CConstaterende datOss
Koppel je AI →
Document · PDF

Bijlage 12D Bijlagen bij toelichting BP Vlierstraat 17 Oijen - 2023

Gemeenteraad 14 december 2023, gemeente OssBij agendapunt: A Vaststelling 12 bestemmingsplannen, gebundelde procedure17.359 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 2

Structuurvisie buitengebied Oss. Bron: Bureau Leefomgeving

Brabant Eco; ecologische dienstverlening

9

Ecologische quickscan Vlierstraat 17 Oijen, BE-0452

Nieuwe situatie. Bron: Bureau Leefomgeving

Brabant Eco; ecologische dienstverlening

10

Ecologische quickscan Vlierstraat 17 Oijen, BE-0452

4. PRAKTIJK ECOLOGISCHE QUICKSCAN

Een ecologische quickscan is de eerste stap van ecologisch onderzoek dat uitgevoerd wordt in het kader van een ruimtelijke ingreep. Een aanvraag voor een omgevingsvergunning wordt getoetst aan de Wet natuurbescherming. In het kader van deze wet is het noodzakelijk te weten welke flora- en faunasoorten potentieel voorkomen in het plangebied. Naast het effect op beschermde soorten kan het nodig zijn om onderzoek te verrichten naar eventuele negatieve effecten van de ingreep op de kwaliteit van beschermde gebieden in de omgeving. Bij een ecologische quickscan worden de ecologische waarden van een omgeving in kaart gebracht middels een bureaustudie en veldonderzoek. De ingreep wordt goed en duidelijk omschreven. Er worden eventueel mitigerende en compenserende maatregelen aanbevolen waarmee de overtreding van de Wet natuurbescherming voorkomen wordt. De ecologische quickscan, ook wel quickscan flora en fauna genoemd, geeft de mogelijke effecten van een ruimtelijke ingreep weer op beschermde planten en dieren.

Door middel van een quickscan worden de volgende vragen beantwoord: o Welke beschermde soorten (flora en fauna) zijn in het plangebied aanwezig? o Wat zijn de effecten van de voorgenomen plannen op deze aanwezige soorten? o Wordt de Wet natuurbescherming overtreden? o Welke mogelijkheden zijn er om negatieve effecten op de beschermde soorten te minimaliseren of te voorkomen? o Is er een aanvullend onderzoek nodig naar soorten of functies? o Is het noodzakelijk om voor de voorgenomen plannen een ontheffing van de Wet natuurbescherming aan te vragen bij de provincie Noord-Brabant De quickscan flora en fauna is een toets van de ecologische potenties van het plangebied en de directe omgeving en betreft geen volwaardig specifiek soortenonderzoek. Er zijn in dit onderzoek geen inventarisaties uitgevoerd van soorten en soortgroepen. Een ecologische inventarisatie bestaat uit meerdere veldbezoeken gedurende de voor de soortgroep meest gunstige periode van het jaar.

4.1 Bureauonderzoek Het bureauonderzoek heeft zich gericht op bekende ruimtelijke plannen, zowel lokaal, provinciaal, nationaal als Europees. Door middel van literatuuronderzoek is onderzocht of zich in de nabijheid van de planlocatie gebieden bevinden die beschermd zijn in het kader van de natuurwetgeving en is er een inschatting gemaakt op het voorkomen van beschermde soorten. Hierbij is gebruik gemaakt van de database quickscanhulp.nl, zie bijlage 1, aangevuld met gegevens uit relevante recente verspreidingsatlassen en actuele websites, onder andere RAVON, Sovon, FLORON en Waarneming.nl. NDFF Verspreidingsatlas is een naslagwerk met afbeeldingen en informatie over duizenden soorten die in de Nederlandse natuur voorkomen. De verspreidingskaarten worden gemaakt met gevalideerde gegevens uit de Nationale Databank Flora en Fauna. De inhoud van de atlas wordt mede verzorgd door zes verenigingen en stichtingen: de Nederlandse Mycologische Vereniging (NMV), FLORON, het Landelijk Informatiecentrum Kranswieren (LIK) en stichting ANEMOON, stichting RAVON en de Zoogdiervereniging. Voor de gebiedsgerichte bescherming is onderzoek uitgevoerd naar aanwezigheid van relevante natuurterreinen in de omgeving, het betreft de Natura 2000 gebieden en het Natuurnetwerk Nederland (NNN). Daarvoor is o.a.

gebruik gemaakt van de website van het Ministerie van Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit en die van de provincie Noord-Brabant.

Brabant Eco; ecologische dienstverlening

11

Ecologische quickscan Vlierstraat 17 Oijen, BE-0452

4.1.1 Waarnemingen flora en fauna Volgens waarneming.nl zijn er van 28 oktober tot 7 november 94 waarnemingen van flora en fauna soorten in een straal van vijf kilometer rond het plangebied. Dit zijn waarnemingen van algemeen voorkomende soorten. Binnen een kilometer rond het plangebied zijn er 15 waarnemingen. Ook dit zijn enkel waarnemingen van algemeen voorkomende soorten.

Recente waarnemingen van flora en fauna soorten. Bron: waarneming.nl. d.d. 7-11-2022

4.2 Veldonderzoek Op woensdag 10 november 2022 in de voormiddag hebben ecologen Frenk van de Wal en Tom Massar in het kader van het natuurwaardenonderzoek het veldonderzoek uitgevoerd aan het plangebied en de directe omgeving. De weersomstandigheden waren zonnig, onbewolkt met een zuidwestenwind met windkracht 3 en droog. De gemiddelde temperatuur lag rond de 9 graden Celsius. Het onderzoek vond onder herfstachtige omstandigheden plaats met gunstige weersomstandigheden. Tijdens het veldonderzoek werd de ecologische potentie van de locatie en de directe omgeving in relatie met het mogelijk voorkomen van beschermde soorten onderzocht. Op de locatie werden alle aanwezige habitats opgenomen. De aanwezige habitats tijdens het veldbezoek en de waarnemingen uit het NDFF werden vergeleken met de habitatvereisten van beschermde planten- en diersoorten. Hierdoor werd ingeschat welke soorten potentieel voorkomen. Daarbij zijn de in het plangebied aanwezige ruimtelijke structuren en ecotopen geïnventariseerd. Naast de biotopen zijn directe en indirecte aanwijzingen opgenomen die kunnen duiden op het voorkomen van beschermde soorten. Behalve het fysiek aantreffen van exemplaren van soorten is er ook gelet op bijv. holen, uitwerpselen, prooiresten, braakballen vraat-, loop- en veegsporen. Deze waarnemingen zijn bij de beoordeling betrokken.

Op basis van deze vergelijking en expert judgement is beoordeeld welke van deze soorten in het plangebied kunnen voorkomen. De bebouwing is zowel aan de binnenzijde als buitenzijde uitgebreid visueel onderzocht.

Brabant Eco; ecologische dienstverlening

12

Ecologische quickscan Vlierstraat 17 Oijen, BE-0452

4.3 Beschrijving plangebied Gebied is gelegen aan de vlierstraat 17 in Oijen. Het plangebied wordt aan alle zijde omsloten door agrarisch gebied met in het westen de rivier de Maas en natuurgebied de Hemelrijkse Waard op ongeveer 150 meter afstand. Het plangebied bestaat uit een woning en een loods. Het overige deel van het plangebied bestaat uit gras waarin verschillende soorten normaal gangbare kruiden. Aan de zuidwestelijke kant zijn er enkele opgaande bomen aanwezig bestaande uit gewone es, populieren en gewone esdoorn. Om de woning is vooral gazon en een kleine laurierhaag aanwezig. Noordoostelijk ligt er een aarden wal van ongeveer twee meter hoog. Deze is begroeid met onder andere brandnetels, bijvoet en paarse dovennetel. Tegen deze wal liggen de restanten van een omgewaaide boom. Zuidwestelijk achter de loods zijn er twee hopen aanwezig met bakstenen. Het woonhuis is gebouwd met bakstenen en heeft een dak van dakpannen. De schuur, welke volgens huidige ontwikkelingen zal worden gesloopt, bestaat geheel uit damwanprofiel met een frame van hout en staal. De eerdergenoemde omgewaaide boom heeft het dak beschadigt dit is provisorisch gerepareerd met een zeil. De schuur is niet geïsoleerd, de damwandprofielen sluiten strak aan met de dakgoot. De schuur is gedeeltelijk open en word gebruikt als garage van verschillen automobielen.

De andere helft wordt gebruikt als opslag van kleine landbouwvoertuigen en overige materialen.

