? Verstedelijking Oss staat aan de vooravond van een intensieve, uitdagende verstedelijkingsopgave. De ambitie om door te groeien naar een 100.000+ gemeente vraagt om een samenhangende en integrale aanpak van de projecten die bijdragen aan deze ambitie. Een groot deel van de opgaven concentreert zich rondom het spoor en de stations en stedelijke voorzieningen. Het ontwikkelgebied is mede daarom te duiden als de 'Osse Spoorzone'. Uit het opgavedocument voor de verstedelijking van Oss, dat al opgesteld is komen vier prioritaire opgaven naar voren. De principes van duurzame verstedelijking die Brabantbreed worden omarmt hebben hiermee een vertaling gekregen naar Oss. Het betreft: Stadvernieuwing; wat inhoud dat er een diversiteit aan extra woningen gebouwd wordt in het stedelijk gebied, die aantrekkelijke stedelijke leefmilieus en gemeenschappen opleveren. De herstructurering van de bestaande naoorlogse wijken in Oss maakt hier een belangrijk onderdeel van uit.

De transitie naar een 10 minutenstad; waarin langzaam verkeer de ruimte krijgt en voorzieningen zoals openbaar vervoer, groen, sport, onderwijs en cultuur binnen 10 minuten bereikbaar zijn vanaf woon- of werkplek. De opgave is om in het stedelijk gebied ruimte te maken voor fiets (inclusief fietsparkeren) en de voetganger. Dat betekent dat het autoverkeer en het parkeren op termijn minder ruimte moet innemen. Dit kan door middel van gestapelde parkeervoorzieningen en andere inrichting van rijbanen in het stedelijk gebied. Duurzame, gezonde en veilige leefomgeving; verbonden met het landschap, biodivers, circulair, klimaatrobuust en energieneutraal. Dat betekent dat in het stedelijk gebied ruimte wordt gevonden voor de uitdagingen uit het programma energie en klimaat bijvoorbeeld voor de opvang van water en de opgave met betrekking tot energie. Vooraanstaande industriële ontwikkel- en maakstad; waar plaats is voor toekomstbestendige werkgelegenheid in life science & health, agrifood, logistiek, metaal, machinebouw en installatietechniek, met als uitvloeisel daarvan een mogelijk innovation district grenzend aan het centraal station in Oss. De opgave is om de het nieuwe werken onderdeel te laten zijn van de nieuwe stedelijkheid.

In het programma 'Verstedelijking spoorzone Oss van Amsteleind tot Schadewijk' vertalen we deze opgaven concreet in een masterplan dat eind 2023 of begin 2024 wordt vastgesteld. Een masterplan spoorzone Oss van Amsteleind tot Schadewijk geeft richting aan de transformatie naar toekomstbestendig stedelijke woon-, werken leefmilieus. De gebieden die in het programma zijn onderscheiden en een plaats krijgen in het masterplan zijn; 

Ontwikkeling Amsteleind

54

Transformatie/herontwikkeling Euterpepark/Golfbad

Herontwikkeling Raadhuislaan Noord en Zuid, Fratershof

Herstructurering Schadewijk en ontwikkeling Lucaya/Sinopel

Integrale aanpak Moleneind/Elzenburg/Pivot Park

Herinrichting spoorweg, stations en stationsomgevingen

Een belangrijk onderdeel van de verdere uitwerking in 2024 is planning en prioritering. Niet alles kan tegelijkertijd, de stad moet bereikbaar en leefbaar blijven en de opgaven moeten tevens haalbaar zijn in tijd en geld. Inzet op lobby en profilering is daarom ook een aandachtspunt in 2024. Het aanhaken van Oss bij het opstellen van de verstedelijkingsstrategie voor Brabant, het Brabantse stedennetwerk BrabantStad en de actieve rol in stedennetwerk G40 helpen om Oss met de verstedelijkingsambitie op de kaart te zetten. Daarnaast is het binnen de projecten en gebieden in de spoorzone belangrijk om ons tot het uiterste in te spannen om cofinanciering te krijgen van andere partijen voor het realiseren van de opgaven. De ontwikkelingen met betrekking tot spoor en stations komen terecht op een spooragenda die in samenwerking met diverse partners (NS, Prorail, Provincie, Ministerie) is opgesteld en wordt uitgewerkt. In 2024 werken we hieraan verder. Dat willen we doen in 5 onderdelen: aanpak overwegen, station Oss, station Oss West, lobby IJssellijn en spoorlijn haven. Deze onderdelen worden door de partners herkent als belangrijke ontwikkelingen voor Oss en voor het totale spoornetwerk. Om stappen te kunnen maken in het ontwerp en de voorbereiding van ingrepen is specialistische kennis nodig van bureaus die worden erkent door Prorail en NS.

