CConstaterende datOss
Koppel je AI →
Document · PDF

Jaarverslag en jaarrekening 2024 - inclusief controleverklaring accountant

Gemeenteraad 19 juni 2025, gemeente OssBij agendapunt: A Jaarverslag en jaarrekening 202436.467 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 4

Hogere kosten Wmo voorzieningen (€ 224.000). Dit heeft vooral te maken met hogere kosten voor woningaanpassingen (afgerond € 160.000) en hogere kosten voor PGB's bij vervoersvoorzieningen (afgerond € 65.000). We zien bij de woningaanpassingen hogere kosten in het laatste kwartaal. Het verloop van deze kosten is altijd moeilijk te voorspellen. We zien in het algemeen wel dat er meer woningaanpassingen zijn doordat mensen langer thuis blijven wonen.

−

Hogere kosten kleinschalig collectief vervoer (€ 89.000). Dat heeft te maken met een btw-naheffing van de Belastingdienst over de periode 2019-2024. Bij een controle door onze fiscaal adviseur is gebleken dat de btw op de reizigersbijdragen die we ontvangen van de gebruikers van de Regiotaxi niet goed in onze administratie opgenomen was. We hebben dit inmiddels aangepast.

−

Lagere kosten huishoudelijke verzorging (€ 1,2 miljoen). De kosten aan hulp bij huishouden zijn € 1.188.000 lager uitgevallen dan we hadden verwacht. Vanaf 2024 is er een nieuwe aanbesteding ingegaan. We hanteren een andere methodiek, door de mogelijk minder gemaakte uren van aanbieders op nacalculatie te verrekenen. Dit betekent dat de aanbieders een correcte aanlevering van de uren aan ons rapporteert per kwartaal. Wanneer blijkt dat de urennorm voor de maatwerkvoorziening en/of algemene voorziening niet wordt gehaald, we het verschil zullen terugvorderen. Regionaal hebben we, eind 2024, afgestemd om deze werkwijze uniform uit te voeren. Deze nieuwe werkwijze heeft geleid tot verrekeningen en daardoor een onverwacht voordeel door terugvorderingen. Het is belangrijk dat we deze ontwikkeling in 2025 nauwgezet blijven volgen, om de begroting tijdig te kunnen bijsturen.

Wmo Dagbesteding en begeleiding Op individuele ondersteuning en begeleiding is er in totaal een nadeel van afgerond € 358.000. Dit nadeel is op hoofdlijnen als volgt opgebouwd: −

De kosten voor individuele begeleiding zijn afgerond € 110.000 hoger uitgevallen dan we begroot hadden. In de programmabegroting hadden we al een nadeel van € 1,2 miljoen gemeld als gevolg van stijgende aantallen. Het uiteindelijke nadeel is iets hoger uitgevallen dan we toen ingeschat hadden.

−

Naast het Wmo-budget dat beschikbaar is gesteld voor de proeftuinen Ruwaard en Ussen is € 520.000 uitgegeven aan frictiekosten voor de proeftuinen. Hiermee komen de totale frictiekosten op 945.000. We hadden deze op € 425.000 begroot. De frictiekosten zijn bedoeld om te zorgen voor een goede overgang van inwoners van niet-proeftuinaanbieders naar aanbieders die binnen de proeftuin werken. De proeftuinen zijn op 1 juli 2024 gestart. Er was tijd nodig om inwoners van niet-proeftuinaanbieders op een zorgvuldige manier te plaatsen bij aanbieders binnen de proeftuin. Daar hoort onlosmakend bij dat de nietproeftuinaanbieders in deze overgangsperiode hun geleverde ondersteuning bij ons hebben kunnen declareren. Op voorhand waren deze kosten moeilijk in te schatten omdat we per inwoner maatwerk wilden toepassen. Daarmee was de duur van de overgangsperiode op voorhand moeilijk te bepalen. Een goede overgang van de inwoners stond en staat in dit proces voorop. Dekking voor de frictiekosten is deels te vinden in de gelden voor IZA en GALA. Voor het restant zijn we met het netwerk in gesprek om ook een bijdrage te leveren. De overgangsperiode loopt door in 2025. Daar hebben we ook kosten voor begroot. In 2025 volgen we het verloop daarvan.

−

De kosten aan Wmo PGB’s voor individuele ondersteuning en dagbesteding zijn € 288.000 lager uitgevallen dan we begroot hadden. We zien dat het aantal verstrekte PGB’s lager is dan in voorgaande jaren. Dat komt doordat we aanvragen nadrukkelijker toetsen aan de voorwaarden die voor een PGB gelden.

29

Daardoor verstrekken we minder PGB’s en indiceren we meer Zorg in Natura (ZIN). We bekijken in de loop van 2025 of deze trend van dalende aantallen doorzet. Als dat het geval is verschuiven we budget van PGB naar ZIN. Bij ZIN hebben we namelijk te maken met tekorten op de budgetten. Jeugdzorg De totale begrote kosten aan jeugdhulp (inclusief het Centrum voor Jeugd en Gezin) waren in 2024 € 42,6 miljoen. De werkelijke kosten waren € 44,6 miljoen. Dit betekent een tekort van € 2 miljoen (saldo inclusief mutaties reserves voor jeugdhulp). Het tekort is een combinatie van een aantal voor- en nadelen: we hebben hogere Zorg in Natura (ZIN)-kosten van afgerond € 2,5 miljoen en lagere regionale kosten van afgerond € 500.000. Bij de ZIN-kosten zien we nog steeds hoge(re) uitgaven aan begeleiding specialistisch en alle vormen van specialistische GGZ. Daarnaast is maatwerk fors toegenomen. Daarbij zien we hogere aantallen. Verder zijn de gemiddelde kosten van de trajecten maatwerk gestegen, onder andere omdat er meer 1 op 1 begeleidingstrajecten zijn in combinatie met verblijf. Tenslotte zijn de vervoerskosten (van en naar zorgaanbieders) meer dan verdubbeld. We zijn de plannen voor kostenbeheersingsmaatregelen aan het concretiseren. De belangrijkste pijlers waar we op in willen zetten zijn normaliseren, kostenbewustzijn, en sturen op volume en duur van de trajecten.

De uitwerking hiervan loopt mee in de strategische heroriëntatie. De lagere regionale kosten (€ 500.000) zijn als volgt te verklaren: −

Lagere uitgaven aan het regionale project transformatie. Dit project is eind 2024 afgerond. We krijgen € 418.000 aan restantbudget terug. Daardoor hebben we in 2024 minder onttrokken aan de algemene reserve.

−

Het resterende voordeel heeft vooral te maken met lagere regionale uitvoeringskosten bij RIOZ (de regionale inkooporganisatie).

Wmo Beschermd wonen De totale uitgaven aan beschermd wonen zijn afgerond € 1,1 miljoen lager uitgevallen dan we begroot hadden. Dit bedrag is te splitsen in € 884.000 lagere regionale uitgaven en € 214.000 lagere lokale uitgaven. De lagere regionale uitgaven hebben vooral te maken met lagere ZIN-kosten. Dit is onder andere te verklaren doordat niet alle plekken voor beschermd wonen het hele jaar volledig benut worden. Dat komt onder andere doordat er niet altijd een match is tussen vraag en aanbod. Daarnaast zijn de uitgaven aan maatwerk lager uitgevallen. Dat heeft te maken met het feit dat we onze inwoners bijna niet meer buiten de regio kunnen plaatsen omdat die locaties vol zitten. Dat geldt vooral voor de groep structurele overlastgevers en verslaafden. We zijn bezig met het contracteren van nieuwe producten Beschermd Thuis en Geclusterd Beschermd Thuis vanaf 1 juli 2025. We verwachten vanaf dan een verschuiving in het aanbod van de huidige producten voor beschermd wonen, waardoor we beter passend aanbod voor de doelgroep hebben en we mensen dus meer en beter kunnen plaatsen. Dat geldt ook op het moment dat we een voorziening voor opvang van verslaafden in herstel kunnen realiseren. De lagere lokale uitgaven hebben vooral te maken met het feit dat we de € 200.000 die we hadden aangevraagd uit het Investeringsfonds Beschermd Wonen niet uitgegeven hebben.

Dit bedrag was bedoeld voor het doen van onderzoek naar een nieuwe woonvorm voor inwoners met een psychische kwetsbaarheid die nog niet in staat zijn volledig zelfstandig te wonen. Er is een langere aanlooptijd nodig geweest om de opdracht en de vraagstukken concreet te krijgen. Daarnaast zijn enkele werkzaamheden binnen de bestaande formatie uitgevoerd. We hebben resultaatbestemming aangevraagd om dit bedrag in 2025 alsnog te besteden.

