CConstaterende datOss
Koppel je AI →
Document · PDF

2Jaarverslag en jaarrekening 2020.PDF

Gemeenteraad 8 juli 2021, gemeente OssBij agendapunt: A Jaarverslag en jaarrekening 202036.349 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 4

Jaarverslag en jaarrekening 2020

1

Inhoudsopgave Inhoudsopgave

2

Aanbiedingsbrief

4

Leeswijzer

6

Samenvattend financieel beeld

9

Financiën programma's in één oogopslag

19

COVID-19: Financiële ondersteuningsmaatregelen en risico's

20

JAARVERSLAG

35

Programma 1. Zorg en welzijn

36

Programma 2. Werk, inkomen en onderwijs

50

Programma 3. Ontmoeten, sport en cultuur

63

Programma 4. Dynamisch stadscentrum

72

Programma 5. Zuinig op ons klimaat

79

Programma 6. Vitale economie

94

Programma 7. Mobiliteit

103

Programma 8. Aantrekkelijk wonen in Oss

109

Programma 9. Veilige omgeving

121

Programma 10. Besturen in verandering van tijden

131

Programma 11. Financieel solide

145

Paragraaf weerstandsvermogen en risicobeheersing

154

Paragraaf onderhoud kapitaalgoederen

175

Paragraaf financiering

180

Paragraaf verbonden partijen

184

Paragraaf grondbeleid

205

Paragraaf lokale heffingen

218

Paragraaf bedrijfsvoering

222

Paragraaf investeringsplan

224

Voortgangsrapportage Integraal Uitvoeringsprogramma (IUP) openbare ruimte

229

JAARREKENING

233

Programmarekening op hoofdlijnen

234

Cijfers per programma

235

Incidentele baten en lasten

237

2

Analyse rechtmatigheid

252

Bestemming rekeningresultaat

253

Balans en toelichting

264

Balans

265

Grondslagen voor waardering en resultaatbepaling

268

Toelichting op de balans

273

Financieel overzicht totale begroting volgens taakvelden

298

Bijlagen

303

Bijlage WNT

304

Sisa-bijlage

305

OVERIGE GEGEVENS

309

Bijlage 1: Overzicht subsidies

316

3

Aanbiedingsbrief

Geachte leden van de gemeenteraad,

Voor u ligt het jaarverslag en de jaarrekening van 2020. In de programma-evaluatie hebben we beleidsmatig terug gekeken op 2020. In dit jaarverslag met jaarrekening lichten we toe hoe we 2020 financieel hebben afgesloten. Wij kijken terug op een ongekend jaar, waarin de wereld door een pandemie op z’n kop kwam te staan. En dit duurt nog steeds voort. COVID-19 kent diverse gezichten. Inwoners, maatschappelijke organisaties en bedrijven hebben zwaar te lijden onder de huidige epidemie en de gevolgen daarvan. Het verenigingsleven, de mogelijkheden om te sporten of om elkaar te ontmoeten waren zeer beperkt. We houden er rekening mee dat alle pijn nog lang niet zichtbaar is en we houden rekening met langdurige naschokken. Voor de economie, de samenleving en inwoners. Zoals we in de programma-evaluatie al hebben aangegeven zijn we er trots op dat we desondanks nog zoveel van onze plannen hebben kunnen realiseren. Dankzij de goede bestuurlijke samenwerking tussen College en gemeenteraad. Daarbij ondersteund door onze organisatie die betrokkenheid, veerkracht en aanpassingsvermogen heeft getoond. We hebben onze dienstverlening kunnen continueren en nieuwe en slimme manieren van werken ons eigen gemaakt. In 2020 hebben we langs drie lijnen gewerkt hebben: -

Met veel energie focus op de uitvoering

-

De samenleving zo goed mogelijk helpen bij het omgaan met de gevolgen van COVID-19

-

Prioriteiten stellen.

Financieel gezien sluiten we 2020 positief af met een voordelig saldo van afgerond € 8 miljoen. Dit is een fors voordeel. Dit wordt met name veroorzaakt door grote incidentele voordelen. Zo hadden we bijvoorbeeld € 3,2 miljoen minder uitgegeven aan de regionale uitvoering van beschermd wonen en ook hebben we nog niet alle gelden uitgegeven voor COVID-19 compensatiemaatregelen (€ 1,8 miljoen). Dit geld hebben we in 2020 al ontvangen van het Rijk maar besteden we pas in 2021. Het merendeel van de voordelen in deze jaarrekening is incidenteel en kunnen wel verklaren doordat we door COVID-19 nog niet al het geld uit hebben kunnen geven wat we hadden gepland. Zo zijn activiteiten vertraagd of konden niet doorgaan, of hebben we andere prioriteiten gesteld vanwege COVID-19. COVID-19 maakte fysieke bijeenkomsten onmogelijk, bijvoorbeeld in participatie-trajecten, voor groepstrainingen bij re-integratie of wijkraad bijeenkomsten over projecten in de buurt. Dat betekende vertraging, uitstel of opnieuw afwegen. We hopen dit in 2021 weer op te pakken. We zagen echter ook aandachtsgebieden waarop we opnieuw tekorten kenden. Door het abonnementstarief en de autonome groei nam het tekort op de Wmo opnieuw toe. Ook op de jeugdhulp hebben we dit jaar weer geld toe moeten leggen.

4

Dat we een flink saldo hebben, geeft ons een dubbel gevoel. Aan de ene kant zijn we blij dat onze financiële positie op orde is en we ondanks de crisis geen tekort hoeven te presenteren. We zien geen tekorten en ook een stabiele reservepositie die voldoende buffer heeft om tegenslagen op te vangen. Onze vermogenspositie is zelfs verbeterd. Aan de andere kant is een behoorlijk bedrag overhouden, terwijl de samenleving met een ongekende pandemie te maken heeft lastig uit te leggen. Het saldo van nu biedt echter geen enkele garantie voor de toekomst. De financiële positie staat namelijk fors onder druk. De meerjarenbegroting 2021-2024 was ternauwernood sluitend. En we zien de tekorten binnen Jeugdhulp en de Wmo (door de invoering van het abonnementstarief) jaarlijks verder oplopen. De rijksmiddelen die we hiervoor ontvangen zijn echt onvoldoende. En wat zijn de langere termijn gevolgen van COVID-19, bijvoorbeeld voor onze gezondheid, de economie, arbeidsmarkt en de effecten voor schuldhulpverlening? Het Rijk heeft ons voor de acute problemen in 2020 op een uitstekende manier ondersteund met een royaal pakket van maatregelen en geld. Ook de gevolgen van de landelijke verkiezingen geven onzekerheid.

Hoe staat een nieuw kabinet dadelijk tegenover de oproep van gemeenten voor compensatie voor de forse opgaven waar we voorstaan? Wat besluit het nieuwe kabinet over de opschalingskorting, de herverdeling van het gemeentefonds, een mogelijke structurele verhoging van de bijdrage voor jeugdhulp? We zien veel onzekerheden en vragen waar we nog geen antwoord op hebben. We verwachten dat deze onzekerheid nog wel even blijft. In de kadernota zullen we aangeven hoe we hier richting de begroting mee om willen gaan. Het grondbedrijf staat er goed voor. In 2020 zijn extra winsten gerealiseerd en is de algemene bedrijfsreserve gestegen naar ruim € 24 miljoen. Deze middelen hebben we hard nodig om onze ambities op het gebied van woningbouw en bedrijventerreinen te realiseren. Na 2025 droogt het grondbedrijf op. We zullen het geld dus goed en duurzaam renderend in moeten zetten. We hebben er voor gekozen om niet te bezuinigingen maar om juist anticyclisch te investeren. Het wordt gezien de grote onzekerheden een grote uitdaging om dit richting de kadernota 2022 vol te houden. We gaan hier graag het gesprek met u over aan, Burgemeester en wethouders van Oss.

De secretaris,

De burgemeester,

drs. H. Mensink

drs. W.J.L. Buijs-Glaudemans

5

Leeswijzer Het jaarverslag en de jaarrekening bestaan uit diverse onderdelen. In deze leeswijzer geven we bij alle onderdelen een korte uitleg. Aanbiedingsbrief In de aanbiedingsbrief blikt het college van burgemeester en wethouders terug op 2020. Wat waren de belangrijkste resultaten en ontwikkelingen? Samenvattend financieel beeld Dit hoofdstuk is een financiële terugblik op 2020. Het is een aanvulling op de inhoudelijke terugblik in de aanbiedingsbrief. Het samenvattend financieel beeld geeft een beknopte analyse van het rekeningresultaat, de financiële positie en het grondbedrijf. JAARVERSLAG Financiën programma’s in één oogopslag In dit onderdeel laten we in een figuur zien hoe onze gerealiseerde uitgaven over de programma’s verdeeld zijn. Programma’s Per programma worden de volgende vragen beantwoord: 1.

Wat willen we bereiken?

2.

Hoe ver zijn we met het realiseren van onze doelstellingen?

