A04 Bijlage 3 Oude fruitrassen in Noord-Nederland
Tekst van het document
OUDE FRUITRASSEN IN NOORD-NEDERLAND
Noordelijke Pomologische Vereniging 8 Herziene druk, zomer 2010 Jan Veel, Jan Woltema
INLEIDING Deze brochure is bestemd voor liefhebbers van oude fruitrassen in Noord-Nederland. De informatie is bedoeld als advies voor (her)aanplant van fruitbomen
Aan de geografische beperking tot de drie noordelijke
van oude rassen en de hierin beschreven rassen kunnen als typerend of geschikt voor het Nooden
provincies ligt vooral een praktische reden ten grondslag. De Noordetijke Pomologische Vereniging is
beschouwd worden. Nu zijn er honderden oude fruitrassen bekend en een
opgerrcht door een groep gemotiveerde fruitliefhebbers ¡n Noord-Nederland Een aantal van haar actieve leden
groot aantal zal ooit ook in het rioorden aangeplant zijn.
heeft vooral in het Noorden veel oude fruitsoorten
Wij hebben ons daarom beperkt tot die rassen waarvan
opgespoord Het mererideel van de huidige leden is
Daarnaast adviseren we enkele rassen die minder vaak voor komen. maar die goed blijken te voldoen.
overwogen kan worden. deze (opnieuw) aan te planten,
ook uit de noordelijke provincies afkomstig.
omdat ze in het Noorden thurs horen. Dit vanuit het hoofddoel van de Noordelijke Pomologische Vereniging
Het Noorden kent verschillende landschappen. die te maken hebben met de bodemgesteldheid. De grond-
(NPV): het voorkóriien dat bomen van oude frurtrassen uit het landschap verdwijnen Deze brochure heeft
soort - zeeklei, terpgrond. zand, dalgrond (afgegraven hoogveen) of laagveen - geeft mogelijkheden tot
daarmee een praktísch doel een plantadvies bieden
aanplant van bepaalde fruitrassen en beperkt tegetijk
Het voornaamste uitgangspunt bij het advies, is dat een
de keuze ervan. Ons advies houdt hiermee rekening
in deze brochure opgenomen ras in het noorden ooit
Van een uitgebreide beschrijving zieri we af We
meer dan incidenteel geteeld zijri. Het kan zijn dat de pomologische literatuur vemieldt dat het ras in het
beperken ons tot informatie die voor de keuze van
noorden voorkomt. of dat het een noordelijke streek-
beschrijvingen te vinden (bv. op internet). Soms ontbreekt van een ras literatuurgegevens, maar als er
naam heeft, of dat het in brochures aan fruittelers voor de teelt in deze regio werd aanbevoleri. Er mag dan van uitgegaan worden, dat dit advies opgevolgd werd
belang is. Van veel rassen zi1n elders meer uitgebreide
gezonde oude bomen van aangetroffen zijn, is dit een reden orn een positief plantadvies te geven.
Welke variëteiten staan in deze brochure? Zo veel mogelijk zijn typische Noordelijke streekrassen
Uit Groningen komen de meeste Kenmerkend is hier
opgeriomen Maar meer dan de helft vari de gekozen
het rijtje kronen: Groninger Kroon of Zure Kroon, Noorderkroon en Zoefe Kroon De laatste drie afkomstig uit Noordbroek. Verder zijn er, Groninger
variëteiten komt ook elders in Nederland en soms in heel West-Europa en zelfs wereldwijd voor. Ze zijn in deze brochure opgenomen omdat ze thuis horen in de Noordelijke provinciën. Ze zijn er ooit veel geteeld en
P;ppeling, Groninger Juttepeer, Jan Menks. Reinette
hebben hier blijkbaar goed voldaan
van Ekensfein. Rode Pippeltng, Valkappel, Veendammer, Winschoter Glorie, Willem /1/, Zoete Veger
Er zijn vroeger veel meer variéteiten aangeplant
Drenthe kent Boerma-appel, Dren(se Bellefleur, en
Vooral de vroegere adel, herenboeren en notabelen
J;jdine.
hadden grote boomgaarden met bijzondere en
Frresland heeft Bo/swards Besf, Dokkumer Nije en
zeldzame rassen, waarin ze soms met elkaar wedijverden. Er zou een ruimere keuze mogelijk ziin, maar we
Schone van lephof. Verder is van de oude Friese Doeke Man'ensappel een boom terug gevonden
hebben ons beperkt tot de vaker aangeplante en meer typerende variëteiten.
De Present van Friesland is eveneens enkele jaren
Naast de vele algemene rassen, die voor kwamen, zijn
geleden herontdekt De oude zomerpeer Hatlemine Bonne, door Knoop beschreven, zou uit het Friesche
de ons bekende streekrassen opgenomen. Streekrassen zijn rassen, die hier in het Noorderi ontstaan zijn en
Hallum afkomstig zijn. Deze is nog niet terug gevon-
regionaal aangeplant zijri gebleven. Het zijn er in vergelijking met andere provincies misschien niet veel,
variant. Van sommige streekrassen zijrr onvoldoende gegevens bekend, bv. Roem van Drachfen en Zoete
maar toch is het een respectabel aantal.
van der Schoot en zijn daarom niet opgenomen.
den. De pruim Wichters is waarschijnlijk een Friese
He( plantadvies We geven met symbolen een kort plantadvies te geven om de keuze voor de liefhebber te vergemakkelijken. Uitgegaan is van ecologische teelt, d w.z. geen of zo min mogetijk gebruik van bestrijdingsmiddeien, insecticiden en kunstmest. Vroeger waren er geen bestrijdingsmiddelen waarmee vandaag de dag smakelijk maar ziektegevoelige soorten geteeld kunnen worden Deze smakelijke maar veeleisende soorten (Cox bv.) krijgen een minder goed teeltadvies. We houden ook rekening met de grondsoort. De boom moet aan de grond aangepast zijn. Bij de beschrijvingen staat daarom een indicatie van de geschiktheid van de grondsoort aangegeven Vooral op koude en natte grond zoals veengrond, zijn de aanplantmogelijkheden voor handappels en handperen zeer beperkt. Het advies zegt niet zoveel over de smaak aís dessertfruit. Veel oude rassen zi1n geen dessertfruit en zijn daarom in smaak niet altijd te vergelijken met rassen die tegenwoordig in de winkel liggen. Dat komt omdat ze andere en meer functies hadden dan directe consumptie. Er zijn echter genoeg oude rassen die qua smaak de moeite waard zijn en die zonder bestrijdingsmiddeten geteeld kunnen worden. Soms is het oude assortiment wat te beperkt, zo is de keuze rn zomerappets nogal beperkt. De keus in pruimen is voldoende ruim.
Elke korte beschrijving eindigt een plantadvies dat bestaat uit een van de volgende symbolen = af te raden. ziektegevoelig. hoge eisen aan de teelt en/of teieursteltende kwaliteit. -/-i-
= Iiefhebberssoort, pomologisch of landschappelijk interessant maar soms matige kwaliteit.
+
= goede soort. onder voorwaarden aan te raden, mits rekening wordt gehouden met de eisen aan standplaats,
++
grondsoort en verzorging. = zonder meer aan te raden (wel moet rekening worden gehouden met de eisen die aan standplaats, grondsoort en verzorging worden gesteld).
De afbee/dirigen. Van vrijwel alle rassen is een afbeelding opgenomen om een ¡ndruk van de vrucht te geven, voor determrnatie zijn de foto's ongeschikt. Om de uitgave betaalbaar te houden. s gekozen voor een beperkt aantal bladzijdes met kleurenfoto's op klein formaat. Als hulp bij determinatie zrjn doorsnedes van vruchten opgenomen. Literatuur Een groot aantal publicaties is geraadpleegd Met name kunnen genoemd worden. •
Fruitsoorten uitgegeven in reeksen door de Nederlandsche Heidemaatschappij in de dertiger en veertiger jaren van de vorige eeuw. Hierin staan 144 fruitrassen afgebeeld en uitgebreid beschreven door pomologen Heidemij genoemd
•
Aanbevolen fruitrassen, in 1948 uitgegeven namens het bestuur van de kring Groningen - Drenthe van de NFO (Nederlandse Fruittelers Organisatie.) Deze brochure is gebaseerd op de ervaringen van Groningse en Drentse
•
Rassenlijsten van het NFO, die in de loop derlaren zijn verschenen.
• •
De Nederlandsche Boomgaard van S Berghuis uit 1868. Pomologia en Fructologia van Johann Hermann Knoop uit 1758.
•
Pomologia Batava van Mathieu van Noort uit 1830
•
De offrciële rassenlilsten voor fruitgewassen waarvan er 19 sinds de het begin van de dertrgerjaren zijn verschenen
fruittelers.