-

Brabant Eco; ecologische dienstverlening

13

Ecologische quickscan Vlierstraat 17 Oijen, BE-0452

Figuur 1 overzicht voorzijde woonhuis

Figuur 2 overzicht voorzijde Loods

Figuur 1 overzicht houtwal met stenenhoop

Figuur 2 overzicht wal met omgewaaide boom

Figuur 5 overzicht stenenhoop

Brabant Eco; ecologische dienstverlening

Figuur 6 overzicht binnenkant loods

14

Ecologische quickscan Vlierstraat 17 Oijen, BE-0452

5. BESCHERMDE NATUURWAARDEN

Het volledig overzicht van de output van beschermde soorten van tabel 2 en 3 en vogels met mogelijk jaarrond beschermde nesten is door middel van quickscanhulp.nl opgenomen in bijlage 1. Bijlage 2 is een opsomming van beschermde soorten onder paragraaf 3.2 van de wet natuurbescherming. Bijlage 3 geeft een opsomming van de beschermde soorten onder paragraaf 3.3. Bij het veldonderzoek is het plangebied onderzocht op het voorkomen van beschermde soorten of resten hiervan. Er is met name geïnspecteerd op potentiële groei-, rust-, nest-, en verblijfplaatsen voor beschermde soorten. Per soortgroep wordt in onderstaande beschreven welke soorten er zijn waargenomen tijdens veldbezoek, welke soorten voorkomen in de omgeving, welke soorten worden verwacht in het plangebied, en welke effecten (mogelijk) aan de orde zijn.

5.1 Gebiedsbescherming 5.1.1 Natura 2000 Het plangebied ligt op minimaal 5 kilometer afstand van westelijk gelegen gronden behorend tot Natura 2000 gebied Rijntakken. Op ongeveer 19 kilometer afstand naar het zuidwesten ligt Natura 2000 gebied Vlijmens Ven, Moerputten & Bossche Broek en zuidoostelijk op 30 kilometer Natura 2000 gebied Sint Jansberg. Op onderstaande afbeelding wordt de ligging van Natura 2000 gebieden in de omgeving van het plangebied weergegeven. De ligging van het plangebied wordt met een rode cirkel aangegeven. Natura 2000 gebieden zijn in rood en blauw aangegeven.

Minimaal 5 kilometer tussen het plangebied en gronden behorend tot Natura 2000 Natura 2000 gebieden. De afstand tussen het plangebied en Natura 2000 is met een pijl aangegeven. Bron: natura2000.eea.europa.eu.

Brabant Eco; ecologische dienstverlening

15

Ecologische quickscan Vlierstraat 17 Oijen, BE-0452

Doordat het plangebied buiten het Natura 2000 gebied ligt kunnen alleen effecten optreden als gevolg van externe werking. Ten aanzien van Natura 2000 gebieden dient er o.a. zekerheid geboden te worden betreffende het niet optreden van een verslechtering van de kwaliteit van de natuurlijke habitats en de habitats van soorten. Gezien de aard en omvang van het voornemen, de locatie, de effectafstand tot Natura 2000 gebieden en het effectbereik, zijn externe effecten op voorhand uit te sluiten. Een Aerius berekening kan dit staven.

5.1.2 Natuurnetwerk Nederland Het plangebied ligt op minimaal 150 meter afstand van gronden die tot het Natuurnetwerk Nederland behoren, natuurgebied Hemelrijkse Waard. Op onderstaande afbeelding wordt de ligging van het Natuurnetwerk Nederland in de omgeving van het plangebied weergegeven. De ligging van het plangebied wordt met een rode cirkel aangegeven. De NNN-gebieden in groen.

Minimaal 150 meter tussen het plangebied en gronden behorend tot Natuurnetwerk Nederland Natuur Netwerk Nederland gebieden. De afstand tussen het plangebied en NNN is met een pijl aangegeven. Bron: Atlasleefomgeving.

In of in de directe nabijheid van een NNN-gebied zijn geen ontwikkelingen toegestaan die de ‘wezenlijke kenmerken of waarden’ aantasten. Het plangebied ligt niet in, of direct aangrenzend aan het NNN-gebied. De significante aanpassing van en negatieve effecten door externe werking op de wezenlijke kenmerken en waarden van de NNN zijn, gezien de omvang, de aard, het effectbereik en de locatie van het voornemen, op voorhand uit te sluiten.

5.1.3 Conclusie Het plangebied behoort niet tot het Natuurnetwerk Nederland of Natura 2000 gebied. Vanwege de ligging buiten het Natuurnetwerk Nederland, leiden de voorgenomen activiteiten niet tot wettelijke consequenties. Het is niet aannemelijk dat de voorgenomen activiteiten een negatief effect hebben op instandhoudingsdoelen van Natura 2000 gebied. Een toets met compensatieplicht is daarmee niet aan de orde.

Brabant Eco; ecologische dienstverlening

16

Ecologische quickscan Vlierstraat 17 Oijen, BE-0452

5.2 Soortenbescherming 5.2.1 Flora Volgens de NDFF zijn er bij project Vlierstraat met nummer BE-0452 d.d. 7 november 2022 (bijlage 1) de laatste vijf jaar geen waarnemingen van beschermde plantensoorten binnen een straal van twee kilometer rond het plangebied. Bij het plangebied is er een houtwal aanwezig met algemeen voorkomende bomensoorten waaronder gewone es, gewone esdoorn en populieren. Het plangebied bestaat verder vooral uit een grasveld wat gemaaid wordt. Tijdens het veldbezoek is er aandacht besteed aan de aanwezige flora. De aangetroffen plantensoorten betreffen allen algemeen voorkomende soorten waaronder bijvoet en grote brandnetel. Het overige deel van het plangebied bestaat uit verharding en biedt geen geschikt habitat voor beschermde plantensoorten. Conclusie Het plangebied ligt buiten de bebouwde kom waardoor Wet natuurbescherming houtopstanden van toepassing is. Binnen het plangebied ontbreken houtopstanden die voldoen aan de criteria die Wet natuurbescherming stelt om als beschermde houtopstand aangemerkt te worden. De bomen op het perceel kunnen als erfbegroeiing aangemerkt en vallen daardoor buiten de bescherming van de Wet natuurbescherming. Overtreding van Wet natuurbescherming op dit punt kan uitgesloten worden.

Om een overtreding van de gemeentelijke uitzonderingsregels te voorkomen dient altijd alvorens tot kap over te gaan bij het gemeenteloket een nacheck gedaan te worden of voor de betreffende boom of houtopstand een omgevingsvergunning voor het vellen van houtopstanden noodzakelijk is.

5.2.2 Zoogdieren Volgens de NDFF zijn er de laatste vijf jaar 20 zoogdiersoorten aangetroffen binnen een straal van twee kilometer rond het plangebied. Hiertoe behoren 7 vleermuissoorten, 3 marterachtigen en 10 overige soorten. Vleermuizen Alle soorten vleermuizen vallen onder de groep strikt beschermde soorten. Dit betekent dat ze beschermd zijn tegen verstoring van vaste rust- en verblijfplaatsen. Onder deze vaste rust- en verblijfplaatsen wordt verstaan: ‘het gehele systeem waarvan een populatie gebruik maakt tijdens de jaarcyclus van de soort’. Dit houdt in dat niet alleen verblijfplaatsen, maar ook belangrijke verbindingen hiertussen (vlieg- en foerageerroutes) beschermd zijn. Voor alle vleermuissoorten geldt geen vrijstelling of ontheffingsverlening indien het puur gaat om een ruimtelijke ontwikkeling en inrichting. De checklist vleermuisprotocol 2021 geeft voor gebouwen de volgende drie aandachtspunten: Zijn er potentieel aanwezige ruimtes voor winter-, kraam-, zomer- en paarverblijfplaatsen, zijn er sporen van aanwezigheid en is er sprake van een foerageergebied? De vleermuissoorten die volgens het NDFF de laatste vijf jaar zijn waargenomen binnen een straal van twee kilometer rond het plangebied zijn te vinden in de onderstaande tabel.

