Eerste financiële tussenrapportage 2026
Tekst van het document
Eerste financiële tussenrapportage 2026
1
Inhoudsopgave Leeswijzer
3
Samenvatting
4
Autonome ontwikkelingen
8
Totaaloverzicht Autonome ontwikkelingen
9
Autonome ontwikkelingen per programma
10
Programma 1. Welzijn en zorg
11
Programma 2. Werk, Inkomen en Onderwijs
13
Programma 3. Ontmoeten, Sport en Cultuur
15
Programma 4. Klimaat, energie en openbare ruimte
17
Programma 5. Economie
18
Programma 6. Stadscentrum
19
Programma 7. Verstedelijking, wonen en mobiliteit
20
Programma 8. Veilige omgeving
22
Programma 9. Besturen in verandering van tijden
23
Programma 10. Financieel beleid
25
Overige ontwikkelingen
26
Budgettair neutrale wijzigingen
27
Bezuinigingsmonitor
31
Toelichting
32
Programma 1. Welzijn en zorg
33
Programma 2. Werk, inkomen en onderwijs
34
Programma 3. Ontmoeten, sport en cultuur
35
Programma 4. Klimaat, energie en openbare ruimte
37
Programma 5. Economie
38
Programma 6. Stadscentrum
39
Programma 7. Verstedelijking, wonen en mobiliteit
40
Programma 8. Veilige omgeving
41
Programma 9. Besturen in verandering van tijden
42
Programma 10. Financiën en belastingen
43
2
Leeswijzer De eerste financiële tussenrapportage bestaat uit een aantal onderdelen. In deze leeswijzer geven we bij elk onderdeel een korte uitleg. Algemeen We verwerken in deze rapportage verschillende financiële ontwikkelingen uit de eerste maanden van 2026. Het gaat om de autonome ontwikkelingen, budgettair neutrale wijzigingen en eventuele overige ontwikkelingen. De tussenrapportage wordt tegelijk met het jaarverslag en de jaarrekening behandeld. Samenvatting In dit hoofdstuk vatten we de uitkomsten van deze rapportage samen. Autonome ontwikkelingen Autonome ontwikkelingen zijn financiële afwijkingen op bestaande activiteiten. Bij de uitvoering van een activiteit kan in de loop van het jaar blijken dat meer geld nodig is om deze volledig uit te kunnen voeren. Aan de andere kant komt het ook voor dat activiteiten met minder geld uitgevoerd kunnen worden dan oorspronkelijk gedacht was. De financiële afwijkingen kunnen dus zowel meevallers als tegenvallers zijn. Deze brengen we 2 keer per jaar in beeld: in deze rapportage en bij de programmabegroting. In deze financiële tussenrapportage gelden extra criteria voor autonome ontwikkelingen: we nemen in principe alleen structurele afwijkingen vanuit de jaarrekening op en incidentele afwijkingen in het jaar zelf.
Budgettair neutrale wijzigingen Budgettair neutrale wijzigingen zijn wijzigingen die niet inhoudelijk van aard zijn en per saldo geen geld kosten. Deze wijzigingen zijn programma-overstijgend en moeten daarom volgens de wettelijke voorschriften van het BBV (Besluit Begroting en Verantwoording) inzichtelijk gemaakt worden. Wijzigingen boven de € 100.000 lichten we kort toe. Overige ontwikkelingen Naast de autonome ontwikkelingen hebben we met overige ontwikkelingen te maken. In tegenstelling tot de autonome ontwikkelingen zijn hier nog keuzes in te maken. Alle ontwikkelingen verwerken we na vaststelling door de gemeenteraad als begrotingswijziging in de administratie. Bezuinigingsmonitor Bij de programmabegroting 2026-2029 zijn de ombuigingsvoorstellen vanuit de strategische heroriëntatie verwerkt in de begroting. Een aantal voorstellen is daarmee al direct gerealiseerd, een aantal anderen moeten nog verder worden uitgewerkt en gerealiseerd. We gaan de komende jaren 2 keer per jaar een bezuinigingsmonitor opstellen waarin we aangeven hoe de voortgang is van het realiseren van de bezuinigingen. We geven per maatregel aan hoe de voortgang is op tijd (T) en geld (G) via een stoplichtrapportage (groen/oranje/rood). Wanneer maatregelen gereed zijn, zullen we deze verplaatsen naar een bijlage, zodat we daar niet meer over hoeven te rapporteren.
Bij maatregelen waar de voortgang op oranje of rood staat geven we een toelichting.
3
Samenvatting Inleiding We hebben de Eerste financiële tussenrapportage van 2026 opgesteld. We hebben hierin de autonome ontwikkelingen, overige ontwikkelingen en de budgettair neutrale wijzigingen opgenomen. We lichten eerst de conclusies van de uitkomsten van deze rapportage toe. Daarna lichten we het algemene financiële beeld en risico’s toe. Daarnaast lichten we de aandachtspunten uit de bezuinigingsmonitor toe. Saldo financiële tussenrapportage + is nadeel: hogere uitgaven/lagere inkomsten - is voordeel: lagere uitgaven/hogere inkomsten bedragen x € 1.000 Omschrijving
2026
2027
2028
2029
Saldo programmabegroting 2026-2029
-2.229
-2.489
3.683
2.989
Autonome ontwikkelingen
2.927
326
556
289
Overige ontwikkelingen
321
871
71
71
1.019
-1.291
4.310
3.349
Totaalsaldo
Algemeen financieel beeld Programmabegroting 2026-2029 Het beginsaldo van deze rapportage is het saldo van de programmabegroting 2026-2029. In deze programmabegroting presenteerden we de volgende saldi: + is nadeel: hogere uitgaven/lagere inkomsten - is voordeel: lagere uitgaven/hogere inkomsten bedragen x € 1.000 Omschrijving
2026
2027
2028
2029
Saldo programmabegroting
-2.229
-2.489
3.683
2.989
We presenteerden een begroting voor het jaar 2026 met een overschot van circa € 2,2 miljoen. Ook het jaar 2027 heeft een positief saldo van € 2,5 miljoen, met name door een incidentele vrijval vanuit de reserve Opvang Vluchtelingen. Het ravijnjaar schuift door naar 2028. Dit zien we dan ook terug in de saldi voor 2028 en volgende jaren. Deze saldi zijn negatief en sluiten aan bij het geaccepteerde tekort over jeugdzorg zoals vastgesteld bij de kadernota 2026 (structureel € 3 miljoen vanaf 2029). Het geaccepteerde tekort is het bedrag wat we minimaal verwachten vanuit het Rijk als extra structurele compensatie voor de kosten van jeugdzorg. Voor de jaren 2025 tot en met 2027 worden we “redelijk” gecompenseerd voor de stijgende kosten van jeugdzorg. Voor de jaren erna boekt het Rijk echter een stevige extra bezuiniging op jeugdzorg in en houdt het Rijk ook vast aan de bezuinigingen vanuit de hervormingsagenda. Deze bezuinigingen vanuit het Rijk zijn te ambitieus voor gemeenten. Daarnaast wordt er geen indexering van de kosten voor jeugdzorg toegepast, zoals de deskundigencommissie had aanbevolen. Tussen het Rijk en gemeenten is afgesproken dat de deskundigencommissie van Ark in het eerste kwartaal 2027 een uitspraak doet over de haalbaarheid van het financieel kader vanaf 2028.
Vandaar dat we voor de jaren 2025-2027 een zo realistisch als mogelijke begroting hebben opgesteld voor jeugdzorg, maar dat we voor de jaren erna werken met een geaccepteerd tekort in de programmabegroting, zijnde de tekorten die we op jeugdzorg voorzien. Deze tekorten moeten naar onze mening gecompenseerd worden door het Rijk.
4
Om deze begroting voor 2026 sluitend te maken voerden we een ombuigingsoperatie door. In de kadernota presenteerden we de strategische heroriëntatie. In totaal tellen de ombuigingen op tot een bedrag van ruim € 10 miljoen in 2029, dit is inclusief de taakstelling op jeugd en Wmo. Uitkomsten Eerste financiële tussenrapportage 2026 Per saldo geven de uitkomsten van deze financiële tussenrapportage een fors nadeel van € 3,3 miljoen in 2026 en meerjarig een nadeel van € 0,4 miljoen. Dit maakt dat het structurele tekort oploopt naar € 3,3 miljoen (waarvan € 3 miljoen geaccepteerd tekort). Het structurele tekort wordt met name veroorzaakt door het niet realiseren van de bezuiniging op AZOSS. De belangrijkste wijzigingen uit deze rapportage zijn: Structurele wijzigingen:
Hogere kosten van € 1,3 miljoen voor jeugdhulp in 2026. We nemen nu € 1,3 miljoen als extra nadeel op in 2026. Dit is gebaseerd op de jaarrekeningcijfers van 2025. Het gebruik van jeugdhulp is meer gestegen dan de 5% die we in de begroting geraamd hadden. We lichten dit onderdeel ook verder toe in de bezuinigingsmonitor. Richting de programmabegroting 2027-2030 bekijken we hoe we met het mogelijke structurele tekort omgaan gekoppeld aan de inzichten uit de prognose die we in de zomer van 2026 maken.
