CConstaterende datOss
Koppel je AI →
Document · PDF

Erfgoedvisie Oss 2021.PDF

Gemeenteraad 27 januari 2022, gemeente OssBij agendapunt: A Erfgoedvisie gemeente Oss 202119.802 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 3

toekomst voor Onss

erfgoed Om zuinig en trots op te zijn en om door te vertellen

Erfgoedvisie Oss 2021

toekomst voor Onss

erfgoed Om zuinig en trots op te zijn en om door te vertellen

Erfgoedvisie Oss 2021

1

Inhoudsopgave Voorwoord ................................................................................................................

4

Inleiding ......................................................................................................................

6

Erfgoed in Oss ............................................................................................................

6

Leeswijzer . ..................................................................................................................

6

1. Gebouwd erfgoed ...............................................................................................

8

2. Archeologisch erfgoed ......................................................................................

8

3. Landschappelijk erfgoed ..................................................................................

10

4. Collecties en verzamelingen ...........................................................................

13

5. Verhalen en tradities .........................................................................................

13

Aanleiding . .................................................................................................................

14

Doel ................................................................................................................................

17

Proces . ...........................................................................................................................

18

Projecten . ..............................................................................................................

18

De weg naar de visie . ........................................................................................

18

DEEL 1 | VISIE . .........................................................................................................

20

Hoofdstuk 1 | Ambities ..............................................................................

20

Ambities en actielijnen . .........................................................................................

20

1. We willen met het erfgoed bijdragen

aan een mooie en prettige leefomgeving . .................................................

20

2. We willen het erfgoed ontsluiten voor een breed publiek . ..................

22

3. We willen de vele samenwerkingsverbanden op

het gebied van erfgoed versterken ................................................................

24

Hoofdstuk 2 | Rol van de gemeente .............................................

25

1. We willen met het erfgoed bijdragen aan een mooie

en prettige leefomgeving . ...............................................................................

25

Beschermen en beheren . ...........................................................................

25

Behouden .........................................................................................................

25

2. We willen het erfgoed ontsluiten voor een breed publiek . ...................

Beleven ..............................................................................................................

26 26

3. We willen de vele samenwerkingsverbanden

op het gebied van erfgoed versterken ..........................................................

2

Betrekken . ........................................................................................................

26 26

Hoofdstuk 3 | Samenwerking met het erfgoedveld .

27

Lokale erfgoedveld . ..................................................................................................

27

Provinciale en nationale erfgoedveld ................................................................

28

Koppelkansen ............................................................................................................

28

Hoofdstuk 4 | Uitvoeringsprogramma .....................................

29

DEEL 2 | UITVOERING .....................................................................................

29

Hoofdstuk 4 | Acties . .....................................................................................

29

Algemeen ....................................................................................................................

29

Aandachtspunten . ...................................................................................................

29

De basis op orde ..................................................................................................

29

- Erfgoedplan . ......................................................................................................

29

- Monumentenzorg . ..........................................................................................

30

- Collectiebeheer .................................................................................................

30

- Archeologie ........................................................................................................

30

Initiatieven uit het erfgoedveld .....................................................................

30

Religieus erfgoed ................................................................................................

30

- Kerkenvisie .........................................................................................................

31

- Kloostervisie . .....................................................................................................

33

Landschappelijk erfgoed ..................................................................................

33

Publieksprojecten . .............................................................................................

33

Middelen ...............................................................................................................

34

Uitvoeringsprogramma . ..................................................................................

35

Bijlagen . .......................................................................................................................

40

1. Vondsten en vorsten . ..........................................................................................

40

2. Kerken en kloosters . ............................................................................................

46

3. Van boerengat tot industriestad . ...................................................................

51

4. Strijd met het water ............................................................................................

58

5. Oorlog en vrede . ...................................................................................................

63

3

Ons erfgoed leeft! Steeds weer blijkt hoezeer erfgoed leeft in onze gemeente. Deze nota geeft allerlei sprekende voorbeelden van de veelheid van initiatieven van monumenteigenaren, maatschappelijke organisaties, de vele vrijwilligers en professionals. Daarmee bereiken we een breed publiek.

Nieuwe aanpak Alweer enkele jaren geleden hebben we onze nieuwe erfgoed-aanpak ingezet. Om daarmee de aanwezige energie te stimuleren, te faciliteren en richting te geven. Onze ambitie en daaruit voortvloeiende opgave hebben we toen verwoord in het motto: Ons erfgoed: om trots en zuinig op te zijn en om door te vertellen. Met als rode draad het centrale verhaal van de Maas zoals we dat in het boekje Mens en Maasland hebben beschreven, hebben we kansen gezien en gepakt, de verbinding en samenwerking met andere opgaven en partijen gezocht, de interne organisatie versterkt en ons meer naar buiten gericht. Daarmee heeft het enthousiasme voor ons erfgoed een nieuwe dimensie gekregen. Dit is ook extern herkend. Onder andere de prestigieuze nominatie van Beste Erfgoedgemeente 2019 met de onderliggende motivering getuigt daarvan. Deze lijn willen we de komende jaren voortzetten en verder uitbouwen. Daarom hebben we deze Erfgoedvisie 2021 als titel het genoemde motto meegegeven.

Bijzondere erfgoedgemeente Ons erfgoed illustreert de bijzondere gemeente die we als Oss zijn. We zijn als het ware een ‘Stadteland’. Met alle samenvoegingen van voorheen zelfstandige gemeenten zijn we in de loop van de jaren uitgegroeid tot een grote gemeente die bestaat uit een middelgrote stad, twee historische stadjes, 21 andere kernen en een heel groot gevarieerd buitengebied dat wordt getekend door de Maas, polderland, bos, kerktorens, molens en agrarisch gebruik. Al deze onderdelen van onze gemeente hebben hun eigen historie. Dit zien we terug in onze vele monumenten: 244 Rijksmonumenten en 296 gemeentelijke monumenten, waaronder ruim 60

4

religieuze gebouwen en in ons landschap. En ook nu nog herkennen we dit in de vele uitingen van eigen identiteiten naast wat wij gemeenschappelijk hebben. Deze combinatie van het vele materiële en immateriële erfgoed maakt Oss tot een interessante en grote erfgoedgemeente. Om door te geven De kern van ons erfgoedbeleid is gericht op behoud van waardevolle elementen die we door willen geven aan volgende generaties. Zoals wij deze te leen hebben gekregen van vorige generaties. Dat heeft alleen zin als we ons erfgoed interessant weten te maken voor oud tot jong, voor inwoners tot potentiele bezoekers. Daarom richten wij ons tot een breed publiek, waaronder zowel ouderen als scholieren. Om zo ons erfgoed te laten beleven. Daarmee is het een belangrijke pijler van ons beleid voor recreatie (eigen inwoners) en toerisme (bezoekers van elders). Daarvoor maken wij naast de communicatiemedia gebruik van natuurlijke platformen, ontmoetingscentra, onze openbare ruimte en samenwerkingsverbanden zoals de Zuiderwaterlinie-alliantie en Visit Brabant.

Zuinig op zijn Behouden van erfgoed vraagt meer dan beschermen sec. Het vraagt ook openstaan voor initiatieven om de eigentijdse functionele waarde van een monumentaal pand of landschap te versterken. Zodat eigenaren bereid en in staat zijn om de benodigde investeringen te doen. Uiteraard met als vertrekpunt om de historische charme niet te verliezen. En waar het erfgoed is verdwenen, kan het verhaal als inspiratiebron dienen om historische elementen op een creatieve manier zichtbaar te maken en tot de verbeelding te laten spreken. De waterveiligheidsmaat-

regelen in het project Meanderende Maas, de historiserende elementen in verbouwingen in het centrum van Oss en in Ravenstein zijn mooie, actuele voorbeelden.

