Jaarverslag en jaarrekening 2025
Tekst van het document
Jaarverslag en jaarrekening 2025
Inhoudsopgave Aanbiedingsbrief
3
Leeswijzer
4
Samenvattend financieel beeld
7
Financiën programma's in één oogopslag
18
Programma 1. Welzijn en zorg
19
Programma 2. Werk, inkomen en onderwijs
33
Programma 3. Ontmoeten, sport en cultuur
46
Programma 4. Klimaat, energie en openbare ruimte
56
Programma 5. Economie
68
Programma 6. Centrum
77
Programma 7. Verstedelijking, wonen en mobiliteit
84
Programma 8. Veilige omgeving
97
Programma 9. Besturen in verandering van tijden
108
Programma 10. Financieel beleid
124
Paragraaf weerstandsvermogen en risicobeheersing
133
Paragraaf onderhoud kapitaalgoederen
154
Paragraaf financiering
160
Paragraaf verbonden partijen
165
Paragraaf grondbeleid
187
Paragraaf lokale heffingen
199
Paragraaf bedrijfsvoering
203
Paragraaf openbaarheid
210
Paragraaf investeringsplan
213
Voortgangsrapportage Integraal Uitvoeringsprogramma (IUP) openbare ruimte
220
Bestemming rekeningresultaat
224
JAARREKENING
232
Programmarekening op hoofdlijnen
233
Incidentele baten en lasten
237
Balans en toelichting
244
Balans
245
Grondslagen voor waardering en resultaatbepaling
248
Toelichting op de balans
255
Rechtmatigheidsverantwoording
285
Financieel overzicht totale begroting volgens taakvelden
287
Bijlage WNT
290
Sisa-bijlage
292
OVERIGE GEGEVENS
299
Controleverklaring
300
Bijlage 1: Overzicht subsidies
307
Bijlage 2: Overzicht opvolging rekenkameraanbevelingen
315
2
Aanbiedingsbrief Geachte leden van de gemeenteraad, Voor u ligt het jaarverslag en de jaarrekening over 2025. Hierin leggen wij verantwoording af over wat we vorig jaar hebben uitgevoerd en wat dat heeft gekost. Via de programma-evaluatie 2025, die we u begin maart van dit jaar hebben aangeboden, hebben we al toegelicht welke activiteiten we uitvoerden en wat voor effecten dit heeft gehad. In de stukken die we u nu aanbieden, hebben we daar de financiële verantwoording aan toegevoegd. Dit is de laatste jaarrekening die we u aanbieden vanuit de coalitie ‘Samen duurzaam vooruit’. We werkten aan de volgende ambities: -
De verstedelijkingsopgave met woningbouw en mobiliteit
-
De klimaatopgave en energie transitie
-
Goede dienstverlening, transformatie en kostenbewustzijn van het sociaal domein
-
Stedelijke voorzieningen voor een aantrekkelijke stad
-
Duurzaam houdbare voorzieningen voor vitale dorpen
-
Een professionele organisatie
En dit alles vanuit een stabiele financiële basis met beheerste lastendruk. De jaarstukken van 2025 hebben een voordelig saldo van € 14,5 miljoen, hiervan was al ruim de helft voorzien bij de begroting. We kregen toen, bij het opstellen van de programmabegroting in september 2025, al een fors bedrag extra vanuit het Rijk. We vonden het toen niet gepast om dit geld al volledig te bestemmen. Daarom zien we dat nu, via deze jaarrekening, de algemene reserve zal worden aangevuld met afgerond € 6 miljoen. Dit bedrag kan gezien worden als vrije ruimte binnen de algemene reserve. Bij de kaderbrief en programmabegroting is het aan de nieuwe gemeenteraad om hier invulling aan te geven. Wat we in deze jaarrekening ook zien is dat we, ten opzichte van het begrote saldo, een minder hoog voordeel hebben dan afgelopen jaren. Dat is wat ons betreft een goed teken. We hebben ingezet op het realiseren van onze ambities en het uitgeven van geld. Vanuit de strategische heroriëntatie hebben we strakker begroot, dat uit zich in al in deze jaarrekening. Daarbij erkennen we natuurlijk wel, dat er nog steeds een behoorlijk bedrag over is aan het einde van het jaar. Dat komt voor een belangrijk deel omdat we aan het einde van het jaar 2025 (nog) meer geld hebben ontvangen vanuit het Rijk via de decembercirculaire en een subsidiebedrag voor het realiseren voor woningen.
We blijven inzetten op een voorspelbare en stabiele financiering vanuit het Rijk en zetten zelf in op strak financieel beheer Richting de toekomst zien we wel nog forse uitdagingen op het gebied van financiën. De onzekere wereldorde zorgt voor prijs- en rentestijgingen, de kosten van jeugdhulp lopen nog steeds op (een trend die zich ook in 2026 lijkt door te zetten) en we krijgen nog steeds te weinig ‘knaken voor onze taken’ van het Rijk. Dit vormt een stevige uitdaging in de komende periode. Binnenkort start een nieuw college. We laten voor dit nieuwe college een financieel gezonde gemeente achter. We staan er goed voor, ook al zien we uitdagingen richting de toekomst. We hebben er vertrouwen in dat er een goede basis ligt voor de nieuwe coalitie om op verder te gaan .
Burgemeester en wethouders van Oss. De secretaris,
De burgemeester,
H. Reints
F. de Jonge
3
Leeswijzer Het jaarverslag en de jaarrekening bestaan uit diverse onderdelen. In deze leeswijzer geven we bij alle onderdelen een korte uitleg. Aanbiedingsbrief In de aanbiedingsbrief blikt het college van burgemeester en wethouders terug op 2025. Wat waren de belangrijkste resultaten en ontwikkelingen? Samenvattend financieel beeld Dit hoofdstuk is een financiële terugblik op 2025. Het is een aanvulling op de inhoudelijke terugblik in de aanbiedingsbrief. Het samenvattend financieel beeld geeft een beknopte analyse van het rekeningresultaat, de financiële positie en het grondbedrijf. JAARVERSLAG Financiën programma’s in één oogopslag In dit onderdeel laten we in een figuur zien hoe onze gerealiseerde uitgaven over de programma’s verdeeld zijn. Programma’s Per programma worden de volgende vragen beantwoord: -
Wat willen we bereiken?
-
Hoever zijn we met het realiseren van onze doelstellingen?
-
Wat hebben we hiervoor gedaan?
-
Wat heeft het gekost?
Daarna geven we op hoofdlijnen een overzicht van de subsidies die we verstrekt hebben. Achterin de jaarrekening is een uitgebreider overzicht opgenomen. Tenslotte worden aan de hand van een figuur de financiën van het programma samengevat. Paragrafen De opgenomen paragrafen zijn op grond van wetgeving een verplicht onderdeel van het jaarverslag. Het gaat bij de paragrafen telkens om onderwerpen met een groot financieel belang. Door deze op een centrale plek in het jaarverslag op te nemen wordt een goede informatievoorziening over deze onderwerpen gewaarborgd en is de informatie inzichtelijk. Voortgangsrapportage Integraal Uitvoeringsprogramma (IUP) openbare ruimte De gemeente voert elk jaar een groot aantal projecten uit in het kader van het Integraal Uitvoeringsprogramma (IUP) openbare ruimte. Het gaat dan om werkzaamheden aan bijvoorbeeld wegen, fietspaden, riolering en openbaar groen. In de voortgangsrapportage wordt op hoofdlijnen inzicht gegeven in de stand van zaken van deze werkzaamheden. JAARREKENING Programmarekening op hoofdlijnen Cijfers per programma Dit is een cijfermatig overzicht van de baten en lasten per programma. Het gaat zowel om de begrote cijfers als om de gerealiseerde cijfers. In dit overzicht is in één oogopslag te zien waar de verschillen tussen de begroting en de werkelijkheid zitten.
Een toelichting op de verschillen is bij de programma’s in het jaarverslag opgenomen, bij de w-vraag 'Wat heeft het gekost?'.
4
Incidentele baten en lasten In dit onderdeel is een overzicht van de incidentele baten en lasten opgenomen, zowel de begrote cijfers als de werkelijke cijfers. Incidenteel houdt in dat het gaat om baten en lasten die een tijdelijk karakter hebben. Deze zitten slechts één of enkele jaren in de begroting. Verder wordt aandacht besteed aan de toevoegingen en onttrekkingen aan reserves. Dit zijn normaal gesproken incidentele lasten en baten. Hier bestaan enkele uitzonderingen op: sommige mutaties in reserves zijn structurele lasten of baten. Deze worden in een afzonderlijk overzicht weergegeven. Analyse rechtmatigheid In dit hoofdstuk wordt de begrotingsrechtmatigheid geanalyseerd: handelen we binnen de begroting zoals de gemeenteraad die heeft vastgesteld? Daarbij wordt niet alleen gekeken of de werkelijke lasten hoger zijn dan begroot maar ook of de lasten aan het juiste begrotingsjaar en aan het juiste programma zijn toegerekend. Bestemming rekeningresultaat In 2025 zijn niet alle werkzaamheden en projecten afgerond. In dit hoofdstuk stellen we voor om diverse budgetten die niet (volledig) besteed zijn in 2026 alsnog te besteden zodat we de bijbehorende werkzaamheden en projecten in 2026 verder kunnen afronden en uitvoeren.
