CConstaterende datOss
Koppel je AI →
Document · PDF

Bijlage 1A Toelichting BP Burgemeester van Erpstraat 80 Berghem - 2023

Gemeenteraad 14 december 2023, gemeente OssBij agendapunt: A Vaststelling 12 bestemmingsplannen, gebundelde procedure20.272 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 3 van 3

Burgemeester van Erpstraat 80 te Berghem – 2023, pag. 45 van 54 Vastgesteld 14 december 2023

Stap 6. Er is sprake van mestbe- of ververwerking als nevenactiviteit of als zelfstandige activiteit. Er is geen sprake van mestbe- of verwerking. Stap 7. Bij omwonenden is sprake van ongerustheid over de volksgezondheid; Om risico’s verder te beperken worden de beoogde bewoners vooraf geïnformeerd over de aanwezigheid van het geitenbedrijf binnen 2 kilometer van de planlocatie. Gezien de ligging van de reclasseringswoningen in het agrarische gebied van Berghem, wordt de aanwezigheid van een geitenbedrijf (binnen 2 kilometer) als aanvaardbaar geacht. Gezien voorstaande is het realiseren van de reclasseringseenheden passend op deze locatie.

5.7.10 Spuitzones

In de vollegronds- en sierteelt ontkomt men niet aan het gebruik van gewasbeschermingsmiddelen tegen schimmels, luizen en andere vormen van ongedierte. In relatie tot omliggende gronden heeft de planlocatie derhalve mogelijk te maken met spuitzones. In het kader van een goede ruimtelijke ordening moet een afweging worden gemaakt tussen het gebruik van gewasbeschermingsmiddelen en de volksgezondheid. Uit jurisprudentie blijkt dat de Raad van State een afstand van 50 meter, tussen gevoelige functies en agrarische bedrijvigheid waarbij gewasbeschermingsmiddelen worden gebruikt, in het algemeen niet onredelijk vindt. Volgens vaste rechtspraak kan een kortere afstand ook aanvaardbaar zijn, mits hieraan een goede onderbouwing ten grondslag ligt. Voor de bescherming van omwonenden tegen negatieve effecten van het bespuiten van gewassen (spuitzones) is in de jurisprudentie een richtafstand van 50 meter vastgesteld. De richtafstand voor de spuitzones zijn met name bedoeld voor gewassen die verticaal bespoten moeten worden, in verband met de drift. Verticale gewassen die bespoten dienen te worden, betreffen veelal boomgaarden. In de omgeving van de planlocatie komen geen boomgaarden voor, waardoor de reclasseringshuisvesting geen last ervaart van de drift van de verticale bespuiting. Als er geen sprake is van verticaal bespuiten, is er sprake van neerwaarts/horizontaal bespuiten.

In Nederland wordt doorgaans gebruik gemaakt van driftarme doppen om mogelijke drift die ontstaat bij de horizontale bespuiting tot een minimum te beperken. De spuitdruk gecombineerd met het type dop bepaalt de druppelgrootte. Zo geven driftarme doppen meer grove druppels, die minder snel verwaaien. Hiermee worden reductiepercentages van 50-95% gehaald, afhankelijk van het type dop en de spuitdruk. Deze spuitdoppen worden getest op windsnelheden waaronder geen sprake meer is van een gevaar voor de volksgezondheid (door de Technische Commissie Techniekbeoordeling, versie 19 feb 2016). Deze maximale windsnelheid is vastgesteld op 5 m/s. Daarbij wordt opgemerkt dat het gebruik van spuitapparatuur voorboden is bij hogere windsnelheden dan 5 m/s, conform artikel 3.83 van het Activiteitenbesluit. Door het treffen van deze maatregelen wordt de drift aanzienlijk beperkt bij het bespuiten van grondgewassen. Binnen 50 meter van de beoogde reclasseringshuisvesting zijn geen gronden van derden gelegen. Op een afstand van 10 meter is het weiland gelegen van het bedrijf van initiatiefnemer. Weilanden worden over het algemeen niet bespoten.

