CConstaterende datOoststellingwerf
Koppel je AI →
Document · PDF

Bijlage 2 - Onderzoeksrapport Schuldhulpverlening Ooststellingwerf

Raadsvergadering 29 juni 2021, gemeente OoststellingwerfBij agendapunt: Onderzoeksrapport Rekenkamercommissie over schuldhulpverlening17.497 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 2

Schuldhulpverlening in Ooststellingwerf Onderzoek naar de uitvoering van het beleid in de afgelopen vijf jaar maart 2021

Rapportage van het rekenkameronderzoek naar de uitvoering van schuldhulpverlening in Ooststellingwerf - februari 2021

Inhoudsopgave Conclusies en aanbevelingen

2

Bestuurlijke reactie

4

Nawoord

6

1 - Inleiding 1.1 Aanleiding 1.2 Doel en vraagstelling 1.3 Afbakening van het onderzoek 1.4 Onderzoeksverantwoording 1.5 Leeswijzer

7 7 7 8 8 8

2 - Beschrijving en analyse van landelijk en gemeentelijk beleid 2.1 Landelijke regels 2.2 Gemeentelijk beleid 2.3 Afspraken met partners van de gemeente 2.4 Informatievoorziening aan de gemeenteraad 2.5 Bevindingen uit dit hoofdstuk en toetsing aan de normen

9 9 10 12 12 13

3 - Beschrijving en analyse uitvoering schuldhulpverlening, aantallen en financiën 3.1 Uitvoering van de schuldhulpverlening 3.2 Financiële resultaten en kengetallen schuldhulpverlening sinds 2015 3.3 Resultaten in de ogen van de gemeentelijke organisatie en college 3.4 Bevindingen uit dit hoofdstuk en toetsing aan de normen

14 14 15 18 21

4 - Ervaringen van ketenpartners in de schuldhulpverlening 4.1 Organisaties waarmee de gemeente samenwerkt om mensen uit de schulden te krijgen en houden 4.1.1 Hoe gaat de samenwerking met de gemeente 4.1.2 Resultaten en ervaringen m.b.t. de gezamenlijke inspanning 4.1.3 Overige opmerkingen over schuldhulpverlening van de ketenpartners 4.2 Uitbesteding schuldhulpverlening aan professionele organisaties 4.2.1 Schuldhulpverlening voor inwoners 4.2.2 Schuldhulpverlening voor ondernemers 4.5 Bevindingen uit dit hoofdstuk en toetsing aan de normen

22 22 22 23 24 24 24 24 25

5 - Ervaringen van de doelgroep in schuldhulpverlening 5.1 Informatie over ervaringen van de doelgroep die de gemeente heeft verzameld 5.2 Informatie over ervaringen van de doelgroep die de rekenkamercommissie heeft verzameld 5.2.1 Kenmerken gesproken gebruikers 5.2.2 Bekendheid, beschikbaarheid en bereikbaarheid van de schuldhulpverlening 5.2.3 Toegang tot schuldhulpverlening 5.2.4 Ervaringen met schuldhulpverlening door de gemeente 5.5 Bevindingen uit dit hoofdstuk en toetsing aan de normen

26 26 27 27 27 28 29 31

Bijlage 1 - Bronnen

32

1

Rapportage van het rekenkameronderzoek naar de uitvoering van schuldhulpverlening in Ooststellingwerf - februari 2021

Voorwoord In het jaarlijkse gesprek met de raadsleden van Ooststellingwerf kregen we de vraag te onderzoeken hoe de schuldhulpverlening door de gemeente verloopt. Zij wilden niet alleen weten of het efficiënt en effectief gebeurt maar ook hoe de betrokken inwoners de hulpverlening beleven.

Het rapport bestaat uit een deel beleid en evaluatie en uit een deel ervaringen van inwoners. De combinatie van beide onderdelen leidt tot conclusies en aanbevelingen die in onze ogen de schuldhulpverlening in Ooststellingwerf kunnen verbeteren. Tot slot bedanken we de ambtenaren van de gemeente Ooststellingwerf voor hun vriendelijke, geduldige en inhoudelijk gedreven samenwerking bij dit onderzoek. Ook de andere geïnterviewden zijn we veel dank verschuldigd. Een speciaal woord van dank is hier op zijn plaats voor de mensen die in de schuldhulpverlening zitten en ons hun ervaring vertelden. Tiny Ruiter, voorzitter rekenkamercommissie

2

Rapportage van het rekenkameronderzoek naar de uitvoering van schuldhulpverlening in Ooststellingwerf - februari 2021

Conclusies en aanbevelingen Conclusies In dit onderzoek stond de volgende vraag centraal: Voldoet het beleid voor schuldhulpverlening aan de wettelijke eisen en voert de gemeente het beleid effectief en efficiënt uit? Op basis van de documentenstudie, de gevoerde gesprekken, de beantwoording van de deelvragen en de toetsing aan het normenkader komen wij tot de volgende conclusies: Het beleid van de gemeente voldoet aan de wet en is toe aan een update Elke vier jaar moet de raad het schuldhulpbeleid goedkeuren waarin de gewenste resultaten en de maatregelen om dat te bereiken staan. Hierbij moet het beleid specifiek iets over gezinnen met minderjarige kinderen zeggen. Het huidige beleid dateert uit 2013 en is eenmaal door de raad verlengd. Nu in 2021 de wet is aangepast, werkt de gemeente aan nieuw beleid. Dat biedt een kans op actualisatie en ook om meetbare doelen op te nemen. Dat ontbreekt nu. De uitvoering van schuldhulpverlening is laagdrempelig en flexibel maar de communicatie kan wel beter Burgers en ondernemers kunnen zich bij de gemeente maar ook direct bij de professionele organisaties melden voor hulp. Deze lage drempel leidt soms tot dubbele intake en wel eens tot misverstanden en vertraging tussen de gemeente en deze organisaties. De gemeente overlegt regelmatig met deze ketenpartners en dat ervaart iedereen als doorgaans goed.

De inzet van vrijwilligers bij Humanitas en Scala om mensen te helpen wordt zeer gewaardeerd. Cliënten vinden de toegang tot schuldhulp echter vaak lastig te begrijpen vanwege alle eisen, traag door alle processtappen en de communicatie is tijdens het langdurige proces in de onderzochte gevallen voor hen onduidelijk. Het proces geeft de cliënten daardoor behoorlijk wat onzekerheid. Ook ervaren cliënten wantrouwen vanuit de instanties naar hen in het uitvoerige proces doordat alles wat fout gaat aan hen wordt verweten. Uiteindelijk geeft de schuldhulpverlening hen wel de rust waar ze naar zochten. De schuldhulpverlening toont een groeiend bereik onder de inwoners van Ooststellingwerf Nadat de gemeente een folder met alle regelingen in de gemeente uitgaf steeg de vraag naar schuldhulpverlening. Tussen 2016 en 2019 steeg het aantal bereikte inwoners van 60 naar meer dan 200. Dit levert natuurlijk extra druk op het gebiedsteam en kosten bij doorverwijzing naar betaalde ketenpartners zoals de Kredietbank. De gemeente lukte het wel om de verwijzingen naar de relatief dure Kredietbank om te buigen naar de organisaties met vrijwilligers zoals Scala en Humanitas waarmee de kosten dalen. De resultaten van de Kredietbank zijn een succes. Er zijn geen cijfers beschikbaar van de vrijwilligersorganisaties.

Dit is in de ogen van de rekenkamercommissie een punt van mogelijke verbetering, zeker wanneer ook meetbare doelen zijn opgesteld. De kosten van bewindvoering zijn verreweg de grootste kostenpost: meer dan twee derde van alle kosten. Daarbij stijgen deze kosten in de onderzoeksperiode met meer dan 25%. Uit het onderzoek is niet duidelijk geworden of een deel van de mensen in betaalde bewindvoering door vrijwilligers geholpen zouden kunnen worden. Samengevat voldoet het beleid in Ooststellingwerf aan de wet maar is het wel hoog tijd voor de geplande herziening. De uitvoering van de schuldhulpverlening is laagdrempelig en dat is ook zichtbaar in het toenemende aantal inwoners dat de gemeente bereikt. Hierdoor stijgen werkdruk en kosten. De inzet van de plezierig ervaren vrijwilligers kan de kosten drukken terwijl de dienstverlening op peil blijft. Cliënten vinden het proces van hulpverlening soms onduidelijk en belastend. Een verder gestroomlijnde samenwerking tussen gemeente en ketenpartners kan de ervaring voor cliënten daarin verbeteren.