Vleermuis soort Gewone dwergvleermuis Kleine dwergvleermuis Grijze grootoorvleermuis Gewone grootoorvleermuis Laatvlieger Meervleermuis Ruige dwergvleermuis

Afstand plangebied 2 km

Habitat en bescherming

2 km 2 km

Vooral bebouwing, soms bomen, strikt beschermd Vooral bebouwing, strikt beschermd

2 km

Soms bebouwing, soms bomen, strikt beschermd

2 km

Vaak bebouwing, strikt beschermd

2 km 2 km

Vooral bebouwing, strikt beschermd Vooral bomen, strikt beschermd

Brabant Eco; ecologische dienstverlening

Vooral bebouwing, strikt beschermd

17

Ecologische quickscan Vlierstraat 17 Oijen, BE-0452

Het plangebied is beoordeeld op de geschiktheid als vleermuishabitat. Er zijn vleermuizen die in bomen hun verblijfplaatsen onderhouden en soorten die in gebouwen verblijven. In het plangebied zijn geen bomen met geschikte stamdiameter, holtes, gaten of loshangende schors waarin vleermuizen mogelijk verblijfplaatsen kunnen hebben. Vleermuisverblijfplaatsen in bebouwing kunnen aangetroffen worden onder dakpannen, tussen dakbeschot, boeiboorden, onder gevelbekleding, in spleten en kieren in muren of in de spouw door open stootvoegen. De te slopen schuur biedt geen geschikte verblijfplaatsen voor vleermuizen. De schuur bestaat geheel uit damwand en het golfplaten dak is niet geïsoleerd. Met dit feit is aan te tonen dat er geen geschikte verblijfplaatsen mogelijk zijn voor vleermuizen in de schuur. De onderstaande afbeelding laat een overzicht zien van de schuur waaruit dit blijkt.

Figuur 7 overzicht achterzijde schuur

Figuur 8 binnenzijde dak van schuur

Het aanwezige woonhuis is tevens gecontroleerd op de mogelijke aanwezigheid van verblijfplaatsen. De woning in het plangebied beschikt over een holle spouw, maar er zijn geen potentiële invliegopeningen, zoals stootvoegen, in de buitengevels van de woning waargenomen. Ook zijn de overstekbetimmeringen strak tegen de buitengevels geplaatst, waardoor geen gaten en kieren ontstaan die vleermuizen de kans bieden de spouw te betreden. Ook zijn er geen andere potentiële verblijfplaatsen van vleermuizen, zoals een holle ruimte achter een vensterluik, dakpan, loodslab, windveer of boeiboord, in het plangebied waargenomen. De onderstaande afbeeldingen tonen dit aan.

Figuur 9 woning

Brabant Eco; ecologische dienstverlening

Figuur 10 dichtgemaakte dakgoot

18

Ecologische quickscan Vlierstraat 17 Oijen, BE-0452

Vleermuizen oriënteren zich op lijnvormige elementen in het landschap zoals bomenlanen, kanalen of houtwallen, om zich te verplaatsen van verblijfplaats naar foerageergebieden. In het plangebied zelf zijn geen lijnvormige elementen aanwezig die kunnen dienen als vliegroute voor vleermuizen. Foeragerende vleermuizen in (de omgeving van) het projectgebied zouden voor kunnen komen. Het plangebied lijkt geen essentieel foerageergebied te zijn door het ontbreken van voldoende begroeiing. Tijdens het veldbezoek zijn er geen uitwerpselen, dode dieren of prooiresten gevonden die zouden kunnen duiden op de aanwezigheid van bewonende vleermuizen. Alle structuren waren goed toegankelijk en visueel goed te onderzoeken wat bijdraagt aan het kunnen benoemen van dit feit. Marterachtigen Marterachtigen hebben voor hun overleving drie zaken nodig: dekking, verbinding en rustplaatsen. Deze dieren zijn vooral ’s nachts actief waardoor het fysiek aantreffen van individuen tijdens een veldbezoek zeer onwaarschijnlijk is. Bij onderzoek naar marters wordt daarom vooral gekeken naar sporen van de aanwezigheid van marters. De aanwezigheid van de marterachtigen verraad zich vaak door uitwerpselen, prooiresten en stank. De marterachtigen die volgens het NDFF de laatste vijf jaar zijn waargenomen binnen een straal van twee kilometer rond het plangebied zijn te vinden in de onderstaande tabel.

Marter soort Das Steenmarter Wezel

Afstand plangebied 2 km 2 km 2 km

Bescherming Beschermd Beschermd Beschermd

Das De das leeft in allerlei soorten biotopen, met een voorkeur voor kleinschalig akker- en weidelandschap met verspreide bosjes, heggen en houtwallen. Maar ook open terreinen, zoals vochtige heiden en rivierdalen zijn geschikte leefgebieden. Het leefgebied van de das moet voldoen aan voldoende dekking, weinig verstoring, een groot voedselaanbod en een bodem waarin ze goed een burcht kunnen graven, met een grondwaterstand van tenminste 1,5 m onder het maaiveld. Dassen foerageren in kort gras, omdat hier het voedsel het gemakkelijkst te vinden is. Steenmarter De steenmarter is een soort van steenachtige biotopen en schuilplaatsen. De soort komt met name voor aan de rand van dorpen en steden, maar is ook te vinden nabij boerderijen en kleinschalige cultuurlandschappen. De steenmarter vindt vaste verblijfplaatsen in oude schuurtjes met weinig menselijke activiteit of woningen met toegankelijke zolder-, en of kruipruimten. Wezel De wezel zoekt graag dekking op, bijvoorbeeld bij bosschages, houtstapels of heggen. Ook bewonen ze vaak oude holen van muizen, ratten en konijnen die bekleed wordt met veren of haren van prooidieren. Goede schuilmogelijkheden en de aanwezigheid van voldoende geschikt voedsel zijn de enige eisen die de wezel aan zijn omgeving stelt.

De westelijke houtwal en de noordelijke ruige structuren zouden schuilplaatsen of foerageergelegenheden kunnen herbergen voor kleine marterachtigen zoals de bunzing of wezel. Enkele stenen stapels bieden tevens de mogelijkheid voor een marterachtige om zich in te verschuilen, hier zijn echter geen loop-, mest of prooisporen aangetroffen van aanwezigheid. In de te slopen schuur zijn geen aanwijzingen gevonden voor de aanwezigheid van marterachtige.

Brabant Eco; ecologische dienstverlening

19

Ecologische quickscan Vlierstraat 17 Oijen, BE-0452

Figuur 12 stenenhoop westelijk van de te slopen schuur

Figuur 11 houtwal aan de westelijk kant

Doordat de bestaande houtwallen en verdere vegetatie in en rond het plangebied behouden zullen worden, zullen er altijd rustige hoekjes met dekking aanwezig zijn waar de dieren heen kunnen vluchten. In de nieuwe situatie blijven deze schuilhoekjes en vegetatie bestaan. Er zal geen essentieel leefgebied van marterachtigen worden aangetast. Overige beschermde soorten De overige beschermde soorten omvatten vooral knaagdieren en algemeen voorkomende soorten. Sommige van deze soorten zijn beschermd, maar een aantal van deze soorten vallen er in de provincie Noord-Brabant tot de vrijgestelde soorten. Voor soorten uit deze categorie betekent dat bij ruimtelijke ontwikkeling er geen ontheffing hoeft te worden gevraagd en dat rust- of verblijfplaatsen verwijderd mogen worden, wanneer geen andere bevredigende oplossing bestaat. Het is echter wel noodzakelijk om voldoende zorg te dragen voor de aanwezige individuen en al het redelijkerwijs mogelijke dient gedaan te worden om het doden van individuen te voorkomen. In de onderstaande tabel zijn de overige beschermde zoogdiersoorten te vinden die volgens het NDFF de laatste vijf jaar zijn waargenomen binnen een straal van twee kilometer rond het plangebied. Overige soort Bever Bosmuis Eekhoorn Egel Haas Konijn

Afstand plangebied 2 km 2 km 2 km 2 km 2 km 2 km

Bescherming

Huisspitsmuis Ree Vos

2 km 2 km

Vrijgesteld Alleen in natuurgebieden Vrijgesteld

Woelrat

2 km

Vrijgesteld

Beschermd Vrijgesteld Beschermd Vrijgesteld Vrijgesteld Vrijgesteld

Bever Het plangebied is door de ligging en inrichting geen essentieel onderdeel van het leefgebied voor de bever. Er zijn geen eekhoornnesten waargenomen in het plangebied. Het is daardoor uit te sluiten dat het plangebied essentieel onderdeel is van de habitat van een eekhoorn. Het is aannemelijk dat er een enkel individu van een beschermde soort in de planlocatie kan worden aangetroffen, zoals egel, mol, veldmuis en bepaalde spitsmuizen. Deze soorten zijn weliswaar beschermd, maar behoren in de provincie Noord-Brabant tot de vrijgestelde soorten.