Niet zomaar elk bureau mag ontwerpen en werken aan het spoor en de stations. Betrokkenheid en medewerking van NS en Prorail zijn om die reden cruciaal om stappen te kunnen zetten en tot uitvoering te kunnen komen. Dat bekent dat er de komende 10 jaar in samenwerking met NS en Prorail inzet gepleegd moet worden en specialistische kennis ingehuurd moet worden voor planning en ontwerp. Partners hebben zich tot op heden bereid verklaard samen te werken en de nodige inzet te plegen. Mede omdat we al gespaard hebben voor de uitvoering. We stellen voor om een voorbereidingskrediet beschikbaar te stellen voor planning en ontwerp van de ingrepen te beginnen met de overwegen in de spoorzone. Voor de komende 4 jaar willen we hier € 350.000 per jaar voor reserveren. Uiteindelijk willen we een voorbereidingskrediet voorgesteld ter hoogte van 1 % van de geschatte investering van € 350 miljoen = € 3,5 miljoen voor de duur van 10 jaar. Voor de voorbereiding en de realisatie verwachten we op termijn ook middelen van de partners beschikbaar te krijgen als cofinanciering. Op dit moment zijn daarvoor nog geen middelen beschikbaar gesteld. Wonen Oss heeft een grote opgave om tot 2040 8.500 woningen toe te voegen voor de groei van de bevolking en de afname van de grootte van huishoudens.

Deze opgave volgt uit de provinciale woningbehoefteprognose, en is bekrachtigd door de regionale woondeal Noordoost Brabant waarin is opgenomen dat Oss aan de lat staat voor realisatie van ruim 5.200 woningen in de periode tot en met 2030. Het zwaartepunt van de woningbouwopgave ligt daarmee op de korte termijn, om naast het accommoderen van bevolkingsgroei ook het actuele woningtekort in te lopen. Het komt er op neer dat voor zeer diverse doelgroepen en vooral in het betaalbare segment en in het stedelijk gebied ruimte voor woningen moet worden gevonden. Dit vraagt om een duidelijke koers in zowel de voorbereiding als de uitvoering. We continueren onze inzet om te komen tot onze woningbouwversnelling. Hierbij staat de gemeente niet alleen aan de lat maar is samenwerking met corporaties, ontwikkelaars en initiatiefnemers cruciaal en wordt het betrekken van de omgeving steeds belangrijker. Daarvoor worden wetten en regels veranderd maar hier zijn ook kennis, capaciteiten en vaardigheden van mensen nodig. Bovendien is wonen een werkwoord. Hier komt meer bij kijken dan alleen het realiseren van woningen. Het gaat om het inrichten van een prettige leefomgeving waar ruimte is voor werken, ontmoeten en ontspannen.

Deze leefomgeving draagt bij aan de sociale samenhang en werkt indien deze goed wordt vormgegeven preventief ter voorkoming van allerlei sociaal maatschappelijke problemen. Het continueren van onze inzet betekent concreet het uitvoering geven aan de 15 actiepunten uit de Woonagenda 2022-2024 en de Meerjarenprestatieafspraken tussen de gemeente, Brabantwonen en Mooiland. Concreet voor het jaar 2024 gaat het om het maken van nieuw beleid voor de huisvestingsopgave van diverse doelgroepen en om het geven van uitvoering aan eerder gemaakt beleid. Voorbeelden zijn het tot realisatie brengen van 240 flexwoningen in de jaren 2023 en 2024, het komen tot juridisch harde bestemmingsplannen 55

op diverse planlocaties die momenteel in voorbereiding zijn en het geven van uitvoering aan eerder vastgesteld beleid zoals de opkoopbescherming. Bij de flexwoningen merken we op dat we tegen een aantal knelpunten aanlopen. Een hele belangrijke daarvan is dat het lastig blijkt te zijn om een sluitende businesscase te maken. Daarom kijken de realiserende partijen naar de gemeente om naast de inzet van personele capaciteit ook een financiële bijdrage te leveren in de plankosten en de kosten voor het bouwrijp maken. Tot slot werken we aan betere monitoring van realisatie van het woningbouwprogramma en zorgen we voor een actualisatie van de Meerjarenprestatieafspraken. De 4 doelstellingen uit de Woonvisie/Woonagenda: In lijn met de Woonvisie 2020 werken we aan de volgende doelstelling(en):

-

Complete woongemeente. Aandacht voor de woonomgeving in bestaande wijken en kernen. Een flexibel en gedifferentieerd woningbouwprogramma.

-

Comfortabele woningvoorraad. Een woningvoorraad die aansluit bij de behoeften en wensen van de bewoners. De woningen zijn duurzaam en toekomstbestendig.

-

Een (t)huis van alle groepen inwoners. Aandacht voor de groep kwetsbare inwoners met een zorgbehoefte die in de toekomst in een reguliere woning moeten blijven wonen. Ook aandacht voor de inwoners met een middeninkomen en jongeren die in de koop- en huursector buiten de boot dreigen te vallen.

-

Versterking van de woonfunctie van Oss, ook in regionaal opzicht.

Naast de doelstellingen uit de Woonvisie 2020, zetten we in op Versnelling van de woningbouw met als streven dat er de komende jaren circa 600 woningen worden toegevoegd aan de Osse voorraad. De Woonagenda 2022-2024 helpt om uitvoering te geven aan deze ambities. Met betrekking tot het realiseren van een veilige woonomgeving en de aanpak van overbewoning hebben we in een raadsvoorstel aangegeven wat er aan extra capaciteit nodig is voor de uitvoering van toezicht en handhaving op dit gebied. Richting de begroting maken we geld vrij voor extra capaciteit. Mobiliteit In 2022 zijn we gestart met het opstellen van nieuw mobiliteitsbeleid. De doelen die gesteld zijn voor de koersnota mobiliteit zijn: 

Versterken van de kwaliteit van de openbare ruimte

Verduurzamen van de mobiliteit

Mobiliteit bereikbaar en toegankelijk voor iedereen

Versterken van het economisch vestigingsklimaat

Vergroten verkeersveiligheid en terugdringen hinder.

