CConstaterende datOoststellingwerf
Koppel je AI →
Document · PDF

Bijlage 2 - Actieprogramma Biodiversiteit

Raadsvergadering 20 april 2021, gemeente OoststellingwerfBij agendapunt: Biodiversiteitsplan Ooststellingwerf10.649 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 2

ACTIEPROGRAMMA BIODIVERSITEIT 2021 – 2025 Tienpuntenplan: een plus voor biodiversiteit.

Gemeente Ooststellingwerf Versie 10 maart 2021

1

Vooraf Dit Actieprogramma biodiversiteit vloeit voort uit de bijbehorende Beleidsnota biodiversiteit. De opbouw van het Actieprogramma loopt via de vijf beleidslijnen uit de beleidsnota (zie hst. 3). Het betreft: A) B) C) D) E)

De basis op orde Beheer en inrichting van de openbare ruimte Bewustwording en bewonersprojecten Samenwerken aan biodiversiteit Biodiversiteit in de gemeentelijke organisatie.

Een aantal acties zijn al eerder begonnen, bijvoorbeeld rond beheer van de openbare ruimte of in het kader van de Regiodeal Zuidoost-Friesland. Een aantal stappen om gezamenlijk met de samenleving tot een biodiversiteitsplan te komen is in 2019 al gezet. Gezien het feit dat corona en de beperkende maatregelen nog wel even aanhouden, ook in 2021, moet het ingezette participatieve traject op een andere manier voortgezet worden. Dit document start in hst. 1 met een korte analyse van de ‘oogst tot nu toe’ voor biodiversiteit uit dit traject. Aan de orde komen de ideeën uit de samenleving die in 2019 zijn binnengekomen. Ook heeft de gemeentelijke organisatie toen tegelijkertijd zelf gekeken wat er al werd gedaan voor biodiversiteit. Waar relevant wordt hierop voortgebouwd in het Actieprogramma. Voor het jaar 2021 is een Jaarplan uit dit Actieprogramma gedestilleerd.

2

1 Waar staat de gemeente inzake biodiversiteit: oogst tot nu toe 1.1 Wat doen wij en wat doe jij Met deze vragen ging de gemeente in 2019 het biodiversiteitstraject in. De eerste vraag ‘wat doen wij’ is relevant om te bepalen waar je als gemeente zelf staat. Een interne werkgroep biodiversiteit, bestaande uit medewerkers van de afdeling Openbare Ruimte (OR), de afdeling Mens en Omgeving (M&O) en de afdeling Communicatie , is daarmee aan het werk gegaan. Het was ook belangrijk dit scherp te hebben in de communicatie naar buiten toe. Dit heeft een eerste eigen agenda opgeleverd. De vraag ‘wat doe jij’ stond centraal in de feestelijke start van het traject om met inwoners en ondernemers een gezamenlijke uitvoeringsagenda biodiversiteitsagenda op te stellen. Beide worden op basis van een ambtelijke Tussenrapportage hier kort behandeld. 1.2 Wat doe jij Op 5 en 6 juni 2019 was de feestelijke aftrap van het biodiversiteitsproject. Op 5 juni waren er lezingen van innovatieve ondernemers in de raadzaal voor meer dan 30 vertegenwoordigers van lokale organisaties. Op 6 juni was er een biodiversiteitsmarkt bij de opening van het Biosintrum. Hier stonden 22 kramen waar kennis gemaakt kon worden met uiteenlopende en verrassende initiatieven op het gebied van biodiversiteit. Door de combinatie met de langverwachte opening van het Biosintrum was de aanloop enorm (zie ook fig. 1).

Er zijn door de aanwezigen op beide dagen meer dan 200 suggesties en ideeën opgeschreven. De meeste mensen hadden niet direct concrete plannen wat ze zelf wilden gaan doen voor biodiversiteit, maar schreven op wat hun in het algemeen goed leek om te doen. Bijvoorbeeld ‘meer bloeiende planten in de tuin zetten’. Veel suggesties gingen over de gemeente en de landbouw. Wat opviel was dat inwoners vaak zaken noemen die de gemeente al uitvoert op het gebied van biodiversiteit. In onderstaande tabel staat een samenvatting van de aangereikte ideeën. In bijlage 1 is een uitgebreid overzicht opgenomen van ingebrachte ideeën. In bijlage 2 is een tabel opgenomen met een voorstel van de werkgroep biodiversiteit welke ideeën over te nemen in het biodiversiteitsplan.

ideeën en initiatieven erf en tuin bermen landbouw openbaar groen overig

210 41 33 19 18

actiehouder open gemeente zelf

85 51 25

Een korte analyse van bijlage 2 levert de volgende conclusies voor acties op:  Erf en tuin: hierbij gaat het om de directe leefomgeving van inwoners. De voorstellen zijn makkelijk uit te voeren door inwoners, de gemeente zou via informatievoorziening moeten stimuleren.

3

 

Bermen: hierbij gaat het om voorstellen die de gemeente in haar beheer mee kan nemen. Er is vanuit de inwoners ook behoefte aan informatie over bermbeheer. Die informatiebehoefte wordt breed herkend en gedeeld door de mensen van openbare ruimte. Landbouw: hierbij gaat het om landschapsherstel en agrarisch natuurbeheer. Dit zijn op te pakken onderwerpen voor de gebiedspartijen in het landelijk gebied en het sluit ook aan op thema’s uit de Regiodeal Zuidoost-Friesland. Het Platform Biodivers Cultuurlandschap kan dit thema ondersteunen. Openbaar groen dorpskommen: een aantal ideeën kan meegenomen in het beheer van de gemeente. Een aantal ideeën moet de komende jaren met de betreffende dorpen een stapje verder gebracht worden. IVN kan hierin een brugfunctie vervullen tussen gemeente en inwoners. Twee ideeën kunnen in 2021 een direct vervolg krijgen: kolken afschermen voor paddentrek (project van het IVN) en de pilot fruitbomen Appelscha (bewonersinitiatief). Buitengebied is in bijlage 2 een diverse categorie: o verbindingen tussen natuurgebieden heeft te maken met het herstellen en ontwikkelen van landschapselementen. Dit is deels een provinciale aangelegenheid, deels heeft het te maken met de basiskwaliteit natuur en landschap (actie gemeente), grotendeels gaat dit over agrarisch gebied. Derhalve is dit op te pakken door de gebiedspartijen in het landelijke gebied en de gemeente.

o duurzame bollenteelt is vooral een beleidsmatige kwestie. Gemeente, waterschap, ondernemers en bewoners moeten hierover met elkaar in gesprek. o ijsvogel- of oeverzwaluwwand: particulier initiatief, heeft educatieve waarde. Gemeentelijke rol kan ondersteunend (materieel, informatie) zijn.

Fig. 1: bezoekers biodiversiteitsmarkt. 1.3 Wat doen wij De gemeentelijke interne werkgroep biodiversiteit heeft deze vraag beantwoord en samengevat in twee lijsten (bijlages 3 en 4). In bijlage 3 wordt getoond wat de gemeente doet aan biodiversiteit in het beheer van de openbare ruimte, waar kansen liggen voor verbetering van het groenbeheer en wat de relatie tussen de werkzaamheden en de inwoners is. Bijlage 4 betreft een aantal aanbevelingen ten behoeve van het biodiversiteitsplan. Geadviseerd wordt om in ieder geval te starten of door te gaan met de verbeterpunten voor het groenbeheer. Deze voegen namelijk echt iets aan toe aan biodiversiteit: zoals het planten van doornstruiken in bosplantsoen of het experimenteren met mantel- en zoomvegetaties aan de bosrand, natuurvriendelijke oevers met flauw talud, aanbrengen voorzieningen voor vleermuizen en 4

ringslangen. Tevens zijn er acties die ook met de inwoners kunnen worden gedaan, zoals voedselbosjes. Daarbij komt dat diverse thema’s en verbeterpunten uit deze bijlage 3 als uitvoerbaar, lokaal, kenmerkend project in het rapport Kwaliteitsimpuls (Buro Bakker, 2014) zijn benoemd. Dit rapport mag worden beschouwd als een goede onderlegger voor het gemeentelijk biodiversiteitsverhaal. Uitvoeringsvoorstellen uit dit rapport worden op deze wijze alsnog verder uitgevoerd. Met de aanbevelingen uit bijlage 4 is zo veel mogelijk rekening gehouden in beleidsnota en actieprogramma.