30

Stortingen reserves We hebben € 1,9 miljoen meer gestort in reserves. Het gaat om de volgende posten: −

We hebben € 1 miljoen meer in de reserve Vluchtelingen gestort. Dat komt vooral door de middelen die we ontvangen hebben voor onze crisisnoodopvang voor het COA.

−

We hebben afgerond € 884.000 meer in de reserve beschermd wonen gestort dan we begroot hadden. Dat heeft te maken met het voordelige resultaat op de regionale middelen voor beschermd wonen zoals we hiervoor toegelicht hebben.

Onttrekkingen reserves We hebben € 0,7 miljoen minder onttrokken aan reserves. Het gaat om de volgende posten: −

Lagere onttrekking voor regionale project transformatie jeugd (€ bedrag ). Dit project is eind 2024 afgerond. We krijgen € 418.000 aan restantbudget terug.

−

Lagere onttrekking voor de proeftuin (€ 87.000). We hebben kosten gehad, hierdoor is een onttrekking van de reserve IZA/GALA niet noodzakelijk gebleken.

−

Lagere onttrekking IZA/GALA (€ 87.000). Bij de begroting dachten we dat er geen budgetruimte was voor activiteiten in het kader van bestrijding eenzaamheid ouderen. Daarom hebben we hiervoor als dekking de reserve IZA/GALA ingezet. Via centrumgemeente 's-Hertogenbosch hebben we in 2024 budget ontvangen voor het Integraal Zorgakkoord (IZA). Dit bedrag is hoger uitgevallen dan we verwacht hadden. Daardoor was er voldoende ruimte beschikbaar om de lasten van bestrijding eenzaamheid ouderen te betalen. Hierdoor hebben we voor dit onderdeel geen onttrekking uit de reserve hoeven te doen.

−

Lagere onttrekking reserve dak- en thuisloosheid (€ 96.000). Dat heeft te maken met lagere uitgaven aan de pilot Eerst een thuis, zoals we hiervoor toegelicht hebben en lagere kosten voor de winteropvang.

31

Lasten per product In de volgende figuur hebben we voor 2024 de totale lasten per product in beeld gebracht (bedragen x € 1.000).

5. Overzicht subsidies We geven hier een overzicht van de subsidies binnen dit programma per product. Voor meer detailgegevens over de subsidies per instelling verwijzen we naar de website https://financien.oss.nl/. Bedragen x € 1.000 Omschrijving

Rekening

Begroting

Rekening

2023

2024

2024

Jeugdwerk

865

1.098

1.083

Jeugdzorg

3.994

4.283

4.283

203

298

298

Wmo begeleiding en dagbesteding Wmo beschermd wonen

1.389

786

600

Wmo collectieve voorzieningen

7.727

10.973

10.895

14.178

17.438

17.158

Totaal programma 1. Welzijn en zorg

32

Programma 2. Werk, inkomen en onderwijs

33

1. Inleiding Onze samenleving staat voor grote veranderingen. Door ontwikkelingen op demografisch gebied zien we dat ons systeem van sociale zekerheden onder druk komt te staan. De zorgvraag neemt de komende jaren toe en wordt vaak ook nog complexer. Waar we de afgelopen decennia vanuit de overheid ondersteuning boden aan het individu is het nu en in de toekomst noodzakelijk dat ook onze inwoners elkaar ondersteunen. Dit is niet alleen noodzakelijk vanuit een kostenperspectief, we moeten schaarste herverdelen, maar ook vanuit het perspectief van een krappe arbeidsmarkt. We hebben iedereen nodig. Als gemeentelijke overheid willen we ondersteuning bieden om voor iedere inwoner meedoen mogelijk te maken. Wij werken aan een veerkrachtige en inclusieve samenleving in Oss. In het sociaal domein doen we dat vanuit de volgende waarden: -

Mens centraal. Inwoners willen zoveel mogelijk eigen regie en verantwoordelijkheid over hun leven en hun leefomgeving. Zij doen en kunnen veel zelf en samen met hun omgeving. We sluiten daarom aan bij de mensen en wat zij aanvullend nodig hebben.

-

Nabijheid. Wij zijn makkelijk benaderbaar. Ondersteuning is nabij en waar mogelijk ingebed in de sociale structuur in de dorpen en wijken.

-

Eenvoud. We werken vanuit de bedoeling en doen wat nodig is, passend bij de inwoner en zijn mogelijkheden. We maken steeds de afweging hoe we administratieve processen voor inwoners, onze samenwerkingspartners en de gemeentelijke organisatie kunnen vereenvoudigen.

-

Vakmanschap en partnerschap. Onze medewerkers zijn deskundig, hebben de juiste competenties en blijven leren. Ondersteuning voor onze inwoners geven samen met partners vorm. We bouwen aan netwerken en participeren hier actief in. Professionals vanuit verschillende afdelingen en organisaties en inwoners werken waar nodig integraal samen. Hierbij is de Samenwerkwijze uitgangspunt.

Naast passende dienstverlening aan onze inwoners en de transformatie van het sociaal domein sturen we op de betaalbaarheid van het geheel. Inhoudelijk onderschrijven we de landelijke agenda voor het sociaal domein. Dat betekent investeren in herstellen van bestaanszekerheid, vergroten kansengelijkheid en gezond leven makkelijker maken. Bij bestaanszekerheid gaat het om de zekerheid van voldoende en voorspelbaar inkomen via werk of anderszins om mee te kunnen doen in de samenleving. Ook zekerheid van betaalbaar wonen, toegang tot betaalbare zorg en de mogelijkheid om een financiële buffer op te bouwen zijn noodzakelijke voorwaarden om je als mens te ontwikkelen en te participeren in de samenleving. We werken daarom aan een inclusieve arbeidsmarkt met mogelijkheden voor mensen om te werken naar vermogen. Daarbij bieden we ondersteuning als mensen stress ervaren op het gebied van bestaanszekerheid. Het nieuwe beleidskader Aanpak Geldzorgen, maar ook de nieuwe participatiewet gaan daarin helpen. Om de kansen op meedoen te vergroten investeren we in onderwijs. Zowel in de aansluiting op de arbeidsmarkt als met onderwijsinstellingen. We streven naar inclusief onderwijs en kinderopvang en passende ondersteuning voor jeugdigen en jongvolwassenen. Daarbij zijn basisvaardigheden op het gebied van taal, rekenen en digitaal gebied van groot belang.

Dit vertaalt zich in de aanpak laaggeletterdheid en geslaagde inburgeringstrajecten. Allemaal opgaven waaraan wij in dit programma werken.

34

2. Programma-onderdelen 2.1 Werk en talentontwikkeling Doelstellingen We werken aan de volgende doelstelling(en):

-

Iedereen die kan en wil werken, heeft werk of volgt een opleiding daarvoor Inwoners in Oss beschikken over basisvaardigheden (taal, rekenen, digitale vaardigheden) Bedrijven in Oss beschikken op het juiste moment over de juiste hoeveelheid mensen, met de juiste kwalificaties op de juiste plek

Hoe ver zijn we met het realiseren van onze doelstellingen? De arbeidsmarkt is en blijft (heel) krap door de vergrijzing en ontgroening. Met alleen instroom vanuit het onderwijs (jongeren) op de arbeidsmarkt hebben we niet genoeg arbeidskrachten. We willen daarom -ook in de regio- onze bedrijven ondersteunen door anders te werken en zoveel mogelijk talenten te benutten. Belangrijk hiervoor is ook dat mensen zich hun leven lang blijven ontwikkelen. Onder de vlag van UNESCO Lerende stad Oss ontplooien wij activiteiten die daar op aansluiten. Het onderzoek ‘Osse Ontwikkeling Centraal’ heeft duidelijk gemaakt dat veel inwoners graag trainingen en cursussen willen volgen om zo flexibel mee te kunnen blijven doen in de samenleving en op de arbeidsmarkt. Onze aanpak voor basisvaardigheden 'Meedoen begint bij de basis' is een element daarin. Ook blijkt uit het onderzoek dat Osse ondernemers voor hun werknemers hier graag op willen investeren. Gezamenlijk maken we een lokaal arbeidsmarktbeleid. Ondanks de krappe arbeidsmarkt neemt het aantal mensen met een bijstandsuitkering toe, vooral door instroom van kwetsbare jongeren en statushouders. Wij blijven met een variatie aan dienstverlening ondersteunen bij het vinden van werk of een opleiding. Wat hebben we hiervoor gedaan? -

De tweejaarlijkse evaluatie van het partnership gemeenten-IBN is uitgevoerd en heeft geleid tot nieuwe afspraken voor 2025-2026. De huidige afspraken zijn over het algemeen voortgezet en de hoogte van de lumpsumfinanciering voor IBN is aangepast.

-

Daarnaast zijn we aan de slag met het strategisch partnership met IBN voor de lange termijn (2035).