Verbinding In onze inzet voor de beleving van ons erfgoed streven we ernaar om zoveel mogelijk het verleden te verbinden met het heden en de toekomst. Zoals we dat doen met o.m. de archeologische vondsten en de aandacht voor de nucleaire kelder. Juist in deze tijd van grote veranderingen, waarop wij individueel maar beperkte invloed hebben en waarvan de uitkomsten onbekend zijn, kan erfgoed voor verbinding zorgen. Omdat het herkenning biedt en de gezamenlijke identiteit met de directe omgeving tot uitdrukking brengt. En omdat het tegelijkertijd onderstreept dat verandering van alle tijden is.

Deze verbinding die dichter en geschiedkundige Willem Bilderdijk zo treffend heeft verwoord:

In `t verleden Ligt het heden, In het nu, wat worden zal. Mr. J. van der Schoot Wethouder Erfgoed c.a.

5

Inleiding Van het Vorstengraf tot de Zuiderwaterlinie, van de atoomschuilkelder tot het voormalige klooster Huize Nazareth, van de molens tot de Lithse paden, van de Beerse Overlaat tot Museum Jan Cunen, van de fotocollectie van het Stadsarchief tot de kerken en van de vestingsteden Megen en Vrijstaat Land van Ravenstein tot verhalen over messentrekkers… …Wie een kijkje neemt in de Gemeente Oss zal zich verbazen over de hoeveelheid en verschillende soorten erfgoed. Erfgoed? Ja, zeker. Alle archeologische vondsten, bijzondere gebouwen, collecties en verzamelingen, mooie landschappen, verhalen en tradities die je in Oss vindt, hebben we ooit – bewust of onbewust – geërfd. Het is erfgoed dat iets zegt over onze identiteit en ons verbindt als gemeenschap. En ook wij geven het op een dag weer door aan de generatie na ons. Kortom, het Osse erfgoed is om zuinig en trots op te zijn. Iets wat we toekomst willen geven en doorvertellen.

Erfgoed in Oss Het boekje ‘Mens en Maasland’ waarin het gezamenlijke verhaal over de geschiedenis van Oss wordt verteld.

Oss is een bijzondere gemeente, als het ware een ‘Stadteland’. We zijn namelijk in de loop van de jaren uitgegroeid tot

een grote gemeente met een middelgrote stad, twee historische stadjes, 21 kernen en een omvangrijk buitengebied. Al deze verschillende plekken hebben hun eigen historie en maken Oss tot een rijke erfgoed gemeente. Wie een snelle blik werpt op onze monumentenlijst ziet bijvoorbeeld dat we alleen al 244 Rijksmonumenten en 296 gemeentelijke monumenten hebben. Voor de beeldvorming: als álle inwoners van de gemeente tegelijkertijd een monument zouden bezoeken, staan er in of bij elk monument ongeveer 170 mensen. Het is niet heel ruim, maar zou best kunnen toch? En dan hebben we het nog niet eens over al het andere erfgoed. De gemeenschappelijke deler van al het Osse erfgoed is de Maas. Zoals de meanders van de Maas door het landschap lopen, loopt het verhaal van de Maas als een rode draad door de geschiedenis van Oss. In het boekje ‘Mens en Maasland’ kun je dit gezamenlijke verhaal lezen. Om een goed beeld te schetsen van wat we in huis hebben en ons verhaal te kunnen structureren, hebben we in deze visie vijf soorten erfgoed onderscheiden: 1. 2. 3. 4. 5.

Gebouwd erfgoed Archeologisch erfgoed Landschappelijk erfgoed Collecties en verzamelingen Verhalen en tradities

Leeswijzer ‘De erfgoedvisie begint met een kort overzicht van de verschillende soorten erfgoed. Daarna bespreken we de aanleiding, het doel en het proces van de visie. Dit samen vormt de inleiding. Hierop volgt onze visie wat begint met het uitspreken van onze ambitie

6

in hoofdstuk 1. Waar ligt de toekomst voor het erfgoed? We schetsen een stip aan de horizon waar we naartoe willen werken. Om dan alvast een eerste stap te zetten richting het uitvoeringsprogramma koppelen we hier ook meteen actieve werkwoordenaan: de actielijnen. Vanuit de ambitie en actielijnen, lichten we in hoofdstuk 2 toe welke rol de gemeente per ambitie en actielijn voor zich ziet. Welke rol pakken wij als gemeente? Wat kan het erfgoedveld van ons verwachten? Hiervoor gebruiken we een bekend schema met daarin de vier rollen die de overheid kan aannemen. Dit vormt het beleidskader. Aan het eind van de visie wordt in hoofdstuk 3 een visueel overzicht gegeven van het erfgoedveld: het kloppend hart van het Osse erfgoed. Wat verwachten we van dit netwerk ten aanzien van onze rol? Na een korte uitleg over het netwerk schetsen we hier onze gewenste samenwerking en rolverdeling.

Het sheddakencomplex, dat hoorde bij het fabrieksterrein van Bergoss, is herbestemd tot wellness, woningen en een stadstuin.

Een gezicht op Ravenstein: Rijks beschermd stadsgezicht van de gemeente Oss.

7

In hoofdstuk 4 geven we een doorkijk naar het uitvoeringsprogramma - de concrete acties in de (nabije) toekomst. Daarbij benoemen we een aantal aandachtspunten. Ook reflecteren we op de kerken- en kloostervisie en de rol die gemeente voor zich ziet met betrekking tot het herbestemmen van religieus erfgoed. Tot slot zijn de verhaallijnen van het Osse erfgoed als bijlage toegevoegd. Hierin laten we zien wat er in de afgelopen jaren is gebeurd en bereikt.

1. Gebouwd erfgoed Gebouwd erfgoed is simpelweg al het erfgoed dat is gebouwd. Denk aan monumentale huizen, boerderijen, kerken, kloosters, kapellen, kastelen, vestingwerken, fabrieken, bruggen, sluizen en molens. Het is vaak het soort erfgoed waar mensen als eerste aan denken als ze de term ‘erfgoed’ horen. Logisch, want het is ook het gemakkelijkst te herkennen en vaak dichtbij. Die kerk waar je elke ochtend langs fietst naar je werk, die oude fabriek waar je weleens langs loopt of dat karakteristieke pandje in je favoriete winkelstraat.

In het verleden is er in de stad Oss veel gesloopt. Daarbij is een aantal mooie, monumentale en vooral karakteristieke panden verloren gegaan. Terugkijkend is dat te betreuren, maar wel te verklaren door de tijdgeest. Er was sprake van vernieuwingsdrang: men wilde vooruit, groeien en daar hoorden nieuwe bouwplannen bij. Nu, vele jaren later, voelen veel inwoners met terugwerkende kracht de pijn van al het mooie gebouwde erfgoed dat verloren is gegaan. Dat is door het Stadsarchief treffend vertaald naar de tentoonstelling en gelijknamige serie ‘Gelukkig hebben we de foto’s nog’. Ondanks dat een aantal monumentale en karakteristieke gebouwen alleen nog op foto’s bekeken kunnen worden, hebben we ook in de stad Oss nog steeds veel gebouwd erfgoed. Daarnaast is de gemeente door de jaren heen groter geworden door een aantal samenvoegingen, waaronder met de historische stadjes Megen en Ravenstein. Op dit moment hebben we 244 Rijksmonumenten en 296 gemeentelijke monumenten. En dat is niet alles, want er zijn ook nog 525 beeldbepalende panden, 2 Rijks beschermde stads- en dorpsge-

Oss is een van de grootste archeologische onderzoeksgebieden in Nederland. Al jarenlang doen archeologen hier opgravingen. Soms ook met een educatief programma, zoals hier in 1956. Een man geeft uitleg aan schoolkinderen die rond een opgraving staan. Bron: Stadsarchief Oss. Fotograaf: Daan Scholte.

8

zichten en 1 gemeentelijk beschermd stadsgezicht die we bijzonder genoeg vinden om te behouden.

