Bijlage 1D Bijlagen bij toelichting (incl ontwerpbesluit hogere waarden) - BP Kerkstraat-Zevenbergseweg Berghem - 2023
Tekst van het document
KAART 4 - RESULTATEN BOORONDERZOEK LEGENDA
Plangebied
Bebouwing Water
Kerkstraat
Osseweg
Overige topografie
Verstoringsdiepte 45-55
60-65 420000
85+
Booronderzoek
4631001
4631002 4631008
419900
4631006
4631004
Zevenbergseweg
4631009
4631005
4631003
Spo
e or w
4631007
gO
ss-
en s Ra v
tein Project: Rapport: Datum: Bron:
V19-4631: BO IVO Kerkstraat Berghem V1800 Januari 2021 Top10NL, CC-BY Kadaster nov 2016
Tekenaar: Schaal:
FvP 1:1.500
0 167200
167300
167400
20 m
/ A4
KAART 5 - ADVIESKAART LEGENDA
Plangebied
Bebouwing Water
Kerkstraat
Osseweg
Overige topografie
Verstoringsdiepte 45-55
60-65 420000
85+
Advies vervolgonderzoek
advies vervolg d.m.v. aanvullende boringen/gravend onderzoek
419900
Zevenbergseweg
advies vervolg d.m.v. gravend onderzoek
Spo
e or w
gO
ss-
en s Ra v
tein Project: Rapport: Datum: Bron:
V19-4631: BO IVO Kerkstraat Berghem V1800 Februari 2023 Top10NL, CC-BY Kadaster nov 2016
Tekenaar: Schaal:
FvP 1:1.500
0 167200
167300
167400
20 m
/ A4
This text was set using the following freely available font software: Allerta
Copyright (c) 2010, Matt McInerney (http://pixelspread.com), with Reserved Font Name Allerta.
Inconsolata_dz
Copyright (c) 2006, Raph Levien (http://www.levien.com), with Reserved Font Name <Inconsolata>. Copyright (c) 2009, David Zhou (http://blog.nodnod.net/) with Reserved Font Name <Inconsolata_dz>.
Molengo_Vestigia
Copyright (c) 2007, Denis Moyogo Jacquerye, with Reserved Font Name <Molengo>. Copyright (c) 2011, Vestigia BV Archeologie & Cultuurhistorie (www.vestigia.nl), with Reserved Font Name <Molengo_Vestigia>; available at www.vestigia.nl/fonts.
ofl
This Font Software is licensed under the SIL Open Font License, Version 1.1. The license is available with a FAQ at: http://scripts.sil.org/OFL
Vestigia BV Archeologie & Cultuurhistorie Spoorstraat 5 3811 MN Amersfoort Nederland Telefoon 033 277 92 00 E-mail info@vestigia.nl Website www.vestigia.nl K.v.K. Gooi- en Eemland 32078894
Erfgoedingenieurs
“Engineering the past, creating the future”
Bijlage 5 Selectieadvies archeologisch vooronderzoek
Datum
Arch. Adviesnr.
Behandeld door
Telefoonnummer
MP23a9
Mijke Peeters
14 0412
7-2-2023
Onderwerp
Aantal bijlagen
Besluit t.a.v. Vestigia rapport V1800
1
Berghem, Kerkstraat (bijlage 1)
Kerkstraat in Berghem
Vestigia Archeologie & Cultuurhistorie heeft in opdracht van Kantoor Princen een archeologisch bureauen inventariserend veldonderzoek door middel van verkennende boringen uitgevoerd voor een plangebied aan de Kerkstraat te Berghem, gemeente Oss. Binnen het plangebied zullen circa 20-28 woningen worden gebouwd. Ten tijde van onderhavig onderzoek zijn de exacte verstoringsvlakken en dieptes nog onbekend. De oppervlakte van het plangebied beslaat 1,4 hectare. Het noordelijke deel van het plangebied (van 0,3 hectare) was niet beschikbaar voor het booronderzoek dat op basis van het advies uit het bureauonderzoek in januari 2021 is uitgevoerd. Op basis van het bureauonderzoek heeft het plangebied een hoge archeologische verwachting vanwege de ligging op een hoger gelegen (en droger) gebied met dekzandruggen. Hierdoor lag het plangebied relatief hoog in het landschap, met geringe kans op overstromingen. Daarnaast heeft plaggenbemesting plaatsgevonden (enkeerdgrond) waardoor eventuele archeologische waarden goed beschermd zijn gebleven. De archeologische verwachting kan als hoog worden geschat voor de periode LaatPaleolithicum tot en met Nieuwe Tijd. Archeologische resten worden verwacht in de eerdlaag (A-horizont) en in de top van het dekzand (oorspronkelijke C-horizont).