3.

Wat hebben we hiervoor gedaan?

4.

Wat hebben we specifiek in het kader van COVID-19 gedaan?

5.

Wat heeft het gekost?

Daarna geven we op hoofdlijnen een overzicht van de subsidies die we verstrekt hebben. Achterin de jaarrekening is een uitgebreider overzicht opgenomen. Tenslotte worden aan de hand van een figuur de financiën van het programma samengevat. Paragrafen De opgenomen paragrafen zijn op grond van wetgeving een verplicht onderdeel van het jaarverslag. Het gaat bij de paragrafen telkens om onderwerpen met een groot financieel belang. Door deze op een centrale plek in het jaarverslag op te nemen wordt een goede informatievoorziening over deze onderwerpen gewaarborgd en is de informatie inzichtelijk. Voortgangsrapportage Integraal Uitvoeringsprogramma (IUP) openbare ruimte De gemeente voert elk jaar een groot aantal projecten uit in het kader van het Integraal Uitvoeringsprogramma (IUP) openbare ruimte. Het gaat dan om werkzaamheden aan bijvoorbeeld wegen, fietspaden, riolering en openbaar groen. In de voortgangsrapportage wordt op hoofdlijnen inzicht gegeven in de stand van zaken van deze werkzaamheden.

6

JAARREKENING Programmarekening op hoofdlijnen Cijfers per programma Dit is een cijfermatig overzicht van de baten en lasten per programma. Het gaat zowel om de begrote cijfers als om de gerealiseerde cijfers. In dit overzicht is in één oogopslag te zien waar de verschillen tussen de begroting en de werkelijkheid zitten. Een toelichting op de verschillen is bij de programma’s in het jaarverslag opgenomen, bij de w-vraag 'Wat heeft het gekost?'. Incidentele baten en lasten In dit onderdeel is een overzicht van de incidentele baten en lasten opgenomen, zowel de begrote cijfers als de werkelijke cijfers. Incidenteel houdt in dat het gaat om baten en lasten die een tijdelijk karakter hebben. Deze zitten slechts één of enkele jaren in de begroting. Verder wordt aandacht besteed aan de toevoegingen en onttrekkingen aan reserves. Dit zijn normaal gesproken incidentele lasten en baten. Hier bestaan enkele uitzonderingen op: sommige mutaties in reserves zijn structurele lasten of baten. Deze worden in een afzonderlijk overzicht weergegeven. Analyse rechtmatigheid In dit hoofdstuk wordt de begrotingsrechtmatigheid geanalyseerd: handelen we binnen de begroting zoals de gemeenteraad die heeft vastgesteld? Daarbij wordt niet alleen gekeken of de werkelijke lasten hoger zijn dan begroot maar ook of de lasten aan het juiste begrotingsjaar en aan het juiste programma zijn toegerekend.

Bestemming rekeningresultaat In 2020 zijn niet alle werkzaamheden en projecten afgerond. In dit hoofdstuk stellen we voor om diverse budgetten die niet (volledig) besteed zijn in 2021 alsnog te besteden zodat we de bijbehorende werkzaamheden en projecten in 2021 verder kunnen afronden en uitvoeren. Balans en toelichting Balans De balans geeft een overzicht van de bezittingen, de schulden en de stand van het eigen vermogen op een bepaald moment, in dit geval per 1 januari 2020 en per 31 december 2020. Grondslagen voor waardering en resultaatbepaling De grondslagen voor waardering en resultaatbepaling geven aan op welke manier de balansposten gewaardeerd zijn en tot stand gekomen zijn. Toelichting op de balans In dit hoofdstuk worden alle posten in de balans nader toegelicht en onderbouwd. Bijlage WNT Per 1 januari 2013 is de Wet normering bezoldiging topfunctionarissen publieke en semipublieke sector (WNT) in werking getreden. De WNT schrijft voor dat de beloning van topfunctionarissen verantwoord dient te worden in de jaarrekening, ook als de beloning beneden de norm blijft. Voor overige functionarissen geldt publicatieplicht alleen als de norm overschreden wordt. De verantwoordingsgegevens zijn in deze bijlage opgenomen.

7

Sisa-bijlage Sisa staat voor Single information single audit. Voor diverse specifieke uitkeringen hoeven we geen aparte verantwoording aan het Rijk of de provincie af te leggen en hoeven we geen aparte accountantscontrole uit te laten voeren. De financiële verantwoording over deze uitkeringen mogen we volgens een bepaald format in de jaarrekening opnemen. De onafhankelijke accountant betrekt deze verantwoording bij de controle van onze jaarrekening. BIJLAGEN Bijlage 1: Overzicht subsidies In dit onderdeel geven we een uitgebreid overzicht van de subsidies die we verstrekken. Dit is een aanvulling op de globale overzichten in de programma's. OVERIGE GEGEVENS Controleverklaring De onafhankelijke accountant heeft onze jaarrekening gecontroleerd. In het accountantsverslag is te lezen wat het oordeel van de onafhankelijke accountant daarover is.

8

Samenvattend financieel beeld Inleiding Voor u ligt de programmarekening 2020 van de gemeente Oss. Deze programmarekening bestaat uit het jaarverslag en de jaarrekening. Hiermee leggen wij, het college van B&W, verantwoording af over het gevoerde beleid van de gemeente in 2020. Deze verslaglegging over de gemeentelijke prestaties en bestedingen in het jaar 2020 zijn uitwerkingen van de beleidsvoornemens uit de programmabegroting. In de aanbiedingsbrief hiervoor is al ingegaan op het inhoudelijke verhaal. In dit hoofdstuk ligt de nadruk op bijzonderheden in financieel opzicht. Rekeningresultaat 2020 De jaarrekening 2020 sluit met een positief saldo van € 8 miljoen. In de volgende tabel zijn de rekeningcijfers vergeleken met de bijgestelde begroting (na verwerking van de 3O-ontwikkelingen in de financiële tussenrapportage 2020 en de programmabegroting 2021-2024). + is uitgaven/nadelig saldo - is inkomsten/voordelig saldo bedragen x € 1.000 Omschrijving

Rekening 2020

Begroting 2020

Verschil

na wijziging Lasten

320.998

372.811

-51.813

Baten

-342.901

-374.164

31.264

Saldo programma’s

-21.903

-1.353

-20.550

Stortingen reserves

34.514

30.547

3.968

Onttrekkingen reserves

-20.622

-27.179

6.557

Mutaties reserves

13.893

3.368

10.524

Jaarrekeningresultaat

-8.010

2.015

-10.025

In het hoofdstuk Bestemming rekeningresultaat wordt voorgesteld het saldo van € 8,0 miljoen als volgt in te zetten: -

Een bedrag van € 5,3 miljoen over te hevelen naar 2021 en te bestemmen voor de uitvoering/afronding van diverse projecten.

-

Een bedrag van € 1,8 miljoen over te hevelen om deze in 2021 voor COVID-19 compenserende maatregelen.

-

Het resterende bedrag van € 0,93 miljoen te storten in de algemene reserve.

Het positieve saldo van de jaarrekening kent een aantal oorzaken. In de volgende tabellen zijn de belangrijkste voor- en nadelen opgenomen. Deze voor- en nadelen verklaren per saldo een bedrag van € 9 miljoen.

9

Belangrijke voordelen - is lagere uitgaven/hogere inkomsten bedragen x € 1.000 Programma

Omschrijving

1. Zorg en welzijn

Lagere kosten Maatschappelijke Opvang (met name

Bedrag -809

COVID-19) Lagere kosten beschermd wonen

-3.200

Lagere kosten Jeugdhulp

-325

Lagere kosten inkoop Jeugdhulp

-106

Lagere kosten Jeugdwerk

-129

Lagere kosten WMO algemeen

-214

Lagere kosten peuteropvang (met name COVID-19)

-166

Minder nadeel/ voordeel BUIG uitkeringen

-487

Extra overschot uitvoering TOZO-regeling

-194

Lagere kosten arbeidsparticipatie

-145

Lagere kosten minimabeleid

-134

Lagere kosten sportbeleid

-162

Lagere kosten cultuur (COVID-19 compensatie)

-259

5. Zuinig op ons klimaat

Minder nadeel afvalinzameling

-213

7. Mobiliteit

Minder nadeel parkeren

-343

Lagere kosten verkeer

-251

lagere kosten evenementen

-132

Extra inkomsten leges omgevingsvergunningen

-327

2. Werk, inkomen en onderwijs

3. Ontmoeten, sport en cultuur

8. Aantrekkelijk wonen in Oss 9. Veilige omgeving

Lagere kosten integrale veiligheid

-270

10. Besturen in verandering

Lagere personeelskosten/ overhead

-1.287

Lagere kosten wijkgericht werken

-158

Voordeel algemene uitkering

-726

Hogere OZB opbrengst

-517

Hogere opbrengst voorgaande jaren toeristenbelasting

-181

Vrijval stelpost loon- en prijscompensatie

-173

11. Financieel solide

Totaal aan voordelen

-10.908

Belangrijke nadelen + is hogere uitgaven/lagere inkomsten bedragen x € 1.000 Programma

