Bijlage 2 - Kaderbrief 2016-2019
Tekst van het document
Kaderbrief 2016-2019
gemeente Ooststellingwerf
PMS
cmyk
Goud
872
20/30/70/15
Rood
485
0/100/100/0
Groen
347
100/0/86/3
Zwart
black
0/0/0/100
Foto voorkant: De Vesuviustjasker in het natuurgebied de Stobbepoel bij Elsloo, buurtschap/Tronde. Deze tjasker werd gebouwd aan het eind van de 19de eeuw, lag in latere jaren droog opgeslagen in een boerderij en werd in 1978 'herontdekt'. Vervolgens is de molen gerestaureerd door de Vesuviusclub en weer geplaatst. De tjasker doet dienst als inmaler voor het natuurgebied De Stobbepoel (circuitbemaling). Sinds 1978 is de molen eigendom van Stichting De Fryske Mole.
Colofon: Uitgave gemeente Ooststellingwerf ’t Oost 11 Postbus 38 8430 AA Oosterwolde Telefoon: 14 0516 E-mailadres: gemeente@ooststellingwerf.nl Samenstelling en informatie: Afdeling Concernzaken, team BV, cluster Planning & Control Foto omslag: Afdeling Concernzaken, team BV, cluster Communicatie Kopieer- en bindwerk: Afdeling Concernzaken, team Interne support, cluster DIV Oosterwolde, april 2015
Inhoud 1. Meerjarenperspectief 2016 - 2019 ...................................................................................................................... 3 1.1 Inleiding ........................................................................................................................................................ 3 1.2 Stand van zaken ............................................................................................................................................ 4 1.3.Overige ontwikkelingen ................................................................................................................................ 6 2. Besteding eenmalige precariogelden ................................................................................................................. 8 3. Programma’s en thema’s 2016-2019 ................................................................................................................. 9 Programma 1 – Sociaal Domein ........................................................................................................................ 9 Programma 2 – Welzijn en Educatie ................................................................................................................ 13 Programma 3 – Ruimtelijke en economische ontwikkelingen ........................................................................
16 Programma 4 – Strategische projecten ........................................................................................................... 22 Programma 5 – Openbare orde en Veiligheid ................................................................................................. 24 Programma 6 – Bestuur en Dienstverlening ................................................................................................... 26 4. Uitgangspunten (inclusief lokale lasten) ......................................................................................................... 29 4.1 Lonen en prijzen ......................................................................................................................................... 30 4.2 Algemene uitgangspunten ......................................................................................................................... 31 4.3 Gemeentelijke belastingen en heffingen.................................................................................................... 32
Kaderbrief 2016-2019
1
Kaderbrief 2016-2019
2
1. Meerjarenperspectief 2016 - 2019
Samenvatting In de Programmabegroting 2015-2018 zijn de beleidskaders uit het Coalitieakkoord 2014-2018 ‘Samen Voortbouwen’ voor de planperiode 2015 tot en met 2018 vastgelegd. In deze kaderbrief worden de beleidskaders geactualiseerd. We stellen voor met ingang van 2016 € 2 miljoen van de gerealiseerde eenmalige opbrengst Precariobelasting eenmalig te besteden aan eenmalige initiatieven, met een aantoonbaar hoog economisch en/of maatschappelijk rendement. Daarnaast stellen we voor de structurele opbrengst van € 1,2 miljoen Precariobelasting vanaf 2016 structureel in te zetten als algemeen dekkingsmiddel bij de Programmabegroting 2016-2019. Vanuit het bijgestelde begrotingsperspectief 2016-2019 bezien stellen we voor het (financiële) uitgangspunt voor deze kaderbrief en Programmabegroting 2016-2019 ten opzichte van voorgaande jaren bij te stellen. De jaarschijven 2016 en 2017 moeten structureel en reëel in evenwicht zijn. De jaarschijven 2018 en 2019 zijn niet structureel in evenwicht. De budgettaire risico’s van het Sociaal Domein zijn in 2015 afgedekt door een buffer van € 2,8 miljoen in de reserve Sociaal Domein. In de jaren 2016 en 2017 is de verwachting dat er ook nog een tekort zal zijn. Dit tekort wordt momenteel berekend ten behoeve van de meerjarenbegroting 2016-2019.
Het realiseren van onze beleidsvoornemens uit het Coalitieakkoord 2014-2018 ‘Samen Voortbouwen’ wordt met in achtneming van dit perspectief de komende jaren ten uitvoer gelegd.
1.1 Inleiding In 2014 is gestart met het realiseren van de speerpunten uit het Coalitieakkoord 2014-2018 ‘Samen Voortbouwen’. Het eerste jaar is nu afgerond. In de Programmabegroting 2015-2018 zijn de beleidsvoornemens voor de planperiode 2015 tot en met 2018 vastgelegd. Een programmabegroting met een nieuwe programma-indeling. Naast de traditionele thema’s, zoals Ruimtelijke & Economische Ontwikkelingen, Welzijn & Educatie en Bestuur, is vooral ingezoomd op de thema’s binnen het Sociaal Domein en de Strategische Projecten. In deze kaderbrief zijn in hoofdstuk 3 ‘Programma’s en thema’s 20162019’ de beleidskaders geactualiseerd. In hoofdstuk 4 ‘Uitgangspunten (inclusief lokale lasten)’ zijn de uitgangspunten opgenomen met betrekking tot de lonen en prijzen, de algemene uitgangspunten en de gemeentelijke belastingen en heffingen. De uitkomsten van deze Kaderbrief worden geïntegreerd in de Programmabegroting 2016-2019. Zowel op financieel, op sociaal als op demografisch gebied blijven de uitdagingen groot. Deze vraagstukken zijn niet los van elkaar te zien. De bezuinigingen, de overheveling van rijkstaken naar gemeenten en de krimp en vergrijzing van de bevolking heeft zijn financiële weerslag voor onze gemeente. Met deze kaderbrief verschaffen we u inzicht in het begrotingsperspectief voor de periode 2016-2019.
Het realiseren van onze beleidsvoornemens uit het Coalitieakkoord 2014-2018 ‘Samen Voortbouwen’ zal met in achtneming van dit perspectief de komende jaren ten uitvoer worden gelegd.
Kaderbrief 2016-2019
3
1.2 Stand van zaken 1.2.1 Bijgestelde begrotingsperspectief 2015-2018 Naar aanleiding van de uitkomsten van de Decembercirculaire 2014 is in de raadscommissie Planning en Control van 14 april 2015 het geactualiseerde Begrotingsperspectief 2015-2018 gepresenteerd. Het begrotingssaldo voor 2015 is licht positief (+ € 46.000) en structureel sluitend. Maar vanaf 2016 is het jaarlijkse begrotingssaldo negatief, oplopend van € 0,348 miljoen naar een verwacht tekort van € 1,663 miljoen in 2018. bedragen x € 1.000
Begroting 2015 26
Begrotingsperspectief 2015 - 2018 Begrotingsperspectief na septembercirculaire 2014
MJB 2016 - 338
MJB 2017 - 934
MJB 2018 - 1.629
Uitkomst decembercirculaire 2014
- 13
55
45
- 66
Compensaties decembercirculaire 2014
32
- 65
- 65
32
Begrotingsperspectief 2015 - 2018 na de decembercirculaire 2014
46
- 348
- 954
- 1.663
1.2.2 Opbrengst precariogelden Begin 2015 heeft Liander aangegeven dat zij het beroep betreffende de aanslag Precariobelasting 2011 en de bezwaren over aanslagen Precariobelasting voor de jaren 2012 en 2013 intrekken. Hiermee is de opbrengst van € 4,3 miljoen over deze jaren gerealiseerd. Voorts is duidelijk geworden dat Liander bezwaar maakt tegen de aanslag 2014. Liander heeft bezwaar aangetekend over de hoogte van het tarief en de kilometrages elektriciteitsleidingnetwerk. Op grond van deze nieuwe opgave bedraagt de opbrengst voor 2014 minimaal structureel € 1,182 miljoen (tarief 2014) en vanaf 2015 € 1,2 (tarief 2015). Vanuit het meerjarenperspectief is een robuuste, incidentele en structurele inzet van precariogelden gewenst. Daarom komen we met de volgende voorstellen: 1.
2.
