CConstaterende datOoststellingwerf
Koppel je AI →
Document · PDF

Rapport rekenkamercommissie

Raadsvergadering 20 juni 2023, gemeente OoststellingwerfBij agendapunt: Toekomst Biosintrum41.663 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 4 van 5

Aan de zijde van de gemeente bestond lang de indruk dat gemeente, provincie en Ecomunity Ontwikkeling BV elk zouden participeren in de realisatie van het Biosintrum. Tegelijkertijd werd door de ambtelijke projectleider gewerkt aan een businessplan waarbij Ecomunitypark Ontwikkeling BV volgens de eigenaar niet betrokken was. Uiteindelijk participeert Ecomunitypark Ontwikkeling BV niet in de realisatie van het Ecomunity Center. De portefeuillehouder namens de gemeente en Zwart geven elk een andere visie op hoe een en ander zo is gelopen. De portefeuillehouder geeft aan verbaasd te zijn dat de eigenaar van Ecomunitiypark niet mee wil doen. Anderzijds geeft Zwart aan dat gebieds- en projectontwikkeling weliswaar voor hem geen corebusiness is maar dat hij een publiek-private samenwerking voor ogen had en dat de gemeente dit uiteindelijk te ingewikkeld vond en besloten heeft “wij doen het zelf”. Mede hierdoor is de aanvankelijke sfeer van vertrouwen omgeslagen in onderling wantrouwen. In een zorgvuldige procesgang is het lang boven de markt zweven van de vraag of een belangrijke beoogde partner (risicodragend) mee wil doen niet mogelijk. Ook over het al dan niet verkrijgen van een bancaire lening is de procesgang weinig helder en expliciet. Nog tot begin 2017 wordt door de ambtelijk projectleider uitgedragen dat er met meerdere banken contacten zijn over een lening.

In diverse gesprekken is echter aangegeven dat een bancaire lening nooit echt een serieuze optie was omdat het commitment van de partners maar beperkt was tot een korte periode (van respectievelijk 5 jaar voor de onderwijsinstellingen en 3 jaar voor de bedrijven waarmee een partnerovereenkomst is gesloten).

62

Rapportage van het rekenkameronderzoek naar het Biosintrum in Oosterwolde | november 2021

5 Informatievoorziening aan en taakopvatting van de raad De deelvragenclusters III en IV zijn gericht op de betrokkenheid van de gemeenteraad bij het Biosintrum-dossier. In hoofdstuk 5 wordt nader ingegaan op de betrokkenheid van de raad, waarbij de onderzoekers de volgende lijn aanhouden: 

In paragraaf 5.1 wordt toegelicht hoe de raad betrokken was bij een aantal belangrijke besluitvormingsmomenten over het Biosintrum.

In paragraaf 5.2 wordt ingezoomd op de informatievoorziening aan de raad, met als centrale vraag of de raad adequaat (in casu volledig, tijdig en juist) is geïnformeerd.

In paragraaf 5.3 wordt tot slot bezien of er in de taakopvatting van de raad een bepaalde ontwikkeling zichtbaar is.

Bij de beschrijving van de feitelijke betrokkenheid van de raad bij de belangrijkste besluitvormingsmomenten wordt voor gedetailleerde toelichting op onder meer door de raad gestelde (‘technische’) vragen verwezen naar bijlage III. 5.1

Betrokkenheid raad vóór 2016

Vragen van &

In de aanloop naar de qua besluitvorming belangrijke raadsvergadering van 27 september

sessies met

2016, is het Biosintrum (eerder Ecomunity Center genoemd) diverse keren aan de orde

de raad

gesteld door raadsfracties. Dit betreft onder meer: 

Vragen stellen door de raad en beantwoorden door college naar aanleiding van de Programmabegroting 2016-2019, ter bespreking in de raadscommissie Planning & Control d.d. 28 oktober 2015.

Een raadsbijeenkomst d.d. 12 januari 2016, waarin de raad wordt ‘bijgepraat’ over het Biosintrum, mede aan de hand van een presentatie vanuit de ambtelijke organisatie.

In de raadscommissie Planning & Control van woensdag 28 oktober 2015 wordt onder ingegaan op de volgende aspecten van het Biosintrum: 

De PvdA-fractie stelt vragen bij “de aankondiging van het college een extra uitgave te doen van € 100.000 aan voorbereidingskosten voor het project Ecomunity Center”. Het college antwoordt dat dit bedrag al opgenomen was in de Kaderbrief 2016-2019 (door de raad vastgesteld op 16 juni 2015). Daarin was aangegeven dat het college een investering voorzag in het gebouw van € 1 miljoen en dat een bedrag van € 100.000 noodzakelijk zou zijn voor de voorbereiding (o.a. voor ontwerp en inhuur architect).

De PvdA-fractie vraagt “waarom er nu al gelden voor het Ecomunity Center moeten worden gereserveerd. Onder andere het proces bij de provincie gaat moeizaam”. De fractie vraagt waarom het college niet wacht met reserveren tot aan alle voorwaarden van de raad is voldaan. Het college antwoordt dat de provincie de gelden al in de begroting heeft staan en dat voor zowel provincie als gemeente geldt dat een goede businesscase voorwaarde is voor gebruik van de gereserveerde middelen voor de beoogde investering.

63

Rapportage van het rekenkameronderzoek naar het Biosintrum in Oosterwolde | november 2021

Ooststellingwerfs Belang stelt de vraag of tegenover de subsidie van de gemeente eventueel toekomstige inkomsten staan, bijvoorbeeld uit huur, of dat het een eenmalige subsidie betreft zonder dat daar verder financieel iets tegenover staat. Het college antwoordt dat er verschillende mogelijkheden zijn. Het kan bijvoorbeeld inderdaad gaan om een eenmalige subsidie onder voorwaarden, maar mogelijk wordt het gebouw in een gezamenlijke stichting ondergebracht, waardoor huuropbrengsten richting stichting vloeien en de gemeente deelt in deze opbrengsten38. Het college geeft aan dat nadere inzichten aan de raad worden aangeboden als uitvloeisel van de op te stellen businesscase.

Daarnaast worden er vragen gesteld over eventuele ‘marktvervalsing’ en ‘staatssteun’ (door de fractie van ChristenUnie) en over hoe de gemeente kan bevorderen dat de mensen die de in het positieve scenario geraamde 600 banen ook komen wonen in Ooststellingwerf (door CDAfractie). Op 12 januari 2016 verzorgt de ambtelijke organisatie een presentatie over de stand van zaken van BBE i.c. BioBased Economy. Er wordt ingegaan op zowel de voortgang ‘BBE breed’ als over de voortgang met betrekking tot het businessplan Ecomunity Center: 

Over de voortgang van Biobased Economy ‘breed’ wordt gememoreerd dat de raad de Nota van Uitgangspunten op 17 november 2015 heeft vastgesteld. Aangegeven wordt dat de conceptvisie op BBE gereed is en in februari 2016 met de raad zal worden besproken. De visie zal vervolgens worden uitgewerkt in een uitvoeringsprogramma met een looptijd van vier jaar. Besluitvorming door de raad over het uitvoeringsprogramma is voorzien mei/juni 2016.

Wat betreft het businessplan Ecomunity Center wordt aangegeven dat de afgelopen periode is gewerkt aan dit plan, zowel cijfermatig als juridisch als wat betreft samenwerking met partners, en dat het businessplan in concept gereed is. Het businessplan bestaat uit (1) een cijfermatige investeringsanalyse en exploitatieopzet, (2) juridische opzet en structuur, (3) belastingtechnische aspecten en (4) overeenkomsten met partners uit onderwijs en bedrijfsleven. Besluitvorming door de raad over het businessplan is voorzien maart/april 2016.