2. Archeologisch erfgoed Vrij vertaald betekent archeologie oudheidkunde. Kennis over de oudheid wordt opgedaan door het bestuderen van menselijke bewoningssporen. Deze zijn soms nog te vinden aan het oppervlak, in archieven of historische bronnen. Maar meestal liggen de sporen letterlijk onder ons, in de grond. Dit is de reden dat archeologen opgravingen doen. Op die manier komen ze meer te weten over de leefomstandigheden van onze voorouders. Oss is een echte schatkamer en uniek als het aankomt op archeologie. Weet je bijvoorbeeld dat het qua oppervlakte een van de grootste archeologische onderzoeksgebieden is van Nederland? Sinds de jaren ’70 van de 20ste eeuw zijn er heel veel opgravingen gedaan door archeologen en heemkundigen, vaak in samenwerking met de Universiteit Leiden 1. Daarbij zijn onder andere sporen gevonden uit de bronstijd, ijzertijd en romeinse tijd. Het onderzoek in Oss, en dan vooral in de uitvoerig onderzochte microregio’s Ussen en Horzak, heeft zoveel gegevens over bewoning en begraving in de prehistorie opgeleverd dat de resultaten als voorbeeld dienen voor ander onderzoek in het Maas-Demer-Scheldegebied. Maar denk bijvoorbeeld ook aan het Vorstengraf (2000 – 700 v.Chr.) dat al in 1933 werd opgegraven, in 1997 werd herontdekt en in 2003 gedeeltelijk werd gereconstrueerd.

En de paalgraven die in 2007 werden (her)ontdekt en in 2014 werden hersteld en heropend. Het bekende krom gesmede zwaard dat tijdens de opgraving van het Vorstengraf werd gevonden, is een van de oudste ijzeren objecten dat in Nederland is gevonden. Dit zwaard met de bijbehorende vondsten wordt nu tentoongesteld in het Rijksmuseum van Oudheden in Leiden en is sinds 2019 als metershoge replica te zien op de rotonde voor Museum Jan Cunen.

1 In de gemeente Oss wordt al zo’n 50 jaar op structurele wijze archeologisch onderzoek uitgevoerd. De gemeente maakte zich daar al sterk voor, lang voordat het wettelijk verplicht was. Sinds het verdrag van Malta (1992) worden bodemschatten beter beschermd en heeft conserveren in de bodem (behoud in situ) de voorkeur boven opgraven.

Nog steeds komen archeologiestudenten van de Universiteit Leiden opgravingen doen in Oss tijdens hun opleiding. In 2021 was de opgravingslocatie aan de Gewandeweg. De studenten deden zes weken lang veldwerk en verzorgden ook een deel van het publieksprogramma in Oss tijdens de Nationale Archeologiedagen. Bron: Universiteit Leiden.

Een metershoge reconstructie van het krom gesmede zwaard van Oss prijkt na een grootse opening in 2019 op de rotonde voor Museum Jan Cunen op de toegangsweg richting het centrum. Bij het zwaard is door het Stadsarchief Oss een project gemaakt voor basisscholen: Rondom het zwaard van Oss. Een aantal van de deelnemende scholen heeft een mini-situla, een soort tijdscapsule, begraven onder het kunstwerk midden op de rotonde. Leerlingen hebben hierin spullen gestopt die nu belangrijk voor hen zijn, en die de archeologen van de toekomst weer op kunnen graven. Ook wethouder Johan van der Schoot en de ontwerpers van het kunstwerk, Sjef Hoogstede en Julie Wulfhorst, hebben een situla begraven. Fotograaf: René Nelissen

9

Naast de vele opgravingen op het land, staat Oss ook bekend om de baggerwerkzaamheden in de Maas waarbij veel bodemschatten boven kwamen drijven. Een sprekend voorbeeld hiervan zijn overblijfselen van de Romeinse tempel van Kessel die in de jaren ’70 werd ontdekt en waarvan de afgelopen jaren een 3D-reconstructie is gemaakt.

3. Landschappelijk erfgoed Landschappelijk erfgoed, zijn overblijfselen in het landschap die in het verleden door natuurlijke of menselijke invloeden tot stand zijn gekomen. Denk bijvoorbeeld aan waterlopen, dijken, kavelgrenzen, eendenkooien, bossen, heggen en houtwallen. In Oss hebben we een uniek, afwisselend en gelaagd landschap dat door de eeuwen heen is gevormd tot hoe we het nu kennen. Hieronder staan, in chronologische volgorde, een aantal landschappelijke lagen (elementen en structuren) omschreven die een belangrijke bijdrage leveren aan het cultuurhistorische landschap van Oss, en daarmee aan onze identiteit. Dekzandruggen, komgronden, oeverwallen en uiterwaarden Het oorspronkelijke landschap van het gebied wat nu de gemeente Oss is, bestaat uit dekzandruggen, komgronden, oeverwallen en uiterwaarden. De dekzandrug is het hoger gelegen deel van de gemeente. Het is een gebied waar bossen, bebouwing en landbouw elkaar afwisselen. Oss, Berghem en Herpen liggen boven op deze rug. En ook het natuurgebied Herperduin ligt op de dekzandrug.

WATERLOPEN

10

KOM

Aan de voet van de dekzandrug loopt water de komgronden in en stroomt vanaf daar richting de Maas. In de komgronden is tijdens vroegere overstromingen van de Maas klei afgezet. De komgronden herken je aan de openheid en weidsheid én doordat ze veel lager liggen dan de dekzandrug. Op een aantal plekken is het verschil wel 5 tot 6 meter. De laatste jaren is het open en weidse karakter van de komgronden wel verminderd, vanwege bebouwing en beplanting.

Als je op de komgrond staat, met je gezicht richting de Maas, kijk je tegen iets hoger gelegen, zandige oeverwallen aan. Op deze oeverwallen liggen oude kernen, waaronder Macharen, Megen, Haren, Dieden, Demen en Ravenstein. In het landschap rond de dorpen zijn veel bosjes, boomgaarden en bebouwing. Tussen de zandige oeverwallen en de Maas liggen de uiterwaarden. Dit is een gebied dat onder water loopt als het water van de Maas vanwege veel

OEVERWAL (OF STROOMRUG)

DIJK

UITERWAARD MET WIEL

OEVERWAL IN UITERWAARD

RIVIER

OEVERWAL IN UITERWAARD

UITERWAARD

regenval meer ruimte nodig heeft. In vergelijking met de komgronden liggen de uiterwaarden iets hoger. Denk aan Keent, de Diendensche Uiterdijk, de Ossekamp en de Waarden. In deze uiterwaarden liggen nog oude meanders en wielen van de Maas. 2 De Maasdijk (ca. 1200) Na het jaar 1000 werden in Nederland de eerste zee- en rivierdijken aangelegd. 200 jaar later kreeg ook de Maas dijken. Daarbij werd gewerkt van west naar oost en van laag naar hoog. Elk nieuw stuk dijk dat werd aangelegd, kreeg via een haakse bocht een verbinding met de hogere dekzandgronden in het zuiden. Zo kon het water uit het nog onbedijkte gedeelte van de Maas niet meer westwaarts stromen. Tussen 1290 en 1330 waren de dijkenbouwers bezig tussen Lithoijen en Grave. Maar liefst vier keer verbonden zij de Maasdijk met de hogere dekzandgronden. Zo ontstonden van west naar oost de Kepkensdonkdijk, de Ossermeerkade, de Groenendijk en de Erfdijk. Deze ‘zijdewenden’, of dwarsdijken, verdelen de regio als het ware in verschillende vakken. Weteringen, sluizen en gemalen (vanaf 1300) Niet alleen het water van de Maas moest worden gecontroleerd, maar

ook het water binnen het bedijkte gebied moest worden afgevoerd. Daarvoor werden brede en smalle sloten gegraven en sluizen en gemalen aangelegd. De breedste en langste sloten noemen we weteringen. Al in 1309 stroomde de Hertogswetering via een sluis bij Gewande uit in de Maas. In de polder Het Laag Hemaal was de Roode Wetering, die deels parallel loopt aan de Hertogswetering en uitmondt bij Gewande, een belangrijke waterloop voor het afvoeren van overtollig water uit de polder. Eerst stond bij Gewande alleen een afwateringssluis, later werd er ook een windwatermolen gebouwd. Ook bij ’t Wild werd een combinatie van een sluis en windwatermolen gebouwd om het water in toom te houden. In 1864 werd het eerste gemaal op stoom langs de Maas gebouwd, namelijk de watermolen van Het Laag Hemaal. Het stoomgemaal bleef bijna driekwart eeuw in functie. Beerse Overlaat en de Beerse Maas (ca. 1400 - 1942) Door de middeleeuwse bedijking van de Maas tussen ’s-Hertogenbosch en Grave werd de waterloop smaller. Hierdoor, en door het grote aantal meanders in de Maas, was het moeilijk om grote hoeveelheden water af te voeren. Het gevolg? Veel willekeurige overstromingen.