3

Rapportage van het rekenkameronderzoek naar de uitvoering van schuldhulpverlening in Ooststellingwerf - februari 2021

Aanbevelingen De opzet van de schuldhulpverlening is in de ogen van rekenkamercommissie redelijk effectief en efficiënt maar Ooststellingwerf kan volgende stappen zetten en daarom beveelt de rekenkamercommissie de raad aan: 1 - Geef het college opdracht om het beleid iedere vier jaar te evalueren en daarna nieuw beleid met goede meetbare doelen zoals aantallen in de schuldhuldhulpverlening en onder bewind, door de raad te laten vaststellen. Maak daarbij aparte doelen voor gezinnen met minderjarige kinderen. De wijziging van de wet per januari jongstleden en de aangekondigde Doe-agenda hierover bieden daartoe een prima aanleiding. 2 - Geef het college opdracht een volgende stap te zetten in de stroomlijning van het proces van hulpverlening tussen gemeente en ketenpartners. Probeer daarbij de ingezette lijn om mensen meer door vrijwilligers te laten helpen door te zetten en verder uit te bouwen. Betrek cliënten hier ook bij door aan het einde van ieder traject dit gezamenlijk kort en navolgbaar te evalueren. Gebruik voor het opdoen van ideeën hierbij de ervaringen van de partnergemeente Opsterland. 3 - Geef het college opdracht om de schriftelijke en mondelinge communicatie over het traject van schuldhulpverlening richting (toekomstige) cliënten te verbeteren.

Houd daarbij rekening met de behoefte aan duidelijkheid over de (duur van de) processtappen en de eisen waaraan de cliënten moeten voldoen. Ontwikkel samen met de cliënten de communicatie en controleer bij hen of ze daadwerkelijk een verbetering zijn en voor meer duidelijkheid zorgen. 4 - Over een jaar aan de raad te rapporteren over de uitvoering van bovengenoemde aanbevelingen.

4

Rapportage van het rekenkameronderzoek naar de uitvoering van schuldhulpverlening in Ooststellingwerf - februari 2021

Bestuurlijke reactie

5

Contactpersoon Telefoonnummer Ons kenmerk

: : :

A. Bouland/L. Holterman 14 0516 0085111354

Rekenkamercommissie Ooststellingwerf T.a.v. de voorzitter, mw. T. Ruiter

Onderwerp: bestuurlijke reactie rapport rekenkamer schuldhulpverlening Oosterwolde,

Beste mevrouw Ruiter, Het college heeft met interesse kennisgenomen van het rapport ‘Schuldhulpverlening in Ooststellingwerf’. Het college is blij met de conclusie van de rekenkamer dat de schuldhulpverlening een groeiend bereik onder de inwoners van Ooststellingwerf toont en dat de gekozen laagdrempelige en flexibele aanpak voor de uitvoering van de schuldhulpverlening een goed middel is om meer inwoners te bereiken. Ter voorbereiding op dit rapport hebben wij gekeken naar de overige conclusies en aanbevelingen. Onze reactie bestaat uit een puntsgewijze opsomming van deze conclusies en aanbevelingen. Conclusies 1. Het beleid van de gemeente voldoet aan de wet en is toe aan een update. De in maart 2021 door de raad vastgestelde Doe-Agenda ‘Mensen doen mee aan het maatschappelijk leven’ bevat voor een groot deel het beleid schuldhulpverlening waar de wet om vraagt. In deze Doe-Agenda zijn doelen en interventies opgenomen, specifiek gericht op kinderen die in armoede leven. Er wordt gewerkt aan een toevoeging op deze Doe-Agenda waarmee aan alle voorwaarden van de wet wordt voldaan. Tevens komen in de Doe-Agenda maatschappelijke effecten en indicatoren naar voren en vind er een doorontwikkeling plaats op de monitoring van het beleid. Er wordt jaarlijks verantwoording aan de raad afgelegd in de planning en control cyclus. In de Doe-Agenda is ook aandacht voor kinderen in armoede.

In de toevoeging op de Doe-Agenda waar we aan werken zullen we nog een aantal dingen specificeren. Denk bijvoorbeeld aan vroegsignalering: de inzet van een krachtige interventie wanneer wij aan de hand van het BRP weten dat er inwonende minderjarige kinderen zijn. 2. De uitvoering van schuldhulpverlening is laagdrempelig en flexibel maar de communicatie kan wel beter. Er is een groot aanbod aan financiële dienstverlening. Wij herkennen uw conclusie dat de cliënten de toegang tot schuldhulp vaak als complex ervaren vanwege de eisen en de vele processtappen. Wij zijn blij met de conclusie dat dit aanbod uiteindelijk wel de inwoners de rust biedt waar zij naar zochten. Een uitgebreidere reactie op deze conclusie is meegenomen onder aanbeveling twee. 3. De schuldhulpverlening toont een groeiend bereik onder de inwoners van Ooststellingwerf. Wij vinden het positief te concluderen dat de inzet van preventiemedewerkers in de vorm van budgetadviseurs en de inzet van de ‘Regelingenwijzer’ zorgt voor het in beeld krijgen van een grotere doelgroep. De inzet van het voorliggend veld is een bestaand uitgangspunt.

Postadres Postbus 38, 8430 AA Oosterwolde Bezoekadres ‘t Oost 11 Telefoon 14 0516 E-mail gemeente@ooststellingwerf.nl Internet www.ooststellingwerf.nl - Wij zijn Fair Trade

-2-

Wij delen de conclusie van uw commissie dat er een kans ligt om meer inzicht te krijgen in het bereik van inwoners met een schuldhulpvraag door de cijfers over bereik en vormen van begeleiding van alle vrijwilligersorganisaties in beeld te brengen. Op dit moment hebben we de cijfers van Scala in beeld. Met de wijze van monitoring van de Doe-Agenda willen wij meer inzichten krijgen in de resultaten van het voorliggend veld. De kosten voor de uitvoering van bewindvoering op grond van problematische schulden behelzen in 2020 55% van de totale kosten. Dit kan te wijten zijn aan een grotere doelgroep die wordt bereikt. Dat deze doelgroep nu wel wordt bereikt maakt dat er ook veel problematische schulden in beeld komen. Het adviesrecht bewindvoering vanuit de gewijzigde Wet Gemeentelijke Schuldhulpverlening is opgenomen in de Doe-Agenda als recht waar wij gebruik van gaan maken. Een verdere reactie wordt gegeven bij aanbeveling drie. Aanbevelingen 1. Geef het college opdracht om het beleid iedere vier jaar te evalueren en daarna nieuw beleid met goede meetbare doelen zoals aantallen in de schuldhulpverlening en onder bewind, door de raad te laten vaststellen. Maak daarbij aparte doelen voor gezinnen met minderjarige kinderen. De wijziging van de wet per januari jongstleden en de aangekondigde Doe-agenda hierover bieden daartoe een prima aanleiding.

Op 2 maart 2021 heeft de gemeenteraad de Doe-Agenda ‘Mensen doen mee aan het maatschappelijk leven‘ vastgesteld waar voor een groot deel het beleid schuldhulpverlening conform de wettelijke kaders geborgd is. In deze Doe-Agenda staan de maatschappelijke effecten, de doelen en interventies opgenomen gericht op de schuldhulpverlening waaronder de doelgroep gezinnen met minderjarige kinderen. Wij werken aan een toevoeging op deze Doe-Agenda waarmee aan alle voorwaarden van de wet wordt voldaan. In de DoeAgenda staan effecten en indicatoren beschreven en vind tevens een doorontwikkeling plaats op de monitoring van het beleid waardoor de gemeenteraad meer zicht krijgt in onder andere de data. Wij leggen jaarlijks verantwoording aan de raad af in de planning en control cyclus. Ons college neemt uw aanbeveling over om met de gemeenteraad dit beleid, als onderdeel van de Doe agenda, iedere vier jaar te evalueren. 2. Geef het college opdracht een volgende stap te zetten in de stroomlijning van het proces van hulpverlening tussen gemeente en ketenpartners. Probeer daarbij de ingezette lijn om mensen meer door vrijwilligers te laten helpen door te zetten en verder uit te bouwen. Betrek cliënten hier ook bij door aan het einde van ieder traject dit gezamenlijk kort en navolgbaar te evalueren. Gebruik voor het opdoen van ideeën hierbij de ervaringen van de partnergemeente Opsterland.

