CConstaterende datOss
Koppel je AI →
Document · PDF

Jaarverslag en jaarrekening 2023

Rekeningcommissie 10 juni 2024, gemeente OssBij agendapunt: Jaarrekening en jaarverslag 202336.064 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 4

Jaarverslag en jaarrekening 2023

2

Inhoudsopgave Aanbiedingsbrief

4

Leeswijzer

5

Samenvattend financieel beeld

8

Financiën programma's in één oogopslag

19

Programma 1. Welzijn en zorg

20

Programma 2. Werk, inkomen en onderwijs

33

Programma 3. Ontmoeten, sport en cultuur

45

Programma 4. Klimaat, energie en openbare ruimte

57

Programma 5. Economie

67

Programma 6. Centrum

75

Programma 7. Verstedelijking, wonen en mobiliteit

83

Programma 8. Veilige omgeving

94

Programma 9. Besturen in verandering van tijden

104

Programma 10. Financieel beleid

118

Paragraaf weerstandsvermogen en risicobeheersing

126

Paragraaf onderhoud kapitaalgoederen

142

Paragraaf financiering

148

Paragraaf verbonden partijen

153

Paragraaf grondbeleid

173

Paragraaf lokale heffingen

183

Paragraaf bedrijfsvoering

187

Paragraaf investeringsplan

193

Voortgangsrapportage Integraal Uitvoeringsprogramma (IUP) openbare ruimte

200

Bestemming rekeningresultaat

205

Omschrijving

207

JAARREKENING

212

Programmarekening op hoofdlijnen

213

Incidentele baten en lasten

216

Balans en toelichting

223

Balans

224

Grondslagen voor waardering en resultaatbepaling

227

Toelichting op de balans

233

Rechtmatigheidsverantwoording

260

Financieel overzicht totale begroting volgens taakvelden

261

Bijlage WNT

264

Sisa-bijlage

265

OVERIGE GEGEVENS

273

Controleverklaring

274

Bijlage 1: Overzicht subsidies

282

3

Aanbiedingsbrief Geachte leden van de gemeenteraad, Voor u ligt de jaarrekening over 2023. Deze jaarrekening bestaat uit de inhoudelijke programma evaluatie en een groot aantal financiële paragrafen. De programma evaluatie heeft u in april reeds besproken tijdens de raadsvergadering van de algemenere beschouwingen en omgevingsanalyse. In dit voorwoord gaan we nader in op de financiën. Ons financieel fundament is solide. We zijn een gezonde gemeente, die dankzij jarenlang zorgvuldig financieel beleid er uitstekend voor staat. De koers - niet vrijgevig worden bij overschotten, niet panikeren bij tekorten en geld uitgeven waar het hoogste maatschappelijk rendement wordt behaald – wordt breed in onze gemeente gedragen. Onze ratio’s – denk aan netto schuldquote, solvabiliteit of belastingcapaciteit – zijn op alle punten beter dan het landelijke en Brabantse gemiddelde. De jaarlijkse gesprekken met de accountant zijn bepaald geen straf. We constateren echter ook dat deze jaarrekening iets van een keerpunt heeft. Hielden wij de vorige jaren telkens ruim 20 miljoen over, nu is het circa 7 miljoen. We zien voor het eerst tekorten in de jeugdzorg, oplopend vanaf de tweede helft van vorig jaar. We hebben over 2023 een eenmalige bate gehaald bij schatkist bankieren, maar we belanden nu in de tijd dat wij geld moeten lenen.

Waren de afgelopen jaren mensen en middelen schaars, maar het geld goedkoop voorhanden, nu wordt ook dat laatste schaarser en duurder. Wij schrijven dit tegen de achtergrond van de gesprekken van gemeenten (vertegenwoordigd door de VNG) met het Rijk over de gemeente financiën. Ook daar zijn de vooruitzichten niet rooskleurig. Er ligt een bod van het Rijk, dat op 24 mei wordt besproken tijdens een ingelaste Algemene Leden Vergadering van de VNG. Dat bod heft het ravijnjaar niet op, maar verzacht het wel een beetje. Op 2023 kijken we met een goed gevoel terug. We hebben veel gerealiseerd op tal van terreinen. We zijn uitstekend onderweg met de uitvoering van ons Coalitie Akkoord Samen duurzaam vooruit. De verstedelijking, de klimaatopgave, in het sociaal domein, de voorzieningen in de kernen, de grote projecten, we hebben het een flinke stap verder kunnen brengen. Daarnaast zijn we er beter in geslaagd om de middelen daadwerkelijk uit te geven, in vergelijking met de vorige jaren. We sluiten met deze jaarrekening een goed jaar af. Tegelijkertijd zien we aan de nabije horizon een verandering inzetten, waarop wij moeten anticiperen. Het zal van ons scherpere keuzes vragen en dat is niet altijd makkelijk. Maar de stevige financiële positie en de sinds jaar en dag toegepaste financiële koers gaan ons daar flink bij helpen.

Burgemeester en wethouders van Oss.

De secretaris,

De burgemeester,

Mevr. H. Reints

drs. W.J.L. Buijs-Glaudemans

4

Leeswijzer Het jaarverslag en de jaarrekening bestaan uit diverse onderdelen. In deze leeswijzer geven we bij alle onderdelen een korte uitleg. Aanbiedingsbrief In de aanbiedingsbrief blikt het college van burgemeester en wethouders terug op 2023. Wat waren de belangrijkste resultaten en ontwikkelingen? Samenvattend financieel beeld Dit hoofdstuk is een financiële terugblik op 2023. Het is een aanvulling op de inhoudelijke terugblik in de aanbiedingsbrief. Het samenvattend financieel beeld geeft een beknopte analyse van het rekeningresultaat, de financiële positie en het grondbedrijf. JAARVERSLAG Financiën programma’s in één oogopslag In dit onderdeel laten we in een figuur zien hoe onze gerealiseerde uitgaven over de programma’s verdeeld zijn. Programma’s Per programma worden de volgende vragen beantwoord: 1.

Wat willen we bereiken?

2.

Hoe ver zijn we met het realiseren van onze doelstellingen?

3.

Wat hebben we hiervoor gedaan?

4.

Wat heeft het gekost?

Daarna geven we op hoofdlijnen een overzicht van de subsidies die we verstrekt hebben. Achterin de jaarrekening is een uitgebreider overzicht opgenomen. Tenslotte worden aan de hand van een figuur de financiën van het programma samengevat. Paragrafen De opgenomen paragrafen zijn op grond van wetgeving een verplicht onderdeel van het jaarverslag. Het gaat bij de paragrafen telkens om onderwerpen met een groot financieel belang. Door deze op een centrale plek in het jaarverslag op te nemen wordt een goede informatievoorziening over deze onderwerpen gewaarborgd en is de informatie inzichtelijk. Voortgangsrapportage Integraal Uitvoeringsprogramma (IUP) openbare ruimte De gemeente voert elk jaar een groot aantal projecten uit in het kader van het Integraal Uitvoeringsprogramma (IUP) openbare ruimte. Het gaat dan om werkzaamheden aan bijvoorbeeld wegen, fietspaden, riolering en openbaar groen. In de voortgangsrapportage wordt op hoofdlijnen inzicht gegeven in de stand van zaken van deze werkzaamheden. JAARREKENING Programmarekening op hoofdlijnen Cijfers per programma Dit is een cijfermatig overzicht van de baten en lasten per programma. Het gaat zowel om de begrote cijfers als om de gerealiseerde cijfers. In dit overzicht is in één oogopslag te zien waar de verschillen tussen de begroting en de werkelijkheid zitten.

Een toelichting op de verschillen is bij de programma’s in het jaarverslag opgenomen, bij de w-vraag 'Wat heeft het gekost?'.

5

Incidentele baten en lasten In dit onderdeel is een overzicht van de incidentele baten en lasten opgenomen, zowel de begrote cijfers als de werkelijke cijfers. Incidenteel houdt in dat het gaat om baten en lasten die een tijdelijk karakter hebben. Deze zitten slechts één of enkele jaren in de begroting. Verder wordt aandacht besteed aan de toevoegingen en onttrekkingen aan reserves. Dit zijn normaal gesproken incidentele lasten en baten. Hier bestaan enkele uitzonderingen op: sommige mutaties in reserves zijn structurele lasten of baten. Deze worden in een afzonderlijk overzicht weergegeven. Analyse rechtmatigheid In dit hoofdstuk wordt de begrotingsrechtmatigheid geanalyseerd: handelen we binnen de begroting zoals de gemeenteraad die heeft vastgesteld? Daarbij wordt niet alleen gekeken of de werkelijke lasten hoger zijn dan begroot maar ook of de lasten aan het juiste begrotingsjaar en aan het juiste programma zijn toegerekend. Bestemming rekeningresultaat In 2023 zijn niet alle werkzaamheden en projecten afgerond. In dit hoofdstuk stellen we voor om diverse budgetten die niet (volledig) besteed zijn in 2024 alsnog te besteden zodat we de bijbehorende werkzaamheden en projecten in 2024 verder kunnen afronden en uitvoeren.