-

Wanneer nodig plaatsen wij inwoners op een beschutte werkplek. Per februari 2025 hebben 147 mensen een indicatie beschut werk: 62% daarvan is aan het werk, 29% zit in een traject maar is nog niet geplaatst.

-

De herziening van de Participatiewet (wetsvoorstel Participatiewet in balans) is opnieuw uitgesteld naar 1 januari 2026. Deze herziening past in onze visie. We bekijken hoe we al kunnen voorsorteren op de voorgestelde maatregelen genoemd in het wetsvoorstel.

-

Jongeren met en zonder uitkering blijft een belangrijke en groeiende doelgroep, die voornamelijk bestaat uit vergunningshouders en jongeren uit het voortgezet speciaal onderwijs en praktijkonderwijs. De consulenten uit het jongerenteam benaderen deze jongeren actief en begeleiden ze naar school of werk en zorgen dat ze hun werk behouden via inzet van jobcoaching.

-

Voor jongeren tussen de 16 en 27 jaar met vraagstukken op meerdere leefgebieden werken we intern samen en betrekken externe partners, zodat er voor de jongeren integrale oplossingen worden gerealiseerd (zie ook programma 1).

-

Wij ondersteunen statushouders met een breed pakket vanuit de wet Inburgering, gericht op integratie, taalvaardigheid en toeleiding naar werk. De taakstelling huisvesting statushouders vanuit het Rijk was voor 2024 was 170; wij hebben voor 187 statushouders huisvesting gerealiseerd.

-

Vanuit de WEB-middelen (Wet Educatie Beroepsonderwijs) zetten we actief in op het verbeteren van de basisvaardigheden van volwassen inwoners van Oss. In 2024 zijn de formele trajecten opnieuw (regionaal) aanbesteed.

35

-

Voorbereiding en implementatie Regiesysteem Zorgned is een belangrijke ontwikkeling, die tegelijkertijd veel tijd heeft gevraagd; het is een integraal systeem voor de uitvoering sociaal domein, waarop ook Ons Welzijn is aangehaakt. Het ondersteunt de Samenwerkwijze. Voor inrichting van het systeem zijn werkprocedures voor alle uitvoerende teams in het sociaal domein aangescherpt en gewijzigd, het systeem getest, trainingen ontwikkeld. De uitvoeringsafdelingen zijn hier, naast hun reguliere werkzaamheden, extra mee belast. De dienstverlening aan de inwoners is doorgegaan, de interne ondersteuning had weinig ruimte voor andere ontwikkelingen.

-

Het beleidskader ‘Meedoen begint aan de basis’ is herijkt en vastgesteld. Wij hechten grote waarde aan uitbreiding van de Digi-Taalhuispunten, waar mensen terecht kunnen voor digitale ondersteuning en taalaanbod. Onze speerpunten zijn de bekendheid met het Taalaanbod, de samenwerking met partners in de keten (arbeid, schuldhulpverlening, onderwijs en zorg), het informele aanbod in de buurt en de betrokkenheid van de werkgevers. In 2024 zijn we gestart met de trainingen van der eerstelijns medewerkers in het herkennen van signalen van laaggeletterdheid. Ook hebben het DigiTaalhuis en het Informatiepunt Digitale Overheid een voorlichtingsfilmpje gelanceerd om een breder publiek te bereiken.

-

In 2024 bezochten ongeveer 300 inwoners het spreekuur van het DigiTaalhuis en gemiddeld per week 45 mensen het Taalcafé. We zien dat vooral Oekraïners hun weg weten te vinden naar het taalaanbod. In 2024 is er bij het KW1C een extra klas gestart op B1-niveau met Oekraïners. Ook onder de 143 aanmetingen bij onze formele taalaanbieder Sagenn is een grote groep met Oekraïners.

-

Doel in de regio Noordoost Brabant is dat eind 2024 7909 banenafspraken gerealiseerd zijn. Eind Q3 zijn er 8.115 actieve banenafspraken, 2,6% boven de taakstelling.

-

Binnen de arbeidsmarktsamenwerking Noordoost Brabant Werkt is het regionale Werkcentrum ingericht. Hierin zijn het Werkgeversservicepunt, het RMT en het Leerwerkloket samengegaan en daarmee is er een digitaal centraal punt gekomen voor dienstverlening aan inwoners en werkgevers voor vragen rondom werk. Onze regio heeft actief bijgedragen aan de landelijke ontwikkeling en doet mee in de voorhoede.

-

Voor de aanpak van de arbeidskrapte heeft Noordoost Brabant Werkt een Human Capital Agenda Noordoost Brabant gelanceerd. Hiervoor is een analyse van de krapte op de arbeidsmarkt uitgevoerd en is met de netwerkpartners gezamenlijk gekozen voor versterking van specifieke sectoren: zorg, onderwijs & kinderopvang, veiligheid, agrofood, energie, maakindustrie, bouw & infrastructuur, ICT.

-

We versterken, naast de naamsbekendheid van de Osse bedrijven bij studenten/potentiële werknemers, de leer- en ontwikkelcultuur bij werkgevers én in het onderwijs via de lerende stad Oss en regionale projecten. Om dit te doen hebben we diverse activiteiten uitgevoerd als onder andere de jongerenbedrijvendag waar scholieren kennismaken met de bedrijven in Oss, dag van de techniek en de week van de techniek zodat zowel kinderen als ouders jaarlijks kennismaken met de mogelijkheden bij bedrijven. Ook organiseerden we een NEXT-lezing voor onderwijsprofessionals over vernieuwend onderwijs en de digitale werkplaats waar de HAN en Oss bedrijfsleven samenwerken aan praktijkgerichte opdrachten.

-

We ontwikkelen lokaal arbeidsmarktbeleid. Daarvoor hebben we onder inwoners, onderwijs, ondernemers en maatschappelijke instellengen onderzoek laten doen naar de kansen voor Leven lang ontwikkelen in Oss. We hebben een breder onderzoek Arbeidsmarkt Oss gedaan onder ondernemers en onderwijs. De eerste resultaten zijn gepresenteerd aan ruim 50 Osse partners die samen de Oss Arbeidsmarkt Community vormen. En middelbare scholieren in Oss en studenten KW1C en de Han hebben zich bezig gehouden over de vraag over jong talent behouden en binden in Oss.

-

We hebben een nieuwe visie voor de Talentencampus uitgewerkt, in aansluiting op de Lerende Stad Oss. Het voorstel voor de passende wijze van besturen en de rol van de gemeente hierin, is nog in ontwikkeling.

2.2 Bestaanszekerheid Doelstellingen We werken aan de volgende doelstelling(en):

-

Inwoners in Oss hebben bestaanszekerheid en kunnen meedoen in de samenleving Inwoners die in de knel komen maken maximaal gebruik van de mogelijkheden uit het armoedebeleid. Er is goede ondersteuning voor inwoners met beginnende geldzorgen tot en met problematische schulden

36

Hoe ver zijn we met het realiseren van onze doelstellingen? Eind 2023 hebben we het beleidskader Aanpak Geldzorgen 2023-2028 vastgesteld. Dit geeft richting aan de activiteiten voor mensen met vragen en problemen rondom inkomen en schulden. Daarbij maken we onderscheid in activiteiten voor iedereen met geldzorgen, ondersteuning van mensen in armoede en ondersteuning van mensen met schulden. Wij hebben conform het nieuwe beleid de vergoedingen voor de regeling Meedoen is belangrijk verhoogd. Inwoners in Oss hebben nu meer ruimte om zelf te kiezen hoe zij hun maatschappelijke participatie vormgeven. Ook in 2024 hielpen veel mensen in onze gemeente elkaar bij de aanpak van geldzorgen. Er zijn verschillende vrijwilligersinitiatieven die inwoners in de knel helpen. Zij weten steeds meer inwoners te bereiken en weten elkaar en de gemeente goed te vinden. Wij hebben met vroegsignalering, budgetcoaching en BB-Oss een grotere variatie voor ondersteuning bij problematische én beginnende geldzorgen. Daarmee kunnen we meer preventief werken zodat minder schuldhulpverleningstrajecten nodig zijn, en kunnen we betere nazorg bieden. Wat hebben we hiervoor gedaan?

-

Onze aanpak budgetcoaching is geëvalueerd. Dit instrument heeft een (relatief) hoog bereik en is een laagdrempelige manier om hulp te krijgen. Inwoners zijn tevreden over de dienstverlening en we bereiken veel (36%) jongeren.

-

Team Schuldhulpverlening heeft een nieuwe naam gekregen: team Geldzorgen. Deze naam past beter bij de rol die we als gemeente hebben voor onze inwoners. We helpen mensen met geldzorgen op verschillende manieren: dat kan door vroegsignalering, budgetcoaching, met budgetondersteuning en beheer, of door gesprekken bij het financieel spreekuur.