In de top van het dekzand kunnen eventueel aanwezige archeologische resten daterend uit het Laat-Paleolithicum t/m de Vroege-Middeleeuwen worden verwacht in het begraven podzolprofiel. Eventueel aanwezige archeologische resten daterend uit de Late-Middeleeuwen en Nieuwe tijd worden verwacht onderin het eerddek en de top van het dekzand. Archeologische sporen kunnen zich bevinden tot ongeveer 25 cm in de top van de C-horizont, en/of resten van de E- of de B-horizont. De kans bestaat dat de vondstlaag is opgenomen onderin de eerdlaag; hier wordt ook wel van ‘cultuurlaag’ gesproken: een doorwerkte oude bodem tussen de eerdlaag en de ongeroerde ondergrond met kleine fragmenten aardewerk, natuursteen, vuursteen en houtskool. In het eerddek kunnen aardewerkfragmenten uit de IJzertijd en Romeinse tijd aanwezig zijn. Dit betreffen dan geen in situ archeologische resten, omdat deze van een andere locatie zijn meegevoerd ten tijde van het opbrengen van het eerddek (verstoorde context). Er is een kans dat de ondergrond in het plangebied verstoord is geraakt door ploegwerkzaamheden en bij de bouwactiviteiten die zich vooral aan de westzijde van het plangebied hebben afgespeeld vanaf tenminste begin 19e eeuw.
Aan de westzijde van het plangebied bevinden zich mogelijk nog de resten van een huis met erf, dat zichtbaar is op de kadastrale minuut van 1811-1832; vanwege de foutmarge bij het georefereren van de kadastrale minuut is het niet zeker of dit huis zich daadwerkelijk binnen het plangebied heeft bevonden. Het is bovendien mogelijk dat de bouw van de huidige woningen in het westen van het plangebied in de periode na 1932 deze resten heeft aangetast. Wel kan worden geconstateerd dat het plangebied in een historisch bebouwingslint heeft gelegen. Naar aanleiding van het bureauonderzoek is een veldonderzoek door middel van verkennende boringen uitgevoerd. Het noordelijke deel van het plangebied (van 0,3 hectare) was niet beschikbaar voor het booronderzoek. Tijdens het veldwerk was het overige plangebied van 1,1 hectare vrij toegankelijk. Op basis van dit onderzoek kan worden geconcludeerd dat het niet zeker is of er oorspronkelijk een esdek aanwezig was in het plangebied. Als dit al aanwezig was, is dit opgenomen in de huidige bouwvoor. Het bodemprofiel is tot in het moedermateriaal verstoord. Vanwege de grote mate van verstoring, het uitblijven van aanwijzingen zijn voor de aanwezigheid van een intacte archeologische laag, is de kans klein dat in het centrale deel van het plangebied bij bouwactiviteiten een behoudenswaardige archeologische vindplaats wordt geschaad.
Er blijven er nog twee zones over met een archeologische verwachting: het westelijke deel van het plangebied waar zich mogelijk de resten bevinden van historische bebouwing langs de weg. Een booronderzoek is voor het opsporen van dergelijke resten niet de geëigende prospectiemethode. Resten van historische bebouwing kunnen doorgaans alleen met gravend onderzoek worden opgespoord. Tenslotte is een deel van het plangebied aan de noordzijde nog niet onderzocht. Ook dit deel kan nog niet zonder meer worden vrijgegeven. Hier zal nog een onderzoek door middel van enkele aanvullende boringen moeten worden uitgevoerd, of het kan worden meegenomen tegelijkertijd met een proefsleuvenonderzoek aan de westzijde van het plangebied.
Advies Op basis van de resultaten van het inventariserend veldonderzoek kan de archeologische verwachting voor het centrale deel van het plangebied worden bijgesteld naar laag. Vestigia Archeologie & Cultuurhistorie adviseert voor dit gedeelte geen vervolgstappen in het kader van de cyclus Archeologische Monumentenzorg (AMZ). Voor het westelijke en noordelijke deel van het plangebied blijft de oorspronkelijke hoge archeologische verwachting uit het bureauonderzoek gehandhaafd. Voor het westelijke deel van het plangebied wordt een gravend onderzoek geadviseerd, in de vorm van een proefsleuvenonderzoek (met eventuele doorstart naar een opgraving), om eventuele resten van historische bebouwing op te sporen. Voor het noordelijke deel dat nog niet is onderzocht, en daarom eveneens nog steeds een hoge verwachting heeft, wordt een vervolgonderzoek geadviseerd dat bestaat uit aanvullende boringen, of door middel van een proefsleuvenonderzoek gelijktijdig met het westelijke deel van het plangebied (Kaart 5). Het is aan het bevoegd gezag, de gemeente Oss, om op basis van dit rapport en het daarin geformuleerde advies een besluit te nemen ten aanzien van het voortzetten of beëindigen van het onderzoeksproces. Dit besluit kan afwijken van dit advies.
Ook nadat het archeologisch onderzoek is afgerond, blijft de meldingsplicht archeologische toevalsvondst of waarneming van kracht (Erfgoedwet, artikel 5.10 Archeologische toevalsvondst). Aangezien het nooit volledig is uit te sluiten dat tijdens eventueel grondverzet een archeologische toevalsvondst wordt gedaan, is het wenselijk de uitvoerder van het grondwerk te wijzen op de plicht om hiervan zo spoedig mogelijk melding te doen bij het bevoegd gezag, de gemeente Oss en de Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed.
Bijlage 6 Watertoets