CConstaterende datOss
Koppel je AI →
Document · PDF

Concept Plan van Aanpak Meedoen begint bij de basis 2024 2028

Gemeenteraad 12 september 2024, gemeente OssBij agendapunt: A Plan van aanpak Laaggeletterdheid 'Meedoen begint bij de basis 2024-2028'10.083 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 2

CONCEPT 02-07-2024

Meedoen begint bij de basis 2024-2028 Aanpak laaggeletterdheid gemeente Oss

1

2

3

4

5

Aanleiding .....................................................................................................................................4 1.1

Aandacht voor laaggeletterdheid ...........................................................................................4

1.2

Meedoen begint bij de basis 2.0 .............................................................................................4

1.3

Om welke wet gaat het? .........................................................................................................5

1.4

Wat wordt er bedoeld? ..........................................................................................................6

1.5

Makkelijk Nederlands .............................................................................................................6

1.6

Gebruikte bronnen .................................................................................................................7

Ons Taalnetwerk ..........................................................................................................................8 2.1

De kernpartners ......................................................................................................................8

2.2

Convenant Aanpak laaggeletterdheid Taalnetwerk Oss 2023 ................................................8

2.3

Onze Taalnetwerkcoördinator ................................................................................................8

2.4

Ons DigiTaalhuis .....................................................................................................................9

2.5

Onze partners .........................................................................................................................9

2.6

Onze regionale partners .......................................................................................................10

2.7

Het aanbod van onze partners .............................................................................................10

Onze missie en uitgangspunten ..............................................................................................12 3.1

De Schijf van Vijf en de impact van een cusrus.....................................................................12

3.2

De missie van ons Taalnetwerk ............................................................................................13

3.3

De uitgangspunten van onze aanpak ....................................................................................13

Hoe zit het met onze (laag)geletterdheid? .............................................................................15 4.1

Te weinig grip op de ontwikkeling van laaggeletterdheid ....................................................15

4.2

Wat is het effect op onze samenleving? ...............................................................................15

4.3

De digitale kloof ....................................................................................................................17

4.4

Hoe zit dat voor onze gemeente? .........................................................................................17

4.4.1

Waar vinden we onze doelgroep? ..........................................................................................................18

4.4.2

Meer dan de helft van de beroepsbevolking heeft Nederlands als moedertaal...............................18

4.4.3

Meer dan de helft van de laaggeletterden werkt ..................................................................................19

4.4.4

Een op de vier is ouder dan 65 jaar .......................................................................................................20

4.4.5

Een op de negen ouders met minderjarige kinderen is laaggeletterd...............................................21

4.4.6

Bijna 24% van de 15-jarigen heeft het risico laaggeletterd te worden ..............................................22

Onze aanpak voor 2024-2028 .................................................................................................23 5.1

De doelen van onze aanpak ..................................................................................................23

5.2

De aandachtsgroepen van onze aanpak ...............................................................................23

5.3

De acties van onze aanpak....................................................................................................24

5.3.1

Bewustwording en bespreekbaar maken ..............................................................................................24

5.3.2

Preventie ....................................................................................................................................................25

5.3.3

Signalering en toeleiding .........................................................................................................................26

Concept Pva Meedoen begint bij de basis 2024-2028 versie 2 juli

2

5.3.4

5.4 6

Leren en ontwikkelen ...............................................................................................................................27

Thermometer in het Taalnetwerk ........................................................................................30

De kosten van onze aanpak .....................................................................................................31 6.1

Onze inkomsten ....................................................................................................................31

6.2

Onze uitgaven .......................................................................................................................31

Bijlage 1

Laaggeletterdheid onder de bevolking .............................................................................32

Bijlage 2

Overzicht actielijnen en actiepunten ................................................................................33

Bijlage 3

Onderwijsachterstanden in de wijken van Oss ................................................................34

Concept Pva Meedoen begint bij de basis 2024-2028 versie 2 juli

3

1

Aanleiding

1.1

Aandacht voor laaggeletterdheid

Stichting Lezen en Schrijven vraagt aandacht voor de 2,5 miljoen mensen die moeite hebben met taal en rekenen. Een op de negen Nederlanders is in meer of mindere mate laaggeletterd. Ze hebben moeite met lezen, schrijven of rekenen. Ook komen ze minder goed mee in onze digitaliserende samenleving. Dit doet de Stichting omdat laaggeletterdheid een van de oorzaken is waarom mensen schulden hebben, geen baan hebben of minder gezond zijn. Voor deze mensen is meedoen minder vanzelfsprekend. En wij zien dit als gemeente ook. Vanaf 2019 zijn we als gemeente bezig met de aanpak van laaggeletterdheid. In 2021 zijn we gestart met het programma Oss leest om de leesvaardigheid van onze kinderen te vergroten. Dit college vindt dat inwoners met nagenoeg dezelfde talenten evenveel kans moeten krijgen op ontwikkeling. Onderwijs is daarvoor de beste route met een Leven Lang Leren als uitgangspunt. Daarbij hoort volgens het coalitieakkoord 2022-2026 bij: een laagdrempelig en bereikbaar aanbod aan ‘gratis taalonderwijs voor volwassenen, arbeidsmigranten en statushouders’.

1.2

Meedoen begint bij de basis 2.0

Het Plan van Aanpak Meedoen Begint bij de basis 2019-2022 had de ambitie dat ‘Iedereen in onze gemeente zo goed mogelijk en zoveel mogelijk zonder hulp mee moeten kunnen doen aan de samenleving’. Het doel was om zoveel mogelijk mensen van de doelgroep te vinden en te brengen naar een passend opleidingsaanbod. Nu vijf later kunnen we zeggen dat we meer mensen hebben bereikt. Maar wij kunnen helaas niet zeggen dat minder mensen in onze gemeente laaggeletterd zijn. Dit vanwege de snelle ontwikkeling van onze digitaliserende samenleving.

Concept Pva Meedoen begint bij de basis 2024-2028 versie 2 juli

4

De partners van het Taalnetwerk willen daarom meer. Een groter bereik, maar ook meer grip op het resultaat. En dit hebben ze eind vorig jaar uitgesproken in een nieuw Convenant Aanpak Laaggeletterdheid. Wij werken aan een sterk netwerk, omdat ‘hoe hechter ons netwerk, hoe beter we de mensen kunnen vinden, zij ons kunnen vinden, en wij ze kunnen helpen’. Dat is de basis waarop mensen kunnen meedoen. Daarom houden we vast aan de titel Meedoen begint bij de basis.

1.3

Om welke wet gaat het?

Sinds 2020 is de gemeente verantwoordelijk voor de aanpak van laaggeletterdheid. De wettelijke basis daarvoor is de Wet Educatie en Beroepsonderwijs (WEB). Deze wet geeft ons de regie en het geld om een aanbod aan cursussen en trainingen voor de doelgroepen van de wet mogelijk te maken. De wet is ingegaan op 1 januari 1996 met als doel om meer samenhang te brengen tussen de vormen van het middelbaar beroepsonderwijs (mbo), het leerlingwezen en het voortgezet algemeen volwassenenonderwijs (vavo), de basiseducatie en Nederlands als eerste en tweede taal. De doelgroepen die onder de WEB vallen zijn volwassenen vanaf 18 jaar die niet inburgeringsplichtig zijn: het gaat om volwassen mensen met Nederlands als eerste taal (NT1) of als tweede taal (NT2). Onder die laatste groep vallen ook statushouders, oudkomers en arbeidsmigranten, waaronder Oekraïners. Niet onder de WEB vallen: volwassen mensen die inburgeringsplichtig zijn. Zij horen bij de Wet Inburgering (WI) of, zoals asielzoekers en vluchtelingen, bij de Centraal Opvang Asielzoekers (COA). Deze groepen kunnen geen gebruik maken van WEB-cursussen of trainingen, wel van het DigiTaalhuis en alle andere (in)formele taalactiviteiten.

Concept Pva Meedoen begint bij de basis 2024-2028 versie 2 juli

5

1.4

Wat wordt er bedoeld?

Hieronder leggen we woorden uit die we in dit plan veel gebruiken. Ze komen uit een lijst van Steunpunt Basisvaardigheden, ‘Het begint met Taal’ en het Kennisinstituut voor Taalontwikkeling (ITTA). Voor een compleet overzicht van alle woorden: Begrippenlijst Het begint met Taal.

