1. Toelichting+regels Macharen-west - 2024
Tekst van het document
BESTEMMINGPSLAN Macharen - West - 2024 Toelichting + regels
Gemeente Oss | Raadhuislaan 2 | 5341 GM | Oss | T: 14 0412 | F: 0412 642605 | www.oss.nl |
Macharen - West - 2024
Macharen - West - 2024 pag 2 van 62 vastgesteld
Inhoudsopgave
Toelichting Hoofdstuk 1
1 Inleiding
5
1.1
Aanleiding
5
1.2
Plangebied
5
1.3
Geldende bestemmingsplannen
6
Hoofdstuk 2
Bestaande situatie
8
Hoofdstuk 3
Beoogde situatie
15
Hoofdstuk 4
Ruimtelijk beleidskader
22
4.1
Wettelijk kader
22
4.2
Rijksbeleid
24
4.3
Provinciaal beleid
24
4.4
Gemeentelijk beleid
27
Hoofdstuk 5
Omgevingsaspecten
33
5.1
Natuur
33
5.2
Archeologie & cultuurhistorie
35
5.3
Mobiliteit en parkeren
39
5.4
Water
41
5.5
Defensie
45
5.6
Milieuaspecten
45
5.7
Milieueffectrapportage (M.e.r.)
55
Hoofdstuk 6
Toelichting op de regels
56
6.1
Algemeen
56
6.2
Regels
56
Hoofdstuk 7
Handhaving
59
7.1
Beleidskader
59
7.2
Professionele handhaving en handhavingsprogramma
59
7.3
Handhaafbaarheid, positief bestemmen, overgangsrecht
60
Hoofdstuk 8
Economische uitvoerbaarheid
61
Hoofdstuk 9
Overleg en maatschappelijke uitvoerbaarheid
62
9.1
Omgevingsdialoog
62
9.2
Vooroverleg
63
Macharen - West - 2024 pag 3 van 62 vastgesteld
9.3
Zienswijzen
63
Macharen - West - 2024 pag 4 van 62 vastgesteld
Macharen - West - 2024 pag 5 van 62 vastgesteld
Toelichting Hoofdstuk 1 1.1
Inleiding
Aanleiding
Met het voorliggende plan kunnen circa 55 nieuwe woningen en een voorziening voor ontmoeting en sport gerealiseerd worden, grenzend aan de bestaande kern van Macharen. Op het plangebied zijn momenteel nog de volgende functies gelegen: een voormalig voetbalkantine met twee voetbalvelden; een tennisclub met clubgebouw en drie tennisvelden; en dorpshuis de Bongerd. Deze ontwikkeling kan niet worden gerealiseerd op basis van het geldende bestemmingsplan. Hiervoor dient het bestemmingsplan voor de betreffende gronden te worden herzien. Onderhavig bestemmingsplan voorziet hierin.
1.2
Plangebied
Het plangebied ligt aan de noordwestzijde van de bebouwde kom van Macharen. Het plangebied grenst aan de bestaande percelen met woonbebouwing aan de Kasteeldijk, de Hoogstraat en de Dorpstraat. Ook dorpshuis de Bongerd is gesitueerd aan de Hoogstraat. Het plangebied wordt globaal begrensd door: Noordzijde: agrarische gronden; Oostzijde: agrarische gronden achter de woonpercelen Kasteeldijk 1 en 3; Zuidzijde: aan de achtertuinen van de woonpercelen Hoogstraat 3 t/m 15 en aan de achtertuinen van de woonpercelen Dorpstraat 53 t/m 60; Westzijde: agrarische gronden en de zijdelingse perceelsgrens van de woning aan de Dorpstraat 62. Navolgende afbeeldingen tonen globaal de ligging en begrenzing van het plangebied in de omgeving. Voor de exacte begrenzing van het plangebied wordt verwezen naar de verbeelding.
Macharen - West - 2024 pag 6 van 62 vastgesteld
Globale ligging plangebied (rode omkadering)
Globale begrenzing plangebied (rode omkadering)
1.3
Geldende bestemmingsplannen
Tot de inwerkingtreding van voorliggend bestemmingsplan 'Herontwikkeling sportpark Macharen' gelden binnen het plangebied verschillende bestemmingsplannen en herzieningen. Deze zijn opgenomen in onderstaande lijst. Naam bestemmingsplan
Datum vaststelling
Negen Kernen - 2012
13 september 2012
Macharen - West - 2024 pag 7 van 62 vastgesteld Partiële herziening 1 Negen Kernen - 2012
30 oktober 2014
Partiële herziening 2 Negen Kernen - 2012
23 april 2015
Parapluplan Geitenhouderijen - 2019
5 maart 2020
Parapluplan Wonen - 2023
15 juni 2023
Na de inwerkingtreding van voorliggend bestemmingsplan verliezen deze plannen, binnen het plangebied, hun rechtskracht.
Macharen - West - 2024 pag 8 van 62 vastgesteld
Hoofdstuk 2
Bestaande situatie
Historie Macharen maakte, samen met Megen, Haren en Teeffelen, onderdeel uit van de zelfstandige graafschap Megen. Als graafschap werd het voor het eerst vermeld in het jaar 1145.
Graafschap Megen anno 1633 Na de Franse inval in 1794 hield het graafschap op te bestaan en onder voorlopig Frans militair bestuur geplaatst. Op 23 januari 1798 werd Megen toegevoegd aan het Roerdepartement als deel van het arrondissement Kleef; in eerste instantie als kanton Ravenstein en Megen en vanaf 15 juni 1798 als deel van het kanton Ravenstein. Macharen maakte tot de Napoleontische tijd deel uit van het zelfstandige Graafschap Megen. In 1810 werd het graafschap opgeheven en werd Macharen samen met Haren de gemeente Haren en Macharen, die echter in 1820 weer bij Megen werd gevoegd, waardoor de gemeente Megen, Haren en Macharen ontstond. In 1994 werd deze gemeente toegevoegd aan de gemeente Oss.
Macharen - West - 2024 pag 9 van 62 vastgesteld
Bron: Topotijdreis 1865
Landschap en de groei van het dorp
Macharen is van oorsprong een agrarische nederzetting, gesitueerd op een oeverwal. De oeverwal is een hoger gelegen rug in het landschap en ligt hoog en droog, binnendijks en op enige afstand van de rivier de Maas.
Macharen - West - 2024 pag 10 van 62 vastgesteld
Afbeelding geomorfologie: zichtbaar is de stroomrug/stroomgordel.
Afbeelding Hoogtekaart
Macharen - West - 2024 pag 11 van 62 vastgesteld
Het bovenstaande kaartbeeld uit 1872, laat het hoogteverschil zien, veroorzaakt door erosie vanuit de rivier. In de diepere ondergrond is een breuklijn aanwezig. Het huidige hoogteverschil vind zijn oorsprong in de erosie en niet in de breuklijn. Het oorspronkelijke verkavelingspatroon op de oeverwal is blokvormig en overwegend regelmatig. De bebouwing was veelal geconcentreerd langs de bebouwingslinten. De oorspronkelijke bebouwing van Macharen bevond zich in het zuidoostelijk deel van het dorp rond de kerk. De logische ligging van het dorp Macharen op de oeverwal aan de Maas is in de loop der jaren, door menselijk ingrijpen, behoorlijk veranderd.
Op het kaartbeeld van rond 1935 is Macharen aan de Maas gelegen. De dijkweg (Kasteeldijk in Macharen) laat zien hoe Macharen was gelegen tussen Megen en het (kasteel van) Oijen. De groene vlakjes op het kaartbeeld van anno 1935 duiden op de aanwezigheid van een nat bos. Op het kaartbeeld van anno 1960 is Macharen nog steeds een dorp waarvan de ruimtelijke dragers bestonden uit de oost west gerichte Megensedijk - Kasteeldijk en de evenwijdig daaraan gelegen Dorpstraat, die samen met de noord zuid gerichte Kerkstaat en Hoogstraat het dorp vormden. Aan de Kerkstraat en Dorpsstraat waren van oorsprong de meeste voorzieningen van het dorp gelegen.