Om de willekeurige overstromingen tegen te gaan, werd er een gebied aangewezen wat gecontroleerd kon overstromen: de Beerse Overlaat. De overlaat werd gebruikt als de Maas bij Grave een waterstand bereikte van ongeveer 10 meter Normaal Amsterdams Peil (NAP). ‘De Maas is om’, werd het dan genoemd. Dat gebeurde iedere winter wel twee- of drie keer. Om de boeren te waarschuwen, schoot men in Grave een kanon af. De boeren konden dan de beesten binnenhalen en proberen om alles in veiligheid te brengen. Het water dat bij Beers over de lage oeverwal liep, zocht zijn weg via het achterland naar het westen. Hierdoor ontstond een tweede rivier binnendoor die zuidelijk langs Grave, Megen en Lith en noordelijk langs Herpen, Berghem en Oss stroomde: de Beerse Maas. Deze rivier stroomde uit in de Dieze bij ’s-Hertogenbosch. De 1200 dwarsdijken die eerder waren aangelegd bij de bedijking van de Maas, zorgden daarbij voor problemen. Precies op de grens tussen Ravenstein en Megen lag de Groenendijk. Vaak bleef het water daarachter staan, op Ravensteins gebied. De inwoners van Deursen en Dennenburg probeerden dan de dijk door te steken, maar daar waren ze Megen en Haren niet van gediend. In het stroomgebied van de Beerse

Het stroomgebied van de Beerse Maas. Als het water bij Beers gecontroleerd overstroomde liep het water weg via het achterland. Daar ontstond dan, parallel aan de Maas, een tweede rivier: de Beerse Maas. Bron: Brabants Historisch Informatie Centrum (BHIC).

2 Meander: een lus of bocht in een natuurlijke waterloop. Wiel: een waterplas gelegen langs, of in de buurt, van de dijk van een rivier die is ontstaan door een dijkdoorbraak.

11

Maas was het verboden permanente gebouwen neer te zetten. Maar het gebied was niet altijd leeg. Tussen 15 maart en 15 november was er sprake van een zomersluiting, waarbij de overlaten bij Beers en Cuijk werden verhoogd en het vee de wei in kon. Op de plaatsen waar de Beerse Maas heel breed was, stonden op de kruisingen van de Hertogswetering en de belangrijkste wegen tussen de Maasdorpen en de hoge zandgronden kleine houten hutten. Boeren en polderwerkers konden er eten en een borreltje drinken. Ook bracht de hutbaas hier de zomermaanden door met zijn gezin. Als de kanonnen in Grave de Beerse Maas aankondigen of het najaar werd, brak men de hut af en verhuisde de familie weer tijdelijk naar de bewoonde wereld.

Zuiderwaterlinie van Noord-Brabant. Al sinds de Tachtigjarige oorlog – ruim 450 jaar geleden – gebruikte men in Brabant het water als verdedigingsmiddel. Na de strijd tegen de Spanjaarden deed deze linie dienst tegen de Fransen en Belgen, tot gevechtsvliegtuigen in de Tweede Wereldoorlog een eind maakten aan de Zuiderwaterlinie als militaire verdedigingslinie.

Veel van die tijdelijke hutten werden later permanente cafés. Aan de Huisselingse kant van de Beerse Maas staat café ‘De Hut’. De Hut staat op de Huisselingse kade en was een overzetcafé. Van hieruit werden de mensen gratis per bootje naar de overkant gebracht. Een aantal plekken en gebouwen verwijzen tegenwoordig nog naar de aanwezigheid van deze hutten.

De stad Oss mag dan geen volwaardige schakel in de verdedigingsketen van de Republiek zijn geweest, toch heeft de huidige gemeente Oss wel degelijk een belangrijke en interessante plek binnen de Zuiderwaterlinie, in de vorm van twee middeleeuwse vestingsteden: Ravenstein en Megen. Beide stadjes waren min of meer onafhankelijke landjes, ingeklemd tussen Staats-Brabant en de Maas. In tegenstelling tot de rest van Nederland, hadden de katholieken hier een volwaardige rol. De hoge kloosterdichtheid en unieke bouwwerken

Zuiderwaterlinie Noord-Brabant (1582 - 1920) In de gemeente Oss ligt een deel van de

Fort Luttereind in Lithoijen (1833-1886) was bewapend met geschut en soldaten. De twee lunetten (eentje aan de Tiendweg en eentje aan het Luttereind) waren bedoeld als voorposten. Rond 1850 waren alle stellingonderdelen al flink vervallen. Ze mochten in 1886 met pensioen omdat ze officieel geen militaire functie meer hadden. Vandaag de dag is alleen de verhoging in het terrein nog te zien. Foto: Zuiderwaterlinie.

12

In tegenstelling tot andere Brabantse steden als Bergen op Zoom of Grave, was er voor Oss als stad geen belangrijke plek weggelegd in de Zuiderwaterlinie. Oss en zijn ommelanden fungeerden vooral als inundatiegebied: land dat onder water gezet kon worden om de opmars van vijandelijke troepen te vertragen.

getuigen hier nog dagelijks van. Ook twee verdwenen vestingwerken bij Lithoijen, die nog wel in het landschap aanwezig zijn speelden een rol: Fort aan het Luttereind (1833-1886) en Lunetten aan de Luttergraaf (1833-1886). Eendenkooien (ca. 17e eeuw) Een eendenkooi was een vangplaats voor eenden die in de middeleeuwen is ontstaan en bestond uit een ruime waterplas, omgeven door een dichte begroeiing van struiken en kruiden. Vanaf de plas liepen dicht overgroeide slootjes (vangpijpen) in een boog naar de val (het vanghok). Afgerichte eenden, ook wel staleenden genoemd, vlogen rond de kooi en lokten wilde eenden mee naar de kooi. Afhankelijk van de windrichting koos de eigenaar van de eendenkooi een vangpijp, waarna hij zijn hond langs de vangpijp liet lopen en eten in het vanghok deed. De tamme eenden in de eendenkooi wisten van het eten en zwommen de vangpijp in, met in hun kielzog de wilde eenden. Wanneer de wilde eenden ver genoeg de pijp in waren gelokt, liet de eigenaar zich zien bij de ingang van de pijp en vlogen de eenden van schrik het vanghok in. In de gemeente Oss zijn nog twee eendenkooien aanwezig: de Macharense Kooi (Dorpenweg) en de Lithse Kooi (Gewandeweg). Normalisatie van de Maas (ca. 1900) Cornelis Willem (Wim) Lely (1885-1932) kreeg begin 20e eeuw de opdracht te onderzoeken hoe de Maas verder verbeterd kon worden.

In zijn plan ‘Verbetering van de Maas voor groote afvoeren’ stelde hij een verkorting en verruiming voor van de Maas, benedenstrooms van Grave. Op die manier kon het Maaswater versneld worden afgevoerd. Om dit te realiseren, werden tussen Grave en Blauwe Sluis onder anderen tien scherpe bochten uit de Maas gehaald bij Alem, Heerewaarden, Alphen, Lithoijen, Teeffelen, Maasbommel, Megen, Demen en Keent. Hierdoor werd het traject een stuk korter: van 56,5 naar 37,5 kilometer.