In de raadsvergadering van 16 februari 2016 vindt besluitvorming plaats over de beleidsvisie Biobased Economy. Het Ecomunity Center krijgt in de beleidsvisie weinig aandacht (één keer dat in het Ecomunity Center biobased design producten bijvoorbeeld in een showroom getoond kunnen worden en een andere keer dat de gemeente incidenteel wellicht zelfstandig initiatieven wil ondersteunen zoals bij het te ontwikkelen BioBase center op het Ecomunitypark. Op 29 maart 2016 is er een besloten bijeenkomsten van college van B&W met de raad, waar de raad wordt bijgepraat over het businessplan. De onderzoekers beschikken niet over een verslag of notulen van deze bijeenkomst39. 38 Het is de onderzoekers niet geheel duidelijk hoe dit bedoeld is. Een stichting kan niet ‘van de gemeente zijn’, geheel of gedeeltelijk. 39 De onderzoekers gaan ervan uit dat van deze bijeenkomst ook geen verslag gemaakt is.

64

Rapportage van het rekenkameronderzoek naar het Biosintrum in Oosterwolde | november 2021

5.2

Raadscommissie Ruimte d.d. 13 september 2016

Uitvoerings-

In de raadscommissie Ruimte van 13 september 2016 wordt zowel het uitvoeringspro-

programma

gramma Biobased Economy als het businessplan Ecomunity Center besproken. In de bijeenkomst wordt een presentatie verzorgd door de lector Bodem van Hogeschool Van Hall Larenstein en de voorzitter van het College van Bestuur van Nordwin waarbij met name de laatste ingaat op de motivatie voor en de meerwaarde van een Ecomunity Center in Oosterwolde. Stierhout geeft aan dat het Nordwin als Agrarisch Opleidingscentrum (AOC) twee opdrachten heeft, namelijk onderwijs geven en kennis delen met de omgeving. Deze laatste opdracht resulteert erin dat studenten stages lopen en anderszins contacten hebben met en ook projecten doen voor bedrijven. De insteek is “doe nou projecten in de praktijk waar de praktijk iets aan heeft”. Groepjes studenten worden op praktijkopdrachten gezet, niet alleen vanuit de hoofdvestiging van Nordwin in Leeuwarden maar ook vanuit de vestigingen in Buitenpost, Heerenveen en Sneek. In Zuidoost-Fryslân heeft Nordwin geen vestiging. Nordwin heeft verder uitvalsbases voor studenten in Burgum (daar gaat het om “tientallen projecten”) en op Ameland en Nordwin wil ook via het Ecomunity Center in de regio Zuidoost-Fryslân werken.

Concreet gaat het dan om het benutten van het Ecomunity Center als uitvalsbasis voor door studenten op te zetten praktijkgerichte projecten, om zo samen te werken met bedrijven in de regio, en voor onderwijs aan BBL-studenten en andere cursussen. De commissieleden stellen uiteindelijk twee vragen aan de voorzitter van het College van Bestuur van Nordwin. Fractie ChristenUnie vraagt om een toelichting op de projecten die zoals in Burgum worden uitgevoerd, om een beeld te krijgen van wat verwacht mag worden in het Ecomunity Center. De voorzitter van het College van Bestuur van Nordwin verwijst onder andere naar het project ‘Better Wetter’ in Veenwouden, waar studenten met agrariërs en een ecologisch adviesbureau kijken hoe omgegaan kan worden met het inklinken van de veenbodem, bijvoorbeeld door deze te ‘vernatten’ en dan bijpassende teelten te zoeken (zoals die van lisdodden die gebruikt kunnen worden voor plaatmaterialen). De fractie van D66 stelt vragen over de geografische uitbreiding van Nordwin, als het college gebruik gaat maken van het Ecomunity Center. Wat kan Nordwin in Oosterwolde wat het niet kan in Burgum? Het antwoord luidt dat Nordwin geen school gaat oprichten in Oosterwolde, hoewel de AOC’s sterk groeien, maar dat Nordwin zich “wil verbinden met de regio”. In Burgum is dat met Noordwest-Fryslân en in Oosterwolde zou dat zijn met Zuidwest-Fryslân.

Er worden geen vragen gesteld aan de voorzitter van het College van Bestuur van Nordwin over de lengte van het commitment, dat in principe in eerste instantie tot vijf jaar beperkt is, noch wordt de vraag gesteld of het vaker voorkomt dat een ROC of MBO zich op zo’n manier verbindt aan een initiatief als het Ecomunity Center en wanneer het initiatief voor Nordwin uiteindelijk als succesvol kan worden gezien. In de navolgende ‘richtinggevende bespreking’ van het uitvoeringsprogramma Biobased Economy is de teneur van de fracties die het woord nemen dat zij tevreden zijn met zowel het uitvoeringsprogramma dat er nu ligt en ook met de beantwoording van de over dit programma

65

Rapportage van het rekenkameronderzoek naar het Biosintrum in Oosterwolde | november 2021

door de fracties gestelde vragen. Enkele kritische opmerkingen richten zich op eventuele ongeoorloofde steun aan bedrijven en op de evaluatie van lopende en op te zetten projecten. Verder wordt gewaarschuwd dat de gemeente wel een rol kan pakken als “smeerolie” maar niet “de motor zelf moet zijn”, met andere woorden, het is van belang dat bedrijven en maatschappelijke organisaties (ook) aan het programma trekken. Besloten wordt dat er voldoende draagvlak is om de behandeling in de raad van 27 september 2016 te beperken tot één ronde “zodat u uw blijheid ook in de raadsvergadering kunt etaleren”. Businessplan

Het agendapunt ‘Businessplan Ecomunity Center’ wordt eveneens ‘richtinggevend’

Ecomunity

besproken. Gestelde vragen en gevoerde discussie richten zich met name op de exploitatie

Center

en op de rechtsvorm en governance van de op te richten stichting, ook in relatie tot de gemeente. Navolgend een niet uitputtend beeld van een aantal voor de besluitvorming hierover relevante vragen van raadsleden en antwoorden van het college (inclusief ambtelijke ondersteuning in de vorm van de ambtelijke projectleider Biobased Economy): 

Diverse fracties geven aan te hechten aan het instellen van een Raad van Toezicht (RvT). Er worden ook vragen gesteld over aantallen bestuurders en leden van RvT.

De PvdA-fractie geeft aan het heel belangrijk te vinden dat de belastingproblematiek van te voren is opgelost.

De PvdA-fractie stelt de vraag “wat als er een tekort ontstaat bij de stichting, is de gemeente dan gehouden 1/3 bij te dragen? De op te richten stichting is zelfstandig, hoe gaat dit dan?” De fractie stelt ook de vraag wat een aanvaardbare ‘post onvoorzien’ is.

De fractie van GroenLinks wil graag een RvT en stelt vragen over het onbezoldigde karakter van het lidmaatschap daarvan. De fractie stelt eveneens de vraag of de gemeente verantwoordelijk is voor eventuele verliezen van de stichting.

De fractie van GroenLinks stelt ook de vraag wanneer de stichting dan wordt opgericht, omdat het door de gemeente te realiseren gebouw wordt overgedragen aan de stichting als het gereed is. Geen van de fracties stelt de vervolgvraag of het mogelijk is dat de op te richten stichting uiteindelijk het gebouw niet of niet onder de door de gemeente beoogde voorwaarden wil overnemen en wat daarvan de consequenties (kunnen) zijn.

D66 heeft diverse vragen bij het businessplan. De fractie vindt het commitment van het bedrijfsleven ontbreken in het perspectief van de bijdragen die gemeente en provincie leveren aan de bouw van het Ecomunity Center. Gemeente en provincie zijn bovendien geen ondernemer, die organisaties zijn daar niet op ingericht. Indien het bedrijfsleven wel instapt, en in de beelden van de fractie dus mee-investeert in het gebouw, verandert haar beoordeling. D66 vraagt zich verder af of een gebouw noodzakelijk is omdat er al diverse projecten lopen vanuit de bredere Biobased-visie van de gemeente.

D66 stelt eveneens de vraag wat er gebeurt als de stichting een exploitatietekort realiseert. Volgens de fractie kan dit best een reëel scenario zijn. De fractie stelt dat de politiek in casu raad en college moeten bepalen hoe lang en hoeveel zij eventueel willen bijdragen aan de stichting in het geval van een exploitatietekort. Een exploitatietekort van één of enkele tonnen acht de fractie niet denkbeeldig.

66

Rapportage van het rekenkameronderzoek naar het Biosintrum in Oosterwolde | november 2021

De fractie van ChristenUnie stelt, met D66, vragen bij eventuele concurrentievervalsing door het Ecomunity Center. D66 geeft aan dat het Ecomunity Center een deel van haar geld moet verdienen met “verhuren van zaaltjes en verkopen van broodjes” en acht het reëel dat dit ten koste kan gaan van andere aanbieders in de gemeente.

