CConstaterende datOss
Koppel je AI →
Document · PDF

Bijlagen VTH-plan 2021.DOCX

Adviescommissie Sociaal Bestuurlijk 25 februari 2021, gemeente OssBij agendapunt: BII VTH - TOR/HOR plan 202113.180 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 2

Bijlage 1

Prioriteiten

BRANDVEILIGHEID HOOG A Woonfunctie voor zorg Opvangcentra Celfunctie Bedgebonden zorg

MIDDEL

B/C Kinderopvang Uitgaansgelegenheid Woongebouw met zorg Kamerverhuur Bioscoop/theather Logiesgebouw (hotel) Risicovolle bedrijven

LAAG E Gebedshuis Grondgebonden woningen Restaurants/sport Woonwagens Niet-bedgebonden zorg Woongebouw Losse logies (B&B, vakantiewoning) Lichte industrie Basisonderwijs Kantoren Winkelcentrum Niet basisonderwijs (middelbaar/voorgezet) Brandstoffenstation Winkels Kampeerterrein/Vakantiepark Parkeergarages D

TOEZICHT: 1 X 2 JAAR 100% CONTROLE 1 X 2 JAAR 4 BELANGRIJKSTE ASPECTEN (B/C) 1 X 2 JAAR 4 BELANGRIJKSTE ASPECTEN CONTROLE 1 X 4 JAAR 4 BELANGRIJKSTE ASPECTEN (D) 100% VAN ALLE OBJECTEN 100% VAN ALLE OBJECTEN HANDHAVING: LANDELIJKE HANDHAVINGSTRATEGIE

Toezichtstrategie Brandveiligheid 2017-2021

1 X 8 JAAR BELANGRIJKSTE ASPECTEN OP BASIS VAN MELDING/HANDHAVINGSVZERZOEK STEEKPROEF

MILIEU VEILIGHEID&GEZONDHEID HOOG BRZO-bedrijven (OMWB) BEVI-bedrijven (OMWB) Afvalbeheer IPPC Veehouderij IPPC Industrie Kleinschalige opslag gevaarlijke stoffen Transport en distriebutiebedrijven Mengvoeders Voedingsmiddelenindustrie Illegale activiteiten en milieucriminaliteit TOEZICHT TOEZICHT VOLGENS LEVEL PLAYING FIELD

MIDDEL Horeca Bouwmaterialenproducenten Energie- en waterbedrijvenScheepswerven Rubber en kunstofindustrie Metaalelectrobedrijven Autodemontagebedrijven Bouwnijnerheid Chemische wasserijen Hout- en meubelindustrie Benzinestations Jachthavens Auto & crossterreinen Zwembaden Evenementencomplexen Garage en herstelbedrijven

LAAG Sportvelden en -gebouwen Verzorgingstehuizen/ziekenhuizen Dienstverlening Winkels/Winkelcentra Scholen/Kinderopvang Bijeenkomstfuncties Logies Kantoren Akkerbouw Crematorium en gebedshuizen

THEMATISCH EN INFORMATIEGESTUURD TOEZICHT

OP BASIS VAN MELDING/HANDHAVINGSVERZOEK STEEKPROEF

HANDHAVING: LANDELIJKE HANDHAVINGSTRATEGIE

Regionaal Operationeel Kader ODBN 2017-2021

KINDEROPVANG HOOG Kinderdagverblijven Gastouderbureau's Buitenschoolse opvang

TOEZICHT 100% TOEZICHT Diepgang afhankelijk van naleefgedrag HANDHAVING:

Nieuwe gastouder

MIDDEL

LAAG Bestaande gastouders

100% TOEZICHT op hoofdlijnen

OP BASIS VAN MELDING/HANDHAVINGSVERZOEK STEEKPROEF jaarlijks minimaal 5%

LANDELIJKE HANDHAVINGSTRATEGIE

Nota Kwaliteit, toezicht en handhaving in de kinderopvang

APV/BIJZONDERE WETTEN HOOG C- evenementen B+- evenementen Alcohol 18 minners Opiumwet Ondermijning

TOEZICHT VOLGENS EVENEMENTENBELEID 2020 OP BASIS VAN MELDING/HANDHAVINGSVERZOEK HANDHAVING:

MIDDEL B- evenementen Betogingen en samenscholingen A-evenementen Exploitatievergunning Sluitingstijden Woonoverlast en gebiedsverboden BIBOB Alcohol 18-minners

LAAG Straatartiest Voorwerpen op de weg Uitweg Klein evenement

OP BASIS VAN MELDING/HANDHAVINGSVERZOEK

GEEN TOEZICHT

LANDELIJKE HANDHAVINGSTRATEGIE

Beleidskader Integrale Veiligheid Oss 2019-2022

BOUW & RUIMTELIJKE ORDENING Voorbeelden

WONEN en BEDRIJVEN

Geen monument Bouwen

Aan- uit- en bijgebouwen

Binnen bestemming/bouwvlak

Erfafscheidingen Lichtmasten Installaties

Gebruik

Aan huis gebonden beroep/bedrijf Extra woning, regulier bedrijf Tennisbanen, paardenbakken Kantoor, detailhandel Zwaardere/lichtere bedrijfscategorie Meer oppervlakte dan toegestaan Verhardingen

Buiten bestemming/bouwvlak Binnen bestemming/bouwvlak Buiten bestemming/bouwvlak

Achter de voorgevel

GEBIEDSWAARDEN

Schuilhutten Teeltondersteunende voorzieningen Opslag Gebruik voor woon/bedrijfsdoeleinden Verhardingen Veiligheid of gezondheid in het geding, of bij verzoek om handhaving

OVERIGE

Onder andere: Maatschappelijk Recreatie Sport

Bouwen

LAAG

LAAG

Welstandsniveau 2 of hoger

LAAG

LAAG

MIDDEL

Buitengebied

Welstandsniveau 1 Inhoud woning < 10% dan toegestaan Inhoud woning > 10% dan toegestaan

MIDDEL LAAG MIDDEL LAAG HOOG

MIDDEL LAAG MIDDEL HOOG LAAG HOOG LAAG HOOG

HOOG HOOG

HOOG HOOG

LAAG MIDDEL LAAG HOOG

LAAG HOOG LAAG HOOG

HOOG

HOOG

LAAG LAAG MIDDEL MIDDEL LAAG MIDDEL LAAG HOOG HOOG HOOG

LAAG LAAG MIDDEL HOOG LAAG HOOG LAAG HOOG HOOG HOOG

In strijd met bestemming, maar binnen ontheffingsmogelijkheden In strijd met bestemming én past niet binnen ontheffingsmogelijkheden In strijd met bestemming, maar binnen ontheffingsmogelijkheden In strijd met bestemming én past niet binnen ontheffingsmogelijkheden

In strijd met bestemming, maar binnen ontheffingsmogelijkheden In strijd met bestemming én past niet binnen ontheffingsmogelijkheden In strijd met bestemming, maar binnen ontheffingsmogelijkheden In strijd met bestemming én past niet binnen ontheffingsmogelijkheden

Gebruik

Geen monument Bouwen

Gebruik

Aan- en bijgebouwen Erfafscheidingen Lichtmasten Kantoor, detailhandel Zwaardere/lichtere bedrijfscategorie Meer oppervlakte dan toegestaan

Wel monument Veiligheid of gezondheid in het geding, of bij verzoek om handhaving

Binnen bestemming

Buiten bestemming Binnen bestemming Buiten bestemming

Buitenge bied

Voor de voorgevel

Wel monument Veiligheid of gezondheid in het geding, of bij verzoek om handhaving

Onder andere: Agrarisch, Groen, Natuur Tuin, Verkeer, Water

Bebouwde kom

Achter de voorgevel Voor de voorgevel

Welstandsniveau 2 of hoger Welstandsniveau 1

In strijd met bestemming, maar binnen ontheffingsmogelijkheden In strijd met bestemming én past niet binnen ontheffingsmogelijkheden In strijd met bestemming, maar binnen ontheffingsmogelijkheden In strijd met bestemming én past niet binnen ontheffingsmogelijkheden

Bijlage 2

Strategieën VTH en TORHOR

Preventiestrategie, algemeen Sinds 2015 werkt de afdeling Vergunningen, Toezicht en Handhaving met het beleidsplan ‘VTH-plan’. Het is de bedoeling om dit plan de komende jaren steeds verder uit te bouwen en uit te werken. In het ‘VTH-Plan 2017’ is een eerste opzet van een preventiestrategie aan de beurt. Waarom is deze strategie nodig? In de praktijk richten we vaak de aandacht op ‘genezen’. Dit terwijl ‘voorkomen beter is dan genezen’, zoals het spreekwoord niet voor niets luidt. Het voorkomen van overtredingen is vele malen doelmatiger dan handhavend optreden tegen overtredingen die al begaan zijn. Om overtredingen te voorkomen is het belangrijk om inzicht te krijgen in het gedrag van (potentiële) overtreders. Daarnaast is het belangrijk om bepaalde instrumenten in te zetten om handhaving zoveel als mogelijk te voorkomen. Wat houdt het onderzoek ‘De tafel van 11’ in? Het ministerie van justitie heeft in het verleden onderzoek verricht om inzicht te krijgen in het gedrag van (potentiële) overtreders. Zij heeft een onderzoek uitgevoerd naar 11 aspecten die een rol kunnen spelen bij mensen om bewust dan wel onbewust de regels te overtreden (naleefgedrag). Dit onderzoek heet ‘De Tafel van 11’. Deze 11 aspecten zijn als volgt benoemd en onderverdeeld: Dimensies voor spontane naleving 1. Kennis van de regels (bekendheid en duidelijkheid) 2. Kosten en baten 3.