In de koersnota mobiliteit leggen we de leidende principes van het beleid en de keuzes voor de hoofdstructuren voor fiets, auto en openbaar vervoer vast. De nieuwe parkeernormen voor de stedelijke ontwikkelingen in Oss maken hier ook onderdeel van uit. In 2024 werken we de uitgangspunten uit de koersnota mobiliteit verder uit in een mobiliteitsprogramma, waarbij de verschillende structuren en ingrepen voor auto, fiets, OV, parkeren, laadinfrastructuur etc. concreet worden. Benodigde ingrepen en investeringen in de infrastructuur komen hieruit naar voren. In 2022 hebben we een eerste financiële verkenning van deze mobiliteitsopgave gemaakt. Op basis van deze financiële verkenning komen we uit op een bedrag van circa € 125 miljoen. In de Programmabegroting 20232026 is een eerste bedrag van € 40 miljoen voor deze mobiliteitsopgave beschikbaar gesteld. Gezien de financiële positie is het de verwachting dat we dit jaar niet extra kunnen sparen voor deze opgave. Wanneer de financiële positie verandert bekijken we of we weer verder kunnen sparen. In 2024 stellen we ook een nieuw parkeerbeleidsplan vast en vindt er een evaluatie plaats van de wijkbus en Maasveren. Voor de Maasveren moeten we naar aanleiding van de evaluatie een besluit nemen over de toekomstige financiering.

Daarnaast maken we de uitgezette koers zichtbaar door een beleidsinhoudelijke bijdrage te leveren in de diverse projecten in Oss.

56

We zetten extra in op regionale samenwerking en afstemming over mobiliteitstransitie en regionale vervoersnetwerken voor auto, fiets en OV maar ook om andere overheden te interesseren om een financiële bijdrage te leveren aan bovenlokale fietsvoorzieningen. Voor onze bereikbaarheid blijft het belangrijk om een actieve rol te spelen bij de ontwikkeling van autoroutes naar onze gemeente, zoals jij de MIRT verkenning A50. Voor samenhangende en consistente inbreng vanuit mobiliteit moet actiever geparticipeerd worden in de projecten. De mobiliteitstransitie voltrekt zich namelijk meer voorspoedig als deze breed wordt ingezet op strategisch en tactisch niveau. Voor de benodigde inzet in mensen en middelen om dit voor elkaar te krijgen wordt bij de financiële consequenties een voorstel gedaan. In het handelingsperspectief voor de stations in Oss nemen we onder andere de kansen en knelpunten van de fietsenstalling bij het station Oss centraal mee. Zodra het onderzoek handelingsperspectief is afgerond worden over de verbeterpunten en de aanpak tussen gemeenten, NS en Prorail afspraken gemaakt. Dit kan gaan over aanpassingen in investeringen, beheer en onderhoud voor de korte, middellange en lange termijn. In 2024 worden hierover afspraken gemaakt, aanpassingen worden in de tijd gezet en budgetten worden aangevraagd.

Hierbij wordt nadrukkelijk ook bekeken of met relatief kleine investeringen binnen bestaande budgetten in 2024 alvast verbeteringen aan de fietsenstalling kunnen worden gerealiseerd. Erfgoed en archeologie Wie zijn geschiedenis kent en meer weet over het erfgoed kijkt anders naar de toekomst en de ruimte om zich heen. In 2024 staan we stil bij 50 jaar Archeologie in Oss. We ontwikkelen diverse activiteiten om de bijzondere geschiedenis van Oss te vertellen en de vele vondsten die door de jaren heen zijn gedaan voor een breed publiek, onder de aandacht te brengen. Bij de financiële consequenties wordt voorgesteld hiervoor extra middelen beschikbaar te stellen. Ruimtelijke ontwikkeling Een ontwikkeling die de komende jaren aandacht vraagt is het feit dat het Rijk de regie op de ruimtelijke ordening naar zich toe trekt. Dit heeft geresulteerd in een opdracht aan de provincies om met een ruimtelijk voorstel te komen waarin de ruimtelijke consequenties van de opgaven in het landelijk gebied (NPLG), de verstedelijking en met betrekking tot klimaat en energie worden afgewogen. De provincie Noord-Brabant is hiervoor een traject gestart onder de naam 'Brabant Schakelt', dat om input en inzet van de gemeenten vraagt.

Het is van belang de afstemming hierover zowel ambtelijk als bestuurlijk vorm en inhoud te geven en in 2024 wellicht zelfs op onderdelen tot uitvoeringsprogramma's te komen. Dat werkt twee kanten op: weten welke opgaven er vanuit Rijk en provincie op ons af komen, maar ook het adequaat inbrengen van onze eigen agenda en projecten in deze opgaven. In 2024 ronden we onze omgevingsvisie af en starten we met de omzetting van onze huidige bestemmingsplannen en verordeningen naar een omgevingsplan. De Omgevingswet, die per 1 januari 2024 van kracht wordt, geeft hiervoor het kader. Het vooruitzicht is dat de dienstverlening daardoor zal verbeteren, maar dat zal op 1 januari 2024 nog niet het geval zijn. Bij de invoering zetten we in op handhaving van het huidige dienstverleningsniveau en doen dat onder andere door een interventieteam te organiseren dat bij problemen snel voor oplossingen kan zorgen.