3.
een substantieel deel (€ 2 miljoen) van de gerealiseerde eenmalige opbrengst Precariobelasting wordt met ingang van 2016 eenmalig besteed aan eenmalige initiatieven, met een aantoonbaar hoog economisch en/of maatschappelijk rendement. In hoofdstuk 2 ‘Besteding eenmalige precariogelden’ hebben we dit voorstel verder uitgewerkt; de structurele opbrengst van € 1,2 miljoen wordt vanaf 2016 structureel ingezet als algemeen dekkingsmiddel bij de Programmabegroting 2016-2019. In het begrotingsperspectief 2015-2019 in deze kaderbrief nemen dit bedrag eveneens mee; de formatie-uitbreiding van een extra Buitengewoon Opsporingsambtenaar (BOA) wordt vanaf 2016 gedekt uit de structurele opbrengsten precariobelasting. Voorts wordt onderzocht of er sprake is van achterstallig onderhoud van wegen. De uitwerking wordt mogelijkerwijs meegenomen in de Programmabegroting 2016-2019. In de Kaderbrief 2015-2018 (pagina 33) staat vermeld dat indien de opbrengst Precariobelasting een structurele baat wordt binnen onze begroting, dan kan de formatie uitbreiding van een extra (BOA) vanaf 2016 hieruit structureel gedekt worden. Ook wordt dan bezien of eventueel achterstallig onderhoud van wegen eenmalig uit de reserve Precariobelasting kan worden gedekt.
1.2.3 Herverdeling gelden Gemeentefonds Eind maart hebben we de voorlopige resultaten van de 2e herverdeling van de Algemene uitkering uit het Gemeentefonds ontvangen. De aanleiding voor dit ‘groot onderhoud’ is dat de verdeling van de middelen niet meer aansloot op de werkelijk gemaakte kosten van de gemeenten. De gepresenteerde onderzoekscijfers
Kaderbrief 2016-2019
4
zijn berekend op basis van uitkeringsjaar 2014. Bij de komende Meicirculaire 2015 zullen de cijfers worden geactualiseerd naar uitkeringsjaar 2016. De uitkomst is voor ons is nu (op basis van cijfers 2014) bijna € 400.000 positief. Het voordeel van de herverdeling wordt waarschijnlijk uitgesmeerd over 2 jaar, het structureel voordeel voor onze gemeente is dan als volgt vanaf 2016 € 200.000 en 2017 ev. € 400.000. De 1e fase van het groot onderhoud Gemeentefonds viel voor onze gemeente € 200.000 negatief uit. De clusters Werk & Inkomen, Brandweer & Rampenbestrijding en Volkshuisvesting, Ruimtelijke Ordening en Stedelijke vernieuwing zijn nu aangepast. De vergoeding binnen het cluster Werk & Inkomen gaat naar beneden en de vergoeding voor de andere twee clusters gaat omhoog. Op zich natuurlijk een positief bericht. Onduidelijk is op dit moment of hier ook extra lasten binnen deze clusters uit voortvloeien. 1.2.4 Begrotingsperspectief 2016-2019 De (structurele) budgettaire effecten, zoals die hierboven in de paragrafen 1.2.2 ‘Opbrengst precariogelden’ en 1.2.3 ‘Herverdeling gelden Gemeentefonds’ zijn verwoord, leiden tot het volgende Begrotingsperspectief 2016-2019: bedragen x € 1.000
Begroting 2016 - 348
Begrotingsperspectief 2016 - 2019 Begrotingsperspectief na decembercirculaire 2014 Structurele opbrengst precariobelasting
MJB 2017
MJB 2018
MJB 2019 *)
- 954
- 1.663
- 1.663
1.200
1.200
1.200
1.200
Opbrengst 2e herverdeling gelden Gemeentefonds
200
400
400
400
Lasten extra Buitengewoon Opsporingsambtenaar
- 60
- 60
- 60
- 60
Netto lasten besteding eenmalige precariogelden € 2 mln.
-7
- 14
- 21
- 28
Bijgesteld begrotingsperspectief 2016 - 2019
985
572
- 144
- 151
*)Het perspectief voor 2019 is nog niet bekend. Voorlopig gaan we uit van hetzelfde bedrag van de raming 2018.
Uit het Begrotingsperspectief 2016-2019 valt op te maken dat er sprake is van een behoorlijk begrotingsoverschot voor de jaren 2016 en 2017. De jaarschijven 2016 en 2017 zijn structureel en reëel in evenwicht. Het perspectief voor de jaarschijven 2018 en 2019 is negatief. Deze bijgestelde uitkomsten zijn het budgettaire vertrekpunt bij het opstellen van de Programmabegroting 2015-2019. Vanuit dit begrotingsperspectief bezien stellen we voor het (financiële) uitgangspunt voor deze kaderbrief en Programmabegroting 2016-2019 ten opzichte van voorgaande jaren bij te stellen. We stellen voor dat de jaarschijven 2016 en 2017 structureel en reëel in evenwicht moeten zijn. De jaarschijven 2018 en 2019 zijn niet structureel in evenwicht. De doorwerking van de bezuinigingen van het Rijk, de overheveling van rijkstaken binnen het Sociaal Domein, de ontwikkeling van de algemene uitkering uit het Gemeentefonds (Meicirculaire 2015) en een realisatie van de strategische projecten spelen een bepalende rol bij het financiële toekomstbeeld. We verwachten dat we medio 2015 nog meer duidelijkheid hebben over het financiële meerjarenbeeld. Hierbij wordt ook de financiële weerbaarheid van de gemeente goed in ogenschouw genomen. 1.2.5 Weerstandsvermogen en risicobeheersing Het weerstandsvermogen is het vermogen om tegenvallers op te vangen zonder dat de continuïteit in gevaar komt.
Het gaat om de relatie tussen de (financiële) weerstandscapaciteit en alle risico’s die de gemeente loopt en die niet zijn afgedekt door voorzieningen en verzekeringen. De benodigde weerstandscapaciteit wordt vastgesteld aan de hand van een risico-inventarisatie. De belangrijkste risico’s zijn:
• •
Sociaal Domein Bijstelling van de algemene uitkering uit het Gemeentefonds
Kaderbrief 2016-2019
5
• •
WWB inkomendeel
Risico’s gerechtelijke procedures Het volume van de gemeentelijke exploitatie is door de extra taken en verantwoordelijkheden binnen het Sociaal Domein uitgebreid met 22%, tot een totaal bedrag van € 70 miljoen. Een forse uitzetting van middelen, met een eigen budgettaire dynamiek en risicoprofiel. In de Programmabegroting 2015-2018 hebben we in de paragraaf Weerstandsvermogen hierbij stil gestaan. Als uitgangspunt in het financieel kader van het Sociaal Domein 2015 en in de paragraaf Weerstandsvermogen van de Programmabegroting 2015-2018 is opgenomen, dat op de lange termijn de verwachting is dat de dienstverlening dichtbij, eigen netwerk kracht en gebiedsondersteuning leidt tot efficiëntere en effectiever dienstverlening. Aangegeven is de verwachting dat het tekort stapsgewijs wordt teruggebracht naar nihil in 2018. De budgettaire risico’s van het Sociaal Domein zijn in 2015 afgedekt door een buffer van € 2,8 miljoen in de reserve Sociaal Domein. In de jaren 2016 en 2017 is de verwachting dat er ook nog een tekort zal zijn. Dit tekort wordt momenteel berekend ten behoeve van de meerjarenbegroting 2016-2019. De risico’s zijn grotendeels in de begroting afgedekt. De benodigde weerstandscapaciteit bedraagt ruim € 2 miljoen (Jaarrekening 2014).
De beschikbare weerstandscapaciteit is € 19,2 miljoen (exclusief € 3 miljoen bodembedrag Algemene reserve, exclusief € 2,8 miljoen reserve Sociaal Domein exclusief € 4,6 miljoen Algemene reserve grondexploitatie). Er is voldoende weerstandsvermogen beschikbaar. Dit jaar gaan we onderzoek doen naar het herijken van het risicomanagement van onze gemeente o.a. voor het Sociaal Domein. Hierbij doen we ook onderzoek naar de financiële positie in relatie tot het benodigde weerstandsvermogen op middel en lange termijn. 1.2.6 Resultaat jaarrekening 2014 De jaarrekening 2014 sluit met een positief saldo na bestemming van € 1,192 miljoen. Een bedrag van € 1.053.000 is specifiek bestemd voor een drietal onderwerpen, inclusief € 835.000 toevoeging aan de reserve Strategische projecten (voorschot subsidie Masterplan Appelscha). Bij de behandeling van de Jaarrekening 2014 stellen we voor € 139.000 toe te voegen aan de Algemene reserve. De stand van de Algemene reserve per 31 december 2014 is € 8,8 miljoen (inclusief het resultaat Jaarrekening 2014 van € 139.000). In dit bedrag is opgenomen € 3 miljoen als bodembedrag en € 2 miljoen voor de benodigde weerstandscapaciteit. Het weerstandsvermogen is voldoende om de risico’s af te dekken. Daarnaast wordt een meerjarig beslag (2015 – 2018) gelegd op de Algemene reserve van totaal € 1,131 miljoen.
