CConstaterende datOss
Koppel je AI →
Document · PDF

De_Archeologische_Schatkamer_Oss_Beleidsnota_Archeologie_2024

Gemeenteraad 11 april 2024, gemeente OssBij agendapunt: B Actualisatie archeologiebeleid18.336 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 3

Aquarel van de Osse kunsternaar Theo Poort, 2023

De archeologische schatkamer Oss Beleidsnota archeologie gemeente Oss 2024

Voorwoord De archeologie van Oss is om verschillende redenen uniek. Toen het archeologisch

Archeologie legt letterlijk een geschiedenis bloot en sluit aan bij hedendaagse

onderzoek in Nederland in de jaren 70 nog in de kinderschoenen stond, werden in de ge-

thema’s, zoals migratie en handelsgeest, over de grenzen heen. Er wordt veel ken-

meente Oss al jaarlijks opgravingen verricht. Dankzij de 50-jarige samenwerking met de

nis vergaard door alle onderzoeken. We graven op, we leren ervan en we kunnen de

Universiteit Leiden is een groot aaneengesloten gebied in Oss opgegraven. Dit is uniek in

grond daarna weer gebruiken. Ik vind het idee van het rentmeesterschap in de Osse

Nederland en zelfs in Noordwest-Europa. Er zijn in onze gemeente bijzondere vondsten

archeologie heel aansprekend. Archeologie toont aan dat er al lang leven voor ons

van nationaal belang gedaan, zoals het kromgebogen zwaard in het Vorstengraf. Ook is

was, ook in de tijd dat er nog geen geschreven bronnen werden achtergelaten. Deze

de innige samenwerking met de amateurarcheologen heel bijzonder. Tenslotte is er veel

vroege bewoners hebben hier geleefd, het land bewerkt, gebouwd en hebben de

lokale betrokkenheid. Dit uit zich onder andere in activiteiten en producten zoals ten-

goede keuzes gemaakt voor de generaties na hen. Deze verantwoordelijkheid moeten

toonstellingen, publicaties, schoolprojecten, kunstwerken en zelfs lokale Vorstenbiertjes.

wij ook nemen.

De archeologie wordt langzamerhand een deel van de identiteit van Oss. Als gemeente hechten we veel waarde aan een goede samenwerking binnen de archeologie, onder andere met de Stichting Archeologie Maasland en de heemkundekringen. Ook zijn we er trots op dat de Faculteit der Archeologie van de Universiteit Leiden jaarlijks naar Oss komt voor hun veldpracticum. Tijdens deze Fieldschool leren eerstejaarsstudenten de basisprincipes van het archeologisch veldwerk. Deze opgravingen zijn ook toegankelijk voor onze inwoners. Jong en oud kan meekijken en zelfs meegraven. Ons rijke archeologische verleden moet goed en duurzaam worden beschermd. Hoe we dat willen doen, hebben we in deze nota ‘De archeologische schatkamer Oss’ beschreven. Deze nota is een actualisatie van het al bestaande archeologiebeleid. Het gaat door op de eerder ingeslagen weg om samen met de inwoners van Oss het Osse verleden zichtbaar en tastbaar te maken. Het rijke verleden van Oss heeft de toekomst veel te bieden. Sidney van den Berg wethouder Erfgoed Bezoek aan de fieldschool (archeologisch veldpracticum) van de Universiteit Leiden bij de Gewandeweg in Oss (@ M. Peeters, gemeente Oss)

2

Samenvatting Wat is archeologie? Archeologie gaat over sporen en resten van mensen in de bodem. Deze sporen en resten vertellen ons hoe de mensen vroeger in Nederland leefden. En ook hoe onze gemeenschap er toen uitzag. Het vertelt ons dus iets over onszelf, onze cultuur en onze identiteit. De Universiteit Leiden graaft al 50 jaar in de gemeente Oss op. De grote schaal van onderzoek is uniek in Nederland en daarbuiten. Door dit onderzoek is veel bekend over de (pre)historische woon- en begraafplekken in Oss. Oss staat ook bekend om de vele bodemschatten die lokale archeologen vonden. Zoals de resten van een Romeinse tempel die lokale archeologen in de jaren ’70 ontdekten bij Kessel. En ook de vondsten die mogelijk horen bij een bekende veldslag van Caesar, spreken tot de verbeelding. In de Nederlandse wet staat dat elke gemeente de archeologische waarden op haar grondgebied moet beschermen. Om dit op een goede manier te kunnen doen, stelde de gemeente Oss al in 2010 eigen archeologiebeleid op: ‘Behoud van het Verleden’. De gemeente heeft dit beleid sinds 2010 niet meer veranderd. Het was dan ook wenselijk om het archeologiebeleid aan te passen aan de nieuwste inzichten. In deze ‘Beleidsnota archeologie gemeente Oss 2024. De archeologische schatkamer Oss’ beschrijven wij de nieuwste uitgangspunten van het beleid.

De belangrijkste uitgangspunten voor het gemeentelijke archeologiebeleid zijn: • We hebben geen maximaal, maar een passend ambitieniveau. We voldoen aan de wet: - We vervullen de rol als bevoegd gezag bij beheer, behoud en bescherming van archeologische waarden; - We zorgen voor de archeologische belangen via de ruimtelijke ordening (met het omgevingsplan1 als centraal juridisch instrument); 1

Daar waar in dit document ‘omgevingsplan’ staat genoemd kan ook ‘bestemmingsplan’ worden gelezen. De bestaande regelgeving rondom archeologie is namelijk grotendeels overgegaan naar de omgevingswet. Het begrip ‘aantoonbaar te verwachten archeologische monumenten’ is nieuw toegevoegd. Hier wordt later in de tekst uitgebreider op ingegaan.

Het zwaard van de vorst van Oss prijkt sinds 2019 op de rotonde voor het Museum Jan Cunen. Onder het kunstwerk hebben Osse scholieren mini-situlae begraven. Zij vulden deze met spullen die belangrijk voor hen zijn (@ René Nelissen). Een foto uit de oude doos. Amateurarcheologen vinden in de jaren ‘70 tempelstenen langs de Maas bij Kessel.

3

- Archeologische waarden worden bij voorkeur ter plekke bewaard (behoud in situ); - Soms is het niet mogelijk om de waarden ter plekke te bewaren. Dan is archeologisch onderzoek nodig (behoud ex situ). - De verstoorder betaalt dit onderzoek. - We volgen het archeologisch onderzoekstraject actief op. We beoordelen rapporten en nemen besluiten over de intensiteit en wijze van onderzoek. - De bescherming van archeologische waarden moet proportioneel zijn. Dit geeft ruimte om belangen tegen elkaar af te wegen. - Soms kan vrijstelling van onderzoek worden verleend. We hanteren daarbij eigen vrijstellingsgrenzen. N.B. we passen voor gebieden met een hoge archeologische verwachtingswaarde de vrijstellingsgrens aan, zie ook bijlage 4b. • We laten zien waar de bekende archeologische waarden liggen en waar we deze verwachten. De archeologische verwachtings- en beleidskaart helpt ons daarbij. Deze kaart houden we actueel. • We willen de archeologie zichtbaar en beleefbaar maken. Daarnaast zetten we in op publieksbereik en -participatie. Op die manier kunnen ook de inwoners en bezoekers meegenieten van ons archeologisch erfgoed. Dit is in lijn met de erfgoedvisie ‘Toekomst voor OnSS erfgoed’ (2021). • We blijven investeren in het (Osse) archeologische netwerk dat we in de afgelopen jaren samen hebben opgebouwd. En we bouwen dat waar nodig verder uit.

Waterput uit de Romeinse tijd (@ Universiteit Leiden) Beker uit de Romeinse tijd (@ Universiteit Leiden) Ribkom uit de Romeinse tijd (@ Universiteit Leiden) Opgraving bij het kasteel van Oss (@ Stichting Archeologie Maasland). Archeologische sporen in het zand (@ BAAC). Philips van Kleef-Bolwerck in Ravenstein. Een vestingstelsel naar vroeg Italiaans voorbeeld en uniek in Nederland (@ Wikimedia Commons).

4

Inhoudsopgave Voorwoord

2

Samenvatting

3

1.

Inleiding

6

1.1 Actualisatie van het archeologiebeleid 1.2 Doelstelling beleidsnota 1.3 Opbouw en indeling van de beleidsnota 2.

3.5.3 Aanvullende onderzoekseisen

25

3.6 Archeologisch depot gemeente en privécollecties

25

Archeologie is van ons allen

27

7

4.1 Ambities Erfgoedvisie Oss 2021

28

8

4.2 Archeologie in de openbare ruimte

28

8

4.3 Archeologie en publieksbereik

29

4.4 Het Osse archeologische netwerk

32

Organisatie en financiën

33

Archeologie in Oss

9

2.1 Archeologie geeft identiteit

10

2.2 De archeologie van Oss

4.

