Bijlage 2 - Teksten van de begroting 2023 met vervallen doelstellingen en maatregelen
Tekst van het document
We stimuleren initiatieven van gezondheidsprojecten Wat gaan we er voor doen We stimuleren inwoners en verenigingen om initiatieven van gezondheidsprojecten op te starten en waar nodig ondersteunen en begeleiden de buurtsportcoaches in de opstartfase. We hebben alle bestaande wandel- en beweeggroepen voor senioren in beeld. Deze gaan we promoten via de buurtsportcoaches, Code Hans en het gebiedsteam. Waar nodig zetten we met ondersteuning van genoemde partijen nieuwe wandel- en beweeggroepen op. 55
In samenwerking met jongeren, verenigingen, buurtsportcoaches en Code Hans organiseren we activiteiten en toernooien in combinaties van e-sport én bewegen voor jongeren.
Wij stimuleren de gezonde leefstijl van inwoners Wat gaan we er voor doen We stimuleren inwoners om gezond te leven door hierin ondersteuning te bieden in de opvoeding, op school, op het kinderdagverblijf en bij de sportvereniging. Hierbij wordt het programma Sûn Opsterlân in 2023 als aanjager gebruikt om de gezonde leefwijze nadrukkelijk onder de aandacht te brengen bij kinderen en hun ouders. In 2023 zijn de accommodaties van alle buitensportverenigingen rookvrij tijdens jeugdactiviteiten en gaan alle basisscholen actief aan de slag om het Gezonde School-vignet te behalen. We stimuleren inwoners met een beperking om te gaan bewegen of te sporten door hen te wijzen op én waar nodig te begeleiden naar de diverse mogelijkheden in Opsterland. In 2023 gaan we programma’s voorbereiden voor andere doelgroepen.
We voeren het actieplan Sport en Gezondheid 2023 uit Wat gaan we er voor doen In het actieplan Sport en Gezondheid 2023 integreren we de volgende onderdelen:
Activiteitenplan van de buurtsportcoaches.
Plan van aanpak van Sûn Opsterlân.
Afsprakenkader Sport.
Preventieagenda Opsterland.
Lokaal sport- en beweegakkoord Opsterland.
Dit actieplan vormt het uitgangspunt voor de activiteiten met betrekking tot sport en gezondheid.
Thema Duurzaamheid Doelstellingen De gemeente geeft het goede voorbeeld op het gebied van duurzaamheid Wij willen als gemeente het goede voorbeeld geven en daarmee anderen inspireren. Daartoe benutten we kansen om onze gebouwen, wagenpark en gereedschap te verduurzamen en duurzaam in te kopen. Goede voorbeelden maken wij zichtbaar.
Maatregelen We vergroenen ons gemeentelijk wagenpark en gereedschap Wat gaan we er voor doen We vergroenen ons gemeentelijk wagenpark en gereedschap. Bij vervanging van voertuigen en gereedschap wordt gekozen voor de meest duurzame keuze. 50% van het gemotoriseerde gereedschap is “groen". Een aantal wagens in ons wagenpark en een deel van ons gereedschap is aan vervanging toe. Hierbij kijken we welke duurzame alternatieven beschikbaar zijn en kiezen hiervoor als dit financieel inpasbaar is. We streven ernaar om in 2026 de helft van ons gemotoriseerde gereedschap elektrisch te hebben (ten opzichte van 10% nu in 2022).
56
Wij streven naar 100% duurzame inkoop Wat gaan we er voor doen De samenwerkingsagenda ‘Fryslân koopt circulair’ is ondertekend. Dit is gedaan in samenwerking met Ooststellingwerf en Weststellingwerf. De ambities op het gebied van circulair inkopen zijn daarmee vastgesteld op 25% in 2025, 75% in 2030 en 100% in 2035. In het inkoopstartformulier is een duurzaamheidsparagraaf opgenomen. Deze paragraaf wordt verder ontwikkeld, zodat bij nieuwe inkooptrajecten duurzaamheid beter geborgd is. Daarnaast onderzoeken de OWO-gemeenten hoe zij invulling gaan geven aan het nieuwe Manifest Maatschappelijk Verantwoord Opdrachtgeven en Inkopen (MVOI) door het verder uitwerken van het actieplan MVOI en hieraan uitvoering te geven.
Wij verduurzamen onze gemeentelijke gebouwen Wat gaan we er voor doen Onze bedrijfsgebouwen voldoen met de aanpassingen van de laatste jaren aan de wettelijke duurzaamheidseisen. We verduurzamen het vastgoed ten behoeve van klimaatdoelstellingen conform de in 2022 vastgestelde kadernota Vastgoedbeleid. Duurzame instandhouding is uitgangspunt, vernieuwing en renovatie waar nodig en betaalbaar. Bij het (groot) onderhoud benutten wij daarom kansen om verder te verduurzamen. We onderzoeken de haalbaarheid van het plaatsen van zonnepanelen eventueel in combinatie met opslag op en bij enkele van onze gebouwen.
Doelstellingen Wij zetten in op een energiebesparing van een equivalent van 150.000 MWh in 2035 Om in 2035 energieneutraal te zijn wordt ingezet op een energiebesparing van 150.000 MWh ten opzichte van het jaar 2018. Eind 2026 moet daarvan 100.000 MWh zijn gerealiseerd.
Maatregelen We faciliteren eigenaren van mienskip-gebouwen bij energiebesparing/verduurzaming Wat gaan we er voor doen Wij bieden alle besturen van dorpshuizen, MFA’s, sportverenigingen, etc. de mogelijkheid om op onze kosten een energiescan uit te laten voeren. Daarbij wordt ook geadviseerd over de meest renderende duurzaamheidsmaatregelen en over subsidiemogelijkheden. Besturen van dorpshuizen, MFA's en sportverenigingen worden gewezen op de mogelijkheden voor een energiescan en de landelijke en gemeentelijke subsidiemogelijkheden voor verduurzaming van maatschappelijk vastgoed. Waar nodig faciliteren wij hen.
We geven uitvoering aan de specifieke uitkering middelen aanpak energiearmoede Wat gaan we er voor doen Het plan van aanpak energiearmoede wordt uitgevoerd. We bieden verschillende energiebesparende maatregelen aan de doelgroep aan. Deze dragen bij aan het verlagen van de energierekening. Hierbij worden onder andere energiecoaches, energiecoöperaties en de woningcorporaties betrokken.
We maken (prestatie)afspraken met woningcorporaties over de verduurzaming van woningen Wat gaan we er voor doen
57
Met de woningbouwcorporaties wil de gemeente afspreken dat zij geen woningen verkopen met een energielabel dat lager is dan C. Ook wil de gemeente met hen afspreken dat particuliere eigenaren van voormalige sociale huurwoningen de kans krijgen om mee te doen met verduurzamingsprojecten van woningbouwcorporaties. (zie ook Programma 8 – Thema Wonen.) In de prestatieafspraken met de woningcorporaties worden hierover afspraken vastgelegd.
We voeren een (communicatie)campagne uit gericht op de energietransitie Wat gaan we er voor doen De energietransitie vraagt (maximale) betrokkenheid van inwoners, ondernemers, bedrijven, maatschappelijke organisaties, de raad en de collega's in onze gemeente. We gaan daarom via verschillende communicatie-uitingen zoveel mogelijk mensen inspireren en enthousiasmeren. Met gesprekken en netwerkbijeenkomsten in de dorpen houden wij de vinger aan de pols, halen we op wat er leeft en stemmen daar onze communicatie en acties op af. Er is een webpagina ingericht. Daarnaast publiceren we regelmatig in de Sa! en op social media over de energietransitie. We houden in ieder geval één netwerkbijeenkomst. We organiseren in OWO- en regionaal verband campagnes gericht op de energietransitie. We informeren onze inwoners actief over (landelijke) subsidiemogelijkheden en faciliteren hen om daarvan gebruik te maken.
Wij bouwen het energieloket verder uit Wat gaan we er voor doen Het is belangrijk dat informatie en advies over energiebesparing laagdrempelig toegankelijk is. Daarvoor is er het energieloket. Dit bestaat uit een netwerk van lokale energiecoaches, energieadviseurs, het digitale (telefonische) duurzaamheidsloket en ondersteunende professionals. We gaan dit verder uitbouwen, door nieuwe energiecoaches op te leiden, de huidige bij te scholen en door energieadviseurs (met woningverbeterplannen) nadrukkelijker bij onze campagnes te betrekken. In 2023 zijn er minimaal 25 energiecoaches in minimaal 6 verschillende dorpen. Wij organiseren daarvoor trainingen en netwerkbijeenkomsten. Daarnaast updaten we de lijst van beschikbare energieadviseurs in de regio, maken deze bekend bij de energiecoaches en –coöperaties en subsidiëren we het opstellen van woningverbeterplannen door energieadviseurs. In OWO-verband onderzoeken we de haalbaarheid van een fysiek/mobiel loket.