Brabant Eco; ecologische dienstverlening

20

Ecologische quickscan Vlierstraat 17 Oijen, BE-0452

Vrijgestelde soorten De overige soorten die zijn aangetroffen met behulp van NDFF vallen onder de vrijgestelde soorten. Voor deze soorten hoeft er geen ontheffing te worden aangevraagd bij aanwezigheid van één van deze soorten. De zorgplicht geld uiteraard wel voor deze dieren en ze mogen niet worden geschaad. Bij het eventueel voorkomen van een dier moet deze de kans krijgen te kunnen vluchten. Conclusie Door uitvoering van de voorgenomen activiteiten worden geen vleermuissoorten verstoord, verwond of gedood en wordt er geen rust- of verblijfplaats beschadigd of vernield. Er is dus geen ontheffing nodig voor deze soortgroep. In de omgeving van het plangebied is en blijft voldoende geschikt foerageergebied aanwezig voor vleermuizen. De werkzaamheden hebben geen significant negatief effecten op foerageergebieden van vleermuizen. In de aanwezige steenhopen achter de loods zouden mogelijkheden voor marterachtigen kunnen voorkomen. Het gehele plangebied is onderzocht op het voorkomen van marterachtigen. Hiervan zijn geen waarnemingen gedaan. Hierdoor is het plangebied geen essentieel onderdeel van het leefgebied van marterachtigen. Het is mogelijk dat er een enkel individu van een beschermde soort of vrijgestelde soort aanwezig is in het plangebied. De zorgplicht is dan ook altijd van kracht. Tijdens het veldbezoek zijn geen beschermde zoogdieren waargenomen.

5.2.3 Vogels In de Wet natuurbescherming worden alle broedende vogels strikt beschermd op grond van de Vogelrichtlijn waardoor alle bewoonde nesten in het broedseizoen vallen onder de bescherming van deze wet. De Wet natuurbescherming hanteert geen standaardperiode voor het broedseizoen, maar voor de volledigheid wordt vaak gesproken van half maart tot half juli. Van belang is of een broedgeval aanwezig is, ongeacht de periode. Men dient daarom gedurende kap- en sloopwerkzaamheden rekening te houden met het broedseizoen van vogels. Overtreding van verbodsbepalingen ten aanzien van vogels wordt voorkomen door bepaalde werkzaamheden buiten het broedseizoen uit te voeren. Van een aantal vogelsoorten worden de nesten ook buiten het broedseizoen beschermd. De zogenaamde ‘Jaarrond beschermde verblijfplaatsen’. Als deze nesten door een ruimtelijke ontwikkeling verdwijnen, kan afhankelijk van de soort die het nest gebruikt, een ontheffingsaanvraag noodzakelijk zijn. De bescherming van vogels kan worden opgedeeld in 5 categorieën. Categorie 1-4 De eerste 4 categorieën betreffen vogels welke zeer honkvast broeden en (1-4) of welke zelf niet of nauwelijks in staat zijn om een eigen nest te bouwen (4). De vogelsoorten die volgens het NDFF de laatste vijf jaar zijn waargenomen in een straal van twee kilometer rond het plangebied zijn te vinden in de onderstaande tabel.

Soort Boomvalk Buizerd Gierzwaluw Grote gele kwikstaart Havik Huismus Kerkuil Ooievaar Ransuil Roek Slechtvalk Sperwer

Afstand plangebied 2 km 2 km 2 km 2 km 2 km 2 km 2 km 2 km 2 km 2 km 2 km 2 km

Brabant Eco; ecologische dienstverlening

Bescherming categorie* en habitat 4, boom bewonend 4, boom bewonend 2, gebouw bewonend 3, boom of gebouw bewonend 4, boom bewonend 2, gebouw bewonend 3, gebouw bewonend 3, boom of gebouw bewonend 4, boom bewonend 2, boom bewonend 3, gebouw bewonend 4, boom bewonend

21

Ecologische quickscan Vlierstraat 17 Oijen, BE-0452 Steenuil Wespendief Zwarte wouw

2 km 2 km 2 km

1, gebouw bewonend 4, boom bewonend 4, boom bewonend

* Op de volgende categorieën gelden de verbodsbepalingen van de Wet natuurbescherming het gehele seizoen: 1. Nesten die, behalve gedurende het broedseizoen als nest, buiten het broedseizoen in gebruik zijn als vaste rust- en verblijfplaats. 2.Nesten van koloniebroeders die elk broedseizoen op dezelfde plaats broeden en die daarin zeer honkvast zijn of afhankelijk van bebouwing of biotoop. De (fysieke) voorwaarden voor de nestplaats zijn vaak zeer specifiek en limitatief beschikbaar. 3. Nesten van vogels, zijnde geen koloniebroeders, die elk broedseizoen op dezelfde plaats broeden en die daarin zeer honkvast zijn of afhankelijk van bebouwing. De (fysieke) voorwaarden voor de nestplaats zijn vaak zeer specifiek en limitatief beschikbaar. 4. Vogels die jaar in jaar uit gebruik maken van hetzelfde nest en die zelf niet of nauwelijks in staat zijn een nest te bouwen.

Gierzwaluw Gierzwaluwen verblijven van eind april tot eind juli in ons land, dan verlaten ze Europa om naar Afrika te trekken, waar ze overwinteren. Ze nestelen vooral in gebouwen waar ze geschikte holtes kunnen vinden, bijvoorbeeld onder dakpannen of in gaten achter regenpijpen. Omdat ze moeilijk van de grond kunnen opstijgen hebben ze een sterke voorkeur voor hoge nestplaatsen met een ruime aan- en uitvliegroute, zo kunnen ze makkelijk in vlucht komen door zich eruit te laten vallen. Ze gebruiken het liefst elk jaar hetzelfde nest. Ook zijn het koloniebroeders. Op de onderzoek locatie zijn geen geschikte holtes aanwezig en er zijn geen Gierzwaluwen waargenomen. Kerkuil De kerkuil schuwt de menselijke omgeving niet en broed ook onder daken en op zolders van huizen, loodsen en schuren, maar waarbij de aanwezigheid van geschikt foerageergebied in de directe omgeving noodzakelijk is. Nest- en rustplaatsen van de kerkuil zijn jaarrond beschermd. Binnen het plangebied ontbreekt het volledig aan geschikte ingangen voor uilen om nestplaatsen te vinden. Tevens is er uitgekeken naar sporen van aanwezigheid van de kerkuil zoals braakballen, krijtsporen tegen muren of rui veren. Er zijn geen sporen van aanwezigheid aangetroffen. Huismus Vanwege de beperkte actieradius (enkele honderden meters) van Huismus (Baijens et al.

2005) zijn drie essentiële onderdelen van het leefgebied van belang voor de Huismus: nestlocatie, habitat met voedselaanbod en beschutting. Alle voorzieningen dienen dichtbij elkaar te liggen. Bij voorkeur binnen een straal van enkele honderden meters van het plangebied. Er zijn tijdens het veldbezoek geen huismussen gezien. Het pannendak van het woonhuis zou eventueel geschikt kunnen zijn voor nestelende huismussen. Hiervan zijn echter geen aanwijzingen gezien. De foerageermogelijkheden en eventuele nestmogelijkheden ter plekke voor de huismus zullen naar verwachting niet afnemen met het slopen van de schuur. Het woonhuis met tuin en groene structuren zullen immers geschikt blijven voor de huismussen. Ooievaar, roek en grote gele kwikstaart Als carnivoor eet de ooievaar een breed scala aan dierlijke prooien, inclusief insecten, vissen, amfibieën, reptielen, kleine zoogdieren en kleine vogels. Hij pakt het meeste voedsel van de grond, tussen lage vegetatie en uit ondiep water. Het is een monogame broeder, maar vormt geen paar voor het leven. Het paar bouwt een nest bestaande uit grote takken, dat soms jaren wordt gebruikt. Het leefgebied van de roek is open akker- en weideland, afgewisseld met bomen, bosjes, bomenrijen en heggen. De vogel gedijt goed in menselijk cultuurland als hij niet wordt bejaagd. Vooral de aanwezigheid van akkers is gunstig.

Roeken hebben voorkeur voor hoge bomen, bij voorkeur niet in een bos maar een losse opstand. Het boomtype maakt niet zoveel uit. Als in het voorjaar de boomkruinen nog kaal zijn, zijn alle nesten van een roekenkolonie goed zichtbaar. In het voorjaar en 's zomers is de grote gele kwikstaart te vinden in de buurt van waterstroompjes, vooral in de bergen en heuvels. De vogel nestelt in holten in de buurt van water. 's Winters bevinden ze zich bij lagergelegen water en aan de kust. Geen van de biotopen van genoemde vogelsoorten komt echter voor in het plangebied waardoor het voorkomen van deze drie uitgesloten kan worden.