De fracties van CDA en Ooststellingwerfs Belang zijn blij met het businessplan en de beantwoording van de daarover gestelde vragen. De CDA-fractie sluit zich aan bij de door de PvdA-fractie over de juridische aspecten gestelde vragen. De VVD-fractie is blij met de getekende intentieverklaringen van onderwijsinstellingen en bedrijven. De fractie vraagt zich af hoe het gaat met de overdracht van het pand van gemeente naar stichting fiscaal en juridisch.

Met betrekking tot de door fracties gewenste RvT antwoordt de portefeuillehouder “er komt een bestuur van drie mensen en een RvT van 3 mensen”. Vanwege het ideële karakter van de stichting gaat hij er daarbij vanuit dat sprake is van onbezoldigde inzet en dat kandidaten afkomstig zijn van onderwijsinstellingen en bedrijfsleven.

Met betrekking tot de vragen over de exploitatie antwoordt de portefeuillehouder dat de “exploitatie voor de eerste 3 à 5 jaar rond is, daar zit geen probleem meer”. Hij verwijst naar het commitment van bedrijfsleven en onderwijsinstellingen (“14 à 15 bedrijven met een bijdrage van € 3.500 per jaar en vijf onderwijsinstellingen à € 20.000 per jaar”). De afgelopen periode is de aandacht daar naar uitgegaan, om het commitment te verkrijgen en vooral de handtekening van deze partners. Hij geeft verder aan dat er ook buiten de provincie belangstelling is van onderwijsinstellingen om ook mee te doen, maar dat men zich voorlopig richt op de Friese onderwijspartners.

Op de opmerking van de D66-fractie dat de exploitatie “mager” is, geeft de portefeuillehouder aan dat deze juist conservatief is, “zowel aan de inkomsten- als aan de uitgavenkant”. Aanzienlijke exploitatietekorten acht hij “een theoretisch verhaal”.

De portefeuillehouder geeft aan de vraag van de D66-fractie over het ontbrekende commitment van het bedrijfsleven niet te kunnen plaatsen, gelet op de inmiddels getekende intentieovereenkomsten. De D66-fractie geeft aan dat dit met name slaat op het niet participeren in de investering van € 3 miljoen door het bedrijfsleven omdat deze investering wordt opgebracht door gemeente (1/3), provincie (1/3) en via een lening door een bank (1/3). De portefeuillehouder geeft aan dat “hij liever heeft dat ze meedoen in de exploitatie, dat is minstens zo belangrijk (als participatie in de initiële investering, onderzoekers). De investering is het probleem niet, maar de exploitatie”.

De ambtelijke projectleider licht verder toe dat bij een exploitatietekort “de praktijk is dat een stichting waarschijnlijk terugvalt op de oprichtende partijen”. Hij licht toe dat er een kostenpost onvoorzien opgenomen is in het businessplan, van vier procent, wat volgens hem voldoende zou moeten zijn. Op de vraag van de D66-fractie of de gemeente al nagedacht heeft over “voor hoe lang en hoeveel geld zij wil bijspringen”, antwoordt hij dat daar niet over is nagedacht. De D66-fractie geeft aan dat “een tekort al snel kan oplopen tot enkele tonnen, als het tegenzit aan inkomsten- en opbrengstenkant” en “dat we als gemeente gewoon bereid moeten zijn om dat te dekken, of niet, dat we ons daar nu van bewust moeten zijn.”

67

Rapportage van het rekenkameronderzoek naar het Biosintrum in Oosterwolde | november 2021

De PvdA-fractie maakt een vergelijking met de casus-Wetsus in Leeuwarden, waar nog steeds sprake is van een exploitatietekort. De portefeuillehouder geeft aan dat “100% garanties nooit gegeven kunnen worden, maar dat de gemeente Leeuwarden het gebouw voor Wetsus heeft neergezet bij 60% exploitatiedekking, terwijl de gemeente hier nu zo’n beetje op 100% exploitatiedekking zit voor de eerste drie tot vijf jaar”. de portefeuillehouder geeft wel aan dat “wij niet weten hoe het er over vijf jaar voor staat”, maar “als ik kijk naar betrokkenheid en enthousiasme (van betrokken partners) dan denk ik dat dat goed komt, maar ik kan geen garanties geven”.

De ambtelijk projectleider licht nader toe dat er op enkele punten aanwijsbaar conservatief is geraamd. Bijvoorbeeld wat betreft energielasten, waarbij afgegaan moest worden op NENnormen (en daarin opgenomen energielasten per m2) maar dat de inzet juist is dat het gebouw autarkisch is op dat vlak. Verder is gerekend met 3,5% rente op de banklening waar de rente op het moment met 2% duidelijk lager ligt. Hij verwacht voor de eerste jaren mede daardoor een positief resultaat.

Op de vraag vanuit de raadscommissie wat er gebeurt als de stichting failliet gaat, antwoordt de ambtelijk projectleider dat er dan een curator wordt aangesteld die bepaalt welke schuldeisers op welke manier en in welke mate gecompenseerd worden. De D66-fractie geeft aan dat je daarvoor dan wel schuldeiser moet zijn en dat de gemeente dit niet is. D66 geeft aan dat de gemeente subsidie geeft en het antwoord daarom “een onzinverhaal” te vinden. GroenLinks geeft hierbij aan dat bij een faillissement verkoop van het pand mogelijk wel tot een positief liquidatiesaldo kan leiden voor de stichting en dat dan in de statuten is vastgelegd dat het positieve saldo dan wordt verdeeld onder de oprichters.

De raadscommissie adviseert de raad om het onderwerp als bespreekpunt in twee termijnen te agenderen voor de raadsvergadering, gelet op de vragen en twijfels die er bij diverse fracties is ten aanzien van de toekomstige exploitatie en de benodigde investering en ook de vragen rond de RvT. 5.3

Raadsvergadering d.d. 27 september 201640

Businessplan,

In de raadsvergadering van 27 september 2016 wordt met 20 stemmen voor en 1 stem

krediet en

tegen (fractie van D66) het raadsvoorstel aangenomen om het businessplan Ecomunity

statuten

Center vast te stellen, een investeringskrediet van € 1 miljoen beschikbaar te stellen en het college de regie te laten nemen op het realiseren van het gebouw. De fractie van de PvdA geeft een stemverklaring af dat zij wel voor het plan stemt maar grote risico’s ziet. De fractie laat het werkgelegenheidsbelang echter zwaarder wegen. De fractie dient naar aanleiding van het raadsvoorstel de volgende vraag in, waarbij het antwoord goed aangeeft dat deze raadsvergadering de laatste vergadering is waarin strategische vraagstukken aan de orde zijn: 

“Het college krijgt de regie. Betekent dit dat de raad na de besluitvorming op 27 september buitenspel staat?” Het college antwoordt dat het project met deze besluitvorming in de bouw-/realisatiefase belandt. “Na 27 september gaat het volgens het college met name om

40 Ter voorbereiding op deze raadsvergadering is een groot aantal technische vragen gesteld door diverse fracties. Deze zijn opgenomen in bijlage III.

68

Rapportage van het rekenkameronderzoek naar het Biosintrum in Oosterwolde | november 2021

uitvoerende werkzaamheden. De raad heeft geen besluitvormende onderdelen meer in dit proces. (…) Wel lijkt het ons logisch om u tussentijds bij te praten hoe het bouwproces verloopt.” In de vergadering wordt ook gesproken over de concept Akte van Oprichting van de op te richten stichting. Besloten wordt om in een volgende vergadering verder te spreken over de statuten. De portefeuillehouder geeft aan scherp te blijven dat alles, waaronder statuten en btw, goed geregeld is en zal worden en dat, indien de banken vragen om een bankgarantie, dit iets is waarover de raad dient te besluiten. De volgende beelden van de raadsvergadering van 27 september 2016 illustreren dat buiten de fractie die tegenstemde en de fractie die via een stemverklaring expliciet uitspreekt grote risico’s te zien, maar desondanks om haar moverende redenen toch voor stemt, ook voor een aantal andere fracties geldt dat zij belangrijke risico’s zien en dat nog niet alle relevante ‘losse eindjes’ van het businessplan helemaal uitgewerkt zijn: 

De D66-fractie opent de bespreking van het businessplan en geeft aan dat “hoe graag de fractie het Ecomunity Center ook wil, zij op dit moment nog niet met het plan kan instemmen”. De fractie geeft aan dat de eerste jaren mogelijk een verlies opleveren voor de stichting en dat de politiek nu moet bepalen of dit acceptabel is. De fractie geeft aan bereid te zijn een eventueel verlies te accepteren, in het belang van milieu, economie en onderwijs, “maar wel op basis van een goed businessplan, goede en degelijke statuten en een goed gedegen financieringsvoorstel”.