Balans en toelichting Balans De balans geeft een overzicht van de bezittingen, de schulden en de stand van het eigen vermogen op een bepaald moment, in dit geval per 1 januari 2023 en per 31 december 2023. Grondslagen voor waardering en resultaatbepaling De grondslagen voor waardering en resultaatbepaling geven aan op welke manier de balansposten gewaardeerd zijn en tot stand gekomen zijn. Toelichting op de balans In dit hoofdstuk worden alle posten in de balans nader toegelicht en onderbouwd. Bijlage Rechtmatigheidsverantwoording In de bijlage rechtmatigheidsverantwoording geven. Bijlage WNT Per 1 januari 2013 is de Wet Normering Topinkomen (WNT) in werking getreden. De WNT schrijft voor dat de beloning van topfunctionarissen verantwoord dient te worden in de jaarrekening, ook als de beloning beneden de norm blijft. Voor overige functionarissen geldt publicatieplicht alleen als de norm overschreden wordt. De verantwoordingsgegevens zijn in deze bijlage opgenomen. Sisa-bijlage Door middel van een rechtmatigheidsverantwoording legt het college verantwoording af aan de gemeenteraad en andere toezichthouders over hoe zij haar middelen gebruikt en beheert. De accountant verstrekt dus met ingang van dit boekjaar geen rechtmatigheidsoordeel meer in de controleverklaring, maar beperkt zich tot het getrouwheidsoordeel.

Dit houdt in dat de accountant wel heeft vastgesteld dat de opgenomen rechtmatigheidsverantwoording getrouw is verantwoord in de jaarstukken. BIJLAGEN Bijlage 1: Overzicht subsidies In dit onderdeel geven we een uitgebreid overzicht van de subsidies die we verstrekken. Dit is een aanvulling op de globale overzichten in de programma's.

6

OVERIGE GEGEVENS Controleverklaring De onafhankelijke accountant heeft onze jaarrekening gecontroleerd. In het accountantsverslag is te lezen wat het oordeel van de onafhankelijke accountant daarover is.

7

Samenvattend financieel beeld Inleiding Voor u ligt de programmarekening 2023 van de gemeente Oss. Deze programmarekening bestaat uit het jaarverslag en de jaarrekening. Hiermee leggen wij, het college van B&W, verantwoording af over het gevoerde beleid van de gemeente in 2023. Deze verslaglegging over de gemeentelijke prestaties en bestedingen in het jaar 2023 zijn uitwerkingen van de beleidsvoornemens uit de programmabegroting. In de aanbiedingsbrief hiervoor is al ingegaan op het inhoudelijke verhaal. In dit hoofdstuk ligt de nadruk op bijzonderheden in financieel opzicht. Rekeningresultaat 2023 De jaarrekening 2023 sluit met een voordelig saldo van € 7,1 miljoen. In de volgende tabel zijn de rekeningcijfers vergeleken met de bijgestelde begroting (na verwerking van de 3O-ontwikkelingen in de financiële tussenrapportage 2023 en de programmabegroting 2024-2027). + is nadeel: hogere uitgaven/lagere inkomsten - is voordeel: lagere uitgaven/hogere inkomsten bedragen x € 1.000 Omschrijving

Rekening 2023

Begroting 2023

Verschil

na wijziging Lasten

368.167

388.667

-20.500

Baten

-389.613

-390.838

1.226

Saldo programma's

-21.445

-2.171

-19.274

Stortingen reserves

48.307

47.887

420

Onttrekkingen reserves

-33.947

-43.638

9.691

Mutaties reserves

14.360

4.249

10.111

Resultaat

-7.086

2.078

-9.163

In het hoofdstuk Bestemming rekeningresultaat wordt voorgesteld het saldo voor € 5,9 miljoen in te zetten voor projecten die doorlopen in 2024 en een bedrag van € 1,2 miljoen te storten in de algemene reserve. Het positieve saldo van de jaarrekening kent een aantal oorzaken. Het verschil tussen het begrote saldo en het werkelijke saldo is € 9,2 miljoen. In de volgende tabellen zijn de belangrijkste voor- en nadelen opgenomen. Deze voor- en nadelen verklaren per saldo een bedrag van € 9 miljoen.

8

Belangrijke voordelen - is lagere uitgaven/hogere inkomsten bedragen x € 1.000 Programma

Omschrijving

1. Welzijn en Zorg

Lagere kosten Maatschappelijke Opvang (met name

Bedrag -493

COVID-19) Lagere kosten jeugdwerk 2. Werk, inkomen en onderwijs

3. Ontmoeten, sport en cultuur

-550

Lagere kosten bijstandsuitkeringen

-1.158

Lagere kosten arbeidsparticipatie

-235

Lagere kosten minimabeleid

-245

Voordeel bijzondere bijstand

-200

Lagere kosten kunst en cultuur

-195

Voordeel GALA/IZA

-900

Hogere opbrengsten energieafrekeningen en

-259

exploitatiebijdragen Lagere subsidies Thuis in de buurt en Iemhof

4. Klimaat, energie en openbare ruimte

5. Economie

-130

Voordeel sportaccommodaties

-1.002

Lagere kosten evenementen

-165

Hogere opbrengsten compostering

-160

Voordeel afvalverwijdering bedrijven

-217

Lagere kosten en hogere opbrengsten nutsbedrijven

-250

Lagere kosten klimaatadaptatie

-112

Positief saldo beheercomplexen en verhuurde panden

-330

en percelen 7. Verstedelijking, wonen en mobiliteit

9. Besturen in verandering van tijden

Lagere kosten verduurzaming Moleneind

-222

Lagere kosten verkeer

-360

Hogere opbrengsten anterieure overeenkomsten

-400

Lagere kosten pensioenvoorziening (voormalige)

-1.325

wethouders

10. Financieel beleid

Lagere kosten dienstverlening

-111

Lagere kosten wijkgericht werken

-153

Hogere algemene uitkering (decembercirculaire) Hogere OZB opbrengsten Lagere rentekosten en hogere renteopbrengsten totaal

-6.500 -327 -1.931 -17.930

9

Belangrijke nadelen + is hogere uitgaven/lagere inkomsten bedragen x € 1.000 Programma

Omschrijving

1. Welzijn en Zorg

Hogere kosten Jeugdhulp

Bedrag 2.063

Hogere kosten Dagbesteding en begeleiding 2. Werk, inkomen en onderwijs

345

Hogere storting voorziening dubieuze debiteuren Hogere kosten Energietoeslag

836 3.900

Hogere kosten onderwijshuisvesting

245

Hogere kosten dagelijks onderhoud groen

395

7. Verstedelijking, wonen en mobiliteit

Nadeel omgevingsvergunningen

594

9. Besturen in verandering van tijden

Hogere personeels- en overheadkosten

158

10. Financieel beleid

Kosten BTW en vennootschapsbelasting

400

4. Klimaat, energie en openbare ruimte

totaal

8.936

10

Belangrijke mutaties in reserves (financieel neutraal) Onderstaande posten zijn belangrijke afwijkingen binnen reserves. Per saldo hebben deze afwijkingen geen effect op het jaarrekeningresultaat. Wel hebben ze direct invloed op de reservepositie. - is lagere uitgaven/hogere inkomsten + is hogere uitgaven/lagere inkomsten bedragen x € 1.000 Programma

Omschrijving

1. Welzijn en Zorg

Lagere kosten transformatieopgave jeugd

Bedrag -477

Lagere onttrekking uit de algemene reserve

2. Werk, inkomen en onderwijs

3. Ontmoeten, sport en cultuur

477

Resultaat opvang vluchtelingen

1.700

Hogere storting in de reserve vluchtelingen

-1.700

Lagere kosten Beschermd Wonen

-1.500

Storting in de reserve Beschermd

1.500

Lagere kosten onderzoeken onderwijshuisvesting

-350

Lagere onttrekking IVB

350

Lagere kosten leefgelden vluchtelingen

-238

Lagere onttrekking vluchtelingen

238

Lagere kosten IVB projecten

-332

lagere onttrekking aan de reserve IVB

332

Lagere kosten Ontmoeten Noord West

-1.100

Lagere onttrekking uit de algemene reserve

1.100

Lagere kosten verduurzaming gemeentelijk vastgoed

404

Lagere onttrekking uit de reserve verduurzaming

-404

gemeentelijk vastgoed Lagere kosten Zuiderstrandtheater 4. Klimaat, energie en openbare

