Bijlage 2 - Jaarstukken 2021 gemeente Ooststellingwerf
Tekst van het document
Het HANNN (Healthy Ageing Network Noord Nederland) en het FSP (Fries Sociaal Planbureau) zijn hierin kennispartners. Doorontwikkeling Atelier Sociaal Domein: HBO-studenten zijn vanaf september 2021 vanuit de methodiek van Design Thinking aan de slag gegaan met het onderwerp Positieve Gezondheid (met de focus op ouderen), waaronder dementievriendelijke gemeente. MBO-studenten sluiten vanaf 2022 aan bij het Atelier. Studenten werken in het Atelier samen met de gemeente en betrokken organisaties, zoals Scala en Albert Heijn aan concrete initiatieven om de positieve gezondheid van ouderen te versterken. Werkgelegenheid: Dit thema is nog in de opstartfase. De werkgroep Werkgelegenheid en Projectrealisatie met als aandachtsgebied zorg is in oprichting. Het idee is dat deze werkgroep verder inhoud aan het thema werkgelegenheid in de zorg (human capital) gaat geven en gaat werken aan een krachtenkaart. In totaal is een rijksbijdrage van € 525.000 gereserveerd voor dit project. Van de rijksbijdrage is in 2021 € 4.000 inclusief BTW besteed aan de doorontwikkeling Atelier Sociaal Domein. Het eerste deel van de rijksbijdrage wordt in de eerste helft van 2022 opgevraagd.
61
Winkelgebied Oosterwolde Door de start van de Bedrijveninvesteringszone in 2021 en de bijdrage van de regiodeal is er ingezet op een krachtig en prachtig winkelgebied van Oosterwolde. Er is stevig ingezet op de marketing en gestart met centrummanagement, waarbij wordt ingezet op het verminderen van de zichtbaarheid van leegstaande panden door invulling op bestickering. Er is gestart met de voorbereidingen voor de detailhandelsvisie. De rijksbijdrage van € 100.000 inclusief BTW is eind 2021 opgevraagd bij de regiokassier, maar in 2021 nog niet ontvangen. Van de rijksbijdrage is in 2021 € 6.000 inclusief BTW besteed aan de detailhandelsvisie. Uitvoeringsprogramma Recreatie & Toerisme Binnen het uitvoeringsprogramma wordt gewerkt aan drie onderdelen: Regionale ontwikkelstrategie, doortonwikkeling uitvoeringsprogramma Ervaren-Turf en doorontwikkeling marketingstrategie. Regionale ontwikkelstrategie: er ligt een concept ontwikkelstrategie. Deze geeft aan wat passende ontwikkelingen zijn die groei en brede welvaart stimuleren en waarbij ook rekening wordt gehouden met de leefbaarheid en draagkracht van de bestemming. We werken nu aan een bijpassende uitvoeringsagenda gericht op de bovenlokale en gemeenschappelijke opgaven. Doorontwikkeling uitvoeringsprogramma Ervaren-Turf.
Vanuit dit lopende project wordt gewerkt aan de diverse projecten, deze worden voortgezet binnen de regiodeal. Daarbij gaat het om de ontwikkeling van TOP’s (toeristische overstappunten), entrees en toeristische routes. Doorontwikkeling marketingstrategie. TRZF is een belangrijke partner in de toeristische marketing van onze regio. We hebben een subsidie verleend aan TRZF voor de uitvoering van het projectplan gericht op meer productontwikkeling, het optimaliseren van het gastheerschap en behalen van marketingresultaten. Deze subsidie is onder meer gebruikt voor het opzetten van een reviewcampagne, de inzet op de zakelijke markt en diverse workshops voor ondernemers. In totaal is een rijksbijdrage van € 1.000.000 inclusief BTW gereserveerd voor dit project. Het eerste deel van de rijksbijdrage van € 170.000 inclusief BTW is in 2021 ontvangen. Van de rijksbijdrage is in 2021 € 135.000 inclusief BTW besteed aan een subsidie TRZF en de regionale ontwikkelstrategie. Leer- en kenniscentrum Bodem We hebben een subsidie verleend aan het Biosintrum en een subsidie verleend aan Van Hall Larenstein voor de inrichting van de onderzoekstuin, de coördinatie en de update van de website. In totaal is een rijksbijdrage van € 1.500.000 gereserveerd voor dit project. Het eerste deel van de rijksbijdrage van € 750.000 inclusief BTW is in 2020 ontvangen.
Ultimo 2021 is € 750.000 inclusief BTW aan subsidie verleend. Wat heeft de inwoner daarvan gemerkt Zorgeconomie Er zijn drie online kennissessies Zorgeconomie georganiseerd die bezocht zijn door ambtenaren en andere geïnteresseerden. Daarnaast is er ten aanzien van Atelier Sociaal Domein in september 2021 een vijfde groep studenten begonnen in het Biosintrum. Er sluiten steeds meer studierichtingen én scholen aan, inmiddels NHL Leeuwarden, Hanze Groningen en Stenden Emmen. Bloeizone Haulerwijk gaat aan de slag met ondersteuning van HANN en de gemeente om een bloeizone te ontwikkelen. Winkelgebied Oosterwolde De inwoner ziet minder leegstand door invulling van panden of door het bestickeren van leegstaande panden. Uitvoeringsprogramma Recreatie & Toerisme De eerste TOP (toeristische overstappunten) in Bakkeveen is feestelijk geopend. De marketing en promotie leidt toeristen naar onze regio, hetgeen het draagvlak onder onze voorzieningen versterkt (zoals wandelpaden, horeca e.d.), wat weer positief is voor de leefbaarheid. Leer- en kenniscentrum Bodem Het project is primair gericht op studenten/leerlingen in Friesland (van Hall-Larenstein, Nordwin College en AOC Terra). Zij zijn de toekomstige gebruikers (en ondernemers) van het landelijk gebied (natuur en landbouw).
Studenten zijn betrokken bij het inmeten van het terrein rondom Biosintrum, het maken van terreintekeningen, en het ontwerp en testen van de Mesokosmosbak.
62
Op 12, 13 en 14 oktober 2021 heeft het congres ‘De Bodem als Basis’ plaatsgevonden. Hier waren agrariërs, adviseurs, beleidsmedewerkers, betrokken burgers en onderwijsinstellingen aanwezig om met elkaar te spreken over de kansen van een gemeenschappelijk landbouwbeleid. Beleidskaders Dealtekst Regio Deal Zuidoost Friesland juni 2020
Thema 4.11 Haerenkwartier Wat willen we bereiken De wijk Haerenkwartier wordt een moderne toekomstbestendige wijk, waarbij de gemeente rekening heeft gehouden met het inrichten van de wijk op een klimaatrobuuste en duurzame wijze. Het woningaanbod past bij de demografische ontwikkelingen en draagt bij aan de verbetering en verduurzaming van het woningbestand in Ooststellingwerf. De bewoners van de wijk ontmoeten elkaar en zijn trots op hun wijk en medebewoners. Ze voelen eigenaarschap en dragen naar vermogen actief bij aan een nette, gezellige en leefbare wijk. Professionals zijn zichtbaar en bekend en bieden ondersteuning aan bewoners die dit nodig hebben. Ze kennen de wijk en de bewoners waardoor vroegsignalering mogelijk wordt en vormen een sluitende keten van zorg en ondersteuning Wat hebben we bereikt In 2021 zijn alle woningen in het Haerenkwartier vervangen door energieneutrale en gasloze woningen. Alle bewoners die kozen te blijven zijn verhuisd naar hun nieuwe woning. Bewoners zijn over het algemeen zeer tevreden en hebben vertrouwen in de samenwerkende partijen. In 2022 staat de realisatie van de openbare ruimte gepland. Vanaf oktober 2021 is de Buurthuiskamer Het Ketelhuis geopend. Een coördinator van het Leger des Heils organiseert van daaruit activiteiten voor de buurt en activeert bewoners te participeren of zelf initiatief te nemen.
Zo ontstaat een ontmoetingsplek die bijdraagt aan bewonersparticipatie en de sociale cohesie in de wijk. Daarnaast kunnen professionals de locatie gebruiken als werkplek of uitvalsbasis voor hun werk in de wijk. Wat hebben we daarvoor gedaan Met alle verschillende partners hebben we de woningbouw in afstemming gerealiseerd. Als gemeente hebben we daarvoor het Gebiedsteam aangehaakt en een ondersteuner van het Leger des Heils ingezet om snel en adequaat op te kunnen treden als problemen werden gesignaleerd. Dit om de verhuizingen soepel te laten verlopen en bewoners te kunnen ondersteunen waar nodig. Bijzonder aan het project was dat het proces van sloop van de oude woning tot en met het terugverhuizen naar de nieuwe woning ca. 8 weken in beslag nam. Een razendsnelle bouw wat de overlastperiode voor bewoners aanzienlijk heeft verkort. Door overal waar nodig ondersteuning te bieden of mee te denken met bewoners is geprobeerd de overlast tot het minimale te beperken. Er is overleg gepleegd met partijen en de klankbordgroep van bewoners om het ontwerp voor de openbare ruimte te maken en aan te laten sluiten bij de woningbouw en wensen van bewoners. Het bestek gaat begin 2022 de markt op. Om de ondersteuning van bewoners en de signalen van (het ontstaan van) problemen te bestendigen is een businesscase gemaakt voor de Buurthuiskamer Het Ketelhuis.