Balans en toelichting Balans De balans geeft een overzicht van de bezittingen, de schulden en de stand van het eigen vermogen op een bepaald moment, in dit geval per 1 januari 2025 en per 31 december 2025. Grondslagen voor waardering en resultaatbepaling De grondslagen voor waardering en resultaatbepaling geven aan op welke manier de balansposten gewaardeerd zijn en tot stand gekomen zijn. Toelichting op de balans In dit hoofdstuk worden alle posten in de balans nader toegelicht en onderbouwd. Bijlage Rechtmatigheidsverantwoording In de bijlage rechtmatigheidsverantwoording geven. Bijlage WNT Per 1 januari 2013 is de Wet Normering Topinkomen (WNT) in werking getreden. De WNT schrijft voor dat de beloning van topfunctionarissen verantwoord dient te worden in de jaarrekening, ook als de beloning beneden de norm blijft. Voor overige functionarissen geldt publicatieplicht alleen als de norm overschreden wordt. De verantwoordingsgegevens zijn in deze bijlage opgenomen. Sisa-bijlage Door middel van een rechtmatigheidsverantwoording legt het college verantwoording af aan de gemeenteraad en andere toezichthouders over hoe zij haar middelen gebruikt en beheert. De accountant verstrekt dus met ingang van dit boekjaar geen rechtmatigheidsoordeel meer in de controleverklaring, maar beperkt zich tot het getrouwheidsoordeel.
Dit houdt in dat de accountant wel heeft vastgesteld dat de opgenomen rechtmatigheidsverantwoording getrouw is verantwoord in de jaarstukken. BIJLAGEN Bijlage 1: Overzicht subsidies In dit onderdeel geven we een uitgebreid overzicht van de subsidies die we verstrekken. Dit is een aanvulling op de globale overzichten in de programma's.
5
Bijlage 2: Overzicht opvolging rekenkameraanbevelingen Per 1 januari 2023 zijn colleges van B&W verplicht om jaarlijks te informeren over de opvolging van rekenkameraanbevelingen die aan het college zijn gericht. In dit overzicht geven we toelichting op de voortgang van de aanbevelingen. Dit doen we voor de rekenkamerrapporten vanaf 2021. OVERIGE GEGEVENS Controleverklaring De onafhankelijke accountant heeft onze jaarrekening gecontroleerd. In het accountantsverslag is te lezen wat het oordeel van de onafhankelijke accountant daarover is.
6
Samenvattend financieel beeld Inleiding Voor u ligt de programmarekening 2025 van de gemeente Oss. Deze programmarekening bestaat uit het jaarverslag en de jaarrekening. Hiermee leggen wij, het college van B&W, verantwoording af over het gevoerde beleid van de gemeente in 2025. Deze verslaglegging over de gemeentelijke prestaties en bestedingen in het jaar 2025 zijn uitwerkingen van de beleidsvoornemens uit de programmabegroting. In de aanbiedingsbrief hiervoor is al ingegaan op het inhoudelijke verhaal. In dit hoofdstuk ligt de nadruk op bijzonderheden in financieel opzicht. Rekeningresultaat 2025 De jaarrekening 2025 sluit met een voordelig saldo van € 14,5 miljoen. In de volgende tabel zijn de rekeningcijfers vergeleken met de bijgestelde begroting (na verwerking van de autonome ontwikkelingen in de financiële tussenrapportage 2025 en bij de programmabegroting 2026-2029). + is nadeel: hogere uitgaven/lagere inkomsten - is voordeel: lagere uitgaven/hogere inkomsten bedragen x € 1.000 Omschrijving
Rekening 2025
Begroting 2025
Verschil
na wijziging Lasten
452.740
436.830
15.909
Baten
-483.005
-450.810
-32.195
Saldo programma's
-30.266
-13.980
-16.286
Stortingen reserves
62.256
58.286
3.969
Onttrekkingen reserves
-46.500
-52.063
5.564
Mutaties reserves
15.756
6.223
9.533
Resultaat
-14.510
-7.757
-6.753
In het hoofdstuk Bestemming rekeningresultaat wordt voorgesteld het saldo voor € 8,5 miljoen in te zetten voor projecten die doorlopen in 2025 of in reserves te storten en een bedrag van € 6 miljoen te storten in de algemene reserve. Het positieve saldo van de jaarrekening kent een aantal oorzaken. Het verschil tussen het begrote saldo en het werkelijke saldo is € 6,7 miljoen. In de volgende tabellen zijn de belangrijkste voor- en nadelen opgenomen. Deze voor- en nadelen verklaren per saldo een bedrag van € 6,3 miljoen.
7
Belangrijke voordelen - is lagere uitgaven/hogere inkomsten bedragen x € 1.000 Programma
Omschrijving
Bedrag
1. Welzijn en Zorg
Voordeel opvang vluchtelingen
-643
Lagere kosten hulp bij huishouden
-441
Lagere kosten Maatschappelijke opvang
-468
Lagere volumestijging individuele ondersteuning
-177
Lagere kosten en hogere opbrengsten Proeftuin
-248
Lagere kosten lokale investeringsagenda beschermd
-155
wonen
2. Werk, inkomen en onderwijs
Lagere kosten Beschermd Thuis
-138
Hogere opbrengsten subsidie 't Hageltje
-147
Lagere kosten versterking infrastructuur van sociaal
-922
ontwikkelbedrijven
3. Ontmoeten, sport en cultuur
Lagere kosten participatiebudget
-290
Lagere kosten minimabeleid
-117
Lagere energiekosten sportaccommodaties
-110
Hogere opbrengst specifieke uitkering Sport btw
-230
Hogere huuropbrengsten sporthallen en zalen en
-118
sportterreinen Lagere voorbereidingskosten nieuwbouw theater
-335
4. Klimaat, energie en openbare ruimte Voordeel middelen voor versnelling klimaat- en energie
-648
(CDOKE) Voordeel compostering en ongediertebestrijding
-150
Lagere kosten dierenopvang 7. Verstedelijking, wonen en mobiliteit
-134
Hogere opbrengsten subsidie realisatiestimulans
-2.492
Vertraging realisatie flexwoningen
-500
Positief saldo verhuurde panden en percelen
-148
Lagere kosten landelijke beëindigingsregeling
-110
veehouderijlocaties Lagere kosten wijkgericht werken 10. Financieel beleid
-137
Rentevoordeel
-630
Hogere algemene uitkering
-1.605
Vrijval post onvoorzien
-186
Hogere opbrengst AGR IBN
-126
Totaal
-11.405
8
Belangrijke nadelen + is hogere uitgaven/lagere inkomsten bedragen x € 1.000 Programma
Omschrijving
1. Welzijn en Zorg
Hogere kosten Jeugdhulp
Bedrag 1.208
4. Klimaat, energie en openbare ruimte Hogere kosten onderhoud openbaar groen
487
9. Besturen in verandering van tijden
Hogere personeels- en overheadkosten
967
Hogere kosten voorziening wethouders
2.471
Totaal
5.133
9
Belangrijke mutaties in reserves (financieel neutraal) Onderstaande posten zijn belangrijke afwijkingen binnen reserves. Per saldo hebben deze afwijkingen geen effect op het jaarrekeningresultaat. Wel hebben ze direct invloed op de reservepositie. - is lagere uitgaven/hogere inkomsten + is hogere uitgaven/lagere inkomsten bedragen x € 1.000 Programma