Basisvaardigheden: de taal-, reken- en digitale vaardigheden die je als volwassene moet hebben om zonder hulp mee te kunnen doen in de samenleving. Laaggeletterde: iemand die een beetje kan lezen en schrijven, maar onvoldoende om zichzelf te kunnen redden in de samenleving. Digitale vaardigheden: Vaardigheden om met internet, apps, digitale apparaten en programma’s om te kunnen gaan. Iemand die wel kan lezen en schrijven, maar digitale apparaten en digitale programma’s moeilijk vindt is digitaal minder vaardig. Iemand die het helemaal niet kan is digibeet. Anderstalige: iemand die een andere moedertaal heeft dan de Nederlandse en het Nederlands nog niet kan. Cursussen en trainingen: onderwijs of opleidingen voor volwassenen op het gebied van basisvaardigheden als taal en rekenen. WEB-cursussen en trainingen: Cursus en trainingen betaald door de landelijke overheid die de centrumgemeente verdeeld over de gemeenten uit de regio. NT1: Lees- en schrijfonderwijs in het Nederlands voor mensen met Nederlands als eerste taal. NT2: Lees- en schrijfonderwijs in het Nederlands voor mensen met Nederlands als tweede taal. Formele aanbod: opleidingen/cursussen die worden afgesloten met een diploma. Voor de regio Noordoost Brabant worden deze aangeboden door Sagènn. Non-formele aanbod: opleidingen/trainingen die niet worden afgesloten met een diploma.

Non-formele opleiders, zoals voor het KW1C, geven vaak wel een certificaat. Centrumgemeente: Gemeente die zorgt voor de inkoop van het formele aanbod en de verdeling van de non-formele gelden over de gemeente. Onze centrumgemeente is ’sHertogenbosch.

1.5

Makkelijk Nederlands

Dit plan is voor de besluitvorming geschreven op taalniveau B2. Maar we streven naar gemakkelijk Nederlands, taalniveau B1. In afbeelding 1 is te zien dat B1 voor de meeste mensen in Nederland is te begrijpen. Ook voor mensen die geen hoge opleiding hebben gehad. We schrijven na de besluitvorming op dit plan een verkorte publieksversie op B1niveau.

Concept Pva Meedoen begint bij de basis 2024-2028 versie 2 juli

6

Afbeelding 1: het taalniveau van de Nederlandse bevolking

1.6

Gebruikte bronnen

We hebben gebruik gemaakt van de data van Stichting Lezen en Schrijven, van de NOBB, het Centraal Bureau van Statistiek (CBS)1, en van de Alliantie Digitaal Samenleven (ADS). Dit zijn openbare data. De meeste actuele data komt uit het onderzoek van de Vrije Universiteit Brussel naar De staat van de Nederlandse volwasseneducatie 20242. We hebben verder ons best gedaan om de meest actuele data over onze gemeente boven water te halen en waar nodig gebruiken we data die al wat ouder zijn. De meeste data gaan over onze beroepsbevolking van 16 tot 65 jaar, vertaald naar onze regio of gemeente. Wij gebruiken de data die ons helpen een goed beeld te geven van de laaggeletterdheid in onze gemeente en die, waar mogelijk, ons helpen bij het monitoren van onze aanpak.

Veel cijfers zijn terug te vinden in dashboard Geletterdheid in Zicht. Daarin staan onder andere cijfers van het CBS en het internationale PISA-onderzoek. PISA is het grootste internationaal vergelijkende onderzoek naar de prestaties van leerlingen in het onderwijs in de wereld en geeft zicht op de prestaties van 15-jarige leerlingen in inmiddels 77 landen. 2 ‘De staat van Nederlandse volwasseneducatie 2024. Het stelsel, de opbrengsten en de knelpunten anno 2024’’, Prof. Dr. Maurice de Greef & MSc. Mieke de Haan MLD, uitgever: Vrije Universiteit Brussel, 2024. 1

Concept Pva Meedoen begint bij de basis 2024-2028 versie 2 juli

7

2

Ons Taalnetwerk

2.1

De kernpartners

Dit hoofdstuk gaat over onze partners, onze samenwerking en ons aanbod. In 2017 hebben wij als gemeente een convenant afgesloten met meerdere organisaties om laaggeletterdheid aan te pakken. Afgelopen jaar hebben wij op 22 november 2023 een nieuw convenant ondertekend. Hierin hebben de kernpartners in nogmaals het belang van de samenwerking uitgesproken. Wij willen onze samenwerking voortzetten, verstevigen en uitbreiden. De kernpartners zijn: • • • • • • •

2.2

Noordoost Brabant Bibliotheken (NOBB) ONS welzijn Koning Willem I College (KW1C) Volksuniversiteit Oss Vluchtelingenwerk Oss Leerwerkloket Noordoost Brabant Gemeente Oss

Convenant Aanpak laaggeletterdheid Taalnetwerk Oss 2023

In het convenant staat wat wij gezamenlijk doen en welke rol wij hebben vanuit onze eigen taken en inhoudelijke kennis. Wij hebben vijf afspraken gemaakt: 1. We zorgen voor bewustwording in de eigen organisatie, 2. We delen van informatie en kennis over het eigen aanbod, 3. We herkennen actief en verwijzen door naar het DigiTaalhuis, 4. We promoten aanpak laaggeletterdheid, 5. We nemen actief deel aan het programmateam en het aanbodoverleg.

2.3

Onze Taalnetwerkcoördinator

Onze taalnetwerkcoördinator heeft de taak om te zorgen voor afstemming tussen de partners. • • • • •

Zij coördineert en versterkt het Taalnetwerk; Zij is voorzitter van de programmagroep en het aanbodoverleg; Zij zet projecten op voor signalering en verwijzing; Zij versterkt het informele aanbod via advies en opleiding; Zij zorgt dat mensen op de hoogte zijn van een cursus, training of activiteit.

Concept Pva Meedoen begint bij de basis 2024-2028 versie 2 juli

8

Onze taalnetwerkcoördinator werkt vanuit de bibliotheek en het DigiTaalhuis. Wij delen haar met de gemeente Meierijstad. Zij werkt voor 14 uur voor ons en 14 uur per week voor hen. De NOBB is opdrachtnemer, wij als gemeente opdrachtgever.

2.4

Ons DigiTaalhuis

De spil in ons Taalnetwerk is het DigiTaalhuis. In het DigiTaalhuis helpt de taalconsulent mensen met hun vraag naar ondersteuning. Ze verwijst hen door naar WEB-cursussen, trainingen of activiteiten. De taalconsulent werkt daarbij samen met de Taalnetwerkcoördinator, onze gemeentelijke consulenten van Werk en Inkomen en het Informatiepunt Digitale Overheid (IDO). Het DigiTaalhuis heeft wekelijks een spreekuur in Oss en Ravenstein. De Taalconsulent geeft samen met haar vrijwilligers mensen informatie, begeleiding en training. Ook organiseren ze Taalactiviteiten. Er zijn trainingen zoals Klik en Tik, DigiSterker en DigiVitaler. Het DigiTaalhuis organiseert ook het Taalcafé, Oefenen met de NL Taal, Meeleeskring en Taalmaatje. De taalconsulent werkt 12 uur per week en heeft de onderstaande taken: • • • • •

De coördinatie van de organisatie en bezetting van de DigiTaalhuis Oss en DigiTaalpunt Ravenstein; Het begeleiden en coachen van vrijwilligers en/of het coördineren daarvan; De intake en (warme) doorverwijzing naar het taalaanbod; Het coördineren van taalleerders (taalmaatjes); Het onder de aandacht brengen van laaggeletterdheid.

Steeds meer mensen vinden het DigiTaalhuis. In tabel 1 zie je dat na de Corona-jaren het aantal doorverwijzingen door het DigiTaalhuis is gestegen. Het gaat dan om verwijzingen naar een WEB-cursus of training of om een doorverwijzing naar de eigen activiteiten of activiteiten van andere aanbieders. Tabel 1 Aantal doorverwijzingen DigiTaalhuis

2.5

Jaar

Aantal doorverwijzingen

2020

143

2021

137

2022

315

2023

341

Onze partners

Wij werken als gemeente met veel partners samen in het Sociaal Domein. Ook als het over laaggeletterdheid gaat. Wij hebben daarin een regierol. Dat betekent dat wij ervoor zorgen dat de partners met elkaar praten en afspraken maken. Om dit zo goed mogelijk te doen hebben wij de Taalnetwerkcoördinator aangesteld. Zij stuurt het Taalnetwerk aan.