Over de in het businessplan uitgewerkte exploitatie stelt de D66-fractie dat “het businessplan aan alle kanten rammelt” en “verre van realistisch is”. De opbrengsten zijn misschien te laag ingeschat “maar voor de uitgaven weet ik het wel zeker”. Ter illustratie worden de volgende aspecten ingebracht:  Er moet een manager komen, “en volgens de burgemeester moet dat een hele goede zijn, en die krijgt € 40.000 per jaar, inclusief sociale lasten en pensioenpremies.”  De schoonmaakkosten zijn op € 5.000 per jaar geraamd. De retorische vraag wordt gesteld hoe de stichting dit gaat doen? “Met slavenarbeid of met hongerlonen”.  Wat betreft door de stichting te betalen lonen wordt verder aangegeven dat de toezichthouders onbezoldigd geacht worden hun functie te vervullen.

D66 stelt ten aanzien van de financiering van het plan dat de praktijk laat zien dat “wie betaalt, bepaalt”. Dit geldt ook voor het Ecomunity Center. De voorwaarden die de bank hanteert voor de lening zijn echter nog niet bekend. Mogelijk komt er een hypotheek of moet de gemeente garant staan “voor nog eens een miljoen, geen mens die het op dit moment weet”.

De D66-fractie stelt verder vragen bij de beoogde vormgeving van het gebouw. Met name of de nu voorziene omvang van de grote zaal wel volstaat voor grotere bijeenkomsten en congressen. De vraag wordt ook gesteld welke eisen de onderwijsinstellingen aan het gebouw stellen en of deze eisen eigenlijk onderzocht zijn.

69

Rapportage van het rekenkameronderzoek naar het Biosintrum in Oosterwolde | november 2021

De ChristenUnie-fractie stemt in met het voorstel maar heeft enkele wezenlijke kanttekeningen:  De fractie heeft zorgen over het “magere deelnemersveld”, “het lijkt wel alsof je erin gezogen wordt”. Zij constateert dat de gemeente “van faciliteren al lang is overgegaan naar ontwikkelen en zelfs exploiteren, met een steeds maar grotere geldstroom”.  De fractie maakt ook opmerkingen over eventuele concurrentieverstoring door het Ecomunity Center. Op beide aspecten is de ongerustheid van de fractie niet weggenomen.  ChristenUnie stelt dat “we zijn begonnen omdat de subsidiekraan stroomde en we gaan door omdat we geen gezichtsverlies willen lijden”.  Toch stemt de fractie met het voorstel in. De fractie geeft aan niet voor te stemmen omdat we niet meer terug kunnen. Zij spreekt uit dat biobased denken en handelen een opdracht is van de Schepper en dat het belangrijk is om ook onze jongeren zorg en aandacht voor de Schepping bij te brengen”.

Ook de CDA-fractie stemt in, waardeert het voorstel als een prachtige uitdaging waarmee de gemeente “op de kaart wordt gezet”. Het brengt diverse soorten onderwijs naar onze gemeente en banen (“als zelfs maar de helft van de prognose van 600 banen uit komt”). De fractie ziet desondanks zeker “hobbeltjes”, zoals het btw-verhaal en de vraag of sprake kan zijn van staatssteun. Zij stelt dat het “jammer is dat er geen antwoord is van de Belastingdienst en de Europese Commissie, maar dat zij vertrouwen heeft in de geraadpleegde deskundigen”. De doorslag om voor te stemmen geeft dat de fractie blij is dat veel onderwijsinstellingen en bedrijven meedoen, “die kunnen we niet in de steek laten”.

De fractie van Ooststellingwerfs Belang (OB) spreekt uit blij te zijn dat het plan nu voor ligt. Zij stemt in met het voorstel waarbij zij vooral hecht aan het baneneffect en de mogelijkheden voor zzp-ers, ook in een mogelijk naast het Ecomunity Center nog te realiseren bedrijfsverzamelgebouw. De fractie is ook tevreden over de beantwoording door het college van de door fracties gestelde vragen. De exploitatieraming “is nu realistisch”. Door deelname van onderwijsinstellingen en bedrijven “is er nu een gedegen fundament onder het plan”. Punten van zorg zijn de uitblijvende reactie van de Belastingdienst en de fractie heeft ook vragen bij de statuten. Per saldo concludeert de fractie dat de gemeente “nu moet acteren en de partijen die de intentieovereenkomsten hebben getekend nu moet steunen”. De “ontwikkeling van het Ecomunity Center moeten we nu niet traineren maar juist een flinke boost geven".

De VVD-fractie geeft aan dat het lastig is om je als gemeente op de kaart te zetten, “maar dat doen we nu wel”. De participatie van onderwijsinstellingen en bedrijven wordt belangrijk gevonden. Dat levert een vliegwieleffect op. De technische vragen zijn beantwoord door het college en de fractie stelt dat zij altijd heeft aangegeven het plan te willen steunen als er een gedegen plan ligt. Hoewel nog niet alle partners de handtekening hebben gezet, is de fractie blij dat de provincie meedoet en ook met de steun van onderwijsinstellingen en bedrijven. “Het is een risico, maar dat risico durft de fractie met onderwijsinstellingen en bedrijfsleven te nemen”.

De PvdA-fractie geeft aan blij te zijn met de lef en de ambitie die uit het plan spreken. Werk is voor de fractie prioriteit nummer één. Maar de fractie geeft aan, net als de fractie van D66 diverse risico’s te zien, “misschien wel te veel”:

70

Rapportage van het rekenkameronderzoek naar het Biosintrum in Oosterwolde | november 2021

 De gemeente investeert € 1 miljoen, maar het pand wordt geen eigendom van de gemeente maar van de stichting.  De bancaire voorwaarden voor de lening zijn nog onduidelijk.  De exploitatie lijkt sluitend voor de eerste vijf jaar, maar hoe zal het daarna zijn?  Het btw-vraagstuk is nog niet opgelost omdat de Belastingdienst nog niet heeft gereageerd. “Waarom is de Belastingdienst niet meer onder druk gezet?”. Dit geldt niet alleen voor de btw maar ook voor de vennootschapsbelasting.  De fractie heeft ook nog vragen over de statuten, die nog eens kritisch bekeken moeten worden, door een aantal partners nog niet gezette handtekeningen en het staatssteunvraagstuk. De fractie besluit de eerste termijn met de conclusie dat “zij iedereen complimenteert met de vasthoudendheid maar dat zij nog veel risico’s ziet”. 

De fractie van GroenLinks spreekt uit het een prachtig plan te vinden, waarmee de gemeente met onderwijs en bedrijven kan werken aan duurzaamheid en banen in de regio en daardoor ook aan de noodzakelijke verjonging van de bevolking. Toch ziet de fractie diverse risico’s en losse eindjes:  De vragen over btw en staatssteun zijn onvoldoende beantwoord.  De toezegging van een RvT wil de fractie “zwart op wit”.  De fractie ziet risico’s in de exploitatie en verwijst onder meer naar de in het businessplan geraamde € 40.000 voor een manager die naar verwachting meer zal kosten.  Aan de andere kant spreekt de fractie uit dat er weliswaar risico’s zijn “maar dat je ook risico’s moet durven nemen”. De fractie is heel blij met het Ecomunity Center, het baneneffect (ook als het geen 600 banen oplevert) en de BBL-opleidingen. GroenLinks wil daarom door met het plan.