Uiteraard zijn praktijkervaringen van leden van de Noordelijke Pomologische Vereniging verwerkt
Gespecialiseerde kwekers van oude fruitrassen Kwekerij De Baggelhof Lubbert Dijk Baggelveld 2 9312 VE Vruchtboomkwekerij G. Snel Huizerstraatweg 2 vr, 1411 GN Josje Regout Noordenseweg 50 2421 XX Kwekerij De Sterappel Weiweg 7 4064 CJ Hendrik ten Elsen Kempersdijk 50A 7161 RG Marcel Tross Koeweidendijk 25 7161 RJ Boomkwekerij H. Veldhuis Koelmansstraat 2 7722 LX Kwekerij de Vrolijke Noot Oosterbutenweg 2 8351 GH Kwekerij De Griene Hân Waeze 29 8495 HJ Lucas Duijts Noordbroeksterweg 6 9621 BH Kwekerij Hamminga Hoofdkade 65 9561 JJ
Terheijl (Roden Dr) Naarden Nieuwkoop Varik Neede Neede Hoonhorst Wapserveen Oldeboorn Slochteren Ter Apel
Tel 06-11518397 Tel. 035-5253712 Tel. 0172-571918 Tel 06-21954018 Tel. 0545-293065 Tel. 0545-293003 Tel 0529-402339 Tel. 0521-321580 Tel 0566-631588 Tel. 0598-421671 Tel 0599-581993
Op de entdagen van de Noordelijke Pomologische Vereniging kunt u enthout krijgen ofjonge bomen op (laten) enten. Zie ook de website www.npv-pomospost.nl NB Deze brochure is geen cata/ogus. Vaak zijn bij vruchtboomkwekers van de hier beschreven variéteiten geen bomen in voorraad De NPV kan echter boompjes met een door u gevraagd ras /aten enten. U kunt ook ze)f boomp]es daarvan enten Zie voor entdagen de agenda op onze web-site. Nadere informatie kunt u bij de auteurs van deze brochure Jan Veel, tel. 0594-549173 e-mail: janveelhotniail.corn Jan Woltema, tel. 0594-549265. We houden ons aanbevoelen voor opmerkingen. correcties en suggesties.
n
r
COpa V't -.
2
--
o
1CÇ:
"s'
u ,
sErLoi.rc
/
/f
•\
• a'Fa.rrL
-, \
ontwikkeling van de appei'vrucht
lV
APPELS
Ananas Reinette Zeer oud Nederlarids ras Een heerlijke handappel die naar ananas geurend vruchtvlees heeft, sappig met een fris zure smaak Tamelijk kleine. wat langwerpige, groengele tot gele vrucht met grijs-witte lenticellen De groei is matig, maar zeer regelmatig. Er kan een fraaie boom van gevormd worden. Vraagt een luchtige bodem, anders kankergevoelig. Plukrijp begin oktober en kan gegeten worden tot in februari. Plantadvies; ++
Anna Boelens Hand- en moesappel, gewonnen door S A Blijstra en vernoemd naar Anna Boelens. een boerendochter uit Kloosterburen (Gr) tn 1934 door de fa G A. van Rossum & Zn te Naarden n de handel gebracht. Middelgrote regetmatig gevormde brede vrucht, geelgroen en aan de zonzijde helderrood en ook verder rood gestreept eri gevlekt. Vrij zacht en matig sappig vruchtvlees, zacht zuur van smaak met een licht aroma De boom is zeer kankergevoelig en draagt onregelmatig Consumptie- en gebruikstijd oktober — november Plantadvíes: -/+
Beauty of Bath Zeer vroege handappei van goede kwaliteit en mooie kleur. Wat platte, tamelijk kleine vrucht, geet met rode strepen Kwam in oudere beplantingen veelvuldig voor als halfstam op zaailíngonderstam en werd door de teler zeer gewaardeerd door regelmatige dracht en goede prijzen. Bleek door de brede plafte kroon en het dichte bladerdak minder geschikt voor bovenbeplanting in moestuin of bessentuin De boom blijft vríj klein en heeft weinig tast van kanker en schurft. Plukrijp tweede helft van augustus, kort bewaarbaar. Plantadvies: +
Bellef!eur Er zijn diverse types Bellefleuren: Bataafse, Brabantse, Dubbele, Enkele, Franse, Rode, Westlandse, Zure en de Ossekop e d. De Drentse Bellefleur wordt apart besproken. Bekende groep van oude appelrassen, die vooral keukenappels bieden waarvan sommige variéteiten ook als (vaak matige) handappel te gebruiken zijn De bekendste is de Brabantse Bellefteur. Deze levert een keukenappel die ook geschikt is als een wat droge en vaak wat te kleine handappel. Deze is zeer lang bewaarbaar. De kleine tot middelgrote vruchten zijn bonkig, maar fraai gekleurd Bellefleuren werden meer in het midden en zuiden van het land geteeld. maar ook iri het noorden kwamen ze voor. Ze vragen goede grond Op slechte of natte grond zijn ze kankergevoelig. Bellefleuren hebben een grote landschappelijke waarde omdat ze grote fraaie bomen vormen. Zeer lang te bewaren: tot ver in het voorjaar. Plantadvies: +
Bcerma-appel Handappel. Rond 1910-1920 als zaailirig ontdekt door de heer Boerma. Hij vond midden in het veld op de Kuilsplaats in Gasselternijveenschemond een zaailingboompje dat uit stratendrek was opgekomen Deze drek was als stadscompost per schuit uft de steden naar de veenkolonién ter verbetering van de grond aangevoerd. Middelgrote, ronde appel, geel met blos, sappig en fris zuur. Het vruchtvlees is wat zacht De vruchten hangen in trossen De boom s erg gemakkelijk te vermeerderen door wortelopslag. die na aariaarden boven de entptaats ontspruit Jonge boompjes dragen al na een paar jaar vruchten. De boom is gezond, wel wat gevoelig voor vruchtboomkanker. Matige groeier. Ze heeft geen bestuiving nodig. Rijptijd september, gebruikstijd tot december Plantadvies -l+
Bramley•s Seedling Oude bekende Engelse moesappel, gevonden vóór 1813 door Betty Brailsford in haar tuin aan Church Street, Southwell, Noltinghamshire ln Groningen en Drenthe vaak Sedeling genoemd Koml in Noord-Nederland regelmatig voor Grote tot zeer grote groene vrucht, op zandgrond en in de grasboomgaard met meer kleur. De Goliath onder onze appels, zowel qua vrucht als boom. Onovertroffen moesappet en na tange bewaring (tot ver in het nieuwe jaar) een matige handappel. Sterke groeier. Zeer sterk en gezond. weinig karikergevoelig zelfs op de slechtste gronden Alleeri geschikt voor boomgaarden of zeer grote tuinen Plantafstand minstens 12 meter! Op slechte natte grond last van wormstekigheid Vroeg en regelmatig vruchtbaar. De fraaiere rode Bramley's Seedling verdient nog meer aanbeveling. Grotendeels verdwenen omdat de consument de voorkeur gaf aan moesappels die ook als handappel te gebruiken zijn. zoals de Goudreinette Ptuktijd 2e helft oktober. gebruikstijd tot begin april. Plantadvies: ++
Cox's Orange Pippin Volgens veleri de lekkerste handappel Ook geschikt als moesappel, Gevonderi door M.R. Cox in Colnbrook bij Londen Middelgrote oranjerode vrucht met veel roestfìguren Kent vete kteurmutanten Middelvast fijnceltig vruchtvlees, sappig, harmonisch wijnachtig zoet, met fijne rinse smaak en nobel uitgesproken aroma. Zeer ziektegevoelig. Voldoet alleen op diepe, humusrijke en voedselrijke luchtige grond ln plaats van Cox kan men beter de veel sterkere Holsteiner Cox aanplanten. Andere lekkere appelrassen met "Cox bloed" zijn Allingston Pippin, Laxton's Superb, Sunset. Suntan. Plukrijp oktober, consumptierijp tol januari. Vanwege de ziektegevoeligheid niet aanbevoten. Plantadvies: -