Omschrijving
Bedrag
1. Welzijn en Zorg
Resultaat opvang vluchtelingen
-1.200
Hogere storting in de reserve vluchtelingen
1.200
Lagere kosten Beschermd Wonen
-785
2. Werk, inkomen en onderwijs 3. Ontmoeten, sport en cultuur
Storting in de reserve Beschermd Wonen
785
Lagere kosten onderzoeken onderwijshuisvesting
-279
Lagere onttrekking IVB
279
Lagere kosten IVB projecten
-254
lagere onttrekking aan de reserve IVB
254
4. Klimaat, energie en openbare ruimte Voordeel afvalverwerking
-480
Lagere onttrekking uit reserve Afvalstoffenheffing
5. Economie 7. Verstedelijking, wonen en mobiliteit
480
Hogere kosten wegen, straten en pleinen
950
Hogere onttrekking uit de reserve IUP
-950
Voordeel duurzame opwekken van energiesystemen
-560
Storting in de reserve Windpark
560
Hogere bijdrage voor Bos van Oss
-384
Storting in de ABR
384
Storting voorziening lening Wachtmeesters
800
Onttrekking uit reserve lening Wachtmeesters
-800
Lagere kosten/ hogere opbrengsten parkeren
-733
Storting in de reserve parkeren
733
Lagere kosten Noordelijke ontsluitingsweg
-307
Lagere onttrekking reserve Bovenwijkse voorzieningen
307
Lagere kosten ontwikkeling Spoorzone
-210
Lagere onttrekking uit reserve verbetering fysieke
210
kwaliteit leefomgeving Lagere voorbereidingskosten Euterpepark
-283
Lagere onttrekking uit de reserve binnenstedelijke
283
transformaties Lagere kosten realisatie flexwoningen 9. Besturen in verandering van tijden
-600
Lagere onttrekking diverse reserves
600
Lagere kosten invoering omgevingswet
-737
Lagere onttrekking reserve omgevingswet
737
Lagere kosten ICT
-196
Lagere onttrekking reserve automatisering
196
Lagere kosten uitvoering bestaanszekerheid
-151
Lagere onttrekking uit reserve bestaanszekerheid
151
Lagere kosten organisatieontwikkeling
200
Storting in reserve organisatie ontwikkelingen
-200
Totaal
0
10
Financiële positie In deze paragraaf wordt in het kort de financiële positie van de gemeente weergegeven door te kijken naar de volgende onderdelen: -
Weerstandsvermogen en weerstandsratio
-
Financieringspositie
-
Reservepositie
A. Weerstandsvermogen en weerstandsratio Het weerstandsvermogen geeft de financiële gezondheid van de gemeente weer. We drukken deze uit in een ratio. De uitkomst van de ratio moet in beginsel minimaal 1 zijn. Op hoofdlijnen is het beeld als volgt: Omschrijving
Bedrag/ratio incidenteel
Bedrag/ratio structureel
€ 25 miljoen
€ 7,5 miljoen
€ 37,9 miljoen
€ 5,4 miljoen
1,51
0,72
Geïnventariseerde risico’s Weerstandscapaciteit Weerstandsratio
De conclusie hieruit is dat de incidentele weerstandscapaciteit van voldoende omvang is om de gekwantificeerde risico’s te ondervangen. De structurele weerstandscapaciteit is van onvoldoende omvang. We zien forse structurele risico's, met name het risico van de algemene uitkering en jeugdhulp maken dat de begroting onder druk staat. Dit vormt een uitdaging voor komende begroting. We blijven inzetten op de lobby richting het Rijk voor voldoende financiering voor onze taken.
11
B. Financieringspositie De financieringspositie geeft de verhouding aan tussen beschikbare financieringsbronnen op langere termijn (reserves, voorzieningen en langlopende geldleningen) ten opzichte van de investeringen in vaste activa. Hiermee geeft het dus aan op welke manier de activa gefinancierd zijn. De financieringspositie geeft aan dat er eind 2025 een financieringsoverschot is van ruim € 52 miljoen. Hiervan kan het volgende overzicht worden gegeven: bedragen x € 1.000 Omschrijving
1 januari 2025
31 december 2025
Reserves
251.764
282.402
Resultaat jaarrekening
14.883
14.510
Voorzieningen
40.021
41.841
Langlopende geldleningen
44.387
35.463
351.055
374.216
1.182
2.142
Materiële vaste activa
303.307
297.327
Financiële vaste activa
28.411
22.656
332.900
322.125
18.155
52.091
Subtotaal
Immateriële vaste activa
Subtotaal
Financieringsoverschot
De gemeente heeft in verhouding in totaal dus meer gefinancierd met langlopende middelen. Dit komt doordat we onze voorraad aan grondexploitaties ook grotendeels gefinancierd hebben met langlopende middelen. We zien dat onze reservepositie is gestegen (eigen middelen) en dat het aantal langlopende geldleningen verder afneemt. De verwachting is wel dat dit de komende jaren fors zal stijgen gezien onze investeringsambities. Voor meer informatie verwijzen we naar de toelichting op de balans. Financiële positie grondbedrijf De paragraaf grondbeleid en het MPG bevatten de verantwoording van het grondbedrijf over het afgelopen jaar en geven inzicht in de prognose voor de komende jaren. Ontwikkeling boekwaarde De boekwaarde van het grondbedrijf per 31 december 2025 is circa € 37,2 miljoen. Dit gaat om de volgende belangrijke onderdelen die via het grondbedrijf gaan: herstructurering, woningbouw, industrie, immateriële vaste activa (plankosten nieuwe plannen) en strategisch grondaankopen. Dit is exclusief het Osse aandeel van de boekwaarde van het intergemeentelijke project Heesch-West, aangezien de voorziening in 2022 is ingebracht bij de gemeenschappelijke regeling Heesch West. De boekwaarde bestaat uit gronden en uit kosten die we al gemaakt hebben voor diverse projecten.
12
Actuele prognose De actuele prognose uit het MPG geeft het volgende totaalbeeld: bedragen x € 1.000 Omschrijving
Boekwaarde per 31-12-2025
Verliesvoorzieningen
Herstructureringsplannen
5.001
8.393
Woningbouwcomplexen
20.972
2.637
0
0
Immateriële vaste activa
4.919
4.919
Strategische aankopen
6.135
0
37.027
15.949
Industrieterreinen
Totaal
De boekwaarde is ten opzichte van eind 2024 vrijwel gelijk gebleven. We zien wel een sterke afname van de waarde van strategische aankopen (afname € 15 miljoen), omdat deze gronden zijn ingebracht in woningbouwcomplex Amsteleind Noord. De verwachte winstnemingen over de jaren laten de volgende prognose zien (van vastgestelde grondexploitaties, excl. verliesvoorzieningen): bedragen x € 1.000 Omschrijving
2025
2026
2027
2028
2029
Herstructureringsplannen
351
0
0
0
0
Woningbouwcomplexen
3.202
5.158
2.657
1.191
267
0
0
0
0
0
3.553
5.158
2.657
1.191
267
Industrieterreinen Totaal
Uit deze overzichten valt op te maken dat we de komende jaren nog een toekomstige winst van circa € 9,3 miljoen verwachten. Winstnemingen gaan naar de ABR (algemene bedrijfsreserve grondbedrijf).