Brabant Eco; ecologische dienstverlening

22

Ecologische quickscan Vlierstraat 17 Oijen, BE-0452 Roofvogels De habitat van roofvogels bestaat, afhankelijk van de soort, uit een bos of een grote (half)open vlakte waar de vogels kunnen jagen. Daarnaast hebben ze in hun leefgebied een geschikte boom nodig waarin een nest gebouwd kan worden. In het plangebied is geen bos of open vlakte aanwezig. Daarnaast zijn er geen nesten van roofvogelsoorten aangetroffen in de bomen. Het is dus uit te sluiten dat het plangebied onderdeel is van de habitat van een boom bewonende roofvogelsoort. Categorie 5 Categorie 5- soorten zijn alleen jaarrond beschermd als zwaarwegende feiten of ecologische omstandigheden dat rechtvaardigen. In het algemeen geldt niet zozeer de bescherming van de nestplek zelf, maar meer de schaarste van dit type nestgelegenheid. Het betreft voornamelijk holenbroeders of vogels die een groot nest bouwen als zwarte kraai of ekster, waarvan enkele andere soorten vogels gebruik maken die niet in staat zijn om zelfstandig een nest te bouwen. (bijv. ransuil, torenvalk en boomvalk). Tijdens het veldbezoek zijn uit deze categorie geen nesten in bomen in het plangebied aangetroffen. Ook zijn geen bomen met geschikte holtes aanwezig. Overige Vogelrichtlijnsoorten In het plangebied zijn mogelijkheden voor nestgelegenheid voor overige vogelrichtlijnsoorten waarvan de nesten alleen gedurende het broedseizoen beschermd zijn.

Er is in het plangebied veel geschikt opgaand groen aanwezig waarin algemene vogelrichtlijnsoorten broedgelegenheid vinden. Met de beoogde herontwikkeling en de bijbehorende robuuste landschappelijke inpassing met streekeigen groen zullen nest- en foerageergelegenheid voor overige tuin, - en struweelvogels toenemen. Tijdens het veldonderzoek is er een nest aangetroffen van waarschijnlijk een merel in het plangebied. Dit nest kan zonder overtreding van de Wet natuurbescherming worden verwijderd buiten het broedseizoen plaatsvinden wat loopt van 15 maart tot 15 juli. Van belang is of een broedgeval verstoord wordt, ongeacht de datum. De uit te voeren werkzaamheden dienen plaats te vinden buiten het broedseizoen. Werkzaamheden binnen het broedseizoen zijn mogelijk indien is vastgesteld dat er met de werkzaamheden geen nesten van broedvogels worden verstoord.

Figuur 3 merel nest aangetroffen in de schuur

Conclusie Er zijn tijdens het veldbezoek geen nesten in bomen waargenomen waarvan beschermde soorten gebruik kunnen maken. De gecultiveerde tuin biedt wel schuil- en foerageer mogelijkheden voor kleine vogelsoorten. Als het verwijderen van de bomen en struiken buiten het broedseizoen plaatsvindt, wordt voorkomen dat er negatieve effecten optreden ten aanzien van algemeen voorkomende vogelsoorten. . Indien deze vegetatie wordt verwijderd, zijn er nog voldoende schuil en foerageermogelijkheden aanwezig in de omgeving van het plangebied. Er zullen geen vaste rust- en verblijfplaatsen van huismussen, gierzwaluwen, uilen of roofvogels verloren gaan en er worden geen verbodsbepalingen uit de Wet Natuurbescherming overtreden. Een ontheffingsaanvraag is niet noodzakelijk.

Brabant Eco; ecologische dienstverlening

23

Ecologische quickscan Vlierstraat 17 Oijen, BE-0452

De aanwezigheid van algemene broedende vogelsoorten als duif en merel is bijna nooit uit te sluiten omdat deze soorten in struiken en onder kleine afdakjes als een uitstekende dakrand kunnen broeden. Een negatief effect op deze soorten is echter betrekkelijk eenvoudig te voorkomen door buiten het broedseizoen te werken.

5.2.4 Amfibieën, reptielen, vissen, vlinders en libellen Amfibieën, vissen en reptielen Amfibieën, reptielen en vissen zijn gedurende een groot deel van hun leven afhankelijk van waterstructuren. Vooral tijdens het voortplantingsseizoen is het erg belangrijk om waterstructuren in plangebieden te onderzoeken op de aanwezigheid reptielen en amfibieën die de waterstructuren als voortplantingslocatie gebruiken. Hierbij gaat het bij amfibieën en reptielen om een waterstructuur van maximaal 1,5 meter diep. De soorten die volgens het NDFF de laatste vijf jaar zijn waargenomen in een straal van twee kilometer rond het plangebied zijn te vinden in de onderstaande tabel. Soort Bastaardkikker Gewone pad Groene kikker Kleine watersalamander Poelkikker Noordzeehouting Grote modderkruiper

Afstand plangebied 2 km 2 km 2 km 2 km

Soortgroep en bescherming

2 km 2 km

Amfibieën, beschermd Vissen, beschermd

2 km

Vissen, beschermd

Amfibieën, beschermd Amfibieën, beschermd Amfibieën, beschermd Amfibieën, beschermd

De aanwezige sloot aan de westzijde van het plangebied zou in theorie geschikt kunnen zijn voor genoemde amfibieën als voortplantingshabitat maar aangezien de sloot direct grenst aan intensief bewerkt en bemeste grasland is het voorkomen van beschermde amfibieën, reptielen en vissen niet aannemelijk als voortplantingshabitat. Wel is het plangebied geschikt als land- en overwinteringshabitat voor algemene niet-kritische soorten. Door gefaseerd te werken en het aanleggen van een nieuwe sloot wordt het mogelijke leefgebied van amfibieën niet verslechterd. De ingreep leidt niet tot een overtreding van de Wet natuurbescherming voor deze soortengroepen. Het is echter altijd noodzakelijk om voldoende zorg te dragen voor de aanwezige individuen en al het redelijkerwijs mogelijke dient te worden gedaan om het doden van individuen te voorkomen. De ingreep leidt niet tot een overtreding van de Wet natuurbescherming voor deze soortengroepen. Nader onderzoek is niet noodzakelijk. Vlinders en libellen Volgens de NDFF zijn er de laatste vijf jaar 1 libellensoorten, geen dagvlindersoorten en 1 nachtvlindersoort waargenomen binnen een straal van twee kilometer rond het plangebied. Deze soorten zijn te vinden in de onderstaande tabel. Soort

Soortgroep en habitat

Teunisbloempijlstaart

Afstand plangebied 2 km

Rivierrombout

2 km

Libellen, rivieren en grote beken, vooral op plaatsen waar zand of slib is afgezet

Brabant Eco; ecologische dienstverlening

Nachtvlinder, vochtige bossen en bosranden, waardplant: teunisbloem, wilgenroosje, basterdwederik en kattenstaart

24

Ecologische quickscan Vlierstraat 17 Oijen, BE-0452 In het plangebied ontbreken specifieke biotopen en waardplanten voor beschermde libellen en dagvlinders. Er zouden wel algemene vlindersoorten in het plangebied voor kunnen komen zoals klein koolwitje, boomblauwtje en citroenvlinder. Overige soorten Er zijn de laatste vijf jaar in een straal van twee kilometer rond het plangebied geen waarnemingen van overig beschermde soorten. Overige beschermde soorten insecten zijn afhankelijk van bijzondere habitattypen als oude (eiken)bossen met boomholtes en rottend hout, of onvervuilde, voedselarme wateren met specifieke vegetaties. Deze biotopen zijn niet aanwezig in het plangebied en de directe omgeving. Conclusie Door het ontbreken aan oppervlaktewater in het plangebied is het voorkomen van beschermde vissoorten uit te sluiten. Eenzelfde feit geld voor de aanwezigheid van beschermde amfibieën aangezien er geen voortplantingswateren aanwezig zijn. In het plangebied is geen geschikt leefgebied voor beschermde dagvlinders en libellen en deze zijn tijdens het veldbezoek ook niet waargenomen. Het voorkomen van beschermde dagvlinders en libellen kan uitgesloten worden. Ook voor overige soorten ongewervelden zoals beschermde kevers, kreeften of slakken vormt het plangebied geen geschikt habitat.

Het plangebied biedt uitsluitend leefgebied voor algemene vlinder- en (zwervende) libellensoorten en overige algemene soorten ongewervelden.