Wanneer hier toch gewasbeschermingsmiddelen moeten worden toegepast zal de initiatiefnemer rekening houden met de aanwezigheid van de reclasseringscliënten door bijvoorbeeld enkel te spuiten bij westenwind of wanneer de huisvesting tijdelijk niet in gebruik is. Hiermee is aannemelijk dat tijdens het gebruik van de reclasseringshuisvesting er sprake is van een aanvaardbaar leefmilieu als gevolg van spuitzones.

Burgemeester van Erpstraat 80 te Berghem – 2023, pag. 46 van 54 Vastgesteld 14 december 2023

5.8 Milieueffectrapportage (M.e.r.) Een milieueffectrapportage (m.e.r.) brengt de milieugevolgen van een plan in beeld voordat er een besluit over wordt genomen. In een milieueffectrapport worden de gevolgen voor het milieu beschreven. Zo kan de overheid die het besluit neemt de milieugevolgen bij haar afwegingen betrekken. Het doel van m.e.r. is om het milieu een volwaardige plaats te geven in de besluitvorming over plannen en projecten. In een m.e.r.-beoordeling kijkt het bevoegd gezag of een project mogelijk belangrijke nadelige milieugevolgen heeft. Als dat zo is, moet een m.e.r.-procedure worden doorlopen.

Wanneer speelt een m.e.r.-beoordeling?

In het Besluit m.e.r. staat wanneer m.e.r. of een m.e.r.-beoordeling aan de orde is. De activiteit die het project mogelijk maakt en het besluit over de activiteit zijn daarbij bepalend. In de C- en D-lijst in de Bijlage bij het Besluit m.e.r. staat of sprake is van m.e.r.-plicht of m.e.r.-beoordelingsplicht. Per categorie van activiteiten is een drempelwaarde voor de omvang van de activiteit gegeven. Boven de C-drempel geldt een m.e.r.-plicht, tussen de C- en D-drempel geldt een plan-m.e.r.-plicht en onder de D-drempel geldt een vormvrije m.e.r.-beoordeling. Bij de vormvrije m.e.r.-beoordeling dient onderbouwd te worden of de activiteit belangrijke nadelige milieugevolgen heeft. Sinds de implementatie van de gewijzigde M.e.r.-richtlijn op 16 mei 2017 is de procedure voor de vormvrije en de formele m.e.r.-beoordeling bijna gelijk. Het enige verschil is dat van het besluit bij de vormvrije m.e.r.-beoordeling geen kennisgeving wordt gedaan.

Het m.e.r.-beoordelingsbesluit

De initiatiefnemer stelt een aanmeldnotitie op, waarover het bevoegd gezag binnen zes weken een m.e.r.beoordelingsbesluit moet nemen. Het bevoegd gezag motiveert het besluit door in te gaan op de selectiecriteria van Bijlage III van de M.e.r.-richtlijn. Het gaat daarbij om de hoofdcategorieën: 1. kenmerken van het project 2. plaats van het project 3. kenmerken van het potentiële effect. Is het bevoegd gezag zelf initiatiefnemer, dan is het bevoegd gezag, anders dan een derde, niet verplicht een aanmeldnotitie op te stellen.

Beoogd initiatief is niet opgenomen in onderdeel C of D van het besluit milieueffectrapportage, er hoeft dus geen milieueffectrapportage te worden uitgevoerd.