Doeke Martens Oude Fnese appel, al door Knoop in 1758 beschreveri. Handappel. minder geschikt ìs als moesappel. Verdwenen geacht, maar in 1999 reageerde de bewoner van een boerenplaats (Heechhiem) te Goutum (Fr) op een oproep met de mededelirig dat op zijn erf nog een Doeke Martensboom stond. De vrucht is klein tot middelgroot, regelmatig platrond van vorm en heeft een korte steel. Rondom het diepe oog iets genbd. Het vruchtvlees is wit. De appel is groen en kleurt bij rijping licht geel. De smaak s aangenaam fris zuur met een goed en kenmerkend aroma. Aarivankelijk sappig, bij bewanng droger. Mogelijk uit de teelt verdwenen, omdat de appel vrij klein is, onopvallend is en wat te zacht vruchtvlees heeft. Rijpt tweede hetft september. Slechts erikele wekeri bewaarbaar. Plantadvies: -l+
Dokkumer Nije Zaailing omstreeks 1925 gevonden door H. Dijkstra in Dokkum. Droeg voor het eerst omstreeks 1933. De moederboom groeit wat gedrongen en was in 1940 ongeveer 4/2 meter breed. Late hand- en moesappel. Zuur, met een goed aroma, soms wat wrarig. De vrucht is groot tot zeer groot, zeer regelmatig van vorm met sterk geprononceerde ribben aan de top. Kleur geel met een sierlijke blos. Houdbaar tot februari. Btaderen zijn groot. Oe vruchtbaarheid is goed. Weinig schurftgevoelig, maar wel wat kankergevoelig. Plantadvies: +
Drentse Bellefleur Hand- en moesappei. Komt vooral in Groningen en Drenthe voor. Ze is in 1899 geïntroduceerd door de heer Zweers uit Coevorden op een tentooristeiling van zaailingvruchten. georganiseerd door de toenmalige Luntersche Tuinbouwverenlging. Grote en buitengewoon fraaie vrucht. Paarsrood gestreept en gevlamd op een gele ondergrond. ln een beschrijving uit die tijd werd het een prachtige appel genoemd, die niet alleen uitmuntte in vorm en kleur, maar die ook wat smaak betreft, tot de beste appels gerekend werd. Vormt een grote gezonde boom. Op natte grond kankergevoelig. Voor de liefhebber is het een zeer fraaie, goede hand- en moesappel, hoewel de smaak vaak tegenvalt. Plukrijp eerste helft oktober, enkele maanderi bewaarbaar. Ptantadvies: -/+
Drentse Paradijs Pot- en handappel. Ook wel Pandiezen ofZoete Paradijs genoemd, in het Westerkwartier ook wel Zwartgat. Het synoniem Rode ljzerappel is verwarrend, er zijn meer rassen die zo heten, of als synoniem hebben. De Drentse Paradijs s een fraaie grote appel, diep donkerrood met groenachtig vruchtvlees. De smaak is aanvankelijk zacht zuur, later zoetig. Deze appel kan met de Dubbele Zure Paradijs, (syn Rode ljzerappel) verward worden. De vruchten tijken op elkaar. maar de groei van de boom verschilt sterk, de laatste blijft kleiner. De boom groeit goed. wordt groot en groeit zowel op zand als klei. Wordt laat geplukt en is bewaarbaar tot mei. Plantadvies: -/+
Dubbele Zure Paradijs Zeer oude moesappel, waarvan de herkomst onbekend is Grote prachtig donkerrode vrucht. Lijkt veel op de Drentse Paradijs, maar is zuur. Wordt laat geplukt en is bewaarbaar tot rnei. De boom groeit goed, wordt groot, zowel op zand als klei. Plukrijp oktober, bewaarbaar tot maart. Plantadvies: -/+
Early Victoria Moesappel van matige kwaliteit, door sommigen als zure handappel gewaardeerd. Middelgrote, geelgroene vrucht en scherpzuur. ls ooit vanwege de hoge productiviteit een gewilde appel in de teelt geweest en wordt soms aangetroffen. Zeer gezonde, steil groeiende boom met weinig kanker eri schurft. Wel vaak kurkstip, vooral als er te laat wordt geoogst. Vruchtbaar, maar met beurtjaren. Werd vroeger door de straathandel aan de leek, die het verschil niet zag, als Yellow Transparant, verkocht. Ook Keswick Codlin en Royal Jubilee lijken op, maar rijpen later. Pluktijd en gebruikstijd half augustus Slechts kort te bewaren. Plant-advies:
English Winter Gold Pearmain (King of the Pippins, Reine des Reinettes) Zeer oude en uitstekend smakende handappel. Wordt af en toe nog aangetroffen. Fraaie, oranjegele vrucht met rode strepen, iets hoger dan breed. Middelgrote, stevige, sappige appel met een heerlijk aroma. De boom is kenmerkend van vorm: zuilvormig als ware het een perenboom. Wat kankergevoelig op zware grond Niet geschikt op zware natte grond. Uit de teelt verdwenen omdat het ras niet gedijt op zwakke onderstam (vruchten blijven dan te klein) en omdat de appel voor de moderne smaak niet te weinig zuren bevat. Ptukrijp eind oktober, bewaarbaar tot februari, Plantadvies: ++
Glorie van Hol!and. Prima handappel, sappig en zachtzuur. Lijkt wat op Elstar. Rijp is het een middelgrote fraaie appel, lichtgeel met veel oranje van kleur en met aan de zonzijde rode strepen, wat roest bij de steel. Smaak wordt beschreven als goed maar geen Cox". Matig tot sterke groeier. Boom blijft klein. Weinig hinder van ziekten, al werd soms op jeugdige leeftijd topkanker waargenomen. Regelmatige en goede drager, vrucht van redelijke kwaliteit met soms wat schimmel in het klokhuis. Pluktijd eerste helft oktober, gebruikstijd tot halfjanuari. Vraagt zandgrond, ongeschikt op klei of natte grond. Plantadvies: +
2
Golden Delicious Toevalszaailing in 1890 gevonden door A.H. Mullins in Clay County, West Virginia (USA). Wereldwijd verspreid en ook in het noorden veel aangeplant. Middelgrote hoge vrucht. geelgroen tot oranjegeel gekteurd met grote lenticellen. Zeer lange steel. Geelachtig middelvast en fijncellig vruchMees, harmonisch zoet-fijnzurig, nobel aroma, Moet flink gedund worden; kleine vruchten zijn smakeloos. Ziektegevoelig. Vraagt wijnbouwklimaat: een voedseinjke warme standplaats om op smaak te komen. Plukrijp oktober, zeer lang bewaarbaar. Plantadvies: -
Goudreinette (Schone van Boskoop) Prima hand- en moesappel. Rond 1850 in Boskoop ontstaan De meest succesvolle oude Nederlandse appel. Grote groene roestige vruchten. ln de winkel treft men rode varianten aan. Vruchten van eenzelfde boom verschillen sterk in smaak eri uiterlijk. De kleur kan behalve een variëteitskenmerk, ook een indicatie van de grondsoort zijn. Zo geven grasboomgaarden beter gekleurde appels dan bomen op zwarte grond. 0p klei is de hoofdkleur bruin met een rood wangetje en is het vruchtvlees gelig. Op zandgrond is de vrucht groen, het vruchtvlees wit en de zure smaak aanvankelijk onaangenaam. De smaak is op goede grond bij de pluk al aangenaam zuur. De boom wordt fors, groeit breed uit, heeft een wat ijle kroon en vraagt op den duur veel wimte (plantafstand 12 meter). Vaak wordt ze te weinig gesnoeid. De bloei begint vroeg eri het blad verschijnt snel, maar valt ook vroeg af. Vaak zijn de bomen al kaal, als de Iaatste vruchten worden geoogst. De Goudreinette is nukkig in de teelt. Heeft veel last van schurft en bloedluis. Het best voldoet de boom op middelzware en temige gronden. 0p natte grond is ze kankergevoelig. Zware grond moet goed ontwaterd zijn. 0p erg droge gronden gedijt ze slecht. Vanwege de hoge teelteisen en omdat de appel in alle winkels te verkrijgen is, hoeft de teelt voor de particulier niet aanbevolen te worden.