Binnen het gebiedsteam (budgetadviseurs) is procesoptimalisering reeds in gang gezet. Dit hangt samen met de doorontwikkeling van het gebiedsteam. In de keten van financiële dienstverlening wordt gewerkt vanuit het principe ‘licht waar mogelijk, zwaar waar nodig’. Wij vinden het van belang dat de inwoner met zijn hulpvraag op de juiste plaats binnen de keten terecht komt. De in de Doe-Agenda opgenomen interventie over de verduidelijking van de routekaart binnen deze keten sluit hierop aan. Tot slot gaan wij onderzoek doen naar het optimaliseren van de nazorg en het verhelderen van de toegang tot schuldhulpverlening, waarbij gekeken wordt naar het voorbeeld van buurgemeente Opsterland en de mogelijkheden om meer vrijwilligers te laten helpen bij de ondersteuning van inwoners met financiële problemen. 3. Geef het college opdracht om de schriftelijke en mondelinge communicatie over het traject van schuldhulpverlening richting (toekomstige) cliënten te verbeteren. Houd daarbij rekening met de behoefte aan duidelijkheid over de (duur van de) processtappen en de eisen waaraan de cliënten moeten voldoen. Ontwikkel samen met de cliënten de communicatie en controleer bij hen of ze daadwerkelijk een verbetering zijn en voor meer duidelijkheid zorgen. Er is een communicatieplan opgesteld voor wat betreft de omgang met laaggeletterdheid en anderstaligen.

Daarnaast loopt er binnen het gebiedsteam een pilot laaggeletterdheid vanuit de ‘Vitale regio’ waar samen met ervaringsdeskundigen gekeken wordt naar de juiste communicatie vorm om deze doelgroep te bereiken. Uit de conclusies van het rapport ‘Schuldhulpverlening in Ooststellingwerf‘ wordt duidelijk dat met de inzet van de ‘Regelingenwijzer’ als product een grote doelgroep bereikt wordt. Tot slot sluit de inzet vanuit de DoeAgenda, zoals genoemd onder aanbeveling twee, ook aan op de aanbeveling om helder te communiceren over het traject schuldhulpverlening. Verduidelijking van de keten van financiële dienstverlening door het ontwikkelen van een routekaart zal heldere communicatie over het proces tot gevolg moeten hebben.

-3-

4. Over een jaar aan de raad te rapporteren over de uitvoering van bovengenoemde aanbevelingen. Deze aanbeveling nemen wij over. De aanbevelingen hebben een directe link met de vastgestelde DoeAgenda ‘Mensen doen mee aan het maatschappelijk leven’ en komen terug in de monitoring van deze DoeAgenda. Met vriendelijke groet, het college van burgemeester en wethouders

Willem Mutter Secretaris

Bijlage(n): geen Mandaatregeling: n.v.t.

Harry Oosterman burgemeester

Rapportage van het rekenkameronderzoek naar de uitvoering van schuldhulpverlening in Ooststellingwerf - februari 2021

Nawoord Onze commissie is blij met de bestuurlijke reactie waaruit blijkt dat het college de conclusies in grote lijnen onderschrijft en onze aanbevelingen overneemt. Wij vinden de extra aandacht voor de minderjarige kinderen in de gezinnen met schulden bijzonder belangrijk en zijn blij dat het college dit ook vindt. Het college wil ook de communicatie voor de doelgroep begrijpelijker maken en wil hen daarbij betrekken. Zo kan het college de beleving van de doelgroep sterk verbeteren én het begrip en medewerking aan het toch wel bureaucratische proces perfectioneren. We hopen dat uw raad na lezing van ons rapport onze conclusies deelt en de aanbevelingen overneemt.

6

Rapportage van het rekenkameronderzoek naar de uitvoering van schuldhulpverlening in Ooststellingwerf - februari 2021

1 - Inleiding In 2019 en 2020 voerde de rekenkamercommissie onderzoek uit naar beleid en uitvoering van de schuldhulpverlening in Ooststellingwerf. In dit hoofdstuk beschrijven we achtereenvolgens de aanleiding om dit onderzoek uit te voeren (paragraaf 1.1), de onderzoeksvragen (paragraaf 1.2), de focus van het onderzoek (paragraaf 1.3) en de wijze waarop we het onderzoek hebben uitgevoerd (paragraaf 1.4). In de laatste paragraaf treft u de leeswijzer aan. 1.1 Aanleiding Naar schatting heeft één op de vijf Nederlandse huishoudens financiële problemen, waarvan 500.000 tot 700.000 huishoudens te maken heeft met ernstige financiële problemen1. In een vergelijking tussen de jaarcijfers van de NVVK en een enquête van het Nibud blijkt dat bepaalde groepen zich niet of minder vaak aanmelden bij de schuldhulpverlening. Huishoudens die zich vaker niet melden bij de schuldhulpverlening zijn o.a gezinnen met kinderen, gezinnen met een koopwoning en jongere huishoudens. Het duurt gemiddeld vijf jaar voordat een huishouden aanklopt voor schuldhulpverlening. In deze vijf jaar kan een relatief kleine schuld uitgroeien tot een grote schuld2. Raadsleden van Ooststellingwerf gaven het jaarlijkse gesprek met de rekenkamercommissie aan meer over de doelmatigheid en doeltreffendheid van de schuldhulpverlening te willen weten.

Na het vooronderzoek heeft de rekenkamercommissie geconcludeerd dat het zinvol is een rekenkameronderzoek naar de werking van het schuldhulpverleningsbeleid uit te voeren. Een dergelijk onderzoek kan relevante aanbevelingen voor de raad en college van de gemeente Ooststellingwerf opleveren. 1.2 Doel en vraagstelling Het onderzoek heeft tot doel na te gaan of het beleid van de gemeente voldoet aan de wettelijke eisen en of het beleid effectief en efficiënt wordt uitgevoerd. De centrale onderzoeksvraag is: “Voldoet het beleid voor schuldhulpverlening aan de wettelijke eisen en voert de gemeente het beleid effectief en efficiënt uit?” De rekenkamercommissie heeft daarbij de volgende vijftien deelvragen geformuleerd: 1.

Wat is het geldende landelijke en lokale beleid voor schuldhulpverlening en is de uitvoering ingebed in het sociaal domein? 2. Op welke wijze is er aandacht voor gezinnen met inwonende, minderjarige kinderen? Past de gemeente maatwerk toe waar nodig? Wat is de rol van de budgetcoach? 3. Is de schuldhulpverlening tijdig en eenvoudig toegankelijk voor iedere inwoner, ook (zzp-) ondernemers, of kunnen mensen tussen wal en schip vallen? 4. Zijn de resultaten na 2015 beter dan daarvoor door de werking van gebiedsteams? 5. Hoe voorkomt de gemeente herhaling en welke nazorg verstrekt de gemeente daartoe? Zijn langetermijneffecten bekend? 6. Welke resultaten levert de eventuele vroeg-signalering met externe partijen op? 7. Krijgt de raad tijdig, volledige en juiste informatie van het college om kaders te stellen en de uitvoering te controleren? Zoals wettelijk verplichte informatie, behaalde resultaten en evaluaties? 8. Heeft de gemeente overzicht van de aantallen hulpvragen, de afwijzingen met reden waarom, de in behandeling genomen hulpvragen en de kosten van de schuldhulpverlening, zowel van de hulpverlening door de gemeente als door de Kredietbank Noord Nederland? 9. Wat zijn de ervaringen van de hulpvragers met de schuldhulpverlening door de gemeente? 10.

Is er inzicht in de oorzaken van schulden? Welke preventiemaatregelen neemt de gemeente ter voorkoming hiervan? Welke resultaten worden hiermee behaald? 11. Hoe komen (potentiële) klanten op het spoor van schuldhulpverlening? Hoe is de het bekendheid, beschikbaarheid en bereikbaarheid? 12. Is maatwerk mogelijk? Welke vrijheidsgraden worden gehanteerd? Is een beroep op de hardheidsclausule mogelijk? 13. Hoe wordt het beleid aangepast aan veranderende situaties? Wordt daarbij ook rekening gehouden met ontwikkelingen in de schuldenproblematiek, bijvoorbeeld de positie van bijstandsontvangers, zzp’ers en dubbele inkomens? 14. Met welke organisaties werkt de gemeente samen en hoe is deze samenwerking vormgegeven? 15. Welke zet de gemeente en hun samenwerkingspartners in?