57

Programma 8. Veilige omgeving

58

1. Wat willen we bereiken? Ons doel is een aantrekkelijke omgeving te zijn waar inwoners zich veilig voelen om te kunnen wonen, werken en recreëren. Schoon, heel en veilig staat hierbij voorop. Als gemeente zijn we in staat om in te kunnen spelen op de actuele veiligheidsproblematiek. De algemene doelen voor de periode 2023-2026 zijn: 

Een samenleving die weerbaar, veerkrachtig en zelfredzaam is.

Veilige wijken met een goede verbinding tussen zorg en veiligheid.

Het zo veel mogelijk tegengaan, verstoren, en stoppen van ondermijnende criminaliteit.

Voorkomen en bestrijden van (grootschalige) incidenten en verstoring van de openbare orde.

Behouden of verbeteren van de veiligheidsgevoelens en veiligheidscijfers.

Binnen veiligheid hanteren we vijf veiligheidsvelden: veilige leef- en woonomgeving, bedrijvigheid en veiligheid, jeugd en veiligheid, fysieke veiligheid en integriteit en veiligheid (ondermijning). Deze velden hebben elk weer hun eigen thema's. Zo werkt team Openbare Orde en Veiligheid aan een stabiele interne crisisorganisatie (opleiden en trainen), draaien wij een 24/7 crisispiket (incidentmanagement), vervullen we functies voor de regionale crisisorganisatie, organiseren wij procesregie op complexe casuïstiek, werken wij aan aanpak woonoverlast, sluiten wij drugs- en overlastgevende panden, monitoren wij de jeugdoverlast en jeugdcriminaliteit en houden we ons bezig met de aanpak op ondermijnende criminaliteit en weerbare overheid. De afgelopen jaren komen er steeds meer nieuwe veiligheidstaken bij (mensenhandel, cybercrime en maatschappelijke onrust en preventie weerbare jeugd), bestaande thema's vergen meer tijd (toename complexe casuïstiek, toename voetbalgeweld en inzet van veiligheid tijdens evenementen) en de politie maakt een steeds meer terugtrekkende beweging en doet meer beroep op de gemeente. Ook de twee grote crisissen (corona en vluchtelingen) hebben veel druk gelegd op het team, waardoor achterstanden zijn ontstaan.

Er is behoefte aan continuïteit, meer specialisme en functies moeten minder kwetsbaar worden (denk aan het 24/7 crisispiket en de aanpak complexe casuïstiek). Om als team Openbare Orde en Veiligheid mee te groeien en aangehaakt te blijven in deze veranderende opgave moet er een doorontwikkeling plaatsvinden. Dit vraagt ook een verandering binnen het huidige team van eenpitters en enkel incident/actie gericht werken naar procesgericht werken vanuit een visie met de focus op samenwerking en de juiste teamspirit. In 2024 zal deze doorontwikkeling veel tijd gaan vragen. Vanuit de doorontwikkeling en de gestelde doelen hebben we voor 2024 vijf speerpunten opgenomen. 2. Wat zijn de komende periode de belangrijkste speerpunten? Veilige woon- en leefomgeving - aanpak complexe casuïstiek We zien de laatste jaren een flinke toename van complexe casuïstiek op het snijvlak van zorg- en veiligheid. Het aantal meldingen van incidenten met verwarde mensen die voor ernstige overlast zorgen stijgt enorm. Dit vraagt om meer regie vanuit de gemeente. In Oss werken we al een aantal jaar conform het AVE-model (aanpak voorkoming van escalatie). Het betreft een op- en afschalingsmodel voor casuïstiek en geeft duidelijkheid over regie. In 2024 willen we het AVE-model verder gaan doorontwikkelen. Dit is nodig vanwege de toename aan casuïstiek en de kwetsbaarheid op dit proces.

We willen de werkwijze daarom beter borgen in de organisatie, nazorg bij terugkerende exgedetineerden in het AVE-model doorontwikkelen en de samenwerking met het Zorg- en Veiligheidshuis intensiveren. Hiervoor is extra structurele formatie noodzakelijk. Jeugd en Veiligheid - jeugdpreventie Weerbaarheid is een belangrijke beschermende factor voor kinderen en jongeren om veilig, gezond en kansrijk op te groeien. Een weerbare jeugd in een veilige leefomgeving is daarom van groot belang voor een veilige toekomst. De behoefte vanuit scholen, leerplichtambtenaren en de politie om hier meer aandacht aan te geven neemt toe. De gevolgen van de COVID-19 pandemie hebben deze behoefte versterkt. We willen daarom een integrale aanpak opzetten om de jeugd weerbaar te maken tegen criminele invloeden en negatieve verleidingen en ouders bewust te maken van de risico's. Bijvoorbeeld door inzet van preventieactiviteiten op scholen op