Hierdoor kon het Leger des Heils daar vanaf oktober 2021 van start. Deze inzet loopt in ieder geval tot september 2024 en wordt gedekt vanuit Aandachtsgebieden.
63
Wat heeft de inwoner daarvan gemerkt De inwoner in het algemeen heeft gemerkt dat er in zeer korte tijd een nieuwe wijk is gebouwd. Oude woningen maakten binnen ca. acht weken plaats voor nieuwe woningen. Bewoners van de wijk zelf hebben een nieuwe woning kunnen betrekken en ervaren hoe het is om in een goed geïsoleerde, energieneutrale en gasloze woning te wonen. Tijdens het proces van verhuizen hebben ze waar nodig ondersteuning kunnen krijgen en zijn we nauw met ze opgetrokken. Bewoners die deelnamen aan de klankbordgroep hebben gemerkt dat ze invloed hebben gehad op het ontwerp van hun eigen wijk. Bovendien merken ze dat er vanuit de Buurthuiskamer Het Ketelhuis meer en nieuwe activiteiten worden georganiseerd en dat ze als bewoners worden benaderd om zelf actief bij te dragen aan een leefbare wijk. Beleidskaders Ontwikkelrichting Wijkvernieuwing Haerenkwartier, vastgesteld 20 februari 2018 Raadvoorstel Regenwater Haerenkwartier, vastgesteld 18 juni 2019 Plan van aanpak Aandachtsgebieden Ooststellingwerf 2020-2023, vastgesteld 15 oktober 2019
64
Programma 5 | Openbare orde en veiligheid In de gemeente Ooststellingwerf willen we wonen, werken en naar school gaan in een veilige en schone omgeving. Dit realiseren we samen met alle betrokken partijen. We werken samen met partners om risico’s te beheersen. Samen coördineren we ook de voorbereiding op hulpverlening bij incidenten en crises.
Thema 5.1 Openbare orde en veiligheid Wat willen we bereiken We willen een veilige woon- en leefomgeving. We willen meer bewustwording rondom het thema ondermijning. We beheersen risico's en coördineren hulpverlening bij incidenten en crises. Wat hebben we bereikt Bij openbare orde en veiligheid staat een veilige woon- een leefomgeving centraal. Als gemeente zijn we de spin in het web en hebben we aansluiting bij de partners. Samen leveren wij dan een bijdrage aan de veiligheid. Ook het jaar 2021 stond in het teken van corona. Ondermijning Een ondermijningsaanpak begint bij bewustwording en signaleren. Om zaken op te pakken, moet je ze ook binnen krijgen. Het afgelopen jaar hebben we geïnvesteerd in die bewustwording. Crisisbeheersing Uit de risicoanalyses en ervaringen uit het verleden zijn de natuurbrandrisico's een reëel risico in ons gebied. In samenwerking met defensie, brandweer en Staatsbosbeheer zijn er preventieve maatregelen genomen. Wat hebben we daarvoor gedaan Door de uitbraak van corona zijn de prioriteiten veranderd. Ondanks die verschuiving is er nog steeds aandacht geweest voor de veiligheidsthema's in de gemeente. Bij zorgelijke signalen rondom een persoon is er een integrale aanpak opgezet. Dit in samenwerking met het Escalatieplatform en het Veiligheidshuis Fryslân. Vanuit het ondermijningsthema zijn er verschillende acties uitgevoerd.
Denk aan een bewustwordingssessie voor het gemeentelijk personeel en gemeentelijke raadsleden. Maar ook een gezamenlijke actie met politie en BOA's waarin ze boeren attenderen op de gevaren van ondermijning. Een weerbaarheidsscan ondermijning is uitgevoerd op het gemeentehuis. In samenwerking met defensie, brandweer en Staatsbosbeheer zijn er drie calamiteitenputten gerealiseerd in het Drents Friese Wold. Dit in het kader van de natuurbrandrisico voor dat gebied. Wat heeft de inwoner daarvan gemerkt Door intensief samen te werken met de verschillende partners wordt er ingespeeld op de signalen vanuit inwoners en worden die ook meegenomen. De inwoner ziet en merkt dat de overheid adequaat reageert en ook handhaaft. Beleidskaders Integraal veiligheidsbeleid 2017–2021 Beleidsplan veiligheid 2019-2022 (in bijlage)
65
Toelichting belangrijkste afwijkingen programma 5 Wat heeft het gekost x € 1.000 Wat heeft het ons gekost?
Rekening
Primitieve
Actuele
Rekening
2020
Begroting
Begroting
2021
Verschil
-1.550
-1.694
-1.729
-1.687
42 V
-430
-428
-428
-435
-7N
-1.980
-2.122
-2.157
-2.122
35 V
5.1 Thema Openbare orde en veiligheid
0
-
-
-
-
5.2 Thema Handhaving
17
-
-
-
-
Totaal Baten
18
-
-
-
-
Saldo van baten en lasten
-1.963
-2.122
-2.157
-2.122
35 V
Resultaat
-1.963
-2.122
-2.157
-2.122
35 V
Saldo van baten en lasten Lasten 5.1 Thema Openbare orde en veiligheid 5.2 Thema Handhaving Totaal Lasten
Baten
Tabel belangrijkste afwijkingen x € 1.000 Belangrijkste afwijkingen Programma 5
Verschil
Integrale veiligheid
42 V
Corona
-9N
Overige kleine afwijkingen
2V
Totaal afwijkingen
35 V
Toelichting belangrijkste afwijkingen In onderstaand overzicht lichten we afwijkingen > € 25.000 toe. Thema 5.1 Openbare orde en veiligheid Openbare orde en veiligheid, voordeel € 42.000 Een voordeel doordat de lasten voor de bluswatervoorziening door defensie lager zijn uitgevallen dan verwacht. Daarnaast lagere lasten doordat de bijdrage aan FIER via andere budgetten loopt. Corona, nadeel € 9.000 Bij de afdeling VTH zijn voor € 9.000 aan coronagerelateerde lasten geweest.
66
Programma 6 | Bestuur en dienstverlening Voor de eerste keer is in onze gemeente een raadsprogramma en uitvoeringsprogramma vastgesteld voor de bestuursperiode 2018-2022. Hieraan toegevoegd is het coalitieprogramma 2018-2022 'Saemen an de slag'. Kenmerkend voor Ooststellingwerf is dat de gemeente open en transparant wil besturen richting zijn inwoners, bedrijven en maatschappelijke instellingen; vertrouwen en ruimte geven om hen eigen verantwoordelijkheid te laten nemen en initiatief te ontplooien. De faciliterende rol van ons als 'eerste overheid' vraagt steeds meer aandacht. Dit houdt tevens in dat de gemeente continu de dienstverlening verbetert, zowel in kwaliteit als in begrijpelijkheid en toegankelijkheid. Verdere digitalisering staat het persoonlijke karakter van onze dienstverlening niet in de weg. “Ja, mits” is hierbij altijd ons vertrekpunt.
Thema 6.1 Bestuur Wat willen we bereiken Het college zet in op sturing van de organisatie vanuit de principes: - Programmatisch werken - Integrale advisering - Sturing op effecten - Voortdurende afstemming tussen ambitie en capaciteit We trekken gezamenlijk met u en de ambtelijke organisatie op bij alle onderwerpen. We willen inzetten op minder regelgeving daar waar het niet effectief is en daardoor meer verantwoordelijkheid neerleggen bij inwoners en bedrijven. We willen de OWO-samenwerking optimaliseren, met als doel efficiëntie en kwaliteit. We willen staan voor een open en transparante gemeentelijke overheid die in samenspraak met inwoners, bedrijven en maatschappelijke organisaties beleid ontwikkelt en uitvoert en initiatieven mogelijk maakt (zie Programma 4 – Participatie). We hanteren het uitgangspunt dat we vertrouwen en ruimte willen geven aan inwoners, ondernemingen en maatschappelijke organisaties om zelf verantwoordelijkheden op zich te nemen (zie Programma 4 – Participatie). We stimuleren en ondersteunen initiatieven uit de samenleving (zie Programma 4 – Fonds Ooststellingwerf). We willen actief, in samenspraak met u en de ambtelijke organisatie, werken aan burger- en overheidsparticipatie (zie Programma 4 – Participatie). We willen raadsvoorstellen met daarin verwerkt de bijbehorende context (raadsprogramma, beleid, moties, amendementen etc.).