-

Het minnelijk schuldhulpverleningstraject is verkort naar anderhalf jaar (conform de Wet Gemeentelijke Schuldhulpverlening).

-

De bedragen voor MIB en AZOSS zijn verhoogd. Ook zijn de zwemvouchers uitgebreid, nu kunnen kinderen uit minimagezinnen diploma’s A, B en C halen met een voucher. Verordeningen zijn hiervoor aangepast.

-

We hebben uitvoering gegeven aan de landelijke aanpak alleenverdienersproblematiek, waarmee wij gezinnen compenseren die door een fout in landelijke berekeningen te weinig inkomen ontvangen.

-

Vanaf 1 januari 2024 geven we uitvoering aan het nieuwe debiteurenbeleid bij de Participatiewet. We schelden bijstandsschulden eerder kwijt. Zo kan de inwoner uit een vicieuze cirkel komen en zich weer richten op het voeren van een normaal leven zoals iedere andere inwoner. Het biedt perspectief op een stabiele financiële situatie en daarmee is de basis gelegd om te kunnen meedoen in de samenleving.

-

Wij hebben het actieonderzoek ‘In de dichterbijstand’ van de universiteit van Humanistiek voortgezet. Met consulenten, interviewers (ervaringsdeskundigen uit Oss die begeleid worden door Movisie) en inwoners verkennen we de werkrelatie: hoe ervaren inwoners deze en welke acties kunnen uitgezet worden om deze te verbeteren.

-

Gemeente en Ons Welzijn werken steeds meer gebiedsgericht samen in de sociale teams. Inwoners kunnen op verschillende manieren om ondersteuning vragen. Door een nauwere samenwerking kunnen we in het sociale team beter ondersteunen bij hulpvragen die gaan over meerdere leefgebieden. Zo staan we dichter bij de inwoners, en kunnen we beter inspelen op hun vraag en ontwikkelingen in de wijk. In alle gebieden is ook een financieel spreekuur, waar inwoners laagdrempelig binnen kunnen lopen met vragen bij geldzorgen.

-

Het convenant ‘Samen voor een Oss van morgen’ is gezamenlijk met de bewindvoerders stopgezet. Dit instrument had niet het verwachte resultaat op de samenwerking met bewindvoerders. Deze samenwerking blijft belangrijk, daarom hebben we op 7 november 2024 een eerste gezamenlijke bijeenkomst georganiseerd.

-

De app Kwikstart is gelanceerd. Deze app kan jongeren helpen informatie te vinden over belangrijke informatie (bijv. zorg, wonen, onderwijs en geldzaken). Ook ontvangen alle jongeren die 18 jaar worden een kaartje waarmee we informatie geven over zaken die geregeld moeten worden als je 18+ bent.

-

Bij het Talent Atelier hebben middelbare schoolleerlingen meegedacht hoe we financiële educatie voor scholieren vorm kunnen geven.

37

-

Eind 2023 zijn we gestopt met de samenwerking met Stichting Jeugdfonds Sport en Cultuur. In 2024 heeft Stichting Leergeld Oss deze taken overgenomen. Zij helpen nu kinderen financieel zodat zij kunnen sporten of mee kunnen doen aan culturele activiteiten (zoals muziekles).

-

In navolging van de Dag van de DigiD (2023) is in 2024 de DigiD on tour georganiseerd door de gemeente Oss, ONS welzijn en de bibliotheek Oss. Gedurende een week hebben we verschillende kernen bezocht. Hier zijn 3 bijeenkomsten gegeven met uitleg over DigiD, het belang daarvan en de gebruiksmogelijkheden en het belang. Daarnaast waren er 3 inloopmomenten waarbij inwoners met vragen over DigiD konden binnenlopen en door professionals en vrijwilligers werden geholpen. In totaal hebben we met deze tour ongeveer 130 inwoners bereikt.

-

Daarnaast hebben vele bestaande initiatieven hun goede werk voortgezet. Zoals onze vrijwilligerspartijen die zich onvermoeibaar blijven inzetten voor hun medemens. Ook de financiële spreekuren en aanpak vroegsignalering blijven goed lopen. Bij BB-Oss zien we ook een significante toename van gebruik.

2.3 Opvang, onderwijs en onderwijshuisvesting Doelstellingen We werken aan de volgende doelstelling(en):

-

Onderwijs in Oss is inclusief en biedt kinderen gelijke kansen voor de ontwikkeling van hun talent Er is een goede aansluiting van jeugdhulp op ondersteuning in opvang en onderwijs Onderwijshuisvesting is van goede kwaliteit

Hoe ver zijn we met het realiseren van onze doelstellingen? We willen en gunnen dat elk kind zich kan ontwikkelen passend bij zijn/haar fysieke, mentale en creatieve mogelijkheden als voorbereiding op volwaardige en betekenisvolle deelname aan de samenleving van morgen. Dat betekent onder meer leren samenwerken en samenleven met alle verschillen en mogelijkheden die kinderen en jongeren hebben zonder uitsluiting en zoveel als mogelijk bij elkaar. Dat is de ambitie en opdracht van inclusief onderwijs. Het onderscheid tussen regulier en speciaal onderwijs zoals we dat nu kennen, krijgt een andere invulling, zal veel minder scherp worden en samengaan. De landelijke ambitie is dat in 2035 alle schoolgebouwen in Nederland ‘inclusief’ zijn. Dit wil zeggen zonder fysieke en onderwijsinhoudelijke drempels voor álle deelnemers. In 2024 zette Oss al concrete stappen. Onder meer door samen met schoolbesturen en samenwerkingsverbanden met bijeenkomsten en ‘werkvloersessies’ het thema inclusief onderwijs te verkennen en nieuwe onderwijshuisvesting te plannen waarin Speciaal Basisonderwijs en twee reguliere basisscholen samen onderdak krijgen en een inclusief onderwijsprogramma wordt opgesteld. Wat hebben we hiervoor gedaan? -

Het voorkomen van voortijdig schoolverlaten begint door in te zetten op een preventieve aanpak van schoolverzuim. Een integrale aanpak in samenspraak en afstemming met het onderwijs en ketenpartners. Ook in 2024 waren alle jongeren die het onderwijs zonder startkwalificatie hebben verlaten in beeld bij het RBL BNO. Het percentage voortijdig schoolverlaters in Oss daalde van 2,6% in 2021-2022 naar 2,3% in 2022-2023.

-

Door vertraging van de wet van school naar duurzaam werk ontbreekt tot 1 januari 2026 de wettelijke grondslag om jongeren van 23-27 jaar te monitoren en te benaderen. In samenspraak met jongerenconsulenten van de gemeente Oss en het Actieteam 16-27 jaar wordt tot 1 januari 2026 waar nodig wel dienstverlening door het RBL BNO geboden aan jongeren van 23-27 jaar.

-

We hebben de subsidieregeling kinderopvang herijkt met mogelijkheid voor het invoegen van extra subsidies bij veel doelgroepkinderen (>50% en >75% per groep) en extra opleidings-VVE subsidie per groep voor kleine aanbieders zodat thuisnabij VVE aanbod rendabel is.

-

We zijn in 2024 gestart met de Voorleesexpres in de hele gemeente (als vervanger van de Leesexpeditie). Dit is beschikbaar voor een bepaald/beperkt aantal kinderen die hier echt voordeel van hebben.

38

-

Op alle locaties voor kinderopvang wordt op basis van een wettelijke verplichting jaarlijks toezicht gehouden; voor gastouderopvang gaat het jaarlijks om 50% van de locaties. Het toezicht is in overleg met de GGD risico gestuurd en themagericht ingericht. Er is in 2024 sprake geweest van 1 groot handhavingstraject, waarna de houder op eigen initiatief de opvang heeft beëindigd.

-

Wij hebben dyslexie beleid geëvalueerd en daaruit adviezen gekregen over welke interventies succesvol zijn voor het voorkomen van dyslexie, en over mogelijkheden om de dyslexietrajecten in de specialistische jeugdhulp passend in te zetten en ook terug te dringen.

-

De pilot logopedische screening in de VVE-kinderopvang is geëvalueerd (de algemene GGD screening is enkele jaren geleden vervallen). Er is geen aanleiding voor vervolgactiviteiten in deze groep. De opvang zet op eigen initiatief, en in aansluiting op de pilot, wel in op kennisversterking rond spraak/ taalontwikkeling en NT2. Aanvullend vindt nog een screening plaats op enkele niet VVE-kindgroepen.