Concept Pva Meedoen begint bij de basis 2024-2028 versie 2 juli

9

De mate van samenwerking met partners verschilt. Wij onderscheiden vier schillen:

1

In de 1e schil zitten onze kern- en convenantpartners. In deze schil bepalen we samen de koers van onze acties; In de 2e schil stemmen we ons aanbod aan cursussen, trainingen en activiteiten op elkaar af en proberen we het doorverwijzen te verbeteren; In de 3e schil zitten betrokken aanbieders van activiteiten waaronder bewonersinitiatieven en bedrijven. In deze schil informeren en helpen we elkaar; In de 4e schil vinden we organisaties die ons helpen bij de aanpak van laaggeletterdheid, waaronder Stichting Lezen en Schrijven en de Talentencampus.

2 3 4

Tabel 2 Partners Taalnetwerk per schil Schil Partners 1e schil Bibliotheek Oss, ONS welzijn, KWC1, Volksuniversiteit Oss, Vluchtelingenwerk, het Leerwerkloket en afdeling M&M gemeente Oss.

Hoe Programmagroep, 4x per jaar

2e schil

Sagènn, Consulenten W&I Gemeente Oss, Thuis in Oss en uitvoerenden namens de 7 convenantpartners

Aanbodoverleg, 8x per jaar

3e schil

DigiBuurt, Zorgcoöperaties uit Herpen, Geffen en Ravenstein en IBN

4e schil

Stichting Lezen & Schrijven, de Talentencampus, de sociale teams, Leerhuis Proeftuin, Cubiss en scholen

Netwerkbijeenkomst, 1x per jaar Netwerkbijeenkomst, 1x per jaar

2.6

Onze regionale partners

In onze regio praten we regelmatig met de gemeente ’s-Hertogenbosch en de gemeenten uit onze regio Noordoost Brabant. De gemeente ’s-Hertogenbosch heeft van het Rijk de taak van centrumgemeente gekregen. Dit betekent dat zij het regionale beleid coördineren en schrijven. Zij doen dit via meerdere regionale overleggen waarin over laaggeletterdheid en de arbeidsmarkt wordt gesproken. De centrumgemeente coördineert het regionale beleid en de verdeling van de gelden over de gemeenten in de regio. Dit doen zij in overleg en instemming van de gemeenten in regio. De centrumgemeente heeft ook de taak om voor de regio een formele aanbieder te regelen van cursussen basisvaardigheden (zie 2.7). Tot 2024 was Capabel Taal de aanbieder van deze cursussen. Nu is dat Sagènn.

2.7

Het aanbod van onze partners

Wij hebben in ons Taalnetwerk veel (vrijwilligers)organisaties die vanuit verschillende doelstellingen bezig zijn met aanbod van basisvaardigheden. Ze bieden cursussen, trainingen of activiteiten aan met oog op onderwijs, integratie of ontmoeting. In dit plan onderscheiden we drie type aanbieders: •

Formele aanbieder: biedt cursussen aan in opdracht van de centrumgemeente voor de inwoners van de regio Noordoost Brabant. Deze cursussen zijn gratis en duren drie tot twaalf maanden. Het gaat om taal- en rekencursussen van verschillende taalniveau (van Nederlands A0 tot B2). Cursisten kunnen via een landelijk examen een officieel diploma halen.

Concept Pva Meedoen begint bij de basis 2024-2028 versie 2 juli

10

•

Non-formele aanbieder: biedt in onze opdracht trainingen aan voor onze inwoners. Deze training is gratis en duurt gemiddeld drie tot 12 maanden. Het gaat om trainingen taal (van Nederlands A0 tot B2), rekenen en digitale vaardigheden. Deelnemers krijgen geen diploma.

•

Informele aanbieder: dit zijn (vrijwilligers)organisaties die, al dan niet in opdracht van de gemeente, verschillende vormen van activiteiten aanbieden die bijdragen aan het verbeteren van basisvaardigheden. Mensen kunnen gratis of voor een kleine bijdrage meedoen aan deze activiteiten.

Tabel 3 Typen aanbieders Aanbod

Wet

Wat

Wie

Formeel

WEB

Gediplomeerd aanbod van taal- en rekencurssusen

Sagènn voor de regio Noordoost Brabant

Nonformeel

WEB

Trainingen van taal- en rekencursussen en digitale vaardigheden

KW1C voor de gemeente Oss

Informeel

Geen

Activiteiten die ook basisvaardigheden verbeteren, zoals Taalcafés, taallessen Thuis in Oss, Klik en Tik, Voorleesexpress, taalgroepen en Taal- en Digimaatjes

DigiTaalhuis Volksuniversiteit Vluchtelingenwerk Thuis in Oss Land van Herpen NOBB ONS welzijn DigiBuurt

Vrijwillige deelname De deelnemers doen mee vanuit hun vrije wil en motivatie om te leren. Voor deelname is geen indicatie of beschikking nodig. Er is ook geen plicht zoals we dat kennen bij de inburgeringsplicht. Een uitzondering hierop is de Wet Taaleis vanuit de Participatiewet. Bij een laag taalniveau is deelname aan een taaltraject daar wel verplicht. Een cursus of training wordt dan ingezet als taaltrajecten voor mensen. Voor de rest geldt dat ze zelf of via een advies om te werken aan de basisvaardigheden gebruik maken van de mogelijkheden. Voor de signalering en toeleiding betekent dit dat wij actief moeten herkennen en actief moeten doorverwijzen. Wij moeten de mensen vertellen dat ze de mogelijkheid hebben om op een laagdrempelige manier hun basisvaardigheden te verbeteren. Een doorverwijzing naar een WEB-cursus loopt via het DigiTaalhuis en de gemeentelijke consulenten van Werk en Inkomen. Zij toetsen de aanmelding en proberen voor de mensen een goede plek te vinden bij de formele of non-formele aanbieder. Ook zijn ze de verbinding tussen het aanbid en de mensen die wij kennen vanuit de inburgering, schuldhulpverlening, de Participatiewet en de bijstand. In 2023 hebben de consulenten in samenwerking met het DigiTaalhuis 157 mensen doorverwezen naar een cursus of training.

Concept Pva Meedoen begint bij de basis 2024-2028 versie 2 juli

11

3

Onze missie en uitgangspunten

3.1

De Schijf van Vijf en de impact van een cusrus

In Nederland hebben 2,5 miljoen mensen vanaf 16 jaar moeite met taal en/of rekenen. Veel van deze mensen hebben ook moeite met digitale vaardigheden. Hierdoor draaien ze minder makkelijk mee in onze samenleving. Dit heeft grote invloed op hun persoonlijke leven. Ze vinden minder snel een baan en hebben minder grip op hun geldzaken. Ook is er een grotere kans dat ze minder gezond leven. Als je moeite hebt met taal of rekenen is zonder hulp meedoen aan de samenleving niet gemakkelijk. Om goed mee te kunnen doen heb je verschillende basisvaardigheden nodig. Dat zijn naast taal en rekenen ook digitale, financiële, juridische en gezondheidsvaardigheden. Ze vormen de ‘schijf van vijf’ (zie afbeelding 2). Problemen met deze basisvaardigheden maakt mensen soms onnodig kwetsbaar. Onnodig, omdat er makkelijk iets aan te doen is. Taal- en rekencursussen, trainingen en/of -activiteiten leidt tot een betere taal- en rekenbeheersing, meer sociale contacten en een betere gezondheid. Mensen hebben minder hulp nodig en zijn dus zelfredzamer.

