Bijlage 2 - Jaarstukken 2020
Tekst van het document
Voor de uitvoering van het groenbeheer gebruiken we een groenbeheersysteem. Dit systeem wordt gebruikt om op basis van landelijke normen (IMAG-normen) te bepalen hoeveel uren nodig zijn en welk budget nodig is om het onderhoud aan de groenvoorzieningen uit te voeren. Het gemiddelde onderhoudsniveau in Ooststellingwerf is in overeenstemming met kwaliteitsniveau B van de Landelijke ‘CROW-kwaliteitscatalogus openbare ruimte’. Er wordt een nieuw Biodiversiteitsplan, inclusief uitvoeringsagenda, opgesteld. Hiervoor is in 2019 het plan van aanpak vastgesteld en zijn er startbijeenkomsten georganiseerd. Het Biodiversiteitsplan vervangt, na vaststelling, de Notitie Groenbeleid 2011. Het biodiversiteitsplan wordt in het 2e kwartaal van 2021 in de raad behandeld. Op 20 oktober 2020 heeft u de notitie 'Bomenbeleid Ooststellingwerf' vastgesteld. Hiermee zijn de beleidsuitgangspunten voor een zo veilig mogelijk, duurzaam en betaalbaar gemeentelijk bomenbestand omschreven. Financiële gevolgen in de jaarstukken De werkzaamheden voeren we binnen de financiële kaders uit. Riolering Beleidskader In 2020 is het Gemeentelijk Rioleringsplan (GRP) 2020-2024 vastgesteld. Het plan is een voortzetting van het vorige GRP op gebied van beheer en onderhoud, aangevuld met beleid over klimaatadaptatie en -mitigatie.
Financiële gevolgen in de jaarstukken Uitgangspunt binnen het GRP is dat de rioolheffing met niet meer dan de inflatiecorrectie stijgt. In het kostendekkingsplan behorende bij het GRP is weergegeven hoe de heffing zich ontwikkeld in de periode 2020-2024.
96
Gymnastieklokalen Beleidskader Per 1 januari 2015 is het 'onderhoud buitenkant' van de onderwijsgebouwen overgeheveld naar de schoolbesturen. De voorziening ‘Onderhoud onderwijsgebouwen en gymlokalen’ is daarom in 2015 opgeheven. Hiervoor is de voorziening ‘Onderhoud gymnastieklokalen’ in de plaats gekomen. De instandhouding van gymnastieklokalen blijft een gemeentelijke verantwoordelijkheid. De onderlegger hiervan is per 2019 de MOP 2019-2048 Gymnastieklokalen. Daarnaast is de BTW-compensatie per 2019 gewijzigd; deze loopt nu via de Specifieke Uitkering Sport (= SPUK). Financiële gevolgen in de jaarstukken De werkzaamheden worden binnen de financiële kaders uitgevoerd. Overige gebouwen Beleidskader Het onderhoud van gemeentelijke gebouwen is in verschillende meerjarenonderhoudsplannen (MOP’s) opgenomen. Het betreft de volgende gebouwen: het gemeentehuis, de gemeentewerf, het overslagstation, de Kompaan, molen ‘De Weijert’, gemeentelijke monumenten en woningen. De gemeentelijke gebouwen inspecteren we periodiek voor het actualiseren van de MOP’s. De huidige buitendienstaccommodatie voldoet niet meer aan een aantal wettelijke- en ARBO technische eisen. Er wordt momenteel gewerkt aan de uitwerking van diverse ver- en nieuwbouw modellen op de huidige locatie. Financiële gevolgen in de jaarstukken De werkzaamheden voeren we binnen de financiële kaders uit.
Sport en ICT Sportaccommodaties Beleidskader Per 2017 geldt een nieuwe exploitatieovereenkomst voor het beheer en de exploitatie van de 2 B's (sportcomplex de Boekhorst te Oosterwolde en sporthal de Bongerd te Haulerwijk) met dezelfde exploitant voor een periode van 5 jaar. Voor de andere B (= het Bosbad) is per 2017 Stichting Bosbad Appelscha (SBA) verantwoordelijk voor het beheer en de exploitatie. De gemeente en SBA hebben hiervoor een budgetovereenkomst getekend voor een periode van 10 jaar. SBA heeft het beheer en de exploitatie uitbesteed aan een exploitant. Per 2018 geldt een nieuwe exploitatieovereenkomst voor het beheer en de exploitatie van de Steegdenhal te Appelscha voor een periode van 10 jaar. Financiële gevolgen in de jaarstukken In 2018 is een nieuwe MOP opgesteld en in 2019 geïmplementeerd. In verband met onvoorziene uitgaven in 2020 en de verwachte extra uitgaven in 2020 is het voorstel om de dotatie te verhogen van € 30.000 per jaar naar € 35.000 per jaar. De voorziening is op basis van deze hogere dotatie tot 2030 toereikend voor het groot onderhoud. Per 1 januari 2019 is de sportvrijstelling in de Wet op de omzetbelasting verruimd. Door deze wetswijziging vervalt het recht op aftrek van btw voor gemeenten en niet-winstbeogende exploitanten van sportaccommodaties.