Mate van acceptatie 4. Normgetrouwheid van de doelgroep 5. Maatschappelijke controle

Handhavingsdimensies 6. meldingskans 7. controlekans 8. detectiekans 9. selectiviteit van toezicht (prioriteiten) 10. sanctiekans 11. sanctie-ernst

Over het algemeen leven mensen die bekend zijn met een regel deze regel na. Een kleine groep zal echter bewust een afweging maken op grond van de aspecten van vooral het vak ‘handhavingsdimensies’ of een overtreding loont (calculerende burgers). De redenatie van de tafel van 11 is vervolgens dat handhavend optreden het meest nodig is bij calculerend en onverschillig gedrag. En het minst bij onbewuste overtredingen waarbij de overtreder meedenkend is. Hoe wordt een overtreding en overtreder beoordeeld? Op 1 januari 2016 heeft de gemeente Oss de ‘Landelijke Handhavingsstrategie’ vastgesteld. Deze strategie is opgesteld op initiatief van het Inter Provinciaal Overleg (IPO) en het Openbaar Ministerie (OM). Over het algemeen werken provincies, gemeenten, omgevingsdiensten en hun partners (denk aan de Regionale Brandweer) maar ook de Politie en het OM met deze strategie. In principe komt de redenatie zoals opgenomen in de tafel van 11 terug in deze strategie. Het beoordelen van een overtreding, maar ook van een overtreder gebeurt aan de hand van het volgende schema:

Calculerende burgers zullen er altijd zijn. Zij maken bewust de afweging hoe groot de kans is dat de overtreding opgemerkt wordt, en er vervolgens handhavend opgetreden wordt. Zeker nu in het algemeen veel kennis en informatie te vinden is via internet. Mensen worden steeds mondiger. Ook is in het VTH-plan een prioritering opgenomen van de verschillende handhavingssporen en handhavingsonderwerpen. In het VTH plan is daarom precies te lezen is welke speerpunten van handhaving voor dat jaar zijn gepland en op welke onderwerpen niet gecontroleerd wordt. Verder zijn sommige overtredingen dermate ernstig dat handhaving onvermijdelijk is. Dit is met name aan de hand als de veiligheid in het geding is of sprake is van onomkeerbare schade. Over dit soort gevallen gaat de preventiestrategie niet. Waar de preventiestrategie wel over gaat zijn de vakken A1 tot en met C3. De mensen waarmee we in deze vakken te maken krijgen staan het meest open voor preventieve beïnvloeding. Ook staan de soorten en de mate van overtredingen in deze vakken preventie toe. Wanneer we de juiste instrumenten inzetten is de kans op spontane naleving van wet- en regelgeving door de mensen die ingedeeld kunnen worden in deze vakken het grootst.

Welke 4 categorieën van instrumenten zijn er? De instrumenten om naleving van wetten en regels te bevorderen zijn onder te verdelen in vier categorieën: 1. VTH 2. Rol partners VTH 3. Communicatie in het algemeen buiten het VTH traject om 4. Nieuwe ideeën als extra stimulans Daarbij ligt de nadruk op communicatie, samenwerking met onze partners en eigen verantwoordelijkheid van de inwoners van Oss. Wat zijn voorbeelden van niet-juridische instrumenten? Er zijn veel voorbeelden van niet juridische instrumenten te bedenken als het gaat om het bevorderen van spontaan naleefgedrag. Veel van deze instrumenten zijn vanzelfsprekend. Toch wordt hierna een inventarisatie gemaakt. En wel per onderwerp zoals hiervoor genoemd. VTH 1. Communicatie Goed bekend maken van het VTH-plan. Niet alleen bij partners/andere gemeenten/intern maar ook naar de inwoners van Oss toe. Het plan wordt ook wel aan de raad gepresenteerd. Maar een voorlichtingsavond of een krantenartikel / artikel op de website zou goed zijn. Dit om aan te geven waar handhaving zich op gaat richten op een transparante en eenduidige manier; Publiceren van handhavingstrajecten (of wordt dit al gedaan) -> ja wordt gedaan Uitvoeringsfase: Informeren (kleine) aannemers over de regels met betrekking tot vergunningvrij bouwen. Daarnaast de optie van een (kosteloos) vooroverleg goed tussen de oren krijgen bij deze groep.

Klare taal gebruiken in brieven / mails zodat de klant weet wat hij moet doen dan wel waar hij aan toe is. 2. Vooroverleg - Vooroverleg met goede uitleg over de geldende regels en goede advisering; - Behulpzaam zijn bij het invullen van een aanvraag / uitleg bij te treffen maatregelen om overtreding te stoppen/voorkomen’ - Initiatieffase: Informeren van burgers over wat er allemaal wel niet vergunningvrij kan. En wanneer een vergunning nodig is. Wijzen op de mogelijkheid van een (kosteloos) vooroverleg. - Met betrekking tot evenementen wordt nu al periodiek een evenementenspreekuur georganiseerd waarbij alle betrokken partijen bij een evenement zijn uitgenodigd. Tijdens dit overleg wordt de aanvraag voor een evenementenvergunning doorgenomen en worden de belangrijkste punten besproken. En, nadat een evenement heeft plaatsgevonden wordt dit wanneer nodig geëvalueerd. Ook weer met alle betrokken partijen. Hierbij wordt besproken wat er wel en niet goed ging en wat bij een eventuele volgende editie van het evenement verbeterd moet worden. 3. Vergunningverlening - Bij toets van aanvragen vergunningen naar bestaande/feitelijke situatie kijken. Niet alleen naar het aangevraagde; - In vergunningen heldere, realistische voorschriften stellen;

- Goede documentatie voegen bij een vergunning; - Een communicatieplan voegen bij een vergunning, dus hoe/op welk moment contact opgenomen moet worden met de gemeente; - Bij onduidelijkheden in gesprek gaan met aanvrager en daarna de aanvraag schriftelijk afhandelen. 4. Toezicht - In gesprek gaan met betrokkenen om handhaving te voorkomen: Mediation of wel de andere aanpak. - Intakegesprek voeren na vergunningverlening voor aanvang uitvoer vergunning door toezichthouder; - Bij vragen naar aanleiding van de intake je afspraken nakomen. Op korte termijn reactie. Alleen dan blijven de mensen je informeren. - Tijdens controles/gesprekken voorlichting geven over het hoe en waarom van de geldende regels. Hiermee creëer je draagvlak; - Als er een vergunning wordt ontvangen door een initiatiefnemer, gaat deze vaak snel in de kast. We moeten goed wijzen op de (eventuele) voorwaarden. Hier is al een keer een zin over op het voorblad gekomen. Mogelijk ook in de begeleidende brief? Of de vergunning gaan brengen en dan meteen de soort van intake houden. 5. Handhaving - In gesprek gaan met betrokkenen om handhaving te voorkomen: Mediation of wel de andere aanpak: - mogelijkheid tot indienen plan van aanpak tot beëindigen van overtreding(en) in proces opnemen. De ervaring leert dat mensen het prettig vinden de zaak zelf in de hand te hebben. Dit is niet altijd mogelijk.