Macharen - West - 2024 pag 12 van 62 vastgesteld
Door een aantal forse, infrastructurele, ingrepen is de natuurlijke ligging van Macharen aan de Maas flink veranderd. In eerste instantie was er begin jaren 60 de kanalisatie van de Maas, waardoor Macharen niet langer rechtstreeks aan de Maas gelegen was. Midden jaren 60 werd gestart met de aanleg van het Burgemeester Delen kanaal dat eind jaren 60 werd aangesloten op de Maas. Dit kanaal volgt deels de oude meander van de Maas maar werd verder doorgetrokken richting Oss. Hierdoor werd de oorspronkelijke dijkroute naar Megen geknipt. In 1964 is de hefbrug bij Macharen gerealiseerd. Deze hefbrug is later vervangen door een ophaalbrug. De Dorpenweg, die voor de externe ontsluiting van groot belang is, werd eind jaren 60 aangelegd en ligt nog steeds aan de rand van het dorp, met in Macharen de aansluiting op de Dorpsstraat / Hoogstraat en de Kerkstraat. De Dorpenweg werd gezien als de vervanging van de smalle dijkweg, die niet geschikt was voor het toenemend verkeer. Momenteel sluit de Dorpenweg aan op de A50 bij Ravenstein en de N625 bij Oss.
De oorspronkelijke wegenstructuur binnen het dorp Macharen is feitelijk onveranderd. Het historische wegenpatroon is nog duidelijk aanwezig. Echter door het grootschalig ingrijpen van: de kanalisatie van de Maas, de aanleg van het kanaal richting Oss en de aanleg van de Dorpenweg, is de historische context geheel veranderd. Dit grootschalig ingrijpen heeft geleid tot een duidelijke begrenzing van het dorp aan de noord, oost en westzijde. Veel van de oorspronkelijke kenmerken zijn verdwenen en de oorspronkelijke samenhang tussen het dorp met het landschap is eveneens verdwenen. De oorspronkelijke opbouw van Macharen is wezenlijk aangetast, waardoor de cultuurhistorische karakteristiek is verdwenen. Ondanks de ingrepen en daarmee de nieuwe begrenzing van het dorp Macharen heeft er wel een groei van de bevolking plaatsgevonden. De karakteristieke, kleinschalige akkers die aanvankelijk in het dorp lagen hebben in de loop der jaren volledig plaatsgemaakt voor woonbebouwing. Met name na de Tweede Wereldoorlog heeft het dorp een sterke groei doorgemaakt.
Macharen - West - 2024 pag 13 van 62 vastgesteld
In de jaren 70 heeft er een aanvullende verdichting plaatsgevonden, Het overgrote deel van de bebouwing in Macharen dateert van voor 1980. In 1981 waren er ongeveer 215 woningen, in 2011 ongeveer 250 woningen en in 2023 ongeveer 275 woningen met 660 bewoners. Tussen 2010 en 2015 is er beperkt bebouwing toegevoegd aan de Kapelhof. Nog steeds bestaat het overgrote deel van de woningen uit vrijstaande koopwoningen op grote kavels. In de loop der jaren zijn er diverse bedrijfjes en voorzieningen uit Macharen verdwenen. Oorspronkelijk kwam verspreid langs de linten kleinschalige functiemenging voor. De overgebleven functies liggen te verspreid om van een echte structuur te spreken. Bij de entree van het dorp neemt de kerk nog steeds een prominente plek in. In 2014 is de voetbalclub van Macharen samengegaan met de voetbalclub van Oijen tot Mosa 14. De voetbalvelden evenals de voetbalkantine staan leeg. Recentelijk is ook het besluit genomen om de basisschool te verplaatsen naar Megen. Bestaande situatie plangebied Het plangebied omvat: 1. een voormalig voetbalkantine met twee voetbalvelden omringd door een waterhoudende kavelsloot met braamstruwelen, struiken en bomen; 2. een clubgebouw van de tennisvereniging met drie tennisvelden en een bestraat terras; 3. Dorpshuis de Bongerd en het parkeerterrein en een speeltuin.
Macharen - West - 2024 pag 14 van 62 vastgesteld
Impressie van bestaande bebouwing in het plangebied, met globale aanduiding plangrens (rode lijn) De directe omgeving van het plangebied wordt gekenmerkt door de dorpsrand van de kern Macharen. De nabijgelegen bebouwing bestaat uit twee-onder-een-kapwoningen, vrijstaande woningen en basisschool De Linde met het schoolterrein. Verder wordt het plangebied omgeven door agrarische gronden. Op navolgende afbeelding is schematisch de bestaande bebouwing rond het plangebied weergegeven.
Impressie omliggende bebouwing plangebied
Macharen - West - 2024 pag 15 van 62 vastgesteld
Hoofdstuk 3
Beoogde situatie
Zoals beschreven is de historische context van Macharen behoorlijk veranderd door de aanleg van de Dorpenweg en het kanaal. De uitbreiding van het woningaantal heeft steeds plaatsgevonden binnen de bestaande contour van het dorp en dus op het oorspronkelijk hoger gelegen deel van het dorp ten opzichte van het lagere landschap. In zijn algemeenheid kan gesteld worden dat het beleid voor de kernen is gericht op zorgvuldig ruimtegebruik. Bij eventuele toevoeging van bebouwing en functies zijn inbreiding en herstructurering leidend. Voor Macharen geldt dat door verdichting van de oorspronkelijke bebouwingsstructuur in de loop der tijd een compacte kern is ontstaan met heldere, maar ook redelijk harde, grenzen. Van een verwevenheid tussen dorp en landschap, is hier nauwelijks sprake. Na de fusie van de voetbalclub biedt de westzijde van het dorp ruimte voor ontwikkelingen. De ontwikkelingen voor woningbouw en aanvullende voorzieningen wordt bij voorkeur zodanig gesitueerd dat er een versterking tussen stad en land ontstaat.. Onderstaande figuur maakt onderdeel uit van de visie op Macharen zoals omschreven in de toelichting van het bestemmingsplan Negen Kernen en geeft de gewenste werving tussen het dorp met het omliggende landschap weer. Uitgangspunt is een minder harde bebouwingsgrens.
In het dorp is behoefte aan nieuwe woningen. Een verdere verdichting van enige omvang binnen de bestaande contour van Macharen is niet mogelijk. Ook de uitbreidingsrichtingen zijn zeer beperkt. Met het vrij komen van de voetbalvelden is op initiatief van het dorp een plan ontwikkeld om woningen te bouwen op de desbetreffende velden. In eerste instantie zou de nieuwbouw van woningen uitsluitend op de voormalige voetbalvelden plaatsvinden. De toegangsweg naar de nieuwe woonbuurt was een smalle ontsluiting. Het pad naar de voormalige voetbalvelden en de voetbalkantine was hiervoor in beeld. In dezelfde tijdsperiode was ook de renovatie van de Bongerd op de huidige plek aan de Hoogstraat aan de orde.
Macharen - West - 2024 pag 16 van 62 vastgesteld
Bij de ontwikkeling van de westzijde van Macharen lijken een aantal zaken logischer samen te kunnen komen. Na overleg met diverse betrokken partijen is ervoor gekozen om de totale ontwikkeling aan de westzijde van Macharen in heroverweging te nemen en integraal te onderzoeken. Het integraal onderzoeken behelst een aantal ingrijpende opgaven zoals: De wateropgave, die hier nodig is vanwege de duurzame wateropvang en -berging Het al dan niet handhaven van het bestaande tenniscomplex gepaard gaande met een forse hindercontour tot de nieuwbouw van woningen of een andere plek binnen de westelijke ontwikkellocatie. Dit heeft ertoe geleid dat ook tennisvereniging LTC de Brug heeft ingestemd om onderdeel te worden van de integrale gebiedsopgave. Een centrale en goed bereikbare locatie voor De Bongerd. De groene inpassing en het maken van een nieuwe overgang van het dorp naar het buitengebied. Voor Macharen vormt de westelijke herontwikkeling van het dorp een grote opgave. Het gaat om een forse uitbreiding van het woningaantal in combinatie met een voorziening voor ontmoeten en sport. Deze nieuwe voorziening vraagt in combinatie met de nieuwe woonwijk om een goede bereikbaarheid. Een verantwoorde, volwaardige maar ook een aantrekkelijke verkeersontsluiting is noodzakelijk. Hiervoor moeten het huidige pand de Bongerd en het tenniscomplex wijken.