Er is een Specifieke Uitkering Sport (= SPUK) voor gemeenten om het btw nadeel (grotendeels) te compenseren. Het is nog niet helemaal duidelijk of de exploitant van de 3 B's en de Steegdenhal als winstbeogende instellingen worden aangemerkt. Daarom is ook voor 2020 een SPUK aanvraag ingediend. Die is toegekend maar wordt pas in 2021 definitief vastgesteld.
97
Sportterreinen Beleidskader Het specialistische onderhoud aan de grasvelden van de gemeentelijke sportterreinen wordt in opdracht van ons uitgevoerd. De basis van de onderhoudswerkzaamheden is de kwaliteitscriteria van de KNVB. Op basis hiervan voeren we planmatig onderhoud aan de sportvelden uit. Dit is vastgelegd in de notitie ‘Planmatig onderhoud grassportvelden’. Het overige onderhoud voeren de sportverenigingen zelf uit. Hier krijgen de sportverenigingen een jaarlijkse vergoeding voor. Om tot een gelijkmatige verdeling van de veldrenovaties te komen is in 2013 een MOP 2014-2018 (renovatieplan) grassportvelden opgesteld. U heeft in 2016 besloten het sportcomplex Waskemeer met een wetraveld uit te breiden. Financiële gevolgen in de jaarstukken De aard en omvang van het planmatig onderhoud aan de grassportvelden zijn afgestemd op de beschikbare middelen. Bij de vaststelling van de Programmabegroting 2014-2017 is besloten vanaf 2014 jaarlijks voor de renovatie van grassportvelden (1 toplaag) € 45.000 (incl. BTW) beschikbaar te stellen. De kosten voor het specialistisch onderhoud van het wetraveld Waskemeer zijn voor rekening van de gemeente. De jaarlijkse kosten voor de renovatie van 1 grassportveld worden gedekt uit de exploitatie. Er is een aanvraag ingediend voor een uitgebreide omgevingsvergunning voor het sportcomplex Waskemeer.
Na het succesvol verlopen van het dit proces kan het wetraveld worden gerealiseerd. In 2020 zijn de vergunningen verstrekt voor de uitbreiding van het sportcomplex Waskemeer. Er is door bezwaarmakers een voorlopige voorziening aangevraagd die is afgewezen. De behandeling van de bodemprocedure was medio november 2020. Medio december heeft de rechtbank uitspraak gedaan. Alle beroepen zijn ongegrond verklaard. Inmiddels is ook duidelijk geworden dat er geen hoger beroep is ingediend. De omgevingsvergunningen zijn daarmee onherroepelijk. ICT Zie paragraaf 10 OWO-samenwerking.
98
Paragraaf 4 | Financiering De paragraaf Financiering gaat over het aantrekken, beheren en uitzetten van gelden. Ook het garanderen en verstrekken van geldleningen aan derden valt hieronder. Deze activiteiten vormen een onderdeel van de treasuryfunctie van de gemeente. Een adequate sturing op de geldstroom is noodzakelijk. In deze paragraaf gaan we in op de vraag hoe we gelden zo optimaal mogelijk beleggen dan wel aantrekken. Algemene beleidslijn en Risicobeheer Algemene beleidslijn De financiële verordening Ooststellingwerf 2020 is door u op 16 december 2020 vastgesteld. In artikel 13 van deze verordening is de financieringsfunctie beschreven. De verordening berust op de bepalingen in de Wet financiering decentrale overheden (Wet Fido). Het uitgangspunt van de Wet Fido is het beheersen van risico's. Het doel is om doelmatig en doeltreffend om te gaan met de beschikbare financiële middelen. Risicobeheer Op grond van de Wet Fido moeten gemeenten zich houden aan de zogenaamde kasgeldlimiet en de renterisiconorm. Kasgeldlimiet De kasgeldlimiet bedraagt 8,5% van het begrotingstotaal. De uitkomst van die berekening is het maximale bedrag dat rente typisch ‘kort’ gefinancierd mag worden. De kasgeldlimiet voor 2020 bedraagt € 6,3 miljoen (8,5% van het begrotingstotaal 2020 van afgerond € 74 miljoen). Onderstaand schema laat zien dat de kasgeldlimiet niet is overschreden.