5.

10

5.1 De gemeentelijke organisatie

34

2.2.1 Bewoningsgeschiedenis van Oss in vogelvlucht

10

5.2 Financiën

34

2.2.2 De schatkamer Oss

11

3.

5.2.1 Inkomsten via het gemeentefonds

34

5.2.2 Algemene uitvoeringskosten

34

Archeologiebeleid gemeente Oss

14

5.2.3 Projectgebonden uitvoeringskosten

34

3.1 Doelstelling en uitgangspunten

15

5.2.4 Erfgoedbudget

35

3.1.1 Doelstelling archeologiebeleid

15

5.2.5 Kosten in verband met toevalsvondsten

35

3.1.2 Uitgangspunten

15

3.2 Behoud van archeologische waarden

15

Uitvoeringsagenda archeologie

36

3.3 Gemeentelijke archeologische kaarten met vrijstellingsgrenzen

16

6.1 Inleiding

37

3.3.1 De archeologische verwachtings- en beleidskaart

16

6.2 Uitvoeringsprogramma

38

3.3.2 Bepaling oppervlakte van de bodemingreep

18

3.3.3 Status onderzochte gebieden

19

3.3.4 Toevalsvondsten

19

6.

Literatuur

40

3.3.5 Inzet lokale archeologen

20

Bijlage 1. Wettelijk kader

41

3.3.6 Update van de archeologische kaarten

20

Bijlage 2. Beleidskader

45

3.4 Verankering van de archeologie in de Ruimtelijke Ordening

21

Bijlage 3. Werkproces van Archeologische MonumentenZorg

47

3.5 Regie van het archeologisch onderzoek

22

Bijlage 4a. Toelichting op de vrijstellingsgrenzen

48

3.5.1 Werkproces van de Archeologische MonumentenZorg

23

Bijlage 4b. Verantwoording aangepaste vrijstellingsgrenzen

51

3.5.2 Het ambtelijk besluitvormingstraject

23

5

1. Inleiding

Een deel van het verleden van Oss ligt opgeslagen in de bodem. Het is een verleden

waarover nooit is geschreven. Het bestaat uit verkleuringen in het zand (grondsporen),

funderingsresten, mooie vondsten en bijzondere schatten. Dit zogenaamde archeologische erfgoed is het studieterrein van de archeoloog. Een deel ervan is al ontdekt of onderzocht.

Maar het grootste deel ervan ligt nog op ons te wachten. Gemeenten hebben een belangrijke rol in de bescherming van dit archeologisch erfgoed. De grootste grafheuvel van Nederland ligt in Oss! Het gereconstrueerde Vorstengraf van Oss (@ René Nelissen)

6

1.1 Actualisatie van het archeologiebeleid

aanwezigheid van goede gronden voor bewoning en landbouw. Er zijn dan ook veel

De druk op de ruimte in Nederland is groot. Hierdoor wordt het archeologisch bo-

archeologische vondsten bekend. Dit rijke verleden dient op een goede manier en

demarchief sterk bedreigd. Vooral in de afgelopen eeuw is daarvan veel verdwenen.

duurzaam te worden beschermd. Het hebben van een eigen archeologiebeleid is dan

De archeologische waarden zijn vaak de enige kennisbron over ons (pre)historische

ook noodzakelijk. Om de archeologische waarden in voldoende mate te kunnen

verleden. Maar de informatie is kwetsbaar en gaat bij verstoring onherstelbaar ver-

beschermen, heeft de gemeente Oss al sinds 2010 een eigen gemeentelijk archeolo-

loren. Het is, in tegenstelling tot een papieren archief, maar éénmalig te raadplegen.

giebeleid: ‘Behoud van het Verleden’. Sinds 2010 is dit beleid niet meer veranderd. Het

Een verstoring betekent direct vernietiging. Het is daarom belangrijk dat we met zijn

was dan ook wenselijk om het archeologiebeleid te evalueren en waar nodig te

allen zorg dragen voor het behoud van het archeologisch bodemarchief.

actualiseren en aan te passen aan de nieuwste inzichten en wetgeving. Hieruit is de nota ‘De archeologische schatkamer Oss’ voortgekomen.

Sinds 1 juli 2016 is de Erfgoedwet van kracht. Samen met de Omgevingswet, die op 1 januari 2024 is ingegaan, maakt deze een integrale bescherming van ons cultureel erfgoed mogelijk (zie bijlage 1 voor het wettelijk kader). Ook voor het archeologisch erfgoed zijn beide wetten belangrijk. In de wetten is geregeld, dat iedere gemeente verantwoordelijk is voor de bescherming van de archeologische waarden op haar grondgebied. Het doel is om archeologische waarden zoveel mogelijk ter plekke te behouden. Als dit niet mogelijk is, moeten de waarden op een goede manier worden onderzocht en gedocumenteerd. Hierbij geldt in Nederland het zogenaamde ‘veroorzaker-betaalt-principe’. De bescherming van archeologische waarden dient daarbij wel proportioneel te zijn. Dit geeft ruimte voor een belangenafweging. Wat is archeologie? Archeologie gaat over sporen en resten van menselijke aanwezigheid in de bodem. Dit in tegenstelling tot geschiedenis, dat het verleden bestudeert op basis van geschreven bronnen. De sporen en resten bevinden zich letterlijk onder ons, in de grond. Archeologie onderzoekt in eerste instantie het verleden waaruit geen schriftelijke bronnen zijn (de prehistorie). Maar ook aan de historische geschiedenis draagt het archeologisch onderzoek bij.

Schriftelijke bronnen uit de middeleeuwen bijvoorbeeld komen niet veel voor en geven weinig informatie over de ´gewone mensen´ uit die tijd. Archeologie kan daarop een belangrijke aanvulling geven. Het grondgebied van de gemeente Oss wordt al duizenden jaren door mensen gebruikt en bewoond. Dat komt mede door de strategische ligging aan de Maas en de

Veel topstukken van het Rijksmuseum van Oudheden komen uit Oss. Zo ook het krom gesmede zwaard van Oss met situla (@ Rijksmuseum van Oudheden, Leiden).

7

1.3 Opbouw en indeling van de beleidsnota De beleidsnota bestaat uit een hoofdrapport en bijlagen. Om het rapport beter leesbaar te maken, kiezen we er bewust voor om veel achtergrondinformatie in bijlagen te zetten (wettelijke kader, beleidskader, AMZ fasering, toelichting op de vrijstellingsgrenzen, verantwoording aangepaste vrijstellingsgrenzen). In hoofdstuk 2 geven we een inleiding in de archeologie van Oss. Hieruit blijkt dat Oss een echte archeologische schatkamer is, en uniek in zijn soort door de lange traditie van onderzoek. In hoofdstuk 3 en 4 werken we het archeologiebeleid van de gemeente Oss uit. Hierbij gaan we zowel in op de wettelijke verplichtingen (hoofdstuk 3) als ook op onze ambities, waaronder het beleefbaar maken van het unieke stukje archeologische erfgoed voor het (Osse) publiek (hoofdstuk 4). In hoofdstuk 5 worden de gevolgen voor de gemeentelijke financiën en middelen toegelicht. In het laatste hoofdstuk 6 geven we een doorkijk naar het uitvoeringsprogramma – de concrete acties in de (nabije) toekomst. Want ambities kunnen niet zonder een goed actieplan!

Wie was de vorst van Oss? De laatste wetenschappelijke inzichten gaan uit van een man in de kracht van zijn leven, die een belangrijke positie innam in zijn gemeenschap (@ Raf Timmermans).

Het vele wetenschappelijke onderzoek vormde de basis voor een artist impressie van de situla en de vondsten daarin (@ Raf Timmermans)

1.2 Doelstelling beleidsnota In deze beleidsnota staat hoe de gemeente Oss de aankomende jaren met het archeologisch erfgoed omgaat. Het beschrijven en vaststellen van het archeologiebeleid is een start en dient daarna in de praktijk te worden uitgevoerd.

Meegraafdag bij de opgravingen aan de Gewandeweg tijdens de fieldschool in Oss (@ Weleer erfgoedcommunicatie)

8

2. Archeologie in Oss

De stad Oss zoals wij die kennen, is een moderne industriestad omringd door een uitgestrekt en open buitengebied. De wortels van de stad liggen in de middeleeuwen, al zien we daar

weinig in het straatbeeld van terug. Maar in de bodem, onder de huidige bebouwing, liggen de funderingen van het middeleeuwse Oss, en zelfs van oudere bewoning, verscholen.