13
Reserves en voorzieningen grondbedrijf De algemene bedrijfsreserve van het grondbedrijf (ABR) is bedoeld om risico’s af te dekken die zich binnen het grondbedrijf kunnen voordoen. Voor de bepaling van de risico’s maken we gebruik van de Monte-Carlomethode binnen het grondbedrijf. Hiermee bewerkstelligen we een eenduidig risicobeleid waarbij alle risico's van de grondexploitaties worden meegenomen In het volgende schema is een totaaloverzicht gegeven van de ontwikkeling van de ABR in 2025:
bedragen x € 1.000 Omschrijving
Stand per 1 januari 2025 - Rente
Bedrag
2.375 26
- Resultaatbestemming jaarrekening 2024
3.796
- (Tussentijdse) winstnemingen industrie
0
- (Tussentijdse) winstnemingen woningbouw - (Tussentijdse) winstnemingen herstructurering - Verlagen voorziening te verwachten exploitatieverliezen
3.202 351 1.869
- Verlagen voorziening IMVA
511
- Verkoop beheergronden/ panden
566
- Diversen
384
Stortingen
10.705
- Afdracht kostenverhaal (reserve bovenwijkse voorzieningen/verbetering fysieke kwaliteit)
-1.374
- Rentekosten strategische aankoop het Brand
-147
- Vennootschapsbelasting
-72
Onttrekkingen
-1.593
Stand ABR per 31 december 2025
11.487
14
Op basis van een meerjarenprognose en de risicoanalyse is het verloop van de reserves en voorzieningen binnen het grondbedrijf als volgt: bedragen x € 1.000 Omschrijving
31 december
31 december
31 december
31 december
2025
2026
2027
2028
Algemene bedrijfsreserve
11.487
15.595
19.015
21.305
Reserve strategische aankopen
5.950
5.883
5.883
5.883
Risicoreserve Heesch West
2.513
2.513
2.513
2.513
Reserve binnenstedelijke
18.643
18.083
17.943
17.943
4.919
6.995
6.995
6.995
Voorziening exploitatieverliezen
11.030
9.624
7.851
2.743
Totaal
54.542
58.693
60.200
57.382
transformaties Voorziening immateriële vaste activa
De algemene bedrijfsreserve (ABR) stijgt de komende jaren. De minimale omvang van deze reserve op basis van risico-inschattingen bedraagt € 23,7 miljoen. Deze is door nieuwe plannen gestegen ten opzichte van vorig jaar. De ABR is op dit moment lager dan deze minimale omvang. Dit betekent dat er de komende jaren geen sprake meer kan zijn van afromingen. Deze situatie moet overigens wel gezien worden in relatie tot andere beschikbare reserves binnen het grondbedrijf. De reserve binnenstedelijke transformaties is namelijk bedoeld om onrendabele investeringen af te kunnen dekken en vormt daarmee ook een buffer. Voor het project Heesch West is de voorziening van € 13,1 miljoen in april 2022 ingebracht bij de gemeenschappelijke regeling (en dus niet meer aanwezig binnen onze gemeente). We hebben op basis van onze risicoanalyse een aanvullende risicoreserve van afgerond € 2,5 miljoen voor Heesch West gevormd. Voor een verdere specificatie verwijzen we naar het MPG, de paragraaf grondbeleid en de toelichting op de balans. C. Reservepositie De reservepositie geeft het volgende beeld: bedragen x € 1.000 Omschrijving
1 januari 2025
31 december 2025
Algemene reserve
25.862
33.068
Algemene reserve grondbedrijf
2.375
11.487
Reserves ter dekking begroting
19.249
18.305
Bestemmingsreserves ter afdekking van
29.234
25.004
Overige bestemmingsreserves
175.044
194.538
Resultaat jaarrekening
14.883
11.480
266.647
293.982
afschrijvingslasten
Totaal
15
De totale reservepositie is gestegen met ruim € 27 miljoen. De algemene reserve is gestegen met name door resultaat uit 2024. De algemene reserve van het grondbedrijf is met name gestegen met € 9,1 miljoen door winstnemingen en door een extra storting in deze reserve vanuit het rekeningresultaat 2024. De reserves die ingezet worden ter dekking van de begroting dalen conform eerdere besluitvorming. De reserves ter dekking van afschrijvingslasten daalt jaarlijks omdat deze reserves ingezet worden om jaarlijkse lasten uit reeds uitgevoerde investeringen te dekken. Deze reserves zijn daarmee ook niet meer vrij besteedbaar. De overige bestemmingsreserves stijgen met circa € 19 miljoen. Belangrijkste reserves die gestegen zijn: -
Reserve kostenbeheersing sociaal domein: € 2 miljoen;
-
Reserve binnenhavens: € 7,6 miljoen (besteding 2026);
-
Reserve opvang vluchtelingen: € 1,5 miljoen;
-
Reserve mobiliteit: € 7,1 miljoen
-
Reserve binnenstedelijke transformaties: € 4,2 miljoen
-
Reserve bovenwijkse voorzieningen: € 1,5 miljoen;
-
Reserve omgevingswet: € 1,5 miljoen;
-
Reserve Schadewijk: € 1 miljoen;
-
Reserve Egalisatie reserve renteomslag: € 2 miljoen.
Grotere afname van bestemmingsreserves zijn: -
Reserve beschermd wonen: - € 6,3 miljoen;
-
Reserve Meekoppelkansen dijkversterking Maas: - € 1,1 miljoen
Voor meer informatie verwijzen we naar de toelichting op de balans, onderdeel reserves. Ontwikkelingen na 2025 De financiële positie van de gemeente blijft onder druk staan. We presenteerden een programmabegroting 2026-2029 met een overschot voor het jaar 2026 van circa € 2,2 miljoen. Ook het jaar 2027 heeft een positief saldo van € 2,5 miljoen. Het ravijnjaar schuift echter door naar 2028. Dit zien we dan ook terug in de saldi voor 2028 en volgende jaren. Deze saldi zijn negatief en sluiten aan bij het geaccepteerde tekort over jeugdzorg zoals vastgesteld bij de kadernota 2026 (structureel € 3 miljoen vanaf 2029). Het geaccepteerde tekort is het bedrag wat we minimaal verwachten vanuit het Rijk als extra structurele compensatie voor de kosten van jeugdzorg. Onze reservepositie is goed te noemen, dus we kunnen incidentele tegenvallers indien nodig opvangen. Belangrijke ontwikkeling zijn effecten uit het landelijke regeerakkoord. De VNG ziet in het akkoord duidelijke erkenning, waardering en bereidheid tot samenwerking met gemeenten. Hoewel de VNG veel terugziet van de inbreng die ze gedaan hebben, zijn er ook de nodige opmerkingen te maken. De coalitie heeft hoge ambities die niet altijd adequaat financieel worden onderbouwd. Op sommige ambities is nog onvoldoende helderheid, voor andere ambities zijn geen of onvoldoende middelen opgenomen.
Wij missen bijvoorbeeld de reservering van de middelen adviescommissie Van Ark, is onvoldoende helder hoe de maatregelen van de huishoudelijke hulp uitpakken voor de WMO en zien wij forse ambities rondom de woningbouw en maatschappelijke weerbaarheid, zonder dat daar toereikende middelen voor zijn opgenomen. Samenvattend is er nog geen financieel beeld te geven voor de toekomst en moeten we de concrete plannen afwachten en de vertaling hiervan in komende circulaires. Kijkend naar de toekomst zien we vooral risico's en ontwikkelingen op de volgende gebieden: -
Ontwikkelingen algemene uitkering
-
Het realiseren van de vastgestelde ombuigingsvoorstellen
-
Kostenbeheersing jeugd en van Ark 2
-
Kostenbeheersing Wmo
-
Ontwikkelingen IZA/GALA
-
Investeringen onderwijshuisvesting
-
Realisatie nieuw theater
-
Realisatie nieuw zwembad
16
-
Energie en klimaatopgave
-
Verstedelijkingsopgave en mobiliteit
-
Grondbedrijf
-
Financiering (rente)
Resultaatbestemming 2025 In de jaarrekening wordt voorgesteld om het positieve saldo van afgerond € 14,5 miljoen te bestemmen. We stellen voor een bedrag van € 8,5 miljoen over te hevelen naar 2026 voor concrete projecten of te reserveren in diverse reserves. Dit bedrag is nodig voor de uitvoering van deze projecten. Het restant van € 6 miljoen storten we in de algemene reserve. Accountantscontrole De onafhankelijke accountant heeft op grond van artikel 213 van de Gemeentewet een getrouwheidsonderzoek uitgevoerd naar de baten, lasten en balansmutaties. We hebben een goedkeurende verklaring ontvangen.
17
Financiën programma's in één oogopslag In de volgende figuur laten we zien hoe onze gerealiseerde uitgaven in 2025 over de programma's verdeeld zijn (bedragen x € 1.000).
18
Programma 1. Welzijn en zorg
19
1. Inleiding Meedoen mogelijk maken voor alle inwoners van Oss is dé missie van het sociaal domein Oss (begrotingsprogramma’s 1, 2 en 3). Een solide sociale basis helpt de meeste mensen een prima leven te leiden, voor zichzelf en anderen te zorgen en om te gaan met de hobbels in het leven. Meedoen mogelijk maken gebeurt dan ook in eerste instantie door mensen zelf en hun verschillende sociale netwerken. Wij helpen de samenleving daarbij waar we kunnen. En als inwoners daarnaast ondersteuning nodig hebben, dan bieden we deze samen met onze partners. Hierbij behandelen we mensen als mensen en vertrouwen we op het goede van de mens. Normaliseren, substitutie en voorkomen zijn hierin sleutelwoorden. Evenals de inhoudelijke speerpunten: bestaanszekerheid herstellen, kansengelijkheid vergroten en gezond leven makkelijker maken. We werken hierbij waarde gedreven vanuit onze vijf waarden: de mens centraal, eenvoud, nabijheid, partnerschap en vakmanschap. We hebben al een aantal jaren te maken met een aantal flinke uitdagingen die de druk op de Wmo opvoeren. De samenstelling van de Nederlandse bevolking verandert tot ongeveer 2040 flink, het huidige zorgstelsel is daar niet op ingericht. We zien een toenemende hulpvraag omdat de bevolking groeit en vergrijst.
Tegelijkertijd is sprake van voorzieningen in dorpen en wijken die onder druk staan, een oplopende personeelsschaarste en een wooncrisis die (kwetsbare) inwoners raakt. Ook landelijk is de druk op de Wmo en het hele zorgstelsel een actueel thema. Voor gemeenten is de Wmo op termijn en onder huidige condities onuitvoerbaar. In december 2025 is het landelijke rapport Houdbaarheid van de Wmo uitgekomen waar een aantal beleidsopties wordt voorgesteld om de Wmo toekomstbestendig te maken. Het rapport leidt mogelijk tot hervormingen van de wet en een nieuw financieringsmodel voor de Wmo. Verder hebben ontwikkelingen in het medische domein invloed op de Wet maatschappelijke ondersteuning (Wmo). De Wet langdurige zorg (Wlz) en de Zorgverkeringswet (Zvw) werken met steeds scherpere criteria voor inwoners om in aanmerking voor zorg te komen. De Wmo wordt gezien als vangnet voor bezuinigingen in andere zorgwetten. Akkoorden als het AZWA (Aanvullend Zorg en Welzijn Akkoord, eind 2025 ondertekend) en IZA (Integraal Zorg Akkoord) richten zich op de gezamenlijke opgave in het zorgstelsel. Binnen onze regio doen we dat binnen het samenwerkingsverband Samen in Gezondheid (SiG).