Omschrijving

1. Zorg en welzijn

Hogere kosten WMO individuele voorzieningen

506

Hogere kosten Wmo dagbesteding en begeleiding

396

3. Ontmoeten, sport en cultuur

Hogere kosten buurt- en dorpshuizen (COVID-19)

108

10. Besturen in verandering

Hogere kosten pensioenen (voormalige) wethouders

416

11. Financieel solide

Hogere interne rentekosten

298

Extra storting voorziening dubieuze debiteuren

127

Totaal aan nadelen

Bedrag

1.851

10

Belangrijke mutaties in reserves Onderstaande posten zijn belangrijke afwijkingen binnen reserves. Per saldo hebben deze afwijkingen geen effect op het jaarrekeningresultaat. Wel hebben ze direct invloed op de reservepositie. bedragen x € 1.000 Programma

Omschrijving

Bedrag

1. Zorg en welzijn

Lagere kosten project transformatie Jeugdhulp

-1.070

Lagere onttrekking algemene reserve

1.070

Lagere kosten Oplosagenda Beschermd wonen

2. Werk, inkomen en onderwijs

(incidentele uitgaven)

-1.900

Lagere onttrekking reserve Beschermd wonen

1.900

Afboeking boekwaarde Hooghuis

1.700

Onttrekking aan de algemene bedrijfsreserve grondbedrijf 3. Ontmoeten, sport en cultuur 4. Dynamisch stadscentrum 5. Zuinig op ons klimaat

-1.700

Oninbare huur Groene Engel

135

Onttrekking aan de reserve IVB

-135

Lagere kosten gevelverbetering/ wonen in het centrum

-81

Minder onttrokken reserve Volkshuisvesting

81

Lagere kosten afvalinzameling

-868

Geen onttrekking algemene bedrijfsreserve grondbedrijf

868

Lagere kosten IUP projecten openbare ruimte

-1.660

Storting in de reserve IUP

1.660

Vertraging project Hertogswetering

-263

Lagere onttrekking uit reserve groenfonds landelijk 6. Vitale economie 8. Aantrekkelijk wonen in Oss 10. Besturen in verandering

gebied

263

Lagere subsidie kracht van Oss

-300

Lagere onttrekking reserve economie

300

Lagere kosten omgevingsvisie en -wet

-227

Lagere onttrekking algemene reserve

227

Lagere kosten E-dienstverlening

-136

Lagere onttrekking reserve E-dienstverlening

136

Lagere kosten taskforce woningbouw/ bedrijventerreinen

-313

Lagere onttrekking algemene bedrijfsreserve grondbedrijf

313

Totaal

0

Een uitgebreide toelichting op de financiële afwijkingen is in de programma’s van het jaarverslag opgenomen.

11

Financiële positie In deze paragraaf wordt in het kort de financiële positie van de gemeente weergegeven door te kijken naar de volgende onderdelen: A. Weerstandsvermogen en weerstandsratio B. Financieringspositie C. Reservepositie A. Weerstandsvermogen en weerstandsratio Het weerstandsvermogen geeft de financiële gezondheid van de gemeente weer. We drukken deze uit in een ratio. De uitkomst van de ratio moet in beginsel minimaal 1 zijn. Op hoofdlijnen is het beeld als volgt: Omschrijving

Bedrag/ratio incidenteel

Bedrag/ratio structureel

Geïnventariseerde risico’s

€ 8,9 miljoen

€ 1,1 miljoen

Weerstandscapaciteit

€ 39,1 miljoen

€ 3,5 miljoen

4,40

3,31

Weerstandsratio

De conclusie hieruit is dat de weerstandscapaciteit van voldoende omvang is om de gekwantificeerde risico’s te ondervangen. Er is ook ruimte voor het opvangen van onvoorziene risico’s. We maken echter wel de kanttekening dat de COVID-19 crisis voor grote onzekerheid zorgt. Het is onduidelijk wat voor (financiële) effecten deze crisis heeft voor de toekomst. De huidige crisis en de ontwikkelingen noodzaken dat we moeten sturen met grote onzekerheid. We volgen daarom nauwgezet alle ontwikkelingen en gevolgen voor onze inwoners, bedrijven en instellingen. Uiteraard ook de gevolgen voor onze eigen begroting. We volgen kritisch alle landelijke ondersteuningsmaatregelen en bepalen welke aanvullende maatregelen noodzakelijk zijn. Ten opzichte van de programmabegroting zijn er een aantal risico's vervallen. Deze zijn inmiddels concreet geworden en de effecten hiervan zijn verwerkt in deze jaarrekening.

12

B. Financieringspositie De financieringspositie geeft de verhouding aan tussen beschikbare financieringsbronnen op langere termijn (reserves, voorzieningen en langlopende geldleningen) ten opzichte van de investeringen in vaste activa. Hiermee geeft het dus aan op welke manier de activa gefinancierd zijn. De financieringspositie geeft aan dat er eind 2020 een financieringsoverschot is van afgerond € 34,8 miljoen. Hiervan kan het volgende overzicht worden gegeven: bedragen x € 1.000 Omschrijving

1 januari 2020

31 december 2020

119.021

136.157

Resultaat jaarrekening

3.243

8.010

Voorzieningen

41.832

45.322

Langlopende geldleningen

111.781

98.461

Subtotaal

275.877

287.950

1.242

1.209

Materiële vaste activa

215.259

227.297

Financiële vaste activa

28.969

24.641

254.470

253.147

30.407

34.803

Reserves

Immateriële vaste activa

Subtotaal

Financieringsoverschot

De gemeente is in verhouding in totaal dus meer gefinancierd met langlopende middelen. Dit komt doordat we onze voorraad aan grondexploitaties ook grotendeels gefinancierd hebben met langlopende middelen. We zien in 2020 wel een afname van langlopende geldleningen van circa € 13 miljoen. Voor meer informatie verwijzen we naar de toelichting op de balans.

13

C. Reservepositie De reservepositie geeft het volgende beeld: bedragen x € 1.000 Omschrijving

1 januari 2020

31 december 2020

Algemene reserve

23.051

23.642

Algemene reserve grondbedrijf

13.178

24.257

Reserves ter dekking begroting

17.780

15.864

Bestemmingsreserves ter afdekking van

23.238

23.090

Overige bestemmingsreserves

41.774

49.304

Resultaat jaarrekening

3.243

8.010

122.264

144.167

afschrijvingslasten

Totaal

De totale reservepositie is gestegen met bijna € 22 miljoen. De algemene reserve blijft op niveau. Dit komt wel door uitgestelde uitgaven. Rekening houdend met deze uitgaven en met tussentijdse begrotingstekorten (programmabegroting 2021-2024) komt het saldo van de algemene reserve uit op ongeveer € 20,5 miljoen. De norm bedraagt € 18 miljoen. De stijging van de reservepositie komt vooral door een stijging van de algemene bedrijfsreserve van het grondbedrijf (winstnemingen in 2020) en door een stijging van de bestemmingsreserves. In de programmabegroting 2021-2024 is overigens besloten om de algemene bedrijfsreserve van het grondbedrijf in te zetten voor diverse investeringsimpulsen. Het saldo wordt hierdoor in 2021 weer lager. De reserves die ingezet worden ter dekking van de begroting en voor afschrijvingslasten dalen conform eerdere besluitvorming. Voor meer informatie verwijzen we naar de toelichting op de balans, onderdeel reserves.

14

Financiële positie grondbedrijf De paragraaf grondbeleid en het MPG bevatten de verantwoording van het grondbedrijf over het afgelopen jaar en geven inzicht in de prognose tot en met het jaar 2024. Ontwikkeling boekwaarde De boekwaarde van de grondexploitaties per 31 december 2020 is € 80,3 miljoen. Dit is inclusief het Osse aandeel van de boekwaarde van het intergemeentelijke project Heesch-West en inclusief beheercomplexen en immateriële vaste activa. Dit betekent ten opzichte van eind 2019 een afname van € 17 miljoen. Deze boekwaarde bestaat uit gronden en uit kosten die wel al gemaakt hebben voor diverse projecten. Actuele prognose De actuele prognose uit het MPG geeft het volgende totaalbeeld: bedragen x € 1.000 Omschrijving

Boekwaarde per 31-12-2020 Verlies-voorzieningen

Herstructureringsplannen

9.519

Woningbouwcomplexen

3.295

Industrieterreinen

11.307

Heesch West

21.445

Beheercomplexen

33.495

Immateriële vaste activa

1.260

1.260

80.321

31.940

Totaal

Reserves

17.574

13.106

2.042

2.042

De verwachte winstnemingen over de jaren laten de volgende prognose zien: bedragen x € 1.000 Omschrijving

2020

2021

2022

2023

2024

86

325

18

0

0

Woningbouwcomplexen

4.355

1.436

1.483

1.264

1.516

Industrieterreinen

9.990

2.704

1.828

1.966

0

14.431

4.465

3.329

3.230

1.516

Herstructureringsplannen

Totaal

Uit deze overzichten valt op te maken dat we de komende jaren nog een toekomstige winst van circa € 12,5 miljoen verwachten. Winstnemingen gaan naar de ABR (algemene bedrijfsreserve grondbedrijf). De ABR dient namelijk als weerstandsvermogen. Als het weerstandsvermogen voldoet aan de eisen van de risico-analyse dan kunnen we het extra saldo besteden aan andere ontwikkelingen. Een belangrijke ontwikkeling hierbij zijn de uitwerkingen van de taskforce woningbouw en bedrijventerreinen. Om te voldoen aan de ambities op het gebied van woningbouw en industrie is een actief grondbeleid noodzakelijk en zullen investeringen hierin nodig zijn (bijvoorbeeld voor onrendabele binnenstedelijke ontwikkelingen en bovenwijkse voorzieningen). Richting de programmabegroting 2022-2025 worden voorstellen uitgewerkt.