Ook het buitengebied, de historische stadjes en bewoningskernen herbergen veel sporen van bewoning uit het (verre) verleden. De archeologie van Oss is sterk bepaald door de

decennialange opgravingen door onder andere de Universiteit Leiden. De grote schaal van

dit onderzoek – sinds 1974 wordt vrijwel jaarlijks in Oss opgegraven – is uniek in Nederland en heeft ervoor gezorgd dat er veel van het bodemarchief van Oss bekend is. Het unieke

karakter van de Osse archeologie is dus niet alleen het bodemarchief zelf, maar ook het feit dat daar grootschalig onderzoek naar is gedaan. De prehistorische graven bij Zevenbergen maken deel uit van de ‘Doden- en Godenroute’, een route langs de vele grafmonumenten die verspreid liggen in het oergebied de Maashorst in de gemeenten Bernheze, Maashorst en Oss (@ René Nelissen).

9

2.1 Archeologie geeft identiteit Iedere streek, stad of dorp heeft zijn eigen identiteit. De identiteit van Berghem is bijvoorbeeld anders dan die van de stad Oss, en ook anders dan die van Lith, Ravenstein of Geffen. Een belangrijke factor in die identiteit is het verleden. Archeologisch onderzoek in de eigen dorpskern versterkt de interesse van de dorpsbewoners in het verleden van hun woonplaats. Ook voor een nieuwbouwwijk vormt ‘het kennen van het verleden’ een eerste stap in de identiteit van een nieuwe wijk. Niet voor niets wordt er reclame gemaakt met kreten als ‘wonen op historische grond’ of ‘bouwen op het verleden’. In de gemeente Oss is ontzettend veel archeologisch erfgoed aanwezig en veel hiervan is onderzocht (paragraaf 2.2). Bovendien houdt het niet op bij de gemeentegrens. Zo hebben de grafvelden uit onze gemeente een relatie met de grafvelden in Schaijk, Heesch en Slabroek. Dit archeologisch erfgoed biedt kansen op verschillende beleids­ terreinen. Het is de uitdaging om het erfgoed verder met elkaar te verbinden en zo het verhaal van de regio nog beter te vertellen en zichtbaar te maken. Dit kan op verschillende schaalniveaus, zowel op gemeentelijk niveau, als ook op regionaal en landelijk niveau.

2.2 De archeologie van Oss

2.2.1 Bewoningsgeschiedenis van Oss in vogelvlucht De archeologie van Oss beschrijft een lange geschiedenis. Deze gaat in ieder geval terug tot de midden-steentijd (8800-5300 voor Christus), wanneer jager-verzamelaars Oss doorkruisen. Zij laten hierbij (vuur)stenen werktuigen in het landschap achter. Voor de eerste boerengemeenschappen is het afwisselende landschap, met

Tijdens de reconstructie is in het bokrondeel in Ravenstein een tijdcapsule ingemetseld die pas na 100 jaar mag worden geopend. In de capsule bevinden zich brieven van de toenmalige bewoners, waarin ze beschrijven hoe hun leven er toen uit zag (@ Wikimedia Commons).

hoge en droge zandgronden en nattere vruchtbare rivierenkleigronden, ideaal om

bewoning en inrichting van de regio Oss. Uit historische bronnen en archeologische

te gaan wonen. Vanaf ongeveer 3000 voor Christus neemt de bevolking langzaam

vondsten kunnen we opmaken dat bijvoorbeeld de dorpen Deursen-Dennenburg,

in omvang toe. In de eerste twee eeuwen na het begin van de jaartelling bereikt zij

Berghem, Teeffelen, Neerloon, Herpen en Macharen al bewoond waren in de vroege

een hoogtepunt. Het gebied ten zuiden van de Rijn is dan onderdeel gaan uitmaken

middeleeuwen.

van het Romeinse Rijk. Het ineenstorten van dit rijk zorgt ervoor dat tussen de 3e tot

Oss zelf kreeg stadsrechten in 1399 maar opgravingen laten zien dat ter plekke al in

5e eeuw na Christus het grondgebied van Oss grotendeels is verlaten. Pas in de loop

de vroege middeleeuwen bewoning was. Vanaf de 10e / 11e eeuw nam de stad Oss

van de 6e eeuw, we zitten dan inmiddels in de middeleeuwen, neemt de bevolking

een belangrijke regionale positie in als bestuurlijke hoofdplaats van het Kwartier van

weer langzaam toe. Vanaf dan kunnen we de ontwikkelingen volgen naar de huidige

Maasland. Dit kwartier maakte deel uit van de Meierij ’s-Hertogenbosch dat weer een

10

deel was van het Hertogdom Brabant. Vanaf 1399 veranderde Oss langzaam van een handelscentrum naar een industriestad. De monumentale stadjes Megen en Ravenstein waren eveneens belangrijke kernen in de latere middeleeuwen. Beide stadjes behielden lange tijd hun zelfbestuur. Door de godsdienstvrijheid vestigden zich er diverse religieuze ordes, die vele kloosters, kerken, kapellen en abdijen nalieten. Zoals zoveel steden in die tijd, kregen ook Megen, Ravenstein en Oss regelmatig te maken met stadsbranden, die delen van de stad in as legden en monumentale bouwwerken vernietigde. Vanaf de late middeleeuwen kwam de omgeving van Oss regelmatig in de frontlinie te liggen van oorlogen zoals de Gelderse oorlogen, de Tachtigjarige oorlog met de Spaanse bezetting en de 17e- en 18e-eeuwse oorlogen met Frankrijk. Verspreid in de gemeente zijn overblijfselen uit deze perioden in de grond achtergebleven in de vorm van verdedigingswerken, vestingwerken, (water)linies, lunetten en landweren. Zowel de drie stadjes Oss, Ravenstein en Megen, als ook het buitengebied kennen dus een diepgewortelde geschiedenis waarvan restanten ook nu nog onder de grond te vinden zijn.

Al jarenlang graven archeologen in de omgeving van Oss op. Soms ook met een educatief programma, zoals hier in 1956. Prof. P.J.R. Modderman, die aan de wieg staat van het onderzoek in Oss, geeft uitleg aan schoolkinderen die rond een opgraving staan (@ Stadsarchief Oss; Daan Scholte).

2.2.2 De schatkamer Oss Het grondgebied van de gemeente Oss is een echte schatkamer en uniek als het aankomt op archeologie. Qua oppervlakte is het namelijk een van de grootste archeologisch onderzochte gebieden van Nederland en daarbuiten. Een gebied van zo’n 100 hectare werd hier opgegraven. Dat zijn meer dan 150 voetbalvelden! Al sinds de jaren ’70 van de 20e eeuw zijn er veel opgravingen gedaan door archeologen en heemkundigen, vaak in samenwerking met de Universiteit Leiden. De gemeente maakte zich al sterk voor archeologisch onderzoek, lang voordat het wettelijk verplicht was. Veel arIn de wijk Horzak hebben de archeologische sporen en vondsten, die voorafgaand aan de bouw gevonden zijn, een plek gekregen in de openbare inrichting (@ M. Peeters, gemeente Oss).

cheologen in Nederland zijn in Oss opgeleid en ook in 2021 en de jaren daarna waren

11

wekenlang studenten uit Leiden in Oss voor hun archeologisch veldpracticum. De bedoeling is dat deze samenwerking de komende jaren wordt voortgezet. Tijdens deze vele onderzoeken zijn sporen gevonden uit diverse archeologische perioden, zoals de bronstijd, ijzertijd, Romeinse tijd en middeleeuwen. Het onderzoek in Oss heeft zoveel gegevens over bewoning en begraving in de prehistorie opgeleverd, dat de resultaten als voorbeeld dienen voor ander onderzoek in het Maas-Demer-Scheldegebied. Maar Oss heeft meer. We hebben in onze gemeente wel drie middeleeuwse stadjes! Ieder met zijn eigen achtergrond en bijzonderheden. En wie in Oss kent niet het Vorstengraf (circa 700 voor Christus)? Deze werd al in 1933 opgegraven, in 1997 herontdekt en in 2003 gedeeltelijk gereconstrueerd. Iets minder bekend zijn de prehistorische graven bij Zevenbergen (knooppunt Paalgraven). Dit grafveld werd in 2007 (her)ontdekt en in 2014 hersteld en heropend. Het bekende kromgesmede zwaard dat tijdens de opgraving van het Vorstengraf werd gevonden, wordt permanent tentoongesteld in het Rijksmuseum van Oudheden in Leiden. In 2023/2024 kwam dit zwaard,