Wat hebben we bereikt We hebben de bestuurlijke visie op de OWO-samenwerking vastgesteld en hebben daarmee een stip op de horizon gezet voor de komende jaren. Na het traject Rake Voorstellen zijn de raadsvoorstellen volgens een peiling onder raadsleden van betere kwaliteit. Het project Direct Duidelijk levert duidelijke communicatie op richting de inwoner. Beleidsindicatoren De formatie bestaat uit het begrote aantal formatieplaatsen op 1 januari 2021 per 1.000 inwoners. Bezetting is het aantal fte’s dat werkzaam is per 1.000 inwoners op 1 januari 2021 (formatie minus vacatureruimte). Beleidsindicatoren thema Bestuur Formatie Bezetting
Eenheid
Begroting 2021
Jaarrekening 2021
Fte per 1.000 inwoners
8,9
8,9
Fte per 1.000 inwoners
8,2
8,7
2021
67
Wat hebben we daarvoor gedaan Om meer zicht te krijgen op de dynamiek tussen ambitie, capaciteit en de aansturing van de organisatie hebben we een organisatiescan laten doen. Op dit moment zijn we bezig met het actieplan. In 2021 hebben de programmamanagers een ontwikkeltraject doorlopen. Hiermee hebben we een aantal stappen gezet in de ontwikkeling en inpassing van programmamanagement in de organisatie. De ontwikkeling van programmamanagement en inpassing van dit instrument zal langere tijd in beslag nemen om optimaal effect te sorteren. In het vervolg op de rapportage van JE consultancy was er behoefte aan een nadere onderbouwing van de cijfers over de besparing die de onderzoekers mogelijk achten op de formatie. Daarom hebben we bureau Berenschot gevraagd een benchmark te doen op formatie, kosten en werklast. De resultaten worden in 2022 met u gedeeld. Met het project Rake Voorstellen hebben we alle medewerkers die voorstellen schrijven getraind en voorzien van alle informatie die ze nodig hebben om een goed voorstel te schrijven. We houden de vinger aan de pols met jaarlijkse peilingen onder raadsleden zodat we kunnen bijsturen als de kwaliteit terugloopt. In OWO-verband zetten we met het project 'Direct Duidelijk' in op B1-niveau van communicatie met de inwoner zodat onze communicatie inclusief is en door iedereen wordt begrepen.
Ook daarin hebben we in 2021 stappen gezet. Wat heeft de inwoner daarvan gemerkt De activiteiten op het gebied van participatie werden belemmerd door de maatregelen rond de coronacrisis. Toch is het gelukt om, soms in aangepast vorm, actief te blijven. Zo zijn we bezig geweest met burgerpeilingen. De resultaten daarvan zijn bemoedigend. Op de verschillende domeinen zoals de omgevingswet zijn we bezig geweest om onze inwoners in 2022 te laten participeren. De vereenvoudigde communicatie op B1-niveau betekent dat de inwoner duidelijker brieven van ons krijgt en dat onze communicatie op de website en social media duidelijker is. Beleidskaders Strategische samenwerking OWO-gemeenten Bestuursovereenkomst OWO Rapportage evaluatie OWO-samenwerking Visiedocument Ooststellingwerf (2016)
Thema 6.2 Dienstverlening Wat willen we bereiken We bieden goede, menselijke en open (digitale) dienstverlening, waarbij iedere medewerker het verschil maakt. Het programma dienstverlening is erop gericht uiterlijk in 2024 onderstaande te bereiken: De klant is tevreden over de dienstverlening (minimaal een 7,5 in 2024). We voldoen aan de vereisten van het VN-verdrag. We richten processen in vanuit de klantketen. We handelen 90% af binnen de servicenorm. We hebben 30% minder telefonische contacten. We hebben een integraal klantbeeld (omnichannel dienstverlening). We voldoen aan wet- en regelgeving. 80% van onze dienstverlening is mogelijk via https://www.oostststellingwerf.nl (zowel voor inwoners als bedrijven).
68
Wat hebben we bereikt We scoren een 7,2 op de burgerpeiling (2020). We hebben een inclusiepanel en een inclusie agenda. We hebben een inwonerspanel. Onze website voldoet aan de gestelde eisen uit het VN-verdrag en is daarmee toegankelijk. We zijn aangesloten op de landelijke Direct Duidelijk brigade. We hebben het proces Melding Openbare Ruimte beschreven vanuit de klantketen (LEAN). We hebben steeds beter inzicht in waarvoor mensen bellen en terugbelverzoeken. We scoren een 6,5 op het telefonisch en email klantonderzoek (2021). 68% van de inwoners wordt binnen 2 werkdagen teruggebeld (was 58% in 2019 en 67% in 2020). Het aantal telefoontjes is ca. 5% gedaald ten opzichte van 2020 (periode januari - half december). Anonimiseren van stukken eenvoudiger gemaakt. Steeds meer zaken via https://www.ooststellingwerf.nl te regelen (Werk en Inkomen, belastingen, verhuizing, documenten aanvragen). Wat hebben we daarvoor gedaan Aanvullend op de burgerpeiling uit 2020 een onafhankelijk onderzoek telefonie en e-mail uitgevoerd. Informatie op de website beter aan laten sluiten op de klantvragen. Steeds meer beschikbaar via 'werken op afspraak' (omgevingsloket en sociaal domein). Binnen het Gebiedsteam werken we steeds meer 'ontschot'. We registreren alle binnenkomende telefoontjes en terugbelnotities in een centraal systeem.
We zijn met inwoners in gesprek gegaan over onze schrijfstijl. We hebben een schrijfwijzer opgesteld en de Direct Duidelijk Deal ondertekend. We hebben een applicatie speciaal gericht op anonimiseren (vooruitlopend op de Wet Open Overheid) . We hebben steeds beter inzicht in de lopende zaken van een klant (inwoner). We hebben kritisch gekeken naar verschillende werkprocessen en waar kon vereenvoudigd/verbeterd. Wat heeft de inwoner daarvan gemerkt De inwoner wordt actief betrokken (inwonerspanel). De inwoner vindt steeds beter zijn informatie op onze website. De inwoner kan steeds meer zaken zelf via onze website/digitaal regelen. De inwoner wordt steeds sneller en beter te woord gestaan via onze dienstverleningskanalen. De inwoner heeft steeds beter zicht op zijn lopende zaken via MijnOoststellingwerf. De inwoner krijgt steeds beter te begrijpen brieven. De inwoner kan op een laagdrempelige manier contact krijgen met een medewerker. Beleidskaders Visie Dienstverlening in Ooststellingwerf (augustus 2019) Programmaplan en uitvoeringsprogramma dienstverlening (juni 2020)
Thema 6.3 Financiën Wat willen we bereiken We willen de komende periode blijven sturen op een meerjarige, structurele en een reëel sluitende begroting. We willen dat gemeentelijke tarieven in principe kostendekkend zijn. We willen in de komende periode mogelijke financiële overschotten riolering, passend in de meerjarenprognose, terug laten vloeien naar de inwoner. We willen in de komende periode het bestaande kwijtscheldingsbeleid continueren. We willen het inkoopbeleid verduurzamen, bij voorkeur met lokale partners. Wat hebben we bereikt Het meerjarenperspectief is positief. De gemeentelijke tarieven zijn in principe kostendekkend. In 2021 is een eenmalige korting op de rioolheffing geweest. 69
De basis voor ons kwijtscheldingsbeleid is de Uitvoeringsregeling van de Invorderingswet 1990. De inkomenstoets is 100% bijstandsnorm. We werken vanuit het plan van aanpak 'Maatschappelijk Verantwoord Inkopen'.