-

Wij ontwikkelen vanuit het OBEA een voorstel om te komen tot brugfunctionarissen op alle scholen; dat is ook ter vervanging van de familiecontactpersonen die op enkel scholen aanwezig waren. De Brugfunctionaris krijgt tot taak om (hulp)vragen van ouders, kinderen en jongeren vanuit school en bij voorkeur met de eigen wijk en omgeving – in de normale pedagogische omgeving van het kind - op te pakken en daarmee doorverwijzing naar (specialistische) jeugdhulp te voorkomen. In 2024 deden we met een kortlopende pilot en gesprekken met schoolbesturen en Ons Welzijn de eerste ervaringen,

-

De pilot Onderwijszorgarrangementen (OZA) zijn afgerond. Samen met onderwijs, andere gemeenten en jeugdhulppartners voeren we gesprekken hoe we gezamenlijk de ambities rondom inclusie waar te maken. Zoals de experimenteerregeling waar we samen met het samenwerkingsverband 30 06 PO, de gemeente Maashorst, de Vlinder en Sterrenkijker aan mee doen en de ontwikkelingen rondom ‘Wel In Ontwikkeling’ waar we samen met andere partijen onder leiding van het samenwerkingsverband 30 06 PO, onderwijsaanbod voor hoogbegaafden in onze regio bespreken.

-

Heel 2024 is in de Schadewijk in de vorm van KODOSS een breed naschools aanbod gerealiseerd gericht op versterking van de sociale ontwikkeling, talentontwikkeling en stimulering van ontmoeting van kinderen. Samen met kinderopvang, onderwijs en Ons Welzijn zijn spel, sport, cultuur en leeractiviteiten ontwikkeld en aangeboden die toegankelijk voor alle kinderen van 6 tot en met 12 jaar in de wijk.

-

In samenwerking met het onderwijs en andere partijen sluiten we met twee tijdelijke projecten aan bij het landelijk subsidieprogramma Gelijke Kansen Alliantie (GKA). De looptijd van deze aanvullende financiering was twee jaar en liep eind 2024 af. Naast KODOSS (zie hierboven), betrof dit De Brugroute: een aanpak waarbij kinderen uit groep 7 en 8 laagdrempelig op thema’s al in het voortgezet onderwijs les krijgen om zo betere doorstroomkansen te krijgen. De Brugroute is door de scholen eind 2024 afgebouwd omdat er geen perspectief op verdere uitbouw daarvan was.

-

Bij casuïstiek inzake veiligheid rondom scholen werken wij actief samen met het onderwijs en ondersteunen met veiligheidsprotocollen en draaiboeken. Het heeft geleid tot meer structureel overleg met het onderwijs (vierhoeksoverleg).

-

Wij hebben voor diverse scholen oplossingen gezocht voor groei van het aantal leerlingen, door interne verbouwingen of huisvesting van leerlingen in leegstaande lokalen elders. Daarnaast werken voor diverse verouderde schoolgebouwen aan planvorming voor vervangende voorzieningen conform het Integrale Huisvestingsplan.

-

Wij zijn gestart met de voorbereiding van de herijking en actualisatie van het bestaande Integraal Huisvestingsplan onderwijsvastgoed. Daarbij willen we goed zicht krijgen op het totale bestand aan onderwijsvastgoed.

39

3. Programma-informatie 3.1 Duurzaamheid Wij willen dat iedereen mee kan doen in onze samenleving. Onderwijs en werk zijn belangrijk voor participatie. Wij werken aan een duurzame plek op de arbeidsmarkt voor onze inwoners. Daarom streven we naar een startkwalificatie bij een zo groot mogelijke groep inwoners en gaan uitval uit onderwijs tegen. We ondersteunen mensen met een uitkering om passend werk te krijgen en te houden. We werken aan erkende certificaten en praktijkverklaringen waarmee kennis en vaardigheden beter aantoonbaar zijn. Leven lang ontwikkelen is een belangrijk uitgangspunt. Naast werk, stimuleren wij andere vormen voor meedoen in de samenleving. Wij streven naar inclusief onderwijs en organiseren hulp om de scholen heen. Wij hebben een breed pakket aan armoedemaatregelen voor huishoudens in financieel zware situaties en passen maatwerk toe voor mensen die het nodig hebben. De global goals die bij dit programma horen zijn: geen armoede, geen honger, kwaliteitsonderwijs, fatsoenlijk werk en gezonde economie, ongelijkheid verminderen en partnerschappen. 3.2 Indicatoren

Indicator

Bron

2021

2022

2023

2024

Streefwaarde

Voortijdig schoolverlaters Oss

Dashboard VSV DUO

Bereik VVE doelgroep

Peutermonitor

Gebruik armoedevoorzieningen

WISZ

1,88%

2,58%

2,32%

n.n.b.

<2,0%

110%

85%

78%

90%

73,9%

83,7%

83,4%

80,4%

80%

WISZ

90,4%

93,7%

94,5%

89,4%

90%

WISZ

-3,1%

-1%

4%

5,7%

0%

huishoudens 120%

Gebruik armoedevoorzieningen huishoudens p-wet

Percentage stijging bijstandsuitkeringen

40

3.3 Waar staat je gemeente In de volgende tabel geven we de verplichte indicatoren vanuit waarstaatjegemeente.nl weer. Om de cijfers van Oss te kunnen plaatsen hebben we daarnaast een referentiemeting opgenomen. We gebruiken hiervoor de gemiddelde waarde van gemeenten in de grootteklasse van 50.000 tot 100.000 inwoners. Indicator

Oss

Referentie

Jaar

Absoluut verzuim onderwijs per 1.000 leerlingen (niet

11,3

5,9

2023

16

26

2023

2,5%

2,4%

2023

5%

5%

2023

ingeschreven op school) Relatief verzuim onderwijs per 1.000 leerlingen (wel ingeschreven, niet aanwezig) Voortijdig schoolverlaters (VO en MBO) Kinderen in uitkeringsgezin Werkloze jongeren 16-22 jaar

2%

2%

2023

Personen met een bijstandsuitkering per 10.000

277,5

302,7

2024

Personen 15-64 jaar met lopend re-integratietraject per

219,7

191,6

2022

73,3

73

2023

69%

75,3

2024

10.000 inwoners Netto arbeidsparticipatie (aandeel beroepsbevolking met baan) Demografische druk (verhouding tussen nietproductieve leeftijdsgroepen < 20 jaar en > 65 jaar en productieve groep 20-64 jaar)

41

4. Wat heeft het gekost? + is nadeel: hogere uitgaven/lagere inkomsten - is voordeel: lagere uitgaven/hogere inkomsten bedragen x € 1.000 Omschrijving

Onderwijshuisvesting

Onderwijsbeleid en

Begroting

Begroting

Rekening

2024

2024 na

2024

Verschil Voordeel/ Nadeel

primitief

wijziging

Lasten

5.787

6.093

5.854

-239

V

Baten

-2.354

-236

-423

-187

V

Saldo

3.433

5.857

5.431

-426

V

Lasten

6.652

7.810

7.811

2

N

Baten

-3.587

-4.667

-4.847

-180

V

Saldo

3.065

3.142

2.964

-178

V

Lasten

17.253

18.568

18.551

-17

V

Baten

0

-43

-43

0

-

Saldo

17.253

18.524

18.507

-17

V

Lasten

2.513

2.463

2.152

-311

V

Baten

0

0

-1

-1

V

Saldo

2.513

2.463

2.151

-312

V

leerlingenzaken

Begeleide participatie

Minimabeleid

Inkomensregelingen

Arbeidsparticipatie

Schuldhulpverlening

Lasten

40.417

44.386

44.106

-280

V

Baten

-31.775

-35.456

-36.221

-765

V

Saldo

8.642

8.929

7.885

-1.045

V

Lasten

5.531

9.071

7.720

-1.351

V

Baten

0

-3.791

-3.168

624

N

Saldo

5.531

5.279

4.552

-727

V

Lasten

1.931

1.931

1.900

-31

V

Baten

-10

-10

-27

-17

V

Saldo

1.921

1.921

1.873

-48

V

Lasten

80.085

90.321

88.093

-2.228

V

Baten

-37.726

-44.204

-44.729

-525

V

Saldo

42.358

46.117

43.363

-2.753

V

0

165

165

0

-

Onttrekkingen reserves

-1.126

-2.074

-1.332

743

N

Totaal mutaties reserves

-1.126

-1.909

-1.166

743

N

Resultaat

41.232

44.208

42.197

-2.011

V

Totaal programma

Stortingen reserves

Toelichting per product Onderwijshuisvesting We hebben € 239.000 aan lagere kosten en € 187.000 opbrengsten. Per saldo een nadeel van 0,4 miljoen. Dit heeft een aantal oorzaken: −

Lagere kosten voor voorbereidingsbudgetten scholen (€ 0,5 miljoen). We hadden voorbereidingsbudgetten opgenomen voor diverse scholen, deze zouden we onttrekken uit de reserve Integraal voorzieningenbeleid. Deze budgetten zijn lang niet volledig uitgegeven in 2024 en zullen ook een langere doorloop kennen. Het gaat om voorbereidingsbudgetten voor scholen Schadewijk (€ 60.000), scholen Amsteleind (€ 74.000) en ontwikkelgebied Polderhof/Lockaert/Ussenstelt (€ 330.000). Ook waren er budgetten beschikbaar gesteld vanuit de reserve IVB voor instandhoudingsonderhoud voor IKC de Regenboog (niet volledig uitgegeven) en voor een aanpassing van lokalen Hertogin Johanna (welke we uiteindelijk niet hoefden te bekostigen).