1 Schonewille & Crijnen, 2018 2 Schonewille & Meijers, 2019

7

Rapportage van het rekenkameronderzoek naar de uitvoering van schuldhulpverlening in Ooststellingwerf - februari 2021

1.3 Afbakening van het onderzoek In het onderzoek is gekeken naar de ontwikkelingen sinds 2012 (invoering van de Wet gemeentelijke schuldhulpverlening en lokaal beleid) tot en met 2020. Per 1 januari 2021 werd de wijziging Wet gemeentelijke schuldhulpverlening van kracht, daar waar relevant heeft de rekenkamercommissie dit in haar rapportage meegenomen. De bestudeerde documenten hebben voornamelijk betrekking op de jaren 2018, 2019 en 2020 maar als beleid van een oudere datum is dan zijn die stukken gebruikt. 1.4 Onderzoeksverantwoording Tijdens de eerste fase van het onderzoek heeft de rekenkamercommissie vooronderzoek gedaan. Daarna zijn de bevindingen uit het vooronderzoek en de voorlopige onderzoeksvragen met raadsleden van Ooststellingwerf besproken. Raadsleden gaven input voor de definitieve onderzoeksvragen. Vervolgens is een onderzoeksbureau geselecteerd dat de definitieve onderzoeksvragen heeft geformuleerd (zie hierboven paragraaf 1.2.) en is een normenkader ontwikkeld. Het normenkader is vastgesteld door de rekenkamercommissie. Nadat de onderzoeksopzet en het normenkader door de rekenkamercommissie zijn vastgesteld, is het onderzoek in het laatste kwartaal van 2019 van start gegaan met een startbijeenkomst voor de rekenkamercommissie, de onderzoekers, de portefeuillehouder en ambtelijk betrokkenen.

Vervolgens zijn alle relevante documenten opgevraagd en geanalyseerd. Daarna zijn meerdere gesprekken gevoerd met ambtenaren en de wethouder die verantwoordelijk zijn voor het beleid aangaande schuldhulpverlening. De documentanalyse en de gesprekken hebben geresulteerd in een beschrijving en analyse van het beleid. De beleidsanalyse is uitgevoerd met behulp van het normenkader: richtlijnen waaraan het beleid moet voldoen. Na de beleidsanalyse heeft het onderzoek zich gericht op de uitvoering: hoe pakt het schuldhulpverleningsbeleid uit in de dagelijkse praktijk. Bij de gesprekken met inwoners is een menscentrale aanpak gehanteerd. Dit betekent dat de uitwerking van het beleid op de doelgroep zelf een belangrijke rol speelt in dit onderzoek. In combinatie met gesprekken met de gemeente en samenwerkingspartners, een analyse van de beleidsdocumenten en financiële gegevens, levert dit inzicht in wat de beleidsdoelstellingen van de gemeente Ooststellingwerf zijn en hoe deze doelstellingen worden behaald. Tot slot is gesproken met vertegenwoordigers van de raadsfracties. De beschreven uitvoeringspraktijk is eveneens geanalyseerd met behulp van het normenkader.

Het onderzoeksrapport is conform het onderzoeksprotocol van de rekenkamercommissie voorgelegd aan de ambtelijke organisatie van de gemeente Ooststellingwerf om na te gaan of de feiten zoals beschreven in het rapport in het licht van de onderzoeksdoelstelling en –vraagstelling, juist en volledig zijn. Op- of aanmerkingen als gevolg van dit ambtelijk hoor en wederhoor zijn, na zorgvuldige afweging van de rekenkamercommissie, verwerkt. De wijze waarop de rekenkamercommissie dit gedaan heeft is middels een memorie van antwoord teruggekoppeld aan de gemeentelijke organisatie. Vervolgens is een analyse gemaakt en zijn de conclusies en aanbevelingen geschreven. Het onderzoeksrapport is voor bestuurlijk wederhoor voorgelegd aan het college van B&W (conform artikel 7, lid d-e, onderzoeksprotocol van de rekenkamercommissie). De bestuurlijke reactie van het college is opgenomen in het onderzoeksrapport, evenals het nawoord van de rekenkamercommissie. Het veldwerk van dit rekenkameronderzoek is in opdracht van de rekenkamercommissie uitgevoerd door CAB Groningen. De rapportage is vervolgens met behulp van het verzamelde onderzoeksmateriaal geschreven door de rekenkamercommissie. Door de coronacrisis is op enkele momenten het onderzoek vertraagd.

1.5 Leeswijzer In het tweede hoofdstuk staat aan welke wet de gemeente moet voldoen en welk beleid en beleidsregels de gemeente zelf heeft opgesteld. In hoofdstuk 3 staat hoe de gemeente dit beleid uitvoert in getal, financiën en in de ogen van de eigen ambtenaren en bestuur. Hoofdstuk 4 legt uit hoe de professionals waar de gemeente mee samenwerkt tegen de uitvoering aankijken. In het laatste hoofdstuk staan de ervaringen van de inwoners van Ooststellingwerf die tot de doelgroep behoren. Elk hoofdstuk eindigt met de bevindingen van de rekenkamercommissie over het voorafgaande en die bevindingen worden getoetst aan normen uit het normenkader waaraan het beleid en de uitvoering in de ogen van de rekenkamercommissie moet voldoen. Deze bevindingen zijn de basis voor de conclusies op grond waarvan uiteindelijk de aanbevelingen aan de raad worden geformuleerd. Conclusies en aanbevelingen waar dit rapport mee begon, zijn op basis van de hoofdstukken 1 tot en met 5 gemaakt.

8

Rapportage van het rekenkameronderzoek naar de uitvoering van schuldhulpverlening in Ooststellingwerf - februari 2021

2 - Beschrijving en analyse van landelijk en gemeentelijk beleid Dit hoofdstuk gaat over de landelijke regels en de uitwerking daarvan in Ooststellingwerf. Onderzocht is of op de volgende onderzoeksvragen een antwoord kan worden gegeven: 1. 2. 3. 4. 5.

6.

Wat is het geldende landelijke en lokale beleid voor schuldhulpverlening en is de uitvoering ingebed in het sociaal domein? Op welke wijze is er aandacht voor gezinnen met inwonende minderjarige kinderen? Is maatwerk mogelijk? Welke vrijheidsgraden worden gehanteerd? Is een beroep op de hardheidsclausule mogelijk? Hoe voorkomt de gemeente herhaling en welke nazorg verstrekt de gemeente daartoe? Hoe wordt het beleid aangepast aan veranderende situaties? Wordt daarbij ook rekening gehouden met ontwikkelingen in de schuldenproblematiek, bijvoorbeeld de positie van bijstandsontvangers, zzp’ers en dubbele inkomens? Krijgt de raad tijdig, volledige en juiste informatie van het college om kaders te stellen en de uitvoering te controleren? Zoals wettelijk verplichte informatie, behaalde resultaten en evaluaties?

Dit hoofdstuk is verdeeld in vier paragrafen. Eerst wordt beschreven wat volgens de wet moet, dan wat uit de eigen gemeentelijke beleidsregels volgt. In paragraaf 3 wordt beschreven welke afspraken de gemeente heeft met professionele partners en met vrijwilligersorganisaties. Tot slot wordt de wijze waarop de gemeenteraad van Ooststellingwerf geïnformeerd wordt over beleid, uitvoering en resultaten van de schuldhulpverlening beschreven. Het hoofdstuk eindigt met bevindingen uit dit hoofdstuk en toetsing aan de normen uit het normenkader. 2.1 Landelijke regels De Wet gemeentelijke schuldhulpverlening (Wgs) is op 1 juli 2012 in werking getreden. Gemeenten hebben bij deze wet veel meer vrijheid gekregen om zelf het beleid voor schuldhulpverlening vorm te geven. De wet uit 2012 schrijft echter nog wel een aantal minimale regels voor, namelijk dat: ● ● ● ● ●

Gemeenten richting moeten geven aan beleidsplannen omtrent integrale schuldhulpverlening, waarbij preventie een belangrijk onderdeel is. Deze plannen voor maximaal vier jaar opgesteld moeten worden. De schuldhulpverlening voor iedereen toegankelijk moet zijn. De maximale wacht- en doorlooptijden bedragen 4 weken. De gemeente moet hierbij inzicht geven in de doorlooptijd; het aantal weken tussen het eerste gesprek en het bereiken van resultaat. Gemeenten krijgen veel eigen ruimte bij het invullen van maatregelen omtrent de schuldhulpverlening.