Beleidsindicatoren Apparaatskosten zijn alle personele en materiële kosten die verbonden zijn aan het functioneren van de organisatie (o.a. loonkosten, ICT, huisvesting, facilitair etc.). Onder overhead verstaan we alle kosten die samenhangen met de sturing en ondersteuning van de medewerkers in het primaire proces. Het werkelijke percentage inhuur wijkt af van de begroting doordat gedurende een jaar inhuur wordt gepleegd als gevolg van bijvoorbeeld ziekte, piekopvang of operationele keuze. Dit gebeurt door dekking met bestaande budgetten. Beleidsindicatoren thema Financiën Apparaatskosten Externe inhuur
Eenheid Begroting 2021 Jaarrekening 2021 In euro´s per inwoner
833
878
Kosten als % van totale loonsom + totale kosten inhuur externen
1,3%
11,8%
% van totale lasten
12,5%
12,2%
Overhead 2021
Wat hebben we daarvoor gedaan In 2021 is een heroverwegingsproces geweest. Het proces is extern begeleid door JE consultancy. De uitkomst van het proces is vertaald in een rapportage. Op basis daarvan hebben wij een voorstel gedaan waarover u in juli 2021 heeft besloten. In de periode tussen het besluit van de heroverweging en de begroting hebben ontwikkelingen plaatsgevonden welke in grote mate van invloed zijn op het financieel perspectief. Voornamelijk het besluit over de financiële verwerking van het jeugdbudget heeft hierin een grote bijdrage. Dit zorgt voor een positief perspectief. Voor de afvalstoffenheffing groeien we steeds meer naar een tarief waarbij geen onttrekking uit de reserve meer nodig is. Bij de behandeling van de nota leges 2021 heeft u ingestemd met tarieven, die niet kostendekkend zijn. Bij het vaststellen van het nieuwe GRP in 2020 is besloten om het saldo van de rioleringsreserve van € 219.000 in 2021 in te zetten om een eenmalige korting op de rioolheffing te geven. Deelneming: N.V. Bank Nederlandse gemeenten (BNG) De BNG verstrekt tegen lage tarieven krediet aan Nederlandse overheden. Daarmee speelt de bank een essentiële rol in de financiering van gewenste maatschappelijke investeringen. Wat heeft de inwoner daarvan gemerkt Een financieel gezonde gemeente. Onze financiën zijn voor iedereen te bekijken.
Onze belastingen, diensten en producten zijn betaalbaar. Beleidskaders Financiële verordening 2017 (art 212) Controleverordening 2019 (art. 213 Gemeentewet) Doelmatigheid- en doeltreffendheidsverordening 2017 (art. 213a Gemeentewet)
70
Toelichting belangrijkste afwijkingen programma 6 Wat heeft het gekost x € 1.000 Wat heeft het ons gekost?
Rekening
Primitieve
Actuele
Rekening
2020
Begroting
Begroting
2021
Verschil
-1.680
-1.552
-1.709
-1.766
- 56 N
-282
-317
-335
-334
1V
6.3 Thema Financiën
-23.448
-23.967
-27.302
-25.363
1.938 V
Totaal Lasten
-25.410
-25.836
-29.346
-27.463
1.883 V
42
-
-
98
98 V
Saldo van baten en lasten Lasten 6.1 Thema Bestuur 6.2 Thema Dienstverlening
Baten 6.1 Thema Bestuur 6.2 Thema Dienstverlening
1.307
765
1.025
915
- 109 N
6.3 Thema Financiën
54.556
53.698
56.405
57.770
1.366 V
Totaal Baten
55.905
54.463
57.429
58.784
1.355 V
Saldo van baten en lasten
30.495
28.627
28.084
31.321
3.238 V
Toevoegingen
-77
-
-
-
-
Onttrekkingen
199
364
1.752
473
-1.278
Mutatie reserves
122
364
1.752
473
-1.278
30.617
28.991
29.835
31.795
1.960 V
Mutatie reserves
Resultaat
71
Tabel belangrijkste afwijkingen x € 1.000 Belangrijkste afwijkingen Programma 6
Verschil
Dagelijks bestuur
95 V
Bouwen en wonen
- 121 N
Huisvesting
68 V
Advies en ondersteuning
31 V
Automatisering
- 29 N
Algemene overheadkosten
136 V
Reserve organisatie-ontwikkelingen
- 68 N
Saldo financieringsfunctie
- 91 N
Organisatorische kostenplaatsen en OWO-kostenplaatsen
288 V
Reserve sociaal domein
- 60 N
Algemene reserve
- 174 N
Belastingen en Wet WOZ
26 V
Deelnemingen/dividend
82 V
Algemene uitkering
351 V
Nagekomen/buitengewone posten
130 V
Kapitaalreserve
- 145 N
Corona
1.405 V
Overige kleine afwijkingen Totaal afwijkingen
36 V 1.960 V
Toelichting belangrijkste afwijkingen Thema 6.1 Bestuur Dagelijks bestuur, voordeel € 95.000 Lagere dotatie aan de voorzieningen lopende pensioenverplichtingen bestuurders en pensioenverplichtingen voormalige wethouders ad € 51.000. De verhoging van de rekenrente van 0,082% naar 0,528% is hiervan de oorzaak. De verhoging van de rekenrente is ook de oorzaak van dat € 68.000* kan vrijvallen uit de voorzieningen lopende verplichtingen bestuurders. De salarislasten en de wachtgeldverplichtingen zijn € 24.000 hoger. Thema 6.2 Dienstverlening Bouwen en wonen, nadeel € 121.000 Nadeel van € 87.000 bij de leges bouwvergunningen. Tussentijds in het begrotingsjaar 2021 is de post al met € 260.000 verhoogd. Nu zijn een aantal projecten doorgeschoven naar 2022. Dan worden ook de leges verantwoord. Bij de monumenten is er een overschrijding van € 8.000, deze wordt gedekt door de reserve monumenten. Bij de omgevingsvergunningen is er een nadeel van € 24.000. Oorzaak zijn verschillende zaken zoals hogere automatiseringskosten en verschuldigde leges aan de provincie voor afgegeven verklaringen van geen bezwaar/bedenkingen. Thema 6.3 Financiën Huisvesting, voordeel € 68.000 Lagere kapitaalslasten van € 68.000 doordat bepaalde geplande vervangingen inventaris/meubilair zijn uitgesteld. Als het project Hybride werken is uitgevoerd wordt er een nieuw aanschaf- en vervangingsschema opgesteld.
72
Advies en ondersteuning, voordeel € 31.000 Communicatiestrategie sociaal domein voordeel € 17.000. De middelen waren voor het ontwikkelen en uitvoeren van een communicatiestrategie met als doel betere bekendheid van het Gebiedsteam. Deze strategie kon lange tijd niet starten omdat de doorontwikkeling nog liep. Nu deze (grotendeels) afgerond is, is afgelopen zomer gestart met de strategie. De lasten lopen door in 2022, zie bij reserve sociaal domein. Door de situatie is er meer advertentieruimte gebruikt. Het budget voor generatiegericht maatwerk is hier verantwoord, de lasten staan bij de afdelingskostenplaatsen, voordeel € 50.000. Automatisering, nadeel € 29.000 Dit wordt veroorzaakt door een uitbreiding van licenties en door hogere onderhoudslasten van diverse applicaties. Algemene overheadkosten, voordeel € 136.000 Centrale personeelsbudgetten voor vervanging wegens zwangerschap-, ouderschapsverlof, ondernemingsraad en knelpunten staan hier opgenomen. De werkelijke lasten zijn bij de organisatorische kostenplaatsen vermeld. Voordeel € 68.000. Daarnaast is er een voordeel van € 68.000 bij de inactieven, hier staat ook een lagere onttrekking tegenover. Reserve organisatie-ontwikkelingen, nadeel € 68.000. Lagere lasten inactieven dus lagere onttrekking, zie hiervoor. Saldo financieringsfunctie, nadeel € 91.000 Hogere ontvangen rente € 38.000.
Dit betreft rente over uitgestelde verkopen. Nadeel van € 129.000 bij de toegerekende rente. Het betreft hier een nadeel, maar bij de programma’s is het een voordeel. Het heeft dus geen resultaatconsequentie. Organisatorische kostenplaatsen en OWO-kostenplaatsen, voordeel € 288.000 Voor de herinrichting gebiedsteam is het budget ad € 60.000 niet uitgegeven. Er wordt verdere uitvoering aan de doorontwikkeling GBT en de huisvesting gegeven in 2022.Dit betekent ook een lagere onttrekking van de reserve sociaal domein. Voor een aantal specifieke zaken zoals de taskforce bouwen en wonen en subsidie-onderzoek, accommodatiebeleid zijn budgetten beschikbaar die worden gedekt door een bijdrage uit de algemene reserve. Hier zijn de lasten € 174.000 lager. Dit betekent ook een lagere onttrekking uit de reserve. Verder is er per saldo een nadeel van € 22.000 bij de organisatorische kostenplaatsen. Voor 2021 is er een cao-verplichting van € 269.000 opgenomen als gevolg van de afgesloten cao gemeenten. Bij de overige personeelsgerelateerde uitgaven, zoals vorming en opleiding en reis- en verblijfskosten is er een voordeel van € 39.000. Bij de OWO-kostenplaatsen is er een voordeel van € 23.000. Ook hier is de cao-verplichting opgenomen ter hoogte van € 74.000 per saldo.