15

Reserves en voorzieningen grondbedrijf De algemene bedrijfsreserve van het grondbedrijf (ABR) is bedoeld om risico’s af te dekken die zich binnen het grondbedrijf kunnen voordoen. Voor de bepaling van de risico’s maken we gebruik van de Monte-Carlomethode binnen het grondbedrijf. Hiermee bewerkstelligen we een eenduidig risicobeleid waarbij alle risico's van de grondexploitaties worden meegenomen In het volgende schema is een totaaloverzicht gegeven van de ontwikkeling van de ABR in 2020: bedragen x € 1.000 Omschrijving

Bedrag

Stand per 1 januari 2020

13.177

- Rente

158

- (Tussentijdse) winstnemingen industrie

9.990

- (Tussentijdse) winstnemingen woningbouw

4.355

- (Tussentijdse) winstnemingen herstructurering

86

- Bijstelling voorziening immateriële activa

344

- Verkoop beheer- en overige gronden Stortingen

2.719 17.652

- Vorming voorziening te verwachten exploitatieverliezen

-586

- Onttrekking voor de reserve strategische aankopen

-500

- Onttrekking voor projecten in reguliere begroting

-2.950

- Onttrekking ontwikkeling kapelaan Nausstraat

-700

- Afboeking maatschappelijk vastgoed Hooghuis

-1.726

- Taskforce versnelling woningbouw/ bedrijventerreinen

-87

- Overige

-23

Onttrekkingen

-6.572

Stand ABR per 31 december 2020

24.257

16

Op basis van een meerjarenprognose en de risicoanalyse is het verloop van de reserves en voorzieningen binnen het grondbedrijf als volgt: bedragen x € 1.000 Omschrijving

31 december

31 december

31 december

31 december

2020

2021

2022

2023

Algemene bedrijfsreserve

24.257

22.227

25.629

27.355

Reserve strategische aankopen

1.000

624

624

624

Risicoreserve Heesch West

2.042

2.042

2.042

2.042

Voorziening immateriële vaste

1.260

1.820

1.966

2.014

17.454

18.139

16.023

13.516

0

376

376

376

Voorziening Heesch West

13.106

0

0

0

Totaal

59.239

45.228

46.660

45.927

activa Voorziening exploitatieverliezen Voorziening strategische gronden

De algemene bedrijfsreserve stijgt de komende jaren. De minimale omvang van deze reserve bedraagt € 5,6 miljoen in 2021 en stijgt naar circa € 6,5 miljoen in 2025. Het bedrag boven deze minimale ABR kunnen we afromen naar de algemene middelen. Op basis van de prognose bij de programmabegroting 2021-2024 is besloten om de ABR in 2021 met € 5,7 miljoen te verlagen. Daarnaast is besloten om het restant voorlopig te reserveren voor een versnelling van de woningbouw en bedrijventerreinen. De taskforce die hiervoor ingesteld is, komt met concrete voorstellen. Hoe om te gaan met de toekomstige stijging van de ABR zal hierin meegenomen worden. In de voorziening exploitatieverliezen is het verwachte verlies van de grondexploitatie voor het Walkwartier opgenomen (ruim € 11 miljoen). Hierin zitten ook verliezen gekoppeld aan andere projecten. Voor het project Heesch West is op basis van de regionaal vastgestelde grondexploitatie een verwacht verlies van € 13,1 miljoen afgedekt (in een voorziening). Daarnaast hebben we op basis van onze risicoanalyse een aanvullende risicoreserve van afgerond € 2 miljoen voor Heesch West gevormd. Voor een specificatie verwijzen we naar het MPG, de paragraaf grondbeleid en de toelichting op de balans. Ontwikkelingen na 2020 De uitbraak van COVID-19 (Corona) heeft directe invloed gehad op de uitkomsten van de jaarrekening 2020.

Op diverse beleidsterreinen hebben we extra gelden vanuit het Rijk ontvangen voor ondersteuningsmaatregelen en hebben we zelf extra kosten gemaakt voor ondersteunende maatregelen. Een totaaloverzicht is zo goed als mogelijk weergegeven in een apart hoofdstuk over COVID-19. Daarnaast zien we directe effecten doordat bijvoorbeeld projecten/ evenementen zijn uitgesteld. De huidige crisis zal ook meerjarig effecten hebben op de financiële positie van de gemeente. De huidige crisis heeft grote impact op alle inwoners, bedrijven en instellingen. Het raakt veel beleidsterreinen van onze organisatie. Ter ondersteuning van het bedrijfsleven sluiten we zo veel mogelijk aan bij de landelijke regelingen van het kabinet. Vervolgens kijken we naar provinciale regelingen en ook kijken we naar onze eigen rol. Uitgangspunt daarbij is dat we zo veel mogelijk het zorglandschap en economische/ maatschappelijke infrastructuur in stand houden. We willen een stabiele partner zijn, maar geen onverantwoorde wissel trekken op de toekomst. We monitoren onze risico’s en die van onze partners voortdurend. Maar we weten ook nog heel veel niet. We bewaken onze liquiditeitspositie goed en nemen zo nodig maatregelen om onze taken gedurende deze crisis zo goed mogelijk te blijven uitvoeren.

17

Resultaatbestemming 2020 In de jaarrekening wordt voorgesteld om het positieve saldo van afgerond € 8 miljoen te bestemmen. We stellen voor om voor concrete projecten een bedrag van € 5,3 miljoen over te hevelen naar 2021 en te bestemmen voor de uitvoering van deze projecten en afronding van diverse projecten. Daarnaast hevelen we € 1,8 miljoen over wat is bedoeld voor COVID-19 maatregelen. Voor het restant van € 933.793 stellen we voor om dit in de algemene reserve te storten. De algemene vrije reserve is bestemd voor de opvang van algemene risico's en fluctuaties in de rekeningresultaten. De norm voor de algemene reserve is 10% van de algemene uitkering. Dat komt neer op een bedrag van € 18 miljoen. De hoogte van de algemene reserve is afgerond € 23,6 miljoen (voor bestemming rekeningresultaat). Door de tussentijdse begrotingstekorten gaan we ervan uit dat we € 20,5 miljoen aan vrije ruimte hebben. Daarnaast is besloten om eventuele extra compensatieregelingen voor COVID-19 te betalen uit de algemene reserve. Accountantscontrole De onafhankelijke accountant heeft op grond van artikel 213 van de Gemeentewet naast een getrouwheidsonderzoek ook een rechtmatigheidsonderzoek uitgevoerd naar de baten, lasten en balansmutaties. We hebben een goedkeurende verklaring ontvangen.

18

Financiën programma's in één oogopslag In de volgende figuur laten we zien hoe onze gerealiseerde uitgaven in 2020 over de programma's verdeeld zijn (bedragen x € 1.000).

19

COVID-19: Financiële ondersteuningsmaatregelen en risico's Inleiding In dit hoofdstuk schetsen we een beeld van de mogelijke financiële effecten van de COVID-19 crisis, brengen we de financiële ondersteuningsmaatregelen en risico's zo goed mogelijk in beeld. De huidige crisis en de ontwikkelingen noodzaken dat we moeten sturen met grote onzekerheid. We volgen daarom nauwgezet alle ontwikkelingen en gevolgen voor onze inwoners, bedrijven en instellingen. Uiteraard ook de gevolgen voor onze eigen begroting. We volgen kritisch alle landelijke ondersteuningsmaatregelen en bepalen welke aanvullende maatregelen noodzakelijk zijn. We hebben een goede algemene reserve. Tijdens het COVID-19 heeft de gemeenteraad via een motie besloten om deze reserve in te zetten om de COVID-19 schade te betalen. Financiële effecten COVID-19 crisis In de programmabegroting 2021-2024 hebben we een beeld geschetst van de mogelijke financiële effecten van de COVID-19 crisis voor gemeenten. Dit op basis van een extern bureau, die hiernaar in opdracht van het kabinet onderzoek heeft gedaan. Dit onderzoek ging om alle activiteiten van gemeenten en alle effecten: meer uitgaven, minder inkomsten en ook financiële meevallers. Dit onderzoek is gedaan via een dieptestudie bij 10 gemeenten en vervolgens zijn deze uitkomsten getoetst door 90 andere gemeenten, waaronder ook de gemeente Oss.