Met betrokken partijen zijn scenario's besproken en zijn de positieve en negatieve punten per scenario vermeld. Het was vooral nodig om slimme combinaties tussen geluidscontouren, waterberging, groen en parkeren te zoeken om een zo groot en efficiënt mogelijk woongebied over te houden. Dit heeft geresulteerd in een voorkeursscenario dat verder is uitgewerkt. De planvorming, zoals die nu voorligt, gaat uit van de volgende randvoorwaarden en uitgangspunten: Handhaven van waardevolle groen, in dit geval betreft dat met name met de rand van het voormalig voetbalcomplex. Het opschonen van de bestaande waterlopen. Het verleggen van drie tennisbanen naar de noordwest zijde van het plangebied. Dit heeft als voordeel dat de geluidscontour van de tennisvelden van 50 meter in ieder geval aan twee zijden over het agrarisch buitengebied vallen. Het aanleggen van water, zodat de bergingscapaciteit binnen het plangebied wordt vergroot. Deze wordt gesitueerd ten oosten van de tennisbanen om geluidhinder en waterberging zoveel mogelijk te combineren en geen harde bebouwingsgrens te creëren richting het buitengebied. De noordwestzijde van het plangebied benutten voor woningbouw, circa 55 woningen, waarbij de nadruk vooral ligt op het toevoegen van woningbouwsegmenten die nagenoeg ontbreken in Macharen, bouwen voor starters en senioren om ook een verhuisbeweging op gang te kunnen krijgen.
Centraal in het plangebied, en zichtbaar vanaf de nieuwe ontsluitingsweg, een nieuwe Bongerd voor het dorp. Deze voorziening, het sociale hart, zal vele functies voor jong en oud gaan vervullen. Aan de noordzijde van dit gebouw wordt tevens een tenniskantine geïntegreerd, zodat er een directe koppeling is tussen tennisvelden en tenniskantine. De Bongerd wordt daarmee ook deels in de hindercontour van de tennisvelden gepositioneerd. De Bongerd heeft een hindercontour van 30 meter, die enerzijds westelijk over het buitengebied en anderzijds oostelijk over het noodzakelijk parkeerterrein valt. Een volwaardige nieuwe centrale ontsluitingsweg tot de woonwijk, met zicht op de Bongerd en in de verdere toekomst (na het vertrek van de basisschool) aan weerszijde begeleid door woningbouw. Een calamiteiten ontsluiting (voetpad) over het voormalige pad tot de voetbalkantine. Om het bestaande hoogteverschil in het terrein op te vangen en ruimte te bieden aan groen en water komt centraal in het plangebied een "groen wig". Deze groene zone heeft eveneens de functie om water te kunnen bergen. De maat en schaal van de bebouwing sluit aan bij de karakteristiek van het dorp.
Macharen - West - 2024 pag 17 van 62 vastgesteld
In de tekening hierboven het voorlopig globaal stedenbouwkundig ontwerp . Het ontwerp kenmerkt zich door een klassieke stedenbouwkundige opzet, die aansluit bij de bestaande structuur van het dorp. Referentie beelden bebouwing Dorpse woonsfeer: traditionele materialen, variantie in vormgeving en hoogte, ruime kappen en met name aan de landschapszijde laag aangekapt. Eigentijds aansluiting zoeken bij de bebouwing van Macharen: "het gemetselde hollandse huis met een kap", eenvoudige archetypische basisvormen.
Macharen - West - 2024 pag 18 van 62 vastgesteld
Materialisatie gevels. Baksteen overwegend in aarde tinten. Incidenteel keimen. Houten accenten. Ingetogen variatie.
Dakpannen: zwart antraciet, rood, geen glimmende dakpan
Laag aankappen
Ruimte voor een bijzondere eenheid
Variatie
Bijzondere driekapper
Macharen - West - 2024 pag 19 van 62 vastgesteld
Eventueel hogere bebouwing midden plangebied
Houten accenten
Macharen - West - 2024 pag 20 van 62 vastgesteld
Materialen en verbanden
Macharen - West - 2024 pag 21 van 62 vastgesteld
Beplanting
(Wilgen) In de driehoekige wadi
Macharen - West - 2024 pag 22 van 62 vastgesteld
Hoofdstuk 4 4.1
Ruimtelijk beleidskader
Wettelijk kader
4.1.1 Wet ruimtelijke ordening De hoofdlijnen van de Wet ruimtelijke ordening zijn: Decentraal wat kan en centraal wat moet: rijk en provincie moeten en mogen niet meer regelen dan wat de taak van deze overheden direct met zich brengt; Rijk, provincie en gemeente hebben gelijke instrumenten en kunnen die inzetten voor de eigen taken op het gebied van de ruimtelijke ordening: structuurvisie, bestemmingsplan en projectafwijkingsbesluit; Rijk en provincie kunnen zaken voor gemeente dwingend voorschrijven via een verordening en via een aanwijzing; Er is een strikte scheiding tussen beleid en bestemmingsplan; beleidsdocumenten hebben geen directe juridische werking meer; De goedkeuring van de provincie op bestemmingsplannen is vervallen; Voor de realisering van projecten kan een projectafwijkingsbesluit genomen worden; Voor gebieden waar geen ruimtelijke ontwikkelingen spelen kan de gemeente kiezen om een beheersverordening te maken in plaats van een bestemmingsplan; Er is een drempel voor planschade van 2%; De mogelijkheid van kostenverhaal bij grondexploitatie is verbeterd; Bestemmingsplannen moeten analoog en digitaal worden gemaakt. Onderdeel van de Wet ruimtelijke ordening is de Grondexploitatiewet (Grex-wet). De grondexploitatiewet is als paragraaf 6.4 in de nieuwe Wet ruimtelijke ordening opgenomen.
Doelstelling van de nieuwe wet is een goede regeling voor kostenverhaal, binnenplanse verevening en enkele locatie-eisen bij particuliere grondexploitatie. Onder de Grex-wet is kostenverhaal mogelijk via het privaatrechtelijke spoor (door middel van een vrijwillige samenwerkingsovereenkomst) en door middel van het publiekrechtelijke spoor. Het kostenverhaal heeft een verplichtend karakter. Privaatrechtelijke afspraken hebben de voorkeur. Maar als een gemeente er niet in geslaagd is met alle particuliere eigenaren in een gebied een overeenkomst te sluiten over grondexploitatie moet de gemeente publiekrechtelijk kosten verhalen bij partijen waarmee geen contract is gesloten. Dit publiekrechtelijke verhaal gaat door middel van een exploitatieplan, waarvan de totstandkoming gelijk op moet lopen met een bestemmingsplan. De verplichting tot een publiekrechtelijke regeling is gekoppeld aan twee voorwaarden: 1.
2.
In de eerste plaats is een ruimtelijk besluit op grond van de Wet ruimtelijke ordening nodig. Het publiekrechtelijk instrumentarium is alleen van toepassing bij de vaststelling van een bestemmingsplan, wijziging van een bestemmingsplan, of een projectafwijkingsbesluit. De tweede voorwaarde is dat het ruimtelijk besluit voorziet in nieuwbouw of in belangrijke en omvangrijke verbouwplannen met functiewijzigingen. De bouwplannen waar het om gaat zijn in het Besluit ruimtelijke ordening aangewezen.
4.1.2 Besluit ruimtelijke ordening; "Ladder voor duurzame verstedelijking" Het Besluit ruimtelijke ordening (Bro) is de nadere uitwerking van de Wet ruimtelijke ontwikkeling. In het Bro staat onder meer dat gemeenten bij het opstellen van een bestemmingsplan rekening moeten houden met bijvoorbeeld cultuurhistorie of bodem. Verder staat in het Bro dat een plan moet voldoen aan de Ladder voor duurzame verstedelijking. De 'ladder voor duurzame verstedelijking' is een procesvereiste voor ruimtelijke plannen die nieuwe
Macharen - West - 2024 pag 23 van 62 vastgesteld
stedelijke ontwikkelingen mogelijk maken (Bro art. 3.1.6 lid 2). “De toelichting bij een bestemmingsplan dat een nieuwe stedelijke ontwikkeling mogelijk maakt, bevat een beschrijving van de behoefte aan die ontwikkeling, en, indien het bestemmingsplan die ontwikkeling mogelijk maakt buiten het bestaand stedelijk gebied, een motivering waarom niet binnen het bestaand stedelijk gebied in die behoefte kan worden voorzien”. Stedelijke ontwikkelingen zijn bijvoorbeeld een bedrijventerrein, kantoren, detailhandel, woningbouwlocaties of andere stedelijke voorzieningen. Nieuwe stedelijke ontwikkeling zijn ontwikkelingen, die nog niet eerder in een bestemmingsplan of ander juridisch verbindend ruimtelijk plan zijn opgenomen. Het plan 'Macharen-west - 2024' maakt de realisering van circa 55 woningen mogelijk. Het voorliggende plan is een nieuwe stedelijke ontwikkeling in de zin van de Ladder en moet dus verantwoord worden vanuit de huidige behoefte. De planlocatie ligt binnen het bestaand stedelijke gebied van Macharen. De ladderverantwoording is daarom alleen gericht op de beschrijving van de behoefte. Een verzwaarde motivering is niet nodig. In paragraaf 4.4.3 gaan we hier verder op in. De verplaatsing van de tennisclub en gemeenschapshuis zijn niet aan te merken als een nieuwe stedelijke ontwikkeling.