Burgemeester van Erpstraat 80 te Berghem – 2023, pag. 47 van 54 Vastgesteld 14 december 2023

Hoofdstuk 6 6.1

Toelichting op de regels

Algemeen

Het bestemmingsplan bevat regels die het juridisch instrumentarium geven voor het regelen van het gebruik van de gronden en opstallen én bepalingen over de toelaatbaarheid van bebouwing. Het bestemmingsplan kan worden verbeeld op papier, en gaat vergezeld van deze toelichting. De toelichting heeft geen bindende werking en maakt juridisch geen deel uit van het bestemmingsplan. Wel heeft zij een belangrijke functie bij de onderbouwing van het plan. De Wet ruimtelijke ordening biedt zowel de mogelijkheid om een globaal bestemmingsplan te maken als de mogelijkheid van een gedetailleerd bestemmingsplan. In het bestemmingsplan ‘Burgemeester van Erpstraat 80 – 2022’ is gekozen voor een gedetailleerde regeling. Voor de opzet van de regels is aangesloten bij de “Buitengebied Oss - 2020”. De regels bestaan uit vier hoofdstukken. Dit zijn de inleidende regels (artikelen 1 en 2), de bestemmingsregels (artikelen 3 en 4), de algemene regels (artikelen 5 tot en met 12) en de overgangs- en slotregels (de artikelen 13 en 14). Bij de regels hoort een bijlage, te weten een milieuzoneringslijst. In de volgende paragraaf worden de diverse artikelen uit de regels en de bijlage toegelicht. 6.2

Regels

Hoofdstuk 1: Inleidende regels Artikel 1: Begrippen In dit artikel worden de in de regels gehanteerde begrippen nader verklaard om verschillen in interpretatie te voorkomen. Artikel 2: Wijze van meten Dit artikel geeft aan op welke manier het meten van in de regels genoemde begrippen moet plaatsvinden.

Hoofdstuk 2: Bestemmingsregels

De in dit hoofdstuk geregelde bestemmingen zijn achtereenvolgens: Artikel 3: Agrarisch met waarden - Landschap Artikel 4: Waarde – Archeologie verwachtingswaarde middelhoog

Hoofdstuk 3: Algemene regels

Dit hoofdstuk geeft een aantal gebruikelijke algemene regels. Het betreft achtereenvolgens: Artikel 5: Anti-dubbeltelregel Artikel 6: Landschappelijke tegenprestatie Artikel 7: Algemene bouwregels Artikel 8: Algemene gebruiksregels Artikel 9: Algemene aanduidingsregels Artikel 10: Afwijken van de bouw- en gebruiksregels algemeen Artikel 11: Wijzigingsregels Artikel 12: Overige regels

Burgemeester van Erpstraat 80 te Berghem – 2023, pag. 48 van 54 Vastgesteld 14 december 2023

Hoofdstuk 4: Overgangs- en slotregels Artikel 13: Overgangsrecht Dit artikel regelt het overgangsrecht voor bebouwing en gebruik van gronden en bouwwerken. Artikel 14: Slotregel Dit artikel regelt de formele titel waaronder het bestemmingsplan kan worden aangehaald. Bijlagen bij de regels: Bijlage 1 Mogelijkheden functieverandering agrarische bedrijven Bijlage 2 Bestaande kleinschalige activiteiten Bijlage 3 Bedrijvenlijst Bijlage 4 Lijst van rechtstreeks toelaatbare aan-huis-gebonden activiteiten Bijlage 5 Tabel 'Diersoorten veehouderijen' Bijlage 6 Tabel 'Hobbymatig vee' Bijlage 7 Tabel 'Stikstofrechten' Bijlage 8 Landschappelijk inpassingsplan Bijlage 9 Plattegrondtekening incl. situatietekening

Burgemeester van Erpstraat 80 te Berghem – 2023, pag. 49 van 54 Vastgesteld 14 december 2023

Hoofdstuk 7 7.1

Handhaving

Beleidskader

Naar aanleiding van een landelijk traject heeft de gemeente Oss in 2005 de nodige besluiten genomen om de handhaving te professionaliseren. De gemeente wil namelijk een professionele organisatie zijn. Om haar handhavingstaken zo transparant en objectief mogelijk uit te voeren, heeft zij een toezicht-, sanctie- en gedoogstrategie opgesteld. De wijze waarop de gemeente handelt bij overtredingen is daarin vastgelegd. Het uitgangspunt voor handhaving is: elke norm die het verdient te worden gesteld, verdient het ook te

worden gehandhaafd.