Een nadeel door het niet realiseren van de bezuiniging op AZOSS van jaarlijks € 342.000. Dit was gekoppeld aan een landelijke maatregel die niet door is gegaan.
Een jaarlijks voordeel van € 113.000 door de actualisatie van de begroting voor het opvangen van vluchtelingen.
Een jaarlijks voordeel van € 91.000 door beëindiging van een bijdrage voor Pivot Park.
Hogere opbrengsten van jaarlijks € 79.000 vanuit de specifieke uitkering sport (btw-compensatie).
Lagere kosten van € 75.000 voor de dieropvang en de dierenambulance.
Incidentele wijzigingen:
Eenmalig hogere kosten voor de prijsindexatie van de noordelijke randweg van € 801.000.
Hogere kosten gladheidsbestrijding van € 501.000
Hogere kosten ICT van € 243.000 in 2026 en € 175.000 in 2027 en 2028 (daarna structureel € 45.000).
Lagere investeringslasten van € 245.000 in 2025 door vertraagde investeringen uit 2025.
Hogere kosten voor noodzakelijke maatregelen schoolgebouw Staringstraat van € 200.000.
Daarnaast hebben we in deze rapportage nog loon- en prijscompensatie toegekend voor 2026. Dit betalen we uit de stelpost loon- en prijscompensatie. Conclusie: Het jaar 2026 kent op basis van deze rapportage een tekort van afgerond € 1,1 miljoen. De eerste financiële tussenrapportage is een eerste bijstelling van de begroting van 2026. We verwachten nog mogelijke incidentele voordelen bij het opstellen van de programmabegroting, zoals onderuitputting van budgetten en mogelijke rentevoordelen. Op dit moment zien we het nadelige saldo van 2026 nog niet als een probleem. Het structurele tekort loopt op naar € 3,3 miljoen in 2029. Dat is € 0,3 miljoen hoger dan het geaccepteerde tekort. Daarnaast is er een fors risico dat het tekort van jeugd structureel doorwerkt. Dit bekijken we in samenhang met de kostenbeheersingsmaatregelen bij de programmabegroting. Dit vormt een nadrukkelijk risico voor het maken van een sluitende meerjarenbegroting. Daarnaast willen we benadrukken dat het realiseren van de ombuigingsvoorstellen/bezuinigingen van groot belang is voor onze structurele begroting.
5
Opdracht richting begroting vanuit jaarrekening 2025 Voordelen die vanuit jaarrekeningen 2023 en 2024 hebben we zo veel mogelijk gemeld binnen de strategische heroriëntatie. De jaarrekening 2025 sluit met een voordelig saldo. Een aantal voordelen die we in de jaarrekening zagen hebben we in deze rapportage verwerkt. Richting de begroting onderzoeken we de volgende posten nog om te bekijken of daar financiële ruimte zit:
Energiekosten en huuropbrengsten sporthallen en zalen en sportterreinen
Huishoudelijke verzorging
Reservepositie (mogelijke incidentele vrijval) reserve vluchtelingen
Onderwijshuisvesting primair onderwijs overige budgetten
Minimabeleid en arbeidsparticipatie
Compostering en kosten ongediertebestrijding
Afvalverwerking bedrijven
Rentekosten
Overige ontwikkelingen We hebben in deze eerste financiële tussenrapportage 2026 een tweetal overige ontwikkelingen opgenomen. Dit zijn geen onvermijdelijke kosten maar hierin zijn keuzes te maken. We brengen ze daarom apart in beeld. Belangrijkste post daarbij is het reserveren van een bedrag van ruim € 1 miljoen voor het realiseren van de Osse standaard. Incidentele ruimte De incidentele begrotingsruimte wordt vooral bepaald door de ruimte binnen de algemene reserve en door de ruimte die ontstaat door winsten uit het grondbedrijf (de algemene bedrijfsreserve). Onderstaand in het kort de huidige stand van zaken. Algemene reserve De omvang van de algemene reserve is op dit moment hoger dan de minimale omvang. De algemene reserve is eind 2025 ruim € 33,1 miljoen. De komende jaren verwachten we hier nog € 1,1 miljoen uit te besteden. In het kader van de strategische heroriëntatie zetten we 10% van het surplus van de algemene reserve in als structurele dekking. Dit betekent dat we vanaf 2028 tien jaar lang een bedrag van € 560.000 inzetten ten gunste van de reguliere begroting. In totaal zetten we hierdoor € 5,6 miljoen in. We verwachten dat we € 6 miljoen hieraan kunnen toevoegen op basis van de jaarrekening. Hierdoor is de reserve boven de norm. Reserves grondbedrijf De volgende “belangrijke” reserves zijn beschikbaar: Bedragen * € 1.000 Omschrijving
31 december 2025
Algemene bedrijfsreserve
11.487
Reserve strategische aankopen
5.950
Reserve binnenstedelijke transformaties
18.643
Het saldo van de algemene bedrijfsreserve (ABR) ligt onder de minimale norm (€ 23,7 miljoen). Dit betekent dat de huidige hoogte van de ABR lager is dan deze minimale omvang. Dit betekent dat er de komende jaren geen sprake meer kan zijn van afromingen. Deze situatie moet overigens wel gezien worden in relatie tot andere beschikbare reserves binnen het grondbedrijf. De reserve binnenstedelijke transformaties is namelijk bedoeld om onrendabele investeringen af te kunnen dekken en vormt daarmee ook een buffer. Bezuinigingsmonitor Bij de programmabegroting 2026-2029 zijn de ombuigingsvoorstellen vanuit de strategische heroriëntatie verwerkt in de begroting. Een aantal voorstellen is daarmee al direct gerealiseerd, een aantal anderen moet nog verder worden uitgewerkt en gerealiseerd.
6
We gaan de komende jaren 2 keer per jaar een bezuinigingsmonitor opstellen waarin we de voortgang van het realiseren van de bezuiniging aangeven. We geven per maatregel aan hoe de voortgang is op tijd (T) en geld (G) via een stoplichtrapportage (groen/oranje/rood). Deze rapportage bevat de eerste versie van deze monitor. Per programma en bezuiniging hebben we aangegeven wat de status is. Een groot deel is al gereed. Van de lopende maatregelen staan er veel op 'groen', deze lopen dus op schema. Eén bezuiniging staat op rood, deze is in deze rapportage gemeld als autonome ontwikkeling. Het gaat om het niet realiseren van de maatregel op AZOSS vanwege landelijke wijzigingen in beleid rondom het verlagen van het eigen risico voor zorgkosten. Enkele maatregelen staan op oranje, we sturen er op om deze weer op 'groen' te krijgen. De belangrijkste daarbij is de bezuiniging voor jeugdhulp, gezien de verdere kostenstijging uit de jaarrekening 2025. Daarnaast gaan we de volgende lijn hanteren: wanneer een bezuiniging niet gerealiseerd kan worden, is het uitgangspunt om dan binnen dezelfde portefeuille een taakstelling voor dat bedrag neer te leggen en de opdracht te geven om met een vervangende besparing te komen. Op deze manier houden we grip op het realiseren van het te bezuinigen bedrag.
Het gaat om een principe-uitspraak waar, indien gewenst, van afgeweken kan worden via een (college- en) raadsbesluit.