Deze functies worden nabij de oorspronkelijke locatie gerealiseerd en de omvang is eveneens vergelijkbaar met de bestaande situatie.
4.1.3 Besluit algemene regels ruimtelijke ordening (Barro) Indien nationale belangen met het oog op een goede ruimtelijke ordening dat vergen, kan de minister regels stellen aan de inhoud van bestemmingsplannen. Dit heeft de minister, in de vorm van een algemene maatregel van bestuur, gedaan in het Besluit algemene regels ruimtelijke ordening (Barro). Op 30 december 2011 is dit besluit in werking getreden. Het kabinet heeft in de Structuurvisie Infrastructuur en Ruimte (SVIR) vastgesteld dat voor een aantal onderwerpen verdere regels gesteld moeten worden. In het Barro komen dertien nationale belangen als titels terug. De volgende kunnen relevant zijn voor ruimtelijke plannen in de gemeente Oss: Rijksvaarwegen Grote rivieren Defensie Hoofdwegen en landelijke spoorwegen Elektriciteitsvoorziening Buisleidingen van nationaal belang voor vervoer van gevaarlijke stoffen Natuurnetwerk Nederland Primaire waterkeringen buiten het kustfundament De regels in het besluit zijn concreet normstellend benoemd en moeten direct of indirect (door tussenkomst van de provincie) doorwerken tot het niveau van de lokale besluitvorming. De indirecte doorwerking komt enkel bij de Ecologische Hoofdstructuur en de Erfgoederen van uitzonderlijke universele waarden voor. Het Barro voorziet verder in een hoofdstuk overige bepalingen en gaat gepaard met meerdere bijlagen.
In deze bijlagen worden onder andere de belangen van de grote rivieren en defensie geografisch begrensd. Bij het opstellen van bestemmingsplannen (en andere ruimtelijke besluiten) dient rekening te worden gehouden met de bepalingen van het Barro. Voor de gemeente Oss zijn met name de titels met betrekking tot de rijksvaarwegen, de grote rivieren, primaire waterkeringen buiten het kustfundament en defensie (rechtstreeks) van belang. De regels in titel 2.4 Grote rivieren vormen feitelijk de doorwerking van de Beleidsregels Grote rivieren. Ten aanzien van titel 2.6 Defensie wordt de enige mogelijke beperking gevormd door de bescherming van het radarverstoringsgebied van de vliegbasis Volkel.
Macharen - West - 2024 pag 24 van 62 vastgesteld
4.2
Rijksbeleid
4.2.1 De Nationale Omgevingsvisie De Nationale Omgevingsvisie (NOVI) is de langetermijnvisie van het Rijk op de toekomstige inrichting en ontwikkeling van de leefomgeving in Nederland. De belangrijkste speerpunten uit de NOVI zijn: Een klimaatbestendige inrichting van Nederland. Dat betekent dat we Nederland zo inrichten dat ons land de klimaatveranderingen aankan. Daarvoor is nodig dat we functies meer in evenwicht met natuurlijke systemen (bodem en water) inpassen. Een voorbeeld hiervan is het op termijn verhogen van grondwaterstanden in veenweidegebieden; De verandering van de energievoorziening. Bij de inpassing van duurzame energie hebben we oog voor omgevingskwaliteit. Een voorbeeld hiervan is dat we eerst kijken naar ongebruikte daken om zonnepanelen op te plaatsen; De overgang naar een circulaire economie, waarbij we tegelijk goed kunnen blijven concurreren en een aantrekkelijk vestigingsklimaat bieden. Een voorbeeld is het aanpassen van productieprocessen en het gebruik van reststoffen in het haven- en industriegebied; De ontwikkeling van het Stedelijk Netwerk Nederland. Hiermee sturen we op een goed bereikbaar netwerk van steden. We gebruiken zo de ambities en mogelijkheden in steden en regio's in heel Nederland.
Voorbeelden van regionale uitwerking hiervan zijn de verstedelijkingsstrategieën, waarin vooruitgekeken wordt hoe verschillende ruimtelijke functies in en rondom steden het beste ingepast kunnen worden; Het bij elkaar plaatsen van zogenaamde logistieke functies (bijvoorbeeld distributiecentra, datacenters) om hiermee de openheid en de kwaliteit van het landschap te behouden. We maken daarbij gebruik van een voorkeursvolgorde logistieke functies; Het toekomstbestendig maken van het landelijk gebied in goed evenwicht met de natuur en landschap. We werken bijvoorbeeld aan de overgang naar de kringlooplandbouw zodat gebruik van de grond meer wordt afgestemd op de natuurlijke water- en bodemsystemen. Planspecifiek De voorgenomen ontwikkeling is niet in strijd met de prioriteiten uit de NOVI. De NOVI vormt geen belemmering voor dit plan.
4.3
Provinciaal beleid
4.3.1 Brabantse Omgevingsvisie: De kwaliteit van Brabant, visie op de Brabantse leefomgeving Op 14 december 2018 hebben Provinciale Staten de Omgevingsvisie 'De kwaliteit van Brabant' vastgesteld. De Omgevingsvisie bevat de hoofdlijnen van het provinciale beleid voor de fysieke leefomgeving. De visie beschrijft de strategische hoofdopgaven voor de lange termijn over klimaatverandering, energietransitie, verstedelijking en bereikbaarheid, concurrerende duurzame economie en de basis op orde. Voor deze opgaven wordt aangegeven wat de ambities op lange termijn zijn: wat is er nodig om Brabant in 2050 een gezonde, veilige en prettige leefomgeving te laten zijn? Ook is een concreet tussendoel geformuleerd voor het jaar 2030, om zo te kijken wat in dat jaar minimaal bereikt moet zijn om het lange termijndoel te kunnen halen. De Omgevingsvisie geeft ook aan op welke nieuwe manieren de provincie met betrokkenen wil samenwerken aan omgevingsvraagstukken en welke waarden daarbij centraal staan. Na de inwerkingtreding van de Omgevingswet zal de Omgevingsvisie de provinciale plannen, zoals de structuurvisie, het verkeers- en vervoersplan, het milieu- en waterplan en de natuurvisie vervangen. De basisopgave van de Brabantse Omgevingsvisie is werken aan veiligheid, gezondheid en
Macharen - West - 2024 pag 25 van 62 vastgesteld
omgevingskwaliteit. Deze basisopgave is veelomvattend en gaat over milieuaspecten, als een schone bodem, schoon water (ondergrond) en schone lucht. Maar ook om landschappelijke en cultuurhistorische aantrekkelijkheid, een goede woon- en werkomgeving met een aantrekkelijk aanbod aan voorzieningen, stilte en een natuurrijke omgeving, waarin biodiversiteit en recreatie hand in hand gaan. Om deze basisopgave te verwezenlijken zijn er vier hoofdopgaven gesteld: Werken aan de Brabantse energietransitie Werken aan een 'klimaatproof' Brabant Werken aan de slimme netwerkstad Werken aan een concurrerende, duurzame economie. Planspecifiek De beoogde woningbouw voorziet in een woningbouwopgave in bestaand stedelijk gebied. De leegstaande voetbalkantine, voormalige voetbalvelden en verplaatsing van de tennisvereniging met clubgebouw maken plaats voor een toekomstbestendige herinrichting van het plangebied met woon-, sport- en maatschappelijke voorzieningen. Door nieuwbouw van het verouderde dorpshuis ontstaat bovendien de mogelijkheid om deze voorziening te laten voldoen aan de moderne eisen op het gebied van energie en duurzaamheid.
4.3.2 Interim Omgevingsverordening Noord-Brabant In oktober 2019 is de Interim omgevingsverordening Noord-Brabant vastgesteld. De Interim omgevingsverordening Noord-Brabant bevat alle provinciale regels voor de fysieke leefomgeving. De verordening zorgt voor kaderstellende doorvertaling van de omgevingsvisie en het bestaande provinciaal beleid. De Interim omgevingsverordening Noord-Brabant is een eerste stap in de implementatie van de Omgevingswet op provinciaal niveau. Voordat de Omgevingswet in werking treedt, wordt de definitieve omgevingsverordening vastgesteld. Net zoals de Omgevingswet een groot aantal wetten vervangt, vervangt de Brabantse omgevingsverordening een aantal provinciale verordeningen. De Interim omgevingsverordening Noord-Brabant vervangt de Provinciale milieuverordening, Verordening natuurbescherming, Verordening Ontgrondingen, Verordening ruimte, Verordening water en de Verordening wegen. In de Interim omgevingsverordening Noord-Brabant staan regels voor: Burgers en bedrijven: dit zijn rechtstreeks werkende regels voor activiteiten. Deze regels bevatten de voorwaarden om zo'n activiteit te mogen verrichten. Deze regels geven ook aan of de start van een activiteit vooraf moet worden gegaan door een melding. Bestuursorganen van de overheid: dit zijn zogenaamde instructieregels.