Fig. 2: Foto: Anne Westerhof

5

2 Actieprogramma biodiversiteit Tienpuntenplan: een plus voor biodiversiteit Hoofddoelstelling : ‘meer soortenrijkdom op meer plekken’. Focus voor de gemeente: verbeteren basiskwaliteit van natuur en landschap. Door: aanleg en beheer van een groenblauw netwerk in landelijk gebied en bebouwde omgeving. Uitgangspunt: leefgebieden van soorten. Het gaat om de volgende tien thema’s binnen de vijf beleidslijnen uit de beleidsnota. A) De basis op orde: 1 Basiskwaliteit natuur en landschap; 2 Biodiversiteit in/aan/om gebouwen; B) Beheer en inrichting van de openbare ruimte: 3 Op biodiversiteit gericht beheer van de openbare ruimte; C) Bewustwording en bewonersprojecten: 4 Groen in en om de dorpen en wijken; 5 Biodiversiteit met bewoners en ondernemers; D) Samenwerken aan biodiversiteit: 6 Biodiversiteit in het landelijk gebied; 7 Samenwerken aan biodiversiteit op regionaal, provinciaal en landelijk niveau; E) Biodiversiteit in de gemeentelijke organisatie: 8 Planologische bescherming van natuur en landschap; 9 Biodiversiteit en maatschappelijke opgaven klimaat, duurzaamheid en gezondheid; 10 Communicatie over biodiversiteit. Hierna volgen de tien thema’s in acties. Per thema zijn vanuit het hoofddoel subdoelen geformuleerd.

Voorts is aangegeven wat de status van het thema is: bestaand/nieuw, wat de aard procesmatig van het thema is, of het om interne of extern gerichte acties gaat en op welke termijn het thema moet worden opgepakt. Hoofdmoot per thema wordt gevormd door de acties met aangegeven: waar het om gaat, gewenst product, wie de actie uitvoert en eventueel hoe, wanneer en eventueel benodigd budget. Acties voor het jaar 2021 De acties voor het jaar 2021, laatste jaar in deze raadsperiode, zie Jaarplan 2021.

6

A: De basis op orde: het groenblauwe netwerk

7

THEMA 1: Basiskwaliteit natuur en landschap Subdoelen: 1. In beeld krijgen van de huidige en gewenste staat van de basiskwaliteit natuur en landschap met de gewenste vorm van inrichting en beheer. 2. In beeld krijgen van de belangrijkste leefgebieden van soorten. 3. In beeld krijgen waar verbindingen versterkt moeten worden. Status:  Nieuwe acties op een bekend thema.  Aard: basisinformatie in kaart brengen.  Interne acties met medewerking van andere (gegevens beherende) partijen.  Termijn: in 2021 uitvoeren.

Acties: 1.1 Huidige en gewenste staat basiskwaliteit natuur en landschap Waar gaat het om - Om als gemeente biodiversiteit beleidsmatig en beheer-technisch gericht op te pakken is het van belang te weten wat de uitgangssituatie is en wat de gewenste situatie is: de stand van biodiversiteit in de gemeente, een kaart ten behoeve van ‘de goede dingen op de goede plek’. -

Het is nuttig en leuk om hierbij samen te werken met andere organisaties die betrokken zijn bij biodiversiteit, zoals terreinbeheerders, landbouworganisaties en medeoverheden. Deze organisaties hebben ook gegevens over natuur en landschap. Aldus kunnen gegevens worden gebundeld. Veel soortgegevens van diverse organisaties zitten in de NDFF1 en met een NDFF-scan verkrijg je op ieder gewenst moment basisinformatie.

-

Buro Bakker heeft in het rapport Kwaliteitsimpuls biodiversiteit 2014 een korte, bruikbare inventarisatie over de stand van zaken biodiversiteit in Ooststellingwerf gemaakt. In dit rapport richt het bureau zich op de gemeentelijke schaal: kleine natuurgebieden, groenblauwe dooradering2 van het agrarisch gebied, dorpsgroen en bermen. Het zijn de belangrijke gemeentelijke hotspots voor de basiskwaliteit van natuur en landschap. Deze inventarisatie kan als basis gebruikt worden.

-

In het rapport Kwaliteitsimpuls is aandacht besteed aan karakteristieke soorten die belangrijk zijn voor de gemeente. Het gaat om: das, ringslang, steenmarter, eekhoorn, poelkikker. Deze soorten hebben leefgebieden die karakteristiek zijn voor bepaalde typen landschap en natuur, daar waar de gemeente opereert. Het beeld uit 2014 kan worden geactualiseerd: hoe gaat het met deze soorten en zijn er wellicht andere kenmerkende soorten die ook aandacht behoeven.

-

Het Landschapsbeleidsplan Zuidoost-Friesland is eveneens een goede bron voor de inventarisatie.

1 Nationale Databank Flora en Fauna

2 Vooral lijnvormige landschapselementen en watergangen.

8

-

Op de kaart moeten alle natuur- en bosgebieden, groen- en waterstructuren in de gemeente worden aangegeven. Zo wordt inzichtelijk hoe zich de terreinen en landschapselementen van andere beheerders zich verhouden tot het door de gemeente beheerde groen.

-

Daaroverheen wordt een laag met leefgebieden van indicatorsoorten geprojecteerd. Een leefgebied omhelst zowel verblijf- en nestgelegenheid, beschutting als foerageergebied.

-

Overhoekjes zijn voor biodiversiteit essentieel. Ook deze zouden op de kaart aangegeven kunnen worden. Het zicht op de waarde van deze overhoekjes voor biodiversiteit kan het gemeentelijk verkoopbeleid ondersteunen.

-

Gaten en andere knelpunten in ecologische verbindingen rollen uit deze kaart, hetgeen inzicht geeft in aan te leggen of anders te beheren groenstructuren en gewenste faunavoorzieningen.

-

Tezamen worden alle aangeven natuurgebieden/elementen als volgt geclassificeerd: behouden, verbeteren, ontwikkelen.

-

De kaart is hoe dan ook een mooie tool om in gesprek te gaan met organisaties die andere groenstructuren beheren. Zodoende kan een samenhangend netwerk van groenblauwe structuren worden ontworpen. Ook de dorpen en het IVN kunnen hun lokale inbreng hebben. Waar mogelijk kan worden aangesloten op basiskaarten natuur en landschap van de provincie. Zodoende wordt ook geïnvesteerd in relaties en samenwerking op het gebied van biodiversiteit voor de komende jaren.

-

Een leuke en effectieve werkvorm hiervoor is de schetsschuit: een dag(deel) schetsen en overleggen en je hebt je kaart.

Gewenst product Kaart met te behouden, te verbeteren en te ontwikkelen basisstructuren natuur en landschap en leefgebieden voor soorten, tezamen het groenblauwe netwerk, als basis voor beleid en beheer biodiversiteit. Wie Interne werkgroep biodiversiteit in samenspraak met terreinbeheerders, agrarische natuurvereniging en andere landbouworganisaties, medeoverheden, IVN, vertegenwoordigers uit de dorpen. Hoe Schetsschuit, schetsmiddag. Wanneer Eerste helft 2021. De kaart is voorwaardelijk voor veel andere acties. Kosten Procesgeld schetsschuit: 1000 euro.

9

THEMA 2: Biodiversiteit in/aan/om gebouwen Subdoelen: 1. Bevorderen biodiversiteit in gebouwen. 2. Bevorderen natuurinclusief ontwerpen en bouwen Status:  Nieuw thema.  Aard: beleidsmatig en concrete projecten.  Gericht op eigen gebouwen en die van anderen.  Termijn: in 2022 oppakken.

Acties: 2.1 Spelregels natuurinclusief ontwerpen en bouwen Waar gaat het om - Er leven meer soorten in/aan/om gebouwen dan mensen denken. Kleine holtes in de muur of onder de dakpannen zijn al genoeg om toegang te verschaffen aan gebouw bewonende vleermuizen, waarvan de gewone dwergvleermuis het bekendst en talrijkst is. Ook broedvogels als huismus, zwarte roodstaart, huiszwaluw, gierzwaluw horen hier thuis. Bij verbouwingen, sloop of nieuwbouw is het voor die soorten van belang dat er rekening met ze wordt gehouden. Genoemde soorten zijn wettelijk beschermd3. -

Dat ‘rekening houden met’ kan zich vertalen in spelregels om de soorten te beschermen. Dan gaat het bij bestaande gebouwen die worden verbouwd om het sparen van de verblijfplaatsen van dieren of als dat niet kan het gebouw verantwoord en op tijd natuurvrij te maken. Bij nieuwbouw gaat het letterlijk om verblijfplaatsen toe te voegen: nestkasten, neststenen….Dat kan in het kader van natuurcompensatie of als extraatje om de populatie te laten groeien. De voorzieningen zijn relatief makkelijk is in te passen.

