CConstaterende datOss
Koppel je AI →
Document · PDF

05 Raad van State dd 24 juni 2025 over het bestemmingsplan Hoornwerk Vidi Reo Ravenstein 2023_geanonimiseerd

Gemeenteraad 18 september 2025, gemeente OssBij agendapunt: Voor behandeling doorgeleiden naar het college24.934 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 3

Raad vanState

Afdeliiig bestuursrechtspraak

Pagina 1 van

GEMEENTEOSS POSTKAMER Raad van de gemeente Oss

2 5 JUN 2025

Postbus 5 5.1.2e

fdelinrj:

OSS

l)atuiu

Ons iitinnicr

24 juni 2025

202500973/11R2

Uw kenmerk

559ç@3

Onderwerp

iili htinucu 5.1.2e

Oss Bp Hoornwerk Vidï 5.1.2e

5.1.2e

- 2023

l ruccIurc

Beroep

Geachte heer/mevrouw, Hierbij stuur ik u stukken die zijn ingediend in bovengenoemde procedure. De naam en het nummer van deze zaak zijn u eerder meegedeeld. U vindt ze bovenaan dit bericht onder Onderwerp en Ons nummer. lk verzoek u naar aanieiding van de stukken een verweerschrift in te dienen. U krijgt daarvoor tot en met 22 juli 2025 de tijd. Verder verzoek ik u om, als u een besiuit als bedoeld in artikel 6:1 9, eerste lid, van de Algemene wet bestuursrecht hebt genomen of als u dat nog gaat nemen, dit aan de Afdeling te laten weten. Privacy De Afdeling stuurt de stukken die u stuurt, door aan de andere partijen. Houdt u daar rekening mee als u stukken met privacygevoelige informatie stuurt. Voor meer informatie gaat u naar www.raadvanstate.nl/privacyverklaring. Aangezien dit bericht geautomatiseerd is aangemaakt, is dit niet ondertekend. Hoogachtend, de griffier

4335(993B5/

Postbus 20019 - 5.1.2e Den Haag -T 5.1.2e - F 5.1.2e Bij correspondentie de datum en het nummer van deze brief vermelden

- www.raadvanstate.nl

Stichting Beschermd Stadsgezicht 5.1.2e

(SBSR)

5.1.2e 5.1.2e

5.1.2e

TJ:TE

r- .-

r-

1 8 F.

O5

Datum: 16februari 2025 Aan: Raad van State, Afdeting Bestuursrechtspraak Postbus 20019 5.1.2e Den Haag Ff-LJ

LJ:

PÂR:

Betreft: Beroepschrift tegen het vaststellingsbesluit bestemmingsptan Hoornwerk Vid i Reo 5.1.2e — 2023 van de gemeente Oss

Geachte Leden van de Afdeting Bestuursrechtspraak, (SBSR) dien ik dit beroepschrift in tegen Namens de Stichting Beschermd Stadsgezicht 5.1.2e het vaststetlingsbesluit van de gemeenteraad van Oss over het bestemmingsptan Hoornwerk Vidi 5.1.2e - 2023. Dit besluit is genomen op 12 december 2024 en bekendgemaakt op 6 januari 2025. Onze bezwaren richten zich op de volgende punten: 1

De negatieve gevolgen voor het beschermde stadsgezicht van 5.1.2e - 2013. bestemmingsplan Beschermd Stadsgezicht 5.1.2e

en het

2.

De strijdigheid met bestaande beleidskaders.

3.

Onjuiste en onvotledige informatie, evenals subjectieve argumentatie in de reactie op onze zienswijze.

4.

Het gebrek aan transparantie tijdens het hete proces.

1. Betang van de SBSR , dat sinds De SBSR zet zich ¡n voor het behoud van het beschermde stadsgezicht van 5.1.2e 1977 officiee[ is aangewezen. Dit gebied omvat unieke monumentate en landschappe[ijke waarden die essentieet zijn voor het historische karakter van de stad (zie bijtagen 1, 2 en 3). Wij verzetten ons tegen p1annen die deze waarden aantasten, zoals het bestemmingsp[an Hoornwerk - 2023 (zie bij[age 4a en b). Vidi 5.1.2e

2. Samenvattingvan hetgeschiL Het nieuwe bestemmingsplan maakt grootschatige bebouwing en ander gebruik mogelijk op het . Dit druist in tegen de regeLs van Hoornwerk, binnen het beschermde stadsgezicht van 5.1.2e (zie bìjtage 5) en teidt tot Ravensteìn — 2013 het bestemmingsp1an Beschermd Stadsgezicht 1

aantastingvan archeologische, cultuurhistorischeen tandschappelijkewaarden. Met name de uniciteit van het grotendeels onbebouwde Hoornwerk wordt hierdoor aangetast (bron: Toelichting bestemmingsplan, hoofdstuk 1 en 2).

3. Analyse van het bestemmingsplan 3.1. Strijdigheid met beteidskaders en de dubbeLbestemrningen 3.1.1. Monumentenwet en Erfgoedwet, Verdrag van Granada Het nieuwe bestemmingsptan wijkt af van de enkelbestemmingen Groen en Verkeer - verblijf, de dubbetbestemmingen Waarde - Archeologie historiscfle kern en Waarde - Beschermd stadsgezicht en dubbelbestemming Waarde - Rijksmonumentaal terrein (bron: Toelichting besternmingsptan, hoofdstuk 1.3). Hoewel de gemeente stelt dat de bebouwing een positief effect heeft op de zichtbaarheid van het Hoornwerk, worden het open, groene karakter en de archeologische waarde ervan blijvend aangetast. Dit aarden verdedigingswerk is uniek, omdat dit het enige hoornwerk in Nederland is dat niet ten prooi is gevallen aan stadsuitbreiding zoa[s elders. Het nieuwe bestemmingsplan is niet in overeenstemming metde Monumentenwet 1988 en het Verdrag van Granada. De wijziging van de bestemming naar gemengd gebruik gaat in tegen de conserverende taakstelling die is vastgelegd in het aanwijzingsbesluit uit 1977 (bijtage 1 en 2). Het plan biedt ruimte voor ongewenste toekomstige ontwikkelingen die de erfgoedbescherming verder ondermijnen. 3.1.2. VoorbereidingWro 2008, Wabo, Bor en Awb ln de procedure van het nieuwe bestemmingsplan is geen voorontwerpplan gepubliceerd met vooroverteg en inspraakmogetijkheden.

Uit de regets van het bestemmingsptan van 2013 btijkt dat er geen vrijsteltingen voor bebouwing of ander gebruik van de gronden zijn, en dat er geen overgangsrechten van toepassing zijn. Wij ziin van mening dat voor deze planwijziging een uitgebreide procedure (Wabo, art. 3.10) gevotgd had moeten worden, aangezien het hier gaat om een rijksmonument. De procedures door het gemeentebestuur beantwoordt niet aan de beginselen van een goede ruimtetijke ordening.

3.2. Afweging van betangen De economische en maatschappelijke be[angen ziin niet adequaat afgewogen tegen de betangen van erfgoedbehoud en de leefomgeving van bewoners. Verder is de verantwoording in de Nota van zienswijzen niet concreet: zo wordt gesteld dat het proces zorgvuldig is doortopen doordat deskundigen zijn geraadpleegd, maar een inhoudelijke onderbouwing van die deskundigheid ontbreekt. Men zegt: Er is veelvuldig overteg met interne speciatisten omtrent archeologie, cuttuurhistorie en erfgoed. De architect heeft veel kennis van de bouwhistorie van 5.1.2e (bijlage 9, pagina 4). Echter: De reclamanten hebben getijk wat betreft de omschrijving middeteeuwse vesting, dit is aangepast in de toelichting (bijtage 9, pagina 7).

2

3.3. Gebrek aan transparantie en zorgvu(digheid Het participatieproces was onvoldoende transparant. ßesluitvorming werd voorbereid in een beperkte kring, maar gepresenteerd a1s de mening van het overgrote deel van de inwoners van 5.1.2e . Namens SBSR hebben wij onze bezwaren tegen de bouwplannen op het Hoornwerk uitvoerig uiteengezet in onze zienswijze van 6 februari 2024 (bijlage 8) en nieermaa(s gedeeld in het Brabants Dagblad en tijdens voorlichtings- en inspreekavonden (bijlage 10). Deze werden echter steeds slechts ter kennisgeving aangenomen. Hoewe1 de gemeente stett dat alle inspraak is verwerkt, zien wij nergens een serieuze weerlegging van onze argumenten, ook niet in de Nota van zienswijzen (bijlage 9, pagina 6, 7). Opvallend is dat pas ná de terinzagelegging van het ontwerpptan een aantal onderzoeksresultaten bekend werd. Hierdoor konden wij in onze zienswijze niet reageren op onderwerperi als het waterhuishoudkundig onderzoek (16 oktober 2024), het inrichtingsplan Bovenste Hoornwerk (18 oktober 2024), arcti-eotogisch onderzoek Hoornwerk (oktober 2024), nader onderzoek Ecologie Hoornwerk te 5.1.2e (25-10-2024) naar de gevotgen voor flora en fauna, waaronder de aanwezige beschermde bevers. Het verkeersveiligheidsonderzoek voor de ontsluitingsweg naar de Ma8sdijk hebben we zelfs nergens terug kunnen vinden.