Het minimale niveau van de Algemene reserve voor de komende jaren is € 6,106 miljoen.
1.3.Overige ontwikkelingen 1.3.1 Strategische projecten De strategische projecten binnen onze gemeente zijn volop in uitvoering (Venekoten Centrum, Ecomunity Park en verdubbeling N381), bevinden zich in een afrondende fase (Masterplan Appelscha, onderdeel Boerestreek Appelscha) of er vindt een heroriëntatie plaats (Masterplan Appelscha, onderdeel Appelscha Hoog). De meeste van deze projecten lopen de komende jaren nog door. De gemeentelijke financiële bijdragen aan deze strategische projecten zijn gedekt binnen de bestaande middelen. Daarnaast zijn bijdragen toegezegd door zowel het Rijk als door de provincie Fryslân. Wij streven ernaar dat de meeste van deze projecten in deze raadsperiode tot uitvoering komen en afgerond kunnen worden. In hoofdstuk 3 ‘ Programma 4 – Strategische projecten’ zijn de beleidskaders per project geactualiseerd.
Kaderbrief 2016-2019
6
1.3.2 Dienstverlening sociaal domein; externe positionering Gebiedsteams Vanaf 1 januari 2015 verzorgen we de dienstverlening voor het Sociale Domein middels een op dit moment intern verzelfstandigd Gebiedsteam. Dat wil zeggen: buiten het gemeentehuis gehuisvest. Dit interdisciplinaire team bestaande uit medewerkers van maatschappelijk partners en WMO- medewerkers, ondersteunt inwoners met alle voorkomende vragen op het gebied van zorg, werk en inkomen. Als een inwoner er niet in slaagt om de hulp en ondersteuning in zijn eigen netwerk te organiseren, helpt het Gebiedsteam. We vinden het belangrijk dat het Gebiedsteam in de samenleving staat. Dat wil zeggen laagdrempelig, toegankelijk en proactief richting burgers acteert. Als het noodzakelijk is, moet hulp snel ingezet kunnen worden, zonder last en ruggespraak. De norm is: leveren van maatwerk, toegespitst op de persoon en zijn situatie (context). Deze vorm van dienstverlening moet er toe bijdragen dat preventie voorop komt te staan en de zorg uiteindelijk effectiever, duurzamer en op termijn goedkoper wordt. Het jaar 2015 is een echt overgangsjaar (transitie), want voor cliënten gelden zorggaranties en tot op zekere hoogte voor aanbieders prijsgaranties. Dat laat onverlet dat we wel handen en voeten geven aan de nieuwe gewenste en noodzakelijke manier van werken en organiseren.
In 2015 gaan we een business case laten uitvoeren om te kunnen beslissen wat de meest passende vorm van governance en rechtsvorm is voor de Gebiedsteams in Ooststellingwerf. 1.3.3 Demografische ontwikkeling De geprognotiseerde afname van bevolking, ontgroening en vergrijzing is aanleiding geweest voor het Rijk om de regio ZO Fryslân aan te merken als anticipeer regio. Binnen de regio heeft de gemeente Ooststellingwerf op basis van de huidige trends en ontwikkelingen, de grootste mate van krimp te verwachten. Op een aantal beleidsvelden heeft de gemeente al ingespeeld op deze ontwikkelingen: voor het basisonderwijs en de kinderopvang is reeds beleid vastgesteld en in uitvoering. Ook bij het sportaccommodatiebeleid wordt rekening gehouden met de bevolkingsontwikkeling. De beleidsnotitie “Platteland aan zet” sorteert al voor op deze ontwikkeling. Wij constateren echter, dat de problematiek tot op heden nog fragmentarisch wordt opgepakt; alleen op de beleidsvelden waar het probleem zich expliciet manifesteert, zoals het teruglopen van het aantal schoolkinderen. Dat is statistisch eenvoudig aantoonbaar en is dus voortvarend opgepakt. De demografische ontwikkeling werkt echter op termijn op vrijwel alle beleidsvelden door. 1.3.4 OWO-samenwerking De colleges van de gemeenten Ooststellingwerf, Weststellingwerf en Opsterland hebben op 26 april jl.
de ‘Eindrapportage evaluatie OWO-samenwerking’ gepresenteerd. Het onderzoek evalueert de huidige samenwerking en zet een stip op de horizon. De huidige samenwerkingsafspraken lopen tot 1 januari 2016, daarom is een onderzoek uitgevoerd naar de OWO-samenwerking. Er zijn de afgelopen jaren positieve resultaten behaald in de OWO-samenwerking. Inmiddels is een op de vier medewerkers werkzaam voor alle drie de gemeenten. Ook wordt op een aantal beleidsterreinen intensief samengewerkt. Het resultaat is echter nog beperkt. Daarom adviseert het adviesbureau Code Samen in hun rapportage te komen tot een ambtelijke fusie. De OWO-colleges volgen in grote lijnen de aanbeveling van het rapport. In mei van dit jaar wordt de raden gevraagd kennis te nemen van de rapportage en het advies van Code Samen. Daarnaast peilen de colleges het gevoelen van de raden over het doorontwikkelen van de samenwerking richting een ambtelijke fusie. Bestuurlijk en politiek draagvlak hiervoor is essentieel. Daarom wordt de raden gevraagd opdracht te geven voor het opstellen van een visiedocument, waarin de inhoudelijke en bestuurlijke contouren samen verder worden uitgewerkt. Over het resultaat besluit u in november. Voor 1 januari 2016 is duidelijk hoe de OWO-samenwerking verder gaat.
Kaderbrief 2016-2019
7
2. Besteding eenmalige precariogelden Voorstel a. In te stemmen met de incidentele besteding van € 2 miljoen opbrengst precariogelden aan eenmalige initiatieven, met een aantoonbaar hoog economisch en/of maatschappelijk rendement, m.i.v. 2016. b. U uit te spreken over de toetsingscriteria van de besteding van de eenmalige precariogelden. De incidentele opbrengst van de Precariobelasting 2011 tot en met 2013 € 4,3 miljoen is gerealiseerd. Bij de behandeling van de Jaarrekening 2014 stellen we voor dit bedrag in 2015 over te hevelen naar de Algemene reserve. Daarnaast gaan we uit van een incidentele opbrengst voor de jaren 2014 en 2015 van € 1,2 miljoen per jaar. We stellen voor € 2 miljoen met ingang van. 2016 de komende jaren incidenteel te besteden voor eenmalige initiatieven. Voorts stellen we voor dit bedrag in een nieuwe bestemmingsreserve ‘Van Onder Op’ onder te brengen. Van belang hierbij is dat de toetsingscriteria en de procedure over de besteding van deze middelen door u worden vastgesteld. Mogelijke initiatieven kunnen dan aan deze criteria getoetst worden. De volgende algemene criteria geven wij u in overweging: a. b. c. d. e. f. g.
De besteding moet bijdragen aan de economische ontwikkelingen, de fysieke en sociale leefbaarheid van onze gemeente; Gerelateerd aan het Coalitieakkoord moet de besteding aan eenmalige initiatieven een aantoonbaar hoog economisch en maatschappelijk rendement opleveren; De verhouding tussen economisch en maatschappelijk nut in de verdeling is plm. 50/50 Over een periode van 4 jaar wordt gemiddeld € 500.000 per jaar besteed; De voorstellen mogen niet leiden tot structurele budgetuitzetting op termijn voor onze gemeente; Projecten kunnen meerderjarig zijn, onder voorwaarde dat de einddatum vastligt; Inwoners (vanuit de regio-indeling), instellingen en organisaties worden gevraagd te komen met bestedingsvoorstellen.