De D66-fractie stelt de vraag aan GroenLinks naar aanleiding van haar constatering dat bepaalde vragen nog onvoldoende zijn beantwoord of het dan niet beter is de besluitvorming wat uit te stellen, met wellicht een paar maanden, zodat de besluitvorming zorgvuldiger kan plaatsvinden “in plaats van nu ‘ins blaue hinein’“. GroenLinks geeft hierop aan dat wat haar betreft de toezegging over de aan te passen statuten (waarbij zij met name wil dat het doel van de stichting wordt ingeperkt en dat dit voldoende vast staat) moet worden nagekomen en dat zij betreurt dat er ondanks eerdere vragen hierover nog geen aangepaste versie ontvangen is. “Aan de andere kant stelt de provincie subsidie beschikbaar, staat iedereen in de startblokken, dus wij menen, alle risico’s daargelaten, dat we de start van het proces niet verder moeten tegenhouden”.

De fractie Stellingwerf Plus stelt dat er lang en breed is vergaderd over het plan en alle vooren nadelen zijn langsgekomen. Voor de fractie geeft de doorslag dat verschillende risico’s redelijk zijn afgedekt. De fractie wil nu “op dit plan doorpakken”. Het gaat om iets totaal nieuws wat wordt gerealiseerd, er zijn de nodige overeenkomsten gesloten met bedrijven en ook onderwijsinstellingen zijn gecommitteerd, daarom kan zij instemmen met het voorstel.

De portefeuillehouder reageert als volgt op de inbreng van de fracties:  Hij is blij dat de raad zich kan vinden in de doelstellingen van het plan, gericht op economie, duurzaamheid en onderwijs.

71

Rapportage van het rekenkameronderzoek naar het Biosintrum in Oosterwolde | november 2021

 Hij constateert dat er nog een aantal zorgen leven, waaronder die over de statuten. Hij spreekt uit dat de statuten inderdaad op enkele punten, zoals het vastzetten van de doelstelling van de stichting, nog aangepast moeten worden.  Een andere zorg betreft eventuele staatssteun. Hij geeft aan dat het dan niet zozeer gaat om concurrentievervalsing maar om de vraag of er sprake is van waardevermeerdering voor het Ecomunitypark mede vanwege de inzet van de gemeente voor het Ecomunity Center. Een taxateur moet daar naar kijken. Als die concludeert dat die relatie er niet is, is er niks aan de hand. Is die relatie er wel dan kun je naar de Europese Commissie of het risico nemen. Het risico betreft de exploitant van het Ecomunitypark “en die is precies op de hoogte van wat speelt”. Als de D66-fractie aangeeft dat je maar beter uit kunt gaan van een positieve relatie tussen de waarde van het park en de realisatie mede vanwege financiële inzet door de gemeente van het Ecomunity Center, geeft de portefeuillehouder aan dat de juridische adviseur i.c. Nysingh Advocaten, stelt dat dit risico niet uitgesloten is en dat het nader onderzocht zou moeten worden. De portefeuillehouder stelt “het persoonlijk een gek verhaal te vinden als je kijkt naar de huidige prijzen voor grond op het park (…) die wordt echt niet duurder door het Ecomunity Center”.

 Wat betreft de eisen die banken zullen stellen voor een eventuele lening, geeft hij aan dat de contouren zo zijn dat we nu uitgaan van 3,5 procent rente en dat dit waarschijnlijk uitkomt tussen 0,6 en 2,6 procent. Hij geeft aan dat er morgen een overleg hierover is. Bij navraag door de D66-fractie, die stelt dat het dan raar is om vandaag een raadsvergadering over dit onderwerp te hebben als er morgen relevante nieuwe informatie beschikbaar komt, blijkt dit een intern overleg te zijn waarin wordt gesproken over bij banken aan te vragen offertes. Met de (“bijna”) zekerheid van de bijdrage van de provincie kunnen we naar de bank, aldus de portefeuillehouder. De D66-fractie geeft verder aan “zich geen seconde zorgen te maken over de rente” maar wel vragen te hebben of banken dan eventueel garanties zullen eisen. Als de gemeente garant gaat staan voor de lening en het gaat mis, dan is de gemeente niet alleen “haar eigen miljoen kwijt, maar ook die van de lening”. De fractie Stellingwerf Plus vraagt de portefeuillehouder of het college in principe bereid is om een dergelijke garantstelling af te geven? De portefeuillehouder antwoordt dat die garantstelling dan “door u als raad moet worden afgegeven” maar dat hij “bereid is om de raad te vragen in te stemmen met een garantstelling als dat leidt tot bijvoorbeeld een 2 procent lagere rente”.

 In reactie op de opmerking van de D66-fractie dat de “begroting aan alle kanten rammelt” geeft hij aan dat hij zich kan voorstellen dat de schoonmaakkosten wat hoger uitkomen maar dat er tegenover eventueel hogere uitgaven ook meevallers kunnen staan. Hij verwijst naar contacten met onderwijsinstellingen die nu nog niet meegenomen zijn als partner, zoals ROC Friese Poort, Hanze Hogeschool en Campus Friesland en dat er nog wat bedrijven interesse hebben om ook mee te doen. 

De fractie van D66 geeft hierop aan dat er een paar punten opgelost lijken, onder meer doordat is uitgesproken dat statutenwijziging van de stichting altijd via de raad moet en dat de raad ook moet instemmen met eventuele garantstellingen die gevraagd worden door banken. De fractie blijft van mening dat de kosten onderschat worden, met name voor de in-

72

Rapportage van het rekenkameronderzoek naar het Biosintrum in Oosterwolde | november 2021

zet van de beoogde manager waarbij de kosten kunnen oplopen van de geraamde € 40.000 per jaar naar eerder € 100.000 en dat dit op een exploitatie van circa € 200.000 zeer aanzienlijk is. Gelet hierop en op resterende onzekerheden stelt D66 de vraag waarom niet nog enkele maanden gewacht kan worden met stemming over het voorstel zodat er nog wat tijd is om deze rafelranden beter weg te werken. 

Over de aan te passen statuten van de stichting vraagt de PvdA-fractie expliciet om een rol voor de raad. Toezending van een afschrift is niet voldoende, de fractie wil de mogelijkheid houden om een aangepast voorstel nog te kunnen amenderen. De portefeuillehouder zegt dit toe.

De portefeuillehouder geeft verder aan dat hij ook niet denkt dat er een manager gevonden kan worden voor € 40.000 per jaar maar dat hij vertrouwen heeft dat er elders in de begroting enige ruimte komt om die hiervoor in te kunnen zetten.

Met betrekking tot de vraag van de D66-fractie over de betrokkenheid van de onderwijsinstellingen bij het ontwerp van het gebouw geeft de portefeuillehouder aan dat zij op diverse momenten worden betrokken bij het ontwerp. Er zullen sessies worden belegd met onderwijsinstellingen over het ontwerp en de aan het gebouw te stellen eisen en dit zal ook het geval zijn met het bedrijfsleven.

Tot slot geeft de portefeuillehouder aan dat het wat hem betreft niet nodig of wenselijk is nog extra tijd te nemen voor besluitvorming. “Het is nu of nooit”. Hij geeft aan dat onderwijs, provincie en bedrijven zitten te wachten op de gemeente.

Na een door de PvdA-fractie aangevraagde schorsing voor intern beraad, volgt een verklaring van de PvdA-fractie dat zij voor het plan zal stemmen. Belangrijk daarbij is dat de raad een rol krijgt bij het beoordelen van de door banken te stellen voorwaarden en bij eventuele aanpassing van de statuten. De bijdrage aan banen en duurzaamheidsdoelen geeft de doorslag om voor te stemmen.

Bij de stemming die volgt stemt alleen de fractie van D66 tegen het voorstel. 5.4

Raadscommissie Ruimte 31 januari 2017, presentatie architect Het agendaonderwerp ‘Presentatie Paul de Ruiter Architects m.b.t. Ecomunitycenter’ wordt voorafgegaan door een korte presentatie van de ambtelijk projectleider Biosintrum. De presentatie richt zich op de middelen van de provincie, samenstelling van het projectteam, overleg met banken en overleg met horeca en opzet van de stichting. Hij meldt, ondersteund met sheets, onder meer het volgende: 

De formele subsidieaanvraag bij de provincie Fryslân is gedaan, nadat de provincie op 14 december 2016 heeft besloten € 1 miljoen bij te dragen. Een en ander gaat gepaard “zonder zware verplichtingen”. “De enige voorwaarde is dat de gemeente met de parkeigenaar gezamenlijk de acquisitie oppakt”, omdat de provincie eraan hecht dat die goed op gang komt.