-549

Lagere onttrekking aan de algemene reserve

549

Voordeel afvalverwerking

-627

ruimte Lagere onttrekking uit reserve Afvalstoffenheffing

627

Lagere kosten warmtetransitie, energietransitie en

-774

duurzame polder

5. Economie 6. Centrum

7. Verstedelijking, wonen en mobiliteit

9. Besturen in verandering van tijden

Lagere onttrekking investeringsfonds duurzaamheid

774

Vertraging project baggeren haven

-502

Lagere onttrekking reserve baggeren

502

Lagere kosten centrum

-361

Minder onttrokken reserve Investeringsfonds stadshart

361

Lagere kosten/ hogere opbrengsten parkeren

-470

Ten gunste van de reserve parkeren

470

Extra kwaliteitsbijdragen

-481

Exrtra storting in groenfonds landelijk gebied

481

Lagere kosten omgevingswet

-348

Storting in de reserve Omgevingswet

348

Lagere kosten ICT

-300

Lagere onttrekking reserve automatisering

300

Lagere kosten IVB projecten

-200

Lagere onttrekking reserve IVB

200

Lagere kosten versterken gemeentelijke

-100

dienstverlening 11

Programma

Omschrijving

Bedrag

Lagere onttrekking reserve gemeentelijke

100

dienstverlening (POK) middelen Lagere kosten invoering omgevingswet

-500

Lagere onttrekking reserve omgevingswet

500

Lagere kosten uitvoering bestaanszekerheid

-200

Lagere onttrekking uit reserve bestaanszekerheid

200

Totaal

0

Financiële positie In deze paragraaf wordt in het kort de financiële positie van de gemeente weergegeven door te kijken naar de volgende onderdelen: A. Weerstandsvermogen en weerstandsratio B. Financieringspositie C. Reservepositie A. Weerstandsvermogen en weerstandsratio Het weerstandsvermogen geeft de financiële gezondheid van de gemeente weer. We drukken deze uit in een ratio. De uitkomst van de ratio moet in beginsel minimaal 1 zijn. Op hoofdlijnen is het beeld als volgt: Omschrijving

Bedrag/ratio incidenteel

Bedrag/ratio structureel

Geïnventariseerde risico’s

€ 4,9 miljoen

€ 8 miljoen

Weerstandscapaciteit

€ 24,5 miljoen

€ 5,1 miljoen

4,97

0,63

Weerstandsratio

De conclusie hieruit is dat de incidentele weerstandscapaciteit van voldoende omvang is om de gekwantificeerde risico’s te ondervangen. De structurele weerstandscapaciteit is van onvoldoende omvang. We zien forse structurele risico's, met name het risico van de stijgende rente en jeugdhulp maken dat de begroting flink onder druk staat. Dit vormt een uitdaging voor komende begroting. We blijven inzetten op de lobby richting het Rijk voor voldoende financiering voor onze taken. Ten opzichte van de programmabegroting 2024-2027 zijn er een aantal risico's vervallen. Deze zijn inmiddels concreet geworden en de effecten hiervan zijn verwerkt in deze jaarrekening.

12

B. Financieringspositie De financieringspositie geeft de verhouding aan tussen beschikbare financieringsbronnen op langere termijn (reserves, voorzieningen en langlopende geldleningen) ten opzichte van de investeringen in vaste activa. Hiermee geeft het dus aan op welke manier de activa gefinancierd zijn. De financieringspositie geeft aan dat er eind 2023 een financieringsoverschot is van afgerond € 21,1 miljoen. Hiervan kan het volgende overzicht worden gegeven: bedragen x € 1.000 Omschrijving

1 januari 2023

31 december 2023

Reserves

191.842

225.266

Resultaat jaarrekening

19.065

7.085

Voorzieningen

40.190

35.848

Langlopende geldleningen

60.637

51.423

311.734

319.622

1.142

1.204

Materiële vaste activa

239.878

270.480

Financiële vaste activa

27.348

27.762

268.368

299.446

43.366

21.176

Subtotaal

Immateriële vaste activa

Subtotaal

Financieringsoverschot

De gemeente is in verhouding in totaal dus meer gefinancierd met langlopende middelen. Dit komt doordat we onze voorraad aan grondexploitaties ook grotendeels gefinancierd hebben met langlopende middelen. We zien in 2023 wel een afname van langlopende geldleningen van circa € 9 miljoen. Voor meer informatie verwijzen we naar de toelichting op de balans. Financiële positie grondbedrijf De paragraaf grondbeleid en het MPG bevatten de verantwoording van het grondbedrijf over het afgelopen jaar en geven inzicht in de prognose tot en met het jaar 2027. Ontwikkeling boekwaarde De boekwaarde van het grondbedrijf per 31 december 2023 is circa € 42 miljoen. Dit gaat om de volgende belangrijke onderdelen die via het grondbedrijf gaan: herstructurering, woningbouw, industrie, immateriële vaste activa (plankosten nieuwe plannen) en strategisch grondaankopen. Dit is exclusief inclusief het Osse aandeel van de boekwaarde van het intergemeentelijke project Heesch-West, aangezien de voorziening in 2022 is ingebracht in de gemeenschappelijke regeling. De boekwaarde bestaat uit gronden en uit kosten die we al gemaakt hebben voor diverse projecten.

13

Actuele prognose De actuele prognose uit het MPG geeft het volgende totaalbeeld: Bedragen x € 1.000 Omschrijving

Boekwaarde per 31-12-2023

Verliesvoorzieningen

Herstructureringsplannen

15.249

19.561

Woningbouwcomplexen

-1.226

Industrieterreinen

5.514

Immateriële vaste activa

6.521

6.521

Strategische aankopen

15.464

2.102

Totaal

41.522

23.112

De verwachte winstnemingen over de jaren laten de volgende prognose zien (van vastgestelde grondexploitaties, excl. verliesvoorzieningen): bedragen x € 1.000 Omschrijving

2023

2024

2025

2026

2027

Herstructureringsplannen

838

511

50

0

0

Woningbouwcomplexen

3.284

2.278

3.352

788

1.107

298

2.938

0

0

0

4.420

5.727

3.402

788

1.107

Industrieterreinen Totaal

Uit deze overzichten valt op te maken dat we de komende jaren nog een toekomstige winst van circa € 15 miljoen verwachten. Winstnemingen gaan naar de ABR (algemene bedrijfsreserve grondbedrijf). De ABR dient namelijk als weerstandsvermogen. Aangezien het huidige saldo van de ABR nihil is, verwachten we de komende jaren géén afroming meer van deze reserve. De winsten zijn dus nodig om risico’s en verliesvoorzieningen af te dekken.

14

Reserves en voorzieningen grondbedrijf De algemene bedrijfsreserve van het grondbedrijf (ABR) is bedoeld om risico’s af te dekken die zich binnen het grondbedrijf kunnen voordoen. Voor de bepaling van de risico’s maken we gebruik van de Monte-Carlomethode binnen het grondbedrijf. Hiermee bewerkstelligen we een eenduidig risicobeleid waarbij alle risico's van de grondexploitaties worden meegenomen In het volgende schema is een totaaloverzicht gegeven van de ontwikkeling van de ABR in 2023: bedragen x € 1.000 Omschrijving

Stand per 1 januari 2023

Bedrag

3.680

- Rente

39

- (Tussentijdse) winstnemingen industrie

298

- (Tussentijdse) winstnemingen woningbouw

3.284

- (Tussentijdse) winstnemingen herstructurering

838

- Verkoop beheergronden

106

Stortingen

4.565

- Reserve bovenwijkse voorzieningen (PB 2023)

-2.174

- Storting in voorziening te verwachten exploitatieverliezen

-212

- Storting in voorziening plankosten IMVA

-2.579

- Storting in de reserve brede school Lith

-1.710

- Ontwikkeling Kapelaan Nausstraat

-95

- Afdracht kostenverhaal (reserve bovenwijkse voorzieningen/verbetering fysieke kwaliteit)

-401

- Rentekosten strategische aankoop het Brand

-147

- Vennootschapsbelasting

-819

- Onttrekking voor taskforce versnelling woningbouw

-108

Onttrekkingen

Stand ABR per 31 december 2023

-8.245

0

15

Op basis van een meerjarenprognose en de risicoanalyse is het verloop van de reserves en voorzieningen binnen het grondbedrijf als volgt: bedragen x € 1.000 Omschrijving