20

Uit het onderzoek zijn 42 relevante gevolgen van de COVID-19 crisis naar voren gekomen:

Blauw: meer uitgaven/ Rood: minder inkomsten/ Groen: financiële meevallers De top 10 van grootste financiële effecten voor gemeenten zijn (landelijke cijfers): -

Extra uitgaven (bijzondere) bijstand

-

Minder inkomsten parkeren

-

Minder inkomsten toeristenbelasting

-

Ondersteuning sociaal werkbedrijven

-

Extra uitgaven sport

-

Lagere retributies en leges

-

Lagere precario- en reclamebelasting

-

Extra uitgaven cultuurpodia

-

Extra uitgaven schuldhulpverlening

-

Ondersteuning jeugd- & Wmo

Wat opvalt is dat de gevolgen van de COVID-19 crisis breed en divers zijn. Het sociaal domein van gemeenten wordt relatief hard geraakt: er zijn veel en relatief grote financiële effecten in het sociaal domein. Daarbij speelt dat de grotere uitgaven op bijzondere bijstand ook doorwerken na 2020.

21

Financiële compensatie vanuit het Rijk In mei, augustus en december 2020 zijn compensatiepakketten vanuit het Rijk voor mede-overheden bekend gemaakt. Dit omdat gemeenten ook veel geld extra uitgeven en ook inkomsten mislopen. Het totale compensatiepakket voor de jaren 2020 en 2021 ziet er als volgt uit:

Onderdeel

Toelichting

Landelijk

Bedrag Jaar

Bedrag Jaar

bedrag

2020

2021

Het accres wordt voor de

Totaal

-

-

-

€ 353.000

€ 805.000

€ 1.158.000

-

-

-

jaren 2020 en 2021 Accres

bevroren. We laten dus

Verwerkt in

systematiek van samen de

meicirculaire

trap op en samen de trap af los. Besloten is om de

€ 70 miljoen

opschalingskorting in de

in 2020 en €

Opschalings-

jaren 2020 en 2021

160 miljoen in

korting

incidenteel te schrappen. Dit 2021. leidt tot hogere algemene uitkering.

BTWcompensatie-

Ook dit wordt bevroren.

fonds Compensatie gemiste inkomsten

Verwerkt in meicirculaire

Compensatie voor gemiste toeristenbelasting. Verdeling o.b.v. begroot bedrag 2020

€ 57.000

€ 57.000

€ 307.000

€ 307.000

€ 50.000

€ 50.000

€ 100 miljoen

in Oss. Compensatie voor gemiste parkeerbelasting. Verdeling o.b.v. begroot bedrag 2020

€ 125 miljoen

in Oss. Compensatie voor gemiste precariobelasting/ marktgelden en

€ 20 miljoen

evenementenleges Reservering voor

pm

PM

pm

aanvullende compensatie. In de decembercirculaire is

€ 250

dit bedrag verhoogd tot €

miljoen,

250 miljoen. Uitkering na

gereserveerd

analyse van jaarrekeningen gemeenten. Inkomstenderving 1e kwartaal 2021 Zorg

Inhaalzorg en meerkosten

€ 34,3

Jeugdzorg

miljoen

Inhaalzorg en meerkosten

€ 11,7

Wmo 2015 begeleiding

miljoen

Afrekening continuïteit van zorg Wmo 2015

pm

pm € 194.000

€ 194.000

€ 72.000

€ 72.000

€ 123.730

€ 123.730

€ 20,4 miljoen

22

Onderdeel

Toelichting

Landelijk

Bedrag Jaar

Bedrag Jaar

bedrag

2020

2021

Inhaalzorg en meerkosten maatschappelijke opvang (gelden als centrum-

Totaal

€ 828.847

€ 820.000

€ 61.669

€ 61.669

€ 109.000

€ 109.000

€ 106.000

€ 106.000

€ 16.170.078

€ 16.170.078

€ 98 miljoen

gemeente voor de regio) Continuïteit van zorg beschermd wonen

€ 5,6 miljoen

Noodopvang kinderen met ouders cruciaal beroep. Deze opvang is zonder extra € 23 miljoen kosten ouders. Medio maart tot 1 juli. Compensatie inkomstenderving eigen bijdrage Wmo. Deze werd door SVB in die periode niet

€ 18 miljoen

geïnd voor gemeenten. Maanden april en mei 2020. Vergoeding uitvoering Tijdelijke overbruggingsregeling zelfstandige

€ 2 miljard

ondernemers (TOZO) € 39,3 Aanvullend pakket reintegratiekosten

€ 130.452

€ 300.025

€ 430.477

€ 160.211

€ 160.211

€ 75.019

€ 153.366

€ 228.385

€ 25.966

€ 53.083

€ 79.049

pm

pm

miljoen in 2020 en € 88,4 miljoen in 2021

Impuls re-integratie

€ 48,3 miljoen € 15 miljoen

Gemeentelijke

in 2020 en €

schuldenbeleid

30 miljoen in 2021 € 5 miljoen in

Bijzondere bijstand

2020 en € 10 miljoen in 2021

TONK: Tijdelijke

Maximaal €

Ondersteuning

130 miljoen

Noodzakelijke Kosten voor

gereserveerd

huishoudens die in ernstige

eerste

problemen komen

halfjaar 2021

Compensatie quarantainekosten GGD en Veiligheidsreg io's

De compensatie vindt plaats

€ 4 miljoen

€ 19.378 nvt

€ 19.378 nvt

nvt

op basis van werkelijke kosten. Loopt niet via de gemeente.

23

Onderdeel

Toelichting

Landelijk

Bedrag Jaar

Bedrag Jaar

bedrag

2020

2021

In de periode van 16 maart

Totaal

€ 42.000

€ 42.000

€ 37.000

€ 37.000

tot en met 7 juni is de kinderopvang (gedeeltelijk) gesloten. Ouders/ Voorschoolse

verzorgers zijn in maart

voorziening

opgeroepen om de rekening

peuters

voor de opvang te blijven

€ 8,3 miljoen

betalen. Om de eigen bijdrage van de ouders/ verzorgers te vergoeden ontvangen we compensatie. Vrijwilligersor

Compensatie voor

ganisaties

organisaties zoals scouting

Jeugd

en speeltuinen.

€ 7,3 miljoen

Perspectief jeugd en

pm

pm

jongeren: gerichte financiële impulsen om samen met jongeren, lokale

€ 58,5

organisaties en

miljoen

evenementensector kleinschalige activiteiten te programmeren. Verwachte tekorten bij SW Sociale

werkbedrijven (gedeeltelijke) sluiting en (participatie)

€ 894.000

€ 894.000

€ 497.000

€ 497.000

€ 126.423

€ 126.423

bedrijven door € 90 miljoen

wegvallen opbrengsten. 1 maart tot 1 juni. Idem voor de periode 1 juni tot en met 31 december

€ 50 miljoen

2020. Compensatie inkomstenderving Sport

kwijtschelden huren aan sportverenigingen. Voor de

€ 90 miljoen

periode 1 maart tot en met 1 juni 2020. Zwembaden en ijsbanen

€ 100 miljoen

Overeind houden lokale en Culturele voorzieningen

loopt via aparte uitkering € 309.000

€ 309.000

€ 302.000

€ 302.000

regionale cultuur sector (bibliotheek, muziekscholen, € 60 miljoen centra voor kunsten, musea, theater e.d. ) Idem, maar dan voor de periode 1 juni tot en met 31

€ 60 miljoen

december. Lokale culturele infrastructuur ondersteunen

€ 576.131

€ 576.131

€ 150 miljoen

voor het jaar 2021

24

Onderdeel

Toelichting

Landelijk

Bedrag Jaar

Bedrag Jaar

bedrag

2020

2021

Compensatie voor extra

Totaal

€ 83.000

€ 83.000

uitgaven voor dorps- en Buurt- en

buurthuizen (o.a.

dorpshuizen

kwijtschelden huur,

€ 17 miljoen

compensatie tegenvallende inkomsten etc.) Tijdelijk steunfonds voor lokale informatievoo rziening Toezicht en handhaving

Ondersteuning lokale media.

nvt

nvt

Verlenging tot eind 2020. Lokale medio kunnen aanvraag doen bij dit

€ 24 miljoen

steunfonds. Loopt niet via de gemeente. Compensatie voor extra toezicht en

€ 229.000

€ 229.000

€ 50 miljoen

handhavingskosten Tijdelijke corona banen toezicht en handhaving

Afvalinzameli

Compensatie voor hogere

ng

kosten Compensatie voor extra

Verkiezingen

nvt

kosten voor de organisatie van verkiezingen in 2021

€ 60 miljoen

loopt via aparte uitkering

€ 32 miljoen

pm

pm

landelijk gereserveerd € 30 miljoen

€ 268.534

€ 268.534

€ 2.316.350

€ 23.518.912

in 2020 en € 22 miljoen in 2021 € 21.202.562

We hebben vanuit het Rijk dus al voor diverse beleidsterreinen concrete compensatiegelden gekregen. Voor een aantal onderdelen ontvangen we nog gelden, maar daarvan is de hoogte op dit moment nog niet bekend. Bijvoorbeeld voor aanvullende compensatie inkomstenderving 2020 en 2021, voor extra kosten afvalinzameling 2020, voor TONK (Tijdelijke Ondersteuning Noodzakelijke Kosten) 2021, voor Perspectief jeugd en jongeren 2021, voor het pakket Flankerend Beleid (re-integratie en schuldhulpverlening) 2022. Deze posten staan bovenstaand als PM in de tabel en hierover ontvangen we in 2021 meer informatie. Buiten het gemeentefonds om worden in 2020 en 2021 nog meer compensaties verstrekt in de vorm van specifieke uitkeringen (SPUK’s). Dat betreft: -

Zwembanen en ijsbanen: € 100 miljoen.