7
Autonome ontwikkelingen
8
Totaaloverzicht Autonome ontwikkelingen
+ is nadeel: hogere uitgaven/lagere inkomsten - is voordeel: lagere uitgaven/hogere inkomsten bedragen x € 1.000
Programma
2026
2027
2028
2029
Programma 1. Welzijn en zorg
1.207
-83
-83
-43
Programma 2. Werk, inkomen en onderwijs
333
416
466
427
Programma 3. Ontmoeten, sport en cultuur
-5
-277
-25
-46
Programma 4. Klimaat, energie en openbare ruimte
485
0
-75
-75
Programma 5. Economie
19
22
25
-91
Programma 6. Stadscentrum
0
0
0
0
Programma 7. Verstedelijking, wonen en mobiliteit
801
0
0
0
Programma 9. Besturen in verandering van tijden
368
284
284
154
Programma 10. Financieel Beleid
-281
-36
-36
-36
2.927
326
556
289
Totaal Autonome ontwikkelingen
9
Autonome ontwikkelingen per programma
10
Programma 1. Welzijn en zorg + is nadeel: hogere uitgaven/lagere inkomsten - is voordeel: lagere uitgaven/hogere inkomsten bedragen x € 1.000
Omschrijving
2026
2027
2028
2029
52
0
0
0
-52
0
0
0
1.290
0
0
0
Hogere kosten Wmo Cliëntondersteuning
70
70
70
70
Lokale investeringsagenda beschermd wonen
-40
-40
-40
0
Actualiseren begroting vluchtelingen
-113
-113
-113
-113
Totaal Autonome ontwikkelingen
1.207
-83
-83
-43
Beverproblematiek jeugdaccommodatie Ravenstein Inzet reserve Integraal voorzieningenbeleid (IVB) Stijging kosten Jeugdhulp
Toelichting Autonome ontwikkelingen Beverproblematiek jeugdaccommodatie Ravenstein Voor het versterken van de constructie van het gebouw voor Jeugdwerk Ravenstein is een bedrag nodig van € 52.000. Dit bedrag is nodig om maatregelen te nemen zodat de bever veilig kan samenleven op het terrein van jeugdwerk. We betalen dit bedrag uit de IVB-reserve. Stijging kosten Jeugdhulp In de afgelopen jaarrekening 2025 zagen we wederom een stijging van de ZIN-uitgaven voor jeugdhulp ten opzichte van de begroting. Het gaat om een bedrag van € 1,3 miljoen. Het gebruik van jeugdhulp is meer gestegen dan de 5% die we in de begroting geraamd hadden. Zoals we in de jaarrekening al aangaven zien we vooral hoge(re) uitgaven aan begeleiding en maatwerk. Daarnaast hebben we een aantal excessieve casussen binnen het maatwerk. In het kader van de kostenbeheersingsmaatregelen zetten we in op het terugdringen van de stijgende uitgaven. De belangrijkste pijlers waar we op in willen zetten zijn minder jeugdigen in jeugdhulp van 1 op 7 naar 1 op 14 jeugdigen, kostenbewustzijn binnen de toegang, beperken van maatwerk en sturen op instroom, volume en duur van de trajecten. De uitwerking van de maatregelen in 2025 was een onderdeel van de strategische heroriëntatie. Dat betekent dat de uitvoering van de maatregelen in 2026 gestart is. Als referentiekader nemen we de uitgaven in de jaarrekening 2025.
We verwachten de eerste resultaten in de jaarrekening 2026. Tussentijds sturen we met ons prognosemodel op de uiteindelijke resultaten. Omdat we verwachten dat de kosten in 2026 ook hoger uit zullen vallen, nemen we het bedrag van € 1,3 miljoen als nadeel op in 2026. Richting de programmabegroting 2027-2030 bekijken we hoe we met het mogelijke structurele tekort omgaan gekoppeld aan de inzichten uit de prognose die we in de zomer van 2026 maken. Hogere kosten Wmo Cliëntondersteuning We hebben hogere kosten voor Wmo Cliëntondersteuning van jaarlijks € 70.000. De afgelopen jaren stegen de kosten met € 15.000 (2023) naar € 70.000 (2025). In de laatste jaren zien we een continu stijgende lijn qua aantal vragen om onafhankelijke cliëntondersteuning (OCO). Iedereen die zorg of ondersteuning nodig heeft (Wmo, Jeugdwet of Wlz) kan hier gebruik van maken. Deze stijging wordt veroorzaakt doordat OCO steeds beter gevonden én haar rol duidelijker wordt. Daarnaast zien we ook de schaarste in de zorg (wachtlijsten), het sneller afromen/stopzetten van zorg en steeds complexere vragen. Het gevolg is dat de vraag naar OCO groeit en de komende jaren verder toe zal nemen. OCO is een gemeentelijke verantwoordelijkheid en een wettelijke recht.
11
Lokale investeringsagenda beschermd wonen Vanuit de lokale investeringsagenda beschermd wonen stellen we in de periode 2026-2028 jaarlijks € 40.000 beschikbaar voor inrichtingskosten voor het nieuwe product Eerst Een Thuis. Deelnemers kunnen in aanmerking komen voor een vergoeding voor inrichtingskosten. Actualiseren begroting vluchtelingen We actualiseren de begroting voor het opvangen van ontheemden, per saldo geeft dit een jaarlijks voordeel van € 113.000. We stellen voor om vanaf 2026 jaarlijks € 60.000 toe te voegen aan de afdeling Werk & Inkomen. Dit bedrag is nodig voor extra uitvoeringskosten ten behoeve van het verstrekken van leefgeld aan Oekraïners, voor het innen van de eigen bijdrage van werkende Oekraïners die in de gemeentelijke opvang verblijven én voor de twee-jarige pilot (2026/2027) "Vluchtelingen aan het werk". Dit bedrag betalen we uit de reserve Opvang vluchtelingen. Voor deze ambtelijke inzet is al € 160.000 begroot bij de afdeling Werk en Inkomen. Daarnaast stellen we voor om € 113.000 structureel te laten vrijvallen. Dit betreft de indexatie 2025 van R-218 Subsidie Thuis in Oss voor de uitvoering van de vluchtelingenopvang in de gemeente Oss. Deze is onterecht gecompenseerd uit de stelpost loon-prijscompensatie. We betalen dit namelijk uit de bijdrage die we van het Rijk ontvangen.
12
Programma 2. Werk, Inkomen en Onderwijs + is nadeel: hogere uitgaven/lagere inkomsten - is voordeel: lagere uitgaven/hogere inkomsten bedragen x € 1.000
Omschrijving
2026
2027
2028
2029
200
0
0
0
-7
-7
-7
-7
336
0
0
0
-336
0
0
0
Aanvragen onderwijsleerpakketten 3 scholen
92
0
0
0
Verlening noodunits Martinus van Beekschool
9
42
92
92
Lokale investeringsagenda beschermd wonen
40
40
40
0
Bijzondere bijstand: Terugdraaien verlaging
0
342
342
342
333
416
466
427
Noodzakelijke maatregelen schoolgebouw Staringstraat 4 Bijstellen huurinkomsten Jan Cunen en BSO Maanuiltje Inzet reserve integraal voorzieningen beleid (IVB) 2026 Onttrekking uit de reserve IVB
en Hub Noord Brabant
eigen risico AZOSS Totaal Autonome ontwikkelingen
Toelichting Autonome ontwikkelingen Noodzakelijke maatregelen schoolgebouw Staringstraat 4 We hebben hogere kosten van € 200.000 voor maatregelen aan het schoolgebouw aan de Staringstraat 4, waar de Sonnewijzer is gehuisvest. De ODBN heeft dit gebouw conform hun richtlijnen afgekeurd en zijn voornemens hiervoor een dwangsom op te leggen, wanneer we geen maatregelen nemen. Met de ODBN hebben we afgesproken dat we dit gebouw nog vijf jaar mogen gebruiken, wanneer we nu een zestal strikt noodzakelijke maatregelen doorvoeren. Deze maatregelen kosten in totaal € 200.000. We werken aan nieuwbouwplannen voor stichting Oosterwijs met de inzet deze over 5 jaar gerealiseerd te hebben. Vooralsnog is het uitgangspunt om het gebouw aan de Staringstraat te slopen en de locatie te ontwikkelen. Bijstellen huurinkomsten Jan Cunen en BSO Maanuiltje We hebben de begroting voor enkele vastgoedbudgetten bijgesteld. Dit levert een jaarlijks voordeel op van € 7.000. Voor het Museum Jan Cunen verhogen we de begrote huurinkomst met € 16.000. Deze is staat nog op historisch afgesproken huur, terwijl in de praktijk jaarlijks een index heeft plaatsgevonden. We passen de begroting hierop aan. Daartegenover vervalt de begrote huurinkomst van BSO Maanuiltje. Zij huurden een (tijdelijke) locatie, wat niet meer van toepassing is.
Tot slot stond een structurele storting in de voorziening onderhoud monumenten begroot met jaarlijks € 3.316, die niet langer van toepassing is. Bij het actualiseren van het MJOP is deze niet meegenomen. Inzet reserve integraal voorzieningen beleid (IVB) 2026 We stellen voor om € 336.000 te onttrekken uit de reserve integraal voorzieningen beleid voor diverse knelpunten en onderzoeken in 2026. De onttrekkingen hebben betrekking op: - Doorschuiven voorbereidingsbudget voor maatschappelijk vastgoed binnen Schadewijk van € 53.000- Doorschuiven voorbereidingsbudget voor maatschappelijk vastgoed binnen Amsteleind van € 76.000- Doorschuiven instandhoudingsonderhoud IKC Regenboog van € 46.000- Voorbereidingsbudget De Nolder van €20.000- BTW casus Avanti terugbetaling € 60.000- Tijdelijke units sportaccommodatie Onder d'n Plag van € 15.000Voorbereidingskosten SO/VSO van € 35.000 - Voorbereidingsbudget VSO Staringstraat van € 25.000Voorbereidingsbudget ontwikkeling sportpark Den Heuvel van € 23.000.