Het rechttrekken van bochten had grote gevolgen voor een aantal dorpen. Zo kwam Keent, dat deel uitmaakte van Balgoij in Gelderland, aan de andere kant van de rivier te liggen en dus in de provincie Noord-Brabant, in de huidige gemeente Oss. Precies het omgekeerde gebeurde met Alem: gescheiden van Maren-Kessel kwam het aan de noordkant van de nieuwe rivier en daarmee in de provincie Gelderland te liggen.

4. Collecties en verzamelingen Collecties en verzamelingen ontstaan door actief voorwerpen te sparen en bewaren. Denk bijvoorbeeld aan rariteitenkabinetten, schilderijencollecties, fotoarchieven of de postzegelverzameling van je opa. Over het algemeen zijn kun je zeggen dat collecties professioneel bij elkaar zijn gebracht om te behouden en ontsluiten en dat een verzameling vanuit een eigen interesse bij elkaar is gespaard. In Oss hebben we veel collecties en verzamelingen op het gebied van erfgoed. De gemeentelijke erfgoedcollectie is eigendom van de gemeente en wordt beheerd door het Stadsarchief Oss en Museum Jan Cunen. 3 Het Stadsarchief draagt zorg voor de ‘platte’, tweedimensionale historische voorwerpen, zoals foto’s, negatieven, documenten en kranten. De ruimtelijke objecten maken onderdeel uit van de collectie van het museum, bijvoorbeeld werktuigen, kledingstukken zoals poffers en verpakkingen uit de Osse industrie. Ook diverse heemkundekringen, stichtingen en particulieren hebben verzamelingen op het gebied van erfgoed, zoals fotocollecties of archeologische voorwerpen.

Jan Cunen (1884-1940) werd in 1934 benoemd als de eerste archivaris van Oss. Hij heeft meer dan 200 artikelen en verschillende boeken geschreven. Ook is hij de stichter van het huidige Museum Jan Cunen dat in 1935 de deuren opende met een bescheiden historische collectie die door hemzelf bijeen was gebracht. Foto: Museum Jan Cunen.

5. Verhalen en tradities Verhalen en tradities zijn bijzonder erfgoed. Waarom? In tegenstelling tot de andere soorten erfgoed, is het immaterieel: je kunt ze niet aanraken, ze zijn niet tastbaar. Dat maakt dat ze vaak over het hoofd worden gezien als erfgoed, maar immaterieel erfgoed is minstens zo belangrijk voor onze

3 Het Stadsarchief Oss heeft kleine lokale archieven in de collectie, bijvoorbeeld van particulieren en verenigingen, en een zeer uitgebreid (en voortdurend groeiend) beeldarchief van ruim 430.000 beelddragers. Het wettelijke gemeentelijke archief is in beheer van het Brabants Historisch Informatiecentrum (BHIC) in ’s-Hertogenbosch. Daar zijn ook grotere archieven ondergebracht, bijvoorbeeld van Osse bedrijven en parochies.

13

identiteit als materieel erfgoed. In Oss kent iedereen de verhalen over de messentrekkers, de worsten van Unox, de anticonceptiepil van Organon, de opkomst van de Socialistische Partij (SP), het overstromen van de Maas, de oorlogsjaren, het heilige Bruurke van Megen en Titus Brandsma. In de geest van de verhalen en tradities hebben we de afgelopen jaren gewerkt aan het samenstellen van vijf verhaallijnen: 1. Vondsten en vorsten 2. Kerken en kloosters 3. Van boerengat tot industriestad 4. Strijd met het water 5. Oorlog en vrede De vijf verhaallijnen, samen met voorbeelden en projecten die we de afgelopen jaren hebben georganiseerd, zijn toegevoegd als bijlage aan deze visie (zie bijlagen). Samen vormen ze een overkoepelende paraplu waar we de verschillende soorten erfgoed onder kunnen hangen. Zo kent de verhaallijn ‘Strijd tegen het water’ gebouwd Broeder Everardus Witte (1868 -1950), beter bekend als het ‘Heilig Bruurke’, was portier in het Franciscanerklooster en verbleef in dit klooster tot aan zijn dood. Hij had een eenvoudige levenswijze en kwam vooral in zijn gebeden op voor de onderkant van de gemeenschap. Na zijn dood werd hij daarvoor vereerd met een eigen kapel, waar nu nog dagelijks mensen in zijn mouwen of kraag een briefje met een wens achterlaten. Deze briefjes worden door de franciscanen betrokken in de eucharistievieringen. Foto: Tref het in Oss.

erfgoed, archeologisch erfgoed en landschappelijk erfgoed. Daarnaast worden de verhaallijnen gebruikt om ons erfgoed levendig en begrijpelijk te maken, om erover te kunnen communiceren: naar onze inwoners, maar ook naar toeristen via de website Tref het in Oss.

Aanleiding Hoe kijken we aan tegen ons erfgoed, hoe willen we hiermee omgaan de komende jaren en wat vraagt dat van ons als gemeente, samen met onze partners op dit terrein? Dit is de kern van onze nieuwe erfgoedvisie en uitvoeringsprogramma. De laatste erfgoedvisie ‘Op gemengde bodem’ dateert uit 2006. Het belangrijkste uitgangspunt van die visie was een integrale aanpak van erfgoed in de gemeente; een werkwijze waarbij tegelijkertijd wordt gekeken naar gebouwd erfgoed, archeologisch erfgoed en landschappelijk erfgoed. Dat principe geldt nog steeds. Maar er is ook veel veranderd in 15 jaar én er gaat nog veel veranderen de komende jaren. Om de belangrijkste ontwikkelingen van de afgelopen jaren en komende jaren inzichtelijk te maken, hebben we ze onder elkaar gezet: �

In het huidige coalitieakkoord ‘Kansen zien, kansen pakken’ staat nadrukkelijk een ambitie voor erfgoed: ‘We zijn zuinig op ons cultureel erfgoed. We zetten ons ervoor in dat dit meer gewaardeerd wordt. De gemeente Oss kent vele historische gebouwen en plekken met een interessante geschiedenis. Het is een van de belangrijkere archeologische vindplaatsen van Nederland. We willen meer mogelijk maken om dit voor een groter publiek te ontsluiten. Ons erfgoed is van de gemeenschap. Wij willen degenen die zich daarvoor in willen zetten, meer betrekken bij

14

behoud en het uitdragen daarvan. Zoals voor het industrieel erfgoed dat er nog over is. Oss is een belangrijke partner in de Zuiderwaterlinie-activiteiten. Het religieus erfgoed is een opgave die ons de komende tijd meer zal gaan raken. Religieuze gebouwen zijn vaak beeldbepalende elementen in een stads- of dorpsaangezicht. Nu steeds meer religieuze gebouwen leeg komen te staan, vraagt dat om creatieve herbestemming. We willen hierin een proactieve rol spelen. Een rol die naar onze mening gericht moet zijn op het verbinden van betrokken partijen. Met een open houding, gericht op het meedenken in mogelijkheden.’ �

De gesprekken over erfgoed in onze gemeenteraad, in algemene zin en over specifieke onderwerpen, maken duidelijk dat dat zij hecht aan actieve inzet voor ons erfgoed.