De projectleider licht toe op het samengestelde projectteam, waarin naast de gemeente, 4THECITY (vastgoedontwikkeling), Paul de Ruiter Architects (architectuur), Luning (constructeur), DGMR (BREEAM), Installatiebedrijf Bakker (installatieconcept), Landstra (bouwfysica) en Kamphuis-Schafeli (kostencalculatie) opgenomen zijn.

73

Rapportage van het rekenkameronderzoek naar het Biosintrum in Oosterwolde | november 2021

Over het contact met de banken wordt aangegeven dat “met een aantal banken is gesproken, en dat het er feitelijk gewoon op neerkomt dat die rente lager wordt dan we in het businessplan hadden geschreven, wat we ook al verwachtten (…). Ik noem geen namen, maar een enkele bank heeft wat extra wensen, mogelijkheden, gezien de ruimte die in het pand ontstaat (…) beetje aftasten wat het beste voorstel is”.

Wat de horeca betreft wordt meegedeeld dat er interesse is van “een landelijke partij, commerciële exploitant, voor eigen rekening en risico”, ook “in afstemming met het onderwijs vanwege het concept dat we hadden voor een leeromgeving waarin Stenden het horecamanagement doet en Friesland College het uitvoerende deel”.

Daarna lichten de heren Paul de Ruiter en Martijn van Gameren van Paul de Ruiter Architects toe op de vormgeving van het plan. Ingegaan wordt op het unieke karakter van het gebouw, met een BREEAM outstanding-kwalificatie, wat het hoogst haalbare is. In de presentatie wordt gevisualiseerd dat het om een gebouw gaat met ‘drie poten’ met centraal een restaurantgedeelte voor 110 personen. In de drie poten is ruimte voor respectievelijk onderwijs, kantoorruimte en een congreszaal. Van elkaar gescheiden, maar via het restaurant ook verbonden. In het plan van twee verdiepingen is op de verdieping een laboratoriumruimte voorzien. Aangegeven wordt dat het plan in totaal 1.000 m2 bvo omvat, gespreid over de twee lagen. De presentatie geeft aanleiding tot een beperkt aantal vragen, waarin onder meer ingegaan wordt op het al dan niet aanwezig zijn van een lift, of de 1.000 m2 betrekking hebben op beide lagen afzonderlijk of op het totaal, of de te gebruiken hennep voor de hennepblokken volledig lokaal wordt geproduceerd of van buiten de regio wordt aangeschaft, of er sprake is van klimaatbeheersing en of het pand niet te warm wordt en op welke manieren het pand energiezuinig wordt (bijvoorbeeld door gebruik van bodemwarmte). Er is verder een vraag over eventuele overnachtingsmogelijkheden in het plan, in aansluiting op de congresfunctie.

Het bureau geeft aan dat dit ooit wel in het plan was opgenomen, maar de ambtelijk projectleider licht toe dat “zoals al eerder is gecommuniceerd in de Commissie, de gemeente geen hotel wil ontwikkelen. Op het terrein is daar wel ruimte voor, maar dan los van het gebouw”. Tot slot wordt gevraagd voor hoeveel studenten er plaats is als er bijvoorbeeld een congres is met 110 deelnemers en er nog mensen aan het eten en aan het werk zijn. Geantwoord wordt dat er op de bovenring plek is voor 40 studenten, met daarnaast nog een lokaal waarin 30 studenten een plek kunnen krijgen en tot slot enkele losse plekjes in het gebouw. Er worden geen vragen gesteld over de kosten van het plan, of de uitvoering vanwege de vormgeving of de materiaalkeuze eventueel tot extra kosten zal leiden. 5.5

Raadscommissie Ruimte en raadsvergadering september 2017

Raadscie.

In de raadscommissie Ruimte van 12 september 2017 wordt gesproken over het

Ruimte 12/9

raadsvoorstel met de volgende strekking: 

Conform artikel 160 lid 2 Gemeentewet de concept Akte van Oprichting van de stichting voor zienswijzen voor te leggen.

74

Rapportage van het rekenkameronderzoek naar het Biosintrum in Oosterwolde | november 2021

Een investeringskrediet voor een bedrag van € 3.500.000 beschikbaar te stellen.

Een bedrag van € 100.000 beschikbaar te stellen voor zaken die betrekking hebben op communicatie & PR, ten laste van de reserve strategische projecten.

Het gebouw uiteindelijk door middel van het verstrekken van een lening te verkopen aan de stichting.

In de commissievergadering worden veel vragen gesteld over de benodigde financiële middelen en wordt de vraag gesteld waarom deze extra middelen nodig zijn en hoe het zover heeft kunnen komen. Diverse fracties geven aan geschrokken te zijn van de benodigde extra financiële inzet van de gemeente. De portefeuillehouder zegt toe dat de juistheid van de onderbouwing van de financiële middelen nogmaals zal worden nagegaan en dat het exploitatieoverzicht nogmaals ter inzage wordt gelegd. De gestelde vragen door raadsfracties vatten wij als volgt samen: 

Fracties (o.a. GroenLinks en PvdA) geven aan dat steeds is gesproken over een Raad van Toezicht (RvT) en dat er nu sprake is van een Raad van Advies (RvA) en stellen vragen over het waarom. Verder blijkt de gemeente nu enig oprichter te zijn waar eerst sprake was van een oprichting door gemeente en de exploitant van Ecomunitypark Ontwikkeling BV. Wel is nu de directeur van Ecomunitypark Ontwikkeling BV beoogd voorzitter van de RvA. Vragen worden verder gesteld over het aantal bestuursleden (nu drie, in de statuten staat “minimaal drie” en diverse fracties zien graag een bestuur van meer mensen, bijvoorbeeld vijf) en over de nieuwe naamgeving die als weinig internationaal en zeker in het Stellingwerfse als te Fries wordt ervaren (van Biobased Center naar Ecomunity Center naar Biosintrum).

Er worden vragen gesteld (o.a. door D66, CDA en VVD) over de toegenomen financiële inzet en risico’s voor de gemeente. Waar deze zich eerst beperkte tot € 1 miljoen subsidie is er daarnaast nu sprake van een lening van € 1,5 miljoen door de gemeente aan de stichting (bij de besluitvorming in 2016 is nog uitgegaan van een bancaire lening van € 1,0 miljoen) met het pand als onderpand. Is het pand dit waard?

De ChristenUnie vraagt hoe vast de nu in het raadsvoorstel geraamde exploitatieopbrengsten van € 171.000 per jaar zijn, met name omdat daaruit door de stichting de lening moet worden terugbetaald aan de gemeente. De fractie Ooststellingwerfs Belang stelt ook vragen over de exploitatieopbrengsten en met name of het niet mogelijk is om de onderliggende contracten met bedrijven en onderwijsinstellingen te verlengen, zodat wellicht alsnog een bank bereid is tot een lening aan de stichting.

De opgelopen investeringskosten leiden tot vragen van meerdere fracties. Hoe kan het dat nu sprake is van extra bouwkosten ten bedrage van € 400.000 en dat er daarnaast € 100.000 additioneel nodig is voor PR & communicatie? Welke rol speelt de keuze voor innovatieve en mogelijk zelfs experimentele bouwmaterialen?

Door D66 wordt aangegeven dat toen er in de raad voor het eerst werd gesproken over een Biobased Center er geen sprake was van een gemeentelijke investering, vorig jaar stemde de bijna voltallige raad in met een investering van € 1 miljoen en nu loopt dit op naar in totaal € 2,5 miljoen vanwege de lening die de gemeente blijkbaar aan de stichting moet ge-

75

Rapportage van het rekenkameronderzoek naar het Biosintrum in Oosterwolde | november 2021

ven. De vraag wordt gesteld of het hier bij blijft: “wie garandeert mij dat we volgend jaar niet geconfronteerd worden met nog weer een verhoging? Welke consequenties gaat de portefeuillehouder er aan verbinden, dat hij niet weer om een verhoging hoeft te vragen?” Ook de fractie Ooststellingwerfs Belang stelt vragen over het verlaten van de verhouding 1/3-1/3-1/3 tussen gemeente, provincie en bank bij de financiële dekking van de investering. 