Afbeelding 2: de schijf van vijf

Een gering aandeel uit de groep laaggeletterden maakt echter gebruik van het aanbod aan cursussen en trainingen basisvaardigheden. In 2022 waren dat landelijk 350.000 deelnemers, 14% van de geschatte 2,5 miljoen laaggeletterden. Het merendeel van de landelijke deelnemers is vrouw (60%) en volgt een NT2-traject (81%). En het bereik van de NT1doelgroep is met 14% te beperkt. In onze regio Noordoost Brabant was 64% van de deelnemers in 2022 vrouw, volgde 82% een NT2-traject en slechts 4,4% een NT1opleiding.3

3 Bron: De Staat van de Nederlandse volwasseneducatie 2024, pagina 13 en 15.

Concept Pva Meedoen begint bij de basis 2024-2028 versie 2 juli

12

Een betere deelname van de doelgroep is van belang, omdat een cursus of training mensen helpt. Het onderzoek door de Vrije Universiteit Brussel onder 12.500 deelnemers aan een cursus of training basisvaardigheden “laat zien, dat een meerderheid van de deelnemers betere basisvaardigheden verwerft naast een betere plek in de samenleving na deelname aan trajecten volwasseneducatie”.4 Uit eerder onderzoek uit 2023 naar de impact van een cursus of training basisvaardigheden in de regio Noordoost Brabant blijkt dat5: • • •

Ongeveer 59% van de deelnemers een betere taalbeheersing krijgt; Ongeveer 30% tot 50% van de deelnemers een betere plek krijgt in de samenleving; Ongeveer 20% tot 35% van de deelnemers een betere arbeidsmarktpositie krijgt.

Door actief basisvaardigheden te verbeteren kunnen we een bijdrage leveren aan het voorkomen van problemen en ze soms ook oplossen.

3.2

De missie van ons Taalnetwerk

De kernpartners van het Taalnetwerk Oss vinden ‘verbeteren van basisvaardigheden’ iets dat we samen moeten doen. Alleen door samen te werken kunnen we zicht krijgen op laaggeletterden. Samen kunnen we laaggeletterdheid aanpakken en voorkomen. Betere basisvaardigheden zoals taal en rekenen zorgt ervoor dat mensen beter mee kunnen doen. Daarom vinden de partners dat iedereen in de gemeente Oss zo goed mogelijk moet kunnen lezen, schrijven en rekenen en voldoende digitale vaardigheden moet hebben. Het is geen doel op zich, maar de basis om goed mee te kunnen doen in de samenleving. Het is de ambitie van de partners om zoveel mogelijk mensen die dat nodig hebben deel te laten nemen aan een cursus, training of activiteit. We streven ernaar om jaarlijks via het DigiTaalhuis en het Taalnetwerk 450 mensen of meer te verwijzen.

3.3

De uitgangspunten van onze aanpak

Onze uitgangspunten zijn in lijn met de vastgestelde gemeentelijke visies op de Sociale basis (2023), Thuis in de buurt (2020), Programma Oss Leest (2021), de Aanpak Geldzorgen 20242028 (2023), de Global Goals en ons toekomstig arbeidsmarktbeleid. Onze vier uitgangspunten voor dit plan zijn:

4 5

Bron: De Staat van de Nederlandse volwasseneducatie 2024, pagina 29, 30 en 37. M. De Greef (2023): Impact Taaltrajecten Noordoost Brabant 2022-2023.

Concept Pva Meedoen begint bij de basis 2024-2028 versie 2 juli

13

•

Meedoen begint bij de basis, het gaat om basisvaardigheden

Het hebben van voldoende basisvaardigheden is een belangrijkste voorwaarde om mee te doen. Dit helpt mensen om mens te zijn en om een zinvol en menswaardig bestaan te leiden. •

Een Leven Lang Leren

Bijleren wordt laagdrempeliger als we in een cultuur leven waarin bijleren heel normaal is. Een Leven Lang Ontwikkelen is het uitgangspunt van de Lerende Stad en wordt een van de pijlers van ons arbeidsmarktbeleid. •

Een laagdrempelig en bereikbaar aanbod aan cursussen, trainingen en activiteiten

Wij bieden gratis cursussen en trainingen aan. Deze zijn voor iedereen en het liefst zo dichtbij als mogelijk. We streven naar plekken in de buurt waar mensen kunnen ontmoeten, meedoen en hulp kunnen krijgen, Thuis in de buurt. Ons aanbod juist op deze vindplekken in de buurt, Taal in de buurt. Hierdoor kunnen nog meer mensen er gebruik van maken. •

Mens centraal, we werken vindplaats gericht

Wij sluiten aan bij de vraag van onze inwoners. Daarbij kijken we naar hun talenten, mogelijkheden en de plaatsen waarop het aanbod het beste mogelijk is. Wel vragen wij aan onze inwoners om hun leven zoveel mogelijk zelf in de hand te nemen. Wanneer het niet vanzelf gaat, helpen wij.

Concept Pva Meedoen begint bij de basis 2024-2028 versie 2 juli

14

4

Hoe zit het met onze (laag)geletterdheid?

4.1

Te weinig grip op de ontwikkeling van laaggeletterdheid

In Nederland zijn ongeveer 2,5 miljoen laaggeletterden. Van de beroepsbevolking van 16 tot 65 jaar heeft bijna 1,8 miljoen mensen moeite met taal en/of rekenen. In onze gemeente gaat het naar schatting om bijna 12.000 mensen, iets meer dan 6.600 mensen behoren tot onze beroepsbevolking. We hebben in de afgelopen veel aandacht besteed aan de aanpak van laaggeletterdheid. Toch is het aantal mensen de laatste jaren gestegen. Mogelijk omdat ze het tempo van onze samenleving niet kunnen bijbenen. Onze samenleving is sterk in verandering, op vele vlakken. Van onze inwoners wordt verwacht dat ze zelfredzaam zijn en volwaardig kunnen meedoen in de samenleving tot op late leeftijd. Om de ontwikkelingen bij te benen moeten onze inwoners over meer kennis, vaardigheden en flexibiliteit beschikken dan voorheen. Sommige mensen missen echter de aansluiting bij deze veranderingen, kunnen niet goed meedoen in de digitale samenleving en/of hebben een afstand tot de arbeidsmarkt. Wij zien de onderstaande trends: • •

• •

•

4.2

We worden ouder. Als je ouder wordt nemen je taal- en andere basisvaardigheden af. Mensen die al een lager startniveau hebben, kunnen hier later last van krijgen; Er zijn anderstaligen die uit gebieden komen waar ze weinig onderwijs hebben gehad. Hierdoor hebben zij moeite om op voldoende taal- en/of rekenniveau te komen; Er komen meer leerlingen van school die niet goed kunnen lezen, schrijven en rekenen. De leesmotivatie onder Nederlandse jongeren is ook te laag; Ook werken we steeds meer met computers, tablet en smartphones, waardoor bedrijven en wij als overheid veel diensten alleen nog digitaal aanbieden. Hiervoor moet je digitaal vaardig zijn. Om een wasmachine aan te zetten, een televisieprogramma terug te kunnen kijken of informatie op te zoeken moet je ook digitaal vaardig zijn; Veel mensen die moeite hebben met taal of rekenen weten dit goed door schaamte goed te verbergen.

Wat is het effect op onze samenleving?

De laaggeletterde heeft niet het taal- of rekenniveau dat je aan het eind van een vmbo-, mbo 2- of mbo 3-opleiding zou moeten hebben. Dat nemen ze mee in hun leven en hierdoor doen ze niet of moeizaam mee in onze samenleving. Wat dat precies betekent zien we in de onderstaande afbeelding van taalniveaus.

Concept Pva Meedoen begint bij de basis 2024-2028 versie 2 juli

15

Wat zie je in de bovenstaande afbeelding 3: - 2F: 80% van de Nederlanders zit op de drempel van het roze niveau; - 1F. De laaggeletterde zit maximaal op de drempel van het zwarte niveau;. - 4F: Het niveau van de meeste overheidscommunicatie zit op het geel. De gevolgen zien we terug in verschillende groepen: • • • • • •

6

Mensen tussen 16 en 34 jaar met te weinig rekenvaardigheden zijn driemaal zo vaak werkloos. Van de langdurig werklozen in Nederland is 25% laaggeletterd. Bijna 100 duizend mensen leven in armoede door onvoldoende taal- en rekenvaardigheden.6 Eerder is uitgerekend dat dit iemand zo’n € 575,- per jaar kost; Laaggeletterden zijn drie keer zo vaak afhankelijk van een uitkering als nietlaaggeletterden (23,8% tegenover 9,3%). Hun zorgen zijn vaak ook groot. Bij een deel van de groep speelt schaamte mee; Laaggeletterden omschrijven hun gezondheid vaker als matig tot slecht dan niet-laaggeletterden (40% tegenover 10%). Ook gaan zij vaker naar een arts of een ziekenhuis; Bijna 6% is sterk laaggeletterdheid. Van deze groep heeft 40% een migrantenachtergrond; Het risico van jongeren op laaggeletterdheid is gestegen. Bijna een kwart van de jongeren gaat van school zonder het juiste taalniveau.