Samen met een aantal dorpen/energiecoöperaties voeren wij plannen uit om aardgas te besparen Wat gaan we er voor doen Op basis van de transitievisie warmte gaan we met deze dorpen in overleg over de uitvoering van een campagne om energie te besparen. We gaan verder met de campagne in Nij Beets en met minimaal twee andere dorpen werken we plannen uit en starten met de uitvoering daarvan.
Doelstellingen Wij zetten in op een equivalent van 450.000 MWh duurzaam opgewekte energie in 2035 Opsterland wil in 2035 energieneutraal zijn. Daarvoor is naast energiebesparing een duurzame opwek van 450.000 MWh energie nodig. Dit willen we bereiken met energie uit zon, wind en groen gas uit mono-mestvergisting en energieopslag.
Maatregelen We brengen de meest geschikte locaties voor de opwek van duurzame energie in kaart Wat gaan we er voor doen
58
Wij hebben een grote ambitie voor de opwek van duurzame energie met zon/wind en groengas. Belangrijke toetsingskaders, zoals landschappelijke inpassing, zijn vastgelegd in provinciaal beleid, zoals de Sinneladder. Ook zijn de aansluitmogelijkheden op het elektriciteitsnetwerk beperkt. Met deze studie willen wij, conform de Sinneladder onderzoeken welke locaties in onze gemeente zich lenen voor de (gecombineerde) opwek van duurzame energie. Onze inwoners worden daarbij actief betrokken. Voordelen zijn dat dit het draagvlak versterkt, wij hebben zelf regie over locatiekeuze, het geeft onderbouwing voor het provinciale beleid waardoor toekomstige procedures kunnen worden verkort of vermeden. Net als bij de systeemstudie voeren wij dit onderzoek uit in samenwerking met de gemeente Smallingerland. Wij ronden deze studie af in 2023. De resultaten verwerken wij in het Zonneplan en het Omgevingsplan.
We faciliteren Wijnjewoude bij de uitvoering van het project aardgasvrije wijken. Wat gaan we er voor doen De gemeente heeft voor Wijnjewoude voor de periode 2021 tot en met 2028 een financiële bijdrage vanuit het Programma Aardgasvrije Wijken (PAW) gekregen. WEN is verantwoordelijk voor de uitvoering. De gemeente faciliteert WEN daarbij. Wij adviseren WEN bij het opstellen van de uitvoeringsplannen en toetsen deze aan de PAW-regeling. We ondersteunen WEN bij de uitvoering. We monitoren de voortgang.
We ronden het onderzoek naar het energiebedrijf af Wat gaan we er voor doen Het voorstel voor een energiebedrijf is verder uitgewerkt. Op basis daarvan (en de mogelijkheden binnen het elektriciteitsnetwerk) gaan wij het energiebedrijf uitbouwen. Inzet is opwekking en opslag van energie, waarbij wij het elektriciteitsnetwerk zo goed mogelijk willen benutten en het ondersteunen van lokale energiecoöperaties. Het in 2022 uitgewerkte voorstel krijgt in 2023 een vervolg.
Wij geven invulling aan de transitievisie warmte voor onze gemeente Wat gaan we er voor doen Eind 2021 is – in OWO-samenwerking - voor de gehele gemeente een transitievisie warmte opgesteld. In 2023 wordt invulling aan deze visie gegeven met de hieronder taken en activiteiten. De Visie biedt het kader om initiatieven van onderaf te stimuleren en te faciliteren. We starten met het opstellen van de eerste dorp-/wijkuitvoeringsplannen en hiervoor worden minimaal 2 dorpen/wijken per gemeente geworven (vooral het opdoen van ervaring staat centraal); We stimuleren de “altijd doen-maatregelen” waarmee het aardgasverbruik al met maximaal 70% kan worden teruggebracht. We doen een haalbaarheidsonderzoek naar (semi-)collectieve warmte-alternatieven. We zetten in op structurele communicatie, gericht op bewustwording en het belang van aardgasvrijready maken. De visie geeft op dorps-/wijkniveau een eerste richting aan het alternatief voor het verwarmen met aardgas (met ruimte voor individuele initiatieven). We houden rekening met zo laag mogelijke maatschappelijke kosten en de technische mogelijkheden.
Wij voeren een systeemstudie uit die ontwikkelingen in vraag en aanbod naar elektriciteit en problemen op het netwerk in beeld brengt Wat gaan we er voor doen
59
De problemen met het elektriciteitsnetwerk van Liander geeft belemmeringen voor de duurzame opwek van energie, de uitbreidingsmogelijkheden van bedrijfsterreinen, woningbouwbouwprojecten en duurzame mobiliteit. Met deze studie maken wij de problemen inzichtelijk. Voor Liander zijn de resultaten belangrijk om hun investeringsprogramma te optimaliseren en te onderbouwen. Omdat de gemeente Smallingerland vergelijkbare problemen heeft trekken wij samen op. Op basis van de uitkomsten van de studie gaan we in overleg met de netwerkbeheerders (Liander, TenneT) om de aanpassingen aan het netwerk te bespreken. We faciliteren de netwerkbeheerders bij de ruimtelijke procedures die nog zijn om het netwerk aan te passen.
We hebben een actieve inbreng in de regionale energiestrategie Wat gaan we er voor doen Om ervoor te zorgen dat de Regionale Energiestrategie (RES) zoveel mogelijk aansluit bij onze ambities, hebben wij een actieve inbreng in de provinciale werkgroep. Wij stemmen af in OWO- en regionaal verband. Opsterland neemt deel aan het provinciale overleg, waarbij we onze inbreng afstemmen met de buurgemeenten. Wij dragen bij aan het uitvoeringsprogramma RES.
We doen onderzoek naar (kleinschalige) collectieve warmte-oplossingen Wat gaan we er voor doen Voor het overgrote deel van onze gemeente zijn (individuele) all-electric of hybride warmteoplossingen het enige warmte-alternatief voor aardgas. Op een aantal locaties zijn mogelijk kleinschalige collectieve warmte-oplossingen (in combinatie met aquathermie, warmteopslag) mogelijk. De haalbaarheid daarvan willen we onderzoeken. Omdat de problematiek in de rest van Fryslân vergelijkbaar is, willen we dit doen in provinciaal verband in aansluiting op de RES en participeren we in een provinciaal onderzoek.
Wij faciliteren initiatieven die bijdragen aan de doelstellingen Wat gaan we er voor doen We gaan actief met initiatiefnemers (ondernemers, energiecoöperaties en/of groepen van inwoners) in gesprek over kansen en belemmeringen (met name ook de aansluitmogelijkheden van de netwerken van Liander en TenneT). Waar nodig faciliteren wij initiatieven, bijvoorbeeld door informatie, advies, bemiddeling, het doorverwijzen naar netwerkpartijen en/of het bijdragen in kosten voor onderzoeken. We zorgen voor heldere kaders en nemen waar mogelijk belemmeringen weg. We faciliteren de initiatieven voor de opwek van duurzame elektriciteit, de opslag daarvan en de productie van groen gas geproduceerd via monomestvergisting. Wij onderzoeken of deelname aan projecten voor energieopwekking en opslag buiten de gemeentegrenzen aantrekkelijk is. We hebben minimaal twee keer per jaar overleg met Liander over de aansluitmogelijkheden van initiatieven op hun netwerk.