Dit schendt de verplichting tot zorgvuldigheid zoals voorgeschreven ¡n de Algemene wet bestuursrecht.

3.4. Subjectiviteit en onjuistheden in de gemeentelijke beantwoording 3.4.1. !mpacta natyse beschermd stadsgezicht Momenteet is het terrein afgesloten en betreft het een onbenut gebied, atdus de gemeente Oss in de Toetichting bestemmingsptan, hoofdstuk 2. Verwaartozing mag echter geen excuus zijn voor ingrijpende vernieuwing. De gemeente stett dat de bouwptannen slechts beperkte invtoed hebben op de monumentate waarden en dat het ptangebied slechts marginaal wordt aangetast. ln werkelijkheid tast het nieuwe bestemmingsplan deze waarden fundamenteet aan. De ptannen staan haaks op het voornemen om de ruimtetijke openheid te bewaren en het historische karakter van het Hoornwerkte verbeelden. De voorgestetde aarden walvan 5-6 meter met een maximaal bebouwd oppervlak van circa 4300 m2 bij een maximate bebouwingshoogte van 8,5 meter, vormt een inbreuk op de gewenste ruimtelijke openheid (bron: Toetichting bestemmingsplan, hoofdstuk 3, p. 25-26). 3.4.2. Verkeerde voorstelting van zaken In het verweerschrift van de gemeente Oss staat: We zutten trachten de omvang van Vidi Reo te beperken. Men spreekt van een gebouw van circa 1.500 m2, maar het nieuwe bestemmingsptan biedt ruimte aan meer bebouwing. De gemeente gebruikt hiervoor de term flexibet bestemmen, maar nergens wordt gemotiveerd waarvoor het extra bouwoppervlak is bedoetd.

Tijdens de voorlichtingsavonden en in de ptantoetichting werd uitsluitend gesproken over het nieuwe gemeenschapshuis. Wij ervaren dit ats misteidend. De gemeente stett dat de openheid van het Hoornwerk nauwetijks wordt aangetast door de bouw van Vidi Reo. in werketijkheid mag op grond van het nieuwe bestemmingsplan maar tiefst circa 4.300 m2 worden bebouwd. Dat komt neer op een derde van het oorspronkelijke Hoornwerk. Met begrippen als openheid, beteefbaarheid, eigentijds en verbeeldend wordt de bebouwing gemotiveerd, maar in ruimtelijke zin kunnen er gebouwen worden opgetrokken van 110 x 30 meter met een gemiddelde hoogte van 6 meter en een inhoud van 1 9.800 m3. Dit staat getijk aan meer dan vijftig gemiddetde woningen! 3

De karakteristiek van het Hoornwerk - de lege, onbebouwde ruirnte, aan drie zijden orrigeven door een tage aarden wal - wordt ontegenzeglijk gewetd aangedaan. De voorstelting van zaken dat de bouwptannen slechts beperkte invtoed hebben op de monumentate waarden, ervaren wij eveneens als misteidend.

3.5. Ruimtetijke en functionete gevotgen 3.5.1. Parkeren Wij hebben de impact van de bestemming verkeer en verbtijt op de open ruirnte geanalyseerd. Het huidige parkeerterrein is ongeveer 4.400 m2 groot. Voor het functioneren van het gemeenschapshuis moet nog ongeveer 2.000 rn2 aan parkeerplaatsen worden toegevoegd, wat het totaat op ongeveer 6.400 m2 brengt. Daarnaast moet er parkeerruimte worden gereserveerd voor het resterende oppervlak van andere gebouwen. Dit was niet rneegenornen in de ptannen, dus volgens de *CROW.richttijnen moet er nog ongeveer 1.300 m2 worden toegevoegd. Het totaat aan parkeerruimte kornt dan op circa 7.700 m2. De extra parkeerruimte gaat ten koste van de groene ruimte, die nu 1 5.600 m2 beslaat. De bestaande groenstructuur van het beschermde Hoornwerk zat met circa 50% worden gereduceerd. Dit is niet wenselijk en wijzen wij af. *CROW: Centrum voor Regelgeving en Onderzoek in de Grond-, Water- en Wegenbouw en de Verkeerstechniek 3.5.2. verkeersontsluiting De nieuw aan te teggen ontstuitingsweg vanaf de Maasdijk zat het oorspronketijke dijktandschap uit de 14e eeuw en de begrenzing van het Hoornwerk onherstelbaar beschadigen. Daarnaast zijn er weldegetijk nadetige gevotgen voor de flora en fauna, waaronder de aanwezige bevers.

Ook maken wij ons zorgen over deverkeersveiligheid: de Maasdijk Ligt ongeveervier meter hoger dan het Hoornwerk, maar de ontsluitingsweg staat bijna haaks getekend op de Maasdijk (bijlage 4a en b). De effecten van deze nieuwe toegangsweg op de verkeersafwikkeling in 5.1.2e zijn onvoldoende onderzocht. Het waterschap, dat toezicht houdt op de dijk, is niet aantoonbaar geconsutteerd en heeft noggeen bevestigingtoteen mogetijke uitvoeringgegeven.

3.6. Precedentwerking Het toestaan van de voorgestetde bebouwing binnen dit bestemmingsplan ondermijnt de doelsteLting en effectiviteit van de erfgoedbescherming zoaLs geregeld in het Beschermd Stadsgezicht 5.1.2e — 2013. Met de vaststelling van het bestemmingsplan Hoornwerk 2023 schept de gemeente Oss een precedent dat naast deze aantasting ook die van andere beschermde Locaties binnen de gemeente mogelijk maakt. Een vergetijkbare situatie doet zich voor op de Maasdijk in 5.1.2e , waar de beschermde status niet voldoende lijkt om de bouw van een niet-functionele kademuur tegen te houden. Het is daarom van cruciaat belang de beschermingsdoelsteltingen streng te handhaven.

rÄ1

4. t Kempke als alternatief De afwijzing van t Kempke als alternatieve tocatie is niet onderbouwd met een vergetijkende analyse. De huidige afweging btijft beperkt tot algemene uitspraken zonder duidelijke onderbouwing (Toelichting bestemmingsptan, hoofdstuk 3. De alternatieve tocatie t Kempke is geschikt voor de bouwplannen en biedt diverse voordeten, waaronder lagere kosten, behoud van het Hoornwerk als erfgoed, geen impact op het beschermde stadsgezicht, een centratere tigging, betere bereikbaarheid en een verbeterde teefbaarheid in de stad. t Kempke tigt net buiten de historische kern en is at in gebruik voor maatschappetijke functies. Het terrein wordt omgeven door een tenniscomplex, scholen, woonwijken en een NS-station. In de toekomst worden in de directe omgeving nieuwe woonwijken gereatiseerd. De gemeente heeft dit atternatief niet voldoende onderzocht of afgewogen (bron: îoelichting bestemmingsplan, hoofdstuk 3). 5. Conctusie en verzoek Wij verzoeken de Afdeting Bestuursrechtspraak: Het vaststeltingsbesluit van het bestemmingsplan Hoornwerk Vidi 5.1.2e te vernietigen.

— 2023

De gemeente Oss op te dragen het bestemmingsptan van 2013 te handhaven, omdat dit recht doet aan de cuttuurhistorische, archeologische, landschappelijke en ecologische waarden van het Hoornwerk. 3.

De gemeente Oss op te roepen de atternatieve locatie .t Kempke te onderzoeken en te zorgen voor meer transparantie en betere participatie.

4.

Ten stotte verzoeken wij u de StAB om advies te vragen.

Wij zijn bereid onze beroepsgronden mondeting toe te tichten en verzoeken u ons uit te nodigen voor een zitting. 5.1.2e

otga 5.1.2e voorzitter SBSR

5

litiiiiiiii A11e van toepassingzijnde stukken met betrekking tot dit beroep zijn opgenomen in de bijlagen van de Raadsvergadering van 12 december2024 onder agendapunt 12 en dienen als aangehecht bij dit beroepschrift beschouwd te worden. Zie site: 78859cEe2f

ex/.a887f92-cd88-4e36-a7d a-

Gemeente Oss (2023). Bestemmingsptan Hoornwerk Vidi 5.1.2e t L.MRO.0828.BPhrn vidreo.n-ON0 .pÍ

- 2023. Toelichting.

Gemeente Oss (2023). Bestemmingsptan Hoornwerk Vidi 5.1.2e toelichting. .oo

- 2023. Bijlagen bij

BijLagç 1. Stads- en dorpsgezichten, artikel 20 van de monumentenwet 2. Stadsptattegrond Monumentenwet 1977 1995 opgestetd 3. Geïnventariseerde objecten historische bebouwing 5.1.2e 4.a. Bestemmingsplan NIEUW Hoornwerk-verbeetding 2023 4.b. lnrichtingsptan Bovenste Hoornwerk 5. Ptangrenzen van BP Beschermd stadsgezicht -2013 6. Beschermd Stadsgezicht 201 3 7. Bovenste Hoornwerk en Merian (uitsnede) 8. Zienswijze SBSR, 6februari 2024 9. Nota van zienswijzen en wijzigingen ontwerpbestemmingsptan Hoornwerk Vidi Reo 5.1.2e - 2023 10. lnspreeknotitie - november 2024

/

• - -

-

--.--.---,--,.-, .--. ---..