40% van de Nederlanders heeft voldoende financiële vaardigheden

Concept Pva Meedoen begint bij de basis 2024-2028 versie 2 juli

16

4.3

De digitale kloof

Meer ouderen dan jongeren zijn laaggeletterd. Bijna 740 duizend 65-plussers hebben met name moeite met hun digitale vaardigheden. Uit onderzoek blijkt dat deze afnemen naarmate de leeftijd stijgt. Wat mensen kunnen met internet en computers verschilt sterk naar leeftijd en opleiding. Zo is het aandeel Nederlanders met meer dan genoeg basisvaardigheden bij 25tot 45-jarigen in 2021 ruim twee keer zo hoog als bij 65- tot 75-jarigen. Onder 65- tot 75-jarigen was dit aandeel 28 procent.7 Er dreigt een digitale kloof tussen de generaties. Het digitaal meedoen vraagt om aandacht. De Alliantie Digitaal Samenleven laat met verschillende onderzoeken naar digitale participatie in Nederland zien dat: • • • •

4.4

4,5 miljoen volwassen Nederlanders digitale overheidsinformatie niet of onvoldoende kunnen vinden en gebruiken; 2,6 miljoen mensen niet geheel zelfstandig hun (online) bankzaken kunnen uitvoeren; 2,5 miljoen mensen het moeilijk vinden om te werken met digitale apparaten zoals computers, smartphones en tablets; 24% van de vragen bij Informatiepunten Digitale Overheid gaan over DigiD.

Hoe zit dat voor onze gemeente?

In grafiek 1 is te zien dat in onze gemeente bijna 12.000 mensen moeite hebben met taal en/of rekenen. Dit is ongeveer 11% van onze inwoners. Dit is in vergelijking met onze eigen regio Noordoost Brabant iets hoger (10%). De grootste groep zit nog in onze beroepsbevolking van 16 tot 65 jaar. Maar de groep van 65-plussers is groeiende. Momenteel is 38% van onze laaggeletterden 50 jaar en ouder.

7

Bron: CBS, Eurostat, 2021

Concept Pva Meedoen begint bij de basis 2024-2028 versie 2 juli

17

Grafiek 1 Onze laaggeletterden verdeeld over de leeftijdsgroepen

4.4.1 Waar vinden we onze doelgroep? Uit eerder onderzoek naar laaggeletterdheid uit 20168 weten we dat in de wijken Centrum en Ruwaard verhoudingsgewijs de meeste laaggeletterden wonen. De kans op laaggeletterdheid is daar het grootst. In Schadewijk, Oss-Zuid, Ussen en Ravenstein is die kans ook aanwezig. In de overige wijken en dorpen is de kans op laaggeletterdheid gemiddeld, al hebben de dorpen Berghem, Herpen en Lithoijen zeer weinig laaggeletterden. In Haren, Deursen en Dennenburg, Lith en Geffen is die kans zelfs behoorlijk klein.

4.4.2 Meer dan de helft van de beroepsbevolking heeft Nederlands als moedertaal Van de beroepsbevolking heeft 54% Nederlands als moedertaal. Van de sterk laaggeletterden in Nederland, ongeveer 6%, heeft 60% Nederlands als moedertaal. Sterk laaggeletterd zijn betekent dat je zeer veel moeite hebt met taal en/of rekenen. Ongeveer 7.000 laaggeletterde in onze gemeente behoren tot onze beroepsbevolking. Daarvan zijn ongeveer 3.200 mensen sterk laaggeletterd. De sterk laaggeletterde NT1’er is van oudsher een lastig te bereiken groep. Ook voor ons Taalnetwerk. Ze laten zich niet makkelijk vinden en hebben zichzelf manieren aangeleerd om zich te handhaven. In 2023 volgden minder dan twintig mensen een WEB-cursus of training Nederlands. De ervaren 8

Researchcentrum voor Onderwijs en Arbeidsmarkt (2016), Regionale spreiding van geletterdheid in Nederland. Via NOBB.

Concept Pva Meedoen begint bij de basis 2024-2028 versie 2 juli

18

trainers zien steeds meer NT1’ers opduiken bij trainingen en activiteiten voor digitale vaardigheden. Ze willen bijvoorbeeld beter leren omgaan met de smartphone of de tablet. Zulke “camouflagecursussen of -trainingen” zijn een goede vindplaats en bieden ons een aanknopingspunt om deze mensen verder te helpen. We zullen hoe dan ook creatief moeten zijn om deze aandachtsgroep blijvend te bereiken. Bij de anderstalige, de NT2’ers, speelt schaamte veel minder een rol. Ze willen graag de taal leren. Het aandeel laaggeletterde mensen met een migratieachtergrond ligt in onze gemeente met 26% overigens lager dan het landelijk gemiddelde van 31%. Ongeveer 1.100 daarvan zijn sterk laaggeletterd. Er is in onze gemeente veel aanbod voor anderstaligen en ze maken daar goed gebruik. Al in de eerste opvang van vluchtelingen bij de activiteiten van Thuis in Oss en Vluchtelingenwerk. Ook zien we dit terug bij de cursussen en trainingen via de WEB. Van de 169 mensen die in 2023 een cursus of training volgden was 95% NT2’er. En ze doen mee aan de activiteiten bij het DigiTaalhuis en op andere plekken in onze gemeente, zoals bij het dorpshuis ’t Slotje in Herpen. Bij het DigiTaalhuis deden in 2023 193 anderstalige mee aan de activiteiten.

4.4.3 Meer dan de helft van de laaggeletterden werkt De werkvloer is een belangrijke vindplaats voor mensen die worstelen met hun basisvaardigheden. Van de laaggeletterden in Nederland hoort 12% tot de beroepsbevolking. Daarvan heeft 57% een baan. Een kwart is langdurig werkloos. In de onderstaande afbeelding 2 is een top 10 te zien van beroepen waarin laaggeletterdheid vaak voorkomt. Daar zitten ook mensen tussen met een afgeronde mbo-opleiding.

Afbeelding 4

Top 10 beroepen waar laaggeletterdheid vaak voorkomt (bron: Stichting Lezen en Schrijven)

Concept Pva Meedoen begint bij de basis 2024-2028 versie 2 juli

19

Bij ons zijn een groot aantal bedrijven in de logistiek en distributie. Een sector waarin veel banen beschikbaar zijn voor mensen met een weinig of geen opleiding. Deze werkvloeren zijn voor ons een natuurlijke vindplaats om mensen te helpen om hun basisvaardigheden te verbeteren. In de regionale werkgeversaanpak Taal op de werkvloer deden in 2022 vijfendertig bedrijven mee, waarvan dertien uit onze gemeente. Het ging om bedrijven uit Oss, Geffen, Berghem en Lith. Het doel van de aanpak was om aandacht te vragen voor de doelgroep op de werkvloer. De bedrijven kregen een voucher waarmee ze een training basisvaardigheden konden krijgen voor hun medewerkers. De trainingen werden verzorgd door Capabel Taal en de Volksuniversiteit Oss. Momenteel loopt in onze gemeente vanuit het uitgangspunt een Leven Lang Leren een vergelijkbare aanpak waar het draait om de doelgroep. Enkele leden van de doelgroep mogen een voucher inruilen voor een training of scholing naar keuze. Het niet meedoen op de arbeidsmarkt blijft een aandachtspunt. Vanuit eerder onderzoek weten we dat de wijken Centrum, Schadewijk en Ruwaard een hoge percentage laaggeletterden hebben. In deze wijken doet 21% van de potentiële beroepsbevolking niet mee op de arbeidsmarkt. Voor de rest van onze gemeente ligt dat percentage op 15%.