Van de Goudreinette zijn vele typen in omloop, de bekendste zijn de Gele, de Rode (type Bakker), Schmitz Hübsch (Bieling). De oorspronkelijke Goudreinette wordt ook wel de Groene Goudreinette genoemd Pluktijd half oktober, gebruikstijd tot half maart. Plantadvies: ++
Goudreinetteachfige soorten Er komen in oude boomgaarden meerdere op Goudreinette gelijkende reinettesoorten voor, d.w.z. appels met veel roest en met een kenmerkende reinette-aroma. 0m enkele te noemen: Blenheim Reinette (de beste voor de appeltaart). Canada Reinette Gris, Kasseler Reinette, Muskaat Reinette, Reinette Carpentier, Reinette Clochard, Reinette de Coulon (sterke gezonde soort), Reinette Damason, Reinette de France (mogelijk de atlerlekkerste reinette!). Reinette Descardre, Zabergäu Reinette. Plantadvies: +
Gravensteiner Zeer oude handappel, genoemd naar een kasteel in Sleeswijk. Grote breed bolvormige en geribte vrucht, geelgroen tot roodachtig geel van kleur met rode strepen. Vette harde schil die van het vruchtvlees is af te trekken lri 1858 is een rode mutant geïntroduceerd. Vruchtvlees geelachtig wit, middelvast fijncellig, zeer sappig, harmonisch zoet en wijnachtig rins met uitzonderlijk edel aroma. Vraagt voedselrijke doorlatende grond anders erg ziektegevoelig, m.n. stip. De boom groeit fors, draagt laat en slecht Een echt liefhebbersras Verdraagt zeelucht. Plukrijp september, na enkele weken gaat de smaak snel achter uit. Plantadvies: +
Groninger Kroon. Goede handappel, minder geschikt als moesappel. 0mstreeks 1875 gevonden door S.H. Brouwer in Noordbroek in de tuin van familie Engels en genoemd naar zijn echtgenote Jantje Kroon. Was zeer gewild in het noorden. rnaar is ook veel aangeplant in de lJsselstreek en de Betuwe. Mooie, kleine tot middelgrote, wat langwerpige vrucht, van boven wat breder, groen met aan de zonzijde rode vlekken en strepen. Het vruchtvlees is vast en enigszins droog, gelig van kleur, zacht zuur met een goed aroma. ls bijzonder rijk aan vitamine C. De smaak is goed, maar soms wat gronderig. Matig sterke groeier. Vorrnt een wat piramïdale boom. Enïgszins vatbaar voor bioedluis, kanker en meeldauw en zeer schurftgevoelig. Regelmatige drager, maar niet bijzonder vroeg vruchtbaar. Krijgt op oudere hoogstambomen te kleine vruchten, vruchtdunning is daarom nodig. Stelt geen bijzondere eïsen aan de grond, maar voldoet het beste op lichtere. Pluktijd half oktober, gebruikstijd tot maart. Plantadvies: ++
Groninger Pippeling (Gronlnger Peppe!) Goede handappel, aanvankelijk lichtzuur, later zoet.. Rond 1918 als zaailing iri een fruittuin te Holwierde gevonden. Mooie ronde tamelijk grote stevige vrucht, geel van kleur met flinke blos. ls iri de veertiger jaren van de vorige eeuw op bescheiden schaal in het noorden van Groningen aangeplant als half- en hoogstam op zaailingonderstarn. Door de steile stevige groei en ruime takstand zeer geschikt als bovenbeplanting in de moestuin. Vroeg vruchtbaar, weinig of geen kanker en schurft. Plukrijp half oktober, bewaarbaar tot april en dan nog goed van smaak. Plantadvïes' ++
3
Guldelingen / Gulderlingen Groep zeer oude appels, Knoop onderscheidt: de Franse, Gele, Grauwe, Groene, Rode, Spaanse en Zoete Gulderling De naam is ontleend aan het goudgele uiterlijk. Ze hebben een karakteristiek uiteriijk: langwerpig-ronde tot plat-ronde appels met een kantig tot hoekig-vierkante vorm Bij alle is de schil glad en het gelige vruchtvlees is wat zacht maar zeer aromatisch en sappig. De Franse is middelgroot, scheef gevormd, groengeel met geeibruine vlekken en veel lenticellen. Goed groeiende en rijk dragende boom. November — december. De Ge/e (Fijne Gulderling. Goudappel) is citroengeel gekleurd. De boom blijft wat kleiner. Zeer smakelijk. December — januari. De Groene, ook wel Langwerpige Groene Guldeling genoemd, is onregelmatiger gevormd. De Grauwe (er is een Enkele en een Dubbel Grauwe, die in grootte verschillen), is aromatisch zoet en tamelijk plat met een korte steel en een grote regelmatige schotei met diepe open kelk. Vooral de Dubbele heeft ruwe roestplekken en karaktenstieke wratten. De Dubbele vormt een grote en slecht dragende boom. December —januari. De Rode wordt bij rijpheid bruinrood tot paarsrood over een groene weerschijn. Goed groeiende en rijk drageride boom. December —januari. De Spaanse (Winterframboosappel) is een tamelijk grote vrucht, zeer langwerpig, die naar onder slanker wordt. groengeel met bleek rode blos.
De boom draagt vroeg en goed Februan —maart. De smaak valt wat tegen. Guldelingen zijn ook zeer geschikt voor appeltaart. Ze vormen grote, gezonde en goed dragende bomen. De Zoete Guldeling wordt bij de zoete appels nader besproken. Plantadvies: -/+
Honingzoetje Zeer vroege hand- en potappel. Zeer oud ras, dat volgens de overlevering al rond 1750 voor kwam. Wordt in de drie noordelijke provincies af en toe nog aangetroffen. De appel is tamelijk klein, zeer zoet en strogeel en slechts enkele dagen houdbaar. De bomen kunnen flink groot worden. Draagt goed, maar kent beurtjaren. Zeer gezonde boom Geschikt voor zand- en veengrond. Lijkt wat op de Winschoter Glorie, maar mist de lichte blos en het zweempje zuur van de Winschoter. Zeer vroeg ras rijp eind juli, begin augustus. Enkele weken bewaarbaar. Plantadvies: -/+
Jacques Lebel Franse moesappel, in 1825 door Jacques Lebel uit Amiens geteeld. Grote tot zeer grote gele vrucht met enige rode strepen. Erg taaie vettige schil. Zeer sappig en zuur, maar met weinig zoet en weinig aroma. Na rijping ook als handappel geschikt. Geschikt voor de meeste gronden, behalve erg natte, zelfs op ruige standplaatsen. Plukrijp september, consumptierijp oktober — januari. Plantadvies. +
James Grieve Bekende oude handappel met een goede smaak, die ook als moesappel te gebruiken is. Minder geschikt voor sap of gebak. ln 1880 doorj. Grieve in Schotland gevonden. Grotetotmiddelgrote fraaie lichtgete vrucht met blos en metwat zacht vruchtvlees. Werd door gemis aan kleur aanvankelijk minder gewaardeerd, maar er zijn daarna meerdere kleurmutanten iri omloop gekomen. Vruchtbare, kleine ronde boom met soms wat kanker. Stipgevoelig. Zomerval komt voor. Vraagt goede grond, anders kankergevoelig. Te vroege pluk geeft kans op stip en rnatige smaak. De vruchten ongelijk rijpen is doorplukken noodzakelijk. Pluktijd half sept. en slechts kort bewaarbaar. De rode mutanten zijn een paar weken later rijp. Goed te telen als kleine boom of struik op zwakke onderstam. Plantadvies: +
Jan Menks Potappel (voor stamppot van zoete appels) Oorsprong onbekend, komt van oudsher op het Groningse platteland voor Vormt geen grote boom. Middelgrote brede bonkige vrucht, versmald naar onder toelopend, kleine gesloten kelk in kleine diepe holte met enige nbjes., Aanvankelijk groen met enkele gele vlekken later geel met rode vtekken strepen. Zeer korte steel . Om de steel wat roest. Lijkt veel op de Zoete Aagt. De boom wordt nooit groot. Liefhebbersras. Zacht, flauw zoet vruchtvlees met enig zuur. Plukrijp midden oktober, enkele maanden bewaarbaar. Plantadvies -
Jonathan Goede oude Amenkaanse haridappel, die altijd te vroeg geplukt werd en daarom níet op smaak kwam. Werd in de dertiger jaren van de vorige eeuw door handet en consument zeer gewaardeerd. Middelgrote. fraai gekleurde vrucht met zeer goede smaak. Rood met geelgroene ondergrond (er bestaan meerdere rode kleurmutanten). Matig grote boom. Aanvankelijk slappe groeier, die flink gesnoeid moet worden. Weinig last van kanker en schurft, soms door meeldauw aangetast. Vroege en regelmatige drager. Oudere bomen geven kleine vruchten, dunnen is dan aan te bevelen. Kan zeer Iang bewaard worden Ondanks de goede smaak verdwenen vanwege het soms flauwe aroma, de harde schil, de vaak te kleine vruchten bewaarziekten en het soms ontbreken van kleur op de vrucht. De Jonared is een rode mutant. Pluktíjd half oktober, gebruikstijd bij goede bewaring tot half apríl. Plantadvies: +
4
Judine Handappel. Plaatselijk ras uit Eelde (Dr). Als zaailing geteelt rond 1875 en vernoemd naar zijn kweekster mevrouw Judirie Arends-Arends. die op jeugdige leeftijd het pitje heeft gepoot. De boom is 'herontdekt' door een lid van de NPV in de tuiri van de heer Gernt Bazuin sr. aan de Esweg te Eelde. Bazuin was in zijn jonge jaren werkzaam bij kwekerij Arends en heeft in die tijd een ent van de Judine meegenomen en de jonge boom in de tuin van zijn ouderlijk huis geplant. Van deze +/- 80 jarige boom zijn enten gehaald (1994) en weer in roulatie gebracht. Grote brede vrucht, diep geel van kleur, aan de zonzijde bleek rood gestreept en gevlamd. Gríjs berijpt, hier en daar roest, met bruine lenticellen. De middenlarige steel staat in een licht beroeste kaneelkieurige kelkholte Stevig tot hard vruchtvlees, aangenaam lichtzuur met goed aroma. Groeit van oudsher plaatselijk op zandgrond, geschiktheid voor andere gronden is onbekend. Plukrijp begin september, tot eind januari/begin februari te bewaren. Plantadvies: -/+.