60
Beleidsindicatoren Opsterland
Nederland
Beleidsindicatoren
Eenheid
2018
2019
2020
2021
2018
2019
2020
2021
Fijn huishoudelijk restafval
Aantal kg per inwoner
152
148
158
*
171
161
170
*
Hernieuwbare elektriciteit (1)
%
8,5%
11,6%
18,1%
*
17,5%
20,0%
26,9%
*
Bij een verdieping van de cijfers blijkt dat met name gemeenten met veel windmolens en / of biomassacentrales hoog scoren. Dit verklaart de relatief lage realisatie van Opsterland * voor deze periode zijn (nog) geen cijfers bekend (gemaakt). Bron: www.waarstaatjegemeente.nl - Bron geraadpleegd op 5 september 2022
61
Wat mag het kosten Mutaties in de reserves worden verwerkt in programma 0 maar niet alle reserves hebben betrekking op programma 0. Om een juiste financiële analyse per programma te kunnen maken zijn in onderstaande tabel de mutaties van programma 7 reserves meegenomen. x € 1.000 Exploitatie
Realisatie
Begroting 2022
Begroting
2021
(incl
2023
MJB 2024
MJB 2025
MJB 2026
wijzigingen) Lasten
10.471
11.405
7.714
7.837
7.840
7.867
Baten
9.865
9.334
6.859
6.919
6.919
6.919
Saldo voor bestemming
-606
-2.071
-856
-919
-921
-949
Mutaties reserves Lasten
-
-
-
-
-
-
Baten
262
120
-
-
-
-
Saldo na bestemming
-344
-1.951
-856
-919
-921
-949
Specificatie per taakveld x € 1.000 Specificatie
Begroting
Begroting
Mutatie
2022
2023
begroting 2022/2023
Saldo per taakveld 7.1 Volksgezondheid
-1.506
-1.473
33
7.2 Riolering
813
889
76
7.3 Afval
743
728
-15
-1.978
-860
1.118
-142
-138
4
-2.071
-856
1.215
7.4 Milieubeheer 7.5 Begraafplaatsen en crematoria Saldo voor bestemming Stortingen reserves Totaal stortingen reserves
-
-
-
Onttrekking AR vrije deel tbv Lokale duurzaamheidsagenda
75
-
-75
Onttrekking AR vrije deel tbv Lokale
25
-
-25
Onttrekking AR vrije deel tbv Natuurbescherming
20
-
-20
Totaal onttrekkingen reserves
120
-
-120
-1.951
-856
1.095
Onttrekkingen reserves
milieuagenda
Saldo na bestemming
Toelichting op de financiën Het saldo op dit programma is in 2023 €1.095.000 voordeliger dan in 2022. Taakveld 7.1 Volksgezondheid geeft in 2023 een voordeel van €33.000 ten opzichte van 2022. In 2022 is €81.000 opgenomen voor GIDS-gelden. De GIDS-gelden bedragen €43.000 (meicirculaire) en €38.000 (resultaatbestemming jaarrekening 2021). Vanaf 2023 zijn geen deze gelden niet opgenomen. Dit geeft een voordeel €81.000. De resultaatsbestemming is opgenomen in de reservemutatie van programma 6. De verhoogde bijdrage aan de Veiligheidsregio Fryslân (VRF), onderdeel gezondheid, €37.000 was noodzakelijk om aan te sluiten op de begroting van de VRF 2023. Dit geeft een nadeel. De doorberekening van de personeelslasten geeft een nadeel van €12.000. De overige posten zijn €1.000 voordelig. 62
Taakveld 7.2 Riolering geeft in 2023 een voordeel van €76.000 ten opzichte van 2022. In de paragraaf Lokale heffingen wordt dit taakveld toegelicht. Taakveld 7.3 Afval geeft in 2023 een nadeel van €15.000 ten opzichte van 2022. In de paragraaf Lokale heffingen wordt dit taakveld toegelicht. Taakveld 7.4 Milieubeheer geeft in 2023 een voordeel van €1.118.000 ten opzichte van 2022. In 2022 is €784.000 in de begroting opgenomen voor de Energietoeslag. In 2023 is dit bedrag vooralsnog niet beschikbaar. Dit geeft dus in 2023 een voordeel van €784.000 ten opzichte van 2022. Ook is er in 2022 eenmalig een budget beschikbaar van €224.000 voor de uitvoeringskosten van het klimaatakkoord. Dit geeft ook een voordeel in 2023 ten opzichte van 2022. Het budget voor de Ontwikkelagenda duurzaamheid - uitvoeringsprogramma energietransitie is in 2023 €106.000 lager dan in 2022. Dit is conform het meerjarenperspectief. Dit geeft in 2023 een voordeel. Vanuit de resultaatsbestemming 2021 is in 2022 €75.000 beschikbaar gesteld voor de lokale duurzaamheidsagenda, €25.000 voor milieu lokale agenda en €20.000 voor natuurbescherming. In 2023 is hiervoor geen budget beschikbaar. Dit geeft in 2023 een voordeel van €120.000 ten opzichte van 2022. Voor het veenweidengebied is bij de perspectiefbrief 2022 vanaf 2023 €15.000 voor een adviseur beschikbaar gesteld.
Bij de begroting 2023 is €30.000 voor de funderingsaanpak meegenomen. Dit geeft een nadeel van €45.000. De doorberekening van de personeelslasten geeft een nadeel van €77.000. De bijdrage aan de FUMO is in 2023 door de gewijzigde berekeningssystematiek €6.000 lager dan in 2022. Taakveld 7.5 Begraafplaatsen en crematoria geeft in 2023 een voordeel van €4.000 ten opzichte van 2022. De lagere storting in de voorziening Begraafrechten geeft een voordeel van €10.000. De doorberekening van de personeelslasten geeft een nadeel van €6.000. De mutatie in de reserves wordt toegelicht in taakveld 7.4. De mutaties betreffen resultaatsbestemmingen.
63
Programma 8 | Bouwen, wonen en gronden Programma 8 | Bouwen, wonen en gronden Programma doelstelling Opsterland is een aantrekkelijke en vitale leefomgeving. Introductie op het programma en relevante trends en ontwikkelingen Opsterland is een plattelandsgemeente met 16 vitale dorpen en een uniek en gevarieerd landschap. Wij hebben een toekomstgericht woonklimaat dat aansluit op demografische ontwikkelingen en dat bijdraagt aan de leefbaarheid en vitaliteit van de woonomgeving. De nieuwe Omgevingswet, die vanaf 2023 fasegewijs zal worden ingevoerd, vraagt anders denken en handelen. Wij zien hierbij goede mogelijkheden in het vraaggericht werken; waarbij we streven naar een goed samenspel tussen gemeente en diverse betrokken partijen. In de Omgevingsvisie 2015 2030 zijn daartoe al belangrijke beleidsaanzetten gegeven. In het kader van de Omgevingswet actualiseren we de Omgevingsvisie. In de huidige versie is al beschreven op welke wijze de inbreng van inwoners, maatschappelijke organisaties, ontwikkelaars en ondernemers kan worden benut bij ruimtelijke ontwikkelingen; dit zetten we voort. Het onderdeel "wonen" is nader uitgewerkt in de Woonvisie Opsterland, ook deze actualiseren we. De Woonvisie dient onder meer voor het maken van prestatieafspraken met woningcorporaties, voor afspraken met andere maatschappelijke partners en afspraken met de dorpen.
Het biedt het kader voor dorpsvisies, voor het gemeentelijk grondbeleid en voor de keuze voor locaties voor woningbouw. Onze planologische producten (bestemmingsplannen) zijn actueel. Waar nodig is achterstallig onderhoud uitgevoerd bij ons ruimtelijk instrumentarium. Daardoor kan de overgang naar de Omgevingswet, naar verwachting, goed worden gerealiseerd. De bestemmingsplannen voor het buitengebied, de kommen en de bedrijventerreinen en de nog van kracht zijnde beheerverordeningen zijn (afzonderlijk) te raadplegen op www.ruimtelijkeplannen.nl (landelijke website). We ondersteunen waar mogelijk en passend ideeën en/of initiatieven voor ruimtelijke ontwikkeling. Om gewenste ruimtelijke ontwikkelingen te realiseren moet ruimte aan marktpartijen worden geboden. Het wettelijk instrumentarium biedt daarvoor voldoende mogelijkheden. Daarbij beperken we ons steeds meer tot de gemeentelijke kerntaken. Wij streven naar een toekomstbestendig Fryslân en het consolideren en verbeteren van de bereikbaarheid van onze provincie. Met het Deltaplan voor het Noorden (en de Lelylijn) willen het Rijk, de vier noordelijke provincies en enkele grote gemeenten de bereikbaarheid en het wonen en werken in Noord-Nederland verbeteren. Grootschalige verstedelijking van onze gemeente is bij het verbeteren van bereikbaarheid echter niet het doel.