-

fl--

----

.

.-

- 4 •t(,.:1J

4

,

.

_.

-

-[. . ...

-...

. - .-.

-•---•--.S-

crat c

..

--c

:.

!cidi,-ht

dc Zaa,

..e

o

e bijeL te.jr rr.

22)

•

ìi- - v.:

b.n

L

t v-

.e :azt:-1 ter tz& -e ts) irÁ 15O kan :oi-1en -;:1 a1 .r v: veZn. e stic.ter, :- :a:.r,en 7aL c-n ìnz nacn en :astee1 d.e stad haar r.aa. zi eer.rì, veratcte zijn katee1 in &at jaar naar r1i:

in vcranì r.et een betere

r

van zin e1aer.. op d.e to1effn ter plaatze. On practisce e Uit iei.ûve:ein zU11ci zin dieen, cn cts:Lied.cn, ich in zijn directe nabijheid heen esid. Een racht, d.ie dit eheei een er bcri , iiep vanaf de kateeiracht o de tocaiire rentr.ìeestcrij ( tei piazat.e van het buidie zusterio)

door de astorietuìn en ra..rr.chijn1ij zuide1.ij van de Jandpoort (in iet st noore1ije deel v å.e ìuidi Lpocrtstraat) en vooit;s in nooraocs 1ije richtin tez plaatsc vin de hUidige bcboUv;ir weste1ij: van de 1ieusrrat. Rceds op 4 ei 1SO verreG de plaats stadsechten. In 1522 ;orìen iì optcht van de 1asheer de vestinger1en verieu?d. d.ie, zoa]. ebruie1ij] in die tijd, een rechthOei.P :z-r3.ter dicen. De situties nabij de E2.steeise oort en van. de aaspoort herinneren bier no aan. Aan de Lapoort herinnert a1een de raan van de dezo poort genoeid straat. k1hocei r.a de rote brancì op 10 Juii 1&O de stad. et uzondexjn. van het astee1 en en ei3e1 huis erd ver.ost, ia zij et behulp van (rehabi1it.tie)prer.ie van de et behou.d Van het strato.p1an in verband et de vcrded.i1.s.. eiaen, hexbouwd. Teven. ez de stad daa.rbij uitebreid: -2..

•!

-2..

.

..

•

•

: ____ ____

-

naar het oosten (rnet nasiie ìe bebou1ng aan de ieurstraat en aan de estzijde van ìe aistraat en naar het zuiden (tussen de L(olen.singel en het zuidelijìc deel va.n de r1a1straat) In verbanì met een bezetting varr. Holland.se soldaten ver. van.af 16t nieuwê, toenina].i.g nioderne, stenen gebastionncerd :• vestingeren aangelegd. 1ret gehele cotuplex vierd voorzie -. van een grachtengordel, die behoudens ter piaatse van d.e spoorlijn nog naenoeg cornpleet aanvrezig is. De vestinver1en zelf zijn na de vlucht van het staatsgarnizoen in 1672 onbru.ikbaar gernaalct. Slechts ondergronds resten. de fundaentn. tervrijl in de ioop der tijden de grachten aan de stadzijde successievelij]c zijn opgevuLd en in gebrui]c gen.ornen als tuin..i. De structuur van de nederzetting ze]î i.s behoudens op ee enkele plaats waar door een ai te voortvarende hand de s1oper]uainer vierd gehanteerd practisch geheei behouden geb1ev€n Oo]c in de bebouwing zelf spiegelt zich het historische beeld. nog duideiijlc aí. Karakteristiek voor 5.1.2e is, da • alhoev7el het geheel s].echts uit een tiental straten bestaat, • dit geheel toch een duidelijk stedelijk aanzien heeft it er.erk viordt vooral bevrer]cte11igd door een aaneengesloteri bebouvring met een ìuidelijk woorihuiskarakter.

Ook daar wa in het recente of verdere verleden win]celvestigingen zijn ontstaan, d.raagt de bebouwing door d.e veelal afvrezigheið rote etalages of grote winkelpuien over het aigerneen nog araicter van een vron.ing. De bebouwing zelf viordt voor het -.. erendee1 bepaald door twee verdiepingen rnet een ]cap, vraarva cìe nolcrichting doorgaans ].oc>drecht staat op de as van.de Dit onderstreept nog eens extra het individuele karakter v parrìerì der :oì de a.fzonderlijke pand.en. De indiviìuaiiteit bovend.ien versterkt door een verticale scanderin in ìe aicbitectonische vorineving door toepassing vaju staan.de -onteropeningen.

eu aanzien van de openbare ruirnte vrorìt hot karz1ctor bep cn.-nerenì hiab.t door de afezigheid van verhoogde trottoirs. ic dat het traatpro.fie1 a1rnede dc schoiìiin van fincties cr en rjTOrkCOr wordt vcrkxrcgon d.oor roìo tU.SC31 voet

_________

.

-

.-.

:

zen 1na steen da h be*3 is dei. iÓ enOêide copnen, is r to _ . ¿ voo te OfldcT dit eplaatst kn vOrden, na.xia1ijk do viije waarop dit tie. SUccosaieve1Lj door ensonhard is ontotaazi dat ior aoui& et het begrip 1bichte1jjejd.. Odt d.t gte1 een boold vormt van uitzorêechj1&e achtige ateebouvzkun.ie schoonheid, is het gereöidig. hiervoor n bscherm.jn als bedoeld. in artil:el 2& de onezitenwet van toepassin te ver1].aren. ALhoeeze bescherrang niet de bedoelirig heeft het als zodan eee gebied te bevr.ezen, za]. er bnnen hot raazn van de voor bied te tref.ten stedebouwlriindige regolingen naar get-e ienen te orden dat het hierv-oor genoede arater zovë.. *oe1ij1 iordt rechtgedaan. Het plan zal, geLet op de ae: rareristie1en een conserverend 1caratr iiioeten drae znet nane gelet client te orde op de door het aaht inderde eenheid en door de tijd gevorinde variatie ihe

Monumentenwet 1977

:., ••

J

.

• #

.. • . . P. .

.

.

.J . ,.*

•

.

-•- -

..

- -

:

.:

•

;

-

_4.

: •

-

Uitsnede uit: Bron: BUREAU INvENTARIsATIE EN ADVIES MONUMENTEN, UTRECHT (BIAM) GEÏNVENTARISEERDE OBJECTEN HISTORISCHE BEBOUWING RAVENSTEIN 1995 Opgesteld . door : 5.1.2e Gemeente : 5.1.2e Objectnummer : 106 Plaats : 5.1.2e Datum ¡nvent. : 1995 Object : overblijfselen verdedigingswerken De volgende 9 onderdelen zijn geregistreerd als beschermd rijksmonument: {achtereenvolgens: het (rijks)monumentnummer, de kadastrale aanduid ing, de omschrijving, en -aangezien de omschrijvingen niet (meer) geheel overeenkomen met de huidige situatie- cursief enkele toevoegingen {BIAM 1995]} Monumentnr. 32369 // A1194, A1637 1. Omgrachting. Fraaie waterpartijen en parkaanleg als overblijfselen van de vroegere vestíng, om het gehele stadje heen, dat reeds in 1672 ontmanteld is. Grachten en contreescarpen met geboomte. (Dit betreft de waterpartijen van de voormalige stadsgracht vanaf de brug ¡n de 5.1.2e naar de duiker onder de Landpoortstraat en verder richting spoordijk en naar de Maasdijk.) 2. Monumentnr. 32370 // A66 N.H. Kerkhof, gelegen op de overblijfselen van de vroegere vesting. (Zie ook ¡nventarisatie Pollekespad, ongenummerd; objectnr. 72. Het kerkhof is gelegen op het voormalíge ravelijn Polleke.) 3. Monumentnr. 32371 // A651 (ged.), A1623, A1260, A960, A959, A955 (ged.), A1635, A1636. Bínnengrachtse oever. Vanaf punt A tot aan de aardewerkfabriek Iigt een groenstrook.

De tuinen van de percelen 5.1.2e 5.1.2e worden begrensd door een laan met geboomte. De grachtoever vanaf de terreinen van de brandweerkazerne tot aan het terrein voor het gemeenschapshuis is fraai beplant. De groenstrook voor het gemeenschapshuis en het hiernaast gelegen parkeerterrein loopt glooiend op. Dit grachtgedeelte wordt verder begrensd door: grasland van het perceel 5.1.2e en de achterzijde van de percelen gelegen aan de Landpoortstraat. (Dit nummer omvat eveneens het noordoostelijk gelegen hoornwerk, het zgn. Bovenste hoornwerk, en ter hoogte van de Landpoortstraat het voormalige ravelijn Halve Maan.) 4. Monumentnr. 32372 // A1198 Buitengrachtse oever. De gracht wordt door een duiker onder de Landpoortstraat gevoerd. De gehele zuidelijke oever is een voortzetting van het talud langs de contre-escarpen met veel groen en geboomte tussen de grachtoever en de rijweg van de Stationssingel. Tussen het wandelpad naar het dierenpark en de grachtoever ligt een groenstrook met geboomte. Het dierenpark en de noordelijk hiervan gelegen terreinen worden aan de westzijde begrensd door de spoordijk. Ten noorden van de insteekgracht loopt een wandelpad met groenstrook. 5. Monumentnr. 32373 // A852 (ged.), A911 (ged.), A910 (ged.), A859, A1463, A788 (ged.), A912, A1199, A947 (ged.), A946, A1164 (ged.), A1165 (ged.), A1166 (ged.), A920 (ged.), A1390 (ged.), A1389 (ged.), A853 (ged.)