Hij is terug! En dit keer is hij niet alleen. Tentoonstelling in 2023/2024 bij Museum Jan Cunen over de Vorst van Oss & Tijdgenoten. Elite in de IJzertijd (@ Daniek van de Ven).

samen met de andere bijzondere grafgiften, voor even terug naar Museum Jan Cunen. Het zwaard staat ook als metershoge replica op de rotonde voor dit museum en is daardoor bekend bij elke Ossenaar. Naast de vele opgravingen, staat Oss ook bekend om de vele bodemschatten die in de loop der jaren door lokale archeologen zijn veiliggesteld. Een voorbeeld hiervan zijn overblijfselen van de Romeinse tempel van Kessel die in de jaren ’70 werd ontdekt en Nog steeds komen archeologiestudenten van de Universiteit Leiden naar Oss voor hun archeologisch veldpracticum. Afgelopen jaren was de opgravingslocatie aan de Gewandeweg, waar zij prehistorische bewoning en begravingen ontdekten. De studenten verzorgden ook een deel van het publieksprogramma in Oss tijdens de Nationale Archeologiedagen (@ Universiteit Leiden).

waarvan recent een 3D-reconstructie is gemaakt. En ook vele vondsten van menselijke botten, waarvan een deel lelijk toegetakeld, wapens, zwaarden, helmen, speerpunten en pijlpunten, spreken tot de verbeelding. Ze zijn mogelijk afkomstig van een beken-

12

de veldslag van Caesar. Professor N. Roymans (Vrije Universiteit Amsterdam) haalde met zijn bevindingen meerdere malen de landelijke pers en ook recentelijk nog kreeg de veldslag bij Kessel bij de NPO serie ‘Het verhaal van Nederland’ volop de aandacht. Was Julius Caesar hier? Bij baggerwerkzaamheden langs de Maas bij Maren-Kessel zijn tienduizenden vondsten uit de prehistorie, Romeinse tijd en middeleeuwen gedaan. Onder de vondsten waren veel menselijke botten. Hiervan dateert een groot deel uit de laatste eeuwen voor het begin van de jaartelling. In de botten zijn sporen van (dodelijke) verwondingen vastgesteld. Ook zijn wapens uit die tijd opgebaggerd. De suggestie is gedaan dat het hier om slachtoffers gaat van een door Julius Caesar beschreven slachting onder Germaanse stammen bij de splitsing van Rijn en Maas (in zijn boek De Bello Gallico). De omstandigheden zijn echter te onduidelijk om deze conclusie met zekerheid te kunnen trekken (Jansen en van Ginkel, 2019).

Mooi bewerkte friezen versierden de voorkant van de Romeinse tempel van Kessel.

Tientallen bot- en schedelfragmenten zijn in Kessel, bij de Lithse Ham, vanaf de jaren ’70 door lokale archeologen aangetroffen. Ook nog in 2021 werd een schedel opgebaggerd. Deze wordt momenteel door de Rijksdienst Cultureel Erfgoed verder onderzocht. Krijger van Kessel, een beeldje omgeven door raadsels (@ Rijksmuseum van Oudheden)

13

3. Archeologiebeleid gemeente Oss

De archeologische wetgeving in Nederland geeft de gemeente ruimte om een eigen archeologiebeleid te maken. De gemeente Oss ziet

dit als kans. De gemeente streeft naar een volwaardig, proactief en

geïntegreerd gemeentelijk archeologiebeleid. De archeologie van Oss staat regelmatig onder druk. Gelet op het belang dat erfgoed heeft

voor bewoners, alsook voor de wetenschap, moet aantasting hiervan

zoveel mogelijk worden beperkt. Dat kan door het zo goed mogelijk te beschermen. De gemeente heeft daarbij de ambitie om te komen tot maatwerk, kwaliteit, kostenbesparing, beleefbaarheid en een goede

kennisoverdracht. In dit hoofdstuk staat hoe de gemeente ten aanzien van de wettelijke verplichtingen haar eigen regierol invult. Archeologie is niet alleen van de archeologen, maar van iedereen. In 2021 werd in Samenwerking met het Stadsarchief Oss, de Universiteit Leiden en de Stichting Archeologie Maasland (SAM) een kleine tentoonstelling gehouden in het stadsarchief. De tentoonstelling ging over ‘Archeologie in Oss’ met o.a. aandacht voor de collectie van amateur-archeoloog Piet Haane en het (uitgestelde) 10-jarige bestaan van de SAM (@ M. Peeters, gemeente Oss).

14

3.1 Doelstelling en uitgangspunten

- De bescherming van archeologische waarden moet proportioneel zijn. Dit geeft

De gemeente Oss hecht veel waarde aan haar archeologische schatkamer, en wil daar

- Soms kan vrijstelling van onderzoek worden verleend. We hanteren daarbij

3.1.1 Doelstelling archeologiebeleid

zorgvuldig en duurzaam mee om gaan, met als doel het verleden te bewaren voor de huidige bewoners van Oss en de toekomstige generaties. Als basis voor het gemeentelijke beleid geldt de volgende doelstelling:

ruimte om belangen tegen elkaar af te wegen. eigen vrijstellingsgrenzen. • We laten zien waar de bekende archeologische waarden liggen en waar we deze verwachten. De archeologische verwachtings- en beleidskaart helpt ons daarbij. Deze kaart houden we actueel.

Doelstelling archeologiebeleid gemeente Oss Het archeologiebeleid van de gemeente Oss heeft tot doel het archeologische erfgoed te beschermen en te ontsluiten. De bescherming van archeologische waarden dient wel proportioneel te zijn. Dit geeft ruimte voor een belangenafweging.

• We willen de archeologie zichtbaar en beleefbaar te maken. Daarnaast zetten we in op publieksbereik en -participatie. Op die manier kunnen ook de inwoners en bezoekers meegenieten van ons archeologisch erfgoed. • We blijven investeren in het (Osse) archeologische netwerk dat we in de afgelopen jaren samen hebben opgebouwd. En we bouwen dat waar nodig verder uit.

Deze formulering waarborgt behoud en ontsluiting van het archeologisch erfgoed, maar laat ontwikkelingen even goed toe. Het is een doelstelling die niet alleen prak-

Bovenstaande uitgangspunten worden in deze nota verder uitgewerkt en toegelicht.

tisch uitvoerbaar en proportioneel is, maar ook haalbaar.

Ze sluiten nauw aan bij de speerpunten beschermen, beheren, behouden, beleven en betrekken uit de Erfgoedvisie ‘Toekomst voor OnSS erfgoed 2021’, die op 27 januari

3.1.2 Uitgangspunten

2022 door de gemeenteraad is vastgesteld.

Voor het Osse archeologiebeleid gelden de volgende uitgangspunten (deels direct volgend uit wetgeving):

3.2 Behoud van archeologische waarden

• We hebben geen maximaal, maar een passend ambitieniveau. We voldoen aan de wet:

Hét belangrijkste uitgangspunt van de archeologische wetgeving is dat archeolo-

- We vervullen de rol als bevoegd gezag bij beheer, behoud en bescherming van

gische waarden bij voorkeur in de grond (ter plekke of in situ) behouden worden.

archeologische waarden; - We zorgen voor de archeologische belangen via de ruimtelijke ordening (met het omgevingsplan als centraal juridisch instrument); 2

Het voorkomen van opgravingen is vaak niet alleen goedkoper, maar behoud in situ maakt het ook voor toekomstige generaties mogelijk om het verleden te bestuderen. Zeker omdat die toekomstige generaties waarschijnlijk betere onderzoeksmethoden

- Archeologische waarden worden bij voorkeur ter plekke bewaard (behoud in situ);

zullen hebben. Daarnaast biedt de bodem zelf de beste garantie voor een goede con-

- Soms is het niet mogelijk om de waarden ter plekke te bewaren. Dan is archeo-

servering van de archeologische waarden. Tenminste, als er geen factoren zijn die de

logisch onderzoek nodig (behoud ex situ).

conservering nadelig beïnvloeden.

- De verstoorder betaalt dit onderzoek. - We volgen het archeologisch onderzoekstraject actief op. We beoordelen rapporten en nemen besluiten over de intensiteit en wijze van onderzoek. 2

Vanuit deze doelstelling is het belangrijk, dat bij het ontwerp van nieuwe plannen in een zo vroeg mogelijk stadium onderzocht wordt of aanwezige archeologische resten

Daar waar in dit document ‘omgevingsplan’ staat genoemd kan ook ‘bestemmingsplan’ worden gelezen. De bestaande regelgeving rondom archeologie is namelijk grotendeels overgegaan naar de omgevingswet. Het begrip ‘aantoonbaar te verwachten archeologische monumenten’ is nieuw toegevoegd. Hier wordt later in de tekst uitgebreider op ingegaan.