Met enerzijds de groei van het aantal inwoners dat ondersteuning nodig heeft, terwijl het aantal beroepskrachten, vrijwilligers en mantelzorgers afneemt, en anderzijds onzekere en over het algemeen ontoereikende compensatie door het Rijk, moeten we ons voorbereiden op een verder toenemende schaarste van het aanbod van zorg en ondersteuning. Des te meer omdat we ook in de gemeente Oss rekening moeten houden met een financiële opgave en strategische heroriëntatie. Hierbij hebben we een flinke opgave van € 1 miljoen gericht op minder meerkosten om de groeiende vraag naar Wmo-ondersteuning te remmen. Voor programma Zorg & Welzijn vertaalt dit zich in een beweging naar het versterken van de sociale basis, meer collectieve ondersteuning en ondersteuning door naasten. En anderzijds strengere criteria om individuele Wmo-voorzieningen te verstrekken. We doen dit conform het Wmo-beleidskader Wmo 2025-2029 'Meedoen mogelijk maken’. Tot slot is een belangrijke ontwikkeling ‘Naar een nieuwe Osse standaard’. Na een evaluatie van de proeftuin Oss in 2025 heeft de raad de aanbeveling overgenomen om de werkzame elementen uit te werken richting een nieuwe standaard in Oss. Werken aan een toekomstbestendig zorgstelsel vereist domeinoverstijgende afstemming en afstemming met onder andere programma 2 en 3 (sociaal domein), 7 (wonen) en 10 (veiligheid).
20
Programma-onderdelen 2.1 Ondersteuning en zorg in de Wmo Doelstellingen We werken aan de volgende doelstelling(en): -
In Oss helpen inwoners elkaar en kan iedereen meedoen (sociale basis).
-
Inwoners van Oss die dat nodig hebben, krijgen passende ondersteuning, waarbij informele, lichte of collectieve hulp de basis is.
-
Voorzieningen zijn vindbaar, toegankelijk, betaalbaar en kwalitatief goed.
Hoe ver zijn we met het realiseren van onze doelstellingen? We hebben in 2025 gewerkt aan de drie hoofddoelstellingen van onze lokale Wmo: werken aan een sterke sociale basis, het bieden van ondersteuning van inwoners in kwetsbare posities en zorgen dat onze voorzieningen vindbaar, toegankelijk en betaalbaar zijn. Deze doelen zullen nooit gerealiseerd zijn, maar blijven een voortdurende inspanning vragen. Wel zien we dat onze opgave steeds urgenter wordt als gevolg van de schaarste op diverse vlakken en de groeiende zorgvraag. Het beleidskader Wmo 2025-2029 dat is opgesteld, helpt ons om richting te geven aan deze opgave. We zullen in het voorjaar van 2026 een eerste voortgangsrapportage opleveren op basis van de indicatoren die in dit plan staan. Wat hebben we hiervoor gedaan? -
Begin 2025 is het Wmo-beleidskader Wmo 2025-2029 'Meedoen mogelijk maken’ vastgesteld. Hierin staan onze ambities en doelen beschreven, inclusief een doorkijk naar een beleidsagenda voor de komende jaren.
-
We hebben nieuw mantelzorgbeleid gemaakt dat in is gegaan vanaf 2025. Hiertoe hebben we door ONS welzijn een behoeftepeiling onder mantelzorgers uit laten voeren. De focus ligt onder andere op toegankelijke, vindbare voorzieningen en informatie zodat de mantelzorgers en zorgvrijwilligers toegerust zijn om hun dierbare te ondersteunen. Daarnaast blijft de waardering belangrijk en denken we aan het vergroten van mantelzorgbewustzijn in de domeinen zorg, welzijn, wonen, werk en onderwijs.
-
We willen dat Osse jeugdigen opgroeien tot gezonde en zelfstandige volwassenen. Zichzelf kunnen redden, voor zichzelf opkomen en meedoen in de samenleving (integraal jeugdbeleid). In 2024 is een nieuwe opdracht voor uitvoering van het jongerenwerk in Oss geformuleerd en is tijdelijke uitbreiding gerealiseerd van 3 fte voor 2 jaren (vanuit tijdelijke middelen). De opdracht was de versterking van het stedelijk Jongerenwerk en het Jongerenwerk op school. Er is daarvoor verbinding gerealiseerd met de ondersteuningsstructuur op het onderwijs en het veiligheidsdomein (programma 8). Op beide aspecten zijn goede stappen gezet in 2025. De inzet van Jongerenwerk op de scholen – vooral in het VO maar ook op de hoogste groepen in het PO – maakt het mogelijk om een meer compleet beeld te krijgen van risicojeugd zowel op de scholen als in de wijken. Ook levert het contact met de scholen een sterker netwerk op en meer deskundigheid en uitwisseling. De aanstelling van de beleidsmedewerker Jeugd en veiligheid en de interne lijnen die zijn aangevuld met zorg en onderwijsbeleid, versterken deze ontwikkeling.
-
In Oss kan iedereen meedoen, dat is onze ambitie. We vormen een inclusieve samenleving waar iedereen dezelfde kansen krijgt, waar onderlinge verbondenheid is en men oog heeft voor elkaar. Waar discriminatie niet geaccepteerd wordt. Zodat uitvallen en uitsluiten voorkomen kunnen worden en iedereen een zinvol bestaan kan opbouwen. Inclusie is hierin een belangrijk thema. Daarom werkten we in 2025 aan een lokale inclusie agenda waar we vanaf 2026 uitvoering aan gaan geven aan de hand van een uitvoeringsplan. Hiermee voldoen we aan de verplichting om uitvoering te geven aan het VN-verdrag handicap.
-
De Proeftuin Oss is een gebiedsgerichte aanpak waar inwoners en organisaties samen werken aan oplossingen waarin mensen meer voor zichzelf en elkaar kunnen doen. Het ideale toekomstbeeld is een vitale wijk waar inwoners tegen lagere kosten een betere (positieve) gezondheid ervaren. Hierbij werken en financieren we gebiedsgericht in de Ruwaard en Ussen. In 2025 is de werkwijze geëvalueerd en heeft het netwerk aanbevelingen geformuleerd. Op basis van de evaluatie heeft de raad eind 2025 de aanbeveling overgenomen om de werkzame elementen uit te werken richting een nieuwe standaard in heel
21
Oss. In 2026 en 2027 blijven we in de Ruwaard en Ussen werken op de Proeftuinwerkwijze en zetten we steviger in op monitoring en communicatie. -
Substitutie kan een belangrijke bijdrage leveren om meer mensen te helpen met hetzelfde geld. We zetten op verschillende manieren in op substitutie, bijvoorbeeld door individuele ondersteuning en dagbesteding om te buigen naar collectieve en voorliggende voorzieningen. Belangrijke resultaten in 2025: o
In 2025 hebben we voor het experiment Zorgbuurthuis 't Hageltje een subsidie ontvangen van het Rijk in het kader van SPUK DOS. Hieraan is een intensief proces met het ministerie en het zorgkantoor VGZ voorafgegaan. De SPUK DOS subsidie is een erkenning van de potentie van het zorgbuurthuis om substitutie te realiseren voor met name de Wet Langdurige Zorg. Voor 2026 dienen we een aanvraag in bij het zorgkantoor voor een DOS-subsidie. Daarna is een financiële bijdrage vanuit het zorgkantoor vooralsnog niet gegarandeerd.
o
In Berghem, Lith, Ravenstein en centrum Oss draaien succesvolle dagontmoetingsinitiatieven voor inwoners met (beginnende) dementie of andere gezondheidsbeperkingen. Hiermee voorkomen of stellen we geïndiceerde dagbesteding uit. Vanaf 2025 bekostigen we deze initiatieven uit de subsidieregeling sociale basis.
o
Met de subsidieregeling sociale basis financieren we initiatieven die bijdragen aan substitutie. Hierboven staan de dagontmoetingsinitiatieven al genoemd. We hebben eind 2025 ook subsidie verleend aan een aanbieder die collectieve trainingen geeft, waarmee een indicatie individuele ondersteuning soms kan worden voorkomen of van kortere duur is.