42

−

Hogere kosten voor de uitkering van de brandschadeverzekering van de JF Kennedyschool uit 2021 (€ 105.000). We hebben het bedrag van de verzekering al in een eerdere jaarschijf ontvangen. De betaling aan de schoolstichting van € 105.000 stond nog open en hebben we in 2024 voldaan.

−

Hogere kosten JF Kennedyschool (€ 40.000). Ook is de JF Kennedyschool na de bouw van de Aventurijn terug bij ons in exploitatie gekomen. In afwachting tot herbestemming betalen wij de lasten van dit gebouw, zoals energie, die niet meer zijn geraamd. Dit kost in 2024 circa € 42.000.

−

Hogere verhuuropbrengsten (€ 100.000). We hebben structureel hogere verhuuropbrengsten. Deze stellen we bij in de begroting vanaf 2025.

−

Hogere kosten en opbrengsten voor het Zuiderlicht. Enerzijds hebben we hogere kosten en opbrengsten voor energielasten en onderhoudskosten (€ 45.000) over het jaar 2024. Daarnaast hebben we met terugwerkende kracht vanaf 2019 opbrengsten gehad (€ 76.000) en hebben we met terugwerkende kracht een contractuele verplichting afgewikkeld van € 137.000.

Onderwijsbeleid en leerlingenzaken We hebben € 180.000 aan hogere opbrengsten. Dit heeft een aantal oorzaken: −

Hogere kosten en opbrengsten Onderwijsachterstandenbeleid (€ 0,5 miljoen). In het kader van het onderwijsachterstandenbeleid hebben we hogere uitvoeringskosten en hogere kosten. We hebben onder andere hogere kosten door een aantal nieuwe activiteiten. Enkele van deze activiteiten zijn de voorleesexpress, BSO-Plus, Pilot logopodie in de kinderopvang (screening van taalklassen), expertise jeugdhulp in passende opvang en pilot Dyslexie. Daarnaast hebben we hogere kosten voor het naschoolse Aanbod KODOSS in Schadewijk (€ 130.000). De inzet betreft Ons Welzijn als coördinerend en uitvoerende partner, het Sport Expertise Centrum voor de activiteit buiten spelen is buiten bewegen én met de Muzelinck voor de activiteit kunst en cultuur. Ook hebben we hogere kosten voor de maatwerkregeling kinderopvang. Hier staan ook hogere opbrengsten tegenover.

−

Lagere kosten en opbrengsten voor COVID-19 gerelateerde onderwijsachterstanden (€ 355.0000). Onder andere de bibliotheek heeft niet alle middelen besteed die beschikbaar waren. Voor deze regeling hebben we rijksmiddelen ontvangen om de opgelopen leerachterstanden in verband met corona te kunnen weg werken. We mogen deze middelen van het rijk tot en met 2025 besteden.

−

Hogere opbrengsten door een bijdrage van uit de gemeente 's-Hertogenbosch in het kader van nonformele vouwasseneducatie basisvaardigheden (€ 40.000). Deze bijdrage is verleend voor B1-Groep Oekraïners / smartphonecursus. Deze cursus is gegeven door Koning Willem I College.

Minimabeleid We hebben € 0,3 miljoen aan lagere kosten. Dit komt met name doordat de extra middelen voor het nieuwe beleidskader Meedoen mogelijk maken nog niet volledig zijn besteed. In 2024 hebben we veel mensen bereikt. Vanaf 2024 geldt het nieuwe beleidskader Meedoen mogelijk maken, aanpak geldzorgen. Binnen dit beleidskader zijn de gemeentelijke bijdragen voor schoolkosten en sociaal-culturele activiteiten verhoogd en zijn de zwemvouchers uitgebreid. Het aanjagen sport/cultuur en preventie armoede bij jongeren heeft in 2024 wel plaats gevonden, maar behoefde geen extra financiële middelen. We hebben de extra financiële middelen voor het verhogen van bereik via communicatie nog niet ingezet. Uiteraard waren er wel reguliere communicatie-uitingen, maar dat kon binnen de lopende begroting opgevangen worden. Een deel van het budget was ook bestemd voor de ontwikkeling van financiële educatie op scholen. Dit staat op de planning van 2025. Vanaf 2024 is het budget voor minimabeleid opgehoogd in het kader van het nieuwe beleidskader. De uitgaven zijn in 2024 dus nog beperkt gestegen ten opzichte van 2023. Een deel van de hogere kosten zouden we onttrekken uit de reserve Bestaanszekerheid. We hebben daarom een lager bedrag onttrokken. De verwachting is dat de kosten in 2025 verder gaan stijgen en dat we in 2025 het financiële effect van het nieuwe beleidskader gaan zien.

Mocht de kostenstijging in 2025 niet of in beperkte mate zichtbaar zijn, dan passen we in 2025 het budget hierop aan. Daarnaast hebben we lagere kosten van € 62.000 voor sociaal raadsliedenwerk omdat Ons Welzijn dit heeft kunnen betalen uit overschotten van voorgaande jaren.

43

Inkomensregelingen Voor de inkomensregelingen hebben we een € 0,3 miljoen aan lagere kosten en een € 0,7 miljoen aan hogere opbrengsten. Per saldo een voordeel van € 1 miljoen. Deze afwijkingen komen door: - bijstandsgelden (BUIG): - bijzondere bijstand: Bijstandsgelden (BUIG) We hebben een voordeel van € 0,8 miljoen. Dit is 2% van het totale BUIG budget (van € 35,1 miljoen). Het voordeel bestaat uit: −

Lagere kosten bijstandsuitkeringen: € 0,3 miljoen. Ondanks een stijging van het bijstandsbestand van 5,7% en kosten voor ophoging van de voorziening debiteuren, houden we BUIG budget over. Vanaf 2022 bestaat er een nieuw verdeelmodel van het BUIG budget. Naast het macrobudget wat objectief verdeeld wordt, ontvangen we een deel van het macrobudget voor loonkostensubsidie (LKS). Het LKS budget wordt verdeeld op basis van realisatie. Dat is op dit moment gunstig voor Oss aangezien we hier veel op inzetten.

−

Hogere storting in de voorziening dubieuze debiteuren sociale zaken conform het nieuwe debiteurenbeleid (in 2023 vastgesteld): € 422.000;

−

Hogere inkomsten: € 482.000. We hebben hogere inkomsten doordat we meer uitkeringen hebben verstrekt op basis van leningen. Dit is een gevolg van de verhoogde taakstelling voor vergunninghouders.

Bijzondere bijstand We hebben voor bijzondere bijstand een voordeel van € 270.000 door hogere opbrengsten. De afwijking op de kosten zijn per saldo nihil. Maar we zien aan de ene kant € 147.000 aan hogere kosten voor beschermingsbewind, inrichting/huisraad en aanvullende bijstand onder 21 jaar. Aan de andere kant hebben we € 140.000 aan lagere kosten voor de alleenverdienersproblematiek. Hiervoor hebben we in de septembercirculaire budget ontvangen. Omdat de uitvoering van de alleenverdienersproblematiek doorloopt in 2025 stellen we voor om het resterende budget over te hevelen naar 2025. De opbrengsten zijn € 263.000 hoger doordat we meer uitkeringen hebben verstrekt op basis van leningen voor kosten inrichting/huisraad. Dit is een gevolg van de taakstelling voor vergunninghouders. We verwachten een deel van deze leningen uiteindelijk niet ontvangen als gevolg van het nieuwe debiteurenbeleid 2024. Hierdoor bieden we inwoners perspectief door de lening na een periode kwijt te schelden. De voorziening debiteuren is hierop aangepast.

44

Arbeidsparticipatie We hebben € 1,4 miljoen aan lagere kosten en € 0,6 miljoen aan lagere opbrengsten. Per saldo hebben we een voordeel van € 0,7 miljoen. Dit komt met name door de activiteiten voor inburgering en lagere kosten voor het participatiebudget. −

Lagere kosten en opbrengsten inburgering (€ 1,2 miljoen). We hebben lagere kosten voor verschillende specifieke uitkeringen. Als eerste gaat dit om inburgeringsvoorzieningen (€ 1.177.000). We hebben daarom ook lagere opbrengsten. Voor de specifieke uitkering voor inburgeringsvoorzieningen geldt een reserveringsregeling. Dat houdt in dat we de niet-bestede rijksmiddelen mogen meenemen naar het volgende kalenderjaar. Daarnaast hebben we lagere kosten voor onderwijsroute (€ 41.000). De middelen die we niet hebben uitgegeven moeten we terug te betalen aan het Rijk. Als laatste hebben we lagere kosten voor leefgelden voor Oekraïense vluchtelingen (€ 32.000). We hebben daarom minder onttrokken uit de reserve Vluchtelingen dan begroot.