31 december

31 december

31 december

31 december

2023

2024

2025

2026

0

2.826

5.644

4.964

Reserve strategische aankopen

5.686

5.665

5.643

5.623

Risicoreserve Heesch West

1.734

1.734

1.734

1.734

Reserve binnenstedelijke

10.000

14.700

19.700

19.700

6.521

8.333

8.333

8.333

Voorziening exploitatieverliezen

19.561

5.753

1.273

0

Voorziening afwaardering (I)MVA

2.102

2.102

2.102

2.102

45.604

41.113

44.429

42.456

Algemene bedrijfsreserve

transformaties Voorziening immateriële vaste activa

Totaal

De algemene bedrijfsreserve (ABR) stijgt de komende jaren. De minimale omvang van deze reserve op basis van risico-inschattingen bedraagt € 4,4 miljoen en zal door nieuwe plannen de komende jaren verder stijgen. Dit betekent dat de huidige hoogte van de ABR lager is dan deze minimale omvang. Dit betekent dat er de komende jaren er geen sprake meer kan zijn van afromingen. Daarbij wordt het belangrijk om de ABR weer aan te gaan vullen tot dit minimale niveau. Vanuit de ABR is er in 2023 storting gedaan in de reserve bovenwijkse voorzieningen. In de voorziening exploitatieverliezen is het verwachte verlies van de grondexploitatie voor het Walkwartier opgenomen (ruim € 13,6 miljoen). Hierin zitten ook verliezen gekoppeld aan andere projecten. Voor het project Heesch West is de voorziening van € 13,1 miljoen in april 2022 ingebracht bij de gemeenschappelijke regeling (en dus niet meer aanwezig binnen onze gemeente). We hebben op basis van onze risicoanalyse een aanvullende risicoreserve van afgerond € 1,7 miljoen voor Heesch West gevormd. Voor afwaardering van strategische gronden Ravenstein is een voorziening gevormd van € 2,1 miljoen. Voor een verdere specificatie verwijzen we naar het MPG, de paragraaf grondbeleid en de toelichting op de balans. C. Reservepositie De reservepositie geeft het volgende beeld: bedragen x € 1.000 Omschrijving

1 januari 2023

31 december 2023

Algemene reserve

32.300

41.002

Algemene reserve grondbedrijf

3.680

1

Reserves ter dekking begroting

21.637

19.538

Bestemmingsreserves ter afdekking van

12.736

16.602

Overige bestemmingsreserves

121.489

148.125

Resultaat jaarrekening

19.065

7.085

210.907

233.353

afschrijvingslasten

Totaal

16

De totale reservepositie is gestegen met ruim € 22,5 miljoen. De algemene reserve is toegenomen door met name het positieve resultaat over 2022 (destijds is € 11 miljoen van het resultaat in de algemene reserve gestort). De algemene reserve van het grondbedrijf is gedaald door besluitvorming in de programmabegroting 20232026 om deze reserve af te romen en te storten in de reserve bovenwijkse voorzieningen. Door vertraagde winstneming is deze storting niet volledig gerealiseerd omdat anders de algemene reserve van het grondbedrijf negatief zou worden. De reserves die ingezet worden ter dekking van de begroting dalen conform eerdere besluitvorming. Door nieuwe investeringen stijgen de reserves ter dekking van afschrijvingslasten. De overige bestemmingsreserves stijgen met circa € 28 miljoen door per saldo extra stortingen in de reserves, zoals: −

Reserve beschermd wonen: € 6,1 miljoen;

−

Reserve opvang vluchtelingen: € 10,9 miljoen;

−

Reserve dak- en thuisloosheid: € 1,3 miljoen;

−

Reserve bovenwijkse voorzieningen: € 5,4 miljoen;

−

Reserve baggeren haven: € 3,8 miljoen;

−

Reserve organisatieontwikkeling: € 1,1 miljoen.

Voor meer informatie verwijzen we naar de toelichting op de balans, onderdeel reserves. Ontwikkelingen na 2023 De financiële positie van de gemeente komt flink onder druk te staan. We verwachten dat het structurele tekort in de begroting richting 2027/2028 op zou kunnen lopen richting de €€ 7 miljoen tot € 8 miljoen. Dit heeft een aantal oorzaken: -

Huidig tekort programmabegroting 2024-2027: € 3 miljoen structureel;

-

Risicoposten: (maximaal) risico € 2 miljoen;

-

Gestegen rente: € 2 tot € 3 miljoen.

Tekort vanuit programmabegroting 2024-2028 De programmabegroting 2024-2027 sloot met een structureel tekort van afgerond € 3 miljoen vanaf 20262027. Dit wordt hoofdzakelijk veroorzaakt door het ravijnjaar. Dit waren naar onze mening een acceptabele tekorten. Deze tekorten ontstaan voornamelijk door een sterke afname van de algemene uitkering (het zogenaamde “ravijn”) en door het zelf opnemen van een aantal onderbouwde risicoposten. Het gaat om de volgende posten en risicobedrag: Bedrag * € 1.000 Bedrag

%

Bedrag

Mogelijk tekort jeugdzorg

€ 1.800

50%

€ 900

Investeringskosten onderwijs

€ 1.200

80%

€ 960

Versnelling klimaat- en energiebeleid

€ 1.500

50%

€ 750

Hogere subsidie culturele instellingen

€ 600

50%

Totaal

€ 300 € 2.910

Het totale risico hiervan was € € 5,1 miljoen. Dit betekent dat we het restant van € 2 miljoen nog als risico niet hebben afgedekt. Vooral de risico’s voor tekorten binnen jeugdzorg zijn hierin groot omdat we oom in deze jaarrekening voor het eerst tekorten zien op de uitvoering van jeugdzorg. Onzekerheden vanuit het Rijk Het is zeer waarschijnlijk dat we in de meicirculaire 2024 nog geen duidelijkheid komt over eventuele compensatie van het ravijnjaar en het afschaffen van de opschalingskorting. Het is onzeker of dit bij Prinsjesdag/septembercirculaire dit wel het geval is. Daarbij bestaat ook de kans dat wanneer er wel een nieuw kabinet is ze nog geen definiet besluit nemen over de structurele financiering van gemeenten, maar wederom kiezen voor tijdelijke of gedeeltelijke compensatie. We blijven dus begroten in onzekerheid.

17

Stijgende rentekosten We verwachten een extra structureel nadeel van enkele miljoenen door hogere rentekosten. De rente was jarenlang erg laag. Onze gemiddelde rente waarvoor we leenden was jarenlang rond 1,1%. De rente is de afgelopen tijden sterk gestegen. Dit heeft een groot effect op onze begroting, omdat investeringsprojecten daarmee duurder worden. We hebben de financieringsbehoefte voor de komende 4 jaar in beeld gebracht. Daarbij is het erg lastig in te schatten wanneer daadwerkelijke uitgaven bij grote projecten precies gedaan worden. De ervaring is dat dit altijd wat achter blijft t.o.v. de begroting. Samengevat verwachten we dat onze financieringsbehoefte afgerond € 290 miljoen bedraagt. De rente per december 2023 was circa 3,6%. Deze is de afgelopen maand gedaald naar 3,1%. Wanneer we uitgaan van een rente van 3,5% stijgen de kosten voor onze investeringen met afgerond € € 3,4 miljoen. Bij een rente van 3,1% zal dit € € 2 miljoen zijn. Dit is inclusief financiering en hogere kosten voor de realisatie van de nieuwe Lievekamp en het zwembad. Hierbij hebben we al rekening gehouden met maatregelen die we kunnen treffen, zoals het niet meer toevoegen van rente aan reserves. We werken dit uit richting de Kadernota 2025-2028. De stijgende rente betekent dat we voor enkele miljoenen aan hogere kosten op moeten vangen in de begroting.

Dit zorgt voor extra druk op het meerjarenbeeld. We verwachten per saldo hogere kosten van ongeveer € 2 tot € 3,4 miljoen die we niet binnen de budgetten op kunnen vangen. Overige risico’s Daarnaast zien we nog overige risico’s die effect zouden kunnen hebben op onze meerjarenbegroting. Dit zijn onder andere de inflatie, stijgende zorgkosten, de landelijk in te vullen maatregelen voor de hervormingsagenda jeugd. Ook zijn er nog overige 3O-ontwikkelingen te verwachten waar financiële ruimte gevonden voor zal moeten worden. Resultaatbestemming 2023 In de jaarrekening wordt voorgesteld om het positieve saldo van afgerond € 7,1 miljoen te bestemmen. We stellen voor een bedrag van € 5,9 miljoen over te hevelen naar 2024 voor concrete projecten over te hevelen naar 2024. Dit bedrag is nodig voor de uitvoering van deze projecten. Het restant van € 1,2 miljoen storten we in de algemene reserve. Accountantscontrole De onafhankelijke accountant verstrekt met ingang van dit boekjaar alleen een controleverklaring bij het getrouwe beeld van de jaarrekening. Het college geeft zelf een oordeel op het gebied van rechtmatigheid. Daarbij stelt de accountant wel vast of de opgenomen rechtmatigheidsverantwoording getrouw is verantwoord in de jaarstukken.

Het oordeel van de accountant is dat de jaarrekening een getrouw beeld geeft van zowel de grootte en samenstelling van de baten en lasten over 2023 alsmede het vermogen per 31-12-2023. De volledige controleverklaring is opgenomen onder de overige gegevens in dit document. Het college heeft geoordeeld dat er in 2023 geen afwijkingen (rechtmatigheidsfouten en onduidelijkheden qua rechtmatigheid) zijn vastgesteld die niet in overeenstemming zijn met de door de gemeenteraad vastgestelde richtlijnen. Daarbij is specifiek gekeken naar: −

Begrotingsrechtmatigheid.