�

In lijn met de ambitie uit het coalitieakkoord hebben we veel geactiveerd. Dit is ook bij het brede, onafhankelijke deskundigenpanel opgevallen dat ons in 2019 als één van de vier heeft genomineerd voor de BNG Bank Erfgoedprijs als Beste Erfgoedgemeente van Nederland. De volgende punten vielen de jury op:

� Iedere kern in de gemeente Oss heeft een eigen heemkundige kring of stichting. Vanuit de inwoners wordt er veel georga niseerd. � Erfgoed wordt ingezet om de gemeente op de kaart te zetten, bijvoorbeeld bij de aanpak van rotondes in de omgeving. Bewoners spreken met trots over het Kromzwaard op de rotonde voor Museum Jan Cunen. � Het Stadsarchief fungeert als professionele speler als een spin in het erfgoedweb. Historische kringen en partijen weten hen te vinden. � De gemeente doet actief aan

deskundigheidsbevordering, met een nadruk op immaterieel erfgoed, religieus erfgoed en natuur en landschap (met bijzondere aandacht voor de Zuiderwaterlinie). � Het Walkwartier in het centrum van Oss wordt herontwikkeld vanuit een ambitieuze erfgoed visie. � De Maas is een verbindende factor tussen de dorpen waaruit Oss bestaat. Ieder gebied heeft een eigen lied over de Maas. � Er is een groot besef van de inzetbaarheid van erfgoed om de gemeente op de kaart te zetten. Een voorbeeld is het gebruik van de openbare ruimte. � De gemeente Oss heeft een lange traditie van archeologisch onderzoek. Bekend van topvond sten, onder meer grafheuvels. � De gemeente Oss besteedt veel aandacht aan omringende natuurgebieden, zoals de Maas horst. � Het Vorstengrafdonk in Oss toont belangrijke sporen uit de IJzer tijd. Het genoemde Kromzwaard is daarvan een getuigenis. Oss speelde ook een grote rol in de opmars van het industriële tijdperk, als bakermat van wereldspelers als Unilever en Organon. De nominatie was een prestigieuze erkenning voor onze actieve inzet als gemeente en de vele vrijwilligers en instanties die samen onze rijkdom aan erfgoed bewaren, uitbreiden en uitdragen. Deze mijlpaal vraagt om een nieuwe, passende visie. Want hoe kunnen en gaan we die lijn vasthouden en doorzetten? Wat is ons doel? En wat is daarvoor nodig? �

In 2019 zijn we, samen met drie anderen gemeenten, genomineerd voor de BNG Bank Erfgoedprijs als Beste Erfgoedgemeente van Nederland.

Erfgoed leeft in Oss! Bij de vele vrijwilligers, bij inwoners en in de politiek. Het besef van onze roots en de invloed op onze gemeenschappelijke identiteit is toegenomen. En daarmee is ook de roep om het

15

behoud veilig te stellen en de verhalen te delen, luider geworden. Dat vraagt om een nieuwe aanpak.

16

�

De Omgevingswet wordt op 1 juli 2022 ingevoerd. Hierin worden specifieke eisen gesteld aan erfgoed. Dit vraagt enerzijds om kennis over wet- en regelgeving en het nieuwe Digitaal Stelsel Omgevingswet (DSO). Maar ook om een nieuwe manier van werken, waarbij wensen uit de samenleving worden begeleid en wordt samengewerkt met alle betrokken partijen.

�

Vanuit de lijn van de Omgevingswet is het wenselijk dat we onze basis beter op orde krijgen. Met name het plegen van een inhaalslag in de aanwijzing van monumenten en het actualiseren van het erfgoedplan uit 2006 en van de archeologische verwachtingskaart zijn hierin belangrijk.

�

De rol van gemeenten in het algemeen – en dus ook van de gemeente Oss – is de afgelopen jaren veranderd. We bewegen van een regisserende, zorgzame overheid naar de faciliterende en stimulerende overheid. Hierdoor worden we, in plaats van het Rijk, steeds meer als eerste overheid gezien. Daarmee vormen we vaker het eerste contacten aanspreekpunt voor zaken die in de gemeenschap leven.

�

Er vinden grote transities plaats die voortkomen uit de klimaatmaatregelen. Denk aan het bouwen van windmolens en het leggen van zonnevelden, plaatsen van zonnepanelen en woningen van het aardgas afhalen. Het gebouwde erfgoed, maar ook het cultuurhistorisch landschap zijn daarmee verweven. Want hoe realiseer je bijvoorbeeld zonnepanelen op het dak van een beschermd monument? Of hoe zorg je dat karakteristieke landschapselementen behouden blijven, of

misschien wel versterkt worden, bij dijkverhogingen? �

De samenhang tussen erfgoed, recreatie en toerisme is gegroeid en zal de komende jaren verder toenemen. Vrije tijd wordt steeds belangrijker en steeds meer mensen hebben veel vrije tijd, zeker de oudere generatie. Daarnaast ontstaat er door de globalisering, digitalisering, en recentelijk de coronacrisis, behoefte om juist de eigen omgeving beter te leren kennen. Deze combinatie zorgt voor meer aandacht voor erfgoed in een recreatieve en toeristische sfeer.

Alle bovengenoemde ontwikkelingen raken het Osse erfgoed. Het zijn ontwikkelingen waar wij als gemeente zo goed mogelijk op in moeten spelen en actie op moeten ondernemen. Waarbij minimaal de basis op orde moet zijn. Tegelijkertijd dienen zich nieuwe kansen aan om ons erfgoed te verrijken: van herstelplannen tot koppelkansen en promotiegelegenheden. Meer dan we met de beschikbare menskracht en middelen aankunnen. Dus moeten we keuzes maken. Om deze te bepalen hebben we onze ambitie, rol en acties tegen het licht gehouden. Waar ligt de toekomst voor ons erfgoed? Welke rol pakken wij daarin als gemeente? Wat verwachten we daarmee van het erfgoedveld? Wat moet er concreet worden gedaan om dit voor elkaar te krijgen? En wat hebben we voor die uitvoering nodig? Kortom, het is tijd voor een nieuwe visie met een helder beleidskader dat we kunnen vertalen naar een concreet uitvoeringsprogramma waarin we: • • • •

Een passende ambitie vaststellen De rol en mogelijkheden van ons als gemeente bepalen De samenwerking met het erfgoedveld schetsen Concrete acties vaststellen

Doel Het doel van deze erfgoedvisie is dat we door het benoemen van onze ambitie, rol, samenwerking met het erfgoedveld en acties een rode draad schetsen waarmee we als gemeente de komende jaren verder gaan. Dat vormt het beleidskader waarmee we elkaar, de politiek en betrokken partijen, scherp kunnen houden. Belangrijk daarbij is: 1. Prioriteren Er leven veel mooie erfgoedwensen en -initiatieven. Binnen de gemeentelijke organisatie, maar zeker ook in het erfgoedveld. Oss is rijk aan erfgoed en we hebben een verplichting om daar zorg voor te dragen, maar het is te veel om als gemeente alles tegelijkertijd zelf op te pakken. We hebben de kracht, deskundigheid en samenwerking met ons erfgoedveld hierbij hard nodig. Wie pakt wanneer welke wensen en initiatieven op? En waarom? Kortom, keuzes maken en prioriteren.

2. Communiceren Door op basis van onze uitgesproken ambitie, rol, samenwerking met het erfgoedveld en beschikbare middelen keuzes te maken, scheppen we het beleidskader waarover én waarmee we kunnen communiceren. Waarom hebben we bepaalde keuzes gemaakt en waarom geven we prioriteit aan bepaalde werkzaamheden of projecten? De argumentatie hiervoor is door de nieuwe visie en het bijbehorende uitvoeringsprogramma toegankelijk en openbaar.

Sint-Laurentiuskerk Dieden

3. Verwachtingen managen Door helder te communiceren, kunnen we de verwachtingen managen. Wat doen we nu, wat doen we later en wat doen we niet? Door dit vooraf te communiceren, worden teleurstellingen voorkomen en het onderlinge vertrouwen en de samenwerking tussen de gemeentelijke organisatie en het erfgoedveld versterkt.

17

Proces Projecten In de afgelopen 6 jaar hebben we samen met het erfgoedveld hard gewerkt om het erfgoed naar een hoger niveau te tillen. Sprekende voorbeelden zijn te vinden in bijlage van de verhaallijnen (zie bijlagen). Met als bekroning in 2019 de nominatie als Beste Erfgoedgemeente van Nederland. Een aantal mooie resultaten op een rij: • • •

• •

Het centrale verhaal van het Osse erfgoed is geland We hebben een Rijkspilot van de kerkenvisie afgerond We hebben de gethematiseerde rotonde met het krom gesmede zwaard gerealiseerd We werken aan het landschapsherstel van de Meanderende Maas We zijn genomineerd als Beste Erfgoedgemeente van Nederland 2019

De weg naar de visie De vele contacten met het erfgoedveld en allerlei deskundigen in de afgelopen jaren hebben ons gevoed in de gedachtenvorming. In 2017 hebben we een tweetal inspiratieavonden georganiseerd, waarvoor het erfgoedveld werd uitgenodigd. Hier presenteerden we het boekje ‘Mens en Maasland’ en hebben we gesproken over de wensen met betrekking tot ons erfgoed. Ook werden er destijds vier werk-/klankbordgroepen gevormd: 1. 2. 3. 4. In 2017 vonden er een tweetal inspiratieavonden plaats, waarbij het erfgoedveld meedacht over de toekomst van het Osse erfgoed.