Kaderstellende documenten Omgevingsvisie 2015-2030 Woonvisie 2017-2021 Welstandsnota Opsterland (laatste wijziging 2009) Digitale agenda Opsterland (2015) Vitaal Opsterland, visie op basisvoorzieningen en accommodaties (2010) Criteria- en Uitgangspuntennotitie Vitaal Opsterland 2 (2012) Scenario-notitie Vitaal Opsterland 2 (2012) Einddocument Vitaal Opsterland 2 (2013) Jaarverslag 2020 & Programma ruimtelijke plannen 2021 Herwaardering nog niet in exploitatie genomen grond (2012) Regionale woningbouwafspraken Zuidoost Fryslân 2016-2026 Nota grondbeleid (2018-2021) Beleidsplan Vergunningverlening, Toezicht en Handhaving Fysieke Ruimtelijke Leefomgeving 20202024 OWO-gemeenten
64
Thema Ruimtelijke ordening Doelstellingen Wij kennen functies toe aan de gronden in Opsterland op zodanige wijze dat ze het meest ten opzichte van elkaar tot hun recht kunnen komen
Maatregelen Invoering omgevingswet Wat gaan we er voor doen Naar verwachting treedt de Omgevingswet op 1 januari 2023 in werking. Met deze wet wil de overheid de regels voor ruimtelijke ontwikkeling vereenvoudigen en samenvoegen. Het uitgangspunt bij de Omgevingswet is ‘decentraal wat kan, centraal wat moet’. Bij onze planologische producten, zoals Omgevingsvisie en Omgevingsplan, krijgen we meer ruimte voor eigen afwegingen en maatwerk. De voorbereiding op de nieuwe wetgeving betekent een bijzondere veranderopgave. Niet alleen op inhoud maar ook voor werkwijzen van personeel en inzet van middelen. De OWO-gemeenten werken hierin volgens een gezamenlijke aanpak. Uitgangspunt is ‘samenwerken waar dat kan’. De fysieke leefomgeving wordt met de nieuwe wet breed en samenhangend benaderd. Een sterk en steeds sneller veranderende wereld met andere opgaven in de fysieke leefomgeving dan voorheen vraagt om meer ruimte voor initiatieven. Thema’s als duurzaamheid, gezondheid en veiligheid komen samen in nieuwe instrumenten als de Omgevingsvisie, het Omgevingsplan en programma’s. Tijdig aansluiten op het (landelijke) Digitaal Stelsel Omgevingswet (DSO) voor de nieuwe Omgevingswet en de implementatie van de daarvoor benodigde systemen. Voorbereiden op en leren werken met de nieuwe kerninstrumenten (Omgevingsvisie, Omgevingsplan, programma's, omgevingsvergunning).
Implementeren van nieuwe werkwijzen, zowel binnen de gemeente met OWO-VTH als met de ketenpartners Provincie, Wetterskip, FUMO en Veiligheidsregio.
Opstellen ruimtelijk kwaliteitsbeleid Wat gaan we er voor doen In samenhang met het opstellen van erfgoedbeleid (zie Thema Landschap, Natuur, Biodiversiteit, Landbouw en Erfgoed) is het van belang cultuurhistorische waarden van de fysieke omgeving te beschermen in het gemeentelijk welstandsbeleid. In het kader van de Omgevingswet actualiseren we het gemeentelijk welstandsbeleid. Wij brengen in beeld hoe wij op basis van de vereisten in de Omgevingswet om willen gaan met de ruimtelijke kwaliteit en welstand. Wij brengen samen met de andere Friese gemeenten in beeld hoe we het adviesstelsel rond de ruimtelijke kwaliteit gaan vormgeven.
Wij stellen een omgevingsvisie op Wat gaan we er voor doen We zijn gestart met de actualisatie van de Omgevingsvisie Opsterland (conform vereisten Omgevingswet). Het herijken van ons erfgoedbeleid is een belangrijke bouwsteen voor de Omgevingsvisie. De nieuwe Omgevingsvisie wordt in 2023 ter besluitvorming aan de raad voorgelegd.
Deltaplan voor het Noorden Wat gaan we er voor doen
65
Input bij het Deltaplan voor het Noorden is passend bij de ruimtelijke kwaliteiten van Opsterland. Grootschalige verstedelijking van onze gemeente is bij het verbeteren van bereikbaarheid niet het doel. We leveren op basis van eigen beleid en eigen kracht input voor het Deltaplan voor het Noorden, waarbij goede landschappelijk inpasbaarheid, d.w.z. ruimtelijke ontwikkeling naar aard en schaal, een leidend principe is. Bij de provincie en het rijk dringen we aan om, naast het bestaande onderzoek, op zoek te gaan naar alternatieven die wellicht beter aansluiten bij de wensen van inwoners en bedrijven. Zij zijn tot nu toe in onze ogen onvoldoende betrokken bij en gehoord over de plannen. Wij gaan in gesprek met de provincie en het Rijk om te zorgen dat de communicatie met inwoners en bedrijven verbetert. Dit doen we in samenwerking met Heerenveen, Smallingerland, Weststellingwerf en Ooststellingwerf. Samen met deze vier gemeenten in de regio Zuidoost Fryslân stellen we een "position paper" op voor de ruimtelijke economische ontwikkeling van de regio.
Thema Wonen Doelstellingen Als gemeente Opsterland hebben we voldoende woningbouwruimte In regionaal verband maken we periodiek afspraken met de provincie over de woningbouwruimte.
Maatregelen We maken (regionaal) afspraken over woningbouwruimte. Wat gaan we er voor doen Wij maken ons sterk bij Provincie en Rijk voor voldoende woningbouwruimte (-programma) in de gemeente. We hebben Regionale woningbouwafspraken met de Provincie voor de periode 2020-2030 en actualiseren deze wanneer nodig. Wij sturen op kwantiteit en kwaliteit van de gehele woningvoorraad, zowel in de koopsector als de (sociale) huursector.
Doelstellingen Opsterland heeft nieuwe woningbouwlocaties op gemeentegrond In het kader van onze woningbouwambities en grondbeleid zijn eigen woningbouwlocaties gewenst. Binnen onze strategische grondvoorraad zien we mogelijkheden.
Maatregelen Mogelijkheden voor het ontwikkelen van nieuwe woonlocaties op gemeentegrond zijn onderzocht Wat gaan we er voor doen We onderzoeken welke gronden we in Loevestein fase 5 en/of fase 6 (Gorredijk) kunnen ontwikkelen. Het onderzoek biedt een eerste kwalitatief en kwantitatief (d.w.z. stedenbouwkundig, programmatisch, organisatorisch en financieel) inzicht in de herbestemmings- en/of ontwikkelmogelijkheden.
Doelstellingen Optimaliseren van onze dienstverlening bij onderbouwde woonplannen ten behoeve van duurzame groei van de woningbouw Voordat een particulier of een ontwikkelaar een aanvraag omgevingsvergunning indient is er in overleg met de gemeente veel voorbereidend werk nodig. Bij planontwikkeling komt veel kijken om te
66
komen tot een goed ruimtelijk en stedenbouwkundig plan. Naast de programmatische en financiële opgave is ook het aspect maatschappelijk draagvlak van groot belang.
Maatregelen Wij verbeteren de dienstverlening bij onderbouwde woonplannen ten behoeve van duurzame groei van de woningbouw Wat gaan we er voor doen Wij begeleiden woningbouwinitiatieven van particulieren en dorpen. Bij de start van het proces planontwikkeling op een nieuwe (woon)locatie worden eerst de ruimtelijke, programmatische en financiële uitgangspunten overeengekomen en vastgesteld. We actualiseren regelmatig de mijlpalen en resultaten per project
Doelstellingen Woningvoorraad kent mogelijkheden voor doorstroming We constateren in zowel de koop- als de huursector dat er geringe doorstroming is.
Maatregelen We bevorderen, waar mogelijk, de doorstroming in de lokale woningvoorraad. Wat gaan we er voor doen Wij onderzoeken de mogelijkheid om bepaalde doelgroepen voorrang te geven op de woningmarkt. Wij inventariseren de voor- en nadelen van een Huisvestingsverordening. In het op te stellen Actieplan Wonen wordt de uitkomst van deze inventarisatie meegenomen. Wij maken ons sterk bij Provincie en Rijk op voldoende woningbouwruimte (-programma) in de gemeente. We hebben Regionale woningbouwafspraken met de Provincie voor de periode 2020-2030 en actualiseren deze wanneer nodig.
Doelstellingen Woonvisie biedt kaders voor initiatieven, planontwikkeling woningbouw, beheer en verbetering van de woningvoorraad en geeft richting voor Wonen & Zorg
Maatregelen De beleidskaders Wonen zijn geactualiseerd in de Woonvisie en de prestatieafspraken zijn gemaakt Wat gaan we er voor doen De actualisatie van de Woonvisie is afgerond. Daarnaast stellen we een Actieplan Wonen op en maken we (jaarlijks) prestatieafspraken met de woningcorporaties Elkien en Woon Friesland en met de Bewonersraad.
Thema Landschap, Natuur, Biodiversiteit, Landbouw en Erfgoed Doelstellingen De gemeente kent een klimaatadaptieve en waterrobuuste omgeving. In het Nationaal Deltaprogramma 2022 staan de plannen van de overheid om alle steden, dorpen en buitengebieden op zo’n manier in te richten dat Nederland voorbereid is op de gevolgen van toenemende hitte, droogte en extreme neerslag. Met andere overheden in Fryslân hebben we de ‘klimaatstresstest’ uitgevoerd als eerste stap naar een klimaat adaptieve en water robuuste omgeving; denk hierbij aan hittestress en wateroverlast. Hierbij is onderzocht welke kwetsbaarheden er zijn
67
binnen de gemeente. Tijdens een risicodialoog zijn deze nader in beeld gebracht en geprioriteerd. Ook mogelijke oplossingsrichtingen zijn geïnventariseerd voor het maken van definitieve keuzes.