−

Voorwaardencriterium. Belangrijk onderdeel bij het vaststellen is dat we als gemeente hebben voldaan aan inkoop en aanbestedingsbeleid (norm voor Europese aanbestedingen).

−

Misbruik & oneigenlijk gebruik (M&O).

18

Financiën programma's in één oogopslag In de volgende figuur laten we zien hoe onze gerealiseerde uitgaven in 2023 over de programma's verdeeld zijn (bedragen x € 1.000).

19

Programma 1. Welzijn en zorg

20

1. Inleiding De begrotingsprogramma’s 1, 2 en 3 gaan over het sociaal domein in Oss. In de drie hoofdstukken staan veel verschillende deelonderwerpen. In de alinea’s hier direct onder staat wat ons bindt in het sociaal domein. Vanuit het sociaal domein werken wij aan een veerkrachtige en inclusieve samenleving in Oss. Wij streven ernaar dat iedere inwoner mag meedoen. Wij doen dat vanuit de volgende waarden: •

Mens centraal. We stellen de mens centraal, we sluiten aan bij wat mensen zelf willen en kunnen. We doen hierbij recht aan de waardigheid van iedere inwoner van Oss. Inwoners willen zoveel mogelijk eigen regie en verantwoordelijkheid over hun leven en hun leefomgeving. Zij doen en kunnen veel zelf en samen met hun omgeving. Het vrijwilligerswerk, bijvoorbeeld bij sportclubs, scholen en culturele instellingen, is van grote meerwaarde voor de gemeenschap.

•

Nabijheid. We weten wat er leeft en speelt in buurten, wijken, dorpen, stadjes. We kennen de inwoner en de inwoner kent ons. Daarom zijn we makkelijk benaderbaar. Ondersteuning is nabij en waar mogelijk ingebed in de sociale structuur in de dorpen en wijken. Zodat we bijdragen aan actieve en verantwoordelijke gemeenschappen.

•

Eenvoud. We werken vanuit de bedoeling en doen wat nodig is, passend bij de inwoner en zijn mogelijkheden. We maken steeds de afweging hoe we administratieve processen voor inwoners, onze samenwerkingspartners en de gemeentelijke organisatie kunnen vereenvoudigen.

•

Vakmanschap en partnerschap. Onze medewerkers zijn deskundig, hebben de juiste competenties en blijven leren. Ze zijn hierbij in staat waarderend en zonder vooroordeel het gesprek aan te gaan. Goede ondersteuning voor onze inwoners kan de gemeente niet alleen. We hebben de partners in het sociaal domein nodig om hieraan bij te dragen. Daarom bouwen we aan netwerken en participeren hier actief in. Professionals vanuit verschillende afdelingen en organisaties en inwoners werken waar nodig integraal samen. Hierbij is de Samenwerkwijze uitgangspunt.

Binnen het sociaal domein werken we vanuit deze waarden aan ons dienstverleningsconcept, onze werkprocessen, aan de vakmanschapsontwikkeling van onder andere onze consulenten, en aan onze digitaliseringsagenda. Inhoudelijk onderschrijven we de landelijke agenda voor het sociaal domein. Dat betekent investeren in herstellen van bestaanszekerheid, vergroten kansengelijkheid en gezond leven makkelijker te maken. Naast passende dienstverlening aan onze inwoners en de transformatie van het sociaal domein sturen we op de betaalbaarheid van het geheel. We sluiten aan bij de talenten, mogelijkheden en behoeften van inwoners. Wanneer het niet vanzelf gaat, bieden we ondersteuning, zorg en opvang. Deze ondersteuning is gericht op zoveel mogelijk zelf en samen doen: in netwerken in de buurt of wijk. Waar nodig zorgen we voor (specialistische) ondersteuning en zorg. We kijken integraal naar de hulpvraag van inwoners, bijvoorbeeld in een combinatie van welzijn, zorg, werk, schuldhulpverlening en armoede-ondersteuning. Meer gebruik maken van de mogelijkheden van de inwoner en aansluiting bij de leefwereld vraagt een andere houding en andere manier van werken van professionals. Dit is een langdurig verandertraject. Om te komen tot een integrale oplossing voor de inwoner werken we vanuit de disciplines werk en inkomen, welzijn, zorg, veiligheid, schuldhulpverlening samen.

21

2. Programma-onderdelen 2.1 Ondersteuning en zorg in de Wmo Doelstellingen We werken aan de volgende doelstelling(en):

-

In Oss helpen we elkaar en kan iedereen meedoen (sociale basis) Inwoners van Oss die dat nodig hebben, krijgen passende ondersteuning Voorzieningen zijn vindbaar, toegankelijk, betaalbaar en kwalitatief goed

Hoe ver zijn we met het realiseren van onze doelstellingen? We hebben in 2023 gewerkt aan drie hoofddoelstellingen van onze lokale Wmo: werken aan een sterke sociale basis, zorgen voor ondersteuning van inwoners in kwetsbare posities en zorgen dat onze voorzieningen vindbaar, toegankelijk en betaalbaar zijn. We hebben flinke stappen gezet om onze dienstverlening verder te verbeteren en professionaliseren. Zo is geïnvesteerd in vakmanschapsontwikkeling, digitalisering en eenduidige processen voor onze toegang. Ook wordt steeds duidelijker dat we staan voor een enorme opgave, namelijk de zorg toekomstbestendig maken en houden. De landelijke akkoorden IZA en GALA die hierop gericht zijn, hebben dan ook veel aandacht gevraagd in 2023. Substitutie van ondersteuning is nog meer dan voorheen het sleutelwoord. De visie op de sociale basis en diverse regionale beleidskaders die in 2023 zijn vastgesteld, helpen ons om richting te geven aan ons handelen. In onderstaand activiteitenoverzicht staat op welke manier daaraan gewerkt is en wat het opgeleverd heeft. Wat hebben we hiervoor gedaan?

-

Voor de regio Brabant Noordoost-oost zijn het Regionaal beleidskader Wmo 2024-2028, het Koersdocument inwoners met een psychische kwetsbaarheid 2024-2028 en de centrumregeling medio

-

2023 vastgesteld. Ook is het regioplan voor de uitvoering van het IZA in RNOBB vastgesteld. Dagontmoeting en informele activiteiten in de wijk: o

Steeds meer inwoners met een hulpvraag of gevoelens van eenzaamheid nemen deel aan informele collectieve activiteiten, waardoor we zwaardere ondersteuning uitstellen of voorkomen. In veel gemeenschapshuizen is een huiskamerfunctie ingericht of uitgebreid. Ook het samen eten is op steeds meer plekken in wijken en kernen te vinden. Op bijna alle activiteiten in de wijk zien we een groei.

o

We hebben subsidie verleend aan het experiment Zorgbuurthuis ’t Hageltje om te onderzoeken of we voor de bewoners ervan de Wmo-zorg goedkoper en efficiënt kunnen organiseren. De dagontmoeting die in 2022 in de Berchplaets in Berghem is gestart voor thuiswonende inwoners met beginnende dementie of andere gezondheidsbeperkingen draait goed. Een tweede dagontmoeting loopt nu in De Snoeck in Lith en een derde is in ontwikkeling in Ravenstein. We verlenen de zorgcoöperaties subsidie voor de huisvestingskosten vanaf 2024. Hierdoor houden ze meer tijd en financiële ruimte over voor hun activiteiten.

o

In alle kernen, dorpen en wijken van Oss organiseert ONS welzijn inloop en (financiële) spreekuren met inzet van voornamelijk vrijwilligers en ondersteund door professionals en netwerkpartners. We zien de aanmeldingen voor hulpvragen afnemen vanwege de spreekuren. ONS welzijn evalueert op dit moment hoe het loopt, wat goed gaat en wat beter kan. Zo onderzoeken we in hoeverre de verschillende spreekuren meer gezamenlijk kunnen worden

-

georganiseerd. In alle wijken en kernen is nu door inwoners en ONS Welzijn een Sociale Agenda opgesteld. Waar de Sociale Agenda nu 2 jaar loopt is gestart met de evaluatie ervan. De visie op Sociale basis Oss 2040 is eind 2023 vastgesteld als richtinggevend kader voor ons beleid en activiteiten. Mantelzorg wordt steeds belangrijker; momenteel werken we aan nieuw mantelzorgbeleid. We hebben hierover verschillende keren met de Adviesraad Sociaal Domein gesproken, en gaan nog in gesprek met mantelzorgers zelf. Daarnaast hebben we bestaande voorzieningen en lokale initiatieven een extra impuls

22

gegeven met de GALA middelen. We hebben ingezet op bewustwording van mantelzorgers. Hierdoor zijn de mantelzorgcomplimenten van 1.200 aanvragen gestegen naar 1.841 aanvragen. Tot slot was er eind