-

De gemeente kan natuurinclusief bouwen als voorwaarde voor grotere bouwprojecten stellen, bijvoorbeeld bij vergunningverlening. Het natuurinclusieve werken moet al worden meegenomen in de ontwerpfase van een ruimtelijke ontwikkeling4.

-

Bij particulieren gaat het meer om omgevingsbewustzijn kweken en gaat het vooral om vrijwilligheid5. Er is veel informatie voor particulieren beschikbaar om soorten in en aan de woning te bedienen6 . Hier kan ook een educatief element aan gekoppeld worden.

Gewenst product Document met spelregels natuurinclusief bouwen: - Algemeen - Als voorwaarde voor ruimtelijke ontwikkeling - Als inspiratie voor particulieren. 3 Art. 3.1 en 3.5 van de wet natuurbescherming

4 De KNNV heeft een checklist opgesteld met natuurinclusieve maatregelen die bij het bouwproces kunnen

worden toegepast. 5 De wet natuurbescherming kent alleen juridisch maatschappelijk belang om soorten te verstoren (wetsovertreding) toe aan zware belangen, doorgaans alleen in grote projecten aan te treffen. 6 Websites toevoegen, o.a. Vogelbescherming, Kennisdocumenten Bij12.

10

Wie en hoe Spelregels natuurinclusief bouwen worden vastgesteld door het college. Ze worden voorbereid en gehanteerd door ambtenaren ruimtelijke ordening, natuur en VTH. Overwogen kan worden de spelregels samen op te stellen met de gemeenten Weststellingwerf en Opsterland, met welke ook een samenwerkingsverband VTH bestaat. Om natuurinclusief bouwen bij particulieren te stimuleren, kan gerichte informatie op de gemeentelijke website worden gezet. Wanneer Het beleidsdocument is gepland voor 2022, in ieder geval voor de aankomende bestuursperiode. Het heeft vergeleken bij andere thema’s minder haast. Er kan wel gestart worden met verwijzen naar tips op sites over het onderwerp.

Fig. 3: Foto: Anne Westerhof

11

B: Beheer en inrichting van de openbare ruimte

12

THEMA 3: Op biodiversiteit gericht beheer van de openbare ruimte Subdoelen: 1. Biodiversiteit meer integreren in strategisch groenbeleid. 2. Biodiversiteit in het operationeel beheer van de openbare ruimte opnemen in werkprotocollen. 3. Uitvoeren van concrete projecten ecologisch beheer. Status:  Bestaand thema: de gemeente is al meer dan tien jaar bezig met ecologisch bermbeheer.  Aard: reguliere beheertaken.  Vooral gericht op interne bedrijfsvoering.  Termijn: continu. Oriëntatiefase 2021, initiatieffase 2022 en volgende jaren.

Acties: 3.1 Naar een uitvoeringsprogramma beheer Waar gaat het om De notitie groenbeleid dateert uit 2012. Er is een actualisering van het groenbeleid nodig. Het beleidskader biodiversiteit uit dit plan van aanpak is de onderlegger voor het gemeentelijk groenbeheer. In hoofdlijnen betekent dit: meer soorten op meer plekken door het versterken van de basiskwaliteit van natuur en landschap, zowel in het buitengebied als in de dorpen en de wijken. Vertaling naar het concrete beheer betekent niet een nieuwe beleidsnotitie, maar vindt zijn weg in diverse actuele acties bij de afdeling. De punten uit par. 3.3 van het beleidskader zijn voor biodiversiteit relevante zaken die in het uitvoeringsprogramma verder moeten worden uitgewerkt. Hiernaast zijn nog twee op biodiversiteit gerichte acties, die hiermee samenhangen:  Biodiversiteit opnemen in het Handboek Inrichting Openbare Ruimte. Dit handboek is in de maak en bevat tal van onderwerpen.  Biodiversiteit opnemen in de werkprotocollen van de verschillende groentypen in het aanwezige openbare groen. Gewenst product Uitvoeringsprogramma beheer, (deels) gericht op biodiversiteit. Wie Afdeling Openbare Ruimte en Afdeling Communicatie. Wanneer 2021. 3.2 Verbeteracties ecologisch beheer Waar gaat het om De afdeling Openbare Ruimte heeft geïnventariseerd wat de gemeente al doet op het gebied van beheer en biodiversiteit.

Zie bijlage 3, de zg. kruisjeslijst. Diverse acties komen voort uit de Kwaliteitsimpuls 2014. Er zijn twaalf te verbeteren acties benoemd. Deze twaalf zijn heel divers: van het ontwikkelen tot mantelzoomvegetaties in bosplantsoen tot gefaseerd snoeien, van ecologisch 13

oeverbeheer tot kruidenrijke bermen. Een aantal acties is speciaal op soorten toegespitst: verbindingen lanen sluiten voor vleermuizen of broeihopen voor ringslangen. Voor de meeste van de twaalf acties is ‘draagvlak’ onder bewoners aangekruist. Ook is een aantal acties samen met de bewoners voorzien: aanleg voedselbosjes en samenwerken in ecologisch bermbeheer. De stand van zaken is in navolgende tabel te zien. Aangegeven is welke acties al lopen en welke nog in de startfase zitten. Tabel: Stand van zaken over voorgestelde verbeteracties biodiversiteit in bedrijfsvoering afdeling Openbare Ruimte. Fase Beheerfase

Planning In uitvoering.

Voorbeeld Spontaan opkomende inheemse beplanting geven we de ruimte om te groeien.

De ontwikkeling van het biodiverser maken van het bosplantsoen maakt onderdeel uit van de reguliere bedrijfsvoering.

Aanplant drachtplanten en – bomen

Beheerfase

Aanplant bollen en/of stinzenflora

Beheerfase

Gefaseerd snoeien

Beheerfase

Biodiverser maken van bosplantsoen

Kruidenrijke grasvegetaties ontwikkelen

Evaluatie ecologisch bermbeheer door inwoners

Budget Uitvoering binnen jaarlijkse regulier onderhoudsbudgett en.

Bedrijfsvoering Geen aanpassingen nodig.

In uitvoering.

Uitvoering binnen jaarlijkse regulier onderhoudsbudgett en.

Geen aanpassingen nodig.

In uitvoering.

Uitvoering binnen jaarlijkse regulier onderhoudsbudgett en.

Geen aanpassingen nodig.

Uitvoering binnen jaarlijkse regulier onderhoudsbudgett en.

Geen aanpassingen nodig.

Uitvoering binnen jaarlijkse regulier onderhoudsbudgett en.

Bij uitbreiding van areaal is andere inzet van machine en materiaal benodigd dan wat nu aanwezig is.

Voorbeeld Er is oog voor de van nature voorkomende soortenrijkdom binnen het landschapstype.

In uitvoering.

Toelichting De ontwikkeling van vergroten van de soortenrijkdom wordt al jaren door de gemeente in fasen uitgevoerd. Beheerfase

In uitvoering.

Toelichting Mogelijke uitbreiding van areaal daar waar bloemrijkmensgel aanwezig zijn.

Toelichting De bedrijfsvoering is gericht op een duurzame instandhouding van het soortenrijkdom.

In 2023 organiseren.

14

Behoud bestaande laanstructuren t.b.v. vliegroutes Vleermuizen

Beheerfase

In uitvoering.

Uitvoering binnen jaarlijkse regulier onderhoudsbudgett en.

Geen aanpassingen nodig.

Voedselbos, nutsbeplanting

Oriëntatiefase

2021 oriëntatiefase 2022 definitiefase

PM

Bedrijfsvoering op basis van uitkomsten oriëntatiefase.

Mantelzoomvege tatie

Oriëntatiefase

Neerleggen takkenrillen van snoeihout

Oriëntatiefase

2021 oriëntatiefase 2022 definitiefase

PM

Bedrijfsvoering op basis van uitkomsten oriëntatiefase.

Aanleggen minder steile taluds bij oevers vijvers en sloten

Oriëntatiefase

2021 oriëntatiefase 2022 definitiefase

PM

Bedrijfsvoering op basis van uitkomsten oriëntatiefase.

Broedhopen voor ringslangen

Oriëntatiefase

2021 oriëntatiefase 2023 definitiefase

PM

Bedrijfsvoering op basis van uitkomsten oriëntatiefase.

2021 oriëntatiefase 2022 definitiefase

Toelichting Eenmalige investering per locatie benodigd PM Toelichting Eenmalige investering per locatie benodigd

Bedrijfsvoering op basis van uitkomsten oriëntatiefase.