Reserve sociaal domein, nadeel € 60.000 Het budget voor de herinrichting is niet uitgegeven, dus lagere onttrekking. Zie hiervoor. Algemene reserve, nadeel € 174.000 Zie hierboven bij organisatorische kostenplaatsen. Belastingen en Wet WOZ, voordeel € 26.000 Bij de forensenbelasting is er een lagere opbrengst van € 6.000 en bij de precariobelasting is er een hogere opbrengst van € 32.000. 2021 is het laatste jaar dat precariobelasting wordt geheven. Deelnemingen/dividend, voordeel € 82.000 Dit betreft het ontvangen dividend over het jaar 2020. De aandeelhouders van Afvalsturing Friesland hebben besloten over te gaan tot het uitkeren van aanvullend dividend.
73
Algemene uitkering, voordeel € 351.000 Verrekening algemene uitkering eerdere jaren, voordeel € 10.000. De gevolgen van de september- en de decembercirculaire 2021 zijn niet verwerkt in de begroting, voordeel totaal € 611.000. En daarnaast is er een nadelig verschil van € 270.000 als gevolg van de gehanteerde maatstaven. Dit is een gevolg van dat het Rijk aanpassingen in gewicht en aantallen bij de decembercirculaire pas in het jaar daaropvolgend via de betaalspecificatie verrekend. Nagekomen/buitengewone posten, voordeel € 130.000 Een extern bedrijf heeft, in owo-verband, de administratie op boekingsregelsniveau doorgelopen op het juiste gebruik van de compensabele btw-codes. Dit gaat dus niet over specifieke casussen, maar over de algehele administratie. Hier gaat het over de periode 2016 tot en met 2018. De constatering is dat er nog recht is op € 130.000. Kapitaalreserve, nadeel € 145.000 Er is besloten dat een aantal investeringen gedekt worden via reserves. Op basis van de voorschriften en de financiële verordening moeten nu bepaalde investeringen worden geactiveerd. Na gereedkoming van de investering wordt begonnen met afschrijven. Op dat moment wordt de dekking uit de specifieke reserve overgeboekt naar de kapitaalreserve, hier wordt dan de afschrijving gedekt. In 2021 is begonnen met het afschrijven van de investering Biosintrum.
De gereserveerde € 1 miljoen uit de algemene reserve is overgeboekt naar de kapitaalreserve. Ook is € 240.000 uit de algemene reserve overgeboekt naar de kapitaalreserve voor de sportvoorziening Waskemeer. Reserve ambitiefonds De reserve ambitiefonds wordt opgeheven conform het besluit van de raad bij de heroverwegingen 2022. Het resterende saldo van € 1.137.000 is overgebracht naar de algemene reserve. Corona, voordeel € 1.405.000 Algemeen bestuur, verkiezingen: er zijn extra kosten (€ 76.000) gemaakt voor de Tweede kamerverkiezingen. Vanuit het Rijk is er een compensatie beschikbaar gesteld bij de Coronamiddelen. De overschrijding wordt dan ook daar uit gedekt. Advies en ondersteuning, communicatie: Er is een nadeel van € 32.000 bij de advertentiekosten (gemeentenieuws). En bij bedrijfsvoering is er een nadeel van € 4.000. Organisatorische kostenplaatsen, personeel: er is voor € 122.000 ingehuurd ten laste van de coronamiddelen. Bouwen en wonen, overige leges: Er is minder leges (€ 8.000) voor horeca en evenementen ontvangen als gevolg van de coronacrisis. Huisvesting: door de coronacrisis zijn er bij een aantal posten lagere lasten. Bijvoorbeeld bij bureaukosten (€ 21.000), porti (€ 23.000) en schoonmaakkosten (€ 40.000). Organisatorische kostenplaatsen, hier is de ontvangen rijksbijdrage voor de uitvoering van de TOZO-regeling verantwoord ad € 60.000.
Nog te bestemmen posten, voordeel € 1.823.000. Dit betreft de budgetten voor de coronacompensatie die in de begroting 2021 zijn vermeld. Dit bestaat uit: bestemming resultaat 2020 € 836.000, jaarbedrag 2021 uit de september- en decembercirculaire 2020 € 619.000 en de meicirculaire 2021 € 368.000. De bestemming resultaat 2020 is in 2021 niet onttrokken, omdat we weer nieuwe coronamiddelen hebben ontvangen, en blijft daardoor beschikbaar voor 2022. Dit zorgt voor een nadeel in de algemene reserve van € 836.000. Algemene uitkering, voordeel € 516.000. De coronacompensatie uit de september- en decembercirculaire 2021 zijn niet verwerkt in de begroting.
74
Paragrafen Paragraaf 1 | Lokale Heffingen De gemeente stuurt rekeningen (aanslagen) voor een aantal belastingen en heffingen. Denk aan o.a. de onroerendezaakbelasting, rioolheffing en afvalstoffenheffing. Deze lokale heffingen zijn een belangrijk onderdeel van onze inkomsten. Deze paragraaf laat de hoogte van de inkomsten zien en geeft een overzicht van de diverse heffingen. Algemene beleidslijn Het fiscale beleid voeren we uit in overeenstemming met de fiscale wetgeving, de gevormde jurisprudentie en de algemene beginselen van behoorlijk bestuur, zoals die gelden voor het belastingrecht. Daarnaast zijn rechtvaardigheid, redelijkheid en billijkheid zowel bij de heffing als bij de invordering de bepalende elementen. Bijzonderheden en ontwikkelingen Precariobelasting Het Kabinet heeft de precariobelasting voor nutsbedrijven per 1 juli 2017 gewijzigd (het deel voor kabels en leidingen voor de nutsbedrijven gaat onder de vrijstellingen vallen). Voor gemeenten die op 10 februari 2016 een verordening met tarief hadden vastgesteld voor precariobelasting op kabels en leidingen geldt een overgangstermijn tot 1 januari 2022. Dat geldt ook voor Ooststellingwerf. De opbrengst precariobelasting is tot en met 2021 geraamd in de begroting (€ 2,096 miljoen) tegen het door u vastgestelde tarief van € 2,18 per m1.
Liander heeft de beroepen gericht tegen de belastingaanslagen 2017/2018 en 2019 ingetrokken. Hierdoor zijn de opgelegde heffingen vrijgevallen. De aanslagen voor 2020/2021 zijn opgelegd waartegen bezwaar en beroep openstaat. De verordeningen voor de Precariobelasting zijn door de raad in december 2021 ingetrokken en de lopende zaken worden afgehandeld. De Wet Waardering Onroerende Zaken (Wet WOZ) Zoals elk jaar, worden de nieuwe WOZ-waarden gebruikt voor o.a. de heffing van de onroerendezaakbelasting en forensenbelasting, gebaseerd op het prijspeil van het voorliggende jaar. De waardepeildatum ligt steeds één jaar voor het belastingjaar en blijft daardoor actueel. Door de actualiteit van de waarde wordt deze mede voor andere doeleinden, zoals de belastingdienst voor de erfbelasting en eigen woningforfait, forensenbelasting, waterschapslasten en door notarissen gebruikt. Tot nu toe worden de woningen getaxeerd op basis van de inhoud, maar per 2022 gebeurt dit op basis van de oppervlakten (een nieuwe ontwikkeling en wettelijke verplichting). Landelijk zijn er verschillen in waarderingsmethodiek waardoor ervoor gekozen is om alle gemeenten te laten taxeren op oppervlakten. De Landelijke Voorziening WOZ is openbaar voor vele afnemers zoals notarissen, CBS, de burgers etc. Als er niet wordt overgegaan op oppervlakte ontstaan er problemen bij de verplichte levering aan de afnemers.
De Waarderingskamer gaat dit project monitoren. In 2018 zijn we gestart met de voorbereidingen. We zijn nu klaar met het woningbestand. In 2021 is er getest zodat er met ingang van 2022 getaxeerd wordt op oppervlakte. Basisregistraties Vanaf 1 juli 2011 geldt het verplicht gebruik van de Basisregistratie Adressen en Gebouwen (de BAG). Deze verplichting geldt dus ook voor de uitvoering van de Wet WOZ. In de gemeentelijke WOZ processen spelen de in de BAG opgenomen gegevens over adressen, oppervlakten en bouwjaren een belangrijke rol. De koppeling tussen de WOZ en de BAG is in december 2016 gerealiseerd. Halverwege 2016 zijn de Basisregistratie Kadaster (BRK) en de aansluiting van het Handelsregister (NHR) gerealiseerd. Per 1 april 2016 is de Basisregistratie Grootschalige Topografie (BGT) aangesloten op de Landelijke Voorziening. Het jaar 2017 is gebruikt om de BGT te koppelen aan het beheer van de openbare ruimte (BOR) en de kaart van 2014 op te werken naar de huidige stand. Vanaf 1 december 2017 is het werkelijke beheer van de BGT verder opgepakt. Dit alles heeft te maken met de BGT op naar 2020 (fase 2): voltooiing en het vervolmaken van de BGT zodat het voldoet aan de wettelijke eisen. We zijn hierin geslaagd al eind 2019.