Nadat u de kaders heeft aangegeven werken we de toetsingscriteria en de procedure verder uit. Dit najaar komen we met een uitgewerkt voorstel, zodat we met ingang van 2016 kunnen starten. Financiële toelichting Bij een gemiddelde jaarlijkse besteding van € 500.000, zijn de financieringslasten € 35.000 p/j (25 jaar lineair + 3% rente). De financieringslasten van deze eenmalige lasten kunnen grotendeels gedekt worden door met ingang van 2016 het tarief precariobelasting jaarlijks (2016 tot en met 2019) te verhogen met € 0,05. De structurele geraamde opbrengst per jaar is € 28.000. Per saldo zijn netto de extra lasten vanaf 2016 per jaar € 7.000 (€ 35.000 financieringslasten minus € 28.000 geraamde opbrengst precariobelasting).
Kaderbrief 2016-2019
8
3. Programma’s en thema’s 2016-2019 Voorstel U uit te spreken over uw ambitie en de daarbij aangereikte denkrichtingen van de onderwerpen per programma en per thema. U heeft bij de behandeling van de Kaderbrief 2015-2018 ingestemd met de nieuwe programma-indeling. In de Programmabegroting 2015-2018 zijn de beleidsvoornemens per thema voor de planperiode 2015 tot en met 2018 vastgelegd. De programma’s en de thema’s zijn in deze kaderbrief geactualiseerd. Per programma en per thema wordt invulling gegeven op de eerste drie ‘W’ vragen:
• • •
Wat willen we bereiken? Wat gaan we ervoor doen? Wat merkt de burger ervan?
Van belang is dat u zich uitspreekt over de aangereikte denkrichtingen van de onderwerpen per programma en per thema. Uw ambitie en de daarbij aangereikte denkrichtingen worden vervolgens opgenomen in de Programmabegroting 2016-2019.
Programma 1 – Sociaal Domein 1.1 Thema: Jeugd Samenleving Wat willen we bereiken? Ieder kind en iedere jongere groeien op in een veilige en gezonde omgeving. We bevorderen de mogelijkheden die jongeren krijgen om hieraan zelf vorm te geven, door ze mee te laten doen aan de samenleving. En door ze de mogelijkheid te geven hun talenten te ontwikkelen. Er wordt een beroep gedaan op het zelf oplossend vermogen en de manieren om hun sociale omgeving om hulp of ondersteuning te vragen van een gezin. Waar nodig ondersteunen we jongeren en/of hun ouders/opvoeders. Professionele hulp wordt sneller ingezet. Binnen het Passend Onderwijs krijgt een kind een aanbod dat bij hem of haar past. Wat gaan we daarvoor doen? We versterken de pedagogische civil society en preventie door de netwerken in de buurten te versterken. Ook investeren we in kortere lijnen tussen de gemeenschap en de algemene jeugdvoorzieningen, zoals basisscholen en sportverenigingen. De gebiedsteams zijn de spil in dit lokale netwerk; zij zijn de ‘ogen en oren’ in de buurt. Met het onderwijsveld hebben we goede afspraken over het Passend Onderwijs gemaakt. De komende periode zullen deze afspraken gemonitoord en daar waar nodig bijgesteld worden. Wat merkt de burger ervan? We regelen lokaal wat kan en regionaal/provinciaal wat moet (bijvoorbeeld: Advies en Meldpunt Huiselijk Geweld en Kindermishandeling).
Hulp en ondersteuning zijn dichterbij de burger georganiseerd. De gebiedsteams zijn in de wijk zelf actief en voor de burger herkenbaar. Voor vragen of lichte vormen van hulp en ondersteuning weten zij bij wie ze terecht kunnen en worden ze snel geholpen. Zwaardere vormen van
Kaderbrief 2016-2019
9
zorg worden via het gebiedsteam ingezet daar waar nodig. Ook is betere coördinatie van zorg en zijn er minder verschillende hulpverleners in een gezin. In gevallen waarbij verschillende hulpverleners actief betrokken zijn, voert een medewerker van het gebiedsteam de regie uit. Deze regisseur zorgt voor goede onderlinge afstemming en stemt samen met de burger de inzet af.
1.2 Thema: Wet Maatschappelijke Ondersteuning (inclusief AWBZ) Samenleving Wat willen we bereiken? Het vergroten van zelfredzaamheid en participatie van inwoners. Mensen blijven zo lang mogelijk thuis wonen en ontvangen zorg dichtbij huis. Wat gaan we daarvoor doen? We hebben gebiedsteams ingericht die preventief maar ook proactief te werk gaan. Er moet nog wel geïnvesteerd worden in het efficiënter inrichten van processen binnen de gebiedsteams. De burger die niet op eigen kracht of met behulp van zijn omgeving een oplossing kan vinden, ondersteunen we met een (maatwerk) oplossing. We stimuleren de inzet van vrijwilligers en mantelzorgers. Vrijwilligers krijgen een blijk van waardering. Mantelzorgers geven we praktische ondersteuning om overbelasting te voorkomen. In de Cliëntenraad en de Wmo-raad is over de mogelijkheden van een nauwere samenwerking gediscussieerd. Uitkomst van deze discussie is de wens om tot integratie naar een adviesraad voor het gehele sociale domein over te gaan. In 2015 wordt dit proces uitgevoerd met ambtelijke ondersteuning. Binnen de huishoudelijke hulp is sprake van een forse (Rijks)bezuiniging. Wij ontwikkelen een passende oplossing binnen de wettelijke en financiële mogelijkheden. Wat merkt de burger ervan? Inwoners onderzoeken en benutten bij problemen eerst de eigen oplossingsmogelijkheden.
Als dat niet lukt, dan bieden we ondersteuning vanuit het gebiedsteam. Een burger kan op één centrale plaats in zijn omgeving met zijn vragen bij het gebiedsteam terecht.
1.3 Thema: Participatie 1.3.1 Deelthema: Participatie - Algemeen Samenleving Wat willen we bereiken? Meer mensen doen mee aan de samenleving en benutten hun talenten. Werk biedt daarvoor het beste perspectief. Meer mensen (met of zonder arbeidshandicap) gaan aan het werk. Jongeren blijven of gaan weer naar school om een startkwalificatie te halen. Inwoners zetten zich in voor vrijwilligerswerk of een tegenprestatie. Voor wie de mogelijkheden om te participeren beperkt zijn, bieden we zinvolle dagbesteding. Wat gaan we daarvoor doen? Mensen met arbeidspotentieel plaatsen we via privaat-publieke samenwerking en de eigen accountmanager direct op de arbeidsmarkt. Uitkeringsgerechtigden met een langere afstand tot de arbeidsmarkt bereiden we voor met maatwerktrajecten en leiden we toe naar de arbeidsmarkt. Inwoners met de grootste afstand tot de arbeidsmarkt betrekken we bij de samenleving door vrijwilligerswerk en dagbesteding. Voor het matchen van vraag en aanbod van vrijwilligerswerk en de tegenprestatie zetten we een talentenbank op.
Kaderbrief 2016-2019
10
Binnen de arbeidsmarktregio werken de Friese gemeenten, het UWV en de sociale partners samen in een regionaal werkbedrijf ‘Fryslân Werkt!, aan een inclusieve arbeidsmarkt, waarin mensen zoveel mogelijk en duurzaam meedoen, niet kijkend naar beperkingen maar naar de mogelijkheden. Doelstelling is het creëren extra banen, de zogenaamde baanafspraakbanen, voor mensen met een arbeidsbeperking. De arbeidsmarktregio speelt een coördinerende rol in de ontwikkeling van het bovenlokale re-integratieinstrumentarium en bij de dienstverlening voor andere doelgroepen die ondersteuning nodig hebben bij het vinden van werk. De gemeente blijft de regisseur van de eigen aanpak, de vormgeving van het eigen beleid en de uitvoering ervan. Lokaal wordt gedaan wat lokaal kan. Wat merkt de burger ervan? Via werk, scholing, trajecten, vrijwilligerswerk (en tegenprestatie) of dagbesteding, stimuleren we de burger actief om mee te doen aan de samenleving. De wetgeving is aangescherpt, de spelregels passen we streng doch rechtvaardig toe waarbij oog is voor individuele omstandigheden. 1.3.2 Deelthema: Participatie - Wet Sociale Werkvoorziening Samenleving Wat willen we bereiken? Beheersbaarheid van de uitgaven voor de WSW door een verantwoorde en versnelde afbouw met ingang van 2015. We doen dit verantwoord, met oog voor de medewerkers.