-
De ondersteuning van psychisch kwetsbare inwoners blijft ook de komende jaren een belangrijk thema. In de regio Brabant Noordoost-Oost (BNOO) hebben we een gezamenlijke ambitie, namelijk dat mensen met een psychische kwetsbaarheid zo veel mogelijk thuis wonen en meedoen naar vermogen. Daar waar inwoners (tijdelijk) niet zelfstandig kunnen wonen of het hen niet lukt om op eigen kracht te zorgen voor een dak boven het hoofd, zijn er voldoende passende (tijdelijke) opvangvarianten beschikbaar. We blijven zowel regionaal als lokaal werken aan het minimaliseren van maatschappelijke opvang en zetten in op duurzame huisvesting met de beweging "wonen eerst". We geloven dat eerst een dak en dan de juiste hulp, de sleutel is naar duurzaam herstel. o
We bouwden verder aan de steunstructuren in de wijk in Oss: met ketenpartners werken we aan een zachte landing in de wijk, de ontwikkeling van een zelfregiecentrum met inzet van ervaringsdeskundigen, het verkennend gesprek (waarbij huisarts, GGZ en ONS welzijn nauw samenwerken) en de consultatiefunctie GGZ voor professionals. Hiermee voorkomen we onnodige instroom in de GGZ.
o
In 2025 heeft het college de visie maatschappelijke voorzieningen Schadewijk vastgesteld. Hieruit komt de deelopdracht voor het verplaatsen van het Verdihuis naar één of meerdere locaties.
o
We ontwikkelen het urgentieplus proces naar de huisvesting van urgente doelgroepen in samenwerking met woningcorporaties. Hier is in 2025 volop op ingezet en dit loopt door in 2026. Specifiek voor jongeren is een pilot Eerst een thuis jongeren uitgevoerd in Oss. De succesvolle elementen van deze pilot worden in 2026 vertaald naar een regio brede aanpak dakloosheid jongeren. De aanpak betreft integrale hulp (woning, werk/opleiding/inkomen en ondersteuning Wmo) voor (dreigend) dakloze jongeren.
o
We hebben bestaande inkoopproducten aangepast, gericht op het ondersteunen en beschermen van kwetsbare inwoners midden in de samenleving in diverse woonvarianten. Producten als Geclusterd Beschermd Thuis en Beschermd Thuis met flexibele herstelondersteuning zijn sinds medio 2025 beschikbaar voor deze groep in de regio.
o
We zijn in de regio bezig met de voorbereiding van een locatie Beschermd wonen voor mensen met verslavingsproblematiek. Beoogde locatie voor deze voorziening is in Land van Cuijk.
o
Eind 2024 is een regionale aanpak dakloosheid vastgesteld waarmee we uitvoering geven aan het nationaal actieplan dakloosheid. In 2025 hebben we ingezet op een anti-stigma campagne, verkenning van preventieve woonbegeleiding (voorkomen huisuitzetting), een pilot housing first jongeren, het verkennen van een preventie loket. En vanaf 2026 bieden we ‘Eerst een thuis’ (housing first) aan voor volwassenen met complexe problematiek en herhaalde dakloosheid.
o
We zetten ook lokaal in op huisvesting voor kwetsbare doelgroepen. In Oss zijn we bezig met een tussenvoorziening voor jongeren met een (lichte) hulpvraag.
22
o
Lokaal pakken we de ondersteuning van psychisch kwetsbare inwoners breed op. We zetten in op vroegsignalering, passende hulp en een veilige leefomgeving. Zo kijken we naar een goed functionerende toegang, werken we met een integraal expertise team en zijn we bezig met een nieuwe aanpak rondom woonoverlast.
-
Veel problematiek speelt zich af op het snijvlak van zorg en veiligheid. Denk aan inwoners met psychische problemen, verslavingsproblematiek, armoede, licht verstandelijke beperking, slachtoffer van huiselijk geweld en kindermishandeling. Voor deze inwoners willen we tijdig passende hulp/zorg bieden en overlast en de veiligheidsrisico’s verminderen. Dit doen we aan de hand van vier thema’s, namelijk: thema de aanpak van acute veiligheid, handelingsperspectief van autonomie tot dwang, een passende woon (zorg)plek in de samenleving en maatschappelijk herstel. We werken nauw samen met afdeling Veiligheid bij onze speerpunten: o
We richten ons bij Veiligheid in afhankelijkheidsrelaties op huiselijk geweld, kindermishandeling, oudermishandeling, stalking en femicide. Ernstige en vaak verborgen vormen van geweld die diepe sporen achterlaten in levens en gemeenschappen. Het huidige regionale plan is geëvalueerd en wordt aangepast met een scherpere ambitie. In de komende periode versterken we onze lokale en regionale aanpak samen met partners rond zorg, veiligheid en onderwijs.
o
Personen met onbegrepen gedrag zijn mensen die door psychische kwetsbaarheid, verslaving of andere problematiek ontregeld gedrag vertonen, en die daarmee zichzelf of hun omgeving in gevaar kunnen brengen. Zie hierboven.
-
Samenwerking tussen het sociale en medische domein is in tijden van schaarste belangrijker dan ooit omdat deze gefinancierd worden door verschillende stelsels. o
Huisartsen: we blijven inzetten op maximale samenwerking met HUMO (samenwerkingsorganisatie voor Huisartsen) en de huisartsen in Oss. Ook werken we samen bij de Proeftuin Oss en bij IZA en GALA.
o
Het Integraal zorgakkoord (IZA) en het Aanvullend Zorg- en Welzijnsakkoord (AZWA): de focus ligt op een domein overstijgende samenwerking tussen het medische en sociale domein, een gezonde en actieve leefstijl en langer zelfstandig (samen)wonen. In onze regio is met een groot aantal partners (Samen in Gezondheid, SiG) een transformatieplan geschreven. De landelijke transformatiemiddelen bleken medio 2025 echter op te zijn waardoor er geen financiering is voor dit omvangrijke plan. Het Integraal zorgakkoord (IZA) en het Aanvullend Zorg- en Welzijnsakkoord (AZWA): De focus ligt op een domein overstijgende samenwerking tussen het medische en sociale domein, een gezonde en actieve leefstijl en langer zelfstandig (samen)wonen. In onze regio is met een groot aantal partners (Samen in Gezondheid, SiG) een transformatieplan geschreven. De landelijke transformatiemiddelen bleken medio 2025 echter op te zijn waardoor er geen financiering is voor dit omvangrijke plan. Voor bepaalde onderdelen werd landelijk beslist alsnog middelen vrij te maken. Zo is regionaal door SiG het onderdeel Mentaal Gezond uit het transformatieplan apart ingediend en goedgekeurd voor financiering.
Momenteel werken we regionaal aan de verdere uitwerking van de vijf interventies die in het plan opgenomen zijn, namelijk het Mentaal Gezondheidsnetwerk (inclusief verkennend gesprek), aanpak wachttijden, aanpak autisme/laag IQ, doorontwikkeling STORM en combinatietrajecten netwerk zorg en welzijn.
-
We spannen ons als gemeente Oss in om – naast de inzet voor regulier woningzoekenden – ook zoveel mogelijk in de woonzorgbehoefte per aandachtsgroep te voorzien. Er is een uitvoeringsagenda opgesteld om de doelen uit de Woonzorgvisie te behalen. Inmiddels stellen we woonzorgprogrammeringen op voor de ontwikkelgebieden in gemeente Oss, zodat er voldoende sociale huurwoningen of woonzorgvoorzieningen in de nieuwbouw gereserveerd worden voor aandachtsgroepen. Verder bereiden we ons regionaal en lokaal voor op de Wet Versterking Regie op de Volkshuisvesting (WvrV). Die wet verplicht gemeenten tot het schrijven van een Volkshuisvestingsprogramma. We werken aan woonzorgprogrammering voor ouderen en aandachtsgroepen en een regionale urgentieregeling.