59

weerbaarheid en groepsdruk, met daarbij aandacht voor de thema's: drugsdealen, cybercrime, ondermijnende criminaliteit en seksuele uitbuiting. Er is momenteel geen budget belegd voor jeugdpreventie ter voorkoming van criminaliteit en overlast. We hebben geen subsidierelatie met Halt waar scholen gebruik van kunnen maken. Naast budget is ook de taak 'jeugdpreventie' (coördinatie, afstemming behoefte vraag en aanbod etc.) niet belegd in de organisatie. Voor een aanpak weerbare jeugd, hebben we middelen nodig en borging in de organisatie. We zouden kunnen starten met een subsidierelatie met Halt voor 3 jaar. Integriteit en Veiligheid - ondermijning De aanpak van ondermijnende criminaliteit blijft ook de komende jaren zowel lokaal, regionaal als landelijk een prioriteit. We kunnen dit alleen aanpakken door daadkrachtig en integraal op te treden. Dat doen we samen met de politie, het OM, de belastingdienst, Taskforce-RIEC en andere overheidspartners. We gaan de komende jaren door met het aanpakken van ondermijning op de thema's drugs, witwassen, mensenhandel en uitbuiting. We creëren bewustzijn bij collega's zodat zij signalen herkennen en melden bij het Signalenoverleg. We gaan ook aan de slag met het uitwerken van de aanpak om mensenhandel tegen te gaan.

Samen met het programma Datagerichtwerken en het RIEC brengen we in beeld wat er nodig is om te komen tot het verstevigen van de informatiepositie. We gaan een start maken met het oprichten van een Gemeentelijk Informatie Knooppunt (GIK). Daarnaast zorgen we voor een stevig fundament voor een weerbare overheid. We streven er de komende jaren naar te voldoen aan het basisniveau van de Brabantse Weerbaarheidsnorm. Bij de begrotingsbehandeling in 2022 heeft de raad een motie aangenomen voor het aanwijzen van een preventief toezichthouder ondermijning. Deze functie hebben we inmiddels ingevuld. De bedoeling van die functie is dat we inzetten op het voorkomen van ondermijnende activiteiten op bedrijventerreinen en het buitengebied. In 2024 bouwen we verder aan een netwerk, inventariseren van de risicovolle adressen en het bepalen van de juiste strategie. Conform de motie van de raad zullen wij de komende 3 jaren deze functie vervullen en daarna evalueren en bepalen hoe we hiermee verder gaan. Bedrijvigheid en Veiligheid, horeca en voetbal We gaan samen met de horecabedrijven het horecavergunningenbestand actualiseren. Ook gaan we een werkwijze bepalen om daarna het bestand actueel te houden. Bovendien gaan we onze werkwijze/strategie bezien hoe we in de toekomst met horeca willen om gaan die niet (tijdig) beschikken over actuele vergunningen.

Als gemeente voeren we de regie op het proces betaald voetbal. Sinds de heropening van de voetbalstadions na de pandemie is er een toename van ordeverstoringen rondom voetbalwedstrijden. Wij zien dit ook bij TOP Oss, er is een toename van risicovolle wedstrijden. Gelet op deze ontwikkelingen is er een Handelingskader Voetbal voor Gemeenten opgesteld. Het handelingskader bevat een aanscherping op vergunningverlening, organisatie rondom wedstrijden en het aanpakken van ordeverstoorder. Ook komen er nieuwe bevoegdheden (stilleggen wedstrijden) bij de burgemeester te liggen. De aanpak wordt steeds professioneler en vraagt om een duidelijke regie op het proces. Daarnaast gaan we ook aan de slag met de persoonsgebonden aanpak van notoire overlastgevers bij het voetbal. De werkwijze uit het nieuwe vastgestelde Handelingskader Voetbal en de aanwezigheid tijdens wedstrijden zal meer tijd gaan vragen dan nu beschikbaar. Hier is structureel extra capaciteit voor nodig. De komende maanden zal meer duidelijk worden over hoeveel capaciteit.

60

Bibob en Maasland Interventie Team Bibob In 2023 brengen wij de basis verder op orde. Hiervoor beschrijven wij op welke wijze het Bibob instrument in Oss wordt ingezet en welke randvoorwaarden daarvoor nodig zijn. Het Cluster Bibob levert een actieve bijdrage bij het oprichten van het GIK. Wij voeren onderzoek uit naar de mogelijkheid om Bibob breder in te zetten op de gebieden van vastgoed, aanbestedingen en subsidies. Dit zal in 2023 leiden tot een nieuwe beleidslijn. In 2023 bieden we een voorstel aan het college aan voor de doorontwikkeling van het Cluster Bibob. Ook versterken wij het draagvlak voor de toepassing van het instrument door middel van informatie en interne trainingen. Als centrumgemeente hebben wij een regionale functie. We versterken de samenwerking met onze buurgemeenten. We leveren, op het gebied van Bibob, een actieve bijdrage aan het samenwerkingsverband B7 en zijn gesprekspartner voor het Landelijk Bureau Bibob en het Ministerie van Veiligheid en justitie. Maasland Interventie Team Vanaf 2022 werken met het Maasland Interventieteam (MIT). Dit team zetten we in op complexe handhavingscasussen en bestaat uit zowel interne als externe partners. Ook doen we het MIT samen met de gemeente Bernheze. We hebben in 2022 de basis gelegd aan het team en gebruiken 2023 om de werkwijze en strategie vast te leggen. Ook bepalen we eind 2023 de doelen voor 2024.

Die doelen zullen aansluiten bij de Prioriteitennota die we op 11 mei 2023 in de gemeenteraad hebben vastgelegd. Gelet op die notitie zal een groot deel van de inzet van het MIT op overbewoning plaats vinden.