Wat gaan we daarvoor doen? Om te komen tot een verantwoorde en versnelde afbouw heeft het bestuur van de Gemeenschappelijke Regeling (GR) een opdracht geformuleerd om tot een versnelde en verantwoorde afbouw over te gaan. We geven uitvoering aan de afspraken die binnen de GR hierover worden gemaakt Wat merkt de burger ervan? Na 1 januari 2015 is er geen nieuwe instroom in de WSW meer mogelijk. We bieden een nieuw alternatief voor degene die niet kunnen uitstromen naar reguliere of gesubsidieerde arbeid. 1.3.3 Deelthema: Participatie - Dorpsbudgetten Samenleving Wat willen we bereiken? We willen dat de dorpsbelangen medeverantwoordelijkheid nemen voor de leefbaarheid in hun eigen dorp. Wat gaan we daarvoor doen? De gemeente wil actief meedenken over initiatieven en ideeën die uit de dorpen komen. Wij betrekken plaatselijke belangen en bewonerscommissies actief bij de ontwikkeling van gemeentelijk beleid en de uitvoering daarvan. We vragen vooraf aan de dorpsbelangen welke rol zij daarin willen oppakken volgens het principe van de participatieladder. Wat merkt de burger ervan? Eigen initiatieven worden gestimuleerd en gefaciliteerd.
Kaderbrief 2016-2019
11
1.4 Thema: Inkomensverstrekking Samenleving Minimabeleid Wat willen we bereiken? We betrekken mensen bij de samenleving, voorkomen verdere achterstand tot de maatschappij en bevorderen een goede gezondheid. Wat gaan we daarvoor doen? We handhaven het minimabeleid op het huidige financiële niveau (inclusief de collectieve ziektekostenverzekering, de noodvoorzieningen en een nieuwe maatwerkvoorziening), aangevuld met de geoormerkte middelen voor Armoedebeleid. Waar mogelijk benutten we de bandbreedte van de regelgeving. Regelingen die landelijk geschrapt worden repareren we niet automatisch. We stellen voorzieningen effectief beschikbaar, waarbij we maatschappelijke organisaties nauwer betrekken. We stellen gezinnen met kinderen in staat om te participeren door bijvoorbeeld mee te doen aan sport. Wat merkt de burger ervan? We leveren meer maatwerk (onder andere in natura) en we betalen geen categoriale financiële tegemoetkomingen meer. Bij belemmeringen in de zelfredzaamheid of participatie is ondersteuning vanuit het gebiedsteam beschikbaar.
Kaderbrief 2016-2019
12
Programma 2 – Welzijn en Educatie 2.1 Thema: Kunst & Cultuur Samenleving Wat willen we bereiken? Lokale kunst, cultuur en cultureel erfgoed zorgen voor een levendige, culturele gemeente. We voeren een cultuurbeleid dat erop is gericht jong en oud in contact te brengen (en te houden) met kunst en cultuur. Cultuur levert een belangrijke bijdrage aan een aantrekkelijk woon- en verblijfklimaat in Ooststellingwerf. Het belang van cultuur voor de samenleving is dat het mensen ontwikkelt én samenbindt. Iedereen moet de kans en gelegenheid krijgen te participeren. Wat gaan we daarvoor doen? We richten ons op de volgende activiteiten:
• • • • •
onderhoud van bestaande kunstwerken; ondersteuning van activiteiten voor Leeuwarden Culturele Hoofdstad van Europa 2018; het stimuleren van netwerken; stimuleren van activiteiten en culturele initiatieven voor jongeren;
het cultureel ondernemerschap bevorderen. Het is geen gemeentelijke taak uitvoerend bezig te zijn en zelf culturele activiteiten te organiseren, noch zich bezig te houden met de operationele inhoud ervan. Dat is aan het culturele veld zelf en daarin hebben wij vertrouwen. Wat merkt de burger ervan? Kunst en cultuur is voor alle lagen van de bevolking toegankelijk. Een veelzijdig aanbod van kunst en cultuur is een stimulans voor de economie. Vooral de werkgelegenheid in de toeristische sector heeft hier baat bij.
2.2 Thema Onderwijs 2.2.1 Deelthema: Onderwijs – Algemeen Samenleving Wat willen we bereiken? De kansen op een goede schoolloopbaan en maatschappelijke carrière vergroten. Goede samenwerking met alle werkzame organisaties rond kinderen en jongeren. Wat gaan we daarvoor doen? Alle kinderen die dat nodig hebben krijgen Voor- en Vroegschoolse Educatie aangeboden. Er is een ononderbroken ontwikkelingsgang (doorgaande leerlijn) van Voorschoolse Educatie (in peuterspeelzalen en kinderdagverblijven) naar Vroegschoolse Educatie (in groep 1 en 2 van het basisonderwijs). Op allerlei gebieden werken partijen samen om de ontwikkeling van kinderen te stimuleren. We hebben aandacht voor cognitief leren maar zeker ook voor sociaal-emotioneel leren. De naschoolse activiteiten versterken en verrijken de ontwikkeling en het perspectief van de kinderen. Via een preventieve aanpak voorkomen we voortijdig schoolverlaten. Dit doen wij door regelmatig contact tussen scholen en leerplichtambtenaren of trajectbegeleider Regionale Meld- en Coördinatiepunt.
Kaderbrief 2016-2019
13
Wat merkt de burger ervan? Ouders/verzorgers en kinderen ervaren een goede aansluiting tussen peuterspeelzalen/kinderdagverblijf en het basisonderwijs. Naschoolse activiteiten zijn in een aantal gevallen beschikbaar voor alle kinderen uit de buurt. Jongeren verlaten het onderwijs met een startkwalificatie, waardoor zij een sterke positie op de arbeidsmarkt hebben. Jongeren zonder startkwalificatie gaan weer terug naar school om te voorkomen dat ze in de uitkering terecht komen. 2.2.2 Deelthema: Onderwijs – Huisvesting Samenleving
Ruimte
Wat willen we bereiken? Het handhaven van de kwaliteit, bereikbaarheid en betaalbaarheid van het onderwijs, binnen de (financiële) kaders van het Rijk. Wat gaan we daarvoor doen? We werken aan de bewustwording van alle betrokkenen over het kleiner worden van het aantal scholen en proberen tegenstellingen te overbruggen. In 2015 nemen we het Integraal Kind Centrum (Oosterwolde) Noord in gebruik. Conform de notitie ‘Toekomstvisie van het basisonderwijs Ooststellingwerf’ zijn de schoolbesturen, op basis van demografische ontwikkelingen, leidend met betrekking tot de toekomstige scholenverdeling in de gemeente. Wat merkt de burger ervan? De kwaliteit, bereikbaarheid en betaalbaarheid van het onderwijs in de gemeente blijft op peil.
2.3 Thema: Sport 2.3.1 Deelthema: Sport - Algemeen Samenleving Wat willen we bereiken? Gezondere burgers en eenzaamheid terugdringen, door meer mensen te laten sporten. De kwaliteit van bewegingslessen op basisscholen verhogen. De basisscholen en het voortgezet onderwijs bieden een breed aanbod van na- en tussenschoolse sport- en beweegactiviteiten. De verenigingen hebben voldoende geschoolde vrijwilligers. Door het instellen van een sportraad wordt contact en betrokkenheid tussen sportverenigingen en de gemeente bevorderd. Wat gaan we daarvoor doen? We hebben in 2013 buurtsportcoaches aangesteld. Zij zijn in dienst bij stichting Scala. Zij voeren projecten uit om bovengenoemde doelstellingen te realiseren. Zij werken samen met sportverenigingen, scholen, bewonerscommissies en plaatselijke belangen. Het project loopt door tot en met 2016. In 2015 wordt een voorstel gedaan met betrekking tot het instellen van een sportraad. Wat merkt de burger ervan? Inwoners actief benaderen en stimuleren om meer te bewegen en te sporten. Het aanbod aan sport- en beweegactiviteiten is groter geworden.
Kaderbrief 2016-2019
14
2.3.2 Deelthema: Sport - Accommodaties Samenleving / Ruimte Wat willen we bereiken? Het aanbod van sportvoorzieningen (binnensport, buitensport en zwemvoorzieningen) in onze gemeente is in overeenstemming met de vraag vanuit de verschillende doelgroepen, anticiperend op de demografische ontwikkeling. Het aanbod van zwemwater sluit aan bij de vraag vanuit de toeristische sector. Wat gaan we daarvoor doen? Wij hebben in 2014 de vraag naar en het aanbod van de sportvoorzieningen onderzocht. In dit onderzoek worden ook scenario’s ontwikkeld in samenhang met de gebiedsagenda’s. Hierbij wordt ook de wenselijkheid en de haalbaarheid van een kunstgrasveld onderzocht. U kunt voor de zomer 2015 een besluit nemen over de toekomst van de sportaccommodaties op de lange termijn, met een realistisch inzicht op de exploitatie op de middellange termijn. Dit besluit moet kunnen rekenen op een breed draagvlak onder de inwoners en gebruikers. We gaan daarvoor een intensief communicatietraject aan met de huidige gebruikers. Wat merkt de burger ervan? Toekomstbestendige sportvoorzieningen op een aanvaardbare afstand.