4.4.4 Een op de vier is ouder dan 65 jaar Op basis van gegevens over laaggeletterdheid bij ouderen in Duitsland is een schatting gemaakt dat er in Nederland rond de 700 duizend laaggeletterde 65-plussers zijn, een op de vier is dus ouder dan 65 jaar.9 Ook onze gemeente vergrijsd. In paragraaf 4.3 hebben we geschreven dat basisvaardigheden afnemen naarmate mensen ouder worden. Dit vraagt om onze aandacht. Ook volgens onze Woonzorgvisie zijn de kwetsbare ouderen veruit de grootste aandachtsgroep. Net als in de rest van Nederland is er in onze gemeente sprake van een dubbele vergrijzing. Een grote groep 50- tot 75-jarigen viert in de komende jaren hun vijfenzeventigste verjaardag. Die toename zien wij ook bij de laaggeletterdheid onder 50-plussers. Grafiek 2 laat zien dat 38% van onze laaggeletterde beroepsbevolking 50 jaar en ouder is (doelgroepen A, B en D). Dit is hoger dan het landelijk gemiddelde van 33%. In onze regio ligt het percentage met 41% zelfs nog iets hoger. We hebben geen precieze cijfers, maar we merken dat het huidige aanbod aan digitale ondersteuning de vraag niet aankan. Ook andere gemeenten in de regio ervaren dit. De grote vraag toont zich bij elke training die we aanbieden. We hebben zelfs een wachtlijst. Van deze groep heeft het grootste deel moeite met hun digitale vaardigheden en is een klein deel echt laaggeletterd.

In 2023 hebben het DigiTaalhuis en het KW1C meerdere trainingen georganiseerd zoals Klik en Tik, DigiVitaler, Digisterker en Omgaan met de smartphone. Daaraan deden 236 mensen aan mee. In 2022 waren dat er nog 98. Ook het bewonersinitiatief DigiBuurt, dat mensen ondersteunt met de computer, laptop en andere apparaten, zag in het eerste kwartaal van 2023 het aantal hulpvragen sterk stijgen van 103 naar 191. Het is duidelijk dat de groep 50-plussers in de komende jaren meer aandacht gaat vragen voor hun basisvaardigheden.

9

Houtkoop, W. (2015). Ouderen en laaggeletterdheid. Den Bosch: ecbo, via Stichting Lezen en Schrijven.

Concept Pva Meedoen begint bij de basis 2024-2028 versie 2 juli

20

Grafiek 2

Onze laaggeletterde beroepsbevolking ten opzichte van de regio en Nederland (de 50-plusser vinden onder de categorieën A,, B en D).

4.4.5 Een op de negen ouders met minderjarige kinderen is laaggeletterd In Nederland hebben ruim 3 miljoen ouders minderjarige kinderen. Zo’n 11% van de ouders (333 duizend mensen) heeft mindere basisvaardigheden. Vaak kunnen zij ook slecht omgaan met een computer en smartphone. Kinderen van deze ouders komen vaker met een taalachterstand van school. Zo worden zij de nieuwe generatie laaggeletterden. Het doel is om dit te voorkomen en de cyclus te doorbreken. Het Ministerie van Onderwijs heeft in 2022 extra gelden beschikbaar gesteld voor 15% van de kinderen met het hoogste risico op onderwijsachterstand. Ook wij gebruiken dit geld voor Oss Leest, de Bibliotheek op school en Voorleesexpress met als doel om de leesvaardigheid van onze kinderen te verbeteren. Dit doen wij als gemeente in samenwerking met de basisscholen, de NOBB en ONS welzijn. Van

Concept Pva Meedoen begint bij de basis 2024-2028 versie 2 juli

21

onze 8490 kinderen uit Oss, valt 18% binnen de landelijke doelgroep. Deze kinderen wonen met name in de wijken Ruwaard, Schadewijk, Centrum en Krinkelhoek.10

4.4.6 Bijna 24% van de 15-jarigen heeft het risico laaggeletterd te worden In het onderzoek PISA-202211 is de leesvaardigheid van de Nederlandse 15-jarigen weer gedaald in vergelijking met PISA-2018. En in 2018 waren we al gedaald in vergelijking met PISA-2015. Het gemiddelde leesvaardigheidsniveau van Nederland lag in 2018 voor het eerst onder het gemiddelde van andere EU-landen. In PISA-2022 dalen wij opnieuw harder dan andere landen. Een derde van onze leerlingen is onvoldoende geletterd in leesvaardigheid. Het opleidingsniveau van de ouders hangt daarbij (net als voorheen) sterk samen met de prestaties van hun kinderen. Het is lastig in cijfers uit te drukken hoeveel 15-jarigen in onze gemeente het risico heeft op laaggeletterdheid. We weten dat 11% van onze laaggeletterde beroepsbevolking jonger is dan 30 jaar. Ook onze jeugd ontkomt niet aan de trend die onderzoeken waarnemen dat jongeren steeds minder lezen, omdat de oorzaken zo algemeen zijn. In vergelijking met vroeger hebben we andere tijdsbestedingen zoals televisie, sociale media en computers. En dat is een probleem. Kenners zijn het erover eens dat te weinig lezen niet goed is voor de taalontwikkeling.12 Ook daarom zetten wij in op Oss Leest.

Het CBS geeft een dashboard weer hoeveel kinderen (peuters en basisschoolleerlingen) een risico op een onderwijsachterstand hebben, Verwachte onderwijsachterstanden (cbs.nl), zie bijlage 3 11 PISA staat voor Programme for International Student Assessment en is een grootschalig vergelijkend internationaal onderzoek naar de geletterdheid van 15-jarigen op lezen, wiskunde en natuurwetenschappen. 12 De kinderboekambassadeurs: “Lezen heeft een bewezen positief effect op de woordenschat, spelling, begrijpend lezen en schrijven. Kinderen die minimaal 15 minuten lezen per dag lezen 1.146.000 woorden per jaar. De woordenschat kan met 1000 nieuwe woorden per jaar groeien”. 10

Concept Pva Meedoen begint bij de basis 2024-2028 versie 2 juli

22

5

Onze aanpak voor 2024-2028

5.1

De doelen van onze aanpak

In 2019 was ons doel om elk jaar van 100 mensen hun taal, rekenen of digitale vaardigheden te verbeteren. Inmiddels bereiken we met onze activiteiten meer dan 300 mensen per jaar. In de komende jaren willen meer bereik, maar ook meer grip op de resultaten. In tabel 4 staan de doelen van onze aanpak. Tabel 4

De doelen van onze aanpak

Aanpak

Doel

Wie

Versterken van het Taalnetwerk

Een sterk Taalnetwerk, hoe beter de signalering en toeleiding, hoe beter de kwaliteit van het aanbod

Taalnetwerk

Meer taal in de buurt

Een laagdrempelig en bereikbaar aanbod voor het verbeteren van basisvaardigheden in gemeenschapshuizen en op andere plekken in onze gemeente

Taalnetwerk

Bewustwording, herkennen en doorverwijzen

Medewerkers in de eerstelijns zorg en welzijn en dienstverlening herkennen signalen en verwijzen door naar het (taal)aanbod

Taalnetwerk

Digitale inclusie

Iedereen doet mee in het digitale tijdperk

Taalnetwerk

Gezinsaanpak

Ouders ondersteunen de taalontwikkeling van hun (jonge) kinderen

Taalnetwerk

Werkgeversparticipatie

Werkgevers verbeteren de basisvaardigheden van hun werknemers

Regio*

Jongerenaanpak

Een betere start voor jongeren op de arbeidsmarkt

Regio*

*De aanpak voor werkgeversparticipatie en jongeren pakken we regionaal op vanwege een beter bereik en meer mogelijkheden met de inzet van gelden. In onze gemeente zetten we in op meer Taal in de buurt, de Digitale inclusie en de Gezinsaanpak. Dat doen wij themagericht, omdat wij op deze manier de beschikbare tijd en geld het beste kunnen inzetten. 5.2

De aandachtsgroepen van onze aanpak

Ons aanbod en onze aanpak is voor alle inwoners die het nodig hebben. Maar de cijfers rondom laaggeletterdheid geven ons wel richting. In de komende jaren geven wij extra aandacht aan volwassen mensen: • • • • •

Die sterk laaggeletterdheid zijn, waaronder de mensen die vanuit de Participatiewet aan hun basisvaardigheden moeten werken; Die hun digitale vaardigheden willen verbeteren; Die op de werkvloer bij bedrijven hun basisvaardigheden kunnen en willen verbeteren; Die in gezinnen hun kinderen en zichzelf willen helpen met de taalontwikkeling; Die een kansrijkere start willen maken op de arbeidsmarkt

Concept Pva Meedoen begint bij de basis 2024-2028 versie 2 juli

23

5.3

De acties van onze aanpak

De komende jaren werken wij aan de bovenstaande doelen en dat doen wij vanuit de onderstaande actielijnen. De actielijnen waarmee wij sinds 2019 in het Taalnetwerk werken. 1. 2. 3. 4.