61

Programma 9. Besturen in verandering van tijden

62

1. Wat willen we bereiken? Het bestuur van Oss is integer en transparant. Het gesprek tijdens de besluitvorming is gericht op de zaak en niet op de persoon en het is helder hoe College van B&W en Gemeenteraad tot een besluit komen. Onze inwoners voelen zich betrokken bij de gemeenschap en herkennen de ruimte om deel te nemen aan onze besluitvormingsprocessen en aan activiteiten voor de gemeenschap in brede zin. De gemeenteraad wil zijn kaderstellende, controlerende en volksvertegenwoordigende rol goed invullen. We zijn kritisch op de manier waarop we vergaderen. Oss ambieert een schaalsprong en werkt vanuit een adequate ambtelijke organisatie. Deze is opgebouwd vanuit drie domeinen: fysiek, sociaal en bedrijfsvoering & dienstverlening. De komende jaren gaat extra aandacht uit naar de laatste. We willen dat bedrijfsvoering & dienstverlening een stevig fundament vormen, meegroeien met de schaalsprong en inspelen op veranderende omstandigheden en nieuwe wetgeving. Verdergaande digitalisering, meer samenhang tussen de verschillende onderdelen en adequate stuurinformatie verstrekken maken onderdeel uit van deze ontwikkeling. We zetten komende jaren in om dit domein naar het gewenste niveau te brengen. 2. Wat zijn de komende periode de belangrijkste speerpunten? Bestuur We bouwen aan een visie op participatie.

Met een duale werkgroep pakt de gemeenteraad hierin een actieve rol, zie ook het onderdeel Bestuursopdracht Participatie. We willen de zichtbaarheid van de gemeenteraad vergroten. We willen investeren in goede raadscommunicatie, onder andere via social media. In het Manifest gemeente Oss hebben we afgesproken hoe we binnen de gemeente Oss als raad, college en ambtelijke organisatie met elkaar samenwerken ten dienste van de inwoners van onze gemeente. Vertrouwen in de overheid is een belangrijk aandachtspunt in onze samenleving. Communicatie draagt daaraan bij: het verhaal vertellen, correcte informatie verzorgen, beter aansluiten bij inwoners en partners. Daarbij is vernieuwing noodzakelijk: onze verhalen vaker via verschillende kanalen presenteren en meer werken met filmpjes en beeldmateriaal. Dienstverlening Van de medewerkers van Burgerzaken wordt een bredere inzet gevraagd. Ze zijn daarvoor opgeleid en de functies zijn opnieuw gewogen. Daadwerkelijke inschaling heeft nog niet plaats gevonden, daar tot nu toe de middelen daarvoor ontbreken. Dat is niet stimulerend voor de huidige medewerkers en plaatst ons op achterstand bij werving en selectie. Wij zijn verantwoordelijk voor de kwaliteit van onze basis administraties.

Andere organisaties, waarvoor wij toeleverancier van gegevens zijn, zijn ervan afhankelijk Het is noodzakelijk dat we investeren in modules voor adresonderzoek, inzicht, vestiging en naturalisatie. Daarmee kunnen we de kwaliteit borgen. We hebben mede naar aanleiding van het Rekenkamer Onderzoek ervoor gekozen om meer regie op onze dienstverlening te zetten. Dat doen we met het concern brede programma Dienstverlening, dat alle domeinen bestrijkt. Het richt zich op betrouwbare, toegankelijke, inclusieve omnichannel dienstverlening. Het programma zorgt daarbij voor meer samenhang tussen de activiteiten die erop gericht zijn om de kwaliteit van de dienstverlening te verbeteren. Denk aan omnichannel kanaaal strategie, monitoring en sturing, vakmanschapsontwikkeling en een organisatie brede digitaliseringsagenda. Het programma vraagt een verdere uitwerking en daarvoor is een werkbudget nodig. Bij de kadernota 2025 presenteren we de concrete plannen. Daarnaast zijn er wettelijke eisen waar wij op korte termijn aan moeten voldoen. We benoemen er nu twee, maar de komende jaren volgt meer nationale en Europese wetgeving. Het gaat nu om de Wet digitale overheid (Wdo) (2023-2024) en Wet modernisering elektronisch bestuurlijk verkeer (Wmebv) (2024-2026).

Deze twee nieuwe wetten zijn erop gericht om inwoners in staat te stellen digitaal met ons “zaken te doen” en betrouwbaarheid en veiligheid in de digitale dienstverlening tussen overheidsinstanties en inwoners/ ondernemers te garanderen. Al onze producten en diensten moeten voldoen

63

aan deze nieuwe wetgeving. Dat betekent een grondige screening van zo’n 400 producten en diensten. We bekijken wat hiervoor nodig is. In het laatste kwartaal van 2022 is het project Communicatieplatform telefonie gestart. Het contract met de huidige leverancier loopt af. Een belangrijke doelstelling van dit project is dat het bijdraagt aan de Visie op Dienstverlening 2022-2026 door middel van het verbeteren van de (digitale)toegankelijkheid en (telefonische) bereikbaarheid. Digitalisering en datagedreven werken Wij dragen actief bij aan de ambities om verdergaand te digitaliseren. Dit doen we onder andere door de invoering van Microsoft 365, waarin eenvoudiger in- en extern samenwerken een belangrijk winstpunt is. We zetten vol in op de cloudtransitie, die zorgt voor een modernisering van het applicatielandschap. Het werken onder architectuur professionaliseren we verder, zodat de wendbaarheid van de ICT organisatie toeneemt. We zien dat cybercriminaliteit toeneemt en dat gebeurt op veel verschillende manieren. Behalve technische maatregelen investeren we ook in gemeente brede bewustwording en verplichte jaarlijkse opleidingen voor alle medewerkers. Het strategische Informatiebeveiligingsbeleid is hiervoor leidend. Op dringend verzoek van de Informatie Beveiligingsdienst richten we Monitoring en Respons in.