Maatregelen We richten de omgeving klimaatadaptief en waterrobuust in Wat gaan we er voor doen Klimaatbestendig en waterrobuust inrichten is onderdeel van alle werkzaamheden in de ruimtelijke inrichting. In onze Omgevingsvisie leggen wij dit vast, en we geven uitvoering aan het Gemeentelijk Watertakenprogramma en aan het Uitvoeringsplan Ruimtelijke Adaptatie (zie ook programma 7 / Thema Milieu). Wij ondersteunen actief de volgende provinciale samenwerkingsprojecten:
Gebiedsontwikkeling Beekdal Koningsdiep;.
Pilot Aldeboarn de Deelen.
Gebiedsontwikkeling De Dulf / Mersken.
In het Provinciale Veenweideprogramma dragen we – samen met andere gemeenten – bij aan professionele inbreng en advisering.
Doelstellingen Het behoud van waardevolle historische objecten is geborgd op basis van beleid dat voldoet aan de wettelijke vereisten Opsterland heeft een gevarieerd en uniek cultuurlandschap met een groot aantal bijzondere gebouwde historische objecten. Dit geheel draagt bij aan een prettig woonklimaat. Onafhankelijk van elkaar, maar ook en vooral in samenhang, vormen ze een onmisbaar onderdeel van de fysieke leefomgeving. We koesteren ons cultureel erfgoed; het is van belang het voldoende te beschermen.
Maatregelen We hebben een actueel en verbeterd (beleids-) instrumentarium voor het behoud van waardevolle historische objecten en erfgoed en kunnen dat daarmee stimuleren Wat gaan we er voor doen In 2023 stellen we een Erfgoedverordening op conform de Erfgoedwet als vervolg op onze Monumentenverordening. We stellen een startnotitie cultureel erfgoed (monumenten, archeologie, cultuurlandschap en overig erfgoed) op als begin voor gemeentelijk monumentenbeleid, gemeentelijk archeologiebeleid en beleid voor het cultuurlandschap. We ontwikkelen een cultuurhistorische waardenkaart en een archeologische verwachtingskaart en beleidsadvieskaart. We ronden de Kerkenvisie af, waarbij gestreefd wordt naar het duurzaam behoud van kerkgebouwen en we starten met de ontwikkeling van funerair erfgoedbeleid om de zorg voor cultuurhistorisch waardevolle grafstenen en begraafplaatsen te waarborgen.
Doelstellingen Het behouden van de landschappelijke en cultuurhistorische kenmerkende elementen In de ruimtelijke omgeving zijn gezichtsbepalende kenmerken en de landschappelijke en cultuurhistorische elementen op juiste waarde geschat; deze worden behouden voor toekomstige generaties.
Maatregelen Het beeldbepalende landschap wordt behouden en versterkt door hier een beschermde status aan te geven 68
Wat gaan we er voor doen We onderzoeken de mogelijkheid om een beschermde status te geven aan beeldbepalende delen van het landschap.
Doelstellingen We behouden de rijkdom aan natuur (biodiversiteit) en streven naar verbetering De rijkdom aan natuur (biodiversiteit), cultuurhistorie, landschapselementen en de uitstraling van het buitengebied vormen een sterke identiteit van Opsterland. Het vergt aandacht en zorgvuldigheid om dit landschap te beschermen en te behouden. Het landschap is in ontwikkeling en in combinatie met het beheer van dit gebied wordt de vitaliteit weergegeven. De uitdaging is om ontwikkelingen zodanig ruimte te geven dat deze bijdragen aan de herkenbaarheid van de cultuurhistorische en landschappelijke (kern)waarden van Opsterland. Opsterland draagt bij aan het vergroten van de biodiversiteit op lokale schaal.
Maatregelen De bescherming en verrijking van de biodiversiteit wordt bevorderd. Wat gaan we er voor doen We beheren ons openbaar groen zodanig dat de biodiversiteit toeneemt In de openbare ruimte (zie ook programma 5). Daarnaast stimuleren en faciliteren wij particuliere initiatieven om de biodiversiteit te bevorderen.
Doelstellingen We dragen bij aan een duurzame, toekomstbestendige en grondgebonden landbouwsector in Opsterland. De landbouw is een belangrijke sector voor de Opsterlandse economie, de identiteit en het landschap. Boeren zijn belangrijke hoeders van ons buitengebied. Een perspectief voor een toekomstbestendige en grondgebonden landbouwsector is gewenst.
Maatregelen We werken de mogelijkheden uit voor een duurzame, toekomstbestendige en grondgebonden landbouwsector in Opsterland Wat gaan we er voor doen We bekijken samen met de sector en met individuele ondernemers hoe een duurzame, toekomstbestendige en grondgebonden landbouwsector in Opsterland eruit kan zien. De provincie streeft naar duurzame, natuurinclusieve landbouw in 2025. Wij sluiten ons hierbij aan en ondersteunen daarvoor de provinciale landbouwdeals. Bij het dossier “stikstof” gaan we open in gesprek. De gemeente hoort een belangrijke rol te spelen in dit dossier, bijvoorbeeld bij Gebiedsgerichte Aanpak (GGA) en het Nationaal Programma Landelijk Gebied (NPLG). Hierover maken we nader afspraken met provincie en buurgemeenten. We onderzoeken hoe we ruimte kunnen bieden aan uitbreiding van taken, activiteiten en bestemmingen bij boerderijen. Met andere gemeenten en de werkgroep agrarische sector van de P10 spelen we een rol in de lobby richting provincie en Rijk. In het Algemeen Bestuur P10 is een werkdocument vastgesteld dat voor verschillende gemeenten behulpzaam kan zijn bij het bevorderen van natuurinclusieve landbouw. In 2023 worden de aanbevelingen en conclusies verder uitgewerkt onder de paraplu van de Agenda van het Platteland (P10).
69
Thema Grondexploitatie - niet bedrijventerreinen en vastgoed Doelstellingen Het gemeentelijk vastgoed is geschikt voor de in de begroting geformuleerde gebruiksdoelstellingen. Met de kadernota Vastgoedbeleid (2022) wordt aansluiting gevonden bij relevante beleidsstukken, waaronder het dorpshuizenbeleid.
Maatregelen Vastgoedbeheer conform de kadernota Vastgoedbeleid (2022) Wat gaan we er voor doen Implementeren van de vijf beleidskaders uit de kadernota Vastgoedbeleid. Afstemmen taken en rollen van de verschillende beleidsdomeinen met vastgoedexploitatie en het vastgoedbeheer. Beoordelen nuttig en effectief gebruik door (maatschappelijke) organisaties en verenigingen. Vastleggen van een financieel gezonde, nuttige en effectieve verkoop- en verwervingsstrategie; waarbij eindigheid van exploitatie bij oplopende tekorten of functieverlies. Realiseren van kostprijs dekkende huurprijzen in relatie tot subsidies vanuit maatschappelijk beleid. Verduurzaming van het vastgoed ten behoeve van klimaatdoelstellingen. Duurzame instandhouding, vernieuwing en renovatie waar nodig en betaalbaar.
Doelstellingen Wij hebben een toekomstgericht woonklimaat dat aansluit op demografische ontwikkelingen en dat bijdraagt aan een de leefbaarheid en vitaliteit van de woonomgeving In nagenoeg alle dorpen zijn gronden in gemeentelijk eigendom die kunnen worden ingezet voor woningbouw.
Maatregelen Passend grondbeleid Wat gaan we er voor doen We stellen een Startnotitie Nota Grondbeleid Opsterland 2022-2025 op. We stellen een Nota Grondbeleid Opsterland 2022-2025 op (Q4 2023). We onderzoeken welke gronden we in Loevestein fase 5 en/of fase 6 (Gorredijk) kunnen ontwikkelen. Het onderzoek biedt een eerste kwalitatief en kwantitatief (d.w.z. stedenbouwkundig, programmatisch, organisatorisch en financieel) inzicht in de herbestemmings- en/of ontwikkelmogelijkheden. Per ruimtelijke activiteit beoordelen we of een actief of passief grondbeleid gevoerd dient te worden.