15

in situ bewaard kunnen worden. Ontwikkelaars moeten zodanig worden voorgelicht,

Deze archeologische kaarten zullen gezamenlijk met deze nota worden vastgesteld en

dat ze al bij de locatiekeuze rekening kunnen houden met archeologie.

vormen daarna een deel van het archeologiebeleid van Oss.

Voortijdig onderzoek maakt bovendien inzichtelijk waar behoud in situ niet meer mogelijk is en een opgraving noodzakelijk wordt (behoud ex situ). Het is daarbij wen-

Deelgebied

Vrijstellingsgrens verstoringsoppervlakte

1

Archeologisch beschermd rijksmonument

Bindend advies door RCE.

2

Archeologisch (AMK) monument en bekende vindplaats

0 m2

3

Historische stads-/dorpskern (uitzondering: historische kern Ravenstein)

tot 50 m2 (tot 35 m2)

maaiveld

4

Historische huisplaats

tot 100 m2

5**

Hoge verwachting (onbebouwd)

tot 250 m2

6**

Hoge verwachting (bebouwd;overig stedelijk, bedrijventerrein)

tot 500 m2

Tot 0,30 m beneden maaiveld

7**

Middelhoge verwachting Hoge verwachting, maar beperktere kennismeerwaarde (obv Jansen & Laan, 20223) Specifieke verwachting (eendenkooien)

tot 1000 m2

8**

Lage verwachting

tot 5 ha

9

Geen verwachting (verstoord en/of volledig onderzocht en/of onvoldoende kennismeerwaarde obv Jansen & Laan, 2022)

Geen onderzoeksplicht

selijk om de opgraving ruim voorafgaand aan de grondwerkzaamheden te laten uitvoeren. Het moet in principe niet meer voorkomen dat archeologische resten tijdens de bouwwerkzaamheden worden aangetroffen. Het ‘verstoorder-betaalt-principe’ vormt een stimulans om het behoud van waarden in situ serieus te nemen. Bovendien maakt het de bescherming van het archeologisch erfgoed financieel uitvoerbaar.

3.3 Gemeentelijke archeologische kaarten met vrijstellingsgrenzen 3.3.1 De archeologische verwachtings- en beleidskaart

Gelijktijdig met het opstellen van deze nieuwe beleidsnota heeft RAAP (onderzoeksen adviesbureau voor archeologie, cultuurhistorie en erfgoed) de bestaande archeologische kaarten van Oss geactualiseerd (Boshoven, E. en L. Keunen, 2024. Archeologie in de gemeente Oss; Actualisatie archeologische verwachtings- en beleidskaart. RAAP-rapport 5923). De archeologische kaarten zijn gebaseerd op de lokale omstandigheden. De verwachtingskaarten geven inzicht in de verwachte en bekende aanwezigheid van archeologische waarden. Nieuwe inzichten zijn daarbij verwerkt. Dit betekent wel dat de oude en nieuwe kaarten op sommige plekken van elkaar afwijken. In de bijbehorende rapportage heeft RAAP de verwachtingen gemotiveerd.

Vrijstellingsgrens diepte

Tot 0,30 m beneden

Uitzondering reguliere agrarische werkzaamheden tot 0,50 m beneden maaiveld

Met behulp van deze verwachtingskaarten kunnen initiatiefnemers vroegtijdig in het (plan)proces de archeologische waarden inschatten. Om de verwachtingskaarten ook bruikbaar te maken op beleidsmatig niveau zijn deze kaarten vertaald naar een beleidskaart. Kortweg geeft deze kaart aan waar en wanneer er rekening moet worden gehouden met archeologie. Daarbij zijn er 9 cate-

Vrijstellingsgrenzen ten aanzien van oppervlaktes en dieptes. ** Categorie 5, 6, 7, 8: In de verwachtingsgebieden (donkerblauw) wordt de locatie van bestaande bebouwing als verstoord beschouwd, tenzij er sprake was van een archeologie-vriendelijke manier van bouwen (bijv. als de archeologische laag niet werd geraakt) of als er sprake was van een groter gebouw met naar verwachting zeer lichte funderingswijze (kas, loods).

gorieën onderscheiden (zie onderstaande tabel).

3

In R. Jansen en W. Laan, 2022 zijn 25 reeds onderzochte gebieden van maatwerkadvies voorzien, zie ook paragraaf 3.3.3.

16

De nieuwe archeologische verwachtings- en beleidskaart vormt mede de basis voor het archeologiebeleid van de gemeente Oss (@ Boshoven, 2024).

17

Zoals in paragraaf 3.2 is toegelicht, streeft de gemeente altijd naar behoud in situ van archeologische waarden. Als dit geen optie is, bekijkt de gemeente of archeologisch onderzoek nodig is of dat vrijstelling van onderzoek kan worden verleend (zogenaamde vrijstellingsgrenzen). In de wet is een vrijstellingsgrens opgenomen van 100 m2. De gemeente kan hier vanuit eigen inhoudelijke en politiek-maatschappelijke redenen onder of boven gaan zitten.4 De gemeente Oss kiest ervoor om inderdaad andere oppervlaktes hiervoor vast te stellen. De hierna genoemde vrijstellingsgrenzen zorgen ervoor dat de archeologie in Oss voldoende wordt beschermd. De vrijstellingsgrenzen scheppen ruimte voor kleinschalige ontwikkelingen door bijvoorbeeld particulieren. Maar ook waarborgen ze dat archeologische waarden voldoende worden onderzocht, veilig gesteld en gedocumenteerd wanneer grotere oppervlakten verstoord worden. In de volgende tabel staan de vrijstellingsgrenzen vermeld die wij in de gemeente Oss toepassen. Zie ook bijlage 4a en 4b voor een verdere toelichting /motivering.

Het verstoringsoppervlakte wordt gezien als het terrein waarbinnen de verstoringen plaatsvinden, in bovenstaand voorbeeld het gehele gebied binnen de zwarte doorgetrokken lijn.

Gebouwde monumenten

bij elkaar opgeteld. Hierdoor raakt een relatief groot gebied verstoord, maar wordt

In de Omgevingsregeling (art. 7.201, 7.202 en 7.203) is vastgelegd dat bij een wijzi-

de vrijstellingsgrens toch niet overschreden (zie bovenstaande figuur met de lokale

ging van een gebouwd rijksmonument gevraagd kan worden om een archeologisch

verstoringen in blauw, groen en rood). Een dergelijke manier van berekenen is niet

onderzoeksrapport, als sprake is van verstoring van de bodem. Hiermee is de grond

de bedoeling. Het verstoringsoppervlakte wordt gezien als het terrein waarbinnen de

onder een gebouwd rijksmonument automatisch beschermd en niet onderhevig aan

verstoringen plaatsvinden. In de bestemmingsplannen (tot 2024) is dit verwoord als

de vrijstellingsgrens. De verplichting tot het doen van onderzoek onder te wijzigen of

‘over een oppervlakte van’. In onderstaand voorbeeld wordt de zwarte dikke lijn gezien

te slopen gebouwde rijksmonumenten is een verandering ten opzichte van de eerde-

als verstoringsoppervlakte. Gaat het oppervlak hierbinnen over de vrijstellingsgrens

re werkwijze. Dit vraagt om extra voorlichting en aandacht in de ontvankelijkheids­

heen, dan is de ontwikkeling onderzoeksplichtig.

toets en een uitbreiding van het huidige vergunningenproces (bron: Handreiking bruidsschat 2.0).

Als de daadwerkelijke verstoringen binnen deze zwarte lijn echt heel erg beperkt zijn (en er is sprake van een zogenaamd archeologievriendelijk bouwplan), dan kan

3.3.2 Bepaling oppervlakte van de bodemingreep

eventueel maatwerk worden geleverd en kan mogelijk alsnog van archeologisch

In de praktijk ontstaan regelmatig discussies bij het bepalen van de oppervlakte

onderzoek worden afgezien. Dit gebeurt altijd in overleg en met instemming van de

van een bodemingreep. Dan worden bijvoorbeeld alle afzonderlijk te verstoren m

2

4 5

gemeentelijk archeoloog.5

Art. 5.130, lid 4 en 5 (Besluit Kwaliteit Leefomgeving) stelt dat de al gangbare vrijstelling van 100 m2 gehandhaafd blijft, maar dat men daar van af mag wijken. Het toepassen van een fundering op palen lijkt op papier vaak archeologievriendelijk. Uit de praktijk blijkt echter dat er op de zandgronden vaak grondverbetering wordt toegepast rondom de palen, waardoor de verstoringsoppervlakte vele malen groter is.