Voor de komende een-twee jaar is dit een lijst met concrete, praktisch uitvoerbare acties die goed zijn voor de biodiversiteit. De acties staan dicht bij de inwoners en zijn veelal in samenspraak met de inwoners. Naast de winst voor biodiversiteit vormt het ook een mooie lijst acties om te communiceren wat je als beheerafdeling doet voor biodiversiteit. Er is veel behoefte bij de mensen van beheer om tools te hebben om te communiceren met inwoners. Voor de komende jaren komen vanuit het uitvoeringsprogramma beheer (actie 3.1) meer aangrijpingspunten om het ecologisch beheer en onderhoud verder te ontwikkelen. Gewenst product Uitvoering en voorzetting van de twaalf verbeteracties. Wie Afdeling Openbare Ruimte en Afdeling Communicatie Wanneer 2021 en 2022 (inwonerevaluatie 2023) Kosten Benodigd budget is pas in 2022 duidelijk.

15

C: Bewustwording en bewonersprojecten

16

THEMA 4: Groen in en om de dorpen en wijken Subdoel: Verbeteren kwaliteit groen in en om de dorpen en wijken, passend bij het karakter ervan. Status:  Nieuwe acties op een bekend thema.  Aard: interactief proces met de dorpen.  Extern gericht.  Termijn: in 2021 oppakken. Vervolg in de komende jaren.

Acties: 4.1 Groene dorpsprofielen Waar gaat het om - Groen en water houden niet op bij de grens van het bebouwd gebied. Ook groen in de dorpsranden en groenstructuren als parken en (bos)plantsoenen in de dorpen en wijken bieden leefomstandigheden voor diverse soorten. Denk bijvoorbeeld aan diverse zangvogels of een soort als de egel. De gemeente heeft dertien dorpen, die in verschillende landschappen liggen. -

In het huidige raadsprogramma staat ‘groen in de dorpen’ als ambitie benoemd. Het thema hoort tevens bij de bestuurlijke ambitie van leefbare kernen. Dit moet geconcretiseerd worden. Gezien de diversiteit in karakter, ligging en cultuur van de dorpen gaat het om van elkaar verschillende groenstructuren en landschapselementen en daarmee samenhangend verschillend beheer. De raadsambitie kan vertaald worden naar een groen profiel per dorp.

-

De dorpen zijn niet alleen sociaal gezien de ruggengraat van de gemeente, maar het groen in de verschillende dorpen vormt ook belangrijk onderdeel van het voor biodiversiteit gewenste groenblauwe netwerk in de gemeente. Het is daarom ook aan te bevelen om alle dertien dorpen bij biodiversiteit en groen te betrekken en voor elk dorp een groen dorpsprofiel te maken. Variatie is bovendien vanuit biodiversiteit zeer wenselijk.

-

Veel inwoners zijn betrokken bij het groen en het groenbeheer in hun dorp. De beheerders van openbare ruimte merken dat in hun dagelijkse werk. Mensen hebben vragen en opvattingen over het gewenste openbare groen en het beheer ervan. Het is daarom goed bij de inwoners op te halen wat hun ambities zijn op het gebied van biodiversiteit en groen in en om de dorpen. Het groene dorpsprofiel moet daarom door gemeente en inwoners gezamenlijk worden opgesteld. Dit dient twee doelen: de belangrijke, gebiedsgerichte groenzaken voor een dorp komen zo aan bod. Tegelijkertijd wordt duidelijk wat wel en niet kan vanuit het groenbeheer van de gemeente. Bovendien is er een breed gevoelde behoefte vanuit de gemeente om meer te communiceren over beheer en biodiversiteit: laten zien wat je doet, maar ook aan verwachtingsmanagement doen ten aanzien van beheer en onderhoud.

-

Het groene dorpsprofiel is een gezamenlijke invulling van gemeente en een dorp voor het groenblauwe netwerk op dorpsniveau en het daartoe behorende gemeentelijk groenbeheer. Ook zal hierin ruimte zijn voor daarop aansluitende goede groene initiatieven van inwoners of dorp. Zo houd je als gemeente het gesprek met de inwoners over groen en biodiversiteit gaande. Uiteraard is er een rol voor het college in deze gesprekken. Het college legt aan de 17

hand van het groene dorpsprofiel aan de raad voor hoe de oogst vanuit een dorp eruit ziet en wat dit betekent voor biodiversiteit. Het gereedkomen van een dorpsprofiel of een goed (dorps)initiatief zijn goede pr-momenten. Voor het proces te komen tot een gezamenlijk dorpsprofiel is enig werkbudget wenselijk. Tevens moet er wat budgettaire ruimte zijn voor enkele groene initiatieven per dorp, passend in het dorpsprofiel. -

Om het behapbaar en praktisch te houden7, is het voorstel ieder jaar een paar dorpen bij de kop te pakken en gezamenlijk tot een groen dorpsprofiel te komen. Zo komen alle dorpen in de programmaperiode 2021 – 2025 aan de beurt. Vanuit de afdeling Openbare Ruimte is aanbevolen in 2021 te starten met de dorpen Elsloo, Makkinga en Donkerbroek. De kansen om hier direct aan de slag te gaan met verbetering van het groenblauwe netwerk voor biodiversiteit worden hier hoog geacht. In de loop van 2021 moet duidelijk worden of de dorpsprofielen van beide kanten bevallen, of de gemeente hiermee verder wil en zo ja, welke dorpen dan in 2022 aan de beurt zijn.

Gewenst product Opstellen dorpsprofielen voor Elsloo, Makkinga en Donkerbroek samen met de dorpen als proef voor de rest van de dorpen. Gezamenlijk product gemeente en dorp:  schets van het dorp met verschillende groentypen als invulling van het groenblauwe netwerk;  bijbehorend voorstel van het dorp voor uitvoering van een aantal hierin passende groene dorpsinitiatieven. Wie Vanuit de gemeente: afdelingen Openbare Ruimte, Mens&Omgeving en Communicatie. Vanuit de dorpen: nader door een dorp aan te geven. Wanneer  Najaar 2021: groene dorpsprofielen voor Elsloo, Makkinga en Donkerbroek (proef).  Eind 2021: evaluatie dorpsprofielen. Input dient mede als basis voor het raads/collegeprogramma in de volgende bestuursperiode.  Aan het eind van de planperiode 2021-2025: groene dorpsprofielen voor dertien dorpen, in samenspraak met inwoners opgesteld, als input voor op biodiversiteit gericht beheer. Iedere volgende stap wordt gezet bij een positieve waardering van de stap ervoor. Kosten 2021 Procesgeld per dorpsprofiel: 1000 euro. Drie dorpen: 3000 euro. Budget voor groene initiatieven ten behoeve van uitvoering van het dorpsprofiel: 2500 euro per dorp. Drie dorpen: 7500 euro. Totaal: 10.500 euro.

7 Brede burgerparticipatie is in een anderhalvemetersamenleving voorlopig niet mogelijk.

18

THEMA 5: Biodiversiteit met bewoners en ondernemers Subdoelen: 1. Duurzame en biodiverse bedrijfsterreinen en bedrijven. 2. Concrete uitvoeringsprojecten biodiversiteit door en voor inwoners. Status:  Doorstart van een bestaand proces. De raadsambitie was te komen tot een uitvoeringsplan biodiversiteit, samen met inwoners en ondernemers. De haalbaarheid hiervan is twijfelachtig, omdat mede vanwege de pandemie het participatief traject uit 2019 is gestopt. Deelname van bewoners aan andere thema’s, zoals dorpsgroen en nestkasten aan huis, lijken haalbaarder dan een gezamenlijk uitvoeringsplan. Gezien de verschillen in belang en aard van gewenste projecten wordt ook geadviseerd inwoners en ondernemers te scheiden.  Aard: beperkt interactief, doch stimulerend proces met inwoners en ondernemers.  Extern gericht.  Termijn: 2021 weer oppakken.