Archeologie Industrieel Erfgoed Religieus Erfgoed Zuiderwaterlinie

De werkgroepen hebben elk op hun terrein adviezen gegeven. Ook daarna zijn er nog algemene, thema- en projectgerichte bijeenkomsten met het erfgoedveld, en geledingen daarvan, geweest. Vanuit de ambitie die in het coalitieakkoord voor erfgoed is benoemd, hebben we in de meerjarenbegroting van

18

2019-2022 aangegeven aan een visie inclusief uitvoeringsprogramma te gaan werken. We bouwen daarmee voort op de inspiratieavonden die in 2017 zijn georganiseerd, op de vorming van vier centrale werkgroepen en het opstellen van het boekje ‘Mens en Maasland’. Op 9 maart 2021 hebben we het eerste concept voor de erfgoedvisie en onze gedachten over een uitvoeringsprogramma besproken met ons erfgoedveld. De eerste reacties die we tijdens die sessie hebben ontvangen, waren overwegend positief. Na afloop van de bespreking had het erfgoedveld twee weken de tijd om een eventuele reactie en aanvullingen per mail toe te sturen. De binnengekomen reacties hebben we, waar mogelijk, verwerkt in de visie en meegenomen in ons uitvoeringsprogramma.

Ook hebben we de stukken besproken met onze Erfgoedcommissie. De reactie van de commissie luidt samengevat: waardering voor de documenten waarin ambitie en uitvoering als eenheid met elkaar zijn verbonden, heb aandacht voor wat het vraagt qua kennis, kunde en capaciteit en verschaf ons als Erfgoedcommissie heldere richtlijnen voor het adviseren over aanvragen. Als extra aandachtspunten benoemt de commissie het aanwijzen van nieuwe monumenten, het opstellen van een erfgoedplan, het meenemen van cultuurhistorisch landschap als koppelkans bij projecten en mogelijkheden voor verruiming van het kader bij de herbestemming van monumenten.

Gevangentoren Megen

19

DEEL 1 | VISIE Hoofdstuk 1 | Ambities

heidsinformatie en Erfgoed toezicht op professionele organisaties voor monumentenbehoud. Nemen we wel voldoende maatregelen voor de bescherming van cultuurhistorische waarden? Denk hierbij bijvoorbeeld aan het aanwijzen van gemeentelijke monumenten, waardoor gebouwd erfgoed een beschermende status krijgt. Maar ook archeologische vondsten, landschappelijk erfgoed en zelfs tradities, rituelen en verhalen kunnen worden bestempeld als waardevol erfgoed wat beschermd moet worden. Om deze bescherming als gemeente te borgen, is het noodzakelijk het cultureel erfgoed op een juiste manier op te nemen in de Omgevingsvisie en het Omgevingsplan.

Waar ligt de toekomst voor het erfgoed? In dit hoofdstuk schetsen we de stip aan de horizon waar we de komende jaren naartoe willen werken. Daarvoor is meer nodig dan een ambitie op papier. Daarom spreken we niet alleen onze ambitie uit, maar leggen we ook uit wat we ermee bedoelen en koppelen we hier actieve werkwoorden aan: de actielijnen. Deze actielijnen zullen uiteindelijk een-op-een terugkomen in het uitvoeringsprogramma.

We hebben als gemeente een helder doel voor ogen: we willen het Osse erfgoed naar een hoger niveau tillen, zodat het meer leeft onder inwoners en toeristen én we nog steviger op de kaart staan als interessante en actieve erfgoedgemeente. Het erfgoed in onze gemeente willen we behouden en doorvertellen. Het is iets om trots op te zijn en precies dát willen we nog meer uitstralen.

Onze leefomgeving verandert continu. Zeker de komende jaren, want we leven in een periode met onder andere grote vraagstukken rondom klimaat en wonen. Waarbij de verdeling van de schaarse ruimte een nog zwaardere uitdaging is geworden. Het Maasgebied verandert, er komen windmolens in de polder, de landbouw wordt verduurzaamd, woningen ondergaan een energietransitie, er worden meer woningen gebouwd om aan de toenemende vraag te voldoen en het stadscentrum van Oss wordt herontwikkeld. Zo maar een greep uit de vele ontwikkelingen die het beeld van onze gemeente gaan veranderen.

1. We willen met het erfgoed bijdragen aan een mooie en prettige leefomgeving 2. We willen het erfgoed ontsluiten voor een breed publiek 3. We willen de vele samenwerkingsverbanden op het gebied van erfgoed versterken

We willen ervoor zorgen dat het erfgoed in onze leefomgeving zo min mogelijk lijdt onder al deze ontwikkelingen, maar hierin juist een passende plek krijgt of liever nog: als inspiratie dient om ontwikkelingen in gang te zetten. Door het beter zichtbaar en beleefbaar te maken, kunnen we van het erfgoed in onze leefomgeving blijven genieten.

We zullen per ambitie uitleggen wat we ermee bedoelen en welke actielijnen in onze ogen nodig zijn om deze te verwezenlijken.

Dit vraagt om drie actielijnen voor ons erfgoed:

Voor het beschermen van het gebouwde erfgoed gaat de voorkeur uit naar het aanwijzen van gemeentelijke monumenten of beschermde stadsgezichten. Maar er zijn ook gebouwen of objecten die niet zó bijzonder zijn dat deze kunnen worden aangewezen als gemeentelijk monument. Een van de manieren om deze gebouwen en objecten wél te beschermen is door het opnemen van onder andere beeldbepalende panden in het Omgevingsplan. Op die manier krijgt het erfgoed geen beschermde status vanuit de gemeentelijke erfgoedverordening, maar wordt het op een andere manier geborgd – zoals de rijksoverheid het heeft bedoeld.

• Beschermen Wettelijk gezien wordt erfgoed beschermd door de Erfgoedwet (2016). Dit is een wet waarin staat welk soort erfgoed op welke manier kan worden beschermd, zowel door de Rijksoverheid, Provincie als gemeenten. Deze Erfgoedwet geeft de gemeente de verplichting om een gemeentelijke Erfgoedverordening vast te stellen en een Erfgoedcommissie aan te stellen. Sinds 2017 houdt de Inspectie Over-

• Beheren Niet alleen het beschermen, maar ook de manier waarop vervolgens met het aangewezen erfgoed om wordt gegaan, is belangrijk. Vanaf juli 2022 wordt dit geregeld via de Omgevingswet. Wordt er wel goed met een monument omgegaan door de eigenaar? Wordt er bij nieuwe bouwplannen rekening gehouden met bijzonder landschappelijk erfgoed? Hierop toezien en handhaven, is een belangrijk onderdeel als

Ambities en actielijnen Om het erfgoed naar een hoger niveau te kunnen tillen, hebben we drie ambities geformuleerd:

1. We willen met het erfgoed bijdragen aan een mooie en prettige leefomgeving Een mooie en prettige leefomgeving is belangrijk voor alle inwoners van de gemeente. Erfgoed draagt daaraan bij. Denk bijvoorbeeld aan sfeervolle oude gebouwen die je ziet als je door de stad of een van de kernen loopt. Of het mooie Maaslandschap met het water, de dijken en polders dat aan je voorbijtrekt wanneer je op de fiets zit.