Binnengrachtse oever. Vanaf de duiker buigt de gracht om de noord en wordt . De oever zet begrensd door de tuinen van de percelen 5.1.2e zich voort Iangs de achterzijde van de percelen aan de zuidzijde van de Wal. De oever heeft een glooiend talud. Verder wordt de oever begrensd door een groenstrook met betonnen kademuur voor de kleuterschool en door fraaie tuinen van viilas aan de WaI, eveneens met een glooiend talud. Voor de kleuterschool een ravelijn met het N.H. kerkhof.!T (Ter hoogte van de Landpoortstraat omvat dit nr. het voormaiige ravelijn Halve Maan.) Monumentnr. 32374 // A1394, A1461 Binnengrachtse oever. Het in 6. Uvorm gelegen grachtgedeelte omgeeft een grasveld, dat verder (even afgesloten wordt door de achtertuinen van aan de 5.1.2e zijde) gelegen woonhuizen alsmede de achterspeelplaats van de aan de Kasteelseplaats gelegen school.T (Dit is het voormalige i<asteelterrein en het restant van de kasteelgracht.) 7. Monumentnr. 32375 // A1391 (ged.), A1392 (ged.), A1393 Buitengrachtse oever. De gracht wordt aan de noordwestelijke zijde begrensd door een hoogoplopende oever naar de Wal (huidige naam Van Coothweg) respectievelijk de Maasdijk, verder door de achterzijde van de percelen aan de Lommerstraat (tegenwoordig Lombardstraat). (Dit is de buitenoever van de kasteelgracht.) Monumentnr. 32376 // C430, C380 Binnengrachtse oever. De gracht 8.

gelegen gracht en daarvan zijnde een uitloper van de rond 5.1.2e gescheiden door de spoorlijn Nijmegen - s-Hertogenbosch. De hele oostelijke oever is een glooiend talud en begroeid met gras en verspreid staand geboomte. Buitengrachtse oever. Geheel begrensd door de Zwarteweg, die vanaf de Maasdijk zigzaggend tot aan de spoorlijn langs de oevergrens loopt. De oever heeft een glooiend talud. (Dit is het noordwestelijk gelegen hoornwerk, het zgn. Benedenste hoornwerk, met bijbehorende gracht en contrescarp.) Monumentnr. 32377 // E136, A1280 Binnengrachtse oever. Beide 9. wateringen, middels een sloot met elkaar verbonden, vormen een , daarvan voortzetting van de oostelijke gracht rond 5.1.2e 5.1.2e (brugovergang). De direct gescheiden door de aanliggende wetering wordt verder aan de 5.1.2e 5.1.2e

5.1.2e

begrensd dooragrarische grond. (N.B. Deze waterpartijbijde Veerkamp heeft nooit deel uitgemaakt van de oude omgrachting; dit water is van later datum.) Naast voornoemde overblijfselen van de stedelijke verdedigingswerken zijn ook te noemen: - Monumentnr. 32325: de Maaspoort; kad. aanduiding: A729 ; objectnr. 88), (ge d.) (zie ook inven tarisa tie Kolonel 5.1.2e Monumentnr. 33322: de Kasteelsepoort; kad. aanduiding: A1598 (ged.) (zie ook inventarisatie Kasteelsepiaats 1; objectnr. 8). De volgende onderdelen -staande of gelegen op de voorrnalige verdedigingswerken en waarvan de beschermde status nog niet vaststaat- zijn

in 1992 geseiecteerd als monumenten van jongere bouwkunst (MSP): theekoepel (bij 5.1.2e ); kad. aanduiding: A853 (ged.); - veerhuis ( 5.1.2e ); kad. aanduiding: A1234; - onderdelen van het R.K.-kerkhof ( 5.1.2e ); kad. aanduiding: A912; - theehuisje (naast R.K.-kerkhof); kad. aanduiding: A1199 (ged.); De volgende (ondergrondse) stenen restanten, niet met name genoemd ¡n de rijksmonumentenomschrijvingen betreffende de voormalige verdedigingswerken, dienen aan ornschrijving de in het rijksmonumentenregister te worden toegevoegd: - restant bastion Rokocx; kad. aanduiding: A853 - restant bastion Famars; kad. aanduiding: A1164 restant bastion Utrecht; kad. aanduiding: A498 - restant bastion Hollant; kad. aanduiding: A955, A956, A959, A957, A1454 - restant bastion Orange; kad. aanduiding: A613, A358, A1278, A1279, A1473, en terrein de Bok muurresten pastorietuin (i.v.m. eerste omwalling); kad. aanduiding: A1367 voorts restanten van l7de-eeuwse stadswal in tracé Van Coothweg, 5.1.2e , Walstraat en restanten van de eerste omwailing zoals die her en der in de fundering en/of muurwerk van huizen aan de Marktstraat/Brouwerîjstraat, Winkelstraat, Nieuwstraat (oneven zijde) en de Kol. Wil 5.1.2e (oneven zijde) bewaard zijn gebleven (zie onderstaande geschiedenis).

5.1.2e Geschiedenis: De stedelijke verdedigingsgordel van , bestaande uit muren, aardwerken en omgrachtingen, is aangelegd in de eerste helft van de l7de eeuw. Hieraan voorafgaand heeft in de periode 1380- 1544 een middeleeuwse verdedigingsgordel bestaan, waarvan delen bewaard bleven. De allereerste bouwactiviteiten schijnen rond 1360 te hebben plaatsgevonden. Volgens oude berichten heeft destijds 5.1.2e 5.1.2e , heer van Herpen, zijn huis in Herpen afgebroken en de stenen meegenomen; hij bouwde aan een nieuw huis op de Weert in de , een vesting bij een riviertol. Aan de Maas. Dit werd kasteel 5.1.2e bijbehorende nederzetting zijn door 5.1.2e opvolger, 5.1.2e 5.1.2e , stadsprivileges verleend, waarbij de kasteelheer zich verplichtte de stad te helpen in het onderhoud van haar muren en poorten (de Landtchaerte van Ravensteyn van 1380). Volgende landsheren, behorend tot het huis Kleef, bevestigden deze afspraak. In de kasboeken van 1487 en 1488, waarvan de tekst bewaard bleef, boekte de rentmeester van 5.1.2e inderdaad bedragen voor aanzienlijke hoeveelheden baksteen, rijshout en palen, te gebruiken ¡n de muren, poorten en bolwerken van de stad. In de afrekeningen van 1487 is sprake van boiwerken aan de kant van de rivier. De afrekeningen van 1488 noemen behalve het bolwerk achter de Maaspoort ook een bolwerk voor de Stadspoort.

Later heeft landsheer 5.1.2e de stadsverdediging nog versterkt (zoals vermeld wordt in zijn testament, 1526 [de rondelen Kasteelse Bok en Oranje Bok? [7]jj), maar het einde van de vesting 5.1.2e kwam kort hierna. 5.1.2e dwong 5.1.2e ertoe aff te breecken ende daer neder te worpene alle de bolwercken, wallen, sterckten ende vestenisse vander stadt ende slote van Ravesteyn, ende die grechten te Iaeten vul/en en liet hem beloven dat er nooit meer een nieuwe

vesting gemaakt zou worden (tractaat van Venlo, 1543). Om de afbraak des te grondiger te laten uitvoeren is het werk niet aan de Ravensteiners overgelaten, maar opgedragen aan de Bosschenaren, die de vesting 5.1.2e gaarne zagen verdwijnen. Hoe het er met de Ravensteinse verdediging precies voorstond aan het begin van de Tachtigjarige Oorlog is onduidelijk. 5.1.2e kreeg nu een nieuwe, machtige nabuur -de Republiek der Verenigde Provinciën- waarvan het stadje de macht bleef voelen gedurende de heie l7de en l8de eeuw. De Republiek drong de stad een Staats garnizoen op, dat in 1621 op weinig zachtzinnige wijze de stadsverdediging ging reorganiseren. Een aanzienlijk deel van de stad en van de aangrenzende dorpsbebouwing is ¡n dat jaar afgebroken om 5.1.2e te kunnen uitbouwen tot een riviervesting naar Hollands modei. De nieuwe bastions kregen on-Ravensteinse namen als Orange, Hol/ants en Utrechts, zo blijkt uit een bewaardgebleven kaart van de nieuwe vestingaanleg. De kaart laat een geheel door water omgeven vesting zien met aan de landzijde drie bastions (waartussen twee raveiijnen) en aan de rivierzijde twee bolwerken (waartussen een rechtgetrokken rivierfront). Een Maasarm -de Binnenmaas- stroomt langs de vesting, die ook in het rivierbed een ravelijn heeft liggen.