Denk aan spoedeisende gevallen of niet meewerkende overtreders. 6. beleid - Trends in overtredingen signaleren. Wanneer nodig inventariseren en voorleggen aan de beleidsafdeling. Zodat de afweging gemaakt kan worden of het beleid aangepast moet worden of niet. Zo speelt de gemeente Oss in op de wensen van de burgers van Oss van vandaag. - ideeën casusgericht - veel dezelfde overtredingen verzamelen Rol partners VTH - Afdelingen als GIBORS, Wijkzaken en Werk en inkomen inzetten als oog- en oor functie voor afdeling VTH. Opvallende zaken doorgeven aan VTH. Dit o.b.v. prioritering VTHplan vooral voor opsporen trends; - Zelfcontroles laten uitvoeren door bedrijven m.b.t. milieuregelgeving. Dit om draagvlak te creëren dan wel mensen eigen verantwoordelijkheid/vertrouwen te geven; - SOR / SLWE: Helder en realistisch beleid opstellen dat gedragen wordt door de inwoners van Oss. Voorgenomen beleid voorleggen aan betrokkenen; - Goed communiceren over voorgenomen / nieuw vastgesteld beleid; - Tijdens controles, intakegesprekken en vooroverlegvoorlichting geven over het hoe en waarom van de geldende regels; - In brieven/controlerapporten uitleg geven over nieuwe/aankomende wet- en regelgeving;

-

-

-

Goede werkafspraken maken met onze partners over de invulling van de oog- en oor functie taken die zij voor ons uitvoeren. Bezoeken aan percelen / gebouwen zijn erg waardevol bij het opsporen van eventuele overtredingen (in wording) -> ook voor opsporen trends; Voorlichting brandveiligheid en risicobeheersing geven. Rol voor de brandweer:  Tijdens controles  Op de website van Oss, of in ieder geval een inleidende/samenvattende tekst met een link naar eigen website;  Tijdens voorlichtingsavonden bijvoorbeeld op thema / voor bepaalde doelgroepen (bv scholen); Constructeurs bewust maken van het feit dat cruciale info (bijleg wapening) regelmatig over het hoofd wordt gezien, door de aannemer en/of vergunninghouder. Mogelijk dat zij deze extra wapening kunnen accentueren op de tekening. Of toelichten bij de overdracht.

3. Communicatie in het algemeen buiten VTH om; Goede, gemakkelijk vindbare voorlichting op website gemeente Oss. In de “Oss actueel” over procedures goede, bondige informatie geven over in te dienen aanvragen, sancties, nieuwe wet- en regelgeving enz. Bij publicatie in de Oss actueel hoeven burgers niet actief op zoek, zoals op een website. Daarom is dit zeker een aanvulling op de digitale informatievoorziening. Ook kunnen actuele items worden behandeld. Het is zaak om de informatie kort en duidelijk te houden. Nuttige links op de website plaatsen m.b.t. onderwerpen van VTH; Op de website goede verwijzingen geven naar onze partners en hun taken; informatie van (overheids)diensten via links; Info avonden organiseren voor externen in gevoelige zaken, nieuwe wetgeving enz. De afdeling Communicatie kan hiervoor goede tools opstellen. En wellicht op intranet het organiseren van infoavonden promoten en aanbieden daarbij te helpen enz.; Positieve voorbeelden van een VTH traject uitlichten en communiceren op bv website, krant, DTV en dergelijke. dit regelmatig doen bijvoorbeeld eens per kwartaal. Kan ook een artikel zijn over vergunningsvrij bouwen voor particulieren, nieuwe wetgeving enz.; 4. Nieuwe ideeën als extra stimulans - Stimuleren en faciliteren van burgerinitiatieven zoals buurtpreventie-teams. Deze teams zien en horen veel waar we als gemeente op in kunnen spelen.

Dit geldt ook voor onze partners zoals de politie; - Goed gedrag belonen. Bijvoorbeeld door een ‘award milieuvriendelijke inrichting’ te introduceren of zoiets; Uit de voorgaande voorbeelden worden de volgende 4 instrumenten uitgelicht en uitgewerkt in de hierna volgende hoofstukken van deze preventiestrategie: 1. Signaleren van maatschappelijke ontwikkelingen en deze te betrekken bij het opstellen van beleidsregels. 2. Een duidelijke, heldere, goed werkende website met daarop te vinden formulieren, links enz. 3. Bemiddeling tussen partijen in zaken en wanneer nodig “Mediation” toepassen.

4. Geven van uitleg over geldende- maar ook vooral ook over nieuwe wet- en regelgeving. Dit kan tijdens informatiebijeenkomsten of met publicaties maar ook tijdens bezoeken/controles aan individuele burgers. 1.

Maatschappelijk gedragen beleid a. Wat willen we gaan inzetten? Om naleving van wet- en regelgeving te bevorderen is het van belang dat deze weten regelgeving maatschappelijk gedragen wordt. Voor een deel hebben wij als gemeente Oss hier invloed op. Een deel van de regels wordt door de gemeente Oss opgesteld. Denk hierbij aan bestemmingsplannen, beleidsregels en verordeningen. Het is goed om trends in: - overtredingen; - maar ook in de vergunningverlening waarbij geweigerd moet worden; te signaleren en deze te overleggen / kort te sluiten met de beleidsafdelingen SRO en SLWE. Wanneer een regel vaak wordt overtreden / een vergunning op een bepaald onderwerp vaak(er) geweigerd moet worden kan de oorzaak zijn dat de uitvoer van de regel niet (meer) gewenst is. In samenspraak met de beleidsafdeling kan dan worden besproken of de regel wel / niet aangepast kan worden naar de huidige maatschappelijke behoefte. b. Waarom kiezen we voor dit middel? Vaak wordt beleid al opgesteld in samenspraak met de inwoners van Oss. Denk hierbij aan bestemmingsplannen en beleidsregels. Bij het tot stand komen van deze regels worden dan informatieavonden georganiseerd en worden plannen / regels eerst ter inzage gelegd voor inspraak voordat ze definitief worden vastgesteld.

Toch kan het voorkomen dat bepaalde regels vaak worden overtreden / vergunningen op bepaalde onderwerp vaak(er) geweigerd moeten worden omdat in de tussentijd de maatschappelijke behoefte anders is dan bij het opstellen van het beleid. In die gevallen is het goed om deze overtredingen / weigeringen te signaleren en te bespreken met de beleidsafdeling. Het beleid hoeft niet altijd meteen aangepast te worden. Het kan wel een goede input zijn voor toekomstig beleid of een aanleiding zijn om (eerder) naar nieuw beleid toe te werken. c. In welke gevallen is dit middel niet toe te passen? In het geval van landelijke wet- en regelgeving is dit middel niet toe te passen. Dit geldt ook voor gevallen waarbij wij bij het opstellen van plannen / regels gebonden zijn aan verordeningen of wet- en regelgeving van hogere overheden. d. Wat is nodig voor deze aanpak? Los van de input die wij als afdeling VTH geven over trends in overtredingen is het van belang dat concept-plannen en beleidsregels worden voorgelegd aan onze afdeling. Naast de toets of het voorgenomen beleid goed is toe te passen bij vergunningverlening en ook handhaafbaar is kunnen we dan al regels die bijvoorbeeld niet haalbaar / realistisch zijn aan de orde stellen bij de beleidsafdeling.

Daarnaast is het goed wanneer we structurele overlegstructuur met deze afdelingen organiseren waarin het onderwerp ‘trends in vergunningverlening en handhaving’ vast op de agenda komt. In andere onderdelen van het VTH plan komt de behoefte aan structureel overleg met de beleidsafdelingen ook aan de orde. Hier kan dit onderwerp bij aansluiten.

e. Wat is de verwachte opbrengst? Wanneer beleid up tot date is en voor vaststelling goed is voorgedragen aan (groepen van) de inwoners van Oss dan is de kans groot dat het beleid maatschappelijk gedragen wordt. De naleving van de regels is dan groter, vergunningen zullen minder vaak geweigerd worden. Om het beleid up to date te houden is het goed om de trends in handhaving en vergunningverlening te signaleren en te bespreken met de beleidsafdelingen. Wanneer nodig kan het beleid dan (soms op kleine punten) worden aangepast waardoor vervolgens de kans op naleving weer groter wordt. Dit werkt positief voor iedereen. Zowel de beleidsafdelingen, de afdeling VTH maar ook voor de inwoners van Oss. 2.