Figuur 14-15 en 16 : Detail afbeeldingen van te slopen schuur

Brabant Eco; ecologische dienstverlening

25

Ecologische quickscan Vlierstraat 17 Oijen, BE-0452

6. RESULTATEN EN ADVIES

Zoals beschreven betreft de onderhavige ecologische quickscan een momentopname van de actuele situatie.

6.1 Resultaten Met de onderzochte gegevens van de NDFF en het gedane veldbezoek kan de volgende conclusie worden getrokken. De aanwezigheid van verblijfplaatsen van vleermuizen is uit te sluiten na inspectie van de te slopen schuur. De aanwezigheid van beschermde zoogdieren met een vaste rust- of verblijfplaats is uitgesloten. In de te slopen schuur zijn er geen aanwijzingen gevonden van beschermde zoogdieren en de beoogde werkzaamheden hebben geen negatief effect op de gunstige staat van instandhouding. De aanwezigheid van beschermde vogelsoorten is uit te sluiten aangezien er in het plangebied geen geschikte nestmogelijkheden aanwezig zijn. In de aanwezige bomen zijn geen nesten aangetroffen van beschermde diersoorten. In de te slopen schuur is er een nest aangetroffen, waarschijnlijk van een merel. De aanwezigheid van beschermde amfibieën, reptielen, vissen, vlinders en libellen is uit te sluiten door de afwezigheid van geschikte habitats voor deze soorten. De afwezigheid van oppervlaktewater bevestigt dit. Er zijn geen overtredingen te verwachten ten aanzien van de Wet natuurbescherming met de beoogde ontwikkelingen. De gunstige staat van instandhouding van de in deze quickscan onderzochte soorten zal behouden blijven.

Wanneer er ondanks deze feiten toch een beschermd of niet beschermd individu wordt aangetroffen van welke soortgroep dan ook dan is de zorgplicht altijd van kracht.

6.2 Advies en aanbevelingen Nader onderzoek Op basis van het veldonderzoek en de analyse van de bestaande situatie kan het voorkomen van beschermde flora en fauna worden uitgesloten. Hierdoor wordt dan ook niet aanbevolen om een nadere inventarisatie door middel van extra veldonderzoek uit te voeren. Wet natuurbescherming o De ingreep zal naar verwachting niet leiden tot verlies van leefgebied van beschermde soorten. De ingreep heeft geen invloed op de gunstige staat van instandhouding. Een ontheffing Wet natuurbescherming is daarom niet noodzakelijk. o Voor alle beschermde, inheemse (ook de algemeen voorkomende) vogelsoorten geldt vanuit de Wet natuurbescherming een verbod op handelingen die nesten, vaste rust-of verblijfsplaatsen of eieren beschadigen of verstoren. In de praktijk betekent dit dat verstorende werkzaamheden alleen buiten het broedseizoen uitgevoerd mogen worden (15 maart - 15 juli). Van belang is of een broedgeval verstoord wordt, ongeacht de datum. Werkzaamheden binnen het broedseizoen zijn mogelijk indien is vastgesteld dat er met de werkzaamheden geen nesten van broedvogels worden verstoord. o In de nabije omgeving van het plangebied komen geen Natura 2000 gebieden voor. Het is met de voorgenomen werkzaamheden echter niet uit te sluiten dat deze leiden tot een verhoging van stikstofdepositie op een Natura 2.000 gebied.

Voor de ingreep dient daarom een Aerius berekening te worden uitgevoerd. o In het kader van de zorgplicht dient men tijdens de uitvoering van werkzaamheden alert te zijn op aanwezige fauna en daarbij, indien noodzakelijk, mitigerende maatregelen te treffen.

Brabant Eco; ecologische dienstverlening

26

Ecologische quickscan Vlierstraat 17 Oijen, BE-0452

o

Bij onvoorziene omstandigheden dient er direct contact opgenomen te worden met een ter zake deskundige.

Aanbevelingen In de te slopen schuur is er een nest van een merel aangetroffen dit nest kan worden verwijderd buiten het broedseizoen dit seizoen loopt van 15 maart tot 15 juli. Bij onvoorziene omstandigheden zoals bijvoorbeeld indien een soort die niet in de quickscan wordt genoemd in het terrein wordt geconstateerd bij aanvang van de werkzaamheden, dient hier passend op te worden gereageerd. Het is hierbij nodig om contact op te nemen met een ter zake kundige en een maatregel toe te passen, zodat de wet niet wordt overtreden. Door de voorgenomen werkzaamheden bestaat de kans dat holen van algemene soorten als konijn, egel en diverse muizensoorten worden vergraven. De volgende maatregelen zijn nodig om rekening te houden met deze soorten: • Indien er verstoring plaatsvindt, dient er een passende vluchtroute beschikbaar te zijn. Dit geldt in het bijzonder voor vogels en grondgebonden zoogdieren (zoals muizen en egels). • Werk vanaf één zijde en bij voorkeur van een drukke naar een rustige locatie toe, zoals een open veld of ruigte. Werk ook op een aangepast tempo, zodat dieren kunnen vluchten. • Kunstmatige verlichting werkt verstorend op zoogdieren en andere fauna. Werk daarom niet tussen zonsondergang en zonsopkomst. • Voorkom of beperk daarnaast de toepassing van kunstlicht en de verstrooiing van licht buiten de projectlocatie.

Voorkom ook het direct schijnen op wateroppervlakken of groenelementen, zoals bosschages en ruigtes (met name voor vleermuizen). Gelet op de algemene zorgplicht dienen voorafgaand aan de werkzaamheden alle maatregelen te worden getroffen om nadelige gevolgen voor flora en fauna zoveel mogelijk te voorkomen, beperken of ongedaan te maken. Dit geldt altijd en voor alle planten- en diersoorten. Natuurinclusief bouwen Diverse fauna soorten staan onder druk door steeds verder afnemende broed- en nestgelegenheid. Natuurinclusief bouwen is een verzamelterm voor tal van maatregelen en manieren om natuur te integreren bij de bouw van woningen, kantoren en andere gebouwen. Natuurinclusief bouwen bevordert de biodiversiteit en ons leefklimaat. Vogelbescherming Nederland heeft een checklist ontwikkeld, waarmee iedere bouwonderneming zijn projecten en de directe omgeving natuurvriendelijker kan maken. (www.checklistgroenbouwen.nl). Daarnaast zijn er op de website www.bouwnatuurinclusief.nl veel tips om natuurinclusief te bouwen. Voor de ontwikkeling van het Vlierstraat 17 te Oijen wij de volgende natuur inclusieve maatregelen aan: o

o

Bij de aanleg van groenstructuren in het plangebied worden bij voorkeur inheems (streekeigen) groen aangeplant. Groei en bloei van deze planten en de momenten waarop rupsen, bijen of vogels sterk van hun blad, nectar en stuifmeel afhankelijk zijn, zijn op elkaar afgestemd. Dit is een belangrijk verschil met uitheemse soorten, die vaak eerder en te vroeg uitlopen/bloeien. De voorkeur gaat uit naar en bes- en nootdragende struiken zoals sporkehout (vuilboom), Gelderse roos, wilde kardinaalsmuts, lijsterbes, hondsroos, sleedoorn of hazelaar. Deze zijn ten gunste van foerageerfuncties voor vogels, maar ook kleine knaagdieren, insecten en insecteneters zoals vleermuizen zullen hiervan profiteren. Huismussen zullen schuilgelegenheid vinden in stekelige struiken zoals bijv. (groenblijvende) hulst of meidoorn. Lindebomen trekken tijdens hun relatief lange bloeitijd grote aantallen insecten aan, en dus ook eerdergenoemde insecteneters. Op plaatsen waar wegen niet intensief gebruikt wordt, zoals parkeerplaatsen kan er halfbestrating worden gebruikt. De openingen tussen de stenen biedt ruimte aan planten die tolerant zijn voor betreding. De vegetatie ontwikkelt zich vanzelf, maar kan met inzaaien worden bevorderd. De planten zorgen voor zaden en insecten die weer dienen als voedsel voor vogels.