Aan de buitenzijde van de brede vestinggracht liggen een contrescarp en, ter dekking van de rivier en de dijk, een tweetal hoornwerken. Een derde hoornwerk, dat de uitvalsweg bij de Landpoort bestreek, staat wel op deze kaart maar is waarschijnlijk nooit uitgevoerd; het ontbreekt op andere kaarten van de vesting. Ook op enkele andere punten zijn de bewaardgebleven vestingkaarten onduidelijk oftegenstrijdig. Blijkens deze kaarten bestonden in de l7de eeuw het kasteel en (restanten van) een oude stadsmuur nog: de nieuwe vestinggordei was er buitenom gelegd. Het kasteel, dat aan de noordkant van de stad met een siotgracht omringd ligt, wordt aangegeven als een vierkant gebouw met twee hoektorens. Er hoorde kennelijk een ommuurde en omgrachte voorburcht bij (de tegenwoordige Kasteelseplaats), met een poort naar het stadje en een poort naar buiten. De omgrachting en ommuring van de voorburcht sloten aan de zuidzijde aan bij de grachten en muren van het stadje. De oude stadsmuur is op de kaarten weergegeven met muurtorens, een Maaspoort, een Landpoort, en een restant van de oude stadsgracht.

Deze muur heeft het volgende beloop: bij de Maaspoort volgt deze de rivieroever (achter de huidige kolonel Wilsstraat, oneven zijde), maakt dan een scherpe hoek landinwaarts (achter de huidige Nieuwstraat, even zijde), vervolgens loopt hij westwaarts (achter de huidige Winkelstraat, even zijde) en na een , verspringing opnieuw westwaarts (achter de huidige 5.1.2e oneven zijde) om aan te sluiten bij de ommuring van de voorburcht. Bij de genoemde straten zijn muurresten teruggevonden die de kaartgegevens bevestigen, met name aan de achterzijde van de huizen aan de Nieuwstraat (achtergevels gefundeerd op stadsmuur-resten), bij de Walhoek en bij de 5.1.2e (tuinmuur gefundeerd op stadsmuur-resten), terwìjl opgravingen bij het einde van de Kolonel Wilsstraat (de Bok) in 1993 resten aan het licht brachten van de hoek waar de riviermuur aansluit op de landinwaartse muur. Toch blijven er omtrent de geschiedenis van de stadsmuur nog diverse onduidelijkheden bestaan. De vraag is bijvoorbeeld

hoeveel er van de oorspronkelijke stadsmuur nog overeind gestaan zal hebben na de afbraak van 1544. Is wellicht ¡n 1544 de onderbouw van de stadsmuur gespaard omdat de onderbouw als waterkering onmisbaar was? Jn het jaar 1631 trok het Staatse garnizoen af, onder medeneming van al , de toenmalige landsheer zijn houten palissades. De hertog van 5.1.2e van het Land van 5.1.2e , legde een nieuwe haven aan met een bolwerk, maar aan onderhoud van kasteel en stadswallen schijnt hij minder te hebben gedaan. Toen de Republiek namelijk enkeie jaren later besloot om 5.1.2e opnieuw te bezetten trof het Staatse garnizoen de verdedigingswerken in slechte conditie aan, vandaar dat er rond 1638 wederom onder leiding van de Republiek is gewerkt aan de fortificaties. De gelegerd tot 1672. Op een l7deeeuws Staatse soldaten bleven in 5.1.2e , weergegeven vanaf de overkant van de rivier stadsgezicht van 5.1.2e 5.1.2e ), zien we op een eilandje de (naar een tekening van voorpost, die door een lange houten brug verbonden is met de omwalde Maaspoort. Deze met twee torens versterkte poort ligt voor de eveneens met torens versterkte riviermuur, welke aan beide einden op de volgens geometrische principes aangelegde omwalling aansluit. De betrouwbaarheid van de prent is echter dubieus, want de weergave van de belangrijkste gebouwen wijkt ver af van wat andere bronnen ons leren.

Een tekening uit 1674 (van 5.1.2e of van 5.1.2e ?) laat een riviermuur zonder torens zien, hetzij dat ze inmiddels afgebroken waren, hetzij dat ze nooit hebben bestaan. De Maaspoort is op deze tekening slechts een gemetselde doorgang in de hoge waterkering op de rivieroever. Een soortgelijke gemetselde doorgang bestond in de stadswal aan de landzijde (de l7de-eeuwse Landpoort), zoals is te zien op een schets van 5.1.2e 5.1.2e uit 1651. De tekeningen van 1674 en 1651 laten ook het kasteel zien en een deei van de l7de-eeuwse vestinggordel. Bij het oprukken van . De hertog van de Fransen in 1672 verlieten de Staatsen 5.1.2e 5.1.2e werd volledig in zijn gezag hersteld, nadat hij met het Franse leger overeengekomen was dat de vesting zou worden ontmanteld. De ruime tuin, die de Staatse commandant jaren!ang tot zijn beschikking had, schonk de hertog aan de pastorie. Het kasteel oftewel het hof bleef de zetel van het hertogelijk bestuur. Dit kasteel, over een lange houten brug toegankelijk vanafde Kasteelseplaats, is in de l8de eeuw nog getekend door] 5.1.2e . Wat de tekeningen ons laten zien is een sterk slot van en door 5.1.2e l4de-eeuwse aanleg, dat bestaat uit drie hoge woonvleugels (met een of twee hangtorentjes) en twee zware vierkante hoektorens, waarvan één en 5.1.2e is van overhoeks is geplaatst.

Op de tekeningen van 5.1.2e stedelijke verdedigingswerken niets meer te zien: na de ontmanteling hebben deze geen rol van betekenis meer gespeeld. Waarschijnlijk in 1762 ¡s op de kasteelseplaats een tweelaags herenhuis gebouwd als ambtswoning voor de rentmeester. De voormalige voorburcht was veranderd in een geplaveid plein met ¡epen en lindebomen. Aan de ene zijde bevond zich in de afsluitende bebouwing de oude doorgang naar de stad (de Kasteelsepoort); aan de andere zijde was er een soortgelijke doorgang tussen stalgebouwen. Toen de Franse legers op het eind van de eeuw

opnieuw oprukten, maakten zii van die stalgebouwen legerbakkerijen. Er volgde een brand, waarbij alle bebouwing aan die zijde van de Kasteelsepiaats verdween. Het kasteel zelf ¡s door de Fransen in verhuur gebracht, want het Land van 5.1.2e verloor ziin soevereiniteit. Op de Kasteelseplaats werd een ereteken voor de Franse ideaien opgericht. Toen de door de Fransen veroverde gebieden later opgingen ¡n het nieuwe Koninkrijk der Nederlanden werd tot sloop van het kasteel besloten. Bij de zeer grondige afbraak (1818) schijnt de Kasteelseplaats met het voormalig kasteelterrein te zijn verenigd door een stuk gracht vol te storten. Het kasteelterrein werd een boomgaard en de Kasteelseplaats een weiland. De eigenaar van boomgaard en weiland bewoonde de voormalige rentmeesterij en gebruikte de overige dienstgebouwen als schuur, met uitzondering van het woonhuis aan de Kasteelsepoort. Dit poorthuis was in 1816 aan de Gereformeerde gemeente afgestaan, ter huisvesting van de dominee. De l7de-eeuwse Landpoort was wellicht al eerder afgebroken. In l8de-eeuwse stadsrekeningen is nog sprake van de bruggen die voor de Landpoort liggen (de houten bruggen zijn in 1718 vernieuwd), maar op het kadastrale mìnuutplan van 1832 is de poort opgeruimd en ziin de bruggen vervangen door een dam.

De Maaspoort bleef bestaan en kreeg een nieuwe betekenis doordat langs de Maas een nieuwe dijk met een verkeersweg was aangelegd. De stadsgrachten waren, volgens een notitie uit 1803, weinig anders meer dan moerassen. Waarschijnlijk is men omstreeks 1672 al begonnen de grond van de wallen in de grachten te plempen, hetgeen tot in de 20ste eeuw voortduurde. Op de afgegraven wallen ontstond een wandelweg die met zijn slingeringen het oude beloop van de vestingwerken volgt. Buiten deze weg lagen tuinen. In 1872 is in de vroegere tuin van (onderaan bastion Utrecht) een katholiek kerkhof dokter Van 5.1.2e aangelegd, en in hetzelfde jaar of kort daarna in de vroegere tuin van dominee 5.1.2e (op ravelijn Polleke) een hervormd kerkhof, zodat de bestaande begraafplaatsen (tegenover de Luciakerk {ter plaatse van de huidige binnenplaats achter het gemeentehuis] en links naast de hervormde kerk en) in de toenmalige bebouwde kom gesloten konden worden. In 1872 is 5.1.2e op het spoorwegnet aangesloten. De spoorlijn Nijmegen sHertogenbosch is door het noordelijke hoornwerk gelegd, met een spoordijk waarvoor de Binnenmaas moest worden afgedamd en met een brug over de Maas; het spoorwegstation lag ten westen van de stad. Binnen 5.1.2e vond een bescheiden uitbreiding plaats langs de Landpoortstraat en de voormalige stadswallen, waar met name aan de Walstraat zich diverse industrieën vestigden.