-

2023 weer een Kerstcircus voor mantelzorgers. Samen met HUMO (huisartsenvereniging in Oss e.o.) werken we aan voldoende huisartsen in Oss en een goede samenwerking met de huisarts in de wijk. We hebben uitwerking gegeven aan de evaluatie Proeftuin 2022 door het organiseren van een subsidietender voor de wijken Ruwaard en Ussen. Daarnaast is het handboek Samenwerkwijze opgeleverd

-

ten behoeve van verder doorontwikkeling van dit gedachtengoed. In het kader van Zorg en Veiligheid hebben we in 2023 gewerkt aan de doorontwikkeling van het model Aanpak Voorkomen Escalatie (AVE). We hebben, samen met onze partners, nieuwe afspraken gemaakt rondom dit opschalingsmodel voor casuïstiek. Verder is de wet aanpak meervoudige problematiek (WAMS) controversieel verklaard. Bij de ontwikkeling van onze processen houden we wel reeds rekening met de WAMS. Tot slot zijn we de regionale samenwerkingsafspraken voor de wet verplichte GGZ (WVGGZ) aan

-

het herzien. Rond jeugdgroepen en overlastgevende jongeren werken we samen met jongerenwerk (ONS welzijn) en straatcoaches (Secutor). Eind 2023 zijn we gestart met het evalueren van deze samenwerking. Groepen zijn steeds meer fluïde, dit vraagt een herijking van onze aanpak en samenwerkingsafspraken. Verder is er vanaf 2023 structureel budget voor de inzet van HALT, waarbij we jaarlijks bepalen bij welke groepen en thema's de prioriteit ligt. Tot slot wordt op Maasland niveau samengewerkt met onder andere de politie en het RIEC, met een gepland vervolg van de ZICHT-sessie in 2024.

-

De woonzorgvisie is eind 2023 vastgesteld door de gemeenteraad. We zijn gestart met de uitvoeringsagenda.

-

De aanbesteding Huishoudelijke verzorging (HV) is afgerond. Vanaf 1 januari zijn de nieuwe contracten ingegaan. Hierbij maken we onderscheid tussen HV als algemene voorziening en HV als maatwerkvoorziening.

-

Beschermd wonen en maatschappelijke opvang: Vanuit het regionaal koersdocument psychisch kwetsbaar hebben we zowel regionaal als lokaal diverse dingen opgepakt. Voorbeelden zijn: o

De doordecentralisatie van Beschermd Wonen: we zorgen voor een gelijktijdige opbouw en afbouw van voorzieningen in de regio, waaronder de ontwikkeling van nieuwe ambulante ondersteuning (beschermd thuis). Oss blijft hierbij de centrumfunctie vervullen.

o

We werken verder aan de transformatie van de Maatschappelijke Opvang met als doel het verbeteren van de in-, door- en uitstroom in de regio. Waar mogelijk voorkomen we instroom en verkorten we de duur van de opvang.

o

We geven invulling aan het terugdringen van dak- en thuisloosheid; in 2023 nam Oss deel aan een nieuw type telonderzoek (Ethos-light telling). De resultaten hiervan nemen we mee in ons plan van aanpak dak- en thuisloosheid.

o

We hebben de afspraken over uitstroom naar een zelfstandige huurwoning met woningbouwcorporaties en zorgaanbieders voor de doelgroep psychisch kwetsbare mensen en dak- en thuisloze personen doorontwikkeld en meegenomen in prestatieafspraken met woningbouwcorporaties.

o

We hebben meer kennis met betrekking tot GGZ naar de wijken gebracht in de vorm van een regionale consultatiefunctie GGZ en een pilot met Ons Welzijn. Ook zijn we bezig met het opzetten van een zelfregiecentrum.

23

2.2 Jeugdhulp Doelstellingen We werken aan de volgende doelstelling(en): -

Jeugdigen in onveilige situaties worden beschermd

-

De hulp voor de jeugdige is zo dicht mogelijk bij huis, nabij het gezin

-

Er is passende (specialistische) jeugdhulp voor de jeugdigen die dit nodig hebben

-

Er is een sterke (gemeentelijke) toegang die verbindingen heeft met partners uit de jeugdketen zoals consultatiebureau, voorschoolse voorzieningen en onderwijs

Hoe ver zijn we met het realiseren van onze doelstellingen? Het Centrum voor Jeugd en Gezin (CJG) is onze uitvoeringsorganisatie voor hulp en ondersteuning aan jeugdigen en hun gezinnen en verwijzing naar specialistische hulp als dat nodig is. Wij werken met hen samen om onze transformatiedoelstellingen te realiseren: ondersteuning en zorg dichtbij en passend bij mensen. Zo laagdrempelig, dichtbij en intensief als nodig, zeker voor de meest kwetsbaren. En zo licht als mogelijk, uitgaande van het normale en de eigen kracht van die persoon. We hebben extra jeugdhulpprofessionals gefinancierd om de uitbreiding van taken mogelijk te maken en de wachtlijst voor het CJG zoveel mogelijk te beperken. Ook zijn wij continu in gesprek over samenwerking in de keten van zorg, verbetering van de hulp voor specifieke doelgroepen. Zo werken we aan (visie)ontwikkeling en realisatie van een sterke toegang waar ook in de Hervormingsagenda Jeugd over wordt gesproken. Wij dragen actief bij aan regionaal beleid, om zo de doelstellingen voor onze jeugdigen beter te behalen. Hierbij hebben we samen met de andere regiogemeenten een nieuw regionaal beleidsprogramma opgesteld, dat aansluit bij de thema’s uit de Hervormingsagenda Jeugd. Wat hebben we hiervoor gedaan? -

In plaats van een lokale Ontwikkelagenda Jeugd hebben we een breed beleidskader Jeugd Oss opgesteld, met de speerpunten voor beleid de komende jaren.

-

We ondersteunen de mentale gezondheid van jongeren met Join Us en STORM.

-

De rol en opdracht van de onderwijscontactpersoon (CJG) en familiecontactpersoon (cofinanciering onderwijs en gemeente) worden op basis van de evaluaties aangepast, zodat de samenwerking tussen ouders, scholen en jeugdhulp weer verder verbetert.

-

We hebben de inzet van de praktijkondersteuner GGZ Jeugd bij huisartsen -na een pilotfase- als structurele ondersteuning gerealiseerd.

-

We hebben de formatie CJG op orde gebracht in aansluiting op de gewijzigde taken (samenwerking in de veiligheidsketen) door structurele uitbreiding van 5 fte.

-

Er zijn (jeugd- en volwassenen-)professionals geschoold in de TOP3-methodiek, voor het gefaseerd samenwerken aan veiligheid. We hebben voor dit doel geïnvesteerd op de samenwerking met Veilig Thuis.

-

We nemen deel aan de pilot MDA++: afgestemde hulp (veiligheid, hulpverlening en medische zorg) aan gezinnen waarbij het eerder niet lukte om de cirkel van geweld duurzaam te doorbreken.

-

We zijn het experiment Samenwerkingswerkwijze en beschikkingsvrij werken gestart met CJG en zorgaanbieders.

-

We werken aan realisatie van een integrale, vraaggerichte aanpak waardoor kwetsbare jongeren (16-27 jaar) niet langer tussen wal en schip vallen. We implementeren de JIM (Jouw ingebrachte mentor) aanpak en hebben teams getraind in de JIM methodiek. We stimuleren wooninitiatieven voor jeugdigen uit verblijf.

-

We hebben samen met ouders en CJG verkend wat er nodig is voor (verbetering van) hulp aan zorgintensieve gezinnen en een plan hiervoor gemaakt.

-

In de regio hebben we de samenwerking geëvalueerd, de centrumregeling op onderdelen gewijzigd en opnieuw in de gemeenteraden vastgesteld. Er is een nieuw Regionaal Beleidsprogramma Jeugdhulp gemaakt, in aansluiting op de landelijke Hervormingsagenda Jeugd.

-

We leveren onze bijdrage aan de regionale beleidsontwikkeling door voorzitterschap van het regionaal beleidsteam, projectleiderschap Transformatie jeugdhulp, uitwerking vraagstukken binnen het regionaal beleidsteam en deelname aan het regionaal regieteam. We werken aan thema’s als inrichting crisishulp

24

NOB en verbetering, afbouw gesloten jeugdzorg, jongeren participatie en onderwijs jeugdhulparrangementen. -

We nemen deel aan de regionale Werkgroep Veilig in Afhankelijkheidsrelaties (ViA) waarin integrale beleidsontwikkeling en –afstemming plaatsvindt op het terrein van jeugdhulp, Wmo en veiligheid. Specifiek is gewerkt aan uitwerking van het Toekomstscenario Kind- en gezinsbescherming.