Brabant Eco; ecologische dienstverlening

27

Ecologische quickscan Vlierstraat 17 Oijen, BE-0452

7. BRONNEN

Websites www.atlasleefomgeving.nl www.brabant.nl www.floron.nl www.ivn.nl www.natuurmonumenten.nl www.natura2000.nl www.natura2000.europa.eu www.NDFF.nl www.ravon.nl www.rijksoverheid.nl www.sovon.nl www.verspreidingsatlas.nl www.vivarapro.nl www.vogelbescherming.nl www.wetnatuurbescherming.nl www.wikipedia.nl

Andere bronnen Checklist vleermuisprotocol Limpens et al., 2014, 2017 Baijens et al., 2005 Netwerk groene bureaus

Bijlagen Bijlage 1: de verspreidingslijst van NDFF Bijlage 2: de beschermde soortenlijst par 3.2 Wet natuurbescherming Bijlage 3: de beschermde soortenlijst par 3.3 Wet natuurbescherming

Brabant Eco; ecologische dienstverlening

28

Uitvoerportaal Vlierstraat

BE-0452

12948 records Middelpunt < 1km²

Middelpunt > 5km²

Middelpunt 1km² - 5km²

Vlak

schaal 1 : 1000

De NDFF is de meest omvangrijke landelijke informatiebron van verspreidingsgegevens en bevat betrouwbare waarnemingen van planten en dieren in Nederland. Nieuwe gegevens worden met regelmaat toegevoegd. Alle gegevens in de NDFF zijn door soortexperts gevalideerd. Nader (veld-)onderzoek kan noodzakelijk zijn om aanwezigheid van een soort te bevestigen of uit te sluiten.

7 november 2022 13:12:58

1

Auteur: Jeannette Welten

Uitvoerportaal Vlierstraat

BE-0452 Zoekvraag Soort

Soortgroep

Wet en Beleid

Periode

Alle

Alle

Wnb - andere soorten 1 januari 2017 tot 1 Wnb - andere soorten januari 2023 (NB) Jaarrond beschermde nesten Wnb - Vogelrichtlijn Wnb - Habitatrichtlijn

Samenvatting

Bronhouder

Zoekgebied

Alle

Alles rakend aan of binnen zoekgebied

(unieke soorten) / totaal aantal waarnemingen

De NDFF is de meest omvangrijke landelijke informatiebron van verspreidingsgegevens en bevat betrouwbare waarnemingen van planten en dieren in Nederland. Nieuwe gegevens worden met regelmaat toegevoegd. Alle gegevens in de NDFF zijn door soortexperts gevalideerd. Nader (veld-)onderzoek kan noodzakelijk zijn om aanwezigheid van een soort te bevestigen of uit te sluiten.

7 november 2022 13:12:58

2

Auteur: Jeannette Welten

Uitvoerportaal Vlierstraat

BE-0452 Beleid Jaarrond beschermde nesten Blauwe reiger Boerenzwaluw Bonte vliegenvanger Boomklever Boomkruiper Boomvalk Brilduiker Buizerd Ekster Gekraagde roodstaart Gierzwaluw Grauwe vliegenvanger Groene specht Grote bonte specht Grote gele kwikstaart Havik Huismus Huiszwaluw IJsvogel Kerkuil Kleine bonte specht Koolmees Oeverzwaluw Ooievaar Pimpelmees Ransuil Roek Slechtvalk Sperwer Spreeuw Steenuil Tapuit Torenvalk Wespendief Zeearend Zwarte kraai Zwarte roodstaart Zwarte wouw

(38) 8693 1051 397 1 8 38 117 70 843 275 5 253 13 307 123 14 39 123 142 494 26 1 212 281 942 141 87 169 49 186 458 93 151 945 2 14 608 12 3

De NDFF is de meest omvangrijke landelijke informatiebron van verspreidingsgegevens en bevat betrouwbare waarnemingen van planten en dieren in Nederland. Nieuwe gegevens worden met regelmaat toegevoegd. Alle gegevens in de NDFF zijn door soortexperts gevalideerd. Nader (veld-)onderzoek kan noodzakelijk zijn om aanwezigheid van een soort te bevestigen of uit te sluiten.

7 november 2022 13:12:58

3

Auteur: Jeannette Welten

Uitvoerportaal Vlierstraat

BE-0452 Beleid Jaarrond beschermde nesten (FL) Blauwe reiger Boerenzwaluw Boomvalk Buizerd Gierzwaluw Groene specht Grote bonte specht Grote gele kwikstaart Havik Huismus Huiszwaluw IJsvogel Kerkuil Kleine bonte specht Oeverzwaluw Ooievaar Ransuil Roek Slechtvalk Sperwer Spreeuw Steenuil Tapuit Torenvalk Wespendief Zeearend Zwarte wouw

(27) 7310 1051 397 117 843 253 307 123 14 39 123 142 494 26 1 281 942 87 169 49 186 458 93 151 945 2 14 3

De NDFF is de meest omvangrijke landelijke informatiebron van verspreidingsgegevens en bevat betrouwbare waarnemingen van planten en dieren in Nederland. Nieuwe gegevens worden met regelmaat toegevoegd. Alle gegevens in de NDFF zijn door soortexperts gevalideerd. Nader (veld-)onderzoek kan noodzakelijk zijn om aanwezigheid van een soort te bevestigen of uit te sluiten.

7 november 2022 13:12:58

4

Auteur: Jeannette Welten

Uitvoerportaal Vlierstraat

BE-0452 Beleid Jaarrond beschermde nesten (FR) Bergeend Blauwe reiger Boerenzwaluw Boomvalk Buizerd Gierzwaluw Grote gele kwikstaart Grote zilverreiger Havik Huismus Huiszwaluw IJsvogel Kerkuil Kokmeeuw Lepelaar Ooievaar Ransuil Ringmus Roek Scholekster Slechtvalk Sperwer Steenuil Torenvalk Visdief Wespendief Zeearend Zwarte wouw

(28) 6123 70 1051 397 117 843 253 14 9 39 123 142 494 26 2 1 942 87 4 169 38 49 186 93 945 10 2 14 3

De NDFF is de meest omvangrijke landelijke informatiebron van verspreidingsgegevens en bevat betrouwbare waarnemingen van planten en dieren in Nederland. Nieuwe gegevens worden met regelmaat toegevoegd. Alle gegevens in de NDFF zijn door soortexperts gevalideerd. Nader (veld-)onderzoek kan noodzakelijk zijn om aanwezigheid van een soort te bevestigen of uit te sluiten.

7 november 2022 13:12:58

5

Auteur: Jeannette Welten

Uitvoerportaal Vlierstraat

BE-0452 Beleid Jaarrond beschermde nesten (LI) Blauwe reiger Boerenzwaluw Boomvalk Buizerd Gierzwaluw Grote gele kwikstaart Grutto Havik Huismus Huiszwaluw IJsvogel Kerkuil Oeverzwaluw Ooievaar Ransuil Ringmus Roek Slechtvalk Sperwer Spotvogel Steenuil Torenvalk Visdief Wespendief Wulp Zwarte wouw

(26) 6328 1051 397 117 843 253 14 11 39 123 142 494 26 281 942 87 4 169 49 186 30 93 945 10 2 17 3

De NDFF is de meest omvangrijke landelijke informatiebron van verspreidingsgegevens en bevat betrouwbare waarnemingen van planten en dieren in Nederland. Nieuwe gegevens worden met regelmaat toegevoegd. Alle gegevens in de NDFF zijn door soortexperts gevalideerd. Nader (veld-)onderzoek kan noodzakelijk zijn om aanwezigheid van een soort te bevestigen of uit te sluiten.

7 november 2022 13:12:58

6

Auteur: Jeannette Welten

Uitvoerportaal Vlierstraat

BE-0452 Beleid Jaarrond beschermde nesten (OV) Boerenzwaluw Boomvalk Buizerd Gierzwaluw Grote gele kwikstaart Havik Huismus Huiszwaluw IJsvogel Kerkuil Ooievaar Ransuil Ringmus Roek Slechtvalk Sperwer Steenuil Tapuit Torenvalk Tureluur Veldleeuwerik Wespendief Wulp Zeearend Zwarte roodstaart Zwarte wouw

(26) 5241 397 117 843 253 14 39 123 142 494 26 942 87 4 169 49 186 93 151 945 15 104 2 17 14 12 3

RL: Bedreigd Pijlstaart Tapuit Zomertaling

(3) 157 2 151 4

De NDFF is de meest omvangrijke landelijke informatiebron van verspreidingsgegevens en bevat betrouwbare waarnemingen van planten en dieren in Nederland. Nieuwe gegevens worden met regelmaat toegevoegd. Alle gegevens in de NDFF zijn door soortexperts gevalideerd. Nader (veld-)onderzoek kan noodzakelijk zijn om aanwezigheid van een soort te bevestigen of uit te sluiten.