70
Beleidsindicatoren Opsterland
Nederland
Beleidsindicatoren
Eenheid
2018 2019 2020 2021 2022 2018 2019 2020 2021 2022
Gemiddelde WOZ-waarde
per € 1.000
212 216 241 261
Nieuw gebouwde woningen
Aantal per 1.000
6
8
10
7
* 230 248 271 290
*
*
*
9
9
9
9
woningen Demografische druk 15-64 jaar
%
79% 79% 79% 79% 81% 70% 70% 70% 70% 70%
Gemeentelijke woonlasten eenpersoons
In euro's
599 610 622 650 714 651 665 700 733
*
In euro's
706 712 722 754 823 721 735 773 810
*
huishouden Gemeentelijke woonlasten meerpersoons huishouden * voor deze periode zijn (nog) geen cijfers bekend (gemaakt). Bron: www.waarstaatjegemeente.nl - Bron geraadpleegd op 5 september 2022
71
Wat mag het kosten Mutaties in de reserves worden verwerkt in programma 0 maar niet alle reserves hebben betrekking op programma 0. Om een juiste financiële analyse per programma te kunnen maken zijn in onderstaande tabel de mutaties van programma 8 reserves meegenomen. x €1.000 Exploitatie
Realisatie
Begroting
Begroting
2021
2022
2023
MJB 2024
MJB 2025
MJB 2026
(incl wijzigingen) Lasten
3.316
3.097
1.953
2.043
1.232
1.232
Baten
4.068
3.221
2.003
1.924
759
759
752
124
50
-119
-473
-473
Saldo voor bestemming Mutaties reserves Lasten
5
-
-
-
-
-
Baten
200
96
-
-
-
-
Saldo na bestemming
947
220
50
-119
-473
-473
Specificatie per taakveld x € 1.000 Specificatie
Begroting
Begroting
Mutatie
2022
2023
begroting 2022/2023
Saldo per taakveld 8.1 Ruimtelijke ordening
-333
-344
-11
8.2 Grondexploitatie (niet-bedrijventerreinen)
879
450
-429
8.3 Wonen en bouwen
-422
-56
366
Saldo voor bestemming
124
50
-74
Komplannen
-
-
-
Totaal stortingen reserves
-
-
-
Onttrekking AR vrije deel tbv Kerkenvisie
30
-
-30
Onttrekking AR vrije deel tbv Geweldig Gorredijk
38
-
-38
Onttrekking AR vrije deel tbv Ontwikkelagenda leefbaarheid
28
-
-28
Totaal onttrekkingen reserves
96
-
-96
Saldo na bestemming
220
50
-170
Stortingen reserves
Onttrekkingen reserves
proceskosten
Toelichting op de financiën Het saldo op dit programma is in 2023 €170.000 voordeliger dan in 2022. Taakveld 8.1 Ruimtelijke ordening geeft in 2023 een nadeel van €11.000 ten opzichte van 2022. De doorberekening van de personeelslasten geven een nadeel van €79.000. In 2022 was voor Geweldig Gorredijk €55.000 beschikbaar gesteld voor proceskosten. Dit bestaat uit een resultaatbestemming jaarrekening 2021 van €38.000 en een eenmalig budget van €17.000. In 2023 zijn geen aanvullende budgetten beschikbaar gesteld voor dit project. Dit geeft dus in 2023 een voordeel van €55.000 ten opzichte van 2022. Bij de resultaatbestemmingen jaarrekening 2021 is in 2022 ook €30.000 beschikbaar gesteld voor de Kerkenvisie. In 2023 is hiervoor geen budget
72
beschikbaar. Dit geeft een voordeel van €30.000. Verder zijn de kapitaalslasten met €17.000 gestegen. Taakveld 8.2 Grondexploitatie (niet-bedrijventerreinen) geeft in 2023 een nadeel van €429.000 ten opzichte van 2022. In de paragraaf Grondbeleid wordt dit taakveld toegelicht. Taakveld 8.3 Wonen en bouwen geeft in 2023 een voordeel van €366.000 ten opzichte van 2022. In 2022 is voor de invoering van de Omgevingswet een eenmalig budget van €270.000 beschikbaar. Voor 2023 zijn geen aanvullende middelen beschikbaar gesteld. Dit geeft in 2023 een voordeel van €270.000 ten opzichte van 2022. Door de in 2021 vastgestelde tariefsverhoging van de omgevingsvergunningen activiteit bouw stijgen de opbrengsten in 2023 met €40.000 ten opzichte van 2022. Dit is een voordeel. In 2022 is voor de ontwikkelagenda leefbaarheid €10.000 beschikbaar gesteld. Daarnaast is voor 2022 bij de resultaatsbestemming jaarrekening 2021 €28.000 beschikbaar gesteld. In 2023 geeft dit een voordeel van €38.000. De doorberekening van de personeelslasten geven een voordeel van €18.000. De mutatie in de reserves wordt toegelicht in taakveld 8.1 en 8.3.
73
Paragrafen Lokale heffingen Lokale heffingen Het beleid ten aanzien van de lokale heffingen De diverse verordeningen belastingen en heffingen worden jaarlijks in december voorafgaand aan het betreffende jaar vastgesteld. In de begroting is al uitgegaan van het nieuwe niveau van de tarieven. Waar dat mogelijk is en wettelijk is toegestaan worden de tarieven verhoogd met de indexering (CPI conform coalitieakkoord) van 2,4% (begroting 2022 1,6%). Een uitzondering hierop vormen de tarieven voor afval en riolering. Deze tarieven zijn gebaseerd op kostendekkendheid. Kaderstellende documenten De jaarlijks vastgestelde verordeningen belastingen en heffingen. Overzicht geraamde inkomsten In onderstaand overzicht staan de in onze gemeente geldende belastingen en heffingen. De verwachte opbrengst aan belastingen en heffingen bedraagt in 2023 €12,8 miljoen, ongeveer 15% van de totale gemeentelijke baten. Leges publiekszaken Dit betreffen de leges ten aanzien van o.a. rijbewijzen, paspoorten en huwelijken. Onroerendezaakbelasting De tarieven voor 2023 worden vastgesteld in de betreffende verordening. Toeristenbelasting Het tarief voor de toeristenbelasting bedraagt 5% van de logiesomzet in onderkomens niet toebehorende of ter beschikking gesteld door de belastingplichtige en 2,5% van de logiesomzet in onderkomens van of ter beschikking gesteld door belastingplichtige.
Deze percentages zijn niet gewijzigd. Afvalstoffenheffing De tarieven voor 2023 worden vastgesteld in de betreffende verordening. In principe zijn de tarieven kostendekkend. Rioolheffing De tarieven voor 2023 worden vastgesteld in de betreffende verordening. In principe zijn de tarieven kostendekkend. Leges omgevingsvergunningen Op dit moment loopt de invoering van de omgevingswet nog. Het is daarom moeilijk in te schatten wat de verwachte legesopbrengsten zullen zijn in de nieuwe situatie. De verwachte opbrengst is gestegen ten opzichte van vorig jaar maar ligt nog steeds ruim onder de daadwerkelijke opbrengst van de afgelopen jaren. Door voorzichtig te begroten wordt al rekening gehouden met een mogelijke daling van de legesopbrengsten. De tarieven voor 2023 worden vastgesteld in de betreffende verordening. Overzicht op hoofdlijnen van de diverse heffingen Bestemmingsheffingen (afvalstoffenheffing en rioolrecht) en retributies (bijvoorbeeld leges, marktgelden en standplaatsgelden) zijn bedoeld om met de inkomsten uit die belastingheffing de gemeentelijke lasten van die activiteiten te bekostigen. Om te voorkomen dat een gemeente met deze specifieke belastingen ook andere activiteiten financiert, is in de Gemeentewet het verbod opgenomen dat de geraamde baten de geraamde lasten overschrijden.