23
2.2 Jeugdhulp Doelstellingen We werken aan de volgende doelstelling(en): -
Jeugdigen in onveilige situaties worden beschermd
-
De hulp voor de jeugdige is zo dicht mogelijk bij huis, nabij het gezin
-
Er is passende (specialistische) jeugdhulp voor de jeugdigen die dit nodig hebben
-
Er is een sterke (gemeentelijke) toegang die verbindingen heeft met partners uit de jeugdketen zoals consultatiebureau, voorschoolse voorzieningen en onderwijs
Hoe ver zijn we met het realiseren van onze doelstellingen? Wij bieden hulp aan alle jeugdigen die dat nodig hebben. Het gebruik van jeugdhulp blijft groeien. We willen van 1 op de 7 jeugdigen naar 1 op de 14 jeugdigen die gebruikmaken van jeugdhulp. Zodat we ervoor kunnen zorgen dat de hulp beschikbaar blijft voor de meest kwetsbare jeugdigen. Vanuit ons dashboard Sociaal Domein kunnen we data van de afgelopen drie jaar vergelijken. We blijven extra groei zien bij ambulante begeleiding en maatwerk. Belangrijk inzicht is dat we vooral kunnen sturen op de vermindering van inzet van jeugdhulp en het beperken van maatwerk. Hiervoor hebben we extra geïnvesteerd in sturing vanuit de BackOffice jeugd en op sturing binnen de lokale teams. We werken aan kostenbewustzijn bij de toegang jeugd. Daarnaast willen we jeugdigen zoveel mogelijk binnen hun eigen gezin, leefomgeving en met behulp van het netwerk ondersteunen. Wat hebben we hiervoor gedaan? -
We hebben het vastgestelde Plan van aanpak Kostenbeheersing Jeugdzorg verder geconcretiseerd, voor de 12 maatregelen “Minder meerkosten” zijn projectplannen opgesteld waarmee de beoogde resultaten bereikt kunnen worden. We bereiden samen met Wmo een gezamenlijk en integraal monitoring- en verantwoordingsysteem voor. Een extern expertbureau heeft met behulp van het Dashboard Sociaal Domein een prognose dashboard ontwikkeld, waarmee we de effecten van de maatregelen kunnen monitoren. Daarnaast zijn alle volgende acties onderdeel van de kostenbeheersingsmaatregelen. Het is dus de bedoeling dat deze allemaal een bijdrage leveren aan de vermindering van de kosten voor jeugdhulp.
-
We hebben de samenwerking met het Land van Cuijk gezocht en zijn bezig onder begeleiding van een externe partij een model te ontwikkelen die als basis dient voor de nieuwe stevige lokale teams. Het gaat om afspraken met jeugdhulpaanbieders en veiligheidspartners in aansluiting op de Osse ontwikkeling naar Stevige Lokale Teams.
-
Op basis van leerervaringen weten we steeds beter hoe en wanneer we de Samenwerkwijze Jeugd kunnen inzetten in heel Oss. We zetten meer in op eigen kracht, het eigen netwerk, voorliggende mogelijkheden, zorg uit andere domeinen dan jeugd en specialisme als dat echt nodig is. We hebben hierover afspraken gemaakt met een aantal jeugdhulpaanbieders.
-
We zijn de Task Force Jeugd met ONS welzijn gestart waarin we afspraken maken over het verminderen van knelpunten in de uitvoering van de jeugdtaken en het verminderen van het gebruik van specialistische jeugdhulp. We hebben overeenstemming bereikt over de visie op het versterken van de pedagogische basis en normaliseren. We zetten in op het versterken van de sturing binnen de lokale teams.
-
We nemen deel aan de regionale ontwikkelingen rond Veiligheid in Afhankelijkheidsrelaties (ViA). We hebben input geleverd voor het nieuwe regionale Koersplan ViA en anticiperen op een nieuwe governance structuur. Op lokaal niveau werken we verder aan de implementatie van de visie gefaseerd samenwerken aan veiligheid en de TOP3 en blijven we investeren op de samenwerking met de regionale partners.
-
We volgen en monitoren de effecten die het team “Alsjeuitelkaargaat Oss” (scheidingsloket) heeft op deescalatie van scheidingsproblemen en vechtscheidingen. En daarmee op de toeleiding naar specialistische hulp. We volgen in hoeverre sprake is van een dekkend aanbod voor ondersteuning en zorg bij scheidingen en realiseren zo nodig nieuw aanbod.
24
-
De pilot zorg intensieve gezinnen die ONS welzijn heeft uitgevoerd heeft een werkwijze opgeleverd die verlichting biedt, maar ook verbeterpunten zichtbaar maakt. Gemeente Oss gaat, met het oog op de strategische heroriëntatie, structurele borging realiseren zonder kostenstijging.
-
We bereiden een onderzoek voor dat antwoord geeft op de vraag wat verbeterd kan worden in samenwerking, werkprocessen, tarieven, afspraken met zorgverzekeraars, zodat we deze gezinnen binnen het reguliere aanbod passend kunnen helpen.
-
We hebben de Verordening Jeugdhulp aangepast. Het inspraakproces is zorgvuldig doorlopen. De nieuwe verordening ligt in februari 2026 voor aan de raad.
-
Scholen vormen een groot deel van de pedagogische basis. Vanuit het programma ‘Sporen naar kansen’ dragen we zorg voor een goede verbinding van jeugdhulp met passend onderwijs en kinderopvang. Tegelijkertijd is samen met de scholen de versterking van de ondersteuningsstructuur binnen het onderwijs voorbereid. In 2026 zal dit tot uitvoering worden gebracht. Het gaat daarbij om Brugfunctionarissen op het Primair onderwijs en Jongerenwerk in het Voortgezet Onderwijs. Door versterkte aandacht vanuit school voor de leerlingen en thuissituatie geven we kinderen maximale kansen op een goede ontwikkeling en voorkomen we doorverwijzingen naar individuele jeugdhulp.
-
Met de hernieuwde aanpak van dyslexie wordt beter onderzocht of er inderdaad sprake is van dyslexie of eerder van achterstand in de taal- en leesontwikkeling wordt. Zo worden onnodige indicaties voorkomen. In samenwerking met het dyslexieteam van het samenwerkingsverband Primair Onderwijs 3006 onderzoeken we mogelijkheden om meer preventief te werken aan leesstimulering, kwalitatief hoogstaand leesonderwijs, inoefenen en begeleiding vóór het stellen van een diagnose.
-
Wij leveren onze bijdrage aan de regionale beleidsontwikkeling door voorzitterschap van het regionaal beleidsteam en deelname aan het regionale programmateam. We werken aan thema’s als inrichting crisishulp NOB, opbouw van kleinschalige woonvoorzieningen, onvoorwaardelijk wonen en afbouw Jeugdzorg+, ontwikkeling jeugdbescherming, afstemming onderwijs-jeugdhulp, ervaringsdeskundigheid, jongerenparticipatie en het verstevigen van pleegzorg.
-
We hebben JIM geïmplementeerd, er is een pr-campagne geweest om “Kamers met Aandacht” te promoten, aan bewoners in Oss is gevraagd of zij kamerverhuur willen bieden voor jeugdigen die uitstromen uit verblijf (jeugdzorg). We zetten in met een toekomstplan voor deze jeugdigen.
2.3 Integratie en opvang Doelstellingen We werken aan de volgende doelstelling(en): -
Iedereen kan volwaardig deelnemen aan de samenleving; waar nodig bieden we internationale werknemers, vluchtelingen en statushouders ondersteuning op het gebied van onder andere taal, huisvesting en welzijn.
-
We bieden opvang van vluchtelingen op een humane en veilige manier binnen onze mogelijkheden.
Hoe ver zijn we met het realiseren van onze doelstellingen? Met de realisatie van de nieuwe locatie voor (asiel)opvang in Oss eind 2024 hebben we een belangrijke stap gezet. We bieden gelegenheid om mee te doen met aandacht voor taal, onderwijs en werk. Met ondersteuning voor wie dit nodig heeft. De draaglast en draagkracht van de opvang, directe omgeving en samenleving zijn in balans. Het versterken van participatie van internationale werknemers in Oss is inmiddels een reguliere werkwijze. Wat hebben we hiervoor gedaan? Huisvesting vergunninghouders De huisvesting van vergunninghouders is een wettelijke taak. Het Rijk bepaalt jaarlijks hoeveel vergunninghouders onze gemeente moet huisvesten. Tot nu toe slagen we erin om aan onze opgave te voldoen op het vlak van wonen, inburgering, meedoen aan het maatschappelijk verkeer. Dit doen we samen met onze netwerkpartners Vluchtelingenwerk, ONS welzijn, Thuis in Oss, politie, BrabantWonen en Mooiland. We vangen statushouders, vluchtelingen uit Oekraïne en asielzoekers op. Financiering van de Oekraïners komt van het Rijk
25
en voor de overige vluchtelingen van het COA. Dit alles gebeurt binnen de financiële kaders die vanuit het Rijk aan de gemeente zijn verstrekt. In de gemeentelijke opvang aan de Spitsbergerweg vangen we asielzoekers en vluchtelingen uit Oekraïne op. De opvang is constant volledig bezet, Thuis in Oss voert de dagelijkse begeleiding naar tevredenheid uit. De relatie met de omgeving is goed, klachten worden direct opgepakt en er wordt door buurtbewoners en andere inwoners van Oss veel geïnvesteerd in vrijwilligerswerk bij de opvang. Verder blijft de crisisnoodopvang aan de Palestrinastraat op verzoek van COA open voor de opvang van asielzoekers. Ook hier wordt de begeleiding door Thuis in Oss verzorgd. Er is een goede verbinding met de opvang aan de Spitsbergerweg. We zorgen voor onderwijs, stimuleren werk voor beide doelgroepen en investeren in taallessen. We zorgen voor zwemvaardigheid en is er een goede relatie met de sportclubs. Internationale werknemers De resultaten van de pilot gericht op integratie en meedoen van kwetsbare internationale werknemers waren positief en lieten een meerwaarde zien. Er worden kwetsbare arbeidsmigranten geholpen, die we voorheen niet bereikten en onder de radar bleven. De pilot (door Stichting Barka en ONS welzijn) is inmiddels onderdeel van de reguliere opdracht aan ONS welzijn.