-

Verlenging steun aan sportverenigingen: € 90 miljoen.

-

Toezicht en handhaving: € 60 miljoen (tijdelijke COVID-19 banen).

-

TOZO 3 regeling (gemeente schiet dit voor en het Rijk compenseert, maatwerk per gemeente).

Hoe gaan we met deze cijfers om? In de programmabegroting 2021-2024 is besloten om bovenstaande uitkeringen zoveel als mogelijk binnen de geest en bedoeling van deze uitkeringen te besteden. Het zijn geen verplichte bestedingsdoelen, maar we willen deze rijksgelden wel zo goed mogelijk koppelen aan onze compensatiemaatregelen. We spreken de algemene reserves pas aan wanneer de COVID-19 vergoedingen uit het Rijk niet voldoende blijken te zijn.

25

Hierbij willen we ook opmerken dat er sprake is van grote diversiteit in de rijksregelingen. Een aantal regelingen zijn ter compensatie van maatschappelijke kosten (bijvoorbeeld de gelden voor maatschappelijke opvang en de gelden voor ons SW bedrijf), anderen zijn bedoeld als vergoeding voor extra kosten/ gemiste opbrengsten die we als gemeenten hebben gemaakt voor de uitvoering van regelingen. De bedragen in de tabellen lijken aanzienlijke bedragen echter we de meerjarige effecten van deze crisis zijn blijft lastig te voorspellen. Financiële ondersteuningsmaatregelen De problematiek is waarschijnlijk groter dan wij als gemeente aankunnen. We zullen keuzes moeten maken. Ter ondersteuning van inwoners, bedrijven en instellingen sluiten we zo veel mogelijk aan bij de landelijke regelingen van het kabinet. Vervolgens kijken we naar provinciale regelingen, de banken en de brancheorganisaties. Ook kijken we naar onze eigen rol. Bewust in deze volgorde. Primair staan wij aan de lat voor onze beleidstaken. In de prioriteitennota 2021-2024 en in de programmabegroting 2021-2024 hebben we de volgende criteria vastgesteld: 1.

We geven inkomenssteun aan mensen die dat nodig hebben, geen omzetsteun aan bedrijven, of sectoren

2.

Helpen verdienen is beter dan helpen besparen

3.

Op naar werk

4.

We investeren in samenleven

5.

We investeren in zorgcontinuïteit

6.

We zijn en blijven een financieel gezonde organisatie.

Inkomenssteun wel, omzetsteun niet We geven inkomenssteun aan mensen die dat nodig hebben. Werknemers, ondernemers, zzp-ers enzovoort. Bijstand, bijzondere bijstand en andere gemeentelijke instrumenten zijn daarvoor beschikbaar. Landelijke financiële steunregelingen voeren we met voorrang uit. We lobbyen waar mogelijk voor meer regelingen, langere termijnen, ruimere voorwaarden. Meer kunnen we niet doen. Het is niet onze rol om individuele bedrijven te behoeden van de ondergang. Evenmin kunnen we hele sectoren financieel redden. Hoe vervelend we dat ook vinden. Het is de rol van de markt. Het is ook niet betaalbaar. Verdienen boven besparen Het weer beter gaan draaien van de economie is vitaal. We hebben met z’n allen de producten en diensten nodig. We hebben ook het werk en het inkomen dat er bij hoort nodig. We dragen op een aantal manieren bij aan herstel. We doen dat tijdelijk door bij te dragen aan lastenverlichting voor bedrijven. Denk aan het verlengen van betaaltermijnen of het kwijtschelden van bepaalde lasten. Maar dat is niet voldoende. We willen bedrijven vooral helpen verdienen. Ruimte voor ondernemerschap. Waar ondernemers anderen meekrijgen, zullen we welwillend meewerken aan ook vernieuwende of tijdelijke plannen. Denk verder onder andere aan: onze eigen investeringen en uitgaven naar voren halen, koop lokaal acties steunen, kennis verbinden.

Maar ook: het ondernemingsklimaat versterken. Het mogelijk maken van grotere terrassen, drive-ins, extra standplaatsen, verkoop aan particulieren door groothandels, etc. Hiermee hebben we veel ondernemers kunnen steunen. Op naar werk Inkomenssteun in soms nodig, werk is beter. Bijdragen aan werkgelegenheid, maar zeker ook aan scholing en aan matching zijn belangrijk. Voor economische stabiliteit en draagkracht voor de gevolgen van de crisis. Voor inkomensvoorziening, lager zorggebruik maar zeker ook om zoveel mogelijk mensen weer mee te kunnen laten doen.

26

Samenleven mogelijk maken Samenleven betekent onder andere kunnen sporten, ontmoeten, cultuur maken en van cultuur genieten. De inwoners, verenigingen en culturele ondernemers zorgen daar grotendeels zelf voor. Daar bouwen en vertrouwen we op. De gemeente subsidieert van oudsher een belangrijk deel van de sector. De hele sector krijgt zware klappen. De rijksmaatregelen lijken maar een klein deel daarvan op te vangen. De crisis gaat wellicht leiden tot het stoppen van sommige aanbieders. Misschien kunnen niet alle accommodaties en plannen die we er voor hadden behouden blijven. En misschien is het tijd om een aantal vernieuwingen door te voeren. Maar we staan samen met aanbieders, vrijwilligers en organisaties garant voor een essentieel niveau van maatschappelijke voorzieningen. Basaal zorg- en welzijnslandschap Beschikbaarheid van zorg- en welzijnsaanbod is vitaal. We hebben een morele en juridische verantwoordelijkheid. We investeren in behoud van diversiteit van zorgaanbieders zodat er voldoende aanbod blijft. Reisafstanden, keuzemogelijkheden, voorkeursaanbieders, het kan allemaal minder optimaal zijn. Maar beschikbaarheid van zorg- en welzijnsaanbod is noodzakelijk. Financieel gezonde organisatie We zijn en blijven een financieel gezonde organisatie. -

We zorgen voor sluitende begrotingen, met uitzondering van de jaren waarin we nog een rijksbijdrage op jeugd verwachten

-

We doen bij alle steunmaatregelen een check: korte termijn hulp (incident) moet niet leiden tot verplichtingen die op termijn niet vol te houden zijn.

Onderstaand is een overzicht opgenomen van genomen financiële maatregelen. Specifieke financiële ondersteuningsmaatregelen Ondersteuningsmaatregelen waarover – tot nader orde -reeds besloten is: Onderwerp

Toelichting

Bedrag uitgegeven 2020

Uitstel van betaling

We hebben uitstel van betaling verleend in eerste instantie

-

tot 1 juni. Daarna hebben we dit verlengd tot 1 september 2020. 

Daarna zijn we de inning op gaan starten, waarbij we coulant omgaan met verzoeken om betaalregelingen

Voor nieuwe rekeningen, geldt een standaard betalingstermijn van 90 dagen in plaats van 30 dagen.

Vanaf oktober 2020 is de invordering weer opgestart voor facturen en dwangsommen. Ook hier gaan we coulant om met verzoeken om betaalregelingen.

Betaling van

Facturen worden z.s.m. betaald (streven binnen 15 dagen). Dit is

rekeningen door

in 2020 ook gerealiseerd.

-

gemeente Uitstel belastingen

BSOB verstuurde tot 1 juni geen nieuwe aanslagbiljetten. Ze

-

verstuurden in deze periode ook geen aanmaningen en dwangbevelen. 

Inwoners en bedrijven hadden sowieso tot 1 juni de tijd om het aanslagbiljet te betalen dat in februari ontvangen is.

Tot 1 september 2020 deed de BSOB geen actieve invordering.