(De wetsbepalingen die de kostendekkende tarieven voorschrijven, spreken steeds over geraamde bedragen. Dit komt doordat de rechtsbescherming vereist dat de verordening voor aanvang van de belastingheffing moet zijn vastgesteld. Op dat moment zijn alleen de verwachtingen bekend. De mate van kostendekkendheid moet daarom op begrotingsbasis worden vastgesteld.) Door dit vereiste mogen de opbrengsten hooguit kostendekkend zijn. In de praktijk spreekt men dan ook wel van kostendekkende tarieven. Als de opbrengsten minder dan kostendekkend zijn, zullen de lasten uit andere inkomsten worden betaald. Bijvoorbeeld uit de algemene belastingen (met name ozb) of uit de algemene middelen. Als de gemeente niet voor kostendekkende tarieven kiest, betekent dit dat niet alleen de 74
kostenveroorzakers, maar alle belastingplichtigen meebetalen. Het uitgangspunt dat de veroorzaker betaalt, wordt dan losgelaten. Kruissubsidiëring Zeker bij leges waarbij de tarieven voor verschillende activiteiten in één belastingverordening worden geregeld, kan zich de vraag voordoen op welk niveau de kostendekkendheid moet worden getoetst. Het uitgangspunt daarbij is toetsing op verordeningenniveau, waarbij de geraamde lasten van alle benoemde activiteiten worden gedekt door de gezamenlijke baten uit de te heffen belastingen/leges. Hierdoor is zogenoemde kruissubsidiëring mogelijk: een verwacht overschot bij de ene activiteit wordt gebruikt voor de dekking van een verwacht tekort bij een andere activiteit en omgekeerd. x € 1.000 Programma Lokale belastingen en heffingen 0
Leges publiekszaken
0
Onroerendezaakbelasting
0
Precariorechten
1
Begroting 2023 Begroting 2022 (incl wijzigingen) Jaarrekening 2021 233
255
343
4.813
4.710
4.589
-
-
2.327
Algemeen plaatselijke verordening
25
25
6
3
Toeristenbelasting
178
178
180
7
Begrafenisrechten
150
150
164
7
Afvalstoffenheffing (excl. kwijtscheldingen)
3.328
3.535
3.503
7
Rioolheffing (excl. kwijtscheldingen)
3.180
2.896
2.882
8
Leges omgevingsvergunning
756
716
861
12.662
12.466
14.855
Totaal
Kostendekkendheid De mate van kostendekkendheid wordt in de onderstaande tabellen weergegeven. Soort
Dekkingspercentage Begroot 2023
Dekkingspercentage Begroot 2022
Afval
100%
98%
Riolering
97%
95%
Omgevingsvergunningen
85%
80%
Afval en Riolering Onze gemeente heeft als vastgesteld beleid dat de tarieven van afvalstoffenheffing en rioolheffing kostendekkend moeten zijn. Afval In 2022 was gekozen voor een niet kostendekkend tarief omdat er mogelijk corona effecten in de lasten van de afgelopen jaren zaten. Bij analyse van de recente uitgaven blijkt dit inderdaad het geval te zijn geweest. Daarnaast is de papierprijs momenteel gunstig met als gevolg een hogere opbrengst bij papier. Het tarief kan daarom met €21,- naar beneden en is voor 2023 weer kostendekkend. Riolering In 2022 moest, in verband met een correctie op de het GWP het tarief met €21,- stijgen. Er is toen gekozen om voor een niet geheel kostendekkend tarief te gaan om de lasten voor de inwoners niet te snel te laten stijgen. In 2023 zou weer een stap gemaakt worden naar een kostendekkend tarief. De kosten van riolering zijn echter ook sterk gestegen door de hogere energielasten. Om tot een kostendekkend tarief te komen zou het tarief met €33,- moeten stijgen. Er is gekozen om ook voor 2023 nog geen kostendekkend tarief te hanteren. De stijging van de Rioolheffing wordt gelijkgesteld met de daling van de Afvalstoffenheffing €21,- zodat de totale lasten in 2023 voor riool en afval gelijk blijven ten opzichte van 2022, waarvoor binnen de begroting ruimte is.
75
x € 1.000 Afval
Begroting 2023
Begroting 2022
Directe kosten Totaal van de gemeentelijke lasten Totaal van de gemeentelijke baten; niet zijnde heffingen
2.894
3.251
445
604
Netto directe kosten taakveld
2.449
2.647
Indirecte kosten Btw
557
634
Overhead en rente
58
61
Netto indirecte kosten taakveld Totale lasten
615
695
3.064
3.342
Totale heffingen Afvalstoffenheffing
2.036
2.285
Afvalstoffenheffing Restafval
989
949
Afvalstoffenheffing GFT
41
38
Totale heffingen
3.066
3.272
Dekkingspercentage
100%
98%
x € 1.000 Riolering
Begroting 2023
Begroting 2022
Directe kosten Totaal van de gemeentelijke lasten Totaal van de gemeentelijke baten; niet zijnde heffingen
2.460
2.183
-
-
Netto directe kosten taakveld
2.460
2.183
Indirecte kosten Btw
388
386
Overhead en rente
439
472
Netto indirecte kosten taakveld Totale lasten
827
858
3.287
3.041
Totale heffingen Rioolheffing
3.180
2.896
Totale heffingen
3.180
2.896
Dekkingspercentage
97%
95%
Omgevingsvergunningen De tariefstelling ten aanzien van de diverse omgevingsvergunningen is niet van een dergelijke omvang dat volledige kostendekkendheid kan worden bewerkstelligd. Volledige kostendekkendheid kan niet worden gerealiseerd omdat dan de tarieven voor bepaalde vergunningen zodanig zouden moeten stijgen dat de hoogte van de leges niet meer in verhouding staat tot de activiteit. Kostendekkendheid Ten opzichte van de begroting 2022 (80%) is het dekkingspercentage gestegen. Dit ontstaat doordat de lasten nagenoeg gelijk zijn gebleven bij een stijging van de baten. 76
x € 1.000 Omgevingsvergunningen
Begroting 2023
Begroting 2022
Directe kosten Totaal van de gemeentelijke lasten Totaal van de gemeentelijke baten; niet zijnde heffingen
736
717
-
-
Netto directe kosten taakveld
736
717
Indirecte kosten Btw Overhead en rente
-
-
158
179
Netto indirecte kosten taakveld
158
179
Totale lasten
894
896
Totale heffingen Heffingen
756
716
Totale heffingen
756
716
Dekkingspercentage
85%
80%
Lokale lastendruk De lokale lastendruk 2023 kan niet eerder vastgesteld worden dan na vaststelling van de tarieven. Bij het vaststellen van de tarieven zal rekening worden gehouden met de uitgangspunten uit het coalitieakkoord en de aangekondigde maatregelen. De tarieven van afval en riolering zijn al wel bekend:
Afval vast tarief
€158,50
(2022 €179,50)
Rioolheffing
€277,-
(2022 €256,-)
Om de lastenverzwaring voor de inwoners beperkt te houden is het totaal van de Afvalheffingen en Rioolheffing niet gestegen en is deze gelijk gebleven op €435,50. De “Atlas van de lokale lasten 2022” (COELO) geeft voor onze gemeente het volgende rangnummer (nummer 1 heeft de laagste woonlasten, nummer 375 de hoogste):
Woonlasten meerpersoonshuishouden eigenaar-bewoner rangnummer 66 (2021 nr. 82)
Kwijtscheldingsbeleid Voor de onroerendezaakbelastingen en de heffingen voor riool- en afvalstoffenheffing, zoals die elk jaar gecombineerd worden opgelegd, kan kwijtschelding worden verkregen. Bij kwijtschelding vindt een vermogenstoets en een inkomenstoets plaats. De gemeente moet hiervoor een norm vaststellen. Deze norm wordt gerelateerd aan de bijstandsnorm. In onze gemeente is de kwijtscheldingsnorm gelijk aan de bijstandsnorm (100%).