Acties: 5.1 Biodiverse ondernemers Waar gaat het om - Er zitten diverse ondernemers in de gemeente Ooststellingwerf met bedrijven die duurzaam en/of groen werken of daarmee zijn gestart. Het in 2019 geopende Biosintrum biedt kansen voor lokale ondernemers om ‘biobased’ te ondernemen. Er is samenwerking met mbo- en hbo-instellingen. Ook is het Lectoraat Bodem van de Hogeschool van Hall Larenstein in het Biosintrum gevestigd, met het doel kennis van duurzaam bodembeheer te combineren met een rendabele agrarische bedrijfsvoering. Deze ontwikkelingen en slimme coalities tussen ondernemers en onderwijs kunnen ook voor biodiversiteit iets opleveren. Immers een gezonde bodem is de basis voor enerzijds gezonde en diverse landbouwgewassen en anderzijds ook voor natuurlijke vegetaties. De gemeentelijke rol in biodiversiteit en duurzaam ondernemen ligt bij het voorwaarden stellen aan de groene inrichting van bedrijfspanden en bedrijventerreinen. Dit kan door natuurinclusief bouwen te stimuleren (thema 2) of via instrumentarium ruimtelijke ordening (thema 8). -

Een actie die in het verlengde ligt van het in gang gezette participatieve traject van 2019 is periodiek een groene ondernemer in het zonnetje te zetten op de gemeentepagina van de lokale krantjes. Deze ondernemer kan uitleg geven wat er op het bedrijf wordt gedaan aan biodiversiteit en tevens kunnen er tips gegeven worden aan andere ondernemers of aan de inwoners. Het kan zowel gaan om agrarische als niet-agrarische bedrijven.

-

De gemeente kan via haar inkoopbeleid bewust aansturen op het afnemen van producten en diensten van op duurzaamheid en biodiversiteit gerichte ondernemingen.

Gewenst product Rubriek ‘biodiverse ondernemer van de maand’ (of andere gewenste frequentie) op de gemeentelijke pagina van de huis-aan-huiskrantjes. Wie Afdeling communicatie in overleg met de bedrijfscontactfunctionaris. 19

Hoe in de vorm van een interview en een ludieke biodiversiteitsgraadmeter. Wanneer Start in 2021. 5.2 Bewonersprojecten biodiversiteit Waar gaat het om - In hst. 1 van dit Actieprogramma is geanalyseerd wat het participatief traject uit 2019 vanuit de inwoners tot nu toe heeft opgeleverd voor projecten biodiversiteit en welke ideeën in het kader van biodiversiteit uitgevoerd zouden kunnen worden (zie ook bijlage 2). Ook al gaan veel ideeën over andere spelers/uitvoerenden, er staan ook enkele inwonerprojecten op de lijst die makkelijk uit te voeren zijn. Ten behoeve van biodiversiteit en draagvlak bij de inwoners is het als doorstart van een in gang gezet traject goed dat deze kunnen worden uitgevoerd. Er is vanuit het programma Duurzaam Ooststellingwerf wel enige ruimte voor het (mee)financieren van kleine projecten. Het gaat in 2021 om: 

 

Tuin en erf: het gaat om ideeën op de lijst uit bijlage 2 als bijenhotels, inzaaien bloemenmengsels, tuin winterklaar maken voor vogels. De ideeën kenmerken zich allemaal door: eenvoudig uit te voeren, goed voor de biodiversiteit dicht bij huis, leuk en informatief, voor elk seizoen wat wils. Veel ideeën vereisen vooral het delen van informatie en zijn low budget. Voorstel is deze ideeën aan de hand van een seizoenskalender uit te werken in een klein uitvoerings- en communicatieplan. IVN zou gevraagd kunnen worden om mee te denken en de uitvoering samen met de inwoners te verzorgen. Kosten: 1000 euro. Twee concrete bewonersideeën uit 2019 liggen op de plank en kunnen worden uitgevoerd: o kolken afsluiten voor trekkende padden en communicatie over paddentrek via IVN: kosten 1000 euro. o pilot fruitbomen via bewonersinitiatief Appelscha: kosten 2000 (5 – 10 bomen). Adoptie van bomenspiegels: bewoners kunnen bomenspiegels zelf opvrolijken door bloemrijke beplanting in te brengen. Oproep kan via de social media. Bewoners krijgen een adoptiecertificaat van de gemeente, uitgereikt door een wethouder. Gazon of tegel eruit – tuintje of plant erin: in de gemeente is dit al een lopende actie in de geest van Actie Steenbreek. De actie kan uitgebreid worden richting schoolpleinen of bijvoorbeeld groene kerken8, ook ingediend als idee in 2019.

Voorstel is de stand van zaken en nieuwe mogelijkheden te verkennen en hierover ter stimulering te berichten in de social media.

-

Voor het jaar 2021 wordt voorgesteld een budget van 5000 euro beschikbaar te stellen voor de uitvoering van de genoemde concrete projecten en wat procesgeld.

-

De ervaring uit het participatietraject 2019 is dat een vrije uitnodiging om met ideeën te komen tamelijk ongericht is en niet per se de biodiversiteit ten goede komt. Voor de komende jaren is het wenselijk dat de gemeente meer op biodiversiteit stuurt. Dat kan op een leuke en eenvoudige manier aan de hand van bepaalde soorten en hun leefgebieden die in Ooststellingwerf wel wat extra aandacht en zorg kunnen gebruiken, de zogenaamde aandachtsoorten. Door deze focus doe je gericht iets voor biodiversiteit. Bewonersprojecten moeten ten goede komen aan deze soorten. Door uit te gaan van soorten dicht bij huis of op het schoolplein maak je het mensen niet te moeilijk. Bovendien zit er ook een educatief en

8 https://www.pkn-appelscha.nl/groene-kerk/

20

element aan. Mensen moeten een plannetje indienen waarin wordt beschreven voor welke soort het geldt en wordt uitgevoerd. Enkele voorbeelden: bloemen voor vlinders en andere insecten, overhoekjes voor overwinterende padden en egels, nestkasten voor huismussen aan de school, akkerkruiden voor geelgorzen, poel voor salamanders… In de communicatie zou je periodiek een aandachtsoort als icoonsoort extra onder de aandacht kunnen brengen. Hiervoor zou ook een seizoenskalender kunnen worden gemaakt. Het voorstel is een subsidiepotje Aandachtsoorten in te stellen met daarin een jaarlijks bedrag van 10.000 euro. Dit is bedoeld voor stimulering en facilitering van inwonerprojecten voor aandachtsoorten. Periode: 2022 – 2025. Wie Uitvoering van de genoemde projecten organiseren en begeleiden door beleidsmedewerker biodiversiteit. Ondersteunende communicatie door de afdeling communicatie. Ontwerpen van een subsidieregeling Aandachtsoorten door de afdeling Mens&Omgeving. IVN inschakelen voor ondersteuning. Wanneer 2021: Uitvoering van de genoemde concrete projecten in 2021. 2022 – 2025: Opzetten en uitvoering subsidieregeling Aandachtsoorten. Kosten 2021: 5000 euro. Vanaf 2022 in het programma duurzaam Ooststellingwerf een jaarlijks budget van 10.000 euro voor inwonerprojecten aandachtsoorten reserveren.

21

D: Samenwerken aan biodiversiteit

22

THEMA 6: Biodiversiteit in het landelijk gebied Subdoelen: 1. Bevorderen samenwerking met partijen in het landelijk gebied. 2. Versterken groenblauw netwerk in het landelijk gebied. Status:  Nieuwe acties.  Aard: beleidsmatige afstemming met gebiedspartijen en in concrete projecten.  Extern gericht.  Termijn: Uitwerken in de komende jaren, deels parallel met traject van het omgevingsplan en van de Regiodeal Zuidoost.

Acties: 6.1 Samenwerking partijen in het landelijk gebied Waar gaat het om - De gemeente Ooststellingwerf is een grote plattelandsgemeente met een omvangrijk buitengebied. Er is beperkte samenwerking in het landelijk gebied tussen gemeente en gebiedspartijen. De samenwerking die er is over groene zaken, ligt vooral op praktisch vlak. Dan gaat het om gezamenlijke kanten van een sloot schonen of over wegbeheer (bermbeheer, tijdelijk afsluiten van een weg in natuurgebied9). -

Er liggen diverse maatschappelijke opgaven in het landelijk gebied die raken aan biodiversiteit: klimaatadaptieve inrichting van gebieden, natuurlijker watersystemen, recreatief medegebruik, gezonde bodem, duurzame landbouw, landschapsherstel, energieparken, stikstofproblematiek… De gemeente heeft een specifieke rol, zowel als beheerder van de openbare ruimte als hoeder van ruimtelijke instrumenten. Een gezamenlijke visie op het landelijk gebied van de toekomst met aandeel van alle gebiedspartijen kan belangrijke input zijn voor de gemeentelijk omgevingsvisie. Dat geldt ook voor de aanpak stikstof, waarvoor de gemeente een ruimtelijke taak heeft bij de vergunningverlening.