13
Aanvragen onderwijsleerpakketten 3 scholen We hebben in 2026 hogere kosten van € 92.000 voor 3 onderwijsleerpakketten. Indien scholen door uitbreiding (op basis van aantal leerlingen) meer ruimtegebruik nodig hebben, hebben zij volgens de wet recht op een gemeentelijke bijdrage van onderwijsleerpakketten. Het gaat om De Lockaert (€ 19.742), Het Kleurenbos (€ 28.895) en Hertogin Johanna (€ 43.252). Verlening noodunits Martinus van Beekschool en Hub Noord Brabant Voor de benodigde verlenging van huur (en ondergrond) voor noodlokalen bij Hub Noord-Brabant en Kentalis Martinus van Beek hebben we hogere kosten oplopend tot € 92.000 in 2030. Voor de eerste jaren hebben we nog budget beschikbaar, dus zijn de kosten beperkt. Bij SO/VSO HUB Noord-Brabant (Ruwaardstraat) en bij SO Martinus van Beek (Troelstrastraat) hebben we noodlokalen staan. Vanwege de leerlingenaantallen (volgens de nieuwste prognoses) zijn de noodlokalen nog nodig. Voor SO Martinus van Beek voorzien we verlenging tot 2030, voor Hub Noord-Brabant minimaal tot 2029 (met uitloop naar 2030). Lokale investeringsagenda beschermd wonen Vanuit de lokale investeringsagenda beschermd wonen stellen we in de periode 2026-2028 jaarlijks € 40.000 beschikbaar voor inrichtingskosten voor het nieuwe product Eerst Een Thuis. Deelnemers kunnen in aanmerking komen voor een vergoeding voor inrichtingskosten.
Bijzondere bijstand: Terugdraaien verlaging eigen risico AZOSS We draaien de besparing van de verlaging eigen risico AZOSS van structureel € 342.000 vanaf 2027 terug. Tijdens de strategische heroriëntatie 2025 was besloten de bijdrage van de gemeente aan AZOSS vanaf 2027 te verlagen in lijn met landelijke plannen om het eigen risico voor de zorgverzekering te verlagen. AZOSS is onze collectieve ziektekostenverzekering voor inwoners met een kleine beurs (minima tot 120% bijstandsnorm). Het voornemen van het kabinet Schoof om het eigen risico van de zorgverzekering te halveren is ingetrokken door het kabinet Jetten. Als we de besparing op de bijdrage aan AZOSS alsnog zouden doorvoeren, dan zou dit sterk negatieve gevolgen voor de minimadoelgroep hebben. Gemeenteraad en college hebben deze consequenties destijds niet bedoeld met deze besparing. Om deze reden wordt de besparing terug gedraaid. Uw raad is hierover geïnformeerd op 10 maart 2026.
14
Programma 3. Ontmoeten, Sport en Cultuur + is nadeel: hogere uitgaven/lagere inkomsten - is voordeel: lagere uitgaven/hogere inkomsten bedragen x € 1.000
Omschrijving
2026
2027
2028
2029
Verduurzaming Oude Klooster Geffen
1.500
0
0
0
Uit reserve, subsidies en beschikbare
-1.500
0
0
0
Overname opstallen CITO
0
9
9
9
Uitstel MFA Oss Noordwest
40
-224
21
0
Verduurzaming Berchplaets
200
0
0
0
Uit reserve verduurzaming gemeentelijk
-200
0
0
0
0
11
11
11
-1
6
13
13
Klimaatklachten Acropolis
35
0
0
0
Hogere vergoeding Specifieke uitkering Sport
-79
-79
-79
-79
-5
-277
-25
-46
budgetten
vastgoed Aanbestedingsnadeel kunstgrasveld Koppelsteeg Terugdraaien taakstelling sportpark Neervelden Schadewijk
btw Totaal Autonome ontwikkelingen
Toelichting Autonome ontwikkelingen Verduurzaming Oude Klooster Geffen We stellen een investeringskrediet beschikbaar van € 1,5 miljoen voor verduurzaming van het Oude Klooster in Geffen. Hiervan betalen we € 338.000 uit een Dumava (verduurzaming maatschappelijk vastgoed) subsidie. Het restant bedrag van € 1,2 miljoen betalen we uit verschillende bronnen. We stellen uit de reserve verduurzaming gemeentelijk vastgoed een bedrag van € 0,8 miljoen beschikbaar. Hiervoor maken we een aparte reserve ter afdekking van de afschrijvingslaten. Vanuit het bestaande investeringskrediet thuis in de buurt betalen we € 50.000 en vanuit de investering herijking voorzieningen Geffen betalen we € 300.000 voor dit project. Overname opstallen CITO We stellen een investeringskrediet beschikbaar van € 80.000 voor de overname van de opstallen van sportpark de Rooijen (CITO). Dit zorgt voor jaarlijkse investeringslasten van € 9.000. Voetbalvereniging RKSV Cito heeft aangekondigd per 1 juli 2026 haar activiteiten te beëindigen en sportpark De Rooijen te verlaten. Dit betekent dat de gemeente Oss het sportpark, inclusief kleedaccommodaties en sportvelden, kosteloos in eigendom verkrijgt. Het clubhuis valt onder een recht van opstal, waarvoor contractueel is vastgelegd dat bij beëindiging een vergoeding voor de restwaarde verschuldigd is.
Een onafhankelijke taxatie heeft de restwaarde van het clubhuis vastgesteld op € 80.000. Uitstel MFA Oss Noordwest De bouw van MFA Oss Noordwest is opnieuw vertraagd. Brabant Wonen bouwt dit gebouw, wij gaan dit jaarlijks van hun huren. Omdat het vertraagd is hebben we in 2027 nog geen huurkosten. Daardoor hebben we een voordeel van € 245.000 in 2027. De huidige panden De Hille en de Bonte Hoef moeten we langer gebruiken en dit zorgt voor een hoger benodigd onderhoudsbudget, inclusief instandhoudingskosten, in 2026 tot en met 2028. Daarom hebben we in 2026 € 40.000, in 2027 en 2028 € 21.000 hogere kosten.
15
Verduurzaming Berchplaets Vanuit de reserve verduurzaming gemeentelijk vastgoed stellen we € 200.000 beschikbaar voor de verduurzaming van De Berchplaets. Dit onderdeel is opgenomen in de routekaart verduurzaming gemeentelijk vastgoed. We storten dit bedrag vanuit de reserve verduurzaming gemeentelijk vastgoed is een aparte reserve waar we straks jaarlijks de afschrijvingslast uit betalen. Aanbestedingsnadeel kunstgrasveld Koppelsteeg We hebben jaarlijks hogere kosten van € 11.000 door aanbestedingsnadeel op de vervanging van de toplaag van kunstgrasveld Oss'20 op sportpark Rusheuvel. Via het investeringsplan is € 356.000 beschikbaar gesteld voor de toplaag van een kunstgrasveld bij Oss '20 (Rusheuvel). Onder andere een hogere aanbesteding zorgt ervoor dat € 475.000 nodig is. Hierdoor hebben we € 119.000 aan hogere kosten. De jaarlijkse investeringslasten stijgen hiermee met jaarlijks € 11.000. Terugdraaien taakstelling sportpark Neervelden Schadewijk We draaien de beoogde bezuiniging van € 14.291 vanwege het beëindigen van sportpark Neervelden (FC Schadewijk) terug. Ten tijde van de strategische heroriëntatie gingen we er vanuit dat FC Schadewijk sportpark Neervelden zou gaan verlaten en dat de exploitatiebudgetten vrij zouden vallen. De club zat in zwaar weer qua financiën en ledenaantallen.
In de tussentijd zijn (mede door beëindiging van andere clubs, waaronder CITO) de ledenaantallen toegenomen en Inmiddels is de vereniging weer financieel gezond en vervult zij een belangrijke rol in de wijk Schadewijk. We willen de vereniging graag behouden en versterken richting de toekomst. We stellen daarom voor om de taakstelling te laten vervallen. Klimaatklachten Acropolis We vragen € 35.000 voor de aanschaf en installatie van airco's in gemeenschapshuis Acropolis in Megen. Het binnenklimaat is zomers enorm heet, waardoor maatregelen voor onze gebruikers noodzakelijk zijn. Wij huren dit gebouw van Mooiland. Mooiland heeft aangegeven geen kosten voor de airco’s te willen dragen. Dit kunnen we vanuit demarcatie ook niet afdwingen en komt dus voor rekening van onze gemeente. Hogere vergoeding Specifieke uitkering Sport btw We hebben een jaarlijks voordeel vanaf 2026 van € 79.000 door bijstelling van de begroting voor de specifieke uitkering Sport Btw. We ontvangen jaarlijks een specifieke uitkering voor compensatie van btw kosten bij investeringen voor sport. Afgelopen jaren zagen we hier bij de jaarrekeningen hogere compensatie dan begroot. We stellen daarom de begroting bij. Dit gaan we jaarlijks doen bij de Eerste financiële tussenrapportage op basis van het gemiddelde van de werkelijke verantwoording van afgelopen vijf jaar.