Met deze regels kan de provincie een opdracht geven aan gemeenten over onderwerpen die zij in het bestemmingsplan moeten opnemen of aan het waterschap over de manier waarop ze hun taken uitvoeren. Planspecifiek Dit plan voor de realisatie van circa 55 woningen ligt in de kern Macharen, in de Interim omgevingsverordening Noord-Brabant aangeduid als 'Stedelijk gebied' en 'Landelijke kern'.
Macharen - West - 2024 pag 26 van 62 vastgesteld
Kaartviewer Tercera Interim Omgevingsverordening Noord-Brabant (geconsolideerd augustus 2023) In artikel 3.42 van de Interim omgevingsverordening Noord Brabant worden eisen gesteld aan een duurzame stedelijke ontwikkeling die voorziet in de ontwikkeling van woningbouw binnen bestaand stedelijk gebied. Een duurzame stedelijke ontwikkeling voor wonen, werken of voorzieningen: a. b. c. d.
bevordert een goede omgevingskwaliteit met een veilige en gezonde leefomgeving; bevordert zorgvuldig ruimtegebruik, waaronder de transformatie van verouderde stedelijke gebieden; geeft optimaal invulling aan de mogelijkheden voor productie en gebruik van duurzame energie; houdt rekening met klimaatverandering, waaronder het tegengaan van hittestress en voldoende ruimte voor de opvang van water; e. geeft optimaal invulling aan de mogelijkheden voor duurzame mobiliteit; f. draagt bij aan een duurzame, concurrerende economie. Voorliggende ontwikkeling voorziet in de ontwikkeling van circa 55 woningen binnen bestaand stedelijk gebied. Middels milieutechnische onderzoeken is aangetoond dat een veilige en gezonde leefomgeving kan worden gegarandeerd. Door de ontwikkeling binnen bestaande stedelijk gebied te laten plaatsvinden kan worden gesteld dat er sprake is van zorgvuldig ruimtegebruik en kan tevens worden aangesloten bij bestaande duurzame mobiliteitsoplossingen. De ontwikkeling sluit aan bij de laatste eisen op het gebied van duurzaamheid en energieopwekking door de woningen gasloos te bouwen en te voldoen aan de BENG-norm. De uit artikel 3.6 en 5.18 van de Interim omgevingsverordening Noord-Brabant voortvloeiende verantwoording van deze ontwikkeling is opgenomen in paragraaf 4.4.3.
4.3.3 Conclusie In het plangebied zijn geen provinciale belangen in het geding.
Macharen - West - 2024 pag 27 van 62 vastgesteld
4.4
Gemeentelijk beleid
4.4.1 Structuurvisie; gebiedsvisie Stadjes en Kernen Op 15 juni 2023 heeft de gemeenteraad van de gemeente Oss ingestemd met de Gebiedsvisie Stadjes en Kernen als bouwsteen voor de nieuwe omgevingsvisie. De gebiedsvisie vormt (net als de gebiedsvisie Vitaal Buitengebied en de gebiedsvisie stedelijk gebied) een tussenstap tussen de vigerende structuurvisies en de nog te ontwikkelen gemeente brede omgevingsvisie. De visie gaat met name in op de fysieke leefomgeving in de dorpen en stadjes en hoe die de leefbaarheid bevordert. En dan vooral op woningbouw en ondernemerschap die aansluiten bij het karakter van elke kern en voldoende voorzieningen op een redelijke afstand die goed benut worden. Draagvlak, duurzaamheid en samenwerking zijn belangrijker dan het strikt hanteren van de regels. Hier is maatwerk en overleg nodig en dat zal niet vanzelf gaan. De gemeente gaat met inwoners en ondernemers een goede manier ontwikkelen om daarbij de kwaliteit van de kernen in stand te houden of te verbeteren. Voor de jongste en oudste inwoners nodigt de directe omgeving uit om te bewegen en ontmoeten. Voor pakweg 8 tot 80 mag dat wat meer op afstand zijn, maar wel veilig bereikbaar. We kijken naar verkeer, groen en de (culturele) identiteit van de kernen. Belangrijk daarbij is om de kern herkenbaar en eigen te houden: zowel het uiterlijk als de sociale structuur.
Het koesteren van de dorpsgezicht betekent ook dat niet zomaar alles gebouwd kan worden. Vitale gemeenschappen vragen een bescheiden overheid en andere vormen van participatie. Scholen, clubgebouwen, sportvelden en gemeenschapshuizen zijn belangrijke ontmoetingsplekken. De gesprekken in de dorpen hebben dat nog eens extra duidelijk gemaakt. Beoogd wordt de accommodaties voor verenigingen voor meerdere kernen bij elkaar te brengen om de kwaliteit te borgen en ze tegelijk betaalbaar te houden. Voor een deel zijn we daar al mee begonnen vanuit de zogenoemde 'Voorzieningenkaarten'. Over het algemeen is een centrale locatie in een hoofdkern van een kernencluster hiervoor de aangewezen plek. Maar andere keuzes zijn in de kernen mogelijk, in overleg met de verenigingen en bewoners en op voorwaarde dat ze het ontmoeten en de gezondheid op de beste manier stimuleren. Van groot belang hierbij is de betaalbaarheid van de voorziening voor de verenigingen en het vergroten van het aantal mogelijkheden voor ontmoeten. Dit is ook belangrijk in tijden dat er minder vrijwilligers zijn. Dit gebeurt ook in samenspraak met de verenigingen en bewoners. We willen bij het clusteren wel in elke kern een centrale ontmoetingsplek bewaren, vooral een plek waar de oudste en jongste inwoners graag naartoe gaan en genieten van de dorpse gezelligheid.
Planspecifiek De beoogde woningen dragen bij aan het behoud van voldoende en bereikbare (sport)voorzieningen in de kern Macharen en door de verplaatsing en nieuwbouw van de tennisclub en het dorpshuis kunnen deze voorzieningen gemoderniseerd worden, waardoor deze eveneens beter aansluiten bij de huidige en toekomstige behoeftes. 4.4.2 Wonen De Woonvisie Gemeente Oss 2020 formuleert de belangrijkste doelen en ambities voor het wonen in Oss voor de komende jaren. In 2022 is daar met de Woonagenda 2022-2024 een actualisatie op gemaakt. De Woonagenda 2022-2024 geeft richting en focus op het gemeentelijk woonbeleid voor de komende jaren en borduurt voort op de Woonvisie van 2020. Zo wordt uitvoering gegeven aan vier ambities: Complete woongemeente. Aandacht voor de woonomgeving in bestaande wijken en kernen. Een flexibel en gedifferentieerd woningbouwprogramma. Comfortabele woningvoorraad. Een woningvoorraad die aansluit bij de behoeften en wensen van de bewoners. De woningen zijn duurzaam en toekomstbestendig. Een (t)huis van alle groepen inwoners. Aandacht voor de groep kwetsbare inwoners met een zorgbehoefte die in de toekomst in een reguliere woning moeten blijven wonen. Ook aandacht voor de inwoners met een middeninkomen en jongeren die in de koop- en huursector buiten de boot dreigen te vallen. Versterking van de woonfunctie van Oss, ook in regionaal opzicht.
4.4.3
Portefeuillemanagement 'Wonen'
Macharen - West - 2024 pag 28 van 62 vastgesteld
Voor de bepaling van het woningbouwprogramma hanteert de gemeente Oss de systematiek van het Portefeuillemanagement Wonen (PFM Wonen Oss). Dit is ook vastgelegd in de Woonvisie 2020. Er vindt periodiek een strategische afwegingen prioritering van woningbouwprojecten plaats. De provinciale prognoses en de gemeentelijke doelstellingen voor woningbouw zijn de basis voor deze afweging. De systematiek van de PFM wordt steeds toegepast bij de afweging van nieuwe plannen voor woningbouw, telkens tegen de achtergrond van de meest actuele ontwikkelingen op de Osse woningmarkt. De uitgangspunten van het portefeuillemanagement Wonen worden jaarlijks bijgesteld. Daarmee wordt aangesloten op de actuele behoefte en ontwikkelingen. De systematiek van de PFM werkt met een bandbreedte van de actuele provinciale woningbehoefteprognose en het model Oss met een verhoogde ambitie. Daarmee wordt ingespeeld op de oplopende tekorten op de woningmarkt, de ambitie om de woonfunctie van Oss te versterken en de noodzaak om tussentijdse vertraging bij planontwikkeling of planuitval op te kunnen vangen. Enkele uitgangspunten van de woningbouwprogrammering zijn: Met het portefeuillemanagement bepalen we het woningbouwprogramma van Oss, zowel naar omvang als kwalitatieve samenstelling.