Bewustwording en bespreekbaar maken Preventie Signalering en toeleiding Leren en ontwikkelen

5.3.1 Bewustwording en bespreekbaar maken Actiepunt nummer Aanpak bewustwording, herkenning en doorverwijzen

Digitale inclusie

1.

Trainen eerstelijnsmedewerkers zorg en welzijn en dienstverlening in het herkennen van signalen en het doorverwijzen naar (taal)aanbod

2.

Jaarlijkse activiteiten in de Week van Lezen en Schrijven

3.

Jaarlijkse activiteiten voor Digitaal-Meedoen

Budget per jaar € 15.000,-

Actiepunt 1: Trainen van onze eerstelijns medewerkers zorg en welzijn en dienstverlening Onze eerstelijns medewerkers zorg en welzijn komen veel mensen uit de doelgroep tegen. Die komen daar vanwege andere problemen. Hetzelfde geldt voor onze dienstverleners aan de balie of in de spreekkamers. De mensen laten daar duidelijke en minder duidelijke signalen zien waaruit blijkt dat ze moeite hebben met lezen, schrijven, rekenen of met de digitale omgeving. De kunst is om deze signalen te herkennen, zodat deze mensen geholpen kunnen worden. Soms is informeren genoeg, soms een warme overdracht naar het DigiTaalhuis. Soms is het stellen van de juiste vragen nodig om mensen te laten inzien dat ze kunnen bijleren. Op deze manier hopen wij ook meer de NT1’ers te vinden. Wij gaan onze medewerkers en partners de training Herkennen en doorverwijzen geven. Het gaat dan om medewerkers bij de sociale teams, de spreekuren van ONS welzijn en onze consulenten Werk en Inkomen. In de training besteden we ook aandacht aan het beschikbare aanbod. Dit gaan we doen via groepstraining, e-learning voor nieuwe medewerkers en via het Leerhuis van de proeftuin. Wij hebben meerdere aanbieders die deze training kunnen verzorgen. Ons streven voor 2028 is minimaal 4 trainingen per jaar te geven met een minimaal bereik van 60 medewerkers per jaar.

Actiepunt 2: Jaarlijkse activiteiten in de Week van Lezen en Schrijven Elke jaar is in september de landelijk Week van Lezen en Schrijven. In deze week wordt aandacht gevraagd voor mensen die moeite hebben met lezen, schrijven en rekenen. Verschillende organisaties organiseren activiteiten met dit doel, ook de partners van ons Taalnetwerk. Het doel is om de doelgroep te laten zien en weten dat ze kunnen bijleren. Deze activiteiten zijn ook een moment om (nieuwe) partners te binden.

Concept Pva Meedoen begint bij de basis 2024-2028 versie 2 juli

24

In 2024 organiseren we een Taalfestival bij de wekelijkse markt in Oss. Dit om onze inwoners te laten zien wat wij in huis hebben om ze te helpen. Ook in 2026, 2027 en 2028 organiseren we activiteiten voor de Week van Lezen en Schrijven. De bedoeling is per keer een thema te kiezen, zoals de arbeidsmarkt, het gezin of de jongeren. We organiseren t/m 2028 (themagerichte) activiteiten in de Week van Lezen en Schrijven.

Actiepunt 3: Jaarlijks activiteiten voor Digitaal-Meedoen In 2023 en 2024 hebben wij als gemeente DigiD-dagen georganiseerd. Dit om aandacht te vragen voor de mensen die moeite hebben met het steeds digitaler worden van onze samenleving. De DigiD staat symbool voor de problemen die mensen ervaren met de digitalisering. Voor steeds meer zaken die ze moeten regelen met de overheid, de bank of andere instellingen is een DigiD nodig. En zo zijn er nog meer onderwerpen die om extra aandacht vragen voor de groep die het niet kan bijbenen. Die aandacht gaan we geven door een keer per jaar een Digitaal-Meedoen bijeenkomst te organiseren. We gaan 1x per jaar een activiteit(en) organiseren om aandacht te vragen voor DigitaalMeedoen.

5.3.2 Preventie Actiepunt nummer Taal in de buurt

4.

Meer aanbod via bewonersinitiatieven in de buurt

Gezinsaanpak

5.

Het verbeteren van de basisvaardigheden in gezinnen via een gezinsaanpak

Budget per jaar € 20.000,-

Actiepunt 4, Taal in de buurt: stimuleren van bewonersinitiatieven Wij hebben meerdere bewonersinitiatieven die activiteiten organiseren die de basisvaardigheden van onze inwoners verbeteren. Ze doen dat onder andere in onze gemeenschapshuizen. Hiermee dragen ze bij aan de doelstellingen van onze visie Thuis in de buurt. Dat streeft naar wijk- en dorpshuizen met activiteiten voor laagdrempelig ontmoeten, meedoen en hulp. Zo is er ’t Slotje al jaren een taalgroep en is DigiBuurt wekelijks actief met spreekuren in de bibliotheek in Oss en bij mfa De Snoeck in Lith. Er zijn veel vrijwilligers die mensen kunnen ondersteunen bij hun basisvaardigheden. Vooral bij de digitale vaardigheden speelt het informele netwerk een grote rol. Wij zien veel mensen die graag willen helpen. Wij willen bestaande initiatieven ondersteunen en nieuwe initiatieven uitbreiden naar meer gemeenschapshuizen of andere openbare plekken in onze gemeente. Wij denken dan aan de wijkcentra in de wijken als Ruwaard, Centrum en Schadewijk en aan de grotere dorpen. Ons streven voor 2028 is het om het aantal plekken met een aanbod aan basisvaardigheden, nu zes, uit te breiden naar minimaal tien plekken.

Concept Pva Meedoen begint bij de basis 2024-2028 versie 2 juli

25

Actiepunt 5: Het verbeteren van de basisvaardigheden in gezinnen In 2025 krijgen wij als gemeente een regierol voor de gezinsaanpak. Wij sluiten als Taalnetwerk aan bij de activiteiten van Oss Leest, de Bibliotheek op school en de Voorleesexpress. Voor ons staat dan niet het kind centraal, maar de ouder binnen het gezin. Met onze gezinsaanpak ondersteunen we ouders thuis bij het stimuleren van de taalontwikkeling van hun (jonge) kinderen. We proberen hiermee te voorkomen dat er een nieuwe generatie laaggeletterden opgroeit en dat we de cyclus doorbreken. De VoorleesExpress speelt een belangrijke rol in de gezinsaanpak, omdat: • •

•

De VoorleesExpress in de thuissituatie wordt uitgevoerd en lees- en taalactiviteiten in het gezin vergroot; De samenwerking met de bibliotheek, scholen, GGD, VVE en Ons Welzijn hierbij belangrijk is. De basisscholen hebben een rol in het signaleren bij ouders en het doorverwijzen van hun kinderen; Het de ouderparticipatie vergroot. Ouders krijgen vertrouwen in het eigen kunnen en durven zich ook uit te spreken over hun eigen behoefte voor ontwikkelen van hun basisvaardigheden. Hierbij kan hulp vanuit het DigiTaalhuis worden ingezet.

Ons streven is om in 2025 met een gezinsaanpak te komen met als doel het doorbreken van de cyclus van laaggeletterdheid binnen de gezinnen.

5.3.3 Signalering en toeleiding Actiepunt nummer Versterken van het Taalnetwerk

6.

Uitbreiding van het aantal partners aan het aanbodoverleg en vergroten van het aantal betrokken aanbieders bij het Taalnetwerk

Taal in de buurt

7.

Meerdere DigiTaalpunten op plekken waar dat nodig is

Aanpak bewustwording, herkenning en matching

8.

Het overzicht van het aanbod compleet en beschikbaar op een herkenbare (digitale) plek, inclusief communicatieplan

Budget per jaar € 15.000,-

Actiepunt 6: Versterken van ons Taalnetwerk Hoe beter we samenwerken in ons Taalnetwerk, hoe beter de toeleiding naar cursussen, training en activiteiten. Hoe meer partners betrokken zijn, hoe hechter het netwerk. We willen meer partners betrekken om dit mogelijk te maken. Wij denken dan met name aan bedrijven en bewonersinitiatieven. Via het netwerk kunnen we elkaar helpen, informatie delen en scholen. Hierdoor kunnen we werken aan de kwaliteit van ons aanbod, het bereik van onze doelgroepen en de wijze van toeleiding. Ook krijgen we meer zicht op het aanbod aan basisvaardigheden in onze gemeente en meer zicht op het aantal mensen dat daarvan gebruik maakt. Ons streven is om t/m 2028 het aantal partners in de 3e uit te breiden met minimaal drie partners per jaar. Tot minimaal 10 partners in 2028.