De gemeente is verantwoordelijk voor het algemeen belang, dat concreet wordt in de belangen van veiligheid, volksgezondheid, natuurlijk milieu en ruimtelijke kwaliteit. Deze belangen vragen om een actieve handhaving. Een goede handhaving start echter al bij het opstellen van beleid, regels en voorschriften. Om in dit verband bestemmingsplannen actief te kunnen handhaven moet voldaan zijn aan de volgende criteria: - het opstellen van uitvoerbaar beleid en duidelijke regels; - het verstrekken van duidelijke informatie op basis waarvan burgers en bedrijven hun keuzes kunnen maken; - zorgen voor de naleving van regels door middel van toezicht en de inzet van handhavingsinstrumenten. Als primaire verantwoordelijkheid van burgers en bedrijven wordt gezien: - het aanvaarden van de consequenties van de eigen keuzes; - nakoming van afspraken en naleving van regels. In het Handhavingsprogramma wordt het concrete belang van handhaving van regels van bestemmingsplannen aangegeven. De negatieve effecten van niet-handhaving kunnen immers groot zijn, zoals schade aan natuur en ruimtelijke kwaliteit, financieel-economische schade en onveiligheid. Maar ook kunnen burgers en bedrijven worden benadeeld door illegale activiteiten van hun buren/omwonenden. De ruimte in Nederland is schaars en iedereen heeft belang bij een goede woon-, werk- en leefomgeving.

De kwaliteit hiervan wordt grotendeels in bestemmingsplannen vastgelegd en die kwaliteit verdient het om te worden beschermd, onder meer door toezicht op naleving van de regels en desnoods bestuursrechtelijke handhaving. Het bestuurlijke belang van een adequate handhaving van bestemmingsplannen is dus groot, maar dat geldt ook voor de individuele belangen van burgers en bedrijven. 7.2

Professionele handhaving en handhavingsprogramma

De gemeente Oss voldoet aan de wettelijke kwaliteitscriteria voor een professionele handhavingsorganisatie. Elke vier jaar wordt er een Handhavingsprogramma opgesteld waarin de prioriteiten voor de uitvoering worden vastgelegd. Dit gebeurt na de aantreding van een nieuwe gemeenteraad en de vorming van een nieuw college van burgemeester en wethouders. Elk jaar wordt aan de hand van een probleem- of omgevingsanalyse een voortschrijdend programma gemaakt, waarin rekening wordt gehouden met gewijzigde wetgeving en de op dat moment concrete problematiek. Handhaving van bestemmingsplannen is een vaste prioriteit in het programma.

Burgemeester van Erpstraat 80 te Berghem – 2023, pag. 50 van 54 Vastgesteld 14 december 2023

7.3

Handhaafbaarheid, positief bestemmen, overgangsrecht

De regels van dit bestemmingsplan zijn getoetst op handhaafbaarheid. De Wet algemene bepalingen omgevingsrecht voorziet in een verbod op het (laten) gebruiken van gronden en bouwwerken in strijd met het bestemmingsplan. Overtreding van dit verbod is een strafbaar feit. In beginsel worden bouwwerken die in overeenstemming zijn met het vorige bestemmingsplan positief bestemd. Hetzelfde geldt voor gebruik in overeenstemming met het vorige bestemmingsplan. Met andere woorden: bestaande rechten worden gerespecteerd. Zij zijn in beginsel alleen onder het algemene overgangsrecht gebracht als te voorzien is dat zij binnen de planperiode van tien jaar zullen verdwijnen. Als sprake is van een naar huidige beleidsinzichten onwenselijke situatie die in het vorige bestemmingsplan al onder het overgangsrecht valt, is bezien of deze onder het persoonsgebonden overgangsrecht kan worden gebracht. Dat wil zeggen dat het overgangsrecht voor de betreffende percelen is beperkt tot degenen die die percelen gebruiken op het moment van inwerkingtreding van het bestemmingsplan. Voortgezet gebruik door anderen wordt niet als bestaand gebruik aangemerkt. Wij geven hieraan de voorkeur boven een uitsterfconstructie. Een uitsterfconstructie houdt in feite een positieve bestemming in, die afloopt na beëindiging van het betreffende gebruik. Dit maakt opvolging in de tijd door meerdere gebruikers mogelijk.