Gemeenten moesten na invoering van deze wet het beleid voor de eigen gemeente formuleren in een plan dat de raad daarna goed moet keuren. Dit plan moet volgens de wet dan wel ten minste de volgende vier onderdelen hebben: A. B. C. D.

welke resultaten de gemeente in de door het plan bestreken periode wenst te behalen welke maatregelen de gemeenteraad en het college nemen om de kwaliteit te borgen van de wijze waarop de integrale schuldhulpverlening wordt uitgevoerd het maximaal aantal weken dat de gemeente nastreeft voor het eerste gesprek plaatsvindt hoe schuldhulpverlening aan gezinnen met inwonende minderjarige kinderen wordt vormgegeven

Kerndoel is de ‘integrale schuldhulpverlening’ die de gemeente zelf vorm moet geven. En schuldhulpverlening definieert de wetgever als: “het ondersteunen bij het vinden van een adequate oplossing gericht op de aflossing van schulden indien redelijkerwijs is te voorzien dat een natuurlijke persoon niet zal kunnen voortgaan met het betalen van zijn schulden of indien hij in de toestand verkeert dat hij heeft opgehouden te betalen, alsmede de nazorg”.3 In januari 2021 is een wijziging van de Wet gemeentelijke schuldhulpverlening ingegaan. Gemeenten krijgen per 2021 de mogelijkheid om gegevens van burgers met betalingsachterstanden in een vroeg stadium uit te wisselen met woningcorporaties, energie- en drinkwaterbedrijven en zorgverzekeraars. Hierdoor krijgen gemeenten mensen met schulden sneller dan voorheen en in een vroeg stadium in beeld en kunnen zij actief schuldhulpverlening aanbieden. Dit staat bekend als ‘vroegsignalering’.

3 Wet schuldhulpverlening 2012, artikel 1.

9

Rapportage van het rekenkameronderzoek naar de uitvoering van schuldhulpverlening in Ooststellingwerf - februari 2021

Vroegsignalering van problematische schulden is onderdeel van de schuldenaanpak van het kabinet. Doel hiervan is: ● ● ● ●

Het voorkomen van schulden door preventie en vroegsignalering De inwoner in een verder stadium te ontzorgen en te ondersteunen Bevorderen van een zorgvuldige en maatschappelijk verantwoorde incasso Aansluiting/verbinding van schuldenbewind op andere soorten sociale- of maatschappelijke ondersteuning

Om dit mogelijk te maken zijn de bestaande wetten aangepast: de Wet vereenvoudiging beslagvrije voet, de Wet gemeentelijke schuldhulpverlening, adviesrecht gemeenten bij schuldenbewind en de Wet stroomlijning keten voor derdenbeslag, beter bekend als het ‘verbreed beslagregister’. In dit onderzoek kan niet na worden gegaan wat met de nieuwe wet is gedaan omdat het onderzoek halverwege 2020 werd afgerond. 2.2 Gemeentelijk beleid De gemeente Ooststellingwerf heeft de wet uit 2012 omgezet in een beleidsplan “Eigen schuld?!” voor de periode 2013 2017. Dit beleidsplan is na 2017 verlengd en bleef tot 2020 van kracht. De wet is overigens duidelijk over de termijn van gemeentelijk beleid: ‘een periode van maximaal vier jaar4’. Een nieuw beleidsplan heeft de gemeente na 2017 echter niet gemaakt. In juni 2019 stelde de gemeente nog wel een ‘Visie op samenleven 2020 - 2024’ vast maar daarin stond geen beleid voor schuldhulpverlening. Uit het onderzoek bleek verder dat de gemeente van plan is beleid in de ‘doe agenda’ op te nemen. Wat daar in komt te staan over schuldhulpverlening was tijdens het onderzoek nog niet volledig bekend. Het beleid uit 2013 blijkt dus nog steeds te worden gebruikt en is niet via een raadsbesluit herijkt.

Ook is er geen evaluatie van het beleid aan de gemeenteraad voorgelegd zodat ze de resultaten van het beleid, ook een wettelijk verplicht onderdeel, zou kunnen beoordelen. De hoofdlijnen van het gemeentelijk beleid uit 2013 in Ooststellingwerf zijn: ● ● ● ●

Ooststellingwerf wil de financiële zelfredzaamheid van de inwoners vergroten Inwoners in de schuldhulpverlening kunnen uitgaan van een bestaansminimum Het sociaal team van de gemeente heeft de taak om achterliggende oorzaken op te sporen en op te lossen. In tegenwoordig jargon is dit ‘integraal’ werken De gemeente lost samen met andere instanties de problemen op.

Volgens de wet moet aparte aandacht besteed worden aan gezinnen met minderjarige kinderen. In het beleidsplan staat daarover dat ze recht hebben op ‘stabilisatie’ waarmee bedoeld wordt “Stabilisatie richt zich op het stabiliseren van het leven van de schuldenaar (huis, gas, elektrisch, water, ziektekostenverzekering, leefgeld), het voorkomen van nieuwe schulden, het bevorderen (of onderhouden) van participatie, beheer van het inkomen (indien noodzakelijk), het treffen van een betalingsregeling (wanneer wenselijk) en doorgeleiding naar schuldregeling (wanneer tijdelijk niet geschikt voor schuldregeling).”5 Ook komen gezinnen met minderjarige kinderen in aanmerking voor een tweede keer schuldsanering indien de kinderen anders de dupe zouden worden. Alle beleidsregels van de gemeente zijn samengevat in de gemeentelijke regeling “beleidsregels schuldhulpverlening” die op 1 januari 2014 in werking is getreden en sinds die tijd niet meer is aangepast. Uit de interviews komt naar voren dat de gemeente vindt ‘dat kinderen geenszins de dupe mogen worden van de schuldensituatie van hun ouders’. In het beleid betekent dit stabilisatie en mogelijk een tweede keer sanering. In dezelfde lijn maakte het college afspraken met woningcorporaties om gezinnen met minderjarige kinderen die een huurachterstand hebben nooit uit hun huis te zetten maar samen een oplossing te zoeken.

Voorafgaand aan het opstellen van het beleidsplan “Eigen schuld?” is er geen nulmeting van het aantal inwoners met problematische schulden geweest. Ook ontbreken meetbare doelen in het beleid die de gemeente aan het einde van de planperiode wil bereiken. Tot slot is geen regeling opgenomen of en hoe geëvalueerd wordt of het beleid succesvol is geweest en hoe de raad hierbij betrokken wordt. Het beleidsplan “Eigen schuld?!” is een opsomming van wie wel of niet in aanmerking komt voor schuldhulpverlening, wat de gemeente dan voor deze mensen doet en hoe ze daarin samenwerkt met andere partijen. In 2016 besluit het college tot het ‘Actieplan Armoedebeleid’ en neemt daarom in 2018 twee ‘preventiemedewerkers’ in het externe gebiedsteam aan (kosten €130.000). Het beoogde effect hiervan is “het voorkomen dat betalingsachterstanden oplopen tot een problematische schuld door vroegtijdig te signaleren en hulp aan te bieden” en “het herstellen van het ritme van de betaling van de vaste lasten aan de vier dienstenleveranciers/crediteuren.” Later in 2018 besluit het college om een proef met vijf vrijwilligers te verlengen. Deze vrijwilligers helpen mensen met financiële problemen. Ook hiervan is het beoogd effect om zo vroeg mogelijk mensen te steunen met financiële problemen (kosten €4.000).

In 2019 wordt het gebiedsteam met een medewerker uitgebreid die ‘budgetadvies’ aan mensen met financiële 4 Wet gemeentelijke schuldhulpverlening, artikel 2, lid 1. 5 Beleidsplan schuldhulpverlening 2013 - 2017, p17.

10

Rapportage van het rekenkameronderzoek naar de uitvoering van schuldhulpverlening in Ooststellingwerf - februari 2021

problemen kan geven. Het beoogd effect is “minder complexe schuldsituaties (dreigende huisuitzettingen, armoede, sociaal isolement, stress, slapeloosheid, depressie, huiselijk geweld, etc.) en lagere uitgaven in het sociaal domein (schuldhulpverlening, WMO, bijzondere bijstand). Kwetsbare statushouders worden maximaal ondersteund en vergroten hun financiële redzaamheid zodat (verergering van) financiële problemen worden voorkomen” (kosten €65.500). De gemeente heeft in het ‘Actieplan Armoedebeleid’ ook een overzicht van ‘interventies’ in het sociaal domein. Hiervan gaan de volgende over schuldhulpverlening: ● ● ● ● ● ● ● ● ● ●

Budgetadviseurs - deze gespecialiseerde medewerkers van het gebiedsteam ondersteunen inwoners met geldproblemen en inwoners met vragen over geld - Door de gemeente. Budgetmaatjes - Vrijwilligers ondersteunen inwoners bij het voeren van de financiële huishouding en het vergroten van de zelfredzaamheid hierin - Door stichting Scala. Ondersteunen bij het voeren van de thuisadministratie - Door Humanitas De Stellingwerven. Financiële ondersteuning aan inwoners met een laag inkomen, zoals bijzondere bijstand bedoeld voor kinderen in armoede - Door de gemeente. Kinderen en jongeren financieel in staat stellen mee te doen aan muziek- en dansles, schilderen, theaterschool of een andere creatieve cursus - Door Jeugdfonds Cultuur. Kinderen en jongeren financieel in staat stellen om te sporten (contributie en sportattributen) - Door Jeugdfonds Sport. Schoolgaande kinderen de mogelijkheid bieden om maatschappelijk te participeren (kosten schoolreisje of laptop) - Door stichting Leergeld. Individuele begeleiding – Ondersteunen bij en verwijzen naar budgetbeheer, voedselbank, kledingbank, bewindvoering en kredietbank - Door Stichting Scala. Verstrekken van voedselpakketten voor mensen met (zeer) lage inkomens - Door Voedselbank Ooststellingwerf. Een inloophuis waar ook inwoners komen met vragen op financieel gebied - Door PKN Oosterwolde.