18

3.3.3 Status onderzochte gebieden

aantal gebieden op de beleidskaart vrijgegeven (AMZ afgerond). Een deel van de ge-

In de gemeente Oss zijn in de afgelopen decennia veel omvangrijke gravende onder-

bieden kon op basis van het onderzoek nog niet worden vrijgeven en voor een ander

zoeken uitgevoerd, onder andere door de Universiteit Leiden. Denk hierbij aan de on-

deel van de gebieden was het selectiebesluit niet beschikbaar. Voor deze gebieden

derzoeken bij Ussen, Mikkeldonk, Mettegeupel, Horzak, Piekenhoef, Vorstengrafdonk,

zal de gemeentelijk archeoloog – bij ontwikkelingen – een maatwerkadvies geven.

’t Reut, enz. Deze onderzoeken zijn niet allemaal in het Archeologische Informatie

Hierbij is het advies afhankelijk van de resultaten van het al uitgevoerde onderzoek.

Systeem ‘Archis’ geregistreerd. In een aantal gevallen, met name bij oudere onderzoeken, omvatte het onderzoek bovendien niet het gehele plangebied, maar slechts delen

3.3.4 Toevalsvondsten

daarvan. Recentelijk heeft de Universiteit Leiden, samen met het archeologisch bedrijf

Het is mogelijk dat – nadat een initiatief is vrijgesteld van (verder) archeologisch on-

Archol, een maatwerkadvies gegeven voor een 25-tal van deze al onderzochte gebie-

derzoek – alsnog archeologische waarden gevonden worden. In dat geval verplicht de

den. De resultaten hiervan staan verwoord in de rapportage Van Kennis naar Beleid.

wet deze vondsten te melden, de zogenaamde ‘meldingsplicht’ (paragraaf 5.4, artikel

Archeologische advisering voor een 25tal ‘opgegraven’ plangebieden in de gemeente Oss

5.10 van de Erfgoedwet): “Degene die anders dan bij het verrichten van opgravingen

(R. Jansen en W. Laan, 2022). In het rapport zijn terreinen aangegeven die vrijgegeven

een vondst doet waarvan hij weet dan wel redelijkerwijs moet vermoeden dat het een

kunnen worden en de terreinen die niet vrijgegeven kunnen worden.

archeologische vondst betreft, meldt dit zo spoedig mogelijk bij Onze Minister”. Als de toevalsvondst (mogelijk) behoudenswaardig is, kan het werk worden stilgelegd. In de

Van kennis naar beleid. Archeologische advisering voor een

praktijk legt de minister het werk alleen stil bij toevalsvondsten van nationaal belang.

25tal ‘opgegraven’ plangebieden in de gemeente Oss (@ Archol,

Indien de toevalsvondst niet van nationaal belang is, kan de gemeente actie onderne-

2022).

men. Zij bekijkt of de vondst van regionaal/lokaal belang is en zal dan in overleg met de initiatiefnemer bekijken hoe verder te handelen.

Voor deze laatste gebieden is ook een vrijstellingsgrens voorgesteld. Daarbij is de inhoudelijke meerwaarde die

Als de initiatiefnemer aan al zijn wettelijke verplichtingen ten aanzien van archeolo-

een toekomstig onderzoek te bieden heeft, afgewogen

gie heeft voldaan, hoeft deze de kosten voor verder onderzoek van een toevalsvondst

tegen de kennis die al beschikbaar is. Deze gebieden en

niet te betalen. Er is immers aan de wettelijke verplichtingen voldaan. En wel op basis

de betreffende adviezen en vrijstellingsgrenzen zijn in

van een overheidsbesluit, dat de ruimte gaf het initiatief te realiseren. De gemeente

de nieuwe versie van de archeologische beleidskaart

zal, indien zij verder onderzoek nodig vindt, de kosten zelf voor haar rekening moeten

verwerkt.

nemen (eventueel samen met Rijk, Provincie). Met andere woorden: als de verstoorder geen onderzoeksplicht heeft omdat de bodemingreep binnen de vrijstellingsgrenzen

Naast deze 25 gebieden zijn in de gemeente Oss veel

valt, maar er tijdens de graafwerkzaamheden wel archeologische resten worden ont-

meer (veelal kleinere) gebieden onderzocht. Het meren-

dekt die verder onderzoek nodig maken, dan ligt het risico bij de gemeente en niet bij

deel hiervan is opgenomen in Archis. Deze gebieden zijn

de verstoorder. Een deugdelijk archeologiebeleid en een goede beleidskaart beperken

ter signalering op de archeologische kaarten van de ge-

gelukkig de kans op toevalsvondsten. Uit de praktijk van de afgelopen paar jaar blijkt

meente Oss gezet. Voor een deel van deze gebieden was

het om een enkele melding per jaar te gaan. De kosten voor de waarneming die in

het selectiebesluit beschikbaar. Op basis hiervan is een

dat geval ter plekke werd verricht door een professioneel archeologisch bureau waren

19

beperkt. Deze zijn ten laste van het erfgoedbudget geboekt. Om deze reden wordt het reserveren van financiële middelen nu nog niet als een noodzaak gezien. Voorgesteld wordt om de financiële gevolgen ten laste te laten komen van de algemene middelen.

3.3.5 Inzet lokale archeologen Bij ingrepen onder de vrijstellingsgrens kan het nog steeds waardevol zijn om archeologische waarnemingen te doen en interessante vondsten te verzamelen en documenteren. Soms worden hiervoor lokale (amateur)archeologen gevraagd, zoals de overkoepelende Stichting Archeologie Maasland (SAM), Stichting Vestingwerken Ravenstein en/of de archeologische werkgroep van een heemkundekring. Deze onderzoeken gebeuren altijd in samenspraak met de gemeente en de initiatiefnemer.

3.3.6 Update van de archeologische kaarten De archeologische kaarten geven de stand van zaken weer, zoals die op het moment van het maken van de kaarten voorhanden was. Daarmee is de kaart op het moment van uitgave feitelijk al verouderd. Vele malen per jaar worden er in de gemeente nieuwe vondsten ontdekt. Ook worden er regelmatig archeologische onderzoeken uitgevoerd die meer inzicht geven in de manier waarop het gebied door de mens is gebruikt. Op basis van nieuwe onderzoeksresultaten moeten de heersende wetenschappelijke theorieën soms worden bijgesteld. Actiepunt: Na elke periode van 5 jaar wordt een evaluatie gemaakt van de archeologische kaarten. Indien nodig worden de kaarten herzien.

Toevalsvondst van een muurtje bij de Kolonel Wilsstraat in Ravenstein. Nadat de lokale archeologen aan de bel hadden getrokken bij de gemeente, is het muurtje alsnog professioneel door BAAC opgetekend (@ M. Peeters, gemeente Oss).

20

3.4 Verankering van de archeologie in de Ruimtelijke Ordening De archeologische verwachtings- en beleidskaart is een belangrijk instrument. Deze maakt het mogelijk om op een zorgvuldige en verantwoorde manier met archeologische waarden om te gaan. Maar om het archeologisch belang mee te kunnen wegen, moet deze kaart ook formeel onderdeel zijn van het planologische besluitvormingsproces. Op visieniveau in de rol van mede-ordenend principe, op bestemmingsniveau als mede- afwegingskader en op vergunningsniveau als toetsingskader. Hoe concreter het plan, hoe gedetailleerder de kennis over het archeologische bodemarchief moet zijn. Vanuit de wetgeving6 zijn gemeenten verplicht om bij ruimtelijke plannen rekening te houden met archeologische waarden. Het omgevingsplan is daarbij neergezet als het centrale juridische instrument. ‘De gemeente moet bij het vaststellen van een omgevingsplan rekening houden met het belang van het behoud van cultureel erfgoed, met inbegrip van bekende of aantoonbaar7 te verwachten archeologische monumenten. Met het oog op het belang van het behoud van cultureel erfgoed worden in een

Uitsnede van een bestemmingsplan. Aan een klein gebied (voorzien van +++) is een archeologische dubbelbestemming toegekend. In dit gebied moet bij ontwikkelingen rekening worden gehouden met archeologische waarden (@ ruimtelijkeplannen.nl).

omgevingsplan in ieder geval regels gesteld ter bescherming van daarvoor in aanmerking komend cultureel erfgoed’ (artikel 5.130 lid 1 en 2 van het Bkl). ‘Behoud van