Daarmee kan in beginsel het ongewenste gebruik eindeloos lang duren. Persoonsgebonden overgangsrecht heeft als voordeel dat het gekoppeld is aan gebruik door één specifieke gebruiker of een beperkt aantal specifieke gebruikers. Daarmee kan het ongewenste gebruik in de praktijk eerder beëindigd worden, en zeker niet eindeloos lang voort blijven duren, waarmee meer recht wordt gedaan aan de bedoeling van overgangsrecht. Het persoonsgebonden overgangsrecht heeft zeker bij situaties die illegaal zijn ontstaan onze voorkeur boven een uitsterfregeling. Daarnaast kan het voorkomen dat bouwwerken in strijd met het vorige bestemmingsplan zijn opgericht, of dat bestaand gebruik in strijd is met dat plan. Een positieve bestemming ligt dan in de rede als de met het vorige bestemmingsplan strijdige situatie naar huidige beleidsinzichten ruimtelijk aanvaardbaar is. Indien de betreffende situatie ruimtelijk niet aanvaardbaar is, zal hiertegen in beginsel handhavend worden opgetreden. Indien dat in een uitzonderlijk geval niet (meer) mogelijk is, is bezien of de situatie onder het persoonsgebonden overgangsrecht gebracht kan worden. Overigens zijn strijdige situaties op grond van de planregels standaard uitgezonderd van het algemene overgangsrecht. Het Besluit ruimtelijke ordening schrijft dit voor.

Uiteindelijk is altijd maatwerk vereist om te bepalen of een positieve bestemming, algemeen overgangsrecht of persoonsgebonden overgangsrecht mogelijk is.

Burgemeester van Erpstraat 80 te Berghem – 2023, pag. 51 van 54 Vastgesteld 14 december 2023

Hoofdstuk 8

Economische uitvoerbaarheid

Dit bestemmingsplan voorziet in het toevoegen van een gebruiksfunctie. De Grondexploitatie-wetgeving is dan ook van toepassing. Dat betekent dat meerkosten voor de planologische procedure als gevolg van particuliere ontwikkelingen dienen te worden verhaald op de initiatiefnemer(s). Het verhaal van deze kosten kan op twee manieren worden geregeld, namelijk via een anterieure overeenkomst of via een exploitatieplan. De gemeente Oss heeft nadrukkelijk de voorkeur om dit via een anterieure overeenkomst met de initiatiefnemer te regelen omdat het opstellen van een exploitatieplan aanzienlijke meerkosten voor gemeente én initiatiefnemer tot gevolg heeft. Dit plan is een particulier initiatief. Met initiatiefnemer is een anterieure overeenkomst gesloten. De kosten die voortvloeien uit het plan zijn voor rekening en risico van initiatiefnemer. Hiermee is de financiële haalbaarheid voor de gemeente gegarandeerd. In de anterieure overeenkomst is ook vastgelegd dat de eventuele planschade voor rekening komt voor de initiatiefnemer. De economische uitvoerbaarheid is hiermee voldoende aangetoond.