-

Bij de (regionale) Transformatie-opgaven voor innovatie en verandering van de jeugdhulp hebben we gewerkt aan de regionale aanpak 16-27 jaar, ontwikkeling kleinschalig verblijf, ervaringsdeskundigheid bij jeugdhulp aanbieders, verbeterplan pleegzorg, ontwikkeling nieuwe programma’s jeugdhulp: Kings, MST 10- en de ontwikkeling van een intersectoraal behandelteam.

2.3 Integratie en opvang Doelstellingen We werken aan de volgende doelstelling(en):

-

Iedereen kan volwaardig deelnemen aan de samenleving Inwoners van Oss spreken de Nederlandse taal op basisniveau Opvang van vluchtelingen op een humane en veilige manier Voldoende kwalitatieve huisvesting voor internationale werknemers

Hoe ver zijn we met het realiseren van onze doelstellingen? We maken (asiel)opvang mogelijk waar ontheemden met verschillende achtergronden welkom zijn. Dit doen we met partners en vrijwilligers. We bieden gelegenheid om mee te doen met aandacht voor taal, onderwijs en werk. Met ondersteuning voor wie dit nodig heeft. De draaglast en draagkracht van de opvang, directe omgeving en samenleving zijn in balans. Voor alle statushouders die in 2023 zijn toegewezen aan Oss is in samenwerking met de woningbouwcoöperaties passende huisvesting gevonden. De gewenste situatie (resultaat van de inzet) is dat internationale werknemers in staat zijn om zelfredzaam te zijn en volwaardig deel te kunnen nemen aan de maatschappij. De pilot die we medio 2023 gestart zijn, lijkt hier goed aan bij te dragen. Wat hebben we hiervoor gedaan? -

Integratie en opvang: In 2023 hebben we flinke stappen gezet om structurele, humane vluchtelingenopvang te realiseren voor de komende 5 jaar met een optie van verlenging als de situatie daar om vraagt. Hiervoor wordt een nieuwe locatie ontwikkeld aan de Spitsbergerweg. De oplevering hiervan is gepland op 1 oktober 2024. Verder hebben we met Thuis in Oss gewerkt aan een verdere verzelfstandiging van Thuis in Oss als professionele organisatie voor vluchtelingenopvang. We hebben een langjarige budgetovereenkomst afgesloten en een subsidie vanaf 2024 vastgesteld. Verder hebben we de beveiliging opnieuw aanbesteed en de huisartsenzorg op locatie structureel geregeld.

-

We hebben in beeld gebracht hoe we gratis taalonderwijs voor alle migranten die dat niet zelf kunnen betalen en voor wie het niet wettelijk verplicht is, het best kunnen realiseren. Wij sluiten daarvoor aan bij het gratis aanbod vanuit de Digi-Taalhuizen en bij de actieve taalgroepen in de gemeente en we zorgen voor een actieve communicatie daarover. Het Rijk heeft verder extra WEB-gelden (Wet educatie beroepsonderwijs) beschikbaar gesteld voor het extra taalaanbod voor Oekraïners door Thuis in Oss, het KW1C en het DigiTaalhuis.

-

De twee jarige pilot gericht op de integratie, participatie en het welzijn van de kwetsbare internationale werknemers is medio 2023 opgestart. Een plan van aanpak is geschreven, professionals geworven, een projectteam opgezet en er wordt een netwerk met sleutelfiguren gebouwd. De pilot wordt uitgevoerd door ONS welzijn en stichting Barka. Er wordt (preventief) informatie, advies, ondersteuning, begeleiding en maatschappelijk werk (individueel en collectief) geboden. Stichting Barka heeft tijdens het derde kwartaal van 2023 reeds 31 personen (waaronder 12 kinderen) in Oss geholpen en ondersteund. Zes van hen zijn teruggekeerd naar hun eigen land (Polen en Roemenië) vanwege hun kwetsbare situatie en het gebrek aan perspectief hier.

25

-

Begin 2023 is het beleidskader ‘grootschalige centrale huisvesting internationale werknemers’ vastgesteld door de gemeenteraad. Markt-initiatieven toetsen we via de Intaketafel aan het beleidskader en we voeren verdiepende gesprekken. Er is een projectleider aangesteld voor een integrale benadering. Er volgt een plan van aanpak integrale aanpak voor de huisvesting van internationale werknemers, inclusief de sociale en veiligheidsaspecten. Het streven is om 1.000 bedden voor internationale werknemers toe te voegen in grootschaligere huisvestingslocaties, zodat de druk op de bestaande woonwijken verlaagd kan worden en een kwalitatief goede huisvesting gewaarborgd kan worden.

3. Programma-informatie 3.1 Duurzaamheid Sociale duurzaamheid betekent: kiezen voor oplossingen die het probleemoplossend vermogen van de samenleving zelf versterken, waardoor op termijn minder zorg/ondersteuning nodig is en mensen toekomstperspectief hebben. Dat betekent: inzetten op eigen kracht en zelfredzaamheid en zo mogelijk kiezen voor oplossingen waarbij inwoners en hun informele netwerken een rol spelen. Niet zorgen voor een oplossing, maar helpen een oplossing te vinden, zodat de inwoner of de buurt een volgende keer meer zelf kan oppakken. Dat komt tot uiting in de manier waarop ondersteuning en welzijn worden ingevuld en uitgevoerd, maar ook in concrete activiteiten zoals: preventie, gezondheidsprojecten, mantelzorgondersteuning, ondersteuning van vrijwilligerswerk, combinaties van 1e en 2e lijnsondersteuning, enzovoort. De global goals die bij dit programma horen zijn: geen armoede, geen honger, goede gezondheid en welzijn, gendergelijkheid, ongelijkheid verminderen, duurzame steden en gemeenschappen en vrede, veiligheid en gerechtigheid. 3.2 Indicatoren Indicator

Bron

2020

2021

2022

2023

Streefwaarde

Ik weet waar ik moet zijn met een

CEO monitor over

hulpvraag

2021*

Ik werd snel geholpen

CEO monitor over

79%

82%

66%

n.n.b.

n.v.t.

82%

83%

75%

n.n.b.

n.v.t.

90%

89%

82%

n.n.b.

n.v.t.

1468

1533

1577

n.n.b.

n.v.t.

416

364

356

n.n.b.

n.v.t.

8

5

4

n.n.b.

n.v.t.

2021* De ondersteuning die ik krijg past

CEO monitor over

bij mijn hulpvraag

2021*

Aantal cliënten per zorgvorm

Berichtenverkeer

Wmo begeleiding

via Suite naar datawarehouse SD

Aantal cliënten per zorgvorm

Berichtenverkeer

Wmo dagbesteding

via Suite naar datawarehouse SD

Aantal cliënten per zorgvorm

Berichtenverkeer

Wmo kortdurend verblijf

via Suite naar datawarehouse SD

* CEO= cliëntervaringsonderzoek, dit wordt gedaan onder cliënten van gecontracteerde ZIN-aanbieders.

26

3.3 Waar staat je gemeente In de volgende tabel geven we de verplichte indicatoren vanuit waarstaatjegemeente.nl weer. Om de cijfers van Oss te kunnen plaatsen hebben we daarnaast een referentiemeting opgenomen. We gebruiken hiervoor de gemiddelde waarde van gemeenten in de grootteklasse van 50.000 tot 100.000 inwoners. Indicator

Oss

Referentie

Jaar

Jongeren met delict voor de rechter

1%

1%

2022

Jongeren tot 18 jaar met jeugdhulp

13,9%

11,3%

2023 2023

Jongeren tot 18 jaar met jeugdbescherming

1%

1%

Jongeren van 12-23 jaar met jeugdreclassering

0,2%

geen data

2023

Wmo-cliënten met een maatwerkarrangement per

870

702 (2021)

2022

10.000 inwoners

27

4. Wat heeft het gekost? + is nadeel: hogere uitgaven/lagere inkomsten - is voordeel: lagere uitgaven/hogere inkomsten bedragen x € 1.000 Omschrijving