We verwachten namelijk een groei van het aantal internationale werknemers in Oss, en daarmee ook de vraag naar (preventieve) ondersteuning. 3. Programma-informatie 3.1 Duurzaamheid Sociale duurzaamheid betekent: kiezen voor oplossingen die het probleemoplossend vermogen van de samenleving zelf versterken, waardoor op termijn minder zorg/ondersteuning nodig is en mensen toekomstperspectief hebben. Dat betekent: zoveel mogelijk inzetten op oplossingen waarbij inwoners en hun informele netwerken een actieve rol spelen. Niet zorgen voor een oplossing, maar helpen een oplossing te vinden, zodat de inwoner of de buurt een volgende keer meer zelf kan oppakken. De global goals die bij dit programma horen zijn: geen armoede, geen honger, goede gezondheid en welzijn, gendergelijkheid, ongelijkheid verminderen, duurzame steden en gemeenschappen en vrede, veiligheid en gerechtigheid.
26
3.2 Indicatoren Indicator
Bron
2021
Ik weet waar ik moet zijn CEO monitor over met een hulpvraag
2024*
Ik werd snel geholpen
CEO monitor over
2022
2023
2024
2025
Streefwaarde
82%
66%
68%
72%
n.n.b.
n.v.t.
83%
75%
78%
79%
n.n.b.
n.v.t.
89%
82%
82%
82%
n.n.b.
n.v.t.
1.557
1.616
1.731
1.790
1.553
n.v.t.
378
371
367
362
318
n.v.t.
5
5
3
3
3
9
€ 3.752 € 3.872 €3.993
n.v.t.
2024* De ondersteuning die ik
CEO monitor over
krijg past bij mijn
2024*
hulpvraag Aantal cliënten per
Berichtenverkeer
zorgvorm Wmo
via Suite naar
begeleiding **
datawarehouse SD4
Aantal cliënten per
Berichtenverkeer
zorgvorm Wmo
via Suite naar
dagbesteding **
datawarehouse SD
Aantal cliënten per
Berichtenverkeer
zorgvorm Wmo
via Suite naar
kortdurend verblijf **
datawarehouse SD
Wmo kosten per inwoner
Berichtenverkeer
met een Wmo indicatie
via Suite naar
(kosten uit de Suite) **
datawarehouse
€ 3.279 € 3.359
SD * CEO= cliëntervaringsonderzoek, dit wordt gedaan onder cliënten van gecontracteerde ZIN-aanbieders. ** Aantal inwoners met in het betreffende jaar een actieve Wmo indicatie. De aantallen voor 2025 zijn nog niet definitief 3.3 Waar staat je gemeente In de volgende tabel geven we de verplichte indicatoren vanuit waarstaatjegemeente.nl weer. Om de cijfers van Oss te kunnen plaatsen hebben we daarnaast een referentiemeting opgenomen. We gebruiken hiervoor de gemiddelde waarde van gemeenten in de grootteklasse van 50.000 tot 100.000 inwoners. Indicator
Oss
Referentie
Jaar
Jongeren met delict voor de rechter
1%
1%
2023
Jongeren tot 18 jaar met jeugdhulp
18,6%
14,1%
2024
Jongeren tot 18 jaar met jeugdbescherming
1,3%
1,1%
2024
Jongeren van 12-23 jaar met jeugdreclassering
0,3%
0,4%
2024
Wmo-cliënten met een maatwerkarrangement per
820
680
2025
10.000 inwoners
27
4. Wat heeft het gekost? + is nadeel: hogere uitgaven/lagere inkomsten - is voordeel: lagere uitgaven/hogere inkomsten bedragen x € 1.000 Omschrijving
Jeugdwerk
Wmo collectieve
Lasten
Begroting
Begroting
Rekening
2025
2025 na
2025
primitief
wijziging
2.230
1.954
1.895
Verschil Voordeel/ Nadeel -59
V
Baten
-246
-36
-37
-1
V
Saldo
1.984
1.918
1.858
-60
V
Lasten
25.183
26.125
24.882
-1.243
V
Baten
-13.191
-13.926
-15.241
-1.315
V
Saldo
11.992
12.199
9.641
-2.558
V
Lasten
965
920
880
-40
V
Baten
-285
-927
-936
-9
V
Saldo
680
-6
-56
-49
V
Lasten
18.049
18.176
17.586
-590
V
voorzieningen
Wmo algemeen
Wmo individuele voorzieningen
Wmo begeleiding en
Baten
-252
-272
-289
-16
V
Saldo
17.797
17.904
17.298
-606
V
Lasten
10.687
12.710
12.308
-402
V
Baten
-12
-12
-170
-159
V
Saldo
10.675
12.698
12.138
-560
V
Lasten
43.075
49.857
51.064
1.208
N
dagbesteding
Jeugdhulp
Wmo beschermd wonen
Totaal programma
Baten
-41
-41
0
41
N
Saldo
43.034
49.815
51.064
1.249
N
Lasten
28.379
24.832
24.219
-613
V
Baten
0
0
-172
-172
V
Saldo
28.379
24.832
24.047
-785
V
Lasten
128.569
134.575
132.836
-1.738
V
Baten
-14.028
-15.214
-16.846
-1.631
V
Saldo
114.542
119.361
115.991
-3.370
V
3.936
11.758
13.597
1.839
N
Onttrekkingen reserves
-14.261
-17.166
-16.952
214
N
Totaal mutaties reserves
-10.325
-5.408
-3.355
2.053
N
Resultaat
104.217
113.953
112.636
-1.317
V
Stortingen reserves
28
Toelichting per product Wmo Collectieve voorzieningen We hebben € 1,2 miljoen aan lagere kosten en € 1,3 miljoen aan hogere opbrengsten. Per saldo een voordeel van € 2,5 miljoen. Dit heeft verschillende oorzaken. Dit lichten we hierna toe. -
Lagere kosten (€ 0,6 miljoen) en hogere opbrengsten (€ 1,3 miljoen) voor de opvang van vluchtelingen. We hebben een voordeel van 643.000 op het resultaat van vluchtelingenopvang. We hebben in 2025 een bedrag ontvangen van € 15,1 miljoen. Onze kosten in 2025 waren 9,3 miljoen. Dit betekent dat we een storting in de reserve vluchtelingen hebben gedaan van 5,8 miljoen. Conform de programmabegroting hebben we € 4 miljoen vrij laten vallen uit de reserve ten gunste van de reguliere begroting. Het voordeel van € 643.000 wordt veroorzaakt doordat we meer reguliere kosten ten laste van vluchtelingenopvang hebben gebracht. Daarnaast hebben we lagere energiekosten voor de nieuwe locatie. Daarnaast hebben we € 1,3 miljoen aan hogere inkomsten. Deze inkomsten ontvangen we van het Rijk om de door ons gemaakte kosten voor de verkeersmaatregelen Macharenseweg–Spitsbergerweg (€ 900.000) en de door ons uitgekeerde leefgelden aan Oekraïners te betalen (€ 350.000). Deze inkomsten waren niet begroot.
-
Lagere kosten Maatschappelijke opvang (€ 0,5 miljoen). We hebben € 386.000 over op rijksmiddelen die we in de meicirculaire 2024 ontvangen hebben. Volgens de oorspronkelijke planning zouden we deze middelen in 2025 naar lokale gemeenten uitkeren voor het nieuwe product Eerst een Thuis. De implementatie van dit product heeft meer voorbereidingstijd gevraagd. De aanbesteding van Eerst een Thuis is in het eerste kwartaal van 2025 afgerond. Na gunning is er een voorbereidingsfase van 6 maanden afgesproken met de zorgaanbieder en woningcorporaties. De planning is in 2026 te starten met 10 trajecten en dit daarna uit te bouwen naar maximaal 15 trajecten per jaar. Omdat trajecten over het algemeen een langere looptijd hebben (1-3 jaar) verwachten we dat de uitgaven voor lokale gemeenten voor dit product langzaam gaan toenemen. Daarom willen we de resterende middelen van 2025 graag overhevelen naar 2026 en uitkeren naar de lokale gemeenten, zoals het regionale portefeuillehoudersoverleg Wmo in december 2025 besloten heeft. Daarnaast hebben we in 2025 een inschatting gemaakt van het tekort maatschappelijke opvang 2025. Op basis van deze inschatting zijn verwachte resterende structurele middelen voor dak- en thuisloosheid naar lokale gemeenten uitgekeerd voor de opstart van het nieuwe product Eerst een Thuis.