7 november 2022 13:12:58

7

Auteur: Jeannette Welten

Uitvoerportaal Vlierstraat

BE-0452 Beleid RL: Gevoelig Boerenzwaluw Brilduiker Gele kwikstaart Graspieper Grauwe vliegenvanger Grutto Haas Huismus Huiszwaluw Kleine zilverreiger Kneu Konijn Noordzeehouting Oeverloper Ringmus Smient Spotvogel Tureluur Veldleeuwerik Visdief Wezel Zeearend

(22) 1322 397 70 63 14 13 11 182 123 142 8 77 29 9 3 4 1 30 15 104 10 3 14

RL: Kwetsbaar Boomvalk Grote lijster Grote modderkruiper Koekoek Laatvlieger Nachtegaal Patrijs Porseleinhoen Ransuil Slobeend Steenuil Torenvalk Wintertaling Wulp

(14) 1393 117 5 3 50 1 2 46 2 87 16 93 945 9 17

De NDFF is de meest omvangrijke landelijke informatiebron van verspreidingsgegevens en bevat betrouwbare waarnemingen van planten en dieren in Nederland. Nieuwe gegevens worden met regelmaat toegevoegd. Alle gegevens in de NDFF zijn door soortexperts gevalideerd. Nader (veld-)onderzoek kan noodzakelijk zijn om aanwezigheid van een soort te bevestigen of uit te sluiten.

7 november 2022 13:12:58

8

Auteur: Jeannette Welten

Uitvoerportaal Vlierstraat

BE-0452 Beleid SNL soorten Bergeend Blauwborst Boomklever Boomkruiper Bosrietzanger Braamsluiper Bruine kiekendief Cetti's Zanger Dodaars Gekraagde roodstaart Gele kwikstaart Grasmus Graspieper Grauwe vliegenvanger Groene specht Groenling Grote bonte specht Grote zilverreiger Grutto Havik Kleine bonte specht Kleine plevier Kluut Kneu Krakeend Kuifeend Kwartel Lepelaar Nachtegaal Patrijs Porseleinhoen Putter Rietzanger Roodborsttapuit Scholekster Slechtvalk Slobeend Spotvogel Tapuit Tureluur Veldleeuwerik Visdief Wespendief

(47) 2352 70 85 8 38 112 22 4 7 30 5 63 279 14 13 307 46 123 9 11 39 1 28 121 77 83 113 4 1 2 46 2 34 33 31 38 49 16 30 151 15 104 10 2

De NDFF is de meest omvangrijke landelijke informatiebron van verspreidingsgegevens en bevat betrouwbare waarnemingen van planten en dieren in Nederland. Nieuwe gegevens worden met regelmaat toegevoegd. Alle gegevens in de NDFF zijn door soortexperts gevalideerd. Nader (veld-)onderzoek kan noodzakelijk zijn om aanwezigheid van een soort te bevestigen of uit te sluiten.

7 november 2022 13:12:58

9

Auteur: Jeannette Welten

Uitvoerportaal Vlierstraat

BE-0452 Beleid Wintertaling Wulp Zanglijster Zomertaling

9 17 46 4

Wnb - andere soorten Bastaardkikker Bosmuis Das Eekhoorn Egel Gewone pad Groene kikker (Onb.) Grote modderkruiper Haas Huisspitsmuis Kleine watersalamander Konijn Ree Steenmarter Vos Wezel Woelrat

(17) 373 4 11 12 2 68 10 22 3 182 1 3 29 11 3 5 3 4

Wnb - andere soorten (DR) Das Eekhoorn Grote modderkruiper Steenmarter

(4) 20 12 2 3 3

Wnb - andere soorten (EZ) Das Eekhoorn Grote modderkruiper Steenmarter

(4) 20 12 2 3 3

Wnb - andere soorten (FL) Das Eekhoorn Grote modderkruiper Steenmarter Wezel

(5) 23 12 2 3 3 3

De NDFF is de meest omvangrijke landelijke informatiebron van verspreidingsgegevens en bevat betrouwbare waarnemingen van planten en dieren in Nederland. Nieuwe gegevens worden met regelmaat toegevoegd. Alle gegevens in de NDFF zijn door soortexperts gevalideerd. Nader (veld-)onderzoek kan noodzakelijk zijn om aanwezigheid van een soort te bevestigen of uit te sluiten.

7 november 2022 13:12:58

10

Auteur: Jeannette Welten

Uitvoerportaal Vlierstraat

BE-0452 Beleid Wnb - andere soorten (FR) Das Eekhoorn Grote modderkruiper

(3) 17 12 2 3

Wnb - andere soorten (GL) Das Eekhoorn Grote modderkruiper Steenmarter Wezel

(5) 23 12 2 3 3 3

Wnb - andere soorten (GR) Das Eekhoorn Grote modderkruiper Haas Steenmarter

(5) 202 12 2 3 182 3

Wnb - andere soorten (LB) Das Eekhoorn Grote modderkruiper Steenmarter

(4) 20 12 2 3 3

Wnb - andere soorten (NB) Das Eekhoorn Grote modderkruiper Steenmarter Wezel

(5) 23 12 2 3 3 3

Wnb - andere soorten (NH) Das Eekhoorn Grote modderkruiper Steenmarter Wezel

(5) 23 12 2 3 3 3

De NDFF is de meest omvangrijke landelijke informatiebron van verspreidingsgegevens en bevat betrouwbare waarnemingen van planten en dieren in Nederland. Nieuwe gegevens worden met regelmaat toegevoegd. Alle gegevens in de NDFF zijn door soortexperts gevalideerd. Nader (veld-)onderzoek kan noodzakelijk zijn om aanwezigheid van een soort te bevestigen of uit te sluiten.

7 november 2022 13:12:58

11

Auteur: Jeannette Welten

Uitvoerportaal Vlierstraat

BE-0452 Beleid Wnb - andere soorten (OV) Das Eekhoorn Egel Grote modderkruiper Steenmarter Wezel

(6) 91 12 2 68 3 3 3

Wnb - andere soorten (UT) Das Eekhoorn Grote modderkruiper Steenmarter

(4) 20 12 2 3 3

Wnb - andere soorten (ZH) Das Eekhoorn Grote modderkruiper Steenmarter

(4) 20 12 2 3 3

Wnb - andere soorten (ZL) Das Eekhoorn Grote modderkruiper Haas Konijn Steenmarter Wezel

(7) 234 12 2 3 182 29 3 3

Wnb - Habitatrichtlijn Bever Gewone dwergvleermuis Gewone grootoorvleermuis Gewone/Grijze grootoorvleermuis Gewone/Kleine/Ruige dwergvleermuis Laatvlieger Meervleermuis Noordzeehouting Poelkikker Rivierrombout Ruige dwergvleermuis Teunisbloempijlstaart

(12) 309 195 84 2 3 1 1 1 9 1 1 7 4

De NDFF is de meest omvangrijke landelijke informatiebron van verspreidingsgegevens en bevat betrouwbare waarnemingen van planten en dieren in Nederland. Nieuwe gegevens worden met regelmaat toegevoegd. Alle gegevens in de NDFF zijn door soortexperts gevalideerd. Nader (veld-)onderzoek kan noodzakelijk zijn om aanwezigheid van een soort te bevestigen of uit te sluiten.

7 november 2022 13:12:58

12

Auteur: Jeannette Welten

Uitvoerportaal Vlierstraat

BE-0452 Beleid Wnb - Vogelrichtlijn Bergeend Blauwborst Blauwe reiger Boerenzwaluw Boomklever Boomkruiper Boomvalk Bosrietzanger Braamsluiper Brandgans Bruine kiekendief Buizerd Casarca Cetti's Zanger Dodaars Ekster Fazant Fitis Fuut Gaai Gekraagde roodstaart Gele kwikstaart Gierzwaluw Grasmus Graspieper Grauwe gans Grauwe vliegenvanger Groene specht Groenling Grote Canadese gans Grote bonte specht Grote lijster Grote zaagbek Grote zilverreiger Grutto Heggenmus Holenduif Houtduif Huismus Huiszwaluw IJsvogel Kauw Kerkuil

(102) 4072 70 85 26 1 1 3 5 112 22 10 4 9 1 7 30 15 11 55 65 2 2 63 2 279 14 286 2 32 46 90 4 5 1 9 11 44 7 45 13 17 11 3 2

De NDFF is de meest omvangrijke landelijke informatiebron van verspreidingsgegevens en bevat betrouwbare waarnemingen van planten en dieren in Nederland. Nieuwe gegevens worden met regelmaat toegevoegd. Alle gegevens in de NDFF zijn door soortexperts gevalideerd. Nader (veld-)onderzoek kan noodzakelijk zijn om aanwezigheid van een soort te bevestigen of uit te sluiten.

7 november 2022 13:12:58

13

Auteur: Jeannette Welten

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Oss&id=60f4935a-8cc1-492c-8002-dbf63c7e14d3