Keswíck Codiin 0ude vroege Engelse moesappel. De middelgrote vrucht is groen en tegen het rijpen geel. Kenmerkend is de riaad langs een zijde van de vrucht Matige en tamelijk steile groeier: Gevoelig voor kanker en schurft en enigszins voor kurkstip, maar herstelt zich daarvan. Zeer snel vruchtbaar en dan een regelmatige drager. Doorplukken is gewenst Moesappel die verdrongen werd door de Early Victona, maar de resultaten iri het noorden waren zodanig dat de appel niet voor deze hoefde onder te doeri. Pluk- en gebruikstijd augustus - begin sept. Plantadvies. Lemoen Goede hand- en moesappel. Rond 1885 door notaris van Ham te Lunteren gekweekt. Middelgrote enigszins platte roride vrucht. Aanvankelijk groen, later geel met veel roest. Geen blos. ls waarschijnlijk een zaailing van de Goudreinette. De boom ¡s indertijd ook geïntroduceerd als eeri verbeterde Goudreinette', omdat ze gezonder zou zijn. Ze is daarom in het begin van de 20e eeuw veel aangeplant. Zeer goede. aarigenaam zure tafelappel die goed bewaarbaar is. De boom is zeer groot en breed, open en wat kaal. Ze draagt erg laat en vaak matig. waarbïj de vruchten dan erg groot kunnen zijn. Ze heeft weinig last van beurtjaren. Het vaste saprijke vruchtvlees is wat witter dari dat van de Goudreinette, maar wat minder friszuur eri meer neutraal van smaak.
Op den duur is aan de Goudreinette ondanks zijn kwalen toch de voorkeur gegeven, vooral vanwege de betere bewaarbaarheid. De boom groeit het beste op zandgronden. Op natte groriden is dit ras kankergevoelig. Plukri1p oktober, consumptierijp november —januari Plantadvies: + Lombarts Caiville Bekende oude handappel. De geelgroene appels krijgen bij bewaring een kenmerkende waslaag. De middelgrote fns zure appel is voor alle doeleinden geschikt. Weinig schurftgevoelig. Goed bewaarbaar. Op mindere gronden enigszins kankergevoelig. Flink dunnen. Beurtjaargevoelig. Voor particulieren aanbevolen. Uit de teelt verdwenen omdat het vwchtvlees wat te zacht is voor de hedendaagse smaak. Voor directe consumptie de appels tot in oktober aan de boom laten hangen tot de appel geel is. Voor bewaring in september ptukken, als de appel nog groen is. De appel is dan tot maart bewaarbaar. Plantadvies: ++ Lunterse Pippeling Prima hand- en moesappel. Grote tot middelgrote groengele vrucht met blos en veel roest. Matig sterke en steile groeier. Zeer sterke soort, heeft weinig last van kanker en schurft en is geschikt voor alle gronden. De smaak is goed friszuur eri sappig - maar de gele vrucht s door het vele roest minder aantrekkelijk van uiterlijk. Vruchten zijn middelgroot, bij oudere bomen is dunnen zeer gewenst.
Hoewel de vrucht geen blos heeft en de kwaliteit matig is, was de bewaarbaarheid uitstekend en werd aanplant daarom aanbevolen. Pluktijd eind oktober, gebruikstijd begin mei. Plantadvies ++
Mank's Codlin Werd ook wel Eva-appel genoemd. Middelgrote oude Engelse moesappel. Het vaste vruchtvlees maakt haar bijzonder geschikt voor appelbollen. Matige handappel. Mooie gele vrucht met blos. Door de steile groei eri zeer rijke vruchtbaarheid al op jeugdige leeftijd was het ras bijzonder geschikt voor het z.g. blijver - wijker systeem en is toen soms aangeplarit. De vrucht bleek van matige kwaliteit. Ofschoon gevoelig voor zaagwesp en wantsen gemakkelijk in de cultuur en heeft weinig hinder van kanker en schurft. Stelt weinig eisen aan de grond. Bij aanaarden oritstaat veel wortelopslag, zodat het ras gemakkelijk door wortelstek te vermeerderen is. Pluktijd begin - half september, gebwikstijd tot begin november. Plantadvies: -/+.
May Queen Oude Engelse hand- en moesappet, gewonnen door Haywood te Wotcester. Brede grote tot zeer grote vrucht, lijkt wat op de Bramley's Seedling en wordt daar soms mee verward. Groen. bij rijpheid geel met veel rood, soms geheel rood met paarse strepen. Geelachtig knappend zacht zuur vruchtvlees met goed aroma. Kleine steile boom. Pluknjp half oktober, gebruíkstijd december — maart, Ptantadvies: ++
Noorderkroon. Handappel. ln 1934, ontwikkeld uit een kruising van Beauty of Bath met Schellinkhouter op het proefstation voor boomkwekerijgewassen te Noordbroek. Ðe vwcht lijkt op een Schellinkhouter met de kleuren van de Beauty of Bath De vorm is min of meer bolrond, de vruchten variéren weinig ín vorm en zijn vrij groot. De groridkleur is geelachtig groen met een gestreepte levendige rode dekkleur die een groot deel van de vrucht beslaat. De smaak is zacht zuur. het vwchtvlees is sappig, stevig en wit. Boom wordt middelgroot. Wat zachte, slechts anderhalve week houdbare appel, die snel melig wordt. Late zomerappel. Plukrijp eind september, 7 à 10 dagen na James Grieve. Plantadvies: -/+
Notaris (Notarisappel) Bekende fraaie grote hand- en moesappel. Rond 1890 gewonneri door notans Van Den Ham te Lunteren. Vermoedelijk vanwege kleur- en smaakovereenkomst een zaailing van de Princesse Noble, al is ze veel groter. De appel is zeer variabel van vorm en kleur. Lichtzuur en rijk aan vitamine C. Kenmerkend is de wat vettige schil. De boom groeit zeer sterk en vormt een grote brede kroon Vooral geschikt voor droge gronden. Vraagt goed ontwaterde grond, anders is ze vatbaar voor kariker en in de jeugdjaren voor topkanker. Aanvankelijk matig vruchtbaar, later zeer vruchtbaar. Op zandgronden beter gekleurd, dan op zwaardere grond. Plukrijp eerste helft oktober, consumptierijp tot januari. Direct na de pluk al te gebruiken. De bewaarbaarheid valt tegen, omdat snel stip optreedt. Planladvies +
Oranje Reinette en Oranje Relnette van Pomona Er Zilfl twee Oranje Reinettes bekend. ln het noorden is de Oranje Reinette van Pomona het meest aangeplant. De oudste van de twee, de Oranje Reinette, is vermoedetijk voor 1850 in Zuid-Nederland ontstaan. De Oranje Reinette van Pomona is in het begin van de 20e eeuw gevonden, maar haar herkomst is onbekend Beide zijn uitstekend smakende handappels van (vermoedelijk) Nederlandse oorsprong, die ook als moesappel geschikt zijn. De vwchten lijken veel op elkaar, ze zijn prachtig gaaf, middelgroot, bij rijpheid helder strogeel tot oranjegeel. De oude Oranje Reinette is vaak wat meer oranjegeel met enig rood, , de smaak is zuurder en minder aromatisch en het is meer een moesappel. De Oranje Reinette van Pomona is als een verbeterde versie te zien van de oude Oranje Reinette. Ze wordt iets groter, is kwatitatief wat beter, terwijl de boom beter groeit. De vruchten van de Oranje Reinette van Pomona lijkefl veel op de Glorie van Holland. Knapperig, zacht zuur met bijzonder aroma De schil fijne toont bruine puntjes en krijgt aan de zonzijde vaak een lichte oranjerode gestreepte blos Middelgrote boom. Geschikt voor bijna alle grondsoorten Weinig last van ziekten. Plukrijp half oktober, consumptierijp tot in januari Aanbevolen voor de liefhebber. Plantadvies: +
Perzikrode Zomerappel. Zeer fraaie vroege handappel. Fraaie, perzikkleurige vwcht. Op lichtgroene ondergrond veel rood en roestbruine lenticellen. Kenmerkende waslaag. Matige groeier Gevoelig voor meeldauw en schurft. Vwchtbare en regelmatige drager. Direct geplukt is de smaak goed, daama wordt ze snel melig. De grote fraaie bloemen geven de boom een hoge landschappelijke waarde. Heeft teeltwaarde door de vroege rijpheid. Vwcht is nogal teer en blijft vaak klein. De boom blijft klein. Pluktijd begin augustus en ze moet direct van de boom gegeten worden. Niet bewaarbaar. Plantadvies: -/s'
Present van Engeland (Heerappel) Handappel. Kwam anderhalve eeuw geleden al wijdverbreid voor. De herkomst is onbekend en waarschijnlijk - ondanks de naam - een oude Nederlandse appel. Goed smakende appel met een kenmerkende vorm: groot, langwerpig, bij de kelk haast spits toelopend. De appel heeft een bijzonder groot klokhuis. Bij rijpheid verkleurt de appel naar geel en krijgt een rode blos. De boom is een matige groeier en vormt lange kale hangende takken met alleen aan het einde bladeren en vruchtknoppen. Dit stelt bijzondere eisen aan de snoei. Kan het beste geteeld worden door een bestaande boom om te enten. ls bovendien vatbaar voor kanker en gevoelig voor bloedluis en zaagwesp. Prima kwaliteit, maar uit de teelt verdwenen door de moeilijke boomvorm, de langwerpige vwcht met groot klokhuis, waardoor de vruchten ¡nefficiënt te verpakken waren en het ras onvoldoende aan het gewicht kwam en de opbrengst voor de teler te laag bleef. Plukrijp november, consumptierijp december — maart. Plantadvies: -I+
6
Presenf van Friesland Handappel omstreeks 1920 gewonnen door H. E. Westra te Hardeganjp als zaailing van de Present van Engeland. De keunngscommissie voor zaailingvruchten van de toenmalige Nederlandse Pomologische Verenigirig gaf haar in 1934 het certificaat 1e klasse toegekend. De vrucht lijkt op die van de Present van Engeland, is wat minder hoog, van boven breed en van onder smal toelopend. Kleur groengeel, bij rijpheid goudgeel met aan de zonzïjde karmijnrode strepen. Steel middetmatig lang, diep ¡ngeplant. keikholte middelmatig diep, kleine kelk. Vruchtvlees geelachtig, zacht zuur, aromatisch, ietwat droog. Na januari verliest de vrucht de smaak. Klokhuis matig groot, veel kleiner dan van de Preserit van Engeland. Boom min of meer type Present van Engeland, maar met minder hangende en kale takken Groei goed. De moederboom, die op een minder guristige, natte ptaats stond, vertoonde weinig kanker en was gezonder dan een boom van de Present van Engeland. De boom bleek zeer vruchtbaar. November—januari. : -/+ Princesse Nob!e. Prima handappel. ln Groriingen en Friesland Franse Kroon genoemd. Zeer oud, mogelijk Nedertands ras, dat rond 1700 al bekend was. De middelgrote vrucht is wat langwerpig, geelgroen tot geel en roodgestreept. Vrij harde, goed smakende appet met een zeer gewaardeerd zoetizuur gehalte en een kruidig aroma.