In 1923 is de gemeente 5.1.2e samengevoegd met haar buurgemeenten, zodat de noodzakelijke uitbreidingen voortaan buiten de stadsgracht konden plaatsvinden. Een toenemende waardering voor het historisch stadsbeeld leidde er sedertdien toe dat men de gracht hersteide en door boombeplanting het aanzien van een singel gaf, terwijl storende bebouwing is verwijderd. De industriebebouwing langs de Walstraat is in recente tijd vervangen door woningbouw, waarbij het open karakter van het gebied gehandhaafd bleef. De omgeving van het verdwenen kasteel is lang onbebouwd gebleven vanwege drassigheid. Na diverse grondophogingen is het kasteelterrein ingericht als plantsoen.

Omschrijving: Van het kasteel is niets meer te zien. Enkeie restanten zijn aan het licht geweest bij opgravingen in 1951 en 1993. Op de plaats waar het gebouw gestaan heeft ligt nu een plantsoen, dat aan de noord- en oostkant wordt omgeven door water. Het kasteel was kleiner dan het huidige plantsoen is, en de omgrachting was aanmerkelijk breder. Het water onderlangs de Van Coothweg, de Maasdijk en achter de bebouwing van de Lombardstraat gaat nog terug op de oude slotgracht. Het water achter de bebouwing aan de 5.1.2e is een uitbreiding van 1995, toen het gebied is aangepast vanwege de bouw van bejaardenwoningen en de aanleg van parkeervoorzieningen. Aan de zuidwestkant sluit bij het kasteelterrein de Kasteelseplaats aan, waar voorheen de bijgebouwen van het kasteel stonden. Het zusterhuis van klooster Nazareth wordt gevormd door de ¡n 1922 ingrijpend verbouwde l8de-eeuwse rentmeesterij. De kapel en de school, die links en rechts aansluiten bij het zusterhuis, zijn volledig 20steeeuws; alleen hun situering herinnert nog aan de vroegere bebouwing. De achtertuin van het klooster ligt aanmerkelijk lager dan de Kasteelseplaats: hier lag voorheen de voorburcht-gracht. Kasteelsepoort.

(Zie ook ¡nventarisatie 5.1.2e ) De voorburcht was van de marktstad afgescheiden door een muur, die bewaard gebleven is als onderdeel van de oostgevels van 5.1.2e , 5.1.2e en 5.1.2e een deel van de westgevel van Deze muur, tegenwoordig grotendeels bepleisterd, ¡s enkele meters hoog en zon zestig meter lang. Halverwege deze muur bevindt zich de ingang van de Kasteelsepoort. De poortdeuren zijn uit deze ingang verwijderd (zie de sporen in het metselwerk). Boven de poortdeuren bevond zich een op drie balken opgelegde eiken zoldering, met een zware deuraanslag. Deze houtconstructie is bewaard gebleven boven de huidige, gepleisterde zoldering (XIX). In de Kasteelsepoort is in de noordelijke zijmuur een grote rondboognis uitgespaard. Later is deze nis goeddeels dichtgemetseld. Bij de tegenovergelegen zijmuur van de poort sloot een gebouw aan dat toegankelijk was vanuit de poort. Dit gebouw had een bovenverdieping met afzonderlijke toegang vanuit de poort. Sporen van de beide toegangsdeuren ziin terug te vinden in het metselwerk, evenals het spoor van een hoog geplaatste muuropening (lichtgat?). De zijmuren van de poort zijn middeleeuws, het poortgewelf niet. Het bij de poort aansluitend gebouw (poortwachtershuis?) is bewaard gebleven in het huidige pand 5.1.2e De gevel aan de zijde van de Kasteelseplaats is door latere aanbouw een binnenmuur geworden.

Deze gevel bevat sporen van twee reeksen vensters en restanten van een daklijst. Van de benedenste vensterreeks zijn tegenwoordig drie vensters gereconstrueerd. In dezelfde gevel was, dicht bij de poort, waarschijnlijk een traptoren opgenomen (zie funderingsresten en de aanzet van een gemetselde trap). De aansluiting van deze gevel op het oorspronkelijke poortgewelf (een ietwat gedrukt tongewelf) bleef volledig intact. De andere lange gevel, aan de stadszijde, correspondeert met de zojuist genoemde, thans bepleisterde muur. Het poortgebouw is belangrijk gewijzigd in de l8de eeuw, en waarschijnlijk ook 5.1.2e

5.1.2e

al eerder. Restanten van middeleeuwse stookplaatsen en vloeren bleven daarbij behouden. De middeleeuwse stadsmuur. Een vergelijkbare middeieeuwse poort is de Maaspoort (zie ook inventarisatie Kolonel 5.1.2e 5.1.2e , die vanaf de rivier toegang gaf tot het stadje. De Maaspoort is een (bepleisterd) tongewelf tussen twee zeer zware zijmuren. De beide zijmuren zijn tegenwoordig opgenomen in de woonhuizen die aan weerszij van de poort zijn aangebouwd. Een bovenverdieping, zo die ooit bestaan heeft, was in de l7de eeuw al verdwenen; het belendende woonhuis 5.1.2e 5.1.2e is vervolgens uitgebreid met een kamer bovenop de Maaspoort. Tegelijk met dit woonhuis kregen de beide frontgevels van de poort in de l9de eeuw een bepleistering ¡n blokverband. De riviermuur, waarvan de Maaspoort een onderdeel was, is (althans bovengronds) geheel verdwenen. Een tweede stadspoort, die waarschijnlijk aan het begin van de Landpoortstraat stond (is de zware keldermuur onder de zijgevel van 5.1.2e een restant van de poortfundering?), is mogelijk al in 1544 verdwenen, toen ook het grootste deel van de stadsmuur is neergehaald. De middeleeuwse stadsmuur bestaat niet meer, al zou een enkel stuk zwaar - bij nader onderzoek muurwerk -zoals in de achtergevel van 5.1.2e nog een restant kunnen blijken te zijn.

Wel is het beloop van de middeleeuwse stadsmuur nog herkenbaar in de lijn waarop veel achtergevels aan de Nieuwstraat (even zijde) staan; een dergelijke!likn zou ook te onderscheiden zijn achterlangs de bebouwing aan de Kolonel Wilsstraat (oneven zijde), bij de Winkelstraat (even zijde) en bij de panden 5.1.2e en 5.1.2e . De onderbouw van de oude stadsmuur is in de 20ste eeuw meermaals aan het licht gekomen bij bouwen rioleringswerkzaamheden (Walhoek), en tevens bij archeologische opgravingen (kasteelterrein, terrein de Bok). Een enkele keer is in een 5.1.2e

5.1.2e

in de stadsplattegrond. De tuin van de pastorie, nog altijd aanmerkelijk lager gelegen dan zijn omgeving, is een restant van deze gracht. Toen de pastorietuin ¡n de l8de eeuw met een muur werd omgeven, kon daarbij gedeeltelijk de onderbouw van de stadsmuur worden benut. Bij archeologische opgravingen zijn in 1997 de vermoedelijk uit 1521-22 daterende rondelen de Kasteelse Bok en bij de aansluiting van de Walstraat op de dijk gelokaliseerd [7]. Van de l7deeeuwse stadswallen en bastions is nog wel het beloop te zien maar niet de oorspronkelijke vorm. Waarschijnlijk zijn de grachten geleidelijk aangeplempt met aarde van de stadswal. Drie delen van de wal die min of meer hun hoogte behielden bevinden zich onder de korenmolen en bij de beide aansluitingen op de huidige Maasdijk. Bij de noordelijke aansluiting op de Maasdijk ligt een hoog met bomen beplant restant van bolwerk Rokocx, waarop een l9de-eeuwse theekoepel staat. De Maasdijk (die minder hoog is dan het walfragment) ligt hier precies op het tracé van de vroegere riviermuur (met ter plaatse een sluisje); aan de buitenzijde van de dijk is het bolwerk (ook wel Kasteelse Bok genaamd, met uit vermoedelijk 1521-1522 daterend rondeel [7]) nog vagelijk te herkennen. Bij de zuidelijke aansluiting op de Maasdijk ligt het restant van bolwerk Orange (met dito rondeel). Het hoogteverschil met de omgeving is

duidelijk, maar de vorm van het bolwerk is onherkenbaar gewijzigd, onder meer door ophoging van de voormalige stadsbieek in de 20ste eeuw. Het bastion Utrecht of molenbastion heeft zijn hoogte behouden en fungeert als molenbelt (oorspronkelijk een l7de-eeuwse standerdmolen, later een achtkante molen {zie minuutplan 1832] en sedert 1857 een stellingmolen). De twee andere bastions aan de landzijde, bastion Holland in het zuiden en bastion Famars in het westen, zijn nog terug te vinden doordat de Walstraat en de stadsgracht op beide punten een scherpe hoek hebben, maar hun hoogte onderscheidt zich nog maar weinig van het omgevingsniveau. In de aarden bolwerken en bastions hebben zich gemetselde, overwelfde gangen bevonden. Of het gangenstelsel zich nog verder uitstrekte en er verbindingsgangen van het ene bastion naar het andere waren is onzeker. In bolwerk Rokocx bevindt zich een overweifd vertrek, waarvan een toegang aan de buitenzijde van het bolwerk zichtbaar is. In bastion Famars bevindt zich een overwelfde gang die enige jaren geleden gedeeltelijk opgegraven is. Tegenwoordig is de gang weer toegedekt; alleen een deel van de gewelfkruin is in het zicht geiaten. Bij bastion Utrecht bevindt zich een ìngestorte overwelfde gang, waarvan een gedeelte aan het !icht is geweest bij de bouw van het museum (1995), bij de westhoek van dat gebouw.