Bij ontwikkelingsgerichte ruimtelijke plannen is archeologie een onderdeel dat

archeologische resten in situ (dus ter plekke) heeft daarbij de voorkeur’ (artikel 5.130 lid

afgewogen moet worden in de besluitvorming omtrent de nieuwe bestemming. Op

2e van het Bkl). De opname van archeologische waarden in het omgevingsplan is dus

dat moment willen we beschikken over meer gedetailleerde archeologische informa-

een essentiële stap. De archeologisch waardevolle gebieden en bijbehorende regimes

tie. Om een goede afweging te kunnen maken, is het belangrijk om te weten of er

die op de archeologische verwachtings- en beleidskaart zijn weergegeven moeten

archeologische waarden in het plangebied aanwezig zijn. Ook willen we weten waar

daarbij vertaald worden naar de motivering en de gebiedsaanwijzingen met regels.

deze zich bevinden en of ze behoudenswaardig zijn. Dit moet vastgesteld worden door archeologisch onderzoek, liefst afgerond tot en met de waarderende fase (veelal

Gemeenten zijn al jaren verplicht om voor archeologie beschermende regels op te

proefsleuvenonderzoek). Als uit het archeologisch onderzoek blijkt, dat de resten

nemen in bestemmingplannen. De essentie verandert niet en het zal dan ook geen

behoudenswaardig zijn en dat ze bedreigd worden door de geplande ontwikkeling,

grote belasting zijn om deze regels over te nemen in het omgevingsplan.

dan worden ze meegewogen in de besluitvorming rondom de bestemmingswijzi-

6

Voor een uitgebreidere toelichting op de wetgeving (Monumentenwet, de Wet op de Archeologische monumentenzorg, erfgoedwet en omgevingswet) wordt verwezen naar bijlage 1.

7

Een aantoonbaar te verwachten archeologisch monument is een op basis van archeologische, bodemkundige of historische informatie op een locatie te verwachten archeologisch monument (artikel 2.28 onder a Omgevingswet / amendement-Ronnes (Kamerstukken II 2014/15, 33 962, nr. 162)).. Binnen de gemeente Oss wordt al 50 jaar professioneel archeologisch onderzoek gedaan. Op basis van vele archeologische onderzoeken, bodemverstoringsinformatie, bodemkundige en historische informatiebronnen zijn gedetailleerde archeologische verwachtingskaarten opgesteld (zie ook paragraaf 3.3.1). Deze kaarten voldoen daarmee aan de geformuleerde aantoonbaarheid verplichting.

21

ging. Daarbij zijn er twee opties: behoud van de archeologische resten op de locatie (planaan-/inpassing) of behoud van de resten ex situ (archeologische opgraving). Om versnippering van onderzoek te voorkomen, de totale kosten te beperken en de ambtelijke procedures te verkorten, is het wenselijk om het archeologisch onderzoek zo vroeg mogelijk in de planvorming-/uitvoering uit te voeren én als één integraal onderzoek voor het gehele gebied. Liefst dus al bij het opstellen van het nieuwe ruimtelijke plan. De onderzoeksplicht doorschuiven naar de vergunningverlening is niet wenselijk. Zolang er waardevolle archeologisch resten in het gebied aanwezig zijn en deze niet (volledig) zijn onderzocht, dient in het omgevingsplan een beschermingsregime te worden opgenomen in de vorm van een gebiedsaanwijzing met bijbehorende regels en motivering. De omgevingsvergunning blijft het instrument waarin een gemeente vervolgens voorwaarden kan opleggen die gericht zijn op het behoud (in of ex situ) van archeologische waarden. Na uitvoering van het archeologisch onderzoek en veiligstelling van de aangetroffen archeologische waarden kan de vergunning (eventueel met voorschriften) worden verleend en kan het voorgenomen bouw- en/of bodemwerk worden uitgevoerd.

Actiepunt: De gemeentelijk archeoloog wordt betrokken bij nieuwe gebiedsvisies, omgevingsplannen, grotere gebiedsontwikkelingen en complexere vergunningen. Deze bekijkt of de archeologische belangen voldoende gewaarborgd zijn en of archeologisch onderzoek en/of maatregelen gewenst zijn.

Op het omgrachte terrein van het voormalige kasteel van Megen, staat nu het klooster St. Josephsberg. Wat opgaand muurwerk en de fundamenten van het destijds uitgebrande kasteel vormen de basis van het huidige gebouw (@: www.kasteleninnederland.nl).

3.5 Regie van het archeologisch onderzoek Regelmatig zal het nodig zijn dat archeologisch onderzoek moet worden verricht.

Actiepunt: Om de achtergrondkennis van de betrokken (RO/VTH) ambtenaren

Deze onderzoeken moeten worden uitgevoerd door gecertificeerde bureaus. De ge-

te vergroten, zal de gemeentelijk archeoloog regelmatig een kennisbijeenkomst

meente is bevoegd gezag en ziet toe op de kwaliteit van het onderzoek. Dit betekent

organiseren, waarin het archeologisch proces wordt toegelicht. Tevens komen bij

dat de gemeente bepaalt in welke gevallen onderzoek nodig is, een beslissing neemt

deze bijeenkomst de knelpunten uit de dagelijkse praktijk aan bod.

op basis van de resultaten van de onderzoeken ([selectie]besluit) en aanvullende eisen kan stellen aan de uit te voeren onderzoeken. Factoren als locatie, voorkennis en aard en de omvang van eventuele vindplaatsen zijn daarbij bepalend. Er is dus sprake van maatwerk.

22

3.5.1 Werkproces van de Archeologische MonumentenZorg Het archeologisch onderzoek is opgebouwd uit verschillende stappen. Deze stappen verlopen van licht naar zwaar (zie bijlage 3). Na elke onderzoeksstap wordt besloten of aanvullend onderzoek nodig is of dat er genoeg gegevens zijn om tot een goed onderbouwd besluit te komen. Dit is mede afhankelijk van de aard en omvang van de geplande ingrepen en de aard van de aanwezige waarden. Soms is een globale indruk van de aan- of afwezigheid van archeologische waarden al voldoende. In andere gevallen zal wel heel nauwkeurig de aard, omvang, datering en diepteligging van archeologische waarden moeten worden vastgesteld.

3.5.2 Het ambtelijk besluitvormingstraject Het werkproces van de Archeologische Monumentenzorg is behalve een archeologisch onderzoekstraject, ook een ambtelijk besluitvormingstraject. Het is de taak van de gemeente om dit traject op een transparante manier te bewaken en op consequente wijze in te passen in de projecten die in de gemeente plaatsvinden. Voor de gemeente zijn de volgende 3 beslisstappen te onderscheiden: • Stap 1: Afweging archeologisch onderzoek noodzakelijk of niet? • Stap 2: Beslissing over vervolgonderzoek na iedere fase van onderzoek • Stap 3: Het selectiebesluit In principe ligt de beslissingsbevoegdheid voor bovenstaande stappen bij het college van Burgermeester en Wethouders (B&W). Deze bevoegdheid is in de gemeente Oss Bij bodemingrepen onder gebouwde (rijks) monumenten kan altijd een archeologisch rapport worden gevraagd. Dit om de waarde van het terrein te bepalen en eventuele archeologische resten veilig te stellen. De gedeeltelijk tufstenen kerk van Dieden dateert uit de middeleeuwen (@ Wikimedia Commons).

gemandateerd naar de gemeentelijk archeoloog. 1. Afweging archeologisch onderzoek noodzakelijk of niet? Bij ruimtelijke ontwikkelingen, waarbij de bodem wordt geroerd, komt ook het aspect archeologie om de hoek kijken. De gemeente bekijkt in dat geval - aan de hand van de archeologische beleidskaart en/of de bestemmings-/omgevingsplankaart - of archeologische waarden in het gebied aanwezig zijn of worden verwacht. Wanneer de ontwikkelingen de vrijstellingsgrenzen niet overschrijden (zie paragraaf 3.3.1), is er vanuit archeologisch oogpunt geen bezwaar om de vergunning te verlenen of de bestemming van de gronden te wijzigen. Er hoeft in dat geval geen archeologisch onderzoek plaats te vinden. Wanneer de vrijstellingsgrenzen wel worden overschre-

23

Archeologisch onderzoek ten behoeve van de nieuwe wijk Mettegeupel Oost, waarbij meerdere erven uit de ijzertijd, Romeinse tijd en middeleeuwen zijn opgegraven (@ BAAC). Schema met het werkproces van de Archeologische MonumentenZorg

overschrijding van de vrijstellingsgrenzen is een maatwerkadvies van de gemeentelijk archeoloog nodig. Relatief vaak blijkt dat op basis van aanvullende gegevens alsnog

den, is een verdere afweging noodzakelijk. Dit kan betekenen dat de plannen moeten

van archeologisch onderzoek kan worden afgezien.

worden aangepast of dat de initiatiefnemer een archeologisch onderzoek moet laten uitvoeren. Dit laatste betekent dat het AMZ-proces wordt opgestart (zie bijlage 3).