De vorm van de boom komt overeen met die van de Groninger Kroon, hoewel het hout wat fijner ¡s. De opbrengst is matig omdat de appel vrij klein is en gemakkelijk afvalt. Wordt na het plukken gauw zacht, waardoor ze moeilijk te vervoeren s. Verdrongen door de Cox's Orange, die smakelijker en vruchtbaarder was, Zeer zetdzaam is de Zoete Princesse Noble, die al door Knoop beschreven is. Uiterlijk is deze hetzelfde. Plukrijp oktober, consumptierijp november - januarï. Plantadvies: ++ Queen Oude Engelse moesappel, gewonnen in 1858 door W. Bull te Biltercay (Essex). Blijkt het in Noord-Nederland uitstekend te doen. Bleekgroen met aan de zonzijde helderrode strepen en vlekken en rond de steel roest. Stevig sappig fijnkorrelig wit vruchtvlees, scherp zuur met weinig aroma De fraaie vrucht wordt groot tot zeer groot (op zwakkere onderstam) Wordt regelmatig als grote gezonde oude boom aangetroffen. De grote forse boom, lijkt op het eerste gezicht op de Bramley Seedling, maar de takken en stam hebben een grijze waas. De kroon is wat meer open. De bladeren zijn grijs van onderen. Vraagt een beschutte plaats, want de grote vruchten waaien gemakkelijk af. Plukrijp eind augustus, gebruikstijd september - december. Plantadvies: + Reinette van Ekenstein Hand- en moesappel. Volgens de literatuur rond 1830 gewonnen door jhr. O.R. Alberda van Ekenstein, maar waarschijnlijk ouder.
Een appel met deze naam wordt in de 18e eeuw in de archieven van de Menkemaborg (eigendom van Alberda van Ekensteïn) genoemd. Ook van Noort beschrijft in 1830 een Renet van Ykenstein. Deze is echter veel langer te bewaren. De middelgrote lichtgroene vrucht is bij rijpheid mooi geel. Het vruchtvlees is vast en zacht zuur, maar de smaak valt soms tegen. De boom groeit goed en draagt snel. Wat kankergevoelig Het ras voldeed goed in Noord Nederland en op Friese fruitteeltbedrijven beter dan op Groningse. Plukrijp oktober, consumptierijp tot in november. Plantadvies: + Rode Tu!p Zeer fraaie vroege handappel. Ook wel Zure Zomer Paradijs genoemd. Zeer oud ras. Herkomst onbekend. Kwam iri het hele Noorden voor. Kent veel streeknamen, in het Westerkwartier Pieterman, Midden Groningen Tafelappel en in Noord Groningen Mantelappel, n Oost Groningen Worstappel. Middelgrote langwerpige helder rode vrucht met een goede smaak. De naam Tulpappel kan verklaard worden door de vrucht omgekeerd te houden en aan de steel vast te pakken, het lijkt een prachtig rode tulp. Sterk gemêleerd gekleurde vruchten, die niet goed houdbaar zijn en gauw melig worden. Ze moeten bij voorkeur 's ochtends vroeg als het koet is, worden geplukt. De boom groeit goed en is weinig ziektegevoelig. De variéteit Blanke Tulp is geel en heeft dezelfde kenmerken, de boom blijft wat kleiner. Pluk- en consumptietijd augustus.
Plantadvies: -/+ Rode Peppeling Handappel. Lijkt veel op de Schöner von Nordhausen. Rond 1930 Gevonden door de heer van der Helm te Schildwolde en daar plaatselijk verspreid. Schitterende vrucht, groot tot zeer groot, geel met een rode tot purperen blos, overtogen met een wasachtige rijplaag. Prima smaak. Niet al te grote boom. Soms kankergevoelig. Plukrijp eerste helft oktober, te bewaren tot eind december. Plantadvies: ++
7
Roya! Jubilee (Grahams Royaljubilee) Engelse moesappel uït 1888, geteeld door John Graham, te Hounslow bij Londen. Grote tot zeer grote gele vrucht, soms met wat rode lenticellen. Sappig. fijn zurig met weinig aroma. Na bewaring ook als handappel geschïkt. Zeer gezonde boom die op bijna elke grond en op elke standplaats groeit. Plukrijp september, gebruikstijd oktober — januari. Plantadvies• ++
Sche!linkhouter Goede handappel, gevonden in het Noord-Hollandse Schellinkhout, die volgens het Handboek van de Fruitteelt van Prof Sprenger uit de dertigerjaren van de vorige eeuw ook in Groningen goed voldeed. Zeer fraaie grote tot matige grote vrucht, bleekgeel met rode strepen, onregelmatig van vorm. Wit sappig vruchtvleesvlees, lichtzuur met aangenaam aroma, dat aan Princesse Noble doet denken. Gezond en vruchtbaar. Consumptietijd oktober - november. Plantadvies: +
Schone van lephof Handappel. ln 1943 door Anne Bosgra (kwekerij Bosgra te Bergum) gekweekt. Een grote, wat hoekige langwerpige appel. Zeer variabel van vorm, grootte en kleur. Kan fraai paarsrood worden. Knappend sappige appel, prima van smaak. Voldoet op alle grondsoorten en voor alle doeleinden geschikt. Uit de teelt verdwenen omdat haar productiviteit indertijd te laag bleek. Goede appel voor de particulier Plukrijp vanaf oktober (afhankelijk van de standplaats), 4 tot 6 weken bewaarbaar, in de koeling veel langer. Plantadvies' ++
Schöner von Nordhausen ln 1892 als zaailing gevonden en door kweker Kaiser in Nordhausen (D) in de handel gebracht. Zeer fraaie middelgrote tot grote vrucht, groen tot bleek groengeel met rode tot lichtpurperen blos. Lekkere hand- en moesappel. Wit vruchtvlees dat sappig en zoetzuur is. Vraagt voedselrijke niet te droge grond en een open koele standplaats. Plukrijp oktober, consumptierijp januari — april. Plantadvies ++
Signe Tillisch Deense handappel, als zaailing gevonden door Tillisch in Bjerre bij Horssens op Jutland. Zeer grote tot middelgrote vrucht. Bijzonder fraaie vrucht. Breedrond en hoekig, geel tot oranjegeel met lichte rode vlekken. Het vruchtvlees is fijn en sappig, wat zacht, zoet met wat mild zuur, harmonisch, fijn aroma. Vraagt voedselrijke luchtige grond en open standplaats, anders kankergevoelig. De boom draagt laat. Plukrijp september, consumptierijp tot oktober. Plantadvies: +
Sterappe! Bekende handappel. De herkomst ligt in de driehoek Maastricht - Luik - St. Truiden. Dateert van vóór 1830. Werd ook in het noorden vaak aan9eplant. Af en toe vinden we nog een grote oude en gezonde boom. Middelgrote vrucht. Na rijping bijzonder fraaie donkerrode vruchten met witte lenticellen, die de appel het uiteriijk van een vrucht met sterretjes geeft. Bij het dwars doorsnijden vormt de tekening van het klokhuis een fraaie rode ster. Uitsluitend op hoogstam te telen en de boom wordt laat vruchtbaar. Het fraaie uiterlijk wordt pas na een speciale arbeidsintensieve rijpingsprocedure bereikt (op stro uitspreiden en regelmatig keren om de vruchten mooi te laten kleuren). Dit en de late vruchtbaarheid zijn de voornaamste reden waarom de sterappel. ondanks haar populariteit bij het grote publiek, uit de handelsteelt is verdwenen. Plukrijp oktober, consumptíerijp tot de kerst. Plantadvies: -/+
Swaanappel Zeer oude en vrijwel verdwenen moesappel, al in 1758 door Johann Herniann Knoop beschreven, waarvan in het Groningse Westerkwartier nog enkele bomen zijn aangetroffen. Grote egaal geelgroene vruchten. met een grijs waas. Merkwaardige slank gevormde vrucht die buikig van boven is. Scherp zuur. Forse gezonde en productieve boom. Pluken gebruikstijd september - oktober. Plant-advies: -/+