Burgemeester van Erpstraat 80 te Berghem – 2023, pag. 52 van 54 Vastgesteld 14 december 2023

Hoofdstuk 9

9.1

Overleg en maatschappelijke uitvoerbaarheid

Omgevingsdialoog

Initiatiefnemer voert de omgevingsdialoog uit, conform de ‘Handreiking omgevingsdialoog’ van de gemeente Oss. De buren worden geïnformeerd over voorliggend initiatief. In bijlage 9 vindt men de omgevingsdialoog. De omgevingsdialoog is uitgevoerd door de initiatiefnemer, er zijn geen bezwaren. 9.2

Vooroverleg

Artikel 3.1.1 van het Besluit ruimtelijke ordening bepaalt dat ‘het bestuursorgaan dat belast is met de voorbereiding van een bestemmingsplan daarbij overleg pleegt met de besturen van betrokken gemeenten en waterschappen en met die diensten van provincie en Rijk die betrokken zijn bij de zorg voor de ruimtelijke ordening of belast zijn met de behartiging van belangen welke in het plan in het geding zijn’. Daarom is het concept ontwerpbestemmingsplan voorgelegd aan de provincie Noord-Brabant, het Waterschap Aa en Maas en Veiligheidsregio Brabant-Noord. Ook is het concept ontwerpbestemmingsplan voorgelegd aan Dorpsraad Berghem. Het vooroverleg heeft het volgende opgeleverd;

9.2.1 Provincie Noord-Brabant

In het kader van het wettelijk vooroverleg ex artikel 3.1.1 Besluit ruimtelijke ordening, is het concept ontwerpbestemmingsplan op 23 januari 2023 voorgelegd aan en als volgt besproken met de provincie Noord-Brabant: Het bestemmingsplan voorziet in een specifieke aanduiding voor huisvesting reclassering. Reclassering is gedefinieerd in de begripsbepalingen en is geborgd in de regels. Ander gebruik is niet mogelijk. De ontwikkeling valt onder categorie 2, waardoor landschappelijk inpassing nodig is (is niet gelijk aan erfinrichting). Deze vooroverlegreactie wordt verwerkt in het plan.

9.2.2 Waterschap Aa en Maas

Het waterschap heeft op 13 februari 2023 een vooroverlegreactie gegeven op dit plan. Daarin is aangegeven dat er geen ruimtelijke waterschap belangen van toepassing zijn. Ook wordt er op de juiste wijze gerefereerd naar het relevante waterbeleid. Er zijn daarom geen opmerkingen op het betreffende planvoornemen.

9.2.3 Veiligheidsregio Brabant-Noord

De Veiligheidsregio Brabant-Noord heeft op 31 januari 2023 de volgende reactie gegeven. Omdat de ruimtelijke ontwikkeling plaatsvindt in het invloedsgebied van het spoortraject ’s-Hertogenbosch - Nijmegen dient conform art 7 BEVT het groepsrisico te worden verantwoord. In paragraaf 5.7.3. van het bestemmingsplan wordt gesteld dat er geen risico's zijn. Dit is niet juist. Over het spoortraject worden toxische stoffen vervoerd, deze stoffen hebben een effectgebied die over het plangebied valt.

Scenario's

Het relevante scenario i.r.t het plangebied is een Toxische wolk.

Toxische wolk

Burgemeester van Erpstraat 80 te Berghem – 2023, pag. 53 van 54 Vastgesteld 14 december 2023

Een toxische wolk wordt veroorzaakt door een incident tijdens de verlading of door een mechanische impact op de tank. Hierdoor ontstaat een gat in de tank. waardoor in korte tijd een groot deel van de toxische stof vrijkomt en met de wind mee wordt verspreidt. De gevolgen voor personen zijn afhankelijk van de concentratie en blootstellingstijd aan de stof.