Dit systeem houdt onze infrastructuur en netwerk 24/7 in de gaten zodat verdachte zaken tijdig worden opgemerkt en dat er waar nodig direct passende maatregelen worden genomen. Beveiligingsmaatregelen kunnen soms op gespannen voet staan met flexibiliteit, voorkomen van omwegen en onbekommerd werken. Toch zijn we genoodzaakt om een aantal maatregelen in te voeren zoals Identity en Access Management, de digitale toegangsbeveiliging, die ons ook helpt bij het voldoen aan de privacy wetgeving. We realiseren ons dat er nog veel nodig is op het gebied van gegevensbescherming (AVG/privacy). Daar gaan we in 2024 mee door en we zoeken de balans tussen wat nodig is en de draagkracht van de organisatie. Organisatie & Personeel We hebben circa 150 vacatures per jaar in deze krappe arbeidsmarkt. We voorzien, op basis van landelijke trends & onze eigen cijfers, dat dit voorlopig aanhoudt. Dat betekent dat we veel nieuwe collega’s werven en hen vervolgens een warm welkom geven zodat ze zich thuis voelen en weten wat er van hen wordt verwacht. Dat vraagt op korte termijn ondersteuning op het gebied van werving en selectie en het opzetten van een goed on boarding programma, zodat nieuw collega’s landen en zich verbinden met Oss. Tenslotte staan er veel opleidingen op stapel. We werken aan het vakmanschap van onze medewerkers.

Denk aan informatie veiligheid, 21e eeuwse vaardigheden, integriteit, participatie en ethiek. Terwijl ons opleidingsbudget aanwijsbaar lager is dan dat van de gemiddelde gemeente. Dit vraagt om een aanvulling. We merken dat de werkdruk op de secretariaten veel te hoog is. Zeker nu we toetreden tot BrabantStad en uitbreiding van de directie met een directeur Bedrijfsvoering & Dienstverlening plaats vindt, is uitbreiding absoluut noodzakelijk. In de aansturing van het bodeteam missen we een coördinator. Dit is een meewerkend voorman/ -vrouw, die het dagelijks werk verdeelt en zelf ook flink de handen uit de mouwen steekt. Voor deze twee onderdelen hebben we aanvullend budget nodig. Onze gemeente, die de schaalsprong maakt en onderdeel vormt van BrabantStad, is ook buiten Oss actief. Bij de provincie, bij de verschillen de ministeries, in G40 verband. Daar ligt een stevige opgave. Ook voor het verwerven van subsidies ligt een uitdaging. We hebben als stad grote ambities. Ambities die we als gemeente niet alleen kunnen betalen. Naast eigen financiering moeten we nadrukkelijker externe financiële middelen aanboren, zoals specifieke rijksgelden en subsidies. Subsidies, zowel provinciaal, landelijk en Europees. We hebben hier, mede op basis van een motie van de gemeenteraad al in geïnvesteerd. We zien noodzaak om te investeren in een lobbyist en een subsidieverwerver.

Echter geeft de financiële positie te weinig ruimte om hier voor nu capaciteit voor vrij te maken. Wanneer deze situatie verandert bekijken we of we hier geld voor vrij kunnen maken.

64

We zien dat er nog op verschillende onderdelen behoefte is aan doorontwikkeling binnen bedrijfsvoering. Dit gaat de komende jaren gebeuren onder regie van de nieuwe directeur Bedrijfsvoering & Dienstsverlening. Denk aan de samenhang in de bedrijfsvoering, de verdergaande digitalisering, de gemeentelijke website die we nu incidenteel oppakken en financieren, het vormgeven en toepassen van de principes van de digitale samenleving, de toegankelijkheid en vindbaarheid van documenten, een vernieuwende verzuim aanpak, de uitwerking van het programma Dienstverlening. We komen hier in latere begrotingen op terug. Bestuursopdracht participatie Terwijl de visie op participatie verder vorm krijgt (in samenhang met andere visies op aanverwante onderwerpen), starten we alvast met het verder verstevigen van de kennis, expertise en daarmee het vakmanschap op het vlak van participatie. Daarom beginnen we met een ‘intern kennis- en expertisecentrum participatie’ dat ook een interne leergang ‘vakmanschap participatie’ aanbiedt, op maat samengesteld voor ons. Het expertisecentrum fungeert als adviespunt en aanjager voor participatie en biedt (tijdelijk) plaats aan collega’s die met een participatietraject bezig zijn en ondersteunt bij de organisatie daarvan.