Op basis van de afgelopen vijf jaar stellen we de verwachte compensatie bij van € 597.000 naar € 676.000. Per saldo hebben we dus een structureel voordeel van € 79.000.
16
Programma 4. Klimaat, energie en openbare ruimte + is nadeel: hogere uitgaven/lagere inkomsten - is voordeel: lagere uitgaven/hogere inkomsten bedragen x € 1.000
Omschrijving
2026
2027
2028
2029
-75
-75
-75
-75
Hogere kosten gladheidbestrijding
510
0
0
0
IBN onderhoudsbestekken Groen
50
75
0
0
Investeringskrediet openbare verlichting
0
0
0
0
485
0
-75
-75
Lagere kosten dierenopvang en dierenambulance
Totaal Autonome ontwikkelingen
Toelichting Autonome ontwikkelingen Lagere kosten dierenopvang en dierenambulance We hebben jaarlijks lagere kosten van € 75.000 voor de bijdrage aan het dierenasiel. Dit komt doordat er met ingang van 2026 vijf gemeenten zijn aangesloten. Dit zorgt voor lagere kosten per gemeente. Voor Oss gaat het om een bedrag van € 60.000. Hiernaast houden we rekening met € 15.000 lagere kosten voor de dierenambulance door een afname van het aantal ritten. Hogere kosten gladheidbestrijding We hebben voor 2026 hogere kosten van € 510.000 voor gladheidbestrijding. Dit bestaat uit € 470.000 hogere kosten voor personeel en materieel en € 80.000 hogere kosten voor aankoop van zout. Door de extreme weersomstandigheden in de periode januari - februari dit jaar lag de inzet van materieel en personeel 3 keer hoger dan normaal. Van de provincie Noord-Brabant hebben we een vergoeding van € 40.000 gekregen voor gladheidsbestrijding op provinciale wegen. IBN onderhoudsbestekken Groen We hebben hogere kosten van € 50.000 in 2026 en € 75.000 in 2027 voor de onderhoudsbestekken van groen die door de IBN worden uitgevoerd. We hebben de bestekken aanbesteed. In 2026 hebben we een incidenteel voordeel van € 25.000 voor een afkoopsom onderhoud groen. Hierdoor resteert een tekort van € 50.000 in 2026.
Vanaf 2028 wordt het tekort opgevangen door beschikbaar budget Groot onderhoud verhardingen vanuit de strategische heroriëntatie. Investeringskrediet openbare verlichting We verhogen de investeringen in openbare verlichting met € 600.000. Dit conform 2e voortgangsrapportage IUP 2025. De aanbesteding van armaturen was vertraagd waardoor het project doorschuift van 2025 naar 2026. Dit extra krediet kan betaald worden uit de ruimte binnen de vervangingsinvesteringen binnen de openbare ruimte.
17
Programma 5. Economie + is nadeel: hogere uitgaven/lagere inkomsten - is voordeel: lagere uitgaven/hogere inkomsten bedragen x € 1.000
Omschrijving Beëindiging bijdrage impuls Pivot Park vanaf
2026
2027
2028
2029
19
22
25
-91
19
22
25
-91
2029 Totaal Autonome ontwikkelingen
Toelichting Autonome ontwikkelingen Beëindiging bijdrage impuls Pivot Park vanaf 2029 We laten de begrote structurele bijdrage aan de provincie "extra impulsen Pivot park" van € 91.328 vrijvallen vanaf 2029. Daarentegen stellen we de begrote bijdrage tot en met 2028 incidenteel bij met € 18.000, € 22.000 en € 25.000. Door indexeringen en de vervallen bijdrage uit de reserve economie sluit het huidige bedrag in de begroting niet meer aan met de werkelijke bijdrage aan de provincie Noord-Brabant.
18
Programma 6. Stadscentrum + is nadeel: hogere uitgaven/lagere inkomsten - is voordeel: lagere uitgaven/hogere inkomsten bedragen x € 1.000
Omschrijving
2026
2027
2028
2029
40
0
0
0
Uit investeringsfonds Stadshart Oss
-40
0
0
0
Totaal Autonome ontwikkelingen
0
0
0
0
Onderzoek toekomstige samenwerking centrum Oss
Toelichting Autonome ontwikkelingen Onderzoek toekomstige samenwerking centrum Oss We stellen € 40.000 beschikbaar voor een extern onderzoek over de toekomstige samenwerking in het centrum van Oss. We halen dit geld uit de reserve Investeringsfonds stadshart. Het doel is om een gedragen advies te krijgen over het toekomstbestendig maken van het centrum management en de samenwerking met ondernemers.
19
Programma 7. Verstedelijking, wonen en mobiliteit + is nadeel: hogere uitgaven/lagere inkomsten - is voordeel: lagere uitgaven/hogere inkomsten bedragen x € 1.000
Omschrijving
2026
2027
2028
2029
Kosten flexwoningen 2026
758
0
0
0
Uit Rijksbijdrages en diverse reserves
-758
0
0
0
50
0
0
0
Onttrekking uit reserve Omgevingswet
-50
0
0
0
Voorbereidingskosten Euterpepark
285
0
0
0
Onttrekking uit reserve binnenstedelijke
-285
0
0
0
-353
0
0
0
353
0
0
0
801
0
0
0
Grondverkopen binnen anterieure projecten
-263
0
0
0
Storting in de ABR
263
0
0
0
Totaal Autonome ontwikkelingen
801
0
0
0
Inzet reserve Omgevingswet voor woonbehoefteonderzoek
transformaties Afrekening Ruimte voor Ruimte bijdragen provincie Noord-Brabant Storting in de reserve groenfonds landelijk gebied Prijsindexatie noordelijke ontsluitingsweg 2026 en 2027
Toelichting Autonome ontwikkelingen Kosten flexwoningen 2026 We stellen voor het realiseren van flexwoningen aan de Gewandeweg en Meidoornlaan € 758.000 beschikbaar. Dit budget was eerder beschikbaar gesteld in 2025, maar het project was vertraagd. We betalen dit uit rijksbijdrages (€ 221.624), de reserve binnenstedelijke transformaties (€ 126.000) en de algemene reserve (€ 410.785). Voor de locatie Gewandeweg is in 2025 geld beschikbaar gesteld uit de reserve binnenstedelijke transformaties voor de tijdelijke stroomvoorziening, dat bedrag was niet volledig uitgegeven. Dit bedrag onttrekken we in 2027. Daarnaast onttrekken we een bedrag uit de algemene reserve van ruim € 0,4 miljoen. Inzet reserve Omgevingswet voor woonbehoefteonderzoek We stellen voor om in 2026 € 50.000 te onttrekken uit de reserve Omgevingswet. Het bedrag zetten we in voor het woonbehoefteonderzoek dat aanvankelijk in 2025 gepland stond. Voorbereidingskosten Euterpepark We vragen € 285.000 als voorbereidingsbudget voor de ontwikkeling van het gebied Euterpepark, dit betalen we uit de reserve binnenstedelijke transformaties. De gebiedsvisie Euterpepark moet worden geactualiseerd op de huidige ambitie voor woningbouw in Spoorzone. De actualisatie moet de gemeente beter in staat stellen om met projectontwikkelaars en andere initiatiefnemers prestatiegerichte anterieure overeenkomsten te sluiten.
Door de actualisatie krijgen we meer inzicht in de activiteiten en onze kosten waardoor we het kostenverhaal beter kunnen onderbouwen en inrichten. We maken kosten voor het plan ontwikkelgebied, wijziging omgevingsplan, onderzoeken, communicatie en verkenning subsidies. Vorig jaar werd € 440.000 beschikbaar gesteld, waarvan we € 155.000 uitgegeven. Het restant van € 285.000 stellen we opnieuw beschikbaar voor 2026. De doelstelling is om deze de komende jaren te verhalen bij ontwikkelaars. Het grotere doel van de
20
gebiedsvisie Euterpepark is om komende tien tot vijftien jaar via verschillende anterieure overeenkomsten het gebied te ontwikkelen. Ons voornemen is om een groot deel van voorbereidingskosten voor de algemene gebiedsontwikkeling op te nemen in te sluiten anterieure ontwikkelingen. Dit is een proces dat tien tot vijftien jaar kan duren. We verwachten toekomstig dus met voordelen op anterieure overeenkomsten de algemene gebiedsvisie gedeeltelijk te kunnen dekken, maar dit is nu nog niet financieel te borgen. We betalen de totale voorbereidingskosten in eerste instantie in zijn geheel uit de reserve binnenstedelijke transformaties. Het bedrag wat we hiervan toekomstig kunnen verhalen storten we vervolgens terug in deze reserve.