Jeugdzorg

Wmo begeleiding en

Begroting

Begroting

Rekening

2023

2023 na

2023

Verschil Voordeel/ Nadeel

primitief

wijziging

Lasten

35.642

35.857

37.532

1.674

Baten

-41

-41

-128

-87

V

Saldo

35.600

35.816

37.404

1.588

N

Lasten

11.465

13.084

13.430

345

N

N

dagbesteding

Wmo beschermd wonen

Jeugdwerk

Wmo algemeen

Wmo collectieve

Baten

0

0

0

0

-

Saldo

11.465

13.084

13.430

345

N

Lasten

21.388

14.299

12.773

-1.525

V

Baten

0

0

-2

-2

V

Saldo

21.388

14.299

12.772

-1.527

V

Lasten

1.265

2.827

2.079

-748

V

Baten

-21

-417

-219

198

N

Saldo

1.244

2.410

1.860

-550

V

Lasten

646

896

861

-35

V

Baten

-1.167

-761

-651

110

N

Saldo

-521

135

210

75

N

Lasten

17.852

18.884

18.252

-631

V

Baten

-7.638

-15.288

-17.383

-2.095

V

Saldo

10.214

3.596

870

-2.726

V

Lasten

16.298

16.521

16.570

49

N

voorzieningen

Wmo individuele voorzieningen

Baten

-252

-252

-234

18

N

Saldo

16.046

16.268

16.336

67

N

Lasten

104.556

102.368

101.497

-871

V

Baten

-9.121

-16.760

-18.616

-1.857

V

Saldo

95.436

85.609

82.881

-2.727

V

Stortingen reserves

1.400

17.644

20.841

3.197

N

Onttrekkingen reserves

-3.033

-5.284

-4.692

592

N

Totaal mutaties reserves

-1.633

12.360

16.150

3.790

N

Resultaat

93.802

97.968

99.031

1.062

N

Totaal programma

28

Toelichting per product Jeugdzorg De totale begrote kosten aan jeugdhulp (inclusief het Centrum voor Jeugd en Gezin) waren in 2023 € 34,9 miljoen. De werkelijke kosten waren € 36,9 miljoen. Dit betekent een tekort van € 2 miljoen (saldo inclusief mutaties reserves voor jeugdzorg). In 2022 hielden we nog € 2,8 miljoen over met een vergelijkbaar budget. Het tekort van € 2 miljoen is een combinatie van een aantal voor- en nadelen: we hebben hogere Zorg in Natura (ZIN) -kosten van afgerond € 2,7 miljoen en lagere overige kosten van afgerond € 700.000. De hogere ZIN-kosten bestaan uit: −

Extra contractuele indexatie van de tarieven voor de gecertificeerde instellingen en een beschikbaarheidsbijdrage voor Jeugdbescherming Brabant in verband met hun financiële positie: afgerond € 200.000.

−

Overige ZIN-kosten: € 2,5 miljoen. Vooral de kosten aan GGZ, begeleiding, verblijf specialistisch en gezinsopname zijn fors gestegen. We zien dat er meer jongeren zijn die deze hulp ontvangen. We gaan dit nog nader analyseren, waarbij we ook kijken naar de duur van de trajecten. Op basis van de analyse willen we inzichtelijk krijgen in hoeverre we hierop kunnen sturen. Daarbij verwachten we wel dat sprake is van een structureel nadeel omdat de landelijke trend is dat meer jongeren een beroep op jeugdhulp doen. In Oss ging het in 2023 om een stijging van 4,5%. Daarnaast hebben we nog te maken met de taakstellingen vanuit de landelijke Hervormingsagenda jeugd en de extra bezuiniging uit het landelijke coalitieakkoord van het vorige kabinet. We staan de komende jaren dus voor grote financiële uitdagingen binnen jeugdhulp. Een belangrijk deel van de hogere kosten in 2023 in vergelijking met 2022 is de indexatie van alle ZINproducten (€ 1,5 miljoen). We hebben hiervoor de budgetten 2023 niet verhoogd omdat het rond de zomer nog leek dat we voldoende budget hadden voor alle kosten van 2023.

De lagere overige kosten (€ 700.000) bestaan uit: −

Lagere uitvoeringskosten Regionaal Inkooporganisatie Zorg (RIOZ): afgerond € 140.000

−

De regionale uitvoeringskosten centrumgemeente Den Bosch zijn ook lager uitgevallen: afgerond € 100.000

−

Lagere uitgaven aan het regionale project transformatie, dat naar verwachting tot en met 2024 doorloopt: € 477.000. Dit bedrag is minder onttrokken aan de algemene reserve.

Wmo Dagbesteding en begeleiding De kosten zijn € 345.000 hoger dan verwacht. Dit heeft een aantal oorzaken: −

Toename van het aantal aanvragen: € 180.000. Meer inwoners maken gebruik van ondersteuning. De kosten per cliënt zijn niet gestegen. Het is niet duidelijk wat de precieze redenen zijn. Mogelijk omdat mensen langer thuis blijven wonen: we zien meer complexe aanvragen en de doordecentralisatie van beschermd wonen geeft een toename van vragen in de wijk.

−

Voor dagbesteding, kortdurend verblijf en maatwerk hebben we een tekort van € 120.000. We zien een gelijkblijvende of zelfs iets dalende trend in aantallen. Aan de andere kant hebben we een nadeel. Dit wordt veroorzaakt door de toekenning van een subsidie aan zorgbuurthuis ’t Hageltje. We hebben hiervoor gelden toegekend in het kader van een experiment dat in de jaren 2024-2026 wordt uitgevoerd. Het experiment is gericht op substitutie binnen de Wmo en heeft als doel om zorg binnen de Wmo beter en goedkoper te organiseren door zelfredzaamheid, samenredzaamheid en informele zorg maximaal te stimuleren. In 2023 was het subsidiebedrag € 203.000.

−

Daarnaast hebben we € 45.000 aan hogere kosten voor PGB's.

29

Wmo Beschermd wonen De kosten zijn afgerond € 1,5 miljoen lager dan begroot. Dit is onder te verdelen in afgerond € 850.000 lagere Zorg in natura (ZIN) -kosten en afgerond € 650.000 lagere uitgaven aan nieuwe ontwikkelingen: −

De lagere ZIN-kosten zijn onder andere te verklaren doordat niet alle plekken voor beschermd wonen het hele jaar volledig benut worden. Dat komt onder andere doordat er niet altijd een match is tussen vraag en aanbod. Daarnaast zijn de uitgaven aan maatwerk lager uitgevallen. Dat heeft te maken met het feit dat we onze inwoners bijna niet meer buiten de regio kunnen plaatsen omdat die locaties vol zitten. Dat geldt vooral voor de groep structurele overlastgevers en verslaafden.

−

De lagere kosten aan nieuwe ontwikkelingen hebben onder andere te maken met de opvang voor verslaafden in herstel. Deze is in ontwikkeling en staat op de begroting, maar de zorgkosten gaan pas later komen. Verder zijn de kosten voor de time-out voorziening lager uitgevallen doordat een deel van de appartementen pas in de loop van het jaar opgeleverd is.

Op zijn vroegst in 2025 wordt de doordecentralisatie van Beschermd Wonen landelijk ingevoerd. Vooruitlopend daarop zijn in de Centrumregeling Wmo 2024 regionale financiële afspraken gemaakt over de reserve beschermd wonen en een investeringsfonds. Daarnaast staan in de centrumregeling afspraken over beschikbare structurele middelen om stijgende Wmo-kosten lokaal op te kunnen vangen. Dat betekent dat we in de periode 2024-2028 inzetten op het afbouwen van de regionale reserve en het overschot in de regionale begroting. Jeugdwerk We hebben een voordeel van per saldo € 0,5 miljoen. Dit komt doordat we € 0,7 miljoen aan lagere kosten en € 0,2 miljoen aan lagere opbrengsten. Dit heeft een aantal oorzaken: −

Lagere kosten GALA (€ 271.000): We hebben lagere kosten voor activiteiten in het kader van opbouwwerk. Dit is met name veroorzaakt doordat we de landelijke GALA gelden (Gezond Actief Leven Akkoord) in loop van 2023 kregen en hiervoor nog beperkt plannen waren. We hebben daarom bestaande activiteiten betaald uit de middelen voor GALA. Voor deze activiteiten hadden we al een bedrag begroot. Omdat we deze nu uit GALA middelen hebben betaald hebben we per saldo een voordeel van € 0,3 miljoen. Het gaat om kosten voor versterken sociale basis, mantelzorg, één tegen eenzaamheid en welzijn op recept. In programma 3, onderdeel gezondheid, hebben we de kosten en opbrengsten voor GALA verder toegelicht.

−

Lagere kosten en opbrengsten "samenwerking justitiële ketenpartners en proeftuin Ruwaard' (€ 213.000): We krijgen een subsidie dit project, alle kosten mogen we hieruit betalen. We maken echter veel minder kosten (€ 213.000) als gevolg van veranderingen in het justitiële proces buiten onze samenwerking om. Daardoor zijn de inkomsten ook lager.

−

Lagere kosten Jeugd en Jongerenwerk (€ 143.000). We hadden een bedrag gereserveerd voor de financiering van projecten, zoals huiskamerklas, om jongeren te stimuleren het onderwijs weer op te pakken na de coronapandemie. We hebben hier € 143.000 minder uitgegeven doordat de uitvoerders andere financiering hebben gerealiseerd buiten de gemeente om.

−

Lagere kosten voor de wijziging van bestemmingsplan Germanenweg 10 (voor scouting, hondenvereniging en tuinderij) (€ 45.000): Vanuit de reserve IVB was in 2023 € 45.000 beschikbaar gesteld voor bestemmingsplan Germanenweg 10 sloop en sanering. Dit traject loopt, maar de sloop/sanering heeft nog niet plaatsgevonden en schuift door naar 2024.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Oss&id=3340a3aa-8612-43ec-b85b-dfe46e54fa49