2. Beslissing over vervolgonderzoek na iedere fase in de AMZ-fasering Het archeologisch onderzoek wordt vervolgens uitgevoerd door een deskundig

Vaak kan een vergunningverlener de toetsing ten aanzien van de onderzoeksplicht

onderzoeksbureau. De gemeente ziet er op toe dat dit gebeurt door gecertificeerde

zelfstandig uitvoeren. Dit geldt met name bij kleine verstoringen, waarbij het

bedrijven en conform de procedures en specificaties van de KNA. De gemeente neemt

duidelijk is dat de vrijstellingsgrenzen niet worden overschreden. Bij twijfel en bij

na iedere onderzoeksfase een beslissing over het vervolgtraject. Is vervolgonderzoek

24

nodig of niet? De rapportages worden inhoudelijk door de gemeente-archeoloog

3. In de gemeente Oss is veel onderzoek uitgevoerd dat niet landelijk (in Archis) staat

beoordeeld. Op grond van diens advies kan vervolgens een gemotiveerde beslissing

geregistreerd. Het betreft veelal onderzoeken die in het laatste kwart van de vorige

worden genomen.

eeuw door onder andere de Universiteit Leiden in de gemeente zijn uitgevoerd. Indien relevant, dienen deze onderzoeken te worden opgevraagd bij de gemeente/ 3. Het selectiebesluit

universiteit Leiden. Zie voor een deel van deze onderzoeken ook de recente publi-

Het uiteindelijke doel van het archeologisch onderzoek is vaststel-

catie Van Kennis naar Beleid. Archeologische advisering voor een 25tal ‘opgegraven’

len of er daadwerkelijk sprake is van archeologische resten in het

plangebieden in de gemeente Oss (R. Jansen & W. Laan, 2022).

gebied en zo ja, wat de waarde hiervan is. Op basis van de waarde-

4. In de gemeente Oss zijn diverse archeologische werkgroepen actief (Stichting

ring door de onderzoekers wordt een selectieadvies uitgebracht.

Archeologie Maasland; Archeologische werkgroep van de heemkundekring ‘Land

Een uiteindelijke beslissing over de omgang met een vindplaats is

van Ravenstein’; Stichting Vestingwerken Ravenstein). Lokaal is veel kennis over

een gemotiveerd besluit van het bevoegd gezag. Het betreft een

het verleden aanwezig en het is een gemiste kans om deze niet te benutten. De

zogenaamd selectiebesluit. Hierbij zijn er in principe vier opties:

gemeente stimuleert de uitvoerende bureaus om bij onderzoek ook de lokale ar-

1. De werkzaamheden kunnen zonder voorwaarden plaatsvinden (vrijgeven); 2. De werkzaamheden kunnen plaatsvinden, maar er moeten wel aanvullende maatregelen worden genomen (bijvoorbeeld het aanpassen van de plannen of het nemen van beschermende maatregelen);

cheologen te benaderen om te bekijken of zij iets kunnen en willen betekenen. Het betreft vrijwilligerswerk, dat in de praktijk niet mag leiden tot vertraging. 5. Voor de landelijke archeologie is een onderzoeksagenda opgesteld (NOaA) die richting moet geven aan zowel wetenschappelijk onderzoek als aan veldonderzoek. Bij

3. De werkzaamheden kunnen plaatsvinden onder de voorwaarde dat een archeo-

het opstellen van een PvE dient uit deze agenda te worden geput. Omdat de NOaA

logische opgraving plaatsvindt (eventueel in de variant van een archeologische

breed van opzet is, is er op lokaal niveau wel veel op af te dingen. Op termijn van

begeleiding);

enkele jaren streeft de gemeente Oss dan ook naar een eigen volwaardige onder-

4. De werkzaamheden worden niet geaccepteerd, hetgeen meestal tot bescherming leidt (uitzondering).

zoeksagenda, die vanaf dan als basis gaat dienen. N.B. Er zullen geen perioden of regio’s op voorhand worden afgeschreven in een zogenoemde selectieagenda.

3.5.3 Aanvullende onderzoekseisen

3.6 Archeologisch depot gemeente en privécollecties

De gemeente Oss hecht veel waarde aan de kwaliteit van archeologische onderzoek

De gemeente Oss heeft een bescheiden eigen archeologiecollectie. Deze collectie

dat op haar grondgebied wordt uitgevoerd. Ten aanzien van archeologische onderzoe-

wordt door Museum Jan Cunen beheerd. De collectie bestaat deels uit vondsten van

ken stelt zij daarom een aantal aanvullende eisen:

vóór de archeologische wetgeving. De vondsten zijn door diverse partijen aangeleverd

1. Ieder onderzoek moet voldoen aan de op dat moment geldende Kwaliteitsnorm

en door lokale archeologen verzameld. Recentelijk is de privécollectie van Piet Haane

Nederlandse Archeologie (KNA). De onderzoeksmethoden moeten voldoen aan de

aan de gemeentelijke collectie toegevoegd. Een deel van de archeologische collectie

KNA Leidraden (@ SIKB).

wordt momenteel door de Universiteit Leiden geïnventariseerd. Mogelijk zullen de

2. De (herziene) archeologische verwachtings- en beleidskaart en de toelichting daar-

stukken in de toekomst ook digitaal ontsloten gaan worden.

op moet aan de basis liggen van elk archeologisch onderzoek (Boshoven, E. en L.

De stenen van de Tempel van Kessel liggen al tientallen jaren in opslag in Oss. In 2023

Keunen, 2024. Archeologie in de gemeente Oss; Actualisatie archeologische verwach-

zijn deze stenen officieel aan de gemeente overgedragen door de RCE. De gemeente

tings- en beleidskaart. RAAP-rapport 5923).

wil goed met deze stenen omgaan. De gemeente bekijkt of de stenen in de toekomst

25

een plek in de openbare ruimte kunnen krijgen. Ook wordt bekeken of ze op termijn formeel bij het museum Jan Cunen kunnen worden ondergebracht. Begin 2019 heeft het bureau Archeo3D de stenen volledig opgetekend, ingemeten en gefotografeerd. Het resultaat is een uitgebreide database. Hierdoor zijn de belangrijkste wetenschappelijke gegevens voor de toekomst veilig gesteld. Er is een mooi filmpje gemaakt dat voor publieksdoeleinden gebruikt wordt. Een aantal inwoners is in het bezit van (grote) privécollecties archeologisch materiaal. De gemeente is zich ervan bewust dat hier met zorg mee zou moeten worden omgegaan. Ook deze collecties behoren tot het erfgoed van de gemeente en zijn daarmee onderdeel van het verhaal. Indien de gelegenheid zich voordoet zullen met de eigenaren afspraken worden gemaakt over de omgang hiermee (afspraken omtrent conservering en restauratie, beheer, nalatenschap e.d.). Het voornaamste doel is dat op termijn zoveel mogelijk vondsten aan een archeologisch depot worden overgedragen. De gemeente zal stimuleren dat deze privécollecties tentoongesteld kunnen worden in overleg met de plaatselijke lokale archeologen en/of museale instellingen. Een voorbeeld is de collectie van Piet Haane die recentelijk door de Universiteit Leiden aan de gemeente is overgedragen en die in het Stadsarchief tijdelijk is tentoongesteld.

Indien gewenst kan bij tentoonstellingen gebruik gemaakt worden van het recht van de gemeente om archeologische vondsten te lenen bij het provinciaal depot, het depot van Het Noordbrabants Museum en het depot van het Rijksmuseum van Oudheden. Ook bij deze depots zijn namelijk veel archeologische vondsten uit Oss aanwezig.

Naast een wetenschappelijke database werd ook een mooi publieksfilmpje gemaakt, waarin over de herkomst van de stenen wordt verteld (@ Archeo3D). Archeo3D brengt de tempelstenen van Kessel wetenschappelijk in kaart. De stenen worden van alle kanten opgemeten en gefotografeerd (@ Archeo3D). In 2018/2019 werkte de gemeente mee aan de goed bezochte tentoonstelling ‘Bagger’. Deze tentoonstelling in Museum Jan Cunen werd voor een groot gedeelte samengesteld uit materiaal uit privécollecties van vader en zoon Stolzenbach en vader Verhagen en zonen (@ Museum Jan Cunen, 2018).

26

4. Archeologie is van ons allen

Het Europese verdrag van Faro stelt erfgoedparticipatie centraal,

benadrukt de maatschappelijke waarde van erfgoed en stuurt aan op actieve deelname van erfgoedgemeenschappen in het erfgoedveld. Het verdrag is al door veel Europese landen geratificeerd en ook

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Oss&id=d8d7b733-0db1-491e-b03b-7458fe310bd7