Beoordeling zelfredzaamheid

Voor het scenario toxische wolk is schuilen het beste handelingsperspectief. Om veilig schuilen binnen de bebouwing mogelijk te maken dient de bebouwing aan bepaalde veiligheidseisen te voldoen. Als gevolg van energieprestatie-eisen zijn nieuwe bouwwerken goed geïsoleerd en bieden daarom een goede bescherming. Eventuele aanwezige ventilatieopeningen moeten afgesloten kunnen worden. Indien schuilen niet mogelijk is dient het plangebied eenvoudig ontvlucht te kunnen worden. De mogelijkheden ten aanzien van de zelfredzaamheid zijn goed. Er worden geen niet- of verminderd zelfredzame mensen in het plangebied gehuisvest. De aanwezigen zijn normaal gesproken in staat om zelfstandig conform instructies, bijvoorbeeld via NL-Alert, te reageren.

Beoordeling bestrijdbaarheid

Bij het scenario toxische wolk zal de brandweer proberen de toxische wolk neer te slaan. Bij een snelle verspreiding van de toxische wolk zal dit echter beperkt effect hebben. De bestrijdbaarheid wordt om deze reden als matig beoordeeld.

Advies

De veiligheidsregio adviseert om de volgende maatregelen te nemen om de bestrijdbaarheid en zelfredzaamheid in het plangebied te verhogen. Informeer met name de BHV organisatie en uitbater van het toekomstige bedrijf (reclassering) actief over het aanwezig risico en handelingsperspectief. Adviseer hen om het beschreven scenario in het noodplan op te nemen en te beoefenen. Naar aanleiding van bovenstaande reactie is paragraaf 5.7.3 van de toelichting aangepast.

9.2.4 Dorpsraad Berghem Dorpsraad Berghem is op 24 januari 2023 via de wijkcoördinator geïnformeerd. 9.3

Inspraak

De gemeente is wettelijk niet verplicht om een voorontwerpbestemmingsplan te maken en daar een inspraakprocedure voor te volgen. Het gemeentelijke beleid voor de toepassing van inspraak bij ruimtelijke plannen biedt de mogelijkheid om bij kleine plannen af te zien van inspraak. Dit is aan de orde bij plannen die een beperkte impact hebben. In dit geval gaat het om het toevoegen van een nevenactiviteit aan het agrarisch bedrijf, waarbij niet voldaan kan worden aan de wijzigingsregels vanwege de omvang van het initiatief. De gemeente heeft in dit geval geen voorontwerpbestemmingsplan gemaakt en dus ook geen inspraakprocedure gevolgd.

Burgemeester van Erpstraat 80 te Berghem – 2023, pag. 54 van 54 Vastgesteld 14 december 2023

9.4

Zienswijzen

Het ontwerpbestemmingsplan heeft op grond van de Wet ruimtelijke ordening en de Algemene wet bestuursrecht voor iedereen gedurende 6 weken ter inzage gelegen. Tegelijkertijd is het plan elektronisch beschikbaar gesteld via de gemeentelijke website en de landelijke website www.ruimtelijkeplannen.nl. Burgemeester en wethouders hebben de terinzagelegging vooraf meegedeeld in het plaatselijke blad Oss Actueel, in het Gemeenteblad en op de gemeentelijke website. Iedereen kon zijn zienswijze over het ontwerpbestemmingsplan bij de gemeenteraad naar voren brengen tijdens de terinzagelegging. Er zijn geen zienswijzen naar voren gebracht.

9.5

Ambtelijke wijzigingen

Ten opzichte van het ontwerpbestemmingsplan zijn er enkele ambtelijke wijzigingen doorgevoerd. Op verzoek van de provincie Noord-Brabant is een landschapsanalyse toegevoegd aan de landschappelijke inpassing, zodat verduidelijkt wordt waar de voorgestelde maatregelen in de landschappelijke inpassing op gebaseerd zijn. De landschappelijke inpassing zelf blijft ongewijzigd ten opzichte van het ontwerpbestemmingsplan. Tevens is paragraaf 9.4 van de toelichting aangepast naar aanleiding van de zienswijzeprocedure. De (bijlagen bij) de toelichting en regels bij het bestemmingsplan hebben wij waar nodig aan het bovenstaande aangepast.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Oss&id=336a8c53-3145-4e0f-b08f-9f5f039cc724