Transparente de Cronce!s. Hand- en moesappel. ln Noord-Groningen ook Memsappel genoemd. Oude Franse hand- en moesappel, die in 1869 door kwekerij Baltet in Croncels bij Troyes in de handel is gebracht. Grote tot zeer grote vrucht, geel tot licht oranje met typische grote lichte lenticellen. Vruchtvlees gelig, sappig en zacht zuur. De vruchten worden gemakkelijk beurs. Vraagt goede luchtige grond anders nogal kankergevoelig. Rijp in september en kort bewaarbaar. Plantadvies: -/+
Valkappel Handappel, Streekras dat tussen 1910 en 1920 rondom Loppersum werd aangeplant en van daaruit breed is verspreid in Groningen en in Noord-Drenthe. Daar komt deze buitengewoon fraaie appet regelmatig voor. Warm geel met karmijnrode strepen. Middelgrote, smakelijke zoetzure vrucht. Zeer gezonde, vrij grote boom. Bomen van meer dan 80 jaar zijn geen uitzondering. Geschikt voor alle gronden, alleen op veengrond wat kankergevoelig. Laat vruchtbaar maar is dan ook zeer productief. Aantrekkelijk ras voor de liefhebber. Consumptierijp september - oktober. Ptantadvies: ++
8
r. V!aamse Schijveling) (Court Pendu d'Efé) Potappel die ook goed als handappel kan dienen. "Vlaamse" heeft waarschijnlijk niets met Vlaams van doen maar is een verbastering van "gevtamde". Werd vroeger als één van de beste droogappels beschouwd. Geelgroene vrucht met kleine grauwe puntjes, aan de zonkant rood gevlamd. Middelgrote, p1atte en brede vrucht, aan een zijde wat dikker. Blijft meestal wat klein. Sappig, zacht zuur met weinig aroma. Snel melig. Boom groeit sterk en wordt plat bolvom'iig. Kankergevoelig. Naast de zure is er een zoete variéteit. September — oktober. Plantadvies: -/+
Veendammer Glorie Goed smakende handappel. Rond 1930 door boomkweker Kuiper uit Winschoten gekweekt uit een kruising tussen Bramley's Seedling en Groninger Kroon. Grote tot zeer grote wat conisch gevormde grote gele vrucht met fraaie rood gestreepte blos. Enigszins tere schil, waardoor de vrucht snel beschadigd raakt, wat de vrucht voor de handel minder geschikt maakte. Boom groeit aanvankelijk sterk en wordt een middelgrote, traai gevormde boom. Goed te telen op zand eri veengrond. maar dan wat kanker- eri schurftgevoelig. Weinig kankergevoelig, niet schurft-, maar wel stipgevoelig. Piukrijp in oktober, consumptierijp tot in januari. Plantadvies: ++ Wi!lem 111 Handappel. Streekras, rond 1930 door Luide Mulder, een onderwijzer te Midwolde (Oldambt) gevonden Waarschijnlijk een zaailing van de Pnncesse Noble, omdat deze daarmee veel overeenkomsten heeft. De vrucht is groter, de kleur is wat roder en de boom groeit sterker. Consumptienjp oktober - december Plantadvies: +
Winschoter Glorie Zoete handappel. ls vóór 1940 in de omgeving van Winschoten gevonden. De tuinbouwconsulent Krabbe vermeldt ovengens al in 1911 een regionale appel met deze naam in het Oldambt. Volgens de overlevering is het ras gevonden op een doorgesct'ioten onderstam op één van de vele boomkwekenjen rondom Winschoten. Middelgrote vrucht. geel met enige rode strepen. De smaak is aangenaam zoet met een mild zuur. Nauwelijks te onderscheiden van de Zoete Veger, maar de Winschoter heeft een blos en een zweempje zuur. De boom groeit goed en wordt groot. Weinig ziektegevoelig, geschikt voor elke grondsoort. Consumptierijp september, stechts enkele weken te bewaren. Plantadvies. -/+
Yellow Transparenfe (Oogstappel). De officiéle internationale namen zijn overigens White Transparent of Transparente 8!anche. De naam Transparente Jaune komt alleen in Nederland voor. De vroegste handappei. Zeer oud ras, waarschijnlijk afkomstig uit de Baltische staten. ln het verleden in het noorden veel aangepiant. Middelgroot, bleekgroen, bij rijpheid lichtgeel tot bijna wit Handappel van behoortijke kwaliteit, maar er zijn tegenwoordig beter smakende moderne vroege rassen beschikbaar. Bij oude bomen loopt de srnaak sterk terug. Op de meeste gronden vatbaar voor kanker, schurft en bladluizen en moet daarom oritraden worden. Wel is ze vroeg vruchtbaar en blijft de boom vrij klein en smal. Deed als bestuiver goede diensten in boomgaarden. Doorplukken verdient aanbeveling. Pluk- en consumptietijd augustus. Plantadvies: -I+
Zigeunerin Moesappei, die als handappet alleen lekker is als ze direct van de boom gegeten wordt. Heel geschikt als "showappel". Grote, prachtige vrucht, licht groen, aan de zonzijde rood gevlekt en gestreept en .soms met een geheel karmijn rode blos. Werd vroeger, evenals de Yeilow Transparent, door haar steile groei en vroege vruchtbaarheid veel aangeplant. Regelmatige drager met goed gekleurde vruchten. Matige kwaliteit "gennge kwaiiteit in een mooi jasje". Enigszins gevoelig voor kanker en zaagwesp. Schurftvrij. Pluk- eri gebruikstijd eerste helft september. Plantadvies: -l+
Zoete Aagt Potappel. De "Aagten" vormen een groep zeer oude appels, zoais de Blanke, Rode, Zoete en Enkhuizer. Meestal wordt de kwatitatief minste, de Zoete Aagt, aangetroffen Aagten zijn middelgrote, enigszins langwerpige, scheve en kantige appels, die bij rijping strogeel zijn met rozerode strepen. De Zomeraagt is met een wit waas bedekt, de Zoete Aagt niet. Het vlees van de laatste is zachter en zoet. De boom groeit goed, is zeer gezond en werd daarom wel als onderstam voor andere rassen gebruikt. Overigens beschrijft Knoop een andere Zoete Aagt, die ook Kroonsappel wordt genoemd. Pluk en gebruikstijd september — oktober. Plantadvies: -/+
9
Zoete Bloemée Ook wel Bloemzoete genoemd. Oude Nederlandse potappel. ook als hand- en droogappel geschikt. Komt in het Noorden regelmatig in oude boomgaarden voor. Klein tot middelgroot, geel met roodgestreepte blos. Vruchtvlees is aangenaam zoet en vrij zacht en daardoor moeilijk te vervoeren. Boom en vrucht goed gezond. Voldoet op elke grond. Kan grote oogsten geven. Er ztjn meerdere 'Bloemzoeten'. Zoete-. Herfst-, Winter- en Witte Bloemzoete. De Herfstbloemzoete komt het meest voor en wordt ook wel "Kandijzoetje" genoemd. De bomen en vruchten van al deze rassen lijken op elkaar, maar de rijpingstijd verschilt. De boom kan bijzonder oud worden. Zelfbestuivend. Plukrijp eind september, gebruikstijd oktober - december. Plantadvies: +
Zoefe Campagner (Blauswitte, Blauwwitte) Zeer oud Nederlands ras. 'Campagne" is een oude term voor "in de handel brengen'. Prima potappel. Ook wel "Blauwzoete" genoemd. Matig groot tot klein. Mooie dofrode vrucht. Kwam algemeen voor in Nederland, in Friesland meer geteeld dan in Groningen en Drenthe. Gezonde boom met een mooie bolvormige kroon. Stelt geen bijzondere eisen aan de grond. Ook geschikt voor aanplant op venige gronden en op plaatsen vlak aan zee. Beurtjaar gevoelig Piukrijp in de loop van november. Zeer lang bewaarbare appel (tot in maart) Plantadvies -/+