−

Voordeel participatiebudget (€ 0,7 miljoen). Dit komt door lagere kosten van € 106.000 en hogere opbrengsten van € 576.000. In de afgelopen programmabegroting hadden we € 140.000 van de € 270.000 ontvangen incidentele middelen voor nieuw begeleiding (beschut werken) vanuit de meicirculaire vrij laten vallen. De verwachting was dat we het resterende budget van € 130.000 in 2024 zouden uitgeven. Van dit budget hebben we € 106.000 overgehouden, doordat we minder trajecten hebben ingekocht dan verwacht. De hogere opbrengsten zijn te verklaren doordat we in oktober 2024 vanuit het Werkvoorzieningschap Noordoost-Brabant € 576.000 hebben teruggekregen vanuit de egalisatiereserve Wsw (Wet sociale werkvoorziening). De egalisatiereserve Wsw is gevormd voor het verrekenen van de financiële gevolgen voor over- en onderrealisatie Wsw in onze regio waarbij geldt dat het saldo van de egalisatiereserve niet hoger mag zijn dan 2,5% van het totale regionaal fictieve Wsw budget. De stand van de egalisatiereserve was hoger dan 2,5% met als gevolg dat we ons aandeel van het overschot terugontvangen hebben.

Onttrekkingen reserves We hebben € 0,7 minder onttrokken aan reserves. Dit heeft de volgende oorzaken: −

We hebben € 524.000 minder onttrokken aan de reserve IVB voor verschillende voorbereidingsbudgetten voor onderwijsgebouwen. Het gaat onder andere om scholen in de Schadewijk, Amsteleind, Poldehrof/Lockaert/Ussenstelt, instandhoudingsonderhoude voor de Regenboog en aanpassing van lokalen Hertoging Johanna.

−

We hebben € 183.000 minder onttrokken aan de reserve Bestaanszekerheid door lagere kosten voor beleidskader Meedoen mogelijk maken, aanpak geldzorgen 2024-2027 én de extra inzet raadsliedenwerk.

−

We hebben € 32.000 minder onttrokken aan de reserve Vluchtelingen voor leefgelden voor Oekraïense vluchtelingen.

45

Lasten per product In de volgende figuur hebben we voor 2024 de totale lasten per product in beeld gebracht (bedragen x € 1.000).

5. Overzicht subsidies We geven hier een overzicht van de subsidies binnen dit programma per product. Voor meer detailgegevens over de subsidies per instelling verwijzen we naar de website https://financien.oss.nl/. Bedragen x € 1.000 Omschrijving Arbeidsparticipatie Begeleide participatie Minimabeleid

Rekening

Begroting

Rekening

2023

2024

2024

71

74

74

-

5

5

455

405

387

Onderwijsbeleid en leerlingenzaken

3.916

4.675

4.347

Totaal programma 02. Werk, inkomen en onderwijs

4.442

5.159

4.813

46

Programma 3. Ontmoeten, sport en cultuur

47

1. Inleiding Onze samenleving staat voor grote veranderingen. Door ontwikkelingen op demografisch gebied, vooral de vergrijzing en ontgroening, zien we dat ons systeem van sociale zekerheden onder druk komt te staan. De zorgvraag neemt de komende jaren toe en wordt vaak ook nog complexer. Waar we de afgelopen decennia vanuit de overheid ondersteuning boden aan het individu is het nu en in de toekomst noodzakelijk dat ook onze inwoners elkaar ondersteunen. Dit is niet alleen noodzakelijk vanuit een kostenperspectief, we moeten schaarste herverdelen, maar ook vanuit het perspectief van een krappe arbeidsmarkt. We hebben iedereen nodig. Als gemeentelijke overheid willen we ondersteuning bieden om voor iedere inwoner meedoen mogelijk te maken. Wij werken aan een veerkrachtige en inclusieve samenleving in Oss. In het sociaal domein doen we dat vanuit de volgende waarden: •

Mens centraal. Inwoners willen zoveel mogelijk eigen regie en verantwoordelijkheid over hun leven en hun leefomgeving. Zij doen en kunnen veel zelf en samen met hun omgeving. We sluiten daarom aan bij de mensen en wat zij aanvullend nodig hebben.

•

Nabijheid. Wij zijn makkelijk benaderbaar. Ondersteuning is nabij en waar mogelijk ingebed in de sociale structuur in de dorpen en wijken.

•

Eenvoud. We werken vanuit de bedoeling en doen wat nodig is, passend bij de inwoner en zijn mogelijkheden. We maken steeds de afweging hoe we administratieve processen voor inwoners, onze samenwerkingspartners en de gemeentelijke organisatie kunnen vereenvoudigen.

•

Vakmanschap en partnerschap. Onze medewerkers zijn deskundig, hebben de juiste competenties en blijven leren. Ze zijn hierbij in staat waarderend en zonder vooroordeel het gesprek aan te gaan. Ondersteuning voor onze inwoners geven we samen met partners vorm. We bouwen aan netwerken en participeren hier actief in. Professionals vanuit verschillende afdelingen en organisaties en inwoners werken waar nodig integraal samen. Hierbij is de Samenwerkwijze uitgangspunt.

Inhoudelijk onderschrijven we de landelijke agenda voor het sociaal domein. Dat betekent investeren in herstellen van bestaanszekerheid, vergroten kansengelijkheid en gezond leven makkelijker maken. Voor het programma Ontmoeten, sport, gezondheid en cultuur vertaalt dit zich in het vormgeven van de sociale basis in voorzieningen, het stimuleren van gezond leven en ontmoeten en het bieden van een breed cultuuraanbod. Hier zien we een groot spanningsveld ontstaan op de (financiële) houdbaarheid van voorzieningen, verduurzaming en het maatschappelijk belang ervan. Daarnaast staat vrijwilligersinzet al langer onder druk, bij verenigingen en in het sociale leven. Vanuit de sociale basis zijn voorzieningen op het gebied van sport, cultuur en ontmoeten van groot belang, maar door de stijgende kosten en verschillende wensen niet altijd financieel houdbaar. We zetten daarom in op meervoudig gebruik van voorzieningen en vragen daarbij ook iets van gemeenschappen. Dit doen we via Thuis in de buurt, een nieuw op te stellen visie op bewegen en sport, het op peil houden van onze culturele voorzieningen. We zijn ervan overtuigd dat het op deze manier ondersteunen van onze gemeenschappen bijdraagt aan het welzijn en de gezondheid van onze inwoners. De belangrijkste speerpunten dit programma zijn: −

Ontmoeten mogelijk maken

−

Sport en bewegen voor iedereen

−

Gezond leven makkelijker maken

−

Breed cultuuraanbod in Oss

−

Vrijwilligers beter ondersteunen

48

2. Programma-onderdelen 2.1 Ontmoeten Doelstellingen We werken aan de volgende doelstelling(en):

-

De wijk- en dorpshuizen zijn kwalitatief op orde en geschikt voor de functies die er in uitgeoefend worden De vrijwilligersorganisaties voor gastheerschap, beheer en onderhoud worden adequaat ondersteund in hun werkzaamheden

-

De wijk- en dorpshuizen zijn verduurzaamd voor het gebruik De programmering van de wijk- en dorpshuizen biedt de inwoners de kans om te laagdrempelig te ontmoeten, te participeren en/of hulp te krijgen

Hoe ver zijn we met het realiseren van onze doelstellingen? De wijk- en dorpshuizen zijn kwalitatief op orde en geschikt voor de functies die er in uitgeoefend worden Er zijn momenteel zeven gebouwen in beheer en drie in ontwikkeling voor ontmoetingsactiviteiten in Oss, en dertien bestaande dorpshuizen met één in ontwikkeling in de dorpen. We investeren in renovatie, herontwikkeling en multifunctioneel gebruik om de voorzieningen optimaal te benutten. We realiseren nieuwe ontmoetingslocaties in Oss Noordwest en Amsteleind. Voor enkele locaties, zoals Schadewijk en Maren Kessel, wordt de toekomst nog onderzocht. Het concept Integraal HuisvestingsPlan Ontmoeten helpt bij het plannen van de benodigde vastgoedaanpassingen. De vrijwilligersorganisaties voor gastheerschap, beheer en onderhoud worden adequaat ondersteund in hun werkzaamheden Vrijwilligersorganisaties ontvangen structurele ondersteuning via de Integraal Voorzieningen Beleidsmanager. We bieden hulp op financieel, juridisch en organisatorisch vlak, en bestuurders kunnen deelnemen aan netwerken en cursussen. Ook is er peer-to-peer ondersteuning via domeinbijeenkomsten en workshops. Besturen worden geholpen bij vraagstukken zoals fiscale wetgeving en duurzaamheidsmaatregelen. Deze aanpak zorgt voor professionalisering en continuïteit binnen de organisaties.