Ook voert het regie op een integrale participatiekalender en biedt doorlopend een ontwikkelprogramma aan met daarin de genoemde leergang, losse workshops/masterclasses en intervisie. Verder borgt het kennisdeling en ervaringen met als doel participatie te verbeteren en zichzelf (als expertisecentrum) uiteindelijk te kunnen opheffen. Schadewijk In 2023 vindt er een evaluatie plaats van de huidige opzet en werkwijze van het programma Schadewijk. We betrekken alle partners en andere betrokkene bij deze evaluatie. Hierbij kijken we naar de doelstellingen van vijf jaar geleden en de wijze waarop en de mate waarin de doelstellingen zijn behaald. Zodra de resultaten van de evaluatie bekend zijn starten we met het opstellen van het programmaplan 2024-2026. Eind 2023 leveren we het programmaplan op waarin we de doelstellingen voor de komende 3 jaar beschrijven. Daarbij staan in ieder geval de kwaliteit, een veilige en kansrijke omgeving voor het kind en het versterken van de leefbaarheid centraal.

65

Programma 10. Financieel beleid

66

1. Wat willen we bereiken? In het coalitieakkoord ‘Samen Duurzaam Vooruit’ is gekozen voor een degelijk financieel beleid in onzekere tijden. Onze ambitie is om ons huishoudboekje blijvend op orde te houden door een stabiel financieel beleid, heldere afspraken en financiële lenigheid om in te spelen op nieuwe omstandigheden. We willen de lokale lastendruk voor onze inwoners en bedrijven laag houden. 2. Wat zijn de komende periode de belangrijkste speerpunten? Financiële basis op orde In het coalitieakkoord is gekozen voor een solide financieel beleid met sluitende meerjarenbegrotingen. We hebben een algemene reserve die voldoet aan de gestelde normen (10% van de algemene uitkering). Meer specifiek: 1.

Ons financieel beleid blijven we gedegen en solide vormgeven. We hebben een begroting die meerjarig (structureel) sluitend is. Tussentijdse beperkte, niet structurele, tekorten zijn aanvaardbaar als we deze uit reserves kunnen afdekken.

2.

We hebben een algemene reserve die voldoet aan de gestelde normen (10% van de algemene uitkering). Binnen onze algemene reserve zien we incidentele begrotingsruimte. We zetten deze ruimte in om onze ambities in dit coalitieakkoord te waar te maken.

3.

We kijken jaarlijks kritisch naar alle reserves. In de nota reserves, die de gemeenteraad tegelijk met de programmabegroting behandelt, lichten we de reserves uitgebreid toe.

4.

De winsten uit het grondbedrijf zetten we in voor onze omvangrijke ruimtelijke opgaves (ontsluitingswegen, spoorzone, mobiliteitsplan, plan Groen/ blauw/ natuur). Daarnaast vragen we bijdragen aan ontwikkelende partijen, die op deze manier hier ook aan meebetalen.

5.

Via actieve lobby en netwerken zetten we in op actief geld van derden te verwerven zoals bijdragen uit landelijke, regionale en Europese fondsen. De landelijke fondsen voor woningbouwimpulsen, volkshuisvesting en klimaat & energie bieden nadrukkelijk kansen.

6.

We blijven lobbyen voor een financieel robuuste financiering vanuit het gemeentefonds en voor voldoende compensatie van het zogenaamde ravijnjaar vanaf 2026. Dit in combinatie met de afschaffing van de zogenaamde opschalingskorting. Aanvullend hierop lobbyen we voor voldoende compensatie van de hogere kosten voor jeugdhulp en Wmo. Als gemeenten hebben we meer financiële armslag nodig om alle (landelijke) ambities te realiseren. Dit geldt nadrukkelijk ook voor de grote energieopgave en woningbouwopgave.

In het hoofdstuk "Financiële positie" in deze kadernota hebben we de financiële uitgangspunten geformuleerd en een actueel financieel beeld geschetst. Lokale lastendruk Het is ons beleid om de Osse lastendruk € 22,50 onder het landelijke gemiddelde te houden. Voor het jaar 2023 hebben we in de programmabegroting 2023-2026 gekozen voor: -

Een OZB stijging van 2,8% (beperkte inflatieontwikkeling);

-

Kostendekkende tarieven voor afval en riolering.

In de Atlas van de lokale lasten heeft het COELO voor 2023 (in vergelijking met 2022) het volgende beeld berekend: 2023 Lastendruk standaardwoning

2022

Oss

Landelijk

Oss

Landelijk

Onroerende zaakbelastingen

€ 380

€ 403

€ 370

€ 380

Afvalstoffenheffing

€ 276

€ 329

€ 266

€ 317

Rioolheffing

€ 178

€ 213

€ 174

€ 207

Totaal

€ 834

€ 945

€ 810

€ 904

67

De gemiddelde waarde van een woning is volgens het COELO in 2022 gestegen met 16,7% (landelijk 16,8%). De gemiddelde waarde van een koopwoning bedraagt daarmee in 2023 € 415.100. Op basis van cijfers van het onderzoeksinstituut COELO is onze lokale lastendruk fors onder het landelijke gemiddeld, namelijk € 111. Dit was in 2022 € 94 onder het landelijk gemiddelde. De lokale lastendruk daalt daardoor nog verder onder het landelijke gemiddeld. Het saldo van € 111 onder het landelijk gemiddelde wordt veroorzaakt door: -

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Oss&id=cc8564fb-5a97-4fea-afdf-9e7826884f95