Afrekening Ruimte voor Ruimte bijdragen provincie Noord-Brabant We ontvangen in 2026 een eenmalige opbrengst van € 352.500 voor afrekening van Ruimte voor Ruimte bijdragen van de provincie Noord-Brabant. Op basis van een overeenkomst met de provincie Noord-Brabant hebben wij recht op een bijdrage per afgenomen Ruimte-voor-Ruimte kavel. Deze worden jaarlijks afgerekend. Deze bijdrage storten we in de reserve groenfonds landelijk gebied. Prijsindexatie noordelijke ontsluitingsweg 2026 en 2027 We vragen incidenteel € 0,8 miljoen extra voor de aanleg van de Noordelijke Ontsluitingsweg. Dit als gevolg van prijsstijgingen in de afgelopen jaren. We hebben in onze begroting een bedrag van € 10,3 miljoen beschikbaar voor de aanleg van de Noordelijke Ontsluitingsweg. Dit bedrag bestaat uit een aandeel van de weg uit de grondexploitatie Oijense Zij Noord van € 2,9 miljoen en een bijdrage uit de reserve bovenwijkse voorzieningen van € 7,4 miljoen. De verwachte kosten van de Noordelijke Ontsluitingsweg komt nu uit op een totaal bedrag van € 13,2 miljoen. Dit betekent dat er een tekort van € 2,9 miljoen is. Dit tekort betalen we uit een aantal posten. Als eerste zetten we de reserve mobiliteit in voor een bedrag van € 1.073.000. Dit betekent dat we bij de prioritering van de mobiliteitsmaatregelen rekening moeten houden dat er minder geld beschikbaar is voor andere projecten.
Daarnaast zetten we de reserve bovenwijkse voorzieningen in voor een bedrag van 670.000. In deze reserve is dit financiële ruimte beschikbaar van dit bedrag en dit willen we inzetten voor de Noordelijke Ontsluitingsweg. De reserve bovenwijkse voorziening is voor de investeringen van de ontsluitingswegen geoormerkt. Als derde hebben we een bedrag beschikbaar vanuit beheer- en onderhoudsgelden voor de Noordelijke Ontsluitingsweg. Dit gaat om een bedrag van € 322.000. We hebben de beheer- en onderhoudsgelden van de Noordelijke Ontsluitingsweg financieel begroot. Door de vertraging in de aanleg behoeven de beheers- en onderhoudsgelden voor de jaren 2027 en 2028 niet hiervoor beschikbaar te worden gesteld. We zetten deze bedragen hiervoor in. Hierdoor resteert een bedrag van € 801.000. Dit is gekoppeld aan prijsstijging. We verwachten dat de aanleg in 2028 wordt gerealiseerd. De berekening is gebaseerd op het prijspeil 2025. De hogere kosten vanwege de prijsstijging nemen we nu als autonome ontwikkeling op. Grondverkopen binnen anterieure projecten We actualiseren de grondverkopen vanuit anterieure (grootschalige) projecten met verrekening met de Algemene Bedrijfsreserve van het Grondbedrijf (ABR). We hadden een opbrengst begroot voor de grondverkoop binnen project ’t Reut en een storting in de ABR (€ 584.000). Dit wordt niet gerealiseerd in 2026.
We realiseren wel twee nieuwe verkopen van grondposities. Deze opbrengst storten we in de reserve ABR. Het gaat om een grondpositie binnen anterieur project Rogstraat van € 106.000 en Hertogensingel € 215.000.
21
Programma 8. Veilige omgeving Dit programma heeft geen autonome ontwikkelingen.
22
Programma 9. Besturen in verandering van tijden + is nadeel: hogere uitgaven/lagere inkomsten - is voordeel: lagere uitgaven/hogere inkomsten bedragen x € 1.000
Omschrijving
2026
2027
2028
2029
Programma data
200
0
0
0
Onttrekking uit de reserve ICT
-200
0
0
0
In-row's en airco's voor koeling ICT
0
18
18
18
Hogere implementatiekosten
75
7
7
7
Hogere kosten fiscale advisering
50
50
50
50
Vervanging applicatie Geldzorgen
0
34
34
34
243
175
175
45
368
284
284
154
subsidieadministratie
ICT netwerkbeveiliging, netwerk, camera's en overige kosten Totaal Autonome ontwikkelingen
Toelichting Autonome ontwikkelingen Programma data We stellen voor om het resterende budget dat bedoeld is voor het programma data in 2026 beschikbaar te stellen. Het programma data betalen we uit de reserve ICT, het gaat om een bedrag van € 200.000. Omdat we verwachten dat we het programma data in 2026 afronden zal dit bedrag nodig zijn om de kosten te betalen. In-row's en airco's voor koeling ICT We stellen een investering van € 212.000 beschikbaar voor de vervanging van de in-row's en bijbehorende elektra in de technische serverruimte van het gemeentehuis. Dit zorgt voor een jaarlijkse investeringslast van € 18.000. In 2025 zijn we gestart met het vervangen van de koeling van de ICT ruimte in het gemeentehuis. Op basis daarvan is naar voren gekomen dat ook de bijbehorende inrow's vervangen moeten worden. In de server wordt het gekoelde water door de inrow's de server ingebracht. Deze staan fysiek tussen de servers in. De oude inrow's hebben geen vervangingsonderdelen meer, waardoor de noodzaak technisch helder is. De investering is gesplitst in het in-row deel en het bijbehorend elektra (Rack-PDU) deel. Hogere implementatiekosten subsidieadministratie We hebben een Europese aanbesteding gedaan voor een nieuwe subsidieadministratie voor alle uitgaande subsidies.
Het resultaat hiervan is dat de beste inschrijver een hogere eenmalige, implentatievergoeding vraagt dan dat we ingeschat hadden. Dit leidt tot hogere kosten van € 75.000 in 2026. De jaarlijkse kosten stijgen beperkt met € 7.000 vanaf 2027. Hogere kosten fiscale advisering We zien een stijging van de kosten van fiscale advisering de afgelopen jaren. Hierdoor hebben we een nadeel van jaarlijks € 50.000. Afgelopen jaar hebben we een Europese aanbesteding gedaan voor fiscale advisering, zowel op het gebied van loonheffing, btw en vennootschapsbelasting. We zien een stijging door een toegenomen complexiteit van projecten en initiatieven. Daarnaast vereist de Belastingdienst in het kader van horizontaal toezicht een stevigere uitvoering van fiscaliteit en moeten we aantoonbaar laten zien dat we in control zijn.
23
Vervanging applicatie Geldzorgen We hebben vanaf 2027 jaarlijks € 34.000 aan hogere kosten voor de applicatie van team Geldzorgen. Team Geldzorgen maakt nu gebruik van de applicatie ‘Stratech Perspectief’. Deze applicatie is verouderd en staat op een server van de gemeente Oss. Stratech heeft het contract per 1 januari 2027 opgezegd, omdat zij vanaf dan deze applicatie alleen nog via de Cloud aanbieden. Hierdoor zijn we genoodzaakt om de applicatie te vervangen. Dit hebben we Europees moeten aanbesteden. In de afgelopen programmabegroting was de voorzichtige verwachting dat de structurele meerkosten € 35.000 zouden zijn. De aanbesteding is inmiddels afgerond en de structurele meerkosten zijn nog € 34.000 hoger dan we vooraf hadden ingeschat. ICT netwerkbeveiliging, netwerk, camera's en overige kosten De kosten voor ICT stijgen. Per saldo hebben we hogere kosten van € 242.500 in 2026, € 175.000 in 2027 en 2028 en vanaf 2029 € 45.000. Daarnaast onttrekken we in 2026 € 206.000 aan de reserve ICT. Dit heeft een aantal oorzaken. Als eerste voor kosten voor netwerkbeveiliging. Door de Europese regels voor netwerkbeveiliging (de NIS2-regels) moeten we een eigen glasvezelnetwerk aanleggen. Door een privé netwerk te hebben zijn we minder kwetsbaar voor hacks van buitenaf.