In 2018 werkt de gemeente een plan ‘vroegsignalering’ uit waarvan het doel is “vroegtijdig in contact te komen met inwoners met betalingsachterstanden” en zo “de hoge maatschappelijke kosten” van het oplossen van schulden te voorkomen. Door samen te werken met Amargi (een stichting die o.m. vroegsignalering als doel heeft) en de BKR hoopt de gemeente mensen zo uit de schulden te houden. De raad schrijft in het huidig geldende Raadsprogramma 2018 - 2022 “We willen het college oproepen om te onderzoeken of er meer of andere regelingen zijn die kunnen worden ingezet om inwoners met een schuld ruimte te geven hun schuld af te betalen.” Het college kondigt aan dit te onderzoeken en daarbij ook de schulden mee te nemen die inwoners bij de gemeente hebben. In het coalitieakkoord komt schuldhulpverlening niet voor. Uit de interviews blijkt dat het college vindt dat het beleidsplan “Eigen schuld?!” voldoet aan de eisen van de Wgs ondanks het ontbreken van een nieuw beleidsplan na 2017. In het sociaal domein “wordt niet meer met aparte beleidsplannen” gewerkt maar met een ‘ontwikkelagenda’. Hierin komt schuldhulpverlening echter inhoudelijk niet aan de orde. Een en ander wordt verder uitgewerkt in de ‘uitvoeringsagenda’ maar die is ten tijde van dit onderzoek nog niet af. Om de leemte op te vullen is het beleidsplan “Eigen schuld?!” door de raad verlengd.

Concreet is het beleid na bijna tien jaar door de raad inhoudelijk niet opnieuw vastgesteld terwijl dit nu juist een oogmerk van de Wgs was: “De gemeenteraad stelt het plan telkens voor een periode van ten hoogste vier jaren vast.”. Ook is in het vastgestelde beleid summier aandacht gegeven aan maatregelen voor gezinnen met minderjarige kinderen. In 2020 heeft de gemeente in nauw overleg met de belanghebbenden ‘doe agenda’s’ opgesteld. Ook voor schuldhulpverlening is hierover een aantal actiepunten opgesteld met het oog op de nabije toekomst: 1. 2. 3. 4.

5. 6.

Uitgangspunt is ‘licht waar mogelijk, zwaar waar nodig’. Humanitas, Scala en Sociaal steunpunt doen de lichte administratie steun en via de gemeente helpen bewindvoerders en de Kredietbank. via Scala komen inwoners met elkaar in contact om ervaringen over armoede te delen. vanaf 1 januari 2021 krijgt de gemeente wettelijk adviesrecht bij de kantonrechter als een inwoner bewind aanvraagt buiten de gemeente om. De gemeente kan daarmee alle inspanningen bundelen. ook legt de wet de gemeente vanaf 2021 de taak op om vroeg probleemschulden te signaleren. Om dit te kunnen, krijgt de gemeente signalen over betalingsachterstanden van bedrijven en instellingen. De gemeente moet dan uit eigen beweging contact met de inwoner zoeken en ondersteuning aanbieden. de gemeente werkt samen met de Kredietbank Nederland (KBNL) om collectief schulden te regelen en neemt deel bij de oprichting van een waarborgfonds schulden. voor 18-jarigen en hun ouders komt aparte voorlichting om de overgang naar volwassenheid niet een schuldenprobleem te laten worden.

11

Rapportage van het rekenkameronderzoek naar de uitvoering van schuldhulpverlening in Ooststellingwerf - februari 2021

De eerste twee punten zijn bestaande punten die de gemeente voortzet. De andere vier zijn nieuw waarbij twee voortkomen uit de nieuwe wetswijziging schuldhulpverlening. Tot nu toe is nog geen nieuw beleid naar aanleiding van de wetswijziging aan de raad voorgelegd ter vaststelling.

2.3 Afspraken met partners van de gemeente Oostellingwerf is lid van de NVVK, de vereniging voor schuldhulpverlening en sociaal bankieren, en volgt hun leidraad “Vroegsignalering schulden” uit september 2018. De kern van deze leidraad is dat hoe eerder mensen met schulden geholpen worden, hoe kleiner de terug te betalen bedragen zijn en hoe gemakkelijker dat dan gaat. Een vroeg signaal van problemen is bijvoorbeeld het niet-betalen van vaste lasten. In deze leidraad kondigt de staatssecretaris al aan wat de wetswijziging in januari 2021 zal worden: meer en eerder gegevens met de gemeente delen zodat de gemeente daar zo snel mogelijk mee aan de slag kan. In Ooststellingwerf is deze leidraad opgepakt en is het gebiedsteam actief naar inwoners om probleemschulden zo vroeg mogelijk op te sporen. De NVVK gaf in september 2019 een kritische handleiding uit voor een ‘transitie naar effectieve stabilisatie’. Hiermee probeert de NVVK iets te doen aan de ‘uitval in de voorbereidingsfase’. Veel van de mensen met schulden haken af in de voorbereidende gesprekken over schuldhulpverlening. Om deze uitval te voorkomen moeten de gezinnen eerst ‘gestabiliseerd’ worden. Dat betekent dat inkomsten gemaximaliseerd en uitgaven geminimaliseerd moeten worden waardoor dat overzicht ontstaat op de eigen financiële situatie zodat de gezinnen stabiel de schuldregelingen kunnen ingaan.

Vandaar ‘stabilisatie’. De ervaring bij Nederlandse gemeenten sinds 2012 is dat maar 4 op de 100 mensen die in aanmerking komen voor schuldhulpverlening uiteindelijk een schuldenregeling krijgen. De meeste mensen (96%) vallen uit in de stabilisatiefase. Vooral mensen die geen inzicht in de eigen financiën hebben en met een langdurige problematiek vallen buiten de boot. De NVVK ziet verder dat gemeenten weinig stuurinformatie hebben, dat de ‘klantbeleving’ bepaalt of klanten het volhouden, dat klanten met langdurige problemen buiten beeld vallen en dat klanten die extra hulp nodig hebben voortijdig uitvallen. Vanaf 2018 werkt de gemeente samen met zorgverzekeraar De Friesland. Wanneer een inwoner van Ooststellingwerf een (wat grotere) betalingsachterstand bij hen heeft, wordt de klant door een medewerker van de zorgverzekeraar gebeld en gewezen op de achterstand en de mogelijkheid zich te melden bij de gemeente. Eind 2017 stemde de gemeenteraad hiermee in. Op deze manier signaleren de zorgverzekeraar en de gemeente al vroeg schulden. In overleg met de woningbouwcorporatie Actium wijst de gemeente inwoners op de ‘voorzieningenwijzer’ die mensen met een inkomen tot modaal wijst op alle beschikbare voorzieningen. Een hiervoor opgeleide medewerker overlegt bij de mensen thuis of toeslagen en andere ondersteuning door hen is aangevraagd.

In 2019 leverde dat een tussenstand op van €17.153 aan extra inkomsten voor de gezinnen. 2.4 Informatievoorziening aan de gemeenteraad Uit het onderzoek blijkt dat de raad gedurende de onderzochte periode een groot aantal documenten over schuldhulpverlening heeft ontvangen. Het college vindt dat de raad voldoende wordt geïnformeerd en uitgebreid bij de beleidsvorming wordt betrokken. Zoals bij de nieuwe visie in het sociaal domein waarin in overleg met de raad nog meer aandacht aan preventie van schulden wordt gegeven. In de nabije toekomst verwacht het college de informatie aan de raad verder te verbeteren met de ‘monitor sociaal domein’ waarin ook aandacht is voor schuldhulpverlening. In het beleidsplan “Eigen schuld?!” 2013-2016 schreef het college: “Het college dient jaarlijks verantwoording af te leggen aan de gemeenteraad over de uitvoering van de schuldhulpverlening in de gemeente. Het kabinet verwacht dat er van het vaste overleg tussen de gemeenteraad en het college van burgemeester en wethouders een belangrijke impuls uitgaat om de effectiviteit van de schuldhulpverlening te verbeteren.” Een vast moment, naast de jaarlijkse financiële verantwoording, is voor schuldhulpverlening niet gevonden.