2.4 Thema: Volksgezondheid Samenleving Wat willen we bereiken?
• • • • •
In onze gemeente hebben we de volgende speerpunten: Het percentage mensen met overgewicht naar 45% terugbrengen Het percentage schoolgaande kinderen met overgewicht mag maximaal 5% zijn Het alcoholgebruik bij 13-18 jarigen moet dalen naar het Friese gemiddelde van maximaal 32% en het cannabisgebruik naar maximaal 8% Onze inwoners voelen zich niet eenzaam
Wat gaan we daarvoor doen? Deze speerpunten pakken wij op binnen verschillende beleidsterreinen (o.a. sport en jeugdbeleid). Daarnaast nemen we een aanvullend pakket voor de jeugdgezondheidszorg af. Dit pakket omvat de versterking van de vaardigheden voor het ouderschap, opvoedondersteuning, toeleiding naar de Voor- en Vroegschoolse Educatie. De leerlingen van het middelbaar onderwijs bieden we preventielessen aan. Deze hebben als doel de versterking van de sociale weerbaarheid en het zelf maken van keuzes. Wat merkt de burger ervan? De burgers van Ooststellingwerf zijn gezonder en daardoor zijn de burgers minder eenzaam.
Kaderbrief 2016-2019
15
Programma 3 – Ruimtelijke en economische ontwikkelingen 3.1 Thema: Economische Ontwikkeling 3.1.1 Deelthema: Economische Ontwikkeling - Recreatie en Toerisme Ruimte Wat willen we bereiken? De gemeente heeft de ambitie om Appelscha binnen 10 jaar in de top 10 van de nationale toeristische attracties te positioneren (deze ambitie vindt plaats onder het strategisch project Masterplan Appelscha). Het werkgelegenheidsaandeel van de toeristische sector zal de komende 10 jaar toenemen van 13% naar 20%. Wat gaan we daarvoor doen? Het Masterplan Appelscha wordt geactualiseerd aan de hand van tenminste 5 Recreatieve en Toeristische speerpunten,die gaan bijdragen aan het behalen van onze ambitie. De gemeente stelt een visie op voor recreatie en toerisme om de speerpunten en de prioriteiten geactualiseerd vast te stellen. In het nieuwe bestemmingsplan Buitengebied geven we expliciet aandacht aan de ontwikkeling van recreatie, toerisme en hospitallity. We leggen elk jaar minimaal 10 bedrijfsbezoeken af, zo kunnen we goed inspelen op eventuele plannen en behoeftes van de ondernemers. Verder stimuleert de gemeente het netwerken van ondernemers. Het delen van kennis, innovatie en contacten met het onderwijs vinden wij van groot belang.
Binnen de Streekagenda Zuidoost Friesland en het Recreatieschap Drenthe realiseren we diverse projecten, met het Uitvoeringsprogramma Friese Wouden als uitgangspunt. Deze projecten leveren een belangrijke bijdrage aan de toeristische ontwikkeling van de Friese Wouden. Wat merkt de burger ervan? De recreatieve mogelijkheden in de woonomgeving worden groter. Er komen meer banen in de toeristische sector. Door een toename van het aantal (particuliere en zakelijke) toeristen wordt de omzet in deze (en aanpalende) sectoren vergroot. De levendigheid in de dorpen wordt mede vergroot door toename van het aantal toeristen. 3.1.2 Deelthema: Economische Ontwikkeling - Biobased Economy Ruimte Wat willen we bereiken? We willen een zichtbaar en onderscheidend profiel, dat inwoners en bedrijfsleven inspireert tot een duurzame samenleving. Kernwaarden van deze samenleving zijn de nieuwe circulaire economie, gebaseerd op kringlopen, onderlinge netwerken, innovatie en verbindingen met onderwijs en onderzoek. Na gestart te zijn met Biobased Economy (BBE) verbreden wij nu naar Circulaire Economie. Wat gaan we daarvoor doen? In samenwerking met de regio ZO Fryslân realiseren we minimaal 3 innovatieve pilots, gespreid over ZO Fryslân, en gericht op de doelgroep MKB+. Waar nodig realiseren we een koppeling met onderwijs en onderzoeksinstellingen.
De ervaringen met de pilots leiden tot een handboek of document met aanbevelingen voor regelgeving en beleid. Hiermee kunnen gemeenten het MKB maximaal faciliteren richting de kansen van een BBE. De website wordt verder uitgebouwd voor netwerkcontacten tussen bedrijven over innovatie en samenwerking.
Kaderbrief 2016-2019
16
Voor onze gemeente faciliteren we bestaande initiatieven en netwerken. We concentreren ons op de sectoren agro/food, bouw en recreatie en toerisme. We stellen samen met het bedrijfsleven een position paper op, en handelen daarnaar. We participeren in de coöperatie Biobased Center. We vertonen als gemeente zoveel mogelijk voorbeeldgedrag, onder andere met projecten uit het milieubeleidsplan. Wat merkt de burger ervan? Er ontstaan nieuwe samenwerkingsverbanden en netwerken. Ondernemers en inwoners ervaren ruimte voor nieuwe initiatieven met een duurzaam karakter. Er ontstaat nieuwe werkgelegenheid. 3.1.3 Deelthema: Economische Ontwikkeling – Werkgelegenheid Ruimte Wat willen we bereiken? We willen, binnen de wettelijke kaders, optimale ruimte bieden voor ondernemers. We willen uitbreiding van werkgelegenheid en arbeidsparticipatie in de gemeente. Wat gaan we daarvoor doen? We optimaliseren de samenwerking met het bestaande bedrijfsleven door de bestaande netwerken en contacten verder uit te diepen en te intensiveren. We zetten ons in om knelpunten in bedrijfsontwikkeling en fysieke omgeving zo adequaat mogelijk op te lossen. We doen dat binnen de wettelijke mogelijkheden. In bestemmingsplannen en vergunningverlening hanteren we geen striktere regimes dan de bovenliggende overheden.
In het geactualiseerde Bestemmingsplan Buitengebied geven we primaat aan economische ontwikkeling vanuit landbouw en recreatie & toerisme, dit in goede balans met behoud en ontwikkeling van de gebiedskwaliteiten. Daarnaast bieden wij meer ruimte voor het bedrijfsmatig hergebruiken van voormalige agrarische panden waarbij verantwoorde extra bebouwing mogelijk is. Vestiging en uitbreiding van bedrijven vindt plaats op bestaande bedrijventerreinen, waarbij we zoeken naar een maximale benutting van de beleidsruimte. Op het bedrijventerrein Ecomunity Park is ruimte voor bedrijven met een specifiek, op duurzaamheid gericht karakter. We ondersteunen deze particuliere ontwikkeling in acquisitie en fondsenwerving. We zetten ons actief in om samen met het bedrijfsleven de werkzoekenden uit de eigen gemeente weer in te zetten in het arbeidsproces. De groei van werkgelegenheid zoeken wij vooral in innovatieve ontwikkelingen. De vraag naar verduurzaming speelt daarin een belangrijke rol, zoals in het thema Biobased Economy is aangegeven. We willen een bemiddelende en stimulerende rol spelen in de samenwerking tussen bedrijven onderling en met onderwijsinstellingen, zoals bij de vestiging van een lokaliteit voor onderwijs, startende ondernemers en ZZP-ers. We vervolgen het koploperproject.
Naast de thema’s Recreatie en Toerisme en Biobased Economy zijn we ons bewust van de ontwikkelingen in de zorg, en de betekenis van deze sector voor werkgelegenheid en inkomen. We willen de kansen vanuit de komende ontwikkelingen in deze sector voor werkgelegenheid ten volle uitnutten. We vinden de toekomstverwachting voor de detailhandel in kleine kernen zorgelijk. Onze inzet voor de ontwikkeling van het centrum van Oosterwolde leidt tot een betere fysieke infrastructuur voor de detailhandel in ons centrumdorp. We stimuleren de samenwerking tussen de retailondernemers als succesfactor, volgend op de verbetering van de infrastructuur. Voor de bewinkeling in de andere dorpen zetten we ons in om goede randvoorwaarden te bieden voor de plaatselijke ondernemers. Wat merkt de burger ervan? Ondernemers voelen zich gesteund door de gemeente. Burgers hebben meer kans op een baan. De werkloosheid onder onze burgers neemt af.