In bastion Hol!and bevindt zich een gang waarvan restanten aan het licht kwamen bij rio!eringswerkzaamheden in de Walstraat en op de Van Kesselplaats. De kelder onder de uitbouw van 5.1.2e maakte mogelijk ooit onderdeeí uit van deze gang. Van een gang in bastion Orange ís een gedeelte bewaard onder het pand 5.1.2e De l7de-eeuwse stadsomwalling had twee poorten. Als rivierpoort is kennelijk de middeleeuwse Maaspoort in gebruik geb!even. Als landpoort werd een nieuwe stadspoort gebouwd (XVIIA), die nadien is gesloopt. De poort stond waarschijnlijk aan zuidzijde van de de huidige kruising 5.1.2e 5.1.2e / . Ter plaatse van het huidige pand 5.1.2e stond de bij de poort behorende kortegaard (hoofdwacht). Het huis 5.1.2e bevat een dik muurfragment dat mogelijk met de omwalling in verband staat. In het tracé van de Landpoortstraat is nog het beloop bewaard van de twee lange houten bruggen die van de landpoort naar de contrescarpe leidden. De twee bruggen kwamen samen op het ravelijn Halve Maan, dat tegenwoordig zijn vorm kwijt is, maar nog wel aan drie zijden door de stadsgracht wordt omgeven. Beter bewaard bleef het ravelijn Poileke, waarop in de l9de eeuw de hervormde begraafplaats is aangelegd. Dit ravelijn is nog aitijd driehoekig van vorm en wordt geheel door water omgeven. De beide ravelijnen hebben geen verdedigingswallen meer.

De stadsgracht is in hoofdzaak nog aanwezig, zij het dat deze smaller is dan voorheen door aanplemping van de oevers t.b.v. tuinen. De tuinen lopen sterk af naar de huidige oever. Een dee! van deze tuingronden is particulier eigendom en een deel, met name in het zuidoosten, is gemeentelijk bezit. Het particuliere gedeelte is meest langs de waterkant met bomen beplant. De gemeentegrond is als wandeling ¡ngericht, met gazons, geboomte, etc. Ook de tegenoverliggende oever van de gracht (de contrescarpe) is veranderd in een plantsoen met wandelpad. Een gedeelte van de oever heeft de oude

benaming Contre Escarpe als straatnaam behouden. De beveiligde ¡nlaat voor Maaswater bij de Bovenbok is verdwenen. De stadsgracht begint nu ten zuiden van de Bleek. Hij rondt het voormalig bastion Hojland, waar een houten schuur (oorspronkelijk leerlooierij, 1885) en een geheel verbouwd gemeenschapshuis (oorspronkelijk patronaatsgebouw, 1923) staan. Bij het ravelijn de Halve Maan, waar de gracht zich oorspronkelijk deelde in een ravelijn-gracht en een buitengracht, ¡s de ravelijn-gracht tegenwoordig gedempt; de buitengracht wordt 5.1.2e met een duiker onder de Landpoortstraat doorgeleid. Aan de Contre Escarpe staat hier een café (XIX) met voormalige smederij (1931). westelijk van de Landpoortstraat komen ravelijn-gracht en buitengracht weer bijeen. De gracht ligt langs de Rkbegraafplaats onderaan bastion Utrecht. Bij het ravelijn Polleke, dat deels tot hervormde begraafplaats dient, deelt de gracht zich opnieuw. Tegenwoordig is dit ravelijn door een dam met de Stationssingel en door een voetgangersbrug met de stad verbonden. Iets noordelijker rondt de stadsgracht het voormalig bastion Famars, om in oostelijke richting verder te gaan tot de Maasdijk. De beveiligde inlaat voor Maaswater bij de Benedenbok (of Kasteelse Bok) is verdwenen. Bij de stadsgracht sluiten de beide hoornwerken aan. Hun omwalling zijn zij kwijt, maar hun vorm is in het terrein nog terug te vinden.

Het noordoostelijk gelegen hoornwerk, het zgn. Bovenste hoornwerk, is aan twee van de vier zijden nog omgracht. Deze omgrachting (met een voetgangersbrug nabij de Bleek) is opgevat als een voortzetting van de stadsgracht en is op dezelfde wijze beplant. Aan de stadszijde is de hoornwerk-gracht verdwenen en aan de Maaszijde ligt nu de Maasdijk. Op het verste punt van het hoornwerk staat aan de dijk het voormalig veerhuis (1805); voor het overige is het hoornwerk vrijwel onbebouwd gebleven. Het noordwestelijk gelegen hoornwerk, het zgn. Benedenste hoornwerk dat vanouds iets minder groot was, wordt sinds 1868 doorsneden door de spoordijk van de spoorlijn Nijmegen - sHertogenbosch, waarvoor met name aan de zuidkant de stadsgracht en de hoornwerk-gracht moesten worden aangepast. Ten noorden van de spoordijk doet het deels nog omgrachte hoornwerk dienst als weiland. Aan de Maaszijde wordt het hoornwerk begrensd door de Maasdijk. Het historisch aanzicht van de stad is aan de rivierzijde nogal gewijzigd door verhoging en verbreding van de Maasdijk, die langs de beide hoornwerken, langs het kasteelterrein en langs de Maaspoort ligt. De Strang of Binnenmaas, die onderlangs de dijk stroomde, is nog slechts vagelijk herkenbaar als een glooiing in de uiterwaarden, vanaf de huidige jachthaven tot de spoorwegbrug.

Het bolwerk op de Middelweerd, aan de overzijde van de Strang, heeft plaats gemaakt voor een massief 20steeeuws fabriekscomplex. Met dit fabriekscomplex in het oosten, de nieuwe stadswijken in het zuiden en westen, en de spoordijk in het noorden, is een vrij uitzicht op de historische stad en de vestingwerken tegenwoordig niet meer mogelijk. Alleen bij het noordwestelijk hoornwerk en bij bastion Rokocx sluit 5.1.2e nog bij open buitengebied aan. Motivering: Overblijfselen van middeleeuwse verdedigingswerken en van l7de-eeuwse vestingwerken. Van grote cultuurhistorische waarde zijn een gedeeltelijk

bewaarde kasteeigracht met aanliggend terrein, een voorpoort met bijbehorende bebouwingsresten, een rivierpoort, (ondergrondse) resten van een middeleeuwse stadsmuur en -gracht, overblijfselen van een wal met vijf boiwerken (bastions) en twee ravelijnen, en een stadsgracht met restanten van twee hoornwerkgrachten. De overblijfselen van de l7deeeuwse vestingwerken zijn van waarde als nog herkenbaar voorbeeld van het Hollandse vestingstelsel. De overblijfselen van de middeleeuwse verdedigingswerken en de 17de-eeuwse vestingwerken zijn van stedebouwkundige waarde voor de ontwikkelingsgeschiedenis van het stadje en als herkenbare elementen in de historische structuur en het 5.1.2e

5.1.2e

5.1.2e

Prentenkabinet Universiteit Leiden. (2] Sepia-tekening van 5.1.2e 5.1.2e , getiteld De Stadt Ravesteijn, 16511r. Rijksprentenkabinet, Amsterdam. De volgende prenten ([3] t/m [7j1) zijn te vinden in: Brabantfa 5.1.2e

5.1.2e

5.1.2e

sterckten van t vereenight Nederlandt, 5.1.2e , / 5.1.2e 1674). Collectie Brabant, Universiteit Tilburg. [4] Tekening 5.1.2e of 5.1.2e (gedateerd 15 november 1674). Collectie Brabant, Universiteît Tilburg. [5] Gravure 5.1.2e naar 5.1.2e (in: Adelyke lusthoven, 1706; ook in: De Cantillon, Vermakelijkheden van Brabant, 1730). Collectie Brabant, Universiteit Tilburg. [6] Twee gravures van 5.1.2e naar 5.1.2e (in: Nederlandsche tafereelen, 1741). Collectie Brabant, Universiteit Tilburg. [7] Gravure 5.1.2e (in: Tooneel der steden van de Vereenigde Nederlanden, 1648). Coliectie Brabant, Universiteit Tilburg. [8] Kadastraal minuutplan 1832; Schattingskaart 1886. Rijksarchief in s-Hertogenbosch. 5.1.2e