Hierna is e.e.a. weer opgestart. Er wordt coulant omgegaan met verzoeken om betaalregelingen.

27

Onderwerp

Toelichting

Bedrag uitgegeven 2020

Uitstel betaling

In mei verstuurden we facturen voor de tweede helft van 2020.

pacht-

Voor deze factuur geldt een verlengde betalingstermijn van 90

overeenkomsten

dagen.

Uitstel van betaling

We hebben uitstel van betaling verleend van in te vorderen

verbeurde

dwangsommen tot 1 augustus 2020. Daarna afhankelijk van de

dwangsommen VTH

situatie rondom COVID-19 en de gevolgen daarvan met

-

-

maatwerk bepalen hoe de betaling kan worden voldaan. Vanaf oktober is invordering weer opgestart (zie eerder).

Markten

Voor de kooplieden met NON-FOOD zijn de facturen

Gemiste

marktgeld 2e kwartaal niet geïnd. Oftewel kooplieden die er

opbrengst circa

niet staan hoeven niet te betalen. De gemiste opbrengsten

€ 28.000.

voor de gemeente bedragen ongeveer € 8.000 per kwartaal 

Voor de kooplieden met FOOD, die het zwaar hebben, kregen uitstel van betaling tot 30 mei 2020. Kooplieden met FOOD die geen financiële problemen hebben betalen de factuur marktgeld 2e kwartaal gewoon voor de vervaldatum. In principe wordt het kwartaal in het begin van het kwartaal vooraf betaald.

Vervolgens betalen kooplieden marktgelden alleen op de momenten dat ze op de markt mogen staan. Doorbetaling aan

Om de continuïteit van zorg landschap te bewaren, is besloten tot

Meerkosten

aanbieders sociaal

doorbetaling Wmo dienstverlening voor ZIN en doorbetaling PGB

jeugdhulp:

domein

Wmo en Jeugd. Vanaf 1 juli hebben we de zorgaanbieders

€ 171.600

gevraagd de reguliere dienstverlening weer op te starten en betalen we weer alleen de geleverde zorg.

Meerkosten

We hebben de ZIN zorgaanbieders voor jeugdhulp in regionaal

Wmo: € 64.381

verband ook een omzetgarantie gegeven. Aanbieders van zowel Wmo als jeugdhulp hebben daarnaast extra

Meerkosten

kosten gemaakt. Er is een landelijke regeling gekomen om

maatschappe-

aanbieders te compenseren voor deze meerkosten, in eerste

lijke opvang:

instantie voor de periode tot 1 juli 2020. Daarna is de regeling

€ 104.090

verlengd tot het einde van 2020. Inmiddels is de regeling nog een keer verlengd, namelijk tot 1 januari 2022.

Tekorten SW: € 1.391.000.

Doorbetaling

De gemeenschappelijke regeling betaalt:

regiotaxi

-

maart tot en met juni 2020: werkelijk gereden kilometers zijn voor 100% vergoed. Over de niet gereden kilometers is 80% voorschot uitbetaald;

juli- augustus 2020: werkelijk gereden kilometers zijn voor 100% vergoed. 80% vergoeding over de gederfde omzet (via een opslag op de prijs)

september tot januari 2021: (flexibele) kostprijs per kilometer

28

Onderwerp

Toelichting

Bedrag uitgegeven 2020

Doorbetaling

Uitgangspunt is (conform de richtlijn van de VNG):

leerlingenvervoer

100% door betalen voor geleverde ritten

80% door te betalen voor uitgevallen ritten

Voor het vervoer van kinderen die deelnemen aan de noodopvang onderwijs en opvang voor kwetsbare kinderen gebruik te maken van leerlingenvervoer. In principe binnen de bestaande contracten. Waarbij bovenstaande afspraken gelden. Ook voor kinderen die in deze bijzondere situatie vervoer nodig hebben (en daar voorheen geen gebruik van maakten). Deze worden dus niet nog extra gefinancierd.

Uitvoeren TOZO-

Uitvoering van landelijke regeling

€ 16.170.078

Handhaving centrum/

Geen handhaving parkeren in het centrum

€ 980.000

gratis parkeren in het

Geen handhaving fietsen door het centrum

centrum

Op gebied van parkeren krijgen we in 2020 een financieel nadeel

regeling

(circa € 175.000 per maand). Na overleg met het CMO voerden we per 15 juli handhaving en dus betaald parkeren weer in. Precariobelasting

Besloten is om voor terrassen en uitstallingen voor het gehele

€ 52.000

jaar 2020 geen precariobelasting te innen. Bedrijfsafval voor

We hanteren dezelfde aanpak als in ’s-Hertogenbosch, omdat we

ondernemers

samen met hen in de regio het bedrijfsafval doen. Concreet kan het contract (abonnement) op verzoek om gezet worden naar lediging op afroep: op deze manier blijft de container wel staan (wordt de beperkte huur ervan wel doorbelast), maar worden de ledigingskosten tijdelijk stilgezet.

Ondersteuningsmaatr

Algemene uitspraken:

egelen voor de

amateurorganisaties in Oss: sport-cultuur-

activiteiten nu niet voor uitgevoerd worden 

ontmoeten-zorgmaatschappelijke

recreatie/toerisme

Voor (eenmalige) evenementen betaalden we (een gedeelte van) de subsidie uit als er al reële kosten gemaakt zijn

dienstverleningevenementen-

We betaalden subsidies uit ook als daar de maatschappelijke

Waar nodig kunnen we op verzoek een voorschot geven op subsidies (versneld uitbetalen 3e kwartaal 2020)

Als vrijwilligersorganisatie in directe financiële problemen geraakt, kunnen we zo nodig ook extra krediet in de vorm van een lening verstrekken

Kwijtschelding huur

We schelden de huur kwijt van de gemeentelijke accommodaties

€ 135.597

voor

op het gebied van sport en cultuur voor de periode 16 maart tot

(sport)

amateurorganisaties

1 juli. De kosten hiervan zijn respectievelijk voor sport € 135.597

€ 91.190

sport & cultuur

en voor cultuur € 91.000. Deze bedragen zijn lager dan

(cultuur)

oorspronkelijk door aanpassing van landelijke compensatieregelingen. In het eerste kwartaal 2021 bereiden we een voorstel voor met betrekking tot de huren over 4e kwartaal 2020.

29

Onderwerp

Toelichting

Bedrag uitgegeven 2020

Verlengen lening

We hebben besloten om:

overeenkomsten

diverse sport en cultuurinstellingen

kiezen om geen aflossing en rente in 2020 te betalen 

Onder voorwaarde van ondertekening aanvullende

(geen betaling

overeenkomst waarbij looptijd van de lening met 1 jaar

aflossing en rente in

wordt verlengd

2020)

€ 272.000

Instellingen / verenigingen de mogelijkheid te geven om te

Dit geldt voor alle instellingen en verenigingen die een lening bij de gemeente hebben afgesloten. In 2020 zijn 7 leningsovereenkomsten aangepast met een renteverlies van € 272.000 in 2020 (uitstel aflossing € 167.000)

Compensatiemaatreg

Voor de professionele instellingen op het gebied van Sport,

elen professionele

Cultuur en Ontmoeten geldt dat we pas echt een goed beeld

cultuur- en

hebben van de schade als gevolg van COVID-19 als we

sportorganisaties

beschikken over de (concept) jaarrekeningen 2020 van deze

-

instellingen. Op basis daarvan gaan we in 2021 in gesprek over de schade en de mogelijke vergoeding. Uiteraard zijn we tussentijds in gesprek hierover. Compensatieregeling

We compenseren de exploitatietekorten van de wijk- en

voor Wijk- en

dorpshuizen voor de periode van 16 maart tot en met 31

dorpshuizen

december 2020. We hebben € 83.000 ontvangen va het Rijk, het

€ 191.097

restant tekort van € 108.097 melden we als nadeel in de jaarrekening. Risico's door COVID-19 crisis De huidige crisis heeft grote impact op alle inwoners, bedrijven en instellingen. De huidige crisis raakt veel beleidsterreinen van onze organisatie. We monitoren onze risico’s en die van onze partners voortdurend. Maar we weten ook nog heel veel niet. We bewaken onze liquiditeitspositie goed en nemen zo nodig maatregelen om onze taken gedurende deze crisis zo goed mogelijk te blijven uitvoeren. We zien door de COVID-19 crisis belangrijke financiële risico’s op de volgende terreinen: Risico

Korte toelichting

Programma 1. Zorg en welzijn Kosten Wmo en jeugd

Er zijn afspraken gemaakt om zorg op deze terreinen door te betalen. Aanbieders hebben extra kosten gemaakt. Er is een landelijke regeling gekomen om aanbieders te compenseren voor deze meerkosten, in eerste instantie voor de periode tot 1 juli 2020. Daarna is de regeling verlengd tot het einde van het jaar. Inmiddels is de regeling nog een keer verlengd, namelijk tot 1 januari 2022. We hebben in de septembercirculaire vanuit het Rijk compensatie ontvangen voor: -

Inhaalzorg en meerkosten jeugdhulp: € 194.000

-

Inhaalzorg en meerkosten Wmo 2015 begeleiding: € 72.000

Deze gelden hebben we via de septembercirculaire 2020 afgezonderd en zijn daarmee voor dit doel beschikbaar. In de decembercirculaire hebben we aanvullende middelen ontvangen: -

Meerkosten/continuïteit Wmo: € 123.730

-

Continuïteit beschermd wonen: € 61.669

30

Risico

Korte toelichting De regionale inkooporganisatie jeugd werkt dit regionaal uit voor jeugdhulp. Wij coördineren dit regionaal voor de Wmo en beschermd wonen. In hoeverre de compensatie van het Rijk voldoende is, is op dit moment nog niet bekend. Er wordt nu gewerkt aan de aanvragen meerkosten over de periode 1 juli – 31 december 2020, zowel voor Wmo als jeugd. Daarnaast weten we nog niet hoeveel vergoeding van het Rijk we krijgen voor de meerkosten in 2021.