75
Afvalstoffenheffing Diftar+ is ingegaan per 1 januari 2019. Dit heeft alles te maken met de VANG doelstelling opgelegd vanuit het Rijk. Deze doelstelling betekent een afname van het aantal kg's per inwoner per jaar. In het afgelopen jaar is er 127 kg restafval per inwoner verbrand (2020: 118,7 kg). Daarmee is de VANG-doelstelling van 100 kg te verbranden restafval per inwoner per jaar nog niet gehaald. Voor de komende jaren ligt er een uitdaging, en richten we ons nu op het realiseren van de VANG doelstelling 2025 met nog 30 kilo te verbranden restafval per inwoner, per jaar. Omgevingswet Het Kabinet is in 2011 begonnen met een grote stelselherziening van het omgevingsrecht. De Omgevingswet heeft ook gevolgen voor bestaande verordeningen, beleidsregels, nadere regels en besluiten. De wet zou nadat de datum al eens is opgeschoven in gaan op 1 januari 2022. Om ervoor te zorgen dat de implementatie van de wet op een zorgvuldige en verantwoorde wijze afgerond kan worden, zal de wet nu ingaan op 1 januari 2023. Belastingsoorten Onroerendezaakbelasting (OZB) Benchmark: vergelijking gemeentelijke woonlasten per provincie. Vanaf 2020 is de macronorm OZB vervangen door deze benchmark.
De benchmark beoogt, door middel van meer vergelijking, de informatievoorziening over de ontwikkeling van de lokale lasten te bevorderen, zodat hiermee door de gemeenten ten aanzien van de keuzes omtrent de ontwikkeling van de lokale lasten rekening gehouden kan worden. De benchmark vergelijkt voor alle gemeenten binnen een provincie de hoogte van de woonlasten voor meerpersoonshuishoudens met een koopwoning. De woonlasten zijn de som van de gemiddeld betaalde ozb, de afvalstoffenheffing en de rioolheffing minus een eventuele heffingskorting (= eenmalige korting die sommige gemeenten geven). De benchmark moet het lokale debat over de keuzes voor ontwikkelingen, zoals stijging van de lasten, bevorderen. WOZ De Waarderingskamer heeft besloten dat uiterlijk per 2022 de WOZ-taxaties van woningen gebaseerd zijn op de gebruiksoppervlakte. De woningen werden tot en met 2021 op inhoud getaxeerd. Aangezien landelijk er verschillen zijn in methodiek heeft de Waarderingskamer besloten dat alle gemeenten hun woningbestanden moeten omzetten van inhoud naar oppervlakten. De Landelijke Voorziening WOZ is openbaar voor vele afnemers zoals notarissen, CBS etc. De afnemers gaan allemaal over op de gebruiksoppervlakte waardoor het niet overgaan op de oppervlakte problemen gaat geven bij de verplichte uitleveringen naar de afnemers. De Waarderingskamer gaat dit project monitoren.
In 2018 zijn we gestart met de voorbereidingen. We zijn er in geslaagd om de afgelopen jaren het totale woningbestand om te rekenen naar de gebruiksoppervlakte waarmee de taxaties WOZ voor 2022 gaan plaatsvinden. Rioolheffing In 2020 heeft u het nieuwe Gemeentelijk Rioleringsplan (GRP) 2020 - 2024 vastgesteld. Het plan is een voortzetting van het vorige GRP op gebied van beheer en onderhoud. Aangevuld met beleid over klimaatadaptatie en -mitigatie. Uitgangspunt bij het opstellen van het nieuwe GRP is dat de rioolheffing met niet meer dan de inflatiecorrectie stijgt. In het kostendekkingsplan behorende bij het GRP is weergegeven hoe de heffing zich ontwikkelt in de periode 2020 - 2024. In 2021 heeft op basis van eerdere besluitvorming een eenmalige tariefsverlaging plaatsgevonden door het inzetten van het opgebouwde saldo van de rioleringsreserve. Leges De leges zijn conform het algemeen uitgangspunt verhoogd met het hiervoor weergegeven inflatiecijfer (loonindex) van 1,5%. Daar waar sprake is van een maximum- of wettelijk tarief vindt geen correctie plaats. Wij hebben u toegezegd om in 2021 een volledig geactualiseerde nota leges voor 2022 voor te leggen. We hebben de afgelopen periode veel voorbereidingen getroffen voor deze nota leges. Door uitstel van de omgevingswet en de wet kwaliteitsborging was het echter niet mogelijk om de nota leges 2022 volledig te herzien.
Middels mededeling #969 bent u geïnformeerd omtrent de status van het proces. De omgevingswet en wet kwaliteitsborging zijn recent wederom uitgesteld naar 1 januari 2023.
76
Toeristenbelasting U heeft bij de programmabegroting 2020-2024 ingestemd met een differentiatie van de tarieven voor de toeristenbelasting per 2021. De tarieven die worden geheven zijn € 1,10 of € 1,40 per persoon per nacht, afhankelijk van de soort verblijfsaccommodatie. Voor kinderen tot en met 4 jaar geldt een vrijstelling. Bij aanpassing van het tarief is het uitgangspunt het advies van het Recreatieschap Drenthe. Forensenbelasting Onder de naam ‘forensenbelasting’ heffen we een belasting van personen die (voor meer dan 90 dagen per jaar) een gemeubileerde woning als bedoeld in artikel 223 van de Gemeentewet voor zichzelf en/of hun gezin beschikbaar houden. De belasting heffen we naar de heffingsmaatstaf voor de onroerendezaakbelastingen (de WOZ-waarden). Bij de programmabegroting 2020-2023 heeft u besloten om de opbrengsten van de forensenbelasting in 2020 met € 15.000 te verhogen. Dit loopt op naar € 60.000 in 2023. Afvalstoffenheffing Voor het ophalen en verwerken van afval vraagt de gemeente aan inwoners een vergoeding. Dit noemen we afvalstoffenheffing. De afvalstoffenheffing bestaat uit een vast bedrag per woning (vastrecht), een bedrag voor het aantal keren dat afval wordt aangeboden en het aantal kilo's restafval (Diftar+). Het vastrecht moet altijd worden betaald, ook als er geen afval wordt aangeboden.
Om het vaste tarief afvalstoffenheffing voor 2022 op een laag niveau te houden is wederom een onttrekking uit de reserve Lastenverlichting nodig. Reclamebelasting U heeft op 14 december 2010 besloten tot de invoering, per 1 januari 2011, van reclamebelasting van het komgebied van Oosterwolde. De reclamebelasting houdt in dat de ondernemers een vast bedrag per jaar betalen. De gemeente legt deze belasting op en stort na aftrek van 5% beheerkosten de opbrengsten in een fonds. Met deze baten kunnen de ondernemers evenementen en activiteiten ontplooien, gericht op promotie en het zorgen voor een aantrekkelijk winkelklimaat van het centrum van Oosterwolde. BIZ (Bedrijven Investeringszone) Vanuit Oosterwolde Promotion en de Vereniging van Vastgoed Eigenaren Oosterwolde is een Biznessplan opgesteld waarin de ambities voor het winkelgebied van Oosterwolde zijn opgenomen. Met dit als basis is een draagvlakmeting gehouden waaruit bleek dat een meerderheid van de ondernemers achter deze ambities staat. Met de invoering van de BIZ in 2021 is de reclamebelasting ingetrokken. De BIZ geldt voor een periode van 5 jaar. Kwijtschelding We voeren de kwijtschelding uit volgens de Uitvoeringsregeling van de Invorderingswet 1990. Als inkomenstoets voor de kwijtschelding wordt de 100% bijstandsnorm gehanteerd.
Dit betekent dat, afgezien van vermogen cum annexis, aanvragers met een inkomen op bijstandsniveau in principe voor kwijtschelding in aanmerking komen. Kwijtschelding geldt niet voor alle belastingsoorten alleen voor de afvalstoffenheffing vast deel (+ Diftar tot € 100) en rioolheffing (alleen gebruikersdeel). Sinds begin 2018 is er een versnelde en vereenvoudigde toets om te bepalen of iemand in aanmerking komt voor kwijtschelding. De kosten voor kwijtschelding worden uiteindelijk vertaald in het tarief voor rioolheffing en vastrecht van de afvalstoffenheffing.