Dit programma stemmen we af op de bestaande woningvoorraad en de behoefte van de verschillende doelgroepen qua woningtype, eigendomsvorm en woonmilieus. PFM Wonen maakt het mogelijk om nieuwbouwprojecten in de hele gemeente strategisch af te stemmen in planning en prioriteit. De keuzen en prioritering maken we op basis van een afweging van beleidskeuzes uit de woonvisie. Maar ook de ruimtelijk-functionele meerwaarde voor een gebied, de verplichtingen uit het verleden en de financiën wegen we mee. Voor de omvang van de woningbouwopgave wordt uitgegaan van een bandbreedte. De basisopgave is afgeleid van de meest recente prognose van de provincie Noord-Brabant (september 2020). Het Osse model gaat uit van een extra inspanning voor de ontwikkeling van woningbouwplannen gezien de grote tekorten op de woningmarkt. Deze bandbreedte geeft de noodzakelijke flexibiliteit om planuitval en planvertraging op te vangen. Tegelijkertijd wil Oss de woningbouw op korte termijn versnellen gezien de oplopende tekorten op de woningmarkt en tegelijkertijd de woonfunctie van Oss versterken. De bandbreedte van de woningbouwopgave en de kwalitatieve doelstellingen vanuit de woonvisie is het kader waarbinnen we woningbouw in dit bestemmingsplan afwegen. De provinciale prognose is berekend op het niveau van de totale gemeente.
We vertalen deze prognose door naar de woningbehoefte in de verschillende gebiedsdelen van Oss. Voor het landelijke gebied is de opgave voor woningbouw gericht op de behoefte vanuit de natuurlijke bevolkingsontwikkeling in de landelijke kernen. Voor Geffen en Ravenstein wordt uitgegaan van enige extra programmering, gezien hun strategische ligging in de stedelijke zone Den Bosch – Nijmegen, in combinatie met de goede bereikbaarheid, voorzieningen en specifieke woonmilieus. Het zwaartepunt van stedelijke ontwikkelingen, waaronder woningbouw, ligt in de stedelijke zone Oss-Berghem. Dit is ook het uitgangspunt van het provinciale beleid. De kwalitatieve samenstelling van het woningbouwprogramma is afgestemd op de behoefte vanuit de verwachte ontwikkeling van de bevolkingssamenstelling en de bevindingen uit verschillende onderzoeken. De kwalitatieve opgave verschilt per gebiedsdeel (stedelijk gebied-landelijk gebied). Gezien de vergrijzing van de bevolking en de toename van kleinere huishoudens zijn starters en ouderen belangrijke aandachtgroepen. In de programmeringen liggen de hoofdaccenten bij toegankelijkheid, betaalbaarheid en duurzaamheid van de nieuwe woningen. Aandachtspunt blijft ook de verbreding naar toekomstgerichte woonmilieus en de versterking van Oss als woongemeente.
Voor de afweging en prioritering in het woningbouwprogramma zijn alle mogelijkheden voor woningbouw in Oss in beeld gebracht. Op de eerste plaats is dit de zogenaamde harde plancapaciteit. Woningbouw is op deze plekken al rechtstreeks mogelijk op basis van de bestaande bestemmingsplannen en bouwvergunningen. Daarnaast hebben we ook de zachte plancapaciteiten in beeld gebracht. Dit zijn concrete initiatieven voor woningbouw, die al dan niet al in procedure zijn, globale plannen die in gebiedsvisies zijn opgenomen en mogelijkheden voor woningbouw door
Macharen - West - 2024 pag 29 van 62 vastgesteld
herontwikkeling of transformatie van bestaande gebouwen of functies. Verantwoording Wonen Deze paragraaf geeft de verantwoording van de woningbouw in dit bestemmingsplan vanuit het gemeentelijke beleid, de provinciale bepalingen, regionale afspraken en de Ladder voor Duurzame Verstedelijking. De ontwikkeling van het programma voor woningbouw in dit bestemmingsplan is nadrukkelijk afgestemd op de uitgangspunten van de Woonvisie Oss 2020 en PFM Wonen Oss, zoals eerder weergeven. Ook is rekening gehouden met de kaders vanuit de provincie en de regionale afspraken Het plan Het voorliggende plan maakt de ontwikkeling van circa 55 woningen mogelijk. Deze locatie is onderdeel van de herontwikkeling van het sportpark in Macharen. Hierbij gaat het om circa 10 grondgebonden sociale huurwoningen, circa 25 grondgebonden woningen in het middeldure segment (verhouding koop en huurwoningen nader te bepalen) en circa 15 grondgebonden dure koopwoningen. Levensloopbestendigheid van de woningen is een uitgangspunt voor de verdere uitwerking. Ook een enkele gestapelde woning is mogelijk om te verbreden in woningtype. Het plan is afgewogen en beoordeeld volgens de systematiek van Portefeuillemanagement Wonen Oss. Met het PFM Wonen wordt zowel kwantitatief als kwalitatief sturing gegeven aan het totale woningbouwprogramma van de gemeente Oss.
De behoefte aan woningen De gemeentelijke woningbouwplanning- en programmering is opgenomen in de Woondeal van de Regio Noord Oost Brabant (RNOB) en volgt de meest actuele provinciale prognose. De prognose van de provincie is gebaseerd op de verwachte ontwikkeling van de bevolking en huishoudens per gemeente. Hieruit is de verwachte behoefte aan woningen afgeleid. De meest actuele provinciale prognose is van september 2020. Voor de subregio Noordoost-Brabant West (waartoe Oss behoort) is bestuurlijk een regionaal perspectief wonen vastgesteld (geactualiseerd op december 2020). Daarin bepaalt de subregio haar hoofdkoers voor wonen en zijn nadere afspraken gemaakt over afstemming van de woningbouwplannen. Onder andere is afgesproken dat de gemeenten ruim baan geven aan plannen voor wonen door inbreiding, herstructurering en transformatie. Deze plannen worden éénmaal per jaar gedeeld. Over uitbreidingsplannen, buiten bestaand stedelijk gebied moet regionale afstemming plaatsvinden. Dit geldt ook voor plannen die de opgave vanuit de prognose per gemeente overschrijden. Kwantitatieve woningbehoefte gemeente Oss Per 1 januari 2020 zijn er ongeveer 40.300 woningen in de gemeente Oss. Op basis van de provinciale woningbehoefteprognose 2020 moeten er tot 2030 nog circa 5.300 woningen toegevoegd worden (exclusief vervangende nieuwbouw).
Tot 2040 is volgens de prognose een totale toevoeging van circa 8.500 woningen nodig. De gemeentelijke programmering gaat uit van een verhoogde opgave. Deze bandbreedte geeft de noodzakelijke flexibiliteit om planuitval en planvertraging op te vangen. Tegelijkertijd wil Oss de woningbouw op korte termijn versnellen gezien de oplopende tekorten op de woningmarkt en de ambitie om de woonfunctie van Oss te versterken. In onderstaande tabel is de bandbreedte van de woningprogrammering afgezet tegen de plancapaciteit in Oss. (NB: het voorliggende plan voor de realisatie van circa 55 grondgebonden woningen is reeds opgenomen in de concrete plancapaciteit).
Macharen - West - 2024 pag 30 van 62 vastgesteld
De totale concrete capaciteit in woningbouwplannen voor de hele gemeente Oss bedraagt circa 5.000 woningen (actualisatie augustus 2023). Dit is niet alleen de zogenaamde harde capaciteit (juridisch bindend, opgenomen in vastgestelde bestemmingsplannen of bouwvergunningen), maar ook woningbouw in concrete plannen, die nog in procedure zijn. Ook de concrete mogelijkheden voor herontwikkeling of transformatie van bestaande bebouwing zijn hierin opgenomen. Duidelijk is dat Oss nog een opgave heeft om de plancapaciteit voor woningen voor de gehele gemeente uit te breiden. De woningbehoefte in dorpencluster Megen Het plangebied ligt in het dorp Macharen. Woningbouw op deze locatie is niet alleen gericht op de woningbehoefte vanuit Macharen maar ook vanuit de omliggende kernen (het dorpencluster Megen). De provinciale woningbouwprognose is doorberekend naar de verschillende gebiedsdelen van Oss (PFM Wonen Oss). Onderstaande tabel geeft de behoefte en capaciteiten voor woningen in het dorpencluster Megen weer. De circa 55 woningen van het plangebied zijn al opgenomen in de capaciteiten. Uit het overzicht blijkt dat de woningen in Macharen qua omvang passen in de bandbreedte van de behoefte van het cluster Megen.