Het geven van goede begeleiding en het geven van voorlichting over onze werkzaamheden in de VTH-processen. a. Wat willen we gaan inzetten? De instrumenten om de naleving van wet- en regelgeving te bevorderen die we willen inzetten hebben vooral te maken met communicatie, voorlichting en dienstverlening. Een duidelijke, heldere, goed werkende website met daarop duidelijk te vinden informatie, formulieren en links, e.d. kan een bijdrage leveren om onze werkzaamheden in VTH-processen te verduidelijken. b. Waarom kiezen we voor dit middel? De huidige informatie op de website is versnipperd en de aanwezige informatie is veelal via links en omwegen te bereiken. Hierin kunnen verbeteringen aangebracht worden door het geven van informatie en uit te leggen hoe onze processen verlopen en waaraan de aanvragen beoordeeld zullen worden. Voorgesteld wordt om dit in een themagericht document uit te werken (denk aan de brochure die de gemeente hanteert bij de verkoop van woningen in Piekenhoef.) Als gemeente streven we ernaar om over plannen/verzoeken het vooroverleg aan te gaan. In dit stadium kunnen gemakkelijker standpunten uitgewisseld worden en kan er meer draagvlak komen voor elkaars standpunten. Ook zijn er in het vooroverleg makkelijker aanpassingen te doen dan in het definitieve ontwerp.

Het voordeel voor de aanvrager is dat er voor de dienstverlening die zich in het vooroverleg afspeelt geen kosten in rekening worden gebracht. Dit is anders als voor de aanvraag een bestemmingsplanaanpassing of een uitgebreide projectprocedure nodig is. De welstandskamer heeft zich ook uitgesproken om in een zo vroegtijdig stadium betrokken te willen worden in de planopzet. Het plan kan dan gemakkelijker en vaak zonder al te veel kosten aangepast worden als dit nog in een echte ontwerpfase is. Is het plan al veel gedetailleerder en concreter uitgewerkt (en waarschijnlijk al in de uitvoeringsfase) dan kan het plan niet teruggedraaid worden. Er wordt dan geen goedkeuring gegeven aan het bouwplan (roept weer veel weerstand op) of het plan wordt alsnog (met tegenzin) goedgekeurd om niet voor voldongen feiten geplaatst te worden. Ook kan er in dit vooroverleg op gewezen worden dat er vaak onderzoeken nodig zijn om de aanvraag te beoordelen. Aan de aanvrager zal duidelijk moeten worden gemaakt waarom die onderzoeken nodig zijn voor de beoordeling dan verloopt de behandeling van de aanvraag soepeler. Het probleem is dat deze onderzoeken tijd

en geld kosten. Is het vooroverleg afgerond en past de aanvraag met de uitkomsten van de onderzoeken binnen de gemaakte afspraken van het vooroverleg dan zullen wij ervoor moeten zorgen dat de behandeling voortvarend wordt afgedaan. Loopt een plan in de vergunningverlening soepel, dat is de kans groot, dat dit bij de uitvoering ook het geval zal zijn. Het is echter geen garantie. Is de vergunning verleend? Dan hebben wij nu een werkwijze dat de vergunninghouder desgewenst in gesprek kan gaan met de gemeente (toezichthouder) over de uitvoering van zijn bouwplan. In dit gesprek kan uitleg gegeven worden wat de uitvoerder kan verwachten van de gemeente in de begeleiding van de uitvoering van het bouwplan en wat de gemeente kan verwachten van de uitvoerder. Als hierover van beide kanten duidelijkheid bestaat, dan kunnen uitvoeringsproblemen op tijd opgelost worden, zodat dit achteraf niet tot wrijvingen leidt. Van hieruit kan dus een preventieve beïnvloeding uitgaan. c. In welke gevallen is dit middel niet toe te passen? Als de aanvrager geen concessies wil doen aan zijn bouwplan en hieraan vasthoudt, dan blijft er geen andere mogelijkheid over dan de formele weg te bewandelen. Als er geen medewerking kan worden verleend, zal dit duidelijk naar de aanvrager gecommuniceerd moeten worden. d.

Welke aanbevelingen zijn er voor de korte termijn? 1 Nog meer de nadruk leggen op het (voor)overleg in de verschillende fasen van de VTH-processen, zodat de aanvragers/burgers beter begeleid kunnen worden bij de behandeling van de aanvragen, het uitvoeren van de vergunning en het handhaven van de vergunning. 2. Het verbeteren van de website, zodat de burgers op eenvoudige wijze kunnen lezen met welke aspecten zij rekening moeten houden als zij bijvoorbeeld een vergunning aanvragen en die gaan uitvoeren en hoe de gemeente daarin staat. 3. Het periodiek verstrekken van informatie over onderwerpen waarmee de gemeente of in het specifiek onze afdeling krijgt te maken. Bijvoorbeeld vergunningvrij bouwen, nieuwe regelgeving, brandveilig gebruik, het hanteren van de openings- en sluitingstijden voor de horeca. 4. Positieve voorbeelden van een VTH-project uitlichten en communiceren op bijvoorbeeld website, krant, TV. 3.

“Mediation” (lees: de andere aanpak van procedures) a. Wat willen we gaan inzetten? Om handhaving te voorkomen willen we Mediation als middel inzetten. Mediation is letterlijk “Het oplossen van een geschil door de partijen zelf, onder leiding van een onafhankelijke derde.” Formeel gezien is Mediation een instrument dat wordt ingezet bij geschillen. Wij zien dit instrument voor de afdeling PVTH meer als een informeel instrument wat in twee verschillende vormen onderverdeeld kan worden: 1. Als instrument van bemiddeling: In deze gevallen zijn we als gemeente daadwerkelijk de onafhankelijke derde. Denk bijvoorbeeld aan klachten of burenruzies waarbij we als bemiddelaar optreden met als doel de partijen meer begrip voor elkaar te laten krijgen en

vooral de partijen samen afspraken te laten maken om meer klachten / bezwaarschriften enz. te voorkomen. 2. Als instrument van onderhandeling: In deze gevallen zijn we als gemeente zelf partij in een zaak. We gaan in overleg met de tegenpartij(en) met als doel afspraken te maken, bijvoorbeeld over termijnen of gedrag, om formele juridische procedures te voorkomen. Ook wel ‘de andere aanpak’ genoemd. Hoofddoel bij het inzetten van dit instrument moet altijd zijn het meer recht doen aan de belangen van de betrokken partijen. Het moet niet zo zijn dat iemand met gemaakte afspraken in een Mediation traject wordt benadeeld…. b. Waarom kiezen we voor dit middel? Als gekozen wordt voor Mediation, verwachten wij meer recht te kunnen doen aan de belangen van beide partijen. Daarnaast zou het in kosten zelfvoorzienend kunnen zijn. De kosten van Mediation zullen gemiddeld lager zijn dan een Handhavingstraject. Daarnaast wordt het accent verlegd van Handhaven, naar een overlegsituatie. Een zeer gewenste verschuiving waar wij al jaren goede ervaringen mee hebben. Denk hierbij aan het intakegesprek in het bouwtoezicht en het maken van afspraken met overtreders naar aanleiding van een waarschuwingsbrief. Maar ook aan een vooroverleg door de Wabo consulent, voordat een formele aanvraag voor een omgevingsvergunning wordt ingediend.

Er komen dagelijks zaken binnen bij de gemeente Oss, waar wij iets mee moeten. Als we hiermee aan de slag gaan, blijkt regelmatig dat er andere motieven / belangen aan de melding ten grondslag liggen. Bij handhaving kan het zo zijn dat er uiteindelijk aan beide belangen voorbij wordt gegaan. Wat dus in ieder geval niet de gewenste uitkomst heeft voor één van de partijen, maar soms zelfs niet voor beide de partijen. Daarnaast wordt bij Handhaving in het kader van de leefbaarheid vaak een negatief leefklimaat gecreëerd. Wat bij Mediation in de vorm van bemiddeling voorkomen kan worden, doordat partijen met elkaar in contact worden gebracht en geprobeerd wordt ze met elkaar in contact te laten blijven. c. Welke randvoorwaarden zijn er voor de rol van “Mediator”? Er zijn een paar factoren die in ieder geval nodig zijn, zodat Mediation een kans van slagen heeft. Zo is het goed als er maar een beperkt aantal personen wordt ingezet voor de rol van “Mediator”. Deze personen moeten affiniteit hebben met deze werkvorm. En daarnaast een training volgen om de basis van Mediation (bemiddelen en onderhandelen) onder de knie te krijgen. Door het aanstellen van een beperkt aantal personen, kan gemakkelijker worden geborgd dat bij verschillende zaken, hetzelfde wordt gehandeld. Het is wel noodzakelijk dat alle collega’s van onze afdeling bewust zijn van deze aanpak.

Zodat zij dit ook al in de kleine dingen inzetten en met de input/zaken komen. d. In welke gevallen is Mediation niet in/voort te zetten? In de volgende gevallen is deze vorm van Mediation niet in te zetten, namelijk:  Als één of beide partijen aangeeft niet mee te willen werken aan deze vorm.