Een eigen glasvezelnetwerk is nodig voor alle technische systemen in de openbare ruimte zoals bijvoorbeeld sluizen, gemalen maar ook om verkeerspaaltjes die op afstand worden bediend. Momenteel worden deze systemen aangestuurd via een publiek netwerk. Volgens de Europese wetgeving is dit niet veilig en worden we verplicht om dit op een privé netwerk te zetten. Het bedrag is bestemd voor het aanleggen van een privé glasvezelnetwerk. Voor de voorbereiding en uitvoering huren we externe expertise in. Daarnaast vragen we nu eenmalig € 80.000 voor materialen en abonnementen zodat de externe inhuur kan beginnen. De totale kosten voor 2026 bedragen dus € 160.000, waarvan we de helft betalen uit de reserve ICT. De structurele kosten vanaf 2027 zijn nog niet inzichtelijk en werken we uit in de programmabegroting. We verwachten dat deze tussen € 30.000 en € 80.000 per jaar zullen liggen. Daarnaast hebben we hogere kosten voor het beveiligen van onze laptops en applicaties. We vragen voor 2026 tot en met 2029 incidenteel € 163.000 per jaar extra. Vanaf 2029 vragen we structureel € 33.000 per jaar. Onze medewerkers werken op de diverse externe locaties waarbij zij dan inloggen op het wifi netwerk. Deze wifinetwerken zijn vaak niet genoeg beveiligd. Om beveiligingsrisico’s te voorkomen willen we inrichten dat onze medewerkers altijd inloggen via een beveiligde (VPN/GSA) verbinding.
Door het gebruik van deze Global Security Acces (VPN/GSA) kan Microsoft Teams ook beter worden gebruikt. Daarnaast zal onze huidige beveiliging (via VDI) vanaf de volgende aanbesteding in 2029 minder ingezet hoeven te worden, waardoor de kosten € 130.000 zullen dalen. De VDI verbinding blijft wel nodig, omdat er altijd applicaties zijn die op onze server draaien (en dus niet online). Indien we niet gaan werken met global security acces lopen we een beveiligingsrisico. Verder stellen we voor om de camera's dit jaar te vervangen samen met de al geplande werkzaamheden op het gemeentehuis en de werf. De eenmalige kosten bedragen € 60.000 euro in 2026 en komen om de vijf jaar terug. De vervanging in 2031 vragen we aan via de vervangingskalender. Door de vervanging op het gemeentehuis en de werf nu mee te nemen voorkomen we dat er twee keer werkzaamheden plaatsvinden. Naast het gemeentehuis en de werf zijn er nog meer locaties waar camera's vervangen moeten worden. Deze locaties worden in kaart gebracht in de komende maanden en zullen tussen 2026 en 2027 worden vervangen in overeenstemming met ons huidige (nieuwe) camerabeleid. De kosten voor deze overige locaties zijn nog niet bekend. Het vervangen van onze camera's is nodig omdat onze huidige camera's verouderd zijn. Hierdoor zijn ze eenvoudig te hacken en kan er meegekeken worden op het gemeentehuis.
Verder onttrekken we € 50.000 uit de reserve ICT om onze business continuiteitesmanager langer in te huren. Met het bedrag kunnen we het contract tot en met juli 2026 verlengen. Ook hebben we € 26.000 nodig om projectleiding in te huren die onze camera's in de openbare ruimte gaan vervangen. De investering en abonnementen verwerken we in de programmabegroting. Deze zullen via softwarelicenties of de vervangingskalender worden aangevraagd. Tot slot is € 50.000 nodig om ons AI beleid verder ontwikkelen en kennis borgen.
24
Programma 10. Financieel beleid + is nadeel: hogere uitgaven/lagere inkomsten - is voordeel: lagere uitgaven/hogere inkomsten bedragen x € 1.000
Omschrijving
2026
2027
2028
2029
Deelnemersbijdrage BSOB
-36
-36
-36
-36
Voordeel doorgeschoven investeringen 2025
-245
0
0
0
Totaal Autonome ontwikkelingen
-281
-36
-36
-36
Toelichting Autonome ontwikkelingen Deelnemersbijdrage BSOB We gaan eenmalig een hogere bijdrage betalen aan de BSOB. De Diftar afrekening voor afval over 2025 is apart aan de inwoners opgelegd. Dit kost eenmalig € 64.000 en betalen we uit de reserve afvalstoffenheffing. Daarnaast hebben we een structureel voordeel. Vanaf 2026 is het Waterschap De Dommel toegetreden aan de BSOB. Hierdoor hebben we lagere kosten van jaarlijks € 36.000. Voordeel doorgeschoven investeringen 2025 We hebben een voordeel van € 245.000 in 2026 door lagere investeringslasten vanuit investeringen die in 2025 zijn doorgeschoven naar latere jaren. Deze investeringen zouden in 2026 voor het eerst hebben geleid tot afschrijvings- en rentelasten. Maar doordat deze investeringen zijn doorgeschoven komen deze lasten later. Het betreft vooral investeringen in de openbare ruimte, ICT en vastgoed. We hebben daardoor een eenmalig voordeel in 2026.
25
Overige ontwikkelingen + is nadeel: hogere uitgaven/lagere inkomsten - is voordeel: lagere uitgaven/hogere inkomsten bedragen x € 1.000
Omschrijving
2025
2026
2027
2028
Programma Transformatie sociaal domein
250
800
0
0
Opleidingen Burgerzaken
71
71
-71
71
321
871
-71
71
Totaal overige ontwikkelingen
Toelichting overige ontwikkelingen Programma Transformatie sociaal domein We stellen voor om in totaal € 1.500.000 te storten in een nieuwe reserve Programma-organisatie transformatie sociaal domein. We betalen hiervoor in de jaren 2026 tot en met 2028 € 150.000 uit bestaand budget voor formatie binnen het sociaal domein. Voor 2026 vragen we € 250.000 en voor 2027 € 800.000 uit het voordelige begrotingssaldo voor die jaren. Het bedrag is nodig voor het programma Transformatie sociaal domein. Het programma beoogt een omvangrijke herziening van de inrichting en sturing van het sociaal domein in Oss. Oftewel de nieuwe Osse standaard. Opleidingen Burgerzaken Wij investeren in het opleiden en professionaliseren van medewerkers Burgerzaken. Landelijk onderzoek laat zien dat verplichte certificering van medewerkers Burgerzaken helpt om identiteitsfraude te voorkomen en de kwaliteit van dienstverlening te verbeteren. Het kabinet geeft hier opnieuw prioriteit aan. Met een gezamenlijke aanpak binnen de keten wordt de betrouwbaarheid van identiteitsdocumenten vergroot. Wij willen de komende vier jaar gericht investeren in opleiding en certificering. Dit versterkt het vakmanschap van onze medewerkers, helpt bij het omgaan met complexere dossiers en maakt gemeente Oss een aantrekkelijke werkgever.
26
Budgettair neutrale wijzigingen + is nadeel: hogere uitgaven/lagere inkomsten - is voordeel: lagere uitgaven/hogere inkomsten bedragen x € 1.000
Programma
2026
2027
2028
2029
Programma 1. Welzijn en zorg
3.194
3.182
3.096
3.093
Programma 2. Werk, inkomen en onderwijs
45
45
28
33
Programma 3. Ontmoeten, sport en cultuur
323
380
449
449
Programma 4. Klimaat, energie en openbare ruimte
258
494
483
487
Programma 5. Economie
151
-79
-79
-79
Programma 6. Stadscentrum
21
21
21
21
Programma 7. Verstedelijking, wonen en mobiliteit
126
173
173
174
Programma 8. Veilige omgeving
-118
-23
-23
-23
Programma 9. Besturen in verandering van tijden
317
486
588
588
-4.316
-4.678
-4.735
-4.743
0
0
0
0
Programma 10. Financieel Beleid Totaal budgettair neutrale wijzigingen
Toelichting afwijkingen
We verhogen diverse budgetten voor loon- en prijsontwikkeling. We betalen dit uit de stelpost loon en prijscompensatie. In totaal gaat het om een bedrag van € 4,6 miljoen. De belangrijkste wijzigingen zijn: o
We verhogen de kosten van Jeugdhulp met de jaarlijkse loon- en prijsindexeringen. Deze indexatie bedraagt voor ambulante activiteiten 3,89% en voor verblijf activiteiten 3,57%. In totaal halen we € 1.581.000 uit de stelpost loon- en prijscompensatie.
o
We verhogen de kosten van leerlingenvervoer en regiotaxi met 4,1% conform de afgesloten contracten. Dit is een bedrag van € 108.000. De werkelijke prijsstijging voor deze aanbieders ligt hoger door de ontwikkeling van de brandstofprijzen. De impact hiervan is nog niet bekend.
o
We verhogen de budgetten voor maatschappelijke opvang met € 179.000.
o
De tarieven Wmo hulpmiddelen zijn met 3,79% verhoogd als gevolg van indexatie. Dat sluit aan op de contracten die we met de aanbieders van deze producten hebben gesloten. Het gaat om een bedrag van € 76.000.
o
Voor Wmo dagbesteding en begeleiding zijn de tarieven met 5,13% verhoogd als gevolg van indexatie. Dat sluit aan op de contracten die we met de aanbieders van deze producten gesloten hebben. Het gaat om € 580.000.
o
We verhogen de budgetten voor hulp bij huishouden met € 541.000. De tarieven stijgen met 5,13%.