De kwalitatieve behoefte In de Woonvisie Oss 2020 en PFM Wonen Oss is er een indicatieve raming gemaakt van de behoefte aan verschillende kwaliteiten, met een onderscheid naar woningtype, eigendomsvorm, woonmilieus en prijssegmenten. De raming is gebaseerd op recente woningmarktonderzoeken en ontwikkelingen in de woningmarkt van Oss en de regio. Hierbij is ook rekening gehouden met de wisselwerking met de bestaande woningvoorraad en de behoefte vanuit de verschillende doelgroepen (starters, gezinnen, ouderen, inkomensklassen e.d.). Gezien de verwachte bevolkingsontwikkeling wordt er een toenemende behoefte aan woningen voor kleinere huishoudens en ouderen voorzien, als gevolg van vergrijzing van de samenleving en gezinsverdunning. In de kwalitatieve raming is dit vertaald naar een toenemend aandeel appartementen of levensloopbestendige woningen. Belangrijk is ook de betaalbaarheid van wonen, met een blijvende behoefte aan betaalbare woningen (zowel koop als huur). Dit is onder andere het gevolg van de sterk gestegen woningprijzen, de beperkte toegankelijkheid van de sociale sector en de toenemende behoefte aan kleinere woningen. Zoals in veel dorpen bestaat de woningvoorraad ook in Macharen vooral uit grondgebonden koopwoningen.
Voor de komende periode wordt een toenemende behoefte aan woningen voor kleinere huishoudens en ouderen voorzien, als gevolg van vergrijzing van de samenleving en gezinsverdunning. In de kwalitatieve raming is dit vertaald naar een toenemende behoefte aan levensloopbestendige woningen. Ook is er sprake van een blijvende behoefte aan goedkopere woningen, zowel koop als huur.
Macharen - West - 2024 pag 31 van 62 vastgesteld
In onderstaande figuur is de indicatieve behoefte voor het cluster Megen weergegeven. De woningen in het plangebied zijn al opgenomen in de capaciteiten. Het programma betreft circa 55 grondgebonden woningen. Hierbij gaat het om circa 10 sociale huurwoningen, circa 25 grondgebonden woningen in het middeldure segment (verhouding koop en huurwoningen nader te bepalen) en circa 15 dure koopwoningen.
Er wordt gestreefd naar een gevarieerd woningbouwprogramma met de focus op de woonvraag van kleine huishoudens (starters en senioren) en variatie in prijsklasse, onder meer met sociale huurwoningen, goedkope koopwoningen. Daarnaast nog betaalbare koopwoningen en duurdere levensloopbestendige woningen, gericht op de doorstroming binnen het dorp. Hiermee voorziet het plan zowel qua prijssegmenten als qua woningtypen (gericht op levensloopbestendigheid) vooral in de behoefte van kleinere en middelgrote huishoudens. Ook is het belangrijk dat voorliggend plan de herontwikkeling van een voormalige sportvereniging beoogt. Hiermee sluit het plan aan bij de provinciale uitgangspunten voor zorgvuldig ruimtegebruik. Conclusie De conclusie is dat de beoogde woningen in het plangebied aansluiten bij de behoefte aan toekomstbestendige en duurzame woonmilieus in het cluster Megen. Het plan sluit aan bij de Woonagenda van provincie, regio en de gemeente Oss en voldoet aan de Ladder voor duurzame verstedelijking.
4.4.4 Welstandsbeleid Op 24 september 2020 is “Samen bouwen aan een mooi Oss, Nota uiterlijk van bouwwerken Oss 2020” vastgesteld. Dit welstandsbeleid legt meer verantwoordelijkheid bij de inwoners en bedrijven van de gemeente Oss. Met deze nota geldt in principe voor het gehele grondgebied van de gemeente een welstandsvrij beleid. Nieuwe bouwaanvragen hoeven niet te worden voorgelegd aan het Adviesteam Architectuur om te worden getoetst aan 'redelijke eisen van welstand'. Er gelden drie uitzonderingssituaties: bebouwing binnen beschermde stads- en dorpsgezichten; monumenten en de panden in de directe omgeving van een monument (binnen een straal van 25 meter vanaf een monument); bebouwing binnen gebieden waar een beeldkwaliteitsplan geldt. In deze gevallen is voor bebouwing een welstandadvies wél verplicht. In het welstandsvrije deel van de gemeente blijft de mogelijkheid bestaan om bouwplannen voor te leggen aan het Adviesteam Architectuur voor een vrijblijvend welstandsadvies. Planspecifiek
Macharen - West - 2024 pag 32 van 62 vastgesteld
Het plangebied ligt niet in een beschermd stads- en dorpsgezicht of in de nabijheid van een monument. Voor het plan is geen beeldkwaliteitsplan opgesteld. In overleg met het Adviesteam Architectuur wordt het plan nog verder uitgewerkt.
4.4.5 Beleid aan huis gebonden activiteiten Op 22 november 2012 heeft de gemeenteraad het Beleid aan huis gebonden activiteiten – Actualisatie 2012 vastgesteld. Het beleid voor aan huis gebonden activiteiten is opgesteld om mogelijkheden te bieden aan ondernemen vanuit de eigen woning. Door de jaren heen zijn de activiteiten die aan huis worden ondernomen steeds meer divers geworden. Het gaat allang niet meer alleen om een huisarts of accountant aan huis. Er is een breed scala dat aan huis uitgeoefend kan worden. Voorbeelden zijn een adviesbureau, pedicure of afslanksalon. Ook komen er steeds vaker vragen om kleinschalige cursussen te mogen geven, voor kleinschalige kinderopvang, ambachtelijke bedrijfjes of een bed en breakfast. Met het beleid wordt ingespeeld op de veranderende inzichten over aan huis gebonden activiteiten. Er wordt ruimte gegeven aan deze nieuwe vormen om vanuit de thuissituatie te werken. Het gaat dus altijd om een bewoner die de activiteit uitvoert. Een andere belangrijke voorwaarde is steeds dat de activiteit zich goed verhoudt met de woonomgeving. Het beleid aan huis gebonden activiteiten is er op gericht om zoveel mogelijk rechtstreeks toe te staan. Er is een lijst opgesteld met een breed scala aan activiteiten die rechtstreeks mogen worden uitgeoefend in de woning. Deze lijst is als bijlage 1 opgenomen in regels van dit bestemmingsplan.
Bij het opstellen van de lijst van rechtstreeks toegestane activiteiten is de woonomgeving het uitgangspunt geweest. Dit houdt in dat er geen bedrijven op staan die veel verkeer aantrekken of activiteiten die milieuhinder veroorzaken, die niet past in een woonomgeving. Het oppervlak van de rechtstreeks toegestane activiteiten is 35m2. Maar niet alle activiteiten kunnen rechtstreeks in een woning worden uitgevoerd. Soms is een toetsing vooraf nodig. Als dit positief is, wordt toestemming verleend in de vorm van een 'omgevingsvergunning waarbij van het bestemmingsplan wordt afgeweken'. Bij deze afweging spelen publieksaantrekkende werking en milieu- en verkeersaspecten altijd een rol. Voorbeelden van activiteiten waarbij een toetsing vooraf nodig is zijn: een groter oppervlak dan het toegestane 35 m2, andere activiteiten dan die in de lijst zijn opgenomen of groepsmatige activiteiten. In het nieuwe beleid worden de mogelijkheden voor dit afwijkend gebruik beschreven. Voor het verlenen van een omgevingsvergunning voor afwijkend gebruik moet de aanvrager een concrete aanvraag om toestemming bij de gemeente indienen.
Macharen - West - 2024 pag 33 van 62 vastgesteld
Hoofdstuk 5 5.1
Omgevingsaspecten
Natuur
5.1.1 Wet natuurbescherming De Wet natuurbescherming beschermt Nederlandse natuurgebieden en planten- en diersoorten. Het is belangrijk voor de natuur dat er veel verschillende planten- en diersoorten zijn. Wanneer het met de natuur goed gaat, is er ook meer ruimte voor economische en andere maatschappelijke activiteiten. Maar sommige soorten zijn kwetsbaar, zoals vleermuizen en mussen. Een goede natuurbescherming is dan ook belangrijk. Rolverdeling tussen provincies en Rijk Sinds 1 januari 2017 bepalen de provincies wat wel en niet mag in de natuur binnen de provincie. De provincies zorgen voor de vergunningen en ontheffingen. De Rijksoverheid blijft verantwoordelijk voor het beleid van grote wateren en internationaal beleid (zoals Natura2000). Ruimtelijke plannen en omgevingsvergunningen die invloed hebben op beschermde natuur moeten passen binnen de Wet natuurbescherming. Daarnaast gelden ook provinciale regelingen voor natuurbescherming.