Als er sprake is van een gevaarlijke situatie. Maar ook dan kan het zo zijn dat we eerst de overtreder zelf met een Plan van aanpak laten komen en dit daarna door de overtreder laten uitvoeren. Bij zaken met de prioriteit laag. Hier wijzen we mensen vaak op hun eigen verantwoordelijkheid en adviseren we ze om met de buren in gesprek te gaan en zelf met de buren afspraken te maken. Als tijdens het gesprek de conclusie wordt getrokken dat er géén overeenstemming wordt bereikt, zal de reguliere procedure worden ingezet. Dit moet in ieder geval door de onafhankelijke partij worden gesignaleerd en uitgesproken / vastgelegd. Wanneer er geen ruimte is voor onderhandeling. Bijvoorbeeld bij zaken in het kader van de Opiumwet of Openbare orde en veiligheid.

e. Wat is nodig voor deze aanpak? Om deze aanpak een goede kans van slagen te laten hebben, zijn in ieder geval de volgende zaken nodig:  Alle collega’s zullen bekend moeten zijn met de uitgangspunten van deze nieuwe werkwijze en moeten hier naar handelen. Zo komen de betreffende zaken bij de juiste personen. Maar het zit hem ook al in de kleine dingen, zoals meer open staan voor de input van de betrokkenen….. Dit is een mooi onderwerp om in een afdelingsoverleg te behandelen.  In de eerste plaats zullen we twee of drie collega’s moeten hebben die affiniteit hebben met deze werkvorm.  Deze collega’s zullen op zijn minst de basis van Mediation (bemiddelen en onderhandelen) onder de knie moeten krijgen door middel van een training.  Deze collega’s moeten tijd krijgen om dit op te pakken.  Er is medewerking / toestemming nodig van beide (alle) partijen.  Begrip vanuit het management voor het feit dat deze aanpak uiteindelijk ook niet altijd het gewenste resultaat zal hebben.  Speelruimte tijdens het gesprek. De mediator moet van tevoren de speelruimte in de zaak op een rij zetten en tijdens het gesprek uitleggen /aangeven wat de speelruimte is in de zaak. En probeert die speelruimte zo goed mogelijk te benutten door het maken van afspraken tussen de partijen. f. Wat zijn de risico’s? De verwachting is dat deze aanpak een positieve bijdrage zal hebben op onze werkwijze.

Uiteraard zitten er ook risico’s aan deze manier van werken. Zo kan het zijn dat tijdens het gesprek duidelijk wordt, dat er geen gezamenlijk gedragen oplossing wordt gevonden. Als dit het geval is zal alsnog de reguliere procedure worden ingezet. Dit moet in ieder geval door alle partijen worden gesignaleerd en uitgesproken / vastgelegd. Het is mogelijk dat zich achteraf nog een partij meldt, die bij het Mediation gesprek niet is meegenomen. Wat is dan de status van gemaakte afspraken? g. Wat is de verwachte opbrengst? Een gedragsverandering op de afdeling, waar we de laatste tijd al stappen in hebben gemaakt. Doordat we nog meer oog (en oor) hebben voor alle partijen. Minder Handhavingszaken en betere leefbaarheid (begrip voor elkaars standpunten) in de wijk in de gevallen waar Mediation wordt ingezet en slaagt.

TOEZICHTSTRATEGIE Het Besluit omgevingsrecht verplicht ons om “te handelen op grond van een toezichtstrategie. Hierin moet zijn vastgelegd welke vormen van toezicht worden onderscheiden, en wat de basis daarbij is”. Maar wat verstaan wij onder toezicht, waarop oefenen we dat uit en wie zijn onze toezichthouders nu eigenlijk? Op die vragen geven we antwoord in deze strategie. De strategie maakt integraal onderdeel uit van het VTH-plan 2017-2018. 1.

Waar is de Toezichtstrategie op gericht?

De wetenschappelijke uitleg van het begrip toezicht is: “het verzamelen van informatie over de vraag of een handeling of zaak voldoet aan de daaraan gestelde eisen, het zich daarna vormen van een oordeel daarover en het eventueel naar aanleiding daarvan interveniëren”. Op het gebied van VTH is deze uitleg echter ruimer dan wat wij onder toezicht verstaan. Wij verstaan namelijk enkel onder toezicht “het verzamelen van informatie over de vraag of een handeling of zaak voldoet aan de daaraan gestelde eisen”. De rest van de wetenschappelijke uitleg zien wij als legalisatie-onderzoek (oordeel vormen) en handhaven (interveniëren). Deze laatste twee nemen wij niet mee in deze Toezichtstrategie. Wij hebben daar een aparte strategie voor (Handhavingstrategie). Verder maken wij als gevolg van onze uitgangspunten uit het VTH-plan 2017-2018 (paragraaf 1.2.1) nog onderscheid in Programmatisch toezicht en Incidenteel toezicht. Die laatste categorie betreft toezicht dat nodig is als gevolg van klachten, meldingen en verzoeken om handhaving. Daarvoor hebben wij een aparte strategie (Klachtenstrategie). Deze Toezichtstrategie richt zich uitsluitend op het programmatische toezicht. Dat is toezicht dat volgens een vooraf vastgesteld programma plaats vindt.

Preventiestrategie

Toetsingstrategie

Klachtenstrategie

Toezichtstrategie

Handhavingstrategie

Ons toezicht vindt plaats op basis van de gestelde prioriteiten en doelen. De volgorde in prioriteit is leidend voor bijvoorbeeld: 

de frequentie van het toezicht,

de diepgang daarvan en,

zelfs de vraag of we überhaupt wel toezicht houden.

Kort samengevat: onze Toezichtstrategie richt zich op “het risico-gestuurd en programmatisch verzamelen van informatie over de vraag of een handeling of zaak voldoet aan de daaraan gestelde eisen” .

2.

Welke verschillende vormen van toezicht voeren wij uit?

Het toezicht wat wij (laten) uitvoeren, gebeurt grofweg op de volgende 2 manieren: a. Aanbod gestuurd b. Vrije veldtoezicht/Informatie gestuurd In de volgende tekst worden deze manieren verder uitgelegd. a.

Aanbod gestuurd

Het toezicht op verleende (omgevings)vergunningen en meldingen vindt grotendeels aanbod gestuurd plaats. Dat wil zeggen dat de inzet van de capaciteit grotendeels afhankelijk is van een verleende (omgevings)vergunning of een ingediende melding. Hierop kan enigszins worden geanticipeerd door de lopende aanvragen om vergunning of nieuwe meldingen periodiek te analyseren. Hieruit ontstaat inzicht in de komende werkvoorraad. Het toezicht kan betrekking hebben op nieuwe vergunningen en meldingen maar ook op bestaande voortdurende vergunningen en meldingen zoals op het gebied van milieu en brandveiligheid. In deze Toezichtstrategie geven we aan op welke vergunningen en meldingen wij toezicht houden en met welke frequentie en diepgang. b.

Vrije veldtoezicht/Informatie gestuurd

Naast het aanbod gestuurd toezicht vindt Vrije veldtoezicht plaats op activiteiten die mogelijk strijdig zijn met wet- en regelgeving. Hiervoor formuleren we in het VTH-plan 20172018 specifieke projecten die jaarlijks kunnen wisselen op basis van actuele urgenties. Deze specifieke projecten baseren we op informatie die wij continu verzamelen over eventuele risico’s voor de veiligheid en gezondheid in of op bepaalde gebieden/sectoren/thema’s/onderwerpen. Vrije veldtoezicht vindt plaats als de risico’s voor veiligheid en gezondheid groot zijn (prioriteit Hoog). 3.

Verschillende toezichthouders

Veel van ons toezicht wordt uitgevoerd door externe partners. Maar niet alles. Een deel van het toezicht doen we nog zelf. De verschillende toezichthouders hebben verschillende werkterreinen en verschillende soorten van toezicht. Ook hebben zij vanwege al dan niet landelijke of regionale verplichtingen/richtlijnen allemaal een verschillende strategie voor het uitoefenen van het toezicht. Wij bewaken als regisseur de integraliteit en de afstemming van die verschillende strategieën. Hieronder staan schematisch weergegeven de toezichthouders die wij gebruiken. Ook staat daarin waar zij op toezicht houden, en op welke manier dat zij dat doen. Na het schema vertellen wij hoe wij de integraliteit en de afstemming van die verschillende strategieën bewaken.