Kaderbrief 2016-2019
17
3.2 Thema: Openbare Ruimte – Verkeer en Wegen Ruimte Wat willen we bereiken? De gemeente onderhoudt de wegen op basis van de minimum variant. Dit houdt in dat de levensduur van de wegen zo lang mogelijk wordt verlengd, zonder dat het leidt tot (meer) onveilige situaties en mogelijke aansprakelijkheidsstellingen. Op termijn is de minimum variant is niet houdbaar; budgetuitzetting is dan onvermijdelijk. Bij verkeersknelpunten willen we naast de verkeersveiligheid ook de doorstroming van het verkeer waarborgen op gemeentelijke en provinciale wegen binnen onze gemeente. Wat gaan we daarvoor doen? In het najaar van 2015 inspecteren we alle gemeentelijke wegen. Op basis van de inspectieresultaten stellen we de MOP (MeerjarenOnderhoudsPlanning) wegen 2016-2020 op. We onderzoeken alternatieve onderhoudsstrategieën, zoals het “werk met werk maken” principe. In de raadsvergadering van 24 juni 2014 heeft u een motie aangenomen met betrekking tot belijning en bermverharding. Deze motie luidt:
• •
de pilot bermverharding/graskeien zoals in gang gezet in de vorige raadsperiode beëindigen;
de in het coalitieakkoord opgenomen passage over belijning uit te werken in een raadsvoorstel en aan u voorleggen. In vervolg daarop is gestart met de inventarisatie van de behoefte aan belijning en bermverharding. Daarbij zijn de Plaatselijke Belangen betrokken. Aan hen is gevraagd wat de wensen met betrekking tot belijning en bermverharding zijn. Er vindt vervolgens een afweging plaats waar en welke belijning wordt toegepast en waar en hoe bermverharding wordt aangebracht. Vooral het beschikbare budget speelt hierbij een belangrijke rol. De wegen die in aanmerking komen voor belijning en/of bermverharding worden ter besluitvorming aan u voorgelegd. Daarna worden de uitvoerende werkzaamheden voorbereid en vervolgens uitgevoerd. De uitvoering start naar verwachting in de tweede helft van 2015. In ons overleg met de provincie blijven we aandacht vragen voor de doorstroming van het verkeer. Wat merkt de burger ervan? De wegen zijn over het algemeen in aanvaardbare staat, maar het aantal wegen waarvan de kwaliteit afneemt neemt toe. Ook het aanzien en comfort worden minder. De burger ziet dat op meerdere locaties belijning is aangebracht en dat de wegbermen zijn verbeterd. Ook is merkbaar dat de bereikbaarheid van bedrijven/instellingen en dorpen goed en veilig blijft.
Kaderbrief 2016-2019
18
3.3 Thema: Milieu 3.3.1 Deelthema: Milieu – Milieubeleidsplan Ruimte Wat willen we bereiken? We zijn in 2030 een duurzame CO2 neutrale gemeente. Wat gaan we daarvoor doen? We gaan samenwerken met de inwoners en het bedrijfsleven om de doelstelling te halen. We gaan de volgende projecten uitvoeren: energiebesparing in de gemeente, beperking van afval en het scheiden van afval, duurzame energie, kwaliteitsverbetering van de leefomgeving en communicatie (educatie). We leggen daarbij het accent op projecten waar de burger direct bij betrokken is en met een direct waarneembaar positief effect op het milieu. In nauwe samenwerking met de provincie onderzoeken we de mogelijkheden voor kleinschalige windenergie in Ooststellingwerf. We gaan de haalbaarheid onderzoeken van een (revolverend) fonds waaruit we projecten en/of initiatieven kunnen financieren. In 2016 stellen we een update van het huidige milieubeleidsplan vast. Wat merkt de burger ervan? Onze inwoners merken dat de leefomgeving steeds schoner wordt. Daarnaast wordt het aanbod van milieuprojecten steeds breder en meer laagdrempelig, zodat de inwoners meer mogelijkheden krijgen om hun bijdrage aan een schonere leefomgeving te leveren.
3.3.2 Deelthema: Milieu – Afval Ruimte Wat willen we bereiken? Uiterlijk in 2020 hergebruiken we 75% van ons afval. We sluiten ons aan bij de VANG doelstellingen van het Rijk (VANG = Van Afval Naar Grondstof). Wat gaan we daarvoor doen? Samen met OMRIN stellen we een plan van aanpak op om in de provincie Fryslân de VANG doelstelling al in 2018 te bereiken. We gaan nog meer en beter afval gescheiden inzamelen. We plaatsen waar mogelijk ondergrondse containers. Onze afvalverwerker Omrin wil de Kringlopen zoveel mogelijk sluiten en zal de verwerking van het restafval steeds verder optimaliseren. Met de gemeenten Heerenveen en Opsterland en Omrin wordt de komende jaren onderzocht of, en wanneer de inzamelmethode, zoals in de proef ‘Zuiver inzamelen’ in Donkerbroek, over de gehele gemeente kan worden uitgerold. We zetten het project om zwerfafval te verminderen voort, toegevoegd wordt een educatief lesprogramma voor bso’s, basisscholen en voortgezet onderwijs Wat merkt de burger ervan? De inwoner moet bewuster zijn afval aanbieden. Dit brengen we continue bij de inwoners onder de aandacht. Het tarief voor het aanbieden van de gft container is in 2015 verlaagd van € 2,75 naar € 1,00.
Kaderbrief 2016-2019
19
3.4 Thema: Bouwen & Wonen 3.4.1 Deelthema: Bouwen & Wonen - Gebiedsagenda’s Ruimte Wat willen we bereiken? Het behouden en ontwikkelen van de leefbaarheid in de dorpen. Een goede verdeling van de maatschappelijke voorzieningen in onze gemeente, anticiperend op de demografische ontwikkelingen en de behoefte in de vier gebieden. De verantwoordelijkheid en zelfwerkzaamheid vanuit de lokale gemeenschappen versterken. Wat gaan we daarvoor doen? We zetten in op bewustwording van de gevolgen van bevolkingskrimp, ontgroening en vergrijzing. De gemeente gaat in gesprek met de vertegenwoordigers uit de vier gebieden over de 10 thema’s van de regio agenda’s en de wijze van uitvoering. Elk thema kent zijn eigen spelers en speelveld. Per thema positioneren wij de spelers met hun verantwoordelijkheden, taken en hun inbreng in het besluitvormingsproces op de participatieladder. We doen een beroep op de zelfwerkzaamheid vanuit de gemeenschap. Wat merkt de burger ervan? Het voorzieningenniveau en leefbaarheid in de gebieden blijft ook in de toekomst in stand.
3.4.2 Deelthema: Bouwen & Wonen – Volkshuisvesting Ruimte Wat willen we bereiken? Een woningvoorraad die aansluit bij de levensfase en portemonnee van onze bewoners. Wej gaan in beginsel alleen nieuwbouw realiseren op basis van aantoonbare vraag. Wat gaan we daarvoor doen? We actualiseren de prestatieovereenkomsten met Actium en WoonFriesland. Daarbij sluiten we aan op de nieuwe woningwet. We leggen afspraken vast onder andere over: wonen, zorg, leefbaarheid, energie en duurzaamheid. We geven vooral aandacht aan de veranderingen op maatschappelijk en demografisch gebied. Daarbij zetten we onder andere in op het behoud van sociale-huurwoningen in de kleine dorpen, het levensloopbestendig maken van woningen en aantrekkelijk houden van de woonomgeving (leefbaarheid). We stellen een nieuwe woonvisie op. Wat merkt de burger ervan? In de gemeente zijn voldoende sociale huurwoningen, ook in de kleine kernen van Ooststellingwerf. De woningvoorraad sluit beter aan bij de veranderende vraag.