77
Weerstandsvermogen en risicobeheersing Inleiding Het weerstandsvermogen bestaat uit de relatie tussen de weerstandscapaciteit, zijnde de middelen en mogelijkheden waarover de gemeente beschikt of kan beschikken om niet begrote kosten te dekken en alle risico's waarvoor geen maatregelen zijn getroffen en die van materiële betekenis kunnen zijn in relatie tot de financiële positie. Een juist oordeel over de toereikendheid van de weerstandscapaciteit kan alleen maar worden gegeven als er een juist en volledig beeld bestaat van de risico’s, de kans hierop en de eventuele financiële gevolgen. Daartoe wordt jaarlijks een risicoprofiel opgesteld. Kaderstellende documenten Beleidskader reserves en voorzieningen Beleidskader vaststelling bedrag post onvoorzien Risicobeheersing In onderstaande tabel benoemen we de risico’s en schatten daarbij de factoren "kans" (dat het risico zich voordoet) en "invloed" (de impact als het risico zich voordoet) in. De genoemde maximale financiële gevolgen zijn relatief. Een risico met een groot maximaal financieel gevolg kan op basis van de “kans” en “invloed” een relatief beperkte invloed op het aan te houden minimale weerstandscapaciteit hebben. Omgekeerd kan een klein maximaal financieel gevolg een grote invloed hebben. De grootste risico’s, op basis van de invloed op de weerstandscapaciteit, zijn:
De belangrijkste risico's met de geschatte "kans" en de "invloed" (x €) Risico
Kans Max fin. effect Invloed Totaal risico
1 Algemene uitkering (gemeentefonds) fluctueert
50%
1.000.000
8%
500.000
2 Onzekerheid Rijksmaatregelen reductie kosten jeugdzorg
45%
500.000
4%
225.000
3 Effecten invoering Omgevingswet en Wet kwaliteitsborging voor bouwen (Wkb)
60%
750.000
7%
450.000
4 Borgstellingen
1%
31.925.000
5%
319.250
5 Effect invoering eigen belastinggebied gemeenten per 2026
70%
5.000.000
55%
3.500.000
6 Mogelijke WW-verplichtingen personeel
25%
1.000.000
4%
250.000
7 Financiële tegenvallers projecten
60%
7.000.000
2%
105.000
8 Effect fluxtuerende energieprijzen
50%
500.000
4%
250.000
9 Tegenvallende resultaten grondexploitaties
15%
1.000.000
2%
150.000
10 Effecten hoge inflatie op exploitatielasten
40%
1.500.000
9%
600.000
50.175.000
100%
6.349.250
Totaal
Toelichting op de risico's 1. Algemene uitkering fluctueert: De omvang van de algemene uitkering (het gemeentefonds) is niet constant. Elk jaar wordt de groei of krimp van de basisomvang gebaseerd op uitgaven die het Rijk verwacht te gaan doen in het begrotingsjaar. Het gevolg hiervan is dat de omvang dus kan fluctueren. Een krimp van het gemeentefonds is in het lopende begrotingsjaar vaak niet meer op te vangen met bezuinigingen en kan tot een negatief rekeningresultaat leiden. 2. Onzekerheid Rijksmaatregelen reductie kosten jeugdzorg: In de laatste raming van de algemene uitkering zijn de volledige bedragen uit de arbitrage opgenomen. Daarnaast zijn ook kortingen opgenomen die behaald moeten worden door maatregelen die het Rijk zelf moet nemen. Deze kortingen zijn onzeker en daarom opgenomen als risico. 3. Effecten invoering omgevingswet en Wet kwaliteitsborging voor bouwen (Wkb): Of de Omgevingswet en de Wkb op 1 januari 2023 definitief worden ingevoerd is op het moment van schrijven nog niet bekend. Wel is duidelijk dat door de wijziging een aantal legesinkomsten vervallen maar dat een deel van de werkzaamheden (o.a. registratie) wel moeten worden uitgevoerd. Omdat alleen voor de aanvragen na invoering van de nieuwe wetgeving gelden de
78
nieuwe legestarieven. Voor 2023 betekent dit dat er ook nog aanvragen onder het oude regime zullen vallen met de bijbehorende opbrengsten. 4. Borgstellingen: De gemeente staat borg voor de leningen die de Stichting Waarborg Woningbouw de woningcorporaties verstrekt. Deze borgstelling is in breed landelijk verband met alle gemeenten afgesproken. Het optreden van het risico is echter zeer beperkt. Zo heeft het faillissement van de woningcorporatie Vestia (2012) niet geleid tot het aanspreken van de borgstelling. 5. Effecten invoering eigen belastinggebied gemeenten per 2026: Dit is geen risico voor 2023, maar het effect is groot en de invulling is nog onbekend. Het effect is ook zichtbaar in het meerjarenperspectief. Daarom is het risico al opgenomen zodat er rekening kan worden gehouden met dit risico in de omvang van het weerstandsvermogen. 6. Mogelijke WW-verplichtingen personeel: Als personeel onvrijwillig wordt ontslagen of het contract niet wordt verlengd dan kan er sprake zijn van een WW-verplichting. De gemeente is hier niet voor verzekerd en is dus zelf WW-risicodrager. Op voorhand is niet bekend of en zo ja in welke mate er sprake is van een WW-verplichting en daarom is deze ook niet begroot. 7. Financiële tegenvallers projecten: Projecten kennen risico's. Deze risico's worden in de projecten zelf benoemd.
Het risico op de risico's is niet financieel afgedekt in de projecten. Een aantal risico's, zoals hyperinflatie, rampen en oorlogen, zijn te generiek en daarom worden ze op een hoger niveau algemeen afgedekt. De reden dat ondanks de omvang van het effect het risico zelf beperkt is komt doordat de meeste projecten in 40 jaar worden afgeschreven. Hierdoor is het af te dekken risico een stuk lager, een factor 40, uit dan het effect. 8. Effecten fluctuerende energieprijzen: De gemeente moet het huidige energiecontract beëindigen. Door de huidige marktsituatie kan er alleen een variabel contract worden afgesloten. Een inschatting van de kostenstijging is in de begroting verwerkt. Het risico richt zich op uitschieters die nu niet te voorzien zijn maar als ze zich voordoen onontkoombaar zijn. 9. Tegenvallende resultaten grondexploities: Het resultaat van de grondexploitaties is afhankelijk van de mate waarin er verkocht kan worden en of er gronden beschikbaar zijn. Ook externe ontwikkelingen zoals de stikstof problematiek en hogere bouwkosten kunnen het resultaat beïnvloeden. 10. Effecten inflatie op exploitatielasten: De momentele hoge inflatie is nog niet vertaald in een gelijke bijstelling in de algemene uitkering. Hierdoor kan er in het lopende jaar een verschil ontstaan die tot een tegenvaller bij het opstellen van jaarrekening kan leiden.
Weerstandsvermogen Beheersing van de hiervoor genoemde risico's Financiële consequenties die voortvloeien uit het actueel worden van bovengenoemde risico's worden opgenomen in de jaarstukken (verantwoording) en komen via het resultaat ten laste van de algemene reserve. Zoals hierna aangegeven is het niveau van de algemene reserve voldoende. Bepalen weerstandscapaciteit De benodigde weerstandscapaciteit is berekend op €6,3 miljoen. De weerstandscapaciteit is €20 miljoen. Dit betekent dat wij in staat zijn om met de huidige weerstandscapaciteit ook grotere risico’s het hoofd te bieden. Naast de incidentele weerstandscapaciteit is er ook een structurele weerstandscapaciteit in de begroting opgenomen namelijk de post onvoorzien (€37.500). In onderstaande tabellen wordt de (incidentele) weerstandscapaciteit en het verloop van de algemene reserve weergegeven. De bedragen zijn geactualiseerd tot het moment van opstellen van de begroting. Het beleid betreffende de weerstandscapaciteit en de risico's Jaarlijks worden de risico’s geïnventariseerd. Daarnaast berekenen we het beschikbare weerstandsvermogen. Het weerstandsvermogen moet minimaal de berekende risico’s kunnen dekken.
79
x € 1.000 Incidenteel weerstandsvermogen Algemene reserve ultimo 2021
16.651
Mutaties 2022 Resultaat 2021
2.936
Resultaatbestemming
-480
Primaire Begroting 2022
830
Begrotingsmutaties 2022 (PPB en RV)
37
Totaal algemene reserve
19.975
Totaal incidenteel weerstandvermogen 1-1-2023
19.975
Kengetallen Met ingang van 2016 zijn een vijftal financiële kengetallen verplicht gesteld. Dit onder andere om de financiële positie van de gemeente voor de raad inzichtelijker en beter vergelijkbaar te maken. Het gaat om de netto schuldquote, de solvabiliteitsratio en indicatoren met betrekking tot de grondexploitatie, structurele exploitatieruimte en belastingcapaciteit. Kengetallen hebben een signalerende functie, geven inzicht in de financiële positie en over de weerbaarheid en wendbaarheid van een gemeente. Zoals opgenomen in de nota Financieel beleid vanaf 2017 (zie ook hiervoor onder ‘beleid omtrent de weerstandscapaciteit en de risico’s’) sluiten we aan voor de verplichte kengetallen bij de signaleringswaarden uit de stresstest voor gemeenten. Ons streven is minimaal te voldoen aan categorie B. Over het algemeen kan worden gesteld dat categorie A het minst risicovol is en categorie C het meest. Als de uitkomst van één van de kengetallen uit de pas schiet, wil dat niet zeggen dat we financieel niet (langer) gezond zijn. Het is een mogelijke indicatie dat er (aanvullende) beheersmaatregelen moeten worden getroffen of herijkt. Kengetal Netto schuldquote
Categorie A a. zonder correctie
Categorie B
Categorie C
< 90%
90 - 130%
> 130%
< 90%
90 - 130%
> 130%
> 50%
20 - 50%
< 20%
doorgeleende gelden b. met correctie doorgeleende gelden Solvabiliteitsratio Structurele exploitatieruimte
Eerste jaar en
Begroting en
Begroting en
meerjarig > 0%
meerjarig 0%
meerjarig < 0%
Grondexploitatieruimte
< 20%
20 - 35%
> 35%
Belastingcapaciteit
< 95%
95 - 105%
> 105%
Jaarrekening 2021 Begroting 2022
Begroting
Begroting 2024
Kengetallen
2023
Begroting