TOEZICHTHOUDER OSS

WERKTERREIN

SOORT TOEZICHT

INDICATOR

STRATEGIE

VTH

Bouwen met vergunning

Toezicht op Omgevingsvergunning Bouw

Verleende vergunningen

Landelijk Toezichtprotocol VBWN

VTH

Bouwen zonder vergunning

Vrijeveld toezicht

Basis administratie adressen en gebouwen (BAG)

Prio Hoog: direct toezicht Prio Middel: gepland toezicht Prio Laag: geen toezicht

VTH

Gebruik in strijd met ruimtelijke regels met vergunning

Toezicht op Omgevingsvergunning Gebruik

Verleende vergunningen of toestemmingen

Prio Hoog: direct toezicht Prio Middel: gepland toezicht Prio Laag: geen toezicht

VTH

Gebruik in strijd met ruimtelijke regels zonder vergunning

Vrijeveld toezicht

BAG, BRP REVA, KVK

Programma op basis van uitkomsten Klus Actief Toezicht strijdig gebruik

VTH

Cultureel Erfgoed met vergunning

Toezicht op Omgevingsvergunning Cultureel Ergoed

Verleende vergunningen

Controle op basis van uitkomsten Klus Actief toezicht Cultureel Erfgoed

VTH

Cultureel Erfgoed zonder vergunning

Vrijeveld toezicht

Periodiek bezoeken

Programma op basis van uitkomsten Klus Actief toezicht Cultureel Erfgoed

GIBOR

Drank & Horecawet

Toezicht op Drank&Horeca vergunning en exploitatievergunning

Periodiek bezoeken

Preventie- en Handhavingsplan alcohol Gemeente Oss 2014 2017

TOEZICHTHOUDER EXTERN

WERKTERREIN

SOORT TOEZICHT

INDICATOR

STRATEGIE

ODBN

Milieu met vergunning

Toezicht op Omgevingsvergunning Milieu

Verleende vergunningen

Regionaal operationeel kader ODBN

ODBN

Milieu zonder vergunning

Vrijeveld toezicht

KVK

Pilot leegstaande panden

BRANDWEER

Brandveiligheid Bestaande bouw

Toezicht op Omgevingsvergunning Brandveilig gebruik

Verleende vergunningen of toestemmingen

Regionale Toezichtstrategie Brandweer Noord-Brabant Noord

GGD

Kinderopvang en gastouders

Toezicht op registraties wet Kinderopvang

Registraties wet Kinderopvang

Jaarlijks toezichtprogramma GGD

POLITIE

Opiumwet

Vrijeveld toezicht

Eigen inzicht politie

Nota Beleid 13b

POLITIE

Heling

Vrijeveld toezicht

Eigen inzicht politie

Nota De aanpak van Heling

DIVERSE

Evenementen

Toezicht op Evenementenvergunningen

Verleende vergunning

Programma op basis van Ideaalproces Evenementen

4.

Regie bij gemeente

Oss een regiegemeente. Heel kort gezegd betekent dit dat anderen specifieke uitvoeringswerkzaamheden doen en wij de regie daarop houden. Zo ook met het hierboven genoemde toezicht. Andere voeren het toezicht uit volgens onze strategieën en wij hebben daar de regie op. Wij bewaken daarmee de kwaliteit, integraliteit en de onderlinge afstemming van al het toezicht. Die taken voeren onze Regisseurs Handhaving uit. Deze regisseurs zijn ook jurist waardoor zij goed in staat zijn om de kwaliteit van het toezicht te bewaken. Ook voeren zij in veel gevallen het handhavingsproces dat op het toezicht kan volgen. Daarvoor hebben we onze Handhavingstrategie. Onze toezicht- en handhavingsprocessen is zo ingericht dat al het toezicht altijd aan 1 van onze Regisseurs Handhaving wordt gerapporteerd. Zij zijn daarmee de spil in de toezicht- en handhavingsprocedures. Deze regisseurs werken wijkgericht. Binnen die wijk behandelen zij al het toezicht. Daardoor is de wijkregisseur op de hoogte van al het toezicht en kan deze de integraliteit goed overzien. Doordat zij alles zien in de wijk, zijn zij oog- en oor voor ieders werkterrein. Als regisseur zorgt hij of zij ook voor de onderlinge afstemming tussen de toezichthouders. Met elke toezichthouder zijn afspraken gemaakt over het toezicht. In de strategie

Brandweer, Politie, GGD, ODBN

is afgesproken hoe de toezichthouder te werk gaat. In de jaarlijkse programma’s spreken we af waarop de toezichthouder controleert. Ook hierin hebben wij de regie, al dan niet gezamenlijk met de buurgemeenten of regio. De

GIBOR, VTH

toezichthouder gaat binnen deze kaders zoveel als mogelijk autonoom te werk. De toezichthouder rapporteert periodiek de

REGISSEUR VTH HANDHAVING

voortgang aan ons. 5.

Toezicht eigen inrichtingen

De gemeente Oss voert net zoals burgers en bedrijven zelf ook allerlei activiteiten uit op het gebied van VTH. Net zoals alle anderen zal ook de gemeente zelf aan de wet- en regelgeving moeten voldoen. Sterker nog, hierin heeft de gemeente een voorbeeldfunctie naar burgers en bedrijven. Van een gemeente mag worden verwacht dat zij zich aan haar eigen regels houdt. De activiteiten van de gemeente Oss nemen wij mee in de reguliere controlecyclus van de diverse toezichthouders. Gemeentelijke inrichtingen worden niet anders benaderd dan externe. Er wordt op dezelfde wijze toezicht gehouden.

6.

Informatie actief delen

a.

Wat willen we gaan inzetten?

We willen de mogelijkheden om informatie actief te delen meer gaan benutten. Denk hierbij aan: 

Informatieavonden organiseren

Doelgroepen / beroepsgroepen actief aanschrijven

Publicaties op onze website die deze genoemde acties ondersteunen. Of te algemeen van aard zijn om in kleiner verband op te pakken.

Dit moet alleen worden gedaan als er bijvoorbeeld nieuwe ontwikkelingen of regelgeving is ingevoerd. Of als we een herhaling in overtredingen zien en we deze in een breder verband bij de bron aan willen aanpakken. Eerste onderwerpen in dit kader kunnen zijn: 

(kleine) aannemers informeren over de regels met betrekking tot vergunningvrij bouwen. Daarnaast de optie van een (kosteloos) vooroverleg goed tussen de oren krijgen bij deze groep.

Informeren van burgers over wat er allemaal wel niet vergunningvrij kan. En wanneer een vergunning nodig is. Wijzen op de mogelijkheid van een (kosteloos) vooroverleg.

b.

Waarom kiezen we voor dit middel?

Het komt regelmatig voor dat mensen of bedrijven zich niet houden aan de geldende wet en regelgeving. In de meeste gevallen komt dit omdat mensen niet weten dat deze regels er zijn, niet willen weten dat deze regels er zijn, of niet precies weten wat de regels zijn. Door ontwikkelingen of trends actief te delen zullen mensen eerder geneigd zijn om deze na te leven. Vooral als ze zien dat hun plannen (eventueel met een kleine aanpassing) toch door kunnen gaan. c.

Welke randvoorwaarden zijn er?

Zorg dat je de juiste doelgroep weet te bereiken. Geef korte bondige informatie (geen grote lappen tekst) en gebruik voorbeelden. d.

Wat is nodig voor deze aanpak?

Dit is nodig voor deze aanpak: -

de persoon die een onderwerp oppakt moet de tijd krijgen om dit goed op te zetten. Dit is niet altijd dezelfde persoon binnen de afdeling. Degene met de meeste affiniteit van dat onderwerp moet dit oppakken. Het is wel handig als een vaste collega vanuit de afdeling Communicatie daarbij ondersteunt. Zo zorg je voor een zelfde aanpak binnen de verschillende onderwerpen.

-

het is belangrijk dat alle collega’s op de hoogte zijn van deze mogelijkheid. Hierbij kunnen de aandachtpunten en knelpunten vanuit de praktijk worden gebruikt als onderwerp.

e.

Wat zijn de risico’s?

Deze vorm heeft een laag risico.

f.

Wat is de verwachte opbrengst?

Doordat de juiste doelgroep actief wordt benaderd, verwachten wij dat je direct verbetering ziet in de naleving van de behandelde onderwerpen. Er worden vaak regels overtreden omdat deze niet (of niet volledig) bekend zijn bij de overtreder. Doordat onze collega’s hier meer bewust mee bezig zijn zullen zij in het dagelijkse werk mogelijk meer informatie gaan delen of doorvragen.