77
Inkomsten Lokale heffingen en leges x € 1.000 Lokale heffingen en leges
Rekening
Primitieve
Actuele
Rekening
2020
Begroting
Begroting
2021
Verschil
lokale heffingen
10.437
10.694
10.382
10.593
212 V
leges
1.349
803
1.053
1.012
- 41 N
Totaal
11.786
11.497
11.435
11.605
171 V
Lokale heffingen x € 1.000 Lokale heffingen
Rekening
Primitieve
Actuele
Rekening
Verschil
2020
Begroting
Begroting
2021
Toeristenbelasting
243
354
308
358
49 V
Reclamebelasting
41
41
-
-
-
Rioolheffing (gecombineerd)
2.758
2.565
2.565
2.556
-9N
Reinigingsrechten en afvalstoffenheffing
2.206
2.531
2.305
2.444
139 V
3.1 Thema Economische ontwikk.
3.3 Thema Milieu
6.3 Thema Financiën Onroerende zaakbelasting eigenaren
2.733
2.752
2.752
2.757
5V
Forensenbelasting
89
107
107
100
-6N
Precariobelasting
2.118
2.096
2.096
2.128
32 V
249
249
249
250
1V
10.437
10.694
10.382
10.593
212 V
Onroerende zaakbelasting gebruikers
Totaal
78
Leges x € 1.000 Leges
Rekening
Primitieve
Actuele
Rekening
2020
Begroting
Begroting
2021
Verschil
8
4
4
52
48 V
32
30
20
41
22 V
1.061
460
720
633
- 87 N
Burgerlijke stand / huwelijk
11
13
13
11
-2N
Burgerzakenleges
229
277
277
265
- 12 N
6
15
15
7
-8N
IP Bedrijfsvoering algemeen
2
-
-
4
4V
IP Huisvesting en werkplek
-
-
-
-
-
-
5
5
-
-5N
1.349
803
1.053
1.012
- 41 N
3.2 Thema Openbare ruimte Verharding
3.4 Thema Bouwen en wonen Bestemmingsplannen
6.2 Thema Dienstverlening Omgevingsvergunningen, baten
Overige leges
6.3 Thema Financiën
1.1 Thema Meedoen Overige voorzieningen WMO materieel
Totaal
Kostendekking Berekening van kostendekkendheid riolering en reiniging In onderstaande tabellen staan de berekeningen van kostendekkendheid van de heffingen riolering en reiniging. Het uitgangspunt bij deze heffingen is volledige kostendekking. Naast de baten en lasten verantwoord op het taakveld mogen we een aantal lasten toerekenen, waaronder overhead. De overhead is berekend als opslagpercentage over de directe salarislasten die op het taakveld verantwoord zijn. Daarbij is onderscheid gemaakt in een opslagpercentage voor de salarislasten van de buitendienst (59%) en van de binnendienst (78%). Een deel van de opbrengst van de reinigingsheffing wordt gerealiseerd door een onttrekking aan de egalisatiereserve (reserve lastenverlichting). De dotatie aan de rioleringsvoorziening voor de exploitatie is verwerkt in de lasten van het taakveld. Berekening van kostendekkendheid leges In onderstaande tabellen staan de berekeningen van kostendekkendheid van de heffingen leges. Hieruit blijkt dat per titel van de algemene legesverordening de heffingen onder de 100% kostendekkendheid blijven. Bij de netto lasten zijn de directe personeelskosten en de materiële kosten opgenomen die samenhangen met het verstrekken van de dienstverlening.
Bij directe kosten gaat het bijvoorbeeld om de uren van baliemedewerkers en van de uren van de medewerkers bij Vergunningen, Toezicht en Handhaving (VTH) en Ruimtelijke Ordening (RO). De basis voor de toerekening van deze kosten zijn de teamplannen en historische cijfers. Materiële kosten zijn bijvoorbeeld de kosten die samenhangen met bijvoorbeeld de afdracht aan het Rijk voor rijbewijzen en de afdracht aan het RDW voor rijbewijzen. We hanteren een opslag van 78% voor overhead over de directe salarislasten. De totale kostendekkendheid van de Algemene Legesverordening komt uit op 82%.
79
Toelichting overhead In de bijlage van de begroting is een overzicht met taakvelden opgenomen. Op de taakvelden verantwoorden we alle baten en lasten die direct betrekking hebben op het taakveld, waaronder salarislasten. De lasten die we niet direct aan de taakvelden kunnen toerekenen, zijn de overheadkosten. Overhead is 'alle kosten die samenhangen met de sturing en ondersteuning van de medewerkers in het primaire proces'. Het gaat hier dan om onder andere personele kosten, huisvesting, ICT, etc. Omdat alle directe kosten al rechtstreeks zijn toegerekend aan de taakvelden, passen we een opslagpercentage toe voor overhead voor taakvelden waarvoor we kostendekkende tarieven mogen berekenen. Bijvoorbeeld afval, riolering en leges.
80
bedragen x € 1.000 Berekening van
Begroting
Begroting titel 2
Begroting titel
Totaal
Realisatie
Realisatie titel 2
Realisatie-
Totaal
kostendekkendh
titel 1
Fysieke
3
begroting
titel 1
Fysieke
titel 3
realisat
Algemene
leefomgeving/
Dienstverlenin
Algemene
leefomgeving/
Dienstverleni
ie
eid
dienstverleni omgevingsvergunnin ng
gen
g vallend
dienstverleni omgevingsvergunnin
onder
ng
gen
ng vallend onder
Europese
Europese
dienstenrichtlij
dienstenrichtl
n
ijn
Lasten Lasten
324
421
37
782
303
441
37
781
Baten
0
0
0
0
0
0
0
0
324
421
37
782
303
441
37
781
Overhead
158
268
25
451
158
268
25
451
Totaal toe te
158
268
25
451
158
268
25
451
Totale lasten
482
689
62
1.233
461
709
62
1.232
Opbrengst
-294
-490
-15
-799
-331
-674
-7
-1.012
61%
71%
24%
65%
72%
95%
11%
82%
Netto lasten
Toe te rekenen lasten
rekenen lasten
heffingen
Dekkingspercent age
De kostendekking is hoger dan begroot. Dit hangt met name samen met hogere opbrengsten leges titel 1 en titel 2. Hogere opbrengsten leges titel 1 worden veroorzaakt door niet begrote leges voor aanleg glasvezel. De hogere leges voor titel 2 komen met name door een groot project, dat niet begroot was en relatief veel aanvragen voor kleinere bouwvergunningen.
Berekening van
Begroting
kostendekkendh
Rioolheffing Rioolheffing
Realisatie
Begroting
Realisatie
Reinigingsheffi Reinigingsheffi
eid
ng (taakveld
(taakveld 7.2)
ng
(taakveld 7.3) (taakveld 7.3)
7.2) Lasten Lasten
1.958
2.184
2.820
2.974
Baten
-47
-26
-657
-734
1.911
2.158
2.163
2.240
Overhead
311
338
107
122
Kwijtschelding
48
42
90
95
-1
-1
10
10
Netto lasten taakveld
Toe te rekenen lasten
Rente Dubieuze
7
7
debiteuren
81
Watergangen
112
112
BTW
395
118
126
126
Totaal toe te
873
617
331
352
Totale lasten
2.784
2.775
2.494
2.592
Opbrengst
-2.784
-2.775
-2.494
-2.444
100%
100%
100%
94%
rekenen lasten
heffingen
Dekkingspercent age
82
Paragraaf 2 | Weerstandsvermogen en risicobeheersing Deze paragraaf laat zien hoe solide onze begroting is en in hoeverre we financiële tegenvallers kunnen opvangen. Het gaat om de relatie tussen de (financiële) weerstandscapaciteit en alle risico’s die de gemeente loopt die niet zijn afgedekt door reserves, voorzieningen en verzekeringen. Door het vormen van een weerstandsvermogen hoeven we bij een financiële tegenvaller in de begrotingsuitvoering niet direct te anticiperen. Het weerstandsvermogen is op dit moment voldoende om de benoemde risico’s af te dekken. Conclusie weerstandsvermogen De beschikbare weerstandscapaciteit is per 31 december 2021 € 22,868 miljoen. Dit bestaat uit de Algemene reserve van € 19,738 miljoen (exclusief het bodembedrag van € 3 miljoen) en de bestemmingsreserves van € 3,130 miljoen. Het totaal van de bestemmingsreserves is € 7,165 miljoen. Voor de weerstandscapaciteit halen we hier de reserve Sociaal Domein € 0,277 miljoen, de reserve Kapitaallasten € 2,751 miljoen en de Algemene reserve grondexploitatie € 1,007 miljoen vanaf. De benodigde weerstandscapaciteit is € 2,986 miljoen (zie overzicht bij kwantificeerbare risico's). Het weerstandsvermogen is voldoende om de risico’s af te dekken. Naast de beschikbare weerstandscapaciteit van € 22,868 miljoen is er nog de algemene buffer van € 3 miljoen (als onderdeel van de Algemene reserve).