o
We verhogen de kosten van het theater en de nieuwbouw met de jaarlijkse loon- en prijsindexeringen. Deze indexatie is gebaseerd op de raming van de bouwkostenstijgingen voor 2026 van 4%. Dit halen we uit de stelpost loon- en prijscompensatie. Hiermee stijgt het investeringskrediet van € 74,3 miljoen prijspeil 2024 naar € 80,3 miljoen prijspeil 2026.
o
We willen ons aandeel in de investeringen voor de spooragenda indexeren. Deze projecten vereisen namelijk een lange voorbereiding en uitvoeringstijd. De investeringskosten voor deze spooragenda zullen door prijsinflatie gaan stijgen. Om ervoor te zorgen dat we deze projecten te
27
zijner tijd daadwerkelijk kunnen uitvoeren, wordt ons aandeel geïndexeerd. We gaan hierbij uit van ons prijsgevoelig budget. Dit zijn de structurele middelen die we hiervoor in onze begroting beschikbaar hebben. De bespaarde middelen in de reserve verbetering fysieke kwaliteit leefomgeving worden niet geïndexeerd. We gaan hierbij uit van een prijsinflatie in de bouw voor 4,49%. Het structurele bedrag voor de prijsinflatie 2026 komt hiermee uit op € 104.000. o
We indexeren het bedrag wat we structureel storten in de reserve mobiliteit (hiermee sparen we voor mobiliteitsambities). De storting wordt daarmee verhoogd van € 470.000 naar € 493.000 (€ 4,49%).
o
We indexeren de begroting voor openbare ruimte vanwege indexeringen voor onderhoudskosten. Voor de prijsstijgingen gaan we uit van de CBS indexen. Het gaat om een bedrag van € 574.000. Het investeringsvolume stijgt hiermee met € 152.000. We halen dit uit de stelpost voor loon- en prijscompensatie. Verder stellen we de waterschapslasten bij op basis van tariefstijging.
o
De kosten voor openbare verlichting stijgen met € 132.000. De kosten voor netcongestie stijgen met € 77.000, hiernaast stellen we energiekosten in de begroting met € 55.000 bij op basis van werkelijke cijfers 2025. Netcongestie is een overbelasting van het elektriciteitsnet. De energieleverancier Enexis splitst bestaande netten op met meerdere schakelstations en meters om overbelasting te voorkomen. (De afrekening is op basis van meerdere meters). Investeringen in het elektriciteitsnet worden doorbelast naar de gebruikers. Deze prijsstijging vangen we op via de stelpost loon- en prijscompensatie.
o
We verhogen de budgetten voor niet planmatig, preventief onderhoud en belastingen voor diverse gebouwen met 3,92%. Dit is een totaalbedrag van € 237.000.
o
We verhogen de budgetten voor raads- en commissievergoedingen met 5,3%. Dit is een bedrag van € 54.000.
o
We verhogen de ICT budgetten voor software licentie- en onderhoudskosten met 4,5|%. Dit is een bedrag van € 168.000.
o
We verhogen de budgetten voor diverse facilitaire kosten (catering, vitam, parkeervergunningen, schoonmaak) voor prijsstijgingen. Dit gaat om een bedrag van €92.000.
o
We verhogen het budget voor transitievergoeding met € 100.000 structureel. Per 1 januari 2027 stopt de regeling Compensatie Transitievergoeding. De gemeente Oss moet een transitievergoeding betalen wanneer een medewerker na 2 jaar ziekte wordt ontslagen. Voorheen werd dit gecompenseerd door het UWV. Deze compensatie verdwijnt per 1 januari 2027, hiervoor hebben we aanvullend budget nodig. Het bedrag hebben ingeschat door het gemiddelde van de afgelopen jaren te nemen. Aangezien dit volgt uit landelijke ontwikkelingen nemen we dit bedrag mee uit de stelpost loon- en prijscompensatie.
We ontvangen van het Rijk en de provincie Noord-Brabant verschillende subsidies en specifieke uitkeringen. Omdat we hierdoor onze kosten en opbrengsten verhogen melden we deze wijzigingen in deze financiële tussenrapportage. We nemen de volgende onderdelen op in onze begroting: o
Door de Programmaraad Ondermijning (stuurgroep RIEC Oost-Brabant) is incidenteel € 100.000 voor 2026 toegekend ter versterking van de integrale uitvoeringskracht (doe-krachtgelden). Het bedrag is bedoeld voor 4 projecten: € 52.000 voor in beeld brengen blinde vlekken in het online jongerenwerk door Stichting meer Liefde; € 25.000 voor versterking van het online jongerenwerk in de gemeente Bernheze en Oss om dit te borgen binnen de Stichting ONS welzijn, € 13.000 voor campagne jeugdcriminaliteit van Meld Misdaad Anoniem en € 10.000 voor de Week van de jonge aanwas Basisteam Maasland. Per saldo kost deze wijziging geen geld en is dus budgettair neutraal.
o
De resterende middelen van de specifieke uitkering (SPUK) wet inburgering van 2025 verwerken we budgettair neutraal in de begroting 2026. In 2025 waren de uitgaven lager dan de ontvangen SPUK. Voor de resterende SPUK middelen van € 1.564.217 geldt de reserveringsregeling en dit houdt in dat we het in 2026 mogen uitgeven. We nemen daarom dit bedrag op als begrote kosten en opbrengsten.
o
We ontvangen via een specifieke uitkering (SPUK) middelen voor de bekostiging van inburgeringsvoorzieningen. De uitkering is voorlopig vastgesteld op € 1.491.873 voor 2026 en zal
28
na afloop van 2026 definitief worden vastgesteld als bekend is hoeveel asielstatushouders, gezinsen overige migranten in de gemeente werkelijk gevestigd zijn. o
De definitieve specifieke uitkering (SPUK) wet inburgering voor 2025 is vastgesteld (€ 1.361.735) en valt € 571.659 lager uit dan de voorlopige SPUK wet inburgering (€ 1.933.394). De definitieve SPUK toekenning is gebaseerd op het werkelijke aantal inburgeringsplichtigen dat ultimo 2025 in Oss was gehuisvest. We passen de geraamde inkomsten en uitgaven hierop aan.
o
Vanuit de specifieke uitkering (SPUK) Wet Inburgering 2021 bekostigen we tolkwerkzaamheden voor Inburgering. Het gaat om 0,56fte (€ 35.255) ambtelijke inzet vanaf 2026 vanuit Team Inkomen.
o
De resterende middelen van de specifieke uitkering (SPUK) wet inburgering van 2025 verwerken we budgettair neutraal in de begroting 2026. In 2025 waren de uitgaven lager dan de ontvangen SPUK. Voor de resterende SPUK middelen van € 1.564.217 geldt de reserveringsregeling en dit houdt in dat we het in 2026 mogen uitgeven. We nemen daarom dit bedrag op als begrote kosten en opbrengsten.
o
Het voorlopige BUIG budget (bijstand) 2026 is vastgesteld op € 39.587.664. Dit is een verhoging van € 2.663.472 ten opzichte van het definitieve budget 2025 van € 36.924.192. De verhoging is een gevolg van stijging van het macrobudget en stijging van het budgetaandeel Participatiewet van de gemeente Oss. Per 1 januari 2026 is het wettelijk minimumloon (WML) met 2,15% verhoogd. Hierdoor stijgt ook de hoogte van de bijstandsuitkeringen. Zoals gebruikelijk wordt deze prijsbijstelling niet bij de voorlopige vaststelling, maar bij de definitieve vaststelling van het macrobudget meegenomen. Dat geldt ook voor actualisatie van het budgetaandeel voor loonkostensubsidie. Begin oktober zal het definitieve budget voor de gemeente Oss bekend worden gemaakt.
o
Voor 2026 ontvangen we van het Rijk € 1.507.650 voor uitvoering van de Brede-Spuk regeling. Doordat we al € 1.391.420 begroot hebben, betekent dit een extra bijdrage van € 116.230. Volgens het Gezond en Actief Akkoord (GALA) zetten we deze middelen in voor preventie, sociale basis en sport & bewegen.
o
We actualiseren de regionale begroting Beschermd Wonen / Maatschappelijke Ontwikkeling (BW/MO) 2026. Vanuit het Rijk ontvangen wij de regiogelden waarmee wij de totale kosten van deze activiteit bekostigen namens de regio. Daarom ontvangen de regiogemeente geen nota van ons. Sinds de begroting 2025 brengen we ondersteuningsbudget (overhead) in rekening op deze activiteit BW/MO. In de begroting 2026 is ons deel van dit ondersteuningsbudget ten onrechte ten laste van onze gemeentelijke begroting gebracht. Dit is onjuist. Deze kosten dienen ook betaald te worden uit de van het Rijk ontvangen regiogelden. Dit is nu gecorrigeerd.