De PvdA stelt vragen over staatssteun. Het college stelt dat er geen sprake is van staatssteun maar de fractie wil dit expliciet vermeld hebben. Als geen bank bereid is tot een lening en de gemeente een lening verstrekt tegen 2 procent rente, moet goed worden afgedekt dat dit geen problemen oplevert wat betreft staatssteun.

De VVD-fractie vraagt of het hele plan niet doorgaat als de raad niet akkoord gaat met het gevraagde krediet.

De portefeuillehouder reageert als volgt: 

Hij begint door aan te geven dat hij zich de gevoelens van de raad goed kan voorstellen, wat betreft de financiële kant van de zaak. Het betreft een behoorlijke verhoging van het eerder geraamde investeringsbudget (van € 3 naar € 3,5 miljoen). Hij trekt een parallel met de wereld van de aannemers. Die hebben vorig jaar ook contracten afgesloten, zonder gelijk bijbehorende materialen aan te schaffen, en die komen er nu ook achter dat die duurder zijn geworden. Daar komt verder bij dat biobased materialen nog niet in grote volumes beschikbaar zijn, wat prijsverhogend werkt. Er is op allerlei manieren geprobeerd om bouwkosten te drukken, tot op het randje van wat nog als ‘biobased’ gekwalificeerd kan worden.

Over de keuze voor instelling van een RvA in plaats van een RvT geeft hij aan dat mede na overleg met de juridische adviseur is overwogen dat het met een RvT ‘wel erg druk wordt’ rondom het Biosintrum. De verwachting is verder dat het bestuur feitelijk min of meer als een RvT gaat fungeren ten opzichte van de directeur. Hoe dan ook moet de stichting, ook al is die onafhankelijk, verantwoording afleggen aan de gemeente.

Over de exploitatie licht hij toe dat het in het raadsvoorstel opgenomen bedrag van € 171.000 exploitatieopbrengsten is onderbouwd met 17 bedrijven die een pakket afnemen en inmiddels 6 onderwijsinstellingen die partner zijn (ROC Friese Poort is als laatste ook aangehaakt). Verder geeft hij aan dat de € 100.000 voor PR en communicatie erbij komen omdat de eerdere investeringsraming puur betrekking had op het gebouw maar dat het noodzakelijk is om dat gebouw en de activiteiten ook goed in de markt te zetten. Op de exploitatie wordt doorgevraagd:  De D66-fractie geeft aan graag te willen weten welke consequenties de portefeuillehouder er aan verbindt als hij volgend jaar weer om extra geld moet vragen.  de portefeuillehouder reageert “ik hang mijzelf op als ik het garandeer, maar ik garandeer het wel”, dat er geen extra geld zal worden gevraagd.  D66 vervolgt met de vraag: “maar als er toch weer geld bij moet? Aanvankelijk hoefde er geen geld van de gemeente bij, vorig jaar € 1 miljoen en nu € 2,6 miljoen en ik ben nog steeds niet overtuigd dat de exploitatie sluitend zal zijn. Welke consequenties gaat u daar dan aan verbinden als er toch weer iets bij moet?”

76

Rapportage van het rekenkameronderzoek naar het Biosintrum in Oosterwolde | november 2021

 Ooststellingwerfs Belang suggereert om de contracten met onderwijs en bedrijven te verlengen, wellicht is bancaire financiering dan wel mogelijk. De portefeuillehouder reageert door aan te geven dat je niet van onderwijsinstellingen en bedrijven kunt verlangen dat zij zich voor bijvoorbeeld tien jaar vastleggen. Dat zij zich überhaupt voor respectievelijk 5 en 3 jaar committeren, is uniek. Hij geeft verder aan dat de gemeente eigenlijk maar € 1 miljoen bijdraagt aan de financiering, want de lening krijg je uiteindelijk terug. Hij geeft nog eens aan dat de exploitatie voor de komende 5 jaar rond is. 

Over de financiering geeft hij aan dat de gekozen constructie waarbij de gemeente leent aan de stichting voor alle betrokkenen voordeliger is. De gemeente kan goedkoper lenen en als de stichting failliet gaat, dan gaat er geen geld naar de bank.

Hij gaat verder in op de relatie tussen gemeente en Ecomunitypark Ontwikkeling BV en geeft aan dat momenteel onderhandeld wordt over de onderlinge verhoudingen en wederzijdse verplichtingen, met name in relatie uiteraard tot het Biosintrum. Hij geeft aan in een dilemma te zitten omdat hij graag e.e.a. nader wil toelichten maar de lopende onderhandelingen niet wil verstoren en stelt daarom voor op korte termijn hierover en over mogelijk andere aspecten vertrouwelijk te overleggen met de raad.

Besloten wordt om inderdaad een besloten vergadering te beleggen, vóór de raadsvergadering waarin over het raadsvoorstel wordt besloten (dit raadsoverleg is voorzien op 26 september 2017 maar vindt uiteindelijk plaats op 17 oktober 2017). Raads-

In de raadsvergadering van 17 oktober 2017 wordt een aangepast hoofdstuk 4 van het

vergadering

businessplan ingebracht (dit betreft het hoofdstuk Financiën). In de raadsvergadering

17-10-2017

worden veel van de op 12 september aangekaarte onderwerpen opnieuw besproken. Er wordt door de fracties van PvdA en GroenLinks een amendement ingebracht met als strekking om het gebouw uiteindelijk aan de stichting te verkopen en de daartoe te verstrekken lening van € 1,5 miljoen te verhogen met € 100.000 voor de door de gemeente voor te schieten kosten voor de promotie van het nieuwe gebouw. De PvdA-fractie licht toe dat de extra kosten voor promotie en PR, in tegenstelling tot de hogere bouwkosten, nog niet waren opgenomen in de businesscase en voor de fractie de druppel vormen die de emmer doen overlopen. Zij spreekt uit dat de stichting uiteindelijk profiteert van de promotie en dat zij dus ook de kosten daarvoor moet dragen. In het amendement wordt uitgesproken dat deze kosten dus meegenomen moeten worden in de lening. Het amendement wordt uiteindelijk aangenomen met algemene stemmen, ondanks dat het college deze ontraadt omdat het de scheiding tussen gemeente en stichting zou vertroebelen en de financiële lasten voor de stichting verzwaart. Het raadsvoorstel wordt vrijwel unaniem aangenomen, met alleen de stem van de D66-fractie tegen. De inhoudelijke motivatie, om als gemeente bij te dragen aan economie, milieu en onderwijs, blijft voor veel fracties zwaarder wegen dan de uitgebreide financiële inbreng van de gemeente bij het Biosintrum.

Ook spelen de volgende toezeggingen van de portefeuillehouder mee:

77

Rapportage van het rekenkameronderzoek naar het Biosintrum in Oosterwolde | november 2021

Toezegging om in de nog op te stellen leningsovereenkomst en koopovereenkomst met de

In de Akte van Oprichting van stichting Biosintrum aandacht te besteden aan het artikel be-

stichting een eerste recht van koop op te nemen. treffende vereffening. 

Toezegging dat de raad halfjaarlijkse cijfers ontvangt omtrent de realisatie van het gebouw.