(9] Diverse vestingplattegronden. Prentenkabinet Universiteit Leiden en Collectie Brabant, Universiteit Tilburg (zie: Brabantia illustrata I, inventaris 5.1.2e 1992]): 1. Plattegrond met eerste en tweede van kaarten enz. [ed. 5.1.2e omwalling . Opschrift lrscala 25 Ruhten. Uit: 5.1.2e , Topographia Germ. inf., 1659. 2. Idem als 1 + profiel tweede omwalling. Gekleurde potioodtekening. Opschriften: Ravestin / Meuse Flus / 50 verges. Zonder herkomst en ongedateerd, xVII. 3. Idem als 1 + aanduiding sluizen in wal aan rivierzijde. Gekleurde pentekening. Opschriften: Ravestin / la riviere de Meuse / 50 verges. Zonder herkomst en ongedateerd, xVII. 4. Idem als 1 + hoornwerk aan de zuidzijde. Gekleurde pentekening. Opschriften: 1Ravesteijn 1628 / Kasteel Rokocx / Famars / Utrechts / Landpoorte / Holtants / Orange / Binnen Maese / De Maese / Middelweert / schale van hondert roeden. Zonder herkomst en ongedateerd, xvII. 5. Pentekening met 5.1.2e en omgeving in vogelvlucht. Zonder herkomst en datering (10] Rijksdienst Oudheidkundig bodemonderzoek. Tekening: 11 Ravestein Kasteel. Reconstructie kasteel (d.m.v. oude afbeeldingen) t.o.v. voorburcht inclusiefbrug en gracht. Schaal 1:500. Tek. 5.1.2e . Okt. 1992. Copyright R.O.B.11. 5.1.2e

5.1.2e

Literatuur, bronnen: [1] 5.1.2e 5.1.2e

,

5.1.2e

5.1.2e

, 5.1.2e

a a rd, Verzameling van charters en geschiedkundige bescheiden betrekkelifk het Land van Ravestein, 2 delen, 1850. {ZIE BIJLAGE 1}. [2] Rijksarchief in s-Hertogenbosch, (129.01) Archief van de Drost van het Land van 5.1.2e , 1533-1795. {ZIE BIJLAGE 2}. [3] Toelichting bij de

beschikking van de Minister van Cultuur, Recreatie en Maatschappelijk werk en de Staatssecretaris van Volkshuisvesting en Ruimtelijke Ordening van 21 januari 1977 nr. MMA/MO 189.558 waarbij de stadskern 5.1.2e is aangewezen als beschermd stadsgezicht. {ZIE BIJLAGE 3}. (4] 3. 5.1.2e Ra v 5.1.2e in 1360 gesticht kreeg in 1380 stadsrechten, ¡n: Bra ba nts

Dagblad 4 december 1959. [5] De vestingmuren te 5.1.2e blootgelegd, in: Brabants Dagblad, De Sirene, 27 maart 1962. Idem, 5 juli 1962. (6] Stadspoorten fn Nederland, in: Cobouw, 24 maart 1961 en 23 maart 1961 (resp. de Maaspoort en de Kasteelsepoort). [7] 5.1.2e

Archeologisch onderzoek naar de vestingwerken van 5.1.2e sHertogenbosch 1997. Idem, tweede campagne juli 1997.

,

, 1997.

BIJLAGE 1 Bronnen met betrekking tot de Ravensteinse vestingwerken zoals vermefd in: 5.1.2e , 5.1.2e , 5.1.2e , 5.1.2e

Verzameling van charters en geschiedkundige bescheiden betrekkelifk het Land van Ravestein, 2 defen, 1850. Deel 1, p. 135: 1365: 5.1.2e bouwt op de Weert in de Maas [copie in privilegeboek sHertogenbosch]; p. 98:

1365: dat huis Ravesteyn, de bouw ¡s al ver gevorderd [vidimus anno 1365 in het Stadsarchief van s-Hertogenbosch]; p. 147: 1371: den tolle tot Ravensteyne [akte anno 1371]; p. 162: 1380: stadsrechten verleend door 5.1.2e , er schijn dan al een muur te zijn, want: voorts soo hebben wii onser stadt van Ravensteyn gegeven end onse luyden ende poirtieren daer binnen geseten, wert saecke dat onse poirten offte mueren van onser stadt van Ravensteyn nederviefen mit winde offte mit anders ongevalfe, alsoo veele steens als daer sij die poirten en mueren mede maecken mochten [Landchaerte van Ravesteyn, pp. 151-154 / afschrift XIX?]; p. 194: 1446: het stadsrechtprivilege van 5.1.2e , bij stadsbrand verioren gegaan, wordt vernieuwd door 5.1.2e (zelfde tekst als voormeld), soo wij gern saghen, dat sich die stadt beterden ende wederom bewoont ende betimmert worde; p. 702: 1487: de muren en poorten van de stad zijn met 3600 bakstenen (gebakken in 1482) hersteld, zij kostten stuiver de duizend, te betalen door de rentmeester [rentmeesterskasboek 1487, Archief Düsseldorf]; p. 708: 1487: 5.1.2e 5.1.2e , van dat hij aan mijns voers. heren bolwerck een groet lanck eynde ny ghetuynt heeft, en die rijs op mijns voers.

heren willighen ghehouwen heeft, en beneden aen den bolwerck diep in der Masen drie stercke hoefden ghemaeckt en die met stercken palen inghepaelt en gheslaghen heeft die daer van groten node waren; want die Mase dat bolwerck van onder begoste uut te halen en af te lopen, en oec sommyghe krybben daer voer ghetuynt heeft, en daer den weert uutghelopen was weder ander weertrijs inghepoet en ghesteken heeft, en ... enz. [rentmeesterskasboek 1487, Archief 5.1.2f

Düsseldorf]; p. 709: 1487: Item noch ghekocht van 5.1.2e voers. een half hondert weertrijs, daermen dat grote hoeft staende boven der borch en der stat van Ravesteyn mede opghehoecht en ghemaeckt heeft [rentmeesters-kasboek 1487, Archief Düsseidorf]; p. 721: 1488: omme die stat van Ravensteyn en om die bolwercken ¡n alle den eynden vanden graften, daer van node was, al nye stacket houteren in ghepaelt en ghemaect hebben, te weten: voer der stat porte, vanden bolwerck aen tot 5.1.2e hofstat toe, langs benevens die straet al toe ghestacket hebben en ... achter den royen toren ... inden molengraef ... boven aens mijn heren bolwerck achter die Maesporte ... biden steenoven ... in die buytenste graft ... [rentmeesterskasboek 1488, Archief Düsseldorf]; p. 723: 1488: Item ... die drie hoefden voer mijns heren bolwerck, die metter Masen en metten ijsganck seer afghelopen en ghebroken waren, weder ghepaelt, ghetuynt en met eerden ghehoecht en opghemackt 1 {rentmeesters-kasboek 1488, Archief Düsseldorf]; p. 724: 1488: dezelfde rekening vermeldt nog dat in een veldoven (clamp?) 166.000 bakstenen gebakken werden voor rekening van de rentmeester {rentmeesterskasboek 1488, Archief Düsseldorf]; p. 378: 1526: 1dat wij hebben doen verstercken onse stadt en casteel van Ravesteyn, frontier van Brabandt, in sulcker voughen, dat ... enz. [testament van 5.1.2e anno 1526] (zie p. 755 voor kopie); p.

15: 1544: Anno 1544 wordt die sterckte van Ravesteyn 5.1.2e aff gebroken bij die vande meijerie vanden Boss {Leenboecke van brabant / XVI?]; p. 417: 1544: 5.1.2e verkrïjgt van 5.1.2e dat de vestingwerken gesloopt worden: dat hij soude toelaten ende gedoogen aff te breecken ende daer neder te worpene alle de bolwercken, wallen, sterckten ende vestenisse vander stadt ende slote van Ravesteyn, ende die grechten te laeten vullen, sulcx dat deselve stadt en slot sall blijven sonder eenige wallen, sterckte of vestenisse, ende daertoe beloven voer hem, zijnen erven ende nacomelingen, tot egeenen daegen te maeckene oft doen maecken eenige sterckte oft vestenisse inden lande ende heerlicheyden van Ravesteyn, Herpen en Uden, (in ruil krijgt 5.1.2e het bezit van Wassenberg), de Staten van Brabant gaan accoord 1 aensiende ende aenmerckende de groote welvaert ende versekertheyt, die dlant van Brabant hebben sal doere dafbreecken ende nederworpen vander sterckte ende vestenìsse van Ravesteyn [akte anno 1544]; p. 418: 1544: Regentes 5.1.2e verzoekt de Bosschenaren het werk op zich te nemen, 5.1.2e ceulx de la may de Boisleducq nous ont consenty et accordé faire ladicte desmolition, moyennant assitance de gens expers, zij verzoekt haast te maken en eventuele tegenstand door overmacht te overwinnen [Memorieboek der Fortificatie, s-Hertogenbosch]; p.

457: 1605: verbond waarbij de Staten Generaal van de Republiek beloven bij overlijden van 5.1.2e huis Brandenburg te steunen in hun aanspraken ; p. 510: 1621: In anno 16 en 21, den 25 Mert, so hebbe op 5.1.2e die Staten van Hollant Ravensteyn begonst te sterken en hebben daer 9 comppenien folckx in geleet, waer van den heer van S 5.1.2e daer oversten korronel van was; en den korenel liet terstont af breken die voerstat 25 huys en 4 huys tot Huysselinc aen den Schafdries, met groet misbaer van krijten en van kermen; de kroniek verhaalt het afbreken van de Huísselingse kerk 5.1.2e

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Oss&id=582226ed-3d47-4946-9998-e3352a7328db