-

Vanuit de gedachte van vitaal platteland en duurzaam landgebruik, waarin landbouw natuur – recreatie - wonen samengaan, wil een aantal partijen, waaronder de agrarische natuurvereniging (ANV) Gagelvenne, ABO Ooststellingwerf en Staatsbosbeheer, de samenwerking in het landelijk gebied aangaan met diverse partijen. Hiervoor is er de gebiedscoöperatie in oprichting; streven is dat de definitieve oprichting begin 2021 een feit is. De gebiedscoöperatie wil een gezamenlijk plan opstellen voor het landelijk gebied, waarin zowel ruimte is voor toekomstbestendige agrarische bedrijven als voor genoemde maatschappelijke opgaven. Landinrichting wordt daarbij gezien als een waardevol instrument. Vanuit het gemeentelijk omgevingsbeleid is het goed dit te volgen. Ook zou de gemeente projectmatig kunnen aanhaken.

-

Bij de uitvoering van de plannen in het landelijke gebied van Ooststellingwerf valt veel winst te halen voor biodiversiteit. Geen partij kan dat echter in zijn eentje. Door nauwer contact met de gebiedspartijen in het voortraject van plannen kan de gemeente vanuit beleid en

9 Een aansprekend voorbeeld hiervan is aangepast wegbeheer in het Fochteloërveen in verband met

kraanvogels.

23

beheer beter anticiperen of reageren en kom je elkaar niet alleen tegen aan het eind bij vergunningverlening. -

Het door de gemeente gesubsidieerde plan voor het Platform Biodivers Cultuurland Ooststellingwerf behelst een (digitale) ontmoetingsplek voor ‘boer en burger’, waar bestaande lokale biodiversiteitsinitiatieven bijeen worden gebracht en ondersteund en waar nieuwe initiatieven worden gegenereerd en uitgevoerd.

Gewenst product Samenwerking op strategisch en beleidsmatig niveau, waar mogelijk of nodig op tactischoperationeel niveau. Wie en hoe Vanuit de gemeente direct betrokkenen: beleidsmedewerker biodiversiteit, beleidsmedewerker duurzaamheid en de projectleider omgevingsplan. In gesprek met ‘alle’ gebiedspartijen in het landelijk gebied. Aanbeveling is dit gedeeltelijk te formaliseren in periodiek overleg met de betrokken wethouder(s), bijvoorbeeld een keer per half jaar. Wanneer Doorlopend proces de komende jaren, vanaf heden. 6.2 Stepping stones Waar gaat het om - De ANV en de wildbeheereenheid (WBE) Ooststellingwerf hebben het gezamenlijke initiatief ‘stepping stones’ genomen10. Dit houdt in dat kleinschalige overhoekjes of stroken in agrarisch gebied worden ingezaaid met akkerbloemenmengsel. Naast versterking van de biodiversiteit voor insecten en (akker)vogels dragen deze stepping stones ook bij aan een grotere belevingswaarde van het landschap. Een stepping stone is letterlijk een opstap of tussenstap naar een hoger doel, in casu: versterken biodiversiteit door versterken basiskwaliteit van het landschap. Vele kleine gebiedjes maken een groter geheel, een netwerk. -

De gemeente werkt aan hetzelfde doel en het lijkt effectief haar kaart (thema 1) op die van dit project te leggen om zo te kijken waar de basisgroenstructuren elkaar kunnen versterken. Dat is belangrijk voor de migratie van dieren, maar ook om hun leefgebied te vergroten. Een smalle strook levert bijvoorbeeld alleen voedsel, een bredere strook kan ook een functie krijgen als broedgebied (bijvoorbeeld de veldleeuwerik of de patrijs). Een ander haakje voor samenwerking in dezelfde sfeer is te kijken naar de mogelijkheden van het agrarisch natuuren landschapsbeheer (ANLb), waarvoor met name ELAN aan de lat staat. Ook de categorie water in het ANLb kan interessant zijn. Hiervoor is het waterschap aan zet.

Gewenst product Meer afstemming tussen de initiatieven op het gebied van groenblauwe dooradering van het landschap door kaarten af te stemmen en operationele afspraken met elkaar te maken. Dit is deels input voor de schetsschuit over basiskwaliteit natuur en landschap (thema 1). Product hier onder stepping stones is een afsprakenlijst tussen beheerders.

10 Inmiddels ondergebracht bij Biodivers Cultuurland Ooststellingwerf.

24

Wie en hoe Vanuit de gemeente moet het gesprek worden aangegaan door de afdeling Openbare Ruimte en de beleidsmedewerker biodiversiteit. Gesprekspartners: ANV, WBE, ELAN, waterschap, Biodivers Cultuurland. Wanneer 2021: afstemming kaart basiskwaliteit natuur en landschap. In 2021 loopt ook de beheerperiode ANLb af. Gekeken moet worden door de gemeente hoe de komende periode ANLb eruit komt te zien en hoe onderling afgestemd kan worden. Overige afstemming in de komende jaren. 6.3 Natuurinclusieve landbouw - ervenproject Waar gaat het om - Veel soorten zijn afhankelijk van het agrarisch gebied en met veel soorten gaat het hier niet goed. Natuurinclusieve landbouw heeft als doel biodiversiteitsherstel in de normale agrarische bedrijfsvoering in te passen. Dan gaat het om het ontwikkelen van leefgebieden voor soorten, waaronder weide- en akkervogels, natuurlijke vijanden van plagen (bijvoorbeeld vleermuizen of uilen) of insecten door een gezonde bodem, goede waterkwaliteit en diverse landschapselementen. Uit onderstaande figuur blijkt wel dat het concept op grotere schaal tot systeemverandering en ‘omdenken’ moet leiden. De gemeente is daarin slechts een radertje. Ook hier geldt echter dat de gemeente haar omgevingsinstrumentarium waar mogelijk voor dit soort ontwikkelingen moet inzetten. -

Een concreet project op lokale leest geschoeid is een ervenproject. Op een agrarisch erf is veel te halen voor soorten als zwaluwen, mussen, uilen, vleermuizen, mits het gunstig is gericht: rommeliger hoekjes, beplanting, waterpartijen, nestkasten, behoud holtes en ruimtes in bomen en schuren. Met relatief geringe aanpassingen wordt hun leefgebied op het erf aan de rand van het boerenland geschikter. Voorgesteld wordt om ‘erven’ als categorie onder te brengen in het project Aandachtsoorten (zie thema 5).

Gewenst product Een ervenproject in het agrarisch gebied dat tot uitvoering komt. Wie en hoe Afdeling M&O. Wanneer 2022 – 2025: Ervenprojecten onderbrengen onder regeling Aandachtsoorten. Omgevingsinstrumentarium inzetten voor natuurinclusieve landbouw: doorlopend.

25

Fig. 4: Natuurinclusieve landbouw (RUG, © Jeroen Onrust en Raymond Klaassen)

26

THEMA 7: Samenwerken aan biodiversiteit op regionaal, provinciaal en landelijk niveau Subdoel: Biodiversiteit versterken door kansen te pakken op bovenlokaal niveau. Status:  Bestaande en nieuwe acties.  Aard: beleidsmatig en programmatisch.  Extern gericht.  Termijn: doorlopend, aansluiten en samenwerken bij programma’s en nieuwe kansen.

Acties: 7.1 Regionale samenwerking: de regiodeel Zuidoost-Friesland Waar gaat het om De regio Zuidoost Friesland11 kenmerkt zich door een sterke gemeenschap en een uniek landschap. Deze kenmerken staan onder druk door relatief grote sociaaleconomische problemen en verandering van het landschap door verdroging, klimaatverandering en de gevolgen van traditionele landbouw. Om de welvaart en de leefbaarheid in het gebied te behouden sluiten Zuidoost Friesland en het Rijk een Regio Deal. In de Regio Deal werkt Zuidoost Friesland aan het versterken van de pijlers vitale kernen en veerkrachtig landschap12. Er is door Rijk en regio 30 miljoen euro beschikbaar gesteld in de periode 2020 – 2023.. Haakjes voor biodiversiteit kunnen zijn:  Uitvoeringsprogramma natuur en landschap, gericht op landschapsherstel en het kenmerkende landschap van Zuidoost Friesland verder te versterken. De uitvoering is voornamelijk gericht op het aanleggen van nieuwe houtsingels. Onderhoud aan bestaande en nieuwe landschapselementen wordt vervolgens uitgevoerd door ELAN. ELAN begeleidt boeren, maar ook dorpen. Trekker is de gemeente Opsterland. De gemeente Ooststellingwerf denkt mee. Dit sluit mooi aan op versterking van de groenblauwe dooradering.  Regionaal leer- en onderzoekscentrum bodem (Biosintrum in Ooststellingwerf). De gemeente trekt dit project.