De fractie van D66 licht haar positie nog eens toe. Zij verwacht dat de bouwkosten verder zullen stijgen, ook als gevolg van meerwerk, en dat de exploitatie niet zal sluiten vanwege te laag ingeschatte kosten voor schoonmaak en directeur en het onrealistisch geachte onbezoldigd werken door bestuursleden. De fractie geeft aan dat het zo mooi lijkt: een pand met een waarde van € 3,5 miljoen en dat je dan het gebouw in onderpand krijgt bij een lening van € 1,5 miljoen. Welke bank zou dit niet willen? De fractie geeft aan te veronderstellen dat banken hier alsnog geen trek in hebben vanwege de grote risico’s dat met name de uitgaven uiteindelijk fors hoger zullen uitvallen waardoor de exploitatie niet meer sluit en de stichting niet kan voldoen aan de voorwaarden van de lening. Dan moet maar worden bezien of het pand waard is waarop het nu wordt getaxeerd. De fractie stelt: “hopelijk stemt u tegen, want als u aan de rand van de afgrond staat, is een stap voorwaarts niet de beste keuze”. De fractie van de ChristenUnie gaat hier op in en geeft aan dat we wat betreft milieu en zorgzaam omgaan met de Schepping zo’n beetje aan de rand van de afgrond staan. Nu is er dan een plan, “waarvan je best kunt zeggen dat je tussen hoop en vrees bent”, omdat er risico’s aan kleven, “maar de gekozen richting is wat ons betreft onomkeerbaar”.

D66 geeft aan de vergezichten van de ChristenUnie te delen, en het plan inhoudelijk ook goed te vinden, alleen kanttekeningen te plaatsen bij financiering en exploitatie. De fractie van ChristenUnie geeft aan dat de inbreng van D66 productiever was geweest als de fractie alternatieven had aangedragen of wijzigingen op het voorstel had ingediend, en niet alleen “het plan af te branden”. 5.6

Raadscommissie Ruimte november/december 2019 en januari 2020 In de raadscommissie Ruimte van 19 november 2019 wordt een raadsvoorstel besproken met de volgende strekking: 

Een lening te verstrekken aan stichting Biosintrum voor een bedrag van € 1.850.000.

Het gebouw Biosintrum te verkopen aan de stichting Biosintrum.

In het eerder, in de raads(commissie)vergaderingen van september en oktober 2017, besproken raadsvoorstel werd uitgegaan van een lening van de gemeente aan de stichting van € 1,6 miljoen. Inmiddels blijken er extra kosten te zijn, ondanks dat de bouwkosten en installatiekosten binnen het budget zijn gebleven. De extra kosten bestaan, zoals toegelicht in paragraaf 3.1, uit een grote diversiteit aan op zich zelf kleine kostenposten. De portefeuillehouder adviseert de door de fracties gestelde vragen schriftelijk te laten beantwoorden door het college en het onderwerp opnieuw te agenderen voor de raadscommissie Ruimte van 3 december 2019 en de raadsvergadering van 17 december 2019.

78

Rapportage van het rekenkameronderzoek naar het Biosintrum in Oosterwolde | november 2021

In het bijgevoegde overzicht van de exploitatieraming blijkt dat de gemeente verwacht dat de stichting over de hele periode van 2019 tot en met 2028 een positief exploitatieresultaat zal boeken dat oploopt van circa € 23.000 in 2019 naar circa € 51.500 in 2028. Raadscie.

In de raadscommissie Ruimte van 3 december 2019 wordt besloten het agendapunt

Ruimte

‘verstrekken lening aan Biosintrum’ te verschuiven naar de raadscommissie Ruimte van

14 januari 2020 14 januari 2020. In de vergadering wordt ingesproken door diegene die in de periode 20142016 was ingehuurd door de gemeente als beleidsmedewerker en in die hoedanigheid onder andere betrokken bij het project Biosintrum. Als betrokken inwoner van Ooststellingwerf plaatst hij enkele kanttekeningen bij de resultaten van de inzet op biobased door de gemeente, met name in het perspectief van de eerder genoemde 500 arbeidsplaatsen die erdoor zouden ontstaan en de 50 projecten die zouden moeten worden opgezet. Hij leest over prijzen die het Biosintrum-pand verdient maar leest weinig over resultaten van de inzet op biobased. Als uiteindelijke doel van deze inzet gold altijd dat daardoor werk in de regio zou worden gecreëerd en nieuwe onderwijsinitiatieven en dat dit jongeren zou trekken. Hij stelt de vraag wat er door de gemeente is gedaan om deze positieve spin-off te stimuleren, met name omdat het voor jongeren zeer moeilijk is om in de gemeente een (betaalbare) woning te vinden en de gemeente zeker met het OV voor jongeren slecht bereikbaar is. In de raadscommissie Ruimte van 3 december 2019 presenteert Stichting Biosintrum zich aan de raadsleden. De stichting illustreert met welke projecten zij, en de in het pand samenwerkende partijen, bezig is (het gaat onder andere om de projecten Project Panelen Holland, Ekoworm, De Tuin, Groengas/biogas en Mestverbeteraar).

De stichting presenteert ook een exploitatieraming voor de komende jaren. In deze exploitatieraming komt de stichting uit op een wezenlijk andere inschatting van zowel opbrengsten als kosten, als gevolg waarvan zij aangeeft uit te gaan van een negatief netto exploitatieresultaat van € 144.600 in 2020, waarbij dit negatieve resultaat wel afneemt tot € 92.992 in 2022. Na de inspreker neemt de portefeuillehouder het woord. Hij geeft aan er behoefte te hebben een verklaring af te leggen. Het afgelopen half jaar heeft voor hem twee gezichten gehad. Enerzijds is er veel energie gestoken in het Biosintrum en begint het Biosintrum zeker onder leiding van de nieuwe directeur steeds meer vorm te krijgen, maar anderzijds werd in de loop van de tijd steeds duidelijker dat “we, onbewust weliswaar, verkeerde verwachtingen hebben gewekt rondom de exploitatie. Er blijkt meer geld nodig te zijn om de doelstellingen te realiseren. Wanneer je aan een avontuur begint zoals het Biosintrum, probeer je een zo realistisch mogelijke begroting te maken”, zowel voor de bouw als de exploitatie, naar eer en geweten. Hij geeft aan dat nu blijkt dat niet alleen de kosten voor realisatie van het Biosintrum hoger zijn uitgevallen maar dat er ook tegenvallers zijn in de exploitatie. Het college heeft daarom het bestuur van de stichting gevraagd met een reële begroting te komen.

Deze heeft de stichting vorige week gepresenteerd aan de raad. De portefeuillehouder geeft aan dat het college een aantal zaken niet goed heeft ingeschat en dat de raad eerder had moeten worden geïnformeerd. Het college heeft samen met het stichtingsbestuur de afgelopen maanden gesproken met verschil-

79

Rapportage van het rekenkameronderzoek naar het Biosintrum in Oosterwolde | november 2021

lende partijen om extra middelen binnen te halen maar dat heeft geen succes gehad. “We kunnen nu concluderen dat dit niet is gelukt. Ja meneer Munting, u had gelijk”. Hij geeft aan overtuigd te zijn geweest van een stevige basis onder het businessplan en zich verantwoordelijk te voelen. Het spijt hem dat dit zo is gelopen. Hij geeft aan dat het project wel wat heeft opgeleverd. De gemeente staat op de kaart, studenten komen naar Oosterwolde en het heeft effect op de economie, al levert het nog geen 600 arbeidsplaatsen op. Hij is trots op wat er met elkaar is gerealiseerd en is nog steeds overtuigd van de kansen van het Biosintrum. De raadscommissie eindigt met betrekking tot het agendapunt Biosintrum in de volgende toezeggingen: 

Toegezegd wordt dat de in de raadscommissie van 19 november 2019 gestelde vragen schriftelijk worden beantwoord.

De portefeuillehouder zegt toe dat de raadscommissie Ruimte elke maand zal worden geïnformeerd over de stand van zaken met betrekking tot Biosintrum.

De in de raadscommissie gestelde vragen worden uiterlijk februari 2020 beantwoord.

De raadscommissie adviseert om het onderwerp niet te agenderen voor de raad van 28 januari 2020, maar het college te verzoeken met een voorstel te komen in februari 2020. 5.7

Raadsvergadering 25 februari 2020, ‘optimistische motie van treurnis’

Projectplan

In de raadsvergadering van 25 februari 2020 is een raadsvoorstel ‘projectplan Biosintrum’

met scenario’s

ingebracht dat wordt aangenomen met alle stemmen minus één voor. In het voorstel is vastgelegd dat het projectplan Biosintrum wordt vastgesteld en dat de uitvoering van het projectplan Biosintrum in handen van het college wordt gelegd. Het projectplan bevat de volgende fasering: 

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Ooststellingwerf&id=cf26f3bd-6ba2-4d63-b57e-af13d04c2c93