Raadsleden vinden desgevraagd dat ze wel een ‘algemeen beeld’ hebben, maar hebben vragen over wie niet toegelaten wordt tot de hulp, hoe vaak recidive voorkomt en wat vrijwilligers bereiken. De raad krijgt veel financiële informatie maar heeft weinig ‘zicht op de uitvoering’. Raadsleden gaven in het interview aan weinig zicht te hebben op of de schuldhulpverlening succes heeft gehad. Om dat te kunnen beoordelen zouden ze graag cijfers vergelijken met andere gemeenten. De raad is eenstemmig over wat succes is: ‘als mensen weer op eigen benen kunnen staan’. Verder vragen raadsleden zich wel af hoe tevreden de doelgroep over de geboden hulp is.

12

Rapportage van het rekenkameronderzoek naar de uitvoering van schuldhulpverlening in Ooststellingwerf - februari 2021

2.5 Bevindingen uit dit hoofdstuk en toetsing aan de normen

1

Norm

Bevindingen

Beleid voldoet aan de wet

Het college heeft in 2013 een plan voor schuldhulpverlening door de raad laten goedkeuren en volgde zo de wet. Na vier jaar is dit echter niet opnieuw gedaan zoals de wet voorschrijft. Vanaf 2020 valt schuldhulpverlening onder de ontwikkelagenda maar daar staan geen gedetailleerde plannen in voor schuldhulpverlening zoals de wet die voorschrijft. Het is de bedoeling die nog door de raad vast te laten stellen. Onbekend is of alle wettelijke eisen uit de wet schuldhulpverlening in de Doeagenda opgenomen zullen worden.

2

Beleid heeft duidelijke en meetbare doelen

In het beleid staan geen meetbare doelen opgenomen en ook in actieplannen en uitvoeringsplannen staan geen meetbare doelen opgenomen. Met de raad zijn meetbare doelen niet besproken.

3

Raad stelt kaders en controleert het beleid.

Het oorspronkelijke beleid is door de raad vastgesteld. Maar aan het einde van de planperiode van vier jaar zijn de uitkomsten van het beleid niet geëvalueerd in een nota die met de raad is gedeeld. Deze evaluatie kon voor nieuw beleid gebruikt worden. Het in het beleidsplan opgenomen vaste overleg met de gemeenteraad over de schuldhulpverlening wordt niet in de praktijk gebracht. Naast de jaarlijkse financiële verantwoording vindt er (geen aanvullend) overleg plaats. Hierdoor ontbreekt voor de raad mede het zicht op het succes van de schuldhulpverlening.

4

Beleid is omgezet in concrete maatregelen

Er is na 2013 in diverse plannen een groot aantal maatregelen uitgewerkt voor de uitvoering van schuldhulpverlening.

13

Rapportage van het rekenkameronderzoek naar de uitvoering van schuldhulpverlening in Ooststellingwerf - februari 2021

3 - Beschrijving en analyse uitvoering schuldhulpverlening, aantallen en financiën Dit hoofdstuk gaat over de praktijk van de uitvoering. Onderzocht is of op de volgende onderzoeksvragen die de uitvoering betreffen een antwoord kan worden gegeven: 1. 2. 3. 4.

5. 6. 7.

Zijn de resultaten na 2015 beter dan daarvoor door de werking van gebiedsteams? Welke resultaten levert de eventuele vroeg-signalering met externe partijen op? Zijn langetermijneffecten bekend? Heeft de gemeente overzicht van de aantallen hulpvragen, de afwijzingen met reden waarom, de in behandeling genomen hulpvragen en de kosten van de schuldhulpverlening, zowel van de hulpverlening door de gemeente als door de Kredietbank Noord Nederland? Is er inzicht in de oorzaken van schulden? Welke preventiemaatregelen neemt de gemeente ter voorkoming hiervan? Welke resultaten worden hiermee behaald? Past de gemeente maatwerk toe waar nodig? Wat is de rol van de budgetcoach? Is de schuldhulpverlening tijdig en eenvoudig toegankelijk voor iedere inwoner, ook (zzp-) ondernemers, of kunnen mensen tussen wal en schip vallen?

Dit hoofdstuk is verdeeld in drie paragrafen. Eerst wordt de uitvoering van de schuldhulpverlening beschreven, daarna staan in paragraaf 3.2 financiële resultaten en kengetallen en in paragraaf 3.3 staan de resultaten in de ogen van de gemeentelijke organisatie en het college. Het hoofdstuk eindigt met bevindingen uit dit hoofdstuk en toetsing aan de normen uit het normenkader.

3.1 Uitvoering van de schuldhulpverlening Wanneer een inwoner met schulden zich meldt bij de gemeente, kan diegene worden geholpen als burger of als ondernemer. Voor beide mogelijkheden zijn aparte trajecten. Uit de cijfers blijkt dat burgers verreweg de grootste groep zijn. Nog geen 5% van de mensen die zich bij de gemeente meldt, is een ondernemer. De resterende 95% gaat dus om particuliere huishoudens, burgers dus.

14

Rapportage van het rekenkameronderzoek naar de uitvoering van schuldhulpverlening in Ooststellingwerf - februari 2021

Een inwoner kan zelf in persoon of telefonisch naar het gebiedsteam stappen maar kan ook aangemeld worden door een van de externe partijen waarmee wordt samengewerkt: woningcorporaties en nutsbedrijven. Per week melden tussen de nul en drie mensen zich aan. Veel aanmelders blijken meer dan één probleem te hebben en het gebiedsteam kan hiermee goed overweg omdat ze het hele sociaal domein bestrijken. Vrijwel altijd volgt na een aanmelding een huisbezoek. Klanten stellen op prijs dat ze in hun vertrouwde omgeving met alle papieren bij de hand hun verhaal kunnen vertellen. Hierna geeft de medewerker een advies afhankelijk van de problemen. De klant kan dit advies overnemen maar ook afwijzen en de ondersteuning beëindigen. De inwoners van Ooststellingwerf worden op allerlei manieren benaderd met de mogelijkheden voor ondersteuning, zoals vermeld in de Regelingenwijzer. De ervaringen hiermee zijn goed. Ook de budgetadviseurs helpen via voorlichting en pilots aan de bekendheid van de schuldhulpverlening. Voor ondernemers hebben medewerkers van het gebiedsteam het idee dat zij de weg minder goed kunnen vinden. Ondernemers die contact hebben met de gemeente weten soms niet dat zij ook schuldhulpverlening kunnen krijgen. Medewerkers van het ondernemersloket van de gemeente, de BBZconsulent of accountmanager werkgelegenheid hebben hier mee te maken en verwijzen hen dan door.

Het gebiedsteam kan bij kleinere schulden en problemen de inwoner zelf helpen of in contact brengen met vrijwillige begeleiding door bijvoorbeeld Humanitas of stichting Scala. Wanneer de schulden te ver zijn opgelopen om ze uit eigen beurs te kunnen betalen zoekt het team contact met de Kredietbank Nederland voor particulieren, met Bureau Zuidweg & Partners en met Bureau Benedictus voor ondernemers. Bij de externe hulpverleners moeten wel eerst de nodige documenten ingediend worden. De schulden worden dan in overleg met de schuldeisers in termijnen betaald en zo mogelijk deels kwijtgescholden. Inwoners mogen de KBNL ook rechtstreeks benaderen. De gemeente betaalt in beginsel slechts eenmaal de kosten van financiële schuldhulpverlening. Alleen voor gezinnen met minderjarige kinderen is een uitzondering mogelijk. Sinds 2018 maakt de afdeling Werk & Inkomen deel uit van het gebiedsteam dat op twee locaties zit: in het gemeentehuis en op De Brink. Op de laatste locatie zitten, naast de gemeente, ook de woningcorporatie Actium, KBNL en Humanitas. Ofschoon het de bedoeling is integraal te werken verwijst het gebiedsteam sommige financiële kwesties zoals betalingen nog wel door naar andere gemeentelijke afdelingen. Omdat het in de ogen van de medewerkers van het gebiedsteam ‘heel druk’ is leidt het wachten op doorverwijzen soms tot ongewenste wachttijd en vertraging.