Renterisiconorm De renterisiconorm is bedoeld om te voorkomen dat wij in een bepaald jaar geconfronteerd worden met, in verhouding tot de vaste schuld, forse renteherzienings- en herfinancieringsproblemen. De norm is gesteld op 20% van het begrotingstotaal per 1 januari. Voor Ooststellingwerf bedraagt de renterisiconorm € 13,7 miljoen. Dit betekent dat in 2020 de som van de vaste geldleningen waarvan de rente wordt herzien en de noodzakelijke herfinancieringen beneden de € 13,7 miljoen moet blijven. Onderstaand schema laat zien dat de renterisiconorm niet is overschreden. x € 1.000 Kasgeldlimiet
Rekening 2020
Kasgeldlimiet aanvang begrotingsjaar
-6.300
Omvang netto vlottend 1e kwartaal
8.895
2e kwartaal
10.672
3e kwartaal
14.890
4e kwartaal
13.733 x € 1.000
Rente risiconorm
Rekening
Begroting 2021
Mjb 2022
Mjb 2023
14.800
14.523
14.115
14.090
9.166
8.768
3.569
1.369
2020 Rente risiconorm Aflossingen en renteherzieningen Reguliere aflossingen geldleningen Geldleningen met renteherzieningen
-
Totaal Aflossingen en renteherzieningen
9.166
8.768
3.569
1.369
Ruimte (+) / Overschrijding (-)
5.634
5.755
10.546
12.721
99
Leningenportefeuille Opgenomen gelden De onderstaande tabel geeft inzicht in de samenstelling, grootte en rentegevoeligheid van de opgenomen geldleningen. De leningen zijn onderverdeeld in leningen opgenomen voor onze eigen huishouding en leningen opgenomen ten behoeve van woningcorporaties. Deze leningen zijn met een renteopslag weer doorgeleend naar de corporaties (sinds 1999 zijn we hiermee gestopt). x € 1.000 Leningenportefeuille opgenomen gelden
Eigen leningen
Woningbouw leningen
Bedrag
Rente
Bedrag
Rente
Stand per 1 januari
40.600
0,95%
2.640
4,23%
Nieuwe leningen
4.800
Reguliere aflossingen
-9.100
-66
Vervroegde aflossingen Stand per 31 december
36.300
0,84%
2.574
4,28%
Het gemiddelde rentepercentage begin 2020 is als volgt berekend: rente 2020 / stand 1-1-2020. Het gemiddelde rentepercentage eind 2020: rente 2021 / stand per 31-12-2020. Voor de berekening van het gemiddelde rentepercentage is geen rekening gehouden met herfinanciering. Per saldo lossen we € 4,3 miljoen af op de leningenportefeuille, zonder rekening te houden met nieuwe financieringen. Uitgezette gelden De gemeente loopt met betrekking tot de verstrekte geldleningen beperkt risico. Veelal zijn er opstallen, installaties en dergelijke aanwezig die naar verwachting voldoende zijn om, in geval van het uitblijven van betaling, de restantschuld te voldoen. We voeren ten aanzien van overige debiteuren een actief beleid. Waar nodig nemen we tijdig de gebruikelijke invorderingsmaatregelen. Wanneer invordering niet (meer) mogelijk is, boeken we vordering af ten laste van het lopende boekjaar. x € 1.000 Leningenportefeuille uitgezette gelden
Bedrag
Leningen aan woningbouwcorporaties
2.576
MFC Oldeberkoop
238
Volkskredietbank
119
Sportverenigingen
8
Dorpshuizen
18
Stichting Stimuleringsfonds (verzilverleningen)
300
Stichting Stimuleringsfonds (stimuleringsleningen)
200
Stichting Stimuleringsfonds (blijversleningen)
60
Stichting Stimuleringsfonds (duurzaamheidsleningen)
700
Stichting Stimuleringsfonds (startersleningen)
300
Stand per 31 december 2020
4.519
Overig Schatkistbankieren Vanaf 1 januari 2014 zijn alle decentrale overheden verplicht om te schatkistbankieren. Dit betekent dat we alle overtollige liquide middelen, het saldo liquide middelen boven het drempelbedrag van 0,75% van de begroting, moeten stallen bij het Rijk. Voor Ooststellingwerf betekent dit dat er gemiddeld een bedrag van € 555.000 (dit is 0,75% van het begrotingstotaal van € 74 miljoen) op de gezamenlijke bankrekeningen mag staan. Het saldo daarboven moeten we afstorten bij het Rijk. Zie de tabel in de bijlage voor het overzicht schatkistbankieren.
100