De wijk- en dorpshuizen zijn verduurzaamd voor het gebruik De verduurzaming van maatschappelijk vastgoed is onderdeel van een Routekaart, die begin 2025 aan de gemeenteraad wordt voorgelegd. Doel is dat alle gebouwen in 2030 duurzaam zijn en reeds zijn verschillende huizen verduurzaamd of lopen er projecten. Nieuwe gebouwen bouwen we duurzaam volgens de huidige wetgeving. In sommige gevallen, zoals in Maren Kessel, onderzoeken we eerst of de voorziening behouden blijft, voordat er geïnvesteerd wordt. Dit voorkomt desinvesteringen in vastgoed dat mogelijk herzien wordt. De programmering van de wijk- en dorpshuizen biedt de inwoners de kans om laagdrempelig te ontmoeten, te participeren en/of hulp te krijgen De subsidieregeling Thuis in de Buurt heeft de afgelopen twee jaar in 17 huizen geleid tot ontmoetingsactiviteiten en huiskamerinrichting. Inwoners kunnen laagdrempelig binnenlopen voor sociale activiteiten en maaltijden. De meerwaarde van gemeenschapshuizen voor het sociaal domein wordt zichtbaar gemaakt via ‘visitekaartjes’. Het vastgoed en de programmering worden afgestemd op sociale behoeften, zoals eenzaamheidspreventie en inclusiviteit. Voor de komende twee jaar is opnieuw financiering beschikbaar om deze programmering te blijven ondersteunen. Wat hebben we hiervoor gedaan? −

We stimuleerden en ondersteunden aan de hand van de subsidieregeling Thuis in de buurt.

−

We hebben de nieuwe subsidieregeling Sociale basis vorm gegeven met dekking voor 2025 en 2026.

−

We hebben de sociaal makelaar ingezet voor bouwen van netwerk en samenwerking.

−

We hebben ingezet op training van besturen als het gaat om gastheerschap, vrijwilligersbeleid en sociale hygiëne.

49

−

Diverse gemeenschapshuizen en ontmoetingslocaties zijn (her)ontwikkeld met aandacht voor duurzaamheid, functionaliteit en financiële haalbaarheid. Denk hierbij aan Ontmoetingscentrum de Meteoor en Buurthuis Kortfoort.

−

We hebben bestemmingsplannen en ontwerpen opgesteld en in sommige gevallen vastgesteld. Het (ontwerp) bestemmingsplan is vastgesteld voor De Bongerd in Macharen.

−

We hebben subsidie- en financieringsmogelijkheden onderzocht en aangevraagd indien haalbaar gebleken. Dit hebben we gedaan voor ’t Slotje.

−

Co-creatie met betrokkenen zoals verenigingen, bewoners en zorginstellingen heeft geleid tot samenwerking en concrete plannen in Macharen en Maren-Kessel en bij Dorpshuis ‘t Slotje.

−

Transformaties van gemeenschapshuizen naar multifunctionele ontmoetingsplekken met keuken- en huiskamerfuncties zijn gestart. Dit is een driejarig project. We hebben in 2024 een start gemaakt met vier wijkcentra. Drie centra hebben daarnaast plannen gemaakt tot een voorlopig ontwerp. Dit omdat de huiskamer/keuken onderdeel uitmaakt van een groter ontwerp. Buurthuis Kortfoort is opgeleverd.

2.2 Sport en gezonde leefstijl Doelstellingen We werken aan de volgende doelstelling(en):

-

We vergroten de mogelijkheden om te sporten en te bewegen door buitensportaccommodaties open te stellen voor anders georganiseerde sport- en beweegactiviteiten. Maar ook door de openbare ruimte aantrekkelijker te maken voor sporten en bewegen.

-

We verbinden het gemeentelijk gezondheidsbeleid sterker aan de welzijn-en zorgketen en de doelstellingen van het Osse Sportakkoord

-

We ondersteunen (sport)verenigingen om de maatschappelijke ontwikkelingen goed het hoofd te kunnen bieden

Hoe ver zijn we met het realiseren van onze doelstellingen? Op basis van het Osse Sportakkoord hebben we in 2024 de Osse Sport en Beweegvisie 2030 opgesteld. De adviescommissie Sociaal en Bestuurlijk ging akkoord met deze visie, waarop de raad de visie heeft vastgesteld in december 2024. Op basis van de nieuwe visie versterken en vernieuwen we bestaand beleid waar nodig. We richten ons niet alleen op het verhogen van sportdeelname, maar ook op het stimuleren van een gezonde levensstijl en het vergroten van inclusie en diversiteit. We werken daarbij aan duurzame, veelzijdige en toegankelijke sportaccommodaties voor alle inwoners. We blijven inzetten op het openstellen van buitensportaccommodaties voor sport- en beweegactiviteiten van sportverenigingen, ondernemende sportaanbieders en ongeorganiseerde sporters. We zetten sport en bewegen in om gezondheid te bevorderen en/of de sociale basis versterken. Sport en bewegen zijn belangrijke pijlers in het gezondheidsbeleid dat in 2025 vernieuwd wordt, waarvoor de aanzet gedaan is in 2024. Samen met het Sport Expertise Centrum (SEC) werken we volgens onze aanpak ‘vitale en veilige sportverenigingen’ van het nieuwe vrijwilligersbeleid en zorgen we ervoor dat sportverenigingen ondersteuning krijgen vanuit het brede loket voor vrijwilligersorganisatie. Wat hebben we hiervoor gedaan? -

We ontwikkelen de Open Sportclub op het sportpark in Herpen voor voetbal, tennis, survival, urban sports en andere sport- en beweegactiviteiten.

-

We zijn gestart met de uitvoering van het burgerinitiatief voor een accommodatie voor ontmoeten en sport in Overlangel (HONK).

-

We hebben op sportpark Koppelsteeg (Berghem) en Amstelhoef (Ussen) extra kunstgras voetbalvelden aangelegd.

-

De zorgpartners van de Proeftuin hebben een plek gevonden voor sporten, bewegen en ontmoeten op sportpark Amstelhoef en Bergsche Hoeve (Ruwaard).

50

-

We openden het Urban Ox Park in het najaar van 2024 en direct een populaire plek voor jongeren om te sporten in de openbare ruimte.

-

We zijn gestart met de bouw van de vervangende nieuwbouw van gymzaal Verdistraat.

-

Scholen en gemeente zijn akkoord met het nieuwbouwplan van sportzaal Ussenstelt, de basisscholen De Lockaert en De Polderhof en SBO Het Baken.

-

Het sportpark in Ravenstein ontwikkelen we voor woningbouw. Op de nieuwe locatie voor de fusievereniging Vesta'19 bij MFA Onder d'n Plag (Demen) leggen we een kunstgrasveld aan.

-

We hebben succesvol subsidie aangevraagd voor het project 'Een brabantse GO! voor een gezonde leefomgeving' waarin we volgens de GO! Methode aan de slag gaan met gezondheid in gebiedsontwikkeling.

-

We hebben een succesvolle aanvraag gedaan bij JOGG, IVN en Jantje Beton voor het landelijke gezonde buurten project, waarin we samen met bewoners een nieuwe speel-, beweeg-, ontmoet- en natuurplek in de Dichtersbuurt (Ruwaard) ontwikkelen.

-

In samenwerking met programma Schadewijk hebben we het Leefplekmeter onderzoek opgezet en uitgewerkt.

-

Voor de nieuwbouw van het Zwembad zijn in 2024 de volgende stappen gezet: 1.

Gebiedsontwikkeling; Er zijn onderzoeken uitgevoerd in het gebied om na te gaan waar functies op het gebied van sport, recreatie en educatie aan de Osseweg in Berghem mogelijk zijn (Vlekkenplan). Bureau Goudappel deed onderzoek naar de verkeersmaatregelen die nodig zijn voor het zwembad. Een verdiepend locatieonderzoek is uitgevoerd om te bepalen of het nodig is de gekozen locatie voor het zwembad te heroverwegen. Medio januari 2025 concludeerde het college dat hiervoor geen aanleiding is. Het college streeft ernaar in juni 2025 haar visie op het gebied, een kostenraming en een dekkingsvoorstel voor de gebiedsontwikkeling ter besluitvorming voor te leggen aan de raad. Daarna volgen de procedures voor wijziging van het omgevingsplan en de vergunningen.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Oss&id=fdb13073-d85f-4f83-a297-25b113938619