5.1.2
Groen en natuur/biodiversiteit
Natuur- en landschapsvisie 2005 De visie vormt een toetsings- en ontwikkelingskader voor het natuur- en landschapsbeleid in Oss. Zij geeft richting aan ontwikkelingen en nodigt initiatiefnemers uit om een bijdrage te leveren aan projecten. De visie heeft als bouwsteen bijgedragen aan de Structuurvisie Oss. De ambities die in de visie zijn opgenomen zijn: Het realiseren van een tweetal natuur- en landschapsparken, te weten: 'Maashorst-Herperduin' en het Maaspark'; Het realiseren van stevige verbindingen tussen de natuur- en landschapsparken; Behoud en herstel van natuur- en landschapswaarden in het 'Land van Grutto en Pastinaak' en het 'Land van Dassen en Struweel'; Het realiseren van een groenblauw lint door de polder rond de Hertogswetering; Het ontwikkelen van aantrekkelijke groengebieden in en rond Oss en de dorpen, te weten de 'Groenblauwe Slinger door Oss', de 'Groene geledingszone ten zuiden van Oss', de 'Groene dorpen' en de 'Maasband'. Natuurinclusief bouwen De gemeente streeft er naar om bij (ver)bouwen zoveel als mogelijk rekening te houden met de natuur en de biodiversiteit ofwel 'natuurinclusief' te bouwen. Bijzonder waardevolle bomen In 1998 is de beleidsnota “Bijzonder waardevolle bomen” opgesteld, waarin bomen zijn opgenomen die vanwege specifieke waarden bescherming verdienen. De lijst met waardevolle bomen wordt periodiek geactualiseerd.
De laatste actualisatie van de regels en criteria voor een bijzondere boom is opgenomen in de nota “Bijzondere bomen in Oss 2018”. In deze nota is vastgelegd dat de aanvraag van een omgevingsvergunning voor de aangewezen waardevolle bomen altijd geweigerd moet worden tenzij het kappen van deze bomen vanuit het algemene belang noodzakelijk is. Dit is verder vertaald in de Algemene Plaatselijke Verordening (APV). Op grond van de APV is voor het kappen van bomen die op de Beschermde bomenlijst staan een vergunning vereist. De vergunning kan op grond van verschillende criteria door het college van burgemeester en wethouders worden geweigerd.
Macharen - West - 2024 pag 34 van 62 vastgesteld
Doorvertaling bestemmingsplan Binnen het plangebied en in de omgeving van het plangebied zijn geen bijzonder waardevolle bomen gelegen. Wel worden de aanwezige gezonde bomen behouden en wordt bestaand groen zoveel mogelijk behouden. Dit geldt vooral voor de groene omzooming om de voormalige voetbalvelden. Ook heeft een bomeninventarisatie heeft plaatsgevonden.
5.1.3 Natuurtoets Bij de bescherming van natuurwaarden gaat het enerzijds om soortenbescherming en anderzijds om gebiedsbescherming. Gebiedsbescherming is gericht op de bescherming van kwetsbare natuurgebieden. Soortenbescherming moet er toe leiden dat het voortbestaan van soorten niet in gevaar komt. Binnen Nederland zijn 166 Natura 2000-gebieden aangewezen. Dit zijn gebieden met een Europese beschermingsstatus. Veel van deze gebieden zijn (ook) gevoelig voor stikstofdepositie. Een verdere toename van de stikstofdepositie kan leiden tot 'significante negatieve effecten' op de instandhoudingsdoelstellingen van de Natura 2000-gebieden. Programma Aanpak Stikstof (PAS) Op 29 mei 2019 heeft de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State uitspraak gedaan in enkele beroepszaken tegen Natura 2000-vergunningen die zijn gebaseerd op het Programma Aanpak Stikstof (PAS) 2015-2021 (Kamerstuk 32 670, nr. 146). Het is een stevige uitspraak die per direct forse consequenties heeft voor individuele ondernemers, maar ook voor ambities van gemeenten, provincies en Rijksoverheid op het terrein van onder meer waterveiligheid, infrastructuur, woningbouw en klimaat. De uitspraak komt er op neer dat de PAS 'gesneuveld' is als aanpak en systeem voor vergunningverlening van stikstofvergunningen op basis van de Wet natuurbescherming.
Wet stikstofreductie en natuurverbetering (Wsn) Sinds 1 juli 2021 is de Wsn samen met het bijbehorende Besluit stikstofreductie en natuurverbetering van kracht. Deze regelgeving wijzigt de Wet en het Besluit natuurbescherming en moet voorzien in een nieuwe, structurele aanpak van de stikstofproblematiek.
5.1.3.1 Gebiedsbescherming Voor de Natura 2000-gebied zijn instandhoudingsdoelstellingen opgesteld. Activiteiten en ontwikkelingen die een negatief effect op de instandhoudingsdoelstellingen hebben, zijn verboden. Voor een plan geldt op grond van artikel 2.7 lid 1 van de Wet natuurbescherming (Wnb) dat bepalend is of het significante gevolgen kan hebben voor een (of meer) Natura 2000-gebied(en). Is dat het geval, dan dient het bestuursorgaan, onderscheidenlijk de aanvrager van de vergunning, bij de vaststelling van een plan met toepassing van artikel 2.7 Wnb, een passende beoordeling te maken, zoals bedoeld in artikel 2.8 Wnb. In een toetsing wordt bepaald of er negatieve effecten kunnen optreden. Een eerste toetsing (voortoets) geeft aan of er negatieve effecten kunnen optreden en zo ja of deze van dien aard kunnen zijn dat de instandhoudingsdoelstellingen in gevaar kunnen komen. Indien dat het geval is, wordt een tweede toetsing verricht welke dieper ingaat op de mate van effect (passende beoordeling). Doorvertaling bestemmingsplan Ten behoeve van de beoogde ontwikkeling is een stikstofdepositieonderzoek uitgevoerd. Dit onderzoek is als bijlage 1 bij de toelichting gevoegd. De berekeningen zijn uitgevoerd met de AERIUS Calculator.
Uit de berekeningen blijkt dat het projecteffect op de Natura 2000-gebieden als gevolg van zowel de aanleg- als de gebruiksfase kleiner is dan of gelijk is aan 0,00 mol/ha/jaar. Bij een dergelijk projecteffect zal het beoogde plan niet voor een significante toename in stikstofdepositie zorgen en kunnen negatieve effecten worden uitgesloten. Op basis van het onderzoek blijkt dat er geen vergunning Wet natuurbescherming (gebiedsbescherming) benodigd is voor het aspect stikstof.
Macharen - West - 2024 pag 35 van 62 vastgesteld
5.1.3.2 Soortenbescherming De Wnb geeft kaders voor de bescherming van planten en dieren. Zo is het verboden om dieren te vangen of verwonden en om vaste rust- en verblijfplaatsen te vernielen. Dit is vastgelegd in drie vergelijkbare beschermingsregimes voor soorten. Indien deze verbodsbepalingen overtreden worden, is er een ontheffing nodig. Voor ieder ruimtelijk plan is het verplicht om te toetsen of deze leiden tot overtreding van de verbodsbepalingen. Doorvertaling bestemmingsplan In het kader van het planvoornemen is een quickscan Wet natuurbescherming uitgevoerd. Dit onderzoek is als bijlage 2 bij de toelichting gevoegd. Het onderzoek heeft aangetoond dat aanvullend onderzoek uitgevoerd dient te worden naar de volgende soorten of soortgroepen: das, marterachtigen (bunzing, steenmarter en wezel), vleermuizen en huismus. Op camerabeelden van het aanvullend onderzoek zijn ook de bever en de buizerd gezien. Op de planlocatie zijn geen houtopstanden aanwezig waarvoor bij kap een meldingsplicht geldt in het kader van de Wet natuurbescherming. Voorafgaand aan de werkzaamheden dient met aanvullend onderzoek te worden vastgesteld of de te slopen bebouwing en te saneren omgeving een relevante functie heeft voor das, kleine marterachtigen (bunzing, steenmarter en wezel), vleermuizen en huismus (soortenbescherming).