Het doel is een centrum op te zetten waar agrariërs, bedrijven, onderzoekers en studenten kennis kunnen vergaren over de samenhang tussen ecosysteemdiensten van de bodem, organische stofgehalte, circulariteit van gebruik van stofstromen, adaptatie aan klimaatverandering en hiervan afgeleide verdienmodellen. Er is niet een directe relatie met biodiversiteit, maar het zou een criterium voor subsidie of het verdienmodel kunnen worden. Evident is verder dat een gezonde bodem erg van belang is voor biodiversiteit. Wie Gemeentelijke projecteider Regiodeal. Biosintrum: projectleider vanuit de gemeente is de beleidsmedewerker duurzaamheid. Wanneer Regiodeal loopt van 2020 tot en met 2023.

11 Vijf gemeenten, Wetterskip, provincie en Rijk (LNV). 12 Dit is een citaat uit het bijbehorende rapport.

27

7.2 Provinciale samenwerking: herstelprogramma biodiversiteit Waar gaat het om De provincie Friesland wil samen met gemeentes, waterschap en organisaties tot een herstelprogramma biodiversiteit komen. Er is hiervoor 2.5 tot 3 miljoen euro beschikbaar in de periode 2020 – 2023. In 2020 is een inventarisatie uitgevoerd naar alle initiatieven op het gebied van biodiversiteit in de provincie. Hiervan is een ecologische analyse gemaakt (rapport A&W). Het jaar 2020 stond in het teken van voorbereidende overleggen en voorbeeldprojecten over algemene biodiversiteit en insecten. Op 28 januari 2021 was een digitale aftrap om het herstelprogramma samen verder te brengen. Op 1 juli 2021 moet dit uitvoeringsprogramma van kracht zijn. De gemeente Ooststellingwerf is een van de partners. De uitkomst van de analyse en de speerpunten voor het programma sluiten mooi aan op het doel van de gemeente om vooral de basiskwaliteit van natuur en landschap op orde te krijgen. Ook burgerbetrokkenheid, kennisdeling en natuurinclusief werken zijn programmapunten die prima aansluiten op de gemeentelijke aanpak voor biodiversiteit. Het is van belang dat de gemeente de komende tijd projecten voor dit programma voorbereidt. Gedacht kan worden aan: kaart basiskwaliteit natuur en landschap, concrete inrichtingsprojecten groenblauw netwerk, aandachtsoorten, ervenproject. Wie Afdeling M&O.

Wanneer Vanaf heden, de gemeente is aangesloten. 7.3 Landelijke samenwerking: Deltaplan Biodiversiteit Waar gaat het om De ambitie van het Deltaplan is om in 2030 biodiversiteitsverlies in Nederland omgebogen te hebben naar biodiversiteitsherstel. Het Deltaplan Biodiversiteit komt voort uit een coalitie tussen boerenorganisaties, bedrijven, kennisinstellingen en natuur- en milieuorganisaties. Het plan richt zich op de openbare ruimte, landbouw en natuur, belangrijke vormen van grondgebruik in Nederland. Doel voor de openbare ruimte is veiligheid en kansen voor biodiversiteit verzilveren bij ingrepen in de infrastructuur. Doelstelling voor natuur is om de habitat-specifieke Nederlandse biodiversiteit te herstellen en optimaal te beheren. Doelstelling voor landbouw is om een duurzaam productiesysteem en gezonde bodem te hebben. De zes succesfactoren voor het plan zijn: coherente wet- en regelgeving, draagvlak en gedeelde waarden, gebiedsgerichte samenwerking, kennis en innovatie, monitoring (tools en living labs) en verdienmodellen biodivers ondernemen. De coalitiepartners willen elkaar stimuleren, inspireren en waarderen. Op lokaal, regionaal en landelijk niveau wordt samenwerking gezocht met overheden.

Organisaties die zich aantoonbaar inzetten voor biodiversiteit en opgedane kennis willen delen kunnen zich aanmelden als partner (ook financiële bijdrage) of supporter van het Deltaplan Biodiversiteit.13 Aansluiten levert een uitgebreider netwerk op en mogelijke nieuwe samenwerkingen. Het is wellicht een idee als regio deel te gaan nemen. Dit zou nader bekeken kunnen worden. Wie Projectleider Regiodeal gemeente en beleidsmedewerker biodiversiteit. 13 https://www.samenvoorbiodiversiteit.nl/wp-content/uploads/2019/07/Het-Deltaplan-Biodiversiteitsherstel-

samengevat.pdf

28

E: Biodiversiteit in de gemeentelijke organisatie

29

THEMA 8: Planologische bescherming van natuur en landschap Subdoel: Goede planologisch-juridische borging van biodiversiteit binnen het gemeentelijk instrumentarium voor omgevingsrecht en -beleid. Status:  Nieuw thema.  Aard: hoort bij reguliere VTH-taken.  Intern gericht.  Termijn: in nieuwe bestuursperiode oppakken.

Acties: 8.1 Notitie planologische bescherming voor biodiversiteit Waar gaat het om - De gemeente maakt bestemmingsplannen en is bevoegd gezag bij de meeste omgevingsvergunningen (Wabo). Hiermee kunnen natuur en landschap ruimtelijk beschermd of ontwikkeld worden. Ook kunnen groene eisen gesteld worden aan andere ruimtelijke initiatieven. Op het gebied van VTH en ruimtelijke ordening valt daarom nog veel winst te behalen voor biodiversiteit. -

De provincie is bevoegd gezag wet natuurbescherming. De gemeente moet zich voor eigen activiteiten aan deze wet houden. Voor ruimtelijke ontwikkelingen is uitvoerbaarheid in relatie tot de wet natuurbescherming belangrijk voor de ruimtelijke onderbouwing van een initiatief. De gemeente (VTH) moet een aanvraag voor een Wabo-vergunning toetsen op volledigheid, dus ook in het kader van de wet natuurbescherming of natuurbeleid. Onder dit natuurbeleid kan het beleidskader biodiversiteit geschaard worden. Het is daarom belangrijk dat de raad dit beleidskader vaststelt..

Gewenst product Wenselijk is een beleidsnotitie met daarin de volgende onderwerpen uitgewerkt: - Goede juridische verankering van biodiversiteit14 in een bestemmingsplan/omgevingsplan. - Voorwaarden biodiversiteit stellen bij afgifte omgevingsvergunningen. - Kapbeleid: directe relatie met biodiversiteit. Voordat een kapvergunning wordt afgegeven, is eerst een check wet natuurbescherming op de houtopstand in kwestie aan de orde. - Goede vergunningsvoorwaarden zijn ook een betere basis voor bouwtoezicht: het wordt duidelijker waar men op moet letten en waarop men eventueel kan handhaven. - Biodiversiteitstoets voor de eigen gemeentelijke plannen (zie ook beleidskader par. 3.6). - Gedragscode soortbescherming gemeenten wet natuurbescherming. Geldt voor bestendig beheer en onderhoud en ruimtelijke ontwikkeling. Als een gemeente daarvan gebruik wil maken, moet dat in gemeentelijk beleid worden vastgelegd en ook moeten medewerkers aan bepaalde opleidingseisen voldoen. Dit scheelt diverse procedures wet natuurbescherming. - Wet natuurbescherming en particulieren: wettelijk beschermde soorten kunnen ook door een klein project, zoals een dakkapel, verstoord worden. Wettelijk vallen deze projecten en dus de bescherming van deze soorten buiten de boot.

Informatievoorziening om inwoners 14 Het kan ook gaan over natuur en landschap of ecologie, maar dit komt alle de biodiversiteit ten goede.

30

-

hier op te wijzen zou al een goede stap zijn. Er is veel materiaal van bijvoorbeeld Bij 12 of Vogelbescherming over diervriendelijk bouwen, slopen of renoveren. Aftasten van de wenselijkheid van een soortmanagementplan bij de gemeente. Voorwaarden biodiversiteit bij bouwplannen: groene plus.

Wie Drie gemeenten werken samen op het gebied van VTH en ecologie15. Alle drie doen het ‘erbij’. Het advies uit de organisatie: beleg dit structureel bij een persoon. Dat advies wordt overgenomen, mits er bij de andere gemeenten wel een achtervang wordt aangewezen. Wanneer Het beleidsdocument is gepland voor 2022 de komende bestuursperiode.

Fig. 5: Foto: Anne Westerhof

15 Gemeenten Ooststellingwerf, Opsterland en Weststellingwerf (OWO).

31

THEMA 9: Biodiversiteit en maatschappelijke opgaven klimaat, duurzaamheid en gezondheid Subdoel: Meekoppelkansen voor biodiversiteit op het gebied van klimaat, duurzaamheid en gezondheid. Status:  Nieuwe thema’s.  Aard: beleidsmatig.  Intern en extern gericht.  Termijn: oppakken in het proces van het programma Duurzaam Ooststellingwerf. Zwaartepunt in de volgende raadsperiode.