KLACHTENSTRATEGIE Na de wijziging van het Besluit omgevingsrecht per 1 januari 2017 zijn wij verplicht om “in ons uitvoerings- en handhavingsbeleid inzicht te geven in de objectieve criteria voor het afhandelen van meldingen”. In ons Handhavingsplan 2015 stond al een strategie voor klachten en meldingen (Klachtenstrategie 2015). Deze is in ons VTH-plan 2016 1 op 1 overgenomen. Aan het einde van 2016 hebben we deze strategie geëvalueerd en opgefrist. Hieronder leggen we onze Klachtenstrategie uit. Waar is de Klachtenstrategie op gericht? We maken als gevolg van onze uitgangspunten uit het VTH-plan 2017-2018 (paragraaf 1.2.1) onderscheid in Programmatisch toezicht en Incidenteel toezicht. Programmatisch toezicht is toezicht dat we vooraf kunnen bepalen (zie Toezichtstrategie). Incidenteel toezicht heeft betrekking op zaken die we niet vooraf kunnen bepalen. Dat laatste doet zich voor bij klachten, meldingen en verzoeken om handhaving. Daarop is deze Klachtenstrategie van toepassing.

Preventiestrategie

Toetsingstrategie

Klachtenstrategie

Toezichtstrategie

Handhavingstrategie

Deze strategie gaat dus over: 

klachten,

meldingen en,

verzoeken om handhaving.

Het zijn allemaal uitingen van ontevredenheid. Maar wat is nu het verschil hiertussen? En waarom maken wij dit verschil? Wij maken verschil tussen een klacht, een melding en een verzoek om handhaving. Wat is dat verschil? Dat leggen we nu uit. Wat is een klacht ?

Een informele uiting van ontevredenheid door een burger.

Wat is een verzoek om handhaving ?

Een formele uiting van ontevredenheid door een burger.

Wat is een melding?

Een signaal wat wordt ingediend door 1 van onze partners. Een melding wordt niet ingediend door een burger.

Waarom maken wij dit verschil? Omdat onze manier van werken voor een klacht, melding of verzoek om handhaving enorm van elkaar verschilt. Dit leggen we later in deze strategie verder uit.

Kort samengevat: onze Klachtenstrategie richt zich op “het risico-gestuurd en informatiegestuurd verzamelen van informatie over de vraag of een handeling of zaak voldoet aan de daaraan gestelde eisen” . Wat is het belang van de Klachtenstrategie? Burgers worden steeds mondiger en laten eerder weten als ze het ergens niet mee eens zijn. Daar komt nog bij dat de mogelijkheden om hun onvrede kenbaar te maken steeds makkelijker toegankelijk zijn. Het gevolg is een groeiend aantal klachten. De inkomende klachten zijn steeds meer variërend van aard. Omdat de wet- en regelgeving steeds meer divers wordt, hebben we steeds vaker specifieke kennis nodig om de klacht inhoudelijk te kunnen behandelen. Vaak zit die specifieke kennis buitenshuis. Het gevolg hiervan is dat er meer actoren zijn vereist voor het afhandelen van klachten. De afhandeling van klachten kost daardoor steeds meer tijd. Een ander gevolg is dat die actoren (lees: onze partners en wij) elkaar steeds beter vinden. Op zich heel goed, maar dat betekent ook dat ze elkaar ook weten te vinden als er iets niet in de haak is. Dit zorgt er voor dat het aantal meldingen van partners groeit. Bijkomend nadeel is dat klachten en meldingen vaak vragen om directe actie die de reguliere planning verstoort. Er moet vaak een controle plaats vinden door de toezichthouders.

Een terugkoppeling naar de klager is nodig en als er sprake is van een overtreding, zou ook nog een handhavingsprocedure gestart moeten worden. Een klacht krijgt op deze manier voorrang op de reguliere geplande taken, ongeacht de aard van de klacht. De reguliere taken vinden plaats naar aanleiding van een prioritering waar gekeken is naar de risico’s. Deze prioritering gold tot aan het Handhavingsplan 2015 echter niet bij klachten. Zo kwam het dus voor dat een klacht/melding over een zaak die in het reguliere werk een lage prioritering zou hebben, voorrang krijgt op een reguliere taak die een hoge prioritering (en dus risico) heeft. Toch zijn klachten en meldingen belangrijk. Deze zijn een goede indicatie van hetgeen er speelt in de leefomgeving. Klachten en meldingen geven een goed beeld van overtredingen en/of pijnpunten op werkterreinen of in gebieden waar wij niet of minder actief is of geen prioriteit hebben gesteld. Door goed met klachten en meldingen om te gaan en goed op klachten in te spelen, kunnen we quick wins maken bij de burgers. Tot slot ontvangen we ook formele klachten, oftewel verzoeken om handhaving. In principe zijn deze inhoudelijk niet anders dan ‘normale’ klachten. Maar een verzoek om handhaving is een formeel verzoek. Daar moeten we een gemotiveerd antwoord op geven en nog wel binnen een termijn van acht weken.

Dat betekent dat wij in die acht weken toezicht moeten houden en als er sprake is van een overtreding een handhavingsbesluit moeten nemen. In veel gevallen is dat onmogelijk. Hoe wij daar mee omgaan, leggen we uit in een andere strategie: Onze Handhavingstrategie. In deze strategie gaan wij enkel in om het toezichtsdeel van een verzoek om handhaving.

Wat is in de praktijk het verschil tussen klachten, meldingen en verzoek om handhaving? Eerder is kort theoretisch aangegeven wat het verschil is tussen klachten, meldingen en verzoeken om handhaving. In de praktijk zijn er nog meer verschillen. In het kort: Wat is een klacht?

Een informele uiting van onvrede van iemand (persoon of bedrijf) over het gedrag van iemand anders. Het is vaak een eenzijdige kijk op een situatie gezien vanuit het belang van de klager. Ook is de informatie die wordt gegeven niet altijd even duidelijk of betrouwbaar. En er is geen sprake van een integrale kijk op de situatie.

Wat is een melding?

Een informele uiting van onvrede over een burger of bedrijf, maar afkomstig van een onze partners. Anders dan bij een klacht, wordt in een melding meestal ook aandacht besteed aan de (belangen van de) beklaagde en is de informatie betrouwbaar. Maar een melding is wel vaak alleen bekeken vanuit het werkterrein van de melder (sectoraal) en een integrale benadering ontbreekt dan ook vaak.

Wat is een verzoek om handhaving?

Een formele uiting van onvrede van iemand (burger of bedrijf) over het gedrag van iemand anders. Voor de rest is het bijna hetzelfde als een klacht. Het is vaak een eenzijdige kijk op een situatie gezien vanuit het belang van de klager. De informatie die wordt gegeven is niet altijd even duidelijk of betrouwbaar. En er is ook geen sprake van een integrale kijk op de situatie. Maar de situatie is meestal complexer dan een klacht. Niet inhoudelijk, maar in de relationele sfeer. Voordat iemand een formeel verzoek om handhaving indient, heeft zich meestal het een en ander voorgedaan waardoor de relatie tussen de verzoeker en de beklaagde verstoord is.

Nu beschrijven we de strategie die we hanteren bij klachten, meldingen en verzoeken om handhaving. De eigenschappen die we hierboven hebben genoemd, bepalen de keuzes die wij in de strategie maken. Hoe ontvangen wij ene melding, klacht of verzoek om handhaving? Dat is verschillend. Klachten en meldingen kunnen mondeling, telefonisch, via de mail, per post of via internet binnenkomen. Bovendien kunnen ze binnenkomen bij zowel de toezichthoudende partner als bij de gemeente. Maar verzoeken om handhaving moeten altijd ondertekend per post bij de gemeente worden ingediend. Dit zijn wettelijke eisen. Pas dan is het een formeel verzoek. Komt het niet

in deze vorm binnen? Dan is het verzoek gewoon een informele klacht. Een verzoek om handhaving komt na het inboeken direct in de werkvoorraad bij de Regisseur Handhaving. Wat is de eerste toets? De eerste en belangrijkste stap na het ontvangst is het beoordelen van de risico’s. Voordat we een actie ondernemen beoordelen we wat de risico’s zijn als we niets zouden doen met de klacht, melding of verzoek om handhaving. Die beoordeling doen we zo objectief mogelijk. We gebruiken hiervoor de uitkomsten van de risicoanalyse en de bijbehorende prioritering uit het VTH-plan 2017-2018. Dit betekent dat een verzoek om handhaving altijd een hoge prioriteit heeft. Dit komt doordat het een formeel verzoek is waarop wij binnen 8 weken moeten beslissen. Dit geldt niet voor een klacht of een melding. Gaat een klacht of een melding over een activiteit met een hoge prioriteit? Dan wordt deze direct opgepakt. Gaat een klacht of een melding over een activiteit met een lage prioriteit? Dan laten wij de klager of melder weten dat we de klacht of melding alleen maar registreren. We voeren dan dus geen controle uit, of er nu wel of geen echte overtreding is. Waarom wordt de klacht wel geregistreerd als er toch niets mee wordt gedaan? Omdat we misschien in een later VTH-plan wel prioriteit geven aan de activiteit waarop de klacht betrekking heeft.