20

het gaat over zuinig zijn op ons erfgoed en het op orde krijgen van de basis. Het (wettelijk) beschermen is stap één, het beheren daarvan stap twee. Vaak gaat dat goed, maar niet altijd. Daarom heeft deze actielijn doorlopende aandacht en prioriteit nodig. • Behouden Het behouden van erfgoed gebeurt deels door het beschermen en beheren ervan. Maar een figuurlijke glazen stolp plaatsen over erfgoed en het verder niet gebruiken, is geen houdbare en wenselijke vorm. De toekomst voor het behoud van erfgoed vergt ‘behoud door ontwikkeling’. Kortom, door het erfgoed te ontwikkelen, kan het behouden blijven. Denk daarbij bijvoorbeeld aan het herbestemmen van leegstaande kerken, oud industrieel erfgoed een plek geven in nieuwbouwplannen of archeologische vondsten gebruiken als onderlegger voor een

nieuwbouwwijk. Door ruimdenkend op zoek te gaan naar creatieve manieren om het erfgoed een passende plek te geven binnen grotere ontwikkelingen óf als inspiratiebron te gebruiken, kan het erfgoed behouden blijven.

De afgelopen jaren hebben we forse stappen gezet om ons erfgoed te beschermen, beheren en behouden. Maar onze wettelijke taak die voortvloeit uit de Erfgoedwet (2016) en Omgevingswet (2022) vraagt meer. 4

Zeker met de naderende Omgevingswet in het achterhoofd, moeten we ervoor zorgen dat de basis op orde is. We willen vroegtijdig aansluiten bij nieuwe ontwikkelingen, kansen zien en in staat zijn deze te pakken. Zodat het erfgoed ook in de toekomst bijdraagt aan een mooie en prettige leefomgeving.

De Monumentenwet 1988 is per 1 juli 2016 vervallen. Een deel van de wet is op deze datum overgegaan naar de Erfgoedwet. Het deel dat betrekking heeft op de besluitvorming in de fysieke leefomgeving gaat over naar de toekomstige Omgevingswet. Bron: Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed.

4 Kort gezegd komt de Erfgoedwet (2016) neer op het aanwijzen van erfgoed en in de Omgevingswet (2022) staat hoe met het aangewezen erfgoed moet worden omgegaan.

21

Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed: wat verandert er door de Omgevingswet voor erfgoed? •

Er wordt een brede definitie van cultureel erfgoed in de fysieke leefomgeving gehanteerd. Het gaat om (gebouwde en aangelegde) monumenten, archeologische monumenten, stads- en dorpsgezichten, cultuurlandschappen en ander cultureel erfgoed – roerend of immaterieel erfgoed – dat via het omgevingsplan aan een specifieke locatie te verbinden is, zoals een haven voor historische schepen of een corsowagenbouwplaats.

•

De structuurvisie van Rijk, provincie of gemeente wordt vervangen door de omgevingsvisie. In deze omgevingsvisie worden op hoofdlijnen de kwaliteiten van het grondgebied beschreven en de opgaven, ontwikkelingen, ambities en strategie voor de langere termijn voor bouwwerken, infrastructuur, cultureel erfgoed, bodem, lucht, natuur en andere aspecten van de fysieke leefomgeving.

•

Het omgevingsplan komt in de plaats van het huidige bestemmingsplan en de gemeentelijke verordeningen die over de fysieke leefomgeving gaan. Het aanwijzen van gemeentelijke monumenten gebeurt straks ook in het omgevingsplan.

•

Werelderfgoed wordt met de inwerkingtreding van de Omgevingswet voor het eerst expliciet wettelijk verankerd.

•

De gemeente wordt verantwoordelijk voor de vergunningverlening voor het verstoren van archeologische rijksmonumenten, in het geval er sprake is van een meervoudige aanvraag (dus als er van de gemeente ook nog andere omgevingsvergunningen nodig zijn voor samenhangende activiteiten). De Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed (RCE) geeft daarover wel een bindend advies.

•

In de Omgevingswet is geregeld dat in het geval van archeologische toevalsvondsten van algemeen belang niet alleen de minister van OCW, maar ook de gemeente bodemverstorende werkzaamheden kan stilleggen.

•

De eigenaar van een rijksmonument heeft een instandhoudingsplicht. Hij of zij moet ervoor zorgdragen dat het monument zodanig wordt onderhouden dat het behoud ervan gewaarborgd is.

•

Het toetsingskader voor een sloopvergunning binnen een beschermd stads- of dorpsgezicht moet in het omgevingsplan worden opgenomen.

•

Eens in de vier jaar wordt de Erfgoedbalans uitgebracht over de staat van het erfgoed. Dat gebeurt met behulp van gegevens die worden verzameld in de Erfgoedmonitor

2. We willen het erfgoed ontsluiten voor een breed publiek Het Osse erfgoed is van de gemeenschap, dus het moet toegankelijk zijn voor zoveel mogelijk inwoners. Jong en oud. We zien – en horen van het erfgoedveld – dat nu vooral de oudere generaties of erfgoedkenners worden aangesproken door het erfgoed en actiever participeren. Dat moet en kan anders. Erfgoed is immers het goed dat je erft en wilt doorgeven aan volgende generaties. Het is dus belangrijk om voor alle inwoners, maar zeker voor de jeugd en jongvolwassenen, het erfgoed te ontsluiten. Niet alleen de inwoners van de gemeente Oss vallen onder het bredere publiek waarvoor we het erfgoed willen ontsluiten. Ook voor bezoekers die hun vrijetijd doorbrengen in onze gemeente willen we het erfgoed toegankelijker maken. Bovendien kan het beter ontsluiten van het erfgoed de aantrekkingskracht van onze gemeente versterken, wat leidt tot een positieve spin-off op de vrijetijdssector. Om dit voor elkaar te krijgen, hebben we de volgende actielijn geformuleerd: •

Beleven Door iets te beleven, spreekt het meer tot de verbeelding en komt het tot leven. Dit geldt ook voor erfgoed. Wanneer erfgoed spreekt en levendig is, is het toegankelijker, kun je het plaatsen en er waarde aan toekennen. Op die manier kun je je verbonden voelen met het erfgoed en er trots op zijn. Het beleven zorgt dus voor het beter ontsluiten van het erfgoed en daarmee voor het interesseren en betrekken van meer inwoners en bezoekers voor en bij het Osse erfgoed. Beleven kan op verschillende manieren en zal voor elke doelgroep anders zijn. Als voorbeeld: voor de een is het lezen van een historisch boek genoeg, anderen kijken of

22

luisteren liever naar een documentaire of podcast, sommigen doen historisch onderzoek en menigeen wil het erfgoed juist in het echt zien. Voor alle doelgroepen zijn verschillende manieren te bedenken die de beleving vergroten. Voorbeelden van de afgelopen jaren die bijdragen aan de beleving van het erfgoed zijn bijvoorbeeld de archeologische meeloopdagen bij opgravingen, de excursies en lezingen van onder anderen Stichting Archeologie Maasland, de historische wandelingen op DTV, de stadstocht voor groep 5 die jaarlijks door het Stadsarchief wordt georganiseerd, de historische leskisten van het Stadsarchief, de plaatjesactie van Jumbo van Bergen, de tentoonstelling ‘Bagger! Het begin van de Nederlandse geschiedenis’ in Museum Jan Cunen, de Open Monumentendagen en de lezingen, excursies en het blad ‘Tussentijds’ van Stichting De Werkende Mens.

Ieder jaar organiseert het Stadsarchief een stadstocht voor groep 5. De leerlingen worden tijdens deze speelse en spannende stadstocht meegenomen naar het verleden. Na een korte inleiding door gaan de leerlingen in groepjes naar buiten, het centrum van Oss in. Daar bekijken ze met een speurtocht en plattegrond wat er nog van vroeger te vinden is. Dit wordt afgewisseld met creatieve opdrachten en ontmoetingen met acteurs. De tocht heeft elk jaar een ander thema, zoals archeologie, industrie, monumenten. Hier leert de acteur de leerlingen weven op het Tapijtplein. Foto: Stadsarchief Oss.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Oss&id=225210a9-de91-424c-8801-f0de713bc2e1