Kaderbrief 2016-2019
20
3.4.3 Deelthema: Bouwen & Wonen - Bestemmingsplannen Ruimte Wat willen we bereiken? Een adequaat toetsingskader voor initiatieven van bedrijven en particulieren. Uiterlijk februari 2016 is het bestemmingsplan Buitengebied geactualiseerd, mits er geen beroep bij de Raad van State wordt ingesteld. Voor het hele grondgebied van onze gemeente hebben we dan actuele en digitaal beschikbare bestemmingsplannen en beheersverordeningen. We zullen ons daarnaast gaan oriënteren op de Omgevingswet die naar verwachting in 2018 wordt ingevoerd. De Omgevingswet beoogt een integratie van alle kaders op het gebied van de fysieke leefomgeving (bestemmingsplannen, APV, kapverordening, beheer en onderhoud enz.). Wat gaan we daarvoor doen? In 2015 zijn we begonnen met het opstellen van het concept bestemmingsplan, dit moet verder uitgewerkt worden in een ontwerp bestemmingsplan en een definitief vastgesteld plan in 2016. We overleggen proactief met de provincie om verruiming in de provinciale begrenzing van de landbouwgebieden te realiseren. Voor de invoering van de omgevingswet schrijven we een plan van aanpak hoe we deze denken te gaan implementeren. Ook zien we dit als kans om het beleid op het gebied van de fysieke leefomgeving voor de drie OWO – gemeenten gelijk te trekken. Wat merkt de burger ervan? De burger betrekken we bij het planproces.
Er zijn bewonersavonden georganiseerd en de burgers hebben de mogelijkheid om te reageren tijdens de formele inspraakprocedures. De burgers en ondernemers hebben duidelijkheid over waar ze in onze gemeente mogen bouwen en aan welke voorwaarden ze moeten voldoen. Van de Omgevingswet merkt de burger in eerste instantie niets, maar bij de invoering in 2018 moet de burger gemakkelijk alle kaders op één plaats kunnen vinden, in plaats van te zoeken in diverse versnipperde regelingen. In het plan van aanpak zal communicatie met de burger ook een belangrijke rol spelen.
Kaderbrief 2016-2019
21
Programma 4 – Strategische projecten 4.1 Thema: Venekoten Centrum te Oosterwolde Ruimte Wat willen we bereiken? We gaan Venekoten Noord revitaliseren en het centrum en de toegang tot het centrum van Oosterwolde kwalitatief en functioneel verbeteren. Wat gaan we daarvoor doen? In 2014 is het Masterplan Venekoten Centrum vastgesteld inclusief een projectenboek. Dit projectenboek omvat 29 projecten. De uitvoering is gestart in 2014 en loopt de komende jaren door. Elk project wordt samen met betrokkenen uitgewerkt en voorbereid. Per project wordt aan de raad krediet gevraagd. Vervolgens starten we met de uitvoering van het project. In 2014 is de groenstrook langs de Hoge Haer heringericht en omgedoopt tot ‘Fitnesskwartier’. Naar verwachting wordt voor de bouwvak 2015 het voormalige bankgebouw aan de Hoogengaardelaan 1 gesloopt en ingericht als tijdelijke parkeerplaats. Er wordt gewerkt aan een definitieve invulling. In de tweede helft van 2015 starten we met de herinrichting van het parkeerterrein het Stippeplein. We pakken het fietspad en de omgeving van de Venekoterweg aan. In de 2016 gaat de provincie aan de slag met de kruisingen Venekoterweg – Houtwal en Venekoterweg – Ploeggang. De revitalisering van Venekoten Noord en de aanpak van het busstation staan ook in 2016 gepland.
Wat merkt de burger ervan? De inwoners en bezoekers van Oosterwolde krijgen een aantrekkelijk winkelgebied met voldoende parkeerruimte. Het centrum is goed bereikbaar. De ontsluiting van het centrum via de Venekoterweg, Houtwal en Trambaan vormt het visitekaartje van Oosterwolde.
4.2 Thema: Masterplan Appelscha Ruimte Wat willen we bereiken? De gemeente Ooststellingwerf heeft de ambitie om Appelscha binnen 10 jaar in de top 10 van de nationale toeristische attracties te positioneren. Het werkgelegenheidsaandeel van de toeristische sector de komende 10 jaar uitbreiden van 13% naar 20%. Wat gaan we daarvoor doen? Na de realisatie van de herinrichting van Boerestreek en Bosberggebied zetten wij in op verdere ontwikkeling van het Masterplan. Voor de nog beschikbare investeringsruimte uit de quick wins 2014 wordt gezocht naar projecten die passen in het Masterplan, met een hoog economisch rendement vanuit het toeristische perspectief. Tevens is het verzilveren van de investeringen in economisch rendement een belangrijk doel voor de komende jaren. We stimuleren de samenwerking van ondernemers. Dit is een belangrijke voorwaarde om de ambitie en de werkgelegenheidsdoelstelling te halen. Daarbij hoort ook een eenduidige marketing voor Appelscha, aansluitend op regionale en provinciale marketing.
Kaderbrief 2016-2019
22
Wat merkt de burger ervan? Ooststellingwerf is een aantrekkelijk verblijfsgebied, waar inwoners, toeristen en recreanten een breed aanbod aan toeristische activiteiten aangeboden krijgen.
4.3 Thema: Ecomunity Park te Oosterwolde Ruimte Wat willen we bereiken? De realisatie van een multifunctioneel centrum, waarin innovatie tussen bedrijfsleven onderwijs en overheid een plek kan krijgen. Dit ter versterking van innovatie op het gebied van biobased materials en daarnaast om kennis en educatie te verspreiden op het gebied van de biobased economy en biobased society. Hiermee willen we onderwijsinstellingen structureel aan onze regio binden. Het Biobased center biedt een uitgelezen kans om onderzoek te doen, stages- en afstudeeropdrachten uit te voeren en opdrachten voor en met bedrijven en de overheid uit te voeren. Wat gaan we daarvoor doen? Vanwege het zwaarwegend maatschappelijk karakter, zowel op het gebied van onderwijs als op het gebied van werkgelegenheid is de gemeente voornemens mede te investeren, gezamenlijk met de provincie en het bedrijfsleven, in het Biobased center. De realisatie van het Biobase center leidt tot een vermeerdering van het aantal arbeidsplaatsen in onze gemeente. Door een dergelijke faciliteit binnen onze gemeente tot stand te brengen is het aantrekkelijker voor kennisintensieve bedrijven zich hier te vestigen. Dit is in concreto het project dat over een relatief korte periode de meeste werkgelegenheid tot stand zal brengen, in zijn totaliteit gaat het om 646 FTE aan directe arbeidsplaatsen.
Door het bieden van volwassenen onderwijs, zijn er ook effecten te verwachten door het opleiden van mensen zonder werk. Ook zijn er indirecte effecten en spin-off te verwachten bijvoorbeeld in het kader van werk voor mensen met een beperking. Dit project vraagt een investering van € 3 à € 4 miljoen. De gemeente heeft het voornemen om een bijdrage van € 1miljoen voor haar rekening te nemen, dit betreft een investering in het gebouw. Daarnaast is naar verwachting een bedrag van € 100.000 noodzakelijk voor voorbereidingskosten. De gemeente zal alleen investeren indien er een gedegen business case ligt, waarbij alle partijen mede investeren. Wat merkt de burger ervan? Er ontstaan hoogwaardige arbeidsplaatsen, meer dynamiek door het binden van jonge talenten. Een plek waar volwassenenonderwijs, voorlichting en educatie gegeven kan worden.
Kaderbrief 2016-2019
23
Programma 5 – Openbare orde en Veiligheid 5.1 Thema: Openbare Orde en Veiligheid 5.1.1 Deelthema: Openbare Orde en Veiligheid - Veiligheid Samenleving Wat willen we bereiken? Integraal veiligheidsbeleid staat niet op zichzelf maar is afhankelijk van andere beleidsterreinen en initiatieven van burgers en instanties. Elke beleidskeuze heeft altijd min of meer invloed op de veiligheid van de inwoner. Daarom wordt ingezet op samenwerking met alle betrokken partijen om een veilige en prettige woon- en leefomgeving te ontwikkelen. Wat gaan we daarvoor doen? We stellen jaarlijks een uitvoeringskalender vast. Hierin staan concrete acties en maatregelen, zoals preventie woninginbraken en overlast gevende jeugdgroepen, voor het betreffende jaar. Het realiseren van de prioriteiten en doelstellingen uit het Integraal veiligheidsbeleid is hierbij het uitgangspunt. Wat merkt de burger ervan? De veiligheid neemt toe. 5.1.2 Deelthema: Openbare Orde en Veiligheid - Crisisbeheersing