Deze beide gecombineerd maakt dat in relatie tot de omvang van de activiteiten er voldoende buffer aanwezig is voor het opvangen van de risico’s. Risico’s die zich regelmatig voordoen en die vrij goed meetbaar zijn, maken geen onderdeel uit van de risico’s binnen het weerstandsvermogen. Hiervoor zijn verzekeringen afgesloten of reserves en voorzieningen gevormd. We gaan op de volgende manier om met de risico’s rondom grondexploitatie, openeinderegelingen, verbonden partijen en decentralisaties: Grondexploitatie Hiervoor is de Algemene reserve grondexploitatie ingesteld. Deze reserve is bestemd voor het opvangen van verliezen (bijvoorbeeld van niet-kostendekkende complexen), planschadeclaims en verlaging van verkoopprijzen. We beoordelen ieder jaar opnieuw of de reserve toereikend is. Openeinderegelingen De belangrijkste openeinderegelingen zijn de regelingen Sociaal Domein en Participatiewet. De risico’s binnen het Sociaal Domein (Wmo, jeugd en participatie) kunnen niet meer worden gedekt uit de reserve Sociaal Domein. Onder de tabel met risico’s staat een aparte toelichting hierover. Het risico in het kader van de Participatiewet nemen we mee in de bepaling van de weerstandscapaciteit (risico nummer 2). Verbonden Partijen Jaarlijks beoordelen we de jaarrekeningen, begrotingen en tussentijdse rapportages van de verbonden partijen en leggen die aan u voor.
We nemen deel aan aandeelhoudersvergaderingen en bij de meeste verbonden partijen ook aan tussentijdse overleggen. Net als bij de grondexploitatie geldt dat er geen extra financiële buffer noodzakelijk is, omdat er geen risico’s zijn die een gevaar vormen voor de financiële positie. Als dit wel het geval is, nemen we dat risico mee in deze paragraaf. Dat beoordelen we ieder jaar opnieuw. Projecten De risico's bij projecten worden per project geïnventariseerd en maken onderdeel uit van het projectplan. Algemene beleidslijn Om het weerstandsvermogen te beoordelen zetten we de beschikbare weerstandscapaciteit af tegen de benodigde weerstandscapaciteit. De weerstandscapaciteit is een optelsom van middelen die beschikbaar zijn om de gevolgen van risico's die niet begroot zijn te dekken. Benodigde weerstandscapaciteit De benodigde weerstandscapaciteit stellen we vast aan de hand van een risico-inventarisatie. Per risico is een inschatting gemaakt van de kans dat het risico zich voordoet. Daarnaast zijn de financiële gevolgen van deze risico’s zo veel mogelijk weergegeven. Wanneer effecten van de risico's niet met voldoende betrouwbaarheid zijn in te schatten zijn ze opgenomen als ‘pro memorie’.
83
Beschikbare weerstandscapaciteit De beschikbare weerstandscapaciteit bestaat uit de middelen en de mogelijkheden waarover de gemeente beschikt om niet-begrote kosten, die onverwachts en substantieel zijn, te dekken. Het gaat dan vooral om de reservecapaciteit (algemene- en bestemmingsreserves), de onbenutte begrotingscapaciteit, de onbenutte investeringscapaciteit en de stille reserves. We bepalen de beschikbare weerstandscapaciteit aan de hand van de algemene reserve en bestemmingsreserve. We willen een beschikbare weerstandscapaciteit met minimaal de omvang van de benodigde weerstandscapaciteit. Risicobeheersing Risicobeheersing is de manier waarop we risico’s beheersen, inclusief de processen en systemen waarmee we dat doen. Onze organisatie heeft tal van beheersmaatregelen getroffen om de doelstellingen in de programma's te realiseren. Er is een grote verscheidenheid aan maatregelen, die we als volgt indelen: Juridische beheersmaatregelen (inkoopvoorwaarden, contractbepalingen, leveringsvoorwaarden, juridische kwaliteitszorg); Financiële beheersmaatregelen (financial control, verzekeringen, bankgaranties, financieringsfunctie artikel 13 Financiële verordening); Organisatorische beheersmaatregelen (AO/IC, procedures, 4-ogen-principe, audits); Materiële beheersmaatregelen en informatiebeveiligingsbeheersmaatregelen (gemeentelijk informatiebeveiligingsplan).
Twee keer per jaar, als onderdeel van de P&C-cyclus, actualiseren we het overzicht met de belangrijkste risico’s. Dit doen we op basis van dossieronderzoek en interviews met management en medewerkers. Na identificatie van het risico brengen we de oorzaak en het gevolg van het risico in beeld. We kwantificeren ieder risico (als dat mogelijk is). En we maken een inschatting van de kans dat het risico zich voordoet, evenals het financiële gevolg. Dit resulteert in het risicoprofiel voor onze gemeente. Vervolgens inventariseren we voor elk risico de getroffen beheersmaatregelen. Bij de kwantificeerbare risico's staat een opsomming van de risico’s. Per risico is een inschatting gemaakt van de kans dat het risico zich voordoet, evenals de financiële gevolgen. Bij deze inschattingen gebruiken we onderstaande tabel: Categorie
Kans op voorkomen
Kwantitatief
Financieel gevolg
1.
< of 1 keer per 10 jaar
10%
Geen geld gevolgen
2.
1 keer per 5-10 jaar
30%
< € 25.000
3.
1 keer per 2-5 jaar
50%
> € 25.000 - € 100.000
4.
1 keer per 1-2 jaar
70%
> € 100.000 - € 500.000
5.
1 keer per jaar of meerdere keren per jaar
90%
> € 500.000
Kwantificeerbare risico's De benodigde weerstandscapaciteit is ten opzichte van de Begroting 2022 € 82.000 lager. Dit heeft als oorzaken: een iets hogere Algemene Uitkering dan begroot (+ € 12.000) een lager ingeschat risico vanuit de nieuwe verdeling van het Gemeentefonds (-/- € 116.000) een iets hogere inschatting van mogelijke kosten door lopende procedures en/of te verwachten claims/procedures (+ € 22.000)
84
Nr. Risico en beheersmaatregel
Kans op voorkomen Financieel gevolg
Benodigde weerstands-
risico 1a Risico: vangnet-uitkering wordt niet toegekend
-
capaciteit -
-
Toelichting risico: Het risico is dat we niet voldoen aan de voorwaarden waardoor we geen vangnetuitkering ontvangen. Voor 2022 is dit risico nihil omdat we verwachten dat we geen aanspraak op de vangnetuitkering behoeven te doen. 1b Risico: afwijking op WWB I-deel budgetten, waardoor beroep op
2
4
€ 184.392
algemene middelen onvermijdelijk is Toelichting risico: Bij een tekort van 10% van het WWB I-deel budget moeten wij 7,5% betalen uit eigen middelen. In de begroting is al rekening gehouden met een tekort van 3,2%. Het risico gaat over het resterende mogelijke tekort. Beheersmaatregel: Eén keer per maand ontvangen we managementcijfers met de stand van zaken. Hierdoor kan op financieel gebied bijgestuurd worden. Ook zijn er procesmaatregelen aan de poort en ten aanzien van uitstroom. Beïnvloeding van klantaantallen is niet of zeer marginaal mogelijk. 2 Risico: Rijksmiddelen voor jeugdhulp structureel geraamd
3
5
€ 846.000
Toelichting risico: We hebben in 2022 extra middelen van het Rijk voor de jeugdhulp ontvangen. Over de jaren vanaf 2023 zijn nog geen afspraken gemaakt, daar gaat een nieuw kabinet over. Omdat gemeenten wel graag willen weten hoeveel ze in de meerjarenraming kunnen opnemen hebben het Rijk, de VNG en de provinciaal toezichthouders onderling afgesproken dat 75% structureel geraamd mag worden van de bedragen waar de arbitragecommissie van uit gaat. Wij hebben deze bate structureel verwerkt in de begroting. Vanaf 2023 geldt hierdoor een risico, omdat de er nog geen besluitvorming over is. Het bedrag dat we in 2023 hebben opgenomen is € 1.242.000. Daarnaast hadden we bij de begroting 2020 al een bate van € 450.000 structureel verwerkt. Het totale risico komt daarmee op € 1.692.000. Beheersmaatregel: nb 3 Risico: extra lasten door toename jongeren met zorgbehoefte obv