Zoete Ermgaard Zeer oude Nederlandse soort. Algemene voorkomend in Nederiand. ln Friesland meer geteeld dan in Groningen en Drenthe. ln het Noorden ook wel "Grijze Kraai" genoemd. Goede zoete kookappel, na rijping ook als handappel geschikt. Klein tot middelgroot, licht groen met veel rood tot donker paarsrood. Zeer gezonde boom, geschikt voor alle grondsoorten. De appel hangt stormvast aan de boom. Beurtjaargevoelig. De boom wordt te groot voor de meeste moestuinen. Plukrijp oktober, bewaarbaar tot april. Plantadvies -/+
Zoefe Guldeling Er is een Enkele en een Dubbele Zoete Guldeling. Zeer oude zoete appets, die incidenteel worden aangetroffen. Grote vruchten, langwerpige tot ronde, kantige appels. Fraai geel met zacht rode blos. Vrij vast, aangenaam zoet vruchtvlees De Enkele is kleiner en minder zoet dan de Dubbele. De vwchten zijn lang te bewaren. Gezonde bomen, die goed dragen. Plukrijp november, gebruikstijd tot maart. Plantadvies -/+
Zoete Grauwe Reinette Potappel. Ook wel Zoete Goudreinette genoemd. Herkomst onbekend en al genoemd in 1860. Ook wel 'Kaneelzoetje genoemd. Wordt incidenteel aangetroffen. Harde middelgrote appel met bruingele schil, het vruchtvtees is crèmekleurig. De boom groeit steil en wordt tametijk groot. Uitstekende potappel (voor de hete bliksem). Vraagt diepe zware voedzame grond. Op veen houdende grond en bij hoog grondwaterstand erg kankergevoelig. Plukrijp november. zeer lang (tot maart en vaak Ianger) bewaarbaar. Plantadvies: -/i-
Zoete Kroon = Zoete Winterkroon Ook Zoete Winterkroon genoemd. Zoete hand- en potappel. Rond 1870 door S.H. Brouwer te Noordbroek gevonden in de tuin van mevrouw van der Molen -Stelmaker en evenals de Groninger Kroon genoemd naar zijn echtgenote Jantje Kroon. De meest geteelde en beste zoete appel in het Noorden. Middelgrote platronde vrucht. fraai glimmend rood met donkerrode strepen. Aromatisch zoet van smaak. Opvallend is, dat na een warme zomer, het klokhuis vaak glazig en nat is. Tamelijk goed te bewaren, vooral de middelgrote vruchten. Dichte groei, vaak kleine vruchten en beurtjaren, vooral bij oudere bomen, waardoor dunnen en snoeien regelmatig nodig is. Buitengewoon gezonde boom: geen kanker, weinig schurft en enigszins gevoelig voor spint en wants Zelfbestuivend. Pluktijd eind september, gebwikstijd tot februari. Plantadvies: ++. Opm. Ook Knoop noemt een Zoete Kroon of Zoete Kroonsappel. Dit is een even fraaie soort, die meer langwerpig is en vroeger rijpt. Hiervan zijn enkel bomen gevonden. Zoete Pippeling. Zoete hand- en potappel, ook zeer geschikt om te drogen. Ook wel Tuinzoete genoemd. Zeer oude Nederlandse soort, rond 1950 nog van betekenis voor de handelsteelt in Groningen en Drenthe. Wordt vaak verward met de Zoete van den Bent. Middelgrote, ronde vrucht, lichtgroen tot oranje geel met oranjerode lenticellen en blos. ls wat geler dan de Zoete van de Bent.
De schil is vaak wat ruwer. Stevige en zeer zoete appel. die zowel als handappel en als potappel geschikt is. Matig sterke groeier, die breed uitgroeit. Gezonde boom: weinig vatbaar voor kanker en schurft. Regelmatige drager. Pluktijd begin oktober, gebruikstijd tot december. . Plantadvies: +
Zoete Roemeling. Vroege potappel. Nederlandse appel, die al in 1912 in catalogi werd genoemd. Middelgrote zoete appel. Platrond van vorm. Groengeel tot strogeel van kleur met zeer veel lenticellen. Goed van smaak. Was een productief ras. Vormt een grote gezonde boom, die vroeg en overvloedig draagt. Pluk en gebruikstijd september - oktober. Plantadvies: -/i10
Zoete van den Bent Bendeízoet. Binderzoet. Zeer oude zoete appel. Middelgrote vrucht. groen tot geel met oranjerode blos Wordt vaak verward met de Zoete Pippeling. Blijft wat groener dan de Zoete pippeiing. De schil is vaak wat ruw Stevige en zeer zoete appel. die zowel als handappel en als potappel geschikt is. Matig sterke groeier. die breed uit groeit. Gezonde boorn. weinig vatbaar voor kanker en schurft. Regelmatige drager Pluktijd half oktober, gebruikstijd tot januari Plantadvies +
Zoete Veen Ook wel Zoet Veentje of Veentjes genoemd Zeer oude soort. Kleine platronde zoete potappel Rood tot bruinrode blos en veel roest Vast vruchtvlees Gebruikstijd november — februari. Plantadvies: -l+
Zoete Veger. Pot- en zoete handappek Vroeger bekend in het Zuidelijk Westerkwartier van Groningen en de Friesche wouden, nu heel zeldzaam geworden Lijkt zeer veel op de Winschoter Glorie (eveneens vroeg) en eriigszins op de Reinette van Ekenstein (zoet-zuur). De fraaie vruchten zien er uit als die van de Reinette van Ekenstein, lichtgeel met licht rode blos. maar zijn wat platter, De smaak is zoet met een aangenaam aroma. Tamelijk lange dunne steel Gezonde boom, die wat gevoelig voor topkanker is. Liefhebbersoort, Plukrijp september, enkele maanden te bewaren. Plantadvies: -/+
Zijden Hempje (Zomer-, Herfsf-, Winter-). Zeer oude handappel en fraaie tentoonstellingsappel Sporadisch te vinden De naam verwijst naar het fraaie bedauwde uiterlijk van de vrucht. Alle drie types zijn klein tot middelgroot, regelrnatig conisch van vorm, aanvankelijk groen, bij rijping verkleurend tot bijna wit met rode streepjes aan de zonkant. Zeer gladde schil. Geel fijn zacht vruchtvlees, zacht zuur, aromatisch en heerlijk van smaak Zelfs gekneusde vruchten kunnen bewaard worden. er komen geen rotte plekken, maar de beurse plekken verkurken Ze verschillen vooral in rijpingstijd en bewaarbaarheid. Het ZomerZijdenhempje, ook wel Streepkesappel genoemd, is rijp in augustus en kort bewaarbaar Dit ras is waarschijnlijk de Couleur de Chair, een Franse appel, die door, J.H. Knoop als identiek met Cousinot d'Eté. syn. SomerKroon wordt gezien Het HerfstZ(jdenhempje is wat groteí. "Een der fìjnste. zo niet de fljnste tafelappel'. volgens een publicatie uit 1876. Gebruikstijd begin oktober tot jariuari Van dit type staat een negental bomen bij de Menkemaborg in Uithuizen,
Hef Winterzijdenhempje of Wit Zijdenhempje s lichter gekleurd. Deze s plukrijp november tot december en tot maart bewaarbaar. De bomen van alle drie types zijn steile groeiers, zijn middelgroot tot groot en gezond en dragen rijk. Ze voldoen op de meeste grondsoorten, behalve op nat veen (kankergevoelig). De voorkeur heeft kalkrijke klei en kalirijko grond. Het zijn karakteristieke rassen voor de boerenboomgaard Plantadvies: +
APPEL0OORSNEDES
Anaoasreinette
Brabantse Be1!efleur
B!enheim Orange
Beautyof Bafh
Boerma appel
Dubbe!e Be!!efleur
ßramley Seedling
Cox d•Orange Plppin
Dokkumer Nrje
Early Victona
Çij
Drenfse Bellefleur
Engelse Winfer Goud Pearmain
Glorie van Hol!and
/
Goudreinetfe
Gravensfeiner
13
/
Groninger Kroon
Honingzoeie
James Grieve
'\ N
Keswick COdlin
Lemoen
Lombarts Calv,Ile
Lunterse P,ppeling
Manks Codlin
Notaris
14
'a ìÁ, / l
-uy IL,L
Oranje Reinetfe
Perzikrode Zomerappel
Queen
Oranje Reinette van Pomona
Paradijs (Drentse)