Wanneer wordt een controle uitgevoerd? Bij klachten en meldingen met een lage prioriteit volgt dus geen controle. Bij alle andere klachten, meldingen en bij verzoeken om handhaving volgt in principe altijd een toezichtcontrole door de meest geschikte toezichthouder(s). Wie dat is of zijn, bepaalt in principe de Regisseur Handhaving. Behalve als de klacht of melding al bij de betreffende toezichthouder is binnengekomen. Hoe en hoe snel de controle plaats vindt, hangt af van de prioriteit: Prio Hoog

Prio Middel

Klachten en meldingen, worden

Klachten en meldingen worden in

direct in behandeling genomen. Zo

behandeling genomen, maar afhankelijk

snel mogelijk, maar in ieder geval

van de werkdruk kan het wat langer

binnen 2 werkdagen. De

duren. De toezichthouder zal binnen 1

toezichthouders voert binnen deze

week ter plaatse een controle uitvoeren.

termijn ter plaatse een controle uit.

Tijdens die controle bezoekt de

Tijdens die controle bezoekt de

toezichthouder de locatie waar de klacht

toezichthouder zowel de locatie van

betrekking op heeft. Alleen als het nodig is,

de klager als de locatie waar de

bezoekt de toezichthouder ook de locatie

klacht betrekking op heeft.

van de klager.

De toezichthouder controleert altijd op de activiteit waarover geklaagd/gemeld wordt. Maar er wordt ook gelijk gecontroleerd op eventuele andere overtredingen (oog- en oorfunctie). Die overtredingen nemen we mee in het verdere traject.

Volgt de melding die bij de Regisseur Handhaving binnenkomt uit een andere toezichtcontrole door 1 van onze toezichthouders? Dan kan de Regisseur besluiten dat het niet meer nodig om nog een toezichtcontrole te houden. Wat als er geen overtreding is? Vindt de toezichthouder tijdens de controle geen overtreding van de wet- en regelgeving? Dan wordt dit teruggekoppeld naar de klager of melder. Gaat het om een verzoek om handhaving? En vindt de toezichthouder geen overtreding? Dan krijgt de Regisseur Handhaving hiervan een verslag. De klager of melder krijgt dan een brief waarin staat dat het verzoek om handhaving is afgewezen. Wat als er wel een overtreding is? Vindt de toezichthouder tijdens de controle wel een overtreding van de wet- en regelgeving? Dan rapporteert hij dit aan de Regisseur Handhaving. Deze start dan het handhavingsproces op. Dat proces beschrijven wij in onze Handhavingstrategie. Hoe houden wij regie? Oss is een regiegemeente. Heel kort gezegd betekent dit dat anderen specifieke uitvoeringswerkzaamheden doen Brandweer, Politie, GGD, ODBN

en wij de regie daarop houden. Zo ook met het hierboven genoemde toezicht. Andere voeren het toezicht uit volgens onze strategieën en wij hebben daar de regie op. Wij bewaken daarmee de kwaliteit, integraliteit en de onderlinge afstemming van al het toezicht. Die taken voeren onze Regisseurs Handhaving uit. Deze regisseurs zijn ook jurist waardoor zij goed in staat zijn om de kwaliteit van

GIBOR, VTH

REGISSEUR VTH HANDHAVING

het toezicht te bewaken. Ook voeren zij in veel gevallen het handhavingsproces dat op het toezicht kan volgen. Daarvoor hebben we onze Handhavingstrategie. Wij hebben onze toezicht- en handhavingsprocessen zodanig ingericht dat al het toezicht altijd aan een van onze Regisseurs Handhaving gerapporteerd wordt. Zij zijn daarmee de spil in de toezicht- en handhavingsprocedures. Deze regisseurs werken wijkgericht. Binnen die wijk behandelen zij al het toezicht. Daardoor is de wijkregisseur op de hoogte van al het toezicht en kan deze de integraliteit goed overzien. Doordat zij alles zien in de wijk, zijn zij oog- en oor voor ieders werkterrein. De regisseur zorgt ook voor de onderlinge afstemming tussen de toezichthouders.

HANDHAVINGSTRATEGIE In de Toezichtstrategie en de Klachtenstrategie staat hoe wij ons toezicht op de wettelijke regels hebben georganiseerd. Maar wat als uit dat toezicht blijkt dat iemand zich niet houdt aan die regels? Dan is de stelregel dat wij verplicht zijn om een handhavingsprocedure te starten. Dit is vastgelegd in rechtspraak. Dit noemen we ook wel jurisprudentie. Het doel van deze procedure is te zorgen dat de situatie alsnog volgens die wettelijke regels wordt. In deze handhavingstrategie leggen we uit hoe wij dat doen. De strategie is een onderdeel van het VTH-plan.

Preventiestrategie

Toetsingstrategie

Klachtenstrategie

Handhavingstrategie

Toezichtstrategie

Waar is de Handhavingstrategie op gericht? Het handhavingsproces start vanaf het moment dat bij het toezicht een overtreding is geconstateerd die niet direct wordt opgelost. De handhavingstrategie geeft inzicht in ons proces dat leidt of kan leiden tot bestuursrechtelijk optreden tegen overtredingen. Ook beschrijft de strategie de samenwerking met de partners die strafrechtelijk kunnen optreden. 

Uit het handhavingsproces volgt vaak het optreden tegen de overtreding door middel van het opleggen van een sanctie. Dit is:

beschikkingen tot het toepassen van bestuursdwang of,

het opleggen van een last onder dwangsom of,

het geheel of gedeeltelijk intrekken van een vergunning of ontheffing.

Voor deze sancties is de sanctiestrategie van toepassing. Die sanctiestrategie maakt onderdeel uit van deze Handhavingstrategie en volgt aan het einde van dit document. Net zoals de andere gemeenten in de provincie Noord-Brabant hebben wij ons verbonden aan de Landelijke Handhavingstrategie. Deze strategie is gericht op de zogenoemde Wabotaken en is verwerkt in onze eigen Handhavingstrategie. Maar wij doen meer taken dan waar de Landelijke Handhavingstrategie zich op richt. Voorbeelden hiervan zijn de handhaving van de: -

Opiumwet,

-

Drank & Horecawet en,

-

de Wet Kinderopvang.

De strategie voor dit soort taken is zoveel als mogelijk aangepast aan de Landelijke

WABO

APV

DRANK&HORECAWET OPIUMWET KINDEROPVANG

LANDELIJKE HANDHAVINGSTRATEGIE

Handhavingstrategie. Dit met als doel om één strategie te hebben voor al onze handhaving. Onze Handhavingstrategie is een uitgebreide versie van de Landelijke Handhavingstrategie, afgekort LHS. Maar wat houdt deze LHS nu in? Daar leggen we nu uit.

Wat houdt de Landelijke Handhavingstrategie (LHS) in? Al vanaf 1 januari 2017 is het Besluit omgevingsrecht gewijzigd. Het doel hiervan was om de kwaliteit van de uitvoering van de VTH-taken te verbeteren. Vooruitlopend op deze wijziging heeft het Rijk samen met de Vereniging van Nederlandse Gemeenten (VNG) een Landelijke Handhavingstrategie (LHS) opgesteld. Het doel van deze strategie is dat alle handhavende instanties optreden op eenzelfde manier bij geconstateerde overtredingen. Het gaat dan om: 

overheden,

omgevingsdiensten,

het Openbaar Ministerie en,

de politie

De LHS is ontwikkeld vanuit het milieurecht met oog voor het bredere omgevingsrecht. Deze strategie gaat als eerste over de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht (Wabo). Maar is zo opgesteld dat deze breder toepasbaar is dan alleen op het omgevingsrecht. Landelijk is daar nog geen gevolg aan gegeven. Maar wij hebben dat al wel gedaan. Hieronder geven wij aan hoe wij dat vorm hebben gegeven. Als eerste moet duidelijk zijn wat de kern van de LHS is. De LHS gaat namelijk uit van 1 beoordelingswijze in een situatie waar een overtreding is geconstateerd. Die beoordeling gebeurt bij elke overtreding op precies dezelfde manier op basis van criteria die zijn gebaseerd op: 

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Oss&id=43b01b09-5700-4f0e-a39d-e3ed576fc85e