Concept Pva Meedoen begint bij de basis 2024-2028 versie 2 juli

26

Actiepunt 7, Taal in de buurt: DigiTaalpunten waar dat nodig is Het DigiTaalhuis is onze spil in de aanpak van laaggeletterdheid: een spin in het Taalweb. Om het bereik van het DigiTaalhuis te vergroten openen we in de komende jaren DigiTaalpunten op plekken waar dat nodig is. Dit om het bereik en de zichtbaarheid van de doelgroep te vergroten. We hebben nu een DigiTaalhuis in Oss en een DigiTaalpunt in Ravenstein. Het doel is om een DigiTaalpunt te openen in een wijk met een grotere kans op laaggeletterdheid zoals Ruwaard en Krinkelhoek. Om dit mogelijk streven naar uitbreiding van het aantal uren van de Taalconsulent van 12 naar 16 uur per week. Ons streven is om in 2028 via het DigiTaalhuis minimaal 450 mensen per jaar door te wijzen naar een cursus, training of activiteit. Ook streven we naar een bezettingsgraad van minimaal 75% bij de formele en non-formele cursussen en trainingen.

Actiepunt 8: Een overzicht over het aanbod voor een betere toeleiding Er is veel aanbod aan cursussen, trainingen of activiteiten basisvaardigheden te vinden bij veel verschillende soorten aanbieders. Dit is nu te moeilijk te vinden. Het DigiTaalhuis heeft overzicht, maar het is nog te versnipperd. We willen juist voor de eerstelijns medewerkers iets maken waarop het overzicht te vinden is. Dit om de toeleiding makkelijker te maken. Daarbij zoeken we de samenwerking met de Lerende Stad Oss. We maken daarvoor een communicatieplan. We gaan in 2025 een website of webpagina presenteren waarop het aanbod aan basisvaardigheden is te vinden.

5.3.4 Leren en ontwikkelen Actiepunt nummer Vergroten van een laagdrempelig aanbod aan digitale ondersteuning

Budget per jaar

Digitale inclusie

9.

€ 10.000,-

Werkgeversparticipatie

10. (Regionale) aanpak om meer werkgevers te betrekken als aanbieder van basisvaardigheden op de werkvloer

Pm

Jongerenaanpak

11. Regionale activiteiten voor een betere start van onze jongeren

Pm

Actiepunt 9: Vergroten van een laagdrempelig aanbod aan digitale ondersteuning We hebben een laagdrempelig, gevarieerd en betaalbaar aanbod nodig om mensen digitaal vaardig te maken. Het gaat om het kunnen omgaan met smartphone, laptop en computers, maar ook om het veilig gebruiken van applicaties die nodig zijn voor bijvoorbeeld bankzaken. We helpen nu nog geen 500 mensen per jaar met het huidige aanbod. Deze mogelijkheden zitten vol en de verwachting is dat de vraag in de komende jaren toeneemt. We willen het aanbod vergroten en verspreiden over onze gemeente. Het kan gaan om trainingen, maar ook om digitale spreekuren of digimaatjes. We willen een aanbod dat ook sterk laaggeletterden weet te bereiken. Om het betaalbaar te houden gaan we op zoek naar creatieve ideeën en verrassende samenwerkingen. Wij gaan als gemeente hierover in gesprek met o.a. KW1C, ONS welzijn, de Volksuniversiteit, DigiBuurt en het Ouderenfonds.

Concept Pva Meedoen begint bij de basis 2024-2028 versie 2 juli

27

Ons streven voor 2028 is een gevarieerd, betaalbaar en laagdrempelig aanbod waarmee wij per jaar minimaal 750 mensen kunnen helpen.

Actiepunt 10: Een regionaal actieplan voor vergroten werkgeversparticipatie Wij willen dat meer werkgevers hun werknemers de mogelijkheid bieden om bij te leren en hun basisvaardigheden te verbeteren. Dit zorgt voor een betere kwaliteit van werk én gezondere werknemers. Investeren in basisvaardigheden op de werkvloer loont. Er is een landelijke roep om dit op te nemen in de Cao’s omdat dit de duurzame inzetbaarheid van werknemers en hun kansen op de arbeidsmarkt vergroot. Wat gaan wij als gemeente doen? -

We sluiten aan op de regionale samenwerking omdat we daarmee een groter bereik hebben en kunnen aansluiten bij lopende programma’s zoals Taal op de werkvloer.

-

Wij gaan via ons eigen arbeidsmarktbeleid bedrijven stimuleren om met Leven Lang Leren bezig te zijn. Dit wordt een van de pijlers van het beleid. Laaggeletterdheid zit als actielijn in de UNESCO aanvraag voor de Lerende Stad. Om een beter beeld te krijgen waar we als Oss staan met Leven Lang Leren laten we onderzoek doen onder inwoners, bedrijven en instellingen.

Ons streven voor 2028 is dat we meer bedrijven hebben als aanbieder van basisvaardigheden op de werkvloer. Wij hebben nu geen zicht op hoe onze bedrijven en organisaties het doen, daarvoor is extra onderzoek nodig. Op basis van wat daar uitkomt bepalen we richting. Actiepunt 11: Regionale activiteiten voor een betere uitstroom van jongeren Wij willen dat jongeren een goede start kunnen maken op de arbeidsmarkt. Het KWC1 werkt vooruitlopend op wetgeving samen met het Leerwerkloket aan een nazorgtraject. Een traject voor werk voor mbo-studenten niveau 1 en 2 met een diploma. Dit onder andere door een (uitstroom-)begeleider op de locaties Oss, Veghel en Cuijk. Mbo-studenten die voortijdig uitstromen (vsv) zonder diploma en zonder startkwalificatie worden aangemeld bij het ‘Doorstroompunt’ (voorheen RMC/RBL) en/of jongerenconsulent van de gemeente. Ook kijken we vanuit regio naar het aanbod basisvaardigheden van jongeren. Dit omdat het huidige aanbod aan WEB-cursussen en trainingen beter aansluit bij oudere volwassenen. Voor jongere doelgroep van 18 jaar en ouder zijn deze trainingen of de cursusonderwerpen niet interessant of leuk genoeg. Daarom is het lastig om deze jongeren te motiveren.

De centrumgemeente heeft aan het Talentenatelier van KW1C gevraagd hoe we ervoor kunnen zorgen dat jongeren het wél leuk of interessant vinden om hun basisvaardigheden te verbeteren als ze niet meer op school zitten? Het antwoordt van het Talentenatelier wordt meegenomen in het toekomstige aanbod. Ons streven voor 2028 is een aanbod aan cursussen en trainingen dat beter aansluit de wensen van de jongeren.

In tabel 6 staat een overzicht van de actiepunten en wat we willen bereiken. In bijlage 2 staat een overzicht van alle actiepunten per thema.

Concept Pva Meedoen begint bij de basis 2024-2028 versie 2 juli

28

Tabel 6 Ons streven per actiepunt Actielijn Bewustwording

Preventie

Signalering en toeleiding

Actiepunt nummer

Ons streven voor 2028

1.

Trainen eerstelijnsmedewerkers zorg en welzijn en dienstverlening in herkennen van signalen en doorverwijzen naar (taal)aanbod

Minimaal 4 trainingen per jaar met een bereik van minimaal 60 medewerkers

2.

Activiteiten voor de Week van Lezen en Schrijven

1x per jaar activiteiten voor de Week van Lezen en Schrijven

3.

Activiteiten voor Digitaal Meedoen

1x per jaar activiteiten voor een Digitale Meedoen

4.

Meer aanbod via bewonersinitiatieven in gemeenschapshuizen of op andere pekken

Minimaal in 10 gemeenschapshuizen of op andere toegankelijke plekken vindt een activiteit plaats voor en door bewoners

5.

Het verbeteren van de basisvaardigheden in gezinnen via een Gezinsaanpak

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Oss&id=9b09b9b8-4f4e-4a82-867e-70617b062ffe