Een van de oorzaken is het succes van de Regelingenwijzer waardoor meer mensen contact met de budgetadviseurs zoeken. Naar een oplossing hiervoor wordt momenteel gezocht. Het team heeft vier ‘budgetadviseurs’ die voor preventie in worden gezet. Twee van hen zijn in vaste dienst en twee zijn tijdelijk. Zij werken met projecten op scholen, statushouders en bewindvoerders. De gemeente en de samenwerkingspartners hebben voor schuldhulpverlening de beschikking over zeven instrumenten: 1. 2. 3. 4. 5. 6. 7.

Budgetcoaching zowel curatief als preventief (budget adviseurs maar ook KBNL) Schuldhulpverlening (dus zowel schuldregeling, kredietverlening, budgetbeheer etc.) Budgetcursussen voor volwassenen Financiële educatie voor basisonderwijs Vrijwillige ondersteuning in de vorm van bijvoorbeeld hulp bij thuisadministratie Inkomensondersteuning door middel van minimaregelingen, ook voor kinderen Communicatie breed middels de Regelingenwijzer

In het gebiedsteam is regelmatig overleg of de juiste instrumenten in zijn gezet. De kosten van een instrument zijn daarbij geen zwaarwegend argument. Wel het succes: wat is wenselijk voor de inwoner en wat wil de inwoner met de ondersteuning van de gemeente bereiken. Het gebiedsteam heeft regelmatig overleg met huisartsen, stichting Scala, kerken en de afdeling Jeugd & Sport over mensen die problemen hebben. Door samenwerking met hen kan de hulpverlening voor de doelgroep verbeterd worden. 3.2 Financiële resultaten en kengetallen schuldhulpverlening sinds 2015 In 2015 werd schuldhulpverlening onderdeel van de gebiedsteams. In 2018 werden de teams uitgebreid met twee budgetadviseurs. Tijdens de onderzoeksperiode meldde de gemeente geen wachtlijsten. Iedere aanmelding kreeg binnen vier weken een intakegesprek. Crisissituaties worden binnen drie dagen opgepakt. Wanneer inwoners van Ooststellingwerf bewindvoering krijgen, betaalt de gemeente dat. In 2019 krijgen 286 inwoners deze steun wat een totale kostenpost van €386.852 is voor de gemeente.

15

Rapportage van het rekenkameronderzoek naar de uitvoering van schuldhulpverlening in Ooststellingwerf - februari 2021

Ooststellingwerf is bij Divosa (vereniging van leidinggevenden in het sociaal domein) aangesloten en krijgt rapportages met cijfers: de Divosa-benchmark. Een benchmark is een prestatievergelijking met vergelijkbare organisaties, hier dus andere gemeenten in Nederland. De laatste cijfers dateren van 2019:

Het aantal medewerkers, de uitgaven en het aantal inwoners in de schuldhulpverlening in de gerapporteerde jaren zijn vrij constant. Het blijkt dat Ooststellingwerf in vergelijking met Nederland als geheel of met vergelijkbare gemeenten veel minder verwijst naar schuldhulpverlening. Echt opvallend is de enorme daling in het aantal klanten in budgetbeheer en budgetcoaching. In 2017 rapporteert de gemeente hier 642 inwoners en twee jaar later nog maar 70. De reden hiervan is tijdens het onderzoek niet aan het licht gekomen. Nader onderzoek bij het ambtelijk wederhoor van de gemeente laat zien dat: “dat hier alle contactmomenten zijn opgevoerd i.p.v. aantallen cliënten in budgetbeheer en budgetcoaching. 2017 was het eerste jaar in deze opzet waarin de OWO gemeenten deel hebben genomen aan de benchmark armoede en schulden. Met name over schulden is niet alles dat jaar handmatig boven water gekomen (later zijn er koppelingen met oa KBNL gekomen). Dit is niet meer gecorrigeerd aangezien dit de eerste opzet was. In de benchmark is dit dus blijven staan.. Achteraf had dit bij de benchmark 2018 over 2017 gecorrigeerd moeten worden. Dat is niet gedaan waardoor dit gegeven nu als opvallend naar voren komt.

Als de gemeente echt zoveel inwoners in budgetbeheer zou hebben gehad (dat product kopen we in bij KBNL) dan zouden de uitgaven over 2017 explosief hoger (rond de 9x zo hoog) moeten zijn geweest. Dat zijn ze niet, sterker nog de uitgaven in 2017 zijn lager dan in 2018 en 2019”

16

Rapportage van het rekenkameronderzoek naar de uitvoering van schuldhulpverlening in Ooststellingwerf - februari 2021

De kosten van schuldhulpverlening zijn de afgelopen jaren gestegen maar het college heeft het voornemen die de komende jaren wat te laten dalen. Binnen de schuldhulpverlening bepalen vooral de kosten voor bewindvoering de stijging. De ietwat teruglopende kosten van begeleiding door Kredietbank Nederland worden meer dan ‘goedgemaakt’ door de stijgende kosten voor bewindvoering door externe bureaus:

De totale kosten bedragen meer dan een half miljoen euro en bijna 80% wordt daarvan aan bewindvoering uitgegeven. Een veel kleiner deel aan de Kredietbank Nederland. Wanneer de cijfers van 2015 worden geïndexeerd is nog beter te zien hoe de Kredietbank en bewindvoering uit elkaar lopen:

Terwijl de kosten van KBNL met 25% zijn gedaald blijken die van bewindvoering met 40% te zijn gestegen.

17

Rapportage van het rekenkameronderzoek naar de uitvoering van schuldhulpverlening in Ooststellingwerf - februari 2021

3.3 Resultaten in de ogen van de gemeentelijke organisatie en college De gemeente heeft naast de wettelijke taken voor schuldhulpverlening veel werk gemaakt van preventie door in 2018 hier twee medewerkers voor aan te stellen. Zij zijn het spin in het web en onderhouden de contacten met de inwoners en alle betrokken partijen. De gemeente maakte de communicatie over de schuldhulpverlening met de stichting Scala en inwoners de laatste jaren duidelijker met als zichtbaar resultaat de ‘Regelingenwijzer’, een goed leesbaar overzicht van alle diensten die de gemeente biedt, waaronder schuldhulpverlening. Direct gevolg is dat meer minima kennis nemen van de regelingen, hun inkomenssituatie is verbeterd (uit eigen onderzoek van de gemeente blijkt dat het om tienduizenden euro’s ging) en zo schulden worden voorkomen. Een ander voorbeeld van geslaagde preventie vindt het college de budgetcursus die de gemeente met Scala Welzijn voor 20 huishoudens organiseerde. Een andere vorm van preventie is de les die aan leerlingen in groep 7 en 8 van de basisschool wordt gegeven. Tweederde van de scholen in Ooststellingwerf doet hieraan mee. Ook werkt de gemeente, al voor de invoering van de nieuwe wet per 2021, samen met Amargi en BKR om vroegtijdig schulden te signaleren. Over deze samenwerking is het college tevreden.

Wanneer mensen door het gebiedsteam overtuigd kunnen worden dat de gemeente hen kan helpen, blijkt dat afsluiting van nutsvoorzieningen of een huisuitzetting kan worden voorkomen. Wat aandacht nodig heeft is de wijze waarop de gemeente de inwoner benadert. De medewerkers van het gebiedsteam die dit doen moeten “persoonlijk, vriendelijk doch vasthoudend” zijn om de mensen te overtuigen. Het blijkt namelijk voor te komen dat bij vroegsignalering de medewerker van het gebiedsteam eerder dan de betrokkenen zelf van de problemen is overtuigd. Deze ervaringen zijn bij het opstellen van nieuw beleid naar aanleiding van de wetswijziging per 2021 bruikbaar. Intern verbetert de gemeente de samenwerking tussen het gebiedsteam en de overige afdelingen. Zo is de gemeente soms zelf ook schuldeiser. De gemeenteraad riep in het raadsprogramma het college al op de eigen positie als schuldeiser onder de loep te nemen. Hier geeft het college gehoor aan door de invordering van schulden door de gemeente stop te zetten zodra een inwoner zich bij het gebiedsteam meldt. Hiermee voorkomt de gemeente het verder oplopen van schulden en invorderingskosten. Ook de afdeling die invordert, werkt nu op deze wijze en stelt de inwoner voor om de deurwaarder niet in te schakelen als de inwoner contact met het gebiedsteam opneemt.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Ooststellingwerf&id=87b097bb-7ed5-4f56-8713-dc00e3a5fe45