Kosten leerlingenvervoer en

Ook op deze gebieden zijn afspraken gemaakt om betalingen (deels) door te

Regiotaxi

laten lopen, ondanks dat de prestatie niet altijd is geleverd. De ontwikkeling van de kosten vanaf 2021 en verder voor de Regiotaxi is nog erg onzeker door de corona-crisis. In 2020 zijn er minder ritten gereden. Voor de maanden maart t/m augustus hebben we 80% in de vorm van een voorschot betaald. De daadwerkelijk gereden ritten zijn voor 100% vergoed. Sinds september betalen we een variabele kostprijs op basis van het daadwerkelijk aantal gereden kilometers. Deze regeling is inmiddels verlengd en geldt nu ook voor 2021, met een evaluatiemoment in juli 2021. We hebben in de begroting geen rekening gehouden met de volumegroei die we in 2019 zagen door te veel onzekerheid door de corona-crisis. Het is nog niet duidelijk wat voor impact de crisis heeft op de manier van het vervoeren en op het aantal ritten. De komende periode wordt hopelijk duidelijker wat dat betekent voor onze kosten in 2021 en verder. Voor het leerlingenvervoer is de uitvoering meerdere keren gewijzigd (deels stopgezet, alleen “kwetsbare” kinderen, extra vervoer).

Beschermd wonen

Verwachting dat instroom en uitstroom zal stagneren. Daardoor mogelijk tekort op het aantal plaatsen.

Maatschappelijke Opvang

Bij de maatschappelijke opvang is de capaciteit tijdelijk uitgebreid om geen dak- en thuislozen op straat te hebben tijdens de COVID-19 crisis. Ook zijn er voorzieningen vrij gemaakt om besmette bewoners te kunnen opvangen. Voor zover we kunnen zien lijken de kosten beperkt. We hebben van het Rijk compensatie ontvangen voor: -

Inhaalzorg en meerkosten maatschappelijke opvang: € 820.000

Deze gelden hebben we via de septembercirculaire 2020 afgezonderd en zijn daarmee voor dit doel beschikbaar. Meer vraag naar Zorg

Hoe het aantal aanvragen Wmo en jeugdhulp zich zal ontwikkelen als gevolg van COVID-19 crisis is niet te voorspellen.

Programma 2. Werk, inkomen en onderwijs Stijging aantal

In 2020 is het aantal bijstandsuitkeringen gestegen. We verwachtten bij de

bijstandsuitkeringen

afgelopen programmabegroting voor 2020 een tekort van € 352.000 ten opzichte van het rijksbudget wat we ontvangen. Dit is gemeld als 3Oontwikkeling in deze begroting. De laatste maanden van 2020 is het aantal bijstandsuitkeringen minder hard gestegen dan we verwacht hadden. Daardoor zijn we uitgekomen op een overschot ten opzichte van het Rijksbudget. Hoe de bijstand zich ontwikkelt is een groot risico en lastig te voorspellen.

31

Risico

Korte toelichting

Reguliere BBZ uitkeringen

Het is mogelijk dat er na de beëindiging van de TOZO regeling meer BBZ uitkeringen (Bijstand voor zelfstandigen) verstrekt zullen gaan worden. Vanaf 1-1-2020 valt de financiering van de BBZ uitkering levensonderhoud binnen de BUIG en daarmee is de gemeente 100% financieel verantwoordelijk. Voor de BBZ kredieten is de gemeenten 75% financieel verantwoordelijk.

Stijging bijzondere bijstand

We verwachten een stijging van het aantal inwoners met een laag inkomen. Beroep op bijzondere bijstand zal daardoor stijgen. Op dit moment ervaren we, ondanks de corona-crisis, geen hogere werkdruk voor de bijzondere bijstand, maar de (landelijke) verwachting is dat de vraag naar bijzondere bijstand gaat stijgen. Het moment en de hoogte van het financiële effect hiervan is moeilijk in te schatten.

Daling ontvangsten BUIG en

Door de maatregelen ten gevolgen van COVID-19 waarin we coulanter zijn

bijzondere bijstand

naar onze debiteuren en door uitvoering van de tussenmaatregel nieuwe beslagwetgeving, verwachten we een daling in de jaarlijkse ontvangsten en een langere looptijd voor terugbetalingen van schulden. Hierdoor ontstaat er een verhoogd risico dat schulden niet meer worden afbetaald.

Participatiebudget

Door de COVID-19 crisis hebben re-integratie activiteiten tijdelijk stil gelegen. Daarna hebben we de activiteiten binnen de mogelijkheden zoveel mogelijk weer opgestart. We hebben te maken met een nieuwe doelgroep waarbij we kosten maken voor (om)scholing en bemiddeling naar werk waar in sectoren waar nu kansen liggen. Wat dit betekent voor de toekomstige uitgaven vanuit het Participatiebudget en de toereikendheid van het budget is nog niet bekend.

Schuldhulpverlening

We zien tot nu toe nog geen toename in het beroep op de gemeentelijke schuldhulpverlening, maar het aantal mensen met financiële problemen zal verder toenemen. Voor veel inwoners geldt dat ze financiële tegenslag voorlopig zullen kunnen opvangen, al dan niet dankzij de steunpakketten, maar dat er ook een einde aan die rek zit. We zijn bezig met een plan van aanpak voor vroegsignalering. Daarmee proberen we inwoners eerder te bereiken, voordat van zeer grote problemen sprake is. Er bestaat nog steeds het risico dat het beroep dat op de gemeentelijke schuldhulpverlening gedaan gaat worden zo groot wordt dat de bestaande capaciteit daarvoor onvoldoende is. Hier is geen goede en betrouwbare voorspelling van te maken. Een landelijk onderzoek door Deloitte geeft aan dat in 2021 tussen de 1,5 en 2,6 miljoen mensen meer in de schulden komt, waarvan 40% problematisch.

IBN werkbedrijf

Het risico opgenomen in de programmabegroting dat IBN een flink tekort verwacht in 2020 en over het jaar 2019 geen dividend uitkeert heeft zich niet voorgedaan. We hebben vanuit het Rijk compensatie ontvangen (€ 1.391.000) voor verwachte tekorten bij SW bedrijven door (gedeeltelijke) sluiting en wegvallen van opbrengsten. Dit voor de periode 1 maart tot 31 december 2020. Bovendien is het bedrag dat landelijk per Wsw-er (als onderdeel van het Participatiebudget) beschikbaar wordt gesteld in 2020 nog verhoogd. IBN verwacht geen negatief resultaat meer in 2020, dus is de AGR inmiddels net als andere jaren weer aangevuld met de dividenduitkering over het jaar 2019.

32

Risico

Korte toelichting

Programma 3. Ontmoeten, sport en cultuur Algemeen risico culturele

Schade bij culturele organisaties en onze multifunctionele accommodaties

organisaties inclusief MFA’s

door de opgelegde sluiting. We ontvangen vanuit het Rijk gelden voor het overeind houden van lokale en regionale cultuur sector. Of dit voldoende is, zal bij de verdere uitwerking van ondersteuningsmaatregelen blijken.

Professionele culturele

De financiële gevolgen voor de professionele cultuurinstellingen zijn nog niet

instellingen

inzichtelijk te maken, maar zullen fors zijn. Aan de hand van de jaarrekeningen van de instellingen brengen we de financiële tekorten in kaart en nemen we passende maatregelen.

Golfbad Oss

het Golfbad maakt gebruik van landelijke ondersteuningsmaatregel. Wat het financieel effect is, is nu nog niet te zeggen. Vooralsnog wordt ervan uitgegaan dat het Golfbad de financiële gevolgen kan opvangen vanuit het positieve jaarrekeningresultaat 2019. Op basis van de jaarrekening 2020 beoordelen we hoe vanuit een integrale aanpak ondersteuning bieden.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Oss&id=0e016c98-4586-41ac-8c5e-1647892df7ad