Acties: 9.1 Input voor klimaatopgave in het programma Duurzaam Ooststellingwerf Waar gaat het om In het programma Duurzaam Ooststellingwerf 2021-2025 worden drie hoofdthema’s onderscheiden, waarvan klimaatadaptatie er een is (naast energietransitie en circulair produceren). Het vergroten van biodiversiteit is hierbinnen een van de opgaves, naast gezonde bodem en klimaatbestendig (water vasthouden, anti hittestress). Toegespitst op klimaatadapatie gaat het bij biodiversiteit in het programma vooral om nieuwe natuur en bos, ook in bebouwd gebied om hittestress te beperken. Daaraan kan worden toegevoegd dat ook een gezonde bodem de biodiversiteit ten goede kan komen. Ook kan biodiversiteit samengaan met energietransitie. Dit leidt voor biodiversiteit tot de volgende (beleids)acties:  Nieuwe natuur en bos kunnen worden meegenomen in het opstellen van de kaart basiskwaliteit natuur en landschap. Realisering ervan is afhankelijk van andere gebieds- en groen beherende partijen.  Duurzaam bodembeheer is onderdeel van de Regiodeal Zuidoost-Friesland. Hiervoor is budget gelabeld. De gemeente Ooststelingwerf is hierin de trekker, mede vanwege het Biosintrum. Biodiversiteit zou als nevendoel moeten worden meegenomen.  Neem biodiversiteit mee bij zonneparken. Tussen de panelen kunnen kruidenrijke soorten groeien.

De terreinen kunnen worden omgord met lage groene landschapselementen , zodoende hebben zij een functie in het groenblauwe netwerk in landschap. Gewenst product Biodiversiteit meenemen in genoemde beleidsacties. Wie Afdeling M&O. Wanneer Vloeit voort uit de uitvoering van het programma Duurzaam Ooststellingwerf.

32

9.2 Gezondheid en biodiversiteit Waar gaat het om - Natuur heeft hoe dan ook een relatie met gezondheid. In coronatijd is dit helemaal actueel. Mensen hebben nog nooit zo vaak gewandeld en gefietst in de natuur als in 2020. Er zijn diverse onderzoeken gedaan naar natuur en gezondheid, onder andere door de WUR. Rode draad is dat contact met de natuur zorgt voor meer geluk en minder stress. Groene woonomgevingen leveren gezondere mensen op, groen stimuleert ontmoetingen en levert gevarieerder spel van kinderen op. De positieve effecten gelden voor eigen tuinen, maar ook voor parken in de bebouwde omgeving of groen in en rond scholen. Groen in de zorg en werken in de groenvoorziening als dagbesteding worden ook ontdekt. Zij zijn nog onderzoeksobject, maar de eerste tekenen wijzen op tevreden cliënten, die zich helemaal geen cliënt meer voelen16. Gezondheid is op deze wijze een belangrijke extra reden om als gemeente aandacht te besteden aan biodiversiteit en groen. Dus een goede basisgroenstructuur met openbaar toegankelijke parken en bosplantsoenen met name ook in bebouwd gebied komt het welzijn van de inwoners ten goede. -

Een specifieke rol van de gemeente kan liggen in het promoten van beweging in het groen. Mensen bewegen te weinig en krijgen overgewicht. Ideeën: wandelcoaches aanbieden aan bevolkingsgroepen die minder bewegen, stappentellers uitdelen als communicatie-actie van de gemeente, ‘ouderwets trimbos’ aanleggen, speelbos voor kinderen aanleggen… In deze invalshoek staat het groen vooral ten dienste van de mens. Daar is niets mis mee, er moeten alleen geen al te hoge verwachtingen van de winst voor biodiversiteit worden verwacht. Wel wordt de groenstructuur op deze wijze behouden of uitgebreid. Dus op meer plekken groen, maar niet per se ook meer soorten.

Gewenst product Stimuleringsprogramma gezondheid en groen in samenspraak met de afdeling welzijn. Wie en hoe Trekker: afdeling welzijn. Budget uit de Participatiewet en het Fonds Ooststellingwerf. Wanneer Volgende bestuursperiode.

16 Bron: website WUR, Groen: goed voor de gezondheid

33

THEMA 10: Communicatie over biodiversiteit Subdoel: Draagvlak en bekendheid voor biodiversiteit creëren. Status:  Reguliere taak.  Aard: continu proces bij andere thema’s.  Extern gericht.  Termijn: doorstart in 2021 door diverse acties op te pakken.

Acties: 10.1 Doorstart communicatie over biodiversiteit Waar gaat het om Na de aftrap van 2019 is het interactieve proces biodiversiteit met de samenleving stil komen te liggen. Wel is in die periode een aantal communicatiemiddelen ontwikkeld, die nog steeds te vinden zijn. Dan moet worden gedacht aan een pagina over biodiversiteit op de gemeentelijke website, een logo en een aantal filmpjes over biodiversiteit in de gemeente (zie ook bijlage 5). Wil je mensen weer actief meekrijgen bij biodiversiteit, dan moet het vuurtje uit 2019 weer worden aangewakkerd. Daarvoor kan, naast de reguliere berichtgeving aan een aantal sporen worden gedacht: 1 Kondig aan als gemeente dat je de draad voor biodiversiteit weer oppakt. 2 Zoek de mensen op en vraag hoe zij kunnen bijdragen aan biodiversiteit. 3 Geef aan wat je zelf doet en gaat doen. 4 Zet goede initiatieven in het zonnetje. Ad 1 Als de beleidsnotitie biodiversiteit door de raad wordt vastgesteld, is dat een natuurlijk moment om via diverse media aan te geven dat de gemeente weer actief aan de slag gaat met biodiversiteit. De lijst van activiteiten die het college in 2021 oppakt, het Jaarplan 2021, mag uiteraard daarbij niet ontbreken. Dat kan via de website en social media. Ook is het zinvol dan een tweede nieuwsbrief biodiversiteit te verspreiden. Het al bijna twee jaar geleden dat de eerste nieuwsbrief uitkwam.

Aan deze nieuwsbrief hangt een adressenbestand met geïnteresseerde inwoners en ondernemers, een groep mensen die je voor het vervolg nog wel eens nodig zou kunnen hebben. Ad 2 Naast de boodschap ‘wij als gemeente gaan verder met biodiversiteit’ komt er een tweeledige oproep naar de inwoners naar buiten: - bij welke acties uit dit plan willen mensen aansluiten; - blijf met ideeën komen en geef aan wat je nodig hebt. De groene dorpsprofielen en de regeling Aandachtsoorten zijn middelen om ook over biodiversiteit in gesprek te komen met de inwoners. Zowel op de webpagina biodiversiteit van de gemeente als op de gemeentepagina kunnen concrete tips over biodiversiteit door het jaar heen gegeven worden. Dit zou bijvoorbeeld ook in samenspraak met het IVN of andere (natuur)vrijwilligers kunnen gebeuren.

34

Ad 3 Tijdens de aftrap in 2019 bleek dat er veel vragen leven over wat de gemeente doet aan biodiversiteit en met name aan groenbeheer. De afdeling Openbare Ruimte merkt dat ook in haar dagelijkse werk. Een idee is aan de hand van de seizoenskalender door het jaar heen te communiceren over het beheer van dat moment: waarom nu, wat kan men verwachten. Eind 2021 is het moment om als gemeente aan te geven hoe het jaar 2021 voor biodiversiteit is verlopen. Wat is er terecht gekomen van de acties uit 2021? Dit is een onderwerp voor een derde nieuwsbrief en de (social) media. Het is ook een prelude voor de aankomende nieuwe bestuursperiode. Ad 4 Goede initiatieven op het gebied van biodiversiteit krijgen een podium via de media en de gemeentepagina. Er is hiervoor een aantal ideeën:  Communicatie over projecten tuin en erf (zie actie 5.2).  Periodiek een ondernemer met hart voor natuur en groen in de schijnwerpers zetten (zie actie 5.1).  Instellen van een jaarlijkse biodiversiteitsprijs voor inwoners: wie heeft het beste idee voor biodiversiteit? Het idee moet gaan over het verbeteren van het groenblauwe netwerk en over het leefgebied van soorten of aandachtsoorten vanaf 2022. Verder moet het idee uitvoerbaar zijn binnen de gemeentegrenzen van Ooststellingwerf. Het oogt leuk en onafhankelijk om een afvaardiging vanuit diverse organisaties in de jury te vragen.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Ooststellingwerf&id=c6a2d983-